Hoe het verleden de identiteit vormt in De tweede man en Aleksandra


Onderzoek door een leerling uit 5 vwo van het Eligant Lyceum


Veel mensen denken dat je vooral zelf bepaalt wie je bent. Door de keuzes die je maakt en de dingen die je meemaakt, bouw je als het ware je eigen identiteit op. Toch blijkt in literatuur vaak dat het verleden daar veel meer invloed op heeft dan je denkt. Familiegeschiedenis, herinneringen en gebeurtenissen van eerdere generaties blijven een rol spelen, ook als je dat misschien niet wilt. Dat zie je duidelijk terug in De tweede man van Doeschka Meijsing en Aleksandra van Lisa Weeda. In dit essay staat daarom de vraag centraal: hoe beïnvloedt het verleden de identiteit van de hoofdpersonen in deze twee romans?


In De tweede man draait het vooral om Robert Martin, die moeite heeft om zichzelf los te zien van zijn overleden broer Alexander. Hij blijft hem als het ware steeds als maatstaf gebruiken. Dat wordt duidelijk in het citaat: “Ik wilde me kunnen invoelen in zijn geordende leven, dat voor hetzelfde geld mijn leven was geweest.” Hieruit blijkt dat Robert zich niet alleen afvraagt wie zijn broer was, maar vooral wie hij zelf had kunnen zijn. Zijn identiteit lijkt dus steeds afhankelijk van een alternatief leven dat hij nooit heeft gehad. Lammer (2016) beschrijft in haar artikel dat dit soort relaties tussen “zelf” en “de ander” typisch is voor het werk van Meijsing. Robert komt daardoor niet echt los van Alexander en blijft zichzelf voortdurend vergelijken. Dat maakt zijn identiteit onzeker: hij is niet echt een zelfstandige persoon in zijn eigen ogen, maar vooral de broer van iemand anders. In Aleksandra gaat het ook over het verleden, maar daar werkt het anders. De vertelster onderzoekt de geschiedenis van haar Oekraïense familie en ontdekt hoe gebeurtenissen uit het verleden nog steeds doorwerken. Een belangrijk citaat hierbij is: “We moeten de verhalen doorgeven, opdat de doden niet zwijgen en we weten waar we vandaan komen.” Hier wordt duidelijk dat herinneringen niet alleen persoonlijk zijn, maar ook iets wat je moet bewaren en doorgeven om jezelf te begrijpen. In een interview in De Groene Amsterdammer legt Lisa Weeda uit dat het boek is gebaseerd op haar eigen familiegeschiedenis en haar behoefte om verhalen over Oekraïne vast te leggen (Weeda, 2022). Daardoor voelt het verleden in deze roman niet alleen zwaar of afstandelijk, maar juist ook iets dat richting geeft aan wie je bent.


Daarnaast laat Weeda ook zien hoe grote historische gebeurtenissen invloed hebben op gewone mensen. Dat komt naar voren in het citaat: “Bij de keus tussen een sterk land en een waardig land, waar het goed leven is, werd gekozen voor het sterke. Het is weer de tijd van de kracht.” Hier zie je hoe politieke keuzes doorwerken in het dagelijks leven van mensen. Ook het beeld van de rivier in het volgende citaat maakt dat duidelijk: “Ondertussen stroomt de rivier de Kalmius nog altijd door Loegansk. En de stilte tussen het schieten door is hier zwanger van verdriet.” Volgens een recensie van De Reactor laat Aleksandra goed zien hoe persoonlijke verhalen en nationale geschiedenis door elkaar lopen (De Reactor, 2023).

Het grootste verschil tussen de twee boeken zit in hoe de personages met dat verleden omgaan. Robert in De tweede man lijkt er juist in vast te zitten. Hij komt moeilijk los van het beeld van zijn broer en blijft zichzelf daardoor als minder zien. In Aleksandra is het verleden juist iets dat helpt om jezelf beter te begrijpen. Door verhalen van familie en geschiedenis ontstaat er juist meer verbondenheid.


De schrijvers gebruiken ook verschillende manieren om dat duidelijk te maken. Meijsing laat je vooral heel dicht in het hoofd van Robert zitten, waardoor je zijn twijfels en onzekerheid goed voelt. Weeda gebruikt juist verschillende tijden en perspectieven, waardoor je ziet hoe het verleden door meerdere generaties heen loopt. Ondanks die verschillen zeggen beide boeken eigenlijk hetzelfde: je kunt jezelf niet begrijpen zonder je verleden.


Al met al laten De tweede man en Aleksandra zien dat identiteit niet alleen iets van nu is. Robert blijft worstelen met de schaduw van zijn broer, terwijl de vertelster in Aleksandra juist kracht haalt uit haar familiegeschiedenis. Het verleden kan dus zowel iets zijn dat je belemmert als iets dat je helpt begrijpen wie je bent.


Bronnenlijst:

Lammer, C. 2016. Diluted Blood: Identity and the Other in three Novels by Doeschka Meijsing

https://www.researchgate.net/publication/312235459_Diluted_Blood_Identity_and_the_Other_in_Three_Novels_by_Doeschka_Meijsing

 

Meijsing, D. (2000). De tweede man. Uitgeverij Querido.

Weeda, L. (2021). Aleksandra. Uitgeverij De Bezige Bij.


Weeda, L. (2022). 21 vragen aan Lisa Weeda. De Groene Amsterdammer. https://www.groene.nl/artikel/21-vragen-aan-lisa-weeda


De Reactor. (2023). Aleksandra Lisa Weeda (recensie). https://www.dereactor.org/teksten/aleksandra-lisa-weeda-recensie