Van mysterie tot medeleven: de invloed van schrijftechnieken in Tosca en Dagen als vreemde symptomen
Artikel door Benthe Smit uit vwo 5 van het Eligant Lyceum

Boeken kunnen heel verschillend zijn, zelfs als de onderwerpen gelijkenissen tonen. Dat hoeft niet alleen te komen door het verhaal, maar ook door de manier waarop een auteur schrijft. Schrijftechnieken spelen hierbij een belangrijke rol. Denk bijvoorbeeld aan woordkeuze, beschrijvingen, de opbouw van spanning en hoe informatie wordt gegeven. Alle keuzes die een auteur maakt bepalen hoe een verhaal wordt ervaren. In de boeken Tosca (Maud Vanhauwaert) en Dagen als vreemde symptomen (Leonieke Baerwaldt) spelen deze technieken ook een grote rol. Tosca is een poëtische roman die gaat over twee vrouwen in een toxische relatie. Hoe langer de relatie duurt, hoe groter de vraag wordt wie er van wie profiteert. (Recensie Mieke: Tosca van Maud Vanhauwert – NCRV-Gids, z.d.) Dagen als vreemde symptomen gaat over een moeder die zichzelf “Sisyphus” noemt en er alles aan doet om zo goed mogelijk voor haar beperkte dochter te zorgen, maar het zorgen eigenlijk niet meer ziet zitten. (Recensie Mieke: Dagen Als Vreemde Symptomen – NCRV-gids, z.d.) Daar waar Leonieke Baerwaldt veel uitlegt en situaties duidelijk vertelt en beschrijft, laat Maud Vanhauwaert veel meer open plekken, waardoor de lezer zelf moet invullen. Dat roept de vraag op: hoe beïnvloeden schrijftechnieken de leeservaring van de lezer?
In beide verhalen spelen beschrijvingen, gevoelens en gedachten een belangrijke rol. Toch worden de beschrijvingen door de auteurs op een andere manier gebruikt. In Tosca is het verhaal aan het begin vrij duidelijk. De lezer krijgt een duidelijk beeld over de vrouwen en wat hun relatie is. May wilt Aline heel graag redden van haar suïcidale gedachten. Aline was alleen meer een dicht boek: “Vaak heb ik gedacht: zij is een gesloten boek; beter dan ik kan niemand haar lezen,” schrijft May over Aline. (Vanhauwaert, september 2023) Uiteindelijk begon Aline May meer te vertrouwen en dus te vertellen. Later in het boek krijgt hun relatie een andere wending. Door de manier waarop de gevoelens en gedachten worden beschreven begint de lezer te twijfelen over eerdere aannames. De emoties worden niet duidelijk uitgelegd waardoor pas later duidelijk wordt hoe complex hun relatie eigenlijk is. Hierdoor verandert niet alleen het verhaal, maar ook de blik van de lezer op Aline. In het boek wordt er meer aandacht gelegd op de gevoelens van May dan op die van Aline. De lezer krijgt meer te weten over haar behoefte om Aline te helpen, haar zorgen en haar twijfel. De lezer beleeft het hierdoor vooral vanuit het perspectief van May. Omdat May zelf niet altijd begrijpt wat er gebeurt is het voor de lezer ook onduidelijk. Door de openheid ontstaat er spanning en nodigt het de lezer uit verder te lezen.
In Dagen als vreemde symptomen wordt het anders gedaan dan in Tosca. Juist bij Dagen als vreemde symptomen krijg je veel inzicht in wat de moeder van haar leven vindt. Haar gedachten en gevoelens worden duidelijk beschreven. Hierdoor krijgt de lezer goed mee wat zij van haar leven vindt en hoe zwaar ze het ervaart. Vooral haar verantwoordelijkheid naar haar dochter toe krijgt de lezer duidelijk mee. Daarnaast wordt er gebruik gemaakt van herinneringen en observaties. Moeder ziet de wereld heel negatief. De dagelijkse bezigheden worden realistisch weergegeven, zoals bij het fragment bij de bakker, daarbij moest zij een brood kopen bij de bakker en moet de lege rolstoel even buiten blijven staan: “De bakker zegt: ik zou dat ding niet zomaar onbewaakt buiten laten staan, straks wordt ie nog gestolen. Als dat nou eens het geval was, denkt ze.” (Baerwaldt, 26 september 2024) Hier wordt dus heel erg duidelijk dat ze juist hoopt dat het gestolen wordt. In tegenstelling tot in het boek Tosca blijven er minder vragen achter over wat de hoofdpersonage voelt. De nadruk ligt minder op verrassende wendingen en meer op de belevingen van de moeder. Deze duidelijke beschrijvingen zorgen er dus voor dat de lezer zich goed kan inleven. Er ontstaat een band met het hoofdpersonage waardoor de lezer graag verder wil lezen. Uiteindelijk gebruiken beide schrijvers dus beschrijvingen van de gevoelens en gedachtes. Dit doen ze echter wel op een andere manier. Bij Tosca zorgt de schrijver er nog voor dat de lezer kan twijfelen. Deze denkt dan eerst dat ze de verhaallijn begrijpen, maar achteraf blijkt dat niet zo te zijn. Dit is bij Dagen als vreemde symptomen niet het geval. Daar wordt vanaf het begin duidelijk beschreven wat de moeder wil en denkt. Bij beide boeken ervaar je dus een andere leeservaring.
Open plekken zijn ruimtes waarbij de schrijver niet volledige informatie geeft en de lezer zelf bepaalde gebeurtenissen laat invullen. In zowel Tosca als Dagen als vreemde symptomen komen er open plekken voor, maar de auteurs gebruiken deze techniek op verschillende manieren.
In Tosca zijn veel open plekken aanwezig, vooral rondom Aline. De lezer weet niet altijd of haar verhalen waar zijn en wat haar werkelijke bedoelingen zijn. Omdat de schrijver niet alles over Aline vertelt en soms zelfs vaag blijft, moet de lezer zelf bepalen hoe betrouwbaar zij is. Aline zegt bijvoorbeeld meerdere keren dat ze zou sterven, maar er is nooit echt bewijs. De open plekken zorgen ervoor dat de lezer graag wil weten wat er waar is en blijven ze op zoek naar antwoorden. Hierdoor blijft het verhaal boeiend en spannend. Dagen als vreemde symptomen doet dit weer anders. Ook hier zijn open plekken, maar op een subtielere manier. Hoewel de lezer veel te weten komt over de gedachten van de moeder worden niet alle gebeurtenissen volledig uitgelegd. Bijvoorbeeld bij de zin: “Die ene moeder. Weet je dat nog?”. (Baerwaldt, 26 september 2024) Deze vraag geeft veel ruimte voor vragen. De lezer moet nu zelf invullen wie ‘die ene moeder’ is. Er is veel ruimte voor eigen interpretatie. Er hoeft niet getwijfeld te worden aan de waarheid van het verhaal, maar er ontstaat wel ruis over de interpretatie van de gebeurtenissen die worden beschreven. Het effect van de open plekken is in beide boeken anders. In Tosca zorgt het voor spanning, uitdaging en onzekerheid. In Dagen als vreemde symptomen laten ze de lezer meer nadenken over de gedachtegang van de hoofdpersonage. Het zorgt voor een actieve houding tijdens het lezen.
Ook in de woordkeuze en zinsopbouw zit er een duidelijk verschil in de boeken. Bij beide boeken wordt dit op een andere manier gebruikt. Dit zorgt ervoor dat er een andere sfeer in het verhaal zit. Doordat de auteurs hun schrijfstijl op een andere manier gebruiken, is de leeservaring ook anders.
Maud Vanhauwaert gebruikt veel poëtisch en beeldend taalgebruik. De lezer moet zelf een betekenis geven aan wat er geschreven staat. Dit past goed bij het personage van Aline. Zij is namelijk ook niet direct, waardoor er ruimte voor de lezer ontstaat om zelf in te vullen wat zij ervaart en denkt. Doordat er heel poëtisch wordt geschreven, ontstaat er soms onduidelijkheid en weet de lezer niet goed wat er echt is en wat ze zelf hebben bedacht: “Kennelijk begon ze in die mate mijn bewustzijn te domineren dat ze ook mijn alfabet opvrat.” (Vanhauwaert, september 2023) . May was de persoon die dit zei, doordat zij het woord kennelijk gebruikt, blijkt dat zelfs een personage uit het boek niet meer wist wat echt was. De lezer wordt goed betrokken in het verhaal en moet goed nadenken wat er nou eigenlijk gebeurt. In Dagen als vreemde symptomen wordt er ook gebruik gemaakt van beeldend taalgebruik, maar op een andere manier. Leonieke Baerwaldt gebruikt duidelijke beschrijvingen en soms ook donkere humor om te laten zien hoe de hoofdpersonage zich voelt. Zo ontstaat er soms een wat donkere en grimmige sfeer: “Dichtbij, dichterbij. Nog iets dichterbij. Hup, hup, Sisyphus, het moment van de waarheid. Ze duwt de rolstoel tegen de helling op, de schuifdeuren gaan open. Vertrouwde geur van volle luiers, van mandarijnenschillen.” (Baerwaldt, 26 september 2024) In dit stukje tekst lees je een voorbeeld van de donkere humor. Je kunt dit vooral teruglezen in de laatste zin: “Vertrouwde geur van volle luiers, van mandarijnenschillen.” Ergens wordt het als een grapje verteld, maar er zit ook zeker sarcasme in de zin. Het effect van het taalgebruik verschilt dus per boek. In Tosca zorgt de woordkeuze ervoor dat er mysterie en onzekerheid ontstaat, bij Dagen als vreemde symptomen zorgt het juist voor medeleven en betrokkenheid. Beide schrijvers gebruiken dus niet alleen het verhaal, maar ook hun schrijfstijl en woordkeuze om een bepaalde sfeer te creëren.
In zowel Tosca als Dagen als vreemde symptomen speelt spanning een rol. Toch zie je wel een verschil in de opbouw. Door deze manier verschilt de leeservaring per lezer. In Tosca ontstaat de spanning vooral door de onzekerheid van Aline. Ze heeft namelijk suïcidale gedachten. De schrijver deelt niet in een keer de informatie. Hier wordt steeds wat meer over gedeeld. Daardoor verandert de blik op de personages en de relatie tussen May en Aline. De onverwachte wendingen zorgen ervoor dat de lezer geïnteresseerd blijft. De spanning komt dus niet alleen door het verhaal, maar ook door hoe het wordt opgebouwd en de woordkeuze. De lezer wil er zo graag achter komen hoe het verhaal verder gaat. In Dagen als vreemde symptomen wordt de spanning minder opgebouwd. De lezer weet vanaf het begin dat de moeder worstelt met haar leven en de zorg voor haar dochter. Er wordt goed duidelijk hoe zwaar zij het vindt. De vraag hoe lang ze het nog kan volhouden ontstaat hierbij. De lezer vraagt zich steeds af hoe de moeder het volhoudt en hoe ze er mee om gaat. Die spanning zit daarom vooral in de emoties en de ontwikkelingen van het hoofdpersonage. Je leeft mee met de moeder en vraagt je af hoe haar verhaal zou aflopen.
Uit de vergelijking tussen Tosca en Dagen als vreemde symptomen blijkt dat de schrijftechnieken een belangrijke rol spelen bij de leeservaring. Zo wordt er in Tosca gezorgd dat de lezer regelmatig twijfelt aan wat waar is en wat niet, door de beschrijvingen, woordkeuze en de opbouw van de spanning. Daarnaast zorgt het poëtische taalgebruik ervoor dat het verhaal een soort mysterie blijft. Bij Dagen als vreemde symptomen is het juist het geval dat de lezer veel inzicht krijgt in de gedachten en gevoelens van het hoofdpersonage. Het gedetailleerde taalgebruik en de uitgebreide beschrijvingen zorgen ervoor dat de lezer zich goed kan inleven in de moeder. De spanning ontstaat hier dan vooral door de verschillende situaties in het verhaal en de emoties die daar bij komen. Hiermee wordt duidelijk dat niet alleen het verhaal, maar ook de manier waarop een verhaal wordt verteld bepalend is voor de leeservaring van een lezer.
Bronnenlijst
- Recensie Mieke: Dagen als vreemde symptomen – NCRV-gids. (z.d.). https://www.ncrvgids.nl/recensie-mieke/recensie-mieke-dagen-als-vreemde-symptomen/
- Recensie Mieke: Tosca van Maud Vanhauwert – NCRV-Gids. (z.d.). https://www.ncrvgids.nl/recensie-mieke/recensie-mieke-tosca-van-maud-vanhauwaert/?cduid=ce484c83-ac28-4b7b-86be-640d8c60c8be.1782236339644&consent=CQmQf0AQmQf0AFjAZBENCkFsAP_gAEPgABpZOQwCQAQALzk4gTiInExOKicZE44Jx8TkJOQwCQAQALzk4gTiInExOKicZE44Jx8TkIAA.IAAA.YAAAAAAAAAAA
- Baerwaldt, L. (2024). Dagen als vreemde symptomen. Singel Uitgeverijen.
- Vanhauwaert, M. (2023). Tosca.
- Tosca - Maud Vanhauwaert | Athenaeum | Scheltema - Amsterdam. (n.d.). https://athenaeumscheltema.nl/a/maud-vanhauwaert/tosca/501536167#paperback-9789493320093
- Voorpublicatie: Leonieke Baerwaldt: Dagen als vreemde symptomen. (n.d.). Athenaeum | Scheltema. https://athenaeumscheltema.nl/leesfragmenten/2024/dagen-als-vreemde-symptomen