'Hoe het langzaam woorden kreeg en lucht genoeg'
Bespreking van 'Zie ik je aan de horizon verschijnen' van Bauke Vermaas

Er bestaat flessenpost, waarvan je een bepaald gewicht verwacht, alleen al vanwege het glas, omringd door een flinke hoeveelheid water, een eindeloze zee. Bij de bundel Zie ik je aan de horizon verschijnen van Bauke Vermaas, de vorige stadsdichter van Zwolle, voelt het eerder of zij haar gedichten per luchtballon de ruimte in laat. Lichtvoetig en speels weet zij zelfs zware thema’s voor het voetlicht te brengen.
Onbenoemd
hoe heet verwachting
als je niets hebt gewenst
is de gedachte aan een mens
genoeg om van te houden
kun je missen wat geen naam kreeg
al verdween voor het bestond
als de grond onder je voeten
zich zonder sporen sluit
het ging voor niets verloren
en ik raak het nooit meer kwijt
Vermaas is weliswaar een groot liefhebber van wielrennen en beheert het instagramaccount @wielerpoëzie, toch vind je in deze bundel geen enkel wielrengedicht. De gedichten gaan over verwondering om alledaagse momenten en situaties, ook over eenzaamheid, het verlangen naar een ander, zonder die ooit echt te bereiken. Zo is er iemand die steeds ondoordacht een deur openduwt die de ander juist weer zachtjes sluit, of iemand die geen vragen stelt, maar al dagen op een antwoord wacht, twee mensen die elkaar vluchtig ontmoeten, zonder dat er iets uit voortvloeit, behalve een vage herinnering.
De thema’s zijn universeel, soms zo universeel dat het haast gemeenplaatsen worden, maar door de manier waarop zij ze verwoordt, zijn ze vaak ook verrassend en speels: ‘iemand steekt gedachteloos / een duim omhoog en iemand slikt / nog net op tijd een vlinder in’.
Het komt vaak voor dat onze goede bedoelingen ergens stranden, en Vermaas weet dat proces in humor te vangen. Zo schrijft ze dat ze restjes eten in plastic bakjes in de koelkast bewaart om ze na een week alsnog weg te gooien, waarschijnlijk voor veel mensen herkenbaar. Dit beeld van de plastic bakjes koppelt ze vervolgens aan herinneringen die ze vaak niet durft te openen, misschien alleen ’s nachts.
Voor wie poëzie maar moeilijk vindt, is deze bundel een mooi begin. De gedachten zijn niet al te ingewikkeld om te volgen en daarbij zijn ze op een aangename manier verpakt:
Zekerheden
ben je verzekerd tegen storm
tegen het laten stelen van je hart
als je de deur steeds op een kier
moet je wie opgeeft muur te zijn
nalatigheid verwijten of
vasthouden bij harde wind
wie binnenloopt kan zomaar blijven
maar geen geluk past door een dichte deur
Haar poëzie kan door deze relatieve eenvoud en universele thema’s vast ook middelbare scholieren raken. Het verlangen, ‘het onbereiken’, zoals Vermaas dat mooi noemt, de onzekerheid en eenzaamheid zijn thema’s die scholieren vaak aanspreken en de taal werpt voor hen nauwelijks drempels op.
Het is dan ook begrijpelijk dat Vermaas ooit tot stadsdichter is benoemd en dat haar poëzie niet alleen in literaire tijdschriften als Hollands Maandblad, Het Liegend Konijn en Poëziekrant is te vinden, maar ook in verschillende openbare ruimtes, zoals in de aula van een middelbare school, op plantenbakken en op een deur in een onderzoeksinstituut, zoals achter in de bundel vermeld staat.
Je kunt iemand alleen aan de horizon zien verschijnen als deze niet binnen handbereik is. Dat missen en toch het gevoel hebben dat er verbinding zou moeten kunnen ontstaan of ooit heeft bestaan, is misschien wel de essentie van deze bundel. Soms kun je er gewoon net niet bij, zonder te weten wat het precies is, zoals in ‘Opmaat’:
hoe naamloos iets groeide
en zelfs toen je het benoemen kon
een begin onvindbaar bleef
hoe het langzaam woorden
kreeg en lucht genoeg om
voller, groter, een ballon
dansend hoger en hoe je hem dan
nakijkt, het kaartje bent vergeten
nooit zult weten waar het landt
Dietske Geerlings
Bauke Vermaas – Zie ik je aan de horizon verschijnen. Eigen beheer, Zwolle. 72 blz. €20,00.