<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom" xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/" xmlns:g-custom="http://base.google.com/cns/1.0" xmlns:media="http://search.yahoo.com/mrss/" version="2.0">
  <channel>
    <title>essays</title>
    <link>https://www.dietskegeerlings.nl</link>
    <description />
    <atom:link href="https://www.dietskegeerlings.nl/feed/rss2" type="application/rss+xml" rel="self" />
    <item>
      <title>‘Het komt niet alle dagen voor dat ik zo diep ga’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-komt-niet-alle-dagen-voor-dat-ik-zo-diep-ga</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ‘Het komt niet alle dagen voor dat ik zo diep ga’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Bespreking van 'Zwarte zomer' van Tea Tupajić
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Zwarte+zomer+tupajic.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het lijkt of de hele wereld via allerlei verschillende media kan meekijken met willekeurig welke oorlog in welk werelddeel dan ook, terwijl de journalistiek en persvrijheid onder druk staan, en vrijheid, gelijkheid en broederschap als holle idealen klinken. Toch blijkt niets zo complex als het duiden van oorlogssituaties. Wat noemen wij genocide, wat is aanval, wat is verdediging en voor wie of wat brengen al die onschuldige slachtoffers eigenlijk een offer? In de zomer van 2025 verscheen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zwarte zomer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Tea Tupajić, een klein, bijzonder fraai vormgegeven boek over de bloedhete zomer in 1995, waarin 8400 Bosnische moslimmannen en -jongens werden vermoord door Bosnisch-Servische troepen onder leiding van kolonel-generaal Mladić, terwijl het Nederlandse vredesbataljon Dutchbat III de taak had gekregen om de moslimenclave in een door de VN toegewezen veilige zone van Sebrenica te beschermen. Op basis van gesprekken met meer dan honderd Dutchbat-veteranen legt Tupajić een schrijnende waarheid bloot.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De in Sarajevo geboren Tupajić is behalve schrijver ook film- en theaterregisseur. In 2018 maakte zij over Dutchbat-veteranen het theaterstuk Dark Numbers. Deze achtergrond is in Zwarte zomer goed zichtbaar. In korte fragmenten die lijken op filmshots, doemen schimmige portretten en vervreemdende situaties op, die weliswaar bijeengehouden worden door deze zwarte zomer, maar allesbehalve samenhang vertonen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het begint met een herinnering van Jeroen, die voor het eerst op patrouille gaat en bij het verlaten van de compound omringd wordt door kinderen die ‘Apos, geef me een bonbon’ naar hem roepen. Hij begrijpt niet waarom ze hem Apos noemen, terwijl hij Jeroen heet: ‘Later begreep ik het, toen ik mijn blauwe helm afdeed: er stond A-pos op. A-positief. Mijn bloedgroep.’ Ware humor schuilt in de tragiek. Meteen wordt duidelijk waarom dit immense drama toch in zo’n klein boek past van rond de 100 bladzijden: Tupajić’ stijl is zo compact dat in een paar zinnen een wereld opengaat. Juist omdat ze zo spaarzaam is, laat ze het volle gewicht van het drama intact.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het vredesbataljon bestond uit mensen. Ook dat wordt op iedere bladzijde duidelijk. Zo hebben twee vrouwen een oogje op het ‘Beest’, een knappe luitenant, met wie ze graag willen zoenen. Tussendoor staat in enkele zinnen beschreven wat een uzi is en wat je daarmee precies kunt doen. Die afwisseling legt haarscherp bloot dat oorlogshandelingen uitgevoerd moeten worden door mensen zoals jij en ik.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je kunt nooit op alles voorbereid zijn. Een geladen wapen is niet toegestaan op een vredesmissie. Als je dan met je uzi over je schouder en dertig kogels in je zak het landschap verkent en een lokale soldaat richt een pistool op je en zegt dat je je uzi moet geven, wat doe je dan? In een fractie van een seconde moet je beslissen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is een telefoongesprek tussen een van de Dutchbatters en zijn ex-vrouw, die thuis in Nederland is. Hij vraagt of ze zijn zoon wil wakker maken. Als die halfslaperig ‘pappa’ zegt, krijgt de vader er zonder adem en stem niet meer uit dan alleen ‘Daan’. Hij wil hem vertellen dat hij die dag een jongen heeft ontmoet, net als zijn zoon: ‘Zijn naam was Hasan Mehmedović. Hij had hij (sic) zijn hele familie verloren bij een granaataanval. Hij had het overleefd, maar was verminkt.’ Het lukt hem niet om daarover te vertellen tegen zijn slaperige zoon en het wordt een nietszeggend gesprek. Daarna wordt de verbinding verbroken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet alle fragmenten gaan over de situatie destijds in Sebrenica. Zo vertelt Jeroen in een van de stukken waarom hij zich heeft aangemeld. Zijn grootvader zat in het verzet. Bij Jeroen schepte hij alleen op over zijn duikershorloge dat wel tot 100 meter diepte kon, maar nooit vertelde hij oorlogsverhalen: ‘Maar Jeroen, m’n jongen, het komt niet alle dagen voor dat ik zo diep ga,’ zei hij altijd. Jeroen wilde net als zijn opa een held zijn. Ook zijn er fragmenten die gaan over een psychiatrisch rapport van een van de veteranen die PTSS heeft en met een arbeidsdeskundige in gesprek gaat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Halverwege het boek wordt summier verteld over de scheiding tussen mannen enerzijds, vrouwen en kleine kinderen anderzijds: ‘Ik zie vijfentwintigduizend vluchtelingen die allemaal de compound in willen. We hebben plek voor vijfduizend.’ Op deze, ik zou haast zeggen ‘zwarte bladzijde’, is veel opengelaten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er volgen fragmenten zonder context over een defect wapen dat geblokkeerd blijkt als het geladen moet worden. Er klinkt geschreeuw. Daartussen staat een gruwelijke grap, gevolgd door een vrouw die iemand in het gezicht spuugt, een dokter die op zoek is naar een jongetje, brood dat zelfs gestolen wordt van kinderen. Chaos en radeloosheid zijn voelbaar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op het omslag prijkt een veld met klaprozen. Ofschoon het veld van beneden naar boven één geheel is, loopt er halverwege een rommelige scheiding. Het onderste deel is veel donkerder en de scheidslijn lijkt verbrand. De klaprozen daarboven doen denken aan vlammen, terwijl ze tegelijkertijd ook gewoon klaprozen zijn, die bovendien nog steeds symbool staan voor het bloed dat vergoten wordt in oorlogen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tupajić legt in dit kleine boek een schrijnende waarheid bloot over oorlog, namelijk dat er geen waarheid is, alleen splinters: heel veel fragmenten vanuit even zoveel perspectieven. Er zijn verwachtingen, beloftes, idealen, er is hoop, humor, angst, woede en gelatenheid. De chaos beperkt zich niet tot de oorlogssituatie zelf, maar dringt ook in volgende generaties door. Onophoudelijk is voelbaar hoe zinloos al dit geweld is waar geen eind aan lijkt te komen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Tea Tupajić –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zwarte zomer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Koppernik, Amsterdam. 104 blz. €17,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Zwarte+zomer+tupajic.jpg" length="103461" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 22 Mar 2026 18:04:53 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-komt-niet-alle-dagen-voor-dat-ik-zo-diep-ga</guid>
      <g-custom:tags type="string">Tea Tupajić,essays,zwarte zomer</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Zwarte+zomer+tupajic.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Zwarte+zomer+tupajic.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>In retraite op een eiland in Ierland</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/in-retraite-op-een-eiland-in-ierland</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In retraite op een eiland in Ierland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Heksensteen' van Sinéad Gleeson
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Heksensteen-188x300.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het lezen van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Heksensteen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Sinéad Gleeson voelt een beetje als voor een poosje in retraite gaan in de ongerepte natuur van Ierland. Het verhaal speelt zich af op een eiland met niet veel meer dan een vuurtoren, minimarkt en pub. Je kruipt in de huid van kunstenaar Nell voor wie het eiland een grote inspiratiebron is en maakt net als zij kennis met de geheimzinnige vrouwengemeenschap van de Iníons, die zich hebben teruggetrokken op een afgelegen klif van het eiland.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het ongerepte van de natuur bestaat allereerst uit het onherbergzame landschap van rotsen, bloemenweiden, bos en stille landwegen. Ook het onstuimige weer hoort daarbij: de onophoudelijke wind die regelmatig overgaat in een nietsontziende storm en de bijna dagelijkse miezer of regen. Dit alles laat daarnaast sporen na in de karakters. Nell is een onafhankelijke ziel die zich het ene moment niets laat zeggen en zich het andere moment stiekem voor het raam van Cleary, een van de andere eilandbewoners, opstelt om de eenzaamheid te verdrijven. Dat laatste lukt niet zo erg, want juist dan voelt ze zich nog meer buitengesloten:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Cleary maakt een biertje open. Een ciotóg. Linkshandig. Iets wat ze vroeger hier op school uit kinderen probeerden te slaan. De kamer is sober ingericht. Een vierkante televisie, een plank met een handjevol gebruiksaanwijzingen of landkaarten of iets dergelijks. Bij de kachel staat een gammel wasrek met wat ondergoed en een wollen trui eraan. Ze wordt overvallen door een onverklaarbaar verdriet. Niet namens hem, of om hem. Maar om zichzelf. Dat ze, ondanks het optellen van jaren, niet is waar ze zou kunnen zijn. Het feit dat ze altijd het gevoel heeft dat het juiste antwoord net buiten bereik is.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ongepolijste karakters van Cleary en Nell, die uiteindelijk een kortstondige relatie krijgen, zou je wel wat stereotiep kunnen noemen. Nell is op het eiland het artistieke buitenbeentje, over wie in de pub geroddeld wordt. Cleary is de stoere, ruwe eilandbewoner die haar rustig voor drie weken aan haar lot overlaat om werk te vinden op een booreiland.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vanuit de Iníons komt de vraag of Nell ter ere van hun lange geschiedenis een kunstwerk wil maken. Daarvoor bezoekt zij de gemeenschap en raakt met verschillende vrouwen in gesprek.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net als de karakters wordt ook de vrouwengemeenschap wat clichématig beschreven. Maman is de moederoverste van het klooster en al spoedig blijkt de gemeenschap niet alleen een vredelievend, verstild toevluchtsoord voor vrouwen uit alle windrichtingen, maar blijkt zij ook wat sektarische trekjes te hebben. Kritische opvattingen worden in de kiem gesmoord en Maman lijkt een dubbele agenda te hebben. En als er dan ook nog een mysterieus geluid uit het binnenste van de heuvels klinkt dat niet door iedereen gehoord kan worden en een wig dreigt te slaan tussen Cleary en Nell, voel je al dat dit alles niet lang goed kan gaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toch behoudt het boek zijn charme, misschien wel vooral door de beschrijving van het landschap en de eenvoud van de interieurs. Nell mag dan vanaf haar laptop foto’s van haar borsten sturen naar Cleary, die wekenlang alleen tussen de mannen op het booreiland zit, maar haar koelkast is bijna permanent leeg. Ze moet het hebben van de schamele oogst uit haar moestuin. Je ruikt bijna het vocht in de rommelige ruimtes waar natgeregende personages plasjes op de vloeren vormen. Je proeft de gezouten vis en de glazen gin. Het retraite van de lezer leidt misschien niet tot een spirituele reiniging, maar een innemend avontuur is het zeker.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Sinéad Gleeson –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Heksensteen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Astrid Huisman. Uitgeverij HetMoet, Amsterdam. 318 blz. €24,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Heksensteen-188x300.jpg" length="12736" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 25 Feb 2026 22:33:47 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/in-retraite-op-een-eiland-in-ierland</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Sinéad Gleeson,Heksensteen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Heksensteen-188x300.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Heksensteen-188x300.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Schroom en verwondering</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/schroom-en-verwondering</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Schroom en verwondering
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Plant, mens, dier' van Ida Gerhardt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/plant-+dier-+mens.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In brons kijkt ze over de IJssel, klein, eenvoudig, maar zo fier rechtop, in weer en wind. Je zou bijna denken dat ze onaantastbaar is, maar uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Plant, mens, dier
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , waarin verschillende essays en lezingen over de kunst en natuurbehoud van Ida Gerhard (1905-1997) zijn verzameld, blijkt juist haar bijzondere fijnzinnigheid en ontvankelijkheid voor alles wat leeft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je terugkijkt op iemands leven, zie je algauw de verdiensten: Gerhardts werk als docent klassieke talen, de prijzen die ze gewonnen heeft voor haar poëzie, de beroemde psalmberijmingen. Voorin in de bundel is een kort overzicht opgenomen van Gerhardts leven en werk. Als je dan leest dat zij tussen 1933 en 1939 geen leraarsbetrekking kon vinden tijdens de wereldwijde economische crisis voorafgaand aan de Tweede Wereldoorlog en daardoor lange tijd nauwelijks kon rondkomen, voel je ook de betrekkelijke willekeur van een mensenleven in een afgebakend stukje tijd, in haar geval dan in elk geval meer dan negentig jaar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misschien is dat juist wel de kracht van deze bundeling: door Gerhardts lezingen, maar ook door Koenens reflectie erop en ordening ervan, komt iets essentieels bovendrijven, namelijk dat het vooral de ongrijpbare verwondering en aarzeling in de mens zijn die niet alleen de motor vormen voor de kunst, maar ook voor het behoud van de natuur: ‘De grondslag van mijn dichterschap is een grote verwondering en schroom tegenover al het geschapene, tegenover de geschapen mens misschien het meest.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo zie je hoe Gerhardt vaak heel persoonlijke ervaringen uit haar jeugd aanwijst als de kwetsbare wortels van gedichten of gedachten die op latere leeftijd naar boven komen: in haar vader die voor haar ogen met zijn ambacht als timmerman een ingenieus patroon van bloemen en vlakken ontwerpt voor de deksel van een naaidoos voor haar moeder, is haar diep ontzag voor meetkunde geworteld. Zoals de vlakken en bloemen naadloos in elkaar passen, zo is ook Gerhardts poëzie een ingenieus samenspel van ritme, klank en betekenis. Tegelijkertijd voel je de bezieling eronder, die het meetbare en de orde schoonheid geeft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet alleen voor haar eigen kunst ziet zij die wortels, maar ook als zij naar een kunstwerk van Rembrandt kijkt: zijn schilderij kan een afbeelding laten zien van een Bijbels tafereel, maar in die figuren zie je ook het persoonlijke leven en de persoonlijke relaties van Rembrandt weerspiegeld en juist die verbondenheid van het persoonlijke en universele raakt ons zo diep.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gerhardt laat een diep respect zien voor alle vormen van schepping, dat ze van huis uit heeft meegekregen. In haar lezing over het houden van beesten legt ze uit hoe niet alleen een hond vals kan worden, als ouders hun kind het dier geven uit een soort gemakzucht, maar ook het kind zelf, dat namelijk evengoed verwaarloosd wordt als het geen respect krijgt aangeleerd voor de hond. Samenleven is een kwetsbaar spel van afstemming op elkaar, luisteren en je in de ander verplaatsen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Veel wordt mij door mensen, vooral door jonge mensen, aangereikt, zonder dat zij dit zelf weten. Het vers is dan een uiterste poging om hen te doen weten dat ik begrijp wie zij zijn en achter hen sta. Dit heeft, zonder dat ik er ooit één woord over zei, mijn lesgeven altijd in hoge mate bepaald. (Kenmerkend is dat bijna al mijn bundels aan iemand zijn opgedragen, of dat nu voorin staat, of niet.)’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gerhardt heeft o.a. lesgegeven op De Werkplaats van Kees Boeke in Bilthoven, waar kinderen de gelegenheid kregen om zich ‘door allerlei soorten werk optimaal te ontwikkelen naar eigen aard en aanleg. Klasse, religie of status mochten geen rol spelen. Handenarbeid was belangrijk, vooral activiteiten ten bate van de school zoals schoonmaken, tuinieren, koken en het maken of repareren van meubels en leermiddelen. Ook werden er tal van culturele vakken aangeboden, waaronder muziek, toneel, tekenen en ritmiek.’ Ook hier zie je een bijzondere samenhang terug tussen ambacht en schepping.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De lezingen en de reflectie erop zijn interessant voor de samenleving van nu, waarin veel bedrijven en organisaties, maar ook de individuele consument, het liefst alles wat tijd en moeite kost, uitbesteden aan de techniek of aan anderen, om zelf maar een zo comfortabel mogelijk leven te leiden. Als je Gerhardts bespiegelingen goed tot je laat doordringen, is het maar de vraag of je dat ooit gaat bereiken, omdat de voldoening juist sterker is, wanneer zij gegrond is in respect voor de arbeid die eronder ligt, zoals het uitzicht op een berg je diep kan ontroeren, als je zelf naar boven geklommen bent, óf, als je daartoe niet meer in staat bent, ten diepste de kracht en arbeid van de ander op waarde weet te schatten, die jou naar boven heeft gerold.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ida Gerhardt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Plant, mens, dier; Proza over de kunsten en natuurbehoud
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Samengesteld en ingeleid door Mieke Koenen. Atheneum-Polak &amp;amp; Van Gennep, Amsterdam. 208 blz. €19,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/plant-+dier-+mens.jpg" length="103200" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 25 Feb 2026 22:29:08 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/schroom-en-verwondering</guid>
      <g-custom:tags type="string">Plant,mens,dier,essays,Ida Gerhardt</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/plant-+dier-+mens.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/plant-+dier-+mens.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Maar hij sliep en ik was alleen'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/maar-hij-sliep-en-ik-was-alleen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Maar hij sliep en ik was alleen'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Niets groeit in het maanlicht'  van Torborg Nedreaas
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Niets+groeit+in+het+maanlicht.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het is ronduit frustrerend te noemen als je het verhaal moet aanhoren van iemand die alles dwars door elkaar vertelt, in herhaling valt en steeds haar verhaal onderbreekt om wijn te drinken. Zo’n verhaal lézen lijkt een nachtmerrie voor de literatuurliefhebber die van samenhang houdt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Niets groeit in het maanlicht
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van Torborg Nedreaas ís zo’n nachtmerrie, maar dan wel de allermooiste en meest hartverscheurende die ik ooit las. Nedreaas is een van Noorwegens meest geprezen auteurs van de twintigste eeuw, maar pas nu wordt haar werk ook door de rest van de wereld opgemerkt. Deze adembenemende roman is al van 1947. Het is te hopen dat er nog meer van haar vertaald zal worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het boek is een raamvertelling. De ik-verteller is al dertien dagen op zoek naar een vrouw met een rode koffer. Hij vond haar op een perron, terwijl ze op de trein wachtte. In een impuls ging ze met hem mee en in zijn woonkamer vroeg ze hem of hij haar lichaam of haar verhaal wilde. Hij kiest voor het laatste en dat leidt tot een stroom aan bekentenissen die hem, maar ook de lezer niet meer loslaat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het duurt een poos voor het verhaal op gang komt. Ze heeft vooral veel wijn nodig om haar verhaal te kunnen doen en ze wil zeker weten dat ze hem niet verveelt. Hij mag niet in slaap vallen, want ze moet haar verhaal koste wat het kost kwijt. Je voelt dat de dood haar op de hielen zit en dat er geen uitweg is. Haar verhaal is echter zo onsamenhangend, dat je er wanhopig van wordt. Echter, gaandeweg het verhaal raak je zo gehecht aan deze getormenteerde ziel dat je haar alleen nog in je armen zou willen nemen en zachtjes wiegen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vrouw komt uit een arm mijnwerkersgezin met een moeder die zich kapotwerkt en een vader met stoflongen. Ze heeft een oudere zus en een jongere broer. Al op jonge leeftijd raakt ze hopeloos verliefd op haar docent, Johannes. Het is wederzijds, maar hun liefde is onmogelijk in de samenleving van toen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal raakt tot op het bot en laat niets over van de menselijke waardigheid. Genadeloos beschrijft ze hoe afhankelijk ze is van zijn liefde, terwijl ze geen enkele zekerheid krijgt, hoe ze op zeer jonge leeftijd zwanger raakt van hem en hij haar geld geeft om het weg te laten halen. De beschrijving daarvan is zo gruwelijk en intens verdrietig, dat je denkt dat het niet erger kan. En dan heb je bij lange na de bodem nog niet bereikt. Haar verhaal laat alle kanten van de liefde zien tot in de uiterste hoekjes: de gelukzaligheid ervan, maar ook de stinkende, walgelijke randjes en de ondraaglijke eenzaamheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je volgt de weg van een jong meisje, nog zo vol van alles en je ziet hoe haar kwetsbare wezen stukje bij beetje wordt aangetast door het leven:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Dat was de eerste keer dat we samen sliepen. En ik leerde toen iets nieuws, iets waarvan ik niet wist dat het onderdeel was van het menselijk bestaan… de eenzaamheid van de dood. Hij sliep in mijn armen, we lagen in elkaar verstrengeld… maar hij sliep en ik was alleen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Helemaal alleen. Een gevoel van eenzaamheid knaagde aan me, ik had geen idee dat zoiets bestond. In de armen van degene van wie je houdt ben je eenzamer dan wanneer je in je eentje op de maan zou zitten… maar dat wist ik toen nog niet. Nu weet ik het wel, dat je nooit eenzamer zult zijn dan wanneer je houdt van degene die naast je in slaap is gevallen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dan gaat ze in de ochtend naar buiten en ervaart de troost van de natuur: ‘Want terwijl ik afdaalde, waren de tranen aan de bomen plotseling gaan knipogen en glinsteren, en er kroop een roze gloed achter de bergen vandaan, en de dahlia’s en de asters in de tuinen waren begonnen te gloeien in het grijs, ze glommen als juwelen in de schaduw.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nedreaas’ stijl meandert van rauw naar overrompelend romantisch en weer terug. Haar gedachten over het leven zijn zo ernstig en waar dat je na het lezen bijna een knoop in de maag voelt. Haarscherp laat ze zien hoe haar ziel met geen mogelijkheid die van Johannes weet te vinden, terwijl ze toch zielsveel van hem houdt. Als zij Decamerone aan het lezen is, verbindt ze alles wat ze leest met haar eigen leven en de wereld om haar heen. Ze ziet verbanden en er komen vragen bij haar op. Ze brandt van verlangen om het met Johannes hierover te hebben, maar hij begrijpt er niets van, terwijl het voor haar zo belangrijk is dat hij begrijpt wat er in haar omgaat. Dan vraagt ze hem waar híj dan aan denkt als hij zulke boeken leest. Hij zegt dan alleen dat hij ze wel interessant vindt. Verder komt hij niet. Wanhopig wordt ze ervan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Er staan tenenkrommende stukken in het boek, waarbij ze al rokend en drinkend vastloopt in haar verhaal en verstrikt raakt in diverse sporen, maar je voelt hoe deze vrouw juist door deze wanorde waarachtig wordt vormgegeven. Deze stukken worden afgewisseld met onwaarschijnlijk mooie beschrijvingen van haar zielenroerselen. Ik ken eigenlijk maar weinig auteurs die dat op vergelijkbare wijze kunnen. Frederik van Eeden misschien in zijn
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van de koele meren des doods
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Proust en Woolf ook. Zo belandt het jonge meisje bij een al net zo gebroken organist Morck, die speciaal voor haar in de kerk de toccata en fugue in d mineur van Bach speelt en haar door zijn spel tot bijna mystieke inzichten brengt. Vanaf dat moment gelooft zij dat hij haar enige vriend is die door zijn spel haar kan helpen om verder te komen in het leven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze denkt na over de armoede van het gezin waar ze uitkomt, die zo sterk contrasteert met het leven van de rijken, zoals de apothekersdochter voor wie Johannes uiteindelijk valt. Ze ziet haarscherp hoe eigenaars van de mijnen van een afstand hun winst niet inzetten voor verbetering van de arbeidsomstandigheden van de mijnwerkers, maar voor hun eigen kapitaal. Net zo scherp zet ze neer hoe niemand zich bekommert om de misère van jonge vrouwen die hun zwangerschappen moeten afbreken onder de meest gruwelijke omstandigheden, omdat mannen het niet zo handig vinden als er nog een mond om te voeden bijkomt, of omdat ze nog niet getrouwd zijn en de hele gemeenschap daar een oordeel over heeft. Deze gruwelen contrasteren bizar met haar ragfijne beschrijvingen van wat er voor wonderbaarlijks en moois gebeurt in een vrouwenlichaam tijdens de zwangerschap.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In alle wanorde stuwt het verhaal naar een afschuwelijke afgrond. Hoe kan het verschrikkelijke zo intens mooi zijn? Je raakt volledig in de ban, maar een groot geluk en tegelijkertijd ongeluk is dat je dit verhaal niet hoeft los te laten, want het blijft je vermoedelijk voor altijd bij.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Niets+groeit+in+het+maanlicht.jpg" length="81960" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 25 Feb 2026 22:24:00 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/maar-hij-sliep-en-ik-was-alleen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Niets groeit in het maanlicht,Torborg Nedreaas</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Niets+groeit+in+het+maanlicht.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Niets+groeit+in+het+maanlicht.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Samenvatting van Het Liegend Konijn 2025/2</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/samenvatting-van-het-liegend-konijn-2025-2</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Samenvatting van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het Liegend Konijn; 2025/2
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HLK+laatste+aflevering.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Mijn grootste angst bij het centraal eindexamen van meer dan dertig jaar geleden was de samenvatting bij het vak Nederlands. Ik had geen idee hoe ik een tekst moest samenvatten, terwijl dat volgens het Cito wel degelijk mogelijk was. Een samenvatting maken van de laatste aflevering van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het Liegend Konijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            durf ik dan weer wel, juist omdat het ónmogelijk is.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De samenvatting moest destijds in eigen woorden, omdat alleen dán duidelijk was of je de tekst wel echt had begrepen. Bij deze samenvatting moet juist in het midden blijven, of ik de teksten heb begrepen, omdat de betekenis ervan ieder bevattingsvermogen te boven gaat. Daarom geef ik een samenvatting in de woorden van de dichters zelf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ten slotte rest de vraag naar het waarom van een samenvatting. Eerlijk gezegd heb ik nooit helemaal begrepen waarom ik moest leren om zakelijke teksten samen te vatten. Inmiddels heb ik wel een vermoeden. De betreffende teksten zijn doorgaans zo verschrikkelijk saai, dat je alle toekomstige lezers hetzelfde lot van tijdverspilling zou willen besparen. Echter, deze samenvatting van de laatste editie van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het Liegend Konijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            dient een hoger doel. Ik heb van iedere dichter, in alfabetische volgorde, enkele regels overgenomen, omdat je dan iets ziet glinsteren, noem het de glans in het oog van een onsterfelijk konijn onder de bezielende redactie van de Vlaamse reus der poëzie, Jozef Deleu, waardoor je niet alleen naar de boekhandel zal rennen om deze laatste aflevering van hem te bemachtigen, maar ook om van al deze eenendertig dichters een bundel te kopen om je boekenplank mee te vullen. Spoedig zal je erachter komen dat nog niet alle dichters een bundel hebben uitgegeven en dat jij dus iedere dag naar de boekhandel zal gaan om daar voor de deur te wachten tot het zover is.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           soms wil ik een stukje van mijn leven afslaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als de grote teen van de David
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die bezweek onder de hamer van Piero Cannata’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Isa Altink)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En de moeders? Iedereen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           is een moeder sussen de moeders
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           starend in het wak
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van wat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als dat niet waar is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           We vallen met wijde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           vleugels die liefde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           storten met volle
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           kruinen voorover
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Maria Barnas)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo heeft oorlog gebrek aan ontroering.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is meer de moord op verdriet.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En verschrikking die bestaat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           uit onontkoombaarheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niemand doder dan geschoten in het hart.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo wordt het ook weer dezelfde dag.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vogels bidden tragere wiekslag.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Rouwpauwen troosten kinderen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Geert Jan Beeckman)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Praat met wortels als met
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           slangen,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           praat met paden als met
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           beren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           met wie je deelt de paden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je zult beter wat je niet weet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           weten, wat je niet wilt willen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Overwin je hekel,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           slik de pit door, bijt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in de warme made.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Johan de Boose)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           […] zit ik op een bankje vol
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ontzag te staren naar een zilverreiger die, gekromd en gehuld in
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zijn sneeuwwitte pij, veel weg heeft van een monnik, balancerend
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           op de vloeibare rand tussen hemel en aarde. Alle reigers hebben
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           iets getormenteerds, alsof ze, zoals Atlas, gebukt gaan onder een
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ondraaglijke wijsheid, maar in tegenstelling tot veel dichters
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dragen ze hun lijden elegant en sierlijk. Als een reiger met zijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           langzame vleugelslag opstijgt, vliegt er een gebed door de lucht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dan vouwen de eiken aan weerskanten van de dreef hun takken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in elkaar tot de koeien in de weides achter de eiken heilig worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Bob Vanden Broeck)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      en ik kwam naar je toe met mijn dromen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      waarin ik met een tas vol papieren het podium op kom
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      maar het juiste gedicht niet kan vinden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      of wat er staat onmogelijk kan lezen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Tsead Bruinja)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijn taal verkeert in een zwakke staat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haar rug kreunt van haar sedentaire bestaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze is me even vertrouwd als de lucht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Men schrijft haar antidepressiva voor
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met een aai dwing ik haar tot gejuich en lof
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze zweet ervan uitgeteld na tien stappen bekaf
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Stefan Clappaert)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik weet niets van het midden. Behalve dat het iets is
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           met liefde en bidden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Yannick Dangre)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en ontwarrend het einde nog niet geweven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in de steken. Losse haren leken het wel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De draad weer oppakken. Niet spreken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Paul Demets)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           alles sterft in alles
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zit leven het krioelt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van genade
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Caspar Dullaart)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Prop je rugzak vol angst en keten hem dicht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ren, ren, met je rugzak, door het vuur, door het grote vuur!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Annemarie Estor)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In diepten hieronder wacht af wat nog rest van wat ooit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      voorwereldlijk leefde en baarde en omkwam
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                                  in door gesnavelde wezens bevlogen lagunen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Piet Gerbrandy)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Onder de sterrennacht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ruist de rivier zacht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in de bedding rolt af en toe steen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Hadewych Griffioen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ook de chauffeur stapt uit, zie maar dat je het redt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en laat ons achter op vals plat in een verblijf dat bruut
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           verschuift, waar is de rem, ik verlies de grip en schiet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           weer uit mijn halve zijn, mijn brein verknipt tot een collage.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik moet eruit.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Marijke Hanegraaf)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tussen het zien en het gezien worden gaapt een kloof die niemand
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           kan overbruggen behalve zij die geleerd hebben tussen werelden te
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ademen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een drievoudige klauw graaft zich in het hout van de hoogste tak,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           niet om houvast te vinden maar om de boom eraan te herinneren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat zelfs het diepste wortelstelsel niet kan bestaan zonder de
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           aanraking van wat boven alles uitstijgt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Chris Honingh)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar dat ik van het ongeval onder de indruk ben?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nou nee, ik stroom sindsdien rustig dezelfde kant op
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zoals later de Waal bij Nijmegen zal blijven doen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           nadat een echte mens, en dichtertje nog wel,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           vanaf de brug zijn diepte in gesprongen was.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Anton Korteweg)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Liefde blind? Beterziende maakt zij al wie mint,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            zo wil ik dat dit gedicht begint.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Frans Kuipers)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat doen je planten in je afwezigheid nu er
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           niemand is om het daglicht eerlijk te verdelen?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik ben hier, zeg je hardop. Je bent de enige
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die weet of je de waarheid spreekt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Saskia van Leendert)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Doe je dit, krijg je dat. Het is altijd wat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           anders dan je had verwacht. Zeg je zus,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           doen ze zo. Wat maakt het uit?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Myrte Leffring)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de twijfelaar maakte plaats voor kingsize,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in bed willen we niet meer in elkaar verdwalen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Luc C. Martens)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijn moeders pantoffels staan onder de kast, zie ik,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           terwijl ik het serviesgoed met bloemmotief tevoorschijn haal.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Inge Misschaert)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je een duinkonijn wil temmen moet je het eerst
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zijn ontstaan toedienen, zei mijn oudste broer,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           daarna de scherpe steken die je voelt als je
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hard naar beneden rent, als je sneller
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           loopt dan je zelf bent.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Ester Naomi Perquin)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tijdens mijn ondergang gebeurde weinig
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik stootte een aantal maal
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik spatte kapot op de grond en was niet meer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Ada van Raemdonck)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zijn moeder meet de afstand van de grond
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tot aan het streepje op de muur en zegt: je bent een reus, jongen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           je wordt de grootste van de klas
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Want dromen zijn alleen maar leuk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als je hun einde nog niet kent
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Bert van Raemdonck)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zullen we een rollenspel doen, van plaats
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wisselen, jij in bed en ik waar jij nu bent?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik wil ook wel eens weten hoe het is om te
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           worden gemist. […]
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Peter Swanborn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alles houdt altijd aan – er is hier niets
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           of godverdomme, het ademt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wij zijn rondlopende klokken met armen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als wijzers, draaiend op kristallen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Max Temmerman)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      wat het meest wennen is? misschien wel dat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           er plotseling helemaal niemand meer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in de slaapkamer staat om een handje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      te helpen bij je woeste worsteling
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           om de fris gewassen beddenlakens
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      strak op te vouwen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (David Troch)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik graaf me in
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           met geliefden en katten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een schuttersput
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gedurig onder vuur
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           standhouden hoelang nog
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de vijand stormt aan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Jabik Veenbaas)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Elk jaar komen ze van overzee naar waar drie rivieren samenvloeien:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de rivier van het vergeten, die van het herinneren en die van het verdwijnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           worden ze genoemd. Niemand vraagt zich af hoe ze hier zijn geraakt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           met die passaatwinden en onderstromen. Het is niet altijd duidelijk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wie een man is en wie een vrouw en of ze een rivier kiezen of worden gekozen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           door een rivier en ze denken: We staan aan de rand en we. En de tijd houdt op
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Peter Verhelst)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           je rukt de akkerdistels van tussen je groene benen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           om ze in een doodsboeket op je borst te nestelen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           vergeet niet je handen eromheen te vouwen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in een gebed tot de goden in de grond
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het weerkaatst op de muren die het veld afbakenen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Elise Vos)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           lieve jongen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik moet je schrijven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het is voreg donker en je tracht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zo hard
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een eiland op jezelf te zijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Akim A.J. Willems)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Jozef Deleu (redactie) –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het Liegend Konijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            2025/2. Pelckmans, Kalmthout. 227 blz. € 24,50.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HLK+laatste+aflevering.jpg" length="9947" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 16 Feb 2026 17:53:00 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/samenvatting-van-het-liegend-konijn-2025-2</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het liegend konijn 2025 2,essays,Jozef Deleu</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HLK+laatste+aflevering.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HLK+laatste+aflevering.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Eigenlijk net hond</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/eigenlijk-net-hond</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Eigenlijk net hond
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Verborgen in Het Liegend Konijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+liegend+konijn+logo.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Nooit had ik het verwacht, nooit gewild ook, maar
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           jl. kon het eindigen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Is het niet bizar dat deze mogelijkheid al die tijd al verborgen lag in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het liegend konijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ? Natuurlijk kun je zo’n liegend beestje niet vertrouwen, want wie zegt dat het hier daadwerkelijk om een konijn gaat? Het is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           eigenlijk net hond
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Af en toe zelfs een
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           link geniethondje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Niet alleen houdt zich in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het liegend konijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hond
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            schuil, want ook
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           geit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           koe
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hinde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           eend
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tonijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gnoe
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hoen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           egel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            teek
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           honingeikeltje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zijn erin te vinden, maar dan houd je nog allemaal letters over, en voor je het weet
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           jongt hinde ’n eikel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Puzzelen met alle letters van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het liegend konijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is verontrustend én verslavend.   
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Natuurlijk is Jozef Deleu het boegbeeld van dit veilige toevluchtsoord voor dichters van allerlei pluimage, maar het tijdschrift is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           niet hele koning JD
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Hij is tenslotte heel veelzijdig. Toch dacht ik bij iedere verschijning van een nieuwe editie:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hij deelt koningen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , niet één keer, hij deelt de
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hele tijd koningen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            .
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij leent de koning
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hij de lentekoning
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            !
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Koning helt eindje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Kunt
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gij ‘n hond kietelen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , dan zit ge eigenlijk al in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het liegend konijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Het kan zijn dat je op een ochtend aan de oever zit en denkt:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik hengel de tonijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , terwijl je thuis een
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           knijn in lege hoedt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            vindt. Na een poosje rest alleen nog wat stotteren met te veel letters voor een kernachtige boodschap:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik je heel nodig n t n
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Voor echte dichters houdt Het liegend konijn een mysterieuze, maar wonderschone boodschap verborgen:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           til je honingdeken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ! Maar ook:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           denk heilig en jont
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , waarbij ‘jont’ een wat ouderwets woord is voor ‘gunt’. Deleu gunde zoveel dichters deze heilige plek! En iedere dichter die van hem een uitnodigingsbrief kreeg, voelde dat
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hij kind toen engel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            werd:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hé, kind joint engel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            .
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           God, neen, hij knielt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Voor wie? Voor God, voor de muzen? Als het maar niet voor wiet is:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           geen joint, kind, hel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Anders wordt het
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ’t eng onheilkindje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , of
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           holte in eng kindje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            .
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toneelkindje hing
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een heel praktisch advies voor dichters is:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           leng inkt in hoedje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , want poëzie bestaat vooral bij gratie van het
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hoge lijden en inkt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Als de inkt niet zorgvuldig gelengd wordt met leed, dan eindigt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            hij in deegklonten
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Blijven dichters zich blindstaren op de inkt, dan krijgen zij inktogen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Inktogen lijden, hè
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Ja,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gij kent hen, idolen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            .
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hijg ’n eend in loket
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            .
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ken je ding in hotel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            .
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Oen, je ding hinkelt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Waar is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het liegend konijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            nu eigenlijk gebleven? Terwijl het misschien al
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tijden in ’n egelhok
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            bivakkeert,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hinkt ’n jolige eend
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            alvast richting
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dijkhol negentien
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Wie weet is dat zijn volgende verblijfplaats. Ik hoor het beestje zuchten:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           noh, eindelijk Gent!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij inde enkel tong
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , wanneer hij dichters binnenhaalde.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij en ik tonen geld
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , terwijl
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hij geld kon nieten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wie ging
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het konijn ledigen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ? Wie schoot
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de kogel in het nijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij kon de lengte in
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en hij kon dit legen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            .
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij, ik dolen ‘n engte
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Mist
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            hij tolk en degen in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            andere landen?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En hij int geen dolk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Nu
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het liegend konijn
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ter ziele is, snak ik naar een
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           konijnlegendehit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Welke dichter gaat het schrijven? Maakt uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gekte hij ’n nonlied
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ? Of
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           kent hij ’n dol genie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij kent die longen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hoe eindigt
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hij dit enge klonen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nijg koel in ‘t heden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Hopelijk ontdekken ooit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hij en ik ’t gondelen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            in alle andere letters van het alfabet, zodat ik mij hier niet nog langer schuldig hoef te maken aan
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het kinnig jodelen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , aan deze
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gein-ode ‘t HLK nijne
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+liegend+konijn+logo.jpg" length="7709" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 16 Feb 2026 15:23:42 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/eigenlijk-net-hond</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Eigenlijk net hond,Jozef Deleu,Het liegend konijn</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+liegend+konijn+logo.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+liegend+konijn+logo.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een verhaal om in te verdwijnen</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-verhaal-om-in-te-verdwijnen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Een verhaal om in te verdwijnen
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De oosthoek van de Melkweg' van Han Leeferink
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Cover-De-oosthoek-van-de-melkweg-658x1024.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Toen ik een jaar of vijftien was, typte ik dichtbundels van Vasalis over, op een mechanische typemachine waarvoor ik lange tijd gespaard had. Driehonderdvijftig gulden, weet ik nog. Dat deed ik, omdat ik ergens in een van de gedichten een mooie regel had gevonden, een die ik niet eens per se begreep, maar waarvan ik de geheime betekenis koesterde. Mijn docent Nederlands had mij een bundel van haar aangeraden. Hij dacht dat haar poëzie en misschien zelfs poëzie in het algemeen echt iets voor mij was. Voor mij was het voor het eerst dat ik poëzie las. Bij het lezen van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De oosthoek van de Melkweg
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Han Leeferink dacht ik hieraan terug, in de eerste plaats omdat het boek zo direct een beroep doet op dat onderbewuste, dat niet-begrijpen terwijl je wel diep geraakt wordt, maar ook omdat ik in de docenten die hij beschrijft, die van mijzelf herken. Docenten, niet alleen die van Nederlands, zijn voor mij heel betekenisvol geweest.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Dit is een inleiding, maar ik had ook anders kunnen beginnen. Er lagen veel boeken op mijn bureau. Misschien wel te veel. Ik wilde ze allemaal lezen en ik wilde erover schrijven. Er is weinig dat ik liever doe dan dat, behalve zelf boeken schrijven en lesgeven misschien. Hoe de boeken op mijn bureau belanden, weet ik niet altijd. Ik heb daar zelf enige invloed op, zou je zeggen. Dat is ook zo, maar hoe ik keuzes maak, is mij een raadsel.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De oosthoek van de Melkweg
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van Han Leeferink was er als laatste bijgekomen en toch besloot ik dit boek het eerste te gaan lezen. De rest die inmiddels behoorlijk aan het schreeuwen was, liet ik nog even liggen, juist omdat dit boek zo wonderbaarlijk stil was. Kan dat? Kan een boek stil zijn? Misschien moet je het boek even in je handen houden, dan begrijp je wat ik bedoel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Drie keer is scheepsrecht. Nog één keer een inleiding. Wie dagelijks met jongeren werkt, weet hoe intens hun leven is en hoe kwetsbaar ze zijn. Hun wereld is een universum, op z’n minst een Melkweg. Niet heel lang geleden maakte een van mijn oud-mentorleerlingen een einde aan zijn leven. Bij het afscheid vertelde zijn vader dat zijn zoon, die in alle opzichten bijzonder begaafd was, de gedachten in zijn hoofd wilde stoppen, die onophoudelijke stroom van gedachten. De jongen liet een heleboel mensen achter die van hem hielden, in de eerste plaats zijn ouders en zijn zusje. De brief van Axl aan zijn zusje Lisa (door hem ‘vogelkind’ genoemd), waarmee Han Leeferink zijn boek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De oosthoek van de Melkweg begint
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , raakt voor mij aan deze ervaring: ‘maar het lawaai van de wereld blijft maar rondzoemen in mijn hoofd. Hoe laat je de woorden via de woorden achter je?’ schrijft Axl aan zijn zusje. Dit boek heb ik in één ruk uitgelezen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Na de proloog, die uit de brief van Axl aan Lisa bestaat, volgt het eerste deel: ‘Een scheur in de stof van de werkelijkheid’. Al gauw wordt duidelijk dat niet alleen Axl van de aardbodem is verdwenen, maar ook zijn zusje. Het perspectief ligt bij Tomas, die de uitvaart van Lisa bijwoont. Tijdens de uitvaart komen herinneringen aan haar boven, die nog van vrij recent zijn. Lisa was min of meer bij hem aangespoeld via een eerste ontmoeting in de boekhandel. Haar komen en gaan waren nog het best met golven te vergelijken, omdat Tomas eigenlijk bij iedere ontmoeting al voelde dat ze zich spoedig weer zou terugtrekken, tot ze helemaal niet meer zou komen. Lisa was een bijzondere persoonlijkheid. Toneel was haar passie, zozeer dat het daadwerkelijk haar leven werd en andersom. Bij ontmoetingen citeerde ze vaak complete teksten van allerlei dichters en schrijvers, waardoor het leek of zij in of door die teksten leefde, terwijl ze bij toneeloefeningen de andere acteurs tot wanhoop dreef, omdat ze voortdurend afweek van het script en improviseerde, alsof ze het echte leven in het stuk wilde brengen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wie zo’n personage schept, steelt het hart van de lezer, waarbij de lezer niet meer weet of dat de verdienste van de verteller is, of van het personage zelf. De ontmoetingen tussen Tomas en Lisa worden zo intiem beschreven dat het is alsof je er zelf bij bent. Je wilt daar niet meer weg, je wilt van nog veel meer ontmoetingen getuige zijn, waardoor je ook zelf in de rouw bent als je beseft dat het niet meer mogelijk is. Zo krijgt de scheur in de stof van de werkelijkheid een nog diepere betekenis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het tweede deel ‘Leviatan’ lees je meer over de achtergrond van Tomas. Lisa’s moeder heeft hem op de uitvaart een blauw koffertje en een brief van Lisa gegeven. Hij leest haar brief, maar vindt niet de moed om het koffertje te openen. Tomas heeft op jonge leeftijd zijn moeder verloren na een lang ziekbed en in zijn eenzaamheid schiep hij een denkbeeldig zusje, Martha. Zijn eenzaamheid lijkt op wonderlijke wijze een echo van die van Axl en Lisa. Hij was veel in de natuur, keek veel naar vogels en op een dag vindt hij aan de Groningse kust een dode walvis. De vraag is of hij zich die heeft verbeeld. Later blijkt dat er veel van dit soort getuigenissen van een soort ‘zeemonster’ zijn, waardoor de herinnering een haast mystieke betekenis krijgt. Terwijl herinneringen boven komen drijven, opent hij toch het koffertje dat vol zit met aantekeningen en briefjes van Axl en Lisa. Hij gaat ze sorteren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het derde deel lees je in de volgorde van Tomas alle aantekeningen van Axl en Lisa, waardoor zich hun hartverscheurende, maar ook bijzonder ontroerende geschiedenis ontvouwt. Niet alleen het eindeloze verlangen van Axl naar stilte en het verdwijnen, maar ook de relatie van deze broer en zus kruipen diep onder je huid. In dit deel wordt ook de bijzondere betekenis van verschillende docenten van Axl duidelijk. Zijn docent Nederlands geeft hem Paradise Lost van Milton. Kort daarna verdwijnt deze docent van school. Ook zijn natuurkundedocent maakt diepe indruk op hem, door de passie voor zijn vak, maar ook door de bijzondere aandacht die hij voor Axl heeft, van mens tot mens. In dit deel staan allerlei interessante gedachten van Axl, die daardoor een volwaardig personage wordt. Allerlei verwijzingen naar andere literatuur maken het deel rijk en nodigen uit om ook die andere boeken nog te gaan lezen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wie zelf ooit dagboeken heeft geschreven, voelt echter wel hoe de vorm van dit derde deel hier en daar behoorlijk wringt. Een dagboekschrijver zou niet op deze manier dialogen weergeven. Je ziet dat de verteller hier de fragmenten heeft aangevuld, waarschijnlijk om de lezer tegemoet te komen en deze van de nodige informatie te voorzien, waardoor het idee van een dagboekfragment juist weer wat ongeloofwaardig wordt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toch stoort het nauwelijks, omdat de gedachtegang van Axl zo intrigeert. Hij denkt na over het verhaal van de zondeval uit de Bijbel, waarbij Adam zich ineens bewust wordt van zichzelf. Het alleen maar ‘zijn’ zou een paradijselijke toestand zijn, waarin de mens nog één was met God. Door de zondeval is hij gespleten in een ‘zijn’ en een ‘zich daarvan bewust zijn’. Een echo hiervan vind je in het Johannesevangelie: ‘In den beginne was het Woord en het Woord was bij God en het woord was God.’ Axl zoekt een manier om van de woorden in zijn hoofd af te komen en achter het woord, of misschien juist wel in het woord te verdwijnen, als in een mystieke ervaring.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het vierde deel begint met een reflectie op het scheppingsverhaal. Deze verwijzingen naar de oorsprong in combinatie met de mysterieuze verdwijning van broer en zus, nodigen de lezer uit tot allerlei diepzinnige gedachten over de zingeving van het leven. De verdwijning van Axl is juist in haar onbevattelijkheid wonderschoon beschreven. In het vierde deel blijft de lezer nog zitten met die van Lisa. Hoe is zij aan haar eind gekomen? Daarvoor moet Tomas nóg een dun schriftje van haar moeder krijgen. Misschien was dat voor veel lezers niet nodig. De oosthoek van de Melkweg is onvindbaar. Daar kan een lezer van zo’n mooi boek mee leven. Daarom gunt hij het de verteller dat hij nog een paar stappen te veel zet om het boek af te ronden. Tomas vraagt zich aan het eind immers af of hij een roman kan schrijven, of hij alles zou kunnen schrijven wat in hem opkwam: ‘Zou hij dat kunnen? Zou hij een verhaal kunnen schrijven zonder enige vorm van zelfcensuur, zonder zichzelf beperkingen op te leggen?’ Vooruit dan maar. Ook niet alle gedichten van Vasalis vond ik nodig in de bundel. Toch typte ik de hele bundel over.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Han Leeferink –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De oosthoek van de Melkweg
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Nachtwind, Hilversum. 308 blz. €24,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Cover-De-oosthoek-van-de-melkweg-658x1024.jpeg" length="39583" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 16 Feb 2026 11:32:58 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-verhaal-om-in-te-verdwijnen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,De oosthoek van de Melkweg,Han Leeferink</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Cover-De-oosthoek-van-de-melkweg-658x1024.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Cover-De-oosthoek-van-de-melkweg-658x1024.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Tekstweefsels</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/tekstweefsels</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tekstweefsels
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Tekstielen' van Sarah de Koning
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tekstielen.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘Voor een vrouw is het, begrijp dat dan, altijd Scheherazade’ (Renata Adler – Pikdonker) is een van de twee motto’s uit de debuutbundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Tekstielen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van Sarah de Koning. Met zo’n motto bereid je je als lezer voor op een tactisch spel van de vrouw, waarmee ze zichzelf voor de ondergang behoedt. Het andere motto komt van Patricia de Martelaere. Daaruit blijkt juist dat de ander (de man?) vooral niet moet denken dat ze de hele tijd met hem bezig is: ‘dit is alleen een stijloefening, ik vind je uit op papier’. Tussen kracht en kwetsbaarheid ontvouwt deze bundel zich als een weefsel van tekst.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is een vreemd woord, ‘Tekstielen’. Je gaat vanzelf associëren. Er zijn niet zoveel woorden die eindigen op ‘tielen’. Een daarvan is ‘projectielen’. Doordat ze van ‘tekst’ zijn, passen ze bij het tactisch spel van Scheherazade: ze vuurt tekstwapens op de ander af, om zichzelf te beschermen. Tegelijkertijd klinkt het woord als het meervoud van ‘textiel’, weefsel. Dat past bij de stijloefening, het weven van tekst, waarmee ze de ander inspint, of uitvindt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je denkt dat je het na de titel gehad hebt met de gekke woorden, dan heb je het mis. Het feest moet nog beginnen. De bundel bevat misschien niet eens zoveel ongewone woorden, maar de manier waarop ze gebruikt worden, is wel vervreemdend te noemen: ‘alsof liefde een weg is en de rit nu al scheel, de straatlampen zich vernauwen tot de knerpende grip van het grind waar hij staat, geklokt in bits licht.’ Bij de eerste paar gedichten dacht ik dat ik gek aan het worden was, mijn hoofd te vol. Ik dacht: zie, dat krijg je ervan als je te lang door blijft lezen en te veel ook. Dan komen woorden ineens in een vreemd daglicht te staan alsof iemand bij de taalkundige en redekundige ontleding per ongeluk de woordsoorten en zinsdelen op de verkeerde plek heeft teruggelegd: ‘pas bij ochtend adem ik uit mijn rillende ziel een sterfte die de loef ophoudt in mijn hoofd, dat de mens een dwalend dier is, zeg je.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alleen dat is al een tactisch spel van De Koning: je begint aan je eigen verstand te twijfelen en hebt daardoor niet door dat ze je ondertussen heeft ingeweven in een raadselachtige tekst, waar je niet meer uitkomt. Je verslikt je en denkt dat je verdrinkt, maar net als je denkt dat je kunt ontsnappen, raak je ‘Onder de letter, die zoveel te zien krijgt, langzamerhand zo onleesbaar voor mezelf geworden en gewoon; hoewel ik gegroeid ben naar mezelf en glimmend koper de zon in knal met mijn gepolitoerd zeesmoel, golfslag […]’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als het gaat om het complexe spel tussen geliefden, is het niet zo vreemd als de taal ontspoort en woorden op een totaal vervreemdende manier in elkaar grijpen. Toch kiest De Koning haar woorden zo, dat er toch een betekenisvolle omgeving ontstaat, waarover valt na te denken: ‘Valt het echt uiteen in houden van en houden; wat is halfslachtig verlopen, mijn lief, waar het hele nog geen afscheid van nam, en ben jij net zo dwaas geweest met schoot en hart als ik, nu ik je bel of gloedvol wacht wat in- en uitgaat’. Net als dat je een tekst leest, waarin woorden zijn weggevallen, is het mogelijk om iets te reconstrueren. Je vraagt je alleen af of de brokstukken wel compleet zijn, tot je beseft dat het nooit compleet zal zijn, dat je zelf ook deel uitmaakt van de ontsporing, omdat je al begonnen bent met lezen en je tot je nek toe in de tekst zit.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Iets vergelijkbaars schrijft de dichter over haar moeder die onlosmakelijk met haar verbonden is:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hardnekkig deze erfelijkheid ter hoogte van beider boezems, want
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           beiden hebben we dit toch al meegemaakt, als goed of dorst of
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dapper en dempten wij niet uit dezelfde vlek met hetzelfde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           drinkende doek, wie immers vervloog toen, waarom, want wat is de
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dochter als niet pre-feitelijk, en afstand; zoals toen ik holgeblazen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           barstte omdat jij mij triomfantelijk bezielde en ik wilde, joeg ik niet scheldend jou mijn gezicht in, vermomd? Flinterig was ik, maar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wezenlijk; omdat ik dacht te kunnen groeien tot geheel dat de hemel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           begeestert, wat dacht ik te vinden aldaar dan, toch jou!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je kunt als dochter zo je best doen om van haar los te komen, bijvoorbeeld door te schelden, maar al scheldend blijk je je moeder je eigen gezicht in te hebben gejaagd. Je wilt groeien tot aan de hemel, omdat je denkt dat je daar zult vinden wat je altijd hebt gezocht, en daar vind je niemand anders dan je eigen oorsprong: je moeder.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Soms kun je er geen touw aan vastknopen, maar bij herlezing verschijnen ineens wonderschone stukjes tekst, waarvan je geen idee hebt of de betekenis die je erin vindt, ooit ook in de gedachten van de dichter heeft bestaan. Het vierde deel bracht mij bij Nijhoffs ‘Lied der dwaze bijen’, door de eerste regel: ‘De bijen waren gezongen, zo heet mijn hemel ook een vleugel heeft; zij floot (vliet) onder de vogels.’ Ik lees in deze afdeling een zoektocht, misschien niet altijd naar boven, maar toch. Je weet niet wat je zult vinden, ‘parel’ of ‘doorn’, ‘lief of toorn toorn toorn.’ Je ervaart compassie met de dichter die bang is voor haar eigen ‘inktvinger’:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het jaagt me zoveel angst aan, geef ik toe, die inktvinger van mij die
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de beliefde nerf de tafel terug de stronk inbindt; met verschiet en
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gemarmerde groei in mijn hand, als kantklos, want de voorziene
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ontknoping is me ontstolen omdat jij sneller mint dan mij: voor mij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de honing noch de bij.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wie niet vluchten kan of wil, laat zich inweven door De Konings tekstielen en net als de sultan ben je overgeleverd aan deze Scheherazade. Tussen ‘tek’ en ‘ielen’ staat ‘st’. Deze ‘st’ maakt ‘tekst’ compleet, maar ook ‘stielen’. Een stiel is een ambacht, handwerk. Als je eenmaal bent ingeweven, kun je niet meer ontkennen dat dit bijzondere weefsel zuiver handwerk is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Sarah de Koning –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tekstielen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Querido, Amsterdam. 96 blz. €19,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tekstielen.jpg" length="2942" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 16 Feb 2026 11:29:07 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/tekstweefsels</guid>
      <g-custom:tags type="string">Sarah de Koning,Tekstielen,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tekstielen.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tekstielen.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Op een gemiddelde dag trekken we duizenden lijnen'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/op-een-gemiddelde-dag-trekken-we-duizenden-lijnen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            'Op een gemiddelde dag trekken we duizenden lijnen'
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Hoe je een boot bouwt' van Elaine Feeney
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hoe+je+een+boot+bouwt.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘iedereen blaakt van vertrouwen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                behalve ik
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                ik blijf heen en weer lopen naar de werkbank en voel goed
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           aan alle takken, laat ze door mijn handen gaan,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                en Tess komt naar me toe en drukt me zomaar een paar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           takken in mijn handen, die ik van haar in een gat moet steken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           terwijl ze over mijn schouder meekijkt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                Kom op, Jamie, zegt ze,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                het is allemaal erg hapsnap, sputter ik tegen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                Maar ik steek de takken in een gat achter de uitsparing voor
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het bankje, achter de shoulder splice, de verbinding tussen dol-
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           boord en schouder, en we zetten ze losjes vast met touw, want
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           meneer Foley gaat het sjorren zelf doen, en hier is het anders
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dan bij de boeg, waar we gewoon met enkele ribben werken.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Zou het kunnen zijn dat leven lijkt op hoe je een boot bouwt? Dat wil zeggen: gewoon maar doen, zonder dat je zelf nog het vertrouwen voelt. De ander spoort je aan en je ziet dat die ander in elk geval voor even denkt te weten wat hij doet en daarom kom jij zelf ook in beweging. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hoe je een boot bouwt
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           legt Elaine Feeney subtiel en ontroerend heel wezenlijke elementen van het leven bloot, waarbij duidelijk wordt hoe hard we elkaar nodig hebben.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is of Feeney gewoon maar willekeurige mensen uit het leven heeft geplukt, die toevallig op een school samenkomen. Allereerst is daar Jamie O’Neill, een dertienjarige jongen die bij zijn vader Eoin woont. Zijn moeder met de betekenisvolle naam Noelle (‘geboortedag’) is overleden bij de geboorte van Jamie. De jongen lijkt een wetenschapper in de dop. Hij wil alles weten en legt complexe verbanden. Het liefst wil hij een perpetuum mobile bouwen, een manier waarop hij weer even samen kan zijn bij zijn moeder. Als het boek begint, gaat hij voor het eerst naar de middelbare school, waar het voor hem verdraaid moeilijk is om te overleven, omdat hij met zijn zonderlinge belangstelling en voorkomen niet helemaal aansluiting vindt bij zijn klasgenoten. Feeney laat ook de onrust van zijn vader voelen als hij zijn zoon los moet laten: ‘In de kamer daarnaast was Eoin rusteloos: hij had de hele nacht zo liggen woelen dat het hoeslaken op de grond was beland. Zijn huid was geschaafd en geïrriteerd door de spijkerknopen van de kale matras.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Naast Jamie en Eoin is er Tess Mahon, een docent die in een ongelukkige relatie zit, en zich voorbereidt op het nieuwe schooljaar. Hun wegen kruisen elkaar toevalligerwijs en vanaf het eerste moment is duidelijk hoe kwetsbaar ze zijn en hoe zij dat voor elkaar niet verbergen. Er ontstaan bizarre gesprekken waarin hun karakters zichtbaar worden: Jamie met zijn opvallende kennis en verlangen naar structuur, Tess met haar fijngevoeligheid en empathie.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een andere collega, Tadhg Foley, besluit met Jamie en een paar andere jongens een boot te bouwen, een currach, een kleine boot die vroeger door Ierse monniken werd gebruikt. Ook Tess sluit geregeld aan. Bij het bouwen zie je hoe de abstracte kennis en het verlangen naar perfectie in Jamies hoofd gaan botsen met de weerbarstige en chaotische realiteit, hoe hij in dat proces overeind probeert te blijven en daarin zo liefdevol aangemoedigd wordt door Tess en Tadhg. Terwijl het bouwen van zo’n boot juist vooral een heel fysiek gebeuren is, voel je ook de diepere betekenis die daaronder ligt: hoe zorg je ervoor dat je straks veilig in dat woelige water kunt overleven? Dat overleven heeft ook alles te maken met de mensen die je in je leven om je heen hebt verzameld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er vinden talloze botsingen van karakters plaats in de roman en die laten prachtig de zoektocht zien naar wat de verschillende personages belangrijk vinden in hun leven. Tess gaat voor de derde keer naar een kliniek om een embryo in zich te laten plaatsen, maar beseft dan op de valreep dat ze misschien helemaal geen kind wil, omdat ze niet meer verder wil met Paul, die haar op cruciale momenten in de steek laat. Ze vlucht de kliniek uit en de emotionele chaos waarin ze dan terechtkomt, botst niet alleen met de rechtlijnigheid van Paul, maar gaat tegelijkertijd weer een verbinding aan met het ruwe karakter van Tadhg, die haar min of meer opvangt, terwijl hij zelf doodsbang is voor welke relatie dan ook.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze onhandige, schommelende en botsende bewegingen tussen de karakters loopt op wonderschone wijze synchroon met het bouwen aan de boot en de grillige beweging van een boot op het water. Je beoogt een rechte lijn, maar golven en wind beïnvloeden die lijn. Ook de stijl van Feeney past hier zo goed bij. De afgebakende zinnen monden uit in wat meer fragmentarische stukjes en aan het eind zelfs in iets wat je eigenlijk gewoon poëzie kunt noemen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Grote complimenten daarom ook voor de vertaler en vormgevers van het boek, omdat die laten ervaren hoe alles met alles samenhangt. Extra mooi is dat de karakteristieke onafhankelijke uitgeverij HetMoet, die dit boek heeft uitgegeven, ooit is begonnen op een historisch zeilschip. Deze roman had geen betere uitgeverij kunnen vinden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ontroerend is hoe subtiel en complex het onderwijs in dit verhaal wordt neergezet: aan de ene kant het gevaarlijke gebied waarin kinderen hun ondergang tegemoet kunnen gaan, omdat niet alleen schoolgenoten, maar ook volwassenen genadeloos kunnen zijn. Tegelijkertijd is daar de liefdevolle omarming van de wat meer onzekere individuen, de twijfelaars tussen de docenten, die juist in hun twijfel en onzekerheid leerlingen zelfvertrouwen kunnen geven, omdat zij leerlingen als hun gelijken zien, als zoekende mensen, die fouten mogen maken en daarop terug kunnen komen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘[…]
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
               op een gemiddelde dag trekken we duizenden lijnen –
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
               door onze kamers, onze scholen, dorpen, steden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
               Want we vuren af, raken gekwetst, voelen ons verliefd,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ongeliefd, de hele dag door, we zien betekenis in de lijn die
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           we hebben bewandeld, zoeken in willekeurige dingen naar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           symbolen, iets wat ons geruststelt,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
               door al die toevallige gebeurtenissen met elkaar te verbinden […]’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het einde komt als een verrassing en is magisch, misschien zelfs mystiek te noemen, omdat het water de verschillende karakters in de roman verbindt, de levenden en de doden. De lezer beseft hoezeer hij van deze zonderlinge karakters is gaan houden, hoe zij niet zonder elkaar kunnen en hoezeer ons verlangen naar zingeving de enige weg is die we door het stormachtige water, leven, kunnen gaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Elaine Feeney  –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe je een boot bouwt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Astrid Huisman. Uitgeverij HetMoet Amsterdam. 328 blz. €24,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hoe+je+een+boot+bouwt.jpeg" length="31952" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 16 Feb 2026 11:25:31 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/op-een-gemiddelde-dag-trekken-we-duizenden-lijnen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Elaine Feeney,Hoe je een boot bouwt</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hoe+je+een+boot+bouwt.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hoe+je+een+boot+bouwt.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Hoe het langzaam woorden kreeg en lucht genoeg'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/hoe-het-langzaam-woorden-kreeg-en-lucht-genoeg</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Hoe het langzaam woorden kreeg en lucht genoeg'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Zie ik je aan de horizon verschijnen' van Bauke Vermaas
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zie+ik+je+aan+de+horizon+verschijnen.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Er bestaat flessenpost, waarvan je een bepaald gewicht verwacht, alleen al vanwege het glas, omringd door een flinke hoeveelheid water, een eindeloze zee. Bij de bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zie ik je aan de horizon verschijnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Bauke Vermaas, de vorige stadsdichter van Zwolle, voelt het eerder of zij haar gedichten per luchtballon de ruimte in laat. Lichtvoetig en speels weet zij zelfs zware thema’s voor het voetlicht te brengen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Onbenoemd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hoe heet verwachting
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als je niets hebt gewenst
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           is de gedachte aan een mens
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           genoeg om van te houden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           kun je missen wat geen naam kreeg
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           al verdween voor het bestond
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als de grond onder je voeten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zich zonder sporen sluit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het ging voor niets verloren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en ik raak het nooit meer kwijt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vermaas is weliswaar een groot liefhebber van wielrennen en beheert het instagramaccount @wielerpoëzie, toch vind je in deze bundel geen enkel wielrengedicht. De gedichten gaan over verwondering om alledaagse momenten en situaties, ook over eenzaamheid, het verlangen naar een ander, zonder die ooit echt te bereiken. Zo is er iemand die steeds ondoordacht een deur openduwt die de ander juist weer zachtjes sluit, of iemand die geen vragen stelt, maar al dagen op een antwoord wacht, twee mensen die elkaar vluchtig ontmoeten, zonder dat er iets uit voortvloeit, behalve een vage herinnering.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De thema’s zijn universeel, soms zo universeel dat het haast gemeenplaatsen worden, maar door de manier waarop zij ze verwoordt, zijn ze vaak ook verrassend en speels: ‘iemand steekt gedachteloos / een duim omhoog en iemand slikt / nog net op tijd een vlinder in’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het komt vaak voor dat onze goede bedoelingen ergens stranden, en Vermaas weet dat proces in humor te vangen. Zo schrijft ze dat ze restjes eten in plastic bakjes in de koelkast bewaart om ze na een week alsnog weg te gooien, waarschijnlijk voor veel mensen herkenbaar. Dit beeld van de plastic bakjes koppelt ze vervolgens aan herinneringen die ze vaak niet durft te openen, misschien alleen ’s nachts.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voor wie poëzie maar moeilijk vindt, is deze bundel een mooi begin. De gedachten zijn niet al te ingewikkeld om te volgen en daarbij zijn ze op een aangename manier verpakt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zekerheden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ben je verzekerd tegen storm
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tegen het laten stelen van je hart
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als je de deur steeds op een kier
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           moet je wie opgeeft muur te zijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           nalatigheid verwijten of
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           vasthouden bij harde wind
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wie binnenloopt kan zomaar blijven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar geen geluk past door een dichte deur
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haar poëzie kan door deze relatieve eenvoud en universele thema’s vast ook middelbare scholieren raken. Het verlangen, ‘het onbereiken’, zoals Vermaas dat mooi noemt, de onzekerheid en eenzaamheid zijn thema’s die scholieren vaak aanspreken en de taal werpt voor hen nauwelijks drempels op.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is dan ook begrijpelijk dat Vermaas ooit tot stadsdichter is benoemd en dat haar poëzie niet alleen in literaire tijdschriften als Hollands Maandblad, Het Liegend Konijn en Poëziekrant is te vinden, maar ook in verschillende openbare ruimtes, zoals in de aula van een middelbare school, op plantenbakken en op een deur in een onderzoeksinstituut, zoals achter in de bundel vermeld staat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je kunt iemand alleen aan de horizon zien verschijnen als deze niet binnen handbereik is. Dat missen en toch het gevoel hebben dat er verbinding zou moeten kunnen ontstaan of ooit heeft bestaan, is misschien wel de essentie van deze bundel. Soms kun je er gewoon net niet bij, zonder te weten wat het precies is, zoals in ‘Opmaat’:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hoe naamloos iets groeide
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en zelfs toen je het benoemen kon
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een begin onvindbaar bleef
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hoe het langzaam woorden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           kreeg en lucht genoeg om
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voller, groter, een ballon
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dansend hoger en hoe je hem dan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           nakijkt, het kaartje bent vergeten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           nooit zult weten waar het landt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Bauke Vermaas  –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zie ik je aan de horizon verschijnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Eigen beheer, Zwolle. 72 blz. €20,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zie+ik+je+aan+de+horizon+verschijnen.jpg" length="34643" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 16 Feb 2026 11:21:05 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/hoe-het-langzaam-woorden-kreeg-en-lucht-genoeg</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Bauke Vermaas,Zie ik je aan de horizon verschijnen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zie+ik+je+aan+de+horizon+verschijnen.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zie+ik+je+aan+de+horizon+verschijnen.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Misschien hadden we zelfs nooit bestaan'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/misschien-hadden-we-zelfs-nooit-bestaan</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            'Misschien hadden we zelfs nooit bestaan'
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Een hond aan mijn tafel' van Claudie Hunzinger
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+hond+aan+mijn+tafel.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Je kunt een verwaarloosde en mishandelde hond binnenlaten, verzorgen, geruststellen. Je kunt hem bij je aan tafel noden en je kunt zelfs je bed met hem delen. Voor Sophie, de hoofdpersoon uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een hond aan mijn tafel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , de in 2022 met de Prix Femina bekroonde roman van Claudie Hunzinger, is het allemaal vanzelfsprekend. Samen met haar metgezel Grieg leeft ze een teruggetrokken bestaan aan de rand van een bos in de Vogezen, als op een dag de hond haar hut nadert. Deze excentrieke roman biedt de mogelijkheid om je langere tijd af te zonderen en je midden in de natuur te wanen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Allereerst zijn de personages nogal zonderling. Sophie neemt als schrijfster weliswaar af en toe de trein naar grote steden om haar boeken te promoten, maar het grootste deel van haar tijd dwaalt ze door het bos en de bergen. Ze kan uren in bijna dezelfde houding op een plek zitten van waaruit ze de natuur of de mensen op een parkeerplaats midden in het bos beschouwt. Je volgt haar indrukken, gedachten en herinneringen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Als ik goed zat vormde ik één geheel met het graniet, dat huiverde met zijn hele huid van kwarts, veldspaat en mica. Eén geheel met de bremtakken, die zelfs ’s winters groen blijven en waarvan de geur het wrange van het werkelijke leven had. Het leven is wrang. De ware smaak ervan is wrangheid. De uitgelezen wrangheid van zijn wreedheid. Soms kan het leven een bittere smaak hebben, beter dan wrangheid, bitter en ongezoet, zoals het bittere van de kleurloze alcohol uit de wortelstok van de gentiaan waarvan ik soms een klein flesje bij me had, zodat ik me nooit zo goed voelde als zittend in die stoel, nooit zo sterk het genoegen voelde om niet meer bij de mensen te horen, terwijl ik degenen die langskwamen wel hartstochtelijk kon begluren.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze vertelt over haar schrijverschap, over haar leven met Grieg en hun afzondering van de rest van de wereld. Grieg oogt als een halve wilde, en is iemand die zich niets laat wijsmaken, overal genoeg van heeft, vooral van de wereld. Hij doet niets anders dan tussen zijn boeken zitten en lezen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Behalve dit tweetal zelf, is ook de ruimte waarin ze leven nogal uitzonderlijk: een grote, lege ruimte van een oud, twaalf meter lang gebouw. Tegen de achtermuur staat een voorraad levensmiddelen opgestapeld. Er is geen bank, er zijn geen leunstoelen, maar midden in de ruimte staat alleen een grote tafel met stoelen. Er is een minimale keukenhoek en in de andere hoek een douche. Verder niets, geen prullen, geen rommel. Daarbuiten zijn alleen maar bossen en het firmament, voortdurend in beweging, de jaargetijden volgend. Zo kunnen ze in de winter zo ingesneeuwd raken dat ze langere tijd niet meer naar buiten kunnen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De hond, die door Sophie meteen ‘Yes’ – ‘Het kwam in een flits in me op, and yes I said yes I will yes’ – wordt genoemd, wordt door hen beiden direct opgenomen in hun samenzijn, tot en met het bed, dat beiden hebben gebouwd van opgestapelde kranten met daarop hun twee matrassen: ‘We sliepen dus op het wereldnieuws, de nieuwsberichten die van dag tot dag in het niets verdwijnen om door de volgende te worden vervangen, we sliepen erop, we negeerden het.’ Ze omhelzen elkaar soms als ‘overlevenden, met de deur dicht tegen de hyena’s. Hartstochtelijk.’ De eerste nacht doen ze geen oog dicht, omdat ze ontroerd zijn door elkaars weerloze lichamen. Sophie bedenkt dat ze bijna aan het vergeten is dat ze geen dieren zijn en dat ze daardoor haar menselijke waardigheid aan het verliezen is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bouwstenen van de roman, de personages, de ruimte en de gebeurtenissen (als je die al zo kunt noemen) zijn dus op z’n zachtst gezegd bijzonder, maar dat geldt ook voor de stijl. Naarmate het verhaal vordert, lijken de drie steeds meer deel van de natuur te worden, en omdat ze niet meer de jongsten zijn, voel je hun vergankelijkheid bijna als het afsterven van bloesem en bladeren. Hun wereld wordt steeds kleiner en als Sophie door het bos dwaalt, zoekt ze soms speciaal een plek op waar ze door de bosjes het huis niet meer kan zien. Dat zorgt voor haast surrealistische beschrijvingen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik keek zoekend rond, het was verdwenen. Dan overdacht ik in hoeverre Grieg, Yes en ik ook waren verdwenen. Pure fictie waren geworden. Een verzinsel in een boek. Misschien hadden we zelfs nooit bestaan. Of bestonden we niet meer terwijl we bestonden, wat als manier van denken heel goed mogelijk is: twee tegenstrijdige termen naast elkaar.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je weet dat Hunzinger zelf als schrijver en beeldend kunstenaar samen met haar man op een boerderij in de Vogezen woont, en je ziet de prachtige auteursfoto te midden van de natuur, achter in het boek en op de achterflap, dan vloeien schijn en wezen naadloos in elkaar over en is het of je als mens zomaar in je omgeving kunt opgaan. Niemand die het merkt. Het schrijnt en het troost tegelijkertijd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Claudie Hunzinger –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een hond aan mijn tafel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald uit het Frans door Martine Woudt. Uitgeverij Oevers, Zaandam. 274 blz. €22,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+hond+aan+mijn+tafel.jpg" length="217019" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 16 Feb 2026 11:18:06 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/misschien-hadden-we-zelfs-nooit-bestaan</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Claudie Hunzinger,Een hond aan mijn tafel</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+hond+aan+mijn+tafel.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+hond+aan+mijn+tafel.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Historie van Troyen en de Ilias: kleine verschillen, toch bij de ene een grote dramatiek</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/historie-van-troyen-en-de-ilias-kleine-verschillen-toch-bij-de-ene-een-grote-dramatiek</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Historie van Troyen en de Ilias: kleine verschillen, toch bij de ene een grote dramatiek
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Historie van Troyen' van Jacob van Maerlant in vergelijking met 'Ilias', door Vera Bussink (leerling vwo 4 Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Jacob+van+Maerlant.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Jacob van Maerlant was een groot schrijver uit de middeleeuwen. Hij werd geboren tussen circa 1230 en 1235 na Christus. Van Maerlant is van groot belang geweest in de Nederlandse literatuurgeschiedenis. Voorheen werden wetenschappelijke teksten alleen in het Latijn geschreven, maar Van Maerlant heeft daar verandering in gebracht. Hij heeft namelijk vele Latijnse teksten naar het Middelnederlands vertaald (Jacob van Maerlant. Z.d.). Een van zijn werken is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Historie van Troyen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Het is een historisch werk met 40.000 verzen, geschreven rond 1264 (Jacob van Maerlant. Z.d.).  In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Historie van Troyen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            beschrijft Van Maerlant het welbekende verhaal over de oorlog van Troje, vanaf het begin van de oorlog tot de val van Troje. Zelfs de stichting van de stad Rome, wat door sommigen als de voortzetting van Troje wordt gezien, is beschreven (Wikipedia-bijdragers, 2025). Een deel van dit verhaal werd echter ook beschreven door Homerus in zijn Ilias. Wat vooral opvalt is dat de versie van Van Maerlant ‘dramatischer’ is, dan de Ilias.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een eerst verschil, dat deze vertelling meteen al een stuk dramatischer maakt, is dat in Historie van Troyen Andromache Hector heel moeilijk weg laat gaan. Ze heeft namelijk een droom gehad waarin haar werd voorspeld dat die dag Hector dood zal gaan in het gevecht. Natuurlijk wil ze haar geliefde niet verliezen en blijft ze Hector smeken om thuis te blijven. Ze probeert alles, haalt zijn moeder erbij die ook gaat smeken, vraagt zijn vader of hij kan helpen Hector tegen te houden en op een gegeven moment wordt Hector zo kwaad dat hij zelfs Andromache bijna slaat:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo gauw de goede Hector vernam dat zijn vader niet wilde dat hij deel zou nemen aan het gevecht, was hij zo woedend dat hij vrouwe Andromache bijna geslagen had. Hij bezwoer haar dat ze zijn genegenheid had verspeeld met wat ze zijn vader verteld had. Hij bedreigde haar ernstig en bezwoer dat hij haar voor de rest van zijn leven zou haten. (Biesheuvel, 1998, p.163)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In de hertaling van de
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ilias
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            treurt Andromache natuurlijk ook, maar ze respecteert al gauw het plichtsgevoel van Hector om wel de strijd in te gaan. Het dramatische in dit verschil is dat in deze versie Andromache haar man verliest terwijl ze net ruzie heeft gemaakt en hij heeft gezegd dat hij haar voor altijd zou haten. Dit is nogal een groot verschil met als je geliefde dood gaat wanneer je op goede voet met elkaar staat. Waarschijnlijk was dit ook hartverscheurend voor de Andromache uit Van Maerlants versie en degenen uit de middeleeuwen die dit lazen of hoorden hebben dat waarschijnlijk ook gemerkt. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
                          
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een tweede verschil is nogal klein, maar toch voegt het, naar mijn mening, wel iets toe aan de dramatiek. Dat is namelijk dat in de versie door Homerus Hector op de dag dat hij sterft al in gevecht was geweest. Ene Helenos zegt namelijk tegen Hector: ‘ ‘‘Ga nu, Hector, terug naar de stad om jouw en mijn moeder te zeggen naar de tempel van de godin met de heldere ogen, Athene, te spoeden.’’ ’ (De Roy van Zuydewijn, 1980, p. 178). Doordat in de versie geschreven door Van Maerlant Hector op de dag van zijn dood zich nog niet in het gevecht had gemengd, kon het afscheid tussen Hector en Andromache een stuk dramatischer zijn. Eigenlijk is dit verschil zelf dus niet heel drastisch, maar door dit verschil kon een ander deel van het verhaal wel velen malen aangrijpender zijn. 
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dan is er nog, deze keer een best wel groot verschil, namelijk de manier waarop Hector doodgaat. Bij het verhaal geschreven door Van Maerlant wordt Hector door Achilles in de rug gestoken. Dat wordt duidelijk in: ‘Hij wilde zich op Hector wreken en gaf hem met zijn scherpe speer een steek onder zijn schild, die Hector niet zou overleven. Want Achilles stak Hector diep in zijn rug.’ (Biesheuvel, 1998, p. 197). In de Ilias zegt Hector zelfs dat Achilles hem niet in de rug mag steken en dat Achilles hem recht aan moet kijken als hij hem doodsteekt (Homerus Ilias, 1980). Na dit gezegd te hebben sterft hij dan ook zo:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daar trof de speer van Achilles de voorwaarts springende Hektor. Recht door het tedere halsvlees drong zich de speerpunt; de luchtpijp sneed hij echter niet af, de bronszware werpspeer, want Hektor zou nog gelegenheid krijgen Achilles antwoord te geven. (De Roy van Zuydewijn, 1980, p. 462)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Natuurlijk is een speer door je hals krijgen ook een hartverscheurende dood, zeker als je daarna nog een kort gesprek kan houden met de dader. Echter is door je rug gestoken worden toch ook wel erg aangrijpend, zeker omdat Van Maerlant het er daarna over heeft dat Achilles een verraderlijke daad is begaan. Ook zegt Van Maerlant dat als Hector en Achilles elkaar gewoon recht in de ogen aan hadden gekeken, Hector als winnaar uit de strijd was gekomen. Dat is toch wel dramatisch, zeker omdat dat dus betekend dat de held van de Trojanen gewoon nog had voortgeleefd als Achilles niet zo een schurk was geweest!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Al met al lijken
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Historie van Troyen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            door Jacob van Maerlant en de
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ilias
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            door Homerus qua inhoud redelijk veel op elkaar. Toch is de versie geschreven door Van Maerlant een stuk dramatischer door maar een paar kleine aanpassingen. Bijvoorbeeld dat Andromache veel meer smeekt of Hector thuis kan blijven van het gevecht, dat Hector op zijn sterfdag nog niet had gevochten, hierdoor kon het afscheid een stuk dramatischer zijn. Uiteindelijk zorgt vooral Hectors dood — een misdadige steek in de rug — ervoor dat Van Maerlants versie de meest dramatische vertelling wordt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Bibliografie
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Biesheuvel, I. (1998). Van Maerlants werk: juweeltjes van zijn hand. Delta.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Roy van Zuydenwijn, H.J. (1980). Homerus Ilias: de wrok van Achilles. De Arbeiderspers.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wikipedia-bijdragers. (2025, 16 januari). Historie Van Troyen. Wikipedia. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://nl.wikipedia.org/wiki/Historie_van_Troyen" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://nl.wikipedia.org/wiki/Historie_van_Troyen
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Jacob van Maerlant. (z.d.). Literatuurgeschiedenis.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/jacob-van-maerlant" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/jacob-van-maerlant
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Jacob+van+Maerlant.jpeg" length="224937" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 16 Feb 2026 11:14:12 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/historie-van-troyen-en-de-ilias-kleine-verschillen-toch-bij-de-ene-een-grote-dramatiek</guid>
      <g-custom:tags type="string">Historie van Troyen,'t Hart,essays,Jacob van Maerlant,essays leerlingen,essays van leerlingen,Vera Bussink</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Jacob+van+Maerlant.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Jacob+van+Maerlant.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Het verloren paradijs onder glaskruid</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-verloren-paradijs-onder-glaskruid</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verloren paradijs onder glaskruid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het huis van de tijd'  van Laura Mancinelli
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+huis+van+de+tijd.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat gebeurt er als je het verloren paradijs van de kindertijd probeert te betreden? Dat is onmogelijk natuurlijk, maar stel dat het wel zou kunnen, wat zou er dan bijvoorbeeld gebeuren met de kinderlijke fantasie die inmiddels waarschijnlijk is vervangen door
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een flinke portie realiteitszin? Het is of Laura Mancinelli in haar
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het huis van de tijd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , uit het Italiaans door Linda Pennings, dit onmogelijke proces beschrijft. En dan is het niet zo vreemd dat je belandt in een sprookjesachtige wereld vol wonderen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De schilder Orlando keert voor een formaliteit na lange tijd terug naar het plattelandsdorpje in Noord-Italië, waar hij is opgegroeid. Het oude roze huis van zijn schooljuf staat te koop en in een opwelling besluit hij het te kopen. Het huis was voor hem vroeger een veilige plek, waar de juf hem, omringd door boeken, hielp met zijn schoolwerk: ‘Hij hield van dat huis en die stilte. En hij hield ervan om, lopend langs de muur over het smalle geplaveide paadje, zijn hand in de parietaria te steken en daaronder de stevige vorm van grote onregelmatige stenen te voelen waarop het huis was gebouwd.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Parietaria is glaskruid dat over oude huizen heen groeit en in dit verhaal kun je daar je verbeelding heerlijk op loslaten: het is als een beschermende cocon, maar ook kwetsbaar. Bovendien schermt het iets af wat daaronder ligt, waardoor je alleen maar kunt raden, door je handen eronder te steken en te voelen. Dat Orlando er onregelmatige stenen voelt waarop het huis is gebouwd, is betekenisvol als je het huis ziet als beeld voor de verloren kindertijd: je kunt ernaar raden, zij is afgeschermd, maar kan ieder moment uit elkaar vallen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bescherming van het huis en de juf heeft niet lang geduurd, want algauw deed de juf haar best om hem op het internaat in de stad te krijgen, omdat er in het dorp geen middelbare school was en het goed voor Orlando zou zijn om door te leren. Daar zit ook de pijn: het internaat was niet zo liefdevol. Daar kreeg hij niet, net als van de juf, iedere dag om vier uur de kom melk waar hij zo naar uitkeek. Eén keer daarna zag hij de juf nog terug. Hij durfde haar niet te vertellen hoe erg hij het vond op het internaat, maar ook het glaskruid had niets meer te betekenen, omdat hij de volgende dag weer terug moest naar het internaat. Alles had zijn glans verloren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terwijl je in de kindertijd de magie en het sprookjesachtige zou verwachten, blijkt juist dat pas op het moment dat Orlando als volwassene het huis heeft gekocht, er allerlei mysterieuze voorvallen plaatsvinden. De deur naar de geliefde moestuin is verdwenen, net als de laurierstruik ernaast. Bij nader inzien blijkt dat eenvoudig te verklaren, want in de muur is nog de plek zichtbaar waar de deur heeft gezeten. Op de plek waar de struik is omgehakt, is nog een kleine uitloper te zien. Vreemder wordt het wanneer er een rozemarijn blijkt geplant op een plek waar Orlando er één had willen planten, alsof iemand hem net voor is geweest. Vervolgens wordt zijn broer die hem wil komen helpen met het opknappen van het huis, van de wenteltrap geduwd, zonder dat hij iemand ziet. Dan breken tijdens een maaltijd de kristallen glazen tegelijk.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wil het huis iets duidelijk maken aan Orlando? Bestaat er een diepe verbondenheid tussen mensen, die zelfs door de dood niet wordt verbroken? Het huis van de tijd is een heerlijk sprookjesachtig, symbolisch verhaal waarin je helemaal kunt verdwijnen en dat in alle raadselachtigheid talloze betekenissen oproept waar je nog lang over kunt nadenken. Dit is het eerste boek dat vertaald is van Mancinelli. Hopelijk volgen er nog meer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Laura Mancinelli –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het huis van de tijd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Linda Pennings. Zirimiripress, Amsterdam. 144 blz. €22,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+huis+van+de+tijd.jpg" length="89597" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 10 Jan 2026 13:43:01 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-verloren-paradijs-onder-glaskruid</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het huis van de tijd,essays,Laura Mancinelli</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+huis+van+de+tijd.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+huis+van+de+tijd.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘maar ik schrijf je een probleem met een gesloten deur’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/maar-ik-schrijf-je-een-probleem-met-een-gesloten-deur</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ‘maar ik schrijf je een probleem met een gesloten deur’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'bleke gesp, beige zoom'  van Roelof Schipper
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/bleke+gesp+-+beige+zoom.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het hart ligt op de tong, dacht ik even, toen ik de debuutbundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           bleke gesp, beige zoom
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Roelof Schipper in mijn hand had. Het is namelijk of je de gehele tekst uit het hart van de bundel ook buiten op het omslag vindt, alle woorden achter elkaar geplakt. Prachtig vormgegeven! Als je binnen en buiten daadwerkelijk met elkaar gaat vergelijken, merk je dat hier en daar wat woordjes ontbreken, waardoor je op zoek gaat, omdat je denkt dat je iets over het hoofd hebt gezien. Wat er ontbreekt, raak je steeds meer kwijt, waardoor je houvast verliest, terwijl je juist dacht dat je een spoor had gevonden. Met de bundel voel je je net een strandjutter. Je hebt een schat gevonden, die hier, onmiskenbaar, voor je voeten is aangespoeld, maar je mist context, terwijl je vermoedt dat juist dat missen - paradoxaal genoeg - essentieel is in deze vondst.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als alle woorden zo achter elkaar als een grote hoop zijn aangespoeld op het omslag, laat je je even overrompelen. Zo kunnen golven van een woeste zee dat doen. Je raakt gedesoriënteerd en verslikt je in de kracht en hoeveelheid. Je zoekt de veiligheid van de binnenkant van de bundel, waar de woorden meer ruimte hebben gekregen, alsof je de schelpen even uitlegt, te drogen, wat verder uit elkaar met wat wit ertussen. Dan komen ze meer tot hun recht en spreken tot de verbeelding, verwijzen bovenal naar zichzelf:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in het witte midden wacht –
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           mogelijk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een blinde wending, een cesuur
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           komt schuilend in
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           nogal stil behoudens
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een oogopslag, een nis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je de eerste regel leest, is het inderdaad mogelijk dat het witte midden dat een eindje verderop nog gaat komen, aan het wachten is, behalve als je dat wit al in één oogopslag had opgemerkt. Wie van verdwijnen houdt, kan eindeloos schuilen in die nis van stilte.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ach, is Faverey herrezen? Dat was óók wat ik dacht en ik werd daar gelukkig van. Heeft Schipper zich door hem laten inspireren? Ook in Favereys poëzie wandel je onbewust kleine taalkamers in, waarin je context mist, belandt in vervreemding, die je ineens hevig kan ontroeren. Nog steeds weet ik niet waar die plotselinge ontroering vandaan komt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Schippers poëzie is fragmentarisch. Je krijgt losse woorden, half in zinsverband en half daar weer uitgerukt, voorgeschoteld die je vanzelf bij elkaar gaat puzzelen met je verbeelding. De zoektocht kan frustreren voor wie duidelijkheid wil, maar als je een poosje rondloopt tussen de dichtregels kan het ook maar zo gebeuren dat je ineens gelijkenissen ziet met de fragmenten van de wereld en het leven waaraan je de hele dag wordt blootgesteld. Wat doen wij anders dan onophoudelijk betekenis geven aan wat zich willekeurig aan ons voordoet?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           41 lentes viel, een lichte deining glimlachend ze / hem
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           binnen, aan éen van de grauwe huisjes aan de kijlsterweg
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wat te doen vertelt ze, hem, minke dit en dat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in ongeveer éen jaar, een antwerpse
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           betrekking aan de overkant,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de uitdrukking op zijn gezicht stelt haar iets gerust
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en stelt nadien, schrijft korenblauw (wanneer en kwam
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die avond, dat je hier zit, in een lange, zware jas, en dit opschrijft,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                   opschrijft
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel bestaat uit vier delen: ‘functie en wet’, ‘elke zee’, ‘brandhout-lege kamer’ en ‘beige zoom’. In de tweede afdeling lijken er soms ook regieaanwijzingen te staan: ‘(de schrijvers worden nu het tentenkamp ingestuurd.). Wat volgt, is:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de schrijvers worden nu het tentenkamp ingestuurd en wie komen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      er terug. als het hoofd en romp nog aaneen had je er een heel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      boek over kunnen schrijven, zelf. vrede op aarde, maar ik schrijf
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      je een probleem met een gesloten deur.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je mist houvast, maar als er in de tekst ervoor en erna steeds zware vrachtvliegtuigen opstijgen, dan vraag je je wel af waarom je je de hele dag door laat geruststellen door alles wat voor jou zo vanzelfsprekend is, terwijl een eind verderop de wereld in puin ligt. Er staat: ‘de omliggende wereld dringt zich op’. Die wereld komt via al onze schermen binnensijpelen en ontwricht ons beeld van een veilige wereld. Misschien verbindt ‘elke zee’ continenten met elkaar en misschien overspoelt ‘elke zee’ ons met golven informatie, die we koste wat het kost betekenis willen geven, terwijl steeds meer mensen alle zin hebben verloren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan het eind van ‘elke zee’ beland je in een leger deel van de bundel, met veel minder tekst. Die ‘brandhout-lege kamer’ doet denken aan de witte van Kouwenaar. Het is hoe dan ook een kamer van taal en ‘in de deuropening sta ik.’ Wat je er vindt, zijn wederom brokstukjes taal die betekenis blijven afgeven in een vervreemdende ruimte.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ‘beige zoom’ bungelt er aan het eind los bij, ‘hermetisch’ en ‘, in halfregels’. Zelfs komma’s staan wat onhandig aan het begin. In de slotregel ‘parken en fonteinen’ echoot Vasalis’ Parken en woestijnen. Mijn hemel, welke stormen hebben er sindsdien gewoed in de poëzie, in de wereld dus ook, dat in bleke gesp, beige zoom de wereld zo in wrakstukken bij de lezer aanspoelt?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Roelof Schipper –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           bleke gesp, beige zoom
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 56 blz. €23,95.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/bleke+gesp+-+beige+zoom.png" length="118574" type="image/png" />
      <pubDate>Sat, 10 Jan 2026 13:38:04 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/maar-ik-schrijf-je-een-probleem-met-een-gesloten-deur</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Roelof Schipper,bleke gesp,beige zoom</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/bleke+gesp+-+beige+zoom.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/bleke+gesp+-+beige+zoom.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De kracht van poëzie, zelfs als het een roman betreft</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-kracht-van-poezie-zelfs-als-het-een-roman-betreft</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kracht van poëzie, zelfs als het een roman betreft
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Tot alles in beweging komt' van Naomi Perquin
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tot+alles+in+beweging+komt.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Als dichter kun je je debuutroman maar het beste beginnen met poëzie: ‘De eerste keer dat mijn vader stierf deed hij dat alleen voor mij,’ is de openingszin van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tot alles in beweging komt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Ester Naomi Perquin. En godzijdank stopt de poëzie niet na die eerste zin, maar gaat verder: ‘Hij lag beneden, in de schemerige tuinkamer met het beige behang, in het bed met de metalen relingen, waar plastic slangen omheen kronkelden. Op zijn borst zaten ronde stickers geplakt. Daaruit kwamen gekleurde draden, die in een ondoorgrondelijk apparaat verdwenen; een kistje dat aan de rechterkant van zijn bed stond en waar niemand aan mocht komen. In dat kistje werd zijn hart bewaard, verborgen onder een paneel met knopjes en lampjes.’ Er is hoop voor de literatuur als dichters ook romans durven gaan schrijven, omdat zich dan een waarheid openbaart die de werkelijkheid het nakijken geeft.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De gordijnen die op het omslag van de roman uit het raam wapperen, zijn betekenisvol, omdat je vermoedt dat je nu eindelijk zicht krijgt op wat zich erachter bevindt. Dat kan van alles zijn: het verleden van het gezin waarin je bent opgegroeid, de ware betekenis van jouw rol als gevangenisbewaarder. Echter, hoe je ook probeert zicht te krijgen op wat zich daarachter openbaart, je grijpt mis en weet eigenlijk zelfs niet eens of je nu buiten staat of binnen, terwijl je hoe dan ook de gordijnen ziet wapperen. Je voelt alleen dat er iets in beweging komt. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ela, de ik-persoon van de roman, is gevangenisbewaarder geweest en heeft daar ooit eerder verhalen over geschreven, waarvan ze dacht dat anderen die graag zouden lezen. Het spreekt immers tot de verbeelding om dagelijks tussen deze ‘zware jongens’ te werken. Nu dringt zich echter een ander verhaal aan haar op, de keerzijde van het werk, de kant waarvoor eigenlijk niemand je waarschuwt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ze vertellen me niet veel over de lichamen die ik zal zien, niet gedetailleerd, hooguit grappend over huidskleur of formaat, maar ik leer ze kennen, intiemer en scherper dan die van mijn eigen broers; de billen, de ruggen, de wonden, de geamputeerde ledematen, de tatoeages (traantjes op wangen, nummers en symbolen op onderarmen, ACAB op de knokkels van één hand), de vlechtwerken van rastahaar, de kalende kruinen, de dikke bossen schaamhaar, borsthaar, rughaar. En de pikken. Ik heb nog nooit zo veel verschillende pikken gezien – bij het tellen en oversluiten voor de nachtdienst, bij de isoleercel, bij het beantwoorden van een celoproep, onbedoeld of opzettelijk, in erecte staat of achteloos bungelend – ik wist niet dat er zo veel verschillende bestonden, ze hebben het niet gezegd en ik heb er nooit eerder over nagedacht.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Passeert de vertelster hier al een onzichtbare grens, de grens van het betamelijke, van een naderend ongemak? Of doet ze dat pas een alinea verder, waarin ze ook inderdaad tot in details beschrijft welke vormen ze allemaal is tegengekomen? Er wringt iets. Het gaat om een beschrijving van de intieme lichaamsdelen van mannen die zelf over de grens zijn gegaan, die iemand hebben verkracht, of zelfs van het leven beroofd. Zijn ze dan vogelvrij? Worden ze niet voor niets aan het zicht onttrokken, en klapt de vertelster nu uit de school? Grenzen deze beschrijvingen niet aan een vorm van wraak, machtswellust?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vertelster gaat nog een stap verder als ze beschrijft hoe broeierig de sfeer is door de hormonale lading, hoe je na verloop van tijd ‘een leerachtige geur van samengebalde hunkering’ gaat herkennen, waar je last van krijgt: ‘Ik word er vochtig van, instinctief – als ik thuiskom en me omkleed merk ik het pas; glinsterende sporen van het dier waarin ik ben veranderd.’ Dan lijken de rollen juist weer omgekeerd, alsof de vrouwelijke cipier niet anders dan aangetast, misbruikt kan worden in dit werk, zonder dat zij ervoor gewaarschuwd wordt, alsof dit alles haar eigen schuld is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Door deze inkijk opent de vertelster een onzichtbaar raam, waardoor alles in beweging komt. Niets staat meer op de vaste plek. Lang voordat zij deze inkijk geeft, is ze al begonnen haar eigen geschiedenis te schrijven, die begon op de eerste bladzijde met de doodstille vader in de kamer beneden, waar de Ela als kind toeschouwer is. Vandaaruit komt een wereld tevoorschijn, waarin op de eerste bladzijde ook al haar moeder en haar twee broers Micha en David zich bevinden. Wat er precies gebeurd is, ligt ergens in het verleden besloten. Je kunt zeggen dat het verleden vastligt, dat je er niets meer aan kunt veranderen, maar klopt dat wel? Als je Tot alles in beweging komt leest, krijg je het gevoel dat in het verleden eigenlijk niets op een vaste plek ligt. Zelfs Ela’s eigen herinneringen veranderen voortdurend van vorm.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zodra ze met een ander in gesprek gaat over datzelfde verleden, blijkt dat alleen al door dat andere perspectief alles waarvan ze dacht dat het vastlag, alles verschuift: ze probeert betekenis te geven aan de bijzondere uitspraken van haar moeder. Ze hoort het nuchtere, beschouwende commentaar van haar broer Micha. Ook haar tante tilt een tipje van de sluier op. Wie ging er schuil achter die doodstille vader? Waardoor is David zo ontspoord? En wie was Ela’s eerste liefde, de man die zoveel ouder was dan zijzelf? En dan ziet de lezer hoe ook Ela langzaamaan van vorm verandert, letterlijk door het kind in haar buik, maar ook door alles wat in en om haar heen intussen in beweging is gekomen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kracht van dit boek zit in een bijzondere vorm van ‘openbaring’. Niet zozeer in het onderwerp, ook niet in wat er gebeurt, maar in het ‘hoe’: de taal die laagje voor laagje iets baart wat al die tijd al open voor ons ligt, ongrijpbaar, hartverscheurend, onbegrijpelijk bovendien, omdat we altijd ook zelf nog deel uitmaken van wat in beweging komt. Precies dat is de kracht van poëzie.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ester Naomi Perquin –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tot alles in beweging komt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Van Oorschot, Amsterdam. 304 blz. €23,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tot+alles+in+beweging+komt.jpg" length="87182" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 14 Dec 2025 18:29:35 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-kracht-van-poezie-zelfs-als-het-een-roman-betreft</guid>
      <g-custom:tags type="string">Ester Naomi Perquin,essays,Tot alles in beweging komt</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tot+alles+in+beweging+komt.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tot+alles+in+beweging+komt.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De schoonheid van de menselijke ziel</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-schoonheid-van-de-menselijke-ziel</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De schoonheid van de menselijke ziel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Van de koele meren des doods' van Frederik van Eeden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/van+de+koele+meren+des+doods.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Niet eerder zag ik het steeds maar van kleur en vorm veranderende karakter van een fijnbesnaarde ziel zó wonderschoon bijeengehouden in de taal als in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Van de koele meren des doods
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van Frederik van Eeden. Ja, ik las dit boek eerder, jaren geleden, en ook toen was ik er totaal door overrompeld. Eigenlijk was ik een beetje bang voor de hertaling van Albert Kroezemann, bang om mijn mooie herinnering te verliezen door taal die misschien niet zou passen bij de tijd, en dacht – geheel tegen mijn gewoonte in – dat ik misschien alleen zou bladeren om een vluchtig oordeel te kunnen schrijven. Maar nee, ik heb ook deze hertaling woord voor woord gelezen, zoals je hardop in je hoofd kunt voorlezen, traag, tegen alle drukte van de tijd in. Alle publicaties van levende auteurs schuif ik voor even aan de kant om deze klassieker volop tijd en ruimte te geven en de loftrompet te steken over het vakmanschap van de hertaler. Echter, hoe kan ik van een afstand over dit boek schrijven, zonder een stukje van mijn eigen ziel prijs te geven?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet dus. Dat gaat niet. Al op de eerste bladzijde van deze roman rakelt de beschrijving van het huis van Hedwig Marga de Fontayne alle ruimtes in mijn herinnering op waar ik ooit geweest ben, niet van zo deftige huizen misschien, maar van allerlei muren, lichtval, geuren, schilderijen, plafonds, vloertegels. Fysieke walging van heimwee voel ik, dwars door herinneringen aan het allerhoogste geluk dat ik ooit heb beleefd. Alles wat daartussenin is ook. Hoe kan het dat een liefhebber van lege, stille boeken, waar weinig gebeurt en heel veel open plekken zijn om zelf nog in te vullen, zich zo laat overrompelen door uitvoerige beschrijvingen tot in de kleinste details?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Als kind nog – zij zal negen jaar oud geweest zijn – begon al de beklemming van iets heftigs en verschrikkelijks, zwaar en droevig, dat niet weg wilde en dat ze nooit echt zag. Het was op verschillende plaatsen, bij verschillende bezigheden en hechtte zich als een kwade geur aan verschillende dingen. Ze merkte het niet als het er was, maar wat later, als ze de plaats, de bezigheid, het ding herdacht, was het als een zwart, lelijk iets dat ze vergeten was op te merken. Zo had zij op een avond zeepbellen geblazen met haar vriendinnetje op het plaatsje met de gele stenen achter de keuken. Zij had de bonte, prachtige gladde waterballonnen laten dansen op haar mouw en zachtjes laten huppelen over een wollen dweil, en haar broer had ze gevuld met tabaksrook, totdat ze barstten. Daarna ging ze naar bed. Het was negen uur op een maandagavond. Het was nog even licht en een grauwe schemering vulde haar kleine, kale kamertje. Er klepten twee klokjes op de torens buiten tegen elkaar in.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarna viel er iets als vaalzwart en angst over haar onmiddellijke herinnering en ze voelde het toch niet toen zij op de rand van haar bedje zat. Maar later, later, scheen het alsof zij toen al ondraaglijk geleden moest hebben, zo’n afkeer van saaiheid en akeligheid kleefde aan alles wat ze toen voelde. Aan de geur van zeepsop en stenen pijpjes; aan de gele stenen van het plaatsje; aan de stemmen van haar broer, van haar vriendinnetje en van de meid, aan het grauwe licht door de kleine slaapkamerruiten en aan het oneindige, naargeestige klokgeklep.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je zou kunnen denken dat Van Eeden niets onbeschreven laat, maar tussen alle details van kleur, geur en structuur, laat hij juist de essentie van de beleving open. Hij probeert die weliswaar te vangen, maar grijpt steeds mis. De beklemming lijkt in eerste instantie in het kind te zitten, maar dan staat er even later dat zij het niet merkte op dat moment. Dan wordt er een herinnering aan het bellenblazen beschreven, die universeel is en daardoor eenvoudig raakt aan herinneringen van de lezer. Dat hoeft niet eens een herinnering aan bellenblazen te zijn. Vervolgens suggereert de verteller dat de beklemming neerdaalt in de avond als ze op de rand van het bed zit. Toch blijkt ze die ook dan nog niet te voelen. Net als de bellen gevuld met tabaksrook – een al eeuwenlang door kunstenaars gebruikt beeld van het vluchtige, ongrijpbare of misschien zelfs vergeefse van het leven – glijdt de beklemming verder en verder weg in de tijd naar later, totdat zij daadwerkelijk herinnering is geworden. Zonder dat je echt vat krijgt op wat hier gebeurt, overkomt je de beklemming. Nu zou ik hier graag een objectieve uitspraak over doen, maar dat kan ik niet, want ik weet niet of je die beklemming kunt voelen als je zelf deze walging en dit zwarte nooit gevoeld hebt in bepaalde ruimtes. Zou de ontroering liggen in de herkenning?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van Eeden was psychiater. Het is dus niet zo vreemd dat hij in dit boek een diep inzicht laat zien in de menselijke psyche. In het nawoord heeft Kroezemann het voorwoord van Van Eeden bij de tweede druk toegevoegd, waarin hij zich verdedigt tegen literatuurcritici die het werk beschouwden als psychologische studie van een min of meer ziekelijk geval: ‘Dit is de banale opvatting van oppervlakkig-denkende en oordelende lezers,’ schrijft Van Eeden. Zijn verdediging is tweeledig. Het eerste deel betreft de opvatting dat het een psychologische studie zou zijn. Dat is het niet, het is ‘geheel uit kunstenaarsmotieven ontstaan.’ Het is de schrijver te doen om schoonheid: ‘Het schone dat de gehele bewondering wekte, en waarop hij, bij zijn weergave alle aandacht van de lezer wil focussen, is immers niet een of ander uiterlijk verschijnsel, een sensueel waarneembare zaak, maar een zielsgebeurtenis van [sic], wellicht zeldzaam, maar in het minst onnatuurlijk of onwaarachtig.’ Het gaat hem om een artistieke waarheid. Het andere deel betreft de opvatting dat Hedwig een ziekelijk wezen zou zijn. Dat is zij niet: ‘Wel is zij, met uiterst fijne en edele gevoelens uitgerust, veel meer aan schadelijke invloeden blootgesteld, dan de grove, gemiddelde mens.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net als het boek zelf, is ook deze verdediging in onze tijd nog steeds interessant. Hoeveel mensen worden er in onze samenleving niet even snel in een hokje geplaatst, triomfantelijk, soms zelfs smalend mét diagnose: ‘die autist’, ‘zeker hoogsensitief’, ‘bipolair’, ‘ADHD’, ‘depressief’, enz.? Van Eeden laat zien hoe fluïde de menselijke ziel is, onbevattelijk, maar tegelijkertijd hoe onwaarschijnlijk mooi, in alle dieptes en hoogtes die te beleven zijn. Ook laat hij zien hoe een artistieke waarheid misschien meer het menselijke mysterie nadert, juist door haar intact te laten, dan een wetenschappelijke studie.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misschien hebben we inmiddels alle taboes doorbroken die er bestaan. Vaak wordt het doorbreken ervan gezien als een mijlpaal. Toch is er ook een keerzijde. De seksuele revolutie van de jaren zestig heeft Van Eeden niet meegemaakt, maar zelfs mét die revolutie en alle openheid, is de individuele worsteling met gevoelens van genot en juist de onthouding daarvan, niet plotseling weggenomen. Hetzelfde geldt voor de zoektocht naar het hogere, of spirituele. Van Eeden werpt met zijn boek een bijzonder licht op de grillige schoonheid van die individuele weg, maar ook op alle mogelijke botsingen met andere, net zo unieke karakters.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een groot compliment voor de hertaler is hier ten slotte op zijn plek. Kroezemann heeft juist het fijnzinnige van Van Eedens stijl zo goed weten te behouden. In het nawoord staat dat hij in zinnen heeft geknipt, de zinsvolgorde en alinea’s wat heeft aangepast. Toch is juist de rijkdom van de oorspronkelijke tekst zo goed bewaard gebleven. Er is niets aan sfeer verloren gegaan. Het leest nog steeds als een roman uit 1900, zonder dat je daar nu als iets minder ervaren lezer nog over hoeft te struikelen. Dat laatste maakt dat dit prachtige boek nu veel toegankelijker is geworden en nog veel meer lezers kan overrompelen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Frederik van Eeden –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van de koele meren des doods
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Hertaald door Albert Kroezemann. Uitgeverij kleine Uil, Groningen. 348 blz. €25,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/van+de+koele+meren+des+doods.jpg" length="44732" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 14 Dec 2025 18:26:01 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-schoonheid-van-de-menselijke-ziel</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Van de koele meren des doods,Frederik van Eeden</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/van+de+koele+meren+des+doods.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/van+de+koele+meren+des+doods.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'mondt het uit, ligt het op de tong'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/mondt-het-uit-ligt-het-op-de-tong</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'mond het uit, licht het op de tong'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Moederkoren' van Paul Demets
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Moederkoren+Paul+Demets.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Voor altijd blijf je gehecht aan wie jou negen maanden in het lichaam heeft gedragen en die jou uiteindelijk op de wereld heeft gezet. De relatie met de moeder is complex, soms al in de buik en anders wel daarna. Het is een voortdurende zoektocht in hechten en loslaten. Je kopieert bewegingen, gedrag, taal, gebaren. Ze is degene die jou voedt. Je bent afhankelijk, je klampt je als een bloedzuiger aan haar vast, maar de relatie kan ook giftig worden, waarbij je elkaar ervaart als de schimmel die je voor altijd bij je draagt. In de zeven afdelingen van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Moederkoren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , de nieuwe bundel van Paul Demets, is overal de complexe moeder-kindrelatie voelbaar, in allerlei verschillende fasen van het leven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het eerste deel ‘hechting’ voelt intiem, alsof je rondwandelt in iemands herinnering:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stilgevallen in de tuin zoekt de moeder het kind
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de moeder. De was volgt dezelfde lijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als de zomer. Een jurk wordt onderhanden genomen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en verandert van vorm in een jurk die traag
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in het gras valt en samengedrukt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           kleurt als een moedervlek.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze richt haar aandacht, kleedt zich uit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voor de spiegelkast, ziet het weefsel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haar lippen vormen een vraag.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze trekt de jurk aan die te drogen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           heeft gehangen. De tijd vlekt, haar huid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           heeft haar bloeiwijze. Het kind biedt haar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de aanraking waarnaar ze hunkert.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het knoopt haar jurk dicht om die zelf te dragen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De observatie is complex. Moeder en kind vloeien in elkaar over, niet alleen omdat het kind ooit in de moeder is geweest en zo deel was van haar, maar tegelijkertijd is in de moeder ook nog steeds een kind aanwezig, het kleine meisje dat zij vroeger was. De jurk aan de waslijn verandert door de wind van vorm, maar ook door de jaren heen, omdat het kind groeit. De jurk is als het veranderende lichaam, maar de ‘tijd vlekt’, laat sporen na. Het kind dat de jurk van de moeder dichtknoopt, raakt de moeder aan, die hunkert naar aanraking, maar hoe houd je de verlangens van beiden gescheiden? Wie hunkert naar wie?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo sterk als je in de bundel deze hechting kunt voelen, zo sterk is daar ook de vervreemding: ‘Op de trap de moeder, de vrouw, het meisje. / Hun silhouetten schuren de treden.’ Hoe weet je wie van de drie je zult aantreffen, of zijn ze altijd alle drie tegelijk aanwezig? ‘Het meisje dat haar moeders haar opsteekt’ kan een kind zijn dat inderdaad het haar van haar moeder opsteekt, dus het haar dat bij het lichaam van haar moeder hoort, maar het kan ook zijn dat het meisje, in wie al een moeder schuilt, haar eigen haar opsteekt, zoals haar moeder dat zou doen: ‘De knot doet haar groeien: / de moeder in het meisje in het vruchtbegin.’ De knot is hier mooi dubbelzinnig.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De vervreemding in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Moederkoren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            wordt versterkt door de vele verwijzingen naar de films van Chantal Akerman, waarin de toeschouwer minutenlang als een voyeur naar een vrouw in een ruimte kan kijken, terwijl er nauwelijks iets gebeurt. Juist daardoor gebeurt er veel in jezelf: je wordt een beetje die persoon, terwijl je ook de tussenruimte blijft voelen tussen jouzelf en de ander, naar wie je kijkt. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           No home movie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (2015), haar laatste film voordat ze uit het leven stapt, filmt en interviewt ze haar moeder. Ook die film is intiem en tegelijkertijd vervreemdend. Je blijft de ruimte voelen tussen die twee. Akerman wilde haar moeder, die Auschwitz had overleefd, graag doorgronden, maar hoe kun je daadwerkelijk tot iemand doordringen? Juist voor het kind voelt dat paradoxaal, omdat je weet dat je ooit daadwerkelijk binnen in het lichaam van je moeder bent geweest.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel is verdeeld in zeven prachtige afdelingen, die je alleen langzaam en aandachtig wilt lezen, en waarvan de titels ontleend zijn aan de psychologie: hechting, hedonie, embodiment, ruminatie, fugue, depersonalisatie, derealisatie. Dat maakt dat je tijdens het lezen ook gaat reflecteren op allerlei verschijningsvormen van de menselijke psyche. In ‘fugue’ zie je hoe je wel kunt vluchten, maar overal kun je geraakt worden: ‘Verborgen in de kamer verborgen in het weefsel / raakte het zingen mij.’ Je kunt je eigen beeld ‘aan diggelen’ vinden en jezelf ‘als wrakhout’ oprapen. In deze cyclus voel je de voortdurende onrust, terwijl je ingehaald wordt door jezelf, maar dan opnieuw geboren: ‘Lichamen vonden zichzelf terug, als kwamen ze / uit het water, de streng doorgeknipt, herboren.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Zoals je steeds jezelf overal tegenkomt, als je op de vlucht slaat, kun je ook juist behoorlijk van jezelf vervreemd raken. ‘Depersonalisatie’ is een aangrijpende cyclus gebaseerd op Akermans al even aangrijpende
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Sud
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , dat zij maakte naar aanleiding van een gruwelijk incident in de Verenigde Staten, waarbij een man van kleur aan een truck werd vastgebonden en kilometerslang over het asfalt werd gesleept. In Demets poëzie vloeien toeschouwer en slachtoffer in elkaar over:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daar liep mijn lichaam. Ik probeerde te volgen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het liep over de asfaltweg waar het gebeurde.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het rook een bloedspoor dat verder vloeide.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dit is, voor wie Demets poëzie een beetje kent, heel vertrouwd: overal in zijn werk is die maatschappelijke betrokkenheid voelbaar, dicht op de huid, verbonden met het persoonlijke én het universele, verbonden met het werk van allerlei andere kunstenaars, die inspireren. Op het Poëziefilmfestival in Zutphen zag ik ook films, gebaseerd op de poëzie van Demets. Hijzelf was daar omringd door zijn in kleine boekjes tekenende studenten van de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Gent, waar hij lector is. Dat is wat Demets in persoon, maar ook in ieder werk uitstraalt: een continu proces van geïnspireerd worden en zelf inspireren, of die stroom nu van binnenuit, de eigen soms pijnlijke herinnering, of van een ander komt. Overal reflecteert die inspiratie en brengt zij de mens in beweging:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En het komt los door het water.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Soms wordt een lichaam een rivier,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           mondt het uit, ligt het op de tong
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           glanst het op wangen, als werden ze geboend.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Paul Demets –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Moederkoren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Poëziecentrum, Gent. 88 blz. €23,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Moederkoren+Paul+Demets.jpg" length="38536" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 14 Dec 2025 18:22:09 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/mondt-het-uit-ligt-het-op-de-tong</guid>
      <g-custom:tags type="string">Paul Demets,essays,Moederkoren</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Moederkoren+Paul+Demets.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Moederkoren+Paul+Demets.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘maar de kunst was bijna achteloos naar een laatste punt toe te schrijven’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/maar-de-kunst-was-bijna-achteloos-naar-een-laatste-punt-toe-te-schrijven</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ‘maar de kunst was bijna achteloos naar een laatste punt toe te schrijven’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Zien wat van gisteren overbleef' van Koos Meinderts
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Zien+wat+er+van+gisteren+overbleef.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Als je het fraai vormgegeven
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zien wat van gisteren overbleef
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Koos Meinderts leest, dan lees je voor je gevoel eigenlijk meerdere boeken tegelijk, door elkaar heen en toch onlosmakelijk met elkaar verbonden, net als de grillige wegen op het omslag, waarvan je niet zeker weet of ze elkaar uiteindelijk allemaal raken. Het boek gaat over Jaap Hegge, schrijver van de populaire kinderboekenserie Monkel &amp;amp; Glop, die op een dag een heel andere weg inslaat en een boek gaat schrijven over zijn ouders, Joop en Dora, een boek waarmee hij al jaren rondloopt. Zo lees je over Jaap Hegge, maar ook over Joop en Dora, en tegelijkertijd vraag je je af of je niet tegelijkertijd een beetje familiegeschiedenis van Meinderts zelf leest, omdat hij in november 2015 op zijn website in zijn schrijfblok schrijft over een levensverhaal van zijn moeder, opgetekend door haar kinderen, ‘in het boekje Zien wat van gisteren overbleef.’ Het boek is als een kledingstuk met meerdere lagen, waarbij het geheel veel meer is dan de som van de delen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het verhaal werpt een licht op de pijnlijke kanten van het schrijverschap. Hegge is goed in het schrijven van kinderboeken. Dat is wat de buitenwereld ziet, omdat er een eindeloze stroom aan delen van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Monkel &amp;amp; Glop
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           is verschenen en er inmiddels ook sleutelhangers, pluche poppen – made in China -, kleurplaten en boekenleggers van deze populaire serie zijn gefabriceerd. De vraag is in hoeverre commercieel succes iets zegt over de kwaliteit. Hegge had het kinderboek aanvankelijk ‘Vark en Kuik’ willen noemen, omdat zijn zoon van drie in de veronderstelling verkeerde dat ‘varken’ meervoud was en dat ‘vark’ dus enkelvoud was. Hegge had daar met diezelfde kinderlogica ‘kuik’ bij verzonnen. De uitgever, Alex, had zijn twijfels. Een varken lag misschien wat minder in de markt. De uitgever sprak het niet zo uit, maar Hegge ging overstag. De kinderserie werd een formule, waar hij zelf steeds minder plezier in kreeg.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De situatie is niet zo eenvoudig. Er is sprake van een ingewikkeld spel van loyaliteit en manipulatie. Hegge kan er immers goed van leven: ‘Inmiddels woonde ik in een pand op stand, stemde ik GroenLinks, at ik vegetarisch, maar nog wel vis, en maakte ik om mijn geweten het zwijgen op te leggen zo nu en dan wat geld over naar makkelijk te onthouden bankrekeningnummers van goede doelen, als een moderne aflaat, aftrekbaar van de belasting.’ Op het moment dat hij wil overstappen op een boek voor volwassenen over zijn ouders, wringt er het een en ander. Alex wil graag dat hij een kerstverhaal over
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Monkel &amp;amp; Glop
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            schrijft. Als hij weigert, stelt Alex voor een versjesboek te publiceren, met alle versjes uit de kinderverhalen op groot formaat, met leeslint en illustraties van Ilse: ‘Ze is al aan het tekenen, mooi toch?’ Daar komt bij dat met het succes van deze kinderserie de publicatie van de iets minder succesvolle auteurs bij de uitgeverij bekostigd kunnen worden. Probeer dan nog maar eens ‘nee’ te zeggen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit loyaliteitsconflict staat niet op zichzelf. In een heel andere context zie je een vergelijkbaar ingewikkeld spel van loyaliteit in de relatie tussen Joop en Dora, de ouders van Jaap. Joop is dol op Dora, maar Dora zelf voelt het niet zo. Ze is ontroerd dat Joop in de oorlog helemaal uit Duitsland naar haar huis is komen lopen om haar een aanzoek te doen. Hij kon haar niet vergeten en had er alles voor over om met haar te trouwen. Hoe kan Dora iemand die zoveel op het spel zet om bij haar te zijn, weigeren: ‘Welk blaadje ze ook als laatst had geplukt, of het nu een wel was of een niet, op het moment dat ze ‘ja’ zei, meende ze het en besloot ze heel veel van Joop te gaan houden.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook als Hegge voor zijn moeder een kerstverhaal voorleest, waar hij eigenlijk niet achter staat, voelt hij zich een verrader. De vraag is of je iets uit liefde kunt doen, als je je eigen idealen of gevoelens aan de kant schuift. Op die manier krijgt ‘zien wat van gisteren overbleef’ een extra betekenis. Wat in elk geval overblijft, zijn diezelfde levensvragen, diezelfde dilemma’s. Je weet niet waar je goed aan doet, je belandt in situaties die aan de ene kant voelen als een warm bad, en tegelijkertijd wringen, omdat je eigenlijk liever een andere keuze had gemaakt, maar dan kun je niet meer terug. Ook zie je wat er overblijft van gisteren als je gaat graven in het verleden: je haalt een eigen verhaal over je ouders naar boven, dat niet per se het verhaal van je broers en zussen is. Hegge heeft delen van zijn verhaal aan hen voorgelezen en ergert zich vervolgens aan de reacties. Zijn zus wil een monument voor hun ouders: ‘Tussen de regels liet ze doorschemeren wat ze van mijn boek verwachtte, een ode aan ‘twee lieve, hardwerkende mensen die zichzelf volkomen voor ons wegcijferden: wij moesten het beter krijgen dan zij. En dat is ze gelukt.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar dat is niet wat Hegge in zijn verhaal laat zien. Hij laat juist ook de pijnlijke kanten van hun relatie zien, de onuitgesproken verlangens, de manipulatie van de liefde, de duistere kant van de loyaliteit. En dan blijkt, voor de directe familie, ‘wat van gisteren overbleef’ misschien hooguit een illusie te zijn. Het succesverhaal wordt in verschillende lagen doorgeprikt en dat doet pijn, maar houdt ons ook een spiegel voor, die ons scherp houdt en laat nadenken over onze idealen, liefde en relaties.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hegge moet zichzelf ertoe zetten het verhaal af te ronden, want hij is bang voor negatieve recensies, critici die zullen zeggen dat hij zich maar beter tot de kinderboeken had kunnen beperken, dat hij zijn hand overspeeld heeft. Je krijgt de waarheid niet boven tafel, alles brokkelt af, terwijl voor de lezer dit afbrokkelen en wringen juist interessant is, de vragen die geen antwoord krijgen, de rafelranden. Waar leidt dit alles toe, waar vinden de verhaallijnen elkaar? Het verhaal voelt vertrouwd als een gelaagd kledingstuk, je voelt waar de stof wringt rond je huid, je weet waar de buitenste laag glanst, maar ook waar de doffe plekken de schade verraden die het in de loop van de jaren heeft opgelopen. Je draagt het met trots, omdat het is zoals het is, ooit zijn de stoffen bij elkaar gelegd en de naden verbonden. Het is een natuurlijk, grillig en haast achteloos proces, dat creatieve schrijven, waar je je als schrijver aan over moet geven. Aan het eind van het boek reflecteert Hegge op zijn nieuwe boek met dezelfde titel, precies op dit proces, en de lezer kan alleen beamen dat Meinderts deze kunst in deze roman in elk geval feilloos beheerst:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zien wat van gisteren overbleef
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            moest het niet hebben van een plot, er hoefde geen raadsel te worden opgelost, geen geheim onthuld, geen dader ontmaskerd, maar zomaar ineens ophouden kon niet, het verhaal mocht best wel rafelranden hebben, maar de kunst was bijna achteloos naar een laatste punt toe te schrijven, dat je aan alles voelde: het verhaal is verteld.’
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Koos Meinderts –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zien wat van gisteren overbleef
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Hoogland &amp;amp; Van Klaveren, Hoorn. 224 blz. €22,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Zien+wat+er+van+gisteren+overbleef.jpg" length="126929" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 14 Dec 2025 18:18:09 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/maar-de-kunst-was-bijna-achteloos-naar-een-laatste-punt-toe-te-schrijven</guid>
      <g-custom:tags type="string">Koos Meinderts,essays,Zien wat van gisteren overbleef</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Zien+wat+er+van+gisteren+overbleef.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Zien+wat+er+van+gisteren+overbleef.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Zodra hij stilstaat begint hij te rennen'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/zodra-hij-stilstaat-begint-hij-te-rennen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Zodra hij stilstaat begint hij te rennen'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Een omgekeerde wereld' van Jacobus Bos
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+omgekeerde+wereld.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Misschien hoef je niet eens in een omgekeerde wereld te leven om te beseffen dat je altijd gaat rennen op het moment dat je stilstaat. Misschien dat dat wel een van de grootste angsten van de mens is: stilstaan, omdat je weet dat je dan gaat voelen dat je nauwelijks te stoppen bent. Tegelijkertijd kun je een groot verlangen voelen om in het voortrazende leven even stil te staan. Wie poëzie schrijft, haalt in dit stilstaan halsbrekende toeren uit. Jacobus Bos laat zien hoe je dan in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een omgekeerde wereld
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , zoals zijn nieuwe bundel heet, terecht kunt komen. Dat is de plek waar je tussen twee levens kunt belanden, zonder jezelf, waar na je ontmanteling gelukkig ‘geen wolharige neushoorns hier’ zijn, waar je weliswaar een stille reis kunt beginnen, maar tegelijkertijd aan je zeewaardigheid kunt twijfelen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In deze goudmijn van verlorenheid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verlangen om lucht te worden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zonder enig besef van leven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           overweldigt hem geregeld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Windstilte zonder mannen in sloepen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die uit alle macht roeiend proberen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hun schip in beweging te krijgen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bevroren in de zwarte spiegel van de zee
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die in de hitte van het zonlicht verdampt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           alsof er onvermoeide krachten schuilen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in dit schitterend schaduwrijke niets
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           waar alleen de stilte soms beweegt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alsof er tersluiks nog wordt geademd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wie is de mens nog na zijn ontmanteling? En wat is ontmanteling? Een mens kan zijn mantel uit doen, of zich ontdoen van het belangrijkste, zichzelf onschadelijk maken, of misschien wat minder ‘man’ worden, of zelfs sterven? In het derde gedicht van deze afdeling ‘Na zijn ontmanteling’ begint een ‘hij’ aan zijn stille reis. Hij blaast zijn opblaasboot op en laat zich van de grazige oever de rivier in glijden. Het grazige doet denken aan de ‘grazige weiden’ waarlangs God de mens leidt in een psalm van David, en de rivier doet denken aan de Styx, maar hier neemt het water bezit van hem, terwijl het sterren uit de hemel regent.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is niet duidelijk waar de mens na zijn ontmanteling zal zijn. In een van de volgende gedichten is hij misschien op de plek ‘waar de aarde haar adem inhield’: ‘in dit eenzame rijk van rotsen en sneeuw / waar zon en schaduw boksers zijn’. Pas als er staat dat zon en schaduw hier boksers zijn, besef je dat dat niet overal zo hoeft te zijn, dat zij niet op iedere plek met elkaar in strijd hoeven te zijn en ook naast elkaar zouden kunnen bestaan. Misschien heb je daarvoor toch een omgekeerde wereld nodig.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een omgekeerde wereld is weemoedig en de bundel herbergt schatten, zoals:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Soms liet de vergetelheid iets glippen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat hem aan zijn jeugd deed denken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           toen hij onder schepen door de rivier
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           over zwom van de ene kant naar de andere
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           waar het water hem druipend liet gaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet alleen is zo mooi dat Bos iets uit de vergetelheid kan laten glippen, maar ook hoe hij de blik van de lezer de rivier van wit laat overzwemmen naar de volgende regel. Prachtig is het gedicht met de paradoxale titel ‘Bij gebrek aan afwezigheid (1)’, waarbij iemand de duik van een zeemeeuw nadeed. In de derde strofe staat ‘Hoewel hij niet aan de zee wilde denken / dacht hij aan niets anders dan de zee.’ Daar voel je het gebrek aan afwezigheid. Bij zulke gedachten wil je nog even wat langer stilstaan. Ook ‘Bij gebrek aan afwezigheid (2)’ is van een ontroerende schoonheid:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Landschap vol ruimte en verte en licht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           onder een hemel verschoond van regen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De weg belooft naar zee te leiden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar geeft geen enkele aanwijzing
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           over de afstand en duur van de reis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En of een kogelvrij vest nodig is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Intussen vergeet de winter zijn sneeuw
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en blijft het ijs het water dat het is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In zijn huis verblijven dode mensen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die er niet zijn als hij er niet is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij ziet ze in de spiegel van het duister.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als hij thuiskomt of zijn huis verlaat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit gedicht gaat net als bijna alle gedichten in deze bundel over het bijzondere waarin het universele zich manifesteert. Juist dat is wat zo raakt, omdat dan de dichter en de lezer elkaar rakelings passeren: als ze beiden net beginnen te rennen op het moment dat ze stilstaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Jacobus Bos –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een omgekeerde wereld
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Eigen beheer. 76 blz. €19,95.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+omgekeerde+wereld.jpg" length="65118" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 14 Dec 2025 18:13:42 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/zodra-hij-stilstaat-begint-hij-te-rennen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Jacobus Bos,Een omgekeerde wereld</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+omgekeerde+wereld.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+omgekeerde+wereld.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'alsof alles nu anders was'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/alsof-alles-nu-anders-was</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'alsof alles nu anders was'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Vaim' van Jon Fosse
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vaim+Jon+Fosse.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een boek van Jon Fosse lezen is een buitengewone ervaring. Er wordt iets in gang gezet waar je je in eerste instantie misschien tegen wilt verzetten, omdat je meegetrokken wordt in een zin die niet meer ophoudt. Je moet je daaraan overgeven en dan beland je in een onophoudelijke cirkelbeweging rondom een essentie die zich heel langzaam openbaart. Ieder boek van Fosse is zo’n unieke cirkelbeweging met een eigen kern. De beweging is vermoeiend, door de herhaling, door de verveling misschien zelfs, maar je houdt vol tot je bij de essentie bent aangekomen, omdat die iedere keer zo waardevol blijkt. Uiteindelijk slinger je er ook weer uit weg, omdat je het boek een keer uit hebt. Zo was dat met
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Melancholie I en II
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , met
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een schitterend wit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ochtend en avond
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en nu ook weer met het onlangs verschenen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vaim
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Steevast zijn het kleine werelden waarin je terechtkomt. Zo draait
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vaim
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            om slechts drie personages in het fictieve Noorse vissersdorp Vaim: Jatgeir, Eline (Josefine) en Frank (Olav). Het eerste deel is geschreven vanuit Jatgeir, die zijn boot Eline heeft genoemd naar een meisje op wie hij lang geleden verliefd was. Hij schaamt zich dat hij de boot ooit zo heeft genoemd, omdat hij destijds het gevoel had dat hij werd uitgelachen, door Eline en door de anderen om haar heen. Uiteindelijk is hij een stuk ouder geworden en beseft dat hij vaak aan haar heeft gedacht, maar dat zij ook een beetje is samengesmolten met zijn dierbare boot. Hij heeft vrede met zijn eenzame bestaan. En dan komt er een moment dat Eline hem roept. Hij kan het niet geloven, maar daar staat ze dan met haar koffer aan de kade en vraagt of ze met hem mee mag varen naar Vaim, omdat ze weg wil bij haar man, Frank, die later in het boek geen Frank, maar Olav blijkt te heten, terwijl de ware naam van Eline Josefine is.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dan begint het malen, want wat doe je als de onbereikbare liefde van je leven ineens toch met jou in zee wil? Geef je je onafhankelijkheid op? Was de grote liefde niet eerder een idee dan werkelijkheid? Natuurlijk wil je als lezer weten of Jatgeir echt op haar verzoek ingaat en daarom lees je ook door, maar ondertussen word je aan het denken gezet over de ware liefde, over de offers die je brengt om samen te leven met een ander, over machtsverhoudingen in relaties, over veiligheid en gewoonte:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘[…] het kon niet waar zijn dat Eline in mijn boot was geweest en had gezegd dat ze met me mee wilde naar Vaim, en waar ze daar dan zou wonen had ze niet gezegd, maar ze was toch zeker niet van plan om bij mij in te trekken, of misschien was het juist dat wat ze wilde, wat ze in gedachten had, en wilde ik dat eigenlijk wel, wilde ik niet veel liever alleen blijven wonen, zoals ik al deed sinds mijn ouders waren gestorven, wat ondertussen toch ook al behoorlijk wat jaren geleden was, maar nu ging het er duidelijk niet om wat ik wilde of niet wilde, nu leek een andere wil te overheersen, alles leek ineens anders, Elines wil leek alles te overheersen, nee, ik wilde er niet meer aan denken, wat komen moest, dat kwam, want nu was hoe dan ook al beslist dat Eline met me mee zou gaan naar Vaim, ze was net haar koffer gaan halen, en dit was geen droom, dit was pure werkelijkheid, of dat nu een goede zaak was of niet, ja het voelde alsof mijn toekomst vastlag, alsof alles nu anders was, […]’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het tweede deel is een hele poos later geschreven vanuit Elias, de beste en eigenlijk enige vriend van Jatgeir, die ook in Vaim woont. Hun contact is volkomen verwaterd door de komst van Eline. Elias hoort hoe er op zijn deur wordt geklopt en ziet dat er niemand is, totdat uiteindelijk toch Jatgeir buiten staat, wat later onmogelijk blijkt, omdat hij vlak daarvoor dood in het water is aangetroffen. De dunne scheidslijn tussen schijn en werkelijkheid is voelbaar en je deint als vanzelfsprekend mee op de gedachtecirkels van Elias. Waarom zou Jatgeir zich niet bij hem kunnen aandienen als hij dood is? Wat weten wij simpele zielen nu eigenlijk over leven en dood? Elias’ cirkel voert je naar je eigen gedachten over leven en dood, maar ook over vriendschap en hoe een liefdesrelatie vriendschap in de weg kan zitten, wederom over machtsverhoudingen en verschillende karakters.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het laatste deel zet alles wat daarvoor is langsgekomen op losse schroeven. Die kleine altoos draaiende wereld, waar dan in elk geval toch de drie of vier personages de kleine bakens zijn die het verhaal overeind houden, blijkt ongrijpbaar, omdat je steeds vast zit in een perspectief. Waarom noemt Eline Olav vanaf het begin af aan Frank, terwijl hij Olav heet? Waarom doet ze zichzelf voor als Eline, terwijl ze eigenlijk Josefine heet? Het verhaal draait vooral om Jatgeir, Eline en Frank, maar Elines perspectief blijft buiten beschouwing. Drie mannen werpen een licht op haar en wat is nu de waarheid?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vaim
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een wervelstorm die zich in je binnenste ontvouwt en daar veilige pijlers aan het wankelen brengt. Tegelijkertijd is er geen storm waar je je liever aan over wilt geven dan aan deze, omdat hij louterend is.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Jon Fosse –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vaim
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Michiel Vanhee en Sofie Maertens. Uitgeverij Oevers, Zaandam. 144 blz. €21,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vaim+Jon+Fosse.jpg" length="134064" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 14 Dec 2025 18:09:18 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/alsof-alles-nu-anders-was</guid>
      <g-custom:tags type="string">Jon Fosse,essays,Vaim</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vaim+Jon+Fosse.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vaim+Jon+Fosse.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Tenzij ik alle vormen aanneem'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/tenzij-ik-alle-vormen-aanneem</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            'Tenzij ik alle vormen aanneem'
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Mira' van Caroline Lamarche
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mira.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘Ik ben een vrouw die altijd verder gaat’ is het motto van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mira
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Caroline Lamarche, dat al in 2013 in het Frans verscheen en nu vertaald is door Katelijne De Vuyst. De uitspraak is meerduidig. Je kunt altijd maar doorgaan, wat er ook gebeurt. Je kunt echter ook op een andere manier ‘verder’ gaan, bijvoorbeeld een stapje verder over de grens, verder dan andere vrouwen, of verder dan jezelf had verwacht, enz. In alle opzichten past deze uitspraak bij het hoofdpersonage Mira, dat in deze driedelige sprookjesvertelling in drie totaal verschillende omgevingen opduikt. Iets vergelijkbaars geldt wellicht ook voor Lamarche zelf, die door haar veelzijdigheid haar grenzen verkent.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Mijn eerste kennismaking met het werk van de Franstalig-Belgische Lamarche was Nacht op klaarlichte dag, ook uitgegeven door Uitgeverij Vleugels. Daarin komt de hoofdpersoon via een contactadvertentie in aanraking met een man die gewelddadige seks met haar heeft, die in alle gruwelijkheid wordt beschreven. De man duwt allerlei voorwerpen bij haar naar binnen en laat haar vreselijke pijnen lijden. Toch spreekt ze opnieuw met hem af. Het werk is op zijn minst schokkend en vervreemdend te noemen. Haar latere werken, zoals Het einde van de bijen en Kostbaar ogenblik, ik zie je, zijn veel lieflijker en meer empathisch van toon, waardoor je je bijna niet kunt voorstellen dat ze door dezelfde auteur zijn geschreven.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mira
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is in 2013 geschreven, precies tussen die andere werken in. Het is een grimmig driedelig sprookje te noemen, waarin ook weer volop gruwelijkheden te vinden zijn.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het eerste deel werkt Mira bij de Barbierster, die met een scherp mes de ogen van haar mannelijke klanten eruit wipt, die vervolgens over de grond rollen. Mira verzamelt ze en brengt ze als offer naar Grote Ob, die zich schuilhoudt in een sobere toren en vanuit een reusachtige telescoop het luchtruim in de gaten houdt en gegevens over de oorlog doorstuurt. Mira levert de ogen in een doos af bij de toren, terwijl ze plaatsneemt op een nogal bizarre kruk:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Uit het midden van het krukje rijst een gladde houten roede op, die trillend in mij binnendringt. Op het eind, overweldigd door een weldadig gevoel, schreeuw ik het steevast uit. Op dat moment wordt de doos opgeslokt door het gat en valt het luik weer neer. Ik barst in snikken uit. Mijn tranen wellen op en verdampen op raadselachtige wijze, alsof ze door een onzichtbare mond worden opgezogen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is lastig je in Mira te verplaatsen, juist vanwege deze vervreemdende situaties. Toch komen er hartverscheurende passages voor waar het gaat over haar innige band met haar broer, die in de oorlog is gesneuveld. Dragonder, die verandering in het dorp teweegbrengt, is schuldig aan zijn dood. Mira zint op wraak.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het tweede deel bevindt Mira zich op een eiland en verdeelt ze haar liefde tussen een fietsverhuurder met de vreemde naam Lijder en de bakker. Je zou bijna denken dat je in een totaal ander verhaal bent beland, maar dan lees je dat Mira aan de Barbierster moet denken:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘De dag is dodelijk mooi. Doodgaan zou je moeten doen – als ‘doen’ het passende woord is wanneer een lichaam zich ‘ontdoet’ van zijn vlees – in het vredige licht. Beminnen, bemind worden, alleen zijn: alle soorten geluk tegelijk en het lichaam gedragen door de golven. Hoe gaat het tegenwoordig met de Barbierster? Welke liefdes, welke activiteiten, welke dromen koestert ze? Denkt ze aan mij zoals ik aan haar denk?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarnaast komt de dode broer zo nu en dan terug. In het derde deel ‘De aanstaande’ houdt Mira zich op bij een klein skistation, waar ze inwoont bij een gezin. De jongen die alle klussen doet, wordt ‘de Aanstaande’ genoemd van de dochter des huizes. In dit verhaal lijkt Mira zelfs niet begrensd door haar eigen persoonlijkheid en ook hier is de erotiek alomtegenwoordig:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Trouwens, in vergelijking met de dochter des huizes, die glas en rond is en altijd gebruind, ben ik bleek, bijna vormeloos. Tenzij ik alle vormen aanneem. Ik neem de vorm aan van de hond wanneer ik ’s nachts, als iedereen slaapt, voor het vuur tegen hem aan ga liggen. Ik zou zelfs de vorm van de Aanstaande kunnen aannemen als ik me languit naast hem zou uitstrekken. Ik heb trouwens een gaatje ter hoogte van het ding dat soms zijn broek opspant. Ik kijk stiekem naar dat discrete, puilende ding, ik betrap hem als het fenomeen zich voordoet. Wanneer? Blijkbaar telkens als hij de dochter des huizes bekijkt. Maar ik, Mira, ben in dat geval nooit veraf.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Duidelijk mag zijn dat niet alleen Mira, maar ook Lamarche in velerlei opzicht ‘verder’ gaat. Het sprookje rekt zich in alle richtingen uit, Mira verandert steeds van gedaante, waardoor ze voor de lezer iets ongrijpbaars houdt. Ze neemt je steeds verder mee, vervreemdende werelden in. Net als traditionele sprookjes doet
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mira
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            volop een beroep op je onderbewustzijn, waarin je diepste angsten en verlangens borrelen, waardoor je ook zelf uitgenodigd wordt steeds een stapje ‘verder’ te gaan.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Caroline Lamarche –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mira
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Katelijne De Vuyst. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 120 blz. €29,25.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mira.jpg" length="29697" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 16 Nov 2025 17:26:08 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/tenzij-ik-alle-vormen-aanneem</guid>
      <g-custom:tags type="string">Caroline Lamarche,essays,Mira</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mira.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mira.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Uit de tijd dat de oorlogsfurie nog jong en knap was</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/uit-de-tijd-dat-de-oorlogsfurie-nog-jong-en-knap-was</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Uit de tijd dat de oorlogsfurie nog jong en knap was
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Gesprekken tussen vluchtelingen' van Bertolt Brecht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Gesprekken+tussen+vluchtelingen.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Nu veel mensen verbanden zien tussen het huidige politieke klimaat en dat van het opkomende nationaalsocialisme uit de vorige eeuw is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gesprekken tussen vluchtelingen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Bertolt Brecht een interessant boek. Het is geschreven tussen 1941 en 1944, postuum uitgegeven in 1961, nu in het Nederlands vertaald door Elbert Besaris en uitgegeven door Jurgen Maas. Op de voorkant prijkt een deel van een man met een koffer in zijn hand, die op een biels tussen de rails staat. ‘Hij wist dat hij nog leefde. Maar daar was alles mee gezegd.’ is het motto van P.G. Wodehouse, en die existentialistische uitspraak zet meteen de toon voor de gesprekken tussen twee Duitse vluchtelingen die in een restaurant van het Centraal Station van Helsinki zijn beland: Ziffel, ‘de dikke’, een burgerlijke intellectueel, en Kalle, ‘de korte’, een schrandere arbeider. De gesprekken werpen een kritische, maar vooral ook humoristische blik op de staat van de wereld.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘De oorlogsfurie had half Europa kaalgevroten maar ze was nog jong en knap en probeerde te bedenken hoe ze de sprong over de grote plas kon maken, toen er in de stationsrestauratie van Helsinki twee mannen, af en toe voorzichtig over hun schouder kijkend, over politiek zaten te praten.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat is nog eens wat anders dan de talloze praatprogramma’s rondom de verkiezingen. De vraag is of de oorlogsfurie van nu nog steeds zo jong en knap is en niet eerder uitgekookt, vals en uitgedost met klapperend kunstgebit, zodra ze haar onwelriekende muil opentrekt. Al op de eerste bladzijde vragen Ziffel en Kalle zich hardop af of het nobelste deel van de mens niet wellicht zijn paspoort is. Ze komen tot de conclusie dat ze weliswaar hun petje afnemen voor de pas, maar dat dit paspoort zonder de mens is als een chirurg zonder patiënt. Daarna gaan ze over op de vraag of orde in een staat nu wel zo wenselijk is, naar aanleiding van het feit dat Hitler wel even orde op zaken zou stellen. Ziffel wil liever niet in een land wonen waar orde regeert, omdat daar schaarste heerst. ‘De korte knikte, maar was wat ontstemd door het vleugje ernst dat hij, een op dit vlak uiterst gevoelig mens, in de laatste zinnen bespeurde. Met trage slokken dronk hij zijn koffie op.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De gesprekken tussen de twee doen denken aan die tussen Japie en Koekebakker van Nescio. Dat heeft te maken met hun hartverwarmende naïviteit, die zo nodig is als de politiek in zwaar weer leeft. De naïeveling durft de grondvragen te stellen en is niet bang om daarmee alles op de kop te zetten: ‘Alle grote ideeën lopen stuk op mensen,’ beweert Ziffel. Als Kalle over zijn oom begint die met zijn arm tussen de tandwielen van een machine is gekomen en daarna een sigarenzaak wilde openen, schampert Ziffel dat hij dat geen groot idee wil noemen: ‘De totale oorlog, dat is een groot idee.’ Hij komt met het voorbeeld dat vluchtelingenstromen de troepenbeweging van militaire operaties kunnen verstoren en de wegen kunnen blokkeren: ‘Zijn er eindelijk tanks uitgevonden die een bos plat kunnen walsen en niet vast komen te zitten in kniediepe blubber – rijden ze zich vast op mensen!’ De ironie zet aan het denken en voor heel even twinkelt er een ondeugende gedachte in deze tijd waarin zoveel haat tegenover vluchtelingen wordt verspreid: zolang er vluchtelingen zijn, is er nog hoop, want zij kunnen een oorlog blokkeren! Door alles om te keren, ontstaat er lucht om adem te halen en te beseffen dat we allemaal mensen zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het licht van de wereldheerschappij kan de staat eenvoudig deze mensen overheersen: ‘De staat hoeft de mensen bijvoorbeeld niet per se een volle maag te geven, een stomp in diezelfde maag volstaat soms al.’ Hierop volgt een haast absurdistische en tegelijkertijd scherpzinnige reflectie op bommenwerpers en machines in het algemeen, waar wij met onze NAVO-norm, die toch ergens van betaald moet worden, nog wat van kunnen leren:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Alleen zij vertikken het om honger of dorst te lijden en ze zijn ongevoelig voor welk rationeel argument dan ook. Propaganda zal ze er niet toe bewegen om te werken zonder te worden gevoed. De belofte van een paradijselijke toekomst met hele zeeën van benzine brengt ze er niet toe om verder te vechten zonder benzine. De roep dat het land verloren is zonder hun volharding sterft ongehoord weg. Wat helpt het om hen te herinneren aan een roemrijk verleden? Ze hebben geen vertrouwen in de Führer en geen angst voor zijn politiemacht. De SS kan hun staking niet breken en ze staken meteen als het voeren stopt. Ze putten geen kracht uit vreugde alleen. Voortdurend moeten ze worden gesmeerd, het hele volk moet ontbering op ontbering lijden zodat het hun nergens aan ontbreekt. Als ze worden verwaarloosd, vertonen ze misschien geen woede, maar ook geen begrip – alleen maar roest.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En zo worden alle vanzelfsprekendheden aan het wankelen gebracht. Sommige gesprekken tussen Ziffel en Kalle hadden ook nu gevoerd kunnen worden, zoals de bespiegeling op het woord ‘volk’. Kalle merkt op dat het een gek woord is, omdat naar buiten toe de grootindustriëlen, de hoge ambtenaars en generaals, tot ‘het Duitse volk’ horen, maar dat naar binnen toe, waar het om de macht gaat, deze zelfde hoge heren het over ‘de hardwerkende Duitser’ of ‘de gewone man’ hebben als ze het over het volk hebben. Dan behoren zij zelf ineens niet meer bij dit volk. Zo horen wij populistische regeringsleiders zeggen dat de Nederlanders Nederland niet meer herkennen, alsof ons volk een samenhangend geheel is naar buiten toe. De vraag is alleen of Yeşilgöz met ‘de hardwerkende Nederlander’ wel daadwerkelijk de gewone man bedoelt, en niet veeleer de grootindustriëlen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan het eind van het boek, als er gedachten worden uitgewisseld over de liefde, wordt duidelijk dat de feministische golf nog niet heeft plaatsgevonden. Over liefde gaan de fragmenten eigenlijk niet. Vrouwen worden voorgesteld als lustobject waar je even in de billen en borsten kunt knijpen, je vinger of iets anders in kunt stoppen, zodat de vrouw nat wordt, zonder dat ze het zelf door heeft, want mannen kennen het lichaam van de vrouw natuurlijk beter dan de vrouwen zelf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Al met al is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gesprekken tussen vluchtelingen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een mooi, relativerend document dat aan het denken zet over de actualiteit. In wezen is er niets nieuws onder de zon. De mens blijft steeds in dezelfde valkuilen trappen. Wie geld heeft, heeft de macht en wie geen geld heeft, lijkt met zijn protest en frustratie de macht juist nog meer in het zadel te helpen. En toch is het troostrijk om in deze spiegel te kijken.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Bertolt Brecht –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gesprekken tussen vluchtelingen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Elbert Besaris. Uitgeverij Jurgen Maas, Amsterdam. 168 blz. €22,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Gesprekken+tussen+vluchtelingen.jpg" length="4925" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 16 Nov 2025 17:21:41 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/uit-de-tijd-dat-de-oorlogsfurie-nog-jong-en-knap-was</guid>
      <g-custom:tags type="string">Bertolt Brecht,Gesprekken tussen vluchtelingen,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Gesprekken+tussen+vluchtelingen.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Gesprekken+tussen+vluchtelingen.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een berg beklimmen</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-berg-beklimmen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een berg beklimmen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De toverberg' van Thomas Mann
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De-toverberg-192x300.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            En dan besluit de boekenclub van school 150 jaar nadat Thomas Mann geboren werd, een berg te beklimmen:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De toverberg
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Dat is voor de meesten nogal een klim, zo tussen de lessen door. Sommigen zien af van de stevige tocht, anderen houden hun blik strak op die top van over de 900 bladzijden, stappen stevig door, en dan zijn er nog die in kleine etappes gaan, steeds achteromkijkend, naar wat geweest is, en alvast stiekem vooruit bladerend naar wat nog gaat komen. Ergens daartussenin las ik afwisselend in het Duits en in vertaling, steeds even treuzelend om wat schatten te verzamelen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hans Castorp bezoekt zijn neef Joachim, die in een sanatorium in de bergen kuurt. Hij komt aan met de trein en wandelt met Joachim het laatste stuk naar boven. Daar belandt hij in een leven dat totaal afgesneden is van dat daarbeneden. Er heersen eigen wetten en regels, maar bovenal heerst er een andere tijdsbeleving. Castorp is van plan drie weken te blijven, maar dat wordt steeds wat langer. De artsen Behrens en Krokowski ontdekken een lichte longaandoening bij hem. Zo wordt ook Castorp een patiënt, die zich iedere dag meerdere keren temperatuurt en ligkuren volgt in een kamelendeken op het balkon. Hij maakt kennis met de Italiaanse vooruitgangsideoloog Settembrini en diens duistere reactionaire tegenstander Naphta. Het meest is hij echter onder de indruk van de betoverende madame Chauchat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het lezen van de roman is daadwerkelijk te vergelijken met het beklimmen van een berg. Het begin voelt als een avontuur: wat gaat Hans Castorp allemaal beleven daarboven? Je maakt kennis met de bijzondere gasten, die tijdens de maaltijden allemaal hun eigenaardigheden blijken te hebben. Je maakt talloze maaltijden mee, waarin situaties zich herhalen en toch steeds weer een beetje anders zijn. Net als tijdens het lopen gebeurt er iets merkwaardigs met de tijd. Je leest moeiteloos een aantal bladzijden waarin veel gebeurt. Dan zet ineens de vertraging in. Je leest nog steeds heel veel bladzijden, maar je lijkt niet verder te komen, omdat je ronddoolt in een diep dal van gedachten, dromen, bespiegelingen, angsten. Het voelt alsof je kopje onder gaat. Er zijn ook paden bijna onbegaanbaar, zoals de eindeloze betogen van Settembrini en Naphta die de westerse cultuur en de geschiedenis van het Duitse denken op ironische wijze weerspiegelen. Zo is er ook een eindeloze passage waarin Hans zich verdiept in de medische wetenschap en het is alsof je zelf in een complex studieboek bent beland, waarin je alleen maar kunt raden naar de betekenis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mann speelt meesterlijk met de tijd door te versnellen en te vertragen. Dat spel lijkt sterk op dat van Marcel Proust in zijn Op zoek naar de verloren tijd, al is die cyclus van zeven delen nog wel wat indrukwekkender dan deze ene, stevige roman. Mann laat personages filosoferen over de tijd, maar er is zo nu en dan een auctoriale verteller die dat doet, waardoor je van een grotere afstand naar Hans Castorp kijkt, terwijl je de meeste stukken intensief met hem meeleeft. ‘Als één dag als alle is, dan zijn alle ook als die ene,’ schrijft Mann, en dat zorgt ervoor dat de patiënten hun grip op de tijd verliezen. Bepaalde (feest)dagen volgen een bijzonder ritueel en daardoor lijken die met elkaar te versmelten tot één, gelaagde, bijzondere dag. Omdat ook de gewone dagen een bepaalde routine volgen, glijden ze in elkaar over, zonder dat je er erg in hebt. De eerste drie weken zijn zo om en Hans Castorp voelt een opluchting als Behrens en Krokowski een lichte longaandoening bij hem ontdekken. Hij wil niet meer terug naar huis. Joachim daarentegen wil niets liever dan als militair terug naar zijn regiment. Zijn aandoening is echter een stuk problematischer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De roman trekt je mee de diepte in door indringende passages. Zo weet Mann het stervensproces van sommige patiënten zo naargeestig te beschrijven, dat je flink geconfronteerd wordt met gedachten over leven en dood. Af en toe nadert het de zwart-romantische horror van de negentiende eeuw. Zo staan er op de gang naast de deuren van sommige patiënten geheimzinnige buikvormige vazen met korte halzen. Later komt Hans erachter dat dat de zuurstof is voor de ‘moribundi’ (stervenden). Een ontroerend moment is als Hans voor het eerst een onderzoek ondergaat. Hij gaat mee met Joachim en mag dan de röntgenfoto zien die van Joachims borstkas is gemaakt. Diep onder de indruk is hij als hij ‘Joachims ehrliebendes Herz’ ziet. Ik citeer in het Duits, omdat de taal hier zo onwaarschijnlijk mooi is:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Er studierte die Flecke und Linien, das schwarze Gekräusel im inneren Brustraum, während auch sein Mitspäher nicht müde wurde, Joachims Grabegestalt und Totenbein zu betrachten, dies kahle Gerüst und spindeldürre Memento.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als hij daarna zijn eigen hand op de foto ziet, heeft hij het gevoel dat hij zijn eigen graf in kijkt. Hij beseft voor het eerst dat hij sterfelijk is. Hoe de arts en de twee jongemannen daar samen in het donker de foto’s gadeslaan en dit ervaren als een memento mori, is treffend, omdat je beseft dat de techniek van de röntgenfotografie nog maar net was uitgevonden. Er hangt een magie omheen en raakt aan iets wat we zelf in ziekenhuizen misschien het liefst onderdrukken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tussen weerbarstige bespiegelingen en dialogen door, tref je zo nu en dan wonderschone passages, waarvan zeker ook de sneeuwstorm genoemd moet worden. Hans belandt, als hij voor het eerst gaat skiën, in een overweldigende sneeuwstorm, die voor de lezer minstens zo overweldigend is, omdat je ook nog eens de diepte van de symboliek ervaart: het verlies van zicht, het isolement, de dwarrelende sneeuwvlokken, de willekeur, het gevaar, en zo kun je nog wel even doorgaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De diepe band tussen Hans en Joachim wordt prachtig beschreven, in dialogen, maar ook in uitgebreide beschrijvingen van hoe zij met elkaar omgaan. Omdat de twee zo verschillend zijn, ervaar je ook de kloof tussen beiden als levensecht. Hoe het leven vol verrassingen zit, blijkt ook als Joachim tegen het advies van de artsen in toch terugkeert naar zijn regiment, omdat hij niet langer wil uitstellen. Wie had kunnen denken dat Hans Castorp langer zou blijven dan hij? Ook de complexe relatie tussen Hans en mevrouw Chauchat intrigeert, omdat zij zomaar voor een aantal maanden verdwijnt en er in die tijd geen sociale media waren om elkaar toch nog te blijven volgen. Het verschijnsel wachten en je tijd uitzitten, had in die tijd een heel andere betekenis. Wie denkt dat hij met de Nederlandse vertaling zijn moderne vreemde talen even kan omzeilen, heeft het mis, want rond carnaval spreken Hans en mevrouw Chauchat hele dialogen in het Frans.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het beklimmen van een berg is een totaalervaring. De toverberg is nogal een flinke uitdaging en waarom zou je je gaan verslikken in zo’n meer dan 900 bladzijden dik boek? Van de spanning in de gebeurtenissen moet je het niet echt hebben, want daarvoor zitten er te veel en te lange vertragende passages in. Maar toch, als je met een skilift omhooggaat en een verkorte versie zou lezen, dan zou je het uitzicht en het bizarre einde absoluut anders ervaren dan als je eerst al die 900 bladzijden hebt beklommen. En dat komt doordat je in de tussentijd toch een beetje een ander mens bent geworden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Thomas Mann –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De toverberg
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . De Arbeiderspers, Amsterdam. 928 blz. €22,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De-toverberg-192x300.jpg" length="11960" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 09 Nov 2025 15:31:44 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-berg-beklimmen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,De toverberg,Thomas Mann</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De-toverberg-192x300.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De-toverberg-192x300.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘soms opent een litteken zich als een mond’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/soms-opent-een-litteken-zich-als-een-mond</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ‘soms opent een litteken zich als een mond’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Van alles de laatste' van Elise Vos en Eddy Verloes
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Elise-Vos-258x300.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Van alle reizen die een mens zou kunnen maken, blijft mij toch die naar het schimmige rijk van verbeelding, angst en verlangens het meest intrigeren. Je hoeft daarvoor geen voertuig te betreden, maar alleen een boek in de hand te nemen. Het omslag van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van alles de laatste
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , een wonderschone samenwerking tussen fotograaf Eddy Verloes en dichter Elise Vos, brengt je al op dat punt waar het wankelen begint: het reiken, hechten, loslaten en missen. Daarop kan alleen nog maar een sprong in de diepte volgen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Langs ‘Koude kamers’, ‘Stijve horens’, ‘Flarden en fabels’ beland je via ‘In een rijtjeshuis’ uiteindelijk in ‘Stad onder aarde’. De foto’s van Verloes zijn op zichzelf al poëzie. Het is een raadsel hoe de fotograaf open plekken kan fotograferen waarin de kijker zich onophoudelijk kan verliezen. Je ziet suggesties, zoals de schaduw van een gebogen man die kijkt naar een lichte streep. Kijkt hij uit het raam naar het licht in de duisternis? Staat hij voor een spiegel? Welke ruimte betreedt hij? Is hij alleen? De kijker kan een wereld bouwen en weer afbreken rondom deze gestalte. Op andere foto’s zie je alleen een fijne structuur: een web van draden of breuklijnen. Daar kun je zelfs het materiaal op verschillende manieren invullen: aardewerk met een gebroken glazuur, dauwdruppels in een spinnenweb, gebroken glas, ijs, een fragiel weefsel. De foto’s zijn zwartwit, of sepia, met lichtoranje of lichtturquoise gloed. Je kunt je aandacht verleggen naar details in het duister, of juist naar het licht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kracht van de samenwerking ligt in de magie die verder reikt dan een een-op-een-vertaling van woord naar beeld en andersom. Nergens heb je als kijker of lezer het idee dat de dichter een foto beschrijft of dat een foto het gedicht verbeeldt. Ze schampen elkaar, schuren, of vullen elkaar aan. Het geheel is altijd meer dan de som van de delen. Vos dompelt de lezer onder in verlies dat zo nauw verbonden is met het lichaam, dat het tastbaar wordt. Dat verlies is duizendvoud. Het zijn de sprookjes waarin onze kindertijd verankerd ligt, dat verboden rijk waarnaar een mens nooit meer kan terugkeren, maar dat tegelijkertijd nog in diep in ons verscholen ligt. Het zijn de levens van dierbaren die we hebben verloren, of die er nooit zijn geweest, die onder de huid kruipen en ons niet loslaten. Het is de ander, die ver van ons vandaan, gemarteld wordt en gedood, die toch met onze ziel verbonden is:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tegeltjeswijsheid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Adam werd 930, Seth 912
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ze nadert hun tijden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           met een man in een urn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           vrienden achter vensters
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           samen met het pigment in haar haren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zijn alle straten kleur verloren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gezichten lachen alleen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           nog in stedelijk grijs
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het einde der tijden schijnt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           niet in haar scheurkalender opgenomen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           aan de hand van steeds jongere mensen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tast ze voor- en achteruit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ze gelooft dat wijsheid met de jaren komt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat haar dagen daarom lengen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en ze ooit zal doorgronden wat een god
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           haar wilde leren met het schikken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van kleine lichamen in witte kisten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terwijl je bladert, veranderen druppels in tranen, omdat objectieve waarneming niet bestaat en wat je ziet, een verbinding aangaat met wie je bent, wat je voelt en denkt. Zowel Vos als Verloes trekken sporen door de eeuwen én door het moment, omdat de beelden en gedichten tijdloos zijn. Van het algemene raken zij aan het bijzondere en het bijzondere overstijgt zichzelf, wordt universeel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Schrijnend is ‘Meisje van papier’ waarin de ik een meisje uit papier knipt en een vriendin bij elkaar schrijft, maar ‘dat ik haar niet zou schetsen in vlees’. Als je een meisje uit papier knipt, dan schep je niet alleen een verlangen in de vorm van een papieren meisje, je laat tegelijkertijd een gat achter in datzelfde papier. In het papieren meisje blijf je daarom het missen voelen, hoezeer je je ook aan haar hecht. Verderop in het gedicht giet de ik als volwassen vrouw alle zaad weg:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           verbleekte inkt ruimt plaats voor sparen, ik knip
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           beide eileiders door, veeg paars-gele snippers op
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           soms opent het litteken zich als een mond
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           druppelt een droom in flarden en fabels
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           worden terug zichtbaar als adem
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in een koude kinderkamer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In deze woorden kun je zoveel lezen. Je voelt het verlies van een kind dat nooit geboren werd, het verlangen naar schepping, het verlangen naar de ander, zonder deze ooit te bereiken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je kunt op een foto langs stevige pilaren fietsen en denken dat je de weg weet, terwijl boven jou de schaduw van een grote vogel vliegt. Weet je je beschermd door zijn vleugels of kom je nooit van zijn dreiging af? In het beeld zijn de twee onlosmakelijk met elkaar verbonden. Het licht valt door een raam op tafels met opengeslagen boeken en misschien spiegelt dat beeld wel de wereld van de lezer en kijker die steeds opnieuw een ruimte betreedt en verdwaalt in mogelijkheden tot hij schatten vindt in zichzelf, die daar altijd al verborgen lagen. Bomen spiegelen in water, een pad slingert langs water en een hek, terwijl een meisjesmoordenaar de haren losmaakt van het meisje: ‘trek je mij uit elkaar onder het gezang van medestanders / voor het ijs op mijn borst breekt’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Noch de beelden, noch de teksten uit Van alles de laatste zijn louter lieflijk. Zij schuren, steken, treffen en je bent het zelf die zich daaraan vrijwillig overlevert, omdat je hoopt op troost, omdat je blijft verlangen en dat verlangen ook steeds weerspiegeld ziet, in de vleugels, in het licht, in de schaduw tussen de gordijnen, in het weefsel dat loslaat als je het einde nadert. Er is maar één manier om te ontsnappen aan de gedachte dat je net van alles de laatste hebt gezien en gelezen, en dat is: opnieuw beginnen met lezen, kijken, bladeren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Elise Vos en Eddy Verloes –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van alles de laatste
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij P, Leuven. 80 blz. €24,95.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Elise-Vos-258x300.jpg" length="11189" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 09 Nov 2025 15:29:17 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/soms-opent-een-litteken-zich-als-een-mond</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,elise vos,Eddy Verloes</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Elise-Vos-258x300.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Elise-Vos-258x300.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De kier in het duister</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-kier-in-het-duister</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kier in het duister
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De vlucht' van Elvis Peeters
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Elvis-Peeters-357x576.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Op het omslag van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vlucht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , de nieuwe roman van Elvis Peeters, wordt ‘de vlucht’ onderbroken door een kier, waardoor een smalle, hoge strook groen van bomen zichtbaar is te midden van duisternis. Wat voert de boventoon: de beklemming dat je zelf in het donker zit, of de opluchting dat er een mogelijkheid is om aan dat duister te ontsnappen? De vormgeving sluit niet alleen mooi aan bij de thematiek van het verhaal, maar zorgt er tegelijkertijd voor dat je het verlangen voelt je door die kier van het boek te wurmen, om bij dat licht te komen, dat lokkende groen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ik-persoon stapt op haar fiets, omdat ze misselijk is geworden van de beelden waarop ‘iemand een mens die hij nooit eerder heeft ontmoet zonder vragen, zonder antwoorden, zonder aarzelen doodschiet.’ De beelden doen haar beseffen hoe eenvoudig de dood zich manifesteert. Ze heeft net haar moeder verloren: ‘Het precieze moment waarop de dood haar meenam, ken ik niet. Net als hij was ik in de kamer en tien minuten eerder, of wellicht maar vijf, had ik nog met mijn moeder gesproken. Ze wist dat hij er was en dat hij aanstalten maakte om naar het bed te komen en zijn knokige hand op haar ziel te leggen: zijn uitnodiging.’ Ze spraken onverwacht heel levendig met elkaar, op de valreep: ‘En plots was ze dood. Misschien al een minuut, misschien twee minuten, misschien maar net. Ik wist niet dat het heengaan zo geruisloos kon, zo achteloos.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De lezer glijdt probleemloos in haar leven, fietst mee, weg van de duisternis, van de dood, ‘boom voor boom, struik voor struik, koe voor koe.’ Ze heeft geen plan, ziet wel wat er op haar pad komt. Elvis Peeters schrijft het en het gebeurt. Je voelt dat het mogelijk is. Sommige stukken reist ze per trein en uiteindelijk komt ze aan in Vimoutiers. De koeien loeien ‘blijf!’ Ook de buizerd roept het. Tegen de flank van een heuvel staat een huis te huur.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nog steeds wordt ze af en toe bezocht door haar angsten, door de man met het wapen, maar in die overweldigende natuur lukt het haar steeds beter om los te laten. Ze laat een piano komen, waar ze zelf niet op kan spelen, maar alles is mogelijk. Ze koopt twee kippen en de man die ze bezorgt, helpt haar met het hok en de ren. Ze ontmoet Hélène, die bij haar piano komt spelen en met wie ze van gedachten kan wisselen. Ze denkt terug aan de tijd dat ze als studente meeliep in een aanvankelijke vreedzame demonstratie tijdens de beruchte G8 in Genua, en hoe ze totaal werd overrompeld door het gewelddadige optreden van de politie. Voor Hélène mag de wereld zich beperken tot de muziek, voor de ik tot de heuvels waar ze op uitkijkt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het huis bevindt zich vlakbij het geboortehuis van Charlotte Corday, de vrouw die de Jacobijnse revolutionair Jean-Paul Marat met een mes heeft vermoord in zijn bad. De ik-persoon leeft zich in deze vrouw van vierentwintig in en vraagt zich af hoe ze ertoe kwam een ander mens te doden. Ondanks de vlucht ervaar je de maatschappelijke betrokkenheid in haar gedachten. Juist de rust brengt haar inzicht. Door afzondering lukt het haar om verschillende kanten van een gebeurtenis te bekijken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook als het daar in Normandië begint te stortregenen, roept het boek interessante vragen op over maatschappelijke betrokkenheid en over hoe ver je daarin zou moeten of mogen gaan, maar ook vragen over de vlucht van de ik-persoon en haar nieuwe leven. En daar, nog een eindje verder, had het verhaal moeten stoppen, het laatste hoofdstuk geschrapt. Daarin krijgt de lezer een moraal voorgeschoteld, die volstrekt overbodig is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dat is opmerkelijk. Ik heb nog maar één ander boek van Elvis Peeters gelezen en dat is Wij. Dat boek maakte op mij een onvergetelijke indruk, juist door de schokkende afwezigheid van een moraal. Ik had meer dan een week nodig om van het boek te bekomen en ik herinner mij dat ik deze ervaring in mijn havo 5 had gedeeld. Twee leerlingen letten maar half op en misten mijn waarschuwing bij het boek. Ontzet kwamen ze enkele weken later bij me met de vraag waarom ze in vredesnaam dat boek mochten lezen voor hun lijst: zo volstrekt immoreel! De vlucht roept een precies tegenovergestelde vraag op: waarom dit moraliserende slot?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een lichte verwondering wachtte mij nog ná het slot, toen ik bij de binnenkant van de achterflap belandde: Elvis Peeters is niet één auteur, maar een echtpaar! Dat had ik moeten weten natuurlijk, maar het tekent mijn autonomistische kijk op literatuur: de auteurs kunnen mij gestolen worden. Toch kon ik niet nalaten te denken: dan had toch op z’n minst een van beiden moeten bedenken dat het slot geschrapt had moeten worden? Nog weer later ontdekte ik dat uitgeverij Weerwoord nog maar kort bestaat en dat deze kleine coöperatie correcte vergoedingen, duurzame productie, literaire en menselijke winst belangrijker vindt dan financieel gewin. Omdat auteurs en uitgever zo nauw met elkaar betrokken zijn, lijkt het een tussenvorm tussen onafhankelijke publicatie in eigen beheer en publicatie onder de paraplu van een uitgever en dat is in het literaire landschap dan toch maar mooi eigenzinnig en dapper! ‘Een inhoudelijk segment zoals literatuur heeft bestaansrecht buiten de dominante commerciële wetten,’ zegt uitgever Gert de Bie in een interview in Boekenkrant. En zo toont
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vlucht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            in inhoud, vorm én publicatievorm maatschappelijke betrokkenheid.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Elvis Peeters –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vlucht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Weerwoord, Heist-op-den-Berg. 184 blz. €22,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Elvis-Peeters-357x576.jpg" length="12547" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 09 Nov 2025 15:26:04 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-kier-in-het-duister</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Elvis Peeters,De vlucht</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Elvis-Peeters-357x576.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Elvis-Peeters-357x576.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>“Het benaderde zijn idee van hoe een vader met zijn zoontje samen is”</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-benaderde-zijn-idee-van-hoe-een-vader-met-zijn-zoontje-samen-is</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           “Het benaderde zijn idee van hoe een vader met zijn zoontje samen is”
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van de relatie tussen vader en zoon in het werk van Arthur Japin door Lotte Koldewijn (leerling vwo 6 Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Magonia.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Arthur Japin, een schrijver van meerdere succesvolle romans, heeft ook meerdere korte verhalen geschreven, waaronder:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Magonia
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Laatste vertrek
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Benjamins balans
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Arthur Japin - Singel Uitgeverijen, 2025). In deze verhalen weet Japin de relatie tussen vader en zoon op een bijzondere manier uit te werken. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Magonia
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gaat het over Arthur, de zoon van een zieke vader. Om hier niet aan te denken gaat Arthur naar de denkbeeldige wereld Magonia. Ook in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Laatste vertrek
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            heeft de zoon moeite met zijn vader. De vader zit in een kliniek, omdat hij agressief kan worden. Hierdoor kennen ze elkaar niet meer heel goed en is het ook lastig als ze bij elkaar mogen zijn. Ten slotte is in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Benjamins balans
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            de vader een slavenhandelaar en eigenaar van een circus. De zoon kan het echter met een slaaf wel goed vinden, maar vindt het ook lastig om normaal met deze slaaf om te gaan. In al deze verhalen komt een moeilijke relatie tussen vader en zoon goed naar voren.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Allereerst is er sprake van deze moeilijke relatie tussen vader en zoon op thematisch niveau. Zo is in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Magonia
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            te zien dat de zoon graag bij de vader wil zijn, maar ook weer niet. Het blijkt dat hij van zijn vader houdt, maar het gedrag van zijn vader uit de hand loopt. Dit vindt hij vooral lastig, omdat zijn vader ziek is en vroeger was dit nog niet het geval. Elke keer als hij met zijn vader is voelt hij meer schaamte:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Datzelfde jaar begonnen zijn aanvallen al uit de hand te lopen, ook op straat. En in mijn hoofd markeerde ik de plattegrond met rode punaises, zoals hij en ik die, al spelend, hadden gevonden in het pas verlaten gebouw van Old Scotland Yard aan Whitehall. Scenes of crime: 1. verlaten portiek van een kledingzaak in Bond Street, zondagmiddag: fysiek geweld; 2. hoek Marble Arch/Oxford Street: heftige ruzie, passanten grijpen in; 3. Harrod's 2e verdieping: woordenwisseling, blauwe plek. En zo verder. Als het moet kan ik nog vandaag een wandeling uitzetten langs de plaatsen van mijn schaamte. (
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Magonia
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , p. 18-19)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ook in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Laatste vertrek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is dezelfde thematiek te herkennen. Er is goed terug te zien, dat hij erg van zijn vader houdt, maar de situatie hem geen keuze geeft. Hij moet zijn vader wel loslaten: “Mijn vader raakte in paniek, en toen mijn moeder hem kalmeerde, begon hij te huilen. 'Stil maar,' zei ik, 'we laten je hier heus niet achter.' Maar aan het eind van de middag deed ik dat wel.” (Laatste vertrek, p. 349) Dit laat zien, dat de zoon liever een andere keus had willen maken. Tevens komt het verdriet van het kind goed naar voren.
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
                       Zelfs in de stijl van de verhalen voel je de lastige situaties tussen vader en zoon. Japin heeft de verhalen op een soms schrikwekkende manier geschreven. Japin draait niet om de moeilijke situaties heen. Hij schrijft alles op, zelfs als dit pijnlijk is. Dit heeft als effect dat je als lezer zelf ook het gevoel krijgt dat je in een moeilijke situatie zit. Zo heeft Benjamin in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Benjamins balans
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zichzelf niet meer onder controle en krijg je als lezer deze angst ook mee: “Ik weet niet wat me mankeerde. Zo ben ik niet en zo wil ik ook niet worden, maar het is net of alles anders is met Amma in de buurt. Dringender. Of mijn leven ervan afhangt.” (Benjamins balans, p. 364) Naast deze beangstigende situatie, komt ook de pijn naar voren: “Ik pakte het ding aan, maar kon ondertussen aan niets anders denken dan het feit dat de rust die na mijn vaders opname in ons huis was teruggekeerd, nu plotseling weer voorbij zou zijn.” (
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Laatste vertrek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , p. 355) Door de manier waarop Japin dit schrijft, voelt het echt als een boodschap recht uit het hart. Als lezer krijg je zelf een brok in je keel, ondanks dat je deze situatie zelf nooit gevoeld hebt.
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
                       Ten slotte speelt ook het perspectief dat Japin gebruikt nog een rol. Door in alle verhalen een ‘ik-perspectief’ toe te passen, staat de zoon in elk verhaal centraal. Alle gedachtes van de zoon komen naar voren en als lezer beleef je het verhaal echt vanuit de ogen van de zoon. Je gelooft alles wat de zoon zegt, hoewel dit natuurlijk niet altijd echt hoeft te kloppen. Hierdoor mist de lezer misschien wel fouten die de zoon gemaakt heeft, terwijl de fouten van de vader erg duidelijk naar voren komen. Ook zorgt dit voor meer afstand tussen de lezer en de vader. Dit is erg representatief voor de moeilijke relatie tussen vader en zoon, omdat het soms kan voelen alsof de zoon zijn eigen vader niet meer kent. In het verhaal
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Laatste vertrek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is dit goed te zien, de vader van de zoon is hier een onbekende man geworden:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij stormde mijn kamer binnen om het kasteel te installeren zoals hij het in zijn fantasie voor zich had gezien. Maar de losse delen stonden niet keurig opgesteld. Ze lagen niet eens slordig in een hoek. Uiteindelijk vond hij ze onder in een kast naast de Donald Ducks tussen de andere dingen die ik te kinderachtig vond om mee te spelen. Ik was een stuk groter geworden dan hij dacht, misschien juist door mijn wekelijkse reisjes naar hem in Wassenaar. (
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Laatste vertrek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , p. 355)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vanuit het ‘ik-perspectief’ waarin Japin dit heeft geschreven, lijkt het net alsof ze elkaar helemaal niet kennen. Als dit echter in een ander perspectief geschreven zou zijn, zou het gevoel minder goed naar voren komen. Het zou voor de lezer erg duidelijk zijn dat dit daadwerkelijk om de vader gaat, terwijl de lezer het nu zelf ook vergeet. Doordat Japin voor het ‘ik-perspectief’ heeft gekozen maakt dit de situatie dus geloofwaardiger.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kortom, in alle verhalen van Japin komt de complexe relatie tussen vader en zoon terug. Dit doet hij allereerst door de thematiek van alle verhalen hierom te laten draaien. Maar ook in de pijnlijke en schrikwekkende stijl van de verhalen komt de relatie terug. Als laatste, zorgt ook het gebruik van het ik-perspectief ervoor dat de lezer zich nog beter kan inleven in de situatie. Door dit alles te gebruiken weet Japin erin te slagen de moeilijke relaties goed over te brengen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
                                 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Bronnen:
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Arthur Japin - Singel uitgeverijen. (2025, October 1). Singel Uitgeverijen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.singeluitgeverijen.nl/de-arbeiderspers/auteur/arthur-japin/" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.singeluitgeverijen.nl/de-arbeiderspers/auteur/arthur-japin/
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Verhalen.Arthur Japin.pdf.(n.d.).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://f336cf44bb875dbb9561-9b57f222c18f0d08e40e1c25485d6d99.ssl.cf3.rackcdn.com/documents/bb84cb5142f44d519fd19b5d9fcfe059/d0/cc5e0270b34855a71dc865ad4f597d/verhalen-Arthur-Japin.pdf" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://f336cf44bb875dbb9561-9b57f222c18f0d08e40e1c25485d6d99.ssl.cf3.rackcdn.com/documents/bb84cb5142f44d519fd19b5d9fcfe059/d0/cc5e0270b34855a71dc865ad4f597d/verhalen-Arthur-Japin.pdf
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Magonia.jpg" length="125400" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 09 Nov 2025 15:22:40 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-benaderde-zijn-idee-van-hoe-een-vader-met-zijn-zoontje-samen-is</guid>
      <g-custom:tags type="string">Arthur Japin,essays,essays leerlingen,essays van leerlingen,Magonia</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Magonia.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Magonia.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Via 'De kier' naar de verborgen vrouwen</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/via-de-kier-naar-de-verborgen-vrouwen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Via
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kier
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            naar de verborgen vrouwen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De kier' van Shantie Singh door Renske Dorreboom (leerling van vwo 6 van het Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+kier.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Zou jij de moed hebben om los te breken als je opgesloten zit door je schoonfamilie in een land waarvan je de taal niet spreekt? Het kostte Asha in De kier (2020) bloed, zweet en vooral heel veel tranen, maar uiteindelijk is het haar met behulp van een volhardende ambtenaar gelukt om los te breken uit haar sociaal isolement. Shantie Singh heeft er drie jaar over gedaan om
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kier
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            te schrijven
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftn1" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [1]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en dit is beloond: De kier is een prachtig boek en is uitgevoerd bij theatrale lezing in het kader van de Haagse vrouwendagen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftn2" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [2]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
                       Shantie Singh, een pseudoniem voor Shantie Jagmohansingh,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftn3" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [3]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is geboren op 14 mei 1982 in Almelo en groeide vervolgens op in Alphen aan de Rijn. Haar ouders komen uit Suriname en haar overgrootouders zijn in India geboren. Ze studeerde Bestuurskunde aan de Erasmus Universiteit en woont nog steeds in Rotterdam,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftn4" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [4]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            waar ze werkt als beleidsadviseur bij de gemeente Rotterdam om vrouwenrechten te verbeteren en seksueel en huiselijk geweld tegen te gaan.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftn5" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [5]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Haar debuutroman Vervoering (2014) won in 2016 de Inktaap, een prijs die gekozen wordt door jongeren uit Nederland, Vlaanderen, Curaçao en Suriname. Daarop volgde De kier, die net als Vervoering gaat over de Surinaamse-Hindoestaanse cultuur en geschiedenis, die ook op Singh betrekking heeft. Haar recentste boek is de non fictie Na de komma (2024), die over de Hindoestaanse geschiedenis gaat en over het gebrek aan aandacht ervoor. Daarnaast is Shantie Singh lid van het schrijverscollectief Fixdit, waarbij vrouwelijke auteurs zorgen voor meer vrouwelijke inbreng in de Nederlandse literatuur.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftn6" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [6]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
                       In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kier
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            wordt Uma, een ambtenaar van de gemeente Rotterdam die een groep leidt die werkt aan het bereiken en helpen van vrouwen in een sociaal isolement, de zogeheten verborgen vrouwen, na de dood van een verborgen vrouw ervan beschuldigd dat ze niet genoeg heeft gedaan om deze vrouw te helpen. Ondertussen zorgt haar thuissituatie voor problemen en krijgt ze de opdracht om een project op te zetten waarbij sleutelpersonen de verborgen vrouwen opzoeken en begeleiden. Het boek geeft het leven van deze verborgen vrouwen weer. Op haar eigen site zegt Singh hierover:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            “De Kier is vooral een roman die gaat over de kracht van vrouwen. De stille heldinnen. De verborgen vrouwen. De overlevers. Het gaat over de verborgen pijn in de grote stad, over de kracht áchter het verborgen leed.”
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftn7" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [7]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Op welke manier benadrukt Shantie Singh deze beperkingen en kracht van de vrouwen in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kier
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Allereerst gebruikt Singh het perspectief voor het accentueren van de kracht en verborgenheid van de vrouwen. Met een meervoudig perspectief creëert ze meer inzicht in de situatie waarin de personages verkeren. Doordat alle personages in een bepaalde mate vrij en beperkt zijn, krijgt de lezer een goed beeld in wat voor manier de vrouwen worden gelimiteerd. Dit is te illustreren met de twee personages Asha en Uma, waarbij Asha volledig is afgesloten van de buitenwereld en Uma wel vrij lijkt te zijn, maar toch nog sterk wordt begrensd door haar schoonfamilie. Deze verschillende perspectieven doen de lezer beseffen dat vrijheid relatief is en dat iemand die al gedeeltelijke onafhankelijkheid heeft verkregen, alsnog veel kracht nodig heeft om van volledige zelfstandigheid te kunnen genieten. Doordat vrijwel elk vrouwelijk personage in het boek op verschillende manier onder controle zijn of zijn geweest van hun schoonfamilie, onderstreept Shantie Singh dat de beperking van vrouwen op verschillende manieren kan plaats vinden.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           De kracht van de vrouwen wordt weergegeven met behulp van hun kijk op de situatie van andere personages. Door vanuit het perspectief van de ene personage de toestand van een ander te zien, wordt de lezer zich ervan bewust hoe moeilijk van de positie van een personage is en de kracht die het deze vrouw kost om hieruit te geraken. Weer is dit bij Asha en Uma terug te zien: Asha kijkt bij de eerste ontmoetingen tussen hen erg tegen Uma op. Zij ziet de kracht die het Uma heeft gekost om diens vrijheid te bereiken, waardoor eveneens de lezer dit inziet.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Een ander bijzonder aspect van het perspectief is dat alleen het perspectief van Asha, dé verborgen vrouw in het boek, in de ik-persoon is geschreven. De rest is allemaal in personaal perspectief. Door deze verandering aan te brengen, wordt de eenzaamheid en afgeslotenheid van Asha benadrukt. Tegelijkertijd brengt het ik-perspectief ook meer in beeld hoeveel kracht haar het losbreken kost. Een goed voorbeeld hiervan is wanneer Asha voor het eerst in jaren buiten haar huis, die zij de Kamers noemt, is geweest om de tekening van een man die zij vaak voorbij ziet lopen en Aman noemt op te halen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar dom of niet, Aman is nu zomaar mijn kamer binnengewandeld. Ik maak mezelf wijs dat Aman dit voor mij heeft gedaan. Dat alleen ik dit heb ontvangen. Ik verdrink bijna in dit sprookje.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftn8" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [8]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Door het sprookje, zoals ze het zelf noemt, besef je als lezer dat haar verbeelding een van de weinige dingen is die ze nog bezit. Dit benadrukt haar gebrek aan vrijheid. Toch is er ook kracht in het citaat te zien. Asha heeft door haar verbeelding weer een beetje contact met de buitenwereld, wat haar kracht geeft. Dat uit zich in de moed om buiten het huis te treden en de tekening mee te nemen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Daarnaast verwerkt de schrijfster symboliek in de verhalen om de dapperheid van de personages en gebrek aan controle die vrouwen hebben te versterken. Dit doet ze met behulp van drie motieven. Om te beginnen, komen er meerdere malen in het verhaal CP-tekeningen langs. Deze schetsen worden door heel de stad verspreid door een anonieme tekenaar, die vrouwen weergeeft als superhelden. Dit is een vrij expliciete manier om de kracht achter vrouwen weer te geven. Vaak duiken de tekeningen op wanneer vrouwen veel moed tonen. Dit gebeurt ook bij Asha, waarbij ze een tekening ziet waarin ze zichzelf herkent:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is een tekening. Een huis zoals kleine kinderen dat tekenen, van voren gezien, met kleine bloemen in de voortuin. Om het huis lopen verschillende mensen. Vrouwen, mannen en kinderen. Maar dan komt het: het raam is voorzien van tralies. Achter de tralies staat een vrouw. Een traan rolt over haar wang. Ze kan niet naar buiten.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Die vrouw ben ik.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftn9" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [9]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Door de tekening erkent Asha dat zij opgesloten is en dat ze daar iets aan moet veranderen. Het is een kantelpunt in haar gedachtegang en daarbij verbeeldt de schets haar kracht.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Het tweede motief beeldt vooral de beperkingen die de vrouwen ondergaan uit. Het is dé kier waar het boek naar vernoemd is. Shantie Singh noemt op haar website dat ze in het boek de verborgen wereld door een kier laat zien en dat je samen met de verborgen vrouwen de buitenwereld door een kier ziet.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftn10" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [10]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In het laatste geval is de kier heel letterlijk: Asha heeft een gleuf waarvan ze de tape kan weghalen en de straat kan zien. De kier naar de verborgenheid is moeilijker zichtbaar. Het zijn de glimpen die de ander personages opvangen van de situatie waarin Asha zich bevindt. Beide kieren benadrukken de beperkingen die Asha en andere verborgen vrouwen worden opgelegd doordat ze de lezer bewust laten worden hoe moeilijk een verborgen vrouw te zien en te bereiken is.
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            De stad Rotterdam, waarin het boek zich afspeelt, is het laatste motief waar de schrijfster gebruik van maakt. Singh woont zelf in Rotterdam en deze stad was haar muze voor De kier.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftn11" target="_blank"&gt;&#xD;
      &lt;strong&gt;&#xD;
        
            [11]
           &#xD;
      &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Meerdere personages in het boek beschrijven de verschillende kanten van de stad: de verborgen stad die bestaat uit veel verschillende culturen en de highlights, die vooral door mensen van buitenaf worden gezien. Hiermee geeft het decor van het boek ook de verschuiling weer die de vrouwen ondervinden. Een goed voorbeeld waarbij deze verschillende zijdes van de stad worden belicht, is wanneer Sid, het enige mannelijke hoofdpersonage in het boek, door de stad wandelt:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er zijn altijd twee routes. Minimaal. De formele route om mensen rond te leiden. Dan wandel je door de stad alsof je die laat keuren door de kritische ogen van aanstaande schoonouders, de sociale index, de burgemeester of Amsterdammers.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Dan is er nog een route. Je eigen schets van de stad als een tatoeage op de straatstenen. Als een vingerafdruk, altijd te herleiden tot de eigenaar. Ook hij [Sid] heeft er een.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftn12" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [12]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In dit citaat wordt de onbelichte kant van de stad beschreven, waarmee de verborgenheid van deze zijde wordt weergegeven. Door met dit aspect aandacht te geven aan verborgenheid, wordt de beperking van de vrouwen nog eens benoemd en daarmee benadrukt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Verder wordt de beperking van de vrouwen benadrukt door de timing in het boek. Het perspectief van de verborgen vrouw Asha wordt pas laat geïntroduceerd. Daarvoor is ze lang niet benoemd en was ze hiermee verborgen voor de lezer. Het moment waarop Asha’s perspectief wordt getoond, valt vrijwel samen met het moment waarop de andere personages haar en haar situatie ontdekken. Doordat de lezer gelijktijdig met de andere personages Asha in het vizier krijgt, beseft deze de echtheid van deze verborgenheid. Daarmee wordt de grootte van de opgelegde beperkingen benadrukt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Als laatste toont het contrast tussen vrijheid en beperking de kracht van de vrouwen. Deze tegenstellingen kunnen op meerder manieren in het boek voorkomen. Binnen één personage kan de afwisseling tussen onafhankelijkheid en beperking zorgen voor een groter contrast. Omdat het personage de ene keer weer vrij is en de andere keer niet, wordt de lezer ervan bewust dat voor de vrijheid die de vrouw voor zichzelf bemachtigd veel kracht gevraagd wordt. Deze vorm van contrast is vooral terug te zien in het personage Uma. Een goede illustratie hiervan is wanneer er op Uma op werk wordt beschuldigd van belangenverstrengeling en dat hier door haar schoonfamilie heftig op wordt gereageerd:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Is dit wat je wilde vertellen?’ Nikh [Uma’s man] houdt een krant omhoog. ‘Wat is dit?’
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           ‘Hoe heeft dit kunnen gebeuren?’ vraagt haar schoonmoeder. Daarna de vraag die het zwaarst weegt: ‘Wie weten dit allemaal?’
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Er wordt een belronde gestart. Voorzichtig polsen hoe groot de schade is, wie ervan weten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftn13" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [13]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het bovenstaande citaat wordt Uma’s werk en haar onafhankelijkheid hierin hevig gecontroleerd door haar schoonfamilie. Dit benadrukt haar beperkingen, maar vooral de kracht die zij toont doordat ze ondanks de kritiek door blijft gaan met werken en zich blijft inzetten voor verborgen vrouwen.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Een andere manier waarin contrast te herkennen is, zijn de verschillende levens van personages. Doordat personages een heel ander leven leiden en deze vergeleken worden, wordt de kracht en beperking van de vrouwen benadrukt. Deze verschillen zijn vooral zichtbaar tussen ambtenaren en de verborgen vrouw in het boek. Ook wanneer Rosie, een sleutelpersoon in Uma’s project, praat met Asha, is deze tegenstelling te zien. Tijdens deze ontmoeting vertelt Rosie Asha over haar huwelijk waarin ze zichzelf verloor. Asha zelf zit op dat moment in een huwelijk waar ze niet meer uit komt. Doordat de lezer in dit fragment zowel het verhaal van de nu vrije Rosie ter ore krijgt en tegelijkertijd de situatie van Asha ermee vergelijkt, beseft degene hoeveel kracht bezit dat zij nu vrij is.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Verder gebruikt Singh ook ruimtes als contrast. Het gaat daarbij om de licht en donkerte van het gebied, maar ook over hoe de personages de ruimte ervaren. Op donkere onaangename plaatsen wordt het gevoel van beperking opgewekt, terwijl open en lichte ruimtes veelal met vrijheid en kracht wordt geassocieerd. Hierdoor kan de situatie van begrensdheid of zelfstandigheid worden versterkt door de plaats waar het zich afspeelt. Een goed voorbeeld van een tegenstelling in deze ruimtes zijn enerzijds de Kamers waarin Asha leeft, waarbij alle ramen zijn afgeplakt, en anderzijds het bankje in de tuin van het stadhuis waar Uma en Sid vaak op zitten en zich helemaal vrij voelen, zoals in het onderstaande citaat beschreven wordt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Voorzichtig deelden ze hun angsten, wensen en gekkigheden. De tuin was hun exclusieve domein. Steeds vaker zaten ze er nog na sluiting van het stadhuis.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftn14" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [14]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De tuin wordt omschreven als een ruimte waar ze kracht uit halen om dingen te delen en echt vrij te zijn. Hiermee representeert en benadrukt de tuin hun kracht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al met al accentueert de schrijfster de kracht en beperking met behulp van verschillende methodes. Ze gebruikt het meervoudig perspectief om de kracht en vrouwen en de beperking te onderstrepen door de personages elkaars situatie te laten evalueren en daarmee eveneens contrast op te wekken. Ook helpen de meerdere perspectieven voor het continu laten terugkeren van symbolen die met hun betekenis de kracht en beperking van de vrouwen versterken. Verder wordt door het Asha perspectief in de ik-persoon te vertellen en deze pas later het verhaal te laten verschijnen de verborgenheid benadrukt. Als laatste gebruikt ze ruimtes en personages met gedeeltelijke vrijheid om contrast te veroorzaken, waarbij kracht en beperking centraal staan. Zo opent Shantie Singh voor ons de kier naar de verborgen wereld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnenlijst: 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;ul&gt;&#xD;
    &lt;li&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Singh, S. (2020). De Kier. De Geus. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/li&gt;&#xD;
  &lt;/ul&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;ul&gt;&#xD;
    &lt;li&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          
             (Singh, 2020) 
            &#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/li&gt;&#xD;
  &lt;/ul&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;ul&gt;&#xD;
    &lt;li&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Singh, 2020, p. 106) 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/li&gt;&#xD;
  &lt;/ul&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;ul&gt;&#xD;
    &lt;li&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          
             Over Shantie :: Shantie Singh. (z.d.).
            &#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;a href="https://shantiesingh.com/over-shantie" target="_blank"&gt;&#xD;
        
            https://shantiesingh.com/over-shantie
           &#xD;
      &lt;/a&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/li&gt;&#xD;
  &lt;/ul&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;ul&gt;&#xD;
    &lt;li&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Over Shantie :: Shantie Singh, z.d.) 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/li&gt;&#xD;
  &lt;/ul&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;ul&gt;&#xD;
    &lt;li&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          
             Shantie Singh - De Kier. (z.d.).
            &#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;a href="https://shantiesingh.com/shantie-schrijft/de-kier" target="_blank"&gt;&#xD;
        
            https://shantiesingh.com/shantie-schrijft/de-kier
           &#xD;
      &lt;/a&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/li&gt;&#xD;
  &lt;/ul&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;ul&gt;&#xD;
    &lt;li&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Shantie Singh - de Kier, z.d.) 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/li&gt;&#xD;
  &lt;/ul&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;ul&gt;&#xD;
    &lt;li&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          
             Triebel, S. (z.d.). Shantie Singh. Literatuurgeschiedenis.
            &#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;a href="https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/shantie-singh" target="_blank"&gt;&#xD;
        
            https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/shantie-singh
           &#xD;
      &lt;/a&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/li&gt;&#xD;
  &lt;/ul&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;ul&gt;&#xD;
    &lt;li&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Triebel, z.d.) 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/li&gt;&#xD;
  &lt;/ul&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;ul&gt;&#xD;
    &lt;li&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          
             Hindorama. (2022, 7 februari). Recensie boek Shantie Singh: De Kier – Kanta Adhin.
            &#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;a href="https://www.hindorama.com/recensie-boek-shantie-singh-de-kier-kanta-adhin/" target="_blank"&gt;&#xD;
        
            https://www.hindorama.com/recensie-boek-shantie-singh-de-kier-kanta-adhin/
           &#xD;
      &lt;/a&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/li&gt;&#xD;
  &lt;/ul&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;ul&gt;&#xD;
    &lt;li&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Hindorama, 2022) 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/li&gt;&#xD;
  &lt;/ul&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftnref1" target="_blank"&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           [1]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Shantie Singh - de Kier, z.d.) 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftnref2" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [2]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Shantie Singh - de Kier, z.d.) 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftnref3" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [3]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Hindorama, 2022)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftnref4" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [4]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Triebel, z.d.) 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftnref5" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [5]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Over Shantie :: Shantie Singh, z.d.) 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftnref6" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [6]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Triebel, z.d.) 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftnref7" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [7]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Shantie Singh - de Kier, z.d.) 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftnref8" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [8]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Singh, 2020, p. 202) 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftnref9" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [9]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Singh, 2020, p. 202) 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftnref10" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [10]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Shantie Singh - de Kier, z.d.) 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftnref11" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [11]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Shantie Singh - de Kier, z.d.) 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftnref12" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [12]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Singh, 2020, p. 124) 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftnref13" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [13]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Singh, 2020, p. 44) 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="#_ftnref14" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           [14]
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Singh, 2020, p. 110) 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+kier.jpg" length="9458" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 09 Nov 2025 15:04:21 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/via-de-kier-naar-de-verborgen-vrouwen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,essays leerlingen,essays van leerlingen,Shantie Singh,De kier</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+kier.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+kier.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Zwart kind 1 kauwt en slikt weg'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/zwart-kind-1-kauwt-en-slikt-weg</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Zwart kind 1 kauwt en slikt weg'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Froid en vitiligo' van Asha Karami
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Asha-Karami-Froid-en-Vitiligo-278x372.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wat verwacht het publiek van een toneelstuk van Asha Karami, de dichter van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Godface
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Godface
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is op z’n minst ontregelend te noemen: woorden en regels lijken willekeurig aan elkaar gekoppeld, taalregisters worden door elkaar gebruikt. Probeer daar maar eens vat op te krijgen. Wie is Asha Karami? Welke identiteit heeft zij? Deze vragen roepen haar debuut op. Nu is haar tweede werk verschenen,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Froid en Vitiligo
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , een toneelstuk. Dit stuk is het eerste deel van de serie ‘De kreeftafslag’ van uitgeverij Opwenteling. Op de achterflap staat dat in deze serie bekende dichters hun a-typische werk publiceren: ‘Experimenteel, non-conformistisch, verborgen schrijfsels uit de onderste la’. Nu is de vraag waarin dit toneelstuk dan zo a-typisch is: voor Karami zelf, of voor de literatuur in het algemeen?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het stuk is net als
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Godface
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ontregelend. Het ‘froid’ uit de titel is koud en‘vitiligo’ is een huidziekte waarbij je steeds meer witte plekken krijgt. Het decor is donker en sober. De namen van de personages zijn bijzonder: zwart kind 1, zwart kind 2, blauw kind en witte vrouw. De omschrijving van de personages herinneren aan de titel. Is het blauwe kind blauw van de kou? Was de witte vrouw eerst zwart, maar zit zij nu onder de witte plekken? De kinderen drinken en eten uit bakjes water en voedsel op de grond, alsof zij dieren zijn. Als zij spreken, dan doen zij dat niet alleen met gesproken, maar ook met gebarentaal. Echter, dialogen ontsporen al snel in geruzie, of in een volstrekt langs elkaar heen praten. Al na de eerste paar bladzijden ben je bevangen door kilte, chaos en vervreemding. Na elke scène is er een ‘black-out’. Gaat het licht uit, of juist aan? Weten mensen niet meer wat ze moeten zeggen of gaan de zwarte kinderen ‘out’, weg?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je probeert vat te krijgen op de personages, glippen ze door je vingers. Is de witte vrouw de moeder? Het is alsof zij alleen maar hallucinerend en orakels stamelend op het podium staat. Het zijn de kinderen die haar niet in de steek willen laten, maar zijn het haar eigen kinderen? Soms gedragen ze zich als kinderen, bijvoorbeeld als ze verstoppertje spelen, maar op een ander moment kruipen ze onder het bed en zingen mee met de witte vrouw. De scènes met deze vier wisselen af met scènes waarin twee androgyne figuren op het toneel staan: Froid, met een blauwe huid en Vitiligo met een huid waarop gepigmenteerde en gedepigmenteerde delen te zien zijn. Hun aanwezigheid kenmerkt zich door vreemde sprongen, gekreun en mysterieuze uitingen over ‘de overkant van de huid’. Soms gaan de gesprekken heel alledaags over eten, terwijl een van beiden ondertussen in een emmer plast. Wat is eigenlijk het verband tussen deze twee androgyne figuren en de andere vier? Overlappen zij elkaar deels? Als je de twee zwarte kinderen zou wegdenken, dan zouden er immers een blauw kind en een witte vrouw overblijven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dan begin je je af te vragen waarom je dit alles eigenlijk aan het lezen bent en voor je ziet: wat wil dit alles zeggen? Je grijpt onwillekeurig terug op wat je al kent, zoals het absurdistische toneel van Beckett. In die zin is er niets nieuws onder de zon, denk je dan. Het zijn andere figuren misschien, maar ze staan daar net zo willekeurig als Estragon en Vladimir uit Waiting for Godot. Toch wil je weten hoe het afloopt, óf het überhaupt afloopt, dus je leest door, bizarre scène na bizarre scène, black-out, na black-out, tot je bij de epiloog belandt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En daar in die epiloog voltrekt zich iets wat je in eerste instantie gek genoeg helemaal niet verbaast, omdat je al afgestompt bent door wat je in de werkelijkheid iedere dag om je heen in het wereldnieuws ziet gebeuren en dit is daar misschien hooguit een nieuwe variant op, hoe gruwelijk ook. Bovendien verbaast het je niet, omdat de volstrekte willekeur van alles wat daarvoor geschreven staat, tot ieder mogelijk einde zou kunnen leiden, dus ook tot deze epiloog. Maar dan komt de verbijstering, op het moment dat je beseft: dit is toneel! Dit zou gespeeld moeten worden voor publiek en dat is onmogelijk! En terwijl je vastloopt in die verbijstering, realiseer je je wat je zojuist hebt gedacht: op toneel kan dit helemaal niet. Maar waarom, in Godsnaam, dan wél in de werkelijkheid? Zijn we dan helemaal gek geworden?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Asha Karami –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Froid en Vitiligo
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Eerste publicatie van De kreeftafslag. Opwenteling, Eindhoven. 78 blz. €17,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Asha-Karami-Froid-en-Vitiligo-278x372.jpg" length="13348" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 09 Nov 2025 14:56:50 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/zwart-kind-1-kauwt-en-slikt-weg</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Asha Karami,Froid en Vitiligo</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Asha-Karami-Froid-en-Vitiligo-278x372.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Asha-Karami-Froid-en-Vitiligo-278x372.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Ik besef dat het allemaal vergeefs is, mijn haasten, mijn hopen, het wachten. Hij is weg’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-besef-dat-het-allemaal-vergeefs-is-mijn-haasten-mijn-hopen-het-wachten-hij-is-weg</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ‘Ik besef dat het allemaal vergeefs is, mijn haasten, mijn hopen, het wachten. Hij is weg’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van complexe gevoelens in het werk van Van Dantzig door Charlie Gerritsen (leerling vwo 6 van het Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/voor+een+verloren+soldaat.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Rudi van Dantzig is geboren op 4 augustus 1933 in Amsterdam. Hij staat bekend als danser, choreograaf en schrijver. Als kind woonde hij in Amsterdam met zijn vader, moeder en jongere broertje. Tijdens de hongerwinter kreeg hij de kans om naar een pleeggezin in Friesland te gaan aangezien daar meer te eten was, dit gebeurde dan ook. De hongerwinter en zijn periode in Friesland waren de inspiratie voor zijn debuut in 1986, een autobiografische roman genaamd
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voor een verloren soldaat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Rudi van Dantzig: Biografie - de Verloren Soldaat, z.d.). Het boek neemt je mee in het leven van Jeroen die tijdens de bevrijding een soldaat genaamd Wolt ontmoet. Al snel krijgen ze een ingewikkelde relatie waarin Jeroen erachter komt dat hij homoseksuele gevoelens heeft. Van Dantzig laat goed zien hoe complex liefde kan zijn, maar wat maakt de liefde tussen Jeroen en Wolt zo complex?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al vanaf het moment dat Jeroen in Friesland aankomt, wordt het duidelijk dat hij zich niet op zijn plek voelt. Als stadse jongen moet hij erg wennen aan hoe ze dingen doen op het platteland. Hij vindt weinig aansluiting met zijn pleeggezin en anderen in het dorp, dat terwijl zijn vriend Jan, die ook uit Amsterdam is gekomen, er totaal geen moeite mee schijnt te hebben. Dit zorgt ervoor dat Jeroen zich al snel eenzaam begint te voelen. Eenzaamheid kan ervoor zorgen dat men anders gaat kijken naar andere mensen. Het kan ervoor zorgen dat iemand gevoeliger wordt voor negatieve interacties en afwijzingen (Eenzaamheid | Oorzaken en Gevolgen, z.d.). Dit is te zien in hoe Jeroen zich langzaam steeds verder terugtrekt. Een ander gevolg van eenzaamheid is de behoefte naar liefde om het lege gevoel op te vullen. Dit zorgt ervoor dat eenzame mensen zich sneller hechten aan mensen die hen wel zien staan (Eenzaamheid | Oorzaken en Gevolgen, z.d.). Dit gebeurt als Jeroen Wolt ontmoet, een soldaat die het dorp waar Jeroen woont heeft bevrijd. De interactie met Wolt geeft Jeroen het gevoel dat hij speciaal is omdat hij specifiek werd gekozen door Wolt. Ondanks dat Jeroen het spannend vindt, voelt hij zich aangetrokken: ‘Zijn gezicht is als iets vertrouwds dat ik na een pijnlijk lange tijd vergeten was en nu terugzie, ik herken bijna met dankbaarheid de tand met het afgebroken hoekje en de scherpe groef die de mond onderstreept.’ (Blz. 116). Het feit dat Wolt Jeroen blijft opzoeken zorgt ervoor dat Jeroen steeds meer verlangt naar Wolt, maar omdat hij zich hiervoor erg eenzaam voelde is het niet duidelijk of hij Wolt echt leuk vindt of dat hij bij Wolt blijft omdat hij aandacht krijgt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Tweede Wereldoorlog was geen makkelijke periode voor homoseksuelen. Volgens Hitler vielen homoseksuelen niet onder het ideaalbeeld. In Duitsland werden homoseksuele daarom massaal vervolgd. Alhoewel dat in het bezette Nederland minder gebeurde, kwam er toch meer spanning te staan op deze groep (Geschiedenis van de Nederlandse Homo-emancipatie, 2020). Daarnaast waren mensen in Friesland vaak erg religieus ingesteld in deze tijd. Volgens hen was een homoseksuele relatie een zonde. Kortom, homoseksuele gevoelens werden in die tijd niet geaccepteerd. Dit zorgde bij Jeroen voor veel verwarring omdat hij duidelijk iets anders voelde dan de andere jongens: ‘Wat ik met Wolt had gedaan, was dat dan ook neuken? Dat kon toch alleen maar met meisjes, dat had toch niets met jongens te doen?’ (Blz. 194). Ondanks dat Jeroen het niet altijd goed begrijpt, begrijpt hij wel dat het een geheim moet blijven. Hun intieme momenten spelen zich vaak af op verlaten plekken of achter gesloten deuren: ‘”Ze zullen ons horen,” denk ik, “er zal iemand komen.” Hij duwt me naar binnen en sluit onmiddellijk de deur achter ons.’ (Blz. 166).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Naast alle omstandigheden kan niet vergeten worden dat Jeroen een jongen is die midden in de puberteit zit. Tijdens de puberteit verandert er een hoop. Dat komt er voor Jeroen ook nog allemaal bij. Pubers zijn vaak nog op zoek naar wie ze zijn. Hun lichaam verandert en ze hebben vaak wisselende gevoelens (Gedrag in de Puberteit – GroeiGids, z.d.). Dit komt al snel terug als Jeroen voor het eerst in aanraking komt met seksuele gevoelens. Zijn lichaam reageert hierop, wat hij niet goed begrijpt. De intieme momenten die hij met Wolt heeft, geven ook verschillende gevoelens. In het moment zelf bevriest hij vaak en wil hij eigenlijk dat het stopt: ‘Ik probeer overeind te komen, maar de soldaat gebruikt plotseling kracht, we zijn tegenstanders, hoekig en fel. “come on.”’ (Blz. 137) Terwijl hij naderhand juist weer verlangt naar Wolt: ‘Kan ik om mijn jas vragen? Ik wil aan de mouwen ruiken en de soldaat bij me hebben. Ik moet weer weten hoe hij rook…’ (Blz. 129).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat maakt de liefde tussen Jeroen en Wolt zo complex? Ten eerste de eenzaamheid van Jeroen. Omdat Jeroen zich niet thuis voelt in Friesland begint hij zich al snel eenzaam te voelen wat ervoor zorgt dat hij zich snel hecht aan Wolt. Daarom is het niet duidelijk of het echt liefde is of een schreeuw om aandacht. Ten tweede bestaat er het taboe rondom homoseksualiteit in deze periode. Homoseksualiteit werd in deze tijd niet geaccepteerd. Dit zorgde ervoor dat Jeroen en Wolt vaak geheimzinnig moesten doen en niet openlijk hun relatie konden uitzoeken. Ten derde bevindt Jeroen zich in de puberteit. Dit zorgt ervoor dat hij verandert en veel verschillende emoties ervaart. Daardoor lijkt het alsof Jeroen niet helemaal weet hoe hij zich voelt. Met deze aspecten laat Rudi de complexiteit van de relatie van Jeroen en Wolt, en daarmee dus ook zijn eigen gevoelens, goed naar voren gebracht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Rudi van Dantzig: Biografie - De verloren soldaat. (z.d.). Theaterencyclopedie. Geraadpleegd op 2 oktober 2025, van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://theaterencyclopedie.nl/wiki/Rudi_van_Dantzig:_Biografie_-_De_verloren_soldaat" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://theaterencyclopedie.nl/wiki/Rudi_van_Dantzig:_Biografie_-_De_verloren_soldaat
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Eenzaamheid | Oorzaken en gevolgen. (z.d.). Volksgezondheid en Zorg.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.vzinfo.nl/eenzaamheid/oorzaken-gevolg" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.vzinfo.nl/eenzaamheid/oorzaken-gevolg
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Geschiedenis van de Nederlandse homo-emancipatie. (2020, 13 oktober). IsGeschiedenis.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://isgeschiedenis.nl/nieuws/geschiedenis-van-de-nederlandse-homo-emancipatie" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://isgeschiedenis.nl/nieuws/geschiedenis-van-de-nederlandse-homo-emancipatie
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Gedrag in de puberteit – GroeiGids. (z.d.).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://groeigids.nl/puber/gedrag-in-de-puberteit/6914" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://groeigids.nl/puber/gedrag-in-de-puberteit/6914
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/voor+een+verloren+soldaat.jpg" length="66282" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 15 Oct 2025 18:10:41 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-besef-dat-het-allemaal-vergeefs-is-mijn-haasten-mijn-hopen-het-wachten-hij-is-weg</guid>
      <g-custom:tags type="string">Rudy van Dantzig,essays,essays leerlingen,essays van leerlingen,Voor een verloren soldaat</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/voor+een+verloren+soldaat.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/voor+een+verloren+soldaat.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De verborgen kwetsuren achter de regels</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-verborgen-kwetsuren-achter-de-regels</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De verborgen kwetsuren achter de regels
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van enkele korte verhalen van Anna Enquist door Renate Bussink (leerling vwo 6 van het Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Anna+Enquist.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Anna Enquist is een schrijfster die het beste van zichzelf laat zien in haar dichtbundels, verhalen en romans. In 1945 is Anna Enquist onder de naam Christa Broer in Amsterdam geboren. Ze is opgegroeid in Delft en na het afronden van het gymnasium heeft ze klinische psychologie gestudeerd in Leiden. Hierna heeft ze alsnog haar voorkeursstudie gevolgd en afgerond, piano aan het conservatorium van Den Haag. Na het afronden van het conservatorium is ze schoolpsycholoog geworden en in de jaren tachtig heeft ze nog een opleiding tot psychoanalyticus gevolgd (DBNL, 1980). In deze periode van haar leven is ze begonnen met schrijven en in 1991 publiceert zij
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Soldatenliederen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , haar eerste dichtbundel (Anna Enquist: Biografie | KB, de Nationale Bibliotheek, z.d.).
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
                          In 1999 wordt haar verhalenbundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Kwetsuur
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            uitgebracht, een bundel van verhalen die eerder los in het voetbaltijdschrift Hard Gras zijn gepubliceerd (Anna Enquist, z.d.). Daer een seigneur zijn handen wast, De Kwetsuur en Een Haven zijn drie van de verhalen uit deze bundel. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Daer een seigneur zijn handen wast
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            schrijft Helena Lievaert een brief aan de heer Kallander, hoofdconservator van het Gouden Eeuw Kabinet, met daarin haar belevingen in Delft: haar optreden op het architectuurcongres en het zien van een onbekend schilderij van Vermeer wanneer ze de nacht doorbrengt bij een gast van het congres.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kwetsuur
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gaat over het genezingsproces van het been van Willem dat hij tijdens een voetbalwedstijd heeft gebroken. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een haven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            praat Roemer te Velde met zijn therapeute over de traumatische ervaring die hij heeft meegemaakt: wat een rustige middag zeilen zou worden, eindigde in een ramp, als na een schipbreuk de opleider van Roemer, orthopedisch chirurg Dick Buikhuis, overlijdt aan een hartaanval. Op verschillende lagen is in deze drie verhalen van Anna Enquist een kwetsuur te zien.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Allereerst hebben de karakters in de verhalen op verschillende manieren een kwetsuur. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daer een seigneur zijn handen was
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           t is de hoofdpersoon, Helena Lievaert, vroeger buitengesloten en gekwetst. Ze stond er altijd alleen voor en werd nauwelijks toegelaten in haar omgeving. In het volgende citaat is dit goed te zien:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Op school stond ik alleen. De onderwijzer nam mijn werkstukjes met een zekere
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
                      achting ter hand; de leerlingen rammelden achter mijn rug met
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
                      hun muntgeld opdat ik ziet zou vergeten dat mijn vader, terwijl wij in de klas zaten,
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
                      zijn melkkar langs hun huizen duwde, […]. Ik wist niet hoe ik mij moest gedragen
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
                      dus ik gedroeg mij niet. Ik kwam er niet achter waar ik bij hoorde dus ik hoorde
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
                      nergens bij. De eerste zeventien jaar van mijn leven had ik maar één gedachte:
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
                      weg! (Enquist, 1999, p. 79)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Op een heel andere manier is er in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De kwetsuur
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            in de personages ook een kwetsuur te zien. Naast dat Willem echt gewond is door de breuk in zijn been, is zijn moeder door dit ongeluk ook gewond geraakt. Ze lijkt het maar niet los te kunnen laten dat haar zoon een ongeluk heeft gehad en komt er continu op terug. In het verhaal is ze in gesprek met een vriendin en die vertelt haar het volgende: ‘ “Je moet je eigen preoccupaties niet aan hem opdringen,” zegt mijn vriendin. “Vindt hij die stalen bouten eng of jij? Hij is achttien, hij moet zelf beslissen. Maar dan moet hij er wel over kunnen praten, met jou.”’ (Enquist, 1999, p. 134). Ook in het verhaal
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een haven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zijn er twee kwetsuren te zien. Het plotselinge overlijden van de chirurg Dick Buikhuis is natuurlijk sowieso een kwetsuur, maar dit overlijden heeft ook arts-assistent Roemer Te Velde aangetast. In het verhaal is hij namelijk in therapie om deze traumatische gebeurtenis te verwerken.
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
                       Daarnaast is ook in het gebruik van ruimte goed te zien dat er in de verhalen sprake is van kwetsuren. In het verhaal
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daer een seigneur zijn handen wast
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is dit gedaan door gebruik te maken van de stad Delft. Dit is de plaats waar Helena is opgegroeid, maar dus ook waar ze gekwetst is. Door het gebruik van deze stad wordt er een soort onzekerheid en onveilig gevoel gesuggereerd waar ook Helena last van heeft:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Waar was ik bang voor? Dat de Delftenaren als een grijze muur om me heen zouden staan, dat mijn woorden op hun gladde koppen zouden afketsen, dat ze zich honend van mij af zouden keren, rinkelend met het zilver in hun broekzakken? Ik ben zo ongelukkig geweest in die stad, zo misplaatst, zo wanhopig. (Enquist, 1999, p. 20)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kwetsuur
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            wordt er door gebruik te maken van de ruimte op een andere manier verwijst naar kwetsuren. Een deel van het verhaal speelt zich namelijk af in het ziekenhuis, dit geeft een heel duidelijk gevoel van kwetsuren:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het smalle gangetje staat een rij stoelen waar mensen op zitten. Sommigen hebben een ingegipst been voor zich uitgestrekt, anderen torsen hun gepantserde elleboog op een draagspalk. Aan het eind van de gang zijn vier deuren waar van tijd tot tijd artsen uitkomen die de wachtende patiënten naar binnen noden. (Enquist, 1999, p. 126)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Door het gebruik van de ruimte van een therapeute wordt ook in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een haven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            het gevoel van kwetsuren versterkt. Daarnaast is ook het schip, waarop het ongeluk is gebeurd, een benauwende ruimte. De personages zitten vast op het schip en kunnen letterlijk geen kant op, maar ook in hun gedachten zijn ze de weg kwijt:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het kompas had ik kapotgetrapt tijdens de reanimatie. We wisten niet waar we waren. Jelle had oorspronkelijk het plan terug te varen naar Lelystad, maar liet zich liever leiden door de wind. Westenwind was het geweest, en misschien nog. Je zag geen bal, we zwalkten maar wat. Ik was bang dat het donker zou worden. Niemand zei iets, dat maakte het nog enger. En dat ik eigenlijk geen van die mensen echt kende. Ik wist niet wat ze dachten, ik wist helemaal niets en daar kan ik slecht tegen. Wit. Overal wolken. Ik raakte steeds meer los van alles. (Enquist, 1999, p. 225)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ook dit duidt op een kwetsuur: een kwetsuur die misschien niet fysiek, maar mentaal is.
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
                       Als laatste worden de kwetsuren goed zichtbaar gemaakt door het gebruik van de tijd. Terwijl Helena in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daer een seigneur zijn handen wast
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            in het heden de brief aan meneer Kallander schrijft, komen de gebeurtenissen en herinneringen van vroeger steeds terug naar boven. Alles wat Helena in het verleden heeft meegemaakt is in de verleden tijd geschreven. Dit is natuurlijk logisch, aangezien het ook daadwerkelijk het verleden is, maar het geeft ook een gevoel van een scheiding tussen haar leven van nu en vroeger. Daarnaast geeft het ook het idee dat ze haar verleden niet goed heeft kunnen verwerken en haar herinneringen nog gevangen zitten in haar hoofd. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een haven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            wordt er op een vergelijkbare manier gebruik gemaakt van de tijd. Het heden is de therapiesessie waarin Roemer zijn verhaal laat horen over wat er gebeurd is op de boot. De traumatische gebeurtenissen op de boot zijn dan juist weer in het verleden geschreven en worden onderbroken door zinnen uit de therapiesessie: ‘ “Ik pakte de verrekijker en probeerde ze in ’t vizier te krijgen, om iets te doen te hebben, om iets voor mijn ogen te houden.” Ze knikt. Ze gaat verzitten. “Ik zag een breedgeschouderde jongen die zijn arm om een graatmager blond meisje had geslagen.”’(Enquist, 1999, pp. 217-218). Naast dat het logisch om het verleden ook in de verleden tijd te schrijven, geeft dit ook het gevoel alsof zijn herinneringen vastzitten in zijn gedachten en hoofd. Bij zowel Helena als Roemer wordt het gevoel van een kwetsuur dus versterkt door het gebruik van de tijd.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is dus erg duidelijk dat er in alle drie de verhalen op verschillende lagen sprake is van een kwetsuur. Dit is te zien in het feit dat de karakters allemaal fysiek of mentaal gewond zijn. Ook wordt het duidelijk gemaakt door het gebruik van ruimtes die een kwetsuur oproepen. Daarnaast versterkt ook het gebruik van de verleden tijd bij de slechte herinneringen het gevoel van een kwetsuur. De kwetsuur is dus heel duidelijk in meerdere lagen te zien.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Bibliografie
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Enquist, A. (1999). De Kwetsuur
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            DBNL. (1980). Anna Enquist, Kritisch lexicon van de moderne Nederlandstalige literatuur, Sander Bax, Hugo Brems, Tom van Deel, Ad Zuiderent - DBNL.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.dbnl.org/tekst/zuid004krit01_01/kll00172.php" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.dbnl.org/tekst/zuid004krit01_01/kll00172.php
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Anna Enquist: biografie | KB, de nationale bibliotheek. (z.d.). KBPro Website.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://collecties.kb.nl/nederlandse-poezie/moderne-nederlandse-dichters/anna-enquist/anna-enquist-biografie" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://collecties.kb.nl/nederlandse-poezie/moderne-nederlandse-dichters/anna-enquist/anna-enquist-biografie
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Anna Enquist. (z.d.).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.kunstbus.nl/literair/Anna+Enquist.html#:~:text=Soldatenliederen%20beleefde%20inmiddels%20al%20meer%20dan%20tien,%2D%20Verhalen%20en%20gedichten%20over%20de%20liefde" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.kunstbus.nl/literair/Anna+Enquist.html#:~:text=Soldatenliederen%20beleefde%20inmiddels%20al%20meer%20dan%20tien,%2D%20Verhalen%20en%20gedichten%20over%20de%20liefde
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Anna+Enquist.jpeg" length="109922" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 12 Oct 2025 13:23:29 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-verborgen-kwetsuren-achter-de-regels</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,De kwetsuur,essays van leerlignen,essays leerlingen,essays van leerlingen,Anna Enquist</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Anna+Enquist.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Anna+Enquist.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘ik was haar zó nabij dat ik na een halfjaar exact wist wat ze deed en liet, dacht en voelde.’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-was-haar-zo-nabij-dat-ik-na-een-halfjaar-exact-wist-wat-ze-deed-en-liet-dacht-en-voelde</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
            ‘was ik was haar zó nabij dat ik na een halfjaar exact wist wat ze
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           deed en liet, dacht en voelde.’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van drie korte verhalen uit Joost Zwagermans oeuvre door Sofie Spijk (leerling vwo 6 van het Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Joost+Zwagerman.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             Joost Zwagerman, geboren in 1963 te Alkmaar, heeft in zijn korte leven een respectabele positie weten op te bouwen als schrijver, dichter en columnist. Al vanaf een zeer jonge leeftijd heeft Zwagerman zich verdiept in de literaire wereld (InfoNu, z.d.). In 1986 debuteerde hij als romanschrijver met De houdgreep, wat in het 1987 gevolgd werd door zijn debuut als dichter met de bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Langs de doofpot
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (KB, z.d.). Zwagermans oeuvre, dat onder meer vijfentwintig boeken en vijf dichtbundels omvat, wordt gekarakteriseerd door zijn veelzijdige betrokkenheid in de wereld van kunst en cultuur (De Slegte, z.d.).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Winnie en de onschuld
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het jongensmeisje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toen je het deed
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zijn drie korte verhalen uit zijn boek
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het jongensmeisje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            .
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Winnie en de onschuld
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richt zich op het leven van de bijfiguur Winnie door de ogen van haar naamloze ex-vriend die haar in zijn gedachten achtervolgt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het jongensmeisje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gaat over een verliefd koppel, waarvan de vriend hun liefde analyseert. Haar ogen, volgens hem de ogen van een acht jarig jongetje, maken dat zij zijn jongensmeisje is.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toen je het deed
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is eveneens een verhaal over een relatie tussen twee jongeren. De jongen bezoekt met regelmaat zijn vriendin met wie hij graag lepeltjesgewijs in bed ligt. In alle drie de korte verhalen speelt obsessie, in relatie tot de liefde, op de voorgrond.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Allereerst valt obsessie terug te vinden in de manier waarop Zwagerman met emotie in zijn teksten heeft gespeeld. In het eerste verhaal vertelt het hoofdkarakter met een overdreven, haast poëtische, toon over zijn laatste relatie. Zijn jaloezie schijnt door in zijn hoog kritische houding tegenover Winnies ex-partner Robert. Als hij eenmaal volledig doorgedraaid is, wenst hij Winnie het sterven toe in de hoop zijn pijn te laten verzachten. Dit geeft de dubbelzijdige natuur van zijn liefde voor haar weer: enerzijds idyllisch, anderzijds voorwaardelijk. In het tweede verhaal ligt de focus op de persoon en de onzekerheden die met het bestaan gepaard gaan. De jongen en zijn vriendin zijn, vanuit zijn perspectief, qua innerlijke en uiterlijke schoonheid elkaars tegenpolen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er viel weinig aan jezelf te ontdekken wat je niét overbodig vond. Alles mocht weg. Je lichaam, om mee te beginnen. Je ziel, om het af te maken. Als je daar allemaal van af kon zien te raken, was het mogelijk om op zeker ogenblik haar perfecte afschaduwing te zijn, jij de fantasievriendin van je vriendin, de eeuwige onveranderlijke gedaante met wie zijn naar binnen gerichte gesprekken zou kunnen voeren.  (Zwagerman, 1998, p.163)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ofschoon hij geobsedeerd is door alles wat enigszins met zijn vriendin te maken heeft, hebben haar tanden een speciale plaats aangenomen in het verhaal. Het begint en eindigt met haar lach: een teken van blijdschap. In het laatste verhaal wordt geluk vastgelegd in schoonheid en stilte, maar ook in schaamte en angst. De verteller legt uit hoe gehecht jij geworden bent aan jouw vriendin en hoe jullie daardoor onscheidbaar zijn. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                                                                         In de drie verhalen wordt er gebruik gemaakt van verschillende perspectieven. In het eerste verhaal is vanuit het perspectief van een van Winnies exen geschreven. Dit creëert een afstand van Winnie. De vertellende persoon bevindt zich niet in die situatie, eveneens als dat Winnie dat waarschijnlijk niet doet. Het zet de ervaringen van de ex-vriend centraal, terwijl zij te allen tijde het onderwerp blijft:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijn wanhoop, begeerte en verliefdheid verflauwden, de aarde van mijn liefde veranderde, ik ging van haar houden als van de zee – of zoals gezegd van de zon, die als een huisdier zo royaal van zich laat houden en die ik nooit iets kon aanrekenen, ook niet het bestaan van wolken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Winnie en de zon. Zelfs op zomerse dagen als deze denkt zij niet of nauwelijks terug aan, bijvoorbeeld, de bijna autoloze middaguren in het dorp waarop wij... nou ja, ik heb erover verteld. (Zwagerman, 1998, p.14)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit citaat benadrukt dat alles rondom Winnies leven in dit verhaal betrekking heeft op hem. Hij vult haar gedachten voor zichzelf met aannames in. Hierdoor is er met zekerheid vast te stellen dat de hoofdpersoon een zeer onbetrouwbare bron is. Hiernaast spreken de overige twee verhalen, waarvan het overweldigende gedeelte in de tweede persoon geschreven staat, tot de verbeelding van de lezer die als het ware in een andere belevingswereld wordt geplaatst. In het tweede verhaal staan de twee personen los van elkaar, want het is alleen de liefde die hen verbindt. De jongen heeft zijn vriendin de wolken in geprezen, terwijl hij zichzelf de grond in heeft geduwd. De zelfkritische blik is in mate overgedragen naar het derde verhaal. Al vanaf het begin ziet hij zijn vriendin als zijn ‘doodmooie meisje’ en tegen het einde is hij haar ‘minieme nabeeld’ geworden (Zwagerman, 1998). 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
                                                                         Zwagerman heeft de obsessieve liefde benadrukt door hoe de tijd in zijn verhalen verloopt. De alles overnemende obsessie in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Winnie en de onschuld
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            resulteert in een lange slinger aan gedachten, oftewel ‘gebeurtenissen’, die zich voor een onbepaalde tijd voortzet. De enige informatie die de lezer in dit opzicht bezit, is een verwijzing naar de fles wijn die aangeeft dat het verhaal na 1990 plaatsvindt. De hoofdpersoon leeft in dit verhaal gedeeltelijk in zijn verleden, dus zijn waarheid, en daarmee nog in zijn afgebroken relatie. Daarentegen leeft hij, naast de terugblikken, in het nu door zijn verleden door te trekken naar het heden en zelfs de toekomst. In Het jongensmeisje gaat het over een samenstelling aan gedachten. Het verhaal roept het gevoel van dagdromen, en tegelijkertijd piekeren, op. Dit zijn beide activiteiten waar mensen eindeloos in kunnen dwalen. In Toen je het deed wordt de vorm van een herinnering aangenomen, een uit de jaren 70 ten tijde van de oliecrisis. Het verhaal wordt in verbinding gebracht met de dood, en daarmee ook de tijd, via een dichtregel. De invloed daarvan luidt als volgt:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terwijl iedereen alle tijd vermorste met ongelukkig zijn, was jij dood. [...] Iedereen fingeerde het volle leven maar worstelde zich in werkelijkheid in lijkvlucht door de tijd.’ [...] Zij was je schoonheidbrandende cremeermeisje met wie je bij haar thuis, op haar kamer, vaak een hele avond lang in bed kon liggen (nee: óp bed, óp de dekens). (Zwagerman, 1998, p.167)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De dood en de liefde worden in dit citaat beide uitgezet als iets wat tijdloos en rijk in tijd is.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Deze drie korte verhalen zijn bij elkaar een goed voorbeeld van obsessie in de liefde. In elke romantische relatie is er een zekere gradatie aan obsessie aanwezig, maar door de schommelingen van emoties wordt er aan de lezer gevraagd waar de limiet voor deze gedachten ligt. Omdat het eerste verhaal overkomt alsof het hoofdkarakter iemand achtervolgt, is dit het meest directe voorbeeld van de drie.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het jongensmeisje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toen je het deed
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zijn milder en genuanceerder rondom obsessie. Het psychisch perspectief speelt een grote rol in alle drie de verhalen. Dit komt het duidelijkst naar voren in de laatste twee, doordat de lezer zich actief moet plaatsen in positie van de hoofdpersoon. Ook lijkt tijd veel sneller te verlopen in het bijzijn van een geliefde, zelfs al staat het alleen op papier.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Bronnen
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ·      De Slegte. (z.d.). Joost Zwagerman. https://www.deslegte.com/auteurs/joost-zwagerman/#:~:text=Joost%20Zwagerman%20%281963%29%20schreef%2025%20boeken%2C%20waaronder%20de,%281991%29%20De%20buitenvrouw%20%281994%29%20en%20Zes%20sterren%20%282002%29.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ·      InfoNu. (z.d.). Joost Zwagerman biografie: Joost Zwagerman, biografie en zelfmoord. https://kunst-en-cultuur.infonu.nl/biografie/162462-joost-zwagerman-biografie-en-zelfmoord.html
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ·      KB, nationale bibliotheek. (z.d.). Joost Zwagerman: biografie | KB, de nationale bibliotheek. KBPro Website. https://collecties.kb.nl/nederlandse-poezie/historische-dichters/joost-zwagerman-1963-2015/joost-zwagerman-biografie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ·      Zwagerman, J. (1998). Het jongensmeisje.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Joost+Zwagerman.jpg" length="6206" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 12 Oct 2025 13:16:38 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-was-haar-zo-nabij-dat-ik-na-een-halfjaar-exact-wist-wat-ze-deed-en-liet-dacht-en-voelde</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Joost Zwagerman,essays van leerlignen,essays leerlingen,essays van leerlingen,Het jongensmeisje</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Joost+Zwagerman.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Joost+Zwagerman.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Totdat de sterkste zijn dodelijk wordt</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/totdat-de-sterkste-zijn-dodelijk-wordt</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Totdat de sterkste zijn dodelijk wordt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe 'De mooiste dierenverhalen' van Anton Koolhaas ons een les leert (door Nils Hoebert, leerling vwo 6 van het Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Anton+Koolhaas.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Anton Koolhaas, geboren in 1921, begon zijn carrière als redacteur bij verschillende kranten. Zo was hij redacteur buitenland bij de Nieuwe Rotterdamsche Courant en later werkte hij als film- en toneelcriticus voor De Groene Amsterdammer. Binnen zijn werk als redacteur begon hij met het schrijven van dierenverhalen. Dit bleef hij doen, maar hij publiceerde pas in 1956 zijn eerste verhalenbundel. Bij de korte verhalen van Koolhaas staan dieren in de hoofdrol. Deze dieren weerspiegelen verschillende complexe karakters. Ze hebben belangen en gevoelens, die worden weergegeven alsof de dieren een menselijk karakter hebben. Hun acties leiden onverhoopt – vaak onbewust – tot de dood. Ook mensen spelen een rol in de verhalen van Koolhaas, weliswaar vaak als boer of visser die dan de dood van het dier veroorzaakt (DBNL, 2003).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
                             Dit geldt ook voor de korte verhalen 'Meneer Tip is de dikste mijnheer', 'Het grote stikken' en 'Gekke Witte' uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De mooiste dierenverhalen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van Koolhaas. In dit artikel worden ze nader bekeken. Hoe geven deze korte verhalen van Koolhaas kritiek op de maatschappij?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            In 'Meneer Tip is de dikste mijnheer' komen een aantal verschillende maatschappijkritische elementen terug. In dit verhaal speelt het varken Tip de hoofdrol. Hij leeft in een stal met veel andere varkens, die samen een aantal rituelen hebben. Het dikste varken van allemaal speelt hierin de hoofdrol. Er is niet alleen een rijmpje over hem dat telkens gezegd wordt, maar dat varken moet ook, als de andere varkens daar zin in hebben, heel hard met zijn achterste tegen de muren van het hok aan kletsen: ‘Dat gaf dan zo’n geweldig harde klets, dat iedereen zich een ongeluk lachte’ (Koolhaas, 1999, p. 25). Hoe de varkens met elkaar omgaan vormt een interessante balans tussen pesten en bewonderen, die in het verhaal beide kanten op gaat. Toch lijkt het over het algemeen zo dat de dikste een bepaalde status heeft. Het is in ieder geval duidelijk dat de afwijkende – het dikste varken – anders behandeld wordt dan de rest van de varkens. Om de zoveel tijd komt de boer langs om het dikste varken mee te nemen: ‘want op gezette tijden kwam de boer bij het hok, klopte de dikste goedkeurend op de flanken, krauwde hem wat in de stekelige nek en trok hem dan uit het gezelschap vandaan, de gang in van de stal’ (Koolhaas, 1999, p. 26). De varkens denken dat dit varken iets leuks gaat doen, dat hij iets verdiend heeft. Maar niets is minder waar: de boer neemt de dikste mee om naar de slacht te brengen. Hoewel het lijkt alsof de varkens denken dat dikste de meeste status heeft, is het tegenovergestelde waar: het dikste varken is het dichtste bij de dood. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                            Koolhaas lijkt hier verschillende dingen duidelijk te willen maken. Het ligt voor de hand dat hij kritiek toont op de manier waarop mensen ingrijpen in de levens van dieren: de boer beslist wanneer het leven van het varken klaar is. Daarnaast lijkt Koolhaas het menselijke gedrag dat afwijkenden anders behandeld worden af te keuren. In de stal moet het dikste varken immers rijmpjes aanhoren en met zijn billen tegen de muren kletsen, terwijl de anderen dat niet hoeven. Indirect zou Koolhaas ook het begrip status, zoals we dat in de maatschappij kennen en gebruiken, kunnen bekritiseren. Het feit dat het varken met de meeste (schijnbare) status als eerste doodgaat, zou zijn kritiek kunnen laten zien: status is zinloos, want je hebt geen macht over leven en dood.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Koolhaas’ kritiek op het menselijk ingrijpen in dierenlevens komt ook terug in 'Het grote stikken', waarin vis Wampoei centraal staat. Wampoei verlangt de hele tijd naar het gevoel om te stikken doordat hij een prooi in zijn bek krijgt. In het verhaal lukt het hem dit gevoel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           te vinden, maar toch voldoet het elke keer niet helemaal aan zijn behoeftes. Hij wil telkens meer: eerst een vis, daarna een kikker, later zelfs een eendje:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij overdacht, hoe hij zijn keel zou moeten uitzetten en zijn kaken sperren en verwijden en hoe hij, net als vroeger, het gevoel zou krijgen dat hij stikte. Niet het grote stikken, maar het stikken dat ineens ophield, omdat de prooi toch naar binnen gedwongen werd en hem zou vullen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            (Koolhaas, 1999, p. 89)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het gevoel van stikken is nooit genoeg voor Wampoei, totdat hij het grote stikken ervaart: een visser hengelt hem uit de vijver, waarna Wampoei spartelend op het pad de dood tegemoet gaat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                            De boodschap in dit verhaal lijkt op die uit het verhaal over Tip. Naast het feit dat hier het leven voor Wampoei ophoudt door menselijk ingrijpen – hij wordt uit de vijver gehengeld – is er opnieuw sprake van een zinloze status. Wampoei is de sterkste vis van de vijver, maar dit aanzien leidt tot niets: hij gaat plotseling dood. Daarbovenop lijkt Koolhaas in dit verhaal menselijke ontevredenheid te bekritiseren. Wampoei zoekt naar het gevoel van stikken, maar het lijkt nooit genoeg te zijn. Hij wil meer, groter, erger – totdat het klaar is: Wampoei ervaart het grote stikken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het anders behandelen van mensen die afwijken komt sterk terug in 'Gekke Witte'. In dit verhaal spelen muizen de hoofdrol. Het zijn allemaal grijze muizen, op één na: die is wit. Kruuk, een grijze muis, zag de witte voor het eerst. Hij is totaal in shock door wat hij ziet. De aanwezigheid van de witte muis heeft Kruuk ook beangstigd. Hij is zo geschrokken, dat hij gaat denken dat er overal muizen vandaan komen: ‘Kruuk keek naar de gekreukelde of opgerolde, of in de vorm van tentjes voorkomende witte stukken papier en het leek hem ineens, of het rondom vol zat met uitgangen, waaruit witte muizen tevoorschijn konden komen’ (Koolhaas, 1999, p. 97). De angst die geschetst wordt is zonder reële aanleiding, maar alleen doordat de witte muis afwijkt van het beeld van Kruuk van een ‘normale muis’: grijs.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                            Koolhaas lijkt hierin opnieuw het ‘hokjesdenken’ van mensen af te keuren. De situatie waarbij de grijze muis de witte muis ziet als iets vreemds, heeft iets weg van discriminatie zoals we dat in de mensenwereld kennen. Doordat Koolhaas dit zo absurdistisch in het verhaal verwerkt, laat hij zien wat hij daarvan vindt. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kortom: Koolhaas geeft via zijn dierenverhalen kritiek op verschillende elementen uit de samenleving. Allereerst keurt hij in alledrie de verhalen het verstoten van mensen die anders zijn af. De karakters verschillen allemaal van de rest: ze zijn anders in grootte, gedrag en in kleur, waardoor ze anders worden behandeld. Daarnaast laat Koolhaas in zijn verhalen zien dat macht zinloos is. Het heeft immers geen invloed op leven en dood, dat komt vanzelf. Het meest direct komt in de verhalen terug dat Koolhaas een mening heeft over hoe de mens zichzelf boven dieren stelt. De dieren worden op een willekeurig moment uit het leven gerukt, doordat bijvoorbeeld de boer hierover beslist. De dierenverhalen leren ons een harde les: zo dienen de varkens, vissen en muizen als een spiegel voor de samenleving.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Bronvermelding
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           DBNL. (2003). Koolhaas, Anton, Schrijvers en dichters (dbnl biografieënproject I), G.J. van Bork - DBNL. https://www.dbnl.org/tekst/bork001schr01_01/bork001schr01_01_0617.php
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Koolhaas, A. (1999).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De mooiste dierenverhalen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Anton+Koolhaas.jpeg" length="190461" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 12 Oct 2025 13:07:31 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/totdat-de-sterkste-zijn-dodelijk-wordt</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,essays van leerlignen,essays leerlingen,essays van leerlingen,De mooiste dierenverhalen,Anton Koolhaas</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Anton+Koolhaas.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Anton+Koolhaas.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Dat je kunt leven terwijl er iets ontbreekt. Zoiets. Vreemd vind ik dat.’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/dat-je-kunt-leven-terwijl-er-iets-ontbreekt-zoiets-vreemd-vind-ik-dat</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ‘Dat je kunt leven terwijl er iets ontbreekt. Zoiets. Vreemd vind ik
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           dat.’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van enkele verhalen uit 'De kwetsuur' van Anna Enquist door Maire van der Kolk (leerling vwo 6 van het Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+kwetsuur+Anna+Enquist.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Christa Broer is in 1945 geboren in Amsterdam. Haar pseudoniem is Anna Enquist. Ze heeft na het gymnasium afgerond te hebben de opleiding klinische psychologie in Leiden gevolgd en vervolgens piano en cello gestudeerd bij het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. In 1988 zijn haar eerste gedichten gepubliceerd in het tijdschrift Maatstaf. Enquist is psychoanalytica (DBNL, 1980). Psychoanalyse verwijst naar de invloed van het ‘onbewuste’, zoals onbewuste gedachtes, verlangens en gevoelens, op het gedrag van een mens (Janse, 2025). Enquist heeft een dochter, die in 2001 is overleden bij een verkeersongeluk (Wijnands-Hovingh, 2024).
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           'Daer een seigneur zijn handen wast' gaat over Helena Lievaert, een schrijfster uit Delft met een grote fascinatie voor de kunstschilder Johannes Vermeer. Wanneer Helena op een avond terugkeert naar Delft om haar gedichten voor te lezen bij een architectuurcongres ontmoet ze een man. Ze voelt zich veilig en gelukkig bij hem. Hij nodigt haar uit om bij hem thuis iets te drinken en Helena gaat mee. Later die nacht vertelt de man haar dat hij haar lang heeft gevolgd en heeft besloten dat zij zijn geheim mag weten. Hij neemt haar mee naar de zolder, waar een nooit eerder vertoond schilderij van Vermeer staat. Als Helena de volgende ochtend weer vertrekt, is het schilderij alles waar ze aan kan denken. Ze schrijft een brief over het schilderij naar kunsthistoricus Enno Kallander, maar is zelf vergeten waar het huis met het schilderij staat. Meneer Kallander probeert samen met haar het schilderij te zoeken, maar hier slagen ze niet in. In 'De kwetsuur' wordt vanuit het perspectief van de moeder beschreven hoe haar zoon, Willem, zijn been breekt bij zijn voetbalwedstrijd. Ze gaan hiervoor naar het ziekenhuis en worden bij elk van de daaropvolgende ziekenhuisbezoeken door een andere arts geholpen. Op een gegeven moment kiest Willem voor een bepaalde behandeling, die achteraf voor problemen zorgt. Het been heelt uiteindelijk wel. Gedurende de bezoeken aan het ziekenhuis en het helingsproces van het been van haar zoon heeft de moeder het lastig. Ze heeft het gevoel dat ze de controle verliest over wat er met haar zoon gebeurt verliest.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           In het laatste verhaal, 'De haven', gaat een arts-assistent genaamd Roemer Te Velde met zijn opleider Dick, een van de artsen uit De kwetsuur, zeilen. Ze worden vergezeld door een vriend van de opleider, de kunsthistoricus uit Daer een seigneur zijn handen wast. Tijdens het zeilen overlijdt Dick. Roemer probeert hem te reanimeren, maar zijn pogingen zijn tevergeefs. Drie jongeren van een passerende zeilboot komen aan boord om hem te helpen. Roemer heeft het met een therapeut over zijn ervaring en hij geeft toe dat hij denkt dat er helemaal geen anderen aan boord waren. Hij denkt dat hij de drie passerende jongeren gehallucineerd heeft, omdat hij in dat moment hulp nodig had.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           In de drie verhalen komt telkens het verlies van iets fundamenteels voor de hoofdpersoon aan bod. In het eerste verhaal is dat het schilderij van Vermeer. In het tweede verhaal is dit voor Willem zijn been en voor Willems moeder de controle over wat er met haar zoon gebeurt. In het laatste verhaal verliest Roemer zijn mentor. Volgens de psychiater Elisabeth Kübler-Ross is het proces van rouwen om iets wat verloren is in te delen in vijf fasen: ontkenning, boosheid, onderhandelen, depressie en acceptatie (Kübler-Ross et al., z.d.). Hoe zijn deze fasen terug te zien in 'Daer een seigneur zijn handen wast', 'De kwetsuur' en 'De haven'?
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Bij ontkenning wil of kan de rouwende nog niet onder ogen zien dat hij iets dierbaars heeft verloren (Kübler-Ross et al., z.d.). Deze fase is in alle drie de verhalen terug te zien. In 'Daer een seigneur zijn handen wast' benadert Helena Lievaert als ze thuis is de organisatie van het architectuurcongres en de eigenares van een bibliotheek om te vragen of zij de man kennen. Vervolgens loopt ze met meneer Kalander alle gevels op de Oude Delft door in de hoop het huis te herkennen. Ze is er dus nog niet klaar voor om het schilderij op te geven. Willem is in 'De kwetsuur' steeds erg hoopvol dat zijn gips eraf mag. Hoewel dit niet meteen op ontkenning lijkt, is het dat wel degelijk. Hij kan zich er nog niet bij neerleggen dat zijn been is gebroken en dus niet zomaar geneest. ‘“Loopgips?” vraagt Willem hoopvol,’ (p.124) en ‘“Is het nu klaar?” vraagt Willem,’ (p.130) zijn hier voorbeelden van. Ook in 'De haven' komt de ontkenningsfase terug. Nadat Roemers opleider is gevallen probeert Roemer hem te reanimeren. Hij blijft dit doen, ook al weet hij zelf dat het niet meer zal helpen. Hij zit hier dus in de ontkenningsfase:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           We gingen lang door, ik wilde niet ophouden. Ik kon niet ophouden. Ik controleerde geregeld de polsslag, maar die bleef weg. Er verstreek zeker wel een halfuur voordat we elkaar aankeken en toeknikten. Hij was dood. (p.220)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De volgende fase is boosheid. Mensen vragen zich af waarom dit hen moest overkomen. Ze vinden het oneerlijk en gaan hun woede afreageren, bijvoorbeeld op andere mensen. Mensen kunnen hun boosheid ook op zichzelf afreageren, door zichzelf de schuld te geven van de gebeurtenissen die hebben geleid tot het verlies. Beide vormen van boosheid komen terug in De haven. Roemer praat tegen zijn therapeut en denkt in zichzelf het volgende:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alsof ik nog niet genoeg aan m’n hoofd had, ja. Alsof ze mij ongevraagd kalende kunsthistorici, cardiologische decompensaties en anorectische drenkelingen konden opdringen. Ik had recht op een paar dagen vrijheid en rust maar werd opgezadeld met onmogelijke taken en een gevoel van totale minderwaardigheid. Niets had ik goed gedaan. Ik had Enno gebruuskeerd, Dick laten sterven, de marifoon niet aan gekregen. Om aan land te komen was ik afhankelijk van een jongen in dodemanskleren, want zeilen kon ik ook niet. (p.225)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het begin van het citaat is te zien dat Roemer boos is op anderen. Hij wilde helemaal niet dat een vriend van zijn mentor meeging, of dat zijn mentor hartfalen kreeg. Verderop in het citaat heeft hij het over een gevoel van minderwaardigheid en geeft hij zichzelf de schuld van Dicks dood. Dit is een duidelijk voorbeeld van het afreageren van de woede op zichzelf, wat resulteert in een schuldgevoel. Het schuldgevoel komt ook terug bij de moeder van Willem in De kwetsuur. Ze staat voor een lastige keuze met de operatie op Willems been. “Ik wil geen schuldgevoel als hij over tien jaar hinkt,” (p.134). Het schuldgevoel is in dit geval nog hypothetisch, ze denkt na over het gevoel dat ze in de toekomst zou kunnen hebben als ze een bepaalde keuze zou maken. Willems moeder reageert haar boosheid ook af nadat Willem zijn eerste gips krijgt. Ze is de parkeerkaart vergeten en begint te schreeuwen naar de uitrijpaal.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Elisabeth Kübler-Ross beschrijft de derde fase als onderhandelen. In deze fase vragen mensen zich af wat er gebeurd zou zijn als dingen anders waren verlopen:‘Wat als…’ is een terugkerende vraag. Mensen zijn bereid overeenkomsten te sluiten met zichzelf of een hogere macht, om op die manier met het verdriet van het verlies om te kunnen gaan.’
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Pa-C, 2023). Helena Lievaert vraagt zich het volgende af: ‘Waarom kon ik me niet gewoon laten helpen, zoals ieder normaal mens? Waarom dacht ik dat iedereen mij lastig, leugenachtig en losbandig vond?’ (p.111). Dit is een voorbeeld van onderhandelen: als Helena zich gewoon zou laten helpen, zou ze het schilderij weer terugzien. Willems moeder onderhandelt ook: ‘Kun je niet beter naar het ziekenhuis gaan dan naar de bergen?’ (p.134) vraagt ze zich af. Het lijkt alsof ze bang is dat ze haar zoon aan het verliezen is en daarom erg geïnvesteerd is in het behouden van zijn been. Als hij naar het ziekenhuis zou gaan in plaats van op reis met zijn vrienden, zou hij de werking van zijn been niet kwijtraken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De eerste drie fasen worden door de mens vooral gebruikt om zichzelf te beschermen tegen de emoties en pijn die komen kijken bij het verlies van iets dierbaars. Bij de vierde fase, depressie, komen deze emoties vrij. Een van de symptomen van depressie is het verliezen van interesse in wat iemand normaal leuk vindt (Kübler-Ross et al., z.d.). Dit is duidelijk te zien bij Helena Lievaert. Ze weet nadat ze een brief naar Kallander heeft geschreven niet goed wat ze moet doen: ‘Veel werk kwam er niet uit mijn handen. Ik las wat, ordende mijn papieren, zat verstrooid voor me uit te staren,’ (p.108). Helena is schrijfster en houdt normaal gesproken veel van schrijven en lezen, maar is nu zo onder de indruk van het schilderij en het verliezen daarvan dat ze zich niet meer kan focussen. In De kwetsuur is Willem erg ongelukkig nadat hij zijn been heeft gebroken:‘Pijn. Geen eetlust. Huiswerk. Televisie. Alles moeten vragen,’ (p.124). Een ander symptoom van depressie is het gevoel dat je waardeloos bent. Dit is te zien bij Roemer in De haven, als hij het volgende denkt: ‘Niets had ik goed gedaan. […] Om aan land te komen was ik afhankelijk van een jongen in dodemanskleren, want zeilen kon ik ook niet,’ (p.225). Hij zegt over zichzelf dat hij niets goed doet en niets kan. Hij voelt zich waardeloos.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De laatste fase van rouw als beschreven door Elisabeth Kübler-Ross is acceptatie. Hierbij accepteert de rouwende wat er is gebeurd. Er wordt meer gefocust op verdergaan met het leven en het leren leven met de realiteit van het verlies (Kübler-Ross et al., z.d.). In Daer een seigneur zijn handen wast is deze fase duidelijk beschreven aan het eind van het verhaal: ‘Sindsdien zie ik het schilderij. Het is van mij, ik kan het bezoeken wanneer ik wil,’ (p.118). Hoewel Helena het schilderij nooit meer terug zal zien, vindt ze dat nu niet erg meer. Het is voor haar genoeg om het schilderij één keer gezien te hebben en het in haar gedachten te kunnen bezoeken. In De kwetsuur legt Willems moeder zich uiteindelijk ook neer bij de keuzes van haar zoon. Hij wil naar de Pyreneeën met zijn voetbalteam in plaats van eerst nog naar het ziekenhuis te gaan. Hoewel zijn moeder het er niet echt mee eens is, gaat ze er niet tegenin. Acceptatie komt in De haven terug vlak nadat Dick is overleden. Roemers therapeut vraagt hem wat hij daarbij voelde, en hij antwoordt met het volgende:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet zoveel. Ik dacht vooral na over hoe het verder moest, hoe we aan land moesten komen, en waar, en wat er dan aan gebel en geregel zou volgen. Praktische dingen, daar dacht ik aan. (p.224)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Roemer is al vrij snel klaar om door te gaan met het leven zonder Dick. Dit komt overeen met de kenmerken van acceptatie. Roemer denkt aan de praktische dingen die nu zullen volgen. Hij accepteert de realiteit van het verlies van zijn mentor.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           De vijf fasen van rouw volgens Elisabeth Kübler-Ross zijn ontkenning, boosheid, onderhandelen, depressie en acceptatie. Ontkenning komt terug in alle drie de verhalen. Helena Lievaert belt mensen op en loopt langs huizen om het schilderij terug te vinden, Willem blijft hopen op goede uitslagen terwijl zijn been is gebroken en Roemer blijft zijn mentor reanimeren, terwijl Roemer al weet dat hij is overleden. Boosheid is te zien bij Roemer, die boos is op anderen en op zichzelf vanwege de dood van Dick, en bij Willems moeder. Zij krijgt een schuldgevoel en reageert haar woede af op een uitrijpaal. Helena Lievaert en Willems moeder ervaren de onderhandelingsfase: Helena denkt dat als ze zich zou laten helpen, ze het schilderij weer terug zou zien. Willems moeder is van mening dat als Willem eerst naar het ziekenhuis zou gaan voordat hij op vakantie gaat, zijn been zou genezen. Depressie komt weer in alle drie de verhalen voor. Helena verliest interesse in wat ze normaal leuk vindt, Willem voelt zich ongelukkig na het breken van zijn been en Roemer vindt zichzelf waardeloos. Als laatste komt acceptatie voor bij Helena, Willems moeder en Roemer. Helena legt zich erbij neer dat ze het schilderij nooit meer zal zien, Willems moeder accepteert dat hij op vakantie wil en Roemer leeft verder met de realiteit dat zijn mentor is overleden: ‘Dat je kunt leven terwijl er iets ontbreekt. Zoiets. Vreemd vind ik dat,’ (p.214).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Bronvermelding
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Daer een seigneur zijn handen wast’ uit: Anna Enquist, ‘De kwestuur’. Amsterdam, 1999
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            DBNL. (1980). Anna Enquist, Kritisch lexicon van de moderne Nederlandstalige literatuur, Sander Bax, Hugo Brems, Tom van Deel, Ad Zuiderent - DBNL.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.dbnl.org/tekst/zuid004krit01_01/kll00172.php" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.dbnl.org/tekst/zuid004krit01_01/kll00172.php
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘De kwetsuur’ uit: Anna Enquist, ‘De kwetsuur’. Amsterdam, 1999
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Een haven’ uit: Anna Enquist, ‘De kwetsuur’. Amsterdam, 1999
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Gratis woordenboek | Van Dale Uitgevers. (n.d.). Van Dale.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.vandale.nl/pages/gratis-woordenboek/kwetsuur" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.vandale.nl/pages/gratis-woordenboek/kwetsuur
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Janse, B. (2025, August 3). Psychoanalyse van Freud: uitleg en betekenis - Toolshero. Toolshero.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.toolshero.nl/psychologie/psychoanalyse/#:~:text=Psychoanalyse%20wordt%20gedefinieerd%20als%20een,verlangens%2C%20herinneringen%20en%20gevoelens%20hebben" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.toolshero.nl/psychologie/psychoanalyse/#:~:text=Psychoanalyse%20wordt%20gedefinieerd%20als%20een,verlangens%2C%20herinneringen%20en%20gevoelens%20hebben
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Kübler-Ross, E., Kessler, D., &amp;amp; NHPCO. (n.d.). Five stages of grief. In NHPCO.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://grief.com/images/pdf/5%20Stages%20of%20Grief.pdf" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://grief.com/images/pdf/5%20Stages%20of%20Grief.pdf
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Pa-C, J. F. M. (2023, December 12). 5 stages of grief: Coping with the loss of a loved one. Harvard Health.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.health.harvard.edu/mind-and-mood/5-stages-of-grief-coping-with-the-loss-of-a-loved-one" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.health.harvard.edu/mind-and-mood/5-stages-of-grief-coping-with-the-loss-of-a-loved-one
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wijnands-Hovingh, M. (2024, October 11). Twee dode kinderen: Anna Enquist en haar zielsverwantschap met Bach [Noordenveld Plus. De Krant.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.dekrantnieuws.nl/cultuur/cultuur/82422/twee-dode-kinderen-anna-enquist-en-haar-zielsverwantschap-met" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.dekrantnieuws.nl/cultuur/cultuur/82422/twee-dode-kinderen-anna-enquist-en-haar-zielsverwantschap-met
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wikipedia-bijdragers. (2025a, May 26). Elisabeth Kübler-Ross. Wikipedia.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://nl.wikipedia.org/wiki/Elisabeth_K%C3%BCbler-Ross" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://nl.wikipedia.org/wiki/Elisabeth_K%C3%BCbler-Ross
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wikipedia-bijdragers. (2025b, August 27). Anna Enquist. Wikipedia.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://nl.wikipedia.org/wiki/Anna_Enquist" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://nl.wikipedia.org/wiki/Anna_Enquist
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+kwetsuur+Anna+Enquist.jpg" length="63930" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 12 Oct 2025 13:01:00 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/dat-je-kunt-leven-terwijl-er-iets-ontbreekt-zoiets-vreemd-vind-ik-dat</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,De kwetsuur,essays van leerlignen,Anna Enquist,essays leerlingen,essays van leerlingen,Enquist</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+kwetsuur+Anna+Enquist.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+kwetsuur+Anna+Enquist.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een oorspronkelijke geest met een vlijmscherpe pen</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-oorspronkelijke-geest-met-een-vlijmscherpe-pen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een oorspronkelijke geest met een vlijmscherpe pen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De huilende libertijn' van Andreas Burnier
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/burnier-cover.webp"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Op de middelbare school hadden wij
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Onze literatuur
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Piet Calis. En ja, in het tweede deel (‘vanaf 1916’) – het was even zoeken - werd Andreas Burnier heus genoemd, in één bescheiden alinea, onder het kopje ‘Prozaschrijvers in Nederland na 1960’, tussen enkele andere al bijna vergeten schrijvers, terwijl het leven en het werk van schrijvers als Wolkers, Mulisch en Hermans over wel vier hele pagina’s waren uitgespreid. Toch was ik stiekem trots, want mijn oma had de twee kinderen van Catharina Irma Dessaur, zoals ze in het echt heette, een poos in huis gehad als pleegkinderen, zodat Dessaur zich op haar studie en werk kon richten. En deze auteur was dan toch maar mooi in deze literatuurgeschiedenis terechtgekomen. Waarom heb ik destijds niets van haar gelezen, en ook tijdens mijn studie niet? Haar naam kwam ik wel een paar keer tegen, maar altijd vluchtig. Pas toen ik zelf al jaren voor de klas stond, kocht ik
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het jongensuur
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , het enige boek van haar dat in de boekhandel was te vinden, en ik was onder de indruk. Ik noemde het in de klas en de leerling uit havo 4 die het voor haar leeslijst las, vond dit uiteindelijk het mooiste boek dat ze op school gelezen had. Wat een feest dat er nu eindelijk een prachtige heruitgave is van haar
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De huilende libertijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , met ‘Garçon au gilet rouge’ van Paul Sézanne op de voorkant én met een mooi en eervol nawoord van Doeke Sijens.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het boek getuigt van een bijzonder oorspronkelijke geest, van lef, humor, intellect, non-conformisme en een levendige stijl. Iedere zin kronkelt en danst van het plezier in taal. Vlijmscherp en nietsontziend is haar pen als het gaat over hoe de wereld wordt geregeerd door mannen. Sijens laat in het nawoord zien hoe de roman destijds werd ontvangen en dat is bijzonder interessant, omdat haar werk niet alleen als ‘semi-intellectueel’, ‘rancuneus’ ten opzichte van mannen en als een ‘mislukt moraliserend pamflet’ werd bestempeld door de hoge heren van de literaire kritiek, maar ook door feministen werd verworpen, omdat Burnier eerder mannen zou nadoen dan voor de vrouw opkomen. Burnier zag zichzelf ook niet als feminist. Tegenwoordig zou je haar ‘authentiek’ noemen, volkomen zichzelf, in haar tomeloze drang naar vrijheid, wars van iedere vorm van onderdrukking.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het eerste deel van de roman is van een ontroerende schoonheid, surrealistisch haast, hoe zij de twee werelden schetst waarin de hoofdpersoon en filosofiestudent met ‘speaking name’ Jean Brookman, afwisselend vanuit de verte op een ladder haar geliefde Laïs begluurt en dan weer fysiek naast haar zit:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Zomin als iemand zijn dromen, visioenen of nachtmerries vertelt aan een zakendiner, zijn heimelijkste verlangens aan een toevallige echtgenoot, en daar in feite ook zelf niet aan denkt, zomin kon ik tijdens de gewone bezoekuren iets zeggen over mijn uren en gedachten op de ladder, en herinnerde ik mij die zelf dan nauwelijks.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat ik vanaf de ladder zag, was een andere achterkamer, een andere Laïs. Degene die haar aanschouwde, was een andere Jean. De wereld die ons dan scheidde, was niet deze wereld.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Later krijgt de roman ook postmodernistische trekjes, door hoofdstukken met talloze bizarre opsommingen, allerlei brieven, waaronder een brief aan God (die vrouw is natuurlijk, en binnenkort haar dochter als verlosser naar de aarde zal sturen), een hilarische overmeestering door Jean op huisbediende Henk Papiertje, door middel van het kinderliedje van de wielewaal. Dit soort krankzinnige wendingen zie je later ook in het onvolprezen Rachels rokje van Charlotte Mutsaers. Daarnaast zijn er diverse verwijzingen naar de wetenschap en filosofie te vinden en lijkt Burnier ervan uit te gaan dat iedere lezer behalve de Engels, duitse (consequent met kleine letter gespeld, maar Dessaur heeft tijdens de oorlog vanwege haar joodse afkomst dan ook zestien verschillende onderduikadressen gehad) en Franse taal, ook de Spaanse beheerst. Waarom staat zij met dit boek niet naast een postmodernist als Kellendonk? Zoals zij voortdurend met humor de verhaalwerkelijkheid doorprikt en een genre als de schelmenroman ironiseert, doet zij niet voor hem onder.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Onverschrokken beschrijft Burnier hoe vrouwen met elkaar de liefde bedrijven en is daarmee nog veel meer taboedoorbrekend dan een Wolkers of Cremer. Waarom werd Wolkers met zijn Turks fruit in 1969 een icoon, terwijl Burnier, die een jaar later zoveel meer lef toonde door de homoseksuele liefde zo openlijk te beschrijven, in de marge van de literatuurgeschiedenis belandde?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is verbazingwekkend hoe zij de samenleving een spiegel voorhoudt. Waarom komt het als volstrekt absurdistisch voor als Jean uiteindelijk een academie opricht waarin jonge vrouwen ongestoord kunnen studeren en werken, terwijl mannen de benen uit hun gat lopen als ‘typisten, secretarissen, verplegers, reinigers, de laagste assistentenrangen’ om hen te kunnen ondersteunen? Jean gaat nog verder en regelt jongensbordelen, privévriendjes en werkjongens voor de jonge vrouwen, want juist als alle praktische zorg van hen was afgevallen en ook hun seksuele behoeften waren bevredigd, konden zij zich nog beter richten op hun werk en studie. Waarom word je hier boos van, of waarom moet je hier onbedaarlijk om lachen, terwijl het omgekeerde zo volstrekt normaal is (of in elk geval is geweest)?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is onbegrijpelijk dat men hier destijds niet de humor van inzag, de ware humor die schuilt in de tragiek. Het is volkomen terecht dat deze roman nu een heruitgave beleeft en onder de aandacht wordt gebracht, voorzien van literair-historische context door Sijens nawoord, want vrijdenkers als Burnier zijn ook in deze tijd nog zo hard nodig, zeker nu het vrije woord en de democratie steeds meer onder druk komen te staan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Andreas Burnier –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De huilende libertijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Kleine Uil, Amsterdam. 156 blz. €23,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/burnier-cover.webp" length="91700" type="image/webp" />
      <pubDate>Sun, 12 Oct 2025 12:03:35 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-oorspronkelijke-geest-met-een-vlijmscherpe-pen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Andreas Burnier,De huilende libertijn</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/burnier-cover.webp">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/burnier-cover.webp">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘haar opvreten en verzwelgen, mijn snufferd rood van haar bloed’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/haar-opvreten-en-verzwelgen-mijn-snufferd-rood-van-haar-bloed</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ‘haar opvreten en verzwelgen, mijn snufferd rood van haar bloed’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Binnenrijm van bloed' van Antjie Krog
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Binnenrijm-van-bloed-188x300.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Bloed kruipt waar het niet gaan kan en daarom zie je in het romandebuut
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Binnenrijm van bloed
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de gelauwerde Zuid-Afrikaanse dichter Antjie Krog overal de sporen van de dichter. Zij heeft haar ‘autobiografische roman’ verdeeld in acht boeken, maar ieder boek, dat uiteen dreigt te vallen in dagboekfragmenten, zorgrapportages, brieven, anekdotes en gedichten, wordt bijeengehouden door iets wat je eigenlijk niet beter kunt omschrijven dan ‘binnenrijm van bloed’. De verbindende kracht is niet alleen de bloedband met haar eigenzinnige moeder, maar ook het verlangen om af te stemmen, met elkaar te ‘rijmen’, terwijl aan alle kanten, zowel binnen als buiten, een wereld wordt afgebroken.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Antjie Krog keert terug naar haar geboorteplaats in de provincie Vrijstaat, omdat haar moeder ernstig ziek is. De aankomst, die zij op de eerste bladzijde van boek 1 beschrijft, is die van een dichter: ‘De horizon is een en al winterlucht, gras en geoogste maisakkers. Al mijn zintuigen zet ik in om de verblindende vlasblonde vlakten met hun graspluimen met het zachte, door de rijp gebleekte zaad op te snuiven, te strelen, te vangen.’ Juist dat openstellen van de zintuigen is zo karakteristiek voor poëzie, waarin het spel van klank en ritme gecombineerd wordt met een speelse invulling van de bladspiegel en alles erop gericht lijkt niet alleen het hoofd, maar vooral ook het hart te raken. De waarneming van de verschillende zintuigen loopt vaak dwars door elkaar heen en dat is precies wat in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Binnenrijm van bloed
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            steeds gebeurt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Krog beschrijft tot in de details het haar zo dierbare landschap en de ontmoetingen met haar moeder en andere familieleden of bekenden en die beschrijvingen zijn zinnelijk. Je hoort, ruikt, ziet en voelt mee en daarin ervaar je als lezer een wervelende afwisseling. Dat komt ook door de verschillende tekstvormen die ze mengt: gedichten van diverse dichters, foto’s, tekeningen, dagboekfragmenten en uiterst gedetailleerde zorgrapportages door de verpleegkundige van haar moeder, waarin bloeddruk, slaap, maaltijden, ontlasting en medicatie en nog veel meer zijn vastgelegd. Ook in de brieven tussen moeder en dochter hebben beiden veel oog hebben voor het lichaam:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘ouderdom begint bij het hoofd of bij de voeten, nou, de samenkomsten hier in het bejaardentehuis vormen daarvan het empirische bewijs. Bij de dames met hun tronie vol heilgenot en glasachtige, heldere ogen begint de achteruitgang in hun bovenkamer. Een zachte bries van zalige alledaagse niksigheid het ene oor in en het andere uit. Maar bij ons met de lellebellende keelkwabben begint het einde bij de voeten. Wij schuifelen op olifantspoten en met teennagels vol schimmelende korsten op Birckenstock-sloffen voort en je weet: als de oudjes die nu nog lopen te pronken met hun modieuze schoentjes hun stappers uittrekken, blijken hun tenen nog het meest weg te hebben van samengeklonterde macaroni.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Moeder en dochter botsen nogal eens, misschien omdat ze juist heel veel op elkaar lijken. Beiden hebben een groot gevoel voor humor en zijn enigszins stijfkoppig. Soms zijn ze bikkelhard voor elkaar, maar meestal komt dat voort uit machteloosheid en een onvoorwaardelijke liefde voor elkaar. Die laatste is bijzonder krachtig, want het is de geschiedenis van Zuid-Afrika met Boerenoorlogen, apartheid, anti-apartheid en een constante dreiging die steeds opnieuw een wig drijft tussen moeder en dochter, maar dat ze in ideeën soms lijnrecht tegenover elkaar staan, maakt hun liefde alleen nog maar sterker. Op het moment dat vader en moeder niet meer voor de boerderij Elandspruit kunnen zorgen, willen zij koste wat het kost dat de grond in de familie blijft. Grondbezit is voor hen, boeren, bijna heilig. De kinderen voelen dat echter anders, want van wie is de grond nu eigenlijk echt? Deze strijd gaat diep en de kinderen winnen hem. Krogs vader sterft kort daarop en wordt op het land begraven, maar Krogs moeder zal toch naar een verzorgingshuis moeten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het racisme zit diepgeworteld in Krogs moeder. Ook daar is de wrijving tussen moeder en dochter voortdurend voelbaar, maar ze wordt zo liefdevol verzorgd door de zwarte Victoria, dat deze vrouw voor de moeder bijna belangrijker wordt dan haar eigen kinderen. Ook ontdekt Antjie in een van de verhalen van haar moeder dat zij prachtig schrijft over ‘een afhankelijke man die zich vervolgens mateloos aangetrokken voelt tot een sterke zwarte vrouw.’ Het is alsof zij onderzoekt waar haar verbeelding en schrijverstalent haar kan brengen: ‘Dat mijn moeder hoopte met haar creatieve omgang met taal en verbeelding de eeuwenoude stenen vestingen van haar eigen racisme te slechten, is aangrijpend genoeg – boom worden, wind worden, zwart worden.’ Deze ontdekking raakt Antjie zo diep, dat zij opnieuw haar toevlucht zoekt in ‘binnenrijm van bloed’:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Er welt een diepe behoefte in me op. Om dit hier vanavond, tussen deze fragmenten met haar pogingen, in haar eigen handschrift en met haar tikfouten, vanuit mijzelf uit te spreken. Met heel mijn wezen wil ik haar broze, uitgeputte lichaam met zijn scherpe, intelligente blik, die mij mijn leven lang heeft geleid, volledig kannibaliseren, haar opvreten en verzwelgen, mijn snufferd rood van haar bloed, opdat het verscheurende gemis van de waarachtige Ander nooit in mij teniet zal gaan.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En zo overvalt Antjie Krog de lezer, bladzijde na bladzijde met haar onvervalste dichtkunst die het leven en de dood zo sterk op de voet volgt. Het boek zet je aan het denken over de complexiteit van geschiedenis, die diepgeworteld zit, over vooroordelen en het verzet daartegen. Ze slaat je openhartig om de oren met woede, wanhoop, machteloosheid, hartstocht en humor, maar daaronder woedt haar onvoorwaardelijke liefde, die ontroert, omdat je haar tussen de regels voelt rijmen van bloed.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Antjie Krog –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Binnenrijm van bloed; Autobiografische roman
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Robert Dorsman. Uitgeverij De Arbeiderspers, Amsterdam. 296 blz. €24,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Binnenrijm-van-bloed-188x300.jpg" length="16283" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 12 Oct 2025 11:59:32 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/haar-opvreten-en-verzwelgen-mijn-snufferd-rood-van-haar-bloed</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Binnenrijm van bloed,Antjie Krog</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Binnenrijm-van-bloed-188x300.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Binnenrijm-van-bloed-188x300.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'De schimmen die vastzitten in hun ketenen'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-schimmen-die-vastzitten-in-hun-ketenen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'De schimmen die vastzitten in hun ketenen'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De taal van het verborgene' van Cécile Coulon
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Cecile-Coulon-386x576.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Want zo worden mannen geboren, zo leven en sterven ze, door noodlottige verbonden te sluiten met de hemel: hun handen strelen en verscheuren, maken de huid zo zacht dat lansen en zwaarden er moeiteloos doorheen dringen. Niets jaagt hun angst aan behalve hun eigen dood, ze hebben kortere vingers dan grote apen, minder scherpe nagels dan kleine honden en toch wanen ze zich heer en meester over dieren en weilanden, nemen ze de rivieren, bomen en ruïnes van de oude wereld.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De proloog en epiloog uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De taal van het verborgene
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de Franse auteur Cécile Coulon klinken apodictisch, als kwamen ze uit de Bijbel. Grote lof hiervoor ook aan de vertaler, Nathalie Tabury. De lezer wordt ingesponnen in een mythologisch bouwsel, waarin eigen regels gelden en een andere taal wordt gesproken. Al vanaf de eerste regels lijkt het verhaal zich rechtstreeks tot het onderbewustzijn te richten, tot de plek waar angsten woeden, dromen en verlangens, de plek die je in het alledaagse bestaan in de ochtend op weg naar je werk van je afschudt, om er ’s nachts weer terug te keren. En net als in een droom kun je je wel verzetten tegen het verloop ervan, maar hij belaagt je van binnenuit.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal gaat over de zoon (net als moeder het hele verhaal consequent cursief gedrukt) die een lange tocht maakt op weg naar het gehucht Onder-in-de-Put om een taak te volbrengen: ‘Om het verborgene te zien’. Zijn moeder is een wonderdokter die wordt geroepen op momenten dat ziekenhuizen en wetenschappers in het duister tasten, als laatste redmiddel. Zij is inmiddels oud geworden en kan niet meer zo ver lopen. Het gehucht ligt in de schaduw, ‘er loopt maar één weg doorheen en een klokkentoren geeft het aanzien.’ De zoon vraagt zich af of hij er levend uit zal komen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zowel de moeder als de zoon zijn mysterieuze figuren. Ze voelen meer dan anderen de geschiedenis die in ruimtes hangt en rond de mensen die ze tegenkomen. Zo wordt de zoon overmand door beelden van verkrachtingen en intens geweld als hij kennismaakt met de vader van het zieke kind, voor wie hij geroepen werd. Hij weet in een oogwenk wat de vader allemaal op zijn geweten heeft. Alle gevoelens en gebeurtenissen komen tegelijk bij hem binnen, waardoor hij uit zijn evenwicht raakt. Omdat het de eerste keer is dat hij er zonder zijn moeder op uitgaat, voelt hij zich onzeker en soms ook onbekwaam. Bij iedere beslissing vraagt hij zich af wat zijn moeder gedaan zou hebben.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net zoals met mythologische verhalen, verhalen uit de Bijbel of sprookjes, kun je deze beschouwen als mooie verhalen waarin je je voor even in een andere tijd waant, maar je kunt ze ook als metaforen lezen die iets vertellen over je eigen leven. Zo openbaart zich de sterke verbondenheid tussen ouders en kinderen, die geschiedenis, karakters, gedrag en gaven met elkaar delen. Toch zie je tegelijkertijd hoe de zoon zich losmaakt van zijn moeder, zich realiseert dat hij weliswaar in haar voetsporen treedt, maar niettemin zijn eigen koers moet varen en daarin ook kan falen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Trauma’s worden doorgegeven, van moeder op dochter, vader op zoon. Doordat je als lezer meevoelt met de zoon, word je aan het denken gezet over wat we in het dagelijkse leven allemaal over het hoofd zien als we met elkaar samenleven: ieder mens draagt een geschiedenis mee die we van elkaar meestal niet kennen, maar die ons wel heeft gevormd. Dat vraagt om behoedzaamheid in plaats van snelle oordelen. De voortdurende aarzeling van de zoon laat zien hoe hij met verschillende mensen rekening probeert te houden en hoe ingewikkeld dat is, zonder enige zekerheid of het goed gaat komen. Mensen worden boos op hem, vallen hem zelfs aan en hij probeert te allen tijde zijn rust te bewaren. Daarin is hij een Christusfiguur, versterkt door de aanhoudende cursivering van moeder en zoon.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De taal van het verborgene
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           laat je voor even afdalen in een diepere wereld van emoties die we meestal voor elkaar verborgen houden. Waarom eigenlijk, vraag je je af, want het is of juist op dat diepere niveau veel meer mogelijkheden bestaan om verbinding met elkaar te voelen, omdat oppervlakkige tegenstellingen wegvallen als je focust op de essentie. Het is de vraag of de zoon en de moeder wel echt zulke mysterieuze figuren zijn en niet veeleer een deel van onszelf, dat we alleen maar open zouden hoeven stellen om elkaar wezenlijk te vinden:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Voor hem tellen alleen de taal van het verborgene, de schimmen die vastzitten in hun ketenen als een grote liefde in een gebroken hart’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Cécile Coulon –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De taal van het verborgene
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Nathalie Tabury. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 112 blz. €30,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Cecile-Coulon-386x576.jpg" length="26109" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 01 Oct 2025 18:32:12 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-schimmen-die-vastzitten-in-hun-ketenen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Cécile Coulon,essays,De taal van het verborgene</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Cecile-Coulon-386x576.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Cecile-Coulon-386x576.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Mordent</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/mordent</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mordent.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mordent
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kort verhaal van Dietske Geerlings naar aanleiding van de tentoonstelling 'A Gift that keeps on Giving' van Andrius Arutiunian in Dat Bolwerck
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het zit tussen haar ribben als een venijnige steen. Daar houdt het zich koest, zolang ze blijft denken. De hele reis, weggaan en ergens aankomen, weggaan en ergens aankomen, weggaan en ergens aankomen, heeft ze zich afgevraagd waar zich exact het kantelpunt bevindt tussen weggaan en ergens aankomen, of het een plek is in het landschap of een moment in de tijd waarop weggaan overgaat in ergens aankomen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vluchten, denkt ze, vluchten is weggaan en ergens aankomen inéén. Vluchten is een vorm van blijven. Ze blijft vluchteling, of ze nu weggaat, of ergens aankomt. Zolang ze zich daarop concentreert, steeds opnieuw erin faalt om het moment te vangen, blijft de steen stilliggen in haar borst.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de ochtend vermoedt ze dat haar aankomst in het centrum aan de rand van de stad, zich niet zal ombuigen in weggaan, maar in blijven. Voorlopig althans, omdat het centrum geen eindbestemming kan zijn. In de loop van de avond vertragen haar gedachten tot een stil water zich rimpelloos uitstrekt, in de diepte donker en koud.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bij het wakker worden voelt ze de trilling als een treurige mars in haar binnenste. De steen tussen haar ribben is los komen te zitten en hoe ze ook probeert het trillen te stoppen, ze kan niet voorkomen dat de steen daadwerkelijk losraakt en in het stille water van haar gedachten valt. Ze voelt hoe zij zelf de rimpels aan de oppervlakte wordt, in steeds groter wordende kringen die ze niet glad kan strijken. De steen zal zinken, op de bodem belanden, denkt ze, het water zal tot rust komen, tot ze merkt dat dat niet gebeurt, maar dat de steen blijft vallen en het donkere water onophoudelijk in beweging brengt, eerst alleen diep vanbinnen, het hart dat zich aanpast aan de frequentie van de trilling, dan de nieren, de lever, de longen, de huid, de ogen. Ze ziet wat ze al die tijd weg heeft willen denken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Yassim valt bloedend voor haar ogen neer, maar kijkt haar nog aan, zijn zusje. Yassim valt bloedend voor haar ogen neer, maar kijkt haar nog aan, zijn zusje. Yassim valt bloedend voor haar ogen neer, maar kijkt haar nog aan, zijn zusje.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze staat op en probeert met haar handen de trillende vingers weg te wuiven. Ze opent de deur naar de gang, ziet de anderen, weet niet wat ze moet zeggen, omdat de taal vastzit in haar mond en zelfs bij het trillen van haar tong niet vrijkomt. Ze rent het centrum uit, langs het hoge hek, naar buiten, de straat over, langs het weiland, de kleine rivier tussen het hoge gras, het water en
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Yassim valt bloedend voor haar ogen neer, maar kijkt haar nog aan, zijn zusje. Yassim valt bloedend voor haar ogen neer, maar kijkt haar nog aan, zijn zusje. Yassim valt bloedend voor haar ogen neer, maar kijkt haar nog aan, zijn zusje.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze opent haar mond, maar er komt geen geluid. Ze rent verder, over de brug, de straten door tot in het hart van de stad. Ze ziet mensen, maar ze spreekt de taal niet en overal waar ze kijkt valt Yassim bloedend voor haar ogen neer en kijkt haar nog aan, zijn zusje. Ze sluit haar ogen en gaat op de grond zitten, met haar rug tegen een oud gebouw op de markt. Mensen lopen langs, praten druk met elkaar, haasten zich naar hun bestemming, roepen, fluisteren, lopen langs, roepen, lopen langs, fluisteren. Lopen langs, fluisteren, roepen. De hele dag door.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dan wordt het donker en stil op straat. Door de stof van haar hemd voelt ze de stenen in haar rug en ziet Yassim die bloedend voor haar ogen neervalt en haar nog aankijkt, zijn zusje. Een paar mensen lopen nog langs, werpen kort een blik op haar, lopen verder. Yassim valt, bloedt en kijkt haar aan, valt, bloedt, kijkt haar aan, valt, bloedt, kijkt haar aan. Zijn zusje, zijn zusje, zijn zusje. De trilling van het kleine lichaam raakt een snaar in de stenen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Laag bij de grond klinkt het eerst als het brommen van een naderend voertuig, tot je beseft dat het blijft naderen, nooit aankomt. Het brommen klimt op tussen de voegen door, langs en naar binnen. Het gonzen breekt uit het stucwerk en neemt bezit van de donkere ruimtes in de buik van het gebouw, wentelt langs traptreden en koperen leidingen omhoog, vult de overloop en de gangen, kruipt in de kieren van de zolder, zwelt aan, baant zich een weg naar het belendende perceel, schudt aan de wanden, tot ook daar een aanhoudende mordent grip krijgt op de stenen, over de vloeren kruipt en via vloerkleden en meubels kamers vult.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Slapende lichamen in de stad nemen de trilling over, een vage onrust kruipt tussen hun ribben en stuwt naargeestige dromen in de cellen omhoog. Een zacht steunen gaat over in jammeren. Zwetende lichamen komen overeind in hun bedden. Mensen kijken elkaar half slapend aan, staan op en voelen het beven in de ruimtes en hun binnenste. Ze begrijpen niet waar ze deel van uitmaken en weten niet hoe ze aan het trillen kunnen ontkomen. Ze lopen onrustige rondjes in hun kamers, openen ramen, zien dat ook in andere huizen mensen voor de ramen staan en naar buiten kijken. Het gonzen stijgt boven hun hoofden uit en neemt bezit van de stad.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terwijl de trilling zich een weg baant door de constructie van de brug over het water, door het water naar de overkant van de rivier en daar ondergronds naar volgende steden zoekt, gaat er binnen de stadsmuren een licht op bij Angelino. Angelino woont al bijna een eeuw onder de klokkentoren en herinnert zich het meisje op de markt in de ochtend, haar rug tegen Dat Bolwerck. Zij is het, denkt hij. Zij, zij, zij! Hij wil haar zien, hij wil haar spreken, hij wil naar haar luisteren, maar hij ligt nog in zijn bed en eruit komen is op zijn leeftijd een hele toer. Als hij een hele poos later toch beneden bij de poort staat, voelt hij dat zijn laatste uur is geslagen en hij begrijpt het.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat wil je als je bijna honderd bent?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voor het eerst in zijn leven haast hij zich en voelt hoe bij iedere pas zijn ledematen een klein beetje uitrekken. Langer en langer wordt hij, zo lang dat zijn witte haar de hemel raakt en hij in één stap het marktplein kan oversteken. Uiterst geconcentreerd zet hij behoedzaam met zijn reusachtige schoen zijn laatste stap op de grond naast het kleine meisje neer, dat nog steeds met haar rug tegen de muur zit. Hij bukt zich om zijn hoofd op gelijke hoogte te krijgen als dat van haar, zodat hij haar ogen kan zien en hij haar kan horen spreken, haar kan horen ademhalen, trekt daarbij de hemel, die in zijn haren verstrikt is, een eindje naar beneden, zodat het licht net over haar kleine gezicht valt. Hij buigt zich diep, luistert en kijkt naar haar, het meisje, luistert en kijkt naar haar het meisje, luistert en kijkt naar haar, het meisje.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haar ademhaling en stem brengen een trilling in zijn neusvleugels teweeg en klapwiekend bereikt die het brons van de klokken, het brons van de klokken ontlokt het luiden en spelen ervan. Vanaf de torens klinkt voor heel de stad en daarbuiten in een vreemd concert van zware grondtonen een verhaal dat we allemaal kunnen verstaan, een verhaal dat we allemaal, allemaal kunnen verstaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Yassim. Yassim staat naast mij. Hij heeft voor mij een kleine platte vogel uit steen gehouwen om de zwaartekracht uit te dagen. De vogel lijkt op een vis met vleugels, maar is de mooiste, platte vogel die ik ooit in mijn handen heb gehouden. Samen staan we bij het roerloze water en Yassim laat zien hoe hij de platte vogelvis over het water van mijn gedachten kan keilen, een, twee, wel drie keer. Ik kijk naar hoe hij zijn handen houdt, de vogelvis loslaat en hoe die kort het water raakt en opvliegt als een vogel, het water raakt en opvliegt als een vogel, het water raakt en opvliegt als een vogel, tot hij zo zwaar wordt, dat hij het water raakt en als een vis onder het oppervlak verdwijnt in de diepte. Hij kijkt mij aan, zijn zusje. Hij kijkt mij aan zijn zusje, zijn zusje. Ik ben zijn zusje.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mordent.png" length="1809" type="image/png" />
      <pubDate>Mon, 15 Sep 2025 14:46:33 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/mordent</guid>
      <g-custom:tags type="string">Dietske Geerlings,essays,Mordent,Andrius Arutiunian</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mordent.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mordent.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘een dunne draad waaraan je geregen juist op de plek waar die kan breken’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-dunne-draad-waaraan-je-geregen-juist-op-de-plek-waar-die-kan-breken</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ‘een dunne draad waaraan je geregen juist op de plek waar die kan breken’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Barcode van stilte' van Hester Knibbe
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Barcode+van+stilte.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Stilte in poëzie zijn niet alleen de witregels, ook de spaties. Niet alleen de witregels en de spaties, maar ook het wit om de tekst heen. Nog verder gaat de stilte dan al dat wit. Lees
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Barcode van stilte
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Hester Knibbe, dan begrijp je misschien wat ik bedoel. ‘Als zo de tijd van het wachten en nadenken aanbreekt’, schrijft ze bijvoorbeeld. Die tijd breekt aan als je begint te lezen in haar bundel en dan breidt de stilte zich uit over jezelf en ben je voor even gevrijwaard van geluid.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Onteigening
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Rondom ons verkruimelde het gebruikelijke
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en daar stonden we plots tot onze lippen in
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een overvloed aan leegte, scherven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           stad vielen van ons af de roezemoes
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van velen. Het oor wist niet meer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wat het hoorde, het oog verdwaalde, keerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           terug naar onze voeten en verbazing
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           beving ons vanwege die kleine makkelijk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zwikkende. In die stomme vervreemding ving
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een gonzen aan waarin we elkaars hand zochten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat gebeurt er in een hoofd dat dit leest? Je raakt jezelf een beetje kwijt. Wat vanzelfsprekend en ‘eigen’ is, brokkelt af en daar sta je dan, terwijl je je afvraagt wat er nog over is waaraan je enig houvast kunt ontlenen. Maar als het oor niet meer weet wat het hoort en ook het oog verdwaalt, raak je alle grip van je zintuigen kwijt. Je gaat je verbazen over je eigen voeten. Alles lijkt vreemd. In de laatste strofe vind je jezelf weer terug in dat zoeken naar elkaars handen, want als jij de enige bent die de vervreemding voelt, kan de ander je er misschien uittrekken en je de context weer teruggeven die je kwijt was. Als ook de ander de vervreemding voelt, dan ben je in elk geval even samen. Ook dat biedt troost.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Knibbe bouwt ‘in de marge’ een wereld uit een kanttekening. Door de stiltes die zij tussen de regels schudt, kijk je met verbazing toe hoe letters wankele bouwsels vormen waarin je scherven van de wereld herkent. Je kunt geen recht pad volgen, je zwikt, zwenkt en struikelt tot je door de mooiste regels opgevangen wordt, zoals: ‘Dit is de schepping: een dunne draad waaraan je geregen / juist op de plek waar die kan breken.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de titel van de bundel huist al een schitterende tegenstelling tussen de oeroude, eenvoudige ‘stilte’ en een staaltje hogere techniek van deze tijd: de barcode. Het is alsof Knibbe de wereld tegen het licht van die oeroude stilte houdt en daarmee een geheim openbaart.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘In steen’ is een ontroerende reflectie op de hiërogliefen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voor wie mij las was ik een welbekend
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           verhaal, bewaarde taal die als een rots
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gebeiteld stond en staat. Toen ging ik
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           even ondergronds, werd een enigma voor
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wie mij weer eeuwen later vond. Maar wat is
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tijd voor wie niet sterven kan hooguit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een scherf verliest en wat is eigenlijk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           verliezen dan? Mij krijgen ze niet klein
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ja zelfs in stukken blijft nog mijn geheim
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           intact: ik ben de rots waarop men bouwt, althans
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een splinter van. Maar zelfs een fractie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van waarop men leeft kan koninkrijken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           om doen slaan, iemand de dood in drijven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ligt eraan wat de ontcijfering
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           te zeggen heeft. Ik draag de openbaring
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van een rijk, een perspectief dat heeft bestaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           verdween. Wat slechts betekent dat wat heden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           leeft erop berust: men kan niet terug, gedoemd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           om stap voor stap de toekomst in te gaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een dicht verleden in de rug. Ik ben een oud
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en nieuw relaas, een naricht, tombola.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zijn de hiërogliefen de barcode uit de oertijd? Het geheim van Knibbe is hoe zij zo ogenschijnlijk eenvoudig niet alleen het wonder van de tijd ontrafelt, de vergankelijkheid, maar ook de wankele gelaagdheid van onze samenleving. We bouwen voort, kunnen alleen de toekomst in, met geen mogelijkheid meer terug, maar toch zijn we voor altijd in dat verleden geworteld. In de eerste strofen lees je hoe een verhaal weliswaar in rots gebeiteld kan staan, maar daarna in een raadsel kan veranderen. Je gaat als vanzelf nadenken over wie na ons onze ‘barcodes’ gaan ontcijferen en wat zij dan zullen vinden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Barcode van stilte
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is precies wat zij belooft: de stilte tussen de tekens, waarin het eeuwenoude geheim van ons wezen en onze wereld zich ontvouwt in een verwonderend: o!
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hester Knibbe –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Barcode van stilte
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Arbeiderspers, Amsterdam. 88 blz. €19,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Barcode+van+stilte.jpg" length="19954" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 09 Sep 2025 16:32:53 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-dunne-draad-waaraan-je-geregen-juist-op-de-plek-waar-die-kan-breken</guid>
      <g-custom:tags type="string">Barcode van stilte,essays,poëzie,Hester Knibbe</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Barcode+van+stilte.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Barcode+van+stilte.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Wit op wit</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wit-op-wit</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wit op wit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Over het witte olifantje tegen de witte achtergrond van Faverey en meer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_3411-2-666b3472.PNG"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In een wit olifantje tegen een witte achtergrond lag mijn eerste kennismaking met de poëzie van Hans Faverey verscholen. Van zo’n eerste kennismaking ben je je niet altijd bewust. Je rolt erin en achteraf denk je: ja, dat was de eerste keer dat ik iets van Faverey las. Wat ik niet meer weet, is hoe het aan mij verschenen is, of ik het zelf had uitgekozen of dat Redbad Fokkema het mij in zijn college heeft aangereikt om het te analyseren. Sindsdien bezoekt het wonderlijke verschijnsel nog regelmatig mijn gedachten:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Door mij godweet hoe langdurig niet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           weer zo een wit olifantje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           te willen voorstellen,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tegen een witte achtergrond,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tot beiden zijn verdwenen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zo verdwijn ik zelf niet.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat moet ik doen;
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wat heb ik willen doen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik was in slaap gevallen;
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik heb gefaald.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gefaald: meer niet.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het gedicht is onderdeel van de cyclus ‘Te vroeg’ uit Favereys bundel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Lichtval
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Over deze cyclus schreef ik uiteindelijk mijn doctoraalscriptie. Dat zoiets destijds mogelijk was, roept wellicht verwondering op. Tegenwoordig wordt bij masterscripties de maatschappelijke relevantie onderstreept. Zelfs toen al, toen ik mij wekenlang met of misschien wel ín Favereys cyclus had opgesloten, heb ik mij afgevraagd of het wel maatschappelijk verantwoord was om je op dit niveau van je opleiding zo te distantiëren van de buitenwereld en in taal te verdwijnen. Achteraf denk ik dat deze eenzame opsluiting in ‘Te vroeg’ mij ertoe heeft gebracht de rest van mijn leven in lokalen door te brengen met net iets te veel kinderen, ter compensatie. Het witte olifantje tegen de witte achtergrond, maar ook het wiel dat ‘stil valt’ en daarbij dus ofwel stil aan het vallen, aan het draaien is, ofwel stopt met dat draaien, hebben mij bij de essentie van het bestaan gebracht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijn scriptie heeft geen maatschappelijke relevantie op zichzelf, denk ik, want ik heb mij altijd afgevraagd of zelfs Redbad Fokkema als begeleider deze wel gelezen heeft, of dat hij er destijds van uitging dat het wel weer zeer goed zou zijn na al mijn essays en er gewoon een negen onder heeft gezet, en of niet Remco Ekkers ongeveer dertig jaar na dato de eerste en enige lezer van mijn scriptie is geweest. Indirect heeft het proces van denken, onderzoeken en schrijven wél maatschappelijke relevantie gehad, want ik was daarna vastbesloten mij bezig te houden met de ander, nadat ik zo in mijzelf was afgedaald. Ekkers heeft mij na het lezen ervan uitgenodigd om over poëzie te gaan schrijven, eerst voor oote.oote.nl. Daarna kwamen Tzum en Poëziekrant op mijn pad. Zonder die uitnodiging zou ik niet op het idee zijn gekomen, vermoed ik. Of het schrijven over poëzie en literatuur in het algemeen maatschappelijke relevantie heeft, weet ik niet. De vraag houdt me veelvuldig bezig en brengt me regelmatig op het punt dat ik mij voorneem er voor altijd mee te stoppen. Ik vermoed dat ook hier de maatschappelijke relevantie weer indirect is, waardoor ik toch maar doorga. Literatuur heeft maatschappelijke relevantie. Daarover twijfel ik niet. Het schrijven erover is vooral bedoeld aandacht te vragen voor deze literatuur en het gesprek erover op gang te brengen. Vooruit dan maar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het gedicht over de voorstelling van een wit olifantje tegen een witte achtergrond roept talloze vragen op over het bestaan en over de taal. Ik heb het zelfs in verband gebracht met Die Welt als Wille und Vorstellung van Schopenhauer. Wie niet langer wil, vindt rust. De ik in Favereys gedicht heeft zich godweet hoe langdurig niet een wit olifantje tegen een witte achtergrond wíllen voorstellen, tot beide zijn verdwenen. Toch is hij er zelf nog. Hij is in slaap gevallen en heeft dus gefaald. Had hij zelf willen verdwijnen? Is het überhaupt mogelijk om in een witte achtergrond een wit olifantje te onderscheiden? Wat vraagt zoiets van de menselijke geest? Wat is falen? Als de ik niet is verdwenen, maar er nog ís, en als dat ‘zijn’ een vorm van falen is, is dan misschien het leven niets anders dan een voortdurende poging en mislukkingsproces ineen? De kracht van Favereys gedicht is dat je niet uitgedacht raakt. Hij heeft tekens en wit dusdanig gecombineerd dat je erover kunt blijven nadenken. Het gedicht doet zich niet eenmaal hetzelfde voor. Het verandert met iedere lezing. Het verontrust en brengt berusting.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Deze zomer las ik
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wit op wit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van de Turkse auteur Ayşegül Savaş, uitgegeven door Ivo Kievenaar. Hierin is de schilder Agnes bezeten door witte olieverf op wit doek. Terwijl de studente, vanuit wie je het verhaal leest, het leven van haar huisgenoot Agnes schampt, voel je als lezer dat het dunne schutsel tussen twee mensen uiterst kwetsbaar is. Door met elkaar te spreken, dringt juist het verzwegene aan je op, waardoor je het gevoel krijgt dat door contact te maken met elkaar in de taal, mensen nog verder van elkaar verwijderd raken. Een mysterie ontvouwt zich, tragisch en afgrondelijk diep. Agnes vertelt dat veel van haar werk te maken heeft met het bereiken van stilte, door wat aan ballast resteert, los te laten, net zolang tot ze een zuivere mentale staat verwerft:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Het ging erom dieper te duiken in het afzonderlijke moment, vervolgde ze. Binnen elke staat bevond zich een andere, nog verfijndere. Naarmate ze daar beter op afgestemd raakte vond ze meer om van binnen te onderzoeken. Eten ging trager, wandelen ook. Zelfs in de eenvoudigste handelingen gebeurde zo veel dat het een feest om te observeren was.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Marina Abramović merkt over dit werk op dat het lezen ervan voor haar is ‘alsof je laag voor laag een opperhuid openvouwt; behoedzaam, mysterieus, diep.’ Zo is het maar net, maar wat je daar vervolgens vindt, is verontrustend. Het zet je aan het denken over je relatie met de ander, over wat onder de oppervlakte woedt, waar je geen vat op krijgt. Is wat Agnes zoekt, niet vergelijkbaar met het willen voorstellen van een wit olifantje tegen een witte achtergrond, een staat van rust en stilte verwerven, en is haar poging niet het balanceren langs de afgrond, het voortdurend falen, dat ‘leven’ heet? Het is namelijk juist Agnes die steeds de studente opzoekt, terwijl die haar juist probeert te ontwijken. Geen wonder, want niet iedereen zit te wachten op het openvouwen van die opperhuid en de aanblik van de afgrond eronder.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van Schopenhauer is ook de paradox van de egel met betrekking tot menselijke relaties: toenadering zoeken om toch steeds gekwetst te worden. Ik herinner mij die worsteling tijdens mijn studie. Ik koos de afzondering om na te denken, te onderzoeken, maar voelde hoe ik steeds verder afdreef van de buitenwereld. Als ik terugkwam in de buitenwereld, was daar de vervreemding: er was niemand die zich in de buurt van mijn binnenwereld ophield. Het studentenleven vond plaats in overvolle cafés, werd gezegd, maar dat leek over een ander leven te gaan dan dat van mij, dacht ik. De laatste tijd denk ik steeds vaker dat dat niet het geval is, dat de eenzaamheid die je voelt tussen de anderen, ermee te maken heeft dat jij vanuit je eigen perspectief de enige bent, die van binnenuit naar de anderen kijkt, dat de anderen daardoor altijd iets gemeenschappelijks lijken te hebben waar jij nooit deel aan kunt hebben. Echter, voor al die anderen geldt hetzelfde. Zij zijn de enigen die hun eigen binnenwereld kunnen ervaren op het moment dat zij naar de ander kijken. Dat maakt ons steeds opnieuw tot unieke wezens, die tegelijkertijd iets gemeenschappelijks hebben: de eenzaamheid in onszelf, nooit zeker weten hoe we ons verhouden tot de ander, de zoektocht naar overeenstemming, naar innerlijke rust en het onophoudelijk falen daarin.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Lilian van den Einden maakt van vilt grote en kleine werelden van wit op wit in allerlei verschillende materialen. Deze zomer belandde ik bij toeval in mijn geboortestad Deventer in haar atelier, waar ze ter plekke zo’n wereld aan het maken was. Aan de muur hingen houten blokjes met kleine werelden van wit op wit. Misschien dat het even was of ik bij mijn oorsprong was beland, dat onbeschreven blad, dat wit dat ook zo ontroert in ‘Totaal witte kamer’ van Gerrit Kouwenaar: alles is nog mogelijk, ik ben nog niet uit mijn afwezigheid tevoorschijn gekomen als uniek verschijnsel, maar val nog samen. Toch, in het wit zie je structuren tevoorschijn komen van andere materialen: zijde op wol, of meerdere kleuren wit die zich toch van elkaar onderscheiden. ‘Dit is schepping:’, schrijft Hester Knibbe in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Barcode van stilte
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , ‘een dunne draad waaraan je geregen / juist op de plek waar die kan breken.’ Natuurlijk was ook daar oog in oog met het vilt het witte olifantje in mijn gedachten, nooit hetzelfde witte olifantje, maar steeds opnieuw die voorstelling ervan, in een andere tijd, deze tijd, nu, in het moment waarop nog alles mogelijk is en ik nog steeds niet weet hoe ik mij tot de ander moet verhouden, kan verhouden, wil verhouden. Een blik is misschien genoeg, een hand, een woord, een lach, of een schaapachtig zwijgen, om het woeden dat eronder ligt, enigszins tot bedaren te brengen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_3411-2-666b3472.PNG" length="977515" type="image/png" />
      <pubDate>Sun, 07 Sep 2025 10:41:57 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wit-op-wit</guid>
      <g-custom:tags type="string">Hans Faverey,essays,Gerrit Kouwenaar,wit op wit,Lichtval,Lilian van den Einden,Ayşegül Savaş</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_3411-2-666b3472.PNG">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_3411-2-666b3472.PNG">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Essentiële oliën in een kunstig vat</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/essentiele-olien-in-een-kunstig-vat</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Essentiële oliën in een kunstig vat
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Wat niet vergaat' van Leonieke Baerwaldt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Leonieke-Baerwaldt+wat+niet+vergaat.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wie tussen 6 en 21 september in Brabantse boekhandels een boek koopt van minimaal 15 euro krijgt het Brabants Boek Present van Leonieke Baerwaldt cadeau. En voor
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat niet vergaat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            wil je natuurlijk vanuit alle windstreken naar Brabant afreizen, want precies dát is het wonder van dit geschenk: je blijft erover denken, het laat je niet meer los.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wie ook
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier komen wij vandaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dagen als vreemde symptomen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Baerwaldt heeft gelezen heeft al kennisgemaakt met haar dynamische en raadselachtige vorm van schrijven. Haar werk is fragmentarisch, luchtig en loodzwaar tegelijk, bijeengehouden door een fijn spel van verhaallijnen die slechts losjes met elkaar verbonden zijn. Je zou kunnen zeggen dat de ‘Richtlijnen voor het zetten van thee’ waarmee het boek begint, ook van toepassing zijn op het lezen ervan:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Overgiet de gedroogde bladeren met kokend water. Laat maximaal 7 minuten trekken op een theelichtje onder een theemuts. Schenk vervolgens door een zeef in uw thermoskan. Het beste drinkt u het slokje voor slokje, zodat u over de dag gezien ongeveer twee á drie koppen binnenkrijgt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bij sommige theeën, vooral van bloemen, is het beter om het water net onder het kookpunt te houden, anders gaan de essentiële oliën verloren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net onder het kookpunt houden is dan wellicht equivalent aan niet alles willen duiden, zodat je de kunst niet kapot knijpt en de essentie niet verloren gaat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een schrijver heeft de opdracht gekregen het Brabants Boek Present te schrijven. Ze denkt dat daarvoor de geschiedenis van haar streekgenoot Willem, een kruidendokter uit de jaren zestig, misschien geschikt is. De kruidendokter werd destijds op televisie ontmaskerd als kwakzalver en zwendelaar. De schrijver wilde met haar broer een script hierover schrijven, maar tussen de fragmenten uit het script door lees je in een soort briefvorm aan de broer dat de schrijver haar broer helaas verloren heeft: ‘Als ik aan vroeger denk, verbaas ik me erover dat je zomaar spoorloos uit ons leven kon verdwijnen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De fragmenten uit het script ‘Held of schurk (een film over de val van een imperium)’ bevatten uitspraken van de kruidendokter zelf, maar ook van zijn vrouw Hendrika en huishoudster Lenie in Brabantse streektaal: ‘Jullie zijn erin getrapt, za’k mar zegge. Da is misschien nie makkelijk toe te geven, moar ge zag het pas toen het te loat was. Jullie zijn nie de enige, hoor.’ Voor Brabanders zal dit vast extra genieten zijn. Tussen de uitspraken vind je ook talloze regieaanwijzingen: ‘Willem zit in zijn bureaustoel en leunt achterover, handen achter zijn hoofd, zelfingenomen. Hij wendt zich naar de camera alsof hij een geheim verklapt.’ De afwisseling in taalregisters maakt het boek levendig en dynamisch. Er worden steeds meer vragen opgeroepen, waardoor het boek ook op een puzzel lijkt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De tragiek van het bedrog door de kruidendokter komt op verschillende manieren naar boven, waardoor het uiteindelijk overal binnendringt: in de recepten (‘Wat te doen bij kanker’), in de uitspraken van Willem zelf over zijn drijfveren, maar ook uit die van zijn directe omgeving en patiënten. Zijn waarheid hangt als los zand aan elkaar en de fragmentarische structuur van het boek sluit daar heel mooi bij aan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarnaast is er de tragiek van het gezin waaruit de schrijver en haar broer komt. Omdat ze weer terug is in haar oude woonplaats, komt ze overal herinneringen tegen: ‘Ze kleven aan de straten, aan de snoepwinkel in het centrum waar we ons zakgeld opmaakten, het verweerde steigertje waar we die eerste sigaretten rookten.’ Je voelt hoe dromen en idealen van vroeger vervlogen zijn, zoals ook de wonderen van de kruidendokter illusies bleken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Heerlijk zijn Baerwaldts verwijzingen naar de wis- en natuurkunde. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dagen als vreemde symptomen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            was dat de band van Möbius, die ik naar aanleiding van haar boek, serieus uit papier ben gaan knippen, omdat ik wilde begrijpen hoe het in elkaar zat. Hier noemt Baerwaldt de kwantumverstrengeling als beeld voor haar band met haar broertje:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Wanneer twee objecten zodanig met elkaar verbonden zijn dat het ene niet meer volledig beschreven kan worden zonder het ander specifiek te benoemen, ook al zijn beide ruimtelijk gescheiden, heet dat kwantumverstrengeling.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo voelt afstand tussen ons, broertje, nog steeds als ‘wij’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Superkrachten bestaan niet, stuur ik je.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Uiteraard krijg ik geen antwoord.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net als haar vorige boeken is ook dit boek rauw, humoristisch en experimenteel: ‘Deadlines zijn een rollator voor de slecht schrijvende.’ Wat is feit en wat is fictie, vraag je je als lezer af. De schrijver is een alter ego van Baerwaldt die immers met dit boek het Brabants Boek Present heeft geschreven. Hoe kan het dat je je aan personages gaat hechten die zo ogenschijnlijk losjes in taal zijn gevat en dat je in een mum van tijd in allerlei complexe levensvragen verstrengeld raakt? Het is Baerwaldts vakkundige, raadselachtige mengsel van stijl, thematiek en opbouw, waarnaar je steeds weer teruggrijpt, omdat het niet vergaat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Leonieke Baerwaldt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat niet vergaat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Querido, Amsterdam. 96 blz. €19,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Leonieke-Baerwaldt+wat+niet+vergaat.jpg" length="25459" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 07 Sep 2025 10:14:32 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/essentiele-olien-in-een-kunstig-vat</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Wat niet vergaat,Leonieke Baerwaldt</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Leonieke-Baerwaldt+wat+niet+vergaat.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Leonieke-Baerwaldt+wat+niet+vergaat.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Dichter bij de politiek</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/dichter-bij-de-politiek</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dichter bij de politiek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/DSC_0908.JPG"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           We kunnen dichter bij de politiek zijn als we lezen en schrijven, zelfs als we de verbeelding even loslaten, zelfs als we de verbeelding juist laten spreken, zelfs ook als we beide doen, onophoudelijk en afwisselend.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In het voorwoord van Arnon Grunberg bij
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Strepen aan de hemel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en andere oorlogsverhalen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (editie van 2021) van G.L. Durlacher staat een uitspraak van Durlacher over hoe hij wil schrijven over de oorlog: ‘Het moet zo nauwkeurig mogelijk zijn, er mogen geen fictionele elementen gebruikt worden.’ Ook zegt hij: ‘Als er nu te literair over de oorlog geschreven wordt, zullen de mensen straks een onzuiver beeld van de oorlog hebben. Een onwaar beeld.’
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze uitspraak is bijzonder interessant, omdat het je aan het denken zet over wat waarheid is, zeker betrekking tot een oorlog. Je kunt bijna niet anders dan met Socrates constateren dat iedereen zijn eigen waarheid heeft en als er al een objectieve waarheid zou zijn, dan zal dat wellicht bij benadering de optelsom van al die individuele waarheden zijn. Durlacher maakt namelijk belangrijke keuzes in wat hij wel en wat hij niet beschrijft. De werkelijkheid beschrijven kan namelijk niet anders dan door heel veel elementen weg te laten. Ik ben nog steeds diep geraakt door Durlachers keuzes. Zo lees je hoezeer zijn familie gehecht was aan de Duitse cultuur, zoals aan de muziek van Wagner die veelvuldig uit hun radio klonk. Zijn vader en oom Jacob schoven hun zware fauteuils ervoor naar dat kleine kastje. Wat heeft deze informatie voor effect op de lezer, die weet dat ook Adolf Hitler een groot liefhebber was van deze componist? Durlacher beschrijft hoe zijn docent zijn wiskundeboek brengt naar het bureau waar Durlacher als kleine jongen met zijn familie wordt vastgehouden, vlak voor zijn deportatie. Hij kiest ervoor iemand te beschrijven die tegen de stroom in handelt. Ook in de verhalen die zich afspelen in het kamp zelf, kiest hij anekdotes over Duitsers die ervoor kozen joden voor zover mogelijk te helpen tegen alle regels in.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Nu kun je als lezer hier de simpele waarheid uit destilleren dat joodse mensen ook van Duitse cultuur kunnen houden en niet alle Duitsers ‘slecht’ waren. Die waarheid is op zichzelf al troostrijk. Toch blijft het daar niet bij. Door deze subtiele keuzes van Durlacher doemt er op de achtergrond een nog veel grotere waarheid op, die alle journalistiek overstijgt, namelijk dat de mens onder alle omstandigheden mens blijft en keuzes maakt. Robert Antelme schrijft in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De menselijke soort
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            hoe hij aan het eind van de oorlog met enkele anderen uit het kamp vlucht, onder leiding van de Kapo, en daar voor het eerst sinds lange tijd weer koeien ziet. Hij komt dan tot het besef dat de SS’ers ervan droomden dat de gevangenen beesten zouden worden en zij die zouden kunnen doden, maar Antelme voelt op dat moment dat hij met geen mogelijkheid een beest zou kunnen worden als een koe. Je blijft hoe dan ook mens, ook als je wordt afgeslacht. Hij komt tot nog een besef: ‘er zijn geen menselijke soorten, er is één menselijke soort. Omdat wij mensen zijn zoals zij, zullen de SS’ers uiteindelijk machteloos staan tegenover ons. [...]. Dat alles wat die eenheid in de wereld maskeert, alles wat mensen in een situatie van uitbuiting en onderworpenheid plaatst en daarmee het bestaan zou impliceren van soortvariëteiten, onwaar en dwaas is, en dat wij daarvan hier het bewijs hebben, het meest onweerlegbare bewijs, aangezien het ergste slachtoffer niet anders kan dan vaststellen dat de macht van de beul, in zijn ergste vorm, geen andere kan zijn dan die van de mens: de macht om te moorden. Hij kan een mens doden, maar hij kan hem niet in iets anders veranderen.’
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit besef dringt ook tot je door als je Strepen aan de hemel leest en bedenkt dat Hitler met Durlachers familie mensen heeft vermoord die zielsveel van dezelfde muziek hielden als hijzelf. Zielsverwanten dus. Zijn eigen soort. Waar ook ter wereld mensen elkaar uitmoorden: zij doden hun eigen broeders en zusters.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je kunt, zoals Durlacher laat zien, de verbeelding dus zoveel mogelijk uit een literair werk bannen om een waarheid boven te krijgen, die universeel en tijdloos is, maar die waarheid staat of valt bij de keuzes die de schrijver maakt over wat hij wel of niet beschrijft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het omgekeerde is ook het geval. Er zijn dichters die juist de werkelijkheid dichter naderen door die verbeelding. Neem Babs Gons, met haar ‘ga terug naar je eigen land’ uit de bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           doe het toch maar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Een van mijn leerlingen met een Turkse achtergrond vertelde ooit bij zijn mondeling tentamen literatuur dat hij iedere week minstens zeven keer ‘Ga terug naar je eigen land’ naar zijn hoofd werd geslingerd: op de fiets, in winkels, of andere openbare ruimtes. Hij werd er niet meer warm of koud van, maar hij vroeg zich wel af wat het was, zijn eigen land, omdat hij hier in Nederland geboren was en hij meer oorspronkelijk Nederlandse vrienden had dan Turkse. Kort daarna kwam ik het gedicht van Babs Gons tegen en sindsdien open ik daar ieder schooljaar mee. In dit gedicht brengt Gons meerdere waarheden aan het licht met betrekking tot ‘het eigen land’. Allereerst laat ze ervaren hoe de plek waar je vandaan komt, eigenlijk veel meer is dan alleen maar een topografische plek. Het zit in je hele lijf en ziel en daarmee ‘heb’ je niet zozeer een eigen land, maar je ‘bent’ het:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ga terug naar je eigen land
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zet diep vanbinnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voet op eigen bodem
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           leg je hand op je hoofdstad
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           haal diep adem
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           door je buitenwijken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           waar straten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zijn vernoemd naar je ware helden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ga terug en
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wees je eigen land
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze ervaring van je ‘eigen land zijn’ komt veel dichter bij de werkelijkheid dan waar men doorgaans van uitgaat, namelijk dat iedereen een eigen land ‘heeft’. En als je bedenkt dat iedereen dus eigenlijk zijn eigen land ‘is’, dan is het ook helemaal niet meer zo erg om terug te gaan naar dat eigen land, want dat betekent dan niet veel meer dan dat je jezelf mag zijn. Gons beschrijft dat als volgt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik ga terug naar mijn eigen land
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           betreed mijn gronden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           vol verhalen van voorouders
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           waar het verspilde bloed
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           diepgewortelde eiken voortbracht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die me rechtop houden tussen de
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           resten van plantages
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           overwoekerd door distels en doofpotten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze laat tegelijkertijd voelen hoe complex dit eigen land is: het is verstrengeld met voorouders en met de geschiedenis. Het is daarom niet zo vreemd dat ze na deze strofe overgaat op ‘wij’:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           laten we teruggaan naar ons eigen land
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de grond weer van ons allen maken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           weer naar de zon laten groeien
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wat is platgetrapt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           laten we de lucht zuiveren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           met kamfer, kokos, citrus
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           sandelhout en salie branden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           luisteren naar de legendes
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           onder de sequoia, de baobab
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de kankantrie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de stilte weer leren horen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tussen het geruis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de stemmen van onze voorgangers
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ons verbinden met het land
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de lucht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de rivieren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met de vorige waarheid trekt Gons een nieuwe omhoog, want hoezeer we ook allemaal ons eigen land zijn als individu, we maken ook deel uit van een gemeenschap, van ‘wij’ en om daarin te kunnen leven, is het nodig om ons eigen land te verbinden met dat van de ander, er ‘ons land’ van te maken, maar wat is dan ‘van ons’? Je voelt hier dat dit veel verder reikt dan de landsgrenzen en het is ook belangrijk de vraag te stellen: waar liggen onze grenzen eigenlijk en hoe komt het dat die grenzen daar liggen? Juist in een wereld die iedere dag via beeldschermen binnenkomt, is het nogal naïef om angstvallig vast te houden aan landsgrenzen. Als mijn welvaart voorbij mijn landsgrenzen zorgt voor een overstroming elders in de wereld, of het sterven van mensen door vervuiling, dan kun je je afvragen of die landsgrens wel zo ‘feitelijk’ en ‘waar’ is, of daar niet veel meer sprake is van een denkbeeldige grens die we ooit hebben opgeworpen en wij door uitbuiting of vervuiling zelf die grens al zover hebben verlegd dat dat andere deel van de wereld net zo goed van ons is en wij ons daar medeverantwoordelijk voor moeten voelen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wat de dichter Babs Gons hier aan de orde stelt, beschrijft ook Stevo Akkerman in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Trouw
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (26 augustus 2025) in zijn artikel ‘De liefde voor de eigen grond kan leiden tot haat voor de ander’. ‘Voorlopig zitten we vast aan de verkaveling van de wereld in landen en volken’, schrijft hij, maar:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Het is een van de grote paradoxen van onze tijd. Partijen die om het hardst beweren dat onze grond moet worden verdedigd tegen vreemdelingen, vegetarische fratsen en klimaatactivisme, bekommeren zich het minst om die grond zelf, of die niet verstikt wordt door ons eigen handelen. Reden te meer om na te denken over rechten voor de natuur, de aarde, het water, de levende wezens. Ze hebben niet alleen waarde voor ons, maar ook in zichzelf.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dichters, filosofen, journalisten, fotografen brengen ons met of zonder verbeelding dichter bij de waarheid en daarom zouden zij actief betrokken moeten zijn in de politiek, waar besluiten genomen worden. Het is geen magie of naïviteit waarmee Babs Gons dat kortzichtige imperatief ‘Ga terug naar je eigen land’ ombouwt tot uiteindelijk:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           kom terug naar je eigen land
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           begroet jezelf bij de grens
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           verwelkom jezelf
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           op je eigen gronden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze laat namelijk zien en ervaren hoe noodzakelijk het is dat die beweging van de spreker af (‘ga’) een beweging wordt naar de spreker toe (‘kom’) – met behoud van dat eigen land! – omdat je alleen kunt samenleven als de ander dezelfde rechten en vrijheden heeft als jijzelf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lezen en schrijven vertragen, en misschien heeft juist die vertraging een positief effect op de lange termijn, omdat er dan meer aandacht komt voor verschillende perspectieven en er diepere, universele waarheden aan het licht komen die ons bij duurzamere oplossingen kunnen brengen, dan als we alleen even snel kiezers willen trekken met enkelvoudige leuzen die al niet eens standhouden in een zacht zomerbriesje, laat staan een flinke windvlaag, of nog erger, een orkaan of tsunami. Krachtig laat Gons voelen hoe alles staat of valt bij een gekozen perspectief. Wie de volgende strofe uitspreekt in het bijzijn van welke ander dan ook, kan haast niet anders dan zich ‘wij’ voelen en diep beseffen dat dit de waarheid is:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           weet je eigen land
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           altijd vlak achter je ogen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           opgevouwen net onder je borstkas
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tussen duim en wijsvinger
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wees nooit een vreemdeling
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           want dit alles is jouw eigen land
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/DSC_0908.JPG" length="179775" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 28 Aug 2025 11:48:59 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/dichter-bij-de-politiek</guid>
      <g-custom:tags type="string">filosofie,essays,politiek,poëzie</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/DSC_0908.JPG">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/DSC_0908.JPG">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Spreken over genocide en de taal voor het onbekende; dichter in de politiek</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/spreken-over-genocide-en-de-taal-voor-het-onbekende-dichter-in-de-politiek</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Spreken over genocide en de taal voor het onbekende; dichter in de politiek
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;a href="/"&gt;&#xD;
    &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/DSC_1658-9bae79e2-68336563.jpg"/&gt;&#xD;
  &lt;/a&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat taal op geen enkele manier de werkelijkheid kan vangen, voel je wellicht het sterkst als je iets heel gruwelijks ervaart, iets heel verdrietigs, of juist iets heel moois. Toch is dit tekort het gevolg van een wezenlijke eigenschap van de taal. Taal categoriseert, en die eigenschap is zowel zeer praktisch als gevaarlijk ondermijnend, zeker op plekken waar belangrijke beslissingen worden genomen, zoals in de politiek. Daarom pleit ik voor meer dichters in de politiek.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Voor mij was het W.F. Hermans die deze eigenschap van taal voor het eerst openbaarde, namelijk in zijn preambule bij de verhalenbundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Paranoia
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Een woord dat verwijst naar iets in de werkelijkheid, zoals ‘paard’, suggereert dat alles wat onder dat woord ‘paard’ valt, aan elkaar gelijk is. In werkelijkheid, zo zegt Hermans, is een paard in de stal een ander paard dan een paard voor de wagen en zodra dat paard begint te bewegen, zou je het eigenlijk in een oneindig aantal woorden steeds opnieuw moeten beschrijven om de werkelijkheid geen tekort te doen. Dat is ondoenlijk, vooral als je bedenkt dat een ander die naar datzelfde paard kijkt vanuit een andere hoek, daar ook weer nieuwe taal voor nodig heeft. Om met elkaar over het paard te spreken, is het wel zo praktisch om enigszins te categoriseren. Als ik wil dat jij het paard eten geeft, dan heb ik niet zoveel taal nodig om jou tot die handeling aan te zetten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met leerlingen heb ik het vaak over deze eigenschap van de taal, waar het gaat om de beschrijving van heftige gevoelens. Mensen die de oorlog nog hebben meegemaakt, zeggen dat je het woord ‘honger’ niet moet gebruiken als je even een beetje ‘trek’ hebt. Het woord ‘oorlog’ uit de vorige regel is op dit moment al problematisch. Over welke oorlog heb ik het en maakt het uit over welke oorlog ik het heb? Was bijvoorbeeld de honger in de Tweede Wereldoorlog dezelfde als die op dit moment in Gaza? Ook de voorgaande zin is problematisch, want over wiens honger heb ik het in die Tweede Wereldoorlog en is het woord ‘honger’ toereikend voor alle individuele vormen van honger die op dit moment in Gaza worden ervaren, en waar heb ik het precies over als ik het over ‘Gaza’ heb? De dichter Lucebert heeft het in het gedicht ‘er is alles in de wereld’ over ‘de dolle hondenglimlach van de honger’. Hij voegt een complex beeld toe aan het eenvoudige woord ‘honger’, namelijk dat van een glimlachende dolle hond. Hondsdolheid is een gruwelijke ziekte waarbij je schuimbekkend op de grond ligt en daar ook een ander mee kunt besmetten. De glimlach roept een bijtend sarcasme op, want glimlach lijkt iets positiefs, maar is hier toch meer een gemene grijns. De dichter heeft voor woorden gekozen met allemaal ‘o’-klanken, die de associatie met een holte oproepen, een lege maag. De lezer voelt dat deze ‘dolle hondenglimlach van de honger’ een andere is dan die als je voor een keertje je ontbijt hebt overgeslagen. Deze honger voel je door het beeld schrijnen en uithollen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als ik zeg dat jij mijn grote liefde bent, wie zegt dan dat jij echt begrijpt wat ik daarmee bedoel? Is de ervaring van liefde zo universeel dat ik daar exact hetzelfde onder versta als jij? Is het nodig om elkaar hierin precies te begrijpen? Zou het kunnen zijn dat een wederzijds onbegrip hiervan iedere dag tot talloze relatiebreuken leidt? Schrijvers, dichters door de eeuwen heen werpen steeds een nieuw licht op de liefde door beelden te gebruiken, letters en klanken te kiezen die steeds weer het verschijnsel dat achter het woord ‘liefde’ schuilt, proberen te naderen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als het voor een samenleving nodig is om met elkaar afspraken te maken, dan grijpen we steeds naar de taal die tegelijkertijd ontoereikend is. We spreken af dat we elkaar niet mogen doden, om maar een basisprincipe te noemen. Wat doen we als iemand wél een ander doodt? We hebben regels – in taal – opgesteld, om het algemene begrip ‘moord’ te omschrijven. Bij iedere dood gaan we na wat voor dood dit precies is. Als het moord is, dan hebben we afgesproken maatregelen te treffen. Wat we eigenlijk doen, is het nieuwe verschijnsel dat zich aan ons voordoet, vergelijken met iets ouds, of met iets uit onze verbeelding en op basis daarvan conclusies trekken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hannah Arendt beschrijft in haar
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            in het essay ‘Hoe politiek begrijpen’ welke verraderlijke kanten taal heeft in een samenleving. Zij begint haar essay met ‘Vele mensen zeggen dat men het totalitarisme niet kan bestrijden zonder het te begrijpen. Gelukkig is dit niet waar; was dat wel zo, dan zou ons geval hopeloos zijn.’ Volgens Arendt is begrijpen een bezigheid zonder einde en kan het geen definitieve resultaten opleveren: ‘Het is de specifiek menselijke wijze van in-leven-zijn; want elke persoon afzonderlijk heeft behoefte aan verzoening met een wereld waarin hij als vreemdeling geboren werd en waarin hij, als gevolg van zijn onmiskenbare uniekheid, altijd een vreemdeling blijft. Begrijpen begint met de geboorte en eindigt met de dood.’
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als er iets gruwelijks gebeurt dat even nergens mee te vergelijken is, wordt er soms een nieuw woord geboren. Zo is dat bij ‘totalitarisme’ gebeurd, maar ook bij ‘genocide’. Het woord probeert het verschijnsel erachter te vatten. Maar, zo zegt Arendt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘alhoewel de volksmond dus een nieuw gebeuren erkent door een nieuw woord te aanvaarden, gebruikt die onveranderlijk zulke begrippen als synoniemen voor andere gebeurtenissen, die oude en vertrouwde kwalen vertegenwoordigen – agressie en veroveringsdrift in het geval van het imperialisme, terreur en machtswellust in het geval van het totalitarisme. De keuze van een nieuw woord wijst erop dat iedereen weet dat er iets nieuws en beslissends heeft plaatsgevonden, terwijl het erop volgende gebruik, de gelijkschakeling van het nieuwe en specifieke fenomeen met iets dat vertrouwd en veeleer algemeen is, wijst op een onwil om toe te geven dat er hoe dan ook iets buitengewoons is voorgevallen. Het is alsof we met de eerste stap, het vinden van een nieuwe naam voor een nieuwe kracht die onze politieke lotsbestemming zal bepalen, ons oriënteren op nieuwe en specifieke omstandigheden, terwijl we met de tweede stap (en als het ware bij nader toezien) onze stoutmoedigheid betreuren en ons troosten met de gedachte dat ons niets ergers of minder vertrouwds zal overkomen dan algemene menselijke zondigheid.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De term ‘genocide’ werd voor het eerst na de Tweede Wereldoorlog gebruikt voor het doelmatig uitroeien van een bepaalde bevolkingsgroep, zoals gebeurde tijdens de Holocaust of Shoa. Nu zijn we met elkaar aan het discussiëren of dit begrip ook gebruikt mag worden om aan te duiden wat er in Gaza gebeurt. Deze discussies lopen zo hoog op dat er zelfs hele groepen tegenover elkaar komen te staan. Die discussie is interessant en tegelijkertijd bijzonder complex. Vanuit de taalfilosofie zou je de vraag kunnen stellen of zo’n oud begrip dat ooit gebruikt is voor gruweldaden uit het verleden wel toereikend is voor deze nieuwe gruweldaden, omdat het gebruik ervan zou kunnen suggereren dat beide situaties aan elkaar gelijk zijn. Dat is natuurlijk nooit het geval. Iedere gebeurtenis in de geschiedenis is een nieuwe en door een vaste term te gebruiken, kun je het over specifieke eigenschappen van die gebeurtenis hebben, maar nooit over het totaal ervan, want dat is uniek. Om even terug te keren naar het paard: om het wezen achter het woord ‘paard’ daadwerkelijk te begrijpen, kunnen we niet volstaan met dat ene woord, maar om het eten te geven, kan dat wel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een eigenschap van dichters is dat zij steeds nieuwe woorden en woordcombinaties zoeken voor verschijnselen die we als universeel ervaren: verdriet, afschuw, liefde, rouw, medelijden, bezorgdheid, enz. Daarmee werpen zij steeds nieuwe zoeklichten op wat er onophoudelijk aan ons verschijnt als een voortdurende poging om wat zich aan ons voordoet te begrijpen. Dichters roepen op om nooit te stoppen met proberen te begrijpen, ook al weet waarschijnlijk iedere dichter dat we daarin nooit echt zullen slagen. Zij komen daarin echter wel tegemoet aan de ongrijpbaarheid en complexiteit van de werkelijkheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Heel praktisch lijkt deze poging tot begrijpen of onderzoeken niet in de politiek, want we moeten ook beslissingen kunnen nemen. Wat precies genocide is en hoe de genocide uit het verleden zich verhoudt tot die in onze tijd vraagt om een gesprek zonder einde. Daar is in de politiek niet altijd tijd voor, maar de politiek vraagt om een achterwacht van denkers, dichters, schrijvers, filosofen die politici bijstaan in het nemen van besluiten, maar die nooit zullen stoppen met denken en steeds opnieuw de verschijnselen die zich voordoen afwegen en van zoveel mogelijk kanten belichten. Dit onophoudelijk met elkaar praten en hardlop denken kan ertoe kan leiden dat beslissingen na verloop van tijd weer worden ingetrokken omdat er nieuwe inzichten zijn. Wie blijft nadenken, zal nooit in één zin kunnen vertellen waar de partij voor staat. Steeds opnieuw zullen abstracte begrippen als ‘duurzaamheid’, ‘zorg’, ‘onderwijs’, ‘veiligheid’, ‘vluchteling’, ‘asielzoeker’ opnieuw belicht moeten worden om de werkelijkheid erachter te begrijpen. Waar het om ideologieën gaat, kun je partijen wantrouwen die de werkelijkheid als simpel voorstellen. Die partijen gaan direct ten onder als zij beslissingen moeten nemen in een complexe wereld, omdat er te weinig nagedacht en afgestemd is. Woorden als ‘links’ of ‘rechts’, ‘conservatief’ of ‘vooruitstrevend’ hebben hun betekenis verloren en worden vooral gebruikt om te verbloemen hoe complex de wereld erachter is, om mensen in een hokje te stoppen en de mond te snoeren. Je zou haast denken dat je niet op zoek moet gaan naar partijen die gelijkgestemden in zich bergen, maar naar partijen waarin mensen met verschillende inzichten met elkaar in gesprek durven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Echter, op het moment dat zich ergens acute drama’s voltrekken, is naast het denken – en ‘naast’ is iets heel anders dan ‘in plaats van’! – daadkracht nodig. Je hoeft een mens die sterft van de honger niet wezenlijk te begrijpen om hem te voeden, noch de omstandigheden waarin die mens stervende is te begrijpen om hulptroepen te verzamelen. Je hoeft zelfs geen partij te kiezen om een mens in nood te helpen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Samenleven is in die zin tegelijkertijd het meest eenvoudige én meest complexe wat er bestaat en het is belangrijk om te beseffen dat de taal als communicatiemiddel hierin een belangrijke rol speelt, juist door die specifieke eigenschap van categoriseren. Het is een zegen dat we met een paar simpele woorden tot actie kunnen overgaan in geval van nood: bed, brood, bad. Om vat te krijgen op complexe verschijnselen is daarnaast echter een voortdurende beweging nodig van ons denken, het liefst van zoveel mogelijk verschillende mensen met zoveel mogelijk verschillende opvattingen, zodat we steeds dichter het begrijpen van elkaar naderen en zo onophoudelijk kunnen oefenen in verdraagzaamheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/DSC_1658-9bae79e2-68336563.jpg" length="155655" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 15 Aug 2025 13:41:53 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/spreken-over-genocide-en-de-taal-voor-het-onbekende-dichter-in-de-politiek</guid>
      <g-custom:tags type="string">hannah,filosofie,essays,politiek,Hannah Arendt,genocide,Dietske Geerlings,taal</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/DSC_1658-9bae79e2-68336563.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/DSC_1658-9bae79e2-68336563.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'De dag wordt een uitgestrekt heelal'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-dag-wordt-een-uitgestrekt-heelal</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'De dag wordt een uitgestrekt heelal'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Een vorm van vasthouden van'  van Shari van Goethem
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+vorm+van+vasthouden+van.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Als je iedere dag via alle media geconfronteerd wordt met de dood van onschuldige kinderen, besef je des te meer hoe kwetsbaar én kostbaar een mensenleven is. Shari van Goethem heeft in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een vorm van vasthouden van
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een dagboek in poëzie bijgehouden van het eerste levensjaar van haar derde kind. Het liefst van alles wil de moeder het kind vasthouden. Toch ontglipt het haar al vanaf de geboorte. Misschien is nergens de verandering van een lichaam zo zichtbaar als in dat eerste levensjaar. Ieder moment doet ertoe, hoe onbeduidend het ook lijkt. Juist daarom kun je dit dagboek zien als een oefening in aandacht.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het boek is fraai uitgegeven in een hardcover met prachtige illustraties van Jurgen Walschot. In veertien afdelingen glijd je door de tijd. Hoewel de titel suggereert dat er een vorm van vasthouden bestaat, wordt al snel duidelijk dat er heel veel vormen van vasthouden zijn, letterlijk en figuurlijk. Eerst is het kind in de buik van de moeder, wordt daar vastgehouden in het water. Zelfs als het kind geboren is, kan de moeder het kind nog in zich voelen. Het moederlijf voelt als een landschap vol herinneringen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           onder mijn huid waait een stevig kind
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           onstuimig wrijft ze zich tegen me aan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ze vertrouwt erop dat ik de dragende
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           aarde voor haar ben
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ze doet de zee in me hoog golven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           straks zal ze stormen, breken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de baren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           we zullen niet begrijpen wat ons overkomt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat een vrouw een schelp is die zich opent
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           donkere aarde die in één dag klare hemel wordt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           weer stuift in mijn buik
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de liefde heftig op
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           bijna is het tijd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Naast het gedicht prijkt een prachtige schelp waarin het kind als in een baarmoeder in alle rust ligt opgekruld. Op de volgende bladzijde gaat het lichaam van de moeder, waarop het pas geboren kindje ligt, geleidelijk over in een zeelandschap. Ook in taal lopen lijf en lichaam voortdurend in elkaar over: ‘mijn verenkleed is de glooiende tuin / waar jouw wilde natuur verzacht.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De eerste dagen zijn voor moeder en kind intensief door alle nieuwe indrukken en gebroken nachten. Moeder en kind lopen ook in elkaar over: ‘in mijn dochter overnachten / de ochtend speelt / zich buiten af’. Op een afbeelding zie je een kind in een baarmoeder met op haar schoot een moeder met kind op schoot, alsof er een oneindig moederschap is, wat je ook in de keten van generaties kunt zien.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Prachtig beschrijft Van Goethem hoe de zintuigen van moeder en kind voortdurend geprikkeld worden. Het duurt even voor het kind kan zien. De dichter koppelt het aan de schepping: God steekt een mistige zon aan in de ogen van het kind. Dag en nacht, licht en donker vloeien in elkaar over, omdat het normale ritme meestal totaal op de kop staat: ‘de dag wordt een uitgestrekt heelal’ en tussen de uren is ‘de lome duisternis’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is genoeg om bij stil te staan: moeder en kind tasten elkaars lichaam af, vertrouwd en vreemd tegelijk. Alles moet gezien, geroken, gehoord en gevoeld worden: ‘je wangen golven / je lippen spoelen aan / ik trek je lach bij me naar binnen.’ Na verloop van tijd gaat het kind voor het eerst lachen en de eerste klanken uitbrengen: ‘je onderlip / een wieg / voor klanken.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Elk eerste levensjaar zal anders zijn, maar Van Goethem weet in haar dagboek een universele snaar te raken, die niet alleen voor moeders mooi is. We zijn immers allemaal kind geweest en misschien reiken onze herinneringen niet zo ver tot aan dat allereerste begin, we weten allemaal dat we die eerste stappen hebben gezet, al dan niet in de nabijheid van de moeder. Bovendien laat de bundel zien hoe je uren kunt dobberen in een ogenblik. Het dagboek is daarom niet alleen een mooi kraamcadeau, maar ook een uitnodiging om wat langer in een moment te blijven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Shari van Goethem–
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een vorm van vasthouden van
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vrijdag, Antwerpen. 112 blz. €21,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+vorm+van+vasthouden+van.jpg" length="4528" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 15 Aug 2025 13:36:01 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-dag-wordt-een-uitgestrekt-heelal</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Shari van Goethem,Een vorm van vasthouden van</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+vorm+van+vasthouden+van.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+vorm+van+vasthouden+van.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Ze lopen ook door jullie straten, het is een kwestie van hen willen zien.’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ze-lopen-ook-door-jullie-straten-het-is-een-kwestie-van-hen-willen-zien</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ‘Ze lopen ook door jullie straten, het is een kwestie van hen willen zien.’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De gezichtslozen' van Alicja Gescinska
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Alicja-Gescinska-360x576.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In verschillende steden over de hele wereld zijn op dit moment tentoonstellingen van World Press Photo 2025 te bezichtigen. De winnende foto van Samar Abu Elouf toont het verminkte lichaam van de negenjarige Mahmoud Ajjour, slachtoffer van een explosie door een Israëlische aanval op Gaza-Stad. Hoezeer zulke iconische foto’s ook onrecht of de wreedheid van oorlogen laten zien, toch voelt het dubbel: wat vindt de negenjarige Mahmoud ervan om zo over de hele wereld zichtbaar te zijn in zijn kwetsbaarheid? En ook al zou hij toestemming geven, of zijn ouders, je kunt je afvragen in hoeverre mensen hierin nog hun eigen stem kunnen laten horen en in hoeverre zulke foto’s ethisch verantwoord zijn. In de novelle
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De gezichtslozen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Alicja Gescinska brengt kunstfotografe Mona in 2019 enkele weken door in Beiroet om te werken aan een reportage onder de titel ‘Triumph of Tolerance’: ‘een reeks om de menselijke en levensbeschouwelijke diversiteit op beeld te vieren; portretten van steden waar mensen met verschillende religieuze achtergronden met elkaar hebben leren leven na jaren van vallen en opstaan.’ Gescinska laat haarfijn zien hoe een beeldverhaal met zo’n nobel streven alsnog geen recht kan doen aan de weerbarstige werkelijkheid.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Want waar kun je beter zijn voor een project als het mijne dan in een stad waar op zo’n kleine oppervlakte zoveel verschillende mensen met verschillende achtergronden leven,’ zegt Mona tegen Juhaina en Ruba die haar gastvrij in hun huis ontvangen, vlak nadat ze hebben getoast op de Libanese gastvrijheid. Mona’s uitspraak, maar vooral de titel die zij haar project heeft meegegeven, is gebaseerd op hoe zij van buitenaf naar een land als Libanon kijkt. Op een avondwandeling ziet ze een vrouw op rolschaatsen in een bikini naast een vrouw in een zwarte boerka over straat gaan. Als dat geen tolerantie is? Ze weet alleen niet welke prijs er iedere dag voor deze zogenaamde tolerantie wordt betaald. Juhaina zegt dan ook al meteen dat ‘Tragedy of Tolerance’ misschien een betere benaming zou zijn. Mona heeft duidelijk nog geen oorlog meegemaakt, verklaart Juhaina haar uitspraak. Volgens haar moet Mona in elk geval ook de vluchtelingen in de kampen fotograferen voor de ware betekenis van tolerantie.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met haar fototoestel op zak wordt Mona door Nazim langs verschillende kampen begeleid. Ze moet precies doen wat hij zegt, omdat niet iedereen op een fotograaf zit te wachten:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toen ik mijn camera enkele straatjes verder richtte op twee gewapende mannen die de wacht hielden voor een brede deur greep Nazim meteen in. ‘Die foto moet je wissen. Nu! En doe het duidelijk, zodat ook zij zien dat je het doet.’ Hij hief zijn vlakke hand in de richting van de mannen en legde die vervolgens op zijn borst als teken dat alles in orde was. ‘En nu doorlopen met de camera naar de grond gericht. Doorlopen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nadat ze talloze foto’s geschoten heeft van gebouwen, mensen, kerken, moskeeën, bidplaatsen en nog veel meer, vraagt ze Ruba en Juhaina of ze de essentie van de stad al een beetje heeft vastgelegd. Ze krijgt het gevoel alsof de twee vrouwen de spot drijven met haar foto’s. De essentie van Beiroet, dat is vooral ‘Tabouleh’: een voorgerecht, lachen ze. Daarna ontwijkt Mona de twee vrouwen een beetje en bezoekt ze het zuiden van de stad. Daar maakt ze kennis met de zwangere Suhaila die haar bij het zien van de foto’s verwijt dat ze hen als slachtoffers fotografeert: ‘Het zijn mooie foto’s, maar wij zijn meer dan slachtoffers alleen.’ Mona begint dan te voelen dat ‘ons’ en ‘wij’ niet overal in de stad dezelfde betekenis heeft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Suhaila vertelt over haar achtergrond in het kamp waarin ze is opgegroeid en wat daar het moeilijkste is: ‘Dat we niemand zijn. Niks. Stof dat iedereen het liefst onder de mat van de geschiedenis wil vegen. Ongewenst in de ogen van de Libanezen op zijn best, maar vooral onzichtbaar voor de buitenwereld.’ Toch gelooft ze nog dat ze op een dag zal terugkeren naar de plaats waar haar voorouders uit verdreven zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alsof ze zelf fotograaf is, weet Gescinska de personages in een paar sterke beelden neer te zetten, waardoor ze helemaal tot leven komen. Onder de oppervlakte voel je de tragiek van hun levens. Als Mona Ruba en Juhaina onder de neus wrijft dat zij zich niet genoeg druk maken om de mensen die in de arme zuidelijke kampen wonen, vraagt Ruba fel aan haar of dat elders in de wereld dan anders is. Ruba stuurt haar wat artikelen door over de staatlozen en mensen zonder geldige verblijfsvergunning in Europa: ‘Ze lopen ook door jullie straten, het is een kwestie van hen willen zien.’ Suhaila brengt Mona in contact met Kazem die flink gespaard heeft om zijn zoon Wahid een veilige oversteek naar Europa te laten maken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De lezer voelt steeds meer hoe en waar het wringt. Het verhaal speelt zich af in 2019. In 2025 is er nota bene in ons eigen land ophef over een wet die de gewone burger strafbaar maakt als deze illegale vluchtelingen zou helpen. Pas aan de uiterste rand van onze samenleving, daar waar de ander er niet meer toe doet, wordt duidelijk wat de normen en waarden van een samenleving precies zijn. Terwijl Gescinska in enkele streken een warme vriendschap tussen verschillende vrouwen neerzet, houdt ze ons de spiegel voor. En net als je daar heel voorzichtig in durft te kijken, slaat het noodlot toe. Meedogenloos. En dan voel je toch vooral hoe het is om mens te zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Alicja Gescinska –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De gezichtslozen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . De bezige Bij, Amsterdam. 112 blz. €19,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Alicja-Gescinska-360x576.jpg" length="27545" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 30 Jul 2025 14:27:42 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ze-lopen-ook-door-jullie-straten-het-is-een-kwestie-van-hen-willen-zien</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Alicja Gescinska,essays leerlingen,essays van leerlingen,De gezichtslozen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Alicja-Gescinska-360x576.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Alicja-Gescinska-360x576.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Geen enkele soldaat moet het nog in zijn hoofd halen'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/geen-enkele-soldaat-moet-het-nog-in-zijn-hoofd-halen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Geen enkele soldaat moet het nog in zijn hoofd halen'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Wat ons nog rest'  van Aline Sax
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wat+ons+nog+rest.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Uit het schamele dat overblijft als alles verwoest is, kan prachtige literatuur ontspringen. Misschien omdat je juist daar de noodzaak voelt?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wat ons nog rest
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van Aline Sax is een fragmentarisch kleinood over de laatste dagen van de Tweede Wereldoorlog, maar dan vanuit het perspectief van een zeventienjarig Duits meisje dat voelt dat ieder moment de Russen de Duitse hoofdstad kunnen binnenvallen. In deze ‘verse novel’ gaan vorm en inhoud verrassend hand in hand.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is niet vreemd dat deze jeugdroman de Vlaamse Boonprijs heeft ontvangen, want het gekozen perspectief is bijzonder, vanuit de verliezers, maar vooral ook de manier van schrijven. Door de open plekken, alles wat niet benoemd wordt, maar wel gevoeld, wordt de verbeelding geprikkeld:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een vrouw blijft liggen op de weg,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           haar kind gehurkt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           naast haar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het schudt aan zijn moeder.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Die blijft stil.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Kom kind,’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zegt een andere vrouw
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en ze trekt het
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           met zich mee,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zijn moeder
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           achterlatend.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niemand kijkt om.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niemand blijft staan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De tocht gaat verder.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het boek is absoluut een aanrader voor leerlingen in het middelbaar onderwijs, als overstap naar de volwassenenliteratuur. Wat het aantrekkelijk maakt, is dat de bladzijden niet zo vol zijn. De regels zijn kort, zoals in poëzie. De open plekken zorgen voor een gelaagdheid en meerduidigheid die ook typisch zijn voor poëzie, maar ze zijn zeker niet te ingewikkeld, waardoor het verhaal ook voor de meer beginnende lezer goed te volgen is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daar komt bij dat het boek, ook al gaat het over de Tweede Wereldoorlog, bijzonder actueel is. Met alle oorlogen om ons heen, laat dit boek juist zien dat een oorlog voor de gewone mens eigenlijk alleen maar verliezers kent. Je ziet hoe dat idee van winnaar of verliezer ieder moment kan omslaan en hoezeer de situatie voor bepaalde individuen dan kan veranderen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tegelijkertijd wordt duidelijk hoe sommige mensen zo sterk in de overlevingsstand staan dat er geen ruimte meer is voor anderen en er geen greintje menselijkheid meer overblijft. Dat zet je aan het denken: hoe zou je je zelf gedragen in zo’n situatie? Je zit in het hoofd van een meisje dat alles heel observerend beschrijft, luchtig haast, terwijl wat je leest behoorlijk heftig is. Als ze door meerdere Russen verkracht is, blijft er weinig van haar over, maar genoeg om weer op te staan:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de badkamer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           neem ik een schaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en knip,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zonder in de spiegel te kijken,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           mijn haren kort.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Geen enkele soldaat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           moet het nog in zijn hoofd halen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In die eenvoudige scène van een meisje dat haar haren afknipt om zichzelf te beschermen, klinkt de ongelijkheid en het geweld van de wereldgeschiedenis door: de vrouwen die hun haren afknipten om voor man door te gaan, de vrouwen van wie de haren afgeschoren werden omdat ze een relatie met Duitse soldaten hadden gehad, de vrouwen over de hele wereld die hun haren afknipten om solidair te zijn met de Iraanse Mahsa Amini, die werd gedood omdat zij haar haren niet genoeg had bedekt. Het boek werpt een helder licht op de kwetsbaarheid van vrouwen, niet alleen in oorlogstijd, maar ook op hun kracht. Er klinkt woede van het meisje tussen de regels als de man van een verkrachte vrouw zelfmoord pleegt: ‘Kon hij de verkrachting van zijn vrouw niet aan misschien?’ Ook is ze solidair met een meisje dat voor haar ogen wordt verkracht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het boek bevat hartverscheurende fragmenten die door stapeling ervan de verstikking en uitzichtloosheid van de oorlog laten voelen, zelfs als het einde nadert. Toch gaan ze weer over in luchtigere stukjes, fragmentarisch, precies zoals het leven zich voordoet, omdat ook in de diepste ellende nog plek is voor de humor, die zich juist zo sterk in de tragiek openbaart.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Al met al is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wat ons nog rest
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een verrassend mooi boek voor jongeren én volwassenen dat juist door de fragmentarische opzet aan het denken zet over allerlei vraagstukken van de oorlog. Naast klassiekers als bijvoorbeeld Kinderjaren van Jona Oberski en Het bittere kruid van Marga Minco is dit door het andere perspectief een waardevolle aanvulling, omdat dit verhaal het thema ‘goed’ of ‘fout’ nuanceert. Ook al betreft het hier zuivere fictie, het is duidelijk dat ook dit Duitse meisje slachtoffer is van een oorlog, waarvoor zij nooit gekozen heeft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Aline Sax –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat ons nog rest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Standaard Uitgeverij, Antwerpen. 240 blz. €16,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wat+ons+nog+rest.jpg" length="107994" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 19 Jul 2025 13:24:34 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/geen-enkele-soldaat-moet-het-nog-in-zijn-hoofd-halen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Wat ons nog rest,Aline Sax</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wat+ons+nog+rest.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wat+ons+nog+rest.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'mooier dan een dwaallicht'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/mooier-dan-een-dwaallicht</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'mooier dan een dwaallicht'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Van middernacht tot middernacht'  van Sara Mychkine
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Van+middernacht+tot+middernacht.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Onder het verkeersknooppunt van de A1 bij de Porte de la Chapelle in Parijs bevindt zich de ‘crackheuvel’, de plek waar junkies, daklozen en mensen zonder papieren onder de meest schrijnende omstandigheden proberen te overleven. Hier schrijft een jonge vrouw een brief aan haar baby, die haar is afgenomen. In vijftien bewegingen én nog een laatste beweging én nog een postscriptum beschrijft Sara Mychkine in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van middernacht tot middernacht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            het hartverscheurende loslaten van moeder en kind.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bij je geboorte was je mooier
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dan een dwaallicht,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dan een vallende ster,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dan een aurora borealis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dushi, bij je eerste kreet,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           huid tegen huid,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ben je ontsproten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als een flits
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van een vuurtoren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die de drenkelingen roept.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Soms ontstaat er bij het vertalen een extra mooie betekenis. De verschillende hoofdstukken zijn van ‘mouvements’ vertaald naar ‘bewegingen’. In dit Nederlandse woord ‘bewegingen’ klinkt het woord ‘wee’ door, de oerbeweging waarmee het kind uit het lichaam van de moeder wordt gedreven. ‘Wee’ betekent daarnaast nog pijn, verdriet en rouw. In sommige culturen rouwen mensen door te bewegen. In dit verhaal is de ‘wee’ extra betekenisvol, omdat de moeder steeds ook die eerste scheiding noemt. Het volgende fragment is zelfs als flaptekst gebruikt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar toen je
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           uit mijn buik kwam,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wist ik al
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat ik je
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           kwijt was.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En omdat het hier een oerervaring betreft, die we allemaal hebben ondergaan, de eerste scheiding tussen moeder en kind, is het verhaal behalve de brief van een willekeurige verslaafde moeder aan haar dochter, ook het universele verhaal van dat eerste loslaten in de wetenschap dat je als moeder nooit in staat zal zijn je kind tegen het leven te beschermen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als lezer voel je ook daadwerkelijk de bewegingen, omdat de tekst drijft op emoties die komen en gaan, weergegeven in fragmentarische teksten, in afwisselend korte en dan weer langere regels, die je evengoed poëzie kunt noemen. Deze vorm is uitstekend gekozen, omdat er zoveel onzekerheid is en je niet weet - de moeder niet en ook de lezer niet - waar het heen gaat. ‘Dushi, / de taal schiet tekort’, schrijft de moeder. En waar de taal tekortschiet, ontspringt poëzie:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dushi, de taal ontkiemt uit het vlees. Ze is de som van de barsten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die scheuren opdat de mond eindelijk zou voelen hoe de
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           getijden van de lucht de longen verdrinken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dushi, de baby, is bij de moeder weggehaald, omdat de mensen op de heuvel ‘uitschot zijn, het gespuis, de rotte appels, de gekken en moordenaars.’ Daar kan een kind niet veilig opgroeien. De moeder schrijft dat ze vaak geprobeerd heeft af te kicken, maar het lukt haar niet de heuvel te verlaten. Ze wordt steeds weer teruggeroepen, omdat de wereld daarbuiten een grote, etterende wond is. Ze is echter bang dat haar dochter haar zal vergeten, dat ze zich zal identificeren met die andere wereld en dat ze zich niet meer verbonden zal voelen met waar ze vandaan komt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Omdat de moeder misbruik, discriminatie, armoede en ongelijkheid in het land van zogenaamde vrijheid, gelijkheid en broederschap aan de kaak stelt, vraag je je als lezer af of het kind in de wereld buiten die heuvel wél veilig zal zijn. Is het meisje dan niet beter af bij haar moeder? Daar zal ze in elk geval het allerbelangrijkste vinden, namelijk onvoorwaardelijke liefde: ‘ik hou van je / zoals niemand / ooit van een / ander / heeft gehouden.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal is niet alleen hartverscheurend, maar ook urgent, omdat hier steeds meer duidelijk wordt hoe onze democratie aan het wankelen is. Aan de grens van onze samenleving, de plek die we het liefst de rug toekeren, wordt duidelijk voor welke waarden wij staan. Hoe kan het dat deze mensen hier op de heuvel creperen? Hebben zij dat aan zichzelf te danken, of zijn ze daar beland doordat zij op andere plekken worden buitengesloten, onderbetaald, misbruikt en uitgebuit? Nu er zelfs in ons eigen land ieder moment sprake kan zijn van een wet die verbiedt de mens zonder papieren te helpen, is dit verhaal als een meedogenloze spiegel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de weeklacht is het leed voelbaar dat van generatie op generatie wordt doorgegeven, dat de mens een leven lang met zich meedraagt. De zintuigen reageren op geluiden, geuren en kleuren, die een echo lijken van eerdere ervaringen. Zo roept Dushi’s huilen bij de moeder niet de impuls op om haar te troosten en terug naar zachte dromen te leiden, maar de herinnering aan dat zijzelf als kind onder haar vader lag, die zwetend en snurkend klaarkwam op haar buik. En dan is de beklemming bijna tastbaar tussen de regels.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De wanhoop en woede van de moeder kruipen juist door de gelaagdheid van de poëzie diep onder de huid. Ze raken aan ons wezen: van geboren worden tot sterven als een cyclus in loslaten. Tegelijkertijd zingt in deze hemeltergende klacht uit de diepste misère zich de onvoorwaardelijke liefde los van een moeder voor haar kind, en die baant zich een weg regelrecht naar het hart, waar zij oproept tot mededogen en medemenselijkheid voor de kwetsbaren in onze samenleving.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Sara Mychkine –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van middernacht tot middernacht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Katelijne De Vuyst. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 128 blz. €24,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Van+middernacht+tot+middernacht.png" length="56290" type="image/png" />
      <pubDate>Sat, 19 Jul 2025 13:19:55 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/mooier-dan-een-dwaallicht</guid>
      <g-custom:tags type="string">Van middernacht tot middernacht,essays,Sara Mychkine</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Van+middernacht+tot+middernacht.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Van+middernacht+tot+middernacht.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Wanneer doe je iets?</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wanneer-doe-je-iets</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wanneer doe je iets?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De wandelaar' van Adriaan van Dis binnen de literatuur van de 21ste eeuw door Tess Maalderink (leerling vwo 5 Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+wandelaar.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Adriaan van Dis groeide op te Bergen, in een gevluchte familie uit Nederlands-Indië. Zijn debuut uit 1983 werd bekroond met het Gouden Ezelsoor. Van Dis schrijft voornamelijk over thema’s als tweeslachtigheid (DBNL, 2003). Verdere thema’s in zijn werk betreffen identiteit, migratie, schuld en reizen. Deze thema’s zullen ook terugkomen in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Wandelaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           : “Schuldgevoel dreef hem, een volstrekt onberedeneerd schuldgevoel, maar met goedheid had zijn geven niks te maken.” (Van Dis, 2007/2021, p. 97). In de loop van Van Dis’ carrière zal hij zich bewijzen als een zeer veelzijdige auteur.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           D
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           e Wandelaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , uitgebracht in 2007 en geschreven door Adriaan van Dis, volgt een welgestelde Nederlandse zestiger, Mulder, die in Parijs woont en op doktersadvies elke dag een vast wandelroute aflegt. Tijdens één van zijn avondwandelingen vangt hij met wat lijkt op toeval een hond die uit een brandend pand ontsnapt is. “De hond had alles gezien. Met hem moet het verhaal beginnen.” (Van Dis, 2007/2021, p. 1). Deze hond zou zijn kijk op het leven voorgoed gaan veranderen en een nieuwe, onbekende wereld voor hem openen. Hij zal in de buurt bekend worden om de hond en zijn spontaan aangenomen schuilnaam ‘Nicolas Martin’. De hond, zelf ook een vluchteling, leidt hem langs daklozen, vluchtelingen en geëngageerde religieuzen, en ontwricht zijn keurige, rituele leven. Mulder voelt de drang om écht iets te betekenen, maar botst herhaaldelijk op onbegrip en de complexiteit van hulp.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Wandelaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            past dan ook uitstekend binnen de literatuur van de 21
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            eeuw.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een van de meest opvallende postmoderne kenmerken in de roman is Mulders spontane aanname een andere identiteit. Tijdens de brand geeft hij impulsief een valse naam op wanneer er naar zijn naam gevraagd wordt: “’Naam?’ ‘Martin,’ zegt Mulder, ‘Nicolas Martin.’ Zomaar, in een opwelling.” (Van Dis, 2007/2021, p. 15). Deze naamverandering illustreert het postmoderne kenmerk van identiteit fluïditeit waarbij personages geen vast uitgebakende personaliteit of identiteit hebben (Schuster, 2002). De keuze voor de naam Nicolas Martin is veelzeggend: het is de naam van een verzetsheld uit de Tweede Wereldoorlog, wat suggereert dat Mulder zoekt naar een heroïsche identiteit die zijn simpele, maar ook lege leven kan vullen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            “Mulder moest hierbuiten blijven. Misschien kon hij Martin alsnog enige betekenis geven: Nicolas Martin als zijn betere ik. Nicolas Martin als secretaris van een geheimzinnige weldoener. Een zonderling over wie hij haar niets kon mededelen. Alleen dit: het was een man die wat deed.” (Van Dis, 2007/2021, p. 96)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit is een symbolische actie wat kan worden beschouwd als een poging tot het construeren van een nieuwe identiteit.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      De Wandelaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            toont eveneens de postmoderne problematisering van de relatie tussen werkelijkheid en fictie (DBNL, 2003). Mulder leeft aanvankelijk in een wereld die hij mooier laat lijken dan deze daadwerkelijk is. Hij houdt van pracht, kunst, schoonheid en reinheid. De hond dwingt hem zijn eigen wereldje uit te stappen en laat hem kennis maken met de Parijs vol met zwervers, vluchtelingen, gelovigen: “Een paar dagen geleden zou hij aan die mensen zijn voorbijgegaan, maar sinds de hond schudde hij vele vieze handen.” (Van Dis, 2007/2021, p. 31). Ook in het volgende citaat zie je dat hij door de hond uit zijn eigen wereld wordt getrokken: “Mulder wist niet eens van het bestaan van deze soupe, waar elke dag om kwart voor twaalf aan daklozen eten werd verstrekt, nog geen vijf minuten lopen van zijn huis. De hond trok hem naar een wereld waar hij geen flauw benul van had.” (Van Dis, 2007/2021, p. 31) Deze confrontatie tussen verschillende realiteiten weerspiegelt het postmoderne inzicht dat er geen ‘één herkenbare werkelijkheid’ bestaat, maar een breed scala verschillende, vaak tegenstrijdige perspectieven op de werkelijkheid (DBNL, 2002).                     
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
                     Ondanks deze postmoderne kenmerken bevat
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Wandelaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            tegelijkertijd een beweging weg van het postmodernisme. Het boek illustreert de overgang van postmoderne vervreemding naar ethische betrokkenheid. Mulder ondergaat een verandering. Eerst is hij iemand die volledig in zijn eigen wereld leeft: “’Als ik vragen mag, monsieur Martin, wat doet u eigenlijk?’ ‘Niets,’ zei Mulder uitdagend. ‘Monsieur Martin doet helemaal niets.’” (Van Dis, 2007/2021, p. 59). Aan het eind wil hij juist graag goed doen: “’Maar ik wil iets doen!’ schreeuwde hij.” (Van Dis, 2007/2021, p. 73). Deze ontwikkeling past binnen het laatpostmoderne streven naar een moreel kompas waarbij literatuur de lezer moet laten nadenken (Vaessens, 2011). De hond zet deze drang naar ethische betrokkenheid in beweging: “Een paar dagen geleden zou hij aan die mensen zijn voorbijgegaan, maar sinds de hond schudde hij veel vieze handen.” (Van Dis, 2007/2021, p. 31). Het is of de hond hem aanmoedigt: “En de hond keek onderweg meer naar hem om dan ooit. ‘Doe wat,’ leek hij te zeggen, ‘doe wat.’” (Van Dis, 2007/2021, p. 47). 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
                    Verder behandelt
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Wandelaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            duidelijk actuele maatschappelijke thema’s die kenmerkend zijn voor het laatpostmodernisme zoals vluchtelingen, illegalen en zwervers. Het boek gaat in op rellen, demonstratie, deportaties, aanslagen, enzovoorts. De hond verbindt Mulder en de lezer met het morele en reële vraagstuk rondom het deporteren van illegalen, de levensstandaard van zwervers en de gevaarlijke tochten gemaakt door vluchtelingen. Door Mulder komt de lezer in aanraking met persoonlijke verhalen van deze groepen mensen en creëert het boek een connectie tussen fictie en realiteit. Hierdoor spoort
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Wandelaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            de lezer aan tot reflectie en bewustwording, wat het boek uiterst maatschappelijk relevant maakt (Terug Naar de Wereld: Proza 1990-2020, z.d.). Van Dis laat niet alleen de lezer, maar ook zijn eigen personage Mulder reflecteren op zijn eigen beperkingen en privileges, een voorbeeld hiervan is: “’Ik zou u het liefst het land laten uitzetten,’ zei de rechercheur, ‘maar helaas, u hebt de verkeerde kleur.’” (Van Dis, 2007/2021, p. 161). Ook doet Van Dis dit op een manier die zowel postmoderne zelfbewustzijn als laatpostmoderne ethische betrokkenheid toont: “Ik zie hoe iemand dood wordt getrapt en jij maakt je zorgen over de vouwen in je broek.” (Van Dis, 2007/2021, p. 66). Dit citaat illustreert de laatpostmoderne spanning tussen “grote menselijke problemen waar echt iets aan gedaan moet worden en […] onzin probleempjes waar een heleboel mensen zich druk overmaken” (Wim Van Willegen, 2023). De formulering is zowel ironisch als duidelijk genoeg om een ethische boodschap over te brengen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De Wandelaar
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van Adriaan van Dis voegt zowel het postmodernisme als het laatpostmodernisme samen tot een echt en rakend verhaal en past dus uitmuntend binnen de literatuur van de 21
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            eeuw. Kenmerkend zijn de postmoderne concepten van de fluïditeit van identiteit en het conflict tussen eigen verbeelding en de realiteit. Echter beweegt Van Dis ook weg van het postmodernisme en benut onderwerpen als ethische betrokkenheid en actuele maatschappelijke kwesties kenmerkend voor het laatpostmodernisme in zijn verhaal. Al deze kenmerken evenals de prachtige verwoording van Van Dis vloeien samen tot een aangrijpend en ontroerend verhaal, waar velen wat van kunnen leren:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “’Heb je echt goed gedaan?’ vroeg de pater na een lange stilte. ‘Ik heb voor een hond gezorgd van wie ik veel hield en ik heb hem weggegeven. Ik heb een vriend aan een vrouw geholpen, een vrouw van wie ik had kunnen houden.’
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           ‘Je hebt jezelf tekortgedaan.’
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           ‘Zonder een ander tekort te doen.’ Mulder keek op zijn réveil du Tsar. ‘Veel is het niet, maar wel iets, en dat is toch mooi, vind je niet?’” (Van Dis, 2007/2021, p. 186)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Deze krachtige passage beschrijft exact waar
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De Wandelaar
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van Adriaan van Dis op staat: geven zonder te nemen, iets doén.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Literatuurlijst
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           DBNL. (1991). Postmodernisme in de Nederlandse letterkunde, “Postmodernisme in de Nederlandse letterkunde”, Anne Marie Musschoot - DBNL. https://www.dbnl.org/tekst/muss002post01_01/muss002post01_01_0001.php
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           DBNL. (2002). Postmodernisme in de Nederlandse en Vlaamse poëzie Een verkenning, “Postmodernisme in de Nederlandse en Vlaamse poëzie. Een verkenning”, Jos Joosten, Thomas Vaessens - DBNL. https://www.dbnl.org/tekst/joos006post01_01/joos006post01_01_0001.php
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           DBNL. (2003). Dis, Adriaan van, Schrijvers en dichters (dbnl biografieënproject I), G.J. van Bork - DBNL. https://www.dbnl.org/tekst/bork001schr01_01/bork001schr01_01_0263.php
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Schuster, I. (2002). Feit, fictie en droom in de postmoderne historische roman [Scriptie, Universiteit van Tilburg]. https://arno.uvt.nl/show.cgi?fid=6658
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terug naar de wereld: proza 1990-2020. (z.d.). Literatuurgeschiedenis. https://www.literatuurgeschiedenis.org/21e-eeuw/terug-naar-de-wereld-proza-1990-2020
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vaessens, T. (2011). Dutch Novelists beyond ‘Postmodern’ relativism. Journal Of Dutch Literature, 2(1), 5–34. https://pure.uva.nl/ws/files/1395637/109164_Dutch_novelists_beyond_postmodern_relativism.pdf
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van Dis, A. (2021). De wandelaar (Twintigste druk). Uitgeverij Atlas Contact. (Oorspronkelijk gepubliceerd 2007)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wim Van Willegen. (2023, 29 januari). Adriaan van Dis - De wandelaar 2007 [Video]. YouTube.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.youtube.com/watch?v=anxLdM5X--E" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.youtube.com/watch?v=anxLdM5X--E
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den Berg, D. (2025). Literatuur van de twintigste eeuw [Presentatieslides].
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+wandelaar.jpg" length="84002" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 19 Jul 2025 13:12:42 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wanneer-doe-je-iets</guid>
      <g-custom:tags type="string">De wandelaar,essays,essays leerlingen,essays van leerlingen,Adriaan van Dis</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+wandelaar.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+wandelaar.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Desoriëntatie in tijd en geest</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/desorientatie-in-tijd-en-geest</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Desoriëntatie in tijd en geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De niet chronologische structuur in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alles wat er was
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Hanna Bervoets door Julie Klaver (leerling vwo 5 Eligant Lyceum)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Alles+wat+er+was.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hanna Bervoets (1984) is een Nederlandse schrijver die bekendstaat om haar romans waarin actuele en psychologische thema’s centraal staan. Met boeken als
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Fuzzie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Welkom in het Rijk der Zieken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alles wat er was
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            onderzoekt ze hoe mensen omgaan met veranderingen in hun omgeving en geest (Bio Hanna Bervoets, z.d.). In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alles wat er was
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (2013) raakt een groep mensen onverwacht opgesloten in een schoolgebouw, zonder contact met de buitenwereld. Naarmate ze langer opgesloten zitten, raken zij steeds verder psychologisch ontregeld. Deze mentale desoriëntatie wordt niet alleen zichtbaar in de inhoud van het verhaal, maar ook in de vorm van het verhaal. De niet-chronologische vertelstructuur weerspiegelt de psychologische verwarring van de personages tijdens hun isolatie.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Allereerst is een belangrijk kenmerk van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alles wat er was
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            de verstoorde tijdsbeleving, zowel in de vorm als in de inhoud van het verhaal. De roman volgt geen duidelijke chronologische lijn: de verteller, Merel, springt heen en weer tussen herinneringen, observaties en gedachtestromen. Dit weerspiegelt haar mentale toestand tijdens de isolatie, waarin het besef van tijd langzaam verdwijnt en ze haar grip op de werkelijkheid verliest. Een voorbeeld hiervan is te vinden in een fragment waarin Merel ’s nachts wakker ligt, zonder oriëntatie of ritme:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “Nu de verwarming niet meer aangaat houd ik ook ’s nachts weer al mijn kleren aan. Het onderscheid tussen dag en nacht wordt sowieso steeds vager.” (Hanna Bervoets, p. 123)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De afwezigheid van dagelijkse structuur — geen verwarming, geen daglicht, geen agenda — maakt het voor de personages onmogelijk om houvast te vinden. De lezer ervaart deze desoriëntatie doordat ook het verhaal geen vaste lijn volgt. Daarbij wordt de psychologische verwarring verder versterkt door de manier waarop herinneringen plotseling in het verhaal binnendringen. Zo beschrijft Merel hoe ze tijdens slapeloze nachten terugdenkt aan een droom die ze vroeger vaak had:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “Toen we hier nog niet zo lang zaten, dacht ik gewoon […] Dat verhaal was: ik sta in een lift.” (Hanna Bervoets, p. 123)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze abrupte overgang van het nu naar een herinnering laat zien hoe haar bewustzijn zelf uit elkaar valt: heden en verleden lopen voortdurend door elkaar, waardoor ook de lezer het overzicht kwijtraakt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Naast desoriëntatie ontstaat ook morele verwarring. De personages weten niet meer wat juist is, wat ze voelen, of waar ze op kunnen vertrouwen. Dat blijkt uit het volgende fragment:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “Misschien beseften we, diep vanbinnen, dat het vertrek van Kaspar en Natalie ons voordelen zou opleveren. Bovendien waren ze hier ongelukkig, en wie weet, ja: wie weet zouden ze buiten vinden wat ze zochten. Aan de andere kant: als dat niet gebeurde, was Joeri daarvan het slachtoffer.” (Hanna Bervoets, p. 161)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit citaat toont hoe tegenstrijdig en vaag hun gedachten worden: ze proberen tegelijk morele keuzes te maken én zichzelf gerust te stellen, zonder zeker te weten wat waar is. De verwarde gedachtegang van Merel wordt hier duidelijk zichtbaar, en past bij de fragmentarische vertelstructuur. De niet-chronologische structuur is dus meer dan een literaire stijlkeuze: het is een middel om de innerlijke chaos en desoriëntatie van de personages tastbaar te maken. Door tijd en logica te doorbreken, laat Bervoets de lezer hetzelfde voelen als haar personages: verwarring, twijfel en verlies van controle.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het mag duidelijk zijn dat de niet-chronologische vertelstructuur in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alles wat er was
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            bewust is ingezet om de psychologische desoriëntatie van de personages tijdens hun isolatie te weerspiegelen. Door de tijdlijn te verbreken, ervaart de lezer dezelfde verwarring, onzekerheid en vervreemding als de hoofdpersoon Merel. De fragmentarische opbouw, de abrupte herinneringen en de morele twijfels versterken het gevoel van mentale ontwrichting. Zo laat Hanna Bervoets op indringende wijze zien wat isolatie met een mens kan doen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
           &#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Bronnenlijst:
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De boeken van Hanna Bervoets op volgorde - Boekbeschrijvingen.nl. (z.d.). https://www.boekbeschrijvingen.nl/bervoets-hanna/bervoets.html
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bio. (z.d.). https://hannabervoets.com/Bio/
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Alles+wat+er+was.jpeg" length="8373" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 22 Jun 2025 12:59:34 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/desorientatie-in-tijd-en-geest</guid>
      <g-custom:tags type="string">,Hanna Bervoets,essays,essays leerlingen,essays van leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Alles+wat+er+was.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Alles+wat+er+was.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Stel je eens voor dat je per jaar 26 boeken leest’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/stel-je-eens-voor-dat-je-per-jaar-26-boeken-leest</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ‘Stel je eens voor dat je per jaar 26 boeken leest’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Brieven aan Miyo' van Martin Bootsma
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Brieven+aan+Miyo-5635b117.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘Het klinkt misschien vreemd, maar er zit schoonheid in het wachten op een brief. We zijn eraan gewend geraakt dat we vrijwel direct antwoord krijgen op onze vragen. Bedenktijd lijkt een verschijnsel uit het verleden. Zelfs bij onderwerpen waarover je weinig tot niets weet, verwacht de vragensteller meteen een antwoord. Kijk maar eens naar een talkshow op televisie. Als je aarzelt of genuanceerd wilt zijn, word je al snel ‘saai’ genoemd. Ik vind die aarzeling juist een teken van kracht. Eerlijk toegeven dat je over een vraag of een stelling moet nadenken lijkt mij een prima houding. In tijden van onmiddellijkheid is bedachtzaamheid een deugd.’ Dit schrijft de bevlogen docent Martin Bootsma, die al dertig jaar voor de klas staat, in zijn eerste brief aan zijn stagiaire Miyo. Hoe je deze deugd, bedachtzaamheid, kunt verwerven, wordt langzaamaan duidelijk als je alle brieven leest die Bootsma in zijn
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Brieven aan Miyo
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           schrijft. Je begint namelijk met het lezen van een boek, gaat verder met het lezen van een volgend boek en houdt vervolgens niet meer op met lezen, bouwt boek voor boek een wereld om je heen van kennis, gedachten en gevoelens, die zich steeds verder uitbreidt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan het eind van de eerste stagedag vraagt Miyo aan Bootsma of een leraar moet lezen. Bootsma wil daar even over nadenken en besluit dan een antwoord in briefvorm te geven. In de eerste brief heeft hij het over de Franse schrijver Daniel Pennac die tien rechten van de lezer benoemt. Het eerste recht van de lezer is volgens hem het recht om niet te lezen. Bootsma schrijft aan Miyo dat dit recht weliswaar voor iedere lezer geldt, maar niet voor de leraar. De leraar zou volgens hem moeten afzien van dit eerste recht. Dat is geen straf, want waar een advocaat of arts droge vakliteratuur door moet nemen, loopt de docent door Verbazië of Leugenland. Al snel komt hij met een dringend advies:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Stel je eens voor dat je per jaar 26 boeken leest. Je leest dan elke twee weken één kinderboek. Je volgt een opleiding tot leraar die vier jaar duurt, en als je vanaf de eerste week dit ritme hanteert, dan heb je op het moment dat je bevoegd bent al meer dan honderd kinderboeken gelezen. Dat is een prachtige basis voor literatuuronderwijs. Als je dit leestempo volhoudt als je eenmaal voor de klas staat, dan heb je na zes jaar lesgeven al meer dan 250 boeken gelezen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bootsma vertelt er ook bij wat er dan gebeurt: de boeken die je al gelezen hebt, komen bij je buurten als je in een nieuw boek begint. Ze roepen allerlei gedachten bij je op. Je gaat verbanden leggen en een leesvoorkeur ontwikkelen. Bootsma is zelf het wandelende (of liever schrijvende) bewijs van wat hij beweert. Iedere brief aan Miyo staat vol verwijzingen naar boeken en verbanden tussen de meest uiteenlopende werken uit de wereldliteratuur. Hij vertelt zo aanstekelijk dat je algauw op zoek gaat naar een pen om alle titels op te schrijven waarover hij vertelt. Meestal heeft hij voor zijn stagiaire bij iedere brief ook nog een boek gestopt waar ze meteen in zou kunnen beginnen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bootsma laat zien dat de wereldliteratuur de basis vormt voor de docent, dat hij eigenlijk niet méér nodig heeft dan dit: boeken lezen, aantekeningen maken over hoe hij die in de les kan gebruiken, vervolgens samen met de kinderen gaan lezen en hen aanmoedigen om ook steeds meer te gaan lezen, waardoor ook de kinderen bouwen aan een steeds grotere wereld van kennis, gedachten en gevoelens. Ook ontwikkelen ze een empathisch vermogen, omdat ze zich steeds in nieuwe personages zullen verdiepen. Met deze wijsheid laat de bevlogen docent aan zijn stagiaire zien dat dit de ziel van het onderwijs is: verhalen doorgeven en daar met elkaar over in gesprek gaan, ze in verband brengen met ons eigen leven en ze proberen te doorgronden. Boeken kunnen bemoedigen, troosten en inzicht geven. Hij laat zien hoe belangrijk geduld hierbij is:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Het opbouwen van vakmanschap duurt lang, Miyo. Maar leraren zijn ongeduldig, die willen snel resultaat. Ik geef op scholen trainingen over leesonderwijs, vier bijeenkomsten van drie uur. Leraren verwachten van zichzelf dat ze na deze vier bijeenkomsten de didactiek in de vingers hebben. Ze willen, om een uitspraak uit Koning Gilgamesj van Hans Hagen te parafraseren, in vier bijeenkomsten vier jaar afleggen. Ik zeg eigenlijk altijd dat ze na de cursus nog maar net over de drempel zijn gestapt en nu in de praktijk ervaring gaan opdoen, de aanpak zullen inslijpen en deze steeds beter in de vingers zullen krijgen. Iets goed kunnen, zoals een rekenles geven of een tekst samen lezen, vraagt om oefening, veel oefening.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Speciale aandacht besteedt Bootsma ook aan het langzaam lezen én herlezen van boeken. Door klassiekers steeds opnieuw in lessen te gebruiken, ga je ze beter begrijpen en zie je steeds meer lagen, waardoor ook de lessen beter zullen worden, omdat je kunt anticiperen en variëren. Hij geeft voorbeelden van docenten uit andere landen die veel meer aan literatuuronderwijs doen dan wij in Nederland. Buitenlandse leerlingen kunnen vaak hele teksten uit hun hoofd opzeggen van hun klassiekers. Nederlandse studenten komen meestal niet verder dan ‘Olé, olé, olé, olé’, constateert hij beschaamd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In een van de brieven onthult hij ook hoe er kennelijk zes basisvormen van verhaallijnen zijn. In simpele schema’s geeft hij ze weer en zelfs met kleuters weet hij deze vormen spelenderwijs te bespreken of te tekenen, waardoor kinderen leren met elkaar in gesprek te gaan over hoe verhalen in elkaar zitten en welke effecten dat heeft op de lezer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Er zijn dus veel redenen om deze
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Brieven aan Miyo
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            te lezen. Je hoeft geen docent te zijn om aangestoken te worden door deze liefde voor lezen, maar áls je docent bent, voel je dat hij gelijk heeft, dat de basis van iedere vorm van lesgeven het lezen van verhalen is, omdat daarin ontelbare werelden te vinden zijn. Bootsma motiveert om jezelf discipline aan te leren in dit lezen, om bewust te bouwen aan belezenheid. Hij noemt zoveel titels dat je meteen wilt beginnen en dat zijn titels van eeuwen geleden tot en met onlangs verschenen boeken. Hij laat zien hoe je de boeken in de lessen kunt gebruiken en hoe waardevol ze daarin zijn. Hij deelt talloze prachtige leservaringen, via Miyo, met de lezer. En met het lezen van dit boek, waarin zoveel kennis is ondergebracht en talloze prachtige citaten zijn opgenomen, ervaar je ook zelf hoe louterend deze bijzondere activiteit ‘lezen’ is, juist omdat zij tegelijkertijd vertraagt én verrijkt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Martin Bootsma –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Brieven aan Miyo
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Telos Uitgevers, Culemborg. 140 blz. €21,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Brieven+aan+Miyo-5635b117.jpg" length="78593" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 22 Jun 2025 12:50:27 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/stel-je-eens-voor-dat-je-per-jaar-26-boeken-leest</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Martin Bootsma,Brieven aan Miyo</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Brieven+aan+Miyo-5635b117.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Brieven+aan+Miyo-5635b117.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Een vleugel herkent men aan zijn pennen'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-vleugel-herkent-men-aan-zijn-pennen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Een vleugel herkent men aan zijn pennen'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het liegend konijn 2025/1 van Jozef Deleu
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+liegend+konijn+2025+1.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Als je een
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het liegend konijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Jozef Deleu betreedt – die tweejaarlijkse verzameling van uit het nest geroofde gedichten – , groeit de achterdocht en dan vooral in de etymologische betekenis van het woord, namelijk dat je overal waar je komt, gaat denken dat er iets achter zit. Ook in de eerste editie van 2025 is het weer zo’n feest: ‘Om de wereld te vereigenen / begin je woorden om te draaien / wil je weten of er niets aan de achterkant / schuilt geen weerwolf / of het woord een woord blijft’, schrijft Vlada Darenenkova, die nog geen bundel gepubliceerd heeft, maar wel alvast wat bladzijden van Deleus verzameling mag bewonen. En als je eenmaal woorden gaat omdraaien, dan ben je wel even zoet.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het liegend konijn 2025/1
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is wederom goed voor uren en uren hemelse achterdocht.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het begint al met de voorpret als je op de voorkant de lijst van dichters ziet, alfabetisch gerangschikt op achternaam, maar dit keer bij de laatste twee een knipoog, of struikeling, want ‘de Wit’ staat voor ‘Wilmer Leegwater’: al die namen, waarvan je sommige kent, maar heel veel ook niet. Waar haalt Deleu die toch allemaal vandaan? Ik stel me hem voor als een jager door de lage landen, die dorpen binnensluipt en in kamers van dichters de pasgeboren letterkindjes uit de wieg vist: ‘Hij zoekt en zoekt en vindt / altijd het bibberende hart / van een jong konijn’, schrijft Zoë Dankert, alsof zij het over Deleu zelf heeft. Het gaat echter over ‘Het nest’ waar je uitkomt: ‘Wij staan hier in het licht van vroeger. / De luiken zijn gesloten en toch is alles zichtbaar.’ Zo is het immers in de poëzie: in taal is alles mogelijk wat tijd en ruimte betreft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is duidelijk dat in veel poëzie de wereldproblematiek spiegelt. In ‘Debacle’ schrijft Hans Depelchin:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als eetlepels hollen mensen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gebouwen uit tot casco
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           geen schil of fundament
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           alleen wenteltrappen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tochtig omhoog
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in de bocht rust schurftig
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een achtergelaten tekening
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van een teddybeer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in de bocht lig ik
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ondersteboven weerspiegeld
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in het tin te schrijven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           waarom doof ik de lamp niet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en ga ik niet te bed
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de oude man daalt af en hum hum hum
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zijn klanken verstommen in rookpluimen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           uit bommengrond
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het is nu geen huis meer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar het is ons huis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er valt veel troost te putten uit deze bundel. Er staan enkele prachtige gedichten in over het verlies van een dierbare, zoals ‘Schrijf ik’ van Thomas Möhlmann, waarin de zinnen van rouw over elkaar heen lijken te buitelen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De paarden voor de koets van mijn moeder
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zullen zwart zijn en sterk, schreef ik, dit zijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de tranendagen en de nachten van drank, de
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           mantel der liefde en dekens van mijn, schreef ik
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en mensen die ik niet ken blijven handen schudden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van andere mensen die ik niet ken en ik prijs me
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gelukkig hier met jou op de bank en niet midden in
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een bosbrand te zitten, zei je, maar je zit hier niet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           meer en de bank moet het huis uit en het huis moet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           verkocht en vanochtend bedacht ik dat ik je eigenlijk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           weer eens bellen moest en vrij snel daarna dat dat niet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           meer hoeft en meteen daarna dat dat niet meer kan, en
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voor het me ontglipt schrijf ik het op, [...]
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het gedicht weerspiegelt zo mooi de gedachten die dwars door herinneringen lopen. Het gedicht mondt uit in een ontroerende vraag, die zo universeel is voor nabestaanden: ‘waar / / moeten de paarden stenen schelpen bloemen kleine mensen heen / waar in plaats van hier moedertje moest je nou ineens zo nodig zijn?’ Ook de gedichten daarna gaan over het verlies van de moeder. Ik zou ze wel allemaal willen citeren, zoals in elk geval dan nog de laatste regel van ‘Alles valt omhoog’: ‘maar je hoort me toch niet meer en alles valt, alles / is een snoer van belletjes, een wolk van diamanten, omhoog.’ Ook Marc Tritsmans weet rouw prachtig te vangen in enkele gedichten: ‘Oorverdovend deed ik je / leven dicht.’ Bij Miriam van Hee lijkt het meer de angst voor het verlies: ‘ik droomde vannacht dat hij heenging, / ik zag zijn hoofd tussen andere hoofden / die iemand rangschikkend neergelegd had’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van Bas Kwakman zijn ‘vijf odes en een gelofte aan de grote Khan’ opgenomen, waardoor je ineens belandt in een soort ceremonie voor deze grote krijger. Regels die klinken als een ernstige heiligenverering verdampen aan het eind in lichte ironie met een knipoog naar Lucebert: ‘Ik tracht op poëtische wijze de klok van Arnemuiden ik breng u de dikke vogel op mijn kinderbroekriem ik leer uw herders de macarena de horlepiep ik zing there’s no limit voor u ding ding-a-dong het grafschrift van Poot ik pleng mijn zaad ter uwer beeltenis [...].’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook in de poëzie van Frederik Lucien De Laere kom je in een vervreemdend bewustzijn terecht: ‘een rechtstreekse lijn naar / een andere dimensie / een grote verdichting / een veranderend bewustzijn.’ Echter, als je je vervolgens in een alledaags tafereel waant van Alexandra van Laeken, in ‘Het kwadraat van twee’, waarin de trein net vertrokken is, blijkt ook het universum te kantelen. Het is of de personages, tussen wie de ‘wij’ zich bevinden, gecategoriseerd zijn: ‘de opgefokte’, ‘de slanke’ en ‘de betweter’. Ook in haar volgende gedichten zijn mensen gereduceerd tot eigenschap: ‘de keurige’, ‘de grappenmaker’, ‘de kieskeurige’ en ‘de rechtmatige’. Ook dat heeft een vervreemdend effect.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is eigenlijk ondoenlijk om een beeld te schetsen van zoveel verscheidenheid. Omdat de dichters alfabetisch gerangschikt zijn, weet je dat de elkaar opvolgende betekenissen willekeurig zijn. Juist die willekeur is zo verrassend, omdat je van volstrekte ernst in hilarische situaties terechtkomt. Heel treffend weet Mariëlle Matthee de consumerende mens neer te zetten:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de jongste knijpt de zuidoostelijke zijde van de Himalaya uit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           haar moeder zet met blauwe eyeliner een punt onder de Nijl
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voor volgende vliegvakantie en kruist bij uitgang de geografe
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die links-rechts-links, rechts en uiteindelijk links kijkend
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           haar oor tegen de noordpool legt en luistert hoe ijs zweet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook Vincent van Meenen neemt een loopje met onze decadentie en sleurt de lezer mee in de taal van een soort kettingbrief: ‘stuur dit bericht naar zeven andere mensen / en ook naar mij terug / als je het niet doet zal je iets ergs overkomen / ik zweer het je let maar op / kijk mij woekeren’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En als we het dan over achterdocht hebben, Idwer de la Parra schrijft dat je zelfs op je hoede kunt zijn zodra de vogels zingen, ‘want ja, je hebt / natuurlijk wel gelijk dat elk gezang een einde kent, / dat krankzinnigheid en leugens zich vroeg of laat / tussen de geliefden dringen, en ook, er is geen hoop, en elke wenteling [...] blijft een vorm van blind en spartelpotend de dag verkennen.’ Zijn prachtige ‘Oog’ staat als kleinood alleen tussen de andere dichters.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Speciaal wil ik ook Anne Sanderling vermelden die in ‘dansen / met vuur’ zelfs grafisch een soort vuurdans maakt in prachtige woorden:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           schoorvoetend hadden we ons opgericht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           daar stonden we    in vuursteenstilte
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wankel nog   pasgeboren impala’s
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zonder ooi    waar was zij op de vlakte?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier moet je natuurlijk meer van lezen om je erin te kunnen verliezen. Sommige woorden zijn lichter gedrukt. Haar poëzie is echt een bijzondere ervaring. Iets vergelijkbaars geldt voor Bo Vanluchene met haar driedelige ‘transgender zwemuurtje’. Het is wonderlijk om je hier voor even aan over te geven: ‘het is pas hand in hand / dat we de kans op / verdrinking verdrijven’. Je kunt de bundel ook gebruiken om de ene mooie regel na de andere te vangen. Wat dacht je van deze regel van Monique Wilmer-Leegwater: ‘Mijn vader begraaft open wonden in het zand, zoals de zee / hem zijn zout oplegt, de gekwelde dieren bedekt.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Er is geen begin en geen eind in deze bundel, want je bladert heen en weer en weer heen. Ik eindig met de poëzie van Lies Van Gasse, omdat dichten, net als eieren leggen, toch een vorm van scheppen is, en deze editie van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het liegend konijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            toch weer een prachtige doorsnede is van waar dichters op dit moment op broeden:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik legde een ei voor mezelf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik droomde iets blauwschaligs,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar zag mezelf in spikkels
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en kreeg nog steeds geen veren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik legde een ei per dag.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik stuurde een ei op per post.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik zette een ei op mijn tijdlijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Iedereen wilde mijn eieren hebben,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           soms werden er zelfs eieren besteld:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           blauwschalige, bruine, witte,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voor quiche of ontbijtpannenkoekjes.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijn eieren waren in trek.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op een bepaald moment
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           legde ik precies de eieren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die op dat moment van mij werden verwacht,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar ik voelde me nog steeds geen kip.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De interesse voor mijn eieren verdween.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toch had ik blauwe dromen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een vleugel herkent men aan zijn pennen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In mijn dromen ben ik marmer geschaald.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dus leg ik een ei voor mezelf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Jozef Deleu –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het liegend konijn 2025/1
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Pelckmans, Kalmthout. 248 blz. €24,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+liegend+konijn+2025+1.jpg" length="50185" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 11 Jun 2025 13:28:27 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-vleugel-herkent-men-aan-zijn-pennen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het liegend konijn 2025 1,essays,Jozef Deleu</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+liegend+konijn+2025+1.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+liegend+konijn+2025+1.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Wie denk je dat je bent, zo veelkoppig’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wie-denk-je-dat-je-bent-zo-veelkoppig</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ‘Wie denk je dat je bent, zo veelkoppig’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Hazenslaap' van Margreet Schouwenaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/hazenslaap-67db9914.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het is of Margreet Schouwenaar in haar nieuwe bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hazenslaap
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            in ieder gedicht met een schepnet door het leven trekt. Elke keer is het net tot de rand toe gevuld, maar nooit op dezelfde manier, terwijl je toch steeds moet constateren: ja, precies, dit is het leven! En vervolgens voel je hoe dat leven je tussen de mazen van de taal ontglipt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op de achterflap van de bundel staat dat hazen met open ogen slapen en dus nog alles opmerken. Die toestand past bij deze onophoudelijke stroom van leven:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe je soms het zwart van leed, pijn, geweld, van
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wat de mens, o ja de mens, tracht te ontvluchten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in wat abc, het zacht van een hondenlijf, of de zorg
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voor een tuin, zodat de tijd even spint in stilte en
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           alles maakbaar lijkt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat is toch dat vanzelf kwade, ooit geleerd en als fietsen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           nooit vergeten, dat elke zijweg kent en geen stopbord
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           herkent. En wat is dat dondersgoede weten dat telkens
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           weer onbewoonbaar blijkt, sleutel kwijt! We leerden in
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           aannames leven, we wenden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           aan niets uitspreken, aan vingerwijzen, voorwaarts
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           streven door niet te bewegen [...]
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is of haar gedachten steeds een afslag nemen, zoals je ook een haas zwenkend over een pad kan zien vluchten. Soms keer je weer terug naar het hoofdpad, maar vaak ook dwaal je dieper en dieper het bos in. Het is heerlijk om je door de taal te laten meevoeren, omdat het lezen het leven zo op de voet volgt en dat leven zo onvoorspelbaar is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je komt langs regels die als persoonlijke herinneringen voelen, zoals in ‘Je bent al zo lang weg’: ‘Mijn lief zag geen grond en verdween bij toverslag. / Twee elfjes bleven. Ze dronken geen schoolmelk / meer en speelden op woensdag met supersoakers / op het gras.’ In een ander gedicht kijk je recht in het gezicht van onze premier: ‘De leegte kiert in het glasgestreken gezicht / van een premier, scheurt een leegstaande krantenkop’. Die afwisseling voelt volkomen natuurlijk. Tegelijkertijd voel je hoe wat er in de wereld gebeurt, een mens niet onberoerd kan laten. Neem je een schep leven, dan zit ook echt alles erin: ‘Wie denk je dat je bent, zo veelkoppig.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Schouwenaars stijl heb ik al bij een eerdere bespreking van haar werk ‘stromend’ genoemd. Je kunt bijna niet stoppen met lezen omdat de regels door blijven stromen en je van het een in het ander komt. Toch maakt ze niet altijd de zinnen af en juist dat past zo mooi bij de weergave van het leven: handelingen en gedachten lopen in elkaar over, maar worden ook onderbroken:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           [...] Je smeert brood
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voor de reis, wast je handen, denkt aan niets, telt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de slakken op het asfalt; ziet gebeuren wat nog niet,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           pakt je tas, maakt een grafiek, hoe vaak al zag je
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           koeien?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Omdat er ondanks de volle regels zoveel is weggelaten, kun je zelf nog eindeloos invullen. Je begint, maar je komt zelden ergens aan, en dat maakt niet uit, omdat je onderweg zoveel moois tegenkomt waar je kunt blijven hangen: ‘Je bent een lange laan, een mengelmoes van wegen, een kruispunt, maar een routekaart ontbreekt’. Hoe terloops en willekeurig alles lijkt, de taal is zorgvuldig uitgekozen en op elkaar afgestemd: ritme, klank en betekenis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De gedichten roepen associaties op, maar ook herkenning van dat overvolle leven dat voorbij dendert. Je kunt overal instappen en voor even in meegaan. Dat geldt ook voor deze bundel. Het is een fijne verzameling om voor even op te pakken en je mee te laten voeren door de mooie regels: ‘In haar duur ik lang, weet ik waar / het licht, het knopje, wie aan mijn bed zat, hoe mijn kind. / Weet ik van dag en jaar en hoe het ging’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan het einde van de bundel staan enkele ontroerende, existentialistische, zeer tekstdichte gedichten, met titels als ‘Nu het leven’ en ‘Uiteindelijk zal ik’ waarin de dichter lijkt te tasten naar wat er in dat overvolle leven nu precies toe doet en hoe je er betekenis aan kunt geven: ‘hoe een leeslint in de dag’ en ‘Alles is voor altijd niets’. Hoezeer ze ook haar letters, woorden, regels, gedichten afvuurt op dat leven, het mysterie blijft intact.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Op het omslag van de bundel prijkt een kosmische nevel, die zich op 5300 lichtjaren van de aarde bevindt: ‘een wolk van gas en stof waar nieuwe sterren worden geboren’. Het is een raadsel waar je naar kijkt en wat je ziet, is eigenlijk al voorbij. Niet anders is het met ons eigen mysterie en dat weet Schouwenaar dan toch maar mooi in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hazenslaap
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            te vangen. Het leven is een voortdurend beginnen, zonder punt:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           [...] Ik zie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hoe waar alles lijken wil: leven, liefde, licht. De tijd stuift weg.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Langzaam val ik stil en glij uit mijn ransel. Hier sta ik dan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik had het kunnen weten. Alles blijft aldoor onbegonnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Margreet Schouwenaar –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hazenslaap
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij P, Leuven. 96 blz. € 19,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/hazenslaap-67db9914.jpg" length="13844" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 11 Jun 2025 13:24:53 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wie-denk-je-dat-je-bent-zo-veelkoppig</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Margreet Schouwenaar,Hazenslaap</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/hazenslaap-67db9914.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/hazenslaap-67db9914.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>w.a.t.e.r.o.v.e.r.b.l.i.j.f.t</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/w-a-t-e-r-o-v-e-r-b-l-i-j-f-t</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           w.a.t.e.r.o.v.e.r.b.l.i.j.f.t
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het ontstaan van een omslag
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_3687.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Terwijl ik
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Bombyx mori
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            aan het schrijven was, dacht ik ook na over hoe het boek eruit zou komen te zien. Voor mijn vorige novelle/roman
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Veerman
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            had mijn dochter een nachtvlinder (mot) getekend. Een 'bombyx mori' is een zijdevlinder, maar die wilde ik juist niet op de voorkant van dit nieuwe werk. Het liefst heb ik een omslag dat rakelings langs het verhaal scheert. Zo vind ik 'veer' in 'veerman' mooi bij de vleugels van een vlinder passen. In het boek kom je de mot ook ergens tegen, in letters dan. Geen zijdevlinder dus voor
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bombyx mori
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , maar wat dan wel? De ondertitel was ondertussen aan het slingeren tussen 'de eerste uren van de schepping'  en  'de eerste uren van ontschepping', omdat in het verhaal midden in een kamer een kind aan het ontbinden is. Ik wilde iets fragiels, iets wat met één keer blazen weg zou zijn, maar nog even standhield. Ik wilde in elk geval een mengsel van materialen: potlood, inkt, wol én zijde. Ondertussen was ik
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            wie glas blaast
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            met mijn zus aan het afronden, een dichtbundel met foto's, waarin veel druppels langskwamen. Een daarvan was een soort waslijntje van druppels. Misschien was dat wel de foto die ik het mooist vond. Mijn dochter had de foto gezien en zei dat zij ook nog waslijntjes had met druppels. Een daarvan gebruikte ik als inspiratie.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met potlood tekende ik de druppels. Met een vreemde witte substantie die tussen mijn ecolinepotjes stond, kleurde ik ze deels in. Daarna begon het mengen van de ecoline. Ik heb bruin, groen, geel, turquoise, grijs gemengd, net zolang tot ik de kleur vond passen bij de stemming waarin ik mijn verhaal schreef. Met een grote kwast bracht ik het mengsel van kleuren aan en liet de druppels rijk over het blad rollen, even inwerken. Daarna hield ik het blad onder de kraan, waardoor een groot deel van de kleur weer wegspoelde. Dit proces herhaalde ik, tot het papier wat ging protesteren. Als je op het kletsnatte blad weer nieuwe ecoline aanbrengt, krijg je mooie figuren en vlekken die zich steeds verder uitbreiden en met elkaar gaan mengen. Daarna heb ik het laten drogen en ging ik op zoek naar zuivere zijde. Op sommige plekken in het lijntje en in de druppels heb ik met een heel dun naaldje met de hand de zijde geborduurd. Daarna ging ik de draad rafelen en legde hier en daar wat los op het blad. Met wol deed ik hetzelfde.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik dacht: dit zijn de eerste uren van de schepping en dit is wat er overblijft. Het is ook water dat overblijft. Een kind wordt uit water geboren. Zo wilde ik mijn kleine schepping noemen: wat er overblijft, of water overblijft. Ik besloot er punten tussen te plaatsen, zodat beide lezingen zich kunnen voordoen bij lezers. Ik heb het geheel gescand voor het omslag.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_3687.jpg" length="764200" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 04 Jun 2025 17:01:09 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/w-a-t-e-r-o-v-e-r-b-l-i-j-f-t</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_3687.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_3687.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Alles bedekt zij, alles gelooft zij, alles hoopt zij, alles verdraagt zij</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/alles-bedekt-zij-alles-gelooft-zij-alles-hoopt-zij-alles-verdraagt-zij</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alles bedekt zij, alles gelooft zij, alles hoopt zij, alles verdraagt zij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De wijsheid van een eiland'  van Antoni Marí
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+wijsheid+van+een+eiland.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Zou ieder mens in zichzelf een eiland van herinneringen hebben? Een eiland waarop je alleen onbewust kunt aanmeren, omdat je niet gericht kunt sturen en je afhankelijk bent van wanneer je toegelaten wordt? Als je het eiland wilt beschrijven, zal dat nooit chronologisch zijn, want de tijd schudt herinneringen door elkaar. Je bewustzijn legt andere verbanden. Miquel, de verteller uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De wijsheid van een eiland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de Catalaanse Antoni Marí brengt een heel bijzondere ordening in zijn herinneringen aan. De hoofdstukken zijn ontleend aan de zeven lichamelijke en zeven geestelijke werken van barmhartigheid en vormen daarmee een unieke levensles.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De werken van barmhartigheid, afkomstig uit het christelijke evangelie, zijn weliswaar een oproep tot liefde, maar deze laat zich niet onderbrengen in wetten of voorschriften. Ze moeten uit de mens zelf komen, omdat de liefde in ieders hart kijkt. Dat is precies het ontroerende aan de herinneringen van Miquel. Hij laat de verschillende werken zien bij verschillende mensen uit zijn herinneringen en ieder werk zit op zijn eigen manier verstrengeld in het leven van de betreffende persoon. Het werk is niet te delegeren. Het komt in de mens zelf op.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo komt de grootvader van Miquel op meerdere plekken voor. Een van de werken is ‘De lastigen geduldig verdragen’. In deze herinnering is de grootvader een dutje aan het doen, terwijl zijn kleinzoon toeziet hoe zijn moeder haar nagels lakt op het balkon. Als zij met haar gelakte nagels wegloopt, pakt de kleinzoon het magische flesje en begint de nagels van zijn grootvader te lakken. Dat gebeurt een stuk minder netjes dan bij de moeder. Als de grootvader wakker wordt, laat hij niets merken. Aan tafel valt ieders blik op de gelakte nagels van opa en Miquels vader maakt er een opmerking over. In plaats van zijn kleinzoon te verraden, zegt grootvader: ‘Uit het potje van je vrouw. Mooi vind ik het. Vanochtend heb ik gezien hoe ze dat doet en ik vind het mooi. Hij strekte zijn rechterarm om zijn nagels te bekijken en herhaalde: mooi. Voor de eerste keer heb ik het er niet zo slecht van afgebracht.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De grootvader is vaker de reddende engel voor Miquel. Vaak zijn het kleine ondeugden die hem door zijn opa vergeven worden. Juist doordat de werken zo diep met een gewoon mensenleven zijn verweven, vormen ze voor de gewone mens zuivere levenslessen. Het zijn geen simpele of juist ingewikkelde wetten om je aan te houden, het gaat erom op het juiste moment te handelen naar je hart. En als je van de ander houdt, dan gebeurt dat eigenlijk vanzelf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo is Miquel soms ook zelf degene die het werk van barmhartigheid uitvoert, zoals in ‘De zieken bezoeken’. Zijn beste vriend Pau, misschien zelfs zijn enige echte vriend, krijgt een ernstige, ongeneeslijke botziekte. Trouw blijft Miquel zijn vriend bezoeken. Op het laatst is Pau er zo ernstig aan toe, dat Miquel er intens verdrietig van wordt en een andere vriend Miquel overhaalt om naar een feest te gaan, omdat hij zich daar misschien iets beter door zou voelen. Je voelt hoezeer de vriend het goede met Miquel voorheeft door hem af te leiden. Miquel voelt zich echter diepellendig tussen de feestgangers. Na het feest gaat hij als vanzelf terug naar het huis van zijn zieke vriend, waar hij in de armen van de moeder wordt gesloten: Pau is overleden. Ook hier voel je hoe liefdevol de moeder is: geen wrok naar Miquel toe dat hij naar het feest is gegaan. Ze sluit hem in haar armen. En dan volgt een ontroerend moment:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Pau lag in een wit laken gewikkeld op bed. Ik sloot mijn ogen en een zwerm sterretjes schoot van links naar rechts. Een pijnscheut die mijn borst leek te doorsnijden, bracht me aan het huilen. De tranen biggelden langs mijn wangen en schroeiden mijn gezicht; alles was wazig en ver weg. Zo goed en zo kwaad als het ging, trok ik zonder te kijken mijn zakdoek uit mijn broekzak. Ik droogde mijn tranen af en keek tersluiks naar Pau, die door mijn handbeweging onder de confetti zat, piepkleine stukjes feestpapier die zijn lijkwade bespikkelden met duizenden kleurtjes.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het lezen van dit boek is als een louterend verblijf op een eiland in de zee van grote wereldgebeurtenissen. Goed en kwaad zijn in dit boek tot menselijke proporties teruggebracht, waardoor iedere lezer ze herkent. Je wordt heen en weer geslingerd tussen heel verschillende soorten herinneringen, kleine humoristische voorvallen, of juist de tragische momenten van leven en dood. De wijsheid van dit eiland zit in het subtiele raadsel van de liefde: alles bedekt zij, alles gelooft zij, alles hoopt zij, alles verdraagt zij.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Antoni Marí –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De wijsheid van een eiland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Frans Oosterholt. Zirimiripress, Amsterdam. 144 blz. € 21,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+wijsheid+van+een+eiland.jpg" length="4557" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 28 May 2025 08:53:21 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/alles-bedekt-zij-alles-gelooft-zij-alles-hoopt-zij-alles-verdraagt-zij</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Antoni Marí,De wijsheid van een eiland</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+wijsheid+van+een+eiland.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+wijsheid+van+een+eiland.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Tragiek tussen de regels</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/tragiek-tussen-de-regels</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tragiek tussen de regels
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het verhaal over Mevrouw Berg'  van Ingvild H. Rishøi
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+verhaal+over+mevrouw+Berg-e52dad4b.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Na
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stargate
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Winterverhalen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is nu ook
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal over mevrouw Berg
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de Noorse Ingvild H. Rishøi in het Nederlands verschenen, vijf verhalen die je niet loslaten. Of het nu komt door de kunst van het weglaten, waardoor je als lezer zelf intensief meeschrijft met het verhaal en je er daardoor mee verbonden blijft voelen, of door de aandoenlijke personages die onderdak zoeken in je hart, zelfs na een paar jaar blijven haar verhalen in je geheugen opdoemen, als waren het je eigen herinneringen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De verhalen zijn alle vijf op hun eigen manier behoorlijk dramatisch, maar die dramatiek lees je vooral tussen de regels door. Het titelverhaal lees je bijvoorbeeld vanuit een kind dat een hamster krijgt en door de scheiding van haar ouders afwisselend bij haar vader en moeder woont. Haar moeder, bij wie ook de hamster in huis is, lijkt niet opgewassen tegen haar zorgtaak als ouder. Nergens wordt dat met zoveel woorden gezegd. Toch voel je het:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik zei tegen mama: ‘Je moet niet vergeten om haar elke dag eten te geven.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Nee,’ zei mama.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze stond bij de gootsteen. Maar ze waste niet af. Ze staarde naar de muur en beet alleen op haar lip.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Zal ik je helpen afwassen?’ vroeg ik, en ik pakte de theedoek.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           We deden de afwas.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarna rende ik naar mijn kamer en knuffelde heel lang met Mevrouw Berg.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je voelt dat het ergens een keer mis moet gaan, omdat de moeder nergens haar hoofd bij lijkt te kunnen houden. Het tweede verhaal, ‘Mensen wegtoveren’ gaat over twee zussen door de tijd heen. Het zijn steeds korte herinneringen. Ook hier voel je voortdurend de dreiging tussen de regels: het jongste zusje wordt naar het ziekenhuis gebracht, het oudere zusje heeft niets om zich aan vast te houden. Je voelt de machteloosheid. Bij een spel met wat vriendinnen doen de meisjes net of het jongste zusje ineens verdwenen is en ze haar niet meer kunnen zien, terwijl ze er nog gewoon bij zit. Je weet dat het kinderen zijn en dat het een spel is, maar je krijgt een knoop in je buik bij het lezen. Waar gaat dit heen, vraag je je af.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘The Life and Death of Janis Joplin’ is een bizar en erg aangrijpend verhaal over een meisje dat van haar decaan alleen te horen krijgt dat ze heel erg op Janis Joplin lijkt, terwijl het gesprek had moeten gaan over de keuzes die ze moet maken, omdat het op school niet zo lekker loopt. Omdat ze niet weet wie Janis Joplin is, zoekt ze in de bibliotheek een cd van haar op en ziet dan in feite zichzelf op het hoesje. Vanaf dat moment gaat ze helemaal op in Janis Joplin. Ook hier voel je de dreiging, omdat het toch nooit goed kan gaan als ze hier echt haar bestemming in vindt: in op iemand anders lijken. Het dramatische slot is verbijsterend en hartverscheurend.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kunst van het weglaten zie je niet alleen in de tragiek tussen de regels, maar ook in de krachtige keuzes voor een slot. In ‘Dat wat licht geeft’ lees je over een relatie tussen twee broers vanuit de jongste broer. Richard is alles voor hem. Ze spelen samen in het bos, Richard leert hem alles: over de sterren, hoe je moet zwemmen en wat al niet meer. In de puberteit gaat het helemaal mis. Er komen twee meisjes bij hen in de tuin kamperen, die wel belangstelling voor Richard lijken te hebben. Het is of de jongen compleet de weg kwijtraakt en verstart. Hij trekt zich helemaal terug en zijn jongere broer kan hem niet meer bereiken. Hier weet Rishøi het verhaal af te sluiten op een moment dat het verhaal nog volop in actie is, waardoor het effect maximaal is en ook de lezer zich net als de ik-persoon totaal ontredderd voelt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Meestal heb je in een verhalenbundel dat er een paar verhalen aangrijpen en dat de rest daarbij wat in het niet vallen. Zo niet in deze bundel. Tot en met het laatste verhaal blijf je maximaal betrokken en wil je niets missen. Ook dit laatste verhaal ‘Mijn meisjes’ is een hartverscheurend verhaal, geschreven vanuit een vader die ‘sorry’ zegt tegen zijn oudste dochter. Het hele verhaal blijf je in spanning wat er dan precies gebeurd is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat wij deze prachtige verhalen kunnen lezen en daarvoor niet eerst Noors hoeven te leren, hebben we te danken aan de vertaalster, Liesbeth Huijer, die ook een groot compliment verdient, want zij weet het vakmanschap van Rishøi, dat in Noorwegen al meermaals bekroond is, op subtiele wijze over te brengen en dat kan alleen, omdat ook zij een vakvrouw is. Laten we hopen dat ze alles wat nog uit Rishøis pen zal vloeien, blijft vertalen, want er is één verschrikking aan deze verhalen: ze lopen af, terwijl je het liefst nog een poosje in de verhalen had rondgewandeld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ingvild H. Rishøi –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal over Mevrouw Berg
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Liesbeth Huijer. Koppernik, Amsterdam. 160 blz. € 23,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+verhaal+over+mevrouw+Berg-e52dad4b.jpg" length="52447" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 28 May 2025 08:53:15 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/tragiek-tussen-de-regels</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Het verhaal over mevrouw Berg,Ingvild H. Rishøi</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+verhaal+over+mevrouw+Berg-e52dad4b.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+verhaal+over+mevrouw+Berg-e52dad4b.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'een schil tegen het donker dat opdoemt'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-schil-tegen-het-donker-dat-opdoemt</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'een schil tegen het donker dat opdoemt'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Hazenklop' van Hanneke van Eijken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hazenklop.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Heerlijk is het om je door een omslag van een dichtbundel te laten meevoeren, nog voordat je begonnen bent te lezen, misschien zelfs nog voordat je de bundel geopend hebt. Hetzelfde geldt voor mooie titels, waar je alvast heel lang over kunt mijmeren.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hazenklop
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , de nieuwe bundel van Hanneke van Eijken, heeft bijvoorbeeld zo’n titel. Ik hóór de haas als ik alleen maar de titel zie, ik hoor zijn pootjes roffelen over het harde zand. Ik zie hem tussen de varens doorschieten, vanwege de afbeelding van de varen op het voorblad, in de vorm van twee hazenoren. Ik voel zelfs het snelle kloppen van zijn hart. Ik voel de vrijheid, de snelheid, maar ik ervaar ook de neiging tot vluchten, door mijn associatie met ‘het hazenpad kiezen’. Ik voel de angst vanwege de angsthaas. En ja, lach maar, ik zie ook een toenemende wereldbevolking, door de associatie met de voortplantingsdrift waar hazen om bekend staan. Leven, samengebald, in het beeld van dat rennende beestje.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het haast vitalistische motto van Mary Oliver echoën veel van mijn associaties bij de titel na. En dan liggen er nog bijna veertig gedichten te wachten. De openingsregel ‘De schaduw is zo groot als het dier in ons’ laat al doorschemeren dat die hazenklop ook wel onze eigen hartenklop zou kunnen zijn, waarin de vrijheidsdrang, inclusief de angst en vlucht voor het gevaar, doorklinkt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik wil een verenvacht, scherpe klauwen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een blik vol nachtnavigatie, de roep
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           uit mijn borst laten ronken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik wil de wilde dieren in mij, die wroeten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           grommen tegen het donker
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze opening is veelbelovend: krachtig, gelaagd en meerduidig.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De eerste afdeling, ‘Mijn bewegen is een vorm van honger’, doet denken aan
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Rennen naar het einde van honger
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Esther Jansma, vooral in combinatie met de volgende regels uit het gedicht ‘Leger”: ‘Wie rent blijft rennen / dus ik ren tot de ochtend opdoemt in mijn kop’. Ook in de bundel van Jansma wordt het rennen of bewegen gekoppeld aan de honger. Op de uitvaart van de in januari overleden Jansma sprak Van Eijken haar waardering en bewondering voor Jansma uit. In het werk van beide dichters is de hartstochtelijke liefde voor het leven voelbaar, in al zijn vormen en met alle denkbare emoties. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            We moeten ‘misschien’ blijven denken
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van Jansma komt het kuiken in het ei als zowel krachtig als kwetsbaar beeld voor, vergelijkbaar met de haas bij Van Eijken. Overigens is achter in Hazenklop dit beeld van de zowel krachtige als kwetsbare haas ook door Pauline Phoa schitterend vormgegeven: een tekening van een rennende haas waar delen wegvallen tegen de achtergrond. Dat wegvallen roept niet alleen de snelheid op waardoor je de haas nooit helemaal in beeld kunt vangen, maar ook de kwetsbaarheid van het beestje.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hazenklop
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            klopt niet alleen de liefde voor het leven, maar ook voor de taal:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nesten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook ik besta uit raat, cel aan cel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           aan cel, uit weefsel en pezen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de tijd die in mij nesten bouwt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik ben mijn eigen angstflank, een nachthaas
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die een perkamenten pad op rent
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           oren plat in de nek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           onder mij duwt de grond mijn poten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in elkaar, omhoog
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De puls is hier ook in het ritme van de regels, die wat opzwepends hebben, voelbaar, gesteund door de krachtige assonanties en alliteraties. Dit is poëzie in haar zuivere vorm: vorm en inhoud zijn één. De honger naar steeds meer en meer leven en beweging voel je door dat zoeken naar woorden: eerst ‘angstflank’ voordat ‘haas’ ook aan de angst gekoppeld wordt. De lezer heeft die twee al verbonden, maar het wordt geen ‘angsthaas’, maar ‘nachthaas’. Dat bijstellen en verder rennen past subliem bij het beeld van de rennende haas die zwenkt om ieder gevaar te ontwijken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hazenklop
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is diep verbonden met het verdriet en geweld die in onze wereld woeden. Zo is ‘Tegen het breken’ een ontroerend gedicht over een oorlogsgebied: ‘In een dorp waar vuur nasmeult / speelt een kind met een stuk karton een huis na, kamer na kamer’. Behalve het kind, is ook de ouder de wanhoop nabij: ‘onder een inktzwarte hemel bouwt een vader een dak van takken / om de nacht te dragen’. Wat kunnen we hier nog over zeggen, lijkt Van Eijken te willen uitdrukken in ‘elders slaat iemand de woorden uit je mond / of breekt wetten als kwarteleieren in het voorjaar’. We staan machteloos tegen zoveel geweld en misbruik van macht. Toch is er de taal, want taal is een instrument om mensen met elkaar te verbinden. Deze brug onderscheidt ons van de dierenwereld. Wij kunnen ons uitspreken tegen het duister:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hier ligt de taal in onze handen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die zich tot nest vlechten kan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een schil tegen het donker dat opdoemt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als we wegkijken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tegen wat langs deurposten omhoogkruipt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook hier voel je de levenskracht zinderen. Leven kun je niet zonder de ander en daarin kunnen we van de natuur leren: ‘vertel me wat bomen elkaar zeggen’. Het is bekend dat bomen onder de grond via hun wortelstelsels elkaar met elkaar communiceren, elkaar overeind houden en als zij daarin falen dan zijn er ‘schimmels die sporen trekken / lichtslingers door wortels heen’. Als je een wilgentak afbreekt en opnieuw in de grond steekt, maakt hij nieuw blad. Hoe zit het met onze veerkracht?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Heerlijk is het als poëzie je uitnodigt om op onderzoek uit te gaan. Behalve dat ‘Noordkromp’, de titel van een van de gedichten, een geweldig woord is, is het ook fantastisch om te weten wat dit is: het blijkt een schelp, een tweekleppig weekdier. In IJsland blijkt er een te zijn opgevist van 507 jaar en werd daarmee ‘het oudste dier ter wereld’ genoemd: ‘in de rimpels, onder de wervels van de zeebodem / hebben we leren luisteren’. Helaas is het arme beestje door het onderzoek overleden. Ook hier voel je kracht en kwetsbaarheid hand in hand gaan, net als de verwondering én de verwoestende kracht van de mens.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Over
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hazenklop
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            kun je blijven denken en blijven schrijven, want er is zoveel moois in te ontdekken. Wie bang is voor ontlezing doet er goed aan dit soort parels te verspreiden en anderen te laten voelen wat de kracht is van taal. Wat dacht je van iedere dag een mooi gedicht van Hanneke Van Eijken op het schoolbord voor onze jongeren, die deze ode aan het leven en de dieren vast kunnen waarderen?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hazenklop
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is dan goed voor een louterende bijna veertigdagentijd om samen nesten te bouwen tegen het duister.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hanneke van Eijken –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hazenklop
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Van Oorschot, Amsterdam. 72 blz. € 22,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hazenklop.jpg" length="55243" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 13 May 2025 20:12:20 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-schil-tegen-het-donker-dat-opdoemt</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Hanneke van Eijken,Hazenklop</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hazenklop.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hazenklop.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘zoet, stevig en op maat van vrouwen’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/zoet-stevig-en-op-maat-van-vrouwen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ‘zoet, stevig en op maat van vrouwen’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Pink Lady' van Saskia de Coster
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Pink+Lady.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De wandelingenreeks Terloops van uitgeverij Van Oorschot is op zichzelf al een verzameling waard, want de boekjes zijn allemaal mooi vormgegeven en zijn stuk voor stuk een mooie combinatie van wandeling en verhaal. Bij iedere uitgave is het weer een verrassing hoe de verhouding tussen die twee is. Er zijn verhalen waarbij de wandeling helemaal op de achtergrond is geraakt, omdat je je vooral in het hoofd van de verteller bevindt. Bij andere verhalen krijg je vooral een sfeerimpressie van het landschap. Bij de meeste verhalen zit er een diepere laag in verweven die stof tot nadenken biedt. Zo ook in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Pink Lady
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Saskia de Coster, die samen met haar geliefde een wandeling in de Luxemburgse Ardennen maakt met niemand minder dan een seriemoordenaar, gelukkig wel onder begeleiding van een agent.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als De Coster aan haar grootmoeder vraagt om even een eindje te wandelen, antwoordt ze: ‘Lees liever de Bijbel eens, met al uw boeken.’ Grootmoeder loopt heel wat af, maar vooral in en om het huis. Wel schiet haar ineens ‘de Nieuwewandeling’ te binnen: de naam van de gevangenis in Gent. Daar lopen de criminelen rondjes op een binnenkoer. Dat lijkt grootmoeder een grote straf, maar zij is dan ook geen crimineel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Grootmoeder zou zich omdraaien in haar graf als ze zou horen dat haar kleindochter uitgerekend wil wandelen met een onbekende man die al 51 jaar zit opgesloten. Waarom zou je dat willen? Raf is de langstzittende gedetineerde van België. Vanaf zijn tweeëntwintigste zit hij vast, omdat hij gruwelijke misdaden en moorden heeft begaan. Wat De Coster intrigeert, is dat hij een keer is ontsnapt tijdens een van de jaarlijkse uitstapjes onder begeleiding, namelijk bij een dagje naar de Ardennen. Raf en zijn begeleider aten mosselen, de agent kreeg een voedselvergiftiging en bleef lang weg op het toilet, terwijl hij de gedetineerde natuurlijk geen halve seconde uit het oog had mogen verliezen. Raf besloot een wandeling te maken, maar is na een paar uur toch teruggekeerd. Dit is de wandeling die De Coster graag opnieuw met Raf wil maken: ‘Wat bezielde hem om terug te keren? Hoe ging het eraan toe in zijn hoofd? Wie is Raf?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is wonderbaarlijk dat De Coster het voor elkaar heeft gekregen om deze wandeling inderdaad met Raf te maken, onder begeleiding van een agent én met haar geliefde Teddy. Voor het evenwicht moet er namelijk nog een vierde persoon mee. Het gebied waar ze gaan wandelen leent zich wel voor een griezeltocht: ‘Als je lang genoeg stil bent hoor je in de Ardennen trollen en seriemoordenaars schreeuwen door de dennenbomen.’ De zenuwen slaan toch even toe als ze nog wat te vroeg in Esch-sur-Sûre aankomen. Ze denkt aan Marc Dutroux en aan enge mannen uit haar jeugd voor wie de kinderen gewaarschuwd werden, zoals een ijscoman die gratis ijsjes uitdeelde aan blonde meisjes. De Coster was niet blond en kreeg sowieso geen ijs, vanwege de suiker. Ze kreeg een appel: ‘De Pink Lady-variant, zoet, stevig en op maat van vrouwen gemaakt, was net uitgevonden.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Coster weet de spanning goed op te bouwen vanaf de eerste ontmoeting met Raf: ‘Een mengeling tussen een grootvader en een ruig type, doorleefd en doorrookt.’ Teddy is naar de wc gegaan en niet meer teruggekomen. De man is zo stil dat De Coster zich afvraagt of hij iets in zijn schild voert. Ze ergert zich aan haar eigen, naïeve vragen om het gesprek op gang te houden. Omdat Teddy niet meer terugkomt, besluit zij ook zelf naar het toilet te gaan. Raf zegt doodleuk dat hij meegaat. Rino, de bewaker, houdt hem gelukkig tegen. De lezer denkt: wat gebeurt hier? Is de man na al die jaren nog steeds zo pervers dat hij zelfs openlijk iedere kans aangrijpt om alleen met een vrouw te zijn? Samen keren de dames weer terug bij de twee heren en dan begint de wandeling. Raf kent de weg nog goed, omdat hij de eenvoudige cirkel honderden keren opnieuw heeft gedroomd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Coster beschrijft de wat duistere route met een tunnel door een leistenen berg, een brug over de Sûre, een Jezusbeeld gevangen achter metalen spijlen. Raf vindt het fijn om weer buiten te zijn, maar is wat stug in zijn antwoorden. En dat is begrijpelijk: kennelijk heeft hij in de loop van de jaren talloze brieven van vrouwen gekregen met vragen, verhalen en grensoverschrijdende fantasieën. Ook dat zet je aan het denken: wat bezielt deze vrouwen om hun duistere fantasieën met deze seriemoordenaar te delen? De regels met betrekking tot de wandeling zijn streng: Raf mag niet over zijn misdaden praten. Toch breken er steeds kleine stukjes daarvan los in het gesprek, als gevaarlijke bergpaadjes waarop je maar zo de afgrond in kunt glijden. Ook blijft het spannend of De Coster antwoord zal krijgen op de vraag wat Raf bezield heeft om weer terug te keren na zijn ontsnapping.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Pink Lady
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zet je op een prikkelende manier aan het denken over de hele wandeling. Valt dit onder journalistiek, of is dit een vorm van ramptoerisme? Hoe zou deze tocht vanuit het perspectief van de seriemoordenaar zelf worden beleefd? Op het moment dat de misdadiger, die het hele jaar achter slot en grendel zit, ineens naast de gewone burger wandelt, over hetzelfde pad, worden de grenzen die ons rechtssysteem zelf heeft bepaald, net zo schimmig als het landschap van de wandeling.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Saskia de Coster –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Pink Lady
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Van Oorschot. Terloops, Amsterdam. 64 blz. € 13,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Pink+Lady.jpg" length="153697" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 11 May 2025 17:40:59 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/zoet-stevig-en-op-maat-van-vrouwen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Saskia de Coster,essays,Terloops,Pink Lady</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Pink+Lady.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Pink+Lady.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een schat aan Japanse miniaturen</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-schat-aan-japanse-miniaturen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een schat aan Japanse miniaturen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een bespreking van 'Een mandje aarde'  van Yosa Buson
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+mandje+aarde.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een mandje aarde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een bijzonder fraaie en zorgvuldige verzameling uit het werk van de Japanse Yosa Buson (1716-1783). Hij is na Matsuo Bashō de belangrijkste Japanse haikudichter. Deze bundel bevat meer dan 750 haiku’s, maar daarnaast ook nog prozastukken, drie kettingverzen en nog wat experimentele gedichten. Door in deze bundel te bladeren maak je twee reizen tegelijk: naar Japan en terug in de tijd. Dat alleen al is een bijzondere ervaring, omdat je beseft hoe nietig de mens is, maar ook hoeveel je in slechts één mensenleven kunt verzamelen aan indrukken en ervaringen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Die hoeveelheid is vooral zo indrukwekkend omdat Busons haiku’s zo intens geconcentreerd zijn. Eigenlijk zijn het allemaal miniatuurschilderijtjes die stuk voor stuk al een wereld oproepen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Magere benen –
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de kraanvogel die van zijn ziekbed opstaat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           heeft ’t koud
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           of
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je roeit met je aalscholverboot
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en waar het water ophoudt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           laaiende fakkels!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Natuurlijk heb je verbeeldingskracht nodig om de beknopte teksten in je hoofd aan te vullen en er zitten ook haiku’s tussen, waarbij dat best lastig is, omdat voor je gevoel alle context ontbreekt. Wat echter zo mooi aan deze uitgave is, is dat het niet blijft bij de vertaling van de haiku’s. Iedere tekst is door de vertaler, Jos Vos, van begeleidende aantekeningen voorzien, die niet alleen inzicht geven in de betekenis van de tekst, maar ook in de literair-historische en culturele context van het achttiende-eeuwse Japan. Daarnaast zijn de teksten nog allemaal in Japans schrift opgenomen. Voor wie Japans kent, zal dat vast een feest zijn, want dan kun je meekijken met het proces van vertalen. Voor wie geen Japans kent, is het bijzonder om te zien hoe de voor ons vertrouwde haiku er in Japanse tekens uitziet. Die tekens zijn in feite op zichzelf ook miniaturen. De vertaler geeft bovendien inzicht in de Japanse taal en laat soms zien hoe bepaalde Japanse tekens dubbelzinnig zijn en hoe die dubbelzinnigheid bij de vertaling eigenlijk verloren gaat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De aantekeningen zijn zo zorgvuldig verantwoord dat je het gevoel hebt dat je een encyclopedie in handen hebt, maar dan in positieve zin: zo een waar je uren in kunt bladeren, omdat je steeds weer nieuwe informatie ontdekt. Zeker voor wie Japan nog betrekkelijk onbekend gebied is, gaat er een wereld open: de bijzondere kenmerken van de verschillende seizoenen, de flora en fauna, typische Japanse gebruiken, muziekinstrumenten, andere auteurs en beeldende kunstenaars, het stadsleven, het leven op het platteland en nog heel veel meer. Veel aantekeningen nodigen uit om verder onderzoek te doen. Zo is er een gedicht dat verwijst naar bijzonder vuurwerk en Vos geeft dan aan dat je met bepaalde zoektermen op internet een goede indruk kunt krijgen van wat dit voor soort vuurwerk is. Dan zie je dat er ook veel andere kunstwerken gemaakt zijn van dit vuurwerk.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kettingverzen uit het tweede deel zijn erg interessant. Eerst vertelt Vos wat over de geschiedenis:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Het schrijven van kettinggedichten begon als een spelletje waarbij één dichter de eerste helft schreef van een traditionele tanka en een andere het gedicht afmaakte. Rond het begin van de vijftiende eeuw had het aaneenrijgen van verzen zich ontwikkeld tot een verfijnde kunst die aan subtiele regels was gebonden. Hoogeplaatste monniken en samoerai, vertrouwd met de voorschriften van de traditionele esthetica, stelden graag kettinggedichten op met honderd schakels, de hyakuïn.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vos legt het verband met de Europese sonnettenkrans. Een verschil is dat die kransen een overkoepelend thema hebben. Dat is bij de Japanse kettingpoëzie niet het geval. De spreker en de situatie veranderen van gedicht tot gedicht. Er zijn wel regels: iedere schakel moet op zichzelf een volwaardig gedicht zijn en het moet ook een poëtisch geheel vormen met de voorganger. Omdat ze zo afwisselend zijn, worden het een soort ‘symfonische creaties’ waarin talloze figuren aan het woord komen, zoals minnaars, reizigers, kluizenaars, landlieden en keizers.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lang niet alle poëzie van Buson is ernstig of braaf. Sowieso waren de kettingverzen vaak komisch, maar ook in haiku’s vind je veel humor terug:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Koekoek!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kom je roep uit een koektrommel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           om de nek van een dansende derwisj?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Vos heeft hier net als in het Japans een woordspeling ingelast, door er een koektrommel van te maken. De dansende asceet (die Vos ‘derwisj’ heeft genoemd) bespeelt een trommeltje (Japans:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           kakko
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , terwijl ‘koekkoek’ in het Japans
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           kakkō
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Al met al is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een mandje aarde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een rijk gevulde mand vol Japanse cultuur, genoeg voor uren lees- en bladerplezier in een prachtige gebonden uitgave met op het papieren omslag een prachtige schildering van Buson zelf, die naast dichter ook schilder was. Op de schutbladen vind je een achttiende-eeuwse reiskaart van Osaka tot Miaco, die de reis van de lezer door tijd en ruimte helemaal compleet maakt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Yosa Buson –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een mandje aarde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald en toegelicht door Jos Vos. Athenaeum – Polak &amp;amp; Van Gennep, Amsterdam. 464 blz. € 37,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+mandje+aarde.jpg" length="76348" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 09 May 2025 10:14:10 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-schat-aan-japanse-miniaturen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Een mandje aarde,Yosa Buson</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+mandje+aarde.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+mandje+aarde.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>o.a. OA</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/o-a-oa</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           o.a. OA
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/foto-Dietske-en-covers.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tot mijn verrassing lees ik vandaag in Trouw een mooi betoog van Arie de Ruiter (2025) over het zelf uitgeven van boeken. Het is niet zozeer een oproep om zelf boeken uit te geven, maar eerder een om óók de kwaliteit van auteurs die zelf uitgeven te erkennen en deze auteurs niet buiten te sluiten van allerlei podia. De Ruiter schrijft:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “Toch blijft het literaire systeem grotendeels gesloten. Boekhandels nemen zelden zelfuitgegeven werk op, literaire tijdschriften negeren deze boeken, en literaire prijzen sluiten indie-auteurs meestal stilzwijgend uit. Zo ontstaat een parallel circuit van schrijvers die zich jarenlang ontwikkelen, uitstekende boeken schrijven – maar zonder toegang tot de gevestigde podia.” (De Ruiter, 2025)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit buitensluiten en negeren herken ik als onafhankelijke auteur (‘indie’ uit het citaat hierboven komt van ‘independent’). Dit gebeurt overigens lang niet altijd stilzwijgend. De meeste landelijke dag- en weekbladen én prijzen doen dit openlijk op hun websites. Volgens De Ruiter zit achter dit buitensluiten en negeren een onterechte aanname:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “De aanname daarachter lijkt simpel: wie geen uitgever vindt, zal wel niet goed genoeg zijn. Maar dat uitgangspunt is niet alleen gemakzuchtig – het is aantoonbaar onjuist. Veel indie-auteurs kiezen bewust voor onafhankelijkheid: vanwege de creatieve vrijheid, de korte lijntjes met hun publiek, of de mogelijkheid om eigen tempo en stijl te bewaken. Ze investeren in redactie, laten hun werk kritisch beoordelen en publiceren met zorg en toewijding.” (De Ruiter, 2025)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is mooi dat Trouw, die zich zelf ook schuldig maakt aan dit negeren en buitensluiten (recensent en auteur Gerwin van der Werf uit deze krant beweert nota bene in een artikel waarin hij zijn eigen werk promoot, dat schrijvers die zelf uitgeven, hun vak niet serieus nemen) wél dit artikel heeft opgenomen en daarmee aandacht besteedt aan deze verschuiving in de literaire wereld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De argumentatie van de gevestigde orde is eenvoudig van twee kanten door te prikken als het om kwaliteit gaat. Allereerst kunnen literaire critici niets zeggen over de kwaliteit van een literair werk dat nooit is opgestuurd naar een uitgeverij, behalve als zij dit werk zelf hebben gelezen. Om een voorbeeld te geven: ik heb zelf ooit op advies mijn eerste boek naar een uitgeverij gestuurd, maar daar ontving ik alleen een standaard mail terug. Toen ik ontdekte dat je je werk ook zelf kunt uitgeven, ben ik me daarin gaan verdiepen en sindsdien heb ik nooit meer een uitgeverij benaderd. Ik ben voor bijna al mijn boeken dus nooit door een uitgeverij afgewezen, omdat ik er eenvoudigweg geen werk naartoe heb gestuurd. Sterker nog, voor mijn vierde boek ‘Tere min’ had een uitgeverij wel belangstelling, maar ik vond het te lang duren en ik mocht het boek niet zelf vormgeven. Ik heb toen besloten het boek toch zelf uit te geven. Dan kunnen grote kranten of literaire prijzen vervolgens wel kieskeurig doen en alleen maar werk willen bespreken van erkende uitgeverijen, maar zij weten niets van de kwaliteit van mijn boeken, want dan moeten zij ze eerst lezen en dat weigeren ze op grond van hun eigen regels.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik vergelijk mijn boeken daarom altijd met stukjes onherbergzaam landschap waar de grote touringcars van het toerisme nooit zullen langskomen. Er zijn lezers die daar desondanks of juist graag toeven. Zij laten zich niet door vooroordelen weerhouden. Veel van die bijzondere lezers zijn inmiddels trouwe lezers geworden: de boeken hebben kennelijk zelf reclame gemaakt voor de auteur. Sommige lezers hebben zelfs om een nieuwsbrief gevraagd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vanaf de andere kant leveren erkende uitgeverijen allang niet meer zuivere kwaliteit. Zij moeten hun bedrijf rendabel houden en geven dus ook pulp uit om uit de kosten te komen. Er worden redacteuren gezet op het werk van bekende Nederlanders als die zelf niet goed kunnen schrijven. Omdat het eigen redacteuren van de uitgeverij betreft, kun je je afvragen of dit niet ook een vorm van ‘uitgeven in eigen beheer’ is. Als je soms achter in boeken ziet wie er allemaal bedankt worden, dan vraag je je af hoe ver de auteur op eigen kracht zou zijn gekomen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat zouden auteurs van erkende uitgeverijen ervan vinden als de onafhankelijke auteurs ineens óók aandacht krijgen? Dat is misschien een beetje zuur, als zij zelf zoveel moeite hebben gedaan een uitgeverij binnen te komen. Dachten ze net op het pluche in het literaire park neer te kunnen ploffen, zijn er ineens nog meer schrijvers die in dezelfde vijver gaan vissen. Misschien dat Van der Werf daarom de onafhankelijke auteurs vanuit zijn ‘erkende positie’ nog een trap na gaf door ze nog even extra belachelijk te maken? Als dit angst is, is die terecht, want een onafhankelijke auteur staat doorgaans een stuk steviger in zijn schoenen. Die is namelijk inmiddels gehard door het misprijzen van alle partijen van het literaire veld. Hij doet alles zelf, wordt meewarig aangekeken, genegeerd of zelfs bespot. Daar wordt een mens sterk van, weet ik uit eigen ervaring.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat pluche blijkt uiteindelijk ook wat tegen te vallen. Steeds vaker vragen auteurs van erkende uitgeverijen zelf om een recensie of publiciteit, omdat er anders geen aandacht is voor hun werk. Dan heb je zo erg je best gedaan om binnen te komen (meestal met behulp van diverse kruiwagens), en dan wordt je werk alsnog genegeerd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als onafhankelijke auteur ben je dankbaar voor iedere onbevooroordeelde lezer die het aandurft je boek te lezen. Als zo’n lezer vervolgens schrijft dat je werk een groter lezerspubliek zou moeten hebben of het zelfs onbegrijpelijk vindt dat je werk nog geen literaire prijs heeft ontvangen, dan is de triomf extra groot. Daar kan misschien zelfs geen literaire prijs tegenop, als het je niet om het geld te doen is. Dat vervult je met trots, juist omdat je alles zelf hebt gedaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar dan de naam! Het begrip ‘indie-auteur’ kende ik nog niet, maar dat wil ik ook graag zo houden, net als het lelijke ‘selfpubber’. Mijn kinderen noemen mij zo nu en dan ‘Strong independent woman’ vanwege mijn onafhankelijkheidsdrang. Maar een ‘sterke onafhankelijke auteur’ zou in het Nederlands in afkorting voor nog meer misprijzende blikken zorgen. ‘Onafhankelijke auteur’ lijkt me prima, en als je daar niet de tijd voor wilt nemen, wellicht een OA? Ik ben o.a. OA.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronvermelding
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Ruiter, A. (2025, 7 mei). Opinie: Ik ben Indie-auteur. Niet omdat ik geen ambities heb, maar ik stel eigen voorwaarden. Trouw.nl Geraadpleegd op 7 mei 2025, van https://www.trouw.nl/opinie/opinie-ik-ben-indie-auteur-niet-omdat-ik-geen-ambities-heb-maar-ik-stel-eigen-voorwaarden~bbf8b57e/
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/foto-Dietske-en-covers.jpg" length="202717" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 08 May 2025 20:02:48 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/o-a-oa</guid>
      <g-custom:tags type="string">eigen beheer,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/foto-Dietske-en-covers.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/foto-Dietske-en-covers.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘het kind dat een reus is geworden trekt door de gehele wereld’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-kind-dat-een-reus-is-geworden-trekt-door-de-gehele-wereld</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ‘het kind dat een reus is geworden trekt door de gehele wereld’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Breuk in de horizon; Een bloemlezing over verzet samengesteld en ingeleid door Antjie Krog'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Breuk+in+de+horizon.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘Dichters hebben altijd in de voorhoede van het verzet gestaan, van het eisen van verandering. Daarom wil
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Breuk in de horizon
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een kerf zetten op horizons die onveranderlijk, onbeweeglijk lijken. Dat zijn de horizons van geweld, intolerantie, uitsluiting; de horizons van ondoordringbare dood, en van verdriet,’ schrijft Antjie Krog. Eerder verscheen bij de Bezige Bij al
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stip op de horizon
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            met 80 gedichten over vrijheid. Nu is er ook
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Breuk in de horizon
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , een bloemlezing over verzet, samengesteld en ingeleid door Antjie Krog. In haar voorwoord schrijft ze dat poëzie de diepste vorm van filosofie is, die spreekt tot die kille, harde skylines van ons: ‘We hebben kleine openingen nodig die licht en zuurstof bieden op de dagen dat we niet meer verder kunnen.’ Met deze bloemlezing laat ze die mogelijke openingen zien, uit de pen van een zeer gevarieerd gezelschap dichters van over de hele wereld en uit verschillende tijden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel is in drie afdelingen verdeeld. Deel 1 bevat poëzie van dichters die niet bekend staan om groot verzet, maar die wel laten zien dat ieder van ons vaak onwaarneembare daden van verzet pleegt om betekenis te geven aan het bestaan. Wislawa Szymborska beschrijft hoe je na een oorlog de boel weer netjes moet opruimen en de aandacht van de media algauw door nieuwe oorlogen wordt getrokken:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Iemand moet waden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           door het slijk en de as,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de veren van de canapés,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de splinters van glas
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en de bloederige vodden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Iemand moet een balk aanslepen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           om de muur te stutten,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           iemand het glas in het raam zetten,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de deur in de hengsels tillen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Fotogeniek is het niet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en het kost jaren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alle camera’s zijn al
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           naar een andere oorlog.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In ditzelfde gedicht beschrijft ze ook hoe er mensen zijn die dit gaat vervelen. Er zal ook altijd iemand zijn die gaat liggen en lui naar de wolken gaapt. Persoonlijke verzet kan ook te maken hebben met je anders voelen dan de norm, of met een gevoel van zinloosheid: ‘Ik weet dat deze dag niks heeft gedaan / wat hem de moeite waard maakt om te onthouden’, schrijft Nathan Trantraal. Je bent geneigd alle hoogtepunten te noemen, maar je leven bestaat vooral uit dagen waarin niks gebeurt. Daarom legt hij zijn hand op de was die te drogen hangt en neemt zich voor die dag niet te vergeten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het tweede deel verbindt verzet met wanhoop. Dagelijkse handelingen worden in verband gebracht met dramatische gebeurtenissen, waardoor ruimte ontstaat waarin je je met het leven of met de dood kunt verzoenen. Elisabeth Eybers schrijft in ‘Oggend’:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Die nag was ’n ontreddering,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           teen voordag word ek weer verras,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           deur skimgrimasse ingekring.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Die swaar reisdeken van verdriet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           lê om my lede vasgevou,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die lug is laag en aardesiek,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           met stopverf toegedik en grou.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zij beschrijft in het Zuid-Afrikaans hoe je wanhopig en somber kunt wakker worden, terwijl ook de nacht al zwaar was. In deze afdeling geven meer dichters uiting aan gevoelens van depressie en wanhoop. Ook het bekende gedicht ‘De volgende scan duurt vier minuten’ van Lieke Marsman is hierin opgenomen. Hierin uit zij de machteloosheid die je als zieke kunt voelen, zelfs als je behandeld wordt. Krog heeft een gedicht van zichzelf opgenomen over depressie, geschreven vanuit de ander: ‘was je lichaam zo doorzichtig alsof mijn / hand zo door je heen kan als ik probeer / tegen te houden dat je verdwijnt’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het derde deel is verzet met woede verbonden. Hier lees je poëzie die in opstand komt tegen systemen. Een prachtig gedicht van Ingrid Jonker is ‘Het kind dat doodgeschoten is door soldaten bij Nyanga’. Het eindigt met:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het kind dat alleen maar wilde spelen in de zon bij Nyanga is overal
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het kind dat een man is geworden trekt door heel Afrika
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het kind dat een reus is geworden trekt door de gehele wereld
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zonder pas
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In deze afdeling is naast iconen van het verzet als Nelson Mandela ook het prachtige gedicht van Babs Gons ‘Ga terug naar je eigen land’ opgenomen, dat ik al een paar jaar bij de opening van het schooljaar in mijn klassen gebruik, omdat het zo mooi laat zien hoe je eigen land niet alleen iets geografisch is, maar iets wat diep van binnen wortelt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           weet je eigen land
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           altijd vlak achter je ogen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           opgevouwen net onder je borstkas
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tussen duim en wijsvinger
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wees nooit een vreemdeling
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           want dit alles is jouw eigen land
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de bundel is veel ruimte ingenomen door vrouwelijke auteurs, onder wie twee Nobelprijswinnaars en een internationale nieuwe generatie die over lgbtqia+ schrijft. Zij proberen daarmee een breuk in de horizon van discriminatie te houwen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze bloemlezing vormt een mooie basis van waaruit je gesprekken kunt aangaan over het belang van verzet in de samenleving. Alleen al het mooie voorwoord biedt genoeg stof tot overdenken: verzet ‘voedt bevestiging en bewustzijn van de kardinale deugden van rechtvaardigheid, moed, wilskracht en voorzichtigheid’. Daar kunnen we in deze tijd wel wat van gebruiken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Antjie Krog –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Breuk in de horizon; Een bloemlezing over verzet, samengesteld en ingeleid door Antjie Krog
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . De Bezige Bij, Amsterdam. 224 blz. € 23,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Breuk+in+de+horizon.jpg" length="5043" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 07 May 2025 07:29:38 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-kind-dat-een-reus-is-geworden-trekt-door-de-gehele-wereld</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Breuk in de horizon,Antjie Krog</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Breuk+in+de+horizon.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Breuk+in+de+horizon.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Hoor, hoor: de schepping losgezongen!</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/hoor-hoor-de-schepping-losgezongen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoor, hoor: de schepping losgezongen!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Waar schaduw uit de bomen valt' van Shari van Goethem en Edward Hoornaert
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/waar+schaduw+uit+de+bomen+valt.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Duitse boswachter Wohlleben verwonderde zich erover dat de met mos begroeide stobben die hij vroeger had afgezaagd nog steeds leefden. Bij een heftige regenbui waarbij de grond was weggespoeld, kwamen de wortels bloot te liggen en toen viel hem pas op dat de wortels van de verschillende bomen in elkaar verstrengeld waren en dat bomen hun afgezaagde soortgenoten via dit ingenieuze wortelstelsel in leven hielden door ze van voedingsstoffen te blijven voorzien. En wanneer dit niet rechtstreeks tussen de bomen gebeurt, dan gebeurt het alsnog via allerlei schimmels die in symbiose met deze bomen leven. Aan dit verhaal moest ik denken toen ik Waar schaduw uit de bomen valt van Shari van Goethem en Edward Hoornaert las. Deze bloedmooie bundel voelt als de boom die aanhoudend de ziel voedt in een wereld die voelt als een kaalslag.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Veelzeggend is dat de bundel zelf ook geworteld is – midden in de schepping! - , namelijk in het Eden Kunstenfestival, waar beide dichters zich hebben laten inspireren door creaties van binnen- en buitenlandse kunstenaars over thema’s in Genesis en door verschillende betekenissen van de tuin van Eden. En die inspiratie resulteert in een onwaarschijnlijk harmonieuze samenzang tussen de twee dichters.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel is allereerst prachtig uitgegeven door uitgeverij P – een bevlogen thuishaven voor poëzie - met een fraaie collage van Van Goethem op het omslag, waarbij armen en handen in meerdere kleuren en groottes een omgevallen boom met ontblote wortels dragen. Ook binnen in de bundel bevinden zich op de grenzen van de drie afdelingen bijzondere collages die erg tot de verbeelding spreken. Maar dan nog de poëzie!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Overal over de wereld vinden geloofsoorlogen plaats. Mensen staan in een volkomen kramp lijnrecht tegenover elkaar soms precies dezelfde waarden te verdedigen. In deze bundel wordt het scheppingsverhaal uit Genesis losgezongen, alsof er lucht tussen de letters geademd wordt, waardoor vastgeroeste betekenissen gaan stromen en in elkaar samenvloeien:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De verstandige
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in den beginne was er water, het was woest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           God scheidde het en suste het, bracht het
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tot bedaren en in het hemelwater
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           liet Zij vogels zwemmen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de andere helft kneedde Zij tot het droog
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en hard werd en uit de diepte trok Zij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een tak
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze bleef eraan trekken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tot de tak iets had van een boom
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en in die boom
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           blies Zij haar adem
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op dit openingsgedicht van de eerste afdeling, ‘Het witte veld’, van Van Goethem volgt dat van Hoornaert:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De wijze
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er was een krachtig verhaal nodig
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           waarvan niemand de diepere betekenis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zou kunnen doorgronden. God schiep
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een heiligdom waaraan de vlakte zich kon optrekken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           waarin sapstroom de hoogte van een bladerdak zocht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           om van het licht te proeven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Onwankelbaar de stam die als een
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           totempaal zonder aanbidders
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in donkere aarde stond
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wachtte op nieuwe tekens van leven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ernstig, maar ook lichtvoetig en liefdevol wisselen de stemmen elkaar af in het bezingen van de schepping, waarbij alles voortdurend blijft stromen. Nergens kom je klem te zitten in een starre waarheid, het is of je welkom bent, hoe gebrekkig, schaamtevol, of juist schaamteloos je ook bent. De poëzie omvat de gehele schepping in haar diepste wezen. Ademloos blijf je verder lezen, omdat je niet kunt geloven dat poëzie zo kan blijven stromen. Daarin zijn vorm en inhoud volkomen één: als het sap dat door het wortelstelsel via de stam de bladeren bereikt, voel je dat de dichtregels binnenkomen en je gedachten in beweging brengen. Ik kan blijven citeren uit de prachtige regels. De schaamtevolle staat naast de schaamteloze: ‘tussen de gebreken / nam Ze haar plek in / uit Haar gewrongen wervels / schiep Ze de ochtend’, tegenover: ‘Zijn stem liet hij galmen / door het uitgesponnen licht / op zoek naar een donkere klank / om het einde van de dag in te luiden.’ En zo hoor je de echo van ‘Toen was het avond geweest en het was morgen geweest’ na iedere dag van de schepping, beschreven in Genesis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat zo goed voelt, is dat iedere vorm van polarisatie in de bundel volkomen oplost in deze samenzang. Er is geen goed of fout, het is er allemaal. In iedere vrouw klinkt de echo van de oervrouw door: ‘zie daar de vrouw met alle andere vrouwen onder haar huid’ en zo ook in de man en in alles wat zich daartussen bevindt: ‘Bij elke nieuwe vorm verandert zij en groeit zijn honger naar een vrouw die hem omsluit langs alle zijden // het duister in haar schoot bedwingt. [...] Zij een beeld voortdurend in beweging’. In het begin kun je de twee stemmen, Van Goethem en Hoornaert van elkaar onderscheiden, maar gaandeweg lopen ze meer in elkaar over.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Diverse thema’s uit Genesis komen langs, maar heel vrij en speels, zoals de boom van goed en kwaad:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           midden in de tuin staat een boom
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hij draagt woorden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ze mogen niet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in de mond worden genomen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar als iemand erin bijt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           laat het dan de wijste zijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hierin klinkt bovendien het begin van het Johannesevangelie door: ‘In den beginne was het Woord en het Woord was bij God, en het Woord was God.’ Woorden zijn niet onschuldig. Als zij mensen van elkaar kunnen vervreemden, oorlogen kunnen ontketenen, dan kunnen zij ook het tegenovergestelde. De bundel lijkt daarin een uitnodiging: eet dit woord, eet het verstandig.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lucebert schreef ‘lyriek is de moeder der politiek’. Waar schaduw uit de bomen valt is deze moeder waardig: de liefdevolle die haar kinderen voedt en een stille revolutie in gang zet. De bundel is als Broze aarde; een mis voor het universum van Antjie Krog. Je zou willen dat deze poëzie in alle talen uit alle luidsprekers klinkt waar wereldleiders samenkomen of zich juist van elkaar afwenden. In deze tijd waarin herdenken nog nooit zo complex lijkt te zijn geweest, is deze samenzang zo ongelooflijk troostrijk: de boom die zijn afgezaagde soortgenoten overeind houdt. Ik, die zelfs in het heetst van de zomer nog het liefst tot aan mijn nek bedekt ga, zou bijna zeggen: laat mensen samenkomen in hun Adam-en-Eva-tenue, alles van zich afschudden, masker, harnas, dat zij voelen dat zij onderdeel van de schepping zijn, en zich dan louter kleden in deze woorden. Grote God, dan zou er nog hoop zijn voor de wereld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Eerder gepubliceerd op Tzum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Shari van Goethem en Edward Hoornaert – Waar schaduw uit de bomen valt. Uitgeverij P, Leuven. 112 blz. € 20,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/waar+schaduw+uit+de+bomen+valt.jpg" length="19115" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 01 May 2025 09:09:31 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/hoor-hoor-de-schepping-losgezongen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Waar schaduw uit de bomen valt,essays,Edward Hoornaert,Shari van Goethem</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/waar+schaduw+uit+de+bomen+valt.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/waar+schaduw+uit+de+bomen+valt.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘de verstopte ader open te schrijven, de spier van de ziel te raken’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-verstopte-ader-open-te-schrijven-de-spier-van-de-ziel-te-raken</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ‘de verstopte ader open te schrijven, de spier van de ziel te raken’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Koorddansers Funambules; Zeventien dichters bij het beeldend werk van Roland De Winter'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Koorddansers-Funambules-front-717x1024.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wie niet bang is zich voor langere tijd in een rariteitenkabinet met 33 of oneindig veel kamers op te houden, met het risico dat je de uitgang niet meer kunt vinden en er per ongeluk enkele dagen, jaren, of zelfs voor de rest van je leven aan vast blijft zitten, zou er goed aan doen het bijzondere boek
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Koorddansers Funambules
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            aan te schaffen. Het bevat 33 bizarre kunstwerken van Roland De Winter, waarop zeventien dichters zich vervolgens hebben laten inspireren tot een gedicht. Het betreden van het werk is wis en waarachtig een zinnenprikkelende belevenis!
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Dit boek is een daad van liefde. Elke getekende lijn, elke geschreven regel komt uit het hart. De onbaatzuchtige harten van zeventien zeer verschillende dichters en van hun vertalers, het hart van de tekenaar-etser-graveur wiens werk aan de basis ligt van dit boek, het hart van de uitgever die meeging in dit avontuur,’ schrijft Erna Schelstraete in het inleidende woord. En dit avontuur is op iedere bladzijde voelbaar. Het is volledig tweetalig uitgegeven en in vier afdeligen en een coda verdeeld: ‘Kleine mythes’, ‘Grimland’, ‘Het boek der Gekken’ en ‘Het grote slopen’. Je valt van de ene verbazing in de andere, omdat er zoveel ingangen zijn. Zo zou je kunnen denken dat één ruimte bestaat uit een kopergravure, het Nederlandse gedicht en de Franse vertaling ervan, maar hoe betreed je die ruimte? Als je eerst de gravure bekijkt, dan het gedicht leest en ten slotte de vertaling, ben je uiteindelijk in een andere ruimte beland dan wanneer je eerst het gedicht leest, of eerst de vertaling. Om het nog complexer te maken: sommige gravures, etsen of tekeningen lijken verband met elkaar te houden en datzelfde geldt voor de gedichten. Als je vervolgens nog bedenkt dat zowel de beeldende kunst als de poëzie bijzonder stemmingsgevoelig zijn, kun je iedere dag in dezelfde kunst weer een nieuw avontuur beleven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De hoeveelheid is overweldigend. Op één gravure is al zoveel te beleven dat je ook zonder gedicht een tijd kunt reizen. De gedichten zijn op hun beurt geen woordvertalingen van het beeld, maar ook weer eigen werelden, waaruit een eigen interpretatie van of associatie op de gravure blijkt. Soms lijkt de bijbehorende afbeelding slechts de aanleiding voor een geheel nieuwe wereld. Wie eerst kijkt, dan leest, wordt onherroepelijk weer terug naar het beeld geleid en ontdekt nieuwe betekenissen. Hetzelfde geldt voor als je een andere volgorde aanhoudt. Vaak gaan de gedichten een dialoog aan met de afbeelding. Het plezier van tekenen, schrijven, vertalen, betekenis geven spat er bij ieder kunstwerk vanaf. Wie behalve Nederlands ook Frans kan lezen, zal extra genieten, want ook in het Frans zijn de gedichten parels.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De tekeningen, etsen en gravures laten volgens dichter Erwin Steyaert een ‘pandemonium’ zien: een plek waar duivels en demonen vertoeven. Naast die grimmigheid en bijtende spot vind je echter ook subtiele humor en een mededogen met de mens in zijn naakte bestaan. De afbeeldingen lijken soms op klassieke allegorieën, waarbij je iedere figuur en ieder voorwerp een symbolische betekenis kunt geven. Die betekenissen liggen echter geenszins vast. Je kunt er heel veel kanten mee op. Sommige dichters spelen ook met die meerduidigheid, zoals Marc Tritsmans in het sonnet ‘We gaan nu even nergens heen’ bij de gelijknamige potloodtekening, waarbij de dichter voor de lezer een letterlijke ‘chute’ na het octaaf in petto heeft:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           We dachten echt dat we een doel voor ogen hadden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat de reis buiten verwachting voorspoedig verliep.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar ja, algauw bleek er toch iets niet te kloppen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           met onze coördinaten. En werkelijk iedereen die zich
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           er mee bemoeide had altijd wel een andere uitleg
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           klaar. Spoedig leek het hier dus de Toren van Babel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En ook onze schuit was wat gammel en af en toe
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           viel er wel eens iemand zonder duidelijke oorzaak
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en al dan niet toevallig overboord. Diep onder ons
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hoorden we bovendien steeds vaker een kwalijk en
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           onheilspellend knagen. Was dit misschien het geluid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van ons voordien toch altijd zo stille geweten of zou
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ook ik nog moeten gaan geloven in dat dwaze verhaal
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           over een voor ons onzichtbaar belachelijk Groot Konijn?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op de potloodtekening zie je een nogal krappe ronde kooi, in de vorm van een ouderwetse rammelaar, met daarin een groot wit konijn. Boven op de kooi wankelt een zelf in elkaar geknutselde schuit van iets wat op een oude schaal of pan lijkt en met daarop een zeil gespannen van stokjes en papier. In de schuit bevinden zich figuurtjes die een beetje op tinnen soldaatjes of ridders lijken, in elk geval meer op beelden dan op mensen zelf, waarvan er eentje overboord kukelt. Een veilige ark is het in elk geval niet. Daarom is de verwijzing naar de Toren van Babel ook wel passend. Het knappe van het gedicht is dat het niet alleen een beschrijving en interpretatie van de afbeelding is, maar eigenlijk ook de reiservaring van de toeschouwer van De Winters kunstwerk: steeds vaker voel je iets onheilspellend knagen. Waar je naar kijkt, doet je ergens aan denken, maar je krijgt er geen vat op. Is de afbeelding een spottende knipoog naar de opvatting dat de wereld plat is en dat deze bestuurd wordt door een opperwezen? Zie ons eens lachen om zogenaamde primitieve opvattingen! De wereld van nu is er veel ellendiger aan toe: wij worden bestuurd door een konijn dat geen kant op kan in zijn veel te krappe kooi. De wankelende, tastende toestand spiegelt ook die van de lezer en kijker.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je komt ontluisterende afbeeldingen van de mens tegen: naakt in onhandige houdingen tussen de wilde beesten, als marionette in een absurde wereld, waarin alle normale verhoudingen zijn zoekgeraakt. Het zijn geen lieve afbeeldingen. Ze schuren en schrijnen, maar ontroeren ook. ‘Het grote slopen’ is mijn favoriete afdeling. Deze bevat twee prachtige gedichten van Jan Geerts waarin ik het eindeloze gepieker van jongeren herken, die soms vergeefs de weg naar hun lichaam zoeken: ‘Hoofdloosheid’ waarbij een hoofd losraakt van de romp. Heeft het te veel over alles nagedacht? Het lichaam kon het niet meer dragen. En net voordat de ik beseft dat hij nooit meer het verdriet van de wind in zijn haren zal voelen en dat dit het einde zal zijn, gebeurt er een wonder, ingeluid door de mooie omkering van ‘voor ik iets kon doen’:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           want nog voor ik niets kon doen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zochten mijn handen mijn hoofd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en begonnen het te wiegen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als een pasgeboren kind
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Die spelingen met uitdrukkingen zie je ook terug in zijn ontroerende ‘zie hier, de mens’ met ‘zolang er geen reden is om door te gaan / gaat hij door, hij bijt zijn tanden / stuk voor stuk’. Soms ontmoet je in de bundel een ‘déjà vu’, zoals ‘De wereldvoedster’ van Lieve Desmet, die de afbeelding zelfs voor het omslag van haar eigen bundel heeft gebruikt. Ook hier zie je de treurige toestand van de wereld verbeeld: hier geen konijn als gevangen bestuurder, maar een oudere dame die de eendjes voert.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit kantelen en onophoudelijk dreigen te ontsporen zorgen ervoor dat je urenlang lees-, blader- en kijkplezier kunt beleven in deze bundel. Je doorloopt een veelzijdig landschap van bergen en dalen en iedere bladzijde is een nieuwe verrassing, zelfs als je hem al eens gelezen en bekeken hebt. Wat alle kunstenaars op hun eigen manier lukt, is wat Desmet zo mooi weet te verwoorden:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je fluit een lamento op een grasspriet, want je voelt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           je geroepen lucht te koelen,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de verstopte ader open te schrijven,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de spier van de ziel te raken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Roland De Winter –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Koorddansers Funambules; zeventien dichters bij het beeldend werk van Roland De Winter
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij P, Leuven. 144 blz. € 34,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Koorddansers-Funambules-front-717x1024.jpg" length="52951" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 01 May 2025 08:56:02 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-verstopte-ader-open-te-schrijven-de-spier-van-de-ziel-te-raken</guid>
      <g-custom:tags type="string">Koorddansers,Roland De Winter,essays,Funambules</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Koorddansers-Funambules-front-717x1024.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Koorddansers-Funambules-front-717x1024.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Onderzoek naar drie gedichten uit van Charlotte Van den Broeck vanuit vier velden</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/onderzoek-naar-drie-gedichten-uit-van-charlotte-van-den-broeck-vanuit-vier-velden</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h1&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Drie gedichten uit
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Aarduitwrijvingen
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           van Charlotte van den Broeck
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/h1&gt;&#xD;
  &lt;h1&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Onderzoek vanuit vier velden door Julia en Linn Veenendaal (vwo 4 Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/h1&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/aarduitwrijvingen.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           VELD 1: DE DICHTER
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De dichter is Charlotte Van den Broeck. Ze is geboren op 29 juni 1991 in Turnhout, België (Wikipedia, 2025). Ze heeft een Master Engelse en Duitse Letterkunde behaald aan de Universiteit Gent. Daarnaast heeft ze een Master Drama (Woordkunst) behaald aan het Koninklijk Conservatorium, Antwerpen. (Biografie, sd) Haar eerste dichtbundel was
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kameleon
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            uit 2015. Deze werd ook bekroond met de Herman de Coninck Debuutprijs. In 2017 verscheen ook
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nachtroer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , waarvoor ze ook een prijs kreeg. Dit was de driejaarlijkse Paul Snoekprijs voor de beste Nederlandstalige bundel (Biografie, sd).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze is ook begonnen met het schrijven van proza. Haar prozadebuut, Waagstukken, verscheen in oktober 2019. Waagstukken is een onderzoek naar ‘dertien tragische architecten die uit het leven stapten na een fatale fout in een van hun ontwerpen’. Dit was niet zomaar een simpel prozadebuut. Het werd een besteller en haalde de shortlist van de Boekenbon Literatuurprijs. “Waagstukken” werd uitgebracht in onder andere Duitsland, Engeland en Spanje. (Biografie, sd) ‘Charlotte Van den Broeck schrijft op freelancebasis voor De Standaard der Letteren en doceert Literaire Analyse en Essayistiek aan het Koninklijk Conservatorium, Antwerpen.’ (Biografie, sd).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Haar nieuwste boek,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een Vlam Tasmaanse Tijgers
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , verscheen eind 2024. Dit boek gaat over de sporen van de uitgestorven Tasmaanse tijger, waarbij ze veel thema’s en veel plekken op de wereld meeneemt in haar onderzoek (Een Vlam Tasmaanse Tijgers, sd).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Belangrijkste opbrengsten uit twee achtergrondartikelen:
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Charlotte Van den Broeck schrijft in haar nieuwe bundel Aarduitwrijvingen over natuur, vrouwelijkheid en erotiek. Ze koppelt de natuur aan het vrouwelijke lichaam en onderzoekt hoe mensen de natuur vooral als iets voor henzelf zien, in plaats van als iets op zichzelf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De titel “Aarduitwrijvingen” komt van kunstenaar Herman de Vries, die aarde verzamelt en uitwrijft op doek. Dit inspireerde haar om op een pure manier naar poëzie en natuur te kijken. Ook werd ze beïnvloed door de filmopnames van Jana Coorevits in Death Valley, die de connectie tussen landschap en het vrouwelijk lichaam onderzochten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haar werk gaat over oude en nieuwe ideeën over vrouwelijkheid. Ze bekritiseert het stereotype dat vrouwen dichter bij de natuur zouden staan, terwijl mannen de rol van cultuurdragers hebben. Ze schrijft ook over seksualiteit, autonomie en seksueel geweld, waarbij ze thema’s als #MeToo aanstipt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In een gedicht over parende schildpadden stelt ze vragen over wederzijdse toestemming (consent). Ze laat zien hoe bepaalde signalen, zoals een rode vlek bij een vrouwtjesschildpad, worden geïnterpreteerd als toestemming. Dit kan echter tot misverstanden en zelfs geweld leiden – net zoals in de menselijke wereld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze vindt dat we de natuur vooral gebruiken voor ons eigen welzijn, bijvoorbeeld om tot rust te komen, maar dat we er niet echt respectvol mee omgaan. Klimaatverandering en milieuproblemen komen ook in haar poëzie terug, zoals plasticvervuiling en de vernietiging van regenwouden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Charlotte Van den Broeck hecht veel waarde aan zintuiglijke beelden. Ze wil dat lezers haar poëzie kunnen voelen, ruiken en zien. Haar stijl is kritisch en analytisch, maar ze probeert ook spontaneïteit in haar werk te houden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het verleden vond ze dat ze zichzelf moest uitputten om goede poëzie te schrijven, maar nu is haar schrijfproces milder en evenwichtiger. Ze heeft geleerd om zichzelf minder te bewijzen. Ze houdt van poëzie voorlezen en vindt het mooi hoe mensen samen poëzie kunnen beleven. Ze gaat zelfs een keer dansen op het podium met schrijver Arnon Grunberg, iets wat ze normaal nooit zou doen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h5&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h5&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.demorgen.be/tv-cultuur/dichteres-charlotte-van-den-broeck-we-behandelen-de-natuur-alsof-het-een-decor-voor-de-mens-is~b6e7ed37/" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.demorgen.be/tv-cultuur/dichteres-charlotte-van-den-broeck-we-behandelen-de-natuur-alsof-het-een-decor-voor-de-mens-is~b6e7ed37/
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.parool.nl/kunst-media/charlotte-van-den-broeck-dicht-over-de-relatie-tussen-natuur-en-de-vrouwelijke-vorm~bb482a0e/" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.parool.nl/kunst-media/charlotte-van-den-broeck-dicht-over-de-relatie-tussen-natuur-en-de-vrouwelijke-vorm~bb482a0e/
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           GEDICHT 1: SISKLANK
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h4&gt;&#xD;
    &lt;a href="null" target="_blank"&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/h4&gt;&#xD;
  &lt;h4&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           VELD 2: HET GEDICHT
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/h4&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Charlotte van den Broeck - Sisklank
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het is laat en de sisklank
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           snijdt de vrouw de pas
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de sisklank bespiedt, gist
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           de vrouw geschikt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           onder haar wijde jas, snerpt
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           verkleinwoordje en-ste
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           verkleinwoordje verkleinwoordje -ste
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           boos als de vrouw niets zegt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           sist scherper komt dichter
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           tongpunt mespunt snede
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           bozer
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           kan de vrouw niet eens lachen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           rammelend aan het dranghek
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           van de tanden wrijft de sisklank
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zich tegen de spijlen op tot
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           het gehits de sis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           smoort in de mond en staakt
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           stratenlang
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tot de vrouw thuiskomt voelt het
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           alsof iets in haar schaduw sluipt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h5&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h5&gt;&#xD;
  &lt;h5&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           1A. WAT ZIE JE: TEKST GEDRUKT OP DE BLADZIJDE
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/h5&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De titel is ‘Sisklank’. Hoewel de sisklank veel in het gedicht voorkomt, is het de vraag of dit wel het onderwerp van het gedicht is. Het gedicht bestaat uit tien strofen. Deze strofen hebben elk twee regels. Deze regels bevatten één tot zes woorden. Door de combinatie van de hoeveelheid regels per strofe en de hoeveelheid woorden per regel is er veel wit aan de rechterkant van het gedicht en tussen de regels door. De zinnen zijn regelmatig afgebroken en lopen verder op de volgende regel. Er zijn dus meerdere enjambementen. De eerste strofe eindigt met ‘snijdt de vrouw de pas’. Daarna volgt een witregel. Dit past goed bij de betekenis van de pas snijden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           1B. WAT HOOR JE: KLANKEN EN RITME/METRUM
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het gedicht komt maar liefst 37 keer de letter ‘s’ van de sisklank voor. Vaak is dit ook nog aan het begin van een woord. Dat zorgt voor alliteraties (beginletterrijm). In de eerste twee strofes is er aan het einde van de regels een assonantie (klinkerrijm). Dit is de korte ‘a’-klank in ‘sisklank’ en ‘pas’ en de korte ‘i’-klank in ‘gist’ en ‘geschikt’. In de vijfde strofe is er een assonantie tussen ‘scherper’ en ‘mespunt’. Deze korte ‘e’-klank maakt het ook erg scherp. In de zevende strofe komt zowel in de eerste als tweede regel de korte ‘a’-klank twee keer voor: ‘rammelend’, ‘dranghek’, ‘tanden’ en ‘sisklank’. Tot slot is in de negende strofe een duidelijke combinatie van alliteratie en assonantie tussen ‘staakt’ en ‘stratenlang’. Beiden beginnen met ‘st-’ en een lange ‘a’-klank.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Ik herken in dit gedicht geen vast metrum.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           1C. STIJLFIGUREN
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de vierde strofe staat het woord ‘verkleinwoordje’ twee keer en achter elkaar. Dit geeft een extra nadruk op het continue geluid dat wordt gehoord. In de vijfde strofe is er een opsomming van ‘tongpunt’, ‘mespunt’ en ‘snede’. Dat zorgt voor meer drama.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           1D. VERSCHILLENDE TAALREGISTERS
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het gedicht is poëtisch en beschouwend geschreven, maar dit is niet echt een specifiek taalregister.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           2A. BETEKENISSEN OPZOEKEN
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h5&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h5&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Geschikt
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ge·schikt
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (bijvoeglijk naamwoord)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           1
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (van personen en zaken) bruikbaar
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           2
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (van personen) aardig
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           schik·ken
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (schikte, heeft geschikt)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           1
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            in orde brengen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           2
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een conflict tot een oplossing brengen, doordat iedereen wat toegeeft
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           3
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ordenen; stoelen om de tafel schikken
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           4
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zich schikken in iets berusten
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           5
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gelegen komen: schikt vanmiddag drie uur je?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Van Dale Uitgevers, 2024)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Snerpt
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           sner·pen
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (snerpte, heeft gesnerpt)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           1
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een snijdende pijn veroorzaken: een snerpende kou
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           2
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een schril geluid maken
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Van Dale Uitgevers, 2024)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Spijlen
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           spijl
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (de; v(m); meervoud: spijlen)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           1
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            staaf, tralie
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Van Dale Uitgevers, 2024)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Gehits
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik heb geen betekenis gevonden in het gratis online woordenboek van Van Dale. Een puzzelwoord voor ‘Gehits’ is ‘opruien’ (Mijnwoordenboek, sd).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           op·rui·en
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            (ruide op, heeft opgeruid)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           1
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            openlijk aanzetten tot ontevredenheid en verzet: opruiende taal
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Van Dale Uitgevers, 2024)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      ‘Gehits’ zou ook kunnen verwijzen naar ‘ophitsen’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           op·hit·sen
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (hitste op, heeft opgehitst)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           1
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            aanzetten tot iets slechts: de mensen tegen elkaar ophitsen; het volk tegen de regering ophitsen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Van Dale Uitgevers, 2024)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           2B. BEELDSPRAAK
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het gedicht is personificatie. De sisklank ‘bespiedt, de sisklank ‘gist’ enzovoort. In de vijfde strofe staat er ‘tongpunt mespunt snede’. Dat is ook beeldspraak. De sisklank wordt namelijk gezien als iets scherps. Tot slot is er ook nog een metafoor. De sisklank verwijst naar de klank van straatintimidatie, maar dit wordt niet genoemd in het gedicht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           VELD 3: DE WERKELIJKHEID
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h4&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h4&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er spreekt duidelijk engagement uit dit gedicht. De straatintimidatie waarnaar wordt verwezen is een hedendaags maatschappelijk probleem. De schrijfster van het gedicht Charlotte Van den Broeck wil ons laten nadenken over het gevoel en het effect van intimidatie op straat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           VELD 4: DE LEZER
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h6&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           EIGEN MENING (LINN):
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h6&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toen ik Julia vroeg over dit gedicht vertelde ze mij dat dit gedicht over straatintimidatie ging. Ik ben daarna zelf het gedicht gaan lezen en kon toen goed begrijpen waar het gedicht over ging. Er wordt veel beeldspraak gebruikt over de intimidatie die een vrouw vaak moet ondergaan als ze over straat loopt. De eerste strofe beschrijft de ervaring van de vrouw op een laat tijdstip. Door het gedicht heen wordt er steeds gepraat over een ‘sisklank’ die klanken worden naar de vrouw gegooid als ze in de avond over straat loopt.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Wat mij het meest aanspreekt was dat de inhoud overeenkomt met de werkelijkheid. Vooral in de zesde strofe ‘bozer kan de vrouw niet eens lachen’ is herkenbaar. Dit hoor je dan voorbijkomen dat de man die iets ‘aardigs’ naar een voorbijlopende vrouw roept boos wordt als de vrouw geen reactie geeft. Ook spreekt de laatste strofe me aan ‘tot de vrouw thuiskomt voelt het alsof iets in haar schaduw sluipt’. Als vrouw zijnde ben je niet veilig op straat door dit soort mannen, want het zijn voornamelijk mannen die dit doen. Het geeft ook een eng gevoel dat we ook echt achtervolgt worden en dat we pas bij ons eigen huis veilig zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h6&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           EIGEN MENING (JULIA):
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h6&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bij de eerste keer van het lezen had ik de betekenis van het gedicht nog niet door. Ik lette met name op de titel (‘Sisklank’) en het bijbehorende gebruik van de letter s. De rest van de inhoud was voor mij nog niet samenhangend. Na zoektochten over het gedicht en er langer over nadenken zag ik de betekenis van het gedicht, namelijk straatintimidatie. Toen had de sisklank een betekenis gekregen. Het was de sisklank die door de vrouw gehoord werd. Alle specifieke beschrijvingen van situaties, zoals de mespunt en het dranghek, kregen een betekenis. Het gebruik van de sisklank in het gedicht spreekt mij het meest aan. Het is heel duidelijk hoorbaar. Het verbindt het gedicht en het geeft sfeer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           GEDICHT 2: GENEZINGEN
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h4&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h4&gt;&#xD;
  &lt;h4&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           VELD 2: HET GEDICHT
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/h4&gt;&#xD;
  &lt;h4&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h4&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Charlotte Van den Broeck - Genezingen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Naar Hildegard van Bingen (1098-1179)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           om weer te leren spreken moet je een blauwe steen op je keel leggen
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           de steen weekt de stem van het gruw
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           de steen kwijt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de kwel van haar syntax eindelijk kan je weer zonder krop
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           beweren hoe inblauw en blauw de lucht, hoe begerig de bij de nectar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat het honing is
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           in glanzend licht in purper geblazen in vurige gloed de vlam
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           die drupt uit de navel en diepklinkend daalt als een zucht
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           laat de steen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           lang genoeg liggen en ook de geest zal sterken
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           tegen sommige gebreken tegen nagenoeg alle vormen van boosheid
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           de steen helpt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wanneer je jezelf verliest in de ban
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           dan zal de steen je vasthouden zoals jij de steen
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           stevig in de hand houdt
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           om de paar passen achteromkijkend
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           1A. WAT ZIE JE: TEKST GEDRUKT OP DE BLADZIJDE
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het gedicht heeft de titel ‘Genezingen’. Dat is een proces waarbij de verschijnselen van een ziekte, spontaan of met behandeling verdwijnen (Wikipedia, 2022). Ik denk echter niet dat het gaat om een werkelijke ziekte maar eerder om geestelijke heling. Het gedicht bestaat uit vijf strofen. De eerste strofe bestaat uit drie regels, de tweede uit twee, de derde uit vier, de vierde weer uit drie en de tot slot eindigt het weer met vier regels. Een strofe eindigt over een steen maar dit gebeurt niet in de laatste strofe. In de eerste strofe wordt er aan het einde van de regel de tekst afgebroken, dit noem je enjambement. Het wordt echter niet gebruikt voor rijm maar om meer betekenis te geven. Zo krijgt de laatste regel van de eerste strofe meer betekenis. Na ‘de steen kwijt’ gebruikt de dichter een witregel, die witregel zorgt ervoor dat de dichter definitief probeert te zeggen dat de steen echt kwijt is. De witregel geeft dan het gevoel van leegte, net als je dat hebt wanneer je iets kwijt bent geraakt. Daarnaast krijg je ook het gevoel dat de zin niet helemaal af is en dat je ergens op zit te wachten. Een sterkte enjambement in het gedicht is de laatste regel van de derde strofe. De regel eindigt met ‘laat de steen’ en wordt afgebroken door een witregel. De dichter gaat dan na de witregel verder met het gedicht, maar het lijkt alsof de tekst nog bij ‘laat de steen’ hoort. Daardoor wordt er ook benadrukt dat de steen langer blijft liggen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het lijkt ook bij ‘hoe begerig de bij de nectar’ gevolgd moet worden met ‘dat het honing is’ terwijl die wordt afgezonderd door een witregel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           1B. WAT HOOR JE: KLANKEN EN RITME/METRUM
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den Broeck gebruikt in dit gedicht geen rijm maar wel een alliteraties: de assonanties in dicht hebben allemaal een lange klank of harde klank, namelijk een ‘ee’ of een ‘au’ en de alliteraties hebben de ‘k’ en de ‘t’ klank. Het zorgt ervoor dat je als lezer langzaam moet lezen en dat de klanken hard overkomen. De woorden zoals ‘weer’ ‘een’ ‘steen’ ‘keel’ en ‘weekt’ hebben allemaal een assonantie van de ‘ee’ klank. Daarnaast zie je in de tweede strofe ‘inblauw’ en ‘blauw’ wat ook een assonantie is maar dan met een ‘au’ klank. De medeklinker ‘k’ komt in de tweede strofe voor bij ‘kwel’, ‘eindelijk’, ‘kan’ en ‘krop’. Dit is een alliteratie. In de derde strofe is er een eindletter rijm van de medeklinker ‘t’ aanwezig bij ‘drupt’, ‘daalt’ en ‘zucht’. De woorden eindigen elk met de letter ‘t’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           1C. STIJLFIGUREN
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit gedicht zit vol stijlfiguren. Je ziet in dit gedicht vaak de herhaling over ‘de steen’ het legt de nadruk op de kracht en werking van de steen. Het zorgt er daarnaast ook voor dat de steen het centraal element is in dit gedicht omdat alles rondom de steen draait.
            &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Als tegenstelling zie je tussen in de eerste strofe ‘gruw’ en in de tweede strofe ‘kwel’ een negatieve benadrukking waar ‘de steen’ ervoor zorgt dat dit omkeert naar iets helend en positief. Dat lees je terug in de eerste zin van de tweede strofe ‘eindelijk kan je weer zonder krop’. De steen helpt om weer goed te communiceren.
            &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           In dit gedicht zijn er een aantal tegenstellingen:
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           In de vierde strofe ‘de steen helpt’ (laatste regel van de strofe) ‘tegen sommige gebreken tegen nagenoeg alle vormen van boosheid’. De steen wordt gepresenteerd als een heel krachtig object die oplossing geeft voor emotionele tegenstrijd en spirituele problemen, zoals boosheid en gebreken. Het is bijzonder dat een simpele steen kan helpen tegen complexe problemen zoals boosheid.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Daarnaast is er een tegenstelling in de laatste regel van de vierde strofe en de eerste twee regels van de vijfde strofe is een voorbeeld van een paradox. De dichter laat zien dat de steen helpt ‘wanneer je jezelf verliest in de ban’ terwijl je de controle en richting kwijt bent. De steen zou tegelijkertijd ‘je vasthouden’. Het geeft een tegenstrijdig beeld dat je jezelf vasthoudt terwijl je jezelf kwijt bent geraakt.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Ook in dit gedicht wordt er overdreven. In de tweede strofe schrijft de dichter ‘hoe inblauw en blauw de lucht’ hier wordt de lucht overdreven maar het geeft wel de intensiteit van de natuur aan. Daarnaast wordt er overdreven in de derde strofe ‘in glanzend licht in purper geblazen in vurige gloed de vlam’ hier wordt er weer een nadruk gelegd op dramatische natuurbeelden.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           In dit gedicht word je ook aangesproken, namelijk bij de eerste regel van de eerste strofe ‘om weer te leren spreken moet je een blauwe steen op je keel leggen’ hier geeft het advies. Daarnaast geeft de dichter gebiedende wijs instructie aan de lezer in de laatste regel van de derde strofe en de eerste regel van de vierde strofe ‘laat de steen lang genoeg liggen’ er wordt hier direct advies gegeven.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Tot slot is dit gedicht een verwijzing naar Hildegard van Bingen (1098-1179). Van Bingen haalt de dichter aan als inspiratie. De dichter legt in dit gedicht niet uit wie zij is en nodigt dus de lezer uit om haar achtergrond te begrijpen. Daarnaast kan de laatste regel van de tweede strofe gezien worden als toespeling ‘hoe begerig de bij de nectar dat de honing is’ Het gaat hier om de zoetheid en hoe helend de natuur is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           1D. VERSCHILLENDE TAALREGISTERS
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit gedicht bevat een poëtisch en symbolisch taalregister. Het gedicht maakt gebruik van een ‘blauwe steen’ wat een krachtige en spirituele betekenis heeft. Ook wordt er gebruik gemaakt van beeldspraak. Kijk maar naar de tweede en derde strofe ‘hoe inblauw en blauw de lucht’ ‘de vlam die drupt uit de navel’ en ‘de steen helpt’ ze geven het gedicht meer beeld en spreken je zintuigen aan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h5&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h5&gt;&#xD;
  &lt;h5&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           2A. BETEKENISSEN OPZOEKEN
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/h5&gt;&#xD;
  &lt;h5&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h5&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Purper
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           pur·per (het; o)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           1
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           mengkleur van rood en violet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           2
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           paarsrode
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           verfstofpur·pe·ren (bijvoeglijk naamwoord)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           1
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van de kleur purper
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (Van Dale Uitgevers, 2024)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Blauwe steen
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kleur blauw bevordert in belangrijke mate innerlijke rust maar geeft ook geestelijke verdieping. Bovendien halen deze stenen eigen oude wijsheid naar boven uit het onbewuste van de mens. Een edelsteen in de kleur blauw is vaak heel geschikt voor de 5e chakra, dus de keelchakra die het spreken van eigen waarheid bevordert (Edelstenen en Mineralen, 2020).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Syntax
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Syntaxis
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            (van het 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://nl.wikipedia.org/wiki/Oudgrieks" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           Oudgriekse
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            συν- syn-, "samen", en τάξις táxis, "regeling"), ook vaak 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           zinsleer
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            genoemd, is een deelgebied binnen de 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://nl.wikipedia.org/wiki/Theoretische_taalkunde" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           theoretische taalkunde
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            dat in ruime zin de studie omvat van alles wat met de opbouw en structuur van 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://nl.wikipedia.org/wiki/Zinsdeel" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           zinsdelen
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            en 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://nl.wikipedia.org/wiki/Zin_(taalkunde)" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           zinnen
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            te maken heeft, ofwel van de 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           zinsbouw
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Het begrip syntaxis wordt ook wel gelijkgesteld aan zinsbouw (Wikipedia, 2024).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Weekt
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           we·ken (weekte, heeft geweekt)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           1
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           week, zacht maken: stokvis weken in water
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.vandale.nl/gratis-woordenboek/nederlands/betekenis/weekt" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.vandale.nl/gratis-woordenboek/nederlands/betekenis/weekt
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           )
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Krop
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           krop (de; m; meervoud: kroppen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           1
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de samengepakte bladeren van kool of sla
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           2
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zakvormige verwijding van de slokdarm van vogels
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een krop in je keel hebben wordt ook wel gezien als een brok in je keel hebben. Het gevoel van een brok in je keel heeft meestal geen lichamelijke oorzaak. Stress of angst kan ervoor zorgen dat je (onbewust) de spieren in de hals en keel aanspant. Dit kan een brokgevoel in de keel veroorzaken (MDLFonds, 2023). In betrekking tot het gedicht zorgt de steen ervoor dat de brok in de keel weg gaat. Dat betekent dus dat er vermindering is van stress of angst.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           2B. BEELDSPRAAK
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In dit gedicht komt veel beeldspraak voor. In dit gedicht komen verschillende vormen van beeldspraak voor zoals, metafoor, vergelijking en symboliek. In de eerste strofe staat een metafoor ‘de steen weekt de stem van het gruw’ de ‘steen’ wordt gepresenteerd als een middel die blokkeringen en verstoringen te verhelpen. Maar de steen is niet letterlijk in staat om ‘de stem van het gruw’ te laten verdwijnen. Het wordt gebruikt als symbool voor genezing of bevrijding van innerlijke onrust. Daarnaast wordt er in de tweede strofe ook een metafoor gebruikt. Namelijk in de eerste regel ‘de kwel van haar syntax’ waar syntax aangeeft dat de manier waarop iets gezegd wordt belemmerend kan zijn, het symboliseert innerlijke strijd in communicatie. Door deze manier van beeldspraak maakt de uitdrukking van lijden voor de lezer tastbaar.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           In het gedicht komen er ook vergelijkingen voor. In de vierde en vijfde strofe gebruikt de dichter een vergelijking ‘de steen helpt wanneer je jezelf verliest in de ban dan zal de steen je vasthouden zoals jij de steen stevig in de hand houdt’. Zoals jij de steen stevig in de hand houdt vergelijkt de kracht en stabiliteit met de manier waarop je grip hebt op de steen. Het benadrukt de relatie tussen mens en de steen, de steen ondersteund maar de mens moet het vasthouden om het te ontvangen. In de derde strofe staat ook een vergelijking ‘de vlam die drupt uit de navel en diepklinkend daalt als een zucht’ hier wordt de vlam door meerdere dingen visueel vormgegeven. Het wordt vergelijken met iets dat ‘drupt’, wat een vloeibare zachte beweging voorstelt. Daarnaast wordt de vlam vergeleken met een diep dalende zucht. Dit weerspiegeld gevoelens van verlangen of pijn dat langzaam wegebt. Er zijn ook veel symbolen te vinden in dit gedicht. In het hele gedicht lees je veel over ‘de steen’. Het wordt weergegeven als iets krachtigs dat gebruikt wordt met genezing en stabiliteit. De tweede strofe ‘de bij de nectar dat het honing is’ heeft ook iets symbolisch. De bij die de nectar zoekt en dit vergelijkt met honing, is een symbolische voorstelling van verlangen en de zoektocht naar het goede of het zoete in het leven. De honing kan ook symbool staan voor wijsheid of de vruchten van werk en geduld. Tot slot staat er in de derde strofe ook iets symbool ‘in purper geblazen in vurige gloed’ Dit beeld van vuur en purper roept een intens gevoel van passie en kracht op. Purper wordt vaak geassocieerd met royalty of heiligheid (Wikipedia, 2025), en in dit gedicht kan het staan voor de spirituele en mystieke kracht die met genezing of verlichting gepaard gaat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           VELD 3: DE WERKELIJKHEID
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h4&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h4&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit gedicht gaat over Hildegard van Bingen (1098-1179) en haar kennis over spirituele en medicinale kruiden. De dichter nodigt je uit om eerst kennis op te doen over Hildegard van Bingen omdat het anders erg lastig wordt om een betekenis te geven aan dit gedicht. Hildegard van Bingen, was een Duitse benedictijnse abdis en geldt als eerste vertegenwoordigster van de Duitse middeleeuwse mystiek. Zij was onder meer actief op het gebied van religie, kosmologie, wetenschappen, filosofie, compositie en muziekbeoefening, poëzie, plantkunde en taalkunde (Wikipedia, 2024). In de laatste strofe wordt er gesuggereerd dat er zelf in onzekere tijden stabiliteit kan zijn en dat je steun rondom je hebt wat je misschien niet merkt. Daarnaast wordt er in het gedicht iets genoemd over bijen. In de werkelijkheid hebben de bijen een grote rol in het ecosysteem. Daarnaast is de bij in veel culturele en spirituele tradities een symbool van hard werken, zoetheid (nectar, honing) en zelfs genezing (honing heeft helende eigenschappen).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h4&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           VELD 4: DE LEZER
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h4&gt;&#xD;
  &lt;h6&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h6&gt;&#xD;
  &lt;h6&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           EIGEN MENING (LINN):
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h6&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de eerste strofe wordt er gebiedende wijs verteld dat je een steen op je keel moet leggen om beter te kunnen communiceren. Ook heeft de steen in deze strofe veel helende werkingen omdat de steen er ook voor zorgt dat het de stem van negativiteit weg haalt. In de tweede strofe gaat het nog steeds over communicatie en taalgebruik waar de steen weer bij helpt. Door de hulp kan ‘je’ weer in zien hoe mensen hebberig zijn. ‘hoe begerig de bij de nectar dat het honing is’ verlangt de bij naar honing maar hij heeft alleen maar nectar in de buurt. In de derde strofe gaat het over krachtige natuurlijke elementen ‘glanzend licht’ ‘vurige gloed van de vlam’ wat zorgt voor een krachtige uitstraling maar verder in de strofe heb je de regel ‘die drupt uit de navel’ het zorgt voor een vloeiende uitlopende bewegen met iets menselijks. De diepklinkend dalende zucht zorgt voor iets langdurigs. In de vierde strofe wordt er weer met gebiedende wijs verteld wat je moet doen met de steen. De steen heeft in deze strofe weer helende krachten. Het gedicht sluit af met de vijfde strofe waar er weer nadruk wordt gelegd op de helende krachten van de steen en dat ‘je’ de steen zelf moet vasthouden om het te laten werken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik vond dit gedicht een erg lastig om te ontcijferen omdat het best beknopt was met woorden die veel betekenis gaven aan het gedicht. Daarnaast vind ik het mooi dat het hele gedicht gaat over een edelsteen die helpt met het verbeteren van jezelf en de communicatie er is een spreekwoord die luidt ‘communicatie is key’ dat houdt in dat de communicatie het belangrijkste is. Ik snapte niet wat ze bedoelde met ‘de bij de nectar dat het honing is’ maar door de betekenis van de woorden op te zoeken had het weer te maken met helende effecten, wat weer past bij Hildegard van Bingen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h6&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           EIGEN MENING (JULIA):
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h6&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoewel het niet vereist is om het gedicht te kunnen lezen, is het toch wel handig om al voorkennis over Hildegard van Bingen te hebben voor je begint met lezen. Persoonlijk heb ik niet zo veel met ‘alternatieve genezingen’ en ‘bijzondere’ stenen. Ik geloof er niet in. Het is vrij duidelijk waar het gedicht over gaat. De titel is ‘genezingen’ en de ‘steen’ komt erg vaak in het gedicht voor. Het is dus logisch dat het gedicht over een geneeskrachtige steen gaat. Desondanks is het soms moeilijk om een specifieke strofe of regel te begrijpen door de woordkeuze en/of de grammaticale constructie. Het mooiste uit het gedicht vind ik het doelbewuste gebruik van witregels, zoals tussen de derde en de vierde strofe, waarin de steen letterlijk ‘gelaten’ wordt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           GEDICHT 3: ZEEGEZICHT
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h4&gt;&#xD;
    &lt;a href="null" target="_blank"&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/h4&gt;&#xD;
  &lt;h4&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           VELD 2: HET GEDICHT
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/h4&gt;&#xD;
  &lt;h4&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h4&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Charlotte Van den Broeck - Zeegezicht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           weer krast de keelroze klank
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           kek-kekt de meeuwenblaf
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voorlopige kleurvlakken
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           voortdurend in overgang
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           duwend vegend pulserend hecht
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           het behoeftige licht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zich zonder toestemming
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           aan wat het laat verschijnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zinkt het oog
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           in de verte
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in het eindeloze
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           achteruitwijken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h5&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h5&gt;&#xD;
  &lt;h5&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h5&gt;&#xD;
  &lt;h5&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h5&gt;&#xD;
  &lt;h5&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           1A. WAT ZIE JE: TEKST GEDRUKT OP DE BLADZIJDE
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/h5&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit gedicht heeft ‘zeegezicht’ als titel. Je ziet aan de titel gelijk waar het over gaat omdat het gedicht over de zee praat. Het gedicht bevat 6 strofen met elk twee regels. De enjambementen in dit gedicht worden niet gebruikt als rijm maar om het gedicht meer betekenis te geven. De strofen worden elk door een witregel onderbroken maar je kan ze zien als enjambement omdat je de regel kan samenvoegen. Zo is er in de vierde strofe een enjambement te zien met de derde strofe en de vijfde strofe ‘duwend vegend pulseren hecht het behoeftige licht’ (derde strofe) ‘zich zonder toestemming aan wat het laat verschijnen’ (vierde strofe) ‘zinkt het oog in de verte’. De derde strofe wordt na de eerste regel onderbroken. Zo krijg je twee aparte regels die je kan lezen door een enjambement. ‘hecht’ in de eerste regel geeft aan de tweede regel meer betekenis ‘het behoeftige licht’ omdat het behoeftige licht zo meer betekenis krijgt. De derde strofe kan ook in enjambement gevolgd worden door de vierde strofe Omdat het ‘behoeftige licht’ zich hecht zonder toestemming. Vanaf de derde strofe lijkt het allemaal een enjambement. De betekenissen blijven opstapelen door de volgende regel eraan toe te voegen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           1B. WAT HOOR JE: KLANKEN EN RITME/METRUM
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In dit gedicht komen veel alliteraties voor maar ook assonanties. In de eerste strofe begin je gelijk met een alliteratie van de beginletter ‘k’ waar ‘krast’ ‘keelroze’ ‘klank’ en ‘kek-kekt’ allemaal een voorbeeld van zijn. In de tweede strofe beginnen beide regels met een ‘v’ dat zie je aan ‘voorlopige’ en ‘voortdurend’. De eindletter rijm in dit gedicht staat in de derde strofe ‘duwend’ ‘vegend’ en ‘pulserend’ ze eindigen allemaal met de medeklinker ‘d’, dit is een harde klank.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           1C. STIJLFIGUREN
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook in dit gedicht zijn er veel stijlfiguren. In de tweede strofe wordt er benadrukt op een voortdurende beweging ‘voorlopige kleurvlakken’ en ‘voortdurend in overgang’ waar de ‘overgang’ meerdere keren in het gedicht wordt benoemd met beeldspraak. Dat zie je in de vierde strofe ‘zinkt het oog in de verte’ dit is een voorbeeld van een overgang. Je kan het net zo zien dat het oog de zon is en het een zonsondergang is, dan wordt het de overgang van dag naar nacht.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           In de derde strofe heb je een opsomming van meerdere werkwoorden namelijk ‘duwend’ ‘vegend’ en ‘pulserend’. Allemaal beschrijven ze de beweging van het licht.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Een tegenstelling staat in de tweede en derde strofe. De kleurvlakken zijn voortdurend aan het veranderen en het ‘behoeftige licht’ geeft aan het niet vanzelf veranderd en afhankelijk is van de omgeving.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           In de laatste strofe staat ‘in het eindeloze achteruitwijking’ dit is een paradox omdat er een tegenstelling is tussen ‘eindeloze’ en ‘achteruitwijking’. Het suggereert dat de beweging oneindig terugtrekt, maar dit komt bijna niet voor.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           In de eerste strofe staat een overdrijving ‘weer krast de keelroze klank’. ‘krast’ is een erg schril en scherp geluid. Het idee van ‘de keelroze klank’ roept je zintuigen aan omdat de dichter de klank een kleur geeft.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           In dit gedicht zijn geen retorische vraag, directe aanspreking of toespeling.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Maar dit gedicht bevat wel een subtiele vorm van ironie, het ‘behoeftige licht’ in de derde strofe zorgt voor ironie. Het idee dat licht iets ‘behoeft’ is ironisch omdat licht gezien wordt als iets vanzelfsprekends. Het lijkt net alsof het licht veel moeite moet doen om gezien te worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           1D. VERSCHILLENDE TAALREGISTERS
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit gedicht gebruikt veel beeldspraak en abstracte taal. ‘het behoeftig licht’ en ‘het eindeloze achteruitwijking’ worden niet letterlijk bedoeld maar roepen de emotie en ervaring van het moment op. Het gedicht bevat ook ritme, dat zie je aan de derde strofe ‘duwend vegend pulserend hecht’ het is opsommend dus leest het heel vloeiend.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           2A. BETEKENISSEN OPZOEKEN
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Elk woord is opgezocht bij Van Dale Uitgevers, 2024
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Krast
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           kras (de; v(m); meervoud: krassen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           1
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           snelle beweging met een puntig voorwerp
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           2
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           daardoor gemaakte streep2kras (bijvoeglijk naamwoord, bijwoord; vergrotende trap: krasser, overtreffende trap: krast)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           1
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           krachtig, flink, ondanks de ouderdom
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           2
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ongehoordkras·sen (kraste, heeft gekrast)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           1
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           krassen maken met een pen, potlood of scherp voorwerp: wat op papier zitten te krassen; zijn naam in een boom krassen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           2
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (van vogels) een rauw, snijdend keelgeluid maken: een krassende uit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           3
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een schrapend geluid geven: op een viool krassen; met je nagels over iets heen krassen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Blaf
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           blaf·fen (blafte, heeft geblaft)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           1
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (van honden) stemgeluid geven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           2
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (van mensen) voortdurend luid hoesten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           3
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (van mensen) snauwen: je hoeft niet zo te blaffen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           2B. BEELDSPRAAK
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het gedicht bevat geen vergelijking met ‘als’ of ‘zoals’. Het gedicht gebruikt meer beeldspraak en het gebruikt het oproepen van gevoel of sfeer. Metafoor zorgt voor meer beeldspraak en wordt duidelijk in dit gedicht gebruikt. In de eerste strofe gebuikt de schrijver een visuele omschrijving van een klank. Ze gebruikt hierbij de kleur ‘keelroze’. De klank is niet letterlijk roze maar het roept wel associatie op van klank en geluid, het geeft daarnaast ook een beeld van de sfeer. De kleur roze is de kleur van zorgzaamheid of medeleven. In de derde strofe krijgt licht de eigenschap ‘behoeftig’ dit is iets menselijks. Het laat zien dat het licht iets nodig heeft of een verlangen heeft naar iets.   
            &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Dit is personificatie omdat iets levenloos een menselijke eigenschap krijgt. In de vijfde strofe staat ook een personificatie. ‘Zinkt het oog’ geeft het beeld dat ‘het oog’ iets zelfstandig doet, in dit geval zinken.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           ‘keelroze klank’ is ook een synesthesie omdat twee zintuigen met elkaar worden vermengt. De klank is een geluid en daar gebruik je het zintuig horen voor, en keelroze is een kleur, daar gebruik je het zicht bij.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Tot slot staat er in de tweede strofe een metonymia, de ‘voorlopige kleurvlakken’ weerspiegelt het idee van een kleurrijk landschap of zonsondergang aan zee. De kleur wordt als hulp gebruikt voor een bredere beeldvorming.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           VELD 3: DE WERKELIJKHEID
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h4&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h4&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het gedicht gaat niet echt over de maatschappij, maar het roept wel gevoelens op die je kunt verbinden met de tijd waarin we leven. Het beschrijft een wereld die steeds verandert, en het gevoel van vervreemding, alsof je jezelf kwijtraakt. Dit kan gaan over de onzekerheid die veel mensen ervaren in de maatschappij. Het gedicht heeft geen duidelijke boodschap over specifieke problemen, maar het laat wel zien hoe het is om je verloren te voelen in een wereld die altijd in beweging is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           VELD 4: DE LEZER
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h4&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h4&gt;&#xD;
  &lt;h6&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           EIGEN MENING (LINN):
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h6&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zeegezicht is een gedicht dat gaat over de verschijnselen van de zee. Waar er doormiddel van je zintuigen de zee grondig wordt omschreven. In de eerste strofe wordt de meeuw door klank omschreven dat zie je aan ‘kek-kekt de meeuwenblaf’. Zo lees je ook in de tweede strofe een omschrijving met een zintuig, namelijk zien ‘voorlopige kleurvlakken’ dit is voor mij een omschrijving over zonsondergang met mooie in overgang gaande kleuren. Dit wordt ook ondersteund door de vijfde strofe ‘zinkt het oog in de verte’ het oog is dan de zon. Ik vind het mooi aan dit gedicht dat je zintuigen veel worden aangesproken. Zo vind ik de tweede en vierde strofe een van de mooiste strofen van dit gedicht. De tweede strofe luidt ‘voorlopige kleurvlakken voortdurend in overgang’. Ik vind deze strofe zo mooi omdat ik dit zie als een zonsondergang waar de kleuren in elkaar overlopen. Die kleurvlakken komen en gaan omdat ze uiteindelijk plek maken voor de maan en de sterren. Daarnaast vind ik de vierde strofe mooi ‘zich zonder toestemming
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           aan wat het laat verschijnen’ je kan deze strofe namelijk koppelen aan de werkelijkheid. Je hoeft geen toestemming te vragen om jezelf te uiten, en daar kan ik me in vinden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h6&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           EIGEN MENING (JULIA):
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h6&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het gedicht lijkt volledig te bestaan uit het geven van de sfeer die past bij het specifieke zeegezicht. Charlotte van den Broeck geeft aan hoe de meeuw, het licht en de verte van invloed zijn op het gevoel bij een zeegezicht. Het mooiste uit het gedicht vind ik de eerste strofe. Het extreem gebruik van alliteraties geeft erg goed de sfeer weer van het ‘kek-kek’ van de meeuw(en). Zeker als je het meerdere keren en/of hardop leest herken je de meeuw in de klanken van de woorden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           BIBLIOGRAFIE
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Biografie. (sd). Opgehaald van Website van Charlotte Van den Broeck: https://charlottevandenbroeck.com/biografie/
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dale. (2024). betekenis 'krast' . Opgehaald van https://www.vandale.nl/gratis-woordenboek/nederlands/betekenis/krast
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Edelstenen en Mineralen. (2020). Blauwe edelsteen. Opgehaald van Edelstenen en Mineralen: https://edelstenen-mineralen.nl/blauwe-edelstenen/#:~:text=Edelstenen%20in%20de%20kleur%20blauw,het%20onbewuste%20van%20de%20mens.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een Vlam Tasmaanse Tijgers. (sd). Opgehaald van Website van Charlotte Van den Broeck: https://charlottevandenbroeck.com/een-vlam-tasmaanse-tijgers/
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           MDLFonds. (2023). Brok in de keel. Opgehaald van mdlfonds: https://www.mdlfonds.nl/klachten/brok-in-de-keel/
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijnwoordenboek. (sd). Eén puzzelwoord gevonden voor `Gehits`. Opgehaald van MWB: https://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/Gehits/1
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van Dale Uitgevers. (2024). Betekenis 'geschikt'. Opgehaald van Van Dale: https://www.vandale.nl/gratis-woordenboek/nederlands/betekenis/geschikt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van Dale Uitgevers. (2024). Betekenis 'ophitsen'. Opgehaald van Van Dale: https://www.vandale.nl/gratis-woordenboek/nederlands/betekenis/ophitsen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van Dale Uitgevers. (2024). Betekenis 'opruien'. Opgehaald van Van Dale: https://www.vandale.nl/gratis-woordenboek/nederlands/betekenis/opruien
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van Dale Uitgevers. (2024). betekenis purper. Opgehaald van vandale woordenboek: https://www.vandale.nl/gratis-woordenboek/nederlands/betekenis/purper
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van Dale Uitgevers. (2024). Betekenis 'snerpen'. Opgehaald van Van Dale: https://www.vandale.nl/gratis-woordenboek/nederlands/betekenis/snerpen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van Dale Uitgevers. (2024). Betekenis 'spijlen'. Opgehaald van Van Dale: https://www.vandale.nl/gratis-woordenboek/nederlands/betekenis/spijlen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wikipedia. (2022, april 5). Opgehaald van https://nl.wikipedia.org/wiki/Genezing
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wikipedia. (2024). Hildegard van Bingen. Opgehaald van wikipedia: https://nl.wikipedia.org/wiki/Hildegard_van_Bingen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wikipedia. (2024). Syntaxis (taalkunde). Opgehaald van wikipedia: https://nl.wikipedia.org/wiki/Syntaxis_(taalkunde)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wikipedia. (2025, Februari 1). Charlotte Van den Broeck. Opgehaald van Website van Wikipedia: https://nl.wikipedia.org/wiki/Charlotte_Van_den_Broeck
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wikipedia. (2025). Purper (verfstof). Opgehaald van Wikepedia: https://nl.wikipedia.org/wiki/Purper_(verfstof)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/aarduitwrijvingen.jpg" length="21073" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 22 Apr 2025 17:42:04 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/onderzoek-naar-drie-gedichten-uit-van-charlotte-van-den-broeck-vanuit-vier-velden</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Charlotte van den Broeck,essays leerlingen,essays van leerlingen,Aarduitwrijvingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/aarduitwrijvingen.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/aarduitwrijvingen.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Zijn stemming waartegen ik geen verweer had’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/zijn-stemming-waartegen-ik-geen-verweer-had</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ‘Zijn stemming waartegen ik geen verweer had’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het bos en de rivier; over Anselm Kiefer en zijn kunst' door Karl Ove Knausgård
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+bos+en+de+rivier.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Misschien moet je helemaal niet proberen de kunst te begrijpen vanuit de kunstenaar en hoef je je alleen maar over te geven aan het kunstwerk zelf. Toch blijven er biografieën verschijnen, praatprogramma’s en podcasts waarin kunstenaars uitgenodigd worden iets over hun kunst te vertellen. Uiteindelijk kom je er niet uit, of je de kunst nu meer waardeert als je de kunstenaar een klein beetje kent, of juist helemaal niet, of iets daartussenin. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het bos en de rivier
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           probeert Karl Ove Knausgård vat te krijgen op Anselm Kiefer, de kunstenaar die inmiddels een overweldigend aantal indrukwekkende en vooral ook buitengewoon grote monumentale kunstwerken heeft gemaakt. Zelf lees ik zelden biografieën van kunstenaars, omdat ik het liefst opga in hun scheppingen. Zo is ook Kiefers kunst voor mij een zuiver individuele ervaring, waarin een chemie ontstaat tussen wat ik meen te zien en mijn eigen geschiedenis, wat ik gelezen heb, gezien, geproefd, gevoeld, gehoord en de toestand waarin ik mij bevind op het moment waarop ik tegenover het kunstwerk sta. Die toestand is overigens poreus, want Kiefers wereld sijpelt daarin door en brengt er beweging in. Ontroering heet dat, gek genoeg, alsof de beroering tegelijkertijd weer ongedaan gemaakt wordt. Het bos en de rivier pakte ik daarom niet op om meer te weten te komen over Kiefer, maar omdat ik nog niet eerder wat van Knausgård had gelezen en ik nieuwsgierig was naar zijn zoektocht naar Kiefer. Bovendien was ik benieuwd waarom het omslag van het boek mij helemaal niet aan de kunst van Kiefer deed denken, terwijl ik mij niet kon voorstellen dat deze niet van hem was, als het boek over hem ging.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En ja, de aquarellen van het omslag zijn zeker van Kiefer: ‘Ze stelden rivierlandschappen voor. Ze waren groot, zoals alles wat Kiefer maakt – zo’n vijf meter lang en drie meter hoog -, maar ze droegen niets in zich van de duisternis die zo typisch was voor Kiefers kunst. Integendeel zelfs, ze waren even licht en kleurrijk als impressionistische schilderijen. En ze waren zo mooi dat het pijn deed. Was dit een kentering binnen zijn oeuvre? Verkende hij nieuwe horizonten? De gedachte dat ik in dat geval een van de eersten was die dit zag, deed me huiveren.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Sowieso is het boek prachtig vormgegeven. Onder het papieren omslag bevindt zich opnieuw dezelfde afbeelding, maar dan helemaal doorgetrokken over de achterkant en zonder het gruwelijke ISBN dat alle omslagen ontsiert. Overigens ook zonder de prachtige foto van Kiefer, in gedachten verzonken naast een van zijn kunstwerken op de achtergrond: een baljurk met daarboven een metalen constructie waarin je een vrouwenhoofd zou kunnen zien. Het is of je kunt kiezen: een omslag mét, of zonder Kiefer zelf. In het binnenwerk kom je meer prachtige foto’s tegen: van Kiefer én van zijn werk.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als Knausgård in 2014 de retrospectieve Kiefertentoonstelling in Londen bezoekt, vindt hij het opmerkelijkst in Kiefers werk ‘de afwezigheid van mensen, terwijl alle ruimtes en landschappen juist tot aan de rand met het menselijke waren beladen.’ Als hij voor het gigantische werk Aschenblume staat, opgedragen aan Paul Celan, doet interpretatie er niet meer toe, schrijft hij: ‘Het enige wat telde, waren de gevoelens waarmee het me vervulde. Ik keek niet zomaar naar een schilderij, het was alsof het schilderij me omsloot en me vervulde met zijn stemming, waartegen ik geen verweer had. Hetzelfde leek te gebeuren met de andere mensen die de zaal betraden en voor het schilderij gingen staan, want ze werden er allemaal stil van, alsof ze plotseling waren verplaatst naar een andere plek in zichzelf.’ Als hij na het urenlange verblijf in de leegte van Kiefers schilderijen vlak bij de uitgang in vitrines boeken ziet liggen met opengeslagen bladzijden waarop gekleurde aquarellen staan met vrouwen in extatische poses, water en gebouwen, is hij opnieuw overweldigd en ervaart hij een gevoel van nabijheid tot iemand, ‘een specifiek persoon’. Op dat moment beseft hij dat Anselm Kiefer echt bestaat en dat hij hem wil schrijven. Hij heeft niets te verliezen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij schrijft daadwerkelijk een brief en zes maanden later krijgt hij antwoord van Waltraud Forelli, Kiefers Oostenrijkse studiomanager, en dat is het begin van een aantal bijzondere ontmoetingen met de wereldberoemde kunstenaar. Ontroerend is het onzekere aftasten van Knausgård: hij weet niet hoe hij zich tot de kunstenaar moet verhouden en voelt zich afwisselend overrompeld door Kiefers gastvrijheid en amicaliteit – de twee kussen die hij op zijn wangen krijgt – én totaal aan zijn lot overgelaten en genegeerd bij chique etentjes met belangrijke mensen uit de kunstwereld. Kiefer noemt hem in het begin iedere keer Klaus en de schrijver laat het moment voorbijgaan dat hij hem nog kan verbeteren. Als lezer voel je hoe schrijnend de afstand voelt als de ander je net niet bij je naam noemt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij werpt een licht op de enorme ruimtes vol kunst en materialen waarin Kiefer zich bijna onophoudelijk bevindt, zoekt in de volwassene naar het jongetje dat paus wilde worden en is opgegroeid tussen de rivier en het bos, maar hij legt vooral het ongrijpbare van de kunstenaar bloot. Hij heeft toegezegd een artikel te schrijven over hem, maar hij stelt het uit, omdat hij niet weet hoe hij hem kan vatten en omdat ieder schrijven ook voelt als verraad. Met de schrijver voel je de existentiële eenzaamheid, het niet daadwerkelijk kunnen doordringen tot de ander, de zinloosheid ervan ook, want algauw voelt hij dat het leren kennen van Kiefers kunst weinig te maken heeft met het leren kennen van Kiefer zelf. Het zijn twee aparte zoektochten, hoezeer hij ook zijn best doet de twee te verbinden. Kiefer zelf had dat ook ervaren toen hij op zoek ging naar het leven van Van Gogh achter diens kunstwerken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met ieder bezoek aan Kiefer, op verschillende plekken in de wereld, lijkt Knausgård steeds mis te grijpen en dat leidt tot ontroerend mooie inzichten over kunst en toeschouwer zijn: ‘Onze eigen onzekere benadering van de wereld. Dat we eigenlijk niets over de wereld weten. Dat laat de kunst ons zien. Niet het antwoord op het mysterie, maar het mysterie zelf.’ En dan wil je natuurlijk weten wat dat mysterie precies is, als de kunst haar laat zien:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Als we ons voorstellen dat de wereld alles is wat wordt gedacht, gezegd, gedaan en gezien, en de aarde alles is wat er is, en dat alles wat is, op zichzelf bestaat, als het ware van ons afgewend, gaat er een afgrond open in de werkelijkheid. In de kunst die probeert door te dringen tot alles wat is, en het geheim ervan probeert bloot te leggen, wordt die afgrond zichtbaar, en die overweldigt ons.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kunst kan nooit het ondoorgrondelijke van de wereld vatten en daarmee is alle kunst mislukt, merkt Knausgård op. Zij laat hooguit een restant van een inzicht zien. En precies zo kan ook Knausgårds kunstwerk, de zoektocht naar Kiefer, worden begrepen: ‘Het lijkt alsof de kunst het geheim niet alleen laat zien, maar er tegelijkertijd ook over waakt.’ Zo houdt ook de schrijver het mysterie van Kiefer in stand. Hij laat de lezer tot op de laatste bladzijde meevoelen in de eenzaamheid als hij hem probeert te naderen. Totale vervreemding voel je en zo nu en dan een overweldigend moment van inzicht en nabijheid dat ten diepste ontroert.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Karl Ove Knausgård –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het bos en de rivier; over Anselm Kiefer en zijn kunst
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Sofie Maertens en Michiel Vanhee. Uitgeverij Athenaeum – Polak &amp;amp; Van Gennep, Amsterdam. 170 blz. € 22,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+bos+en+de+rivier.jpg" length="6709" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 22 Apr 2025 12:09:56 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/zijn-stemming-waartegen-ik-geen-verweer-had</guid>
      <g-custom:tags type="string">Karl Ove Knausgård,essays,Het bos en de rivier</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+bos+en+de+rivier.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+bos+en+de+rivier.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Eén boek - zoveel lezers; herlezing van Birk</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-boek-zoveel-lezers-herlezing-van-birk</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Eén boek - zoveel lezers; herlezing van
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Birk
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Birk+Jaap+Robben.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het komt vaker voor dat ik mij laat verleiden door de buitenkant van een boek, zeker als het gaat om een boek dat ik al eerder heb gelezen en dat ik mooi vond. Zo is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Birk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (2014) van Jaap Robben nu opnieuw uitgegeven in een blauwlinnen uitvoering met daarin – voelbaar! – op de voorkant meerdere meeuwen gedrukt, op de achterkant één meeuw, daaroverheen een rozerood los papieren omslag dat slechts de helft van het linnen omslag bedekt. Op zowel de voor- als achterkant is op het papieren omslag een meeuw half afgesneden, maar omdat hij zich precies op dezelfde hoogte bevindt als de meeuw op het linnen omslag, zie je toch een volledige meeuw, half in stof, half in papier. Als een boek mij zo verleidelijk voorkomt, sluit ik het niet alleen in mijn armen, maar ben ik zelfs bereid het te herlezen, want stel dat ook de inhoud mij opnieuw zal verrassen? Een boek echt helemaal herlezen doe ik niet heel vaak. Bij Birk heb ik dat wel gedaan, niet alleen omdat het boek mij zo boeit, maar ook omdat het herlezen als bezigheid op zichzelf mij in meerdere opzichten intrigeert.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Allereerst is daar het verschijnsel dat je de eerste lezing als een bijzondere herinnering meedraagt. Bijzonder, omdat het twee herinneringen ineen zijn, waartussen de scheidslijn flinterdun is: de herinnering aan het lezen én de herinnering aan het beleven. Ik heb namelijk niet alleen ooit het boek gelezen, ik heb ook over het Schotse eiland gelopen, ik ben in het huis van Mikael en zijn moeder geweest, heb als onzichtbaar personage met hen aan tafel gezeten, voelde de rouw, de schuld, en heb mij angstvallig in een schoon hoekje van het door de meeuwen overgenomen huis van Augusta opgehouden, mijn adem inhoudend als Mikael het meeuwenjong probeerde te voeden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De herinnering blijkt echter verre van compleet en ook dat fascineert: waarom onthoud ik het ene element wel en het andere niet? Is dat toeval, heeft dat te maken met mijn achtergrond, mijn geschiedenis, mijn opleiding, mijn belangstelling? Deze vraag houdt mij al langere tijd bezig, omdat ik als docent iedere dag met leerlingen in gesprek ben over de boeken die ze gelezen hebben. Zij onthouden details die ik mij niet meer herinner en andersom. Sommige docenten beweren dat leerlingen boeken niet goed gelezen hebben als zij bepaalde elementen niet meer weten, maar wat is goed lezen? Lees ik
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Birk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            slecht als ik vooral op de meeuwen let? Ik durf wel te beweren dat er dan een interessante lezing ontstaat. Wat doet Mikael als hij het meeuwenjong wil voeden? Hoe pakt hij dat aan en waarom? Ik nodig mijn leerlingen graag uit om hun eigen route door het boek expliciet te maken: waar letten zij op en waarom? Welke betekenissen geven ze daaraan en wat heeft dat met henzelf te maken?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je denkt algauw dat je een boek goed hebt gelezen als het klopt met wat de schrijver heeft bedoeld. Sommige lezers verwijzen dan ook naar interviews met de auteur, om hun gelijk te bewijzen. Zolang de schrijver zich niet over alles uitspreekt, kun je er alleen maar naar gissen. Sinds ik zelf boeken schrijf en daar besprekingen van heb gelezen, weet ik dat het nog veel complexer ligt. Lezers kunnen betekenissen blootleggen waarvan ik mijzelf niet bewust was, maar die – als ik diep in mijzelf afdaal – wel degelijk kloppen. Lezers kunnen op die manier spiegels voor de schrijver zijn. Ben je een slechte schrijver als je de betekenissen van je eigen boek niet in de hand hebt? Tegelijkertijd blijft genoeg van wat ik wel bewust in mijn boeken heb gelegd, onbesproken. Heb ik mijn boek niet goed geschreven als lezers deze betekenissen laten liggen, of hebben zij niet goed gelezen? Of is het inherent aan constructies in taal dat deze meerduidig zijn en nooit in hun geheel te bevatten?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Bij de eerste lezing van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Birk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            was ik nauwelijks gechoqueerd door de ontknoping. Ik ervoer weliswaar de beklemming, maar ik voelde vooral de tragiek ervan. Ik herinner mij een leerling die voor mijn neus
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Birk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            las en op een bepaald moment dwars door de klas riep: ‘Nee! Nee! Dit kan toch niet? Er gaat toch niet gebeuren wat ik denk dat er gaat gebeuren?’ Zij was hevig geschokt. Haar reactie zette mij aan het denken over mijn eigen milde reactie: was ik inmiddels zo verdorven? Bij herlezing was ik daarom gefocust op mijn eigen moraal. Ik hield haarscherp in de gaten wat er gebeurde en wie wat op welk moment in gang zette. Daardoor ontdekte ik dat ik bij eerste lezing vooral vanuit Mikael had gelezen, bij wie het perspectief ligt, maar dat ik nu vooral de moeder in de gaten hield. Komt dat doordat mijn eigen kinderen inmiddels ook net volwassen zijn en ik mijn eigen gevoel van goed en kwaad aan het gedrag van de moeder toets?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Tot mijn eigen verrassing zag ik bij de tweede lezing pas dat de verhouding tussen moeder en zoon veel problematischer is dan alleen het lichamelijke aspect ervan. Het boek neemt mythische vormen aan en laat zien hoe wij in wezen nauwelijks kunnen ontkomen aan de invloed van onze ouders, zelfs als wij denken dat wij ons redelijk van hen hebben losgemaakt. Ik kan voor even mijn moeder zijn. Dan hoor ik mijzelf praten zoals zij dat doet. Zo kan ik ook mijn vader zijn. Zij zitten in mij. Het einde van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Birk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            beeldt dat op verbluffende en ook wel ontroerende wijze uit, denk ik nu. Moet je voor deze lezing wat ouder zijn en wat meer levenservaring hebben?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De spanning die ik nu ervaar is een heel andere dan toen ik het boek voor het eerst las. Waar ik nooit achter zal komen, is of dat vooral komt doordat ik in de tussentijd zelf een ander mens ben geworden (er zijn jaren verstreken), of dat het komt doordat ik het boek al een keer eerder heb gelezen, waardoor ik de tijd en ruimte heb om op andere elementen te letten. Hoeveel lezers zijn er nog meer in mijzelf verscholen? Een schrijver denkt wellicht één boek geschreven te hebben, maar de lezers in mij weten wel beter. En dan heb ik het nog niet over al die lezers buiten mij.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Jaap Robben –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Birk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij De Geus, Amsterdam. 256 blz. € 20,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Birk+Jaap+Robben.jpg" length="15937" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 21 Apr 2025 07:57:07 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-boek-zoveel-lezers-herlezing-van-birk</guid>
      <g-custom:tags type="string">Jaap Robben,'t Hart,essays,Birk</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Birk+Jaap+Robben.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Birk+Jaap+Robben.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Ik heb maar een gedachte. Dit meisje opeten, haar verslinden.'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-heb-maar-een-gedachte-dit-meisje-opeten-haar-verslinden</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Ik heb maar één gedachte. Dit meisje opeten, haar verslinden'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het verticale meisje' van Félicia Viti
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/2G741.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘De eerste keer had ik L. gezien als een rijzige kont op een zondagmiddag. Wat kan ik er meer over zeggen dan mijn mateloze zin om haar te neuken, toen ze ogenschijnlijk verstrooid, overduidelijk verstrooid, door het doolhof van het filmhuis liep, en mijn zin om haar te volgen, met gesloten ogen, naar die donkere zaal die mijn leven zou worden.’ De openingszinnen uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verticale meisje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de Franse auteur Félicia Viti beschrijven niet alleen de eerste blik van de ik-persoon op L. en het mateloze verlangen dat daaruit voortvloeit, maar in feite ook de eerste ontmoeting van de lezer met Het verticale meisje, en de direct daaropvolgende mateloze drang om verder te lezen. In een paar provocerende zinnen dringt het verhaal zich aan je op. De provocatie zit niet alleen in ‘de mateloze zin om haar te neuken’, maar ook in het ongrijpbare van de beschrijving die daarop volgt: ‘ogenschijnlijk verstrooid, overduidelijk verstrooid.’ Je weet dat je met open ogen een doolhof in loopt, maar je doet niets liever dan dat.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat een oorspronkelijk Frans verhaal ook in het Nederlands in zo’n verleidelijk ritme binnenkomt, is de verdienste van de vertaler, Kiki Coumans. Keer op keer toont zij in haar vertalingen een ongelooflijk vakmanschap, voortkomend uit een grote liefde voor de Franse literatuur en een feilloze beheersing van de taal. Stijn van der Loo maakte onlangs een mooi portret van haar naar aanleiding van deze vertaling (https://www.youtube.com/watch?v=EhV3_lhfFIg). Door de bijzondere, haast obsessieve stijl, de beeldspraak en talloze paradoxen grenst Het verticale meisje aan poëzie. Meer dan een verhaal met gebeurtenissen is deze novelle een portret, het portret van het verticale meisje:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat is een verticaal meisje? Het tegenovergestelde van een
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           horizontaal meisje. Van het meisje dat gaat liggen en haar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           lichaam geeft en zegt ik hou van je. Het verticale meisje trekt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           met haar rug naar je gekeerd haar schoenen aan en kijkt je als
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een vreemde aan als ze ontwaakt. Ze weigert met je te eten,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gaat weg als je achter haar aan gaat, wil dat je achter haar aan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gaat om rechtop te blijven. Het verticale meisje is een meisje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat in de lucht opstijgt. Het is het meisje waar je van houdt als
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het waait. Het verticale meisje is niet meer het meisje dat je
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           liggend laat dromen. Ze is aangekleed en ongetemd en ze
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           komt niet meer terug. Het is een droom die vervliegt. Die je
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zelf creëert. Het is een creatie van je verbeelding.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze heeft nog nooit haar voeten op de grond gezet.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook hier zie je hoe de vorm zich sterk naar de inhoud voegt. Het portret spreekt zo tot de verbeelding dat het moeiteloos past in de rij klassieke portretten uit de wereldliteratuur. Dat heeft te maken met het ongrijpbare van het meisje. Je krijgt weliswaar bladzijde voor bladzijde, zin voor zin, een nauwgezette omschrijving van haar en van de liefde van de ik voor L., maar desondanks krijg je er geen vat op: ‘Ik heb maar één gedachte. Dit meisje opeten, haar verslinden met mijn onbeweeglijkheid, mijn visioen in de vreselijke drukte van het noodlot. Ik let op ieder woord dat ik zeg, iedere beweging die ik maak, mijn lichaam is op dit moment naar haar gericht.’ De beschrijving loopt parallel aan je leeservaring. Je wordt als lezer opgehitst. Ook jij wilt dit meisje, dit verhaal verslinden. En soms voelt het alsof je daarbij de grenzen van het betamelijke overschrijdt: ‘Ik dring zo hard bij L. binnen dat ik haar hele lichaam voel samentrekken. Het ritme is zó in osmose met het universum dat ik kan horen wat ze denkt, dat zij kan horen wat ik haar vertel.’ Je wordt meegezogen, voelt je afwisselend geliefde en voyeur. Ben je beland in de obsessie van de ander of in die van jezelf? Het maakt helemaal niets uit welke geaardheid je hebt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is geen wonder dat dit debuut van Félicia Viti, dat in de prestigieuze ‘collection Blanche’ van Éditions Gallimard verscheen, meteen werd bekroond met de Prix De Sade, prijs voor grensverleggende erotische literatuur. Daarnaast staat het op de shortlists van de Prix Médicis, de Prix Françoise Sagan én de Prix Régine Deforges du premier roman. Noch is het een wonder dat Kiki Coumans onlangs de Dr. Elly Jaffé Prijs voor haar vertaalwerk heeft gekregen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Je volgt een leven van in elkaar opgaan en elkaar op gewelddadige wijze te lijf gaan: ‘Het is een waar genoegen om alle geweld bij de ander te voelen, alle vergeving, dezelfde schuld.’ Je kunt zielsveel van de ander houden, ook als die ander bij je wegloopt, je negeert, of zelfs mishandelt. Het is het verhaal van de totale uitputting en radeloosheid van het liefhebben, afgewisseld met de angst de ander te verliezen, te moeten missen: ‘Ik weet hoe de dagen zullen zijn die gaan komen. Plaatsen waar jij uit weggesneden bent. Blijvende anachronismen waar ik me jou voorstel.’ Behalve een hallucinerend portret van een onvergetelijk meisje is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verticale meisje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            het portret van een overrompelende liefde en passie die geen zintuig onberoerd laten.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Félicia Viti –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verticale meisje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Kiki Coumans. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 104 blz. € 24,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/2G741.png" length="69419" type="image/png" />
      <pubDate>Sun, 06 Apr 2025 11:36:41 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-heb-maar-een-gedachte-dit-meisje-opeten-haar-verslinden</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Het verticale meisje,Félicia Viti,Kiki Coumans</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/2G741.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/2G741.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Ik zie wel mijn hart, dat als een pijnappel van een Libanese berg naar Rafah rolt.’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-zie-wel-mijn-hart-dat-als-een-pijnappel-van-een-libanese-berg-naar-rafah-rolt</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ‘Ik zie wel mijn hart, dat als een pijnappel van een Libanese berg naar Rafah rolt.’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het vlindereffect' van Mahmoud Darwish
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/coverDarwish.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Waar ben je als je op televisie de slachtoffers ziet van een altijddurende strijd, waar je zelf zojuist aan ontsnapt dacht te zijn? De al in 2008 overleden Mahmoud Darwish schrijft in Het vlindereffect: ‘Ik steek mijn afgehouwen hand uit om mijn ledematen te pakken die van allerlei lichamen afkomstig zijn. [...] Het laatste vliegtuig is opgestegen van het vliegveld van Beiroet en heeft me voor de televisie neergezet om met miljoenen andere kijkers de afloop van mijn sterven te zien. [...] Maar ik weet niet waar ik nu ben, vóór de televisie of in de televisie. Ik zie wel mijn hart, dat als een pijnappel van een Libanese berg naar Rafah rolt.’
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het vlindereffect
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           is zijn laatste bundel. Hij schreef hem nadat Israël Gaza en Libanon binnenviel in de zomer van 2006. Het is bizar hoe bijna twintig jaar later deze verzameling dagboekaantekeningen, gedichten en fragmenten nog zo actueel zijn. Hij beschrijft hoe oorlog niet alleen voor verdeeldheid in de wereld zorgt, maar ook in onszelf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Na verwoesting van zijn dorp door het Israëlische leger vluchtte Darwish in 1948 als kind samen met zijn familie naar Libanon. Een jaar later keerden ze in het geheim terug naar de pas opgerichte staat Israël. Darwish werd journalist en redacteur in Haifa. Later bracht zijn ballingschap hem naar Caïro, Beiroet, Tunis, Parijs, Amman en Ramallah. Hij heeft tientallen bundels gepubliceerd, was oprichter en hoofdredacteur van het literaire tijdschrift al-Karmel en werd de poëtische stem van het Palestijnse volk.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Darwish schrijft dat gesneuvelden of martelaren allemaal een eigen postuur en gelaatstrekken hebben, maar dat moordenaars op elkaar lijken: ‘ze zijn één wezen dat zich over verschillende metalen machines heeft verdeeld, dat op elektronische knoppen drukt, moordt, en weer verdwijnt. [...] Het is het wezen dat heeft verkozen maar één naam te hebben: de vijand.’ Enkele bladzijden verder blijkt dit onderscheid toch complexer. Een werkloze beveiligingsagent is op zoek naar een eigen oorlog, ‘omdat hij er niet in was geslaagd een vrede te vinden om te verdedigen.’ Hij schiet in de lucht en zegt: ‘Alleen de kogel hoeft te weten wie mijn vijand is.’ Als hij eindelijk werk heeft gevonden, oorlog dus, denkt hij zijn vijand geraakt te hebben, maar het blijkt zijn broer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De figuren die Darwish beschrijft, vaak vanuit een ik-perspectief, weten niet goed hoe ze zich tot zichzelf of tot de ander moeten verhouden. Tegenstrijdige gevoelens roepen verscheurdheid op: ‘Alsof hij hij is, of een van de eigenschappen van een ‘ik’, die twee tegengestelden gemeenschappelijk hebben, wanhoop en hoop.’ Regelmatig beschrijft hij een soort afsplitsingen van de ik, zoals in ‘Ik liep op mijn hart’. De ik loopt op zijn hart alsof het een weg is. Het hart spreekt tot hem en zegt dat het er genoeg van heeft dat de ik hem altijd gehoorzaamt. Het hart stelt voor dat ze de rollen omkeren. Raadselachtig klinkt het antwoord van de ik:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik zei: Ik ben je vergeten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           sinds we op weg zijn gegaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           met jou als excuus
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en mijzelf als roep.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Behalve dat de ik zich afsplitst van zichzelf, komt het ook voor dat hij juist lijkt samen te vallen met de ander: ‘Ik ben alleen maar hem / en hij is alleen maar mij, / al zien we er verschillend uit.’ In sommige gevallen verliest hij zich zelfs in zijn omgeving. Hij valt weg in een sneeuwlandschap of eenvoudigweg in het leven, alsof het niet uitmaakt wie hij nu eigenlijk precies is: ‘en leef ik / alsof ik ik ben / of iemand anders / zonder dat ik het merk.’ Dit bijzondere verschijnsel kan ook haast metafysische vormen aannemen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Zelfs al was je niet de stralende aanwezigheid die je bent, dan was ik de afwezigheid in jou die ik ben. Uiterlijk en innerlijk. Doorschijnend is je kristallen aanwezigheid, zodat ik de tuinen achter je zie en word meegevoerd naar een verheven wildernis [...]. Ik ben aanwezig en jij bent afwezig. Ik kijk naar je afwezigheid die een andere hemel over mij uitspreidt. Zelfs als je niet zo afwezig bent als je zou moeten zijn, zal ik zo aanwezig zijn als ik moet zijn. Alsof je bij me bent. Alsof ik iets wat minder is meer nodig heb.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De teksten van Darwish raken hiermee de filosofie, de zoektocht naar de essentie van ons bestaan. Op raadselachtige wijze beschrijven de gedichten en fragmenten de pijn van het missen en het verlangen. Soms wordt hij daarbij gered door zijn verbeelding: ‘Daardoor besefte ik dat mijn verbeelding een trouwe jachthond was.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vaak loopt de zoektocht naar identiteit parallel aan die naar betekenis: ‘We lopen / en lopen naar betekenis, / maar komen niet aan.’ De dichter werpt vragen op en belandt in bizarre ruimtes van de verbeelding, alsof hij aan het improviseren is en de lezer meesleurt in zijn toneelstuk. Tegelijkertijd is hij ook zelf speler en afhankelijk van de grillen van een onbekende regisseur: ‘Maar ik zal niet in mijn kamer zijn, noch in de tuin. Zo wordt het door de tekst verordonneerd: Er moet iemand afwezig zijn om de last van deze plek te verlichten.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Darwish’ uitspraken hebben iets paradoxaals, waardoor je voor even door elkaar wordt geschud. We zijn nergens zeker van: ‘Misschien wordt betekenis / bij toeval geboren’. Het kan iets kleins in onszelf zijn wat ons in beweging brengt en grote gevolgen heeft voor de wereld om ons heen. Dat is het vlindereffect. De bundel zelf laat dat effect in al zijn schoonheid zien: de innerlijke wereld van Darwish, zijn subtiele observaties en reflecties brengen je in beweging, ontroeren, en zetten je aan het denken over onze betekenis in de wereld:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is de lichtheid van het eeuwige
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in het dagelijkse, verlangens naar iets hogers,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een schitterende straling
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Mahmoud Darwish –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het vlindereffect
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Richard van Leeuwen. Uitgeverij Jurgen Maas, Amsterdam. 162 blz. € 22,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/coverDarwish.jpg" length="356773" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 06 Apr 2025 11:36:31 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-zie-wel-mijn-hart-dat-als-een-pijnappel-van-een-libanese-berg-naar-rafah-rolt</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het vlindereffect,essays,Mahmoud Darwish</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/coverDarwish.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/coverDarwish.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Zolang deze zingzang ons inspinst'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/zolang-deze-zingzang-ons-inspinst</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Zolang deze zingzang ons inspint'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'In de wind staan' van Lieve Desmet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/indewindstaan-269x328.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Sommige dichtbundels zijn krachtig door de samenhang tussen de gedichten. Bij de vierde bundel van Lieve Desmet,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de wind staan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , is eerder het tegenovergestelde het geval: ieder gedicht schept zo’n krachtige eigen wereld, dat het volstrekt op zichzelf kan staan. Dat de gedichten in één bundel beland zijn, zal dan vooral te maken hebben met het feit dat ze uit één hand komen, namelijk uit die van een veelzijdig dichter.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op het omslag prijkt de gewassen inkttekening ‘De wereldvoedster’ van Roland De Winter. Het lijkt een nette dame die, verscholen onder haar brede hoed, aan de rand van de vijver de eendjes voert. Door de titel lijkt de afbeelding een knipoog naar de mensheid. Als wij de eendjes zijn, wie is dan die nette dame die ons voedt? Alsof de wereld nog zo overzichtelijk is, dat er een wereldvoedster mogelijk is. De tekening laat nadenken over hoe het dan wel zit met het voeden van de wereld en is als voorkant van een veelzijdige dichtbundel ook mooi gekozen, want de gedichten zijn voedsel voor de geest: je voelt ‘je geroepen lucht te koelen / de verstopte ader open te schrijven, / de spier van de ziel te raken’, schrijft Desmet in het gedicht dat naar deze tekening verwijst. Ook daar is de ironie voelbaar in het slot: ‘Vrouwelijke paljas met je luttele woorden / een plié in de benen / met je klein soortelijk gewicht.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Desmet laat zich door diverse kunstenaars inspireren. Hun namen staan boven diverse gedichten: behalve De Winter, ook Xavier Dumont, Hans Koenen, Freddy Simba, Case Maclain en nog wat anderen. Als je op zoek gaat naar hun kunstwerken, kom je in heel uiteenlopende kunstwerelden terecht, die niet of nauwelijks met elkaar te verbinden zijn. Dat doet beseffen hoe ieder mens zijn eigen specifieke boekenkast en kunstcollectie in zijn hoofd heeft verzameld en daaruit inspiratie put. De betreffende gedichten, die ook zonder de zoektocht al prachtig zijn, krijgen door de verwijzing naar het kunstwerk een bijzondere gelaagdheid:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Erewoord
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                                  Bij het werk ‘Meeting’ van beeldend kunstenaar Hans Koenen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Naast jou wil ik man zijn dan weer meisje.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zullen we vloeien, draaien als de aarde,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zal ik je koesteren als de jonge Pan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als jij het licht vangt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           lees ik ruggelings je kwetsuren,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           struin je schaduw af.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Laat lucht onvermoeid een liedje fluiten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           door onze hoofden, terwijl het ene westwaarts keert
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het ander wakker speurt voorbij de rand
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           houden we onze gedachten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           buigzaam als stengels,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het groene blad verbonden met wat valt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zolang deze zingzang ons inspint,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           frisse winden ons bestuiven,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hernemen we onze belofte.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Prachtig hoe in de eerste regels beschreven wordt hoe je als mens tegenover een ander zowel het verlangen kunt voelen man te zijn als meisje. Daarin ligt zoveel besloten: leeftijd, geslacht, en door het ‘Zullen we vloeien’ voel je ook nog eens alle nuances daartussen. Er spreekt zoveel liefde uit, ook voor alle kwetsuren en schaduwkanten van de ander. Het is of heel de wereld door ons heen blaast en wij in onszelf daarvoor ruimte hebben. De verbondenheid met de natuur klinkt erin door. Zoek je het kunstwerk op, dan zie je een heel open sculptuur waarin twee gezichten herkenbaar zijn, als je daarop focust, maar als je op de structuur van de bladeren let, zijn de gezichten tegelijkertijd ook bladeren. De wind kan erdoor blazen en de toeschouwer kan op veel verschillende manieren naar het kunstwerk kijken. Met de sculptuur in je achterhoofd zie je dat het gedicht ook het beeld beschrijft en vult met betekenis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er zijn heel intieme gedichten in de bundel te vinden die lijken te verwijzen naar een heel persoonlijke herinnering, gevat in bijzonder ritmische en klankrijke regels, zoals in ‘Op de schommel’ de herinnering aan de schommel die aan een grote eik hing: ‘Met de eik is de hele tuin verdwenen, / de brede omarming die over schuttingen schaduw wierp.’ Opvallend is dat juist in de beschrijving van wat verdwenen is, voor de lezer deze tuin in de volle breedte opdoemt. Je ziet hoe grote bomen hun schaduwen werpen in de tuinen ernaast, terwijl ze niet eens expliciet genoemd zijn. Ondanks dat het hier wellicht een heel persoonlijke herinnering betreft, is het gedicht toch universeel, omdat het bij de lezer vergelijkbare herinneringen oproept.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Naast heel persoonlijke gedichten, zijn er ook gelegenheidsgedichten te vinden: ‘Bij de Verklaring van 30 november van Hans Claus’, of ‘Bij de opening van het Honkhuis, een huis voor jongeren met een verstandelijke beperking’. Bovendien zijn er enkele gedichten opgenomen die voor een Eenzame Uitvaart zijn geschreven, waarin deze eenzaamheid ook maximaal voelbaar is: ‘Daar loopt straks nog wel een kat / bij nacht over de strooiweide.’ Het is duidelijk hoezeer Desmets poëzie aan het wel en wee in de samenleving raakt. Er klinkt ook heimwee naar tijden van weleer in door: ‘Opnieuw te beginnen met een aftelrijm / van hebzucht terug naar de eerste honger’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Desmets bundel is een verzameling miniatuurwerelden, waarin je langere tijd kunt doorbrengen. Soms verdwaal je voor even in een zoektocht naar andere kunstenaars, maar na verloop van tijd keer je weer terug omdat je verlangt naar het moment waaruit de zoektocht was voortgekomen, het moment van ‘in de wind staan’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lieve Desmet –
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In de wind staan
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij P, Leuven. 64 blz. € 18,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/indewindstaan-269x328.jpg" length="21920" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 02 Apr 2025 13:47:16 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/zolang-deze-zingzang-ons-inspinst</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,In de wind staan,Lieve Desmet</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/indewindstaan-269x328.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/indewindstaan-269x328.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Tuurt het hart de diepte in'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/tuurt-het-hart-de-diepte-in</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Tuurt het hart de diepte in'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Leer van de orchidee' van Jan Lauwereyns
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Jan-Lauwereyns-Leer-van-de-orchidee-600x960.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wie in een bundel van Jan Lauwereyns gaat bladeren, stokt algauw in de lettergreep, verslikt zich, kauwt, slikt en vraagt zich ontzet af wat hij zojuist heeft weggewerkt. Het is daarom niet zo vreemd als je zijn nieuwe bundel,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Leer van de orchidee
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , een keuze uit het werk van 1991 tot 2024, behoedzaam nadert. Voorzichtig peil je de titel en het huiveren begint al: het kan nooit alleen die gracieuze bloem zijn. Het zal toch niet een orgie? Of toch maar een idee? En hoe interpreteer je dat ‘leer’? Is het gebiedende wijs, de wetenschap, of de dode huid? Eigenlijk heb je al een vermoeden: het is alles wat je kunt bedenken, plus dat duistere vermoeden, plus de onzekerheid dat je voortdurend misgrijpt. Welkom in een hachelijk avontuur!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Natuurlijk denk je heel even dat je te ver bent doorgeslagen in associëren met ‘orgie’ en ‘idee’, maar dat duurt niet lang, want in het eerste motto zegt Eros, de bitterzoete, al: ‘Neem de schitteringen van Apollo maar met een korreltje zout. Wat je ziet is nooit wat je krijgt. Ook kun je het nergens kopen of stelen’. Apollo is juist de vertegenwoordiger van de rationele schoonheid, ook van de poëzie trouwens, en tegenover hem staat de losbandige Dionysos. In deze bloem zitten dan in elk geval twee uitersten verscholen en wat kun je daarvan leren? Je zult alles met een korreltje zout moeten nemen en dat begint dus al bij de titel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lauwereyns doceert cognitieve wetenschap en bio-ethiek aan de Universiteit van Kyushu (Japan) en die sporen zie je terug in zijn taalbouwsels. Soms vraag je je af of je wel een gedicht aan het lezen bent. Dan lijkt het eerder of hij met een scalpel de taal aan het ontleden is en draait je maag zich bijna om van de betekenis die vrijkomt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           vraag teek uitroepluis en dubbelepier de ware grammaticale leek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           heimlijk verliefd op die wervelloze slaafjes van haar herinnert zich een
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           welgemikte komma etterlijke regels lang [ ] zinsont
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           leding was een ecuadoriaanse python die drugsdealers met ma
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           chinegeweer en al verteert verteren kogels die als gedachten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           niemand schieten konden zeker wie taalkundig was [ ] niet [ ]
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           lijk de knippering vuurvlieg na vuurvlieg achter het gordijn van onze
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           oogleden in geval we moe genoeg zijn om de afgrond in te
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is heel begrijpelijk als lezers hier massaal afhaken, maar poëzieliefhebbers kenmerken zich nu juist vaak door geduld en volharding, precies de eigenschappen die je nodig hebt om de orchidee in haar lange rustperiode te verzorgen, zonder dat je verzekerd bent van een nieuwe bloei.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En wie ben ik om te zeggen dat deze volharding beloond wordt, als de dichter zelf al zegt dat wat je ziet, nooit is wat je krijgt? Lauwereyns poëzie lezen blijft een hachelijke onderneming. Je weet niet wat je gaat tegenkomen, omdat je tussen de brokstukken van taal ook op je eigen verbeelding moet vertrouwen, maar op het moment dat je denkt dat je daarin houvast hebt gevonden, kukel je bij de volgende regel een ravijn van onzekerheid in. Je waagt je leven, want je loopt het risico in troosteloze taallandschappen te verdwalen: ‘Liefde is slechts één stap verwijderd van waanzin. Volgens Eros een orgasme ook van plassen.’ Uitersten zijn paradoxaal genoeg moeilijk van elkaar te onderscheiden: ‘een roos, een slagveld’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Leer van de orchidee
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            heeft soms de schijn van wetenschappelijkheid. Zo kom je een minutieus verslag tegen, tot op de minuut nauwkeurig, vanuit het perspectief van de Aziatische tijgermug. Krankzinnig ja, maar tegelijkertijd zet het je aan het denken over de drang tot vooruitgang en waarheidsvinding, terwijl de mensheid zich ondertussen in de afgrond stort. Waar zijn we in godsnaam mee bezig? In de afdeling ‘Het onvermeeuwbare’ beland je in iets wat op de villanelle lijkt (een dichtvorm uit de renaissance), maar dan in een kortere versie, die ook iets mathematisch heeft. De herhaling van vervreemdende, haast absurdistische regels, zoals ‘Haai ging erdoor of haai van toeten wist’ doen denken aan het absurdisme van het leven zelf: hoe ver zijn wij inmiddels niet afgedreven van onze oorsprong? Waar brengen wij onze dagen mee door? Als mantra’s echoën de regels in je hoofd, maar brengen eerder verontrusting dan rust.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toch is er iets in Lauwereyns bundel waar je op kunt blindvaren en dat is het plezier in taal dat van iedere bladzijde af spat. Het plezier betreft de taal in haar volle omvang: van betekenissen en associaties die steeds verder van het woord af uitwaaieren tot terug naar de kern: de lettergreep, de letter, de klank. En daar schuilt ook precies het gevaar: taal is een abstract bouwsel. Als je een woord met een rijkdom aan betekenissen ontleedt, dan houd je op een gegeven moment tussen je vingers alleen nog losse letters, die door het uit elkaar vallen langzamerhand op iets anders beginnen te lijken. De betekenissen druipen eraf, vloeien in elkaar over of lossen op. Wat had je anders verwacht? We blijven hopen op het paradijs, maar:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tuurt het hart de diepte in,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als wolken drijven de hersenen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Liever wentelen wij ons in de deken,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           keren de rug naar het uurwerk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van waarheid, de verzinning
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in het ravijn, de zuurstoffles,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dan de gordijnen te moeten openen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           op de nattigheid van het weer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Jan Lauwereyns –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Leer van de orchidee
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Koppernik, Amsterdam. 342 blz. € 32,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Jan-Lauwereyns-Leer-van-de-orchidee-600x960.jpg" length="41598" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 02 Apr 2025 13:44:17 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/tuurt-het-hart-de-diepte-in</guid>
      <g-custom:tags type="string">Jan Lauwereyns,essays,Leer van de orchidee</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Jan-Lauwereyns-Leer-van-de-orchidee-600x960.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Jan-Lauwereyns-Leer-van-de-orchidee-600x960.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Licht voor de ander die blijft'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/licht-voor-de-ander-die-blijft</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Licht voor de ander die blijft'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Dat ijsberen eieren eten' van Margreet Schouwenaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ijsberen-269x342.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Zoals ‘lepelaars leren broeden in bomen’, schrijven wij ons verhaal, schrijft Margreet Schouwenaar in haar nieuwe bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat ijsberen eieren eten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Alles verandert en valt misschien zelfs in het water, en niemand die dat had verwacht. Steeds zoekt de evolutie toekomst ‘in een onbestemd onderdak’. Het is een paradoxale variant op Prediker: ‘en altijd weer die verbazing dat alles verandert’. Die eeuwige verandering impliceert dat niets hetzelfde blijft, maar tegelijkertijd is het de verbazing daarover die steeds terugkomt. Ook in die constatering zelf schuilt deze paradox van verbazing en berusting. Schouwenaars poëzie leest zoals je deze eindeloze cyclus van het leven kunt ervaren: zij biedt troost als een rivierbedding waarin het water blijft stromen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Die troost heeft in de eerste plaats te maken met het ritme van haar regels. Ze stromen en blijven stromen van de eerste tot de laatste regel en het eerste tot het laatste gedicht. Overal kun je even in verbazing stilstaan, maar de poëzie stroomt verder. Komt dat doordat zij zinnen laat eindigen midden in de regel, dan nieuwe zinnen begint, die je dan toch weer tot in de volgende regel wilt volgen en dan daarna de regel wilt uitlezen, zo per ongeluk in een nieuwe zin belandt die je dan toch ook weer wilt uitlezen, enzovoorts? Zo stroom je mee tot de laatste regel van elk gedicht en omdat het fijn voelt je zo mee te laten voeren, stap je onbevreesd het volgende gedicht in, tot je aan het eind van de bundel beseft dat lezen net als het leven is, van het een in het ander rollen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Geen ziel gelooft in de dood, pas als de maaier zijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zeis, dan pas. En je stamelt: het was, was niet mijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           schuld, bedoeling, verantwoording, het was. Zelfs in
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die allerlaatste seconde kun je nog zeggen: ik nam,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           deed niet wat nodig. Ik. De dood houdt het hierbij, net
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als de natuur. Het water kolkt tegen de ramen, het
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           probleem
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           is dat je het niet meer hoort, niet meer ziet; er is
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           geen inzicht nodig. Alleen licht voor de ander die
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           blijft. Iemand die jong is, moed heeft, niets weet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van lood in voeten, het onnozel doodgaan, de
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gruwel die rest. Iemand die een boom plant, de messen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           niet wet en hoop zet op de bescherming van hen die
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           niet.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is verbazingwekkend hoezeer deze poëzie blijft stromen, zelfs in de stameling en in het moment van de dood. Juist dat is zo troostrijk, omdat er altijd iemand achterblijft die verder gaat en het (levens)licht meeneemt dat de ander zojuist heeft achtergelaten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je zo een tijdje de stroming blijft volgen, drijven er prachtige regels langs, haast op zichzelf staande aforismen, zoals ‘Vandaag gehoord dat groeien op zekere leeftijd / buigen wordt, leren vergeten en snappen, weten.’ Je ziet als vanzelf een oudere gebogen en onzeker voorbij schuifelen. Een andere mooie zin – let ook op het haast dansende ritme aan het eind van de zin! – ‘Of de aarde blijft is de vraag, maar ze bloeit / als je zaait.’ Ze voegt de daad bij het woord, want daarna volgen de woorden: ‘Vrouwenmantel, Middaggoud, / Ridderspoor en wilde Akelei, net als de Damastbloem, de Korenbloem en de Salvia.’ In een mum van tijd heeft ze in taal een tuin gezaaid, vol kruiden. Dit gedicht eindigt met de losstaande regel ‘En een hart staat op breken.’ Daarin sluit ze aan bij alle natuuringangen die de wereldliteratuur rijk is en die eigenlijk nooit vervelen, steeds opnieuw ontroeren, omdat die eeuwige cyclus van de natuur zo kan raken aan of juist botsen met onze eigen vergankelijkheid. Die vergankelijkheid treft ook de poëzie:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           [...] Wat wordt niet gewist? De kraaien snoeven al, geluk wordt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dun, verdriet vuilwit en ook gedichten blijven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           niet.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De stroom van haar poëzie sleurt ook vragen mee die schuren langs de rand: wie het grijs betaalt, hoeveel er nooit in aanmerking komen voor enig ambt, wie er dan plaats maakt, ‘breed in bestaan’ zit. De vragen zijn voorbij, lang voordat je een antwoord had kunnen bedenken. Van het algemeen beschouwende spoel je aan in een hoogstpersoonlijk verdriet:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is een kind gestorven, een van de mijne.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik kende haar niet. Zij ontging mij; trachtte te
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           lang gezien te worden, gehoord, boog mee
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als graan dat ondanks het moment stond in
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een ritselende eeuwigheid van heb-ik-jou-daar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je voelt het missen in ‘Haar / afwezigheid hield tred met de bladeren van bomen // waarin zij zonder ophef nog even ruiste.’ Hier lijkt het missen weer samen te vallen met de natuurlijke cyclus van de bladeren van bomen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel sluit prachtig met de verwachting dat de laatste zin zal komen, niet alleen van de bundel. Juist omdat ‘zin’ zo dubbelzinnig is, voel je hoe ieder mens niet alleen ooit een laatste zin zal uitspreken, maar ook aan de zin van het leven zal ontsnappen. Dat is verdrietig, maar het mooie van een bundel gedichten is dat je deze weer kunt openen en er opnieuw in kunt beginnen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Margreet Schouwenaar –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat ijsberen eieren eten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij P, Leuven. 64 blz. € 18,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ijsberen-269x342.png" length="13944" type="image/png" />
      <pubDate>Wed, 02 Apr 2025 13:40:38 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/licht-voor-de-ander-die-blijft</guid>
      <g-custom:tags type="string">Dat ijsberen eieren eten,essays,Margreet Schouwenaar</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ijsberen-269x342.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ijsberen-269x342.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Als liefde in je hoofd hoopt</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/als-liefde-in-je-hoofd-hoopt</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als liefde in je hoofd hoopt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De vrouw en zijn hoofd' van Benny Lindelauf en Ingrid Godon
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+vrouw+en+zijn+hoofd.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Als betoverende hemellichamen spreken de hoofden en lijven in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vrouw en zijn hoofd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Benny Lindelauf en illustrator Ingrid Godon tot de verbeelding. De afbeelding op de voorkant van dit ontroerende prentenboek is van zo bijzondere schoonheid dat alleen de letters van de briljante titel deze pracht in evenwicht kunnen houden. Sprakeloos kun je toekijken, luisteren en je laten overweldigen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De man en zijn vrouw, de vrouw en zijn hoofd, je kunt je bijna niet voorstellen wat voor een wereld er achter deze eenvoud schuilgaat. Schrijver en illustrator zijn beiden meester in het weglaten en de uitvergroting. Wat overblijft, is wat ertoe doet, maar ook daarin schuilt weer iets raadselachtigs. Je kunt immers nog zo vaak afwisselend de lijnen van de figuren volgen, de zachte kleuren op je laten inwerken en het verhaal lezen, de ontroering ontstaat ook door wat ontbreekt en wat je onwillekeurig aanvult in je gedachten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal zou in een samenvatting zijn glans verliezen. Dat komt omdat de kracht ervan in de manier van schrijven ligt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het werd lente.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vrouw en zijn hoofd zaten in de voortuin.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Til me eens op,’ zei het hoofd van de man. ‘Ik wil de pruimenboom zien.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vrouw deed wat hij vroeg.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘De boom moet gesnoeid,’ zei het hoofd. ‘Anders wordt het met die pruimen nooit wat.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze belden hun zoon, die die middag kwam.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Doe ook de vlier maar,’ zei het hoofd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De zoon hing nog een vogelkastje op.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarna dronken ze een borrel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Nu ben je echt het hoofd van ons gezin,’ zei de zoon.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij had humor.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat vreemd was, want verder kwam dat in de familie niet voor.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En in de eenvoud van de tekeningen natuurlijk: in een paar lijnen ontstaat er voor je ogen een boom, een stoel, een lichaam, een hoofd, een blik. En wát voor een. Door die eenvoud krijgen ze iets universeels en iconisch. Zo blader je in tweeëndertig bladzijden niet alleen door de liefde tussen twee mensen, maar ook door hun sterfelijkheid. Je zou kunnen zeggen dat hoofd en lijf niet zonder elkaar kunnen, maar Lindelauf en Gordon laten zien hoe door de liefde hier een magische variant in kan ontstaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Onmogelijk is het, maar in de verbeelding kan het, laten tekst en tekening steeds opnieuw zien. Het heeft iets surrealistisch. Je blijft bladeren en weer terugbladeren, omdat je niet gelooft wat je ziet, je niet begrijpt waarom het ontbreken van een hoofd en een lijf allesbehalve gruwelijk is, zelfs zo adembenemend mooi kan zijn. Steeds ontdek je weer iets nieuws: het zwart achter het uitgesneden lichaam is niet helemaal zwart, bijvoorbeeld. Er breekt licht in door. De lijnen om het blauwe lichaam zijn niet alleen zwart, soms ook voor een klein deel rood of lichtgroen. Wat doet het servies hier nog op tafel? Hoe kan een bankje zó in de bocht van een rivier staan? Ook de randen van de rivier zijn hier en daar rood. De hoofden en lijven lijken uitgeknipt. En ook het hoofd van de vrouw zou zomaar los kunnen zitten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Als iemand vroeg hoe het nu was, zei het hoofd: “Het is wat het is.” En dan streelde de vrouw hem.’ Je denkt: zij streelt niet het hoofd, maar hém. Je vraagt je af wie hij nog is. Dan kijk je naar de afbeelding ernaast en je ziet haar handen om haar eigen lijf – maar wie is zij nog? – en daarboven zijn hoofd en dan besef je pas dat missen ook een vorm van ‘zijn’ is en dat de liefde niet alleen alles bedekt, maar ook alles gelooft, alles hoopt en alles verdraagt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Benny Lindelauf en Ingrid Godon –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vrouw en zijn hoofd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Querido, Amsterdam. 32 blz. € 18,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+vrouw+en+zijn+hoofd.jpg" length="75765" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 02 Apr 2025 13:31:47 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/als-liefde-in-je-hoofd-hoopt</guid>
      <g-custom:tags type="string">Ingrid Godon,Benny Lindelauf,essays,De vrouw en zijn hoofd</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+vrouw+en+zijn+hoofd.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+vrouw+en+zijn+hoofd.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een rondje postkamer</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-rondje-postkamer</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een rondje postkamer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een bespreking van 'Postkamer' van Ingmar Heytze
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Heytze-Postkamer-202x300.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hoe een kind voor Moederdag een enorme envelop knutselt waarin weer allemaal kleine envelopjes zitten met briefjes waarin waarschijnlijk in allerlei variaties staat hoe veel het van zijn moeder houdt. Daar moest ik even aan denken toen ik al over de helft was van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Postkamer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , de nieuwe bundel van Ingmar Heytze. De bundel ziet er aan de voorkant een beetje uit als een luchtpostenvelop door de blauw-met-rode rand, maar de typografie en vooral de plek van auteursnaam en titel doen daar weer aan af, net als de achterkant van de bundel. Net niet dus. Gekunsteld en vergezocht, omdat de dichter niet alleen aan mensen, maar ook aan de meest vreemde voorwerpen en abstracta brieven schrijft. Retour afzender, dacht ik zelfs even. Maar net toen ik wilde besluiten de bundel onbesproken te laten, belandde ik na een zwarte bladzijde in ‘Brief uit het rijk van halve wezen’ en nog weer wat later in ‘Dreigbrief’, en dat is hoe het werkt in een postkamer: tussen alle rekeningen, aanmaningen en plichtplegingen hoeft er maar één brief te zitten die ertoe doet. In Heytzes Postkamer zitten er zelfs wat meer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In ‘Brief uit het rijk van halve wezen’ is voor het eerst in de postkamer de noodzaak te voelen. Niets in deze brief is gekunsteld. Haast licht en luchtig vertelt de ik hoe hij ‘de telefoon uit zijn winterslaap haalde, drie berichten vond, naar beneden liep’ en zijn vrouw vertelde over de dood van zijn vader. Hij vertelt ook hoe hij foto’s nam van wat zijn vader achterliet, daarna dat hij die foto’s nog nooit heeft bekeken. Als lezer volg je het hele proces van het regelen van de uitvaart, de idiote keuzes die je daarbij moet maken en hoe je al die tijd eigenlijk nauwelijks aan het rouwen toekomt, maar dat die tijd later komt: ‘Hoe ik weken niet aanspreekbaar was, door bossen liep, niet wist wat ik moest voelen, waar in vredesnaam mijn vader in mijn lichaam zit.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vanaf deze brief wil ik verder lezen. Twee bladzijden verder staat ‘Dreigbrief’, over de dood van zijn moeder. Opvallend is dat beide brieven meer proza zijn dan poëzie, ook al heeft ‘Dreigbrief’ wel de opmaak van een gedicht. Het bevat vooral een dialoog tussen de ik en een onbekende vrouw die net belt als hij de kamers van zijn moeder aan het opruimen is. De vrouw probeert hem uit te horen over de dood van zijn moeder. De woede van de ik is voelbaar, maar ook de humor ervan, omdat hij de lezer ook laat weten wat hij het liefst allemaal tegen de vrouw zegt, maar steeds net op tijd inslikt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Brief met eclairs’ is prachtig door krankzinnigheden als ‘Mijn moeder gaat een jaar geleden dood / vannacht’ of ‘mijn moeders dood is morgen / jarig, niet vergeten om een doos eclairs te kopen.’ Hier vangt Heytze de tragiek in humor en taalspel. Dat doet hij ook in ‘Brief aan mijn gewicht’:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zeven kilo as, twee ouders, heb ik in dozen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           op de hoedenplank. Bijna twee keer zoveel at ik
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           eraan, alsof ik ze omgekeerd kon baren,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ze in mezelf terug kan halen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijn vader hangt nog rond in vogels.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijn moeder was meteen verdwenen, weggewiekt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wij bleven achter tussen hun extern geraamte,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           alle spalken die hen waren aangemeten: looprek,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           rollator, douche- en postoel, krukken, beugels,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wandelstok. Alsof een kauwennest van vorig jaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in het vertrek was neergeploft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo droeg ik ze rond tot de buikgriep kwam
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en ik leegliep als een ballon, het verdriet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           uit alle gaten door toiletten jaagde.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Braken is achterstevoren schrokken,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het huilen van je ingewanden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vanaf nu raak ik ze langzaam, zeker kwijt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik draag ze af. Voortaan zal ik wees
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en grijs en mager zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Voor deze paar wil ik best een hele postkamer doorploeteren. Het is alsof de dichter zich in allerlei bochten heeft gewrongen om uiteindelijk te komen waar hij zijn moest, of misschien geldt dat juist, of ook wel voor de lezer. En toch, bij de ‘Tweede en laatste brief aan de poëzie’, het slotgedicht van de bundel, dacht ik: die eerste ‘Brief aan de poëzie’ was ook al mooi, het openingsgedicht, een mooie in- en uitgang dus. Geen uitgang, zo blijkt, want dan begint een nieuw rondje
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Postkamer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ingmar Heytze –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Postkamer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Van Oorschot, Amsterdam. 80 blz. € 22,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Heytze-Postkamer-202x300.jpg" length="5780" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 02 Apr 2025 13:28:21 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-rondje-postkamer</guid>
      <g-custom:tags type="string">Postkamer,essays,Ingmar Heytze</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Heytze-Postkamer-202x300.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Heytze-Postkamer-202x300.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Als ik vandaag een lafaard ben, zegt dat niets over mijn moed van morgen’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/als-ik-vandaag-een-lafaard-ben-zegt-dat-niets-over-mijn-moed-van-morgen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ‘Als ik vandaag een lafaard ben, zegt dat niets over mijn moed van morgen’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Op een andere planeet kunnen ze me redden' van Lieke Marsman
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Marsman.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Als kind – dat ik overigens nog steeds ben – heb ik me altijd afgevraagd waarom we niet de hele dag door spreken over de dood, terwijl we toch weten dat het ineens afgelopen kan zijn en niemand weet wat er dan precies gebeurt. Inmiddels ben ik eraan gewend dat het niet gebruikelijk is om voortdurend overal de dood op tafel te leggen, maar daarmee onderdruk ik een natuurlijke neiging. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op een andere planeet kunnen ze me redden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            schrijft Lieke Marsman over ramptoeristen die ‘aan de zijlijn van mijn ziekte staan te roepen dat ik zo sterk en dapper ben’. In zekere zin is een lezer van een boek altijd een toerist, namelijk iemand die reist naar een plek buiten zijn gebruikelijke omgeving. Echter, voor iemand die het liefst de dood overal op tafel legt, is het lezen van Marsmans boek juist eerder een vorm van thuiskomen, omdat zij vrijuit schrijft over de vergankelijkheid die we in wezen allemaal in ons dragen. Dat Marsman zich in een rampgebied bevindt, heeft vooral te maken met haar ongeneeslijke ziekte en de intensieve behandelingen die haar zeer waarschijnlijk niet kunnen redden. Maar zolang niemand weet wanneer de dood bij wie dan ook zal toeslaan, zijn Marsmans bespiegelingen aangenaam gezelschap voor wie zich wil verhouden tot de dood.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Dit boek bevat essays en dagboekfragmenten over de dood en over het leven [...],’ schrijft Marsman, het kan toch haast niet anders dan ironisch, want deze benaming is niet meer dan een keurig opgestapeld muurtje, waarachter je algauw in een afgrond kukelt, dwars door tijd en ruimte heen, precies zoals de gladde, fluorescerend roze kaft los om het zwarte binnenwerk hangt. Ze laat ons alle hoeken van het universum zien, grenzeloos dus, en alle orde die zij aanbrengt, is een schijnorde, broos en wankel, schitterend en tegelijkertijd huiveringwekkend dus.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tijdens mijn reis door haar wereld van taal heb ik vaak ook aan de laatste bundel van Esther Jansma gedacht, We moeten ‘misschien’ blijven denken, die tegelijkertijd de eerste kan zijn, als je nog niet eerder wat van haar gelezen hebt. De tijd is lineair én cyclisch, in beide zit iets moois en iets onverteerbaars. Niet alleen aan het einde is er voor iedereen de dood, maar die dood is er eigenlijk al de hele tijd, want het ‘nu’ is onophoudelijk aan het sterven, het leven niet meer dan een aaneenschakeling van afscheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Bang ben ik nog wel voor alle momenten ervóór, waarop iedere handeling de laatste keer die handeling is. De laatste keer de supermarkt. De laatste keer bloedprikken. De laatste keer een gevulde koek. Alle boeken die je voorbij ziet komen waarvan je weet: die ga ik sowieso niet meer lezen. Die paniek valt vanaf daar als dominostenen het heden in.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze paniek zet aan het denken. Natuurlijk begrijp ik wel wat Marsman bedoelt, maar in wezen is niet één handeling dezelfde en dus tegelijkertijd ook de laatste. Daar komt bij dat mensen die morgen verongelukken, zich nooit bewust zijn geweest van al die laatste keren. Gelukkig maar, wordt dan gezegd, maar zo rustgevend vind ik die gedachte niet. Je hebt nergens afscheid van kunnen nemen en niemand van jou. Wat ik maar zeggen wil: het is vooral het denken dat voor de paniek zorgt en ook datzelfde denken dat voor verlichting kan zorgen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Wanneer ik verhalen lees van kinderen die zich een vorig leven kunnen herinneren voel ik een soort opluchting: ook als het me niet lukt in leven te blijven, kan ik misschien toch weer in leven komen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is of Marsman de essentie van leven en dood in haar boek geconcentreerd heeft als een aaneenschakeling van vastklampen en loslaten, zekerheid en onzekerheid, steeds in verschillende gedaanten. Zo schrijft ze over Wittgensteins minnares van David Markson, waarin de hoofdpersoon Kate de allerlaatste mens op aarde is en op een verlaten strand is gaan wonen. Haar hoofd is gevuld met allerlei feitjes over kunstenaars, schrijvers en musici, die ze een paar regels verder vaak weer in twijfel trekt. Het lijkt volstrekt nutteloos om te lezen, maar er gaat volgens Marsman gek genoeg een soort troost van uit. Je beseft dat Kate geen klankbord meer heeft omdat er geen mensen meer zijn met wie ze de feiten kan delen, je voelt de totale eenzaamheid en vergeefsheid, tot je je ineens realiseert dat jij als lezer het klankbord bent. Haar stem resoneert in jouw hoofd en wil misschien alleen maar zeggen dat zij er (nog) is. Dat Kate al die feiten herhaalt, is een teken van hoop, van ‘misschien luistert er nog iemand naar mij’, tegen beter weten in. De lezer voelt hoe hijzelf die hoop belichaamt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Iets vergelijkbaars brengt Marsman zelf in haar boek tot stand bij de lezer. Hoe onnoemelijk eenzaam ze in haar afschuwelijke ziekteproces ook is, haar stem, waarin ze het universum aftast naar hoop – hoop op buitenaards leven, op een nieuw leven hier op aarde, op medicatie die wél aanslaat, op een leven na de dood en nog zo veel meer – resoneert in ieders hoofd als een voorzichtig ‘misschien’. Haar ‘unieke’ eenzaamheid is tegelijkertijd de existentiële eenzaamheid van ieder mens Als de lezer dan al ramptoerist is, dan is hij dat in elk geval ook in zijn eigen wereld, waar de dood zich net zo goed als onzekere factor ophoudt, ook al waant hij zich voor langere tijd gevrijwaard. Marsman is net zo menselijk en aards als ieder ander, en al haar vragen, bespiegelingen en gedachten, zijn voor ieder mens relevant.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet alleen relevant, ook hartverscheurend, omdat ze zelfs in proza poëzie schrijft over gruwelijkheden:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Maar je kunt een dijk die zijn eigen gaten dicht alleen doorbreken door hem op honderd plekken tegelijk te raken. Op zoek naar een panacee dat makkelijk te patenteren is heeft men het complexe karakter van tumoren niet altijd voldoende gehonoreerd.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vol overgave vuurt ze volkomen terecht haar door levenslust gestuwde woede af op farmaceuten die miljardenwinsten behalen, terwijl er geen geld is voor onderzoek naar zeldzame ziektes. Het is Godgeklaagd dat deze bedrijven hun verantwoordelijkheid niet nemen en zoveel mensen in de kou laten staan. Maar daarnaast neemt ze de lezer mee in een wervelende storm van filosofieën, mooie gedachten en regels uit de wereldliteratuur, bizarre onderzoeken naar buitenaards leven, dwars door de leegte van de wanhoop, via de grenzeloze fantasie en creativiteit van de menselijke geest naar een sprankje hoop dat hoe dan ook overblijft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het aanschijn van de dood toont Marsman hoe bizar het leven is en hoe je je ontiegelijk aan dit idiote leven kunt hechten, misschien vanwege die onophoudelijke stroom van denken die door ons levende zelf raast, of al was het maar vanwege die gevulde koek. En God, want waarom zou ik die hier niet aanroepen als niemand zeker weet of Hij bestaat, ik hoop met alles wat er in mij leeft, dat van over een afstand van miljoenen lichtjaren liever vandaag dan morgen een fluorescerend roze ruimteschip midden in ons kikkerlandje neerstrijkt met daarin een leger marsmannetjes – what’s in the name – dat natuurlijk niet onze voormalige Dichter des Vaderlands zal kapen, maar haar terstond met zijn buitenaardse kracht geneest en ook van die gruwelijke pijn en misselijkheid verlost, opdat zij boeken blijft schrijven, die wij kunnen lezen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Lieke Marsman –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op een andere planeet kunnen ze me redden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Pluim, 200 blz. € 24,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Marsman.png" length="95782" type="image/png" />
      <pubDate>Wed, 02 Apr 2025 13:19:33 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/als-ik-vandaag-een-lafaard-ben-zegt-dat-niets-over-mijn-moed-van-morgen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Lieke Marsman,essays,Op een andere planeet kunnen ze me redden</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Marsman.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Marsman.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Fuck me i’m desperate</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/fuck-me-im-desperate</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Fuck me i’m desperate
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Waarom 'Turks fruit' een mooi voorbeeld is van de existentiefilosofie (door een leerling uit vwo 6 van het Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Turks+fruit.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wie denkt aan expliciete Nederlandse meesterwerken denkt hoogstwaarschijnlijk aan
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Turks fruit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (1969) van Jan Wolkers, waarin seksuele handelingen in al hun glorie centraal staan. Wolkers werd in 1925 geboren als derde zoon van elf kinderen in een gereformeerd gezin. Naast
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Turks fruit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            schreef Wolkers bestsellers als
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kort Amerikaans
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (1962),
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Terug naar Oegstgeest
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (1965) en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een roos van vlees
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (1963) (Giphart, 2023). In vrijwel al zijn boeken staan seks en/of de dood centraal, wat hem al vroeg in zijn carrière bekendheid opleverde (Jan Wolkers, z.d.-b).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Turks fruit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             (1969) vertelt het verhaal van een kunstenaar en zijn turbulente relatie met de aantrekkelijke jonge Olga en hoe deze stukloopt. Uiteindelijk komen ze elkaar weer tegen maar blijkt Olga een hersentumor te hebben. In naoorlogse boeken zie je vaak invloeden van de existentiefilosofie terug. Vooral onder kunstenaars en ‘intellectuelen’ (Prins, 2024b) was het belangrijke stroming. Ook in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Turks fruit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zijn hier invloeden van terug te zien.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Belangrijk in de existentialistische stroming is eenzaamheid. Eenzaamheid is niet iets waar de hoofdpersoon uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Turks fruit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           last van lijkt te hebben. Toch is te zien dat op de momenten dat de naamloze kunstenaar zonder Olga is, hij verlangt naar haar aanwezigheid: ‘Ik lag… als ik me aftrok (p.13).’ Ook voor de komst (en vooral na het vertrek) van Olga klampt de hoofdpersoon zich vast aan seks om zich nuttig en niet alleen te voelen: ‘Ik naaide… ramde me een ongeluk.' (p.14)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Naast eenzaamheid is het gebrek aan zekerheid een kenmerk van het existentialisme: ‘Het besef dat de mens geen ding is met een duidelijk plan, een zin en een doel, maar een wezen dat zijn eigen bestaan nog moet bepalen, levert existentiële angst op; bestaansangst’ (swell.nl, 2017b). De mens is vrij, maar moet hierdoor wel zelf zijn keuzes maken en hier ook de verantwoordelijkheid voor nemen (Breukelman, M, 2021). Geen van deze kenmerken is iets waar de hoofdpersoon goed in is. Wat te zien is in het boek, is dat in de hoofdpersoon denkt dat zijn relatie met Olga niet te verbreken is, iets wat wel het geval blijkt te zijn: ‘Jullie leefden… einde aan gekomen (P.97)’. Na de breuk tussen de kunstenaar en Olga heeft de hoofdpersoon een flink aantal bedpartners, maar geen brengt de zekerheid die hij dacht te hebben met Olga. Daarnaast gaan er in het boek een flink aantal mensen en huisdieren dood waaronder de vader van Olga, de kat van Olga en de kunstenaar en, uiteindelijk, Olga zelf: ‘Terwijl ik… trapte ik op hem (P.108). Dit maakt het gevoel van onzekerheid nog sterker, aangezien deze allemaal zeer plotseling overlijden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het meest vooropstaand onderwerp in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Turks fruit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is de seksualiteit en de gedetailleerde wijze waarop deze beschreven wordt in het boek. Seksualiteit wordt in het existentialisme en in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Turks fruit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gebruikt als een manier om te ontsnappen aan de werkelijkheid. De hoofdpersoon kan het leven en de verantwoordelijkheid die het leven met zich mee brengt ontvluchten door (in dit geval) zich volledig te richten op de seks met Olga en, na het verbreken van hun relatie, de seks met een groot aantal andere vrouwen die voor hem niet goed genoeg zijn.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook is het bevrijden van onderdrukkende ideeën (Van den Berg, 2025) een onderdeel in het gedachtegoed van het existentialisme. Dit komt tot uiting in het boek als de vele seksuele fantasieën die beschreven worden: ‘En ik riep… van je reet (P.14),’ ‘Ik zei.. mocht piesen (P.48).’ Seksuele fantasieën zijn volgens onderzoekers een manier om de realiteit even te vergeten ("It’s a way to disconnect from reality.” McGowan, 2025). Deze fantasieën passen goed bij het willen ontsnappen aan de werkelijkheid, ook zijn ze een voorbeeld van het bevrijden van onderdrukte ideeën, wat volgens Van den Berg (2025) een ander voorbeeld is van de existentialistische stroming.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Turks fruit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een mooi voorbeeld van het existentialisme. Het laat er veel kenmerken van zien naast de seksualiteit waar het boek bekend om is. De hoofdpersoon is eenzaam, weet niet wat hij met zijn bestaan aan moet, is, zonder het zelf door te hebben, bang voor het leven, neemt geen verantwoordelijkheid voor zijn daden en geeft iedereen behalve zichzelf de schuld en heeft een reddingsboei nodig om boven water te blijven. De kunstenaar probeert er wat van te maken, maar dit mislukt compleet. Hij kan niks meer uit het leven halen of zoals hij zelf mooi zegt: “geen druppel, liefste (P.36).”
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            swell.nl. (2017, 4 september). Existentialisme | humanistische Canon. Humanistische Canon.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://humanistischecanon.nl/venster/existentialisme/" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://humanistischecanon.nl/venster/existentialisme/
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Jan Wolkers. (z.d.). Literatuurgeschiedenis. https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/jan-wolkers
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Giphart, R. (2023, 7 maart). Wie was Jan Wolkers? NPO Kennis. https://npokennis.nl/longread/7532/wie-was-jan-wolkers
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Prins, M. (2024, 12 november). Wat zijn de ideeën en kenmerken van het existentialisme? National Geographic. https://www.nationalgeographic.nl/geschiedenis-archeologie/a62879552/existentialisme-betekenis-kenmerken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den Berg, Dietske (2025), Existentialisme.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           McGowan, E. (2024, 20 februari). Where do kinks come from? It’s complicated. Bustle. https://www.bustle.com/p/where-do-kinks-come-from-its-complicated-41467
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Turks+fruit.jpg" length="129360" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 01 Mar 2025 14:52:32 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/fuck-me-im-desperate</guid>
      <g-custom:tags type="string">Turks fruit,essays,essays leerlingen,essays van leerlingen,Jan Wolkers</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Turks+fruit.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Turks+fruit.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Awater, een reflectie van de verteller</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/awater-een-reflectie-van-de-verteller</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Awater'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , een reflectie van de verteller
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Awater' van M. Nijhoff door Roderick Willeboordse (leerling vwo 5 Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Awater.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Martinus Nijhoff (1894-1953) was een prestigieuze invloedrijke auteur in het modernistische tijdperk. Nijhoff had al van jongs af aan een drang om te schrijven. Zo maakte hij zijn eerste publicaties in het blad van de Gymnasiastenbond tijdens zijn middelbareschooltijd. In 1916 verscheen zijn eerste bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De wandelaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en later ook
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Vormen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De Gids. Hierna ging Nijhoff taal- en letterkunde studeren, terwijl hij de bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nieuwe gedichten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            uitbracht. 'Awater' is het bekendste gedicht uit deze bundel. Zelfs in de Tweede Wereldoorlog schreef Nijhoff in verzetskranten (Nijhoffs Leven en Werk   KB, de Nationale Bibliotheek, z.d.). Nijhoff staat bekend om zijn baanbrekende schrijfstijl, die een vage werkelijkheid samenvoegt met zelfreflectie (Modernisme in de Poëzie, z.d.). Dit kan men zeer goed zien in 'Awater'. Het gedicht gaat over een persoon, de verteller, die na overlijden van zijn broer een nieuwe reisgenoot zoekt. De verteller volgt een accountant genaamd Awater, maar hoe dichterbij de verteller komt, hoe verder weg Awater lijkt te zijn. Is Awater wel echt? Is Awater niet een hersenspinsel van een persoon die een trauma heeft opgelopen?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Allereerst wordt Awater anoniem beschreven. Om te zien of Awater een passende reisgenoot is, probeert de verteller zoveel mogelijk kennis over hem op te doen. Awater is daarentegen een mysterie. Dit blijkt uit de regels: “Sommigen zeggen, ’s avonds leest hij Grieks, maar anderen beweren het is Iers.”. Verschillende percepties worden gegeven, maar niemand weet het echt. Daarnaast wordt Awater beschreven als een ijsberg. Van een ijsberg is maar een klein deel zichtbaar en dit draagt bij aan het mysterieuze beeld van Awater.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ten tweede kan de lezer meerdere gelijkenissen vinden tussen Awater en de verteller. Naarmate het gedicht zich ontwikkelt, wordt er meer onthuld over Awater en de verteller. Al snel wanneer in de tweede alinea Awater tijdens zijn werk wordt beschreven, schrijft hij een memo. Hij schrijft dat zijn moeder nooit de bontjas zal dragen, waarvoor elk dubbeltje is omgedraaid. Dat Awater nu op zijn vrije dagen met een bosje bloemen niet meer naar het hospitaal gaat, maar naar de Kerkhoflaan. Dit kan het overlijden van zijn moeder betekenen. Ook de verteller heeft een dierbare verloren. Daarnaast leest men in de vierde alinea:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ik zie dat hij naar een gezelschap kijkt 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van poppen die met plaids en verrekijkers                                                                                                   
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           legeren aan de oever van de Nijl                                                                                                                 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gelijk uit de pyramide en palmboom blijkt                                                                                                 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           O Awater, ik weet waarvan gij peinst,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hierin ziet de verteller dat Awater peinzend staat voor een reisbureau. Dit kan verwijzen naar het feit dat Awater zijn reis moet voortzetten, maar met wie? Even later volgt de verteller Awater een café in. Niet zomaar een café: “dat Awater belanden moest in het café waar ik kwam met mijn broer?”. Dat Awater in hetzelfde café komt, als waar de verteller en zijn pas overleden broer vaste klanten waren, is opvallend. Awater kan, als hersenspinsel, de plaats innemen van de overledene broer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarnaast wordt in de tweede strofe aangegeven dat de verteller zijn broer heeft verloren; hij heeft geen reisgenoot meer. De verteller is in het gedicht op zoek naar een nieuwe reisgenoot, maar kan de verteller na het verlies van zijn broer wel zijn reis voortzetten? Awater speelt een ideale werkelijkheid. Hij staat waar hij wil staan:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                       Het is alsof hij hoort waarvan hij droomt                                                                                                   
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en de plek ziet waar hij te vinden hoopt,                                                                                               
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zo snelt hij langs me, en ik voel mij doorboord.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan het einde van het gedicht staat Awater stil bij een heilsoldaat, zij spreekt: “Liefde, wordt nooit vergeefs vertrouwd.”. De verteller loopt verder, zijn afschuw kan verwijzen naar zijn acceptatie van de dood van zijn broer. Hij omarmt niet de gedachte van liefde, maar loopt er letterlijk van weg.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hieruit volgt het verlies van vertrouwen en geloof van de verteller. De acceptatie van het overlijden van zijn broer, zoals in de vorige alinea besproken, valt zeer zwaar voor de verteller. Dit valt de verteller zo zwaar dat hij zelfs een hersenspinsel heeft gecreëerd: een ‘ideale’ reisgenoot.  Zijn spiegelbeeld staat stil bij het leven, terwijl de dwalende verteller zich haast naar de juiste trein. Zijn ideale ik kan niet bij hem horen. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daar komt nog bij dat de trein en de reis, waar de verteller zo naar smacht, een metafoor voor het leven is. De laatste strofe van het gedicht wordt de trein Oriënt Express beschreven.  In de volgende citaten wordt de metafoor duidelijker gemaakt: “De klok verspringt van minuut naar minuut”, het leven staat niet stil en ‘tikt’ door. Het leven heeft verschillende fasen en deze starten tijdens het gekrijs van de conducteursfluit: “Als gij plaatsnemen ziet in een schriftuur die de eerste klank is van het avontuur.”. De trein, oftewel ‘het leven’, laat het feit dat Awater een illusie is, koud. Dit kan ook weer erop wijzen dat de verteller verward is:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      
           Wat voor hoop gij ook koestert of wegduwt,                                                                                                         
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            nogmaals, het deert haar niet; Zelfs voor de illusie                                                                                     
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een reisgenoot te hebben is ze immuun.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er komt ook een christelijke opvatting in het gedicht voor, dat alles al voorbestemd is. De verteller heeft afschuw van het geloof en dus misschien ook van zijn reis. Het voorbestemde leven volgt uit het volgende citaat:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             ’k werd bestuurd,                                                                                                                                     
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            ’t is niet om niet geweest, ik was geen dupe, -               
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
             geprezen! – ’t laat haar koud.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Als laatste ondersteunt de modernistische insteek van de schrijver de hoofdgedachte. Het modernisme staat voor twijfelende personages en een onkenbare werkelijkheid (Modernisme in Proza, z.d.). De gedichtenbundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nieuwe gedichten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            valt onder de stroming modernisme (Modernisme (1910-1940), z.d.). Het gedicht 'Awater' laat dit duidelijk zien. De verteller twijfelt over zijn reis en reisgenoot in een verheerlijkte werkelijkheid. Awater, bij wie de verteller steeds meer dichterbij komt, wordt eigenlijk steeds onbekender. In de een na laatste alinea, waar de verteller en Awater het station naderen, laat de verteller duidelijke vormen van verwardheid zien:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
                        Mijn bezorgdheden worden menigvoud:                                                                                                   
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            er ligt post thuis, ik heb aan de werkvrouw                                                                                                   
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           nog niet gezegd dat ik op reis gaan zou                                                                                                       
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            mijn raam staat aan, er brandt vuur in de schouw                                                                                       
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik heb niets bij me, wat doe ik überhaupt                                                                                                     
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           op reis te gaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verwarde karakter kan erop wijzen dat de verteller zich Awater inbeeldt .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Awater, de ingebeelde figuur van de verteller, komt voort uit het tragische overlijden van de broer van de verteller. Verschillende motieven en overeenkomsten zijn beschreven. Er is daarentegen maar één feit: het gedicht wordt beschreven als ‘onduidelijk’ en er zijn talloze verschillende percepties (DBNL, 1992). Dit verslag is daar één van. Zie het als de echte wereld: onduidelijk, hectisch en vol met vragen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h1&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronvermelding
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h1&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           DBNL. (1992). Wiljan van den Akker ‘Een onduidelijk kletsverhaal’ M. Nijhoffs Awater in een modernistisch perspectief, De Gids. Jaargang 155 - DBNL. https://www.dbnl.org/tekst/_gid001199201_01/_gid001199201_01_0003.php
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           modernisme. (z.d.). https://www.kunstbus.nl/cultuur/modernisme.html
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Modernisme (1910-1940). (z.d.). Literatuurgeschiedenis. https://www.literatuurgeschiedenis.org/stromingen/modernisme-1910-1940
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Modernisme in de poëzie. (z.d.). Literatuurgeschiedenis. https://www.literatuurgeschiedenis.org/20e-eeuw/modernisme-in-de-poezie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Modernisme in proza. (z.d.). Literatuurgeschiedenis. https://www.literatuurgeschiedenis.org/20e-eeuw/modernisme-in-proza
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nieuwe gedichten. (z.d.). Literatuurgeschiedenis. https://www.literatuurgeschiedenis.org/teksten/nieuwe-gedichten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nijhoffs leven en werk | KB, de nationale bibliotheek. (z.d.). KBPro Website. https://collecties.kb.nl/nederlandse-poezie/historische-dichters/martinus-nijhoff-1894-1953/nijhoffs-leven-en-werk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Awater.jpg" length="158335" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 01 Mar 2025 14:27:57 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/awater-een-reflectie-van-de-verteller</guid>
      <g-custom:tags type="string">Awater,essays,essays van leerlingen,essays leerlingen,Martinus Nijhoff</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Awater.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Awater.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Ik neem de dode vogel aan die opvliegt'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-neem-de-dode-vogel-aan-die-opvliegt</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Ik neem de dode vogel aan die opvliegt'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Neerwaarts verzet' van Kris Lauwereys
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Kris-Lauwereys-372x576.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Als omgekeerde Titanen bestormen ‘wij’ in de debuutbundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Neerwaarts verzet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Kris Lauwereys niet de hemel, maar eerder de afgrond. Probeer maar eens op te staan en je los te maken van de grond waaruit je bent voortgekomen. Probeer maar eens een nieuw, eigen geluid voort te brengen als in je strot ‘de tongen van velen’ botsen. De bundel is niet alleen te lezen als een zoektocht van de dichter naar zijn eigen stem in letterenland, maar ook als die van de mens in het algemeen naar zijn betekenis in een wereld waar niets nieuws is onder de zon.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het openingsgedicht van de bundel over de ‘jonge goden van de afgrond’ doet denken aan ‘het lied der dwaze bijen’ van Martinus Nijhoff:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           We waanden ons vaders van onszelf, stralende
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           koortsdansers van de stijgende lijn. We wankelden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de maat van de verticale opmars. Het ging ons te boven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toen we genazen, waren we te mager voor de nacht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe fraai die ‘koortsdansers’! Het is of de jonge goden niet loskomen van hun oorsprong: ‘We kregen onze wortels niet doorgeknaagd.’ Door het collectieve perspectief voelt de bundel mythisch aan, alsof de ontwikkeling van de mensheid bezongen wordt: ‘Niet te vallen / is onze enige opgave. Die diepte geven we niet op’, zo sluit het openingsgedicht dubbelzinnig af.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In vier afdelingen, ‘Kaalslag’, ‘Stilstand’, ‘Strijdlust’ en ‘Opstand’ lees je hoe de mens en in het bijzonder de dichter worstelend tot opstand tracht te komen, terwijl zijn wortels hem steeds weer terugbrengen naar waar hij vandaan komt. De worsteling is lijfelijk voelbaar: ‘Misschien kon ik die kamer nooit verlaten, / kreeg ik alles in mijn borst begraven.’ Het is de taal die de ik ‘een nieuwe pen in de mond gelegd’ heeft, maar hoe schrijf je iets nieuws: ‘Er zal altijd iemand zijn die droomt van een begin / dat niet schatplichtig is aan een smeulend einde’. Als je opgroeit, wil je het liefst je oorsprong van je afschudden, een ‘kaalslag’ bewerkstelligen, omdat jij zelf alles anders wil dan je voorgangers ooit hebben gedaan, maar het is of iedere beweging weer ongedaan gemaakt wordt: ‘Niet meer wil ik, dan wat bleef’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De afdeling ‘Stilstand’ bevat vrijwel allemaal gedichten die uit vier strofen van drie regels bestaan en beginnen met ‘Nu staan we hier’, waardoor de stilstand ook voor de lezer onontkoombaar voelt: ‘Elk woord wordt door zichzelf weerlegd, / tot alles vervaagt. Niets heeft zin’. De zinloosheid van het bestaan, de eeuwige cirkel van leven mondt uit in een absurdistische vlucht die doet denken aan een combinatie van Becketts En attendant Godot en Spenglers Untergang des Abendlandes:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           We moesten gaan. Er was te veel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           om bij te houden, het dood gewicht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van eeuwen opgestapeld avondlicht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het drukte vol geduld de kelen dicht,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tot onze stem niets meer van vuur kon
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dragen dan een rode, dalende zon.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kunnen wij wel leren van de geschiedenis, vraagt de dichter zich af: ‘zwoeren de leerplicht / van de tijd met harde handen af.’ We hopen steeds maar op vooruitgang, dat de mensheid ons ergens brengt waar we nog niet eerder zijn geweest, maar: ‘Elke geboorte is geen veroveringstocht / op de stilte of wat voorafging, maar op onszelf.’ Dat is de paradox van de mens in de tijd: het cyclische tegenover het lineaire.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toch laat de dichter, de mens, zich niet weerhouden: ‘zeg ik niet: zij die voor mij kwamen / hebben mij de mond gesnoerd’. In de derde afdeling is de strijdlust absoluut voelbaar, wederom in (andere) gelijkvormige verzen. In deze afdeling wordt steeds een ‘je’ direct aangesproken om in actie te komen, terwijl het vergeefse ervan ook hier blijft doorklinken: ‘Alles moet veranderen. Het wordt tijd. / Je raakt jezelf in mij wel kwijt.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En waar bestaat dan ‘De opstand’ uit? Is die opstand ons wel echt gegeven? Zelfs de verbeelding is geen scheppingsdaad, want ‘alles is er al.’ Lauwereys weet de zware gang van de worstelende mens in prachtige regels te vangen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik neem de dode vogel aan die opvliegt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           uit mijn handen. Die vluchtigheid krijgt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           niemand weggeslikt. Het blijkt al
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           herfst – een neerwaarts verzet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           fluistert ons terug de aarde in.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoezeer Lauwereys ook zijn best doet te laten zien dat er niets nieuws is onder de zon, ik las niet eerder poëzie die zó weerbarstig en lijfelijk haar eigen streven zich los te maken uit wat al geweest is, opheft, en die tegelijkertijd zo universeel is dat de bundel leest als een eeuwenoude mythe, dit alles zo treffend samengevat in de titel van de bundel ‘neerwaarts verzet’. Dit schitterende debuut had vanwege deze duizelingwekkende diepte ook een waardig slotakkoord kunnen zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Kris Lauwereys –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Neerwaarts verzet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Archipel, 68 blz. € 20,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Kris-Lauwereys-372x576.jpg" length="9520" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 02 Feb 2025 10:36:43 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-neem-de-dode-vogel-aan-die-opvliegt</guid>
      <g-custom:tags type="string">Neerwaarts verzet,essays,Kris Lauwereys</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Kris-Lauwereys-372x576.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Kris-Lauwereys-372x576.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Ik ben de botsende verhalen'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-ben-de-botsende-verhalen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Ik ben de botsende verhalen'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Hier ligt de waarheid in overdaad' van Myriem El-Kaddouri
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Myriem-El-Kaddouri-382x576.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hoe meer migratie door politieke verharding in Europa onder druk komt te staan, hoe belangrijker de vraag naar onze oorsprong is geworden. Waar kom je bijvoorbeeld vandaan als je voorouders uit een ander land komen en jijzelf hier geboren bent? In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier ligt de waarheid in overdaad
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            verkent Myriem El-Kaddouri, de vijfde ‘letterzetter’ (stadsdichter) van Kortrijk, haar oorsprong. Die ligt veel dieper dan alleen maar de plek waar ze geboren is. Met haar bundel houdt ze in drie afdelingen, ‘Oorsprong’, ‘Tussenruimte en ‘Verzet’ de samenleving een spiegel voor en roept kritische vragen op hoe wij met elkaars achtergrond omgaan.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als een ‘tussenin’ bevindt de ik zich tussen twee generaties: ‘Er is een jonge vrouw die mijn dochter nooit zal kennen’ en ‘Er is een vrouw die mijn moeder nooit zal kennen.’ Ze ontdekt dat haar wortels gewichtiger zijn dan haar kruin. Ze heeft voor vrijheid gevochten en geborgenheid, maar ze heeft geleerd dat die twee niet bij elkaar horen. Ze moet aan voorwaarden voldoen. Haar tong twijfelde tussen twee talen – ‘Mijn stem is ontstaan door kettingbotsingen / van huigklanken en medeklinkers’ – en hoezeer ze ook probeerde haar oorsprong te verstikken, haar ‘bloedlijn klonterde’ en ze werd weer terug naar haar voorouders geleid. Zowel de voorouders als de nieuwe samenleving dwingen haar in een keurslijf dat nooit helemaal past:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tashbih
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met niets dan mezelf om het lijf moest ik al weten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wie ik zou worden, alsof ik niemand was.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Intussen kan ik de dunne jaren tellen door de fijne lijnen in mijn gezicht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze glijden sneller dan de parels van mijn oma’s tasbih door mijn vingers.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misschien helpt het als ik langzamer ademhaal.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kunnen we het hebben over wat in mijn keel blijft stokken?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Over de zinnen ingezwachteld en omwonden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in alledaagse onzichtbaarheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met mij gaat het goed.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik heb taal in mij, genoeg om weinig te zeggen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik wring me in bochten,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           plooi mijn lippen in een beleefde kromming,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zo vanzelfsprekend als een handdruk na een uitgestrekte arm.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik volg de platgetreden paden,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           absorbeer gulzig de bleke bevestiging die daarop volgt,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           negeer de koude massa die tegen de wanden van mijn lichaam beukt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tot de waarheid uit mijn ooghoeken smelt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Subtiel weeft zij het beeld van de gebedskralen door de tijd, alsof het verstrijken van de jaren als een ritueel in haar gezicht wordt gekerfd. Dit prachtige beeld gaat over in een haast activistische vraag: ‘Kunnen we het hebben over wat in mijn keel blijft stokken?’ Die parels van rituelen lijken prachtig, maar als je vervolgens je mond moet houden en jezelf zo onzichtbaar mogelijk moet maken achter sociaalwenselijke zinnetjes als ‘Met mij gaat het goed’, is het niet zo vreemd dat het gaat wringen tussen wat je bij je draagt en wat van je verwacht wordt. De voortdurende worsteling leidt uiteindelijk tot verzet tegen iedere vorm van onderdrukking.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In ‘Verjaardagstaart’ beschrijft ze hoe van een dertigjarige verwacht wordt dat ze misschien langzaamaan aan kinderen gaat denken. Allerlei voors en tegens weegt ze tegen elkaar af, maar de vraag is niet zozeer of ze kan ‘dragen’, maar of ze mag ‘overdragen’, want haar kind zal hoe dan ook die strijd van de moeder tussen twee werelden meekrijgen: ‘Mag ik zomaar mijn schaduwen verzenden / onder gesloten omslag en zonder retour, / aan een geadresseerde die er niet om vroeg?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           El-Kaddouri’s poëzie is strijdlustig, maar tegelijkertijd mooi van klank door de alliteraties en assonanties: ‘Het liefst wil ik de waarheid in de witruimtes doen woekeren’. Ook het ritme van de zinnen is mooi door de afwisseling in lengte. Waarschijnlijk komt dat ritme nog beter tot zijn recht als de dichter haar poëzie voordraagt. Er is een voortdurende onrust voelbaar, in tegenstellingen, zoals licht, donker, paniek en een storm die weer gaat liggen, overvolle ruimtes tegenover kale lokalen met spierwitte muren, maar ook door de snelle afwisseling in concrete voorwerpen als cappuccino, tegelvloer, een Spidermanpak en dadelkoekjes, en abstracta als verdriet, vrijheid, geborgenheid en hoop.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een welkome wervelwind is dit debuut van Myriem El-Kaddouri, die de hokjes waarin sommige mensen de ander graag overzichtelijk willen onderbrengen, overhoopgooit. Haar poëzie laat zien dat onze oorsprong altijd complexer is dan op het eerste gezicht lijkt en dat deze baat heeft bij ‘de luwte van inlevingsvermogen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Myriem El-Kaddouri –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier ligt de waarheid in overdaad
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Pelckmans, 56 blz. € 21,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Myriem-El-Kaddouri-382x576.jpg" length="26120" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 02 Feb 2025 10:33:50 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-ben-de-botsende-verhalen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Myriem El-Kaddouri,Hier ligt de waarheid in overdaad</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Myriem-El-Kaddouri-382x576.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Myriem-El-Kaddouri-382x576.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Zelfs het verdriet is schitterend totdat je beter weet'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/zelfs-het-verdriet-is-schitterend-totdat-je-beter-weet</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Zelfs het verdriet is schitterend totdat je beter weet'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Een kooi van klank' van Anna Enquist, Martijn Padding en Thies Roorda
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+kooi+van+klank.webp"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Al in 2013 is de gedichtencyclus
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een kooi van klank
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Anna Enquist voor het eerst uitgegeven, als het Poëziegeschenk, maar nu is de cyclus opnieuw uitgegeven en wel daadwerkelijk ‘in een kooi van klank’, ingenaaid in een omslag met notenschrift, voorzien van een prachtige cd. Deze bijzondere uitgave laat niet alleen zien hoe tijdloos en nog even indringend Enquists poëzie is, maar ook hoe kunstenaars elkaar wederzijds kunnen inspireren.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De abstracte muziekcompositie van Martijn Padding, die zich liet inspireren door Enquists cyclus, vormt, zo zegt Padding zelf in deze uitgave, ‘de neutrale bedding voor de intensiteit van tien geconcentreerde gedichten.’ Op de cd draagt Enquist haar gedichten voor, gedragen door Paddings compositie. Maar dat is nog niet alles. Een andere compositie van Padding, One Flute (2020), gespeeld door fluitist Thies Roorda, inspireerde Enquist juist weer tot vier nieuwe gedichten. Ook deze compositie met de vier gedichten is in deze nieuwe uitgave opgenomen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het begin van de cyclus begint met het kind dat nog niet geboren is en in deze ‘donkere / holte zonder gebrek of verlangen’ woordeloos het wiegende ritme van de moeders hartslag kan ontvangen. Op die manier vormt de baarmoeder een veilig huis van klank. In volgende gedichten dekt het lyrisch ik het kind toe met Bach en Ravel, als ze het wiegje onder de vleugel zet, en alles wat ze zingt ‘vloeit vanzelf naar haar / groeiende brein, zet zich vast, wordt / van haar.’ De geborgenheid van het kind bij de moeder, vergezeld door muziek staat in schril contrast met de ingewikkelde stilte van later, als de moeder het kind heeft verloren, omdat het ‘buiten de tijd’ is gebuiteld. Tegen die stilte is niets te beginnen. Het is of het lyrisch ik van haar eigen woorden walgt, omdat ze geen enkele zin hebben.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de voordracht is er een samenspel tussen muziek en poëzie, waardoor eigenlijk een nieuwe cyclus is ontstaan. Juist omdat Enquist zo indringend de band tussen moeder en kind beschrijft, voegt die muzikale stem een component toe, waardoor het gedicht een extra betekenislaag krijgt. Het is of de muziek, die soms op de achtergrond en soms alleen voor of na Enquists woorden te horen is, de stemmen van moeder en kind verbeeldt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op het moment dat het verlies van het kind beschreven wordt, is de muzieklijn net de echo van het kind, dat als herinnering nog in de moeder aanwezig is. Die herinnering, waarin het gemis als vanzelf is opgenomen, is de enige troost die de moeder nog heeft, maar die troost is tegelijkertijd een kooi die de moeder gevangenhoudt. Ze zal nooit uit het gemis kunnen ontsnappen, maar het voortleven kan bij deze moeder niet zonder muziek. Via de muziek klauwt ze naar haar dochter:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Schubert
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat deden wij toen zij voorgoed
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           was verdwenen? Gesloten strot,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           klei in de benen, geen lucht,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           nergens lucht. We sliepen slecht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en elk woord werd een wond.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           We slopen rond op onvaste voeten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Liever weggevaagd, maar redding
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           is niet aan de orde. Schubert
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           staat op de standaard. Je hand
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           pakt de strijkstok. Wit geharst
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           knarst hij over de snaar. Zwijgend
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           begin je de zoektocht naar haar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De grilligheid van de rouw die ze in allerlei stemmingen doorloopt, is ook aanwezig in de muziek. Soms klinkt er onverwacht tussen de aarzelende sombere klanken een haast vrolijk en vlug melodielijntje. In het gedicht ben je dan net de foto tegengekomen van de dochter, een week voor haar dood, als ze op een leeg strand staat, bij avond. Zo krijgt de op zichzelf misschien vrolijke melodie iets macabers door de echo van Enquists stem. Poëzie en muziek laten elkaar nergens los, ze houden elkaar in hun greep. Je kunt het zien als elkaar dragen, steunen, maar ook als een wurggreep, gevangenschap, een kooi.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het deel One flute probeert het lyrisch ik zich over te geven aan deze ‘liefste vallei’ waarin ‘een zoete fluit je naar grazige weiden’ lokt, waar je eindelijk kunt ademen. Dit is een verwijzing naar de bekende psalm van David, die herinnert aan Gods bemoediging als hij de mens door moeilijke tijden leidt. Enquist legt het verband tussen de troostende muziek en het goddelijke. Toch is dit even verdwijnen maar tijdelijk. Zodra je weer bijkomt is daar opnieuw ‘een schreeuw, / een ontzetting’: ‘Zelfs / het verdriet is schitterend totdat je beter weet.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een kooi van klank
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            in deze uitgave werpt een indringend licht op het diepe dal dat rouw is, de voorzichtige klim naar verder leven, afgewisseld met het steeds opnieuw afdalen in de duisternis. Poëzie én muziek bestaan beide bij gratie van de tijd. Ze hebben tijd nodig om tot stand, tot leven te komen, anders dan bijvoorbeeld de beeldende kunst die je in één oogopslag kunt ervaren. Misschien dat poëzie en muziek daarom zo goed samengaan met rouw, de toestand waarin de nabestaande de tijd moet zien te verduren.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Anna Enquist, Martijn Padding en Thies Roorda –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een kooi van klank
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Linus Edition, 36 blz. € 21,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+kooi+van+klank.webp" length="12420" type="image/webp" />
      <pubDate>Sun, 02 Feb 2025 10:31:12 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/zelfs-het-verdriet-is-schitterend-totdat-je-beter-weet</guid>
      <g-custom:tags type="string">Een kooi van klank,Thies Roorda,Martijn Padding,essays,Anna Enquist</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+kooi+van+klank.webp">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+kooi+van+klank.webp">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Zo loop je rond in andermans woorden'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/zo-loop-je-rond-in-andermans-woorden</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           'Zo loop je rond in andermans woorden'
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De verwerping van het stilzitten' van Lidy van Marissing
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/verwerping-stilztten-207x300.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Sommige uitgeverijen draaien de tijd een loer en redden een schat uit de vergetelheid door deze opnieuw in een beeldschoon jasje te steken, zoals het balanseer onlangs deed met de poëzie van Lidy van Marissing.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de verwerping van het stilzitten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een bijzonder fraai (in zijn soberheid!) vormgegeven bundeling van al eerder verschenen gedichten en als je ze leest, begrijp je meteen hoe het mogelijk is dat je ze eerder over het hoofd hebt gezien: ze zijn zo sterk in beweging dat je ze met geen mogelijkheid kunt vangen, en laat dat nu juist precies de bijzondere charme zijn van deze bundel!
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel opent met een vertraagde start, met woorden die ‘uit het niets, opdoemen, in elkaar verstrikt / raken en weer verdwijnen’. Het gedicht vormt laagjes, niet alleen door de regels die vanuit het niets over elkaar heen vallen als je ze leest, maar ook doordat de afdeling waartoe het behoort, ‘schaduwen van gebladerte’ heet. De lezer die een middag zoet kan zijn met het kijken naar de beweging van de schaduwen van bladeren, zal in deze grillige regels hiervan de afspiegeling zien. Je weet niet wanneer de beweging is begonnen en waar zij heengaat, maar juist als je je overgeeft, kom je tot rust.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van Marissings poëzie raakt aan prediker met haar eeuwige cyclus van onze bewegingen: in en om het huis, op weg naar het werk, ‘heel veel brokken geluid waaruit / taalsplinters steken’, maar vergis je niet, want dwars door de cycli die eeuwig lijken, ‘is haar hele lichaam veranderd / in oude vrouw intussen / van krakend hout haar benen’. De tijd draait niet alleen rond, ons bestaan houdt onherroepelijk een keer op. Maar zo ver is het nog niet, want ook in het oude hoofd komt nog van alles binnenwaaien: ‘schaduwachtig geluid // dit dunne wit: een nevel, geen gedachte.’ Misschien lukt het de vrouw niet meer een samenhangende gedachte voort te brengen en blijft zij steken in een lichte nevel? Het is alsof je in die eerste afdeling een bejaarde aarzelend rondjes ziet draaien, terwijl herinneringen haar te binnen schieten door de geluiden die ze hoort en de beelden die ze ziet. In het heden echoot het verleden: ‘hoor de etmalen malen’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dan wil je je opschrijfboekje pakken, om al die stukjes over te schrijven, omdat ze zo mooi zijn, maar na een poosje besef je dat je de hele bundel aan het overschrijven bent en dat je ook gewoon even rustig kunt blijven lezen. Voel je die neiging wellicht, omdat de gedichten zo bewegen dat je ze even vast zou willen houden? Als je net uit de ‘schaduwen van gebladerte’ bent gekomen, beland je in ‘vlagen van taal’ en ook daar voel je hoe je de tijd op zijn hielen zit:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hoe ook in zwart geschreven, gedrukt, vastgezet /
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           altijd in vlug wit gedacht, in witte vlagen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De dichter geeft een inkijkje in het schrijfproces en prikt het onvermogen van de taal door: haar gedachte, die aan de oorsprong van het gedicht ligt, lijkt nog maar weinig op wat er hier zwart op wit staat gedrukt. Het voelt alsof je zojuist iets hebt aangepakt, wat spontaan verdwijnt in je greep. Van Marissing weet heel mooi – hoe onmogelijk eigenlijk - toch die onnavolgbare gang van te taal te verwoorden:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het ene woord over het andere
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het ene woord vreet het andere aan, legt het
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           scheef, stoot het af of slokt het op
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ook al probeert de verteller
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           te vertellen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in lange, in elkaar schuivende zinnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in zich om elkaar heen slingerende
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zinnen die soms niet verder
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           komen dan zijn neus en gesprongen lippen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           stalt hij taal uit, geluid, stapelt klanken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           op veelbetekenende klanken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in magnetische veldjes
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de ene lettergreep na de andere
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           haakt zich vast, duwt of trekt een heel woord
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voort, zuigt een regel mee
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Is dit hoe wij mensen met elkaar proberen te communiceren, vat proberen te krijgen op de volgepropte werkelijkheid om ons heen? Tussen de ernst van deze regels bots je ook zo nu en dan op de humor van taalspel, dat de onontwarbare kluwen taal enigszins relativeert: ‘trekt de verteller aan een draad / om er een touw aan vast te knopen / begint het hele weefsel te schommelen’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Af en toe doet haar poëzie denken aan die van Kreek Daey Ouwens, of andersom, door hoe beiden de lezer in beweging brengen: je hebt je verbeelding hard nodig om de wereld tussen de regels op te bouwen. Wankele bouwsels worden het, omdat je nooit zeker weet of je de leegtes wel op die manier had moeten of willen invullen. Je begint weer opnieuw, omdat een nieuwe mogelijkheid zich voordoet. En daarom kun jij zelf als lezer ook niet stilzitten. Als vanzelf beweeg je met de gedichten mee. Van oude vrouw word je ineens een meisje dat zwarte bramen in haar mond stopt. Flarden van beelden komen langs en het kan niet anders dan dat je de leegtes vult met je eigen herinneringen: ‘het verhaal zou een gedicht kunnen zijn / dat nog bezig is gedroomd te worden’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De dichter voegt citaten in, alsof willekeurige zinnen die iemand ergens heeft uitgesproken, het gedicht binnen zijn komen waaien, waardoor de brokjes tekst soms op ready mades lijken. Je raakt de draad kwijt, weet niet wie wat zegt, en belandt dan in ‘iemand die hapert’. Ook daar kom je prachtige zinsneden tegen: ‘tot het bittere // trekt weerzin / een droevigheid stroef door haar benen’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het gedicht ‘gisten, gissen, gisteren’ heeft een vrouw het halve gezicht en de scheefhangende heup van een jongen uit een oude foto weggesneden: ‘kopje kleiner op zijn plaats / op zijn nummer gezet’. Deze handeling lijkt precies op wat de dichter zelf doet: zij snijdt stukjes uit de taal, waardoor de taal gehavend op haar nummer wordt gezet. In de afdeling ‘koppen van houtskool’ zie je dat ook degene die tekent, worstelt met de bewegende werkelijkheid: ‘iemand zet met een klap de bewegingen / stil zet het geluid / tot onder de ruisgrens’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de verwerping van het stilzitten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is vol van prachtige sneden uit het altoos bewegende leven. Tussen het rusteloze meisje met haar mond vol bramen en de wat strammer bewegende oude vrouw zit een wereld van beweging, die je niet wilt missen, omdat de bundel overloopt van taal, de taal van woorden, de woorden van klanken, die je hoe en waar dan ook raken.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lidy van Marissing –
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De verwerping van het stilzitten
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . het balanseer, 112 blz. € 22,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/verwerping-stilztten-207x300.jpg" length="3011" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 02 Feb 2025 10:27:46 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/zo-loop-je-rond-in-andermans-woorden</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,De verwerping van het stilzitten,Lidy van Marissing</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/verwerping-stilztten-207x300.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/verwerping-stilztten-207x300.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Rouwverwerking bij ouders van kinderen met het syndroom van Down</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/rouwverwerking-bij-ouders-van-kinderen-met-het-syndroom-van-down</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Rouwverwerking bij ouders van kinderen met het syndroom van Down
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Beste mevrouw Eva' van Valentijn de Heer door Naomi Pruijssers (leerling havo 5 van het Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/beste+mevrouw+eva.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Iedereen gaat op een andere manier om met het verlies van een dierbare. Het rouwproces ziet er hierdoor bij iedereen anders uit. Volgens Elisabeth Kübler-Ross valt het rouwproces toch te verdelen in vijf fases: ontkenning, protest of boosheid, onderhalen en vechten, verdriet en depressie, en aanvaarding. Het rouwproces loopt echter niet bij iedereen in deze exacte volgorde (RememberMe, 2023). Valentijn de Heer is schrijver en medewerker in de zorg. De Heer schrijft voor Het Parool, en publiceerde korte verhalen voor onder andere De Optimist. In 2023 bracht hij zijn debuutroman
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Beste mevrouw Eva
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            de wereld in (Brongeest, 2023). Elias is zes jaar oud wanneer zijn broertje Johannes geboren wordt. Hij is heel gelukkig, totdat blijkt dat zijn broertje het syndroom van Down heeft. Zijn gezinssituatie zal nooit meer terug naar het oude gaan. Toch probeert Elias alle ballen hoog te houden en er zo voor te zorgen dat de buitenwereld denkt dat ze een normaal gezin zijn. De geboorte van een kind met het syndroom van Down is als een levend verlies. Het kindje leeft wel, maar je zal als ouders afscheid moeten nemen van vele verwachtingen (Magazine. Psychologie.Corveleijn, R., 2023). Ouders en bijstaanden van kinderen met het syndroom van Down gaan ook door de vijf fasen van rouwverwerking en in 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Beste mevrouw Eva
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           is dat goed te zien.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De eerste fase van rouwverwerking waar Elias en zijn ouders doorheen gaan, is de ontkenningsfase. Ze doen hun best om hun omgeving te laten geloven dat er niks mis is met hun pasgeboren zoontje. Ze doen dit vooral doordat de vader zijn eigen kind niet accepteert: ‘Pa kuchte. “Ma heeft een mongool gebaard.”’ (blz. 11). Elias’ moeder heeft het volle vertrouwen dat alles wel weer goed komt en ontkent de volledige situatie: ‘Ze vertelde me over de littekens onder haar pyjama, over het gesprek met de arts en dat het ’t allemaal toch waard geweest was. Pa is een goed mens, hij draait wel bij, zei ze dan terwijl ze me vroeg Johannes voorzichtig van haar over te pakken.’ (blz. 13). Zodra de vader van Elias en Johannes minder thuis is, wordt Johannes tentoongesteld aan de wereld. Elias houdt het geheim voor zijn vader dat Johannes iedere ochtend rondgewandeld wordt in de kinderwagen ook wordt Johannes’ verstandelijke beperking compleet genegeerd door zijn vader. Hij verwacht dat hij gewoon de dingen kan doen die een kind zonder het syndroom ook kan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De fase die bij de vader maar niet lijkt te eindigen, is de fase van woede. Vaak verandert het ongeduld van de vader in agressie: ‘Hij sloop de babykamer binnen, waar hij als een slagwerker zijn handen op elkaar sloeg en brulde: “Wakker worden!”Johannes’ gekrijs moest huizen verder te horen zijn. Ik viel stil. “Dát zal hem leren!” riep pa.’ (blz. 15). De hevige frustraties die Johannes bij zijn vader veroorzaakt, sturen zijn vader aan om geweld te gebruiken. De vader mishandelt zijn naasten ernstig, met voornamelijk verbaal geweld. Elias is erg kwaad op zijn vader wegens zijn vaders manier van handelen. Het liefst zou hij terug willen vechten tegen zijn vader, maar dat doet hij eigenlijk nooit.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De derde fase van het rouwproces is de onderhandelfase. Elias lijkt de enige te zijn die deze fase doorgaat. Hij heeft als doel om na de basisschool naar het gymnasium te gaan. Hij doet er alles aan om zijn doel te bereiken. Daarnaast neemt hij ook nog alle verantwoordelijkheid over zijn broertje op zich. Hierdoor wordt het erg lastig voor hem om zijn concentratie op school te richten. Tijdens zijn eindtoets van groep 8 wordt hij de klas uit gehaald wegens een incident met zijn broertje. Hij moet plots een keuze maken tussen twee prioriteiten: zijn Cito-toets afmaken, of zijn broertje: ‘Ineens zag ik de maar half ingevulde Cito-toets voor me, de meester die me wenkte, hoorde zijn stem: “Prioriteiten!” Daar zat hij, in zijn blootje in het gras: mijn prioriteit.” (blz. 88).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Na enige tijd lijkt vrijwel iedereen binnen het gezin van Elias depressief te zijn. Sommigen zijn dusdanig depressief dat ze het liefst een eind maken aan hun leven. Elias is op het punt gekomen dat hij een nietmachine tegen zijn hoofd zet en een nietje in zijn huid zet. Hij wordt steeds ernstiger depressief en weet zich geen raad meer: ‘Met mijn rug tegen de muur, mijn armen geklemd om mijn knieën keek ik naar buiten. Over de dakpannen en schoorstenen heen naar de wolken, die soms de maan werden, dan weer wolk. Maan. Wolk. Maan. Wolk. Ze wisselden elkaar af. Wolk. Maan. Donker. Licht. Donker. Licht. Ik bleef kijken, haast zonder te knipperen, en terwijl ik mezelf liet beloven nooit meer te zullen praten, zakte ik weg, steeds verder, dieper, donkerder.’ (blz. 143). Daarnaast heeft de moeder ook de neiging zichzelf pijn te doen en mogelijk zelfs haar leven te beëindigen: ‘Waarom liet ze die scherp niet los? “Laat vallen.” Ik pakte haar pols, probeerde haar vingers te laten ontspannen. Haar huid kleefde en ik keek weg. “Los!” zei ik, maar ik kreeg geen grip, mijn vingers gleden van de hare weg. “Godverdomme!” riep ik en probeerde nogmaals en nog een keer. En weer. Ze moest nu loslaten. Nu meteen: ze deed zichzelf pijn. Maar ze trok haar hand los uit de mijne en wendde zich van mij af. “Jij ook”, zei ze bijna onhoorbaar. “Wegwezen. Laat me met rust.”’ (blz. 180). Ook zijn vader kampt met een depressie. Dit komt vooral door de beroerte die hij heeft gehad. Hij kan enkel nog op bed liggen en doet verder niet meer zo veel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ten slotte heb je nog de aanvaardingsfase. Elias gaat schuilen bij Eva in het houten huis. Eva heeft zelf een man met psychische problemen en bekommert zich om anderen die zorg of hulp nodig hebben. Ze geeft Elias de ruimte om zich weer enigszins kind te voelen. Ze spelen samen monopoly en praten over verschillende onderwerpen. Elias durft na een tijdje zijn gevoelens te uiten en vertelt Eva over alles wat gaande is: ‘“Maar garnalen… Poseidon is anders. Hij eet niet en is almaar bezig, met zijn grote handen in de weer om het water vrij te maken. Soms raakt hij helemaal verstrikt in de groene slierten. En die vissen maar eten, alsof ze niets doorhebben.” Ik viel stil en wist even niet meer waarom ik dit vertelde, wat ik überhaupt probeerde te zeggen. Eva leek in gedachten verzonken. “Frappant,” zei ze vaag. Ze tikte op het monopolybord en de pionnen sprongen op. “Die garnaal,” zei ze, “dat ben jij.”’ Hij vertrouwt haar dus met deze informatie en hoopt uiteindelijk dat hij bij haar mag inwonen. Dit blijkt echter enkel een droom te zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ook ouders en bijstaanden van kinderen met het syndroom van Down gaan door de vijf fasen van rouwverwerking. In het boek
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Beste mevrouw Eva
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gaan de mensen om Johannes heen ook door de ontkennings-, woede-, onderhandel-, depressieve en aanvaardingsfase. De ene blijft langer hangen in de ene fase dan de ander, maar ze gaan er toch allen doorheen. Het hebben van een kind met het syndroom van Down is als een levend verlies.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnenlijst
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            RememberMe. (2023, september 1). Fases van het rouwproces: de vijf fasen volgens Kübler-Ross. RememberMe.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.rememberme.nl/inspiratie/home-1/fases-van-het-rouwproces" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.rememberme.nl/inspiratie/home-1/fases-van-het-rouwproces
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Brongeest, D. (2023, september 20). Schrijver Valentijn de Heer: Zin.nl.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.zin.nl/2023/09/21/schrijver-valentijn-de-heer-beste-mevrouw-eva/" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.zin.nl/2023/09/21/schrijver-valentijn-de-heer-beste-mevrouw-eva/
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Choi-Kwon, S., &amp;amp; Kim, J.S. (2022). Anger, a result and Cause of Stroke: A Narrative review. Journal of Stroke, 24(3), 311-322.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://doi.org/10.5853/jos.2022.02516" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://doi.org/10.5853/jos.2022.02516
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/beste+mevrouw+eva.jpeg" length="124574" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 19 Jan 2025 14:48:26 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/rouwverwerking-bij-ouders-van-kinderen-met-het-syndroom-van-down</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Valentijn de Heer,essays van leerlingen,essays leerlingen,Beste mevrouw Eva</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/beste+mevrouw+eva.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/beste+mevrouw+eva.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Over faalangstige olifanten en windparels</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/over-faalangstige-olifanten-en-windparels</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Over faalangstige olifanten en windparels
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De olifant en andere dieren; Een selectie uit Naturalis Historia' van Plinius
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Plinius+De+olifant.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘Het staat vast dat een olifant die bij het africhten wat minder snel van begrip was en meer dan eens slaags kreeg, ’s nachts werd aangetroffen terwijl hij zijn opdrachten stond te oefenen.’ Dit hartverscheurende beeld van een faalangstige olifant die ’s avonds hard aan het oefenen is om de volgende dag geen straf te krijgen, te vinden op de tweede bladzijde van de prachtige uitgave
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De olifant en andere dieren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Plinius, kruipt onder de huid. Of het waarheid is of verbeelding, doet er eigenlijk niet meer toe, want een diepere waarheid ontvouwt zich juist in die verbeelding.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het boek is misschien niet zo geschikt om achter elkaar uit te lezen. In feite lijkt het wat op een encyclopedie. Het is een heerlijk boek om op je nachtkastje te leggen voor het slapengaan, of op de keukentafel als tussendoortje, een mooi boek om cadeau te doen ook. Voor even kom je dan in een haast magische dierenwereld terecht, waarvan niet altijd duidelijk is of het feiten betreft. Plinius beroept zich op verhalen van horen zeggen of andere auteurs, waardoor het waarheidsgehalte wat twijfelachtig is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat te denken van zieke olifanten die zijn waargenomen op hun rug, terwijl ze planten in de lucht gooien om gebeden over te brengen? Zulke verhalen vergeet je niet gauw en zetten je aan het denken: als olifanten een intelligentie hebben die die van de mens nadert, waarom is het dan de olifant die knielt voor de koning en niet andersom? Wat Plinius over de samenleving en het gedrag van olifanten schrijft, is een prachtige spiegel voor de mens: hoe gaan wij met elkaar, maar ook met die dierenwereld om?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het boek is verdeeld in landdieren, waterdieren en vogels, maar het deel van de landdieren beslaat het grootste deel van het boek. De meeste besprekingen bestaan uit slechts een of twee bladzijden. Er zit niet echt een systematiek in. De ene keer begint hij met de kleur van het dier, de andere keer met het gevaar, een gelijkenis met een ander dier, het leefgebied, de manier van voortplanting of nog weer wat anders. Die afwisseling maakt het boek juist heel verrassend.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leukst zijn natuurlijk de meest bizarre verhalen: hoe de Skythen bijvoorbeeld het liefst merries gebruikten in de strijd, ‘omdat die in volle vaart kunnen wateren.’ Het is maar dat je het weet. Misschien moet je ervoor oppassen deze kennis overal rond te bazuinen, want wie weet sla je de plank volledig mis, maar in elk geval bieden de verhalen stof tot aangename conversaties als het gesprek even stilvalt. Soms word je aangespoord om op onderzoek uit te gaan. Wat weet je bijvoorbeeld van ezels? Lopen zij echt dwars door het vuur voor hun veulens? En hebben zij daadwerkelijk zo’n afkeer van het water dat zij er zelfs voor terugdeinzen hun hoeven nat te maken en niet over een brug durven lopen als tussen de planken door het water glinstert? En is het je ooit opgevallen dat runderen de enige dieren zijn die ook achteruitlopend grazen?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De verhalen gaan over meer dan alleen dieren. Soms krijg je een korte beschouwing over de natuur in het algemeen. Aan het begin van het deel over waterdieren beweert Plinius bijvoorbeeld dat in de zee vele, zelfs monsterlijke levensvormen te vinden zijn, ‘omdat de kiemen en grondstoffen zich met elkaar vermengen en onder invloed van wind of golven in verschillende verhoudingen door elkaar raken.’ Ook schrijft hij dat alles wat ergens in de natuur voorkomt, maar ook het levenloze, een evenbeeld in de zee heeft. Zo heb je een ‘zeedruif’, ‘zwaardvis’, ‘zaagrog’ en ‘zeekomkommer’. Prachtige verhalen vertelt hij daarna over de liefdevolle verbinding tussen mens en dolfijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Heel actueel is ook Plinius’ visie op onze spilzucht. Nergens is deze sterker te zien dan bij onze verhouding tot schaaldieren: purper en parels. Kennelijk hebben wij niet alleen vissen nodig om ons te voeden, maar ook nog luxe om ons mee te kleden en versieren. Vervolgens vertelt hij over hoe parels ontstaan, maar soms door donder en bliksem ook ‘windparels’ als de schelpen uit angst zijn dichtgeklapt. Gruwelijk is het verhaal over Cleopatra die wilde pochen met het snel kunnen eten van het meest kostbare voedsel. Op haar bevel werd een schaal azijn voor haar neergezet en daarin loste ze een van haar meest kostbare parels op en slurpte deze op. De andere parel kon nog net gered worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van het vogeldeel is de beschouwing over de nachtegaal prachtig:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘De nachtegaal brengt een melodieus geluid voort en houdt dat zonder adem te halen lang aan, varieert het dan weer door te modeleren, klinkt staccato door te onderbreken, brengt met ingehouden trillers verbindingen aan, verlengt zijn lied door te herhalen en klinkt dan weer onverwachts gedempt; af en toe murmelt hij in zichzelf, zingt dan weer voluit, hard, schel, snel, lang aangehouden, naar believen met trillers, en hoog, laag of houdt daar het midden tussen. Kortom, in zo’n klein keeltje schuilt alles wat menselijke kunst met behulp van talloze ingenieuze blaasinstrumenten heeft verzonnen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wie na het lezen van De olifant en andere verhalen niet verheugd de natuur kan instappen, omdat hij bijvoorbeeld elders aan het werk moet, kan zichzelf troosten met al die prachtige voorstellingen in het hoofd, of simpelweg met de gedachte deel uit te maken van deze wonderlijke schepping. Maar het mooist zou het misschien wel zijn als in een wereld waar onophoudelijk onze kinderen worden blootgesteld aan geweld, honger, kou, hitte, geestelijke druk en welk onheil nog niet meer, we ons steeds meer zouden gaan gedragen als de olifant, zoals Plinius die beschrijft:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Ze gedragen zich zo zachtmoedig ten opzichte van minder sterke dieren, vertelt men, dat ze, als ze in een kudde kleinvee terechtkomen, dieren die hun voor de voeten lopen met hun slurf opzijschuiven om ze niet per ongeluk te vertrappen. Als ze niet worden uitgedaagd doen ze geen kwaad en omdat ze altijd in kuddes lopen zwerven ze van alle dieren het minst solitair rond. Als ze door ruiters worden ingesloten halen ze zwakke, vermoeide of gewonde soortgenoten naar het midden van de kudde en doen, alsof ze onder bevel staan of een bepaalde tactiek volgen, om beurten een uitval.'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Plinius –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De olifant en andere dieren; een selectie uit de Naturalis Historia
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Joost van Gelder, Mark Nieuwenhuis en Ton Peters. Athenaeum – Polak &amp;amp; Van Gennep, 128 blz. € 11,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Plinius+De+olifant.jpg" length="13990" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 19 Jan 2025 14:39:49 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/over-faalangstige-olifanten-en-windparels</guid>
      <g-custom:tags type="string">Naturalis Historia,De olifant en andere dieren,Plinius</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Plinius+De+olifant.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Plinius+De+olifant.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Op de rug van een monsterlijk maar stokoud dier</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/op-de-rug-van-een-monsterlijk-maar-stokoud-dier</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op de rug van een monsterlijk maar stokoud dier
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Oroppa' van Safae El Khannoussi
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/oroppa-4dd28aa4.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Al langere tijd ben ik op zoek naar het kwaad en via diverse essays van Stefan Hertmans,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Homo sace
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            r van Giorgio Agamben en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Hannah Arendt ben ik beland in een voorzichtig vermoeden dat het kwaad zeer waarschijnlijk in mijzelf huist, daar woekert of zich juist een poosje gedeisd houdt, al naar gelang de hoeveelheid ruimte en stem ik het geef. Precies dit vermoeden zie ik op een meesterlijke manier verbeeld in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Oroppa
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , het debuut van Safae el Khannoussi.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je kunt je afvragen of een gemiddeld hoofd gebouwd is voor dit soort boeken. Dat van mij hapert in elk geval als een overbelast werkgeheugen van een oude pc met midden op het scherm om de haverklap dat draaiende icoontje met ‘aan het verwerken’. Als argeloze lezer word je in deze roman getrokken als in een duister zaakje, waar je liever niet in verzeild was geraakt. Je vervloekt je eigen nieuwsgierigheid, want na een paar bladzijden begint alles te stinken en kleven, en lukt het je met geen mogelijkheid meer om jezelf los te maken. Je bent medeplichtig aan deze draaikolk en wantrouwend kijk je naar de personages: ben ik jou niet al eerder tegengekomen in die duistere steeg? Jouw gezicht, jouw naam ken ik ergens van, maar waar en wanneer?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze maalstroom wordt veroorzaakt doordat de verteller verhaallijnen op een nogal overrompelende manier stapelt: je stuit op een onbekend personage dat een verhaal vertelt waarin een personage voorkomt dat een verhaal vertelt over een personage dat een verhaal vertelt, enz. Het is alsof je een zijweg neemt van de hoofdweg, daarna nog een zijweg en nog een, totdat je geen idee meer hebt welke richting je op loopt. Dat verstrikt raken is bevrijdend – je móet wel loslaten en je laten meevoeren – maar tegelijkertijd verontrustend, omdat je op plekken komt waar het uitschot leeft, de daklozen, de criminelen, de klaplopers, de geestelijk ontspoorden, en er geen uitzicht is op dat je ooit nog in de beschaafde wereld zult terugkeren. Zelfs niet als je het boek hebt dichtgeslagen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Die onderste laag van onze samenleving, of de uiterste rand daarvan, waar je liever niets mee te maken hebt, blijkt met zijn vuile, etterende klauwen aan die bovenste vast te zitten, er juist door in stand gehouden te worden, waardoor je je kunt afvragen van wie die vieze klauwen eigenlijk zijn. El Khannoussi laat zien hoe systemen en macht de mens ziek maken en uithollen. Wie nog de hoop heeft dat Europa een ‘westerse beschaving’ is, komt bedrogen uit. Onze waarden lijken eerder open wonden die etteren. Dit is precies wat ook Agamben zegt: het is juist die zelfkant, die uiterste grens van de samenleving die de waarden van die samenleving spiegelt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De roman draait om de kunstenares Salomé Abergel, die uit haar huis in de Rivierenbuurt van Amsterdam, is verdwenen, terwijl haar zoon Irad Abergel een kroeg in Parijs runt, die een soort thuishaven is voor duistere figuren aan de rand van de samenleving. Het meisje Hind dat op Salomés huis moet passen, vindt in de kelder schilderijen waar ze ’s nachts van wakker ligt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            El Khannoussi werkt aan een proefschrift over de gevangenissen in Maghreb. De gruwelijke martelingen van politieke gevangenen spelen in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Oroppa
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een belangrijke rol:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ze plukten je van de straat, uit je huis of van je onderduikadres, stopten je in een cel met tientallen anderen. Soms werd je meteen ondervraagd, soms moest je dagen wachten. Ze hingen je ondersteboven, verminkten je met brandende sigarettenpeuken, tangen, bijlen, hamers. En de fles die in onze reet werd gedouwd, drinken we nu leeg op onze gezondheid. Ze urineerden over je heen, ze kleedden je uit en lieten je naakt in de ijzige koude slapen, ze bevestigden kabels aan je vingertoppen en aan je geslacht en zetten er genoeg voltage op om je voorgoed gek te maken.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ergens in de roman dendert een bus over bergweggetjes en passeert een Spaans-Franse grenscontrole. Op het moment dat een tengere jongen erachter komt dat zijn papieren zijn ingenomen door de grenswachters en hij daarna wordt meegenomen, terwijl niemand protesteert of vragen stelt, heerst er een vreemde sfeer in de bus:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘De geur van angst verdween niet, ook niet toen we doodmoe van de reis de Parijse winteravond in strompelden, sterker nog, hij werd alleen maar erger, en toen begon ik iets te bevroeden, hè. Europa, zo dacht ik, voelde alsof je je begaf op de rug van een monsterlijk maar stokoud dier dat, getroffen door een zeldzame aandoening, zijn bewoners op ieder moment een weerzinwekkende catastrofe kon bezorgen door met zijn lijf te schudden.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dat monsterlijke, stokoude dier, zo voel je als je het boek dichtslaat, dat zijn wijzelf en niemand anders. Daarom kunnen we het ook niet van ons afschudden en naar een ander wijzen. Laten we daar samen met de auteur van dit wervelende boek op proosten, niet om in cynisme te vervallen, maar om het monster in onszelf onder ogen te zien en te beteugelen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Safae el Khannoussi –
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Oroppa
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Pluim, 400 blz. € 27,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/oroppa-4dd28aa4.jpg" length="32260" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 19 Jan 2025 14:36:45 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/op-de-rug-van-een-monsterlijk-maar-stokoud-dier</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Safae El Khannoussi,Oroppa</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/oroppa.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/oroppa-4dd28aa4.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Pijn op het platteland</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/pijn-op-het-platteland</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Pijn op het platteland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De avond is ongemak' van Marieke Lucas Rijneveld door Floor Brouwer (leerling havo 5 Eligant Lyceum Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+avond+is+ongemak-3609c61f.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De avond is ongemak
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Marieke Lucas Rijneveld is het bizarre verhaal van een boerengezin dat wordt getroffen door een totale nachtmerrie. Marieke Lucas Rijneveld, geboren in 1991, groeide op in een gereformeerd boerengezin in Noord-Brabant en woont tegenwoordig in Utrecht. Rijneveld werd in De Volkskrant uitgeroepen tot literair talent van het jaar. Met zijn debuutroman
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De avond is ongemak
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            werd hij bekroond met de ANV Debutantenprijs en stond op de longlist van de Libris Literatuur Prijs (Informatie Marieke Lucas Rijneveld, 2024). De roman gaat over een gereformeerd boerengezin dat wordt getroffen door de dood van een kind: vlak voor kerst overlijdt Matthies door een ongeluk tijdens het schaatsen. Je leest het door de ogen van ‘Jas’, die in het grijze gebied zit tussen volwassenheid en kindertijd. De ouders van het gezin zijn volledig ontspoord en rouwen op hun eigen manier door veelal te zwijgen. Zij hebben door hun eigen verdriet geen oog meer voor hun kinderen en hebben niet door hoe Jas, Obbe en Hanna volledig ontsporen. De kinderen gaan op hun eigen manier om met de dood van hun broer en voeren lugubere experimenten uit (De avond is ongemak, lezen voor de lijst, Jeugdbibliotheek 15-18 jaar, z.d.). In hoeverre doorlopen de personages de verschillende fases van rouwverwerking?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tijdens het verwerken van de dood kunnen mensen door verschillende fases van rouwverwerking gaan. De eerste fase is ontkenning (Admin, 2022). Jas staat vlak na de dood van Matthies vaak bij zijn kist. Ze denkt dat Matthies terugkomt. Ook praat ze nog veel tegen hem, dit doet ze vaak alleen. Jas wil ook niet dat haar kleine broertje en zusje hierbij zijn. Het hele gezin heeft hier last van. Vader laat dit ook regelmatig merken door te zeggen dat niemand aan de spullen van Matthies mag zitten: ‘Niemand mag op zijn stoel zitten. Ik vermoed dat dat is voor het geval hij op een dag terugkeert.’ (p.50). Vader ontkent hier dus de dood van zijn zoon door te zeggen dat hij nog terugkeert. Ook ontkent vader de dood van Matthies door God erbij te betrekken: ‘ “Helemaal verwacht zal Matthies er net als Hij ook weer zijn”, had vader gezegd op de begrafenis.’ (p.51). De vader verwijst in deze zin naar God. Ieder lid van het gezin gaat dus op zijn of haar eigen manier om met het ontkennen van de dood van Matthies.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De tweede fase waar het gezin doorheen gaat, is woede. Vaak gebeurt dit als de waarheid is doorgedrongen (Admin, 2022). Jas zet haar woede voor de dood van haar broer in door zichzelf pijn te doen. Ze doet dit alleen en zou zelf graag de dood opzoeken: ‘Ik durf de punaise er niet uit te halen, bang dat het bloed alle kanten op zal spuiten en iedereen in huis weet dat ik niet naar God maar naar mezelf toe wil.’ (p.93). Door zichzelf te pijnigen uit zij haar woede. Ze doet niet alleen zichzelf pijn, maar ook anderen. Samen met broer Obbe verdrinkt zij hamster Tiesje en laat konijnen opzettelijk elkaar verkrachten: ‘Hij laat Tiesje in het glas water vallen, zet zijn hand op de bovenkant en begint het dan langzaam heen en weer te bewegen.’ Het doden van dieren is de manier van rouwverwerking van Obbe en Jas, zij halen hier voldoening uit en doen dit vaker om zo grip te krijgen op de dood van hun broer. Bij de ouders zie je veel minder woede: vader heeft af en toe de neiging om weg te gaan. Bij moeder zie je weinig tot geen woede: zij zwijgt veelal, probeert haar emoties te onderdrukken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De volgende fase is het onderhandelen. Dit is vaak het gedeelte dat mensen toch nog hoop hebben op herstel (Admin, 2022). Dit zie je terug bij Jas. Zij kan moeilijk afstand doen van de spullen van Matthies en wil het liefst alles van hem bij zich houden: ‘Ik draai me om op het matras dat van Matthies is geweest en kom op mijn buik liggen. Sinds een paar weken slaap ik nu op zijn zolderkamer en in zijn bed, Hanna heeft nu mijn oude kamer.’ (p. 62). Je ziet dus dat Jas nog steeds hoop houdt dat haar broer terugkomt en wil zijn bed nog houden voor het geval hij terugkeert. Ook vader heeft nog hoop op de terugkeer van Matthies. Ook hij kan moeilijk afstand doen van de spullen die kenmerkend zijn voor zijn zoon: ‘Niemand mag op zijn stoel zitten. Ik vermoed dat dat is voor het geval hij op een dag terugkeert.’(p. 50). Vader heeft dus nog altijd hoop op de terugkomst van Matthies en wil zijn spullen nog thuis houden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Fase vier is depressie: de realiteit wordt geaccepteerd en er komen verschillende gevoelens naar buiten (Admin, 2022). De manier van rouwverwerking van moeder is door te stoppen met eten. Ze wordt ontzettend dun en ziet er erg slecht uit. Doordat moeder stopt met eten, is Jas erg bang dat zij ook overlijdt: ‘Nu moeder magerder wordt en haar jurken ruimer, ben ik bang dat zij spoedig zal sterven en dat vader dan met haar meegaat.’ (p. 53). Dit is dus een kenmerk van depressie, omdat moeder minder eet en op die manier omgaat met haar gevoelens. Jas heeft het daar erg moeilijk mee en is erg bang dat er iets mis is met moeder. Jas heeft dus een angst ontwikkeld dat haar ouders ook overlijden. Zij betrekt God hierbij, bidt naar Hem om haar ouders in leven te houden: ‘Dan zit ik in mijn pyjama in het donker op de bank, mijn knieën tegen elkaar, handen gevouwen, en beloof aan God dat ik er één keer diarree voor over heb als hij ze veilig terugbrengt.' (p. 53). Jas’ manier van rouwverwerking is onder andere het verzinnen van situaties zoals dat van het overlijden van haar ouders. Ook vader is depressief. Hij laat dit in zijn uitstraling merken en hij is erg moe: ‘Vader zit met zijn hoofd tussen zijn handen aan tafel. De hele dag houdt hij het geheven, maar aan tafel valt het naar beneden, is het te zwaar geworden.’ (p.52). Vader probeert zijn vermoeidheid te verbergen, maar houdt dit niet de hele dag vol.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De laatste fase is aanvaarding, de acceptatie (Admin, 2022). Dit zie je niet terug bij de hoofdpersonen. Ze blijven het gehele boek hangen in fase een tot en met vier. Ze aanvaarden de dood van Matthies niet en doorlopen dus niet de laatste fase van rouwverwerking.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al met al worden de verschillende fases van rouwverwerking doorlopen, met uitzondering van de laatste fase. De personages doorlopen deze fases ieder op zijn of haar eigen manier. De ouders van het gezin zwijgen veelal en de kinderen doen morbide experimenten met dieren. Je kan dus zeggen dat in het boek De avond is ongemak vier van de vijf fases van rouwverwerking worden doorlopen: ‘Moeder begint zachtjes te zingen: Hoger dan de blauwe luchten en de sterretjes van goud, woont de vader in de Hemel die van Matthies, Obbe, Jas en Hanna houdt.’ (p.157).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnenlijst
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Admin. (2022, 1 augustus).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De vijf fases van rouw - Praktijk Amiant.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Praktijk Amiant. https://www.praktijkamiant.nl/particulier/de-vijf-fases-van-rouw/#:~:text=Wat%20zijn%20de%20vijf%20fasen,ze%20werkzaam%20was%20als%20stervensbegeleider.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De avond is ongemak
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            | Lezen voor de lijst | Jeugdbibliotheek 15-18-jaar. (z.d.). https://www.jeugdbibliotheek.nl/12-18-jaar/lezen-voor-de-lijst/15-18-jaar niveau-4/de-avond-is-ongemak-html
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Informatie Marieke Lucas Rijneveld
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . (2024). Boekbeschrijvingen.nl
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Rijneveld, M (2018)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De avond is ongemak
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Atlas Contact, Amsterdam
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+avond+is+ongemak-34cec424.jpg" length="61573" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 30 Dec 2024 14:23:19 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/pijn-op-het-platteland</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Marieke Lucas Rijneveld,essays van leerlingen,essays leerlingen,De avond is ongemak</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+avond+is+ongemak-34cec424.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+avond+is+ongemak-34cec424.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Wie eenmaal billetjes laat schoonlikken door een zwarte hond...</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wie-eenmaal-billetjes-laat-schoonlikken-door-een-zwarte-hond</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wie eenmaal billetjes laat schoonlikken door een zwarte hond...
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De bruidegom was een hond' van Yoko Tawada
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Yoko-Tawada-384x576.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wat te doen als je kind van de bijles bij juf Mitsuko Kitamura thuiskomt en zegt: ‘Juf Kitamura, hè, die zei: als je met een papieren zakdoekje dat al een keer is gebruikt nog een keer je neus afveegt, voelt dat lekker zacht, warm en vochtig, en als je het zakdoekje dat zo al twee keer is gebruikt een derde keer gebuikt om in het toilet je billetjes af te vegen, voelt dat nog veel lekkerder.’ Misschien word je boos en zou je een standje willen geven, maar hoe en aan wie eigenlijk precies? De juf zal het vast om opvoedkundige redenen hebben gezegd, bedenk je daarna, misschien om wat spaarzaamheid aan te leren? Het kan ook zijn dat de kinderen het al snel weer vergeten zijn, maar dat je voortaan zelf bij iedere toiletgang weer even aan deze tip van de juf moet denken. Dit zijn wat bespiegelingen die de verteller de lezer voorhoudt in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bruidegom was een hond
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de Japanse auteur Yoko Tawada. Waarschijnlijk zullen de meeste lezers het met de verteller eens zijn dat de opmerking van de juf nog geen reden is om je kind van de bijles af te halen. Maar wat nu als het kind een volgende keer komt met het verhaal van de juf over een jonge prinses die op de wc haar billetjes laat schoonlikken door een zwarte hond?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De moeders in het verhaal proberen de geruchten die de ronde doen over juf Kitamura aan elkaar te rijgen tot een samenhangend geheel, maar door de halve verhalen van de kinderen is dat vrijwel onmogelijk. De zeer waarschijnlijk negenendertigjarige juf is op z’n minst onconventioneel te noemen, want iedere paar bladzijden komt er een nieuwe zinnenprikkelende anekdote bij, waardoor je je steeds meer begint af te vragen: kan dit nog wel door de beugel? Het zijn weliswaar verhalen van ‘horen zeggen’, maar zou er niet een kern van waarheid in zitten?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De situaties worden steeds absurder en vanaf het moment dat een jongeman van achter in de twintig bij haar in huis verschijnt en haar op een nogal bijzondere manier het hof maakt, is het de vraag of je de grens van het betamelijke niet al ver voorbij bent. Op dat moment ben je echter al zo hopeloos aan het verhaal overgeleverd, dat er geen weg meer terug is. Ook over de identiteit en de motieven van de man gaan er vervolgens allerlei vermoedens rond, maar het verhaal gaat verder en voor de lezer valt er niet in te grijpen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In een volstrekt nuchtere stijl weet Tawada de lezer mee te voeren in de meest bizarre ontwikkelingen en juist door die nuchterheid ben je geneigd te denken: ach, waarom ook niet? Tot je aan het einde van het verhaal verbijsterd achteromkijkt en denkt: ergens moet ik toch een grens zijn overgegaan? Waar ligt die eigenlijk precies? En dan voel je hoe je onbewust overal wel een oordeel over kunt hebben, maar dat je er zelden over nadenkt waar die oordelen nu eigenlijk op gebaseerd zijn en dat het misschien ook wel een keer goed is als die (voor)oordelen aan het wankelen gebracht worden. In elk geval werpt dit verrassende verhaal een frisse kijk op de vraag wat precies grensoverschrijdend is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Yoko Tawada –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bruidegom was een hond.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Vertaald door Luk van Haute. Koppernik, 68 blz. € 18,50.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Yoko-Tawada-384x576.jpg" length="17628" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 30 Dec 2024 12:54:46 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wie-eenmaal-billetjes-laat-schoonlikken-door-een-zwarte-hond</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,De bruidegom was een hond,Yoko Tawada</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Yoko-Tawada-384x576.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Yoko-Tawada-384x576.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Ome Arie, de bona fide kerstengel</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ome-arie-de-bona-fide-kerstengel</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ome Arie, de bona fide kerstengel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Bona Fide' van Sander Kollaard en Floris Tilanus
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Bona-fide.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ondanks de glanzend gouden sterretjes in de donkere hemel is het toch vooral de radeloze en wat onheilspellende blik van de duistere figuur op de voorkant die je even uit het lood slaat, als je op het punt staat nog gauw een mooi kerstverhaal voor de feestdagen in de wacht te slepen en je blik valt op
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bona Fide
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Sander Kollaard en Floris Tilanus. Half verlicht door een straatlantaarn kijkt hij je tussen twee struiken door aan en doet een beroep op je barmhartigheid: lees mij, laat mij hier niet in de kou staan!
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het vertrouwen in een onbezorgde kerst is bij die voorkant al enigszins gedeukt, op de titelpagina komt daar nog een gebroken kerstbal bij. Het is alsof je er zelf per ongeluk op bent gaan staan. Het verhaal is nog niet eens begonnen. Bij de illustratie, uitgestrekt over de volgende twee bladzijden, weet je het zeker: je gaat voorlopig niet wegdromen in een licht verhaal. De troosteloze werkelijkheid dringt zich immers in alle schimmigheid aan je op: een doorsnee straat vol verkeer, lelijke gebouwen en vreettenten – de grote letters ‘HOT DOG’S’ lichten in neon op. Onwillekeurig ga je op zoek naar een lichtpuntje en, waarempel, voor de hotdogskraam staat een engel. Je zou hem bijna over het hoofd zien, omdat hij een gewone man is, maar de engelvleugels zijn onmiskenbaar. Daarbovenop komt het motto van Bernard Malamud, waarin het verschijnsel ‘engel’ ook nog eens in taal gerelativeerd wordt: ‘“I think you are an angel of God.” He said it in a broken voice, thinking if you said it it was said.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het lot heeft Leo lelijk te pakken: hij is ontslagen, heeft waarschijnlijk prostaatkanker, en is net door zijn vrouw verlaten. Hoe troosteloos wil je het hebben? Hij ontvlucht zijn huis en dwaalt doelloos door de stad. Zelfs in de kerk is voor hem niets te vinden. De tekeningen van Tilanus spreken boekdelen: een eenzame figuur in de stromende regen, of juist een overvol café of plein waar je jezelf onmogelijk kunt terugvinden. Terwijl Leo een voorzichtige poging doet zijn vrouw in de drukke winkelstraat te volgen, botst hij tegen een engel op, waardoor ze allebei op de grond vallen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Hij krabbelde half overeind en keek geschrokken om zich heen. Naast hem lag een al wat oudere man. Aan de rug, op de plaats van de schouderbladen, ontsprongen indrukwekkende vleugels, wit als sneeuw. Verder was aan de man niets bijzonders te zien. Hij droeg een donkerblauw confectiepak, een wit overhemd en een donkerrode das. In de nogal ruwe trekken van zijn gelaat trokken de grijze, waterige ogen en een boonvormige moedervlek op de rechterwang de meeste aandacht.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Heel geloofwaardig vindt Leo deze engel niet, want aan een echte engel zit volgens hem meer vast: ‘God, een leven na de dood, dat soort dingen.’ Op het visitekaartje van de engel staat: ‘Arie (ome) / Bona fide engel / 1 Korinthiërs 13:13’. Als de engel na een poosje verdwenen is, laat het hele gebeuren Leo toch niet helemaal los. Hij gaat op zoek naar Arie.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bona Fide
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is behalve duister en troosteloos toch ook humoristisch en hartverwarmend, misschien wel juist precies wat een kerstverhaal moet zijn: het tilt je even boven je eigen misère uit, roept mededogen op en laat je met een glimlach en vaag unheimisch gevoel achter, want na de kerst moeten we gewoon weer met elkaar verder, op deze uitdagende aardbol.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Sander Kollaard en Floris Tilanus –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bona Fide; Een kertverhaal van Sander Kollaard.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Met tekeningen van Floris Tilanus. Van Oorschot, 32 blz. € 15,00.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Bona-fide.jpg" length="400327" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 30 Dec 2024 12:50:57 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ome-arie-de-bona-fide-kerstengel</guid>
      <g-custom:tags type="string">Floris Tilanus,Sander Kollaard,essays,Bona fide</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Bona-fide.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Bona-fide.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een krachtig en aangrijpend kunstwerk tegen iedere vorm van onderdrukking</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-krachtig-en-aangrijpend-kunstwerk-tegen-iedere-vorm-van-onderdrukking</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Een krachtig en aangrijpend kunstwerk tegen iedere vorm van onderdrukking
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Ik wens mijn huis as' van Daria Serenko
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Serenko-186x300.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik kan maar niet begrijpen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hoe andermans dood in een mens past
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als elk de zijne al heeft –
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en niet eens weet wat hij daarmee moet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hoe wordt een jongen die met een bloemetje voor de deur staat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een jongen die iemand overhoop schiet?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een jongen die het bevel geeft om iemand overhoop te schieten?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een jongen die dat bevel niet naast zich neerlegt?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De Russische politiek activiste Dario Serenko, mede-oprichtster van het Feminist Anti-War Resistance (FAS)-beweging, in 2022 opgericht tegen de Russische invasie in Oekraïne, schreef met
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik wens mijn huis as
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een juist door zijn kwetsbaarheid zeer krachtig en aangrijpend kunstwerk tegen iedere vorm van onderdrukking.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De grillig vertakte, kale boom met hier en daar nog een bundeling verdwaalde bladeren, geworteld in een bloedplas, prijkt niet alleen op de voorkant. De takken strekken zich ook wanhopig aan de binnenkant van het omslag uit. Deze boom spiegelt Serenko’s taal én verhaal: elke tak is uniek, gaat zijn eigen levensweg, al dan niet vroegtijdig afgekapt. Alle takken vinden hun oorsprong in bloed, in het leven én de dood.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Iedere bladzijde is een verrassing: je begint in het eerste deel ‘Meisjes en instituties’ te lezen in een herinnering als in een dagboek van een vrouw die tussen de andere ‘meisjes’ bij een overheidsinstelling werkt, in een kantoor zonder ramen, waarin tussen zoemende computers een orde heerst die van bovenaf is opgelegd: ‘De meisjes en ik veranderden vaak in één functioneel, veelarmig en veelbenig wezen, triomferend, almachtig en allesverwoestend – en op die momenten vergat ik mijn eigen krachteloosheid en knikkende knieën.’ Dan stuit je op een afbeelding van een vrouw met lege ogen achter een beeldscherm dat eerder op een spiegel lijkt. Onder de tafel zijn haar ledematen vervangen door snoeren die in elkaar verward zijn. Is de vrouw zelfs fysiek aangesloten op het systeem?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal is fragmentarisch en mondt steeds opnieuw uit in poëzie, herkenbaar aan de bladspiegel, aan de herhaling, de beeldspraak, de open plekken. De meisjes krijgen van alles opgelegd en koken vanbinnen: ‘Onze vingers gehoorzamen niet, onze oren tuiten, akten en contracten zweven in de lucht.’ Tussen de beschrijvingen van de kantoorruimte waarin de meisjes werken, staan drie kwetsbare vrouwenlichamen afgebeeld, waaronder dat van een meisje dat haar shirt over haar hoofd uittrekt, haar naakte lichaam zichtbaar, haar hoofd juist niet. Er heerst een spanning. Ieder moment kun je verraden worden, ook door elkaar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vertelster tast af wat haar identiteit is. Ze beschouwt haar ‘meisje-zijn niet als een onvervreemdbare eigenschap. De andere meisjes hebben me laten zien dat je een dynamische constante kunt zijn en dat afwijkingen de belangrijkste factor zijn in onderlinge metingen.’ Hoe houd je jezelf staande binnen een systeem dat gehoorzaamheid eist?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Wij meisjes doen alsof we niets van politiek snappen. We spreken vogeltaal en vogels zweven zoals we weten overal overheen. We kwetteren maar, en niemand vermoedt wat er in ons omgaat. Als jullie eens wisten wat voor een underground we in ons hoofd hadden, dan zouden jullie je zielige complimenten waarschijnlijk wel voor je houden.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je voelt hoe de ingehouden woede oploopt en het niet anders kan dan dat deze ‘underground’ explodeert. Zelfs hun lichamen worden ziek, want de analyses van hun bloed wijzen op een bepaald moment uit dat er een verhoogde concentratie van zware metalen in aanwezig is: kwik, lood, mangaan, cadmium. De ventilatie in het gebouw blijkt verkeerd afgesteld en de lucht uit het metaalverwerkingslaboratorium onder de verdieping waar de meisjes werken, wordt via hun ruimte geleid. Het is bijna symbolisch hoe de zware metalen hun lichaam binnendringen, net als het systeem dat doet: ‘Nu denken de meisjes en ik er wel twee keer over na hoe diep we inademen als we bij een paniekaanval tot vier tellen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De meisjes zijn vatbaar voor geweld en worden uitgelachen, omdat ze de politiek recht in de ogen keken, alsof zij een hert was: ‘Ze stond naast mij met haar kop een beetje schuin, en daarom is alles me ontgaan: alle contracten, akten en afspraken, de hoogte van mijn salaris, de lengte van mijn werkdag.’ Serenko noemt de namen van alle meisjes die hun verhalen met haar hebben gedeeld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het deel ‘Ik wens mijn huis as’ schrijft de vertelster vanuit de vijfpersoonspolitiecel, waarin ze in eerste instantie alleen zit. De criminele recherche heeft haar opgepakt vlak nadat ze een opdracht in haar boek Meisjes en instituties schreef voor haar vriend. Ze werd met boek en al opgepakt. Ze beschrijft hoe ze tussen stinkende matrassen haar proces afwacht, hoe ze haar eigen spulletjes koestert die ze nog mee mocht nemen. Alle voorwerpen waarmee ze zelfmoord zou kunnen plegen, zijn afgepakt. Daar zit ze dan, samen met haar zelfgeschreven boek, gevangen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als ze even gelucht wordt, leest ze de opschriften op de muren: namen van voorgangers en de reden van gevangenschap, ‘Rita Flores – 10 dagen omdat ik mijn huis uit liep’, maar ook ‘Poetin is een lul’. Sommige bladzijden bevatten alleen rijen met namen, of korte kreten, scheldwoorden. Andere bladzijden sommen de vrouwen op die allemaal gevangengenomen zijn of op een andere manier onderdrukt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de vrouw die een miskraam kreeg van de stress
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de vrouw die baarmoederhalskanker bij zichzelf ontdekte op
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de dag nadat ze vluchtelinge was geworden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de vrouw wier huis voor haar ogen afbrandde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de vrouw die streed voor haar recht om op de universiteit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een hidjab te dragen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de vrouw die gedwongen werd haar god af te zweren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de vrouw die gedwongen werd vreemde goden te erkennen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de vrouw die gedwongen werd het staatsburgerschap van de agressorstaat aan te nemen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de vrouw die wordt behandeld als bezet gebied
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In ’De dochter van de smeris’ laat ze genadeloos zien hoe een kind langzaam afdwaalt van haar vader. De vader zegt, als zij nog klein is, dat zij bij haar geboorte het puzzelstukje was dat de leegte in hem had gevuld, maar als ze met gescheurde lip en gebroken neus op het plein wordt opgepakt, kan alleen een dossier nog maar duidelijk maken wat ze ooit van elkaar zijn geweest en wat ze nu van elkaar zijn geworden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Regel voor regel, fragment voor fragment ontvouwt zich de tragische absurditeit van de onderdrukking van wie dan ook. De vervreemding in de afgesloten ruimte en de vervorming van de tijd die daarbij hoort, tilt Serenko’s verhaal boven de politiecel uit. Dat komt ook doordat zij voortdurend de regels van verhalend proza uitrekt tot poëzie: ‘Dode blauwe bruidegoms gaan, terug uit de oorlog, voor altijd bij hun bruiden in bed liggen. Ze liggen op schone lakens, als in een doodskist, en de nog levende vrouwen naast hen liggen als in een doodskist.’ Deze poëzie kruipt onder je huid en alsof ze in je bloedbaan terechtgekomen is, veroorzaakt ze daar voortdurend rillingen: van menselijkheid en verlangen naar vrede.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Dario Serenko –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik wens mijn huis as
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaling door Els de Roon Hertoge en Annelies de hertogh. Koppernik, 224 blz. € 23,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Serenko-186x300.jpg" length="10920" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 30 Dec 2024 12:46:54 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-krachtig-en-aangrijpend-kunstwerk-tegen-iedere-vorm-van-onderdrukking</guid>
      <g-custom:tags type="string">Ik wens mijn huis as,essays,Daria Serenko</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Serenko-186x300.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Serenko-186x300.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘ook jij die dit ik is: luister’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ook-jij-die-dit-ik-is-luister</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ‘ook jij die dit ik is: luister’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'we moeten 'misschien' blijven denken' van Esther Jansma
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/we+moeten+misschien.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            En dan is er een ei. Het kwam uit de lucht vallen, al is dat niet heel waarschijnlijk bij eieren, waar misschien ‘Een grijsverig koppie uit een kalkschil’ zal piepen. Toch ligt het op een raadselachtige wijze puntgaaf voor mijn neus op het omslag van een dichtbundel. Raadselachtig, omdat het ei er weliswaar ongeschonden uitziet, maar eromheen toch de gebroken schaal zichtbaar is. Is het ei misschien toch minder gaaf dan het er zo aan de voorkant uitziet? Bevindt de breuk zich aan de achterzijde, onzichtbaar voor het oog, of kwam het ei per ongeluk terecht in de scherven van een ander? De snelheid waarmee het ei hier vanuit het niets terecht is gekomen, is nog voelbaar, en tegelijkertijd zou het zomaar kunnen zijn dat het hier al die tijd al heeft gelegen, zonder dat ik het gezien heb. De oorsprong van het ei houdt mijn gedachten bezig, omdat er zoveel mogelijkheden zijn. Ik blijf denken, omdat er zoveel ‘misschiens’ zijn. Esther Jansma schrijft, in haar nieuwe bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           we moeten ‘misschien’ blijven denken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           :
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gedichten weten meer dan hun makers
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in dit nu, in dit volgende nu kunnen weten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze zijn gestolde aandacht, herstelsels van de tijd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met gedichten is het niet wezenlijk anders dan met eieren: de dichter legt ze een voor een op de bladzijden en daarna is het voor de lezer, die de gedichten raapt, een raadsel wat erin zit. Je kunt het gedicht onderzoeken, van alle kanten belichten en ineens ergens zeker van zijn, maar het zal zijn ware geheim nooit prijsgeven, omdat het verscholen ligt achter de broze schaal van letters, witregels en zinsconstructies. Je kunt enthousiast uitroepen ‘Aha, hier hebben we een echte Jansma!’ omdat je deze aan de schaal denkt te herkennen, maar wat als Jansma schrijft dat er geen dichters bestaan:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik wil dat dichters niet bestaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Iedereen kan luisteren en blijven proberen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook jij die geen hij is, ook jij ergens anders
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ook jij die dit ik is: luister.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er zit voor jou als lezer niets anders op dan je oor aan de schaal te leggen en al het moois te raden. Wie weet zal er ‘Een grijsverig koppie uit een kalkschil / piepend van alles hartstikke wijsgerig willen begrijpen’ opduiken. Het gestolde denken van de dichter ligt voor je, een stukje ‘nu’ van toen, dat op dit moment weer een nieuw ‘nu’ is geworden in het oor en het oog van de lezer. Dat schept hoop, want op deze manier zal het gedicht nooit eindigen, maar zich steeds in een nieuw ‘nu’ openbaren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In ‘Besta’ schrijft Jansma dat de mens bewegend vanaf het begin komt gegoten ‘in een vat genaamd kind man of vrouw genaamd’. Dit wezen lijkt zo vastgeklonken in een naam, eeuw, geboortedatum, land, maar toch blijft dit ‘in dit vreemde bestaan tot het einde hernoemd / tot iets echts en o wat doet het voor altijd zijn best / precies goed te zijn’. Deze regels raken, omdat ze zo universeel zijn. Je ziet al die uit het ei van hun oorsprong kruipende wezens die zo hun best doen om hun bestaansrecht te verwerven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zolang we hier op aarde rondlopen, zitten we opgesloten in ons denken, en in dat denken is er altijd de dialoog tussen de verschillende ikken. De dichter geeft hen namen als ‘Oud’, ‘Romanticus’, ‘het hoofd’. Samen proberen ze vat te krijgen op de ruimte waar ze ooit in terecht zijn gekomen: ‘Liggen we allemaal gezellig gepland op elkaar gepropt / in de slaapruimte van een gehuurd omhulsel omwille / van een toekomst team te builden, steekt er een storm op.’ Je moet er bijna om lachen, zoals we in onze paniek er een behoorlijk zooitje van maken op ons zinkende schip.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net zoals we ons bij de kip en het ei steeds opnieuw kunnen afvragen wie van de twee er het eerst was, zo laveert de dichter in deze bundel tussen einde en begin. Een leven lijkt een lineaire tijdslijn, maar ook als we ‘Oud’ zijn, zijn we nog steeds het kind, tegen wie de vader fluistert: ‘Wie verdriet heeft, moet plannetjes verzinnen.’ Ook de moeder is er nog met haar stem: ‘Romantisch gezeik!’ Tussen de oude en nieuwe stemmen in het hoofd, probeert de mens zich overeind te houden in het leven, ook als het einde nadert. Je weet niet waar je goed aan doet, omdat stemmen elkaar tegenspreken, en je soms maar beter kunt zwijgen: ‘ ‘Je moet je verstoppen in stil zijn,’ zegt Oud.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Als je bedenkt dat Esther Jansma bijzonder hoogleraar is geweest in de dendrochronologie, de wetenschap die de herkomst en datering onderzoekt van houten voorwerpen en archeologische vondsten aan de hand van in het hout herkenbare groeiringen, dan krijgt haar poëzie nog een extra laag, want de echte Jansma-deskundige kan deze groeiringen ook in haar bundels ontdekken, omdat regels, strofen en soms hele gedichten uit vorige bundels weer terugkomen in daaropvolgende bundels, waardoor haar werk een cyclisch karakter krijgt. Bij haar vorige bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De spronglaag
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            hadden bijna alle recensenten, mijzelf incluis, dat over het hoofd gezien. Voor een wetenschapper moet dat pijn doen. De recensent is in feite niet meer dan een willekeurige lezer, net als de dichter ‘niet wijzer dan andere mensen. Hij is niet mooier, niet hoger, niet duurder’. Als de wandelaar in een bos kan hij slechts de mooie herfstkleuren van de bladeren benoemen, de jaarringen bezingen, zonder dat hij weet hoe oud de boom is en waar deze dichtregels precies vandaan komen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je weet nooit precies wanneer het einde er is, maar er kan een moment komen dat je weet dat het niet meer heel lang zal duren, omdat je allemaal gruwelijkheden tegenkomt op je pad: de maaier die komt en die alles verkaalt, het lichaam dat zichzelf van binnenuit lijkt op te blazen, de dodendans die daarin doorklinkt. Wat doe je dan met jezelf, ‘in mijn huid, in dit ik, in de resten’? Je geschonden lichaam lijkt niet meer dan een stuk afval: ‘Een geamputeerd stuk mens heet formeel chemisch afval.’ Jansma komt met dichtregels die schreeuwen, dwars door je ziel, ontroeren en je soms ook in de lach laten schieten. Ook als je ten dode opgeschreven bent, is er nog steeds de dialoog tussen de ikken. Je kunt jezelf naar de overkant sturen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik stuur haar naar de overkant als er geen brug is
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het ravijn in de helling van de doornen af
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           over de grijze keien van de uitgedroogde beek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de oneetbare lijken van talloze vissen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           stijl omhoog weer dwars door de stekels omhoog
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en daar staat ze nu. In de kaalste verte staat ze.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           O, wat wilde ik dat alles anders voor haar was.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           O, wat ben ik blij als ik haar iets kan geven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hier midden in het leven aan de goede kant.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat staat ze met haar armen naar me te zwaaien?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wil ze daar in haar wildernis nog een gesprek?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Denkt ze dat iemand van ons haar nog kan verstaan?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Is haar vertrek wel tot haar doorgedrongen?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo glashelder geeft ze hier weer hoe een mens in het aangezicht van de dood kan bestaan uit een wanhopig stervend én een hartstochtelijk levend deel. Ook doet haar bundel beseffen dat iemand die volgens de artsen niet meer lang te leven heeft, vooralsnog net zo levend is als ieder ander. In de afdeling ‘Wij en de anderen’ laat ze zien hoe we geneigd zijn om elkaar als ‘anderen’ te benaderen, en hoeveel afwijzing daarin doorklinkt: ‘Het moet mijn aarde hebben geroken en mijn dieren. / Ze is de zoveelste. Ik hoef het niet meer te horen.’ In het gedicht ‘Schreeuw’ schreeuwt de dichter zich nog universeler uit:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik houd niet van verschillen,’ schreeuwt Oud. ‘Muren in een land-
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           schap veranderen mensen in wij en de anderen. Ik wou dat het
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ophield!’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo is het maar net. We bouwen muren om elkaar en om onszelf heen en we hebben elkaar juist nodig om in leven te blijven, ‘vloeibaar landschap’ als wij zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Welke dendrochronoloog kan deze bundel van de zojuist tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw benoemde dichter en wetenschapper rechtdoen, prachtig bos vol kwetsbare en toch zo stevig gewortelde bomen? Deze bundel, die ik weiger de laatste te noemen, omdat ook al haar eerdere bundels steeds opnieuw kunnen volgen op deze? Ik, als toevallige voorbijganger, kan alleen maar rondjes wandelen in al dit moois, luisteren, mij verwonderen, huilen en mij getroost voelen – ‘ook verlies is een vorm van bestaan’ – , steeds  opnieuw, omdat ik uitgenodigd word te blijven denken, misschien te blijven te denken, tot al mijn ikken erbij neervallen. En ja, ik kan nog iets, hier op deze plek: alle andere lezers oproepen deze bundel te lezen en nieuwe vondsten te delen, opdat zij leeft en blijft leven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Esther Jansma –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           we moeten ‘misschien’ blijven denken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Prometheus, 72 blz. € 20,00
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/we+moeten+misschien.jpg" length="32171" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 25 Nov 2024 18:56:54 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ook-jij-die-dit-ik-is-luister</guid>
      <g-custom:tags type="string">Esther Jansma,we moeten 'misschien' blijven denken,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/we+moeten+misschien.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/we+moeten+misschien.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>“Velen hoefden niet anders te doen dan hun staarten in hun broeken te verbergen.”</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/velen-hoefden-niet-anders-te-doen-dan-hun-staarten-in-hun-broeken-te-verbergen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           “Velen hoefden niet anders te doen dan hun staarten in hun broeken te verbergen.”
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Reize door het Aapenland' van Gerrit Paape door C. de J. (leerling vwo 5 Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/reize+door+het+apenland-5604fb53.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reize door het Aapenland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is geschreven door Gerrit Paape. Gerrit Paape werd geboren op 4 februari 1752 in Delft. Al vroeg ging hij daar werken in een plateelbakkerij, dit is een aardewerkfabriek die plateel produceert. Hier werd hij schilder van het plateel. Het ging echter steeds slechter met de fabriek toen hij er werkte, dit kwam voornamelijk door de Britse concurrentie. Paape wilde zich verder ontwikkelen en stopte bij de fabriek, hij ontwikkelde zich uiteindelijk tot schrijver. Hij werd al vroeg openbaar gehuldigd (DBNL, 1996). Tijdens de politieke strijd was hij een felle patriot, hij was voor een radicale omwenteling. Vanwege zijn aanwezige rol in deze strijd is hij in 1787 gevlucht naar Frankrijk, hier zette hij de strijd voort en schreef hij werken als
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reize door het Aapenland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Gerrit Paape, z.d.).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reize door het Aapenland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een imaginair reisverhaal met een politieke betekenis. Het begint met een man van wie zowel zijn vrouw, zijn dienstmeid, zijn paard als zijn hond plotseling allemaal tegelijk in het water vallen. De man weet niet wat hij moet doen, hij denkt daar zo lang over na dat ze uiteindelijk allemaal zijn verdronken. Na een tijdje verzamelt er zich een menigte omheen, iedereen denkt dat de man de vier heeft vermoord. De man besluit om te vluchten. Hij komt langs verschillende dorpen en hoort hoe snel het verhaal zich heeft verspreid. Hoe verder weg hij komt hoe vreemdere wendingen het verhaal neemt. Hij loopt voor een lange tijd, laat zijn vaderland achter zich en komt aan in een vreemd land. Hier moet hij echter geld op zak hebben om verwelkomd te worden, hij besluit om door te lopen naar het apenland. Eenmaal aangekomen hoort hij een stem boven zich, hij wordt 7854 genoemd. Het blijkt dat hij vroeger een aap was met het nummer 7854, hij zou terug zijn gekomen in de menselijke vorm. Daarom krijgt hij een hoger nummer toegewezen, nummer 17. De man heeft geen enkel idee wat er gaande is. Nummer 1, de aap met de hoogste rang, neemt hem mee en vertelt hem alles wat hij is vergeten. Ook vertelt hij de man over het idee van de apen om mens worden. Bij een vergadering waar de man bij is ontstaat een ruzie. Er ontstaan twee groepen, de Nummereenianen en de Nummervijfianen. De Nummereenianen denken dat de apen moeten beginnen met het innerlijk te veranderen, de Nummervijfianen willen beginnen met het uiterlijk en willen de staarten van alle apen afhakken. Uiteindelijk winnen de Nummervijfianen en werden alle staarten in een keer afgehakt, er ontstond een complete chaos. De man, nummer 17, viel flauw. Na een paar nachten werd hij wakker, het bleek allemaal een droom te zijn geweest. Naar verhouding te lange samenvatting  Reize door het Aapenland is een typisch voorbeeld van de literatuur uit de 18e eeuw.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Zoals eerder genoemd zit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reize door het Aapenland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            vol met politieke betekenis. Rond de tijd dat dit boek geschreven is, was er een grote politieke onrust in Nederland, het was de strijd tussen de patriotten en de orangisten, de Nederlandse Revolutie. Paape was een sterke patriot. Toen Paape uit het land was gevlucht, omdat de tegenpartij de macht had gekregen, moest hij bij het schrijven van zijn werken de boodschap verbergen in een verhaal om de censuur in Nederland te ontwijken. Een voorbeeld hiervan is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Reize door het Aapenland
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Altena, z.d.). In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reize door het Aapenland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gaat Paape in op deze politieke strijd, maar bespot hij ook de gehele politieke wereld:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zijn niet vele bavianen en apen, die hier niet in tel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           waren of die uit hoofde van hun wangedrag, domheid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           of met een losse kop van hier waren weggelopen,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           onder de mensen gekomen? Zijn ze aldaar niet als
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           mensen ontvangen en erkend en zijn velen hunner
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           niet tot aanzienlijke posten opgeklommen? En is het
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           niet algemeen erkend dat deze deserteurs met weinig
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           moeite hun fortuin hebben gemaakt? Velen hoefden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           niet anders te doen dan hun staarten in hun broeken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           te verbergen. (17)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier wordt in feite gezegd dat een mens, die van binnen een aap is of nog erger, door de andere mensen kan worden onthaald als een van henzelf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      De toen actuele politieke strijd in Nederland is ook duidelijk te herkennen: “Een van de apenpartijen in het verhaal heette naar de aanvoerder ‘Vijfianen’, de nummers vijf. Dat was een verwijzing naar stadhouder Willem de Vijfde” (Altena, z.d.). De patriotten waren felle tegenstanders van Willem de Vijfde, zij wilden een democratie, geen monarchie (Patriotten en Orangisten, z.d.). In het verhaal wilden de Vijfianen dat de staarten van alle apen werden afgehakt en dat alle apen kaal werden geschoren, dit was vrij radicaal.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reize door het Aapenland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is, zoals de naam al doet vermoeden, een reisverhaal. In de 18e eeuw werden er veel imaginaire reisverhalen geschreven.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reize door het Aapenland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is hier een goed, maar wel satirisch, voorbeeld van:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Door al dit rechtuit gaan moest ik met niet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           weinig hinderlagen worstelen. Ik vond somtijds
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           korenvelden en aardappellanden, dichte bossen en
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           barre heiden, moddersloten en venen, gehuchten en
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dorpen, en het ergste van alles was dat iedereen die
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           mij zag met verwondering vroeg: Waarop loopt die
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           man zo rechtuit? (10)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Imaginaire reisverhalen zijn verhalen over reizen die niet in het echt gebeurd zijn, in landen die niet in het echt bestaan (Imaginaire Reisverhalen, z.d.): “Maar fiktie en werkelijkheid zijn nooit, en allerminst hier, gescheiden kategorieën. Het probleem is juist, dat de auteur van een imaginair reisverhaal vaak een waarheidsgetrouwe indruk probeert te maken (DBNL, 1969)”. Dit is bij
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reize door het Aapenland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ook zeker het geval, Gerrit Paape heeft de politieke strijd van toen verwerkt in het politieke systeem van het verzonnen apenland. Auteurs gebruikten reisverhalen om een andere versie van de wereld te schetsen. Om te laten zien dat de wereld maakbaar is en kan veranderen (Imaginaire Reisverhalen, z.d.). Ook dit is terug te vinden in het boek: “Ze gaven ons een kleine schets van de voortreffelijkheid van de constitutie, regeringsvorm, godsdienst, zeden, gewoonten, plechtigheden enzovoort, die onder het mensdom ontstonden”.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de achttiende eeuw was de eeuw van de verlichting. Mensen moesten zelf na gaan denken en op zichzelf gaan vertrouwen. Het ging in deze tijd om wetenschap, niet alles wat in de Bijbel stond, of wat heiligen zeiden werd zomaar aangenomen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar weet ge met zekerheid, dat hetgeen men hem
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ten laste legt de waarheid is?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De waarheid? De waarheid? Neemt gij het voor die
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           verdommeling op?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In ‘t geheel niet, mijn vriend. Ik vraag alleen maar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           of ge zeker weet dat die historie waar is, want dan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wil ik hem ook wel helpen raspen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Onze dominee zegt het. Hij zal er vanavond over
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           preken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           O, dan is het zeker waar! (10)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier wordt het feit dat mensen zomaar alles aannamen vanuit de kerk bespot. Ook daarvoor is er een goed voorbeeld te vinden, wanneer het verhaal van de man verdraaid wordt tot het een onmogelijk sprookje: “Hij is met een gloeiende kar, door zeven vuurspuwende draken voortgetrokken, door de lucht gereden. Verscheidene boeren hebben de flikkering in de lucht gezien.” (10) Zonder zelf na te denken hebben ze deze fabel aangenomen. Bij beide voorbeelden bespot Gerrit Paape hoe snel mensen fabels als feiten aannamen, dit geeft aan dat hij een schrijver van de verlichting is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Al met al is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reize door het Aapenland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een goed voorbeeld van een 18
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            -eeuws werk. De toen actieve politieke strijd is goed terug te zien in het boek. Ook is het een imaginair reisverhaal, dit was een bekend genre in de 18e eeuw. Als laatst komt de verlichting ook terug in het boek, dit was een veelbesproken onderwerp in de 18e eeuw.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reize door het Aapenland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is dus een satirisch doch typisch voorbeeld van de literatuur uit de 18
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            eeuw.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           DBNL. (1996). 2. Gerrit Paape (1752-1803), Mijne vrolijke wijsgeerte in mijne ballingschap, Gerrit Paape - DBNL. https://www.dbnl.org/tekst/paap004mijn01_01/paap004mijn01_01_0003.php
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gerrit Paape. (z.d.). Literatuurgeschiedenis. https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/gerrit-paape
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Altena, P. (z.d.). Reize door het Aapenland. Literatuurgeschiedenis. https://www.literatuurgeschiedenis.org/teksten/reize-door-het-aapenland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Patriotten en orangisten. (z.d.). Canon van Nederland. https://www.canonvannederland.nl/nl/utrecht/eemland/patriotten-en-orangisten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Imaginaire reisverhalen. (z.d.). Literatuurgeschiedenis. https://www.literatuurgeschiedenis.org/18e-eeuw/imaginaire-reisverhalen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           DBNL. (1969). [Imaginaire reisverhalen in Nederland gedurende de 18e eeuw], “Imaginaire reisverhalen in Nederland gedurende de 18e eeuw”, P.J. Buijnsters - DBNL. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.dbnl.org/tekst/buij001imag01_01/buij001imag01_01_0001.php" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.dbnl.org/tekst/buij001imag01_01/buij001imag01_01_0001.php
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/reize+door+het+apenland-5604fb53.jpeg" length="66385" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 24 Nov 2024 19:08:42 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/velen-hoefden-niet-anders-te-doen-dan-hun-staarten-in-hun-broeken-te-verbergen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Reize door het aapenland,essays,Gerrit Paape,Schasz,essays van leerlignen,essays leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/reize+door+het+apenland-5604fb53.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/reize+door+het+apenland-5604fb53.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Bij de ‘p’ stond het nummer van de Postbank – 9 cijfers’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/bij-de-p-stond-het-nummer-van-de-postbank-9-cijfers</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           ‘Bij de ‘p’ stond het nummer van de Postbank – 9 cijfers’
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;strong&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Rimpeling' van Bibi Dumon Tak
          &#xD;
    &lt;/strong&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/rimpeling.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Je zou soms bijna vergeten dat we in wezen maar weinig verschillen van de langpootmug. Het is misschien vooral een kwestie van tijd, maar als je op een zeker moment uit de tijd bent gevallen, doet dat er nog maar weinig toe. Veel meer dan een rimpeling is het niet, dat leven van ons. Bibi Dumon Tak laat in haar novelle
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Rimpeling
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            de lezer in elk geval tachtig bladzijden lang in dat besef rondscharrelen, in en rond het huis van Marthe, die van de trap viel op het moment dat ze een langpootmug wilde redden. Terwijl Marthe allang het huis uit is gedragen, in een gesloten plastic zak, dwaalt de lezer nog rond in het verlaten huis met de kleine tuin, waarin de spullen en kleine diertjes opnieuw hun draai proberen te vinden in Marthes afwezigheid.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als een aanhoudend memento mori kruipen kleine beestjes en plantjes over de bladzijdes, tussen de tekst, maar soms zelfs over de letters heen. Wat een prachtig vormgegeven klein boek! Zolang ze niet per ongeluk vertrapt worden, zijn deze kleine kruipers en fragiele gevleugelden de overlevers van het verhaal. Voor de mens zijn ze bijna te klein en onooglijk om serieus genomen te worden. Niet voor Marthe, want voor haar waren het altijd volwaardige huisgenoten. Daarom is het niet zo gek dat zij, net als Marthes spulletjes, bijna als echte nabestaanden haar herinnering in ere houden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als haar huis bij gebrek aan menselijke nabestaanden wordt leeggeruimd door hulpverleners, ontrafelt zich stukje bij beetje de bescheiden geschiedenis van Marthe:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘De hulpverleners openden daarop het laatje van het mahoniehouten bijzettafeltje. Ze vonden een knikker en wat geld. Stuivers en kwartjes uit een vorig tijdperk. En sleutels van deuren en een oude kast. Het laatje ging daarna niet meer dicht. Ze lieten het zo. Dit was een plek waar ze geen grip op hadden.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bakelieten telefoon met draaischijf en het daarbij behorende adressenboekje hebben in Marthes huis nooit plaatsgemaakt voor hun eventuele digitale opvolger, en alleen dat boekje spreekt al bijzonder tot de verbeelding:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Bij de ‘p’ stond het nummer van de Postbank – 9 cijfers.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bij de ‘g’ het nummer van de girofoon.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bij de ‘m’ het nummer van de Miele-dealer – weliswaar 10 cijfers, maar bel je die in geval van overlijden?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bij de ‘b’ het nummer van de buurvrouw, een nummer dat met 06 begon. Dus dat was een aanknopingspunt voor de hulpverleners.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niets blijkt minder waar, want als ze het nummer bellen, neemt er iemand op aan de andere kant van het land, die nog nooit van Marthe heeft gehoord.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bijzonder treffend en ontroerend beschrijft Dumon Tak hoe achter ieder voorwerp een verhaal schuilt, alsof het huis in een geheimtaal geschreven is, die de hulpverleners weliswaar hardop kunnen lezen, maar waarvan de betekenis zich pas later openbaart, als zij allang vertrokken zijn. Dat zorgt ook voor een aangename spanning in het verhaal, vooral als de notaris de onderste la van de houten kast nog even opentrekt: ‘Boven op wat keukenschorten lag een voorwerp gewikkeld in een doek. Voordat de notaris het tevoorschijn trok, gleed hij er met zijn vingers voorzichtig overheen. Hij wist toen meteen dat hij voorlopig nog niet naar huis zou gaan. Dit was een zaakje voor de politie.’ Zo blijkt dat de kwetsbare vrouw, die Marthe hoe dan ook was, zich desalniettemin wist te wapenen tegen de demonen uit haar verleden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Rimpeling
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een aandoenlijk mooi verhaal, prachtig vormgegeven, voor jong en oud. Zo zie je Marthes niet-aflatende zorg voor alles wat kwetsbaar is, volop in het omslag en de fijnzinnige illustraties weerspiegeld. Het is een ode aan alles wat klein en betekenisloos lijkt, een oproep om in ons o zo vluchtige leven dat niet meer dan een rimpeling in de wereldgeschiedenis is, vooral dit kleine te koesteren en misschien iets meer naar elkaar om te zien, zodat de Marthe in onze straat niet in eenzaamheid hoeft te sterven, zonder dat iemand heeft geweten om wie zij het meeste gaf. Geef deze kleine schat cadeau aan iedereen, niet alleen aan je liefsten, maar misschien juist ook aan wie je liever een draai om de oren zou geven, omdat het leven te kort is om de ander het leven zuur te maken.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Bibi Dumon Tak –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Rimpeling
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . De Geus, 80 blz. € 17,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/rimpeling.jpg" length="48552" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 24 Nov 2024 18:48:48 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/bij-de-p-stond-het-nummer-van-de-postbank-9-cijfers</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Bibi Dumon Tak,rimpeling</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/rimpeling.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/rimpeling.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>In de ban van blauwe ogen zwart haar</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/in-de-ban-van-blauwe-ogen-zwart-haar</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de ban van blauwe ogen zwart haar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Blauwe ogen zwart haar' van Marguerite Duras
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Blauwe-ogen-zwart-haar-Marguerite-Duras-383x576.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De nieuwe vertaling van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Blauwe ogen zwart haar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Marguerite Duras, door Kiki Coumans, wil je niet meteen gaan lezen. Het boek moet eerst een poos gesloten op je bureau blijven liggen, af en toe opgepakt, omgekeerd, dan weer teruggelegd. Dat heeft alles te maken met hoe het is vormgegeven. De vlakverdeling, de kleurstelling en achter het lijnenspel de halve deur met siersmeedwerk, blijven je aandacht trekken, zoals ook fraai versierde initialen van oude handschriften dat kunnen. Je wilt het lezen nog even uitstellen, het mysterie in stand houden – een mysterie, omdat je eigenlijk niet helemaal begrijpt waar je naar zit te kijken – om je nog langer te kunnen verheugen. En dan komt het moment dat je je niet meer kunt beheersen. Je betreedt het verhaal en tot je grote ontzetting blijkt dan dat achter de deur geen vaste grond is en alle houvast ontbreekt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Een zomeravond, zegt de acteur, zou het hart van het verhaal vormen.’ Met deze zin begint het verhaal. Met het woord ‘zou’ voel je alle grond al onder je voeten verdwijnen. Gaat deze zomeravond of dit verhaal nog plaatsvinden, of was het alleen maar een idee? Dat de uitspraak van een acteur komt, is veelzeggend. De regisseur lijkt afwezig. Dan wordt er een tafereel geschetst van een avond op een terras bij het strand. Een man en een vrouw ontmoeten elkaar, nadat ze een glimp hebben opgevangen van een jonge man met blauwe ogen en zwart haar, voor wie ze beiden een diepe liefde voelen. De man kan niet stoppen met huilen en vraagt de vrouw om bij hem te blijven. Dat doet ze.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarna beland je in een ruimte die niet onderdoet voor een Beckettiaans toneel:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze zou slapen, zegt de acteur. Het zou eruitzien alsof ze dat deed, alsof ze sliep. Ze ligt midden in de lege kamer, op witte lakens die op de grond uitgespreid zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij zit naast haar. Hij kijkt haar met tussenpozen aan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er staan geen stoelen in deze kamer. Hij moet lakens hebben gebracht en daarna de andere vertrekken van het huis een voor een, deur na deur, hebben afgesloten. Deze kamer kijkt uit op de zee en het strand. Er is geen tuin.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kroonluchter met geel licht heeft hij daar gelaten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij weet waarschijnlijk niet goed waarom hij die dingen heeft gedaan, met de lakens, de deuren, het licht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze slaapt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij kent haar niet. Hij kijkt naar de slaap, de open handen, het nog onbekende gezicht, de borsten, de schoonheid, de gesloten ogen. Als hij de deuren van de andere kamers open had gelaten, was ze er waarschijnlijk gaan kijken. Dat had hij vast al bedacht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Opnieuw wordt er onzekerheid in het verhaal geblazen door het woord ‘zou’. Het is of de acteur zijn idee over het verhaal vertelt, vooraf of achteraf, dat is niet duidelijk. Eerst staat er dat ze zou slapen. Verderop staat dat ze slaapt. Je weet als lezer niet zeker of het er alleen maar zo uitziet, zoals in de tweede zin staat, of dat het nu echt zo is. Nog weer verder in het verhaal staat namelijk dat het althans zo lijkt, maar niet zeker is. Je kunt er je hoofd over breken, tot je je begint af te vragen of het er eigenlijk toe doet of ze nu echt slaapt of niet. Het kleine beetje intimiteit dat was opgebouwd door het feit dat de vrouw bij hem blijft slapen, wordt tenietgedaan door uitspraken die juist weer afstand scheppen: ‘Hij kent haar niet’. Het decor waarvan je het gevoel had dat het zorgvuldig bij elkaar was bedacht, blijkt plotseling willekeurig als er staat dat hij niet weet waarom hij die dingen heeft gedaan. Overigens roept de rol van de acteur ook vragen op. Soms lijkt hij samen te vallen met de naamloze man die de vrouw bij zich laat slapen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is sprake van een interne logica die niet per se die van de lezer is. Dat maakt dat er een vreemde spanning komt in het verhaal. Zo wordt er ineens geconstateerd dat ‘ze’ een vrouw is. Dat was voor jou als lezer al duidelijk, althans daar ging je al die tijd vanuit, maar juist door die nadrukkelijke opmerking ga je de vanzelfsprekendheid ervan weer in twijfel trekken. Aan de ene kant wordt er enorm veel informatie achtergehouden: wat is de relatie precies tussen deze twee, waarom blijven ze bij elkaar, waarom is de kamer zo leeg, wat is hun relatie tot de jonge man die ze beiden hebben gezien, voordat ze bij elkaar in de ruimte waren? Aan de andere kant wordt er juist informatie toegevoegd die je niet nodig dacht te hebben.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De gesprekken die de man en vrouw voeren zijn bevreemdend en abstract. Ze spreken over de liefde en de dood, alsof het universele uitspraken betreft. Ze spreken ook heel vaak juist niet, kijken alleen maar naar hoe de ander slaapt. Door de abstractie van de gesprekken heb je het gevoel dat ze een zuiver platonische verhouding hebben en elkaar nimmer zullen bereiken, omdat ze elkaar niet wezenlijk leren kennen door de vreemde afstand die er tussen hen blijft bestaan. Hun relatie voelt als één groot vergeefs verlangen. Gruwelijk duidelijk wordt dat op het moment dat zij aan hem vraagt of hij op haar ‘roerloze geslacht’ komt liggen. Ze spreidt voor hem haar benen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij legt zijn hoofd op de spleet die het innerlijke ding afsluit.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij ligt met zijn gezicht tegen het ding, het monument,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           vochtig al, bijna tegen zijn lippen, bij zijn adem. In een gedweeheid die haast tot tranen roert, blijft hij daar lange tijd met gesloten ogen liggen, op het platte van het vreselijke geslacht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij valt op de jonge man met blauwe ogen, zwart haar. Zij zal hem met haar lichaam dus nooit kunnen verleiden. Zij, op haar beurt, bezoekt regelmatig een andere man, met wie ze wel de liefde bedrijft en die haar slaat. Dit alles maakt hun samenzijn nog vreemder. Zoals vaker in Duras’ werk zijn er elementen die naar haar persoonlijke leven verwijzen. Zo zou deze bijzondere verhouding een reflectie kunnen zijn van haar bijzondere relatie met Yann Andréa, die achtendertig jaar jonger was dan zij en ondanks zijn homoseksualiteit zestien jaar lang met haar samenleefde. Aan hem is het boek ook opgedragen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Blauwe ogen zwart haar
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is vervreemdend, beklemmend en tegelijkertijd bizar luchtig. Door het ritmische en metaforische van de zinnen – alle lof hier voor het vakmanschap van de vertaalster! – is de tekst nauw verwant aan poëzie, door de mysterieuze aanwezigheid van de acteur en de bijzondere decorbeschrijvingen juist weer aan drama, door de surrealistische voorstelling meer aan een droom, door het steeds weer in twijfel trekken van wat er plaatsvindt, misschien vooral aan een concept, een mogelijkheid, of meerdere mogelijkheden ineen. Wat bijna zeker is, is dat je, net als de man en de vrouw, op het moment dat je een glimp hebt opgevangen van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Blauwe ogen zwart haar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , je er niet meer los van kunt komen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Marguerite Duras –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Blauwe ogen zwart haar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Kiki Coumans. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk, 104 blz. € 24,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Blauwe-ogen-zwart-haar-Marguerite-Duras-383x576.jpg" length="29095" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 13 Nov 2024 18:04:59 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/in-de-ban-van-blauwe-ogen-zwart-haar</guid>
      <g-custom:tags type="string">drama,Blauwe ogen zwart haar,essays,Marguerite Duras,Lust tot poëzie</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Blauwe-ogen-zwart-haar-Marguerite-Duras-383x576.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Blauwe-ogen-zwart-haar-Marguerite-Duras-383x576.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Alles zou bloot komen te liggen'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/alles-zou-bloot-komen-te-liggen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Alles zou bloot komen te liggen'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De schaamsoort' van Paul Demets
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Demets-schaamsoort-198x300.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het kwetsbaarst zijn we als we naakt voor de ander staan en er zich tussen de ander en onszelf niets meer bevindt dan alleen nog onze huid. Hoe zit dat met de geest? Waar toont onze geest zich het kwetsbaarst? De nieuwe bundel van Paul Demets,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De schaamsoort; briefgedichten aan Guido Gezelle
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , toont ons op het omslag een vacht. Om de bundel te openen, moet je eerst voorbij de vacht. En wat dan voor je ligt, is taal in haar meest kwetsbare vorm: poëzie, bekend om haar open plekken. De bundel brengt de lezer in het kwetsbaarste deel van onze ziel: het deel waarvoor we ons schamen, waarin we iedere dag onze diepste zonden begaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel is verdeeld in de zeven hoofdzonden, die niet alleen in de katholieke kerk worden onderscheiden, maar al bij de oude Grieken te vinden zijn: hoogmoed, lust, traagheid, woede, onmatigheid, afgunst en hebzucht. De verteller in de bundel deelt zijn diepste gedachten met Guido Gezelle, misschien wel de grootste Vlaamse dichter uit de negentiende eeuw, die behalve (hekel)dichter, ook rooms-katholiek priester was, docent en taalwetenschapper. Bekend is Gezelle door zijn fijnzinnige natuurpoëzie. Als je bedenkt dat volgens Kierkegaard het leven alleen achterwaarts begrepen kan worden, dan moet Gezelle wel een interessante gesprekspartner zijn voor Demets, want wat is er niet allemaal gebeurd in de tussentijds dat samen onderzocht kan worden?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het eerste deel staat de dichter naakt en kwetsbaar voor de oude Vlaamse dichter: ‘Te veel alleenspraak heeft mij mijn stem doen verliezen’ en ‘Schoorvoetend kom ik / uit mijn woorden’. Hij moet zijn ‘male bias’ achter zich laten. Wat er overblijft is ‘stilte in deze kamer: / van schimmels ben ik doordrongen.’ Er is weinig om nog hoogmoedig over te doen. In het tweede deel lijkt de twintigste eeuw als een toenemende stroom aan luxe en lust voorbij te trekken: de diaprojector, treinen, auto’s, doorzonwoonkamers, snelwegen, neonverlichting, benen in de etalage, zwarte bottines. Het is wel duidelijk dat de mens met al zijn zonden verdreven is uit het paradijs: ‘Uit de tuin leken ze verdreven. / Ze hadden veel om op te ruimen.’ In het derde deel vangt de lezer een glimp op van hoe de mens gevormd wordt door het nest waaruit hij voortkomt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Door het oog van haar naald waren we gekropen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           We zaten verscholen, kwamen kamers
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tekort. In ons zat een patroon dat zij had gestikt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Subtiel toont Demets hoe de mens zich vervolgens aan dat nest probeert te ontworstelen, om zichzelf te worden, hoe kwetsbaar en onaf ook. Fijnzinnig zijn ook het klankspel en ritme waarin hij dat doet, wat hij gemeen heeft met Gezelle:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vaak geef ik niet thuis. Wie ik ben, is nu van mij.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er was een draad, ooit strak en sterk.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is een draad die rafelt in het nu.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat de bundel zoveel kracht geeft, is de maatschappelijke betrokkenheid die eruit spreekt, de wilskracht om onderzoek te doen naar wat de mens zo kwetsbaar maakt. De dichter schroomt niet om het kwaad dichtbij te zoeken: in de vierde afdeling, woede, schrijft hij vanuit de kleine slachtoffers van misbruik: ‘Een uitweg was er niet. In wat hij zei, / liepen we verloren.’ Maar in de volgende afdeling, onmatigheid, deinst hij er niet voor terug om in de huid van daders te kruipen: de groep die genadeloos het individu onderdrukt uit naam van saamhorigheid: ‘Hoe snel vonden we de weg / naar elkaar. We droegen gelijkaardige kleren’. De afdeling verwijst naar de brute ontgroeningsrituelen van een studentenvereniging waarbij een jonge student de dood vond. Bizar, maar tegelijkertijd zo treffend is hoe halverwege de afdeling het perspectief verschuift: waar het eerst ‘we’ was, wordt het ‘ze’, alsof de last van de schuld ook de verteller te veel wordt en hij zich verschuilt achter de anderen. Dat is immers wat mensen doen als ze zich schamen: ‘Ze wisten niet wat beter was: / kijken of wegkijken.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Demets poëzie nodigt uit tot kritisch zelfonderzoek. Iedere afdeling heeft een motto dat aan het denken zet over onze normen en waarden, de vanzelfsprekendheden waarmee de witte, vaak mannelijke mens leeft, die nu steeds meer gedwongen wordt om in de spiegel te kijken, als de dichter met Gezelle bij het water staat:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan de rand van het water, G,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           spraken we elkaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           raakten we elkaar kwijt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           omdat de tijd een zwemmer is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wij waren de uitverkorenen,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           onze huid leek licht door te laten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De karkassen van knotwilgen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           stonden in het gelid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is veel veranderd in een eeuw tijd: ‘Alles zou bloot komen te liggen’. Wat is er nog over van de mooie natuur die Gezelle beschreef? We gaan aan onze hoogmoed, afgunst en hebzucht ten onder: ‘We vonden dat we geen redder nodig hadden.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als we de mens dicht op zijn kwetsbare huid zitten, is er weinig waarvoor hij zich níet hoeft te schamen. Hiermee lijkt Demets een nieuwe betekenis toe te voegen aan het begrip ‘schaamsoort’. Er ontsnapt niet alleen veel aan onze aandacht, we zijn op aarde zo langzaamaan ook de soort die het meest heeft om zich voor te schamen. De dichter maakt dat voelbaar door zelf af te dalen in de krochten van de menselijke ziel en de lezer daarin genadeloos mee te nemen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Paul Demets –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De schaamsoort; briefgedichten aan Guido Gezelle
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . PoëzieCentrum, Gent, 88 blz. € 23,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Demets-schaamsoort-198x300.jpg" length="10881" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 13 Nov 2024 18:01:40 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/alles-zou-bloot-komen-te-liggen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Paul Demets,essays,De schaamsoort,poëzie</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Demets-schaamsoort-198x300.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Demets-schaamsoort-198x300.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Er bestaat nog een foto van haar'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/er-bestaat-nog-een-foto-van-haar</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Er bestaat nog een foto van haar'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Over hoe personages in de verhalen van Rascha Peper aan de rand van samenleven lijken te staan, door Noortje van der Poort (leerling uit vwo 6 Eligant Lyceum Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Rascha+Peper.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Er bestaat nog een foto van haar' (
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De waterdame,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            p. 1). Zo begint het verhaal
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De waterdame
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Rascha Peper: een verhaal over een autistische vrouw, Clara, die door haar psychische stoornis ontbonden raakt van de samenleving. Rascha Peper begon op haar eenenveertigste met schrijven, nadat ze werkloos was geraakt. Ze schreef in de 23 jaar tot haar pensioen vele verhalen en bracht elf romans uit. In haar literaire werken komen de klassieke thema's eenzaamheid, liefde en dood aan het licht. De personages in de werken van Peper lijken vaak door deze thema's aan de rand van de samenleving te staan. Zo ook in haar verhalen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De waterdame
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Spijt
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ziel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De waterdame
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            wordt het verhaal van Clara verteld door haar kleindochter. Clara haalt door haar autisme heel veel steun uit een kat totdat deze door een jongeman wordt overreden. Als hij haar ziet, wordt hij meteen verliefd en een week later staat hij weer op de stoep bij Clara maar nu met een nieuwe kat. Uiteindelijk trouwen de man en Clara, maar voor Clara blijft het leven moeilijk tot ze zichzelf een paar jaar na de geboorte van haar kind het leven ontneemt. In het verhaal
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Spijt
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            denkt een leraar terug aan een moeilijke jongen in een oude klas die hij heeft lesgegeven. Hij vond Job Kleinstra een etterbeul die nooit oplette en de hele klas belemmerde. Hij dacht altijd Job het liefst nooit meer in zijn les te willen hebben, totdat Job plotseling geraakt leek door de poëzie van Elsschot en huilend in de klas zat tijdens een poëzieles. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De ziel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           neemt butler Muschenboom wraak op zijn baas, meneer Seegers. Muschenboom en Seegers hebben een affaire gehad, maar Seegers schaamt zich en wil daar niet aan toegeven. Dus besluit hij het bed in te duiken met een andere jongen, genaamd Roy.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Zowel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De waterdame
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            als
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Spijt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            wordt verteld door iemand anders. In De waterdame kijkt een kleindochter naar een foto en denkt ze terug aan het verhaal dat haar door een tante verteld is en dat ze gelezen heeft in brieven, want openlijk over haar grootmoeder spreken kan haar moeder niet. Door het verhaal van Clara zo te vertellen, creëert Peper een afstand tussen Clara en de lezer. Je inbeelden hoe deze vrouw zich voelt, lijkt bijna onmogelijk. Zo geeft Peper hetzelfde gevoel als de ouders van Clara aan de jongeman wilden geven: 'Hij kreeg een kopje thee en zij hielp hem voorzichtig uit zijn droom haar dochter was geen gewoon meisje, contact met haar was moeilijk en voor vreemden sloot ze zich al helemaal af; men moest haar eigenlijk als een patiënte zien.' (
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De waterdame
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , blz. 15). In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Spijt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            lijkt hetzelfde te gebeuren: Job Kleinstra lijkt haast emotieloos. Ook de moeder van Job voelt zich radeloos. Echter, er vindt hier een ommekeer plaats als Job huilend boven het gedicht 'Spijt' van Elsschot zit. Zowel de lezer als de docent realiseren zich op dit punt in het verhaal dat ook zo'n etterbeul als Job emoties heeft. In tegenstelling tot
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De waterdame
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Spijt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            wordt
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De ziel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wel verteld vanuit de eerste persoon. Je leest hier ook Seegers' gedachten, waardoor bij Seegers juist ook een verwaand beeld ontstaat. Door op deze manier over mensen te schrijven creëert Peper niet alleen afstand tussen de lezer en de hoofdpersoon, maar ook tussen de hoofdpersoon en de samenleving.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Daarnaast gebruikt Peper in haar verhalen verschillende leidmotieven die de hoofdpersonen ook distantiëren van de menselijkheid en onze normen en waarden. In Nederland leggen wij veel nadruk op deze normen en waarden. Wanneer mensen afwijken in gedrag en behoeften, zijn wij dat vaak als iets negatiefs. (Autisme in onze samenleving / Vanuit Autisme Bekeken, z.d.). In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ziel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            wordt het beeld 'De Abatto' als een soort menselijk iets gezien door Seegers. Hij lijkt er wel verliefd op te zijn en in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De waterdame
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            betekent een kat alles voor de autistische vrouw. Beide hoofdpersonen lijken dus verbinding te zoeken met onmenselijke dingen om daar steun uit te halen. Al snel krijg je als lezer hierbij het idee Seegers en Clara 'raar' te vinden, omdat dit voor de meeste mensen afwijkend gedrag is, maar ook in de verhalen lijken de andere personages dit absurd te vinden. Zo besmeert Muschenboom uit wraak het beeld met jam om Seegers pijn te doen door hetgeen dat hem het meest dierbaar is te verpesten. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Spijt
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           is het een actie de als leidmotief voorkomt. Door het pestgedrag geeft Job Kleinstra het beeld geen emoties te hebben of te tonen, terwijl het eigenlijk juist zijn onzekerheid weerspiegelt. Zelfs de docent denkt nog terug aan zijn verbazing: 'Er was geen twijfel over mogelijk. Hier, pal onder mijn neus, zat Job Kleinstra de aterling, de vervelende lamzak, de notoire poëzieverachter, en deze Job Kleinstra huilde om een gedicht van Elsschot.' Door deze leidmotieven benadrukt Peper dus hoe de personages moeite hebben in contact te komen met mensen, maar ook hoe andere mensen daardoor moeite hebben om contact te leggen met hen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ook spelen de verhalen zich alle drie af in ruimtes die het gevoel geven ergens alleen te zijn. Zo speelt
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De waterdame
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zich af in een groot landhuis net als
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ziel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Beide huizen vormen een eigen bubbel in de grote wereld. Bezoek zal voor beide geen normale gang van zaken geweest zijn. Zo vertelt de kleindochter in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De waterdame
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           : 'Mijn overgrootouders waren door de gebeurtenissen nogal in een isolement geraakt: de zusjes met hun echtgenoten en de kinderen en een paar andere familieleden waren de enigen die nog regelmatig op bezoek kwamen.' (
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De waterdame
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , blz. 13). Job Kleinstra bevindt zich in het verhaal
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Spijt
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in een klaslokaal. Voor velen zal een klaslokaal als een gezellige plek ervaren worden, maar Job Kleinstra lijkt hierin buiten de boot te vallen. Hij stelt zich op als pestkop en voelt zich onzeker in de klas. Hierdoor krijgt de lezer ook door het klaslokaal een benauwd gevoel, wat versterkt wordt door de docent die eraan terugdenkt, terwijl hij in een trein zit en van zijn pensioen geniet, wat juist een gevoel van vrijheid opwekt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Peper gebruikt dus zowel het perspectief, de leidmotieven en de ruimte. Niet alleen de hoofdpersonen zelf weten niet hoe ze contact moeten maken met anderen, maar de mensen in de omgeving van de hoofdpersonen weten het zelf vaak ook niet. De verhalen die verteld worden door anderen geven afstand, terwijl de leidmotieven de hoofdpersonen nog onmenselijker maken en de ruimte het laat lijken alsof ze alleen op de wereld zijn. Hiermee geeft Peper in de verhalen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De waterdame
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Spijt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ziel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            het beeld dat de hoofdpersonen zich aan de rand van de samenleving bevinden, doordat ze niet begrepen worden in de maatschappij.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronvermelding
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Peper, R. (1990).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De waterdame
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Peper, R. (1996).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Spijt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Peper, R. (1997).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ziel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wolde, E.T. (2022, 4 juni).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Onderzoek wijst uit: kat maakt kinderen met autisme socialer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . J/M Ouders. https://www.jmouders.nl/onderzoek-autisme-kat/
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Van Dordrecht &amp;amp; Iris Kater, M. (z.d.).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Rascha Peper
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Literatuurgeschiedenis. https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/rascha-peper
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Autisme in onze samenleving | Vanuit autisme bekeken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . (z.d.). https://www.vanuitautismebekeken.nl/autisme/over-autisme/autisme-in-onze-samenleving
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Rascha+Peper.jpeg" length="6661" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 31 Oct 2024 13:34:08 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/er-bestaat-nog-een-foto-van-haar</guid>
      <g-custom:tags type="string">Spijt,essays,De waterdame,essays van leerlignen,De ziel,essays leerlingen,Rascha Peper</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Rascha+Peper.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Rascha+Peper.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'God is een woord dat niets betekent'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/god-is-een-woord-dat-niets-betekent</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'God is een woord dat niets betekent'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Nooit meer slapen' van Willem Frederik Hermans door Thomas Pott (leerling vwo 6 Eligant Lyceum Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Nooit+meer+slapen.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nooit meer slapen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            beschrijft Willem Frederik Hermans het leven van de geoloog Alfred Issendorf, die een reis maakt naar het Noorse Finnmark. Deze reis naar Finnmark is van groot belang voor Alfreds studie, omdat hij bewijs zoekt voor de hypothese van zijn professor Sibbelee, namelijk dat de ronde gaten, die gevonden worden onder gesmolten ijs, meteoorkraters zijn. Tijdens de reis heeft Alfred veel moeite met het vinden van bewijs voor zijn hypothese en met de harde en kille natuur. Zo kan Alfred aan het begin van zijn reis geen luchtfoto's krijgen, die essentieel zijn voor zijn onderzoek. De reis betekent veel voor Alfred, omdat hij met deze reis het werk van zijn overleden vader, die zelf te vroeg stierf om iets te ontdekken, voortzet. Volgens de filosofie van het existentialisme heeft elk mens de vrijheid om zelf betekenis te vinden in een wereld zonder betekenis. Aspecten van het existentialisme zijn de zoektocht naar deze betekenis en de erkenning dat niet alles rationeel is. Grote denkers in het existentialisme zijn denkers zoals Kierkegaard, Nietzsche, Sartre en Camus ('Existentialisme', 2019). Hermans heeft in zijn bredere oeuvre geen overkoepelende filosofische gedachte. Zo heeft hij in verschillende romans het nihilisme uitgewerkt en in andere romans, zoals
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nooit meer slapen,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            het existentialisme (Rutten, 2017). Hoe past
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nooit meer slapen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            in het existentialisme?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alfred heeft veel moeite met het doel en de betekenis van zijn zoektocht. Het komt vaak terug dat hij denkt aan de vergeten moeite van mensen die voor hem hebben geleefd. Hij denkt onder andere aan de bouwers van kathedralen en hunebedden en aan het feit dat niemand weet hoe deze mensen geheten hebben. Zo denkt hij:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kathedralen bouwen duurde nog veel langer en is ook nergens goed voor geweest. De hunebedden waren hun kathedralen. Wat is mijn kathedraal? Ik werk aan een kathedraal die ik niet ken en als hij voltooid is, zal ik er niet meer zijn en niemand zal weten dat ik eraan heb gewerkt.' (Hermans, 2010)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zijn zoektocht lijkt nutteloos te zijn, omdat de moeite die hij hierin steekt, vergeten zal worden, zonder enkel bewijs dat het ooit is gebeurd. Hieruit blijkt een belangrijke existentialistisch besef: de wereld heeft geen betekenis zonder dat mensen er betekenis aan hechten. De moeite die Alfred in zijn zoektocht steekt, zal dus vergeten worden door de rest van de mensheid en dit besef leidt Alfred naar de conclusie dat hij zelf betekenis moet vinden in zijn leven en in zijn daden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alfreds zoektocht naar een meteoriet staat symbool voor de zoektocht naar de betekenis in zijn leven. Volgens Alfred is zijn reis geslaagd, en dus ook zijn zoektocht naar betekenis, als hij een meteoriet vindt, maar deze vindt hij uiteindelijk niet. Het enige van betekenis wat Alfred mee terug weet te nemen zijn een paar merkwaardige stenen, maar het is niet zeker of dit meteorieten zijn en dus is het voor hem geen definitief bewijs voor zijn hypothese. De zoektocht naar de meteoriet is dus gefaald en tevens dus de zoektocht naar een betekenis, waar de meteoriet symbool voor stond. Eenmaal terug in Nederland krijgt Alfred toch een meteoriet in handen, omdat zijn vader er een had gekocht voor Alfreds zevende verjaardag, maar hij hem deze uiteindelijk nooit heeft kunnen geven, omdat hij vroegtijdig stierf. Toch is Alfred niet tevreden met het cadeau:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Ik kijk ook naar mijn moeder. Ik zal haar nooit kunnen uitleggen waarom ik verdrietig ben. Zij is trots op mij. En, trouwens, er is geen enkele instantie in mijn omgeving die iets anders van mij wil, dan wat ik zelf ook altijd heb gewild. Hier zit ik, in elke hand een manchetknoop, aan elke manchetknoop een halve meteoriet. Samen een hele. Maar geen enkel bewijs voor de hypothese die ik bewijzen moest.' (Hermans, 2010)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hieruit blijkt dat de zoektocht naar bewijs voor zijn hypothese betekenis heeft voor Alfred. De zoektocht naar betekenis is het belangrijkste aspect van de existentiefilosofie. Alfred heeft geen betekenis gevonden in deze zoektocht, omdat hij op zoek was gegaan naar iets werelds. Volgens het existentialisme is proberen betekenis te vinden in wereldlijke dingen vergeefse moeite, omdat de wereld geen overkoepelende betekenis heeft ('Existentialisme', 2019). Alfreds zoektocht naar betekenis in het bewijzen van zijn hypothese en het falen daarvan is dus een duidelijk aspect van het existentialisme.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In zijn reis wordt Alfred geconfronteerd met de irrationele natuur en daden van mensen en zijn onvermogen om zijn eigen lot volledig te bepalen. Zo gaan er tijdens zijn reis meerdere dingen mis, waaronder het verkrijgen van de luchtfoto's en het verliezen van zijn kompas. Door een complot dat compleet buiten zijn controle lag, heeft hij de luchtfoto's waar hij op had gerekend niet kunnen bemachtigen. Zo zegt hij: 'Maar niets daarvan. Hij heeft me voor niemendal naar Oslo laten komen en toen ook nog voor Piet Snot naar Trondheim gestuurd.' (Hermans, 2010). Hij verwijst hier naar professor Nummedal, die hem heeft gebruikt om wraak te nemen op Alfreds professor Sibbelee zonder dat hij Nummedal iets had aangedaan. Naast de luchtfoto's verliest Alfred later ook zijn dierbare kompas, waardoor hij wordt geforceerd zonder doel door de wildernis van Finnmark te dwalen. Hier wordt hij geconfronteerd met de hardheid van het leven en zijn eigen onvermogen om alles te bepalen zijn typerend voor het existentialisme, waarin men het irrationele en het onvermijdelijke moet accepteren. Volgens het existentialisme is de zoektocht van natuurwetenschappers om het irrationele te verklaren vergeefse moeite en Alfred komt hiermee in aanraking door deze mislukte reis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De filosofie van het existentialisme wordt gekenmerkt door de zoektocht naar betekenis en de vrijheid om deze zelf te vinden. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nooit meer slapen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            komt dit op verschillende manieren naar voren, zoals in de zoektocht naar bewijs voor zijn hypothese en de twijfel aan het nut van zijn moeite. Daarnaast komt het existentialistische aspect van een wereld zonder overkoepelende betekenis duidelijk in beeld met de dood van Arne en Alfreds overlevering aan de natuur.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Willem Frederik Hermans
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . (n.d.). Literatuurgeschiedenis. https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/willem-frederik-hermans
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Existentialisme. (2019, May 22). A
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           llAboutPhilosophy.org
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . https://www.allaboutphilosophy.org/dutch/existentialisme.htm
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            swell.nl. (2017, September 4). Existentialisme |
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           humanistische Canon. Humanistische Canon.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            https://humanistischecanon.nl/venster/existentialisme
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Rutten, D. (2017, July 18).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Willem Frederik Hermans als filosoof - Platform Boekbeoordelingen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . https://www.tntl.nl/boekbeoordelingen/?p=2231
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hermans, W.F. (2010).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nooit meer slapen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Bezige Bij b.v., Uitgeverij De.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Nooit+meer+slapen.jpeg" length="32173" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 31 Oct 2024 13:05:54 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/god-is-een-woord-dat-niets-betekent</guid>
      <g-custom:tags type="string">Willem Frederik Hermans,essays,Nooit meer slapen,essays van leerlingen,essays leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Nooit+meer+slapen.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Nooit+meer+slapen.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘’ Men zal dit snood bedrog, dit schelmstuk voort vertellen.’’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/men-zal-dit-snood-bedrog-dit-schelmstuk-voort-vertellen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘’ Men zal dit snood bedrog, dit schelmstuk voort vertellen.’’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het wederzijds huwelijksbedrog' van Pieter Langendijk door Merle Westerhof (leerling vwo 5 van het Eligant Lyceum Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/wederzijds+huwelijksbedrog.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De bekendste blijspeldichter uit de achttiende eeuw was Pieter Langendijk (1683-1756). In zijn vele komedies ontkwam geen stand aan zijn scherpe observaties. In zijn spelen wordt er behoorlijk gelogen en bedrogen, voornamelijk als het over liefde en geld gaat. Zijn derde stuk bestaat uit vijf bedrijven die over het bedrog van de aristocraat Lodewyk en de adellijke Charlotte gaan. Het blijspel speelt zich af in Utrecht en begint vóór de middag en eindigt 's avonds om negen uur. Als Lodewyk en zijn compagnon Jan weglopen van het leger om zijn familie te bezoeken, komen zij de mooie jongedame Charlotte tegen. Om indruk op Charlotte te maken, huren Lodewijk en Jan een kamer tegenover haar huis en doen ze alsof Lodewyk een graaf is en Jan een baron. Charlotte en haar moeder Konstance willen Lodewyk misleiden en laten hun bedienden zich voordoen als een pachter en een juwelier; Lodewyk koopt een nepgouden ring voor achthonderd gulden. Beiden liegen over hun financiële situatie en denken een oplossing te hebben gevonden voor hun geldzorgen. Karel, Konstance's zoon, komt thuis en vindt de situatie verdacht. Hij herkent Jan als een gedeserteerde soldaat, waarna Jan alles vertelt en wordt gevangen. (DBNL, 2001). (Jongenelen &amp;amp; NBD biblion, z.d.). De achttiende eeuw kent verschillende literaire stromingen. Eén daarvan is het classicisme.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het wederzijds huwlijksbedrog
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            laat verschillende kenmerken zien van deze stroming.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Allereerst is een van de belangrijkste kenmerken van het classicisme in het toneel de eenheid van handeling, plaats en tijd. Bij het Frans classicisme of de navolging van de klassieken golden deze eenheden als wetten of regels. De eenheid van handeling betekent dat er slechts één hoofdlijn in het verhaal mag zijn, zonder afleidende zijverhalen. Alle onderdelen van de actie moeten zo logisch verbonden zijn dat het weglaten of veranderen van bepaalde delen het hele stuk zou veranderen. In dit toneelstuk is er een hoofdlijn die draait om het wederzijdse bedrog tussen Lodewyk en Charlotte, die beiden doen alsof ze rijk zijn om elkaar te imponeren. Wij zien dit bijvoorbeeld terug in de scène waarin Lodewyk de nepgouden ring koopt om indruk te maken op de mooie Charlotte. Net voor deze scène vangen wij een gesprek tussen Klaar en Charlotte op, waarin Klaar meerdere malen Charlotte wijst op hun bedrog:
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           1. Klaar:
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           ‘Ja, als ik u aanschouw, Moet ik bekennen, dat je u zo weet op te schikken, Dat deze minnaar voort zal vallen in je strikken: Want wie zou denken, die jou in dees kleed'ren ziet, Dat jy zo kaal waart, en nog minder had als niet.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           2. Klaar:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ja, Juffrouw, die heer is al te braaf; 't Is slecht dat wy hem zo betoveren door liegen, En met een schyn van staat aan allen kant bedriegen; Het is kontsientie werk maar 'k stap 'er over heen, Als jy me helpen wilt.’ (Langendijk &amp;amp; dbnl / erven W.A. Ornée, 1977).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ondanks dat het verhaal vooral over het bedrog tussen Lodewyk en Charlotte gaat, is er toch een zijverhaal, namelijk de liefde tussen Jan en Klaar. Langendijk negeert dus de eenheid van handeling, niet alles in het verhaal is met elkaar verbonden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarnaast bepaalt de eenheid van tijd dat de gebeurtenissen in het toneelstuk zich binnen een periode van 24 uur moeten afspelen. Sommige critici gingen nog verder en waren van mening dat deze tijdsduur beperkt moest worden tot 12 uur, of zelfs dat de tijdsduur van het spel en de handeling met elkaar overeen moesten komen. In het stuk wordt één tijd concreet vermeld, dat gebeurt in de scène waar Klaar Lodewyk informeert over Charlottes antwoord op zijn brief: ‘’ Heer Graaf zy heeft den brief al beevende geleezen. Ik merkte dat zy 't u zou toestaan, aan haar weezen; Maar evenwel, zy is nog niet gerezolveert; 't Koomt haar te schielyk voor, myn heer, maar zy begeert Dat gy haar t'avond, voor 't balkon, zult komen spreeken, Ten zeven uuren.’’ De eenheid van tijd wordt daarnaast ook nog duidelijk gemaakt in de toneelaanwijzingen: "De geschiedenis begint vóór de middag en eindigt 's avonds om negen uur." (Langendijk et al., 2020). Dit betekent dat de gebeurtenissen in het stuk iets meer dan negen uur duren, wat binnen de toegestane vierentwintig uur valt.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Volgens de regel van de eenheid van plaats, die in de 16e eeuw werd afgeleid uit de eenheid van tijd, moest de handeling zich op één locatie afspelen. (DBNL, 2012). Het stuk voldoet aan de eis van eenheid van plaats, omdat alle scènes zich afspelen op twee dicht bij elkaar gelegen plekken: de straat en het huis van Constance. Dit staat ook vermeld in de toneelaanwijzingen: De eerste en derde tonelen* vertonen een straat, vóór de huizen van Constance en de waard, die tegenover elkaar staan; de tweede, vierde en vijfde tonelen een kamer in het huis van Constance, te Utrecht. Zolang de locaties dichtbij zijn, kan elke scène op een andere plek spelen zonder de eenheid te verbreken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            De Franse klassieke literaire theorie vond geloofwaardigheid of vraisemblance in het theater erg belangrijk. Dit betekent dat een personage moest passen bij zijn sociale omgeving en handelen op een manier die logisch is voor zijn motieven. (DBNL, 2012b). Een goed voorbeeld van een personage die zich op deze manier gedraagt is Klaar. Zij is de bediende van Charlotte, maar ze speelt wel een beetje de baas over haar. In het eerste bedrijf vangen wij wat op over het geplande bedrog van Charlotte, Klaar vertelt haar: ‘’ ‘Zacht juffrouw, wordt niet boos, wel foei! wel foei! 't is schanden: Jy zyt 't alleen niet. Hoor, heb jy geen geld noch goed, Je kent wel leeven van jou oud en aad'lyk bloed.’’’ (Langendijk et al., 2020).
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            In de voorrede staat het belang van een realistische weergave in de zin: "de natuur hunner Personaadjen wykt nergens van haar Eigenschap, noch doet zulke buitenspoorige sprongen als men in Molière vind." (Langendijk et al., 2020) Hier benadrukt Langendijk dat personages hetzelfde moeten blijven met hun eigenschappen en gedrag, zonder overdreven of onverwachte veranderingen, wat past bij het classicistische ideaal van geloofwaardigheid op het toneel.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            Als laatst werd de classicistische opvatting over het toneel vooral gedeeld door mensen die geletterd waren. Het gewone publiek, waar minder geletterden bij hoorden, waren hier niet bij betrokken. Het publiek werd zelfs gezien als de groep waarvoor de toneelwetten bedoeld waren. De schouwburg werd niet alleen als een plek voor vermaak gezien, maar ook als een soort school waar minder geschoolde mensen fatsoenlijk taalgebruik en belangrijke levenslessen konden leren. Ook
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het wederzijds huwelijksbedrog
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            lijkt met deze bedoeling geschreven te zijn.
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            In het stuk is straattaal of gewone spreektaal nauwelijks gebruikt. Hoewel Langendijk dit niet specifiek benoemt in zijn ‘Voorrede’, heeft hij bij elke herdruk van het blijspel veranderingen aangebracht. Hij verving soms stukken met spreektaal door nettere taal of paste ze aan naar meer literaire taal. Zelfs tot aan de uitgave van 1754 bleef hij deze details verbeteren, wat laat zien hoe belangrijk het voor hem was om de juiste taal te gebruiken voor een blijspel. (DBNL, 2001).
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            De gebruikte taal voor het stuk is dus netjes en er valt nergens een grof woord. Hij zorgt ervoor dat de personages taal gebruiken die bij hen past: de bedienden spreken minder netjes dan hun meesters, en de Franstalige juwelier spreekt een gebrekkige vorm van Nederlands.
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            Zoals Langendijk zelf in de voorrede vermeldt, gaat het in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het wederzijds huwelijksbedrog
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            om 'kaal en groots' zijn, ofwel je beter voordoen dan je bent; het gaat om bedrog. Het publiek leert dat je met bedrog niet ver komt, want de waarheid komt altijd naar boven. Wie de waarheid met liefde en berouw onder ogen durft te zien, wordt beloond. Dit zien we ook weer terug in Het wederzijds huwelijksbedrog, want aan het einde als Lodewijk zijn ware identiteit onthuld en eerlijk is, biedt Karel Lodewyk een baan aan in het leger: ‘’’Broeder weet ik ben een kapitein. Als 't hem gelieft kan hy met my na Brussel trekken; 'k Zal daar myn vrinden voort de gansche zaak ontdekken, En maaken dat hy haast een officiers plaats kryg'.’’ (Langendijk &amp;amp; dbnl / erven W.A. Ornée, 1977).
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            Dit is de bijdrage van dit blijspel aan wat Langendijk en veel van zijn tijdgenoten de ‘verbetering van de zeden’ noemden. (Langendijk &amp;amp; dbnl / erven W.A. Ornée, 1977).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Al met al is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het wederzijds huwelijksbedrog
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een klassiek blijspel dat voor het merendeel aan de regels van het classicisme voldoet. Het stuk heeft vijf bedrijven, is geschreven in alexandrijnen en heeft niet te veel personages. De eenheid van tijd en plaats is duidelijk: alles speelt zich af binnen de toegestane vierentwintig uur en op locaties die dicht bij elkaar liggen. Hoewel het stuk zich niet aan de eenheid van handeling houdt, sluiten de gebeurtenissen goed op elkaar aan, wat zorgt voor een logisch en samenhangend verhaal.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           -       DBNL. (1997). Frans-classicisme en het Nederlandse toneel, 1660-1730, “Frans-classicisme en het Nederlandse toneel, 1660-1730”, Anna de Haas - DBNL. https://www.dbnl.org/tekst/haas018fran01_01/haas018fran01_01_0001.php
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           -       DBNL. (2001). Nawoord, Het wederzijds huwelijksbedrog, Pieter Langendijk - DBNL. https://www.dbnl.org/tekst/lang020wede08_01/lang020wede08_01_0008.php#:~:text=Zijn%20derde%20stuk%20was%20het,de%20Grote%20op%20het%20po%C3%ABtenmaal%2C
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           -       DBNL. (2012a). eenheid van handeling, tijd en plaats, Algemeen letterkundig lexicon - DBNL. https://www.dbnl.org/tekst/dela012alge01_01/dela012alge01_01_00606.php
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           -       DBNL. (2012b). vraisemblance, Algemeen letterkundig lexicon - DBNL. https://www.dbnl.org/tekst/dela012alge01_01/dela012alge01_01_02772.php
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           -       Jongenelen, B. &amp;amp; NBD biblion. (z.d.). Sending message. Geraadpleegd op 19 oktober 2024, van https://scholen.uittrekselbank.nbdbiblion.nl /detail/294570/het-wederzijds-huwelijksbedrog?check_logged_in=1
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            -       Langendijk, P. &amp;amp; dbnl / erven W.A. Ornée. (1977). Het wederzyds huwelyksbedrog (W. A. Ornée, Red.).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://f336cf44bb875dbb9561-9b57f222c18f0d08e40e1c25485d6d99.ssl.cf3.rackcdn.com/documents/a8902c899d97417aaa3130c4cb91dce1/03/fdb905deaf46fbb057828fd853ba59/Het-wederzyds-huwelyksbedrog-Pieter-Langendijk.pdf" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://f336cf44bb875dbb9561-9b57f222c18f0d08e40e1c25485d6d99.ssl.cf3.rackcdn.com/documents/a8902c899d97417aaa3130c4cb91dce1/03/fdb905deaf46fbb057828fd853ba59/Het-wederzyds-huwelyksbedrog-Pieter-Langendijk.pdf
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            -       Langendijk, P., De Haas, A. S., Bunnik Productions, Theo Knippenberg, &amp;amp; Bulkboek Online. (2020). HET WEDERZIJDS HUWELIJKSBEDROG BLIJSPEL. In literaire klassieken - reeks 18e eeuw.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://bulkboek.nl/wp-content/uploads/2020/05/1-Online_Pieter-Langendijk_2020.pdf" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://bulkboek.nl//wp-content/uploads/2020/05/1-Online_Pieter-Langendijk_2020.pdf
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            -       Pieter Langendijk. (z.d.-a). Literatuurgeschiedenis.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/pieter-langendijk" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/pieter-langendijk
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            -       Pieter Langendijk. (z.d.-b). Literatuurgeschiedenis.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/pieter-langendijk" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/pieter-langendijk
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/wederzijds+huwelijksbedrog.jpg" length="43555" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 31 Oct 2024 12:46:49 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/men-zal-dit-snood-bedrog-dit-schelmstuk-voort-vertellen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,essays leerlingen,essays van leerlingen,Pieter Langendijk,Het wederzijds huwelijksbedrog</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/wederzijds+huwelijksbedrog.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/wederzijds+huwelijksbedrog.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>“Het moest gebeuren; het was niet te ontlopen, Noodlot, Noodlot...”</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-moest-gebeuren-het-was-niet-te-ontlopen-noodlot-noodlot</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “Het moest gebeuren; het was niet te ontlopen, Noodlot, Noodlot."
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking 'Noodlot' van Louis Couperus door Renate Bussink (leerling vwo 5 Eligant Lyceum Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/couperus+noodlot.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het naturalisme was in het einde van de 19
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            eeuw een bekende literaire stroming in Nederland. In tegenstelling tot de romantische schrijvers in het begin van de 19
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            eeuw, keken naturalisten ook naar de schaduwzijde van het leven (Noodlot, z.d.). In de geschiedenis van de Nederlandse literatuur hebben we best veel naturalistische schrijvers gehad. Denk bijvoorbeeld aan Marcellus Emants en Frederik van Eeden (Naturalisme (1880-1910), z.d.). Ook Louis Couperus was een naturalist, in 1863 werd hij geboren in Den Haag. Couperus is 31 jaar bezig geweest met schrijven en heeft veel verschillende soorten werken geschreven. Zijn eerste werken waren gedichten, maar hij kwam er al snel achter dat proza een sterkere kant van hem was.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Eline Vere
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            was zijn eerste roman en kan duidelijk tot het naturalisme gerekend worden (Louis Couperus, n.d.).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Na het schrijven van dit werk is Couperus samen met zijn zwager naar Scandinavië gereisd. Gebeurtenissen die hij daar heeft meegemaakt heeft hij verwerkt in een andere roman (DBNL, 1990), namelijk het werk
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Noodlot
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Dit verhaal gaat over twee vrienden, Frank Westhove en Bertie. Bertie heeft de hulp van Frank nodig en die krijgt hij. Een tijd later gaan ze samen naar Noorwegen, hier ontmoeten ze Eve. Eve en Frank krijgen een relatie. Bertie is bang hierdoor zijn vriend Frank kwijt te raken, dus drijft hij Eve en Frank uit elkaar. Een paar jaar later komt Frank Eve tegen en komen ze erachter wat Bertie heeft gedaan. Door zijn woede kan Frank zich niet beheersen en slaat hij Bertie dood. Eve wil met Frank trouwen, maar Frank denkt dat hij niet goed genoeg is voor Eve. In het laatste deel van het verhaal plegen ze samen zelfmoord door gif in te nemen. Dit werk van Couperus heeft diverse kenmerken van het naturalisme.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het eerste kenmerk van naturalisme zie je terug in de vertelwijze. In naturalistische literatuur is er namelijk vaak gebruik gemaakt van een personale vertelwijze. De auctoriale verteller wordt vervangen, want die is vaak oordelend en vertellend, terwijl er bij het naturalisme juist gestreefd wordt naar objectiviteit (DBNL, 2012). Dit wordt bereikt door het gebruik van een personale verteller: een verhaal wordt vanuit meerdere personages in de derde persoon verteld. In het werk Noodlot zie je deze vertelwijze de hele tijd terug, in het volgende stuk van het verhaal zie je dat erg goed:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij zou het zelfs ontzettend gezellig vinden als Bertie een paar weken bleef; hij verveelde zich een beetje met zijn rijke jongmens-leven; hij was in een kring van jongelui, die veel uitgingen, veel pierewaaiden en het verveelde hem, dat alles: diners en bals in de wereld en soupers en orgies in de halve wereld. (Couperus, 1890, p. 6)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er wordt in dit geval continu gebruik gemaakt van verwijzingen naar de derde persoon: hij en hem. Het gevolg hiervan is dat het inderdaad objectiever wordt. De schrijver laat namelijk niet zijn eigen mening zien, maar laat de lezer zelf een mening vormen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Een ander kenmerk dat duidelijk maakt dat het werk naturalistisch is heeft te maken met de karakters. Een typisch naturalistisch karakter is namelijk nerveus of gespannen (DBNL, 1979). Dit karakter zie je heel goed terug in een van de hoofdpersonages van Noodlot, namelijk Bertie. Bertie is over veel verschillende dingen gespannen. Hij is bang om door Frank op straat te worden gezet, ook is hij vaak bezig met zijn imago om er voor anderen goed uit te zien en hij is erg bang zijn vriend Frank te verliezen als deze een relatie krijgt met Eve. Al deze nerveuze trekjes kan je tussen de regels doorlezen, maar af en toe komt het duidelijk naar voren:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Frank was gisteren naar de woning van Sir Archibald gegaan, waar de jongelui na hun Noorweegse ontmoeting veel waren gekomen, en Frank was teruggekomen als de aanstaande van Eve! Frank zou trouwen en... hij, Bertie? Waar zou hij blijven, wat zou er van hem worden? Zwaar gevoelde hij de noodlottigheid van het leven, en de onrechtvaardigheid der levens aaneenschakelingen en hij zag in, dat hij zijn eigen ongeluk had opgeroepen door slechts een enkel woord... Een enkel woord: Noorwegen! Noorwegen, Eve, Franks liefde, Franks aanstaand huwelijk, zijn eigen ondergang, hoe hatelijk duidelijk zag hij die enkele schakelen zijner levensketen in elkaar geklonken! Eén woord, uit een domme intuïtie geuit: Noorwegen: en hij bewerkte onherroepelijk het geluk van twee anderen, ten koste van zichzelve! (Couperus, 1890, p. 25-26)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Duidelijk is te merken dat Bertie niet goed weet wat er van hem zal worden. Hij is bang om Frank te verliezen en zijn eigen ondergang tegemoet te gaan. Ook wordt er in dialogen van Bertie vaak gebruik gemaakt van drie puntjes. Dit heeft het gevolg dat er een nerveus karakter ontstaat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De geloofwaardigheid van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Noodlot
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is ook een kenmerk van het naturalisme. Dit zie je bijvoorbeeld in de eerste zinnen:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De handen in de zakken, de kraag van zijn pels op, ging Frank door het stuiven der sneeuw voort, langs de eenzame Adelaïde-Road, in de avond. Toen hij het villaatje naderde, waar hij woonde, - White-Rose, geheel gedoken, gedompeld, verzonken in de blankheid der sneeuw, als een nestje in watten, - zag hij iemand op zich afkomen, van Primrose-Hill. (Couperus, 1890, p. 1)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er wordt gebruik gemaakt van bestaande straten in Londen. Verder in het werk is goed te zien dat het verhaal zich continu in bestaande plaatsen afspeelt, want ook tijdens de reis naar Noorwegen en de wereldreis een paar jaar later worden de bezochte plaatsen genoemd. Verder is Noodlot ook geloofwaardig omdat het over de gewone burger gaat. Dit zorgt ervoor dat mensen zich in de karakters kunnen verplaatsen en zichzelf kunnen herkennen. Dus ook dit maakt het verhaal geloofwaardiger.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het is dus duidelijk dat
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Noodlot
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            bij het naturalisme hoort, er zijn meerdere kenmerken waardoor dit zichtbaar wordt. Allereerst wordt er gebruik gemaakt van een personale verteller, hierdoor wordt het verhaal objectief. Daarnaast is een van de hoofdpersonages erg nerveus, wat ook bij het naturalisme past. Het laatste kenmerk is de geloofwaardigheid van Noodlot. Dit zorgt er allemaal voor dat
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Noodlot
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            goed tot het naturalisme gerekend kan worden. Onder andere dus door het nerveuze karakter van Bertie:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           O, hij was te moe om bang te zijn; hij zou afwachten wat er gebeuren zou; het moest gebeuren; het was niet te ontlopen, Noodlot, Noodlot... O, de matte rust, te blijven zitten, roerloos, energieloos, willoos, met dat wijde water van grijs zilver vóór zich, en te wachten tot het komen zou... Niet meer te strijden om zichzelve, en bang te zijn om zichzelve, maar geduldig te wachten, en zo altijd te wachten! Komen zou het, als de vloed van die zee, over hem heen gaan zou het, als het schuim over dat zand en dan weer wijken zou het, en dan wellicht zou het uit zijn met hem, verdronken, vergaan... (Couperus, 1890, p. 75)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bibliografie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           -       Louis Couperus. (n.d.). Literatuurgeschiedenis.  
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/louis-couperus" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/louis-couperus
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           -       Noodlot. (z.d.). Scholieren.com.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.scholieren.com/verslag/boekverslag-nederlands-noodlot-door-louis-couperus-46652" target="_blank"&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           https://www.scholieren.com/verslag/boekverslag-nederlands-noodlot-door-louis-couperus-46652
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            -       Naturalisme (1880-1910). (z.d.). Literatuurgeschiedenis.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.literatuurgeschiedenis.org/stromingen/naturalisme-1880-1910" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.literatuurgeschiedenis.org/stromingen/naturalisme-1880-1910
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            -       DBNL. (1990). Verantwoording, noodlot, Louis Couperus - DBNL.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.dbnl.org/tekst/coup002nood02_01/coup002nood02_01_0006.php" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.dbnl.org/tekst/coup002nood02_01/coup002nood02_01_0006.php
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           -       DBNL. (2012). naturalisme, Algemeen letterkundig lexicon - DBNL. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.dbnl.org/tekst/dela012alge01_01/dela012alge01_01_02538.php" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.dbnl.org/tekst/dela012alge01_01/dela012alge01_01_02538.php
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            -      DBNL. (1979). Kenmerken van de Nederlandse naturalistische roman, “Kenmerken van de Nederlandse naturalistische roman”, Ton Anbeek - DBNL.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.dbnl.org/tekst/anbe001kenm01_01/anbe001kenm01_01_0001.php" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.dbnl.org/tekst/anbe001kenm01_01/anbe001kenm01_01_0001.php
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/couperus+noodlot.jpeg" length="31179" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 31 Oct 2024 11:10:59 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-moest-gebeuren-het-was-niet-te-ontlopen-noodlot-noodlot</guid>
      <g-custom:tags type="string">Noodlot,Louis Couperus,essays,essays leerlingen,essays van leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/couperus+noodlot.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/couperus+noodlot.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Uit de duisternis van de nacht komt de dageraad'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/uit-de-duisternis-van-de-nacht-komt-de-dageraad</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Uit de duisternis van de nacht komt de dageraad'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Een tuin voor verloren benen' van Mahmoud Jouda door Khaldoun Aoudeh (leerling vwo 6 Eligant Lyceum Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+tuin+voor+verloren+benen.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tientallen jaren lang lijden de Palestijnen onder een voortdurende cyclus van geweld en onderdrukking, die wordt uitgeoefend door Israël. De recente escalatie van geweld in Gaza heeft gezorgd voor massale ontheemding, een dreigende ineenstorting van de samenleving en onzekerheid over de veiligheid. De situatie is afschuwelijk. Dagelijks gaan onschuldige levens verloren, worden gezinnen uit elkaar gehaald en worden de fundamentele mensenrechten op grove wijze geschonden (
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Nederlandse stilte in het gezicht van Palestijns lijden: een moreel appèl tot verandering - Joop
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            - BNNVARA, n.d.). Mahmoud Jouda is een van de velen die hun best hebben gedaan en nog doen om deze situatie in de rest van de wereld onder de aandacht te brengen. Dat deed hij door een boek te schrijver dat de lezer mentaal en emotioneel betrekt bij wat er in Gaza allemaal gebeurt. Het boek heet
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een tuin voor verloren benen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Jouda is psycholoog, geboren in 1985. Behalve psycholoog is hij journalist en schrijver van korte verhalen en romans. In maart 2024 vluchtte hij met zijn familie vanuit Gaza richting Egypte (Jouda, 2024).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een tuin voor verloren benen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gaat over een schrijver die met zijn beste vriend Hassan mensen opzoekt en soms toevallig tegenkomt die een handicap hebben, of een verschrikkelijk verhaal te vertellen hebben. Hij schrijft vervolgens hun verhalen op. In een droom ziet de hoofdpersoon dat Hassan een tuin heeft waarin hij verzamelde ledematen begraaft en bloemen zaait die heel mooi bloeien. Aan het einde van het verhaal verliest ook Hassan zijn been en blijft de vraag of hij dat been ook in zijn tuin gaat begraven.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een tuin voor verloren benen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is geschreven in een oorlogsgebied waar mensen dagelijks lijden. Welke schrijftechnieken gebruikt de schrijver hierbij om een duidelijk beeld te geven van het lijden van de bevolking van Gaza door de oorlog?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een belangrijke techniek die Jouda in zijn roman gebruikt om het lijden van de mensen in Gaza uit te beelden is het schrijven in fragmenten. Het boek bestaat namelijk uit allemaal verschillende verhalen van ongeveer vijftien bladzijden over verschillende personages en verschillende gebeurtenissen. Zo is er een fragment waarbij een persoon genaamd Ibrahim twee vingers en een geslachtsorgaan verliest door een schot van een Israëlische sluipschutter, en een ander fragment dat over een vader gaat met een afgeschoten been, die het verhaal van zijn enige zoon vertelt die in zijn hoofd is geschoten, waardoor hij niet meer leeft, maar ook niet dood is. Deze techniek zorgt voor een sterk beeld van de oorlog, omdat ook de oorlog alles in fragmenten knipt. Oorlog trekt families uit elkaar, huizen, landen, maar ook het lichaam in losse ledematen, waar dit boek over gaat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een andere belangrijke techniek die Jouda gebruikt, is het leidmotief. Dat is een terugkerend element dat het doel heeft om de lezer een bepaalde kant op te sturen met zijn emoties en gevoelens (Ernest, 2022). In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een tuin voor verloren benen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gebruikt de schrijver als leidmotief de verloren ledematen. Zo komt een geamputeerd been op bladzijde 29 naar voren: 'Een jongen, op krukken, zijn been geamputeerd, kwam naar voren'. Daarnaast is er op bladzijde 34 juist een verloren been onvindbaar: '"Gaan we hem begraven met zijn been, dat hem is voorgegaan?" Zijn buurman antwoordde: "Ik weet het niet. Ik denk van niet. Ze weten niet waar dat been ligt. Men zegt dat het nooit is teruggevonden."'. Op bladzijde 73 komen er meerdere geamputeerde benen, voeten, handen en vingers voor: '"Ik heb alle geamputeerde benen, voeten, handen, vingers en andere ledematen verzameld en naar mijn tuintje gebracht om ze daar te begraven."' Door de verloren ledematen als leidmotief te gebruiken benadrukt de auteur in het boek het brute geweld van de oorlog. Het motief versterkt de emotionele en mentale impact op de lezer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een derde belangrijke techniek die Jouda inzet in zijn roman, is de inzet van contrast tussen het alledaagse en het gruwelijke. Hierbij beschrijft hij scènes uit het normale, alledaagse leven en contrasteert hij die met de verschrikking van de oorlog. Zo schrijft hij op bladzijde 70: 'Yousoufs moeder bracht koffie binnen. Ze begroette ons, maakte een grapje met haar zoon en zei: "Als ik hem nu mijn been kon geven, zou ik geen moment aarzelen."'. Op bladzijde 140 staat: 'Ik maakte nog wat grapjes en we spraken af dat ik met hem naar Ghassans rouwdienst zou gaan en hem na afloop weer naar het ziekenhuis zal brengen.' De schrijver begint deze citaten met een alledaags iets, zoals koffiedrinken, lachen, grappen maken, maar hij eindigt vervolgens door over het gruwelijke van de oorlog te schrijven, zoals geamputeerde benen en rouwdiensten. Dit laat zien dat de oorlog alles van het gewone leven vernietigt en verstoort, waardoor de lezer sterk voelt dat een wereld van vrede verandert in een wereld van geweld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kortom, door gebruik te maken van schrijven in fragmenten, het leidmotief van de verloren ledematen en het inzetten van een contrast tussen het alledaagse en het gruwelijke, weet Mahmoud Jouda een indringend beeld te geven over het lijden van de bevolking van Gaza door de oorlog. Hiermee weet hij de lezer niet alleen de feiten over te brengen, maar ook de emoties door de oorlog diepgaand te laten ervaren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Jouda, M. (2024).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een tuin voor verloren benen. roman.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ernest. (2022, 19 mei).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Motieven in een boek uitgelegd + voorbeelden - Leesfeest.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Leesfeest. https://leesfeest.nl/motieven-in-een-boek/
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Nederlandse stilte in het gezicht van Palestijns lijden: een moreel appèl tot verandering - Joop - BNNBARA
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . (n.d.). Joop. https://www.bnnvara.nl/joop/artikelen/de-nederlandse-stilte-in-het-gezicht-van-palestijns-lijden-een-moreel-appel-tot-verandering
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+tuin+voor+verloren+benen.jpeg" length="71377" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 31 Oct 2024 10:53:03 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/uit-de-duisternis-van-de-nacht-komt-de-dageraad</guid>
      <g-custom:tags type="string">Een tuin voor verloren benen,essays,essays van leerlingen,essays leerlingen,Mahmoud Jouda</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+tuin+voor+verloren+benen.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+tuin+voor+verloren+benen.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Als je een trauma beleefd hebt dan neem je die ervaring mee in vergelijkbare situaties</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/als-je-een-trauma-beleefd-hebt-dan-neem-je-die-ervaring-mee-in-vergelijkbare-situaties</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je een trauma beleefd hebt, dan neem je die ervaring mee in vergelijkbare situaties
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van enkele verhalen van Anna Enquist door A. G. Ambagsheer (leerling vwo 6 Eligant Lyceum Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+kwetsuur.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Anna Enquist is in 1945 geboren in Amsterdam, als Christa Broer, en groeit op in Delft. Na de middelbare school heeft ze klinische psychologie in Leiden gestudeerd. (Anna Enquist | KB, de Nationale Bibliotheek, z.d.) Haar ervaring als psychoterapeut zie je terug in de manier waarop ze emoties in haar verhalen beschrijft. Daer een seigneur zijn handen wast, De kwetsuur en Een haven zijn drie korte, door Enquist geschreven, verhalen. Daer een seigneur zijn handen wast gaat over een brief die Helena Lievaert, een dichteres, aan meneer Kallander, hoofdconservator van het Gouden Eeuw Kabinet, schrijft. De brief gaat over een verloren schilderij van Vermeer dat zij gezien heeft tijdens een bezoek in Delft. Tijdens het schrijven van de brief komen er herinneringen naar boven uit het verleden, van de avond waarop ze het ontdekt heeft, de relatie met haar leraar, de lezing en de one-night-stand. De kwetsuur gaat over het genezen van een been dat een jongen tijdens een voetbalwedstrijd gebroken heeft. Een haven gaat over een assistente die aan haar therapeut een ervaring vertelt van haar en haar leidinggevende, dokter Buikhuis, en een vriend die een weekendje gaan zeilen. Wat een ontspannen middag had moeten zijn, wordt een grote ramp met een schipbreuk en een hartaanval. Ze raken ze ook nog de weg kwijt, waardoor de assistente er bijna aIleen voor staat. Alle drie deze verhalen hebben als overkoepelend thema trauma.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als eerste zie je het thema trauma terugkomen in de manier waarop de personages met elkaar omgaan en hun reacties op bepaalde situaties. Ook denken personages terug aan (traumatische) situaties uit het verleden bij de beleving van een bepaalde gebeurtenis. Zo zoekt Helena in het eerste verhaal goedkeuring en wil ze geliefd worden. De one-night-stand is een goed voorbeeld van de toenadering die ze steeds zoekt wanneer ze zich in een onzekere situatie bevindt: "lk wilde dat hij me
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            weer vasthield, ik wilde helemaal omgeven zijn en aan alle kanten stevigheid voelen." (Anna E., 2017) Deze one-night-stand vond plaats in Delft toen Helena daar een lezing moest geven waar ze tegenop zag en aangezien Harrie, haar agent, er toen even niet was, heeft ze bij deze man bescherming gezocht. Ook wordt Helena nerveus als ze het gevoel heeft dat anderen boos of geïrriteerd over haar zijn: "Toen de blauwe BMW vertrokken was met Kallander op de achterbank, woedend bladerend in de krant, liep ik langzaam naar het station. Jk dacht eraan hoe ik door vijfentwintig jaar eerder gelopen had, naast mijn leraar, mijn minnaar, luisterend naar zijn stem en hunkerend naar zijn goedkeuring." (Enquist A., 2017). Hierin lees je dat een geïrriteerd iemand Helena terug doet denken aan haar leraar en de wond die die ervaring heeft achtergelaten, doordat hij haar niet deze goedkeuring en liefde gaf die zij verlangde. Ook interpreteert ze een geïrriteerde persoon meteen als woedend en zoekt ze altijd de fouten bij zichzelf. Dit laat nog een keer zien wat voor wond het trauma heeft achtergelaten. In het derde verhaal zie je dat trauma ook voor ontkenning kan zorgen. Toen de dokter een hartaanval had gekregen op het zeilschip wilde de assistente niet bekennen dat hij echt dood was en blijft ze doorgaan met reanimeren: 'zij was heel goed, dat meisje. Ze kon het en ze was niet bang. We gingen lang door, ik wilde niet ophouden. Ik kon niet ophouden. Ik controleerde geregeld op polsslag, maar die bleef weg. Er verstreek zeker wel een halfuur voordat we elkaar aankeken en toeknikten. Hij was dood.' (Anna E., onbekend). Ook in dit verhaal zie je het verlangen naar zekerheid terug: 'Ik voelde een soort deernis met het natte meisje, dat mij zo goed had geholpen. Ik wilde haar haren strelen maar was te zeer verlamd om te kunnen bewegen.' (Enquist, A., onbekend). De assistente wil net als Helena uit het verhaal
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Daer een seigneur zijn handen wast
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           iemand hebben om vast te houden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als tweede zie je dat Enquist vreemde ruimtes gebruikt om het gevoel van onveiligheid en onzekerheid extra goed over te brengen. In het eerste verhaal is dat de
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           stad Delft en de lezing die Helena moet geven voor een grote groep mensen: 'Ik ontspoor. Wat ik schrijf klinkt eenvoudig, alsof het zomaar gebeurde, maar ik was in Delft en deed mijn mond open.' (Anna E., 2017). In het tweede verhaal is dat het ziekenhuis met de vreemde mensen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            We hebben er anderhalf uur wachttijd op zitten; zijn naar de röntgenafdeling geweest, hebben op de gang stiekem naar de nieuwste foto's gekeken (de botstukken staan in een flauwe hoek op elkaar), zijn afgeblaft door de zuster met de blote benen en hebben eigenlijk op loopgips gerekend. Een gedrongen Spanjaard met een vrolijk gezicht komt binnen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'We hebben nu tijd om loopgips te zetten.'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Dat kan niet, ' zegt de assistente, 'de stand is niet goed.'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Onzin. Dat gaat best.' De gipsmeester slaat tegen de foto op de lichtbak.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'In Salamanca deden we dat zo, en in Davos. Komt prima in orde. Flink belasten. Groeit aan elkaar. Is goed.' Hij pakt de brancard, we rijden Willem naar de gipskamer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De assistente komt eraan. 'Ik ben het er niet mee eens!'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De zaag krijst al. Terwijl de gipsverpleegsters een nieuw harnas bouwen gaan de meester en de assistente de gang op. Ik hoor ze op hoge toon tegen elkaar praten. Wat nu? (Anna E., 1999)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit citaat laat duidelijk de onzekerheid van de situatie zien, ze zitten in een vreemde ruimte en om het nog wat ongemakkelijker te maken gaan de assistente en de gipsmeesters ook nog eens ruzie maken. In het derde verhaal zorgt de boot voor de onveilige omgeving omdat de assistente niet weet hoe ze moet zeilen. Als dokter Buikhuis een hartinfarct krijgt en het voorbij varende zeilschip schipbreuk lijdt, weet ze niet hoe ze het schip moet besturen. Gelukkig weet de jongen, Jelle, van het schip met de schipbreuk wel hoe je een boot bestuurt en kan het andere zwartharige meisje haar helpen met het reanimeren van dokter Buikhuis. Later, nadat ze veilig aan land zijn gekomen en de assistente haar ervaring met haar therapeut deelt, bekent ze dat ze tijwfelt of ze het andere schip met de helpers erbij verzonnen heeft omdat ze op dat moment behoefte had aan hulp.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Misschien zijn er geen anderen,' zeg ik. 'Misschien heb ik het maar gedacht, dat de anderen er waren. Dick is dood, we zijn met de hele afdeling naar de begrafenis geweest. We hebben echt gezeild want die bootschoenen staan achter in mijn klerenkast. Kallander zag ik op het kerkhof; hij ontliep me, dus hij bestaat. Ik heb u niet verteld dat mijn moeder is opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis.' (Anna E., onbekend).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Omdat de situatie en het trauma zo onwerkelijk lijken, twijfelt ze eraan of ze het daadwerkelijk ervaren heeft en niet de helft heeft verzonnen. Met het vertellen dat haar moeder in een psychiatrisch ziekenhuis opgenomen is, bekent ze dat ze twijfelt of ze zelf gek aan het worden is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ten derde gebruikt Enquist in alle drie de verhalen de ik-vorm. Deze laat de lezer extra goed het trauma van het personage ervaren. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kwetsuur
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is het verhaal
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           geschreven vanuit het perspectief van de moeder van Willem. Aan het einde van het verhaal blijkt dat vooral zij het trauma heeft van de botbreuk en niet haar zoon:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De wedstrijd is verschrikkelijk. De Spanjaarden zijn log en traag tegenover de fragiele en snelle Fransen. Cruijff windt zich op, we zien hem staan gesticuleren na het derde tegendoelpunt. Zijn gezicht met de gespierde wangkwabben is vertrokken in een woedende grimas.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een wissel. Met een bevelend armgebaar stuurt Cruijff een tengere jongen het veld op. Het blonde haar golft op en neer als hij naar zijn plaats rent.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Jordi,' zegt Willem, 'hij zet z'n zoon erin!'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De jongen glipt als een goudvis tussen de forse verdedigers door op de keeper af. Het publiek fluit. Doelman en aanvaller glijden, beiden met gestrekt been, in elkaar. De bal rolt de rechterhoek in, de Spaanse spelers juichen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De keeper is spugend opgestaan, maar de jongen zit hulpeloos op de grond, de armen achter zich gestrekt. Zijn vader loopt op een drafje naar hem toe. Over het veld haasten zich mannen met een brancard, kluiten gras vliegen in het rond. Vijftigduizend mensen beginnen te schreeuwen.' (Anna E., 1999)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit citaat laat duidelijk zien dat je de ervaring van een trauma meeneemt in vergelijkbare situaties. Zodra de moeder de jongen ziet vallen, denkt ze meteen terug aan haar eigen zoon, ook is het hele verhaal uit het perspectief van de moeder geschreven en laat daarmee de ontwikkeling van haar trauma zien.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al met al kan je in elk verhaal het thema trauma terugzien. Van de manier hoe de personages in situaties terugkijken naar het verleden, tot hoe de verhalen geschreven zijn en waar die zich afspelen. Anna Enquist weet haar ervaring als psychotherapeut de emoties en gevoelens van elk personage goed tot uiting te laten komen en laat zo de lezer de trauma's haast ervaren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Enquist A. (2017).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dear een seigneur zijn handen wast
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Enquist A. (1999).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kwetsuur
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Enquist A. (onbekend).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een haven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Anna Enquist | KB, de nationale bibliotheek.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (z.d.). KBPro Website. https://collecties.kb.nl/nederlandse-poezie/moderne-nederlandse-dichters/anna-enquist
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+kwetsuur.jpg" length="70772" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 31 Oct 2024 09:46:35 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/als-je-een-trauma-beleefd-hebt-dan-neem-je-die-ervaring-mee-in-vergelijkbare-situaties</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,De kwetsuur,essays van leerlingen,essays leerlingen,Anna Enquist,Een haven,Daer een seigneur zijn handen wast</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+kwetsuur.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+kwetsuur.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Waar ligt de grens</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/waar-ligt-de-grens</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Waar ligt de grens?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Luister' van Sacha Bronwasser door Amelie Schonewille (leerling 6 vwo Eligant Lyceum Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/luister-ea93fbf3.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Sacha Bronwasser is een schrijfster uit Rijswijk. In oktober 2019 bracht ze haar eerste roman met de titel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Niets is gelogen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            uit (Sacha Bronwasser, z.d.). Hierna volgden nog vele titels. Een van die volgende boeken is Bronwassers tweede roman,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Luister
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , die in februari 2023 in de boekhandels verscheen (Biografie - Sacha Bronwasser, z.d.).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het boek
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Luister
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           speelt zich grotendeels af in de wereldstad Parijs. Het boek wordt verteld in twee tijdsperiodes uit het leven van Marie, M. In de jaren tachtig wordt Parijs vaak getroffen door terroristische aanslagen. Deze historische gebeurtenissen spelen samen met volwassen worden en vreemd gedrag van enkele personages een grote rol in het boek. Marie vertrekt in de jaren tachtig naar Parijs, omdat ze daar gaat werken als au-pair. Een onderliggende reden van Maries vertrek is een vlucht voor Flo. Flo is de docent fotografie van Marie op de fotografieacademie, die haar tot object maakte. Als Marie in Parijs aankomt, krijgt ze al snel te maken met Philippe, haar baas. Philippe gedraagt zich vaak bijzonder. Dit komt onder andere door zijn onaangename, voorspellende gaven. Echter, deze voorspellende gaven hebben ervoor gezorgd dat Eloïse, een eerdere au-pair, ternauwernood een terroristische aanslag overleefde.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Er zijn in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Luister
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            veel gebeurtenissen en gedragingen, die mensen als grensoverschrijdend zouden kunnen beschouwen. Echter, het is moeilijk om de definitie van grensoverschrijdend gedrag in een concrete zin uit te drukken. Grensoverschrijdend kan op verschillende manieren worden beschouwd. Een ruime beschrijving van grensoverschrijdend gedrag is gedrag van een persoon waar een ander niet mee instemt. Er zijn veel vormen van dit gedrag, zoals intimidatie, discriminatie, pesten, uitsluiten en fysiek geweld. (Grensoverschrijdend Gedrag: Voorbeelden, z.d.). In hoeverre komt in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Luister
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van Sacha Bronwasser grensoverschrijdend gedrag voor?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het eerste aspect van dit gedrag dat voorkomt in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Luister
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           is achtervolging. Achtervolging kan voor het slachtoffer voelen als een afname van privacy en het kan een onveilig gevoel geven. In het boeken worden zowel Eloïse als Marie achtervolgd door Philippe, de vader van het gezin waar ze werken. De au-pairs vinden hun baas maar een vreemde man. Marie is al eerder gevolgd door haar docent Flo. De eerste achtervolging van Philippe betreft Eloïse. Philippe heeft al eerder een paar pogingen gedaan haar te volgen, maar nooit kwam hij ver. Dit verandert als hij achter haar aan gaat op haar vrije dag: 'Hier staakte Philippe op voorgaande dagen zijn achtervolging, maar nu loopt hij op zijn tennisschoenen en met een kaartje in de hand - voorbereid, nu wel - achter haar aan.' (Bronwasser, 2023, p.57). Philippe achtervolgt haar vanwege een vreemd gevoel dat hem overvalt als hij haar ziet. Marie volgt hij om een totaal andere reden. Hij volgt haar namelijk vanwege het gevoel van gevaar voor zijn kinderen. Dit heeft hij overigens juist aangevoeld, omdat Louis, Philippes jongste zoon, net was weggelopen bij Marie en een drukke weg naderde. Gelukkig heeft Marie het jongetje net op tijd weer teruggevonden: 'Nee, het vreemde was dat precies op dat moment Philippe kwam aanlopen.' (Bronwasser, 2023, p. 198). Voor Marie is achtervolging niet onbekend, maar het blijft ontzettend vervelend. Marie is namelijk al eerder achtervolgd. Flo, Maries docent met wie ze op sommige momenten meer vrienden lijkt, heeft Marie voor een lange tijd achtervolgd. Flo doet regelmatig geheimzinnig naar Marie en zorgt dat ze veel contact houden met elkaar. Achteraf blijkt dat Flo zoveel mogelijk verandering wil veroorzaken bij Marie om haar proces van volwassen worden vast te leggen in een fotoreportage. Marie heeft al deze tijd van niets geweten: 'Er zijn polaroids, gewone foto's, de portretten - veel meer dan ik gemaakt heb zien worden, heel andere ook. Ik ben overal gevolgd en vastgelegd.' (Bronwasser, 2023, p. 171). Het blijft niet alleen bij foto's: 'Er zijn ook bewegende beelden. Op een kleine monitor draaien bewakingsbeelden, er stond blijkbaar een camera op mijn voordeur gericht.' (Bronwasser, 2023, p. 171).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een tweede kenmerk van grensoverschrijdend gedrag is negeren. Negeren wordt ook wel gezien als pesten. Daarnaast kan negeren heel intimiderend overkomen. Dit tweede was ook het geval voor Eloïse. Philippe negeert haar regelmatig als ze nog in het kleine appartement met de kinderen bezig is en ontwijkt haar zoveel mogelijk: 'Hij begroet Eloïse bij thuiskomst na zijn eerste werkdag alsof ze een vreemde is.' (Bronwasser, 2023, p. 48). Voor Eloïse is het ontwijkende gedrag van Philippe vooral ongemakkelijk. Hij zegt vrijwel niets tegen haar, terwijl ze samen in het zeer kleine appartementje zijn. Ditzelfde gedrag vertoont Philippe als Marie bij hem thuis is: 'Daarop lag de vader, een bleke man met een lok, hij hief zijn hand zonder me aan te kijken.' (Bronwasser, 2023, p. 86). Wederom is het gedrag van Philippe niet onbekend voor Marie. Ze herkent het van vrijdagavonden bij Flo thuis. Elke vrijdagavond kwam Marie, samen met veel andere kennissen van Flo, bij Flo thuis. Marie zit altijd in de oorfauteuil in de hoek van de grote woonkamer. Ze zit daar altijd, maar bijna niemand praat echt met haar: 'Er worden geen vragen aan me gesteld.' (Bronwasser, 2023, p. 132). Marie geeft in haar verhaal aan dat ze het niet erg vindt om zo alleen in de hoek van de kamer te zitten. Ze vindt het eigenlijk wel prima zo, maar toch maakt het ontwijkende gedrag van de anderen haar af en toe wel onzeker.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het laatste onderdeel van grensoverschrijdend gedrag dat terugkomt in het boek
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Luister
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is manipulatie. Als iemand wordt gemanipuleerd, kan dit diegene een gevoel geven van controleverlies. Dit is een nare vorm van grensoverschrijdend gedrag. Uiteraard zijn alle vormen vervelend, maar het vervelende van manipulatie is dat het eigenlijk onmogelijk is om deze te herkennen, als deze iemand overkomt. Meestal wordt manipulatie pas herkend als deze voorbij is. Ook dit is Marie overkomen. Zoals eerder is aangegeven, heeft Flo een fotoreportage gemaakt van Marie over haar proces van volwassen worden. Om de veranderingen zo duidelijk mogelijk te maken in haar foto's, zorgt Flo zelf voor zoveel mogelijk veranderingen aan Marie. Zo raadt Flo haar aan om door Robbie, een goede vriend van Flo, een pony te laten knippen: 'Het is jouw idee geweest en aan jouw ideeën twijfel ik niet.' (Bronwasser, 2023, p.169). Hiermee wordt duidelijk dat Flo Marie zover krijgt om bijna alles te doen wat ze zegt. Ze geeft Marie overigens ook niet echt de kans om haar voorstellen af te slaan. Flo zorgt ervoor dat zij telkens de knoop zo snel mogelijk doorhakt, zodat Marie er niets meer tegenin kan brengen: 'Het lijkt alsof het besluit ineens genomen is.' (Bronwasser, 2023, p. 128). Naast relatief kleine veranderingen, zoals kapsels en kleding, zorgt Flo ook voor meer grootschalige en schadelijke veranderingen bij Marie: 'Ik denk dat je nog wat puppyvet kwijt moet.' (Bronwasser, 2023, p. 149). Deze uitspraak geeft Marie een erg vervelend gevoel. Flo gaat dus heel ver. Dit alles om maar te zorgen dat de verschillen in haar reportage zo groot en duidelijk mogelijk zijn. Uit het verhaal dat Marie vertelt in het boek blijkt dat ze later nog veel last heeft van de acties van Flo: 'Ik rookte niet omdat het lekker was maar omdat het voelde als een beslissing waar niemand zich mee bemoeid had. Ook jij niet, Flo.' (Bronwasser, 2023, p. 90).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al met al is duidelijk dat grensoverschrijdend gedrag een prominente rol speelt in het boek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Luister
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Het is terug te vinden in vrijwel elk onderdeel van het verhaal. In het verhaal over Eloïse en Philippe komt vooral het achtervolgen naar voren, maar ook negeren is hier terug te zien. Philippe gedraagt zich vergelijkbaar bij de latere au-pair Marie. Ook hier komen dus achtervolgen en negeren naar voren. In het verhaal tussen Marie en Flo komen alle besproken onderdelen van grensoverschrijdend gedrag naar voren. Marie werd genegeerd bij Flo thuis en daarnaast achtervolgde en manipuleerde Flo haar. De gevolgen van deze acties van Flo zijn heel groot. Marie lijkt er zelfs een trauma aan overgehouden te hebben. Met al deze informatie is te stellen dat grensoverschrijdend gedrag een belangrijke rol speelt in het boek
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Luister
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van Sacha Bronwasser.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Bronwasser, S.E. (2023).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Luister
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (25ste editie). Ambo|Anthos.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Biografie - Sacha Bronwasser
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . (z.d.). Sacha Bronwasser. Geraadpleegd op 14 oktober 2024, van https://sachabronwasser.nl/biografie/
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Grensoverschrijdend gedrag: voorbeelden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (z.d.). Slachtofferwijzer. Geraadpleegd op 14 oktober 2024, van https://slachtofferwijzer.nl/artikelen/grensoverschrijdend-gedrag-voorbeelden
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Sacha Bronwasser.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (z.d.). De Schrijverscentrale. Geraadpleegd op 14 oktober, van https://deschrijvercentrale.nl/auteurs/1424509
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wat valt onder grensoverschrijdend gedrag?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (z.d.). Agressietraining.nl. Geraadpleegd op 14 oktober 2024, van https://agressietraining.nl/wat-valt-onder-grensoverschrijdend-gedrag/
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat valt onder grensoverschrijdend gedrag.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (2022, 22 december). Kennisdomein. Geraadpleegd op 15 oktober 2024, van https://www.kennisdomein.nl/maatschappelijk/wat-valt-onder-grensoverschrijdend-gedrag/
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/luister-ea93fbf3.jpg" length="39127" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 31 Oct 2024 08:52:15 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/waar-ligt-de-grens</guid>
      <g-custom:tags type="string">Luister,Sacha Bronwasser,essays,essays van leerlingen,essays leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/luister-ea93fbf3.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/luister-ea93fbf3.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Zo dichtbij maar zo ver weg</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/zo-dichtbij-maar-zo-ver-weg</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo dichtbij maar zo ver weg
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van enkele korte verhalen van Hella Haasse door Anne Bralts (leerling vwo 6 Eligant Lyceum Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+tuinhuis.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hella Haasse was een Nederlandse schrijfster, die diverse werken heeft geschreven. Zo schreef zij romans en essays, maar ook toneel en poe2zie. Hierdoor werd zij door sommigen ook wel 'de sympathieke moeder van de Nederlandse literatuur' genoemd. In haar verhalen gaat het voornamelijk over de contacten tussen mensen. Zelf vond ze het lastig in contact te komen met haar man en een emotionele binding aan te gaan met haar kinderen (Vrij Nederland, 2022). In haar verhalen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het tuinhuis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De Lidah boeaja
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het portret
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           is dit goed terug te zien. In het eerste verhaal betreft het een moeder-dochterrelatie, in het tweede verhaal voornamelijk een man-vrouwrelatie en in het derde verhaal een broer-zussenrelatie. Al met al hebben deze drie verhalen een overkoepelend thema, namelijk complexe relaties.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In het eerste verhaal,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het tuinhuis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , gaat het om een moeder-dochterrelatie die al vanaf jonge leeftijd niet goed loopt. Je merkt aan de dochter, die langskomt uit plichtsgevoel, dat ze zich hier niet comfortabel voelt en er een voelbare afstand tussen hen is. Later in het verhaal wordt semi-duidelijk gemaakt waarom dat zo is: '"Denk je dat ik niet weet dat je mij dat nooit vergeven hebt? Sinds die tijd kan je mij niet uitstaan. Ik heb het altijd gevoeld"' (
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het tuinhuis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , 2007, p.18). Hieruit blijkt dat de relatie al enige tijd niet goed loopt en dat dat tot op heden nog steeds niet het geval is. De reden waarom wordt echter niet duidelijk gemaakt. In 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De Lidah boeaja
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           betreft de complexe relatie een huwelijk. Het huwelijk tussen de heer en mevrouw Yamada is achteruitgegaan sinds het emigreren naar Nederland. De man voor wie zij in Japan gevallen was, is er niet meer, maar in de plaats van hem is er een onvriendelijke, kille en mysterieuze man ontstaan:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In gezelschap, onder vreemden, gedroeg mijnheer Yamada zich levendig, voorkomend, was hij een en al glimlach; aan kleding en uiterlijk besteedde hij dan de grootste zorg. Maar als hij met Etsu alleen thuis was, scheen hij veranderd: loom slenterde hij rond, bij voorkeur in zijn korte slaapkimono, hij liet zich bedienen, sprak weinig, las kranten, staarde vanaf de veranda over de glooiende tuin heen naar de baai en de schiereilanden in de verte.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De verandering in zijn persoonlijkheid en de zeer minimale affectie die hij aan zijn vrouw toont, heeft hen ver uit elkaar gedreven. Het derde verhaal,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het portret
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , bevat veel ingewikkelde relaties. Zo zijn er twee zussen en een broer, zij kunnen zich lastig in elkaar inleven. Mede doordat zij veel in leeftijd verschillen en in deze tijd hun vader een andere man, met wie ook een andere vader, geworden was. De broer, Bertus, en zijn neefje en nichtje kunnen ook lastig met elkaar omgaan, zij zien een oorlog als een onderwerp uit de geschiedenisboeken, voor Bertus was het realiteit.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Haasse weet deze complexiteit goed weer te geven, hierbij maakt zij onder andere gebruik van de ruimtes. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het tuinhuis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            staat de ruimte symbool voor de
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            persoonlijkheid van haar moeder: rommelig en chaotisch. Zonder dat de dochter haar moeder heeft gezien weet zij al in welke staat zij zal zijn, dit geeft meteen een drukkend gevoel. Aangezien de relatie tussen hen niet goed is, weigert de dochter samen in één bed te slapen, het tuinhuis voelt op dit moment beknellend. Dit is ook het geval in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het portret
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Door de hevige discussies in combinatie met de kleine ruimte wordt de spanning voelbaar:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wij zitten gespannen op de randen van onze stoelen tegenover elkaar in de woonkamer, merkwaardig mengelmoes van Bertus' somber meubilair en de Franse brokaten kleedjes, schemerlampen en petit-pointkussens die Charlotte destijds heeft meegebracht. Achter Bertus' hoofd rijen zich de zorgvuldig naar onderwerp en op alfabetische volgorde gerangschikte boeken, zijn enige weelde. De klok tikt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Door het tikken van de klok wordt duidelijk gemaakt dat het op sommige momenten ontzettend stil is. De aanwezige spanning zal daardoor enorm vergroot worden. De spanning blijft dus oplopen in de kleine ruimte en Charlotte blijft doordraven.Totdat het breekpunt daar is en Bertus zegt dat het portret door hen opgehangen moet worden, om zo van al het gezeur af te zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een ander aspect dat een grote rol speelt, is de tijd. Daarbij is vooral het gebruik van meerdere flashbacks een belangrijk onderdeel. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De Lidah boeaja
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is het een
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           positieve herinnering met een negatief heden. Etsu Yamada verlangt terug naar Japan. Zij wilde al nooit naar Nederland emigreren, maar deed dit voor haar man. Eén plek in Nederland was dan toch haar favoriet, de speelgoed- en snuisterijenwinkel, die van een Japanse familie was: 'Er hing een zoetige geur, die Etsu aan Nagoya deed denken.' (
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Lidah boeaja
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , 1954, p.60). Etsu verlangt terug naar het verleden, hoewel haar man dit juist niet doet. Dit vergroot de kloof tussen hen twee. Het verleden speelt voornamelijk een grote rol in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het portret
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Daar heeft iedereen namelijk een andere herinnering, waardoor de relaties tussen hen verslechterd zijn door onbegrip. Charlotte, Evert en Mary zouden graag in het huis willen wonen, zij hebben geen slechte herinneringen. Voor Bertus en Elza is dit echter niet het geval: '"De eerste verdieping, de zolder," zeg ik, driftig struikelend over mijn woorden, "denk je dat Bertus wil wonen waar hij als jongen geslagen en opgesloten werd, denk je dat ik mij op mijn plaats voel in de kamers waar die moffen gezeten hebben..."' (
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het portret
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , 1948, p.95). Charlotte kan zich hier ontzettend slecht in inleven en denkt dat het hen gaat om het dwarszitten van haar ideeën. Bertus en Elza voelen zich hierdoor onbegrepen door hun eigen bloed. De oneindige discussie over wat er vroeger wel én niet gebeurd is, het huis en het portret blijft gaande. Steeds weer wordt hierdoor de afstand tussen hen allen vergroot.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit allemaal toont aan dat er bij ieder verhaal sprake is van hetzelfde thema: de complexe relaties tussen de personages. Haasse heeft dit uitermate prachtig weten te laten zien door de ruimte en tijd een waardevolle toevoeging te geven. Hiermee heeft zij onder andere duidelijk gemaakt waar de afstand vandaan komt. Hierdoor wordt het voor de lezer makkelijk zich in te leven en de spanning zelf te voelen. Deze afstand tussen de personages is voor de buitenwereld vaak onmerkbaar. Hoewel je samen in hetzelfde bed kan slapen, kan de afstand nóg zo groot zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronvermelding:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wikipedia-bijdragers. (2024, augustus 27). Hella Haasse. Wikipedia. https://nl.wikipedia.org/wiki/Hella Haasse
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Peeters, C.P. (2022, 1 februari). Literaire kroniek: Het leven van Hella S. Haasse was zelf bijna een roman (Door A.T. Truijens; Querido, Red.). Vrij Nederland. Geraadpleegd op 21 oktober 2024, van https://www.vn.nl/literaire-kroniek-hella-s-haasse?srsltid=AfmBOoo2dl07CTZ7amf0eusRe2teDw1nCIPio0LVB2Z7ouneop 8k-Q
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hella Haasse
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het tuinhuis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (2007)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hella Haasse
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Lidah boeaja
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (1954)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hella Haasse
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het portret
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (1948)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+tuinhuis.jpeg" length="67443" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 30 Oct 2024 19:18:15 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/zo-dichtbij-maar-zo-ver-weg</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het portret,essays,Het tuinhuis,essays van leerlingen,essays leerlingen,De lidah boeaja,Hella Haasse</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+tuinhuis.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+tuinhuis.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De geschiedenis van een vrouw. Hoe zij zocht de koele meren des Doods, waar verlossing is, en hoe zij die vond.</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-geschiedenis-van-een-vrouw-hoe-zij-zocht-de-koele-meren-des-doods-waar-verlossing-is-en-hoe-zij-die-vond</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h1&gt;&#xD;
    &lt;a href="null" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           De geschiedenis van een vrouw. Hoe zij zocht de koele meren des Doods, waar verlossing is, en hoe zij die vond.
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/h1&gt;&#xD;
  &lt;h1&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h1&gt;&#xD;
  &lt;h1&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Van de koele meren des doods' van Frederik van Eeden door Mette Braakman (leerling vwo 5 Eligant Lyceum in Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h1&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Van+de+koele+meren.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Frederik van Eeden was een schrijver en psychiater uit de 19
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            eeuw. Hij was ook een medeoprichter van het literaire tijdschrift De Nieuwe Gids. In Nederland is hij vooral bekend door de psychologische roman
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van de koele meren des doods
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , die overigens bij het verschijnen nogal lauw ontvangen werd. (Frederik van Eeden, z.d.) Dit verhaal geeft een inkijkje in het alledaagse leven van de hoofdpersoon Hedwig Marga de Fontayne en haar psychologische problemen. Dit is kenmerkend voor de literatuur in deze periode, want er werden toen minder verhalen geschreven over hooggeplaatste personen of helden uit de geschiedenis en meer over gewone burgers. Deze nieuwe stroming, ontstaan in 1840, heette het realisme. De goede en slechte kanten van het leven werden belicht: er werd geprobeerd de werkelijkheid zo authentiek mogelijk weer te geven. (De Realiteit Als Inspiratiebron, z.d.) In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van de koele meren des doods
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            wordt duidelijk dat de hoofdpersoon al op vroege leeftijd anders is dan anderen, maar in hoeverre vertoont de hoofdpersoon Hedwig in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van de koele meren des doods
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            symptomen van depressie?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een depressie ontstaat meestal door een combinatie van verschillende dingen. Hedwig had een moeilijke jeugd, ze kreeg weinig steun van anderen en haar moeder overleed toen Hedwig nog jong was. (Ik Heb een Depressie | Thuisarts.nl, z.d.) Al deze dingen zullen een rol hebben gespeeld in de ontwikkeling van haar depressie.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een belangrijk verschijnsel van depressie is het verlangen naar de dood. (Depressie Vereniging, 2023) Na de dood van haar moeder zie je dit verschijnsel meerdere keren terugkeren bij Hedwig, onder andere in een droom die ze heeft als klein meisje:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Eens maar droomde zij van een jongen. […] Hij nam haar zwijgend bij de hand en leidde haar door de moestuin, waar reusachtige vruchten lagen in een vreemde, gouden zonneschijn, toen zei hij: ‘Hier moet ik je nu doodmaken, vin je het goed?’ en zij vond het niet enkel goed maar heerlijk […] en zij onderging het meest verrukkende wat zij ooit gekend had. (Eeden, 1900. Blz. 24)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hedwig kan dus alleen maar genieten van de gedachte dood te gaan. Ze lijkt wel geobsedeerd door de dood en alles wat daarmee samenhangt. Niet lang hierna doet ze dan ook een eerste zelfmoordpoging, op vijftienjarige leeftijd. Deze mislukt, maar na afloop is ze een stuk rustiger en heeft ze meer zin in het leven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een ander belangrijk verschijnsel van depressie is nergens zin of plezier in hebben. (Ik Heb een Depressie | Thuisarts.nl, z.d.) Hedwig ervaart dit ook. Zij gaat naar veel feesten, maar ze voelt zich altijd leeg en haar gedachten gaan uiteindelijk toch weer terug naar de dood:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En Hedwig, onder ’t lachen en kouten, voelde eindeloos naargeestig en eenzaam, en zocht in haar gedachten de koele, donkere dood als énige verlossing. (Eeden, 1900. Blz. 104)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Uit dit fragment wordt duidelijk dat Hedwig ongelukkig is. Ze heeft niemand om tegen te praten en voelt zich onbegrepen door haar omgeving. Daarom voelt ze zich erg eenzaam en weet ze geen andere uitweg te bedenken dan de dood.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Een derde kenmerk van depressie is de behoefte om te huilen. (Depressie Vereniging, 2023) In het boek heeft Hedwig vaak last van stemmingswisselingen en huilt ze regelmatig:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Thuis gekomen, in de saaiheid van den dag, schreide zij klagelijk, - omdat dit voorbij was niet alleen, maar ook omdat het scheen of bij haar het heerlijkste altijd door pijn moest bedorven worden. (Eeden, 1900. Blz. 56)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal wordt verteld vanuit een auctoriaal, alwetend perspectief. Hedwigs gevoelens en gedachtes worden aan de lezer overgedragen, de reden achter bepaald gedrag (bijvoorbeeld waarom Hedwig huilt) kan hierdoor goed worden uitgelegd. Hedwig huilt vaak, meestal omdat ze onbegrepen wordt door haar omgeving of liefdesverdriet heeft. Kortom: ze voelt zich vaak eenzaam, waardoor ze moet huilen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Hoewel Hedwig dus erg veel symptomen van depressie vertoont, wordt ze aan het einde van het boek genezen door zuster Paula. In Parijs zit Hedwig in een dieptepunt van sociale en geestelijke ellende. Zuster Paula helpt haar van haar morfineverslaving af en leert haar te geloven in God. Door Paula wordt Hedwigs kijk op het leven permanent veranderd. Na haar bekering keert Hedwig terug naar het platteland en leeft ze nog enkele jaren in vrede bij een eenvoudig boerengezin.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het is duidelijk dat de hoofdpersoon Hedwig uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van de koele meren des doods
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            veel kenmerken van depressie vertoont: ze verlangt naar de dood, heeft nergens zin of plezier in en huilt vaak. Toch gaat het aan het eind van het boek beter met haar. Nadat ze is genezen keert ze terug naar haar geboortestad en verloopt haar leven ‘gelijkmatig en stoorloos tot het einde’ (Eeden, 1900. Blz. 281).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;a href="null" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           Bronnen
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Eeden, F. W. (1900). Van de koele meren des doods: een verhaal.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Frederik van Eeden. (z.d.). Literatuurgeschiedenis.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/frederik-van-eeden" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/frederik-van-eeden
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Van de koele meren des doods. (z.d.). Literatuurgeschiedenis.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.literatuurgeschiedenis.org/teksten/van-de-koele-meren-des-doods" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.literatuurgeschiedenis.org/teksten/van-de-koele-meren-des-doods
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Depressie Vereniging. (2023, 9 maart). Symptomen depressie.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://depressievereniging.nl/depressie/de-ziekte/symptomen-depressie/" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://depressievereniging.nl/depressie/de-ziekte/symptomen-depressie/
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De realiteit als inspiratiebron. (z.d.). Literatuurgeschiedenis.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.literatuurgeschiedenis.org/19e-eeuw/de-realiteit-als-inspiratiebron" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.literatuurgeschiedenis.org/19e-eeuw/de-realiteit-als-inspiratiebron
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ik heb een depressie | Thuisarts.nl. (z.d.).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.thuisarts.nl/depressie/ik-heb-depressie" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.thuisarts.nl/depressie/ik-heb-depressie
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Van+de+koele+meren.jpeg" length="13405" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 30 Oct 2024 18:32:01 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-geschiedenis-van-een-vrouw-hoe-zij-zocht-de-koele-meren-des-doods-waar-verlossing-is-en-hoe-zij-die-vond</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,essays van leerlingen,essays leerlingen,Van de koele meren des doods,Frederik van Eeden</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Van+de+koele+meren.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Van+de+koele+meren.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Van theologie naar technologie</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/van-theologie-naar-technologie</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van theologie naar technologie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De ontdekking van de hemel' door Frank de Kogel (leerling 6 vwo Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+ontdekking+van+de+hemel2.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Met het werk
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ontdekking van de hemel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            heeft Harry Mulisch alle thema's uit zijn oeuvre samen laten komen tot een grote zoektocht naar de zin van het leven. (Canon, 2023) Mulisch is op 29 juli 1927 geboren te Haarlem en is gestorven op 30 oktober 2010. (Harry Mulisch, z.d.) In zijn boeken komen veel verschillende thema's voor, waarvan sommige uit zijn eigen leven afkomstig zijn. Zo is voor hem de tweede wereldoorlog een belangrijk thema, omdat hij een Joodse moeder en een collaborerende vader had. De ontdekking van de hemel is een gesprek tussen twee engelen, die bespreken hoe zij de jongen Quinten het testimonium (de Tien Geboden) naar de hemel hebben laten brengen. Quinten is de zoon van Ada Brons en vermoedelijk Max Delius. Het boek zit vol met niet-toevallig toeval, komische opmerkingen en kosmische vergelijkingen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Verschillende aspecten uit het leven van Harry Mulisch komen terug in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ontdekking van de hemel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Zo heeft Max, net als Mulisch, een Joodse moeder en een collaborerende vader. (Harry Mulisch, z.d.) De inspiratie voor het personage Onno Quist is ook afkomstig uit het persoonlijke leven van Mulisch. Mulisch kende schaakgrootmeester J.H. Donner, die in hetzelfde jaar geboren is als Mulisch zelf. Dit komt overeen met de vriendschap tussen Max en Onno, die ook hun geboortejaar delen. (DBNL, 1989) Ook komt Mulisch' opvoeding overeen met die van Quinten: Mulisch is tijdens de Tweede Wereldoorlog bij huishoudster Frida Falk gaan wonen, net zoals Quinten door zijn oma is opgevoed. Deze overeenkomsten laten zien dat Mulisch op zoek is naar de zin van het leven door te experimenteren met zijn eigen verleden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ontdekking van de hemel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is Mulisch de zin van het leven aan het onderzoeken door alle verschillende thema's die hij in zijn vorige werken heeft behandeld samen te voegen tot een semi- concluderend antwoord. Het kleine verhaal 'De Kamer' is een van de eerste werken die Mulisch heeft gepubliceerd, waarin een kamer voorkomt. Deze kamer is de fascinatie van een jongen, die er later in zijn leven pas achter komt dat deze kamer zijn sterfkamer zal zijn. Ditzelfde thema is zichtbaar in De ontdekking van de hemel, waar Quinten gefascineerd wordt door zijn dromen over 'de Burcht'. Net zoals in 'de Kamer' de jongen in zijn kamer sterft, leidt de Burcht Quinten uiteindelijk naar de plek waar hij, samen met het testimonium, opgenomen wordt in de hemel.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het existentialisme is in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ontdekking van de hemel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            duidelijk aanwezig. Het existentialisme is een filosofische denkwijze, waar de enige zekerheid in het leven bestaat uit het bestaan. Het existentialisme is bijvoorbeeld zichtbaar in de omgeving van Onno, waar veel contacten van hem doodgaan, zoals Max, Ada en zijn vader. Aan het eind van het verhaal raakt hij zelfs Quinten nog kwijt, aangezien hij opgenomen wordt in de hemel. Hieruit valt af te leiden dat voor Onno zijn omgeving verandert, en de enige zekerheid bestaat uit zijn eigen bestaan. Zelf merkt Onno dit ook op, waarna hij in Rome een kluizenaarsbestaan gaat leven: zo is zijn leven alleen, niet afhankelijk van de omgeving. Hier schrijft hij ook in een brief aan zijn dode vader: "Aangezien uiteindelijk alles onzinnig is, het hele leven en de hele wereld, heeft van de weeromstuit alleen het onzinnige nog een soort zin" (
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ontdekking van de hemel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , p. 697-698). Via dit thema onderzoekt Mulisch of het existentialisme misschien de zin van het leven is, waar alleen het bestaan van het leven de zin van het leven is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mulisch gebruikt niet alleen filosofische thema's om de zin van het leven te onderzoeken, maar gebruikt ook de wetenschap hiervoor. In het verhaal zoekt de sterrenkundige Max via de radiotelescoop van Westerbork naar de oorsprong van het heelal, wat te vergelijken valt met Mulisch' zoektocht naar de zin van het leven. Deze twaalf radiotelescopen staan gericht op de hemel, wat symbool staat voor het onderzoek doen naar de hemel en de oorsprong van alles. De sterrenkunde wordt ook als vergelijkingsmateriaal gebruikt, bijvoorbeeld om de gruwelen van vernietigingskamp Auschwitz-Birkenau uit te drukken: "Terwijl hij zijn ogen niet meer afwendde, liep hij met kloppend hart verder, over de spoorbrug, en zag het kamp met elke stap dichterbij komen; een Zwart Gat, waaruit niets kon ontsnappen." (
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ontdekking van de hemel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , p. 148). In de astronomie is een zwart gat een extreem zwaar object, waaruit zelfs het licht niet meer kan ontsnappen. Dit is vergelijkbaar met Auschwitz, waar het (bijna) onmogelijk was om te ontsnappen. Aangezien via kamp Westerbork de moeder van Max naar Auschwitz is gestuurd, heeft de radiotelescoop een belangrijke symbolische functie: hij staat voor het onderzoek naar de oerknal, en daarmee ook naar de oorsprong van de zin van het leven, maar ook voor de effecten die de onmenselijke gruwelen van de aardse geschiedenis hebben op de mensheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het gesprek tussen de twee engelen wordt duidelijk waarom Quinten het testimonium terug naar de hemel moet brengen. Omdat de mensheid sinds het werk van Francis Bacon steeds meer techniek heeft kunnen ontwikkelen, is de balans tussen de macht van de mensheid en de macht van God steeds schever geworden: "Met elke nieuwe uitvinding hebben de mensen een stukje van onze almacht ontvreemd en op die manier stap voor stap hun eigen werkelijkheid gedemoniseerd." (
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ontdekking van de hemel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , p. 445). De engelen beschouwen de overgang van theologie naar technologie als een pact tussen de mensheid en de duivel, waardoor de mensheid bezig was haar eigen graf te graven: "het begin van de moderne tijd, waarmee de heilloze weg naar Auschwitz en Hiroshima en de ontcijfering van het DNA definitief was betreden" (
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ontdekking van de hemel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , p. 446). Deze gedachte komt overeen met het onderzoek van Mulisch, waarbij de mensheid nu niet alleen alles uit haar omgeving verliest, maar zelfs de godsdienst verliest.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wanneer Quinten en Onno in Jeruzalem op een terras zitten, merkt Onno op dat hun serveerster dezelfde ogen heeft als Quinten. Hierna realiseert hij zich, dat dit de moeder van Max is, en dat Quinten zijn zoon niet is. Dit is een belangrijk kenmerk van het existentialisme: hier verliest Onno zijn zoon en het vertrouwen in zijn (inmiddels overleden) vriend, waardoor hij alleen achterblijft. Quinten merkt op, dat zij het nummer 31415 op haar arm getatoeëerd heeft staan. Deze heeft zij gekregen in het vernietigingskamp van Auschwitz, waar zij levend uit is gekomen. Deze vijf cijfers zijn de eerste cijfers in de oneindige reeks van decimalen van Pi. In de wetenschap wordt Pi gebruikt om aan cirkels te rekenen, wat betekent dat met de ontmoeting van de moeder van Max de cirkel rond is. Niet alleen is voor Onno nu alles op zijn plek gevallen, maar heeft Mulisch ook een conclusie kunnen geven aan zijn onderzoek. Aangezien Pi een oneindig aantal decimalen heeft, is het nooit mogelijk om alles te weten, waardoor de cirkel rond is, maar het voor altijd onmogelijk blijft om alles te weten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronvermelding
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Canon, L. (2023, 20 oktober),
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ontdekking van de hemel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Literaire Canon.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           https://literairecanon.be/nl/werken/de-ontdekking-van-de-hemel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            DBNL. (1989).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Harry Mulisch De ontdekking van de hemel, Lexicon van literaire werken, Ton Anbeek, Jaap Goedegebuure en Bart Vervaeck -
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           DBNL. https://www.dbnl.org/tekst/anbe001lexi01 01/lvlw00431.php
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Mulisch, H. (1997).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ontdekking van den hemel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Harry Mulisch.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (z.d.) Literatuurgeschiedenis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/harry-mulisch
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+ontdekking+van+de+hemel2.jpeg" length="87470" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 28 Oct 2024 15:47:18 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/van-theologie-naar-technologie</guid>
      <g-custom:tags type="string">De ontdekking van de hemel,essays,essays leerlingen,essays van leerlingen,Harry Mulisch</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+ontdekking+van+de+hemel2.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+ontdekking+van+de+hemel2.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Tussen de poten van een bureau met vogelogen</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/tussen-de-poten-van-een-bureau-met-vogelogen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tussen de poten van een bureau met vogelogen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Dius' van Stefan Hertmans
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/dius.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Er zijn schilderijen waarin langzaamaan een verhaal tot leven komt, als je maar de tijd neemt om ernaar te blijven kijken. Het omgekeerde heb ik echter zelden ervaren: dat je een verhaal leest en dat je langzaam maar zeker het gevoel hebt dat je naar een schilderij aan het kijken bent. Dit overkwam mij bij de nieuwe roman
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dius
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Stefan Hertmans. Omdat ik zoveel moois van deze auteur heb gelezen, romans, poëzie en essays, was ik verbaasd dat het even duurde voordat ik me in dit nieuwe verhaal thuis voelde. Het had te maken met de mate van invulling die me aanvankelijk wat tegenstond. Werkelijk alles wordt beschreven: kleuren, geuren, lichtval, textuur, smaken. Geen zintuig blijft bij lezing onberoerd. Dat is nogal overweldigend als je een liefhebber bent van open plekken en lege ruimtes. Toch wilde ik niet dat het boek zou tegenvallen en daarom was ik geduldig. Ergens halverwege het boek raakte ik hevig ontroerd, omdat ik ineens besefte dat ik niet zozeer een verhaal aan het lezen was, maar dat ik midden in een levend schilderij stond, omdat ik alle fijnzinnige penseelstreken had laten binnenkomen. Wonder boven wonder kwam toen pas het verhaal tot leven, omdat ik de tijd nam om naar het schilderij te kijken.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is mogelijk om deze cyclus meerdere malen te doorlopen tijdens het lezen en dat maakt dat onder de oppervlakte van het verhaal een metaforische laag tevoorschijn komt die mythische proporties aanneemt. Je leest het oerverhaal van een diepe vriendschap, het oerverhaal van een gekrenkte liefde, het oerverhaal van ons aardse bestaan, het oerverhaal over het maken van kunst, of dit nu schilderen, muziek componeren, schrijven is, het oerverhaal van het ambachtelijke zwoegen, meubels maken, handwerken, tuinieren, zorgen, het oerverhaal van de schepping.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tijdens het lezen nam ik mij voor om nergens in mijn bespreking te vertellen waar het verhaal over gaat, maar alleen te schrijven over de geniale meubels die Dius met de hand vervaardigt, zoals het bureau dat hij speciaal voor de verteller, Anton, heeft gemaakt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘[...] waarin een groot, door hem vervaardigd halfrond bureau stond, subtiel gefineerd hout met tekeningen waarin vaag gezichten leken op te doemen, omdat de bladen fineer met de vogelogen telkens naast elkaar open waren geplooid en aan elkaar gekleefd. Ik herkende het fineer van de klomp die wie ooit samen uit het oude legerdomein van Eikenlo hadden gesleept.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het was een prachtig meubel, half art nouveau, half design van vorm; de gebogen lijn zorgde ervoor dat wie eraan ging zitten zich meteen geborgen kon voelen. Het zware blad werd gedragen door een constructie van fijne, zwartgelakte staven, die de vorm van het blad volgden; de laden – we waren inmiddels om het gevaarte heen gelopen – waren zorgvuldig afgewerkt met het fijnste fineer, en overal botste het matzwart van de metalen constructie met de barokke tekening in het hout.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat nam ik mij voor, omdat de meubels, los van alle schilderijen die daarnaast nog worden beschreven, bijna personages worden. In het hart van dit bijzondere bureau is een brief van Dius aan Anton verborgen. Wie verzint het? Overal in het boek doemen deze magische meubels op en je gaat ze herkennen, je gaat van ze houden, omdat je de bezetenheid voelt waarmee Dius ze maakt. En als je daar dan als lezer vol aanbidding tussen de huisraad staat, in de grote salon van dat bijzondere landgoed Ganzevliet, realiseer je je met een schok dat het geen echte meubels zijn, maar beschrijvingen ervan, uit de pen van Hertmans. Hoezeer ik tijdens het lezen van welk boek dan ook altijd de auteur verban uit mijn hoofd – die heeft het boek immers losgelaten en daarna is het van mij, de lezer – bij Dius doemde ineens Hertmans op, niet eens zozeer omdat hij wellicht wat trekken zou kunnen hebben van de verteller, die net als Hertmans colleges heeft gegeven in kunst en kunstfilosofie, maar omdat het onvoorstelbaar is hoeveel schitterende meubels en schilderijen Hertmans voor dit boek ‘getimmerd’ en ‘geschilderd’ heeft in woorden!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het kan niet anders dan dat hier een auteur aan het woord is, die zielsveel houdt van de beeldende kunst en schoonheid in architectuur, vormgeving, lichtval in ruimtes en wat al niet meer de zintuigen prikkelt. Als auteur is Hertmans natuurlijk schepper en kunstenaar als geen ander, maar zou hij als liefhebber van de beeldende kunst niet ook het intense verlangen voelen om zelf te schilderen, zelf zo’n bureau te vervaardigen? En dat onvervulde verlangen, iets willen scheppen wat je niet kunt, omdat je wellicht het talent ontbeert, maar ook omdat de tijd verstrijkt, je kansen laat liggen en je verlamd raakt door alles wat mogelijk is, speelt ook mee in het boek. Zowel Anton als Dius worden regelmatig tot wanhoop gedreven door hun liefde voor schoonheid en hun drang tot scheppen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En ja, de kunstliefhebber en -kenner Hertmans breekt continu tussen de regels door, omdat overal op de bladzijden verwezen wordt naar allerlei kunstenaars uit de kunstgeschiedenis. Hertmans lezen is ook voortdurend zoeken naar wie deze kunstenaars zijn, wat ze gemaakt hebben, en in die zoektocht eindeloos verdwalen tussen de afbeeldingen van kunstwerken op internet, aantekeningen maken van boeken die je ooit nog eens wilt lezen of aanschaffen, om steeds weer via een omweg terug te komen in het werk van Hertmans dat je aan het lezen was, Dius dus.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is bijna gelukt om in deze bespreking niet te vertellen waar het verhaal over gaat, maar er moet een tipje van een sluier. Op het moment in het verhaal dat Anton Dius bezoekt in Italië, waar hij inmiddels met zijn broze dochtertje Zieltje in een afgelegen huis zijn dagen doorbrengt, beland je in een diep ontroerende, zelfs hartverscheurende stroomversnelling, waarin je het liefst wilt vertragen om het noodlot, dat je al die tijd al gevoeld hebt, nog even af te wenden. En als je het boek dichtslaat, komen de tranen, omdat je los bent gekomen van de penseelstreken die je de afgelopen uren tot in de kleinste details voor je hebt gezien.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Stefan Hertmans –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dius
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . De Bezige Bij, Amsterdam, 320 blz. € 24,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/dius.png" length="372061" type="image/png" />
      <pubDate>Mon, 28 Oct 2024 13:54:18 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/tussen-de-poten-van-een-bureau-met-vogelogen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Stefan Hertmans,Dius,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dius.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/dius.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Reconstructies van een leeservaring</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/reconstructies-van-een-leeservaring</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De reconstructie van een leeservaring
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Dagen als vreemde symptomen'  van Leonieke Baerwaldt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dagen+als+vreemde+symptomen.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wel vaker heb ik een boek even weggelegd om wat handwerk te verrichten, voor de afwisseling, of omdat ik eigenlijk niet zo goed kan kiezen tussen hoofd en handen, maar nog niet eerder heb ik een boek weggelegd om te knutselen, juist met het doel het verhaal beter te zbegrijpen. Ik deed het bij
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dagen als vreemde symptomen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Leonieke Baerwaldt, en wel om precies te zijn toen ik was beland bij het tweede deel ‘Verkenningen’, dat begint met: ‘De band van Möbius is een ruimtelijke figuur die slechts één kant heeft’. Voordat ik zou verder lezen, wilde ik vat krijgen op deze band, en vanwege mijn beperkte ruimtelijke inzicht, had ik het nodig om deze daadwerkelijk uit papier te knippen en plakken en daarna in de lengte door te knippen, om zo tot de verbijsterende ontdekking te komen dat ik het oneindigheidsteken voor me had liggen. Alleen al om de eenvoudige reden dat deze roman van Baerwaldt mij een nieuwe kijk op het verschijnsel ‘slechts één kant hebben’ heeft verschaft, kan het voor mij niet meer stuk, maar daarmee heb ik slechts één kant belicht van dit veelzijdige kunstwerk.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net als bij een ruimtelijke figuur kun je ook dit boek van diverse kanten benaderen. Zelfs letterlijk: je begint weliswaar altijd bij de kaft, waar in dit geval het oneindigheidsteken op prijkt als een soort trap, maar dat wil niet zeggen dat je daarna het boek van voor naar achter moet lezen. Bij de eerste verkenning – bladeren – blijkt namelijk dat er hele stukken in staan die voor poëzie door kunnen gaan: ‘Ergens las ik dat hoop de verwarring is tussen de wens van een gebeurtenis en de waarschijnlijkheid ervan.’ Een prachtig aforisme, dat misschien van buiten het boek komt, omdat de verteller het zelf ook ergens gelezen heeft, maar dat toch hier op de bladzijde is beland en opnieuw wordt gelezen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Na het aforisme komt een oneindigheidsteken en dan de simpele vraag ‘Wat ons tegenhoudt?’ Daarop volgt: ‘Louis, die het geen reëel plan vindt.’ Zonder te weten wie Louis is, omdat je het boek via een zijingang bent binnengeslopen, krijg je wel een vermoeden. Hoe vaak word je in je verlangens niet tegengehouden door het zogenaamde realisme van een ander? Louis is kennelijk een obstakel, maar niet per se het enige wat ons tegenhoudt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ontstekingen, reflux, incontinentie, obstipatie, blaasretentie, kokhalzen, verslikken, stikgevaar, hypotonie, heupluxatie, scoliose, vergroeiing aan handen en voeten, een veranderend epilepsiebeeld, spierspasmen, verstoorde prikkelverwerking.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ja, goed, dat ook.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar zou je willen, vraag ik aan jou. Naar de zon?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dan wordt het tijd om het boek grondig te gaan lezen, want hier wil je meer van weten. Wie wordt hier tegengehouden door Louis en daarnaast nog door allerlei gruwelijke symptomen? Het boek bestaat uit ‘reconstructies’, ‘verkenningen’, ‘ontdekkingen’, ‘confabulaties’, ‘wendingen’ en ‘reconstructies’. Opvallend is dat het boek begint met het derde hoofdstuk over ene Sisyphus en dat het eerste en tweede juist helemaal aan het eind staan. Er valt dus wel het een en ander te reconstrueren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is Sisyphus die zich door de dagen worstelt. De worsteling is vergelijkbaar met die van haar mythische voorganger, omdat ze zorgt voor haar meervoudig gehandicapte dochter Mia. Hoezeer ze deze ook liefheeft, de zorg houdt dag en nacht aan, wordt als de steen die bovenaan de berg weer naar beneden rolt, waardoor ze hem de volgende dag weer opnieuw naar boven probeert te zeulen. Als in een negentiende-eeuws boek zijn de hoofdstuktitels op zichzelf al veelzeggend: ‘VI Sisyphus denkt terug aan die eerste keer na de bevalling’, ‘XXIV Sisyphus kan de klok erop gelijkzetten’, ‘XXXI Sisyphus probeert het gat te negeren’. In deze nieuwe context werken deze titels echter vervreemdend en werpen ze een ironisch licht op de ellendige situatie waar Sisyphus in verkeert. De moeder wordt heen en weer geslingerd tussen praktische handelingen om haar dochter zo goed mogelijk te verzorgen en filosofische of soms ronduit wanhopige gedachten over de zin van haar leven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van Louis hoeft ze weinig te verwachten. Hij vlucht voor alle zorgtaken en heeft als excuus dat er toch vooral ook geld verdiend moet worden. De zorg voor Mia is iedere dag nodig, maar door het steeds groter wordende lichaam ook slopend en ontluisterend. Er komt een moment dat ze Mia naar de dagbesteding moet brengen en dat zij achter de lege rolstoel niet alleen het gemis van haar dochter moet verwerken, maar ook ineens zelf haar dag moet invullen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het fragmentarische van het verhaal is ijzersterk. Soms weet Baerwaldt met één zinnetje een hoofdstuk te vullen. De dagen die als lood voelen, maar die ook kunnen omvliegen terwijl je het gevoel hebt dat je niet meer kunt terughalen wat je hebt gedaan, hebben eenzelfde soort verkniptheid. Hiermee ervaar je hoe tijd lineair verstrijkt, terwijl je toch in een vicieuze cirkel zit. Het boek heeft een wonderlijke mix van filosofische abstracties en heel concrete alledaagse bezigheden, waarmee de auteur het kleine lijdensverhaal tot een mythe ombouwt. In de lange reeks gebeurtenissen vallen gaten. Door voortdurende overbelasting raak je de grip kwijt. Wat doet de jonge moeder met haar dromen en verlangens en haar liefde voor haar dochter?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dagen als vreemde symptomen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            blijf je gekluisterd aan de prachtige zinnen en leegtes ertussen. Door de bijzondere compositie ontvouwt zich dit ontroerende verhaal van de gewone moeder die voor haar dochter zorgt, als de mysterieuze band van Möbius: klaar om te reconstrueren. Naast met schaar en papier kun je de betekenis vooral ontrafelen met je hoofd en je hart en dan laten deze dagen van Sisyphus je als vreemde symptomen met geen mogelijkheid onberoerd.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Leonieke Baerwaldt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dagen als vreemde symptomen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Querido, Amsterdam, 232 blz. € 22,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dagen+als+vreemde+symptomen.jpg" length="4770" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 20 Oct 2024 13:25:26 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/reconstructies-van-een-leeservaring</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Dagen als vreemde symptomen,Leonieke Baerwaldt</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dagen+als+vreemde+symptomen.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dagen+als+vreemde+symptomen.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘dan kan ik schrijven zolang het stil is’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/dan-kan-ik-schrijven-zolang-het-stil-is</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘dan kan ik schrijven zolang het stil is’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De A van Asta' van Tine Høeg
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+A+van+Asta.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De A van Asta
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , de nieuwe roman van de Deense auteur Tine Høeg, is een feest voor lezers die een verhaal kunnen waarderen om wat er weggelaten is, want Høeg zoekt hierin absoluut de grens op. Het is fascinerend hoe het mogelijk is dat er een heel verhaal in je hoofd ontstaat, terwijl de auteur je dit slechts in fragmenten voorschotelt. Het vraagt een actieve houding, zoals je die ook bij het lezen van poëzie nodig hebt, maar het vergroot tegelijkertijd je betrokkenheid, omdat je zelf meebouwt aan het verhaal. Het resultaat is dat je steeds weer terug wilt naar deze wereld, omdat de personages een beetje van jezelf zijn geworden. Het uiteindelijk dichtklappen van het boek als het uit is, voelt dan ook als een groot verlies.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Asta wordt uitgenodigd voor een herdenkingsdienst voor August, die tien jaar geleden is overleden. Ze woonden samen in een studentenhuis en hij had een relatie met Asta’s beste vriendin Mai, die inmiddels een tweejarig zoontje heeft. Asta was net bezig met een roman over een Poolse kunstenaar, maar door de uitnodiging wordt alles verstoord en komt het verleden stukje bij beetje boven water. Wat is er precies gebeurd in de nacht van Augusts dood en in de periode die daaraan voorafging?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het duurt even voordat je in het verhaal zit. Na de eerste zin ‘Ik krijg een uitnodiging voor een herdenkingsbijeenkomst op 29 juni in café Blomsten’ krijg je slechts een korte app-wisseling te lezen, waarbij je zelf moet achterhalen wie er aan het woord is en waarover dit precies gaat. Soms staat er slechts één zin op de pagina, die ook nog eens als vraag is geformuleerd. Aan de lay-out kun je zien of personages aan het appen zijn of dat het verhaal ‘gewoon’ wordt verteld, omdat de apps grijs gemarkeerd zijn, maar dat is dan ook het enige. Heden en verleden moet je zelf uit elkaar zien te houden door logisch na te denken en af en toe terug te bladeren. Hetzelfde geldt regelmatig voor wie wat precies zegt, want ook de aanhalingstekens ontbreken:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik kan maar beter gaan zeg ik
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dan kan ik schrijven zolang het stil is
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           over de betonkunstenaar?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het is cement zeg ik
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wanneer ben je klaar?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           geen idee. Dat duurt nog wel even
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het is een irritante vraag, Mai
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dan geven we een groot feest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ze beweegt Bertrams armen alsof hij danst,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hij blijft naar het scherm kijken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en vanavond eten we pizza,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ze kust hem op zijn haar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           omdat je mama lui is, zeg eens pizza?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik praat te weinig met hem zegt ze,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           je moet eigenlijk de hele tijd praten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           constant eigenlijk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dan krijgt hij een enorme woordenschat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terwijl Mai het hier over haar tweejarige zoontje heeft, voor wie ze eigenlijk de hele dag zou moeten praten, zijn in dit boek ironisch genoeg de personages bijna continu aan het praten, zonder dat je context meekrijgt. Heel af en toe krijg je in een tussenzinnetje wat aanwijzingen over waar ze zich bevinden, maar verder moet je vooral uit die conversaties de loop van het verhaal destilleren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de meeste boeken staan de bladzijden vol tekst. Dat is meer leeswerk. In De A van Asta staat er soms zo weinig op de bladzijden dat je snel kunt doorbladeren, maar in de tijd dat je op die manier vooruitschiet, moet je wel het verhaal reconstrueren, waardoor je vanzelf weer gaat vertragen. Na een poosje ontdek je dat je op de witte stukken van de bladzijden echt even moet stilstaan om na te denken over wat er nu zojuist heeft plaatsgevonden. Op die manier lijkt er een soort interactie op gang te komen tussen de verteller en de lezer, alsof je om de beurt een bijdrage levert aan het verhaal. Het is niet zo vreemd dat van dit boek ook een theatervoorstelling is gemaakt, want daar leent het zich perfect voor.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Sommige appwisselingen zijn net zo vervreemdend als poëzie:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           je was paarden aan het villen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
                                                                                             
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                                                                                             huh?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in mijn droom
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hou je van wafels?     
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                                                                                             ja
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zie je in de keuken om 10 uur
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Asta krijgt hier een berichtje van August. Je kunt dat achterhalen, omdat August een paar bladzijden terug had verteld dat hij over haar had gedroomd. Hij wilde toen niet zeggen waarover precies. Hier bekent hij dan toch deels wat ze in zijn droom deed. Vervolgens laat hij haar toch weer in het ongewisse over het vervolg. Als lezer voel je diezelfde onbevredigde nieuwsgierigheid als die Asta moet voelen. Je wordt een beetje Asta. Vervolgens doet August een voorstel voor een afspraakje in de keuken. Je voelt de spanning tussen hen, vooral omdat August een relatie heeft met Asta’s beste vriendin Mai.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De titel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De A van Asta
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            laat in het klein zien hoe het boek is: je krijgt alleen de A en daarachter zit Asta. Als je Asta zelf hebt ontdekt achter die A, dan wil je niets liever dan alles ontdekken achter Asta. Dat je op die manier het verhaal zelf wilt blijven ontvouwen, is de kracht van Tine Høeg. En als je De A van Asta hebt ontdekt, wil je niets liever dan dat ook haar andere boeken zo snel mogelijk in het Nederlands worden vertaald.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Tine Høeg –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De A van Asta
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Adriaan van der Hoeven en Edith Koenders. Koppernik, Amsterdam, 328 blz. € 24,50
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+A+van+Asta.jpg" length="135493" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 14 Oct 2024 12:08:23 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/dan-kan-ik-schrijven-zolang-het-stil-is</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,De A van Asta,Tine Høeg</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+A+van+Asta.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+A+van+Asta.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Als er stilte valt</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/als-er-stilte-valt</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als er stilte valt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'As far as I know,' van Caja Boogers
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Caja_as-far-285x372.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wat zijn de verhalen van degenen uit wie jij geboren bent? Wat hebben ze meegemaakt toen jij nog niet geboren was? Je kijkt naar foto’s van een wereld waar je zelf nog geen deel van uitmaakte en stelt vragen. Wat als er dan een stilte valt? Kunstenaar Caja Boogers (2001), zoon van een Indische moeder en een Nederlandse vader, de schrijver Alex Boogers, wilde meer te weten komen van zijn Indische grootouders, maar dat was een ingewikkeld proces. Er was de fysieke afstand, maar er kwamen ook zo weinig verhalen los, dat hij alleen losse eindjes had. Hij had slechts wat foto’s en halve verhalen waarmee hij die onbekende wereld wilde opbouwen, voor zover hij er weet van had. Dat deed hij in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           As far as I know,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een serie van tweeënnegentig schilderijen, waarin hij onderzoekt hoe de relatie tussen persoonlijke en collectieve herinneringen je identiteit kan bepalen. Onder dezelfde titel is ook een prachtige catalogus uitgegeven, waarin niet alleen het overzicht van de schilderijen te zien is, in miniatuur, maar ook ieder schilderij afzonderlijk.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Subtiel is de komma na de titel, waarop niet alleen een stilte volgt, maar een schitterende reeks minimalistische en raadselachtige schilderijen in een beperkt palet, binnen het spectrum sepia. Voor elk doek gebruikte hij een grijstoon en een steunkleur, maar hoe langer je ernaar kijkt, hoe ondoorgrondelijker de kleuren worden, zoals ook herinneringen ongrijpbaar blijven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Boogers koos een zestal foto’s uit, twee uit het album van zijn Indische familie en vier uit een archief. Samen vertegenwoordigen ze voor hem belangrijke elementen uit de Indische cultuur: Boogers’ betovergrootvader in batikbroek, die trompet speelt, twee vrouwen gekleed in traditonele kebaja en sarong, masserende handen, een man in traditioneel Indisch uniform. Boogers schilderde de foto’s na, steeds in twee kleuren, en iedere keer slechts een detail van de foto. Een enkele keer is dat beeld herkenbaar: een mond, een deel van een uniform, een deel van een gezicht, maar de meeste schilderijen beelden iets uit wat je niet helemaal kunt thuisbrengen, hooguit een sfeer, een flard van een herinnering.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De grote verzameling minimalistische schilderijen ontroert, niet alleen door de grote hoeveelheid, maar juist ook door alles wat weggelaten is. Je ervaart aan den lijve hoe je eigen geschiedenis in je herinneringen uit elkaar valt, hoe je zelf houvast probeert te zoeken, maar hoe je eigenlijk nooit een eenheid kunt worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tegelijkertijd besef je dat beelden, net zo goed als woorden, verhalen kunnen vertellen, zelfs als ze zo minimalistisch zijn. Je verbeelding vult ze aan, vanuit je eigen kennis, je eigen geschiedenis, en dat is een wonderlijke ervaring, zeker als je zelf alleen deel hebt gehad aan deze specifieke geschiedenis door middel van (geschiedenis)boeken. Boogers weet met zijn verzameling een bijzondere verbinding met de kijker tot stand te brengen: wij staan niet op onszelf, maar zijn met elkaar verbonden door onze geschiedenis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De catalogus is prachtig vormgegeven met een sobere kaft van karton, waaromheen een ingenieuze, losse, opgevouwen dubbelzijdige poster zit, waarop je aan de buitenkant in wit met grijs een indruk krijgt van de schilderijen. Aan de binnenkant van de poster (die je kunt uitvouwen als je het boek eruit haalt) zie je alle schilderijen in kleur. Binnenin vind je behalve alle schilderijen, los, en nog eens samen, ook een mooie beschrijving van de tentoonstelling door Hans den Hartog Jager, in Engels en Nederlands.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hiermee is ook de vorm van de catalogus van As far as I know, bijzonder passend bij de inhoud: je denkt dat je iets ziet, maar je weet niet precies wat. Je raadt, je vult in, je wordt nieuwsgierig. Je wilt de geschiedenis die daar in stilte voor je ligt, naderen, je wikkelt haar voorzichtig uit, krijgt steeds iets meer te zien. Voor zover ik weet, krijg je nooit helemaal vat op alles, maar vang je toch een glimp op van de essentie.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Caja Boogers –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           As far as I know,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Jap Sam Books, Prinsenbeek, 126 blz. € 45,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Caja_as-far-285x372.jpg" length="7512" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 13 Oct 2024 12:06:49 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/als-er-stilte-valt</guid>
      <g-custom:tags type="string">Caja Boogers,Jap Sam Books,essays,As far as I know,</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Caja_as-far-285x372.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Caja_as-far-285x372.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>“Jij begrijpt mij niet. Gek, dat ik in geen van jullie mezelf terugvind, niet in de jongens, niet in jou”</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/jij-begrijpt-mij-niet-gek-dat-ik-in-geen-van-jullie-mezelf-terugvind-niet-in-de-jongens-niet-in-jou</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “Jij begrijpt mij niet. Gek, dat ik in geen van jullie mezelf terugvind, niet in de jongens, niet in jou”
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van enkele korte verhalen van Hella Haasse (door A.G. Ambagtsheer, leerling vwo 6 Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/hella+haasse.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wanneer je Hella Haasse op het internet opzoekt, kom je een aantal biografieën en artikelen tegen over Haasses moeizame (huwelijks)leven en de gevolgen hiervan op de relatie tussen haar en haar familie. Deze ervaringen van haar zie je dan ook reflecteren in de thema’s van haar werken.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het tuinhuis, De Lida boeaja
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het portret
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zijn drie door Haasse geschreven korte verhalen. Het
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tuinhuis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gaat over een moeder- dochterrelatie waarbij moeder een complete chaoot is en in een rommelig tuinhuis woont. De dochter komt uit trouw en gevoel van gebondenheid steeds langs, maar door moeders waanideeën kan ze met haar geen redelijk gesprek voeren of een behoorlijke relatie opbouwen. De
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lidah boeaja
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gaat over een huwelijksrelatie van een Japans stel dat naar Nederland geëmigreerd is en een stekelige plant, de lida boeaja, in hun tuin hebben staan. In dit verhaal komen ook andere relaties aan de orde, zoals die met de buren, andere Nederlanders en emigranten uit Japan.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het portret
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gaat over de relaties tussen een broer, zijn zusjes en neefje en nichtje. Na het overlijden van de vader vindt het zusje een oude familiefoto in zijn nachtkastje. Aan de hand van deze foto worden het verleden en oude relaties naar boven gehaald. Alle drie deze verhalen hebben het overkoepelende thema gecompliceerde familierelaties.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Allereerst zie je de gecompliceerde relaties terugkomen in de afstand tussen de personages. Zo zie je in het eerste verhaal,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het tuinhuis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , dat er sprake is van een afstand tussen moeder en dochter, waarbij de dochter niet graag wil worden aangeraakt: “Ze kijkt naar me alsof ze me wil omhelzen. Onwillekeurig maak ik de afwerende beweging die haar, zolang als ik me kan herinneren, altijd in verwijten of zelfs tranen doet uitbarsten.” (Haasse, 2007) Hier lees je dat er al langere tijd sprake is van een afstand en dat door moeders reactie hierop die afstand ook niet zomaar goed zal komen. Ook in andere stukken van het verhaal is deze afstand merkbaar, zowel in hun manier van communiceren als wanneer de dochter liever niet met de moeder in één bed wil slapen. In het derde verhaal,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het portret
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , komt deze afstand terug tussen de broer, Bertus, en zijn oudste zus, Charlotte, doordat zij op verschillende wijze hetzelfde trauma verwerken. Ook is er in het derde verhaal sprake van een afstand tussen de zoon van Charlotte en zijn vrouw, Evert en Mary, tot hun oom en tante door een generatiekloof:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “Mary: ‘Mogen wij het meenemen? Ik heb een ovale zwarte lijst, daar doe ik het in, het zal grappig staan op onze gestreepte muur, boven de commode met petroleumlamp.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Evert: ‘1915, een halve eeuw geleden. Middenin de Eerste wereldoorlog. Gek, dat beleefd te hebben in een neutraal land, buiten schot. U moet zich die tijd toch kunnen herinneren, oom’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Charlotte: ‘Aan oom heb je niets, helemaal niets. Hij heeft geen geheugen.’”   (Haasse, 1954)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan dit citaat zie je dat Evert en Mary door de generatiekloof zich niet goed kunnen inbeelden dat zo’n portret uit de oorlog nare herinneringen naar boven kan brengen. Integendeel, Marry wil het juist leuk inlijsten. Ook lees je dat Charlotte op een andere manier met de dingen omgaat dan Bertus: Charlotte praat er veel over en gooit er daarbij alles uit, terwijl Bertus zich juist stilletjes terugtrekt. In het tweede verhaal is er sprake van een afstand tussen de geëmigreerde meneer en mevrouw Yamada en andere Nederlanders, zoals de buren en klanten van mevrouw Yamada, door een verschil in cultuur: “‘die Jappen, zij behandelen hun vrouwen als slavinnen. Deze, hij is niet goed voor haar.’” (Haasse, 1948) In dit citaat krijg je een beeld op welke veroordelende manier de buren naar de familie Yamada kijken, maar andersom is mevrouw Yamada ook weer veroordelend tegenover de Nederlanders: “Over het algemeen voelde mevrouw Yamada weinig sympathie voor haar klanten. De Indo-europesen mocht zij het liefst, al stond zij vreemd tegenover het gemengde bloed, het niet te bepalen ras. De Nederlandse vrouwen leken allemaal op elkaar in hun zelfverzekerdheid, hun gebrek aan tact. Als zij terughoudend waren, maakte dat de indruk van kwetsende hooghartigheid; hun vriendelijkheid had in Etsu’s ogen iets onbescheidens. Zij praatten te luid en te veel, schakeringen van hoffelijkheid kenden zij niet.” (Haasse, 1948) Met deze twee perspectieven zie je hoe de cultuurverschillen voor een afstand zorgen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
                    In haar verhalen maakt Haasse veel gebruik van de omgeving om de complexiteit van de relaties te benadrukken. Zo reflecteren de overwoekerde tuin en het rommelige tuinhuis in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het tuinhuis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            de chaotische personaliteit van de moeder en de onrust in de relatie met haar dochter. In het tweede verhaal,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Lidah boeaja
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gebruikt Haasse de stekelige plant, die op het einde van het verhaal in stukken wordt gehakt, als symbool voor het einde van het huwelijk tussen meneer en mevrouw Yamada. Ook het overhandigen van het mes door meneer Yamada aan Etsu kan als een symbool geïnterpreteerd worden voor het feit dat hij vreemdgaat en haar daarmee een middel geeft de relatie te beëindigen: “Mijnheer Yamada droeg een smal blinkend voorwerp in de hand- een schaar, een scheermes? Zwijgend reikte hij het haar toe.”
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
                    De relaties maakt Haasse extra complex door de vele lagen die tot ver in de verledens van haar personages teruggaan. Een mooi voorbeeld hiervan is het huis in het derde verhaal,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het portret
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Hierbij hebben Bertus en Charlotte een heel andere ervaring van het kofferkamertje dan hun jongere zusje, Eliza: “Charlotte heeft mij wel eens verteld dat vader Bertus vaak voor straf afranselde toen die nog een jongen was (Bertus zelf praat er nooit over). ‘Bovenop zolder… in het kofferkamertje… met een wandelstok. Als we samen iets uitgehaald hadden, moest ik erbij staan… na afloop kreeg ik dan een paar harde tikken op mijn handpalmen..’ ” (Haasse, 1954) Deze ervaringen hebben ervoor gezorgd dat Bertus en Charlotte een negatief gevoel bij de kamer hebben, terwijl dit voor Eliza helemaal niet het geval is: “Later, in de oorlogsjaren, kroop ik op de vensterbank in de diepte van de dakkapel, om er mijn huiswerk te maken of te lezen; het kofferkamertje was de plek waar ik me het veiligst, het verst verwijderd voelde van de bewoners op de eerste verdieping.” (Haasse, 1954) Dit laat zien dat Eliza, die later geboren is en daardoor hun vader op een andere manier meegemaakt heeft, een andere associatie heeft met het kofferkamertje, zij heeft juist een negatief gevoel bij de eerste verdieping waar de Duitsers in de oorlog hebben gezeten. Dit hebben haar broer en zus dan weer niet meegemaakt, omdat zij het huis al uit waren. Ook in het eerste verhaal is de afstand tussen de moeder en dochter veroorzaakt door een gebeurtenis uit hun verleden: op een dag dat de dochter, toen zes, uit school kwam en thuis een dichte deur aantrof, is zij ineengedoken op de veranda gaan zitten terwijl het langzaam donker werd. Na een tijd hield ze het niet meer uit en begon ze te schreeuwen. Haar moeder kwam naar buiten en heeft haar door elkaar geschud en een klap gegeven. Sindsdien wil ze, nu dertig, niet meer zomaar aangeraakt worden door haar moeder.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
                   
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al met al blijkt hieruit dat het bij alle drie de verhalen van Haasse om complexe relaties gaat die je niet zo maar uit kan leggen. Toch weet de auteur de complexiteit en afstand in elke zin voelbaar te maken door stukken informatie uit het verleden te geven en uitgebreide beschrijvingen van de omgeving te maken. Ook zorgt ze er zorgvuldig voor dat de lezer (bijna) geen connecties tussen de personages kan vinden, waardoor ze de afstand tussen de personages nog eens vergroot.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             Haasse H.S. (2007)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het tuinhuis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             Haasse H.S. (1948)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het portret
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             Haasse H.S. (1954)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Lidah boeaja
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/hella+haasse.jpg" length="248427" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 01 Oct 2024 17:39:08 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/jij-begrijpt-mij-niet-gek-dat-ik-in-geen-van-jullie-mezelf-terugvind-niet-in-de-jongens-niet-in-jou</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het portret,essays,Het tuinhuis,essays leerlingen,essays van leerlingen,De lidah boeaja,Hella Haasse</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/hella+haasse.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/hella+haasse.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Mijn leven is geen rol. Mijn leven is dat van een mens'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/mijn-leven-is-geen-rol-mijn-leven-is-dat-van-een-mens</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Mijn leven is geen rol. Mijn leven is dat van een mens'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De wateraap' en 'Wormmaan' van Mariken Heitman (door Frank de Kogel, leerling vwo 6 Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Doc2.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Mariken Heitman heeft met haar debuutroman
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Wateraap
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en haar tweede roman
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wormmaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            twee abstracte en gelaagde boeken geschreven die niet alleen over maatschappelijke thema’s zoals genderidentiteit gaan, maar ook prachtige metaforen bevatten die alle ogenschijnlijk verschillende thema’s samenvoegen tot een gemeenschappelijk thema: het zich niet willen conformeren aan de verwachtingen van de maatschappij. (De Biografie van Mariken Heitman - Mariken Heitman, z.d.)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In beide werken is de hoofdpersoon Elke onzeker over haar genderidentiteit. Ze weet niet helemaal hoe ze om moet gaan met haar gevoelens, die afwijken van het idee dat de maatschappij over haar heeft, zoals in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Wateraap
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , waar Elke beschrijft hoe ze vroeger niet zoals de rest van de meisjes het tijdschrift Fancy las, maar het wetenschappelijke tijdschrift Zo Zit Dat: “Of mijn klasgenoten, meisjes die precies dat waren: meisjes. Meisjes ook, die niet Zo Zit Dat maar de Fancy lazen en lipgloss met een kleurtje wilden.” (
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Wateraap
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , p.121). Ditzelfde thema is ook zichtbaar in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wormmaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , waar Elke op een Waddeneiland een tandem huurt en daarmee ‘de vrouw die ze nooit werd’ mee moet slepen, die symbool staat voor de verwachtingen die de maatschappij heeft over het gedrag van Elke.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De ontwikkelingen van de schrijfster zijn duidelijk zichtbaar wanneer de diepgang en gelaagdheid van het hoofdthema tussen de twee boeken vergeleken worden. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Wateraap
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is de genderidentiteit van Elke zeer duidelijk en overheersend aanwezig in weinig subtiele zinnen: “Steriele modellen, waarin het de macht van de massa was die regeerde en waarbij alles wat buiten de normaalverdeling viel, niet bestond.” (De Wateraap, p.23-24). Daarentegen creëert Heitman in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wormmaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            door het gebruik van verschillende, maar toch door metaforen verbonden thema’s een soort gelaagdheid die de lezer verder aan het denken zet over de kromme verwachtingen van onze maatschappij. Dit wordt direct al zichtbaar bij het lezen van de eerste zin: “Het besturen van een trekker is een daad van soevereiniteit” (
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wormmaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , p.1). Hier wordt het besturen van een trekker metaforisch gebruikt om de beslissende kracht die een gewassenveredelaar heeft uit te drukken, die daarna weer staat voor de effecten die de gezamenlijke verwachtingen van onze maatschappij hebben op het gedrag van de afwijkenden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In beide boeken is de zoektocht van Elke naar een gelijke aanwezig. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wormmaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is deze gelijke te vinden in de erwt die Elke wil laten verwilderen. Deze erwt is volledig aangepast aan de verwachtingen van de boeren, om zo veel mogelijk opbrengst te leveren en zo lekker mogelijk te zijn. Als Elke deze erwt laat verwilderen, dan voldoet deze niet meer aan de verwachtingen die door de boeren zijn opgelegd. Deze situatie lijkt op die van Elke: beiden zullen ze niet meer voldoen aan opgelegde verwachtingen. Deze zoektocht is in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Wateraap
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            nog duidelijker zichtbaar: Elke raakt gefascineerd door de wateraap, een tussenvorm in de evolutie van de mens, terwijl Elke zelf ook een tussenvorm is tussen man en vrouw: “Maar mijn leven is geen rol. Mijn leven is dat van een mens.” (
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Wateraap
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , p.167).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De opbouw in beide boeken heeft ook meerdere overeenkomsten. Zo worden in beide boeken stukken geschreven over een ander tijdperk, zoals bij
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wateraap
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            er af en toe wordt uitgelegd hoe de wateraap evolueerde tot de mens zoals wij deze nu kennen. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wormmaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zijn deze uitstapjes naar het verleden veel regelmatiger. Hier wordt er om en om een hoofdstuk over het verleden van de mens als boer geschreven. Ook wordt in beide boeken het ik-perspectief gebruikt om de lezer een accurater gevoel te geven over die gevoelens van de hoofdpersoon.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In beide boeken zijn de thema’s genderidentiteit en het zich niet willen conformeren aan de verwachtingen van de maatschappij duidelijk aanwezig. Helaas laat
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Wateraap
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            deze thema’s op een weinig subtiele manier doorschijnen, terwijl dezelfde thema’s in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wormmaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            op een prachtige gelaagde manier aan het licht komen, en daarbij de maatschappij ook nog op een verfrissende manier aan het denken zetten. Het lezen van deze boeken wekt ook een interesse op in de manier waarop Mariken Heitman in haar volgende boek De mierenkaravaan metaforen zal gebruiken om maatschappelijke problemen aan het licht te stellen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h2&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h2&gt;&#xD;
  &lt;h2&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnenlijst:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h2&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De biografie van Mariken Heitman - Mariken Heitman. (z.d.). Mariken Heitman.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           https://marikenheitman.nl/biografie/
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Heitman, M. (2019).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De wateraap
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Atlas Contact.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Heitman, M. (2021).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wormmaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Atlas Contact.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Doc2.jpg" length="192227" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 01 Oct 2024 17:22:03 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/mijn-leven-is-geen-rol-mijn-leven-is-dat-van-een-mens</guid>
      <g-custom:tags type="string">Mariken Heitmans,Wormmaan,essays,essays leerlingen,essays van leerlingen,De wateraap</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Doc2.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Doc2.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een tuin met oneindig veel ingangen</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-tuin-met-oneindig-veel-ingangen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een tuin met oneindig veel ingangen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De mierenkaravaan' van Mariken Heitman
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mariken-Heitman-342x576.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Als je een boek opent, is de eerste bladzijde meestal de ingang tot het verhaal. Soms valt die aarzelende eerste stap samen met wat je leest, zoals in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De mierenkaravaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , de nieuwe roman van Mariken Heitman: ‘Ik wil dat je behoedzaam bent’. Het is of je als lezer direct wordt aangesproken bij die eerste stap. Je beseft dat je zojuist een boek hebt geopend, dat nu kwetsbaar voor je ligt. Het zal door allerlei filters zijn gegaan: de boekhandel, de uitgeverij, redacteuren. Schrijvers zullen gehard zijn, eelt op hun ziel hebben gekweekt, maar toch: hier ligt de binnenwereld van een ander mens, en jij hebt zojuist de eerste stap gezet om die wereld te betreden. Natuurlijk kun je op je grove laarzen deze grond met voeten treden, maar die eerste regel roept op dat niet te doen, en wie deze behoedzaamheid in acht neemt, ontwaart juist door die vertraging een wereld waarin uiteindelijk oneindig veel meer ingangen verscholen liggen dan alleen die eerste bladzijde. En dat is de verdienste van de schepper van deze tuin: een vakvrouw pur sang!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Probeer maar eens te vertellen waar het boek over gaat. Het gaat niet per se over een hartstochtelijk moestuinder, iemand die aan MS lijdt, die beseft dat ze haar moestuin misschien wel moet gaan overdragen, iemand die net haar relatie heeft verbroken, op onverwachte momenten door haar benen zakt, over een haas die zich steeds in de tuin laat zien, over samenwerking, seizoenen, ecologisch evenwicht. Het gaat over dat allemaal, maar dan nog veel meer, omdat het geheel meer is dan de som van de delen. Er zit iets ongrijpbaars in de roman dat uitdaagt, verleidt, overrompelt, ontroert, maar probeer dat maar eens te vangen. Net als de haas die Kiek in de vroege morgen vanuit haar ooghoek ziet, knijpt de essentie er heimelijk tussenuit als je erop probeert te focussen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De perspectieven in het boek schuiven raadselachtig over elkaar heen. Je leest vanuit Kiek, dan weer vanuit haar stagiaire Vicky, vanuit de haas, of vanuit een mysterieuze ik die boven het verhaal lijkt te zweven en alles met elkaar verbindt en vooruit lijkt te kunnen kijken. De perspectieven zijn niet netjes afgebakend in een eigen hoofdstuk, maar soms verspringend per regel, waardoor er ook een collectief samenzijn lijkt te ontstaan die wel wat wegheeft van een moestuin, of groter ecologisch systeem: alles hangt met alles samen en probeert in evenwicht te blijven. Als er een partij zwakker wordt, dan vangt de andere hem of haar op. Er kan een bepaalde soort verdwijnen en een andere tevoorschijn komen. Dat voelt hardvochtig voor een individu, want plotseling lijk je er niets meer toe te doen. Tegelijkertijd biedt het troost, want je gaat op in een groter geheel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misschien dat De mierenkaravaan dus eigenlijk over het mysterie van het leven gaat, maar dat klinkt zo algemeen dat je het bijzondere van dit boek volkomen onrecht doet, en toch zit daar de kracht. De mens is behept met bewustzijn en Kiek worstelt daarmee, want juist dat bewustzijn staat haar in de weg om er helemaal te ‘zijn’:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Bij de eerste streep licht arriveert ze op de tuin en dan weet ik het direct. Zou je haar recht aankijken, dan zag je de blik van een dier dat in een staat van laagbewustzijn verkeert, de pafferige ogen van een wezen dat druk is met overbruggen, want de lente moet worden bereikt en van de winter heeft het al verloren. Het zijn de ogen van iemand die niet beschouwt, die zich er niet naast of boven bevindt maar onderdeel is, die net als iedere duizendpoot of springstaart zijn enige logische plaats inneemt. Ogen, maar ook handen en een lijf die weten wat ze moeten doen. Net als het brein, dat rekent in meters gaas en palen. Het vervangen van een hek vergt geen bespiegelingen maar gaten boren, palen slaan, de klus draait om tientallen krammen en het gewicht van een hamer, om aanpakken, sjouwen, graven. Als je haar zou kennen, zag je dat haar winterslaap dieper is dan ooit, dat ze zich gelaten laat inkapselen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er klinkt soms een abstracte cerebraliteit door in de roman, vergelijkbaar met die uit haar vorige, Wormmaan: een haast wetenschappelijke benadering van het verschijnsel ‘mens’, versterkt door de verschuivende perspectieven. Net als je in Kieks hoofd zit en meeleeft met haar frustratie over het aftakelende lichaam, wordt er weer uitgezoomd en zie je haar vanuit de verte. Heitmans vakkennis lijkt een onuitputtelijke bron. Je kunt je er als lezer enorm aan laven: hoe je composteert, het land bewerkt, zaait, bestrijdt, oogst, je krijgt het allemaal tussen de regels door mee.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar op het moment dat je geniet van deze wetenschappelijke kennis, lijkt Heitman moeiteloos over te gaan op poëzie, barstensvol metaforen en waarin bijvoorbeeld een opsomming van prachtige woorden, die Kiek zal vergeten, een kwart van de bladzijde beslaat: ‘lepeloren neusrot aanaarden aardvlo aardappelmoeheid uienvlieg draaihartig volvelds voren kantelschoffel [...]’. Heel af en toe denk je: de auteur maakt haar zinnen niet goed af, maar juist die hoekige stijl waarin soms wat afbladdert, past helemaal bij de moestuin die wordt geteisterd door wind, zware regenval of brandende zon.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Door het voortdurend in- en uitzoomen voel je hoe zelfs de onaanzienlijkste kleine wezens van het aardrijk deel uitmaken van een groter geheel en hoe de mens daarin ook een plek heeft:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Punt is dat zij niet de prijs van een courgette bepaalt, wel het ras. Niet het belastingstelsel, wel het teeltplan. Niet het vrouwbeeld, wel hoe de venkel schoon en dakpansgewijs wordt gekist. Niet het afkalven van sociale zekerheid, wel de opbouw van bodemvruchtbaarheid. Niet de toenemende droogte of juist de eindeloze plensbuien, de milde winters of de grotere onvoorspelbaarheid van dit alles, wel haar onderworpenheid daaraan. Niet het massale uitsterven om haar heen, wel het voortdurend voeden van de aarde.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Zo is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De mierenkaravaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            bovenal een bespiegeling over het accepteren van je eigen vergankelijkheid en tevens over het heft in eigen handen nemen tot je erbij neervalt. Heitman houdt daarmee de mens een nietsontziende spiegel voor die tegelijkertijd troost. De mysterieuze witte kamer waar Kiek van het ene moment op het andere in kan verdwijnen, lijkt een beetje op Kouwenaars ‘totaal witte kamer’ die je op meerdere manieren kunt invullen: de dood die een leven lang naast ons wandelt, maar ook de plek waar je voor even tot rust kunt komen en stilstaan bij alles wat zo overrompelend aanwezig is. Voor de lezer is De mierenkaravaan ook zo’n plek waar je elk moment in kunt verdwijnen, een tuin met oneindig veel ingangen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Mariken Heitman –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De mierenkaravaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Atlas Contact, Amsterdam, 208 blz. € 22,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mariken-Heitman-342x576.jpg" length="27099" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 01 Oct 2024 16:50:33 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-tuin-met-oneindig-veel-ingangen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Mariken Heitmans,essays,De mierenkaravaan</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mariken-Heitman-342x576.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mariken-Heitman-342x576.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De prins die zijn schatje maar elders moet zoeken</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-prins-die-zijn-schatje-maar-elders-moet-zoeken</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De prins die zijn schatje maar elders moet zoeken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Sprookjes. Dramoletten' van Robert Walser
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Robert+Walser+Sprookjes.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Misschien kun je
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Sprookjes; Dramoletten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de Zwitserse auteur Robert Walser (1878-1956) zien als een schalkse knipoog naar de mondelinge overdracht van volksvertellingen. Het is immers niets voor sprookjes om vastgeklonken te liggen in dikke boeken die steeds op dezelfde manier worden voorgelezen door vaders, moeders, opa’s en oma’s. De sprookjes die de gebroeders Grimm in de eerste helft van de negentiende eeuw hebben opgetekend, waren in de eeuwen daarvoor voortdurend in beweging. Geen versie was gelijk aan die ervoor. Natuurlijk zijn ook daarna nog verschillende variaties in omloop geraakt. Walser gaat echter een stap verder: hij breekt het slot van bekende sprookjes als ‘Doornroosje’, ‘Sneeuwwitje’ en ‘Assepoester’ open en betreedt speels de ruimte van het sprookjestoneel.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dan kan het zomaar gebeuren dat Doornroosje helemaal niet zo’n trek heeft in de prins als die haar wakker heeft gekust:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Heeft hij geen ogen als de zee
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en niet een strak gezicht als marmer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en geen gebaren als graniet...
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nou, zulke lieden moet ik niet,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hij zoekt zijn schatje maar elders.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terwijl de boze koningin met de jager aan het vrijen is, vergeeft Sneeuwwitje haar dat ze haar met een giftige appel heeft proberen te vermoorden: ‘Trek niet terug die milde hand, die ik met kussen grijpen wil!’ Sneeuwwitje ligt aan haar voeten en vraagt om vergeving van de argwaan die ze had, die de koningin gekwetst zou kunnen hebben.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Walser heeft de sprookjes gegoten in de vorm van ‘dramoletten’, korte theaterteksten, waarin de sprookjesfiguren op humoristische wijze met elkaar in gesprek gaan. Juist omdat we onze sprookjes zo door en door kennen, is het bijzonder vermakelijk om te lezen hoe Walser alles overhoophaalt, waardoor ook de stereotiepe rolverdelingen met de grond gelijk gemaakt worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In ‘Assepoester’ treedt ‘Sprookje’ zelfs op als een van de personages die Assepoester weer terug in de sprookjeswerkelijkheid probeert te duwen, als ze er net uit dreigt te ontsnappen. Sprookje werpt haar de zilveren muiltjes, licht als zwanedons, toe en maant haar ze netjes te vangen en haar zusters er niet mee te plagen. Als Assepoester weer keurig in haar geijkte rol is gekropen, zegt Sprookje: ‘Wat ben je toch een lieve schat, / een sprookje waard.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als lezer word je voortdurend op het verkeerde been gezet en verlies je alle grip op de zo overbekende sprookjesfiguren. Net als je denkt dat de rollen omgekeerd zijn, de boze stiefmoeder ineens wonderschoon lijkt en aanbeden wordt door Assepoester, herpakt Assepoester haar oude rol weer en lijkt er niets aan de hand.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Naast de drie sprookjes bevat de bundel ook een herschrijving van het kerstverhaal, waarin Maria en Jozef beduusd zijn over wat hun kind te wachten staat. Behalve de drie koningen, wandelen er ook een oude man, grappenmaker en zwerver rond in het verhaal. De engel uit verrassend moderne gedachten over de arme Jozef en Maria, die maar geen rust kunnen vinden, omdat ze denken dat ze alles op orde moeten hebben en bang zijn om hun plichten te verzuimen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Walser, die vanaf 1929 ernstig leed onder psychotische verschijnselen en angsten, werd hooggewaardeerd door collega’s als Kafka, Hesse en Sebald. Niet zelden brengt humor verlichting in de tragiek. Zijn sprookjes brengen je niet alleen aan het lachen, maar schudden je ook een beetje wakker en laten je nadenken over de soms bizarre, vaste patronen in volksvertellingen. In Walsers versie van ‘Assepoester’ vertolkt het personage Sprookje dit als volgt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Je laten schrikken was mijn doel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De mensen geloven niet in mij;
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar da’s niet erg zolang mijn komst
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ze maar weer aan het denken zet.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Robert Walser –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Sprookjes; Dramoletten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Ard Posthuma. Koppernik, Amsterdam, 120 blz. € 19,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Robert+Walser+Sprookjes.jpeg" length="29065" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 19 Sep 2024 12:22:50 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-prins-die-zijn-schatje-maar-elders-moet-zoeken</guid>
      <g-custom:tags type="string">Sprookjes,Robert Walser,Dramoletten,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Robert+Walser+Sprookjes.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Robert+Walser+Sprookjes.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Voor wie op zijn eerste werkdag een amputatie moet verrichten</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/voor-wie-op-zijn-eerste-werkdag-een-amputatie-moet-verrichten</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voor wie op zijn eerste werkdag een amputatie moet verrichten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Aantekeningen van een jonge arts' van Michail Boelgakov
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/aantekeningen+van+een+jonge+arts.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Voor iedereen die last heeft van het impostersyndroom (de angst om door de mand te vallen) zal
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aantekeningen van een jonge arts
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de Russische auteur Michail Boelgakov (1891-1940) een bijzonder humoristisch, maar soms ook gruwelijk feest van herkenning zijn. Het verhaal is nu voor het eerst afzonderlijk in druk verschenen, vertaald door Aai Prins.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De verteller is een jonge, net afgestudeerde arts die een praktijk op het platteland overneemt. Vanaf de eerste dag wordt hij geconfronteerd met de enorme kloof tussen wat hij geleerd heeft uit de medische handboeken en de complexe praktijk van allerlei verwondingen, ingrepen, maar bovenal de hooggespannen verwachting van de lokale bevolking. Boelgakov zelf had medicijnen gestudeerd en enige tijd als dorpsarts in de omgeving van Smolensk gewerkt. Wellicht is dit verhaal op zijn eigen ervaringen gebaseerd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op zijn eerste dag krijgt de dokter een wanhopige man aan zijn deur, die zijn enige kind, een wonderschoon, maar zwaargewond dochtertje, aan hem toevertrouwt. Terwijl de hulpdokter en vroedvrouwen hem in het oor fluisteren dat hij niets meer kan betekenen, dat het meisje binnen enkele minuten zal sterven, raakt de jonge arts bijna verdoofd van angst. Schor vraagt hij om meer kamfer:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Alles in mijn hersenen werd licht, en opeens, zonder wat voor handboeken dan ook, zonder raadgevingen, zonder hulp, realiseerde ik me met een ijzeren stelligheid dat ik nu voor het eerst van mijn leven een amputatie moest verrichten op een zieltogend mens. Die onder het mes zou sterven. Ach, ze zou onder het mes sterven. Ze had immers geen bloed meer! Over tien verst was alles uit haar verbrijzelde benen gestroomd, we wisten niet eens of ze nog iets voelde, merkte. Ze zweeg. Ach, waarom ging ze niet dood? Wat zou haar krankzinnige vader tegen me zeggen?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Bereid een amputatie voor,’ zei ik met de stem van een vreemde tegen de hulpdokter.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terwijl het zweet hem aan alle kanten uitbreekt, pakt hij het mes en probeert de enige persoon die hij ooit aan de universiteit een amputatie heeft zien verrichten, na te doen. Het is voor de lezer niet ingewikkeld je in te leven in de angst van deze jongeman. Allerlei gedachten schieten door je hoofd: waarom bereiden ze die arme artsen niet wat meer voor op de praktijk? Hoe kan het dat hij er in zijn studie maar één heeft bijgewoond? Tegelijkertijd besef je dat je bij alle aandoeningen die er bestaan nooit alles van tevoren geoefend kunt hebben. Met ingehouden adem volg je de handelingen van de jonge arts. Wonder boven wonder overleeft het meisje de ingreep en stijgt de jonge arts in aanzien.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voor hemzelf is dat echter totaal geen geruststelling, want hij heeft het gevoel dat het meer geluk dan toeval was. Juist dat is zo typisch aan dat impostersyndroom: in plaats van dat de waardering van omstanders leidt tot meer zelfvertrouwen, krijgt de jonge arts alleen maar meer paniek van die hoge verwachtingen en weet hij zeker dat hij binnenkort als een oplichter door de mand zal vallen. Hij heeft het gevoel dat hij maar wat doet. Kort daarna moet hij een versie verrichten bij een zwangere vrouw bij wie het kind dwarsligt, gevolgd door een tracheotomie op een klein meisje dat dreigt te stikken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal is soms nogal gruwelijk en bloederig, door alle details die de verteller koelbloedig aan de lezer toevertrouwt. Voor sommige lezers zal dit boek eerder een griezelverhaal zijn dan slechts de ‘aantekeningen van een jonge arts’. Dat komt vooral doordat de arts niet alleen zijn handelingen beschrijft, maar ook al zijn onzekerheid en angst daarbij. Bovendien maakt de jonge arts ook fouten, twijfelt hij aan zijn diagnoses en behandelingen, en sterft er af en toe een patiënt. Het is niet altijd helemaal duidelijk of dat door toedoen van de arts komt, omdat je niet weet of zijn angsten met hem op de loop gaan:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Een week leefde ik als in een nevel, vermagerde en voelde me beroerd. De soldaat krijgt gangreen, bloedvergiftiging... Ach, verdomme nog aan toe! Wat had ik met die tang ook bij hem te zoeken. Dwaze taferelen doemden voor me op.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Boelgakovs verhaal is weliswaar een eeuw geleden al geschreven, maar werpt ook nu nog een helder licht op de risico’s van het leven en onze misschien wel te hoge verwachtingen van de gezondheidswetenschap. Een arts kan geen wonderen verrichten en maakt ook fouten. Het verhaal is wellicht verontrustend, maar relativeert ook op humoristische wijze ons vertrouwen in de wetenschap en onze mogelijkheden om de controle te houden over onze gezondheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Michail Boelgakov –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aantekeningen van een jonge arts
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Aai Prins. Uitgeverij Van Oorschot, Ams
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/aantekeningen+van+een+jonge+arts.jpg" length="28101" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 11 Sep 2024 07:57:41 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/voor-wie-op-zijn-eerste-werkdag-een-amputatie-moet-verrichten</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Aantekeningen van een jonge arts,Michail Boelgakov</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/aantekeningen+van+een+jonge+arts.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/aantekeningen+van+een+jonge+arts.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Dobberend in 'Afwezigheid'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/dobberend-in-afwezigheid</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dobberend in 'Afwezigheid'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van het gedicht 'Afwezigheid' van Esther Jansma
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/109-Esther-Jansma---Mark-Kohn-Beeldunie.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De prachtige foto van Esther Jansma hierboven is van Mark Kohn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Afwezigheid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zoals rozen openen, je ziet het niet,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een roos is een roos is, is plotseling weten:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wat werd gezegd zegt zich weer, missen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           is veelvoud, blijft opengaan in het nu
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en je begrijpt niet hoe. Je ligt in het hart
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en je wacht en niets zoekt je, niets
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           slaapt je naar het licht, blijft zich ontvouwen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           terwijl het valt in zichzelf
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Esther Jansma, (uit:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier is de tijd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           )
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De ontroerende podcast met Esther Jansma in ‘Een uur cultuur’ brengt mij ertoe haar poëzie te herlezen. In haar bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hier is de tijd
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           spoel ik aan in ‘Afwezigheid’ en blijf daar een tijdje ronddobberen langs de woorden en versregels. Het gedicht doet bijna pijn in zijn schoonheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Door de laatste regel doet mij het hele gedicht met terugwerkende kracht aan Favereys poëzie denken, waarin voorwerpen behalve zichzelf ook steeds van taal zijn, maar waarin ook het zijn en niet-zijn samenvallen met de constructie in taal. Veel eerder dan aan Faverey moest ik natuurlijk in de tweede regel denken aan Gertrude Stein waarnaar Jansma verwijst en waar het ‘zijn’ van deze roos eigenlijk meteen in twijfel kan worden getrokken, omdat rozen weliswaar altijd rozen zullen zijn, maar de zich openende roos hier vooral een beeld is, voor plotseling weten. De openende roos verschijnt voor mijn geestesoog en daar probeer ik haar te verbinden met het plotseling weten. Ik kan de roos bijna ruiken en de fluweelzachte oppervlakte voelen van de blaadjes. Terwijl de dichter zo openlijk de roos als beeld gebruikt, heeft zij haar tegelijkertijd tastbaar gemaakt, toegankelijk voor bijna alle zintuigen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dan het missen, juist als die prachtige roos tot al je zintuigen is doorgedrongen, het missen dat blijft opengaan, net als die bloemblaadjes van de roos zich blijven ontvouwen, alsof er geen einde aan komt. Wie iemand verloren heeft, zal het vast herkennen en ook niet begrijpen hoe dat missen zich steeds weer opnieuw manifesteert. Hoe fraai is dat ‘Je ligt in het hart’, want het verbindt zich aan het hart van de bloem, de roos, het middelpunt van de schoonheid, zo hevig aanwezig, door de kracht van de taal, maar het hart is ook de plek waar het missen zich voordoet, steeds opnieuw. Je wacht, want wat kun je anders doen dan dat? Leven is wachten, en ‘niets zoekt je’, ‘niets’ is gepersonifieerd. Datzelfde niets ‘slaapt je naar het licht’. Hoe kan die afwezigheid, die leegte zich zo blijven ontvouwen? Je voelt haast het zich steeds opnieuw openen van de fluweelzachte bloemblaadjes van de afwezige roos. Het ‘terwijl het valt in zichzelf’ doet me denken aan dat plotseling vallen dat je kunt voelen als je bijna in slaap bent gevallen: slaap, dat andere grote niets, dat zo huiveringwekkend grenst aan de dood en het niets. Het gedicht is opgehouden, is na zijn verschijning uit het niets, weer niets geworden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar het is niet onopgemerkt gebleven, want voor even was ik tijdens het lezen getuige van het opbloeien van dit gedicht, dat verscholen tussen de bladzijden, tussen de dichtbundels in mijn boekenkast lag, stond. Ik ga dit de komende tijd vaker doen, de gedichten van Esther Jansma lezen, want alleen dan ontvouwt zich dat wonder waardoor je voelt dat je leeft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de podcast zegt Jansma dat ze ook de humor belangrijk vindt in haar poëzie. Ook in dit gedicht is de humor aanwezig, maar dan wel die ernstige humor, die voortkomt uit de tragiek, de glimlach bij de laatste regel als je voelt dat het gedicht voorbij zal zijn en dat je het dan al mist.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/109-Esther-Jansma---Mark-Kohn-Beeldunie.jpeg" length="287944" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 01 Sep 2024 18:03:25 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/dobberend-in-afwezigheid</guid>
      <g-custom:tags type="string">Afwezigheid,Esther Jansma,essays,Hier is de tijd</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/109-Esther-Jansma---Mark-Kohn-Beeldunie.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/109-Esther-Jansma---Mark-Kohn-Beeldunie.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Ze ging als een veertje, ze ging als een vogel’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ze-ging-als-een-veertje-ze-ging-als-een-vogel</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Ze ging als een veertje, ze ging als een vogel'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Donald-Niedekker.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Filosofie en poëzie zijn nauw aan elkaar verwant, omdat de beoefenaars van beide kunsten geneigd zijn grondvragen te stellen. Waar de filosoof steeds opnieuw de vraag stelt naar de oorsprong van ons bestaan, zoekt de dichter steeds opnieuw de taal om delen van dat bestaan in te vangen. Beiden vertragen, staan stil bij de vragen waaraan we in de waan van de dag vaak voorbijrazen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Rouw
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Donald Niedekker heeft eenzelfde effect, terwijl het in feite geen van beide is, maar een dagboek, zij het een bijzondere vorm daarvan. Vanaf de eerste dag na het overlijden van zijn moeder tot aan haar eerste verjaardag die ze niet meer zal meemaken, schrijft Niedekker als rituele vorm van rouw iedere dag een klein verslag:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik besloot de volgende dag, zaterdag 5 september 2020, spontaan en zonder vooropgezet plan mijn moeder te gedenken met kleine, voor haar betekenisvolle handelingen. Een t-shirt uit Denemarken dragen, dat ze me ooit had gegeven, luisteren naar een muziekprogramma waar ze van hield, een verhaal uit haar favoriete bundel van Tsjechov lezen of, zoals op de ochtend na haar overlijden, in zee zwemmen ter hoogte van waar wij in Egmond onze zomeridylles hadden beleefd.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het begin van het dagboek is van een serene schoonheid, door de ernst, zo vlak na het verlies, het kwetsbare verlangen om de moeder op een waardige manier te gedenken. Ontroerend is zijn besef dat het woord ‘nabestaande’ zo exact uitdrukt wat het inhoudt: ‘Van bestaande word je nabestaande. Een nabestaande, die de afwezige laat voortbestaan.’ Dat is wat hij die eerste dagen heel bewust doet: het zoeken naar kleine dingen waar zijn moeder zo van kon genieten. De werking die daarvan uitgaat, is niet alleen heilzaam voor hemzelf, maar raakt ook de lezer. Je gaat je vanzelf afvragen welke elementen in je eigen leven en in die van je dierbaren belangrijk zijn (geweest).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het lezend volgen van het rouwproces is een vorm van vertragen, stilstaan bij de essentie van het leven en de liefde, het stellen van de grondvragen. Het zou zelfs gelezen kunnen worden als een voorbeeld van hoe je kunt rouwen. Niedekker beschrijft het als een bijzondere combinatie van terugkijken en verder leven, het verleden meenemen naar het nu. Liefdevol beschrijft hij de laatste uren van zijn moeder, tot en met het moment van afscheid, de euthanasie waar zij voor heeft gekozen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daar blijft het echter niet bij. Het dagboek stijgt ver daarboven uit. Dat komt deels doordat de 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           terugkerende elementen, zoals het takje kamperfoelie, de eerste walnoot van het jaar die hij voor zijn moeder heeft geplukt vlak voor haar dood, en de balalaikaspeelster als betekenisvolle leidmotieven gaan werken die het dagboek een gelaagdheid geven waar je steeds weer een andere invulling aan kunt geven. Daarin zie je de hand van de meester, de vakman, die zorgvuldig zijn compositie bepaalt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat vakmanschap zie je daarnaast terug in Niedekkers verfijnde stijl, haast muzikaal door de verschillende tempi: korte, eenvoudige zinnen die feitelijkheden beschrijven – ‘Rond twee uur ben ik stil. Tien over twee overleed ma.’ – afgewisseld met langere meanderende zinnen met wonderschone subtiele observaties van de natuur, de omgeving, of situaties. De muzikaliteit zat ook al in zijn moeder, waardoor je in zijn verslag in feite een echo hoort van haar. Dat is troostrijk, omdat het ‘nabestaan’ waarover Niedekker het heeft, op die manier voor de lezer een extra dimensie krijgt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gaandeweg het rouwproces komen bij de gekozen rituelen steeds meer herinneringen naar boven, waardoor bij Niedekker de behoefte ontstaat om het leven van zijn moeder enigszins in kaart te brengen. Dat is aan de ene kant heel mooi, omdat het onderdeel is van het rouwproces, maar het dagboek drijft daardoor wel steeds verder af van dat kwetsbare, serene begin dat in literair opzicht zo bijzonder en technisch verfijnd is. Het wordt meer en meer een opsomming van feitelijkheden, belangrijke gebeurtenissen uit het leven van de moeder en het gezin. Niedekker wordt chroniqueur: de lezer krijgt een goed tijdsbeeld en ook een helder beeld van deze levenslustige, stoere en strijdlustige vrouw die vocht voor gelijke kansen voor vrouwen, o.a. in de functie van voetbalscheidsrechter bij de KNVB.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is alsof twee vormen proberen samen te komen. Paradoxaal genoeg is juist het heel persoonlijke stuk waarin de rouwende zoon verslag doet van de meest kwetsbare stappen in het rouwproces, van een bovenpersoonlijke kracht, terwijl het deel waarin de chroniqueur wat meer afstand neemt, eerder een persoonlijke familiekroniek wordt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Al met al is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Rouw
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een ontroerend en rijk document, waarin heel veel te ontdekken valt voor veel verschillende typen lezers. Veel lof ook voor de prachtige uitgave, sober, subtiel met een prachtige afbeelding op de voorkant van – zo lijkt het – een stervende zwaan. Volgens de oude Grieken was de zwaan een schepsel van Apollo en zong deze zwaan vlak voordat hij stierf, een prachtig lied, zijn ‘zwanenzang’. Op de achterzijde staat alleen dit prachtig citaat:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Het is tien over twee geweest, bijna tien voor half drie. De waterjuffer is vertrokken. Een ooievaar vliegt, parallel aan de boerderij naar het noorden, met een kalme slag van de gekartelde, breed uitgespreide vleugels. Ze ging als een veertje, ze ging als een vogel.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Donald Niedekker –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Rouw; berichten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Koppernik, Amsterdam, 296 blz. € 22,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Donald-Niedekker.jpg" length="26759" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 31 Aug 2024 13:41:27 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ze-ging-als-een-veertje-ze-ging-als-een-vogel</guid>
      <g-custom:tags type="string">Donald Niedekker,essays,Rouw,Berichten</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Donald-Niedekker.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Donald-Niedekker.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Japanse miniaturen</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/japanse-miniaturen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Japanse miniaturen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Oog in oog met de maan' van Yosa Buson
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Yosa-Buson-Oog-in-oog-met-de-maan-374x576.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wie denkt dat de essentie van de Japanse haiku bestaat uit het aantal lettergrepen – zeventien, verdeeld over drie versregels, vijf, zeven, vijf – verliest met de regels algauw de kunst uit het oog. De filosofie achter deze ogenschijnlijk eenvoudige versvorm is echter de focus op een kort ogenblik, met kleurrijke, uitdagende beelden. Daarnaast zou je de haiku in één adem moeten kunnen lezen en een gevoel van plotselinge verlichting ervaren. Daarmee is deze versvorm intens, direct en expressief. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Oog in oog met de maan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zijn negentig haiku’s van de Japanse dichter Yosa Buson (1716-1784) opgenomen, in de vertaling van Jos Vos. Het fraai uitgegeven boekje werpt een helder licht op de oorsprong van deze versvorm.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De haiku begon ooit in de dertiende eeuw in Japan als openingszin van ‘renga’, een mondeling gedicht van meestal honderd strofen lang. In de zestiende eeuw is de haiku losgebroken van renga en door Matsuo Basho tot een klassieke versvorm geworden. Yosa Buson leefde een eeuw later en was in zijn tijd de belangrijkste Japanse dichter en daarnaast een begenadigd schilder. Dit zie je goed terug in zijn werk:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Genieten van avondkoelte –
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           je ziet niet eens meer hoe vissers
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hun netten uitwerpen!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In drie regels krijg je een miniatuurschilderijtje voorgeschoteld dat je met slechts een handjevol woorden eigenlijk vooral zelf met je verbeelding in elkaar zet. Misschien dat daarin ook die verlichting zit die je kunt ervaren. Je bouwt in een paar seconden een kleine wereld, een kort verhaal, en voor je het weet, is het weer afgelopen, als een ademtocht, een zucht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Buson had een bijzonder observatievermogen. Hij geeft niet alleen een korte impressie van een stukje natuur of een situatie, maar weet vaak ook de spanning over te brengen die daaronder ligt. Dat maakt dat je niet alleen een schilderij voor je ziet, maar met dat beeld een brokstuk uit een heel leven:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Koude rillingen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in de slaapkamer stap ik op de kam
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van mijn dode vrouw.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Opvallend is dat in elk geval de vertalingen van deze haiku’s meestal niet voldoen aan die simpele regel van het aantal lettergrepen. Dat laat al zien dat daar de essentie van de haiku niet in ligt, want die essentie zou in een vertaling nooit verloren mogen gaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je bedenkt dat deze kleine taalconstructies al een paar eeuwen oud zijn en ooit gecomponeerd zijn aan het andere eind van de wereld, dan kan het bijna niet anders dan dat je daardoor geraakt wordt. Voor je geestesoog verschijnen haast filmische fragmenten van een verloren gegane wereld, van het leven van een mens, lang geleden, in Japan. Deze beelden krijgen iets van een déjà vu, alsof het je eigen herinneringen betreft:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoge stapel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           lome dagen; vroeger steeds
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           verder van ons af.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is niet zo vreemd dat deze versvorm ook modernistische dichters als Ezra Pound heeft beïnvloed. Het fragmentarische ervan past in een wereld die niet meer als eenheid ervaren kan worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze kunst om in weinig woorden een wereld op te roepen doet ook denken aan de geconcentreerde poëzie van Hans Faverey, of de miniaturen van Jozef Deleu. Het betreft de kunst om niet alles in te vullen, de kunst, maar ook de moed om alle overtollige ballast in taal te schrappen en met het weinige dat overblijft de verbeelding van de lezer te tarten. Lezen is dan allesbehalve passief consumeren, maar hard werken, proberen, verwerpen, blijven oefenen, bouwen, tot je oog in oog komt te staan met de maan, met je eigen nietigheid en vergankelijkheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Yosa Buson –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Oog in oog met de maan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald en ingeleid door Jos Vos. Athenaeum – Polak &amp;amp; Van Gennep, Amsterdam, 64 blz. € 10,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Yosa-Buson-Oog-in-oog-met-de-maan-374x576.jpg" length="37460" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 31 Aug 2024 13:37:42 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/japanse-miniaturen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Haiku's,Oog in oog met de maan,Yosa Buson</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Yosa-Buson-Oog-in-oog-met-de-maan-374x576.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Yosa-Buson-Oog-in-oog-met-de-maan-374x576.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Tussen rots en ijs de eenzame mens</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/tussen-rots-en-ijs-de-eenzame-mens</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tussen rotsen en ijs de eenzame mens
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Sneeuw, hond, voet' van Claudio Morandini
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Sneeuw-+hond-+voet.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wie ooit alleen boven in de bergen is geweest, kent wellicht de overweldigende kracht van het ruige landschap en het besef dat je eigen bestaan niet meer dan een vluchtig ogenblik is, op die eeuwenoude aarde, waarin jij weer zult verdwijnen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Sneeuw, hond, voet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de Italiaanse auteur Claudio Morandini, prachtig vertaald door Hilda Schraa en Manon Smits, is een indringend relaas over de kluizenaar Adelmo Farandola, die hoog in de bergen leeft en daar langzaam verdwijnt tegen de achtergrond van rotsen en sneeuw.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan het begin van het verhaal daalt Adelmo af naar het dorp, waar hij enkele inkopen wil doen om de winter te overleven. De winkelmevrouw wil graag dat hij de deur openlaat – later in het verhaal wordt duidelijk waarom – en vraagt daarna verbaasd of hij wat vergeten is, aangezien hij vorige week de halve winkel heeft leeggekocht. Adelmo weet er niets meer van en heeft het gevoel dat de vrouw hem voor de gek houdt. Vanaf dat moment ben je als lezer op je hoede: heeft hij alles nog wel op een rij?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als hij weer naar boven gaat, reis je met hem de eenzaamheid in, en heb je geen ander houvast meer dan zijn gedachten waarin je bent opgesloten. Met hem word je de eenzame bergbewoner die zichzelf moet zien te redden in de kleine hut en merk je dat je het ene moment nog denkt dat je koeien in de stal hebt, die je moet melken en voeden, en het andere moment dat je die koeien al jaren geleden bent kwijtgeraakt. De winkelvrouw had gelijk: er was nog genoeg voorraad in zijn huis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Adelmo wantrouwt alles en iedereen, zelfs de hond die op een dag achter hem aanloopt. Hij jaagt hem weg, schopt hem en gooit stenen naar hem. Als de hond hem toch trouw blijft volgen, accepteert Adelmo hem, zelfs in zijn huis. Hij begint wat onwennig tegen de hond te praten. Na verloop van tijd praat de hond terug, zonder dat het echt vreemd is. Misschien dat deze sprekende hond zich vooral in Adelmo’s hoofd bevindt. Hoe bozig hij soms ook tegen de hond praat, uiteindelijk deelt hij alles met het beest en brandt zelfs behoedzaam de teken uit zijn vacht, om de hond van de parasieten te bevrijden. Uitvoerig wordt beschreven hoe Adelmo door zich niet te wassen beschermt tegen allerlei bacteriën. Hij is trots op de stank die hij verspreidt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de bergen is ook een jachtopziener die hem in de gaten houdt. Deze vraagt hem of hij een geweer heeft en of hij daar ook een vergunning voor heeft. Ook wijst hij Adelmo erop dat de hond aan de lijn moet. Adelmo wimpelt hem af en trekt zich steeds verder terug in zijn kleine wereld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de winter raken ze ingesneeuwd en lijkt het erop dat Adelmo langzaamaan krankzinnig wordt door de geluiden van de krakende sneeuw en de lawines die gevaarlijk langs zijn huis glijden:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Voor Adelmo Farandola, begraven onder de sneeuw, zijn dit de vertrouwde geluiden van de eeuwige winter. Daar beneden, in zijn door meters sneeuw samengedrukte berghut, dringt alles gedempt door, maar het dringt wel door. En dat lawaai, dat ook ’s nachts aanhoudt, lijkt zich om te vormen tot een partituur van stemmen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Sommige klinken vijandig, ronduit wrokkig. Andere meer insinuerend, soms – maar dat is zelden – als overvallen door een soort tederheid. Op die eerste reageert Adelmo Farandola nooit, hij heeft geleerd dat dat het erger maakt, dan worden ze nog arroganter en luider, en dreigen met de vreselijkste dingen, al houden ze het daarbij vaag. De tweede vergunt hij wel af en toe een antwoord: hij weet dat ze niet te ver zullen gaan, dat ze hooguit de spot met hem zullen drijven zonder dat hij het op dat moment doorheeft – later wel, wanneer hij er keer op keer aan terugdenkt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Als jij het zegt,’ flapt Adelmo Farandola er dan uit, als antwoord op een oprisping van het ijs.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Of ‘Tuurlijk, uiteraard,’ op een dreun die te ver weg is om echt bedreigend te zijn.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er komen herinneringen naar boven die hij met de hond deelt. Als de sneeuw begint te smelten en ze weer naar buiten kunnen, doen ze een wonderlijke ontdekking vlakbij de hut: er steekt een voet uit de sneeuw. Morandini weet de spanning goed op te bouwen: van wie is de voet en wat gaat Adelmo ermee doen?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal wordt beklemmend, rauw en zelfs hartverscheurend op het moment dat Adelmo geroepen wordt door dorpsbewoners en zijn broer, die hem willen redden, al weet je niet zeker of hij het zich allemaal verbeeldt. Hoe kleiner Adelmo’s wereld daarboven in de bergen wordt, hoe sterker de eenzaamheid en hoe groter de angst om gevonden te worden door de buitenwereld. Dagenlang houdt hij zich schuil in een nauwe spelonk. Niets is meer vreemd: hij had al eerder klappen uitgedeeld aan Honger en Kou, maar hier raakt hij zelfs in gesprek met het lijk.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Sneeuw, hond, voet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een aangrijpend en tegelijk grotesk verhaal over de eenzame mens die het moet zien te redden zonder de liefde en het gezelschap van de medemens, die hij nota bene zelf ruw van zich heeft afgeschud. Als lezer deel je in deze eenzaamheid en word je geconfronteerd met je eigen sterfelijkheid.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Claudio Morandini –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Sneeuw, hond, voet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Hilda Schraa en Manon Smits. Koppernik, Amsterdam, 132 blz. € 19,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Sneeuw-+hond-+voet.jpeg" length="45456" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 19 Aug 2024 07:54:04 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/tussen-rots-en-ijs-de-eenzame-mens</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Sneeuw,hond,voet,Claudio Morandini</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Sneeuw-+hond-+voet.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Sneeuw-+hond-+voet.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Wie van mensen wil houden, moet de zotheid omarmen’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wie-van-mensen-wil-houden-moet-de-zotheid-omarmen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Wie van mensen wil houden, moet de zotheid omarmen’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Zevenpoot' van Arnon Grunberg
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zevenpoot.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wie
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zevenpoot
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ter hand neemt, ondergaat vrijwel direct een meervoudige, zintuiglijke ervaring. Het omslag is er niet een die je zomaar even over het hoofd ziet. Een krioelende mensenmassa in felroze truien met rode strepen spat van de kaft af. De mensen zijn aan het schreeuwen, of joelen, iemand houdt een fles in zijn hand. Zijn ze onder invloed? Een kleine mevrouw in turquoise jurk ondergaat met geschrokken blik hoe zij half ondersteboven door de menigte wordt gedragen, of doorgegeven. Ze bevinden zich in een tram. Omdat de titel ‘Zevenpoot’ is, ga je onwillekeurig in de menigte op zoek naar een zevenpoot, maar die is onvindbaar, tenzij de armen die uit de krioelende massa uitsteken, voor poten moeten doorgaan. Misschien is het een afwijking van mij, maar als er een losse omslag om een boek zit, haal ik die er altijd meteen af om te kijken wat er onder zit, en bij dit boek smolt ik meteen: een prachtige linnen omslag! De auteur mag dan Arnon Grunberg zijn, maar wat je in handen hebt, is daarnaast ook nog een echte Thé Tjong-Khing (gelauwerd illustrator) én een echte Irma Boom (boekontwerper, onderscheiden met de Eremedaille voor Kunst en Wetenschap van de Huisorde van Oranje)! En dan hebben we het alleen nog maar over het omslag...
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan de binnenkant van het omslag staat: ‘Wie van mensen wil houden moet de zotheid omarmen’. En dat die zin veelbetekenend is, wordt gedurende het boek wel duidelijk. Meedogenloos daalt Grunberg in zijn satire af naar de bodem van de (westerse) mens en wat hij daar naar boven haalt, is nogal schrijnend. De ondertitel ‘een serenade aan de mens’ lijkt daarom op het eerste gezicht vooral cynisch, maar dat valt bij nader inzien mee.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het echtpaar Knoblauch is aan het begin van het verhaal in blijde verwachting van een kind dat waarschijnlijk een zeer klein formaat zal hebben. Dat blijkt bij de geboorte echter niet de enige afwijking. Het piepkleine jongetje heeft namelijk ook nog eens acht benen, of poten. Dit is verrassend, gezien de titel. De liefde die het echtpaar voelt voor Mom, zoals ze hun kind noemen, is bijzonder aandoenlijk. Ze zijn vanaf het allereerste begin tot over hun oren verliefd op dit kleine wezen. Deze liefde is onvoorwaardelijk en onverwoestbaar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar hoe zit het met de omgeving waarin dit prille geluk is terechtgekomen? Vanaf het eerste begin blijkt de wereld er een van wreedheid en willekeur. De kraamhulp eet ongegeneerd de hele koelkast leeg, die meneer Knoblauch zo liefdevol voor zijn pas bevallen vrouw had gevuld. De natuurgenezer die door het echtpaar om hulp wordt gevraagd, blijkt vooral een afzetter, en zonder dat de Knoblauchs het kunnen tegenhouden, wordt Mom door een progressief kunstenaarscollectief geconfisqueerd en in het Stedelijk Museum tentoongesteld:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘[...] daar zal de readymade een ereplaats krijgen op onze afscheidstentoonstelling. Wij nemen afscheid van de Europese kunst. Europa is het sterfhuis, haar kunst de guillotine. Een klein, misdadig, overschat plekje op deze wereld is Europa. En van dat Europa nemen wij afscheid. Afscheid van het imperium met zijn koloniale reflexen, zijn koloniale stem en zijn koloniale penis, om over zijn koloniale teelballen maar te zwijgen. Daarna nemen wij afscheid van elkaar. Wij zijn ex-Europeanen. Wij nemen afscheid van de misvormde Europeaan. Dag, misvormde Europeaan.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met elk nieuw hoofdstuk blijkt de wereld absurder. De Knoblauchs blijven weliswaar een soort basisnaïviteit houden ten opzichte van hun zoon en hun omgeving, maar ondertussen worden ze uitgebuit en raken ze verzeild in allerlei intriges. Ze zetten hun tent op vlak voor het museum, om zo dicht mogelijk bij hun zoon te verblijven. Terwijl Mom vissenvoer te eten krijgt in het museum, omdat ze nu eenmaal één lijn moeten trekken, kopen de Knoblauchs garnalenkroketjes voor hun zoon, om hem wat bij te voeren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal is kleurrijk geïllustreerd en net als het verhaal laten ook deze illustraties een absurde wereld zien waarin het kwetsbare echtpaar, steevast een stuk kleiner dan de andere afgebeelde figuren, overgeleverd is aan wreedheid en willekeur.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal houdt onze maatschappij, inclusief de koning, die zichzelf in een kat heeft laten veranderen om te ontkomen aan zijn ‘rotvolk’, een spiegel voor, en wát voor een! Vol humor, maar ook meedogenloos laat Grunberg zien hoe we vooral aan onszelf denken en hoe we alles met regels en protocollen proberen dicht te timmeren, terwijl de bagger tussen al die regels doorsijpelt en alles alleen maar van kwaad tot erger wordt. Je voelt hoe je met de beste bedoelingen alles wat je dierbaar is, met geen mogelijkheid kunt beschermen. Leven lijkt vooral verliezen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En toch, door de niet aflatende liefde waarmee de twee echtelieden hun zoon volgen en daarbij, ik zou haast zeggen, het ‘sadistisch universum’ voor lief nemen en misschien zelfs omarmen, krijg je het gevoel dat dit het enige is wat de mens overblijft of te doen staat: de ander liefhebben. Dat lees je, dat zie je, dat voel je, in woord, beeld en materiaal. Als dat geen wonderlijke schepping is. Chapeau voor deze drie kunstenaars!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Arnon Grunberg en Thé Tjong-Khing –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zevenpoot; een serenade aan de mens
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Querido, Amsterdam, Antwerpen. 176 blz. € 23,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zevenpoot.jpeg" length="79903" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 19 Aug 2024 07:50:19 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wie-van-mensen-wil-houden-moet-de-zotheid-omarmen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Arnon Grunberg,Thé Tjong-Khing,essays,Irma Boom,Zevenpoot</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zevenpoot.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zevenpoot.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Literatuur is geen privédomein, literatuur is gemeenschapsgrond.’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/literatuur-is-geen-privedomein-literatuur-is-gemeenschapsgrond</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Literatuur is geen privédomein, literatuur is gemeenschapsgrond.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Woorden willen losjes leven; essays over schrijverschap'  van Virginia Woolf
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_2347.JPG"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘Vanaf het allereerste woord moet het ons betoveren en pas bij het laatste woord moeten we opgefrist ontwaken,’ zegt Virginia Woolf in ‘Het moderne essay’. En dat is precies wat Woolfs essays doen. Daarom is het een groot geluk dat deze nu ook in het Nederlands zijn vertaald door Thomas Heij en Pauline Slot in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Woorden willen losjes leven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel geeft een mooi overzicht van Woolfs essays van 1905 tot 1940, die elk een korte inleiding van de vertalers krijgen. Alle stukken gaan over het schrijverschap: zelfs als ze schrijft over de schilderkunst of de filmkunst die net opkomt, gaat het om hoe deze zich verhouden tot het schrijven. Bij elkaar tonen de essays niet alleen inhoudelijk een rijke schakering van Woolfs denken over het schrijverschap, maar ook in vorm. Net als haar romans laten ook haar essays haar stilistische brille zien: in een meanderende gedachtestroom drijven bijzonder scherpzinnige, humoristische en genuanceerde observaties naar boven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zeer humoristisch is bijvoorbeeld haar Londense avontuur ‘Rondspoken op straat’, waarin ze begint met het voornemen een potlood te gaan kopen. Echter, bij alles wat tijdens de wandeling door de Londense straten haar oog raakt, borrelt een hele wereld omhoog: ‘Het schelpachtige omhulsel dat onze zielen hebben aangemaakt om ons te huisvesten, om zichzelf een unieke vorm te geven, valt uiteen en van alle richels en ruwte resteert slechts een oester van opmerkzaamheid, een reusachtig oog.’ Ze laat zien dat elk detail de aanleiding kan zijn tot een verhaal. Personages vloeien in elkaar over en het is maar de vraag wie en waar we nu precies zijn: ‘We waren net genoeg tot deze levens doorgedrongen om onszelf wijs te maken dat we niet gevangen zijn in een enkele geest, maar voor een minuut of wat het lichaam en de geest van een ander kunnen bewonen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Fel haalt Woolf niet alleen uit naar de Engelse roman, die volgens haar geen kunstwerk is in vergelijking met de Russische roman, maar ook naar literaire critici die net doen of zij de waarheid in pacht hebben, maar nauwelijks duidelijk maken wat fictie nu eigenlijk inhoudt: ‘Als de Engelse critici minder huiselijk waren ingesteld [...], dan zou de romanschrijver vast ook veel meer durven wagen. Hij zou zich losmaken van de eeuwige theetafel en van de bedrieglijke en dwaze formules die geacht worden onze hele menselijke onderneming te verbeelden.’ In een ander essay stelt Woolf dat de roman eigenlijk niet bestaat, maar in feite een formule is van literaire critici.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Tussen de essays zit ook de inleiding bij
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mrs Dalloway
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , waarin ze de lezer uitnodigt zichzelf de tijd en ruimte te geven om zijn eigen mening erover te vormen. Hij zal een onfeilbare rechter zijn. Als de auteur zijn boek heeft gepubliceerd, moet hij het loslaten. Daarvoor heeft die lezer ook geen oordeel van critici of recensenten nodig. Ze vraagt zich in ‘Recenseren’ zelfs af of recensenten nog wel nodig zijn. Ze moeten in zo korte tijd een oordeel vellen over wat er allemaal verschijnt, dat hun stukken steeds oppervlakkiger worden. De schrijver wordt ongelukkig van negatieve recensies en de lezer heeft er niets aan, omdat er zoveel recensies verschijnen dat ze elkaar allemaal tegenspreken. Bovendien bekritiseert ze het geven van sterren in plaats van een in taal gevat oordeel, dat in die tijd ook gebruikelijk was.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Woolf stelt voor dat recensenten hun ambt opgeven en in plaats daarvan met de schrijver in gesprek gaan, een op een. Door vragen te stellen en goed te luisteren, kunnen beiden van elkaar leren. De redacteur die in zijn blad vervolgens ruimte over heeft, zou wat meer aandacht kunnen besteden aan niet-commerciële literatuur van naamloze schrijvers, met essays, en met literaire kritiek die niet de waan van de dag volgt. Op deze manier kan er volgens haar een nieuwe verhouding ontstaan, die minder kleinzielig en minder persoonlijk is en hernieuwde interesse in en hernieuwde waardering voor literatuur als gevolg zou kunnen hebben.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In ‘De scheve toren’ bekritiseert ze de bevoorrechte positie van Engelse auteurs, die allemaal van goede komaf zijn en een dure opleiding achter de rug hebben:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘De roman die in een klasseloze en torenloze maatschappij wordt geschreven zou die van voorheen verre moeten overtreffen. De romanschrijver heeft opeens veel meer interessante mensen om over te schrijven: mensen die hun humor, talenten en voorkeuren hebben kunnen ontwikkelen – echte mensen bovendien, niet mensen die bijeengedreven zijn binnen hagen en daar opgaan in de massa.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Opmerkelijk is dat Woolf hier ook bepleit dat iedere schrijver tegelijkertijd een literaire criticus zou moeten zijn, ‘omdat woorden zo gewoon, zo alomtegenwoordig zijn dat hij ze moet zeven en ziften om iets blijvends te produceren. Schrijf dagelijks, schrijf vrijuit, maar laten we ons eigen werk altijd vergelijken met dat van de grote schrijvers. Dat maakt deemoedig, maar het is wel essentieel.’ Ze roept schrijvers dus op om veel te lezen. Dat is belangrijker dan die peperdure privéscholen die de meeste Engelse auteurs uit haar tijd doorlopen hebben: ‘Literatuur is geen privédomein, literatuur is gemeenschapsgrond.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Treffend weet Woolf te verwoorden wat zo essentieel is voor het ambacht van het schrijven: woorden hebben hun vrijheid nodig. Te vaak pinnen wij woorden vast op één betekenis, namelijk ‘die ons helpt onze trein te halen, de betekenis die ons helpt ons examen met goed gevolg af te leggen. En wanneer woorden worden vastgepind, vouwen ze hun vleugels in en sterven.’ Daarnaast hebben woorden hun privacy nodig. Daarmee bedoelt Woolf dat we het onbewuste zijn werk moeten laten doen: ‘onze duisternis is hun licht’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het laatste essay is van een ontroerende schoonheid en helaas bijzonder actueel: ‘Gedachten over vrede tijdens een luchtaanval’. Terwijl de straat met hun uitgeverij net gebombardeerd is en het echtpaar in Monks House verblijft, schrijft Virginia Woolf haar essay tussen de luchtgevechten door. Ze realiseert zich dat de soldaten van beide kanten gewoon jongens zijn, die we iets anders zouden moeten geven dan wapens. Ze is ervan overtuigd dat het scheppen van iets moois een grotere voldoening kan geven dan het schieten met vuurwapens op elkaar, maar dan moeten die jongens zich daarin wel hebben kunnen ontwikkelen. Ook beseft ze dat angst hoe dan ook verlamt en onvruchtbaar maakt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Woorden willen losjes leven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een bundel waarin je mooie passages blijft onderstrepen. De eigenzinnige Woolf, die het meeste van haar werk zelf uitgaf in de door haarzelf en man opgerichte uitgeverij Hogarth Press, en lijnrecht tegen de tijdgeest in dacht, kan met haar creatieve geest en aanstekelijke humor ook voor schrijvers, critici en recensenten van deze tijd nog een grote inspiratiebron zijn!
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Virginia Woolf –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Woorden willen losjes leven; essays over schrijverschap
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald en ingeleid door Thomas Heij en Pauline Slot. ISVW Uitgevers, Leu
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_2347.JPG" length="134748" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 05 Aug 2024 16:23:58 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/literatuur-is-geen-privedomein-literatuur-is-gemeenschapsgrond</guid>
      <g-custom:tags type="string">Virginia Woolf,essays,Woorden willen losjes leven</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_2347.JPG">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_2347.JPG">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een tijdloos eiland in de chaos</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-tijdloos-eiland-in-de-chaos</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een tijdloos eiland in de chaos
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het lied van de profeet' van Paul Lynch
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Paul-Lynch-het+lied+van+de+profeet.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Meer dan een angstaanjagende toekomstroman is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het lied van de profeet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , waarmee Paul Lynch afgelopen jaar de Booker Prize won, het tijdloze verhaal van een moeder die in oorlogstijd haar gezin bij elkaar probeert te houden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Veelzeggend hierin zijn de twee profetische motto’s, een uit Prediker, waarin staat dat alles zal zijn, zoals het geweest is, en een van Bertolt Brecht met de vraag of er in duistere tijden ook gezongen zal worden, met als antwoord dat er in duistere tijden gezongen zal worden over duistere tijden. Beide motto’s zetten de toon en benadrukken het tijdloze van dit lied van de profeet.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal gaat over de Ierse Eilish Stack uit Dublin, wetenschapper en moeder van vier kinderen. Op een dag wordt haar man, vicevoorzitter van de Onderwijsbond, opgepakt, zonder dat duidelijk is waarom en zonder dat Eilish hem kan verdedigen. Er is een noodtoestand afgeroepen, waardoor de overheid ongestraft buiten alle wetten mensen mag oppakken, zonder eerlijk proces. Eilish doet er alles aan om Larry terug te krijgen, maar ze is daarin machteloos. Hoezeer ze haar gezin ook bij elkaar probeert te houden, door alles zoveel mogelijk in hetzelfde ritme door te laten gaan – opstaan, verschonen, eten, school, sport, slapen – valt het stukje bij beetje uit elkaar. Haar oudste zoon Mark sluit zich aan bij de rebellen, haar dochter Molly krijgt paniekaanvallen en eet steeds minder, haar zoon Bailey wordt met de dag brutaler en sluit zich meer en meer van haar af. Ondertussen spiegelt de jongste zoon Ben, nog maar een baby, de machteloosheid van allemaal, net als de vader van Eilish, die wat verderop woont en steeds vergeetachtiger wordt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het boek is absoluut spannend, hoe ongeloofwaardig de situatie ook is: in een mum van tijd lijkt iedereen zich aan te passen aan de tirannieke overheid en lijkt Eilish eenzaam in haar strijd om Larry terug te vinden. Alles om haar heen brokkelt af: de elektriciteit valt regelmatig uit, toch blijven telefoons het veelal doen, uit de kraan komt een bruinig straaltje, winkels raken leeg, straten worden gebombardeerd. Het zijn echter niet zozeer deze spannende gebeurtenissen die onder de huid kruipen. Voor wie niet van dystopieën houdt, is het boek nog steeds indrukwekkend. De kracht van Lynch zit namelijk in hoe hij tussen de simpele gebeurtenissen door steeds de binnenwereld van Eilish beschrijft, waarin hij vertraagt. In die binnenwereld heerst de tijdloosheid, waardoor het feitelijke verhaal boven zichzelf uitstijgt, universeel en op sommige momenten haast mythisch wordt. Dit vertragen doet hij met grote klasse, zoals op het moment dat Molly constateert dat het water bruin is:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Met het lepeltje vangt ze wat klodders appelmoes op en in een flits ziet ze in gedachten iets diep onder de grond, een flinter van een verroeste pijp die is losgeschoten in de hoofdleiding en wordt meegevoerd door het water, dat vervuild raakt met roest en lood, het water dat door de buizen stroomt en donker in de huizen van bewoners terechtkomt, in bedrijven en scholen, dat uit de kraan in ketels, glazen en kopjes klettert, dat door monden gaat, het lood dat door het maag-darmkanaal wordt opgenomen, dat in weefsel en botten wordt opgeslagen, de aorta en de lever, de bijnieren en de schildklier, het vergif dat ongezien zijn werk doet totdat het in het lab wordt aangetoond in urine en bloed. Ze draait zich om en kijkt naar het water dat uit de kraan stroomt en zegt: laat het gewoon even goed doorlopen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De eenvoudige nuchterheid waarmee ze haar kinderen geruststelt en door de chaos loodst, contrasteert met de apocalyps die zich in haar binnenwereld ontvouwt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal heeft daarnaast een adembenemende snelheid, doordat alle dialogen in het verhaal zijn ingebed. Daar moet je even aan wennen, omdat je soms niet meteen ziet wie er aan het woord is. Vraag en antwoord struikelen over elkaar tussen de gebeurtenissen door. Deze techniek past feilloos bij de steeds groter wordende chaos waarin Eilish en haar kinderen zich bevinden. Tegelijkertijd schildert Lynch aandoenlijke portretten van de vier kinderen die zich ieder op hun eigen manier ontwikkelen en de eigenwijze vader van Eilish.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is alsof de lezer zich op een tijdloos eiland bevindt in het hoofd van Eilish. In haar woedt onophoudelijk een haast natuurkundige kracht, een soort ijzersterke magneet van de liefde die haar kinderen omringt en in veiligheid probeert te houden. In haar hoofd blijft ze met Larry praten, brengt hem op de hoogte van wat er allemaal gebeurt, overlegt hoe ze problemen moet aanpakken, hoe ze haar kinderen tegelijkertijd moet vasthouden én loslaten. Dat eenzame eiland verplaatst zich door het chaotische Dublin. Naarmate het verhaal vordert, rijt de buitenwereld al haar hoop en goede moed aan flarden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dan ervaart de lezer de kracht van beide motto’s: het zal nergens ooit anders zijn dan zoals het is en geweest is. Overal ter wereld leven mensen hun eigen leven met hun geliefden om zich heen. Je kunt niet het leven van een ander leiden, elk mens bevindt zich op zijn eigen eenzame eiland en moet ondergaan wat op zijn pad komt. Dat besef dringt steeds dieper door in de lezer, die net zo vertwijfeld en wanhopig als Eilish op een onzeker einde afstevent, en dat maakt dit boek hartverscheurend.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Paul Lynch –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het lied van de profeet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Tjadine Stheeman en Lidwien Biekmann. Prometheus, Amsterdam. 320 blz. € 23,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Paul-Lynch-het+lied+van+de+profeet.jpg" length="36142" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 30 Jul 2024 13:29:16 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-tijdloos-eiland-in-de-chaos</guid>
      <g-custom:tags type="string">Paul Lynch,essays,Het lied van de profeet</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Paul-Lynch-het+lied+van+de+profeet.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Paul-Lynch-het+lied+van+de+profeet.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De brand die in ons allen woedt</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-brand-die-in-ons-allen-woedt</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De brand die in ons allen woedt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De brandstichter' van Egon Hostovský
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Egon-Hostovsky-389x576.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In 1935 vestigde de Tsjechische auteur en bloedverwant van Stefan Zweig, Egon Hostovský, zijn naam met de roman 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De brandstichter
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , een paar jaar voordat hij als jood moest vluchten voor de nazi’s. Na de oorlog werd zijn werk in het communistische Tsjechoslowakije verboden. Hostovský vestigde zich definitief in de VS. Zirimiripress heeft dit bijzondere werk nu voor het eerst in het Nederlands uitgegeven. Het is een geheimzinnig, maar ook humoristisch verhaal over onverklaarbare branden in een klein grensstadje in de bergen van Oost-Bohemen. De onvrede uit het interbellum, het wantrouwen tussen Duitsers en Tsjechen en tegen joden lijken een voorafschaduwing van de Tweede Wereldoorlog.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal speelt zich af in Zbečnov, waar plotseling op verschillende plekken na elkaar mysterieuze branden ontstaan. Josef Simon is de eigenaar van kroeg De Zilveren Duif, waar verschillende bewoners van het stadje samenkomen om hun gedachten te laten gaan over de gebeurtenissen. Josef en zijn vrouw hebben twee puberkinderen, dochter Eliška en zoon Kamil, die zich beurtelings van hun ouders afzetten en zich dan weer aan hen vastklampen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Opvallend is het verschuivende perspectief in het verhaal. Het doet denken aan dat uit De grote angst in de bergen van de Zwitserse Charles-Ferdinand Ramuz, waar je ook soms terechtkomt in een soort collectief perspectief van de bergbevolking. Er vinden dialogen plaats tussen bewoners, zonder dat je precies weet wie wat zegt, waardoor de kracht van geruchten versterkt wordt. Soms gaat dit over in een alwetende verteller die zich rechtstreeks tot de lezer wendt en vooral verwarring lijkt te willen zaaien:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Nee, nee, ik protesteer niet, u staat in uw recht als u mort: ik had hem allang aan u moeten voorstellen. Maar geloof me, hoewel hij uit Praag komt en hoewel zijn foto in de krant heeft gestaan en hoewel hij heeft geprobeerd een praatje aan te knopen met de bezoekers van De Zilveren Duif, is hij eigenlijk liever alleen. Kritische vrienden hebben over hem gezegd dat hij in afzondering nog wat aan zichzelf moet werken. [...] Het spijt me dat ik hem niet op een geschikter moment aan u heb voorgesteld, zodat u zowel in zijn gezicht als in zijn kaarten kon kijken.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Prachtig zijn de stukken waarin je het verhaal leest vanuit de rusteloze zielen van de twee puberkinderen, die niet weten waar ze het zoeken moeten in hun moeizame ontwikkeling naar volwassenheid. Kamil is tot over zijn oren verliefd op Dora, de geheimzinnige vriendin van zijn zus, en is diep gekwetst als hij haar tegen zijn zus hoort zeggen dat ze hem lelijk vindt. Hij wil iets bijzonders zijn, een heldendaad verrichten, of in elk geval iets wat de aandacht trekt. Is híj misschien de brandstichter, of misschien zelfs Dora? Eliška wil graag vluchten in de armen van een dichter, maar wie zegt dat hij de brandstichter niet is?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ondertussen blijkt ook de moeder bijzonder gedrag te vertonen: telkens als zij het huis verlaat, doet zij alle kamers op slot. Wat heeft zij te verbergen? Ondertussen lijkt de veldwachter zijn verdenkingen te richten op de Pruis die zich zo nu en dan in het stadje laat zien, maar ook de paardenkoper, barbier en kousenmaker zijn verdacht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er heerst een broeierige sfeer in het plaatsje. Je krijgt een treffend beeld van de samenleving voorgeschoteld: de angst om zelf het volgende slachtoffer te zijn, het wijzen naar de ander en het afgaan op berichten, die vooral geruchten zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Naarmate het verhaal vordert, neemt de anonieme brandstichter door de bijna hilarische opeenstapeling van mogelijke verdachten, haast mythische vormen aan. Is er wel echt sprake van brand, of symboliseert deze vooral het vurige opgroeien van de twee puberkinderen, de wrijvingen tussen man en vrouw, of tussen mensen in het algemeen, de roddels die zich ‘als een lopend vuur’ door een gemeenschap kunnen verspreiden?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De brandstichter
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            stijgt uit boven een spannend verhaal over raadselachtige branden. Het bezint humoristisch én vlijmscherp op hoe mensen met elkaar samenleven, geheimen voor elkaar hebben, wantrouwen koesteren, binnen een volk, een stad, maar ook binnen de muren van een huis, een gezin. Het houdt ons een spiegel voor: in ieder van ons woedt een brand die kan overslaan op de ander. Dat dit boek is geschreven aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog, zorgt daarbij voor een grimmige ondertoon, die in deze tijd van politieke verharding, aan het denken zet.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Egon Hostovský –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De brandstichter
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Edgar de Bruin. Zirimiripress, Amsterdam. 205 blz. € 22,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Egon-Hostovsky-389x576.jpg" length="27860" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 23 Jul 2024 16:18:46 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-brand-die-in-ons-allen-woedt</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,De brandstichter,Egon Hostovský</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Egon-Hostovsky-389x576.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Egon-Hostovsky-389x576.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Wandelen tot elke voetstap een eigen etappenummer heeft</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wandelen-tot-elke-voetstap-een-eigen-etappenummer-heeft</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wandelen tot elke voetstap een eigen etappenummer heeft
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Heen en weer'  van Rob van Essen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Heen+en+weer.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘Nu alles is beschreven en alle wandelingen zijn samengevoegd tot een verhaal, zie ik wat er verloren is gegaan: hun verspreiding in de tijd, door de seizoenen en de jaren heen, en hun uitgebreidheid in het landschap, en de onbestemdheid van alles wat niet kan worden uitgedrukt,’ schrijft Rob van Essen in zijn
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Heen en weer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , een nieuw deeltje van de Terloops-reeks, waarin steeds een auteur een bepaalde wandeling beschrijft. Van Essen neemt de lezer mee in het jarenlange ‘heen en weer’ van de ongeveer zeven kilometer tussen station Naarden-Bussum en het centrum in Huizen waar zijn bejaarde moeder verblijft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de eerste periode van de 15 jaar dat zijn moeder in het centrum verbleef, nam Van Essen iedere woensdagmiddag de trein van Amsterdam naar Naarden-Bussum, om vandaaruit de bus te pakken naar Huizen. De wekelijkse bezoekjes werden steeds meer een opgave en iedere keer kwam hij aan het eind van de middag gehaast en vermoeid thuis en besefte dat hij de verloren tijd niet meer aan iets anders kon besteden. De oplossing diende zich aan toen hij een zencursus ging volgen. De zenmeester zei dat hij iedere dag twee keer vijfentwintig minuten moest mediteren:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “Behalve als je het druk hebt,” zei hij, terwijl hij zijn blik rond liet gaan. “Dan twee keer een uur.”. Ik begreep wat me te doen stond: omdat die bezoekjes aan mijn moeder me elke woensdagmiddag weer zo veel tijd kostten, moest ik er meer tijd voor vrijmaken. Ik besloot dat ik bij station Naarden-Bussum niet meer de bus zou nemen, maar dat ik naar Huizen zou gaan wandelen, via het bos en de hei, een wandeling van zo’n zeven kilometer. En aan het eind van de middag weer terug.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze paradox zal vast voor veel lezers herkenbaar zijn: ontspanning als diepte-investering. Al snel blijkt dat Van Essen er spijt van heeft dat hij deze beslissing niet eerder heeft genomen, al is die twee keer zeven kilometer voor een ongetrainde wandelaar niet niks. Van Essen deelt de wandeling op in etappes: ‘de bebouwde kom, het Eerste Bos, de hei, het Tweede Bos.’ Vervolgens kunnen die etappes weer worden onderverdeeld in kleinere etappes en zo kan hij eindeloos doorgaan tot elke voetstap een eigen etappenummer heeft. Hij beseft evenwel dat die indeling alleen in zijn hoofd bestaat en dat in werkelijkheid de weg door bos en hei een organisch geheel is. Van het passeren van steeds dezelfde plekken onder wisselende seizoenen lijkt haast een helende werking uit te gaan: berusting in het verstrijken van de tijd, in het verlies van herinneringen, van de roodborsttapuit, van een moeder.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van Essen beschrijft niet alleen hoe de tijd de verschillende plekken van de route letterlijk in een ander daglicht plaatst, maar staat ook stil bij de langzame aftakeling van zijn moeder, die niemand tot last wil zijn en voorzichtig haar dankbaarheid laat blijken voor de bezoekjes van haar zoon. De vrijheid en rust van de natuur staan in schril contrast met de beslotenheid van het centrum. Met lichte ironie vertelt Van Essen hoe een andere bewoonster, mevrouw Jurriaanse, perfect de rol van vertrekkende bezoeker kan spelen, ‘inclusief dichtgeknoopte jas, tasje en hoedje’, waardoor hij haar een paar keer per ongeluk mee naar buiten heeft genomen door de deur die alleen met code geopend kan worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Heen en weer
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           laat zien hoe wandelen niet alleen rust kan scheppen in een gehaast leven, maar hoe deze discipline ook voor diepere inzichten en rouwverwerking kan zorgen. Daarmee is het een welkome aanvulling van deze mooie reeks.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Rob van Essen –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Heen en weer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Van Oorschot. Terloops, Amsterdam. 64 blz. € 13,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Heen+en+weer.jpeg" length="25892" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 13 Jul 2024 13:50:57 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wandelen-tot-elke-voetstap-een-eigen-etappenummer-heeft</guid>
      <g-custom:tags type="string">Heen en weer,essays,Rob van Essen,Terloops</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Heen+en+weer.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Heen+en+weer.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De humoristische pen van Arjen Lubach</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-humoristische-pen-van-arjen-lubach</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De humoristische pen van Arjen Lubach
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Magnus' en 'Stoorzender' van Arjen Lubach door Floor Velzel (leerling vwo 5 Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Lubach.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Arjen Lubach is een naam die zowel mensen met politieke interesse als fans van literaire werken bekend voorkomt. Met zijn succesvolle tv-programma’s Zondag met Lubach en De Avondshow met Arjen Lubach is hij erin geslaagd om de aandacht van zowel jongeren als volwassenen te trekken met onderwerpen als milieu, geopolitiek en gezondheid. In een tijd van forse ontwikkelingen in zowel de media als de politiek laat Lubach zijn scherpe observaties en vlotte verteltrant doorklinken in zijn literaire werken. Enkele voorbeelden hiervan zijn het autobiografische werk
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stoorzender
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (2020) en zijn psychologische roman
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Magnus
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (2011), die tevens zijn doorbraak in de literaire wereld heeft betekend. In het eerstgenoemde werk geeft Lubach een kijkje achter de schermen van zijn dynamische en soms turbulente leven als mediapersoonlijkheid. Hij doet met name verslag over twee jaar uit zijn bewogen bestaan en schrijft vanuit zes verschillende plekken, die tevens de hoofdstukken van het werk vormen. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Magnus
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            vertelt Lubach het verhaal van een twintiger genaamd Merlijn Kaiser, die last heeft van epileptische aanvallen en daardoor stukken in de tijd mist. Wanneer zijn jeugdliefde Caro hem verlaat voor een populaire singer-songwriter, rest Merlijn niets anders dan zijn pijn te compenseren met liederlijke uitspattingen. Dit geeft hem een bron van afleiding totdat hij te horen krijgt dat er vreemde uitgaven via zijn creditcard zijn gemaakt in een pretpark in Zweden. Door zijn breuk met Caro, een verslechterende band met zijn vrienden en het verlangen naar avontuur in zijn leven besluit Merlijn de reis te maken naar Stockholm om daar de schuldige te zoeken. Er zijn duidelijke zaken die deze twee boeken onderscheiden, namelijk dat het ene boek een roman is en de andere een autobiografie en ze daarom duidelijke verschillen hebben wat betreft de hoofdgedachtes. Echter, er zijn ook interessante overeenkomsten tussen de twee boeken die de schrijfstijl van Arjen Lubach kenmerken. Hieruit volgt de onderzoeksvraag: “In hoeverre komen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Magnus
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stoorzender
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            met elkaar overeen en wat zegt dit over de schrijfstijl van Arjen Lubach?”
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Allereerst zie je in beide boeken humor en satire als een terugkomend fenomeen. Lubach staat bekend om zijn scherpe en vaak geestige observaties van de maatschappij, politiek en dagelijkse gebeurtenissen. In Magnus valt dit terug te zien in de manier waarop sommige dialogen worden gehouden en waarop sommige zaken worden beschreven. Merlijn heeft over alles wat om hem heen gebeurt een mening en Lubach weet dit met gevat commentaar over te brengen naar de lezer:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “De gordijnen waren nog dicht. Ik kwam terug in een Saab, dacht ik. Een Saab-taxi. Die had ik in Nederland nooit gezien. Daar zitten taxichauffeurs tegenwoordig in alles wat rijdt, behalve in Saabs.” (p. 130)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Grapjes in het verhaal weten een waardevolle toevoeging te brengen door de zwaardere thema’s of gebeurtenissen bijvoorbeeld de epilepsie van Merlijn wat luchtiger te maken.
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stoorzender
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zit ook een overvloed aan humoristische en satirische opmerkingen verwerkt. Dit komt meer tot uiting in dit boek, omdat het een autobiografisch werk is waarin Lubach zelf de hoofdpersoon is en dus meer gelegenheid heeft tot grapjes maken. Lubach aanschouwt de wereld met een nuchtere blik en weet elke mogelijkheid te vinden om iets of iemand te bespotten:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           "Als puber bestond ik voor 80 procent uit schaamte. Verder: 10 procent overleven, 5 procent frustratie en 5 procent groene Balisto." (p. 17)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Naast deze bespottelijke en ietwat ironische vorm van humor, weet Lubach ook met ironie een grimas op het gelaat van de lezer te toveren:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           "Niets specifieks kan mij iets schelen, terwijl ik me over alles zorgen maak.”(p. 245)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze gevatte opmerkingen zijn kenmerkend voor de publicaties van Arjen Lubach, zowel in geschreven vorm als in zijn televisieprogramma’s, waarin hij met spottende ironie naar politieke partijen sneert.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarnaast heeft Arjen Lubach ook veel verwijzingen naar zijn persoonlijke leven in zijn boeken verwerkt. Dit spreekt in het autobiografische Stoorzender natuurlijk voor zich, maar het is ook een aspect van Magnus. Ter illustratie, de schrijfstijl van Magnus is vaak persoonlijk en introspectief. Lubach gebruikt een vertelstem die direct en eerlijk is, waardoor de lezer een dieper inzicht krijgt in de gedachten en gevoelens van Merlijn. Deze stijl suggereert dat Lubach put uit zijn eigen ervaringen en emoties bij het schrijven van de roman. Dit wordt beaamd in een interview dat Lubach heeft gedaan met Gemma Venhuizen. Hier vertelt hij het volgende:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Als schrijver loop je eigenlijk weinig risico: wanneer mensen vergelijkingen zoeken met je persoonlijke leven waar je geen zin in hebt, zeg je gewoon dat het fictie is. Er is wel eens een journalist geweest die vroeg hoeveel procent van mijn roman autobiografisch was. Dat vond ik zo’n onzinnige vraag – alsof je dat wiskundig kunt uitdrukken. Ik put wel inspiratie uit waargebeurde situaties, maar Magnus is geen poging om mijn eigen leven te pimpen.’ (Lubach in een interview met Venhuizen, 2019)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Door deze persoonlijke elementen te integreren weet Lubach een diep persoonlijk en authentiek verhaal te vertellen dat dus niet alleen fictie is, maar ook een weerspiegeling van zijn eigen leven en ervaringen. Dit maakt Magnus niet alleen een boeiende roman, maar ook een intiem portret van de auteur zelf. Hier komt bij dat Merlijn door zijn epileptische aanvallen het gevoel heeft dat hij een bijrol in zijn eigen leven speelt, als een toneelschrijver die wel de stukken schrijft maar geen erkenning krijgt. Dit heeft te maken met zijn epileptische aanvallen die ervoor zorgen dat hij geen rijbewijs mag hebben en afhankelijk is van mensen om hem heen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “Je valt rechts noch links van de weg af, je raakt soms de berm aan, rijdt met twee wielen in het gras, dan weer aan de ene kant, dan weer aan de andere, maar nooit zul je daadwerkelijk ontsporen of tegen een boom tot stilstand komen” (p. 60)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit gevoel van zoeken naar een ware innerlijke identiteit is iets waar Arjen Lubach zelf mee worstelt en ook veel over vertelt in zijn theatershows die hij jaarlijks in landelijke tours geeft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Stoorzender
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           is een autobiografie en zit dus van nature vol met verwijzingen naar Lubachs persoonlijke leven, maar heeft zeker ook het voorgenoemde motief van het zoeken en verlangen naar een identiteit. Lubach geeft aan het werk als een soort dagboek diende om zijn gedachten mee op orde te stellen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “Ik schrijf in de eerste plaats voor mijzelf, daarna voor de mensen die geïnteresseerd zijn in wat ik te melden heb en in de allerlaatste plaats voor de mensen die vinden dat ik over iets anders zou moeten schrijven.” (p. 113)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lubach probeert met zijn boek zijn interne waardes en principes over te brengen op de lezer door zijn ervaring te linken aan een wijze levensles. Zo schrijft hij het volgende na een gesprek over religie met zijn vriend Bojan:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           "Als je dan toch per se wilt leven in het geloof dat er een bepaalde bestemming is, lach dan om het feit dat anderen het niet begrijpen en lach om het feit dat je het soms zelf niet begrijpt. Veroordeel het onbegrip van de ander niet, want de bewijslast ligt bij jou en bovendien is een overtuiging zoveel sterker als die niet te krenken is door iemand die niet op jouw spoor zit."
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kortom, 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Magnus
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            als
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stoorzender
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            hebben veel overeenkomsten komend uit Lubachs persoonlijke ervaringen, waardes, meningen en principes.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een laatste overeenkomst is meer een kenmerk dat aantoonbaar is door de plots van de twee boeken, namelijk dat het decor van allebei de werken erg dynamisch is. Ter verklaring, het werk
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Magnus
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            begint in Amsterdam omdat Merlijn daar woont en studeert, er zijn veel flashbacks in het boek die gaan over Merlijns jeugd in Groningen, waar hij op de middelbare school heeft gezeten. Een groot deel van het verhaal speelt zich af in Zweden, omdat een vreemde vanuit Stockholm aankopen met de creditcard van Merlijn heeft gedaan. Ook verblijft Merlijn een tijdje in Uppsala, een Zweeds stadje waar de dochter van Magnus woont, een meisje op wie waar Merlijn later in het verhaal verliefd op wordt. Caro is de jeugdliefde van Merlijn die hij heeft leren kennen in Florence. Zij hebben enige tijd een relatie gehad, maar een tijdje nadat het is stukgelopen vraagt Caro Merlijn om naar Kopenhagen te komen om dingen uit te praten. In het verhaal gaat Merlijn ook nog naar Geneve en uiteindelijk sluit het boek weer af in Amsterdam. Wanneer men dit dynamische decor op een rijtje zet, valt er te concluderen dat er sprake is van een queeste: het begin en het eind op dezelfde plek, met in het middenstuk de hoofdpersoon die op een missie gaat door vele landen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het verhaal van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stoorzender
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            speelt zich ook af op vele verschillende plekken. De hoofdstukindeling van het boek wordt gemaakt door alle verschillende plekken waar Arjen het werk aan het schrijven is. Dit zijn de plekken Los Angeles, Vlieland, New York, Friesland, Zweden en Amsterdam. Elk van deze hoofdstukken heeft een eigen motto, zoals het nemen van rust in de hoofdstukken waarin hij in Nederland verblijft.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Al met al is het duidelijk dat
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Magnus
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stoorzender
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Arjen Lubach nauw met elkaar overeenkomen. Zo zit er in beide boeken veel humor, ironie en satire. Bovendien heeft Lubach vele aspecten van zijn persoonlijke leven en introspectie in allebei de boeken gestopt en tenslotte heeft het tweetal aan boeken ook een opmerkelijk aantal locaties waarin het verhaal zich afspeelt. Hiermee kan er geconcludeerd worden dat Lubach een unieke en herkenbare stijl heeft gecreëerd vol met humor, kritiek op de samenleving, toevoegingen van emotionele verlangens en levenslessen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Arjen Lubach - biografie - De Tamboer. (n.d.).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://detamboer.nl/artiesten/arjen-lubach" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://detamboer.nl/artiesten/arjen-lubach
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Venhuizen, G. (2019, October 7). Magnus - Bazarow. Bazarow - Alles Over Boeken.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://bazarow.com/recensie/magnus-2/" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://bazarow.com/recensie/magnus-2/
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Lubach.jpeg" length="19338" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 13 Jul 2024 11:39:01 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-humoristische-pen-van-arjen-lubach</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Magnus,essays leerlingen,essays van leerlingen,Arjen Lubach,Stoorzender</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Lubach.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Lubach.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Zuurstofschuld', riep Jenny, 'je moet klimmen op zuurstofschuld'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/zuurstofschuld-riep-jenny-je-moet-klimmen-op-zuurstofschuld</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           '"Zuurstofschuld!' riep Jenny, 'je moet klimmen op zuurstofschuld!"'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Zuurstofschuld' door W.V. (leerling vwo 5 Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zuurstofschuld.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Toine Heijmans is een Nederlandse schrijver en columnist voor de Volkskrant. Hij is geboren in 1969 in Nijmegen. Zijn debuut als romancier maakt hij met het boek
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op zee
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , dat verfilmd is en in vele vertalingen is verschenen. Tien jaar later in 2021, komt hij met
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zuurstofschuld
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Het is een roman over vrijheid en vriendschap, storm en lawines, en de gevolgen van ingrijpende keuzes: wat bergen met de mens doen en wat de mens doet met de bergen (Heijmans, 2021).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In het verhaal beklimt Walter, de hoofdpersoon, zijn laatste berg, The Mount Everest, en komt hierbij moeilijkheden tegen. Vroeger deed hij dat samen met zijn beste vriend Lenny. Door hem is Walter gaan klimmen. Eerst beklommen ze de grote brug in hun studentenstad, toen de bergen in de Alpen en als laatste beginnen ze in de Himalaya. Alleen krijgt Lenny een dochtertje met zijn vriendin en verhuist daarom weer terug naar Nederland, waar hij ook een goede baan kan krijgen. Lenny krijgt een ander leven, waar Walter niet meer in past. Walter krijgt ook nog te horen dat hij longembolie heeft, door het vele klimmen in de bergen. Toch wil hij nog graag voor de laatste keer een hele hoge berg beklimmen. Dit doet hij met een georganiseerde expeditie van Bart, die Lenny ooit heeft geholpen. Daar ontmoet hij Monk, een influencer. Met hem brengt hij veel tijd door. Walter is namelijk eenzaam, doordat Lenny niet meer meegaat. Tijdens de weg naar boven, denkt hij veel na, vooral over zijn tijd met Lenny. Hij herinnert zich steeds hoe het klimmen met Lenny was. Welke elementen in de bergtochten zorgen ervoor dat herinneringen weer op komen?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de eerste plaats werkt het geheugen ingewikkeld en gaat het ophalen van herinneringen niet altijd foutloos. Door de tijd heen vergeet je herinneringen of veranderen ze: “Uit onderzoek is gebleken dat als je je in eenzelfde soort toestand bevindt als toen iets gebeurde, je het beter kunt herinneren” (Van Der Toorn, 2021). Dus door in een soortgelijke omgeving te zijn, kunnen herinneringen beter en makkelijker weer opkomen uit het langetermijngeheugen. Dit is ook het geval bij Walter. Hij bevindt zich in de bergen, waar hij met Lenny ook altijd was, waar hij zoveel heeft meegemaakt en herinneringen heeft gemaakt samen met Lenny: “Lenny trok mij voort, ik duwde Lenny voort, zo bewogen wij ons door de bergen … Lenny reguleert mijn zwaartekracht, ik reguleer de zijne, dat is wat vrienden doen” (Heijmans, 2021, blz. 215). Het was het klimmen en de bergen die Walter en Lenny verbonden: “ ‘Gaat het,’ zei Lenny, die naast me kwam staan, en we bleven een tijdje naar onze bergen kijken” (Heijmans, 2021, blz. 113). Lenny was een deel van de bergen voor Walter, de bergen herinneren hem aan zijn beste vriend.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarnaast speelt het emotionele geheugen een rol. Van Ast heeft ontdekt dat het geheugen oorspronkelijke herinneringen versterkt als daar later een emotionele ervaring op volgt (Universiteit van Amsterdam, 2022). Een berg beklimmen is ook emotioneel, in de ijle lucht gelden er andere regels en de bergen doen wat met je. Klimmen activeert een intense vorm van je emoties: angst, frustratie, succes, twijfel en zelfbewustzijn (Klimmen als therapie, z.d). Walter krijgt hier ook mee te maken. Bergen beklimmen gaat niet zonder risico’s: “Wat me beangstigt is de manier waarop ze mijn plan doorkruist. Beneden sterven mensen onverwacht, hierboven houdt iedereen er rekening mee. Doodgaan is wat we doen, daar zijn we voor gekomen” (Heijmans, 2021, blz. 23). Doordat het een emotionele weg omhoog is, kan Walter zich er veel van herinneren en komen herinneringen weer op.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al met al zorgen de elementen van in eenzelfde omgeving te zijn en het emotionele geheugen ervoor dat herinneringen weer opkomen tijdens de bergtocht. Walter bevindt zich in de bergen waar hij met Lenny ook altijd was. Hierdoor moet hij steeds terugdenken aan die tijd. Daarbij is het beklimmen van een berg een emotionele ervaring en deze versterkt de herinneringen van Walter. Hoewel het geen makkelijke weg omhoog was, heeft hij het toch gered: “Maar het was een mooie dag om boven op mijn laatste berg te staan, met alles wat ik meedroeg, met mijn schouders voor gebeurtenissen” (Heijmans, 2021, blz. 329).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ·      Carolien. (2023, 12 juni). Klimmen is verhalen maken - Literair Nederland. Literair Nederland.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.literairnederland.nl/recensie-toine-heijmans-zuurstofschuld/" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.literairnederland.nl/recensie-toine-heijmans-zuurstofschuld/
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ·      Heijmans, T. (2021). Zuurstofschuld. Roman. pluim.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ·      KLIMMEN ALS THERAPIE. (z.d.). Issuu. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://issuu.com/klimenbergsportfederatie.be/docs/monte_-_uitgave_maart_2023/s/21374574#:~:text=Welke%20processen%20werken%20er%20allemaal,kan%20toepassen%20in%20andere%20situaties" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://issuu.com/klimenbergsportfederatie.be/docs/monte_-_uitgave_maart_2023/s/21374574#:~:text=Welke%20processen%20werken%20er%20allemaal,kan%20toepassen%20in%20andere%20situaties
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ·      Universiteit van Amsterdam. (2022, 3 maart). Hoe onze omgeving bepaalt wat we ons herinneren. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.uva.nl/shared-content/faculteiten/nl/faculteit-der-maatschappij-en-gedragswetenschappen/nieuws/2022/03/hoe-onze-omgeving-bepaalt-wat-we-ons-herinneren.html?cb&amp;amp;cb" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.uva.nl/shared-content/faculteiten/nl/faculteit-der-maatschappij-en-gedragswetenschappen/nieuws/2022/03/hoe-onze-omgeving-bepaalt-wat-we-ons-herinneren.html?cb&amp;amp;cb
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ·      Van Der Toorn, W. (2021, 22 september). Hoe werken onze herinneringen? - Bright Elephant. Bright Elephant.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://brightelephant.nl/hoe-werken-onze-herinneringen/" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://brightelephant.nl/hoe-werken-onze-herinneringen/
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ·      Welboren, D. (z.d.). Daan Leest - Zuurstofschuld.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.daanleest.nl/zuurstofschuld" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.daanleest.nl/zuurstofschuld
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zuurstofschuld.jpeg" length="128910" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 07 Jul 2024 14:29:20 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/zuurstofschuld-riep-jenny-je-moet-klimmen-op-zuurstofschuld</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Toine Heijmans,zuurstofschuld</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zuurstofschuld.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zuurstofschuld.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een boekje om in te blijven</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-boekje-om-in-te-blijven</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een boekje om in te blijven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Zeeboerin' van Anne Lichthart en Cynthia Borst
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Zeeboerin-omslag-565x800.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zeeboerin
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Anne Lichthart en Cynthia Borst is een bijzonder fraaie uitgave van de kleine uitgeverij Loopvis in Arnhem. De uitgeverij is niet alleen gericht op duurzaamheid in materialen, papier en inkt, maar laat ook een bijzondere creativiteit en inventiviteit zien in haar uitgaven. Loopvis is bekend van de ‘Kakkerlakjes’, kleine thematische boekjes waarin jonge talenten samenwerken met gevestigde makers. Ook
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zeeboerin
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is sprankelend, verrassend, laat een grote liefde voor de verbeelding zien, zowel in taal als in beeld, en is daarmee een mooi cadeau voor klein en groot.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De illustraties zijn fijnzinnig en minimalistisch en doen soms denken aan die van Michael Dudok de Wit. Door alles wat weggelaten is, winnen tekst en afbeeldingen juist aan zeggingskracht. Het verhaal gaat over Teun die een ogenschijnlijk idyllisch leven op het land leidt. Toch mist ze iets, namelijk een ander mens. De zorgzaamheid voor de natuur blijkt uit de illustraties: kleine dieren, de seizoenen, planten, groente en fruit. Het verlangen naar verbinding van Teun is zichtbaar in de leegte van de afbeeldingen, maar ook in de uitgebeende taal die tegelijkertijd dubbelzinnig is:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze melkt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maakt kaas.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hakt hout.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zaait lof.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aait mol over zijn kop.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mol piept.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Teun hoort niets.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mol zet zijn poten op haar schoot.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zijn neus gaat in haar oksel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij duwt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij trekt. Hapt in haar laars.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Teun zucht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           O ja, ’t is melkenstijd, ik kom.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar opstaan doet ze niet.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De illustraties zoomen in op alledaagse details, maar soms juist weer uit in uitgestrekte, lege landschappen met alleen contouren van een mens of dier. Schaduwen en bijzondere perspectieven prikkelen de fantasie: je bevindt je in de vrije natuur, als een piepklein mensje op de grote aarde, maar het volgende moment zit je in een ordner met tabbladen, dan op het aanrecht, onder de douche of in een jampotje. Zo voel je je afwisselend vrij, eenzaam, gevangen of geborgen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er komt een ander mens in Teuns leven, Mats, maar hij komt van zee. De twee karakters botsen. Mats probeert zich te voegen naar het land, maar wordt ongelukkig met zijn zeebenen. Zou Teun misschien boerin op zee kunnen worden? De gedachte spreekt tot de verbeelding. Het verhaal gaat over geven en nemen, verbinden en loslaten. Hoe het precies zit, wordt nergens uitgelegd. Er blijft heel veel over om zelf in te vullen en dat maakt dat het boekje vol inspiratie zit.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De zorg voor de vormgeving is in alles van deze uitgave zichtbaar: in het papier, de kleuren, de materialen, maar ook in de kleine losse papiertjes, envelop, post-its tot aan de streepjescode op de achterkant, die met de hand (door stagiairs in de uitgeverij, heb ik mij door de boekhandel laten vertellen) in en op het boekje zijn geplakt. Het is daarin een hartveroverend tegengeluid tegen efficiëntie en verspilling. Het plezier in ‘maken’ spat er aan alle kanten vanaf, en dat maakt
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zeeboerin
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            tot een troostrijk cadeau waar je graag een poosje in wilt blijven.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Anne Lichthart en Cynthia Borst –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zeeboerin
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Loopvis, Arnhem. 128 blz.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Loopvis-Zeeboerin-spread.jpg" length="53323" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 07 Jul 2024 14:16:19 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-boekje-om-in-te-blijven</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Zeeboerin,Anne Lichthart,Cynthia Borst</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Loopvis-Zeeboerin-spread.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Loopvis-Zeeboerin-spread.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Wat wij hebben, is het onzegbare'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wat-wij-hebben-is-het-onzegbare</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            'Wat wij hebben, is het onzegbare'
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van de bundel 'Archipel' van Geert Jan Beeckman
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/beeckman-archipel-303x372.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In de poëzie van Lieke Marsman stuitte ik ooit op het verschijnsel ‘fractal’: een figuur met de karakteristieke eigenschap dat de onderdelen, de details ervan, gelijkvormig zijn met de figuur zelf, maar dan op een kleinere schaal. Het zijn wiskundige figuren, maar ook in de natuur kom je ze tegen. Iets vergelijkbaars zie ik in de nieuwe bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Archipel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Geert Jan Beeckman op zichzelf een eilandengroep van zeven afdelingen met gedichten; elke afdeling is weer een eilandengroep van onderliggende gedichten, die stuk voor stuk ook eilandengroepen zijn van onderliggende strofen, dichtregels, woorden en letters. Nu zou je kunnen zeggen dat dat voor iedere dichtbundel geldt, maar niet alle dichtregels laten zich even goed als autonome mantra’s lezen en dat is bij Beeckman wel het geval: ‘iets met fluisteren te verdedigen’, ‘nu ik nog gedichten aan land sleep’, ‘De wereld moet het hebben van passage’, ‘Wij brachten vernielingen naar buiten’, ‘Er ging mij een tijd voor in de wereld’, ‘Ik ben de blindganger in het raadsel’, ‘Er bestaat geen grenswacht aan het begrip’. Al die losse dichtregels zijn uit taal gehouwen die op zichzelf een wereld oproept. In verband met elkaar vormen zij nieuwe werelden, waardoor je in een soort oneindig landschap van betekenissen terechtkomt. Ook de mensheid zelf kan gezien worden als zo’n archipel.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Poëzie is verwant aan filosofie die steeds opnieuw de grondvraag stelt van ons bestaan, een wapen om je te verweren tegen de tijd. In het openingsgedicht ‘Bestaansverheldering’ schrijft Beeckman:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier kunnen wij nog verschijnen en ontbloten denk je.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier kunnen wij nog verstillen en verstommen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier kunnen wij nog vervagen en vervliegen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier kunnen onze ogen nog op de dool
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           om poëzie te veroveren op tijd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Poëzie streeft misschien een soort onsterfelijkheid na: ‘Als maker kom je dichterbij’, heet de eerste afdeling, en dat is precies waarom de kunst zo kan ontroeren, omdat al die makers laten zien hoe dicht je het mysterie van het zijn kunt naderen. ‘Wij hebben geen engelen op voorraad. / Noch godenkinderen met een gave huid. Wat wij hebben is het onzegbare’, staat in het gedicht ‘Het model in het atelier’, want ook in de beeldende kunst is het onmogelijk het levende model te evenaren. Kunst is ‘de proef een mens te bezweren.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zolang er geen lezer is, blijft de taal in ruste, ‘Het gedicht is opvang’: ‘Partituur van terreur terwijl god diep slaapt. / En de lezer die de woorden opnieuw maakt.’ Beeckman vangt in zijn gedichten het verlangen van de lezer op en dat ontroert: ‘Ik verroer geen vin maar beweeg gedachten’. Deze regel komt uit het gedicht ‘Enigma’, uit de afdeling ‘In Vitris’, gedichten bij de collectie Joost Caen. Caen is een glaskunstenaar die schitterend glas-in-lood heeft gemaakt voor diverse projecten. Beeckman is meester in het mengen van kunstvormen in taal. Zo schreef hij Aardelingen in samenwerking met de fotograaf Eddy Verloes, waarin taal en beeld niet een op een te vertalen zijn, maar elkaar aanvullen en zo een wonderlijke chemie vormen, waardoor het geheel meer is dan de som van de delen. De gedichten bij Caens’ glaskunst zijn ook zonder deze kunst erbij te betrekken van een ontroerende schoonheid, maar met het glas-in-lood in je achterhoofd, krijgen zij iets hemels:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In beeldgenoten van het licht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           vangen hemelingen hoogheilig vuur
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bij de verering van glans zet het geen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           taal op stelten in de scribent van de poëzie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is niets te vrezen bij fragiele materie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bij het naamloze geslacht dat uit zijn vleugels wil breken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Geen steen wordt gedragen in een onwezenlijke vloek.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er hangt een lichtgewicht in de som der delen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Elk beginsel van een vraag roept een gebed bijeen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misschien is harmonie een plaats die bestaat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wellicht is het die harmonie die de lezer voor even voelt: het samenvallen van gedachten, van woord en beeld, verleden, heden, oorsprong, bestemming. Beeckman mengt in taal allerlei verwijzingen naar andere kunstenaars, naar de klassieken, naar Bach, Chopin. Daarmee maakt hij ons tot ‘duiker in het tomeloze’, waardoor we ‘zinken / waarin een onderwereld weerklank vindt.’ De titels van de afdelingen zijn hierin betekenisvol, zoals ‘Eén is ontelbaar’, ‘Waar de zelfzoekers’, ‘Waar het jaagt op betekenissen’. Wij zoeken onszelf in een veelvoud van woorden en tussen die woorden, die steeds opnieuw het onzegbare naderen, bevindt zich het mysterie.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Misschien is het niet helemaal toevallig dat Beeckman iets meer dan honderd jaar na Slauerhoffs debuut
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Archipel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zijn gelijknamige bundel publiceert. In Slauerhoffs openingsgedicht ‘Het boegbeeld: de ziel’ zie je een vergelijkbare beeldspraak: de zee en het schip zijn absoluut krachtig en intens de concrete zee en het concrete schip, maar daaronder ligt in de diepte verzonken de betekenis van de mens, die overspoeld wordt door de golven van de zee en in die daarin een raadselachtige verbinding ervaart met het voorwereldlijke en de wereld na zijn dood. Wie
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Archipel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Beeckman bezoekt, wordt bevestigd in zijn vermoeden dat er achter de taal die andere wereld schuilt: die waar wij vandaan komen en waarheen wij reizen, die waarin wij thuis zijn.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Geert Jan Beeckman –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Archipel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij P, Leuven. 96 blz. € 19,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/beeckman-archipel-303x372.jpg" length="14590" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 24 Jun 2024 06:57:55 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wat-wij-hebben-is-het-onzegbare</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Archipel,Geert Jan Beeckman</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/beeckman-archipel-303x372.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/beeckman-archipel-303x372.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Queer, datingapps en onderwijs op de hak</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/queer-datingapps-en-onderwijs-op-de-hak</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Queer, dating apps en onderwijs op de hak
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Nul meter afstand' van Eric de Rooij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/nul+meter+afstand.webp"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Net als
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Onfatsoenlijk en luxueus
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Coen Peppelenbos en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vleugels
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Doeke Sijens, is ook
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nul meter afstand
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Eric de Rooij een regenboognovelle, die ter gelegenheid van Roze Zaterdag geschreven is en door Uitgeverij kleine Uil is uitgegeven. In alle drie de novellen wordt het moderne leven van gays in stad of provincie beschreven, zo staat op de website van de uitgeverij, en vormen daarmee een bijdrage aan queer literatuur.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nul meter afstand
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            neemt dit ‘moderne leven’ juist op de hak, maar schiet daarin ook een beetje zijn doel voorbij.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er zijn diverse discussies gaande over de vraag of er in het onderwijs meer aandacht moet komen voor queer literatuur. Er zijn politieke partijen die dat willen tegengaan, omdat we daarmee het anders geaard zijn zouden promoten, en scholen volgens hen neutraal zouden moeten zijn. Daartegenover staan wetenschappers die constateren dat er onder jongeren nog steeds veel homohaat bestaat en die hopen dat queer literatuur hierin een positieve rol zou kunnen spelen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Laat Nul meter afstand zich nu juist afspelen op een scholengemeenschap met de veelbetekenende naam De Regenboog. Docent levensbeschouwing Pieter Panhuissen is zojuist gestart op deze school en ontmoet daar zijn sectiegenoten in hun eigen werkruimte, De Oase, en zijn teamleider, die radicale openheid propageert en steeds een hand op Pieters schouder legt. Het is of je in een aflevering van Luizenmoeders bent terechtgekomen, waarin genadeloos wordt afgerekend met het moderne onderwijs en alle betrokkenen daarbij. Ook doet het verhaal denken aan Weemoedts
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ziekte van Lodesteijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            of Siebelinks
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Suezkade
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , met de wat treurige hoofdpersoon die niet helemaal in het team lijkt te worden opgenomen en zichzelf in een steeds onmogelijkere positie manoeuvreert.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stereotypering is al sinds mensenheugenis een techniek die door komieken wordt ingezet. In de overdrijving van bepaalde eigenschappen schuilt echter altijd het gevaar van het cliché: wanneer is iets grappig en wanneer is de grap al te vaak gemaakt? Er komen in de novelle nogal wat clichés over het onderwijs naar voren: de docent die de hele dag koffiedrinkt – nu ook met havermelk – in plaats van lesgeeft, de stinkende, vooral in seks geïnteresseerde puber die het gezag van de docent probeert te ondermijnen. Het lijkt erop of de leerlingen van De Regenboog zelf mogen kiezen naar welk vak ze gaan. Het lokaal van levensbeschouwing blijft meestal leeg. Is dit nog steeds het beeld van het onderwijs dat leeft in de huidige samenleving? Als docent die al 28 jaar voor de klas staat, zou ik denken: kom vooral een paar weken meelopen op school en dan zie je dat er echt nieuwe grappen over het huidige onderwijs te maken zijn en dat de humor niet per se in de hippe havermelk of de zogenaamd altijd en overal ongemotiveerde leerling zit.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoofdpersoon Pieter is vooral bezig met datingapps:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik lag in mijn onderbroek op bed, scrolde wat door de app, las profielen, bekeek foto’s, zonder zin te hebben om iemand aan te spreken. Hungry bear, Josh66, Miffy29, Zaaddumper, ItalianFit, André-Haagstra, Chubby old guy, AsianFem, BigBlack&amp;amp;Beefy, Bttm32, Arab_Bi, Young Flower, Onderdaning, Turk41, Tim_Busdriver. De een wil een top zuigen, de ander is versa, eentje is side, een volgende zoekt uitsluitend vriendschap, want in relatie. NSA on Prep, zegt Haagstra op zijn profiel. Als ik kort op zijn pagina ben geweest, stuurt hij me een foto van zijn lul, zonder enige groet, toelichting of uitleg.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tussen de profielen zit ook dat van Nadir, een moslimjongen die nog ‘in de kast’ zit. Pieter begint steeds meer te verlangen naar deze jongen, maar Nadir houdt telkens af als Pieter hem in het echt wil ontmoeten. Tussen alle grappen en grollen over datingapps en het onderwijs, lijkt zich hier een serieus verlangen naar liefde te ontwikkelen. Het motto van het boek is niet voor niets uit Fromms Liefhebben, een kunst, een kunde: ‘Ondanks het feit dat de hunkering naar liefde diepgeworteld is in de mens, beschouwen wij bijna alles van meer belang dan liefhebben.’ In feite is dat wat in het boek naar voren komt: alles valt te relativeren en je kunt alles belachelijk maken, maar als het erop aankomt, dan wil de mens toch vooral de ware liefde vinden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar hoe vind je in onze steeds meer gedigitaliseerde samenleving nog die ware liefde? Is dat niet de prangende en terechte vraag die Nul meter afstand de lezer stelt? We zitten met onze neus op onze mobiels, we sturen elkaar intieme boodschappen, of nog erger, foto’s van onze kwetsbare lichaamsdelen. Echter, zolang we achter ons scherm blijven, lijkt De Rooij te willen zeggen, houden we ons masker op en zijn we eigenlijk voor de ander onbereikbaar. Als we ons kwetsbaar opstellen, lopen we het risico gelyncht te worden door onze omgeving: Nadir door zijn moslimfamilie, Pieter door de scholengemeenschap.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat enigszins wringt in deze novelle is dat deze mooie, zuivere kritische vragen over onze samenleving verpakt zijn in een verhaal dat bol staat van stereotypering en clichés over de queer gemeenschap en het onderwijs. Omdat het perspectief ligt bij Pieter, zelf docent levensbeschouwing en queer, zou je kunnen zeggen dat hij het vooral zelf is die zich schuldig maakt aan allerlei vooroordelen over zijn directe omgeving en daarin zichzelf te gronde richt. Aan de andere kant wordt hij zelf ook door een hogere vertelinstantie zo cliché neergezet dat je hem nauwelijks serieus kunt nemen, en wat blijft er in deze totale relativering dan nog overeind?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Eric de Rooij –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nul meter afstand
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij kleine Uil, Groningen. 146 blz. € 18,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/nul+meter+afstand.jpeg" length="4175" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 21 Jun 2024 07:30:43 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/queer-datingapps-en-onderwijs-op-de-hak</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Eric de Rooij,Nul meter afstand</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/nul+meter+afstand.webp">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/nul+meter+afstand.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Met het pistool tussen ons in delen we een granaatappel’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/met-het-pistool-tussen-ons-in-delen-we-een-granaatappel</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Met het pistool tussen ons in delen we een granaatappel’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Mulhacén' van Jonas Bruyneel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mulhace%C3%8C-n+frontcover.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wie mij vraagt waar ik onlangs naar op reis ben geweest, zal ik naar waarheid antwoorden: naar Mulhacén, de hoogste top van de Sierra Nevada in Andalusië, want zolang er dichters zijn als Jonas Bruyneel, hoef je niet meer in trein of vliegtuig te stappen om het Spaanse landschap intens te beleven. Het is alsof je daadwerkelijk langs de witte dorpen van de Alpujarras en de olijfgaarden bent getrokken, langs de naaldbomen met stammen van bladgoud, langs de rotsen en het ijs, als je zijn nieuwe bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mulhacén
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            leest. Die diepgaande ervaring is alleen mogelijk, omdat scherpschutter Bruyneel de lezer treft met zijn ‘precisiewapen’, want dat wapen is meer dan poëzie.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mulhacén
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een verhalend gedicht dat de tocht beschrijft van het lyrisch ik naar de berg Mulhacén, samen met de Andalusische dichter Federico García Lorca (1898-1936). In de podcast Beeldspraak (aflevering 32) van het PoëzieCentrum vertelt Bruyneel dat hij ook in werkelijkheid deze tocht heeft afgelegd en ook daadwerkelijk Lorca heeft ontmoet, namelijk op een bankje, als standbeeld, en in de bundels die hij van hem is gaan lezen, eerst in vertaling, daarna in het Spaans. Hij hoopte dat Lorca hem kon inspireren, want na zijn vorige bundel broedland was Bruyneel weer even in een impasse beland, zoals hij vaker ervaart als hij net een project heeft afgerond: ‘Uit de stille wens om mijn ziel / te ruilen voor een eigen stem.’ Is het daadwerkelijk de geest van Lorca die de bundel tot zo’n belevenis maakt?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je kunt alleen zo’n totaalervaring beleven als er in de bundel een gelaagdheid bestaat die op verschillende niveaus binnenkomt. Bruyneel is behalve dichter ook musicus en die twee staan altijd met elkaar in verbinding. Lorca stelt hem in het gedicht zelfs letterlijk deze vraag:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ben je muzikant of dichter?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik voel me hooguit muzikant
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wanneer ik schrijf en pas dichter
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als ik musiceer, antwoord ik.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bruyneel heeft gekozen voor het schrijven in copla’s: een versvorm van vier regels, waarin elke regel acht lettergrepen bevat. Het is een Spaanse, volkse versvorm met vaak wat schunnige teksten. Tegenwoordig zijn er weinig versvormen waarmee je het grote volk kunt bereiken en Bruyneels verzen zijn verre van schunnig. Toch voegt deze versvorm een bijzondere kracht toe: een regelmaat die past bij het wandelen door berggebied, een soort gedrevenheid, discipline, die je krachtig naar de top stuwt, zonder dat je ruimte en ademhaling verliest: ‘Beweging is brandstof voor taal. / Beweging sterkt de dichter aan.’ Er zit een muzikaliteit in die de lezer in een trance brengt waaraan hij zich volledig kan overgeven. Die muzikaliteit zit niet alleen in het ritme, maar ook in het schitterende, subtiele klankspel van alliteraties en assonanties.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bij die muzikaliteit die op zichzelf al twee zintuigen aanspreekt, het gevoel (van ritme) en het gehoor, komen de beelden:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De schaduw etst zwarte bressen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de vormloze schemering
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           lezen kloven als zinsneden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           uit vergeten Moorse verzen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Federico schudt traag zijn hoofd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In Andalusië vind je
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de woorden altijd in de steen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en de mensen in de aarde.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In taal schildert Bruyneel het landschap, maar ook daarin brengt hij een gelaagdheid aan, want de beelden roepen niet alleen het landschap op, maar ook de innerlijke tocht onder invloed van Lorca:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Federico’s lichaam verdween
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voor de aftakeling hem trof,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           terwijl ik traag een spiegelbeeld
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van mijn vader lijk te worden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De persoon van de dode Lorca werd in taal gevat, in herinnering, ‘zodat mijn lijf kon ontbinden / en ik alleen poëzie was.’ Het is alsof het lyrisch ik niet zozeer wandelt met een levende persoon, maar met de poëzie zelf, waarvan Lorca een soort personificatie is geworden. De dood van Lorca is wat omstreden. Het is niet helemaal duidelijk of hij vanwege zijn geaardheid is vermoord, of door rechtse milities, nationalistische aanhangers van Franco, omdat hij een socialistisch geluid liet horen. Gedurende de hele tocht voel je het gevaar, in de vorm van een pistool:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met het pistool tussen ons in
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           delen we een granaatappel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De witte maan schijnt weifelend
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           door het openstaande venster.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier zie je hoe het beeld van het pistool echoot in de ‘granaatappel’: in datgene wat ons voedt en wat ons verbindt, huist ook het gevaar. Poëzie is op zichzelf misschien geen wapen, maar de pen wordt soms zo opgevat. Woorden kunnen vlijmscherp zijn en er zijn genoeg dichters die door hun woorden moeten onderduiken of vluchten, maar Lorca zegt: ‘Zolang je verzen zacht vallen, / zijn ze zonder betekenis.’ En dat is precies de innerlijke tocht die het lyrisch ik doormaakt: van romantische landschapsbeschrijver ontwikkelt hij zich gedurende de tocht tot een maatschappijkritische dichter:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik zoek naar geschonden lijven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in het rauwe postkaartenlandschap
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           terwijl het roepen luider wordt,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           onverdraagzaamheid onbeschaamd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik wacht tot mijn land niet langer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           bedreigd wordt door al die mannen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die zich in ijsbaden stalen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voor hun ingebeelde gevecht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het landschap zie je steeds meer sporen van verwoestingen door de mens – ‘Fabrieken spuien grijzen smog’ – en de gevolgen van de opwarming van de aarde.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De beelden die de dichter oproept in taal, worden aangevuld met bijzondere illustraties van Toon Delanote. Ook deze illustraties hebben een gelaagdheid in zich. Nieuwsgierig als ik was naar de oorsprong van de vage horizontale strepen in de afbeeldingen, die je bij allemaal in meer of mindere mate terugziet, ging ik op zoek naar deze kunstenaar en ontdekte een filmpje waarin hij aan het werk is met uitsnijden, plakken, verven, drukken, opnieuw uitsnijden, net zo lang tot een gelaagd kunstwerk ontstaat. De strepen, die als sporen over de tekeningen lopen, passen bij de sporen die de copla’s door het verhaal trekken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wie ervoor openstaat, kan diepgaand genieten van deze zintuiglijke reis en zal worden beloond met schatten die je doorgaans ook in de bergen vindt: schitterende stenen, gekleurde vlinders en bijzondere flora, maar dan uit taal gehouwen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Jonas Bruyneel –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mulhacén
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . PoëzieCentrum, Gent. 136 blz. € 23,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mulhace%C3%8C-n+frontcover.jpeg" length="71262" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 15 Jun 2024 09:03:00 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/met-het-pistool-tussen-ons-in-delen-we-een-granaatappel</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Toon Delanote,Jonas Bruyneel,Mulhacén</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mulhace%C3%8C-n+frontcover.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mulhace%C3%8C-n+frontcover.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Lust tot poëzie, geschreven door de ‘prins der dichters’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/lust-tot-poezie-geschreven-door-de-prins-der-dichters</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lust tot poëzie, geschreven door de ‘prins der
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dichters’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Lust tot poëzie' van Joost van den Vondel door Willemijn van Egdom (leerling vwo 4 Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vondel+lust+tot+poe%C3%8C-zie.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De poëzie van Joost van den Vondel is typisch voor de zeventiende eeuw. Hij was begonnen als een kousenverkoper maar uiteindelijk één van de bekendste dichters ooit. Hij groeide op in verschillende steden maar vond zijn plek uiteindelijk in het bruisende Amsterdam (Joost van Den Vondel, z.d.-g). Daar deed hij veel inspiratie op voor zijn dichten. Zijn werk verspreidde snel en hij werd steeds populairder. Zo schreef hij ook de dichtenbundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lust tot poëzie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Dit werk is een verzameling van veel gedichten van hem, van hofdichten tot gelegenheidsdichten over de uitvaart van zijn dochter. Hij heeft een bewogen leven gehad en dat is zeker terug te zien in zijn werk. Vaak schrijft hij over rust vinden of gedichten over geliefden die hij is verloren om met zijn emoties om te gaan. In deze poëziebundel zijn er dus veel soorten gedichten, maar zijn stijl blijft hetzelfde. In zijn gedichten wordt er geschreven vanuit zintuigen, hij beschrijft wat je ruikt, ziet en hoort. Door zijn gedichten neemt hij je dus mee in zijn wereld. Daarom wordt hij de ‘prins der dichters’ genoemd. Maar is hij die titel wel waard? Wat maakt zijn werk zo bijzonder en mooi? Past zijn werk wel in zijn tijd of was hij toen uniek? Dit zijn wel veel vragen. Ga je die allemaal beantwoorden?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ten eerste is dit werk erg van zijn tijd. Toen, in de zeventiende eeuw, waren gedichten populair. Ze werden voor veel dingen gebruikt, niet alleen om te lezen. Zo ook als een eerbetoon of voor een gelegenheid zoals een bruiloft of een begrafenis. Gedichten waren ook een manier om je macht en welvaart te laten zien aan de wereld. Vaak werden er dus opdrachten gegeven aan dichters om werken te maken, iets wat Van den Vondel ook deed. Hij scheef bijvoorbeeld 'Op de optocht van de schutterijen te Amsterdam', een werk dat werd voorgedragen op een saluut. Hij werd gevraagd door De Amsterdamse Schutterij (DBNL, 1989, p.106). Het is dan ook geen verrassing dat dit gedicht vooral gaat over het succes van de VOC in die tijd. Dat was een manier om te laten zien aan de burgemeester hoe belangrijk het werk was van de schutterij. Je ziet aan dit gedicht dat dit een gelegenheidsdicht is door bijvoorbeeld de laatste strofe:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en houdt uw wapens 'reed
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ten dienst ter stede en 't algemeen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zo sterkt gij uwen eed.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (DBNL, 1989, p.26)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toen dit stukje werd voorgedragen liepen de schutters waarschijnlijk de zaal uit. Gelegenheidsdichten werden veel gebruikt, niet alleen als machtsvertoon maar ook als eerbetoon. Op begrafenissen werden gedichten vaak voorgedragen, het was een manier om op een eerbiedige manier afscheid te nemen. Van den Vondel heeft tijdens zijn leven veel mensen verloren. Van de vijf kinderen die hij heeft mogen opvoeden hebben er slechts twee het overleefd. Ook zijn vrouw ging op jongere leeftijd dood (Vondel, Joost van Den, z.d.-e). Veel van zijn geliefden verloor hij en hij schreef er veel gedichten over. Het was voor hem wellicht een manier om te rouwen. Hij schreef voor zijn dochtertje het gedicht 'Uitvaart van mijn dochtertje', en voor zijn zoontje 'Kinder-lyk' (Vondel, Joost van Den, z.d.-c).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarnaast schreef hij veel over het vinden van rust. In de Gouden Eeuw werd Amsterdam steeds drukker en bruisender. De kleine begroeide hofjes tussen de stenen waren daarom een uitweg voor de hardwerkende burgers. Joost van den Vondel kon, omdat hij zo goed de zintuigen beschreef, heel mooie hofdichten schrijven. Vaak gingen hofdichten over een binnenhof van een paleis zodat de rijken hun welvaart konden tonen, echter in het gedicht 'Wildzang Op dezelfde hofstede' gaat het vermoedelijk niet over het opscheppen over welvaart. Het relatief kleine gedichtje gaat over hoe hij de rust vindt in de natuur en de vogels. Het was belangrijk voor hem om naar de vogels te komen kijken:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat zong het vrolijk vogelkijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat in de boomgaard zat?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe heerlijk blinkt de zonneschijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van rijkdom en van schat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe ruist de koelte in 't eikenhout
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en vers gesproten lof.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe straalt de boterbloem als goud.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat heeft de wildzang stof.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (DBNL, 1989, p.58)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook hierin gebruikt hij zijn bekende stijl door je met zintuigen echt mee te nemen naar het hofje. Hij beschrijft hoe de vogels zo vrij zijn en zo zorgeloos. Het contrast tussen de drukke beurs van Amsterdam en de rust van het hofje wordt heel mooi beschreven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als laatste schreef Van den Vondel mooie gedichten bij prenten en schilderijen, ook dat was in die tijd heel gebruikelijk. Vaak werden dichters geïnspireerd door oude schilderijen of prenten. Ook Vondel schreef prachtige gedichten bij belangrijke schilderijen of boeken, zoals bij de onderstaande prent van Dirck Pietersz (DBNL, 1989, p.102). In deze prent zie je Cupido en de Dood. Deze prent is van een etiologische mythe, een mythe die een uitleg geeft aan een onverklaarbare gebeurtenis. Het gaat over hoe jonge mensen plotseling kunnen overlijden en oude mensen plotseling verliefd kunnen worden. Wellicht vond hij dit een mooie prent omdat hij zelf veel mensen van jonge leeftijd is verloren. Ook in het gedicht Cupido en de Dood gebruikt hij zintuigen om mensen mee te nemen in het verhaal: ‘in een zacht bloemendal met hun getuig en wapen;’ (DBNL, 1989, p.16). Hier gebruikt hij dus ook zijn bekende stijl waarmee hij beroemd is geworden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al met al komen er in de bundel Lust tot poëzie veel vormen van gedichten voor. Dit laat mooi zien hoe uiteenlopend de gedichten van Van den Vondel konden zijn, maar hoe ze toch allemaal dezelfde stijl konden behouden. Al zijn werken passen in zijn tijd, van gelegenheidsdichten tot hofdichten. Hij ging zeker mee met de ‘trend’ van toen. Wellicht heeft dat hem ook zo beroemd gemaakt. In zijn werk stopte hij veel liefde en veel van zichzelf, hij was uniek. Veel dichters zijn vermoedelijk nog elke dag geïnspireerd door hem en zijn werken. Hij heeft de titel ‘prins der dichters’ dus dubbel en dwars verdiend.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronvermelding - Lust tot poëzie, geschreven door de ‘prins der dichters’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           DBNL. (1989a). Op de Romeinse historieschilderijen, opgehangen in de burgemeesterskamer en hun vertrek, geschilderd door Jan Lievens, Govert Flinck en Ferdinand Bol, Lust tot poëzie, Joost van den Vondel - DBNL. https://www.dbnl.org/tekst/vond001lust01_01/vond001lust01_01_0002.php
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Joost van den Vondel. (z.d.-f). Literatuurgeschiedenis. https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/joost-van-den-vondel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Koops, E. (2023c, februari 16). Joost van den Vondel - Dichter en toneelschrijver. Historiek. https://historiek.net/joost-van-den-vondel-dichter-biografie/69981/
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vondel, Joost van den. (z.d.-d). KRO-NCRV. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://kro-ncrv.nl/katholiek/encyclopedie/v/vondel-joost-van-den" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://kro-ncrv.nl/katholiek/encyclopedie/v/vondel-joost-van-den
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/vondel+afbeelding.png" alt=""/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vondel+lust+tot+poe%C3%8C-zie.jpeg" length="50325" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 11 Jun 2024 09:35:15 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/lust-tot-poezie-geschreven-door-de-prins-der-dichters</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Vondel,essays leerlingen,essays van leerlingen,Joost van den Vondel,Lust tot poëzie</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vondel+lust+tot+poe%C3%8C-zie.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vondel+lust+tot+poe%C3%8C-zie.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘en hop weer een artikeltje klaar waarin nooit iets wezenlijks stond’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/en-hop-weer-een-artikeltje-klaar-waarin-nooit-iets-wezenlijks-stond</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘en hop weer een artikeltje klaar waarin nooit iets wezenlijks stond’ 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Onfatsoenlijk en luxueus' van Coen Peppelenbos
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Onfatsoenlijk+en+luxueus.webp"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘Onfatsoenlijk en luxueus’ noemt Louis Couperus de nieuwe boekband van zijn De stille kracht, in gebatikt katoen en fluweel, in een brief aan zijn uitgever. In de novelle
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Onfatsoenlijk en luxueus
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Coen Peppelenbos voelt de boekenverzamelaar Chris Vos een bijna overspelige liefde voor deze luxe fluwelen band van Couperus, die hij bij toeval ontdekt in de boekenkast van een weduwe, bij wie hij schilderijen inventariseert voor het Groninger Museum. Met onderkoelde humor beschrijft Peppelenbos hoe de bijna onzichtbare man op slinkse wijze toegeeft aan deze verleiding en daaraan genadeloos ten onder gaat.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als een Frans Laarmans blinkt Chris Vos uit in onopvallendheid. Zelfs de automatische deuren van het Groninger Museum blijven gesloten als hij voor zijn werk naar binnen wil. Als adviseur verstaat hij de kunst om allerlei kostbare schilderijen van oudere mensen naar het museum te praten. Misschien heeft zijn onzichtbaarheid ook voordelen, want hij weet exact een bepaalde terughoudendheid in acht te nemen om een weduwe zover te krijgen bijna haar volledige collectie aan het museum te schenken. En daar ziet hij in de kast het bijzondere exemplaar van Couperus’ De stille kracht. Het gaat hem niet om het verhaal, maar om de bijzondere band, ontworpen door kunstenaar Lebeau. Thuis heeft hij enkele minder kostbare banden van dit werk staan en hij overweegt om tijdens zijn volgende bezoek een van die banden om te ruilen voor het begeerlijke exemplaar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als lezer herken je de verleiding: het object van lust zó voor op het oprapen! De weduwe schenkt hem bijna alles voor het museum, maar hij wil eigenlijk vooral dit boek, voor hemzelf, en dat durft hij natuurlijk niet te vragen. Je voelt de spanning: zal het hem lukken het werk te bemachtigen? Het blijft niet alleen bij deze verleiding. Chris heeft zijn partner Adriaan verloren en via een datingapp komt hij in contact met een student kunstgeschiedenis, Gio, die een vergoeding van 100 euro vraagt voor seks. Gio weet van alles te vertellen over de kunstwerken die bij Chris aan de muur hangen. Er ontstaat een bijzondere relatie, die onder druk komt te staan als blijkt dat Gio ook nog iemand anders is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tussen de regels door lees je kleine uithalen naar de kunstkritiek waar recensenten elkaars stukken gemakzuchtig overnemen en weinig passie tonen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘en nu hij vaker bijdragen van anderen bestudeerde, zag hij meer dan ooit de nietszeggendheid van de formuleringen in de kunstwereld. Je kon een leven lang toe met een handjevol termen die je met veranderende bijvoeglijke naamwoorden in verwisselbare volgordes kon zetten – lijnvoering, kadrering, kleurgebruik, losse toets, focus, beeldtaal, bevreemding, spanningsveld, patronen, urgentie, vlakverdeling, spel en licht, dieptewerking en ga zo maar door – en hop weer een artikeltje klaar waarin nooit iets wezenlijks stond.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hierin is wellicht milde (zelf)spot van Peppelenbos te lezen over het altijd maar doordraaiende literaire weblog Tzum. Misschien gelijkt hij Elsschot, die een alter ego vond in Laarmans, de man die ook steeds in de verleiding komt te ontsnappen aan zijn eigen onbeduidendheid, maar net niet genoeg de kunst verstaat om zich dusdanig te onderscheiden dat hij groots en meeslepend zal leven. Chris Vos wil heel graag een boek over Lebeau schrijven, maar hij weet dat het hem nooit zal lukken, omdat Lebeaus leven geëindigd is in Dachau en hij zich er niet toe kan zetten om over de oorlog te schrijven:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ondanks alle goede bedoelingen van de makers zat er altijd een vals randje koketterie aan vast. De enige boeken die hij over de oorlog kon lezen, waren getuigenissen. Die verschilden van aard, maar kwamen het dichtst in de buurt van de werkelijkheid, terwijl elke fictionalisering achteraf altijd een onverdraaglijk commercieel zweem in zich droeg. Dat gold ook voor de hele industrie aan non-fictiewerken over de concentratiekampen. Ze beloofden het ‘ware verhaal’ en herhaalden slechts de kapitalisering van het leed.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ironie wil dat deze sobere novelle nu juist niet gaat over de bescheiden Elsschot, maar over een boekband van de grote Couperus, bekend om zijn rijke, haast overdadige stijl, en kennelijk ook om zijn luxueuze fluwelen boekbanden. In het middendeel van de novelle lees je vanuit Couperus zelf, die per trein afreist naar – je kunt het je bijna niet voorstellen – Groningen (terwijl hij nota bene in dezelfde reistijd ook in Parijs had kunnen zijn!) om daar in de armen van Cupido te vallen aan wie hij later zijn bijzondere fluwelen band zal sturen. Misschien is dit tussendeel nodig voor het verhaal, maar het kan geen serieuze poging genoemd worden daadwerkelijk in Couperus te kruipen en zijn stijl overtuigend te evenaren. De kracht van de novelle zit vooral in dat eerste deel, waar Peppelenbos net als zijn hoofdpersoon uitblinkt in onderkoelde terughoudendheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stijl is overigens een belangrijk motief in de novelle. Er is kritiek te lezen op uitgeverijen die schrijvers aansporen elementen in hun werk te accentueren die goed in de markt liggen, zoals seks en ‘coming-out’. De stijl doet er niet toe. Daar letten de redacteuren wel op: ‘Ik moest de scènes iets uitsmeren, meer details toevoegen. Dat kan die ghostwriter toch wel doen? Ik lever het inhoudelijke verhaal.’ Een grote grap is daarom de opvallende spelfout in de brief van onze Couperus aan zijn uitgever: ‘Hulde aan allen, die er aan hebben meêgewerkt. En Fidessa’s kopje vindt ik ook allerliefst.’ Met een kleine zoektocht op internet is vast te stellen dat de fout in de werkwoordspelling toch echt van de grote meester is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En toch, en toch, voel je tussen de regels van deze ironische novelle door, dat hier de kunst van het leven zit: je ondanks je eigen nietigheid overgeven aan welke passie dan ook, op het gevaar af roemloos ten onder te gaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Coen Peppelenbos –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Onfatsoenlijk en luxueus
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij kleine Uil, Groningen. 108 blz. € 18,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Onfatsoenlijk+en+luxueus.webp" length="24044" type="image/webp" />
      <pubDate>Tue, 11 Jun 2024 09:19:19 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/en-hop-weer-een-artikeltje-klaar-waarin-nooit-iets-wezenlijks-stond</guid>
      <g-custom:tags type="string">Onfatsoenlijk en luxueus,essays,Coen Peppelenbos</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Onfatsoenlijk+en+luxueus.webp">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Onfatsoenlijk+en+luxueus.webp">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Ik ben op zoek naar mijn been'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-ben-op-zoek-naar-mijn-been</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            'Ik ben op zoek naar mijn been'
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Een tuin voor verloren benen'  van Mahmoud Jouda
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+tuin+voor+verloren+benen.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘Het volgende moment werd ik doorboord door een spervuur van kogels. Ik zag hoe mijn been losraakte van mijn lichaam en van de heuvel af rolde, tot de plek waar het pakje sigaretten had gelegen. Ik keek toe hoe het naar beneden rolde, tot het bleef liggen.’ De verteller uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een tuin voor verloren benen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de Palestijnse schrijver, journalist en psycholoog Mahmoud Jouda, wil zich het liefst afsluiten van alle gruwelijke verhalen van mensen die hun geliefden, of hun eigen ledematen verloren bij het afscheidingshek in Gaza, op de grens met Israël, maar als een soort omgekeerde Scheherazade, de vertelster van de verhalen uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Duizend en één nacht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , wordt hij achtervolgd door mensen die hem hun verhalen willen vertellen, opdat hij ze boekstaaft en ze nooit vergeten zullen worden. Maar wat doen die verhalen met hemzelf? Hoe kan hij ze aanhoren en opschrijven, zonder zelf ten onder te gaan aan al die losgeraakte ledematen?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het begint met het verhaal van Ibrahim. De verteller heeft hem beloofd zijn verhaal aan het begin van het boek te zetten. Ibrahim is zijn leven kwijtgeraakt, nadat hij uit pure nieuwsgierigheid naar het afscheidingshek was gegaan. Hij had er veel over gehoord. Ze hadden het over het vaderland, opoffering, waardigheid. Hij wilde het graag een keer met eigen ogen aanschouwen. Hij hield zich verre van de toegestroomde menigte, maar werd al spoedig door de mensen meegesleurd. En daar stond hij vooraan, naast een kind dat door een kogel werd getroffen. Hij bracht het naar de hulppost en keerde met opgeheven vuist terug naar de soldate achter het hek. De sluipschutter lag op haar buik. Ze stak haar middelvinger op. Ibrahim liet zich achterovervallen en legde zijn hand op zijn geslachtsorgaan. Zij schoot. Hij verloor twee vingers en een derde, ‘de onderbuikvinger’. De verteller heeft zijn woord gehouden. Het verhaal staat voor in het boek. Later hoort hij dat Ibrahim geprobeerd heeft een einde aan zijn leven te maken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vanaf dat moment rol je als lezer van het ene verhaal in het andere. De verteller staat erom bekend dat hij goed kan schrijven en dat is voor veel slachtoffers een goede reden om hem te benaderen met hun verhaal. Hoe hij ook probeert zich afzijdig te houden, steeds komt hij in contact met iemand die spontaan zijn verhaal begint te vertellen, en bijna in elk verhaal gaat het om iemand van wie het been geamputeerd is, nadat de wond geïnfecteerd is geraakt. Het is niet zo vreemd dat de verteller er uiteindelijk van gaat dromen. Hij droomt dat hij zelf zijn been verliest, sterft, en begraven wordt zonder been. Het is of iedereen in de roman zijn been kwijt is en ernaar op zoek gaat:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Wat heeft je hier gebracht?’ vroeg ik hem en ik gaf hem een halve ui tegen het traangas.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik ben op zoek naar mijn been. De arts heeft me verteld dat het hier is achtergebleven. De ambulancewerkers hadden het niet meegenomen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hassan, de vriend van de verteller, vertrouwt hem toe dat hij losse ledematen, die hij bij het hek heeft gevonden en die anders toch zouden vergaan, heeft begraven. Elke dag gaat hij naar het hek, zaait bloemen in oude autobanden en heeft zo een tuintje gemaakt als een soort rustpunt voor de demonstranten. Hassans verhaal gaat in de droom van de verteller een eigen leven leiden. In de droom heeft Hassan een grote verzameling handen, voeten, schedels in zijn tuintje en plant hij op elk lichaamsdeel een stekje, zodat uit alle ledematen uiteindelijk bloemen groeien. De Israëlische soldaten kijken vanaf de andere kant toe hoe hij zijn tuintje water geeft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De verhalen laten een gruwelijke realiteit zien van een oorlogssituatie waarin de mensen die willen terugkeren naar hun oude woningen, in opstand komen en bij het hek komen protesteren, niets ontziend worden beschoten. Ziekenhuizen raken overvol, de situatie is uitzichtloos. Wat verbindt deze verhalen, behalve dat ze allemaal een onmenselijke verschrikking laten zien? Het zijn ogenschijnlijk provisorisch aan elkaar geknoopte verhalen, vrij simpel, rechttoe rechtaan verteld, als eenvoudige ooggetuigenverslagen. Juist die eenvoud onderstreept de hopeloze situatie, de zinloosheid van de demonstraties die steevast eindigen in schietpartijen waarbij de zoveelste gewond raakt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als lezer zoek je naar verbinding, maar je vindt een kwetsbare verteller die overspoeld raakt en niet tegen zijn taak is opgewassen. Haastig, tussen de bedrijven door, somt hij de gebeurtenissen op, weet hoofdzaak veelal niet van bijzaak te onderscheiden, waardoor je ook onbeduidende details meekrijgt. Zoals Hassan de verloren ledematen bij elkaar probeert te begraven zonder ooit een lichaam compleet te maken, probeert de verteller de verhalen aan elkaar te knopen, zonder tot een mooie eenheid te komen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als geraakt door een dumdumkogel bestaat de roman uit uiteengereten verhalen. Achter de verhalen gaan mensen schuil. Zoals het bloed naar het hek stroomt, vol herinnering aan mensenlevens, zo stuwen de verhalen naar het slot, waarin ze samenkomen in vervreemdende, ijzingwekkende apocalyps. Je zou willen dat alles maar een droom was.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Mahmoud Jouda –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een tuin voor verloren benen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Jurgen Maas, Amsterdam. 160 blz. € 21,90.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+tuin+voor+verloren+benen.jpeg" length="71377" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 08 Jun 2024 08:02:50 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-ben-op-zoek-naar-mijn-been</guid>
      <g-custom:tags type="string">Een tuin voor verloren benen,essays,Mahmoud Jouda</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+tuin+voor+verloren+benen.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+tuin+voor+verloren+benen.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘De vrolijke blijgeestigheid is ’t leven van het leven’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-vrolijke-blijgeestigheid-is-t-leven-van-het-leven</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'De vrolijke blijgeestigheid is 't leven van het leven'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De poëzie van een boer die dichter werd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van de poëzie van Hubert Corneliszoon Poot door Ruth de Jong (leerling vwo 4 Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Poot.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hubert Kornelisz Poot was schrijver van vele gedichten. Zijn werk was zeer verschillend: waar hij de ene keer het vrolijk leven bejubelde, dichtte hij een ander moment over de dood van Jacoba, zijn dochtertje. Hij leefde in twee eeuwen waarin er veel veranderde, zeker op literair vlak. Welke kenmerken van de 17
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            eeuw heeft deze man nog meegenomen in zijn werk? Dat zoek ik in dit artikel voor u uit aan de hand van drie van zijn gedichten:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mars’ en Venus’ beddepraat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op de dood van mijn dochtertje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vrolijk leven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            .
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            Poot werd begin 1689 geboren in Abtswoude (Hubert Kornelisz Poot, z. d.), een dorpje in de buurt van Delft. Hier groeide hij op en leerde hij het vak boer. Hij ging niet naar de Latijnse school (Wikipedia-bijdragers, 2024), maar leerde toch schrijven en dichten. Ook kwam hij dankzij vertalingen in aanraking met verschillende Oud-Romeinse schrijvers, waardoor hij leerde over de Romeinse goden, die later ook in zijn gedichten zouden voorkomen (DBNL, 2009b). Naast deze gedichten waarin mythologie voorkwam, schreef hij gedichten over de natuur en schreef hij ook hele persoonlijke gedichten. In het begin van zijn carrière als dichter was hij nog boer en veel mensen zouden naar Abtswoude zijn afgereisd om de dichtende boer aan het werk te zien (Wikipedia-bijdragers, 2024). Later verhuisde hij naar Delft om zich daar compleet op het dichten te kunnen richten (Hubert Kornelisz Poot, z. d.). Dit ging minder goed dan van tevoren gedacht. Na aan de drank te zijn geraakt keerde hij weer terug naar zijn geboorteplaats (Hubert Kornelisz Poot, z. d.), waar hij op 44-jarige leeftijd stierf.
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            In de renaissance werden veel teksten geschreven met verwijzing naar teksten uit de klassieke oudheid.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Mars’ en Venus’ beddepraat
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is daar een goed voorbeeld van. Het gedicht gaat over een conversatie tussen Mars en Venus. Mars wil graag met Venus naar bed, hij is verliefd op haar. Maar Venus is bang. Ze denkt dat de zonnegod, Phoebus, hen zal ontdekken en Vulcanus zal inlichten. Een groot deel van de lezers zal weten hoe dit verhaal gaat en deze verwijzing naar wat er later in het verhaal gebeurt wel opvallen. Venus vraagt Phoebus te wachten of te zwijgen. Mars verzekert haar dan dat het nacht is, alsof hij hoopt dat Phoebus hen daardoor niet kan zien. Er worden nog wat woorden gewisseld en dan blijkt dat zijn hoop tevergeefs is: ‘Venus. (…) Op, Mavors, help: wat droef een lot?/Helaas! wij zijn gevangen./Een net bewoelt mijn leden:/Mars. Met diamanten draên, dat zou ik wel beëden./Venus. Ai, goôn, laat ons los, noch lacht: wij gaan.’ (DBNL, 2009b). In deze tekst wordt een mythe uit de klassieke oudheid opnieuw verteld. Venus, die is uitgehuwelijkt aan de lelijke Vulcanus, wordt altijd al bemind door Mars. Als ze samen in bed liggen, blijkt er een val op te zijn gezet door Vulcanus, die ook de smid van de goden is. Ze liggen in een net en kunnen zich niet meer bewegen. Alle goden komen kijken hoe de twee samen in bed liggen, iets wat niet wordt benoemd, maar waarnaar wel wordt verwezen door Poot door het ‘noch lacht’ (DBNL, 2009b); waarschijnlijk staan alle goden hen uit te lachen, aangezien ze naakt in bed liggen. Hoewel Poot de teksten uit de klassieke oudheid niet kon vertalen, probeerde hij ze met dit soort gedichten wel beter na te maken.
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            Een heel ander gedicht is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op de dood van mijn dochtertje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Dit is een heel persoonlijk gelegenheidsgedicht van Poot. ‘Jakoba trad met tegenzin/ter snode wereld in;/en heeft zich aan het end geschreid,/in haar onnozelheid./Zij was hier nauw verschenen,/of ging, wel graag, weer henen.’ (DBNL, 2009a). In dit gedicht vertelt Poot over de korte tijd dat Jakoba er was, maar vooral ook over het feit dat het snel weer weg gaat. In de rest van het gedicht gaat het over haar dood: ‘maar dat, te snel en vlug,/was nu al opgevaren/bij Gods verheugde scharen./Daar lacht en speelt het nu zo schoon,/rondom de hoogste troon;/(…)/O bloem van dertien dagen, uw heil verbiedt ons ’t klagen.’ (DBNL, 2009a).Wat opvalt is dat Poot het over God heeft, terwijl deze periode veel dichters toch wat antropocentrischer werden. Verder zegt hij dat hij en zijn vrouw niet mogen klagen, omdat zijn dochtertje nu in de hemel kan spelen. Zo heeft dit verdrietige gedicht toch een vrolijk einde.
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            Poot kon ook horatiaanse gedichten schrijven. Dit zijn gedichten gebaseerd op stukken van Horatius, een bekend Oud-Romeins schrijver. Hij schreef veel persoonlijke en spottende gedichten (Wikipedia-bijdragers, 2023b).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vrolijk leven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een vrolijk gedicht over het leven. Sommige delen zijn gebaseerd op gedichten van Vondel. In dit gedicht wordt uitgeweid over hoe je het beste kan leven: ‘Vrienden, doe als ik./Gebruikt toch ’s levens ogenblik/zo lang de dood wil borgen.’ (DBNL, 2009c). Met dit gedicht wil Poot eigenlijk de boodschap Carpe diem overbrengen, die in de literatuur vooral in de 16
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en 17
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            eeuw werd gebruikt (Wikipedia-bijdragers, 2023a). De rest van het gedicht wijdt hij uit over de verschillende redenen dat je altijd blij zou moeten zijn: “Dan, ’t licht is ook aan ’t ondergaan./De nacht zal u benarren.’/Mij niet; nu komt de blanke maan/met haar vergulde horens aan/en honderdduizend starren.’ (DBNL, 2009c). Naast een ode aan het leven is dit gedicht ook een ode aan de schoonheid van de natuur. Dit is iets wat vaker terugkomt in zijn gedichten en is bovendien een kenmerk van de 16
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en 17
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            eeuw.
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            Poot schrijft dus in een stijl die vaak werd gebruikt in de 16
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en 17
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            eeuw. Hij schrijft graag over Romeinse goden, laat zich inspireren door onder andere Horatius en schrijft ook gelegenheidsgedichten over kwetsbare momenten in zijn leven. Zijn gedichten passen dus goed in de renaissance, een tijd om niet te vergeten.
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            Bronnen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            1.    DBNL. (2009a). [Lijk- en grafdichten], Dichter en boer. Hubert Korneliszoon Poot, zijn leven, zijn gedichten, H.K. Poot - DBNL.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.dbnl.org/tekst/poot001dich01_01/poot001dich01_01_0142.php#147" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.dbnl.org/tekst/poot001dich01_01/poot001dich01_01_0142.php#147
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            2.    DBNL. (2009b). Mars’ en Venus’ beddepraat, Dichter en boer. Hubert Korneliszoon Poot, zijn leven, zijn gedichten, H.K. Poot - DBNL.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.dbnl.org/tekst/poot001dich01_01/poot001dich01_01_0023.php#233" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.dbnl.org/tekst/poot001dich01_01/poot001dich01_01_0023.php#233
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            3.    DBNL. (2009c). Vrolijk leven, Dichter en boer. Hubert Korneliszoon Poot, zijn leven, zijn gedichten, H.K. Poot - DBNL.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.dbnl.org/tekst/poot001dich01_01/poot001dich01_01_0045.php#514" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.dbnl.org/tekst/poot001dich01_01/poot001dich01_01_0045.php#514
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            4.    Hubert Kornelisz Poot. (z.d.). Literatuurgeschiedenis.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/hubert-kornelisz-poot" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/hubert-kornelisz-poot
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            5.    Wikipedia-bijdragers. (2023a, juni 11). Carpe diem. Wikipedia.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://nl.wikipedia.org/wiki/Carpe_diem" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://nl.wikipedia.org/wiki/Carpe_diem
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            6.    Wikipedia-bijdragers. (2023b, augustus 2). Horatius. Wikipedia.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://nl.wikipedia.org/wiki/Horatius" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://nl.wikipedia.org/wiki/Horatius
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            7.    Wikipedia-bijdragers. (2024, 24 januari). Hubert Kornelisz Poot. Wikipedia.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://nl.wikipedia.org/wiki/Hubert_Kornelisz_Poot" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://nl.wikipedia.org/wiki/Hubert_Kornelisz_Poot
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Poot.jpeg" length="23214" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 02 Jun 2024 18:38:02 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-vrolijke-blijgeestigheid-is-t-leven-van-het-leven</guid>
      <g-custom:tags type="string">Hubert Corneliszoon Poot,essays,essays van leerlingen,essays leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Poot.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Poot.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>“Al ziet men de lui, men kent ze niet”</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/al-ziet-men-de-lui-men-kent-ze-niet</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h1&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            'Al ziet men de lui, men kent ze niet'
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h1&gt;&#xD;
  &lt;h1&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h1&gt;&#xD;
  &lt;h1&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De klucht van de koe' van Bredero door een leerling uit vwo 4 van het Eligant Lyceum
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h1&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+klucht+van+de+koe.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het toneelstuk
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De klucht van de koe
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is geschreven door Gerbrand Adriaenszoon Bredero in 1612 (Wikipedia-bijdragers, 2024). Bredero was een dichter, toneelschrijver en rederijker (Wikipedia-bijdragers, 2024). Hij had vooral succes met zijn toneelstukken over gewone mensen in en om Amsterdam (literatuurgeschiedenis.org, 2024). Met Pieter Hooft en Samuel Coster richtte hij een nieuw toneelzaal en school op: De Nederduytsche Academie. Bredero verwerkte zijn kijk op de maatschappij in zijn werken, met name de bedrieglijkheid van uiterlijke schijn is een veel voorkomend thema. Zijn lijfspreuk is beroemd: “ ’t Kan verkeren”. Dit verwijst naar de wisselvalligheid van het leven en dat niks is wat het lijkt (literatuurgeschiedenis.org, 2024). In het toneelstuk
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De klucht van de Koe
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gaat het verhaal over een dief die met mooie kleren en praatjes te vertrouwen lijkt, maar in werkelijkheid steelt hij de beste koe van de boer en weet met zijn gladde praatjes hem ook nog zo ver te krijgen dat de boer de koe voor hem verkoopt. Hieruit blijkt dat niks is wat het lijkt. Is dit toneelstuk van Bredero nog relevant in de huidige tijd?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Allereerst is een belangrijk thema in het werk
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De klucht van de koe
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            geld en hebzucht. Dit komt naar voren in het volgende citaat:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En zijn het soms ook geen dieven, die kooplui die hun droge specerijen, of hun saffraan die maar weinig weegt, in hun bedompte, vochtige kelders laten staan, zodat het gewicht op het moment van de verkoop flink is toegenomen? En die valse wisselaars dan, die altijd met z’n vieren zijn, en net als ik keurig gekleed onder de mensen gaan, en de een doet net of hij een Fransman is en de ander zijn tolk? Daar zou men eens stevig met een oer-Hollandse dolk op in moeten hakken. En dan de oneerlijke dobbelaars, en de kaartspelers die stiekem hoekjes vouwen in de kaarten, of van die vingervlugge trucjes toepassen. Dat grenst volgens mij ook heel dicht aan zuivere diefstal. En die lui die een spiegel tegen de muur achter hun medespeler te zetten, en dan van onder hun hoed gluren naar wat de ander in zijn hand heeft: vind je dat niet uitgekookt van zulke smeerlappen? En zoals ik al zei: wat doet zo’n verlakker in feite anders dan stelen? En die boekhouwers, jonge en oude, die hun baas bestelen door valse notities te maken, geld te ontvreemden en verkeerd op te tellen? Als ze allemaal bellen om de nek droegen, zou je merken dat de sluwste zich zelfs in de hoogste kringen ophouden. Ja, de brutaalste zijn nu allemaal rijke Heren. Sommige van hen lopen te paraderen op de Beurs, terwijl ze tot voor kort nog heel gewone ambachtslieden waren. Het is wonderlijk hoe lawaaierig en pedant het Amsterdamse volk op straat loopt. Maar als je eens wist hoe sommigen aan die snelle rijkdom gekomen zijn?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bredero laat hier zien dat er heel veel vormen van diefstal zijn. Voornamelijk uit hebzucht en dat iedereen zo veel mogelijk geld wil verdienen. In onze moderne tijd is dit nog steeds een actueel thema, bijvoorbeeld: bedrijven die belasting proberen te ontduiken, milieuregels te omzeilen en bedrijven die miljardenwinsten maken doordat ze een enorme winstmarge op hun producten hebben.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Een tweede thema uit dit toneelstuk is: niets is wat het lijkt. Ook dit thema kun je als tijdloos beschouwen. Het volgende citaat laat zien dat niets is wat het lijkt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De gemeste koe, waar wij voor moesten zorgen, is vannacht door een dief uit de stal gestolen. DE BOER Wel godhierengunder! Godnogantoe! Als ik het niet dacht! Ik kan het niet geloven en toch is het gebeurd. Ik verkoop mijn koe, ik breng hem het geld, ik doe het nog met plezier ook! Wie komt ooit op de gedachte dat zo’n brave man een dief zou zijn? Ik verdien het in een half jaar niet meer terug, al keer ik elke duit twee keer om. En ik moet nog lachen ook om de diefstal. Die goocheme bliksem heeft dit vaker gedaan. Het is een gauwdief, die al heel veel geoefend heeft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tegenwoordig komen we voorbeelden hiervan tegen op sociale media. Op bijvoorbeeld Instagram worden alleen de mooiste foto’s gedeeld. Ook lijkt het op sociale media alsof iedereen perfect is en het perfecte leven leidt. Maar ook hier geldt het motto: schijn bedriegt! Negatieve gebeurtenissen worden niet of nauwelijks getoond zodat het perfecte plaatje op sociale media in stand blijft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Een volgende parallel tussen dit werk uit de zeventiende eeuw en onze huidige tijd is goedgelovigheid. Tegenwoordig worden veel mensen opgelicht met phising e-mails, worden bankpassen afhandig gemaakt door criminelen die zich voordoen als bankmedewerkers en worden mensen misleid door whatsapp-berichten zodat het lijkt alsof dierbaren in problemen zijn en ze daardoor grote sommen geld overboeken naar oplichters. In dit werk van Bredero doet de dief zich voor als een betrouwbaar persoon en trapt de boer in de val die door de dief is gezet. De boer is te goedgelovig waardoor hij geen argwaan heeft. Een citaat dat goedgelovigheid laat zien, is:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           DE BOER O maar het is wel een mooie gladde koe, heel goed vetgemest, ze heeft volle schouders, het beest ziet er kerngezond uit. Het zit stevig in het vlees, zeg, de kost is hem goed bekomen. Mag ik vragen, man, voor hoeveel heb je haar aangenomen? Ze is zo lekker vet, als ik niet beter wist zou ik zeggen dat het mijn eigen koe is. Ja, ik denk echt dat zij het is. DE GAUWDIEF Mijn beste waard, je vergist je, wat haal je je in je hoofd, beste kerel, schijn bedriegt, er lijken er wel meer op de jouwe. DE BOER Ja maar, wat zal ik zeggen, als je goed naar haar kijkt, zeg ik toch dat zij heel erg lijkt op mijn koe. Maar ik zet het uit mijn hoofd, want ik gaf haar gisterenavond nog te eten. DE GAUWDIEF Gelijk heb je, boer, vergeet het maar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De boer twijfelt nog wel even aan het verhaal van de dief, maar door de gladde praatjes wordt hij overtuigd en trapt hij in de val.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Als laatste valt op in het werk van Bredero dat hij met humor kritiek levert op de maatschappij. Tegenwoordig kennen we dit soort kritiek op de maatschappij verpakt in humor nog altijd. Cabaretiers Niels van de Laan en Jeroen Woe gebruiken deze stijl in hun tv-programma Even tot Hier. Ook tv-maker Arjen Lübach maakt in zijn tv-programma de Avondshow gebruik van deze stijl. Onlangs gingen Niels van der Laan en Jeroen Woe viral met hun item over de diskwalificatie van Joost Klein op het Eurovisie Songfestival. Arjen Lübach scoorde wereldwijd een enorme hit met zijn video over America first en The Netherlands second. In De klucht van de koe stopt Bredero ook kritiek op de maatschappij, terug te vinden in het volgende citaat:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           DE BOER Hè, verdorie man, ik ga niet graag zo moederziel alleen. Hier woont Lange Dirk van Diemen, die rijke boer, hij heeft een klein vat vol rijksdaalders begraven onder zijn vloer. Sjongejonge, hij houdt zoveel van de ronde schijven en hij is zo zuinig, dat ie dood blijft op een luis. Het is zo’n gierige hond, en zo uit de hoogte, als hij over je heenviel, zou hij nóg niet met je praten. Hij gaat met niemand om, dat bleek wel toen Joostsdochter Dibberich, zijn nichtje ziek was en hij haar niet wou helpen. En tegen arme mensen gaat hij zo bitter en straf tekeer, hij denkt dat hij, als hij hen een aalmoes zou geven, totaal geruïneerd is. En daar woont Piet Kwistgoed, die wil met Magere Grietje trouwen, de dochter van Lange Dirk. Wat is dat een onhandige sukkel, een halfzachte weetniks, bedilal, zuurpruim. Máár ze is een écht kind van haar vader: ze lacht te hooi en te gras, dat wil zeggen zowat twee keer per jaar. Als zij Piet krijgt, zorgt hij wel dat hij het brood uit de schimmel hakt. Hij houdt van lekker eten en vrouwen ziet hij graag. Hij zorgt goed voor zijn natje en zijn droogje, en hij leeft van de hand in de tand. Wat Lange Dirk verdient geeft Piet Kwistgoed uit.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bredero gebruikt types om zijn punt te maken en verpakt zijn kritiek op humoristische wijze. Dat is hetzelfde als wat tegenwoordig nog steeds gebeurt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wanneer je kijkt met een hedendaagse visie naar het werk
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De klucht van de koe
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Bredero, dan kun je stellen dat de thema’s in dit werk nog steeds relevant zijn in onze eigen tijd. Bredero heeft een tijdloos werk gemaakt met humor en hij houdt ons een spiegel voor waarin we onze eigen tekortkomingen kunnen zien. Onze zwakheden hebzucht, goedgelovigheid en voorkeur voor schone schijn hebben we nog altijd niet afgeleerd. “ ’t Kan verkeren”.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ·      Gerbrand Adriaanszoon Bredero. (n.d.). Literatuurgeschiedenis.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/gerbrand-adriaanszoon-bredero" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/gerbrand-adriaanszoon-bredero
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ·      Wikipedia-bijdragers. (2024, March 14). Gerbrand Adriaensz. Bredero. Wikipedia.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://nl.wikipedia.org/wiki/Gerbrand_Adriaensz._Bredero" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://nl.wikipedia.org/wiki/Gerbrand_Adriaensz._Bredero
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+klucht+van+de+koe.jpeg" length="215296" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 02 Jun 2024 16:51:30 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/al-ziet-men-de-lui-men-kent-ze-niet</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,essays leerlingen,essays van leerlingen,De klucht van de koe,Brederode</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+klucht+van+de+koe.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+klucht+van+de+koe.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Van den Vos Reynaerde wordt De Schelmenstreken van Reinaert de Vos</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/van-den-vos-reynaerde-wordt-de-schelmenstreken-van-reinaert-de-vos</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den Vos Reynaerde wordt De Schelmenstreken van Reinaert de Vos
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van Nils Hoebert (leerling vwo 4 van het Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+schelmenstreken+van+Reinaert+de+Vos.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den Vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een bekend dierenepos uit de Middelnederlandse literatuur. Op een hofdag klagen bijna alle dieren bij de koning over een vos: Reynaert de Vos. Hij zou allerlei misdaden hebben begaan. Wanneer de dieren hem willen straffen voor zijn daden, bedenkt Reynaert telkens een list om onder deze straffen uit te komen, vaak ten koste van anderen. Het verhaal, geschreven voor middeleeuwse volwassenen, is een afspiegeling van de maatschappij zoals deze in de middeleeuwen was. Het gaat namelijk over de verschillende standen in de Middelnederlandse maatschappij, de dieren staan hierbij symbool voor de mensen. Hierop wordt met humor kritiek gegeven.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den Vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is rond 1260 geschreven door Willem. Over hem is niet veel bekend. Het zou gebaseerd zijn op een Frans verhaal dat gaat over een vos genaamd Renart (werkgroep Remco Sleiderink, onbekend). In de eerste regels van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Van den Vos Reynaerde
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           vertelt Willem dat hij ook een ander boek heeft geschreven: ‘Willem, die het boek “Madocke” heeft gemaakt, (…).’ (p. 5) Dit boek is jammer genoeg niet bewaard gebleven. (werkgroep Remco Sleiderink, onbekend)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Schelmenstreken van Reinaert de Vos
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een door Koos Meinaerts geschreven bewerking op het originele epos. Het boek is, in tegenstelling tot het origineel, geschreven voor kinderen. Dit is te zien aan weggelaten en toegevoegde gebeurtenissen, verschil in taalgebruik en woordkeuze. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tijdens de hofdag klaagt Isengrin over Reynaert de Vos. Hij zou bijvoorbeeld over de kinderen van Isengrin hebben geplast terwijl zij in hun nestjes lagen. Dit wordt redelijk letterlijk overgenomen door de auteur van het kinderboek. '
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Maar ’t ergste is: hij heeft mijn vrouw verkracht!’ (p. 6), wordt in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            verteld. Wat hier opvalt, is dat de auteur van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De schelmenstreken van Reinaert de Vos
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , bij het beschrijven van deze streek andere woorden kiest: ‘Hij vertelde de koning dat Reinaert zijn vrouw bijzonder onfris had bepoteld.’ (§1) Er wordt hierbij waarschijnlijk wel hetzelfde bedoeld, maar de woordkeuze is duidelijk anders. Het laat meer ruimte over voor de eigen invulling van de lezer, afhankelijk van diens leeftijd. Dit verschil in woordkeuze tussen het middeleeuwse, voor volwassenen geschreven boek en het kinderboek bevestigt het verschil in doelgroep van de beide versies van het verhaal.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Bruin krijgt als opdracht Reynaert te halen voor de koning. Maar dit laat Reynaert niet zomaar gebeuren, hij neemt ook Bruin de Beer in de maling. Hij verleidt de beer met honing, waardoor Bruin uiteindelijk met zijn hoofd vast komt te zitten in een boom. De eigenaar van het land waarop de boom staat, Lamfoyt, timmerman van beroep, is blij met zijn vangst! Hij trommelt mensen uit het dorp op om met zijn allen op de beer te komen slaan. In Van den vos Reynaerde wordt het volgende omschreven:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zelfs de pastoor kwam uit de kerk gelopen met een crucifix (…). De vrouw van de pastoor, Julocke, kwam gelopen met de stokken waarop ze aan het spinnen was. En voor hen uit, in lichte looppas, liep Lamfroyt, zijn bijl als wapen. (p. 17)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het kinderboek worden deze gebeurtenissen hetzelfde verteld, maar de mensen en voorwerpen zijn anders:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De meester met een Spaans rietje, de bakker met een speculaasplank, de huishoudster met een mattenklopper, mijnheer pastoor met een houten kruisbeeld en de smid met een roodgloeiende kachelpook. (§4)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier valt op dat de auteur van het kinderboek hele andere mensen en attributen kiest. Het is aannemelijk dat dit is gedaan om het verhaal treffender te maken voor kinderen. Er worden voorwerpen gekozen die kinderen meer aanspreken en waarschijnlijk vaker in het dagelijks leven van kinderen voorkomen. Deze aanpassingen in het verhaal kunnen ook een poging zijn geweest om het verhaal wat te moderniseren. In dit stukje blijft de pastoor, met zijn crucifix, echter hetzelfde. Een verschil is wel dat ‘crucifix’ niet letterlijk wordt overgenomen, dit wordt omschreven als een ‘houten kruis’. Dit maakt ook duidelijk dat De schelmenstreken van Reinaert de Vos voor kinderen is geschreven. De betekenis van een crucifix wordt verklaard, ervan uitgaand dat kinderen dit woord niet kennen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      In dit stuk, de list van Reinaert om Bruin de Beer in de val te lokken met honing, is ook een interessant verschil in de loop van het verhaal te herkennen. Nadat de mensen uit het dorp onderweg zijn om de beer te slaan, gebeurt in Van den Vos Reynaerde het volgende:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bruin stond niet bepaald te slapen, maar toen hij vanop afstand hoorde dat het dorp hem kwam vermoorden, zette hij alles op alles en sleurde zo hard hij kon. Maar daarbij scheurde hij zijn vel. Hij kreeg zijn kaken uit de klem – dat wél – maar niet zijn huid, één oor en evenmin zijn wangen. Die bleven in de boomstam hangen. Dat deed pijn, en bovendien was het niet om aan te zien, zo lelijk was zijn berensnuit! (p. 17)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een deel van het gezicht van Bruin de Beer blijft dus in de boom hangen. Pas hierna, als hij uit de boom is, wordt hij geslagen door de mensen. In De schelmenstreken van Reinaert de Vos loopt dit deel van het verhaal anders.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij dook weg in de struiken en zag hoe Lamfroit onder het zingen van: hamer man, timmer man, hamer erop los, Bruun ongenadig hard op zijn achterwerk sloeg, waarna de timmerman iedereen liet weten dat hij een beer had gevangen. (…) Van iedereen kreeg Bruun ervan langs, tot hij eindelijk zijn kop uit de spleet wist te trekken en zich brullend van de pijn uit de poten maakte. (§4)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Zowel de volgorde als enkele details zijn anders. De volgorde verschilt in het kinderboek doordat Bruin daar eerst door de mensen wordt geslagen, waarna hij zich uit de boom trekt. Een detail dat anders is, is het feit dat een deel van het gezicht van de beer in de boom blijft hangen in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den Vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Dit onderdeel is in het kinderboek helemaal weggelaten. Vermoedelijk is dit een poging om de scherpe randjes van het verhaal te halen, om het verhaal op deze manier toegankelijker te maken, ook voor jonge kinderen. Een ander detail dat verschilt, is het liedje ‘hamer man, timmer man, hamer erop los’ in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Schelmenstreken van Reinaert de Vos
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Er komt geen enkel liedje voor in het middeleeuwse boek. Dit is dus echt toegevoegd door de auteur van het kinderboek. Dit is wellicht gedaan om het verhaal aantrekkelijker te maken voor kinderen: liedjes spreken kinderen aan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
                       Er zijn ook andere stukken in het kinderboek waarin duidelijk te zien is dat de auteur het aantrekkelijker wil maken voor jongere lezers. Zo komen er meerdere keren gezelschapsspelletjes terug in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Schelmenstreken van Reinaert de Vos
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            : ‘Terwijl zijn kinderen mikado speelden met de afgekloven hazenbotjes, (…).’ (§17) Naast mikado duikt eerder in het verhaal ook ‘mens-erger-je-niet’ op: ‘Grimbeert de Das trof zijn oom thuis. Hij zat gezellig aan tafel met Hermelijn en de kinderen een potje mens-erger-je-niet te spelen.’ (§7) Deze onderdelen komen op geen enkele manier terug in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den Vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en zijn echt door de auteur toegevoegd. Deze toevoegingen door de auteur van het kinderboek laten zien dat hij het verhaal interessanter wil maken voor kinderen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
                       Een laatste verschil tussen het middeleeuwse boek en de bewerking voor kinderen is dat in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den Vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            details regelmatig lang worden beschreven. Zo wordt het feit dat Tybeert graag muizen wil als volgt omschreven:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wilt gij muizen?’ ‘Ja, en hoe! Reynaert, zwijg erover, toe! Muizen zijn mijn favoriet menu. Ach, weet jij dat dan niet? Er zit meer smaak in dan in wild! Bevredig mij toch, als je wilt, en breng mij naar dat eetfestijn! Ik zal je eeuwig dankbaar zijn, al had jij mijn papa vermoord en al wie tot mijn huis behoort.’ ‘Zeg, neef, houdt gij mij voor de zot?’ ‘Maar nee, Reynaert! Maar nee, begot!’ ‘Tybeert! Had ik dat geweten, hadt gij u hier vol gegeten!’ ‘Dat bestaat niet, Reynaert. Vol?’ ‘Tybeert, zegt ge dat nu voor de lol?’ ‘Maar nee, Reynaert, ik zweer het! Zo’n heerlijk muisje, lekker vet, dat ruil ik voor geen kilo goud!’ (p. 24)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het feit dat Tybeert van muizen houdt is maar een klein detail. Toch wordt dit uitgebreid beschreven. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Schelmenstreken van Reinaert de Vos
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            wordt dit veel korter omschreven:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Heb je niets anders te eten?' vroeg hij slim. 'Hou je van honing?' vroeg Reinaert. (…) "Muizen!' riep Reinaert. "Natuurlijk! Dat ik daar niet meteen aan heb gedacht. Kom mee, vriend. Jij krijgt je muizen, meer dan je lief is.' (§5)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het inkorten van dit soort details, die voor het verhaal in mindere mate van belang zijn, is een keuze van de auteur van het kinderboek. Waarschijnlijk is dit gedaan om het verhaal leesbaar te houden. Daarnaast blijft de verhaallijn zo duidelijk, ook voor kinderen. Zij hebben een kortere spanningsboog dan volwassenen. Het inkorten en weghalen van onbelangrijke details maakt het makkelijker voor kinderen om het verhaal te kunnen begrijpen. De keuze om dit te doen laat dus zien dat het aangepast is om door kinderen begrepen te worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het is duidelijk geworden dat
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Schelmenstreken van Reinaert de Vos
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , gebaseerd op
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den Vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            kinderen als doelgroep heeft. Er zitten opvallende verschillen in woordkeuze en taalgebruik en heftige gebeurtenissen zijn weggelaten of verzacht. Daarnaast zijn er onderdelen toegevoegd om het verhaal aantrekkelijker te maken voor kinderen. De Schelmenstreken van Reinaert de Vos is een boek voor jonge lezers, gebaseerd op een hoogtepunt uit de Nederlandse literatuur.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="null" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           Bronvermelding
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den vos reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . (z.d.). Literatuurgeschiedenis. https://www.literatuurgeschiedenis.org/teksten/van-den-vos-reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Willem die Madoc maakte. (z.d.).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Literatuurmuseum. https://literatuurmuseum.nl/nl/overzichten/activiteiten-tentoonstellingen/pantheon/willem-die-madoc-maakte
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           '
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den vos Reynaerde, Reynaert I
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ', editie J. Janssens, R. van Daele, V. Uyttersprot.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In: Instituut voor Nederlandse Lexicologie (samenstelling en redactie), Cd-rom Middelnederlands. Sdu Uitgevers/Standaard Uitgeverij, Den Haag/Antwerpen, 1998.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , naar het Comburgse handschrift, vertaald door Walter Verniers,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reynaertgenootschap, Sint-Niklaas, 2012.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Meinderts, J. P. M. (2018).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Schelmenstreken van Reinaert de Vos
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+schelmenstreken+van+Reinaert+de+Vos.jpeg" length="38080" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 02 Jun 2024 16:46:19 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/van-den-vos-reynaerde-wordt-de-schelmenstreken-van-reinaert-de-vos</guid>
      <g-custom:tags type="string">De schelmenstreken van Reinaert de Vos,essays,Van den Vos Reynaerde,essays leerlingen,essays van leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+schelmenstreken+van+Reinaert+de+Vos.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+schelmenstreken+van+Reinaert+de+Vos.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'De stilte die droogvalt bij eb'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-stilte-die-droogvalt-bij-eb</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'De stilte die droogvalt bij eb'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Wantij' van Jaap Robben
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wantij+Jaap+Robben.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘Misschien verlangde ik daar nog het meeste naar, naar de stilte die droogvalt bij eb. Het eindeloze lopen over die uitgestrekte en onbeschutte zandvlakte, zonder paden, bomen of heuvels. Een gebied waar het land onzichtbaar overgaat in de hemel, ik wilde een hoofd zo leeg als dat uitzicht.’ Met een mooie lepelaar op de voorkant, is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wantij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Jaap Robben een aanwinst voor de verzameling Terloopsdeeltjes, waarin steeds een wandeling wordt beschreven. Robben besluit te gaan wadlopen naar Schiermonnikoog, onder leiding van een gids, en belandt in allesbehalve een stille meditatieve wandeling in een weids landschap.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bij wantij vallen de zandbanken van het wad op sommige plekken droog, waardoor je er makkelijker doorheen kunt waden, maar behalve stroken slib hopen zich ook wat mensen op, onder de bezielende leiding van gids Henk. Als Robben wil genieten van het landschap, moet hij helemaal vooraan gaan lopen, naast Henk. Inhalen mag niet. Subtiel beschrijft hij het ongemak dat hij ervaart tussen de wadlopers. Eigenlijk wil hij het liefst alleen zijn, maar van alle kanten krijgt hij te maken met de mensen om hem heen: de beeldbellende ‘Spaansige man’, een moeder met zoon van wie hij de rugzak overneemt, het ‘Lepelaarechtpaar’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het mooist is de milde spot als deze Robben zelf betreft. Voorzichtig ventileert hij zijn vooroordelen, maar aan het eind moet hij die bijstellen. Ergens gedurende zo’n tocht ontstaat toch iets van een groep. En niet alles is zoals hij denkt. Hij beschrijft zoals eenieder zich kan voelen in een groep: je wilt niet opvallen, je wilt niemand tot last zijn, maar je wilt je ook niet per se meteen verbinden met mensen die je een beetje ergerlijk vindt. Omdat Robben deze kleine ergernissen doseert, zijn ze herkenbaar en tegelijkertijd humoristisch. Hij houdt niet alleen zichzelf, maar ook de lezer een spiegel voor.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voor de wandeling vraagt hij zich af aan wie hij tijdens het lopen zal denken, omdat dat vaak vanzelf gebeurt. Het blijkt vooral Bregje te zijn, die al ziek was toen hij haar ooit ontmoette tijdens een festival op Vlieland. Na haar overlijden probeerde hij steeds te bedenken waarover hij haar zou willen bijpraten als ze er ineens weer zou zijn. De gebeurtenissen werden in de loop van de tijd steeds groter: ‘Veel mensen wonen niet meer in hun vertrouwde huizen, Bregje zou de meeste mensen niet meer kunnen terugvinden op de plekken waar ze hen achterliet. Ongewild gebeurt bij mij het omgekeerde. Ik vind Bregje steeds minder vaak terug.’ Zo spiegelt de wandeltocht de tocht door het leven en de tijd waarin we mensen ontmoeten en weer afscheid van hen nemen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het boekje stemt ook tot overdenkingen over ons overvolle land. Kunnen we nog ergens genieten van de stilte en de rust, of lopen we overal elkaar tegen het lijf? Gaat dit wadlopen daadwerkelijk binnen tien jaar verdwijnen, omdat de Waddenzee verdrinkt? Is het erg als dit wadlopen uitsterft, net als talloze dieren, of vinden alleen wij mensen dat erg, omdat wij ons bewustzijn en onze herinneringen hebben?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wantij
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           is zowel een ‘echte Robben’ als een ‘echte Terloops’ en die prettige combinatie is een alleraardigst cadeautje, goed voor een flink uur leesplezier, een moment stilte, of – zo je wilt – een wandeling in het hoofd, in het weidse landschap van je gedachten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Jaap Robben –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wantij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Terloops reeks. Van Oorschot, Amsterdam. 64 blz. € 13,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wantij+Jaap+Robben.jpeg" length="16405" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 02 Jun 2024 16:35:13 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-stilte-die-droogvalt-bij-eb</guid>
      <g-custom:tags type="string">Jaap Robben,Wantij,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wantij+Jaap+Robben.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wantij+Jaap+Robben.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Als een kapitein op het dek van een zinkend schip’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/als-een-kapitein-op-het-dek-van-een-zinkend-schip</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Als een kapitein op het dek van een zinkend schip’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Hogere machten' van Joost de Vries
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/hogere+machten-a4268832.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘Je vraagt hoe ik het doe. Maar je kijkt de verkeerde kant op. Kijk naar het publiek, kijk naar jullie Engelsen. Wie zitten er in de zaal? Eikels, goedgelovigen, fantasten, hysterici, mensen na een goede maaltijd met drie glazen bier op – maar bovenal zijn ze kinderen. Kinderen die in iemand hun vertrouwen willen leggen, die willen dat iemand zo slim is dat ze zelf niet hoeven na te denken. Ze zijn zo onder de indruk dat als ik ze zeg hoe laat het is, ze zelf niet meer op de klok kijken.’ Dit antwoordt de ‘Grote Zanussi’ op de vraag van Elizabeth van Elzenburg in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hogere machten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , de nieuwe roman van Joost de Vries. Zanussi is de man die mensen de naam van een overleden familielid op een papiertje laat schrijven, het papiertje doorslikt zonder de naam te hebben gelezen, en dan raadt hoe de mensen zijn overleden. Elizabeth vraagt hem hoe hij dat doet. Is de verteller van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hogere machten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            niet precies zo’n ‘Grote Zanussi’, die de lezer zo ver krijgt dat hij zich onvoorwaardelijk overgeeft aan
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hogere machten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ? Ja precies: hoe doet hij dit?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Allereerst met een virtuoze wervelwind aan taal. Ik dacht eigenlijk dat ik steeds meer was gaan houden van leegte en ruimte in boeken, maar nu weet ik dat ik die voorliefde dus direct laat vallen als een auteur zo meesterlijk de pen hanteert. Ook al is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hogere machten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een overvol boek, het is niet zo dat De Vries alles maar voor de lezer invult, ook al lijkt dat op het eerste gezicht wel het geval. Neem de beschrijving aan het begin van het tweede deel, van de volwassen hoofdpersoon Welmoed:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Als je de volwassen Welmoed zou moeten beschrijven is ‘solitair’ een woord dat zich aandient.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Autonoom’ is mooier.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En: helder maar ingetogen. Als het volkslied. Kalm op een manier waarvan jij ook kalm zou worden. Lang, dun, op het ondervoede af, zoals blakend gezonde kinderen dat kunnen zijn. Hij spreekt in volzinnen. Er gebeurt niets op zijn gezicht. Zijn duurzaam jonge gezicht, zijn sprietige haar, zijn slanke armen, pianovingers. Geen vuil onder zijn nagels, je zal nooit zweetplekken in zijn kleren zien. Dunne lippen, brede mond – een kenmerkend brede mond die zijn gezicht in tweeën deelt. Hij heeft de heupen van een meisje, heeft geleerd overdreven rechtop te staan, als een vlag op een bedwongen bergtop, of, anders, als een kapitein op het dek van een zinkend schip.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Er is een verteller aan het woord die aftast hoe hij Welmoed het beste kan omschrijven. Hij doet dat op vergelijkbare, bijna ‘dichterlijke’ wijze als de ik-verteller uit Nijhoffs gedicht
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Awater
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            de persoon Awater beschrijft: hij krijgt iets mythisch door de bizarre combinatie aan informatie die je krijgt voorgeschoteld: alledaagse en verheven elementen door elkaar gemixt. Je voelt hoe het personage tussen je vingers door glipt, je als lezer de grip verliest, terwijl je dondersgoed weet dat de verteller de touwtjes nog strak in handen heeft. Je verbeelding draait op volle toeren om het verhaal te blijven volgen. Het is zoals Kellendonk zijn Gijzelhart en Prulletje schept in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mystiek lichaam
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Het is geen wonder dat De Vries voor zijn eerdere werk de Frans Kellendonkprijs heeft gekregen. De stijl sleept je mee, door de afwisseling van beelden, korte spervuren aan vragen, en een continue ondertoon van ironie.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarnaast laat De Vries ons het ware gezicht van de geschiedenis zien: als onontwarbare kluwen gebeurtenissen die elkaar willekeurig opvolgen en kruisen en waar geen mens daadwerkelijk orde in kan scheppen. Met het grootste gemak weeft hij historische gebeurtenissen, met vele verwijzingen naar de wereldliteratuur, door het particuliere liefdesverhaal van Welmoed en Elizabeth heen, en ook dat doet hij virtuoos, namelijk met hilarische, openlijke anachronismen, die hij achter in het boek aldus verantwoordt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Dit boek is fictie. Het speelt zich af in de vorige eeuw, maar is geschreven in deze. Het is geen poging de historische werkelijkheid zuiver op de graat te vatten. Bewust (maar vast soms ook onbewust) bevat het boek zodoende het een en ander aan anachronismen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vervolgens vraagt hij zich af of mensen in 1933 al kauwgombellen bliezen en of dat uitmaakt. De hoofdpersoon heeft een liedje in zijn hoofd dat dertig jaar daarna pas door Elton John wordt geschreven. Ook citeert hij De Beauvoir, maar op een zonderlinge manier: ‘Om De Beauvoir en haar vertalers geen onrecht aan te doen moet ik zeggen dat ik verschillende van de citaten heb aangedikt of geheel heb verzonnen’. Als dit geen ode aan de verzonnen literatuur en aan de verbeeldingskracht is!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar waar gaat dit fantastische verhaal dan over? Je zou bijna denken dat dat er in het geheel niet toe doet, en dat klopt wel een beetje. De Vries kan ons alles wijs maken en net als de mensen bij de Grote Zanussi in de zaal, zullen we op het puntje van onze stoel blijven zitten tot het verhaal uit is. Toch is dit verhaal tegelijkertijd hartverwarmend en hartverscheurend. De geslepen, schijnbaar stoïcijnse ambtenaar James Welmoed ontmoet in de jaren dertig van de vorige eeuw de avontuurlijke, bijdehante Elizabeth van Elzenburg. Terwijl de geschiedenis op zijn kop staat, van Bandoeng, via Londen en Den Haag naar Caïro, buigen de twee geliefden zich hartstochtelijk naar elkaar toe en van elkaar af. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alleen een meester weet zulke overgave bij de lezer af te dwingen. Als je het boek dichtslaat, heb je zojuist een krankzinnige wereld verlaten, die de auteur jou in de afgelopen uren in je hoofd heeft laten opbouwen, en dan kun je niets anders wensen dan dat je weer in de buurt van Welmoed en Elizabeth zou vertoeven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Joost de Vries –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hogere machten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Prometheus, Amsterdam. 320 blz. € 24,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/hogere+machten-a4268832.jpeg" length="97151" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 27 May 2024 13:08:38 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/als-een-kapitein-op-het-dek-van-een-zinkend-schip</guid>
      <g-custom:tags type="string">Hogere machten,essays,Joost de Vries</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/hogere+machten.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/hogere+machten-a4268832.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘kom! dans ontbinding, vlieg je stuk, loop vast, sterf’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/kom-dans-ontbinding-vlieg-je-stuk-loop-vast-sterf</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘kom! dans ontbinding, vlieg je stuk, loop vast, sterf’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De mogelijkheid bestaat' van Bianca Sistermans en Eva Gerlach
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+mogelijkheid+bestaat.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wetenschap en poëzie zijn meer aan elkaar verwant dan je op het eerste gezicht zou denken. Beide naderen iets, zonder het ooit te bereiken. Het gaat om mogelijkheden. Daarom is het zo mooi dat in de bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De mogelijkheid bestaat
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bianca Sistermans en Eva Gerlach de wetenschap naderen in een combinatie van fotografie en poëzie. Zowel door de mysterieuze foto’s als door het open karakter van de poëzie wordt in de verbeelding een soort chemische reactie opgeroepen van de vergeefsheid van het menselijke ‘reiken’, het verlangen naar houvast.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De foto’s en teksten op het raakvlak van wetenschap en kunst ontstonden in samenwerking met de Universiteit Twente. De expositie hiervan vond in 2024 plaats op de campus. Daarna zijn de foto’s en teksten in boekvorm gepubliceerd door uitgeverij Vleugels. Woord en beeld wisselen elkaar niet alleen af, ze vullen elkaar aan en lopen soms zelfs in elkaar over. Al meteen op het omslag zie je door het bijzondere perspectief waarin de glazen buisjes zijn gefotografeerd, de overheersende letter ‘o’ uit het woord ‘mogelijkheid’ weerspiegeld. En misschien is die ‘o’ exemplarisch voor onze menselijke uitroep ‘O!’ die op zichzelf al een verscheidenheid aan mogelijke betekenissen in zich draagt: verwondering, bewondering, schrik, angst, teleurstelling en nog talloze andere, afhankelijk van hoe je het in welke context uitspreekt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De veelheid aan mogelijke interpretaties is net zo typisch voor de wetenschap als voor de poëzie. Hoezeer de wetenschap de mysteries van ons lichaam en ons leven ook probeert bloot te leggen, zij tast veelal in het duister. In taal doet poëzie niet veel anders:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Even
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik roer een wereld. In al mijn slome gedoente
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           fladder en tril ik een wereld. Kijk: mijn atomen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           passen zich moeiteloos aan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           elkaar tot wereld, de een zo link als de ander
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           terwijl intussen het gejacht van mijn wereld
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           mij roert, zodat als ik stilval
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           triljarden samenstellende werelddeeltjes mij blijven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           roeren zoals in het glas op het nachtkastje water
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           nog rimpelt als het vliegtuig allang is gevlogen,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zoals je gedaante uit je gedoe, of zeg eeuwig
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           uit even tevoorschijn bewogen –
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al in dit openingsgedicht tast de dichter naar de betekenis van ons korte moment van leven in het licht van de eeuwigheid. Als een soort Schepper brengt de ik al roerend een op zichzelf staande wereld in beweging, terwijl zij zich ervan bewust is dat zijzelf ook door haar eigen wereld ‘geroerd’ wordt. Door verwijzingen naar de wetenschap in woorden als ‘atomen’ en ‘triljarden samenstellende werelddeeltjes’ wordt voor de lezer een wonderlijke wereld opgeroepen van de kleinste deeltjes waaruit wij en de wereld bestaan. We staan allemaal met elkaar in verbinding.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op de foto’s staan kleine werelden op zichzelf: een compositie van glazen flesjes, met of zonder vloeistof, gereedschap, scheikundige opstellingen met klemmen, meetapparatuur, buisjes, slangetjes, deksels, of zelfs complete apparaten. Bij de foto’s staan steeds mysterieuze citaten, zoals ‘We maken hier nieuwe dingen’, ‘Overal moeten etiketten op! Het kan van alles zijn’, ‘Snaveltjes’, ‘Niet vullen boven de streep’ en ‘Hoezo niet van links naar rechts!?’ Je zou kunnen zeggen dat de foto’s verhalen vertellen, zoals de gedichten beelden oproepen. Daardoor vallen lezen en kijken samen in één ervaring.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De willekeur van wetenschap wordt zowel in taal als in beeld opgeroepen. Zo begint het gedicht ‘Oervloed’ met
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Inzicht? Zoveel vergissing!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En als vergissen verlicht, twijfel dan tot het diepst 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van de holte in de door koken en kijken verwaasd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dansende Erlenmeyer – die waarin alles
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           opschiet tot het proces zich 3 2 1 omkeert
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terwijl de taal zich bemoeit met de resultaten uit de wetenschap, roepen buisjes met etiketten en daarbij de zin ‘Overal moeten etiketten op!’ een wereld op waarin we iedereen in hokjes plaatsen, zonder dat we eigenlijk weten wie we zijn. Alles hangt van hypothesen aan elkaar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gerlach neemt ook korte, alledaagse gesprekken op in haar poëzie, die daardoor vervreemdende taalconstructies worden, die je haast wetenschappelijk gaat benaderen: ‘‘Als ik je aanraak ’s nachts, weet je dan wie ik ben?’’ Gerlach weet zelfs van de symptomen van kwikintoxicatie een fraaie compositie te maken, zoals Sistermans schoonheid weet op te roepen door een berg chemisch afval te fotograferen. Haarscherp legt Gerlach bloot hoe we met wetenschap soms ons lijf ‘oplichten’: ‘Lijf, ik draai je een loer. Ik licht je op, / bezoek je in vermomming’. Als een paard van Troje kunnen we medicijnen het lichaam inbrengen, waarmee we de dood omzeilen. Er worden existentiële vragen opgeroepen als ‘Hoe snij je dunne plakjes van de nacht / voor onderzoek?’ Sistermans fotografeert bevroren laatjes waarin we van alles kunnen vermoeden. Gerlach schrijft kort daarna ‘Wat hier bewaard wordt, gaat nooit dood’. Pas als het ontdooit, wordt het zacht en bederft het.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De bundel ontroert. We zijn niet gewend om naar wetenschappelijke opstellingen te kijken alsof het kunst is, maar door
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De mogelijkheid bestaat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            worden we even door elkaar geschud als vloeistof in glazen buisjes. We beseffen dat we broodkruimels zijn op de rok van het universum, om maar met Lucebert te spreken. Of met Gerlach:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           breek los; jeugd, haast je, smelt;
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           eicellen, kankercellen, zaad, kom! dans
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ontbinding, vlieg je stuk, loop vast,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           sterf. Niemand weet waaraan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Bianca Sistermans en Eva Gerlach –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De mogelijkheid bestaat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 64 blz. € 22,90.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+mogelijkheid+bestaat.png" length="492335" type="image/png" />
      <pubDate>Tue, 21 May 2024 07:45:07 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/kom-dans-ontbinding-vlieg-je-stuk-loop-vast-sterf</guid>
      <g-custom:tags type="string">Eva Gerlach,essays,Bianca Sistermans,De mogelijkheid bestaat</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+mogelijkheid+bestaat.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+mogelijkheid+bestaat.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘een belletje als je borrelend wilt koken’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-belletje-als-je-borrelend-wilt-koken</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘een belletje als je borrelend wilt koken’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het liegend konijn 2024 1
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+liegend+konijn+2024+1.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           The body content of your post goes here. To edit this text, click on it and delete this default text and start typing your own or paste your own from a different source.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+liegend+konijn+2024+1.jpeg" length="51867" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 11 May 2024 08:48:09 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-belletje-als-je-borrelend-wilt-koken</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het liegend konijn 2024 1,essays,Jozef Deleu</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+liegend+konijn+2024+1.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+liegend+konijn+2024+1.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Ze laat een stilte achter die mij dwingt me te verliezen in mezelf’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ze-laat-een-stilte-achter-die-mij-dwingt-me-te-verliezen-in-mezelf</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ze laat een stilte achter die mij dwingt me te verliezen in mezelf’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Mijnwerk' van Kreek Daey Ouwens
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mijnwerk.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Om steenkool te delven, ga je ondergronds, nooit zonder risico, en van wat gedolven wordt, raak je niet meer los. Het fijnstof trekt in je huid, in je longen en wordt een deel van jezelf. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijnwerk. Kroniek van een familie in scherven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gaat ook Kreek Daey Ouwens, opgegroeid in de Limburgse mijnstreek, ondergronds, maar dan steeds dieper in de lagen van haar verleden tot je als lezer in een haast ‘voorwoordelijke wereld’ belandt. Wat je daar aantreft, is zo puur en ongeraffineerd, dat je bijna zou vergeten dat er een schrijver aan te pas is gekomen. Dat vermag alleen de ware vakvrouw, die haar vak zo goed beheerst dat zij zelf onzichtbaar is geworden. Het is bijna magisch hoe Daey Ouwens die verwondering om het wezen der dingen, nog zonder de aantasting van de taal, zoals eigenlijk alleen in de kindertijd mogelijk is, zo zuiver kan raken in alle kwetsbaarheid.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijnwerk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een verzameling van haar eerdere bundels, aangevuld met twee nieuwe ‘De Bloemenmarkt’ en ‘Kleine dieren’, en vormt hiermee een soort verstild en geconcentreerd
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Á la recherche du temps perdu
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Net als Proust weet zij onwaarschijnlijk goed de wereld van het kind op te roepen, maar zij heeft daarvoor veel minder woorden nodig, omdat zij trefzeker de verbeelding – waarover Proust overigens zo uitvoerig schrijft! – in gang zet. Met korte fragmenten, soms slechts een zin of een paar woorden, ontstaat de suggestie van een volledige ruimte of persoonlijkheid. Op iedere bladzijde val je van de ene verbazing in de andere over deze uitbreidende werking van haar taal:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Met de blinkende badkuip wordt de zon de keuken binnen gewerkt en onmiddellijk voelt Bee een lichte zweving in haar buik, als een slangetje dat wegslibt. Snel kleden ze zich uit, gedeeltelijk weggedraaid van elkaar, maar toch kijkend. Het oudste zusje heeft al borsten, wijd uit elkaar en hoog, nog niet die van een vrouw. Ze slaat haar armen eromheen en ook de anderen verbergen iets wat hen verlegen maakt, en hun hele manier van doen heeft iets ongewoons, opgewonden bijna, met korte oprispingen van lachen, als mussen aan een venster.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat het een kroniek van een familie in scherven betreft, is overal voelbaar, alsof je uiterst behoedzaam over een ‘mijnenveld’ loopt. Door alle bundels heen komen dezelfde figuren terug, maar dan steeds in iets andere gedaanten en veranderend door de tijd. Ook dat doet denken aan Prousts meesterwerk, met zijn cyclische opbouw van tijd. Er wordt veel gezwegen en gekeken. Er is een grootmoeder, een mamma, grootvaders, een meestal afwezige vader en een broertje, Guillaume (naar wie ook een, hartverscheurende, bundel genoemd is), dat ‘anders’ is en uit huis wordt geplaatst. Door de leegte van de bladzijden, die overal meer omvattend is dan de tekst zelf, ontstaat er een enorme ruimte waar de verbeelding rondom de beschreven figuren en gebeurtenissen vrij spel heeft. Hierdoor stijgt de familiekroniek uit boven het persoonlijke en wordt universeel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verdriet dat Daey Ouwens oproept, dringt diep binnen en legt verbindingen met eigen verdriet. De bundel bevat talloze, ik zou haast zeggen ‘schilderijtjes’ van sferen: de zon op een meubelstuk, een grootvader of grootmoeder die een konijn slacht, een stille opa op een bankje, moeder achter de naaimachine, zusjes die met elkaar aan het spelen zijn, kleine pesterijen, verdriet om het verlies van een broertje, een moeder, een oma, een tante. Bijna overal voel je het ontbreken, het gemis. Dat de fragmenten een verbinding aangaan met eigen herinneringen heeft ook te maken met de soms heel abstracte beschrijvingen die tussen de meer persoonlijke in staan:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ook de dingen wantrouwen we. De kast met de sloten, de ijzeren haard, de witte borden op de tafel. Maar tegelijk klampen we ons aan hen vast, we willen ons eraan warmen, of warmen zij zich aan ons? Deze dingen hebben goddank geen stem, geen gezicht. Ze lijken bedoeld om ons gerust te stellen, en ze weten zelf welke rol ze te spelen hebben. Geen andere dan deze.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Verder is de bladzijde leeg. Er vindt verstilling plaats. Doordat Daey Ouwens niet invult welke rol ze dan spelen, komt het servies uit je eigen verleden naar boven en kom je terecht in de kamer waar je zelf als kind rondliep.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In 1991 schreef Daey Ouwens
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stokkevingers
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Ik volgde destijds een college literaire kritiek bij Redbad Fokkema en schreef als oefening mijn allereerste recensie over deze bundel. Ook ik ben even ‘ondergronds’ gegaan en vond hem terug, geprint met een matrix-printer. Wat mij toen als twintigjarige opviel, was dat de auteur taal gebruikte die mij deed denken aan kinderboekjes als
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De mus en de muis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            waarmee ik mijn eerste leeservaringen had opgedaan: ‘ik zie de muis, de muis in de doos. ik zie de wolk, de wolk voor de zon.’ Daey Ouwens schrijft: ‘In de kist mammie. De kist in de grond. Kuil gedicht.’ Ook in het hoofd van het kind gebeurt er natuurlijk veel meer dan wat door deze simpele taal wordt gedekt, maar juist door het tekortschieten ervan wordt de verbeelding volop in gang gezet en ben je voor even weer kind.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is sprake van een problematische verhouding tot de taal. Woorden kunnen breken als een stok, ze kunnen als ‘dingen’ op de tafel liggen. Ze kunnen worden vermeden. Ook voor de ‘ik’ is het een aftasten van hoe ze wil schrijven: ‘Ik noem het kleine meisje Bee om over haar te kunnen schrijven. Alleen op die manier kan ik afstand nemen van mijn eigen ik.’ Terwijl ze schrijft, wordt alles anders dan ze zich herinnert en ontsnapt het beeld dat ze voor zich zag:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik kan precies vertellen hoe ze eruitziet, hoe ze loopt, welke kleren ze draagt. Ik weet hoe ze haar handen houdt. Als een kind, op zoek naar schatten, scharrel ik in het verleden, loop mezelf te pletter tegen dichtgemetselde muren, een deur die niet opengaat. Ze laat een stilte achter die mij dwingt me te verliezen in mezelf. En als ik maar even het idee heb haar in woorden te kunnen vatten, zakt er een kleine spin aan een dunne draad tot vlak boven mijn papier en rukt haar van me weg.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel is metaforisch en vervreemdend en bevindt zich op de grens tussen verhaal en poëzie: ‘Mijn grootmoeder is onwetend gestorven. Van liefde. Van genot. De kou van mijn grootvader drong in haar lichaam, nam de vorm aan van ijs.’ De concentratie van betekenis in combinatie met de herhaling van simpele zinnen of woorden, doet ook denken aan het werk van Nobelprijswinnaar Jon Fosse.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘Waar geen licht is, leef je stil maar met je wereld heel dichtbij’, zegt Wiel Kusters, ook opgegroeid in de mijnstreek, in een van de motto’s bij de bundels. En dat is precies hoe het voelt als je ondergronds gaat.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijnwerk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een schitterend meesterwerk en zou in grote stapels in de boekhandel mogen liggen. Lezers zouden verheugd naar de winkel mogen snellen, omdat ze weten dat daar een groots
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijnwerk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            op hen wacht, waarin ze zich eindeloos kunnen verwonderen, zich laven aan het schaarse zonlicht dat wellicht ook het diepste verdriet oprakelt, maar de stilte waarin het gebeurt, werkt louterend:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Hoeveel jaren deze boom, de takken aan de boom, de bladeren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoeveel dagen. Voor en achter mij. Dezelfde mannen horen bij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dezelfde vrouwen. Ik loop zo langzaam mogelijk. Ik wil niet aan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ze voorbij’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Kreek Daey Ouwens –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijnwerk. Kroniek van een familie in scherven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Wereldbibliotheek, Amsterdam. 600 blz. € 39,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mijnwerk.jpeg" length="98886" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 26 Apr 2024 12:51:13 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ze-laat-een-stilte-achter-die-mij-dwingt-me-te-verliezen-in-mezelf</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Mijnwerk,Kreek Daey Ouwens</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mijnwerk.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mijnwerk.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een moeder tussen mythe en geschiedenis</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-moeder-tussen-mythe-en-geschiedenis</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een moeder tussen mythe en geschiedenis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Een vrouw' van Annie Ernaux
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+vrouw.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een vrouw
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            portretteert Annie Ernaux ‘de enige vrouw die werkelijk iets voor mij betekend heeft’. Hoewel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De jaren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            veelal als magnus opus wordt beschouwd van deze Nobelprijswinnares, doet
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een vrouw
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , een aangrijpend portret van haar moeder, zeker niet in kwaliteit hiervoor onder. Het is al in 1989 in het Nederlands vertaald door Geerten Meijsing, maar in 2023 verscheen een geheel herziene druk. Door de geringe omvang van slechts 88 bladzijden is het zeer toegankelijk en lijkt alles wat ertoe doet, geconcentreerd in dit ‘schilderij in taal’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ernaux laat een uiterst persoonlijk portret zien van haar moeder, na haar dood opgetekend in heel concrete taal, zonder enige sentimentaliteit:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Voor de eerste keer was de deur van haar kamer dicht. Zij was al afgelegd, een band van witte stof omsloot haar hoofd, liep onder de kin door en trok de huid rond de mond en de ogen op. Tot haar schouders was een laken over haar heen getrokken dat haar handen verborg. Ze leek op een kleine mummie. Aan beide zijden van het bed hadden ze de stangen laten zitten die haar moesten beletten op te staan.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoezeer deze ‘kleine mummie’ ook bijna als concreet voorwerp op de eerste bladzijde voor de lezer wordt neergezet, in die 88 bladzijden die daarop volgen, komt een volstrekt eigenzinnige vrouw tot leven, die je niet meer zo gauw vergeet. En dat komt, doordat Ernaux in haar de echo van het maatschappelijke laat doorklinken. Haar moeder is niet alleen haar hoogstpersoonlijke moeder, maar ook de vrouw die zich uit de armoede van het arbeidersgezin uit Yvetot heeft gevochten tot middenstander, eigenares van een kruidenierswinkel. Door de concrete beschrijvingen voel je hoe al die details ertoe doen in deze strijd: kleding, voedsel, interieur, omgangsvormen, enz.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat het werk nergens sentimenteel is, betekent niet dat het geen gevoelens oproept. Er spreekt een ontegenzeggelijke liefde uit het portret. Al op het moment dat de ik bij het graf van haar moeder staat, naast de doodgraver, zie je hoe belangrijk ze voor haar is geweest. Ze wil dan graag met hem praten en hem honderd franc geven, ook al zou hij die aan drank uitgeven. Dat zou niet erg zijn, want hij was de laatste man die zich met haar moeder zou bezighouden door ‘de hele namiddag aarde over haar heen te scheppen, en hij moest er plezier in krijgen dat te doen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat het portret bijzonder maakt, is dat ook de totstandkoming van het portret onderwerp van het verhaal is:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Het is een moeilijke onderneming. Voor mij is mijn moeder geen geschiedenis. Zij is er altijd geweest. Mijn eerste opwelling, als ik over haar begin, is haar vast te leggen in beelden zonder tijdsbesef: “zij was onstuimig”, “het was een vrouw die van geen ophouden wist”, en om scènes zonder ordening op te roepen waarin zij voorkomt.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze realiseert zich dat ze slechts de vrouw van haar verbeelding zal vinden. Ze hoopt dat wat ze zal schrijven op het raakvlak zal liggen ‘van het persoonlijke en het algemene, van de mythe en de geschiedenis’. Die hoop wordt bevestigd door dit portret, want al blijft het persoonlijk, voor de lezer is het tegelijkertijd het verhaal van ‘het verlies van de moeder’ in algemene zin, en het verhaal over ‘de strijd tegen armoede’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De moeder was hard voor haar dochter. Ze kreeg regelmatig klappen. Toch deed haar moeder er bijna alles aan om haar dochter uit de armoede op te heffen, haar een betere toekomst te geven. Ze gaf haar boeken te lezen, zodat ze zou kunnen studeren en uiteindelijk resulteert dat in een paradoxale verhouding tot elkaar, omdat er in feite een klassenverschil tussen hen beiden is ontstaan: de belezen dochter die feitelijk nauwelijks armoede heeft gekend en de moeder die elk dubbeltje voor haar dochter opzij heeft gelegd, maar zelf niet goed aan haar arbeidersverleden kan ontkomen, omdat alles wat zij doet, haar verraadt: hoe ze luid spreekt, hoe ze verwoed kleding uitzoekt om haar vroegere armoede te maskeren, maar vooral haar onderdanigheid, zelfs bij haar eigen dochter. Als deze haar voor een periode in huis neemt, wil ze dat ‘verdienen’, door het huis van haar dochter schoon te maken en alles op alles te zetten om haar dochter in alle rust te laten werken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat zo ontroert, is vooral hoe liefdevol Ernaux de moeder neerzet, vanuit het besef dat haar moeder alles voor haar heeft gedaan om haar een beter leven te geven: in al haar onstuimigheid en eigenzinnigheid. Ze maakt haar niet mooier dan ze is, ze laat ook zien wat ze als jong meisje in haar moeder heeft gehaat, maar juist door die openheid en transparantie, is het portret levensecht geworden, haar moeder een mens van vlees en bloed, soms boosaardig en woest, maar met het hart op de goede plek.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Annie Ernaux –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een vrouw
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Geerten Meijsing. De Arbeiderspers, Amsterdam. 88 blz. € 15,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+vrouw.jpeg" length="91883" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 24 Apr 2024 12:56:50 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-moeder-tussen-mythe-en-geschiedenis</guid>
      <g-custom:tags type="string">Annie Ernaux,essays,Een vrouw</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+vrouw.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+vrouw.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Een hart in een hart in een hart in een hart’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-hart-in-een-hart-in-een-hart-in-een-hart</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Een hart in een hart in een hart in een hart’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Kostbaar ogenblik ik zie je' van Caroline Lamarche
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/kostbaar+ogenblik+ik+zie+je.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hoe benader je een wonderschoon, kwetsbaar koraalrif dat alleen door een behoedzaam naderen behouden blijft? Want dat is waarmee je
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kostbaar ogenblik ik zie je
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Caroline Lamarche kunt vergelijken: een wereld op zichzelf, rijk aan ontelbare schatten, zowel aan de oppervlakte als in de diepte die daaronder schuilt, een wereld van taal waarin elke regel klank en betekenis oproept die je alleen maar kunt koesteren.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hoe is het mogelijk dat Lamarche zo divers is in haar werk? Zo kil en haast van gewapend beton haar
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nacht op klaarlichte dag is
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , zo liefdevol en vol beweging is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kostbaar ogenblik ik zie je
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Daarin lijkt het misschien meer op haar Het einde van de bijen, al is haar nieuwste werk ook nog eens zuivere poëzie. Wat haar werken echter verbindt, is de hoge kwaliteit en trefzekerheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ik schrijft aan haar doodzieke vriendin, Margarida, van wie het broze lichaam door ‘de boze krab wordt verteerd’. Ook al geven de artsen meteen aan het begin al aan dat deze heel kwaadaardig is, ze voorspellen dat ze ervan zal worden bevrijd, ‘mooie dame, en zonder schade aan uw borst’. Wat volgt, is een episch gedicht, meanderend tussen hoop, ongeloof, afschuw en gelatenheid. Maar de taal! Lamarche is een vakvrouw, maar ontegenzeggelijk geldt dat ook voor haar vertaalster, Katelijne De Vuyst. Poëzie is eigenlijk onvertaalbaar, maar De Vuyst krijgt het voor elkaar dat je op elke bladzijde alle fasen van rouw tot in de kleinste cellen van je lichaam doorloopt – dat heeft ook alles te maken met alliteraties en assonanties! – en ik vermoed dat ze daarin Lamarche onwaarschijnlijk dicht op de huid zit.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is belachelijk om hier in gebrekkige taal te vertellen hoe mooi dit werk is. Om recht te doen aan deze schoonheid, zou ik louter moeten citeren. Welke auteur krijgt het voor elkaar het walgelijke tekortschieten van onze hedendaagse emoji’s tot zuivere poëzie te transformeren: 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Elke ochtend een medisch rapport, merelzang door het raam,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een paar woorden over je insomnia en dan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de rode en gouden hartjes die je me stuurt,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           kwistig als de Zaaister op de Larousse die blaast op de nootjes
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zo heten de pluisjes van de paardenbloem.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En niet alleen die vervloekte telefoon, het enige communicatiemiddel tussen de hartsvriendinnen in deze tijd van corona, maar ook de vernietigende chemokuur wordt in taal vereeuwigd. Het kan niet anders dan dat iedereen die zelf afhankelijk is geweest van dit tuig, of zijn geliefde daaraan heeft moeten overgeven, diep geraakt wordt door deze indringende woorden:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar het kan nog erger. De Doxorubicine,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           robijnrood medicijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat je krijgt om een terugval te voorkomen,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            heeft als bijnaan
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           The Red Devil
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is gevaarlijk voor het hart,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het zenuwstelsel, de spieren, de nieren,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het kan leukemie uitlokken,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           geheugenverlies, dementie en
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als het lekt uit het infuus
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           smelt het linoleum van je kamer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze geven het met Cyclofosfamide, zijn witte tweelingbroer,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gemedicaliseerde vorm van het chemische wapen,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ontwikkeld door Bayer onder de schrikbarende naam
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lost
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het beruchte mosterdgas van 14-18
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat door rubbermaskers kon doordringen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan alles is duidelijk dat het niet anders dan oorlog is – je kunt alleen maar kiezen tussen twee kwaden – met die afgrijselijke wond aan de borst, die niet verdwijnen wil, maar de vorm krijgt van een hart, zoals een wat onhandige zuster op een dag constateert.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De twee vriendinnen communiceren met elkaar via geluidsopnames en teksten op de telefoon en die raken aan ‘de ruimte van het volledige leven’, om maar met Lucebert te spreken: de wereldliteratuur die troost biedt, de afwisseling van de seizoenen, muziek, het leven dat doorgaat, de geschiedenis, het ziekenhuisleven, er is geen bodem voor de lezer. De ik leeft haar leven voor haar vriendin. Als ze over straat loopt, kijkt en luistert ze met de ogen en oren van haar vriendin.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Net als in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het einde van de bijen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is ook hier de kritiek op onze gezondheidszorg te horen, niet op de verplegers, want dat zijn de engelen, zoals de zuster die Bach zingt aan het bed van de vriendin, maar meer op hoezeer de zorg gericht is op het behoud van het perfecte lichaam. De ik vraagt zich af waarom de dokters haar borst in eerste instantie wilden behouden en of ze daarmee niet een veel te groot risico hebben gelopen. Daarnaast is er het meedogenloze voor altijd verdwijnen aan het bed, op het moment dat de zieke vrouw uitbehandeld is, om over te gaan naar de volgende patiënt, die wellicht nog wel gered kan worden. Het is geen aanklacht, eerder een weeklacht. Op het moment dat het einde nadert, houden de familie en vrienden intensief contact met elkaar via de telefoon en communiceren haast nog uitsluitend in ‘de hartjes van Google’:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hop, alweer een hart.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarna een hart in een hart.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een hart in een boom.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een hart in een bloem.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een hart in een ster.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Of sterren in een hart.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een heel groot hart.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een klein hart.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een verguld hart.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een zilveren hart.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een hart in een hart in een hart in een hart.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een hart.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik moet aan het boek van Victor Klemperer denken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Linga Tertii imperii
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tegenwoordig is het totalitarisme niet technocratisch,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar sentimenteel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De ziekte van de vriendin wordt uiteindelijk een metafoor voor de ziekte van onze planeet. Kunnen liefde, zorg voor elkaar en onze omgeving ons nog redden?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kostbaar ogenblik ik zie je
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is welhaast een muzikale compositie te noemen, zo klankrijk en in verschillende tempi uitgevoerd. Voor dit kunstwerk is geen betere uitgever dan Vleugels denkbaar, die met de kleine versiering op de ‘s’ ook in het drukwerk nog verfijning toevoegt. Zo kan door samenwerking van Lamarche, De Vuyst en Vleugels onnoemelijk verdriet zich als pure schoonheid voordoen. Leg deze bespreking weg, lees Lamarche, onderga de broze glans van zuiver koraal.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Caroline Lamarche –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kostbaar ogenblik ik zie je
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Katelijne De Vuyst. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 104 blz. € 23,95.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Caroline+lamarche.jpeg" length="15574" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 17 Apr 2024 16:44:20 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-hart-in-een-hart-in-een-hart-in-een-hart</guid>
      <g-custom:tags type="string">Caroline Lamarche,essays,Kostbaar ogenblik ik zie je</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Caroline+lamarche.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Caroline+lamarche.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Terug naar de verloren tijd met een hart van mosterd</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/terug-naar-de-verloren-tijd-met-een-hart-van-mosterd</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terug naar de verloren tijd met een hart van mosterd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Ein Herz aus Senf' van Annika Franke
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ein+herz+aus+senf.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De Duitse Anika Franke is maker en docent aan verschillende kunstacademies in Nederland. Zij publiceerde onlangs
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ein Herz aus Senf
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (een hart van mosterd), een opvallende graphic novel, die niet geheel in het Duits is uitgegeven. Dat wil zeggen: het omslag is deels Duits, deels Nederlands, de tekeningen zijn uiteraard in universele ‘beeldtaal’, de bijbehorende tekst is Duits. De ik uit het verhaal kreeg als kind ‘Kinderwurst’ op haar brood en haar moeder spoot dan met mosterd uit de tube een hart of een smiley op de worst. Klasgenoten vonden het stinken. De uitspraak ‘Er is mosterd die stinkt, het is niet alles goud wat er blinkt’, zoals op de achterflap staat, is absoluut van toepassing op dit ongewone kunstwerk: het is een terugblik zonder enig oordeel op de kindertijd van de ik, waarbij verschillende herinneringen bij de lezer nogal kunnen schuren, hier en daar een beetje stinken.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vormgeving is nogal onconventioneel. De meeste tekeningen lijken op die van een kind dat van alles in beeld probeert weer te geven: gebrekkige, schetsmatige tekeningen in aquarelachtige kleuren en van heel afwisselende omvang laten alledaagse gebeurtenissen of voorwerpen zien. Daaromheen staat slordig in verschillende typen letters de tekst, waarbij regelmatig woorden of hele zinnen zijn doorgestreept. Het is een beetje zoals een kind een dagboek zou schrijven: impulsief, associatief, zonder oog te hebben voor grote lijnen, geheel meegenomen in ‘het moment’. Tussen deze typische kindertekeningen bevinden zich ook talloze afbeeldingen die het kinderlijke overstijgen. Hier en daar zit er een foto tussen, meer een ‘kiekje’ zoals je ze ook in een rommelig familiealbum tegenkomt, scheef tussen de tekeningen geplakt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze vormgeving roept regelmatig een lach op, zoals je ook als kinderen onder elkaar kunt lachen om de half mislukte tekening van een ander. Tegelijkertijd voel je de ernst van het kind dat onschuldig en openhartig haar familiegeschiedenis uit de doeken doet. Soms wordt er speelgoed beschreven met informatie die er totaal niet toe doet, maar wel geestig is: ‘Ich hatte einem Spielzeug Dinosaurier der geräusche machen konnte. Wenn die Batterien fast alle waren, hat der sich angehört wie Oma Adelheid mit wasser in den Lungen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal laat zien hoe families zijn, met alle mooie en lelijke eigenschappen: een oma die tot het meubilair lijkt te horen, een vader met een veel te lange kin die ooit in elkaar geslagen is en toen een kaakoperatie moest ondergaan, waardoor hij er ineens heel anders uitziet. Je krijgt te lezen hoe het meisje in een café tussen allemaal mannen in zit die allemaal opmerkingen maken over mooie vrouwenborsten en lippenstift.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De onschuld blijkt uit alles wat ze zonder enige schaamte opschrijft: ‘Beim pinkeln konnte ich manchmal die Penisse von den Männern sehen. Beim abtropfen. Ich musste da immer hingucken.’ Soms zit ze onder de tafel en wordt ze door de mannen gevoerd en toegesproken als een hond. Ze schrijft over een uitbarsting van luizen in het gezin, over het bijzondere gevoel dat ze krijgt als ze van de stang van de schommel afglijdt, hetzelfde gevoel dat ze kan krijgen met de voetjes van haar barbiepop.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gaandeweg verdwijnen de zorgeloze jaren. Haar vader gaat ergens anders wonen en haar moeder moet steeds vroeger opstaan. De briefjes die dan op de tafel liggen als ze wakker worden, blijken al in een voorraadje in de keukenla te liggen. Haar vader, die inmiddels een nieuwe vrouw heeft, komt haar af en toe nog halen in het weekend. Uiteindelijk vindt haar moeder ook een geschikte man. Jarenlang heeft hij in de bouw gewerkt. Daarna krijgt hij alvleesklierkanker.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net als het dagboek van een kind heeft het verhaal kop nog staart. Weliswaar is het achteraf verteld, maar het voelt alsof je meekijkt over de schouder van het schrijvende en tekenende kind en meegaat in alles wat er net op dat moment door haar hoofd gaat. Voor even voel je je ook zelf weer kind, met toch ook dat knijpende gevoel in de buik dat het toen toch heel anders voelde dan nu als je erop terugkijkt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Anika Franke –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ein Herz aus Senf
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . AFdH Uitgevers, Enschede. 64 blz. € 19,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ein+herz+aus+senf.jpeg" length="51595" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 05 Apr 2024 17:21:33 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/terug-naar-de-verloren-tijd-met-een-hart-van-mosterd</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Ein Herz aus Senf,Annika Franke</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ein+herz+aus+senf.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ein+herz+aus+senf.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘die wonderlijke rustige rust en dan o o oe’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/die-wonderlijke-rustige-rust-en-dan-o-o-oe</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘die wonderlijke rustige rust en dan o o oe’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Ochtend en avond' van Jon Fosse
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Omslag-Fosse-Ochtend-en-avond-web-1.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als Johannes op een ochtend opstaat om, zoals gewoonlijk, in het haventje naar zijn boot te kijken, is er iets veranderd: het licht door het raam? Zijn lichaam dat ineens een stuk lichter voelt dan andere dagen? Hij komt er niet goed achter. Zijn vrouw is al een tijdje dood.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze eenvoudige setting van 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ochtend en avond
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is typisch voor de Noorse Nobelprijswinnaar Jon Fosse. Zijn werk doet denken aan de improvisatie in de muziek: een klein thema wordt uitgebreid in variaties. Er zullen lezers zijn die er kromme tenen van krijgen, omdat je voortdurend in cirkeltjes draait, maar de liefhebber die zich overgeeft, kan er niet genoeg van krijgen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Fosses personages zijn vaak eenvoudige mensen en op het eerste gezicht lijkt er niet veel te gebeuren: iemand staat ’s morgens op en drinkt een kop koffie, rookt een shagje. Hij is langzaamaan de leeftijd voorbij dat hij erop uittrekt met de boot en gaat vissen. Daarom staat hij wat te drentelen in de keuken. Zal hij wel naar de haven gaan, of zal hij toch thuisblijven? Het zijn van die alledaagse aarzelingen die iedereen wel zal herkennen. Wat de meeste schrijvers niet de moeite van het schrijven waard zullen vinden, wordt bij Fosse eindeloos herhaald:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘[...] en hoeveel licht hij ook aanstak, echt licht werd het ook niet, dus wat dat betrof kon hij net zo goed in bed blijven liggen zo lang als hij wilde, alleen je kon je ook niet helemaal laten gaan, hij moest in beweging blijven, moest iets doen, anders zou hij verstijven en vastroesten, want een jonge kerel, nee, dat was hij allang niet meer, dacht Johannes, nee, nu moest hij op de been zien te komen, dacht hij, nu kon hij niet langer blijven liggen, en zo’n trek als hij had in een shagje, ja, een shagje, dat zal smaken in ieder geval, denkt Johannes, en het is koud in het zijkamertje, in de kamer ook, maar in de keuken heeft de kachel de hele nacht gebrand, dus daar moest hij maar naartoe, een shagje draaien, een ketel water opzetten [...]’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je hoort jezelf denken, zonder begin en einde van een zin, en je wordt er doodmoe van. Je komt in het ritme terecht van de oude man die rondjes draait op de vierkante meter in zijn aarzeling om wel of niet zijn bed uit te komen, zijn huis uit te gaan, de boot in te stappen. Net als in de muziek kan er dan een instrument of een ander thema binnengehaald worden, dat dan mee zal spelen met wat er al gaande is. Precies op die manier krijg je stukje bij beetje de geschiedenis van Johannes te horen, niet heel uitgebreid, maar wel genoeg om te weten hoe hij eraan toe is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal bestaat uit twee delen. In het eerste wordt Johannes geboren en staat zijn vader Olai voor de deur waar alles gebeurt, te drentelen en zich druk te maken om zijn vrouw en het kind dat hij spoedig zal zien en van wie hij al zeker weet dat het een zoon zal worden en dat ze hem naar zijn vader, Johannes, zullen noemen. Dit deel beslaat slechts vijftien bladzijden, maar het is van groot belang voor wat dit kleine verhaal openbaart: de ochtend en de avond van het leven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een en al stijl is het werk van Fosse en die voortdurende cirkelbeweging roept in alle eenvoud juist het wonder van het leven op: de geboorte die je eigenlijk met niets dan verwondering kunt aanschouwen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘[...] die schreeuw is verdwenen en zo zacht zacht net als het rode en donkere en zacht en warm en dan wit en zacht en warm daar tussen zijn lippen en vast en wit en alles is rustig en dan je bent zo lief jij zo lief jij zo’n mooie jongen dat ben je en niemand is zo mooi als jij niemand nergens op de hele wereld zo mooi als jij jij ben de mooiste liefste Ja het is een mooie jongen ja Mooi is hij ja Mijn hemel Je hebt een zoon gekregen en zacht en vochtig en dan die wonderlijke rustige rust en dan o o oe en dat witte oe en zacht zo o en hard en oe o zo zo o oe [...]’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als het verhaal al is begonnen met dit wonderlijke begin van een leven, dan kun je in dat veel langere laatste deel vol overgave op het volgende wonder wachten, het wonder dat Johannes al voelt als hij die ochtend opstaat, maar waar hij nog niet helemaal de vinger op kan leggen. De liefste mensen om hem heen, zijn vriend Peter en zijn vrouw Erna, zijn al overleden, maar op die ochtend ziet hij ze steeds, praat even met hen en dan verdwijnen ze weer en dan twijfelt hij daarna aan wat hij gezien heeft. Zal hij de boot instappen die hem naar de overkant brengt? Is het Peter die hem naar de overkant brengt met zijn boot vol krabben?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat mij betreft is dit werk pure schoonheid, een soort aanbidden van het leven, het nu waarin we cirkelend ons voortbewegen van begin naar einde, steeds weer opnieuw, tot de lieve jongste dochter Signe zich snelt naar het huis van haar vader.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Jon Fosse –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ochtend en avond
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Marianne Molenaar. Uitgeverij Oevers, Zaandam. 112 blz. € 21,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Omslag-Fosse-Ochtend-en-avond-web-1.jpeg" length="227653" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 05 Apr 2024 17:21:08 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/die-wonderlijke-rustige-rust-en-dan-o-o-oe</guid>
      <g-custom:tags type="string">Jon Fosse,essays,ochtend en avond</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Omslag-Fosse-Ochtend-en-avond-web-1.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Omslag-Fosse-Ochtend-en-avond-web-1.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Van courgettes en koriander</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/van-courgettes-en-koriander</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van courgettes en koriander
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Schuilhuisje' van Lena Kurzen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Lena-Kurzen-Schuilhuisje-363x576.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Schuilhuisje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , het debuut van Lena Kurzen (die/diens, 1982) legt op humoristische wijze bloot hoe het er in een relatie aan toe kan gaan als beide partners weliswaar continu op elkaars lip zitten, maar niet de moeite nemen gedachten en gevoelens daadwerkelijk met elkaar te delen. Het is ook maar de vraag in hoeverre dat laatste mogelijk is. Verlangens en ongenoegens kunnen elkaar in zo’n hoog tempo afwisselen, dat het niet bij te houden is. Hoewel de lezer het hele boek zit opgesloten in de hoofdpersoon, bevindt hij zich in allesbehalve een schuilhuisje. Hij is juist overgeleverd aan een constante stroom bizarre en tegelijkertijd herkenbare gevoelens en gedachten. Het is beklemmend, maar omdat Kurzen de overdrijving inzet, is het absoluut ook hilarisch.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een man van in de vijftig heeft een relatie met een heel wat jongere vrouw. Het stel werkt in coronatijd vanuit huis en zit aan de keukentafel, beiden achter een laptop. De man heeft hiervoor al een andere relatie gehad, waaruit een zoon, Joris, is geboren, die inmiddels volwassen is, maar met wie de man geen contact meer heeft. Je leest het verhaal vanuit de jongere vrouw, de ik-persoon, en het is gericht aan de man, in de jij-vorm. In feite lees je wat zij hem eigenlijk allemaal had willen vertellen, maar wat zij duidelijk niet doet, waardoor de spanning hoog oploopt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er zijn een paar constanten in het werk. De vrouw wil graag een kind van de man, maar bij elke toespeling draait de man eromheen of negeert deze volkomen. De man is extreem geordend, doet zo vol overgave de was, dat waarschijnlijk geen enkele vrouw haar echtgenoot ooit op deze wijze de was heeft zien doen. Hetzelfde geldt voor het beheren van zijn afvalcontainer. In het verlengde van dit perfectionisme ligt de liefde van de man voor zijn kostbare bonsaiboom. Dan zijn er de cavia’s, die dienen als ‘gezinsuitbreiding’, maar die het al snel moeten ontgelden vanwege een onuitgesproken ruzie over het verzorgen van de bonsaiboom.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net als de cavia’s bevinden de twee hoofdpersonen zich ieder in een schuilhuis. De man gaat na een kort gesprek vaak algauw over op zijn werk: ‘Ik kijk op, jij hebt je leesbril alweer opgezet en bent verdwenen in een van je tabellen, maar op je lippen zie ik nog een kleine glimlach.’ Waarom hij zijn zoon nooit meer ziet, weet de ik-persoon niet. Ze vraagt nooit door, of krijgt geen antwoord. Er is continu een soort oppervlakkige conversatie gaande tussen de twee, maar daaronder bevindt zich een onpeilbare diepte. Voor de lezer is die van de ik-persoon bekend, maar die van de man niet. Bovendien moet de lezer machteloos toezien hoe de ik-persoon haar verlangens en ergernissen verzwijgt, waardoor steeds meer misverstanden elkaar opvolgen. Ook zal vast iedere lezer zich afvragen hoelang hij het zelf zou uithouden in deze beknellende wurggreep.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is sprake van een onderkoelde, haast eentonige verslaglegging van de binnenwereld van de vrouw, als reflectie op het alledaagse gekeuvel aan de keukentafel, waarin Kurzen met regelmaat als tegenhanger de overdrijving inzet. Daardoor kom je in hilarische situaties terecht. Zo heeft de jonge vrouw een hele poos vrede met de eerdere relatie van de man, omdat hij zijn vroegere vrouw met een courgette vergelijkt: smakeloos, aan ieder gerecht toe te voegen zonder dat het verschil maakt. De ik-persoon vergelijkt hij daarentegen met koriander: als je een klein beetje toevoegt, smaakt het hele gerecht ernaar. Deze vergelijking met de courgette komt gedurende het verhaal regelmatig terug, omdat Femke, zijn ex, helemaal niet zo courgette-achtig blijkt te zijn:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “Het gekwetter aan de andere kant van de lijn gaat door, ik kan niet verstaan wat ze zegt. Je zucht diep, zegt dan op harde toon: ‘Femke, ik ga nu ophangen, we kunnen hier nog een keer over praten als je wat rustiger bent. Ik ga nu ophangen.’ Je drukt haar weg. ‘Zo.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ze is helemaal niet zo saai en zonder eigen mening als je zei.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Nou, niet als het over Joris gaat dus.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik knik. Dat is wat moeder zijn betekent. Dat je zodra je kind in gevaar komt van een courgette in een madame-jeanette transformeert.”
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook voor de lezer is de ik-persoon de smaakmaker. Zij bepaalt het tempo dat soms hemeltergend langzaam is. De man heeft geheimen, die ze graag wil ontmaskeren, maar ze onderneemt slechts stapje voor stapje actie. Op het laatst wordt dit tempo een beetje een trucje, net als de overdrijvingen. Over het slotakkoord kan ik natuurlijk niet zoveel zeggen. Mij deed het wat aan Beethoven denken: het stuk is groots, maar had al minstens drie keer afgerond kunnen zijn. Dat is geen reden om niet meer naar Beethoven te luisteren, maar ik kom er ’s nachts niet meer mijn bed voor uit.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Lena Kurzen –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Schuilhuisje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Nijgh &amp;amp; Van Ditmar, Amsterdam. 208 blz. € 22,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Lena-Kurzen-Schuilhuisje-363x576.jpeg" length="43307" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 02 Apr 2024 16:28:20 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/van-courgettes-en-koriander</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Lena Kurzen,Schuilhuisje</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Lena-Kurzen-Schuilhuisje-363x576.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Lena-Kurzen-Schuilhuisje-363x576.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘je ketst een keitje het rimpelt tot bij mij’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/je-ketst-een-keitje-het-rimpelt-tot-bij-mij</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘je ketst een keitje het rimpelt tot bij mij’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Even zijn wij samen meer' van het Lezerscollectief
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/vrijdagevenzijnwijsamenmeer3d-1.webp"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het is alsof je een huis binnenstapt, waar je in elke kamer in een nieuwe wereld terechtkomt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Even zijn wij samen meer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Het Lezerscollectief is een bijzondere bundel van verhalen en gedichten uit de wereldliteratuur, waarbij de verbinding tussen mensen de rode draad is. De filosofie van het collectief is dan ook dat het samen lezen van verhalen en gedichten mensen verbindt, sterker en weerbaarder maakt. De bundel bevat een bevlogen voorwoord van Jim van Os, waarin hij oproept tot verbinding en die verbondenheid is in deze bijzondere verzameling overal voelbaar.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel opent met ‘Je hart is waar je huis is’ van Chika Unigwe, waarin de verteller haar moeder mist, die nog in Nigeria woont, terwijl ze zelf naar België is verhuisd. Het voelt als heimwee, maar dat is het niet, want ze voelt zich thuis in België. Haar gemis zal verdwijnen als ze haar moeder naar België laat reizen om bij haar te wonen, maar wat als je hart is waar je huis is, en als haar moeder snikkend over de grond rolt?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tijdens het lezen denk je steeds: dit is het mooiste verhaal! Dit ga ik nooit meer vergeten, zoals ‘De man die weer naar buiten wilde’ van Rob van Essen met de volgende verrassende opening:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik liep over de Reguliersgracht, ik was in een goede stemming, ik had die dag mooie berichten gehad en ziek was ik ook niet meer. Achter de donkergroene deur van het pand waar ik langsliep, hoorde ik geklop. ‘Binnen!’ riep ik joviaal. De deur werd geopend en er stapte een magere man naar buiten. Hij droeg een grijs pak en een loshangende regenjas.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ja?’ vroeg hij aarzelend.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Goedemiddag,’ zei ik opgewekt, ‘komt u verder.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De man daalde stenen treden af en keek om zich heen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Hier woont u?’ vroeg hij.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Hier woon ik,’ knikte ik.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ruim,’ zei de man terwijl hij naar het water en naar de wolken keek.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ja,’ zei ik, ‘ik heb geen klagen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘En dit is allemaal van u?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Nee, nee, zo is het ook weer niet,’ zei ik.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als de wereld in een paar zinnen zo op z’n kop wordt gezet, dan wil je toch alleen maar verder lezen? Een paar verhalen verder heb je het volgende mooiste verhaal gevonden van Silvain Salamon, over het mysterieuze nieuwjaarskaartje van meneer Schwarz, dat elk jaar bij de familie Wechsel rond Rosj Hasjana in de brievenbus ligt, tot de familie zelf als eerste een kaartje aan Schwarz schrijft en ze een heel dankbare reactie terugontvangt. Daarna is het echter afgelopen. Wat is er gebeurd?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tussen de verhalen door vind je gedichten, zoals ‘Waarschijnlijkheden’ van Constantinos Papageorgiou, over een ring met sleutels waarvan de ik nooit heeft geweten wat ze openen. Sleutels verbinden ons met ruimtes of voorwerpen waar we vooralsnog niet bij kunnen. Marc Tritsmans beschrijft in ‘Voor het eerst’ hoe je vaak handen schudt, of er een op je schouders voelt, maar tussen al die handen voel je dan ineens een heel zachte warme hand die zich veel langer dan vijf tellen in de jouwe nestelt, zo adembenemend. In ‘Vlechten’ van Sara Eelen kan het lyrisch ik niet genoeg krijgen van de vingertoppen van haar moeder als ze vlechtjes bij haar in doet. In poëzie zorgt de hoeveelheid mogelijke verbindingen voor een gelaagdheid in betekenis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook ‘Goede zaken’ van Tove Ditlevsen is een mooiste verhaal, waarin ze pijnlijk blootlegt hoe de kersverse echtgenoot van de zwangere ik-persoon keihard zakendoet met een makelaar, over de rug van een alleenstaande moeder, die haar huis moet verkopen, omdat haar man er onlangs vandoor is gegaan. In de kille verkoop is de stille verbinding voelbaar tussen de machteloze ik-persoon en de alleenstaande moeder.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat nu als je zo graag aangeraakt wordt, terwijl je er dusdanig uitziet dat niemand je graag wil aanraken? Maartje Wortel laat in ‘Een honger stillen’ Gradda uit pure wanhoop maar een advertentie zetten: een kamer te huur voor de prijs van twee uur per dag strelen!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je dan plotseling op de klassieker ‘Sneeuw’ van Paustovski stuit, weet je dat er eigenlijk nooit een mooier verhaal is geweest. Als er toch één schrijver is, die een verhaal schitterend kan opbouwen! Je kunt niet anders dan je verslingeren aan Tatjana Petrovna en Potapov. Maar dan heb je ‘Het geschenk van de Wijzen’ van O. Henry nog niet gehad, waarin Della slechts één dollar en zevenentachtig cent heeft om voor haar man een kerstcadeau te kopen, tot ze op het lumineuze idee komt haar haren te laten afknippen en verkopen, waardoor ze wel iets moois voor haar man kan kopen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dan besef je pas dat je helemaal niet hoeft te kiezen, dat er gewoon heel veel prachtige verhalen bestaan, en dat je eigenlijk veel vaker verhalen zou moeten lezen. Als kers op de taart is er ‘Meer’ van Maud Vanhauwaert, dat ze als meter van het collectief, speciaal voor deze bundel heeft geschreven:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tussen ons een meer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik ken jou niet, jij kent mij niet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar plots zijn wij beiden oevers
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het meer is uitgestrekt en diep
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           je ketst een keitje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het rimpelt tot bij mij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kijk, zeg ik, daar zijn de zwanen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           buig diep, zeg jij, dan zie je
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de gezonken boot
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik buig en zie hoe mijn weerspiegeling
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           langzaam schuift in die van jou
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           waar jij eindigt en ik begin
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wordt flou. Straks gaat ieder
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           weer zijns weegs maar nog even
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zijn wij samen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           meer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het Lezerscollectief –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Even zijn wij samen meer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vrijdag, Antwerpen. 320 blz. € 29,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/vrijdagevenzijnwijsamenmeer3d-1.webp" length="28776" type="image/webp" />
      <pubDate>Tue, 02 Apr 2024 16:24:13 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/je-ketst-een-keitje-het-rimpelt-tot-bij-mij</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het lezerscollectief,Even zijn wij samen meer,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/vrijdagevenzijnwijsamenmeer3d-1.webp">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/vrijdagevenzijnwijsamenmeer3d-1.webp">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een Japanse keuken om in te blijven</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-japanse-keuken-om-in-te-blijven</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een Japanse keuken om in te blijven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Kitchen' van Banana Yoshimoto
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/DASMAG_Banana_Kitchen_Mockup-600x600.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Als je eens kennis wilt maken met de Japanse literatuur, is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kitchen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Banana Yoshimoto een mooie keuze. Het boek is al in 1988 uitgegeven en vervolgens ook wereldwijd verkocht, maar kennelijk is het in Nederland nooit helemaal aangeslagen. Er is nu een prachtige nieuwe vertaling door Maarten Liebregts. ‘Van alle plekken van de wereld houd ik denk ik het meest van de keuken,’ is de openingszin. Zelfs als je geen enkele aantrekkingskracht tot de keuken voelt, word je vanaf de eerste bladzijde onherroepelijk meegetrokken in het verhaal van Mikage, die het liefst in keukens slaapt en daar tot rust komt. Je voelt het verdriet, de eenzaamheid en de kracht om te overleven tussen de regels door. Het is zo’n boek waar je niet uit wilt vertrekken. Naast
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kitchen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is ook de novelle
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Moonlight shadow
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            in de bundel opgenomen, dat al net zo’n betoverende gelaagdheid bevat.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kitchen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            heeft Mikage net haar grootmoeder verloren bij wie ze woonde. Nu heeft ze geen familie meer en trekt in bij een jonge vriend van haar grootmoeder, die ze kende via de bloemenwinkel, Yūichi, en zijn transgender moeder Eriko, die in een nachtclub werkt. Mikage slaapt op de bank en kookt allerlei maaltijden voor hen. Koken is haar grote passie. Als halverwege het verhaal ook Eriko wegvalt, zakken Yūichi en Mikage weg in grote somberheid en weten ze niet helemaal hoe ze zich tot elkaar moeten verhouden.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De noot van de vertaler, die voor in het boek is opgenomen, is interessant. Zo heeft de vertaler zijn redenen om de titel niet in het Nederlands te vertalen: ook in de Japanse versie was deze al in het Engels. Vertalen is een kunst apart, zeker als je bedenkt dat iedere taal zijn eigen, unieke mogelijkheden heeft om iets uit te drukken:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Een noemenswaardig aspect van de Japanse taal en cultuur is het subtiele verschil tussen mannen- en vrouwentaal. Eriko spreekt duidelijk in de vrouwentaal, wat onder andere naar voren komt in het gebruik van een ander woord voor ‘ik’. Afhankelijk van hoe je je profileert kun je kiezen uit een van de vele opties. Mannen kiezen vaak voor boku, het mannelijke woord voor ‘ik’ (in Kitchen gebruikt door Yūichi), of de extra masculiene versie ore (gebruikt door Sōtarō). Dan bestaat er nog het neutrale of vrouwelijke washashi, en het extra feminieme atashi. Eriko gebruikt consequent de laatste.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo besef je tijdens het lezen hoeveel betekenis er bij een vertaling verloren kan gaan en hoe prettig het is als de vertaler deze ervaringen met de lezer deelt. Hierdoor sluipt er in het lezen een behoedzaamheid en besef dat er nog zoveel onuitgesproken is en precies dat besef geeft dit werk een extra gelaagdheid, omdat er ook tussen Yūichi en Mikage zoveel onuitgesproken is. Het doet iets met de verbeelding, omdat het perspectief bij Mikage ligt en je je steeds meer afvraagt of zij alles wel scherp ziet:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik begreep heel goed hoe Yūichi zich voelde. Ik had de indruk dat ik hem begreep. Yūichi wilde op dit moment naar een plek hier ver vandaan, nog honderd keer liever dan ik dat wilde. Hij wilde in zijn eentje naar een plek waar hij nergens over hoefde na te denken. Hij wilde van alles wegvluchten, ook van mij, en waarschijnlijk was hij voorlopig niet van plan om terug te keren. Daar twijfelde ik niet aan. Ik was ervan overtuigd.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Juist omdat ze zo stellig is en een ander meisje woest is dat Mikage zo onduidelijk is over haar relatie met Yūichi, krijg je als lezer een spiegel voorgehouden: hoe vaak handelen we niet in de stellige overtuiging dat we een ander begrijpen, terwijl we er volledig naast zittten? Je vangt een glimp op van de onpeilbare diepte die er tussen twee mensen kan bestaan en waar we dagelijks overheen kijken. Het slot van het verhaal is bijzonder aandoenlijk in de poging van Mikage nader tot Yūichi te komen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Moonlight Shadow
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gaat de auteur nog een stapje verder en laat ze niet alleen zien dat mensen elkaar nooit helemaal kunnen naderen, maar dat er ook meer is tussen hemel en aarde en dat een intens verlangen en gemis de mens ook kunnen betoveren en juist de verbinding tussen hen weer kunnen herstellen. Hoe symbolisch dat deze betovering juist plaatsvindt op een brug! Het nawoord van Yoshimoto zelf is een extraatje bij al dit moois. Zij wil met haar werk de harten van mensen binnendringen en dat is precies wat er gebeurt: ‘Als de verborgen sensitiviteit van de lezer zich bevrijdt, dan is dat voor mij voldoende en vind ik dat ik mijn taak heb volbracht,’ aldus Banana Yoshimoto.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Banana Yoshimoto –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kitchen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Maarten Liebregts. Das Mag, Amsterdam. 208 blz. € 22,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/DASMAG_Banana_Kitchen_Mockup-600x600.png" length="150326" type="image/png" />
      <pubDate>Sun, 17 Mar 2024 18:32:05 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-japanse-keuken-om-in-te-blijven</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Kitchen,Banana Yoshimoto</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/DASMAG_Banana_Kitchen_Mockup-600x600.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/DASMAG_Banana_Kitchen_Mockup-600x600.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘ben ik buiten de zichtbare wereld in het gedichtsveld’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ben-ik-buiten-de-zichtbare-wereld-in-het-gedichtsveld</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘ben ik buiten de zichtbare wereld in het gedichtsveld’
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'dagtekening van liefdesvormen' van Rozalie Hirs
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/rozalie-hirs-dagtekening-cover.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Elke bundel van Rozalie Hirs is weer een nieuwe verzameling overrompelende ‘toonkunst’ in alle betekenissen van het woord. Ik heb eerst een paar weken alleen maar naar de voorkant van haar nieuwe bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dagtekening van liefdesvormen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gekeken waarop allemaal jaartallen worden ‘getoond’. Ik probeerde – tegen beter weten in – een logica te ontdekken, want na titels van haar andere bundels, zoals
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Logos
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ecologica
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           oneindige zin
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ga je vanzelf op zoek naar betekenis. Ik moet denken aan Lucebert met zijn ‘ik tracht op poëtische wijze / dat wil zeggen / eenvouds verlichte waters / de ruimte van het volledige leven / tot uitdrukking te brengen’, want dat is het bij Hirs: er is geen begrenzing, haar bundel doet zich voor als een oneindig universum, van taal weliswaar, maar al lijken letters begrensd te worden door het einde van het woord, de woorden door het einde van de regel, de regels door het einde van de bladzijde en de bladzijden door het einde van de bundel, die begrenzing is een illusie, want net als dat je door een oneindig groot landschap wandelt, kun je alle kanten op kijken en ontdek je steeds weer iets nieuws. Als je al samenhang ontdekt, dan heb je die als lezer zelf gevonden.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik wil je vertellen waarvan je bent gemaakt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           onbegonnene altijd aanwezig in het ademhalen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zo waar als wij woorden steken uit een hoge verblijfplaats
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           bijvoorbeeld van lichtende nachtwolken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           onzichtbaar voor wie slaapt toch gelikt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           door de zon juist ja klopt het even schitterend gloren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in de tijdelijke verbinding tussen hemelen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gevleugelde vlammen dagen ons vlees uit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en ons bewustzijn om pijn en groei te voelen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als schuilnaam en wachtwoord tegelijk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een wel zo compleet gemis vanbuiten geleerd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           steeds weer over te doen als je aanwezigheid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In Hirs’ poëzie kun je niet vrijblijvend rondwandelen als lezer. Je wordt in de gedichten getrokken en ziet jezelf erin rondlopen. Je bent aan het begin van het gedicht nog een onbegonnene, maar je bent al aanwezig in het ademhalen. Ben je niet net als het gedicht uit letters gemaakt, uit woorden die uit een hoge verblijfplaats steken? Steeds denk je even dat je iets ziet, dat je een glimp opvangt van een hogere samenhang, ‘in de tijdelijke verbinding tussen hemelen’. Is het dat hogere dat ons uitdaagt om ons bewust te zijn van ons ‘zijn’, of misschien meer ons voortdurende ‘worden’? We zijn aan een stuk door in beweging, in een reis door het leven. Ons bewustzijn reflecteert daarop en je probeert toegang te krijgen tot jezelf, tot de essentie, met een wachtwoord, maar soms blijkt het eerder een schuilnaam. De mens bivakkeert in het leven tussen twee enorme ruimtes van missen, van niet-zijn (van voor de geboorte en na de dood) en vlamt op in die tijdelijke aanwezigheid: ‘de schokkende mens is een blinkend wak in de geschiedenis’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Net als
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ecologica
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            roept de bundel op tot liefhebben en verbinding zoeken met de ander en de wereld om je heen. Zolang je hier bent, is er niets beters te doen dan ‘in elkaars ommezien te ademen’. Hirs’ poëzie is als een eredienst voor het leven en de aarde, waarin alle zintuigen betrokken zijn: ‘in dit tijdperk zoveel te leren / van de aarde en hoe haar woning duizendmaal mooier / boven ons vernuftig systeem uitsteekt in schoonheid’. Het lijkt alsof we het zo goed voor elkaar hebben met onze techniek, maar als je de natuur bestudeert op grote schaal, maar ook juist in die minuscule kleine delen als cellen, dan zie je dat zij zoveel ‘goddelijker is / dan wij die zo diep gezonken en steeds verder vallend / een dag laten aanbreken als kleine profeten van de natuur’.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ja, je raakt in ademnood in deze bundel, als je denkt dat je ergens moet beginnen en eindigen, want door het ontbreken van de interpunctie kun je steeds weer nieuwe verbindingen leggen, en waar houdt het dan op? Je moet zelf je grenzen bepalen en dat is zo bijzonder, want zo voelt het in het echte leven ook: de wereld doet zich grenzeloos en overrompelend aan je voor en jij moet daarin zelf je leven leiden. Toch krijg je nergens het gevoel dat je in een chaos wordt gedumpt en het zelf maar moet uitzoeken. Net als dat wolken en storm voorbijdrijven en stemmingen elkaar kunnen afwisselen, komt na ‘de traan verloren in het zichtbaar bestaande’ over de bladzijde heen:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           op zonnewarmte golven wolken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in evenwicht te midden van velden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           waar gedachten gaan in verwondering als wensen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voor het leven hoop je op iets hogers
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is onophoudelijk een samenklank van voelen, denken, waarnemen, reflecteren en ondergaan. Waarheid is ‘even schraal van lijn als werkelijkheid zich verzoent / in de omgang met smaak en twijfelachtig licht’. Het is alsof de dichter een levenskunst toont: je laten meevoeren met wat zich aandient en daarin je keuzes maken, want wat je om je heen ziet, hangt vooral af van hoe je ernaar kijkt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als lichtpuntjes verschijnen zonder voorbehoud
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           aan de horizon gruzelementen verdwijnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Door de complexe zinsbouw heffen tegenstellingen elkaar op: verschijnen de lichtpuntjes, of verdwijnen zij? Zijn de lichtpuntjes eigenlijk gruzelementen, of is het maar hoe je het wilt zien?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Samen met de dichter bevindt de lezer zich ‘buiten de zichtbare wereld / in het gedichtsveld’ en daar is het goed toeven, want je wordt overspoeld door stapels prachtige dichtregels die je niet eens altijd in hun onderlinge verband, maar ook op zichzelf kunt koesteren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Rozalie Hirs –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dagtekening van liefdesvormen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Querido, Amsterdam. 80 blz. € 22,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/rozalie-hirs-dagtekening-cover.jpeg" length="29943" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 11 Mar 2024 18:01:39 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ben-ik-buiten-de-zichtbare-wereld-in-het-gedichtsveld</guid>
      <g-custom:tags type="string">dagtekening van liefdesvormen,Rozalie Hirs,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/rozalie-hirs-dagtekening-cover.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/rozalie-hirs-dagtekening-cover.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Eindelijk vertellen waar het bloed vandaan komt dat door mijn aderen stroomt’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/eindelijk-vertellen-waar-het-bloed-vandaan-komt-dat-door-mijn-aderen-stroomt</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Eindelijk vertellen waar het bloed vandaan komt dat door mijn aderen stroomt’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Een man zonder titel' van Xavier Le Clerc
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Man+zonder+titel.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een man zonder titel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Xavier Le Clerc begint met een aangrijpend fragment van Camus uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ellende in Kabylië
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (onderdeel van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Algerijnse kronieken
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           uit 1939). Camus beschrijft kinderen die in lompen gehuld als een wolk langs open riolen waaieren. Camus dacht toen dat je daar zou kunnen wonen, net als dat je in Griekse stadjes kunt wonen, maar er was geen water, geen eten, er waren geen wegen. Camus getuigde in zijn stuk van de vreselijke hongersnood en de kinderen die met honden vochten om de inhoud van een vuilnisemmer. Rond 1939 was de kleine Kabylische Mohand-Saïd Aït-Taleb ongeveer drie jaar. Dit jochie zou zijn hele leven bang zijn voor een hondenbeet. En dan zegt Le Clerc: ‘En de reden dat ik u zijn verhaal ga vertellen is niet dat hij op een dag mijn vader zou worden.’ Vanaf dat moment is er voor de lezer geen enkele reden meer om het boek weg te leggen. Zelfs als je de laatste bladzijde hebt gelezen, blijf je nog lange tijd aan het verhaal gekluisterd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoezeer de auteur ook openlijk zijn best doet om zijn ogen droog te houden ‘en mijn hart koel, alle sentimentaliteit in mezelf verdrijven en eindelijk vertellen waar het bloed vandaan komt dat door mijn aderen stroomt’, zijn verhaal is hartverscheurend, misschien vooral omdat je door dit ene verhaal ineens beseft om hoeveel mensen dit moet gaan, toen, maar nu nog steeds, op zo veel plekken in de wereld. En dat is precies waarom heel veel mensen dit boek zouden moeten lezen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mohand-Saïd is opgegroeid in een bergdorp waar de bergbewoners niets anders te eten hadden dan kruiden en plantenwortels. Als mensen al werk hadden, dan was het slavenarbeid: tien tot twaalf uur werken voor een loon van zes tot tien frank. Mohand-Saïds vader moest uren lopen voordat hij het land van kolonisten kon ontginnen. Om tien uur ’s avonds kwam hij thuis, om drie uur in de ochtend moest hij weer op pad. Als hij wankel van de slaap geen houweel meer kon optillen, kreeg hij nog minder betaald. De gezinnen hadden slechts eens in de drie of vier dagen een klein beetje eten. De kinderen liepen tussen afval, de tyfus brak uit. Op zijn dertiende begroef Mohand-Saïd zijn vader. Daarna was hij verantwoordelijk voor het eten van zijn zusje en moeder. Ondertussen woedden zo’n zeventig bloedige aanslagen door Algerije. Als in 1962 zijn moeder is overleden, worden er gehoorzame, goed gebouwde arbeidskrachten gezocht om in Frankrijk aan het werk te gaan. Mohand-Saïd verlaat zijn zusje en het dorp.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dan zou je denken: een beter leven breekt aan in het veilige Frankrijk, maar niets is minder waar. Terwijl Mohand-Saïd inmiddels getrouwd is en een gezin met negen kinderen heeft, is er weinig aan zijn situatie veranderd: de gevaarlijke slavenarbeid is in Frankrijk voortgezet, maar dan als bankwerker bij de Société Métalurgique de Normandie. Met een gat in zijn voorhoofdsbeen, waar zich een metalen staaf in had geboord, ging hij gewoon de volgende dag weer aan het werk.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een man zonder titel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is niet alleen het intrieste verhaal van armoede en uitbuiting, maar ook een zoektocht via heel schaars materiaal naar de vader, een vader die stiller en stiller werd, maar via de vader ook naar zichzelf. De verteller herkent zijn eigen gevoeligheid in zijn vader, zoekt in de gelaatstrekken naar aanknopingspunten voor zijn eigen identiteit. Ook deze verteller is onderdeel geweest van dit uitgebuite gezin, slachtoffer van de woede-uitbarstingen van zijn vader, maar wie kan boos zijn op deze vader, die alleen maar stoïcijns dag in dag uit blijft doorwerken om zijn gezin te onderhouden? Het is onvoorstelbaar hoeveel ellende deze man heeft moeten doorstaan en hoe deze ellende doorwerkt tot in volgende generaties.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als zijn vader op een dag op de bank wordt gevonden met een leeg doosje antidepressiva, belandt hij in het ziekenhuis en daar vertrouwt hij zijn zoon toe waar het verdriet vandaan kwam: ‘de oorlog in Algerije. Hij was gemarteld geweest en vernederd. Ik heb nooit een oorlog meegemaakt. Maar na wat hij vertelde begreep ik dat je er niet volwassen van wordt. Integendeel, oorlog infantiliseert. Een soldaat heeft niet als taak om na te denken. Andere mensen bepalen wat hij doet. En als hij zich verveelt maakt de oorlog iets wreeds in hem wakker waardoor hij de afschuwelijkste dingen gaat doen, als een wreed kind dat daar misschien niet eens plezier aan beleeft maar een morbide nieuwsgierigheid wil stillen. Ja, misschien is dat wat oorlog is, wrede kinderen die zich vervelen en mannen die worden gemarteld als vliegen zonder vleugels.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een man zonder titel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            heeft een vergelijkbare boodschap als onze klassieker Max Havelaar, maar dan niet alleen over die overzeese uitbuiting en ongelijkheid, maar juist ook over die in onze directe omgeving. Uitbuiting gaat ons allemaal aan, want waar de een overvloedig te eten heeft, wordt de ander uitgebuit, en die ander, dat is net zo goed een vader, een moeder, een kind. Wat is er eigenlijk veranderd sinds de kleine Mohand-Saïd met honden vocht om een beetje eten, lijkt Le Clerc te willen zeggen, en stel je de loyaliteit van kinderen voor, tegenover hun uitgebuite vader. De subtiele vormgeving door Vleugels van dit schrijnende relaas is zo waardig: haast sprakeloos, in losse woorden, valt deze man zonder titel uit elkaar op het omslag en onderaan is daar het kruisje: op al zijn belangrijke documenten, de trotse handtekening van de analfabeet Mohand-Saïd, en voorletter van de schuilnaam van zijn zoon: Xavier Le Clerc, een schuilnaam tegen het racisme dat er ook nu nog steeds voor zorgt dat mensen met achternamen als Aït-Taleb zelden als eersten worden uitgenodigd voor een fatsoenlijk sollicitatiegesprek.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Xavier Le Clerc –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een man zonder titel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Eva Wissenburg. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk Amsterdam. 120 blz. € 23,95.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Man+zonder+titel.png" length="155472" type="image/png" />
      <pubDate>Tue, 05 Mar 2024 09:25:21 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/eindelijk-vertellen-waar-het-bloed-vandaan-komt-dat-door-mijn-aderen-stroomt</guid>
      <g-custom:tags type="string">Een  man zonder titel,essays,Xavier Le Clerc</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Man+zonder+titel.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Man+zonder+titel.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Meer dan een dagboek</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/meer-dan-een-dagboek</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Meer dan een dagboek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Een vrouw met mooie borsten' van Elte Rauch
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Elte+Rauch.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hoe kies je een boek?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een vrouw met mooie borsten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Elte Rauch koos ik vanwege de titel en de afbeelding op het omslag: een vrouw van wie je net de borsten niet ziet. Ik dacht: zo zijn borsten op hun mooist. Ik vergat de achterflap te lezen, belandde in het dagboek van Veere Wachter, en – ik zal eerlijk zijn – na de eerste paar bladzijden dacht ik: dit is precies waarom ik een aantal jaren geleden al mijn dagboeken heb versnipperd. ‘Dagboekschrijven is niet echt schrijven’, schrijft Veere ook zelf ironisch aan het eind van het boek, als de psycholoog in het ziekenhuis vraagt of ze schrijft over het verwerkingsproces. Dagboek­notities zijn van een volstrekte willekeur, zonder enige ordening of compositie, maar hoe zit dat met een fictioneel dagboek? Precies daar ligt de kracht van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een vrouw met mooie borsten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           : vanuit de waan van de dag zak je plotsklaps door de oppervlakte en beland je in een duizelingwekkende diepte. En dat heeft alles te maken met een bijzondere compositie, talloze verwijzingen naar andere literatuur en een prachtige schrijfstijl.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Veere Wachter is bijna veertig en woont samen met Krzysztof in Amsterdam. Samen met Erik doet ze redactiewerk, geeft cursussen en is vooral veel aan het netwerken. Ondertussen ontwikkelt ze een obsessie voor de jonge zangeres Janna. En dan krijgt ze te horen dat ze een ernstige vorm van borstkanker heeft. Het zijn alle ingrediënten voor een melodramatisch verhaal, maar dat is het geenszins. Het boek is opgedeeld in maanden, die elk voorafgegaan worden door prachtige motto’s van bekende auteurs, zoals T.S. Eliot, Virginia Woolf, Dylan Thomas, maar ook wat onbekendere, zoals Laurine Verweijen en Mieke van Zonneveld, die op de achtergrond mee blijven ‘zingen’ als je de dagboekfragmenten leest, waardoor deze een meer universele status krijgen. Het leven van Virginia Woolf loopt als een rode draad door het dagboek. Haar bijzondere relatie met Vita-Sackville-West is een grote inspiratiebron voor Veere in haar liefde voor Janna. Hartsvriendin Zoë bouwt haar zolderkamertje voor Veere om tot kleine ‘room of one’s own’, waar Veere rustig kan schrijven. Maar ook in de dagboekfragmenten zelf verwijst Veere voortdurend naar andere inspirerende literatuur van vroeger en nu.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het dagboek reflecteert niet alleen op complexe gevoelens van liefde (voor mannen en vrouwen), ergernis, wanhoop, angst en eenzaamheid, maar houdt ook een spiegel voor: hoe gaan wij met elkaars gevoelens om, wat maakt ons een fijne vriend, vriendin, of partner, hoe benader je iemand die een dodelijke ziekte heeft? Veere Wachter laat zien hoe bepaald, goed bedoeld gedrag kan overkomen, hoe dodelijk vermoeid je kunt zijn door alle behandelingen en hoe je tegelijkertijd ‘gewoon’ wilt blijven leven. De personages zijn uit het leven gegrepen, hoe zonderling ook, zoals de weinig spraakzame, haast verlegen chirurg Wittgenstein die met zijn hand op haar schouder vlak voor de ellendige operatie, haar bescheiden en eenvoudig intense troost biedt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Net als Rauch zelf, heeft ook Veere een bijzondere band met Engeland. Ze heeft er samengeleefd met A., met wie ze eigenlijk wel weer contact zou willen. Tussen de behandelingen door reist ze naar Engeland om weer deel te kunnen uitmaken van het stille, ruige landschap daar en de taal. Hier doet het verhaal me een beetje denken aan
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De omweg
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Gerbrand Bakker, waar de hoofdpersoon in haar ziekteproces ook naar dat Engelse landschap vlucht, om er haast letterlijk in op te gaan.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Uiteindelijk tilt de bijzondere manier van schrijven dit dagboek boven zichzelf uit: de ‘kankerachtige dromen’ die ze beschrijft, zijn kleine gruwelverhalen op zichzelf, dagboekfragmenten gaan af en toe over in poëzie, sommige uitspraken van vrienden of familie staan uit de context gerukt door elkaar, tussen kleine observaties of diepzinnige levensvragen van Veere zelf. Daarnaast zorgen de tragikomische beschrijvingen van lastige momenten in het ziekteproces ervoor dat het boek je niet makkelijk meer loslaat: de haast futuristische momenten die ze tijdens de MRI-scan beleeft, het kille aftasten van artsen en hun stagiairs op intieme plekken van haar lichaam, of het moment dat ze haar mooie haar verliest:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Op mijn verzoek heeft Krzys mijn laatste plukjes haar afgeschoren. Toen ik voor de spiegel zat, maakte hij me direct aan het lachen door een excentrieke Italiaanse kapper te spelen. Hij pakte de tondeuse en scheerde eerst de rechterkant van mijn hoofd, toen de rest. Maar hij liet een pluk midden op mijn hoofd staan. Van alle stijltjes maakten we foto’s en we moesten onbedaarlijk lachen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toen ik helemaal kaal was, ontmoetten onze ogen elkaar in de spiegel. Een andere emotie maakte zich van ons meester. Toen klikte Krzys de tondeuse weer aan en schoor zijn eigen haar af, terwijl we elkaar in de spiegel aan bleven kijken.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Schijn bedriegt. Dit dagboek is veel meer dan dagboek, zelfs als je weet dat de auteur zelf ook dit ziekteproces heeft doorgemaakt. Hoe knap heeft zij afstand genomen en dit boek tot een inspirerende en filosofische parel gemaakt, over leven en dood, over vrouw-zijn, over mens onder de mensen zijn, over ziek zijn tussen de gezonden in het leven van alledag!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Elte Rauch –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een vrouw met mooie borsten; Het dagboek van Veere Wachter
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Cossee, Amsterdam. 240 blz. €22,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Elte+Rauch.jpeg" length="57823" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 02 Mar 2024 10:43:16 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/meer-dan-een-dagboek</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Elte Rauch,Een vrouw met mooie borsten</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Elte+Rauch.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Elte+Rauch.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Maar wij blijven ondubbelzinnig mensen'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/maar-wij-blijven-ondubbelzinnig-mensen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Maar wij blijven ondubbelzinnig mensen'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De menselijke soort' van Robert Antelme
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+menselijke+soort.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Al in 1947 publiceerde Robert Antelme zijn
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           L’Espèce humaine
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , maar pas in de jaren zeventig krijgt het de aandacht die het verdient. In 2001 is het voor het eerst in het Nederlands vertaald als
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De menselijke soort
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Het is een ooggetuigenverslag van zijn ervaringen in concentratiekamp Gandersheim en vergelijkbaar met Primo Levi’s
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Is dit een mens
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , dat in dezelfde tijd is geschreven. Het is een indringend en bizar onderzoek naar de grenzen van de menselijke soort, waartoe hij, net als zijn medegevangenen, tot het einde toe blijft behoren. Hij komt daarbij tot bijzondere inzichten, die nog steeds actueel zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Anders dan Levi was Antelme geen Jood. Hij was een Franse verzetsman en werd daarom gearresteerd. Eenmaal in het kamp lijkt er weinig onderscheid te bestaan: alle gevangenen bevinden zich onderaan de hiërarchie en moeten ontkleed, uitgehongerd en vernederd worden. In het voorwoord geeft hij aan dat Gandersheim anders was dan andere kampen. Er waren geen gaskamers en er was geen crematorium. Hun commando stond niet onder leiding van politieke gevangenen, maar van strafgevangenen en dat waren dus ‘moordenaars, dieven, oplichters, sadisten en zwarthandelaren.’ De verschrikking bestond uit: ‘onduidelijkheid, volkomen gebrek aan houvast, eenzaamheid, onophoudelijke onderdrukking, langzame vernietiging’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Duidelijk is dat Antelme literaire middelen inzet om de bizarre omstandigheden te beschrijven. Zo lijkt er af en toe een zijdelingse perspectiefwissel in te sluipen, waarbij de verteller de situatie vanuit de SS’ers beschouwt, terwijl hij toch gevangene blijft:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Nu moeten we slapen. We hebben recht op slaap. De SS’ers stemmen toe, dat wil zeggen dat ze bereid zijn enkele uren lang niet onze SS’ers te zijn. Als ze morgen nog SS-materiaal willen hebben, dan moeten we slapen. Aan die noodzaak ontkomen ze niet. En wij, wij moeten kracht fabriceren. We moeten dus slapen: we hebben geen tijd te verliezen. We hebben haast. De slaap is geen vorm van rust, hij betekent niet dat we onze dagtaak tegenover de SS’ers afgemaakt hebben, maar dat we ons er door middel van een taak die slaap heet op voorbereiden volmaaktere gevangenen te zijn.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hiermee legt hij haarscherp bloot hoe de gevangenen als ‘materieel’ fungeerden in de grote machinerie van de nazi’s. Tegelijkertijd laat hij zien hoe niet alle onderdelen van deze machinerie even gehoorzaam meedraaiden. Af en toe zat er iemand tussen, die de gevangenen een hand gaf, iets vriendelijks toefluisterde, of een extra stuk brood toestak, en daarmee laat Antelme zien hoe wat ogenschijnlijk twee uitersten zijn, zich naar elkaar toe bewegen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Door herhaling en parallellisme, om maar twee stijlfiguren te noemen, roept Antelme regelmatig een bezetenheid op die zich van de gevangenen meester maakt rondom de rituelen van bijvoorbeeld het eten, het bezoek aan de ‘schijtplaats’, of het zich verweren tegen de ijzingwekkende kou:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘We zijn bijna geraamtes, vel over been. Daarbinnen leeft alleen de wil voort, een verlaten wil, maar alleen die maakt het mogelijk om vol te houden. De wil om te wachten. Te wachten tot de kou overgaat. Die tast de handen aan, de oren, alles wat aan je lichaam dood kan gaan zonder dat je sterft. De SS-kou. De wil om overeind te blijven. Je sterft toch niet rechtop. De kou zal overgaan. We moeten niet schreeuwen, in opstand komen of proberen te vluchten. We moeten van binnen inslapen, het laten gebeuren, als een foltering, daarna zullen we vrij zijn. Tot morgen, tot de soep, geduld, geduld...’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe Antelme het eten van een stuk brood beschrijft, vergeet je nooit weer. Alle zintuigen zijn erbij betrokken, omdat dit zo kostbare moment van eten zo lang mogelijk uitgerekt moet worden. Het is ook verschillend hoe gevangenen met dit schamele stuk brood omgaan: een enkeling lukt het om het een beetje te sparen. De ene kijkt naar hoe de ander langzaam op het brood kauwt, de ander kijkt daar juist van weg. Alles om het zelf te kunnen volhouden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met uiterste precies beschrijft Antelme de aftakeling van de lijven, hoe mooi en lelijk samenvallen en hoe ze onderling nauwelijks nog verschillen, terwijl de mensen thuis nog steeds naar dezelfde foto kijken, die allang niet meer op hen lijkt. De SS’ers proberen hen tot ‘Scheisse’ te reduceren, van alle uniciteit ontdaan, maar het lukt niet, omdat de kampmensen zelf des te meer het onderscheid voelen. De SS’ers hebben hen in staat gesteld ‘de meest volmaakte mens te worden, de mens die het meest doordrongen is van zijn vermogens, de onuitputtelijkheid van zijn besef en de betekenis van zijn daden, de sterkste mens.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Die onuitputtelijkheid is onwaarschijnlijk groot. Als uiteindelijk de bevrijding in zicht is, zijn de gevangenen die het overleefd hebben, niet meer dan geraamtes. Elk moment kunnen ze van uitputting neervallen, maar dan worden ze nog gedwongen helemaal te voet naar Dachau te gaan. Wat op die voettocht gebeurt, is gruwelijk: wie niet meer kan lopen, wordt eruit gepikt en terplekke gefusilleerd. De levens hangen aan een zijden draadje.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het meest ontroerende moment in het boek is wat mij betreft als Antelme voor het eerst buiten het prikkeldraad in de prachtige natuur staat en daar enkele ‘beesten’ op afstand weet. Hij stelt zich voor dat hij ze kan strelen, die volle, rijke lijven, terwijl er van hemzelf niets meer over is. Het is alsof hij al het mogelijke bederf heeft opgezogen, de dood in zijn lijf. En dan beseft hij ineens dat het de SS’ers niet is gelukt: hij zal nooit een beest kunnen worden, zelfs niet nu hij aan het randje van zijn menselijke bestaan is gekomen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Maar wij blijven ondubbelzinnig mensen, wij eindigen alleen maar als mensen. De afstand die ons scheidt van andere soorten blijft onaangetast [...] er zijn geen menselijke soorten, er is één menselijke soort. Omdat wij mensen zijn zoals zij, zullen de SS’ers uiteindelijk machteloos staan tegenover ons. Omdat ze geprobeerd hebben de eenheid van deze soort in twijfel te trekken zullen ze tenslotte verpletterd worden.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Robert Antelme –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De menselijke soort
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door P. Huigsloot. In de Walvis|Stichting kunstenaarsverzet 1942-1945, Nijmegen. 320 blz. €13,49.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+menselijke+soort.jpeg" length="4709" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 27 Feb 2024 09:06:47 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/maar-wij-blijven-ondubbelzinnig-mensen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Robert Antelme,De menselijke soort</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+menselijke+soort.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+menselijke+soort.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Nu zijn jullie de buitenlanders'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/nu-zijn-jullie-de-buitenlanders</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            'Nu zijn jullie de buitenlanders'
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Dit is mijn villa'  van Thomas Heerma van Voss
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dit+is+mijn+villa.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In de serie Literaire juweeltjes verscheen onlangs
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit is mijn villa
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Thomas Heerma van Voss. Tom, de verteller, reist met zijn zus en neefje naar Sfax in Tunesië, waar de ex van zijn zus, vader van zijn neefje, woont. Deze is na slechte ervaringen in Nederland teruggereisd naar zijn geboortegrond. Het verhaal werpt een pijnlijk licht op het verschijnsel integratie in onze samenleving.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal begint met de confrontatie tussen Sem, Toms neefje, en zijn vader Ramzy, op het moment dat ze in de aankomsthal van Sfax zijn aangekomen. De eerste reactie van Sem is: ‘Wanneer gaan we naar huis?’ De toon is meteen gezet. Terwijl Anne vindt dat Sem een goed contact met zijn vader moet onderhouden, heeft Sem daar allesbehalve behoefte aan. Ramzy doet aandoenlijk zijn best: ‘Salaam, Sem, wat ben jij groot geworden,’ roept hij, terwijl hij Sem optilt en kust. Het valt Tom op dat Ramzy dunner is geworden. Ramzy neemt hen in zijn Citroën mee naar zijn woning. Als ze door een chique buurt rijden, zegt hij bij een schitterend huis met zwembad gekscherend: ‘Dit is mijn villa.’ Helaas blijkt hij in een achterafwijkje te wonen, waar honderden ‘identieke, geelbruine bakstenen huisjes’ elkaar ondersteunen. Ze belanden in een betegelde ruimte zonder meubels. Er liggen alleen kussens op de vloer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Heerma van Voss zet de gastvrijheid van Ramzy, ondanks zijn armoede, scherp af tegen de zuurpruimachtige zuinigheid en vooroordelen van veel Nederlanders: ‘Nu zijn jullie de buitenlanders, maar ik zorg voor jullie,’ zegt hij als ze op de kussens neerstrijken. De vader van Tom en Anne had de relatie tussen Ramzy en zijn dochter vooral als een bevlieging gezien en maakte regelmatig beledigende opmerkingen. In Nederland heeft Ramzy nooit een goede baan gekregen. Overal werd hij afgewezen. Hij was alleen goed voor kleine, onderbetaalde klussen. Tom reflecteert op de paar keer dat hij zijn zwager in Nederland heeft ontmoet en moet vooral constateren dat deze zich onmogelijk welkom kan hebben gevoeld. Het is tenenkrommend hoe verwend Sem aan een stuk door denigrerende opmerkingen over zijn vader maakt, hem verbetert en laat merken dat hij zo snel mogelijk weer naar huis wil en geen enkele band wil opbouwen. Ramzy krijgt als vader geen enkele kans. Anne probeert alles te sussen en Tom is aan het schipperen tussen zijn eigen vooroordelen en neiging om Ramzy een goed gevoel te geven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ondertussen worstelt Tom in zijn hoofd met zijn eigen relatie met Sarieke. Net toen ze samen een appartement zouden betrekken, gaf Sarieke aan dat hij dat toch maar beter alleen kon doen. De manier waarop dat gaat, zou ik haast typisch voor ‘millennials’ noemen, twijfelend, verontschuldigend, maar onherroepelijk afstevenend op een onbevredigende breuk:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Toen we wakker werden zei ze het direct: ‘Dit is toch geen goed idee. Sorry, echt drieduizend keer sorry. Maar ik voel het niet meer. Ooit zie ik ons trouwen en kinderen krijgen, alleen moet ik eerst nog uitrazen ofzo. Ik wil een break.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een break – kon ze me niet tenminste met originele taal afschepen?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Anne en Tom delen hun relatieproblemen met elkaar als ze ’s avonds niet goed kunnen slapen. Anne vindt dat Ramzy erg veranderd is en herkent in hem niet meer de man op wie ze ooit is gevallen. Hij had vroeger meer humor en energie. Het lijkt of het niet zo goed met hem gaat, maar ze komen er niet achter wat er nu precies aan de hand is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Heerma van Voss zet scherp de ongemakkelijke sfeer neer die ontstaat door de kloof tussen twee culturen. Voortdurend is er sprake van wrijving en deze wrijving komt in het meesterlijke slot tot een hoogtepunt, als Tom en Ramzy elkaar, zoals in het Tunesische badhuis gebruikelijk is onder mannen, gaan wassen!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Thomas Heerma van Voss –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit is mijn villa
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Literaire juweeltjes. B for Books, Hilversum. 64 blz. €2,49.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dit+is+mijn+villa.jpeg" length="111788" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 27 Feb 2024 09:06:46 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/nu-zijn-jullie-de-buitenlanders</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Dit is mijn villa,Thomas Heerma van Voss</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dit+is+mijn+villa.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dit+is+mijn+villa.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De donkere kamer van Damokles en Het behouden huis</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-donkere-kamer-van-damokles-en-het-behouden-huis</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Maar wat ik wel geloof, dat is dat de moraal niets anders is dan een werk-hypotese van tijdelijke duur en
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            dat na de dood van de mens, elke moraal voorbij is’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De donkere kamer van Damokles' en 'Het behouden' huis door Özge Koc (leerling uit vwo 5 van Eligant Lyceum in Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hermans.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Willem Frederik Hermans maakte deel uit van de Grote Drie. Dat zijn de drie grootste schrijvers van de naoorlogse literatuur: Gerard Reve, Willem Frederik Hermans en Harry Mulisch. Hij werd geboren in Amsterdam op 1 september 1921 en overleed in Utrecht op 27 april 1995 (Literatuurgeschiedenis, z.d.). Samen met Reve, Mulisch en vele andere jonge romanschrijvers leverde hij kritiek op de eerdere generatie door middel van literatuur.  Terwijl de oudere generatie juist na de oorlog optimisme en wederopbouw wilde zien in de werken van de romanschrijvers van de nieuwe generatie, schreven schrijvers zoals Hermans juist over het tegenovergestelde: onzekerheid, pessimisme en illusieloze personages (De Roman Na de Tweede Wereldoorlog, z.d.).  Voorbeelden hiervan zijn de boeken
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De donkere kamer van Damokles
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het behouden huis
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Hermans. In het eerstgenoemde werk volgen we de hoofdpersoon Henri Osewoudt in de tijd van de Tweede Wereldoorlog. Hij wordt beschreven als een korte man die op een jongen van zeventien lijkt. Hij heeft namelijk een meisjesachtig gezicht en kan geen baard kan groeien. Een man genaamd Dorbeck, die als twee druppels water op Osewoudt lijkt, geeft hem steeds de opdracht om mensen te liquideren voor het verzet. Dan verdwijnt hij meteen elke keer en is het niet zeker wanneer Osewoudt hem weer gaat tegenkomen. Na de bevrijding wordt Osewoudt opgepakt door de Nederlandse politie, omdat hij wordt verdacht van het samenwerken met de Duitsers en probeert zijn onschuld te bewijzen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het behouden huis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gaat over een deserteur en hij besluit te wonen in een luxe verlaten huis in een klein dorpje. Een Duitse kolonel wil het huis confisqueren en de hoofdpersoon doet zich voor als de eigenaar. Ondertussen komt de hoofdpersoon de echte eigenaar tegen en vermoordt hem in de tuin. Later wurgt hij de vrouw van de eigenaar. De Russen nemen het dorpje weer over van de Duitsers en hangen de lijken van de eigenaar en zijn vrouw op. De hoofdpersoon neemt wat spullen mee en gooit vervolgens een granaat in het huis. Deze twee werken van Hermans maken een ontzettende indruk op de lezer. Hieruit volgt de onderzoeksvraag: “In hoeverre komen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De donkere kamer van Damokles
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het behouden huis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            met elkaar overeen?”
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Allereerst maakt Hermans in beide verhalen gebruik van de drieluikscompositie. Een drieluik is een compositievorm waarin het verhaal eigenlijk opgedeeld is in drie verschillende fasen. Hier geldt dat de beginsituatie vooral negatief is. In de middensituatie ontwikkelt het verhaal zich met de indruk dat het goed gaat komen. De hoofdpersoon maakt er het beste van, er is meer hoop en het lijkt allemaal goed te komen. In de eindsituatie blijkt niet alles echt te zijn. Alles gaat flink bergafwaarts en de hoofdpersoon komt ongelukkig aan zijn einde (Literatuurgeschiedenis: na de Tweede wereldoorlog (z.d.). In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De donkere kamer van Damokles
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is de beginsituatie wanneer Osewoudt de sigarenwinkel van zijn vader overneemt, die door zijn moeder is vermoord. Hij is dan getrouwd met zijn volle nicht wie hij als ontzettend lelijk beschrijft. Er is erg veel onzekerheid over de oorlog, want de Duitsers hebben het land bezet en de hele sfeer in het boek is pessimistisch en negatief. Dan volgt de middensituatie: Osewoudt voert de opdrachten van Dorbeck uit. De bevrijding is dichtbij. Hij wordt verliefd op Marianne Sondaar en er lijkt toch nog hoop te zijn ondanks de oorlog. In de eindsituatie wordt Osewoudt na de bevrijding opgepakt door de Nederlandse politie. Hij wordt verhoord en Osewoudt beseft dat hij in vele situaties is verward met Dorbeck. Marianne is verdwenen, hij heeft zijn vrouw vermoord en alle mensen met wie hij heeft samengewerkt zijn dood of verdwenen. Als dan blijkt dat Dorbeck verdwenen is en niemand ooit iets van hem gehoord heeft, begint de lezer te twijfelen. Misschien is Dorbeck helemaal niet echt en misschien is hij wel een alter ego bedacht door Osewoudt in een illusieloze wereld van ellende. Uiteindelijk gaat Osewoudt dood door neergeschoten te worden. De beginsituatie van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het behouden huis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            begint met de hoofdpersoon die al vier jaar aan het oostfront vecht. In de loopgraven is er heel veel ellende en onzekerheid. De middensituatie speelt vanaf het vinden van het huis. De hoofdpersoon heeft een veilige plek om te verblijven. De Duitsers geloven dat hij de eigenaar is en hij kan eindelijk na jaren weer douchen en voor zichzelf zorgen. Het lijkt even alsof hij geen last meer heeft van de oorlog. De eindsituatie is helaas niet zo prettig: de hoofdpersoon vermoordt de echte eigenaar en zijn vrouw. De Russen nemen daarna het dorpje weer over en er is weer overal geweld. Het huis wordt gebombardeerd en wat eerst een veilige plek was, is nu compleet verdwenen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Daarnaast bevatten allebei de werken cynische en ontluisterende hoofdpersonen. Deze personages hebben een pessimistische blik op het leven. Zij zien het leven niet meer zitten en zien een illusieloze toekomst. Er is geen geloof of liefde, maar juist heel veel onzekerheid. De personages hebben geen interesse in de politiek, cultuur of zelfontwikkeling (De Roman Na de Tweede Wereldoorlog, z.d.). Zo heeft Osewoudt in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De donkere kamer van Damokles
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            het over dat zijn oom altijd wilde dat hij ging studeren, maar hij heeft dat zelf nooit belangrijk genoeg gevonden. Als Osewoudt in Amsterdam in de universiteitsbibliotheek terechtkomt, kijkt hij naar alle studerende mensen. Hij reflecteert dan op zichzelf, daaruit blijkt ook dat hij educatie niet belangrijk vindt:‘Spijt? Hij was aan het eind van de zaal gekomen en zijn ogen gleden over de ruggen van de lezers. Waarom zou ik ook zo hebben moeten worden? dacht hij. Mogelijk was ik te dom geweest om te studeren of in elk geval niet knap genoeg om erin uit te blinken.’ (p. 89) Verder is Osewoudt ook ontzettend onzeker over zichzelf. Hij is onzeker over zijn uiterlijk en ook over zijn mannelijkheid. Hij ziet Dorbeck als een held en omdat hij zo erg op hem lijkt ziet hij zichzelf als de mislukte versie van Dorbeck. Daarom is Osewoudt ook niet zeker of Marianne echt van hem houdt. Hij is bang dat zij Dorbeck boven hem zal kiezen. Zijn vrouw, Ria, vergeleek hem met een mislukte pudding. ‘— Allicht. Jij lijkt op hem zoals een mislukte pudding lijkt op een... weet ik veel... op een pudding die wel gelukt is.’ (p. 17) Rond het einde van het verhaal praat Osewoudt met een jonge SS’er. Hij heeft een nihilistische blik op het leven. Hij noemt zichzelf een intellectueel en vindt zichzelf anders dan andere SS’ers. Hij gelooft niet in de ideeën van de SS en zegt dan het volgende: ‘Maar wat ik wel geloof, dat is dat de moraal niets anders is dan een werk-hypotese van tijdelijke duur en dat na de dood van de mens, elke moraal voorbij is.’ (p. 254). De hoofdpersoon van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het behouden huis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is ook erg cynisch. Hij heeft geen moraal meer, hij vermoordt de eigenaar en zijn vrouw en hij deserteert. Hij komt de Duitse kolonel een keer tegen en de kolonel vertelt over wat hij onder cultuur verstaat. Hij neemt als voorbeeld dat hij zich altijd om half zeven heeft geschoren ondanks in de loopgraven gezeten te hebben. Terwijl de kolonel daar gepassioneerd over vertelt, heeft de hoofdpersoon daar al helemaal geen zin in. Hij wil juist alleen zijn en niet gestoord worden. Hij geeft niks om cultuur en andere mensen. Dat is goed te zien in het volgende citaat: ‘Het kon mij niet schelen wat hij onder cultuur verstond. Het kon mij niet schelen wat hij over welk onderwerp ook dacht. Ik nam mij voor hem te vermijden, iedereen te vermijden. Waartoe zou gepraat dienen? Ik had al zó lang niet gepraat; nu ik er de gelegenheid voor kreeg, zou het mij alleen maar ongeluk kunnen brengen.’ (p. 17)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Verder zijn er verschillende vormen van symboliek in beide werken te vinden. Denk bijvoorbeeld aan een kamer; dat staat vaak voor isolatie en eenzaamheid. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De donkere kamer van Damokles
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            voelt Osewoudt zich alleen en opgesloten. Hij staat er alleen voor als de mensen om hem heen verdwijnen. Het geïsoleerde en eenzame gevoel is vaak terug te zien in het verhaal. Bijvoorbeeld wanneer hij zijn onschuld moet bewijzen en als zijn enige bewijs spoorloos blijkt te zijn, moet hij het alleen oplossen. Hij zoekt wanhopig naar die ene foto van hem en Dorbeck samen, maar tevergeefs. Het lijkt alsof hij de enige is die van zijn onschuld weet en zijn onschuld kan bewijzen. Er kan ook gezegd worden dat Osewoudt opgesloten is in zijn eigen hoofd, met niets meer dan zijn eigen gedachten. Verder staat de liefde ook symbool in het verhaal. Osewoudt houdt niet van zijn vrouw en wordt verliefd op Marianne. Hij klampt zich vast aan het idee van liefde en aan het eind verdwijnt Marianne samen met de enige hoop dat hij nog over had.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het behouden huis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            bevat ook symboliek van een kamer of huis. Het luxe huis staat voor een veilige plek om afgesloten en geïsoleerd te zijn. Terwijl het geweld buiten te horen is, is de hoofdpersoon veilig binnen in zijn eigen wereld. Hij vergelijkt zichzelf daarom ook met Robinson Crusoe en zegt geen contact met de buitenwereld te hebben. In tegenstelling tot Osewoudt wil de hoofdpersoon juist wel alleen en afgesloten zijn. Daarnaast is ook de oude man die in het afgesloten kamertje zit, geïsoleerd. Hij heeft niet echt door wat er allemaal gaande is buiten het huis en is dan ook voor de Duitsers. Als de hoofdpersoon hem vertelt dat de Russen zijn binnengevallen en vervolgens nog een briefje voor hem achterlaat, wordt de oude man toch opgehangen, omdat hij openlijk voor de Duitsers is. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Tot slot mag het duidelijk zijn dat
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De donkere kamer van Damokles
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het behouden huis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Willem Frederik Hermans nauw met elkaar overeenkomen. Zo is er in beide werken dezelfde compositievorm. In beide verhalen zijn de personages cynisch en illusieloos. Er wordt ook vaak gebruik gemaakt van symboliek in beide werken van Hermans. Hiermee kan er geconcludeerd worden dat
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De donkere kamer van Damokles
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het behouden huis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            erg met elkaar overeenkomen. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronvermelding:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hermans, W. F. (1958). D
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           e donkere kamer van Damokles
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hermans, W.F. (1952).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het behouden huis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Willem Frederik Hermans. (z.d.). Literatuurgeschiedenis. https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/willem-frederik-hermans
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De roman na de Tweede Wereldoorlog. (z.d.). Literatuurgeschiedenis.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.literatuurgeschiedenis.org/20e-eeuw/de-roman-na-de-tweede-wereldoorlog" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.literatuurgeschiedenis.org/20e-eeuw/de-roman-na-de-tweede-wereldoorlog
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Literatuurgeschiedenis: na de Tweede wereldoorlog (z.d.). Lezen voor de lijst.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.lezenvoordelijst.nl/media/2511526/literatuurgeschiedenis.pdf" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.lezenvoordelijst.nl/media/2511526/literatuurgeschiedenis.pdf
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hermans.jpeg" length="22507" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 26 Feb 2024 13:42:29 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-donkere-kamer-van-damokles-en-het-behouden-huis</guid>
      <g-custom:tags type="string">Özge Koc,essays,essays van leerlingen,essays leerlingen,De donkere kamer van Damokles,W.F. Hermans,Het behouden huis</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hermans.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hermans.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Deze hel is alleen heden. Er is geen verleden en geen toekomst; dat weet iedereen in zijn hart’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/deze-hel-is-alleen-heden-er-is-geen-verleden-en-geen-toekomst-dat-weet-iedereen-in-zijn-hart</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘Deze hel is alleen heden. Er is geen verleden en geen toekomst; dat
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           weet iedereen in zijn hart’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De nacht der girondijnen'  van J. Presser door T.P. (leerling 5 vwo Eligant Lyceum Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+nacht+der+Girondijnen.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De nacht der Girondijnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een oorlogsroman geschreven in 1957 door Jacob (Jacques) Presser. Presser is geboren op 24 februari 1899 en is overleden op 30 april 1970. Presser pleitte voor meer aandacht voor persoonlijke gebeurtenissen in de literatuur (Wikipedia-bijdragers, 2024). De titel van deze roman verwijst naar de Franse revolutie, waarin de Girondijnen een gematigde linkse politieke stroming waren. De Girondijnen hielden in de revolutie voor een korte tijd de macht in Frankrijk tot de Jakobijnen de macht grepen. Een groep Girondijnen werd hierna onthoofd en de titel verwijst naar hun laatste nacht (Visser, 2023). De titel is een metafoor voor de vervoering van Joden naar concentratiekampen zoals kamp Westerbork. De nacht der Girondijnen vertelt het verhaal van Jacques Suasso Henriques, een Joodse geschiedenisleraar die in het boek een omkeer maakt van antisemiet naar Jood. Na de inval van Duitsland heeft hij een baan aangenomen in Westerbork, waar hij de lijst van Joden op moet stellen die op de trein naar andere kampen worden vervoerd. Het boek is een deels waargebeurd verhaal, maar er zijn ook enkele details verzonnen. Jacques was net als Presser een geschiedenisleraar, maar koos in tegenstelling tot Presser het pad van samenwerking met de Duitsers. De Nederlandse literatuur van de twintigste eeuw kan worden opgedeeld in twee groepen: de boeken geschreven voor de Tweede Wereldoorlog en de boeken die na de Tweede Wereldoorlog zijn geschreven. De boeken die na de Tweede Wereldoorlog zijn geschreven blikken vaak terug op de oorlog, waarin niet alleen de gebeurtenissen centraal staan, maar ook de trauma en crisis die heerste tijdens en na de oorlog. Vaak zijn de boeken van na de Tweede Wereldoorlog ook erg cynisch geschreven. De vraag is nu: ‘in hoeverre is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De nacht der Girondijnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een voorbeeld van de literatuur in de twintigste eeuw?’
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een duidelijk voorbeeld van literatuur uit de twintigste eeuw zijn de verhalen over de Tweede Wereldoorlog. Nederland is onomkeerbaar veranderd door de oorlog en dit is te merken in de naoorlogse literatuur. De literatuur voor de oorlog richtte zich vaak op onderwerpen als nationale identiteit, het alledaagse leven, de romantiek en sociale kwesties, maar na de oorlog veranderden de normale onderwerpen naar onderwerpen zoals oorlogstrauma, de holocaust en de naoorlogse opbouw (De Roman Na de Tweede Wereldoorlog, z.d.-b). De nacht der Girondijnen is dus een duidelijk voorbeeld van de Nederlandse literatuur na de oorlog, omdat, het boek het verhaal vertelt van Jacques, een vrijwilliger in kamp Westerbork voor zijn eigen veiligheid. Hij moet de lijst van namen opstellen die op de trein naar andere kampen gaan. In dit citaat wordt het leven in kamp Westerbork beschreven:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Deze hel is alleen heden. Er is geen verleden en geen toekomst; dat weet iedereen in zijn hart. Het verleden is dood: adjectief. De toekomst is dood: substantief. Tussen die twee ligt hier en nu de smalle waterscheiding: leven. En dat leven bestaat uit de jacht op een schoenveter, uit de ruzie om een plaatsje bij de kachel, uit de vluchtige, naturalwirtschaftliche ontmoeting met een vrouw, uit ondraaglijke eenzaamheid in ondraaglijke volte. Om te stijgen, elke week opnieuw, tot die allerhevigste, die onzegbaar gruwelijke verschrikking van die ene nacht, die nacht vóór het transport: die apocalyptische neerstorting, aldoor weer opnieuw, van honderden mensen in ondergang en dood.’ (De nacht der Girondijnen, 1957, p. 44)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het citaat begint met de beschrijving ‘deze hel is het heden’ dit wijst op de tegenwoordigheid van het lijden en de ellende in het kamp. Daarna wordt beschreven dat er geen hoop en betekenis is buiten het heden. Het citaat beschrijft hierna het dagelijks leven: de jacht op een schoenveter, de strijd om een plek bij de kachel, de vluchtige ontmoeting en de ondragelijke eenzaamheid te midden van een menigte. Dit alles komt samen in de laatste nacht voor het transport waarin ze worden geconfronteerd met hun lot. De nacht der Girondijnen beeldt Westerbork uit in al zijn gruwelijkheid. Dit past erg goed bij de literatuur van de twintigste eeuw na de oorlog, omdat de holocaust een belangrijk aspect was van de literatuur in die tijd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Naast de verhalen over hoe de oorlog verliep zijn ook de effecten van de oorlog op de burgers terugkomende aspecten van de naoorlogse literatuur (De Tweede Wereldoorlog in de Literatuur, z.d.-b). Het effect dat de oorlog had op Jacques komt duidelijk terug in De nacht der Girondijnen. Het boek is geschreven in het ik-perspectief en bevat ook de gedachten en gevoelens van Jacques. Het is duidelijk dat Jacques zich erg schuldig voelt over zijn daden als lid van de zogenaamde joodse SS. Dit is al helemaal duidelijk in dit citaat: ‘ik voel me nu, nù, wee om mijn maag, als ik aan ons, aan mij, terugdenk.’ (De nacht der Girondijnen, 1957, p. 31). Dit wordt gezegd direct nadat Jacques de joodse SS beschrijft. Hierin is dus duidelijk te zien dat hij spijt heeft van wat hij heeft gedaan. Niet alleen heeft hij spijt van wat hij heeft gedaan, maar ook is er duidelijke ontwikkeling te lezen in zijn geloof. Hij ontmoet namelijk een gevangene genaamd Jeremia Hirsch terwijl hij als spion bezig is voor de zogenaamde ‘ongekroonde koning’ van Westerbork en leider van de joodse SS Siegfried Israël Cohn. Jacques heeft na deze ontmoeting veel eerlijke en diepe gesprekken met Hirsch. Hij ziet Hirsch als een rabbijn en zegt later dat hij door Hirsch meer jood is geworden. Dit is te zien in dit citaat: ‘Niet eens filosemiet voel ik me door de rebbe geworden, hoogstens wat minder antisemiet, maar ongetwijfeld wat meer Jood, al weet de droes ook, wat dat betekent.’ (De nacht der Girondijnen, 1957, p. 52). Het is duidelijk dat de oorlog Jacques heeft veranderd, maar dit wordt het best bevestigd in het op één na laatste hoofdstuk, waarin Jacques Cohn aanvliegt, omdat Cohn een boek van Hirsch wegschopte. Hij wist dat dit het einde van zijn werk in Westerbork zou betekenen, maar desalniettemin deed hij dit. Het vertelt dus niet alleen het verhaal van de oorlog zelf, maar ook hoe de oorlog Jacques heeft aangetast. Jacques begon als een antisemiet die niks met het jodendom had en een baan aan nam in Westerbork om zijn lot als jood te ontvluchten, maar aan het eind van het verhaal bleek dat hij spijt had en dat hij een betere band had gekregen met zijn geloof. Dit alles past goed bij de literatuur van de twintigste eeuw, omdat de psychologische effecten van de oorlog worden weergegeven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Al met al is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De nacht der Girondijnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een goed voorbeeld voor de literatuur van de twintigste eeuw. De manier waarop de oorlog wordt uitgebeeld is niet gebonden tot alleen het beschrijven van de gebeurtenissen, maar ook het tonen van de trauma en psychologische effecten die de oorlog met zich mee heeft gebracht. Dit is te zien aan de beschrijving van het kamp Westerbork en de ontwikkeling van Jacques als jood.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Visser, Y. (2023, 12 april). Girondijnen (brissotins) - Politieke groepering tijdens de Franse Revolutie. Historiek.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://historiek.net/girondijnen-brissotins-politieke-groepering-tijdens-de-franse-revolutie/77835/" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://historiek.net/girondijnen-brissotins-politieke-groepering-tijdens-de-franse-revolutie/77835/
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           J. Presser, De nacht der Girondijnen. Vereeniging ter Bevordering van de Belangen des Boekhandels, z.p. [Amsterdam] 1957
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            DBNL. (1957). [I], De nacht der Girondijnen, J. Presser - DBNL.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.dbnl.org/tekst/pres003nach01_01/pres003nach01_01_0002.php" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.dbnl.org/tekst/pres003nach01_01/pres003nach01_01_0002.php
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De Tweede Wereldoorlog in de literatuur. (z.d.). Literatuurgeschiedenis.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.literatuurgeschiedenis.org/20e-eeuw/de-tweede-wereldoorlog-in-de-literatuur" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.literatuurgeschiedenis.org/20e-eeuw/de-tweede-wereldoorlog-in-de-literatuur
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De roman na de Tweede Wereldoorlog. (z.d.). Literatuurgeschiedenis.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.literatuurgeschiedenis.org/20e-eeuw/de-roman-na-de-tweede-wereldoorlog" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.literatuurgeschiedenis.org/20e-eeuw/de-roman-na-de-tweede-wereldoorlog
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wikipedia-bijdragers. (2024, 13 januari). Jacques Presser. Wikipedia.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://nl.wikipedia.org/wiki/Jacques_Presser" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://nl.wikipedia.org/wiki/Jacques_Presser
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+nacht+der+Girondijnen.jpeg" length="327113" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 25 Feb 2024 19:19:56 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/deze-hel-is-alleen-heden-er-is-geen-verleden-en-geen-toekomst-dat-weet-iedereen-in-zijn-hart</guid>
      <g-custom:tags type="string">J.Presser,essays,De nacht der girondijnen,essays van leerlingen,essays leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+nacht+der+Girondijnen.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+nacht+der+Girondijnen.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Er zijn geen mogelijkheden'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/er-zijn-geen-mogelijkheden</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Er zijn geen mogelijkheden'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een uitspraak van toen of nu?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De hond in het lege huis' van A. Koolhaas door Noortje van der Poort (leerling vwo 5 Eligant Lyceum in Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+hond+in+het+lege+huis.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een op de zeven volwassenen voelt zich wel eens eenzaam en maar liefst een op de vier jongeren (Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, 2024). Ongeveer een kwart van de Nederlandse bevolking krijgt in zijn of haar leven te maken met een depressie en in 2020 pleegde zelfs 1.823 mensen zelfmoord (Castagna, 2022). En toch lukt het ons in Nederland niet om voldoende hulp te bieden. Regelmatig staan nieuwssites vol met koppen als “Lange wachtlijsten voor psychologen 'veelkoppig monster'” en “Gebrek aan stageplekken voor psychologiestudenten brengt geestelijke gezondheidszorg in het nauw”. Echter, deze problematiek is niet nieuw.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             In het boek
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De hond in het lege huis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            brengt A. Koolhaas de mentale gezondheid van zijn hoofdpersoon Paul aan de orde. Hij voelt zich eenzaam, verlaten en weet niet meer wat het leven hem nog te bieden heeft. Koolhaas neemt de lezer mee in de gedachtes en gevoelens van Paul. Je zou hierdoor haast denken dat dit boek nog helemaal niet zo oud kan zijn; hoe kan het anders zo actueel zijn? Echter, De hond in het lege huis is al geschreven in 1964 en Koolhaas is al een behoorlijke tijd dood. Waarom De hond in het lege huis zo goed aansluit bij deze actuele problemen leest u in dit artikel.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Anton Koolhaas leefde van 1912 tot 1992. Hoewel zijn vader hem niet steunde, had Koolhaas al sinds jongs af aan een passie voor schrijven. Op zijn zevende schreef hij zijn eerste toneelstuk. Tijdens het schrijven had hij het gevoel te verdwijnen in een soort fantasiewereld waarin hij ontsnapte uit de realiteit. Van 1931 tot 1935 studeerde hij aan de Universiteit van Utrecht, waarna hij aan de slag ging in de journalistiek. De liefde voor toneel bleef en hij begon zelfs met een aantal vrienden een toneelclub. Tijdens de oorlog werkte hij voor het NRC, maar in 1952 ging koolhaas voor een positie binnen de Stichting Culturele Samenwerking samen met zijn gezin naar Indonesië. In 1955 keerde hij terug. Ook heeft Koolhuis nog voor de filmacademie gewerkt. In al deze tijd bleef hij schrijven en heeft hij vele boeken uitgebracht, waarmee hij menig prijs gewonnen heeft (Rik, z.d.).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De hond in het lege huis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gaan de hoofdpersonages Paul en Jaqueline jaarlijks naar een afgelegen eiland waar ze een vakantiehuis hebben. Op het eiland bemoeit niemand zich met hen, behalve een hond, die ze Heer Brave hebben genoemd. De volgt hen overal waar ze gaan en gaat ook mee naar het strand, waar het koppel vaak gaat zwemmen. Jaqueline zwemt vaak zo ver weg dat ze niet meer te zien is voor Paul vanaf de kust, maar op een dag was de stroming zo sterk dat Jaqueline niet meer terugkomt. Paul raakt in diepe rouw en gaat naar huis, maar dan realiseert hij zich dat hij de hond heeft opgesloten in het vakantiehuis, maar eenmaal terug is de hond er helemaal niet. Paul heeft het gevoel dat het allemaal zinloos is en doet een zelfmoordploging, maar hij faalt. Paul probeert het leven daarna weer op te pakken, maar blijft worstelen zonder Jaqueline.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De eenzaamheid in Nederland groeit. De al in de inleiding genoemde cijfers zijn absurd. Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (2019, 18 april) geeft als definitie van eenzaamheid:  “Eenzaamheid is je niet verbonden voelen. Je ervaart een gemis aan een hechte, emotionele band met anderen. Of je hebt minder contact met andere mensen dan je wenst.” In De hond in het lege huis ervaart Paul ook het gemis van een hechte, emotionele band. Dat begint al het moment dat Jaqueline overlijdt en Paul zich radeloos voelt: “Wat moest hij doen om haar terug te brengen? Ze hadden het allebei altijd mijlen ver verworpen, als de mogelijkheid ter sprake had kunnen komen, dat de een zonder de ander zou moeten leven. Nu leefde de een zonder de ander. De ander was zonder de een, dood. Verdronken, weg.” (De hond in het lege huis, blz. 13)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op een bepaald moment mist Paul Jaqueline zo dat hij het nu van het leven niet meer in ziet. Hij was nog teruggegaan naar het huis voor Brave, maar die was er helemaal niet. Waarvoor doet hij het dan nog? Paul besluit Jaqueline achterna te gaan en gaat de zee in. Hij zwemt totdat hij niets meer ziet en zijn lichaam zo uitgeput is dat hij niet meer kan. Ondertussen denkt hij na over zijn keuze: “Het was hem vertrouwd, maar hij had het nooit zo verzadigd van zich zelf gevonden als nu. Dat hij zijn leven er in eindigde, was futiel, zoals het futiel was toen Jacqueline er in verdween. Diezelfde eenzaamheid kende ze, de wanhoop om niet naar hem terug te kunnen zonder twijfel, maar misschien ook de slotsom van lief te hebben terwijl je sterft.”(De hond in het lege huis, blz. 36) De BNNVARA schrijft in een artikel over de dood van Oud-minister Ella Vogelaar: “Mensen die zichzelf van het leven beroven, sterven niet aan een angststoornis of aan een depressie; ze sterven om te ontsnappen aan de schaamte, de wanhoop en de eenzaamheid die ze door hun problemen zijn gaan ervaren.”(“Bij Zelfdoding Regeert de Eenzaamheid - Joop - BNNVARA”, z.d.). Deze uitspraak omschrijft precies wat Paul ook ervaart en wat hem drijft tot het einde te gaan: Paul wil ontsnappen aan het leven zonder Jaqueline, hij wil naar haar toe; Hij wil zijn eenzame leven verlaten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Bovendien geeft Koolhuis in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De hond in het lege huis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            weer dat hoe slecht het ook kan lijken, er altijd nog hoop is. De hond laat zien dat een bestaan waardig is, zolang je maar veerkrachtig bent en geniet van alles wat je pakken kan. Terwijl het eiland wat droevig lijkt met het sombere hotel aan de ene kant en het versleten, beschimmelde fort aan de andere kant, weet de hond vanuit het dorp toch ieder jaar het liefhebbende stel te vinden. Zelfs na de zelfmoordpoging van Paul komt de hond blij naar hem toe: “De hond kwam hem vrolijk genoeg tegemoet en sprong met zijn harde poten nog eens tegen Pauls gehavende benen.”(De hond in het lege huis, blz. 42). Het is haast alsof de hond hiermee iets probeert te zeggen als: “kom op baas, er is nog zoveel moois te ontdekken.” Koolhaas probeert hiermee de lezer een boodschap van hoop te geven, die zowel nu als toen van groot belang is en was.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De hond in het lege huis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            beschrijft Koolhuis dus gevoelens van eenzaamheid, die goed aansluiten bij het nu. Hierdoor voelt het haast als een actueel verhaal dat net zo goed een jaar geleden geschreven had kunnen zijn. Bovendien lees je hoe zijn verwarde en eenzame gevoelens leiden tot een zelfmoordpoging van Paul, die het gevoel heeft er alleen voor te staan op deze wereld zoals velen mensen nu helaas ook ervaren. Dat er echter wel hoop is en er mooie dingen in het leven zijn, lees je ook in het verhaal, waardoor
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De hond in het lege huis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            dus een goede weerspiegeling is van de gevoelens van velen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronvermelding:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bij zelfdoding regeert de eenzaamheid - Joop - BNNVARA. (z.d.). Joop. https://www.bnnvara.nl/joop/artikelen/bij-zelfdoding-regeert-de-eenzaamheid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Castagna, G. (2022, 1 december). Cijfers depressie. Trimbos-instituut. https://www.trimbos.nl/kennis/cijfers/depressie/
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. (2019, 18 april). Wat is eenzaamheid? Over Eenzaamheid | Alles Over Eenzaamheid. https://www.eenzaam.nl/over-eenzaamheid/wat-is-eenzaamheid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. (2024, 3 januari). Aanpak eenzaamheid. Eenzaamheid | Rijksoverheid.nl. https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/eenzaamheid/aanpak-eenzaamheid#:~:text=Bijna%20de%20helft%20van%20de,mensen%20die%20zich%20eenzaam%20voelen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Rik. (z.d.). Koolhaas, Anthonie (1912-1992). https://resources.huygens.knaw.nl/bwn1880-2000/lemmata/bwn5/koolhaas
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+hond+in+het+lege+huis.jpeg" length="77576" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 25 Feb 2024 19:09:39 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/er-zijn-geen-mogelijkheden</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,essays van leerlingen,essays leerlingen,De hond in het lege huis,Anton Koolhaas</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+hond+in+het+lege+huis.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+hond+in+het+lege+huis.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De avonden: een controversieel maar evenwel typerend werk uit de naoorlogse periode</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-avonden-een-controversieel-maar-evenwel-typerend-werk-uit-de-naoorlogse-periode</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De avonden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           : een controversieel maar evenwel typerend werk uit de
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            naoorlogse periode
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De avonden' van Gerard Reve door Floor Velzel (leerling vwo 5 van het Eligant Lyceum in Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+avonden.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De avonden. Een winterverhaal
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            of kort:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De avonden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is het werk dat vermaarde schrijver Gerard Reve onder pseudoniem Simon van het Reve in 1947 als zijn debuut uitbracht. Het precieze tijdsverloop is in het boek niet duidelijk voor de lezer, maar het speelt zich af in tien dagen rond de periode van kerst en oudejaarsavond. Het boek vertelt het verhaal van hoofdpersoon Frits van Egters en er worden tien dagen, waarvan voornamelijk de avonden van desbetreffende dagen, beschreven. Frits van Egters leidt een doorsnee en kleurloos leven: hij is drieëntwintig jaar, woont bij zijn ouders, heeft een eentonige kantoorbaan en hij spreekt met zijn vrienden af gedurende enkele avonden. Je leest in het boek hoe Frits zijn tijd probeert te benutten en je ziet ook veel ergernissen van Frits: hij ergert zich onder andere aan zijn ouders en zijn kantoorbaan. Op het eind van het boek bidt Frits van Egters voor zijn ouders en krijgt hij het besef dat hij leeft.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toen het boek werd uitgebracht, volgde er een stormvloed van kritiek. Het boek was metaforisch gezien een spiegel waar men niet in durfde te kijken: het werk was volgens critici te negatief en gaf een gezinssituatie weer die niet passend was bij de ideale gezinssituatie uit de jaren veertig. Naast alle bezwaren op het werk wordt De avonden als een revolutionair werk gezien en als een aangrijpende beschrijving van de grauwheid die in Nederland in de naoorlogse periode heerste. Het boek is onbetwistbaar een werk dat veel mensen anders heeft laten denken, maar is dit boek wel typerend voor de periode waarin het geschreven is? Hierna luidt mijn onderzoeksvraag: in hoeverre is De avonden een typisch werk uit de naoorlogse literatuur?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Allereerst is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De avonden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een werk waarin existentialisme en vervreemding centraal staan. Na de oorlog heerste er in Europa een collectief gevoel van angst, onzekerheid en vervreemding. Het existentialisme in de literatuur kenmerkt zich door de tastbaarheid en droefgeestigheid van de mens te beschouwen: de mens leeft een eenzaam bestaan en met diens medemens leeft hij in conflict. Hoofdpersonen zijn vaak “anti-helden” met een allesbehalve idealistische blik op het leven. Dit stereotype komt sterk tot uiting in de hoofdpersoon van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De avonden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           : Frits van Egters is een hoofdzakelijk observerende persoon bij wie elke vorm van intellectualisme of streven naar volmaaktheid ontbreekt (DBNL, 1984): hij heeft zijn gymnasium niet afgemaakt en is vervolgens stukgelopen. Verder toont hij geen enkele interesse in zijn medemens en doet hij met enige frequentie ongevoelige uitspraak tegen diens metgezel. Zo heeft Frits in een conversatie met zijn tante Stien kanker benoemd als “een hele mooie ziekte”(p. 41). Daarnaast vinden in De avonden regelmatig conflicten tussen personages plaats. Frits kan het slecht vinden met zijn ouders en ook maakt hij vaak opmerkingen over de beginnende kaalhoofdigheid van zijn broer Joop. Een voorbeeld van een onenigheid tussen Frits en zijn ouders is een ruzie die hij met zijn vader had over de slechte hygiëne van zijn vader. Dit zegt Frits tegen een vriend van hem over het desbetreffende conflict: “Ieder schept met dat lepeltje uit de pot. Wat doet mijn vader? Hij schept de suiker er met zijn eigen dessertlepel uit. Die is dan nog ongebruikt en schoon, toegegeven, maar ik word dol, als ik het zie, ik word gek! Ik wil hup boem, tegen het plafond. Heer lieve Heiland, begrijp jij het? Of niet?” (p. 72). Naast conflicten tussen Frits en zijn gezinsleden vinden er ook onderling conflicten plaats tussen gezinsleden. Een voorbeeld hiervan is het de ruzie tussen zijn ouders na het ontbijt op tweede kerstdag: de moeder van Frits heeft met hem een discussie over de locatie van haar sleutels en zijn vader vindt dat ze te luidruchtig zijn en brult: “Dat gegrauw en gesnauw, waarvoor is dat in godsnaam nodig?” (p. 6). Vervolgens verlieten de ouders van Frits het huis los van elkaar en laten ze een grimmige stemming achter. Kortom, in De avonden zijn existentialistische kenmerken te herkennen zoals conflict tussen mens en medemens en sadistische hoofdpersonen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Daarnaast spelen ook de sociale veranderingen in Nederland een rol in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De avonden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Nederland onderging na de oorlog grote sociale veranderingen, een significante verandering is bijvoorbeeld urbanisatie. Er vond een versnelde urbanisatie plaats na de oorlog, wat leidde tot een groot woningtekort binnen de steden (Gelderland, g.d.). Deze urbanisatie wordt in De avonden afgebeeld door Frits van Egters aangezien hij met zijn vrienden in Amsterdam leeft en de drukke stad op zijn hoogtepunt meemaken. Ook is Frits van Egters drieëntwintig en woont hij nog thuis, omdat een huis vinden in Amsterdam wordt gehinderd door de urbanisatie. Ook is
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zijn modernisering en industrialisatie grote veranderingen die in de naoorlogse periode in Nederland zichtbaar werd. Verschillende sectoren werden gemoderniseerd en geïndustrialiseerd: dit omvatte onder andere de landbouw en de industrie (Bruhèze e.a., 2003). Deze modernisering en industrialisatie wordt in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De avonden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            weerspiegeld door de aanwezigheid van moderne huishoudelijke apparaten in het huis van Frits van Egters, zoals de radio en elektrische kachel, die symbool staan voor vernieuwing en moderniteit. Al met al zijn sociale veranderingen als urbanisatie en modernisatie die in Nederland plaatsvinden na de Tweede Wereldoorlog terug te zien in De avonden.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een laatste maar zeker niet minder herkenbaar aspect van de naoorlogse literatuur uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De avonden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een zoektocht naar zingeving en betekenis van het leven. Dit speelt tegen de achtergrond van het feit van het afnemend belang van religie, waar mensen voorheen hun zingeving aan ontleenden. In de tijd van de heropbouw en onzekerheid gingen mensen zoeken naar betekenis en een doel in hun leven. Zo worden er enkele metaforische motieven gebruikt in het boek die Frits zijn zoektocht naar zingeving laten zien: hij bekijkt zich vaak in de spiegel, wanneer hij oog in oog staat met zijn eigen sterfelijkheid en verval. Ook heeft Frits vaak dromen over donkere dingen als zwanen die hem doden of over verkeersongelukken. Deze dromen geven de duistere interne gevoelens van Frits weer en deze gelden als aanleiding van zijn zoektocht naar een doel in het leven. Ook heeft Frits gedurende het boek enkele existentiële uitspraken die zijn gedachteproces en zijn zoektocht illustreren. Het volgende citaat komt uit een doorsnee gesprek van Frits met zijn ouders: “Men kan weg moeten, zonder dat men ergens heen moet. Dat zijn de gevallen, dat men ergens vandaan moet.”(p. 123). Uitspraken als deze geven weer dat Frits veel meer nadenkt dan wat menigeen zal denken wanneer ze hem ontmoeten. Kort gezegd is het streven naar een doel in het leven iets wat Frits doet samen met vele anderen uit zijn tijd. Het is dus typerend voor de periode van de wederopbouw.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Concluderend,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De avonden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een boek dat typisch in het rijtje past van werken uit de naoorlogse periode zoals
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De donkere kamer van Damokles
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De tranen der acacia’s
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van Willem Frederik Hermans. Het boek bevat existentialistische elementen, referenties naar sociale verandering en een typische doelzoekende denkwijze die vele anderen in dit tijdperk hadden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De avonden
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            heeft veel mensen uit haar tijdperk uitgedaagd om anders te denken en heeft daarnaast vele andere generaties geïnspireerd om hetzelfde te doen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            DBNL. (1989). Gerard Reve De avonden, Lexicon van literaire werken, Ton Anbeek, Jaap Goedegebuure en Bart Vervaeck - DBNL.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.dbnl.org/tekst/anbe001lexi01_01/lvlw00513.php" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.dbnl.org/tekst/anbe001lexi01_01/lvlw00513.php
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Bert. (2020, January 24). Recensie van een cultklassieker: Gerard Reve – De avonden *****. Het Boekenpeleton.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://boekenpeleton.wordpress.com/2018/04/13/recensie-van-een-cultklassieker-gerard-reve-de-avonden/" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://boekenpeleton.wordpress.com/2018/04/13/recensie-van-een-cultklassieker-gerard-reve-de-avonden/
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Gevonden in Delpher - het Parool. (28 november 1947).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.delpher.nl/nl/kranten/view?query=Simon+van+het+Reve&amp;amp;coll=ddd&amp;amp;resultsidentifier=ABCDDD:010835265:mpeg21:a0187&amp;amp;page=1&amp;amp;identifier=ABCDDD:010835265:mpeg21:p007&amp;amp;cql%5B%5D=(date+_gte_+%2201-01-1946%22)&amp;amp;cql%5B%5D=(date+_lte_+%2201-01-1948%22" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.delpher.nl/nl/kranten/view?query=Simon+van+het+Reve&amp;amp;coll=ddd&amp;amp;resultsidentifier=ABCDDD:010835265:mpeg21:a0187&amp;amp;page=1&amp;amp;identifier=ABCDDD:010835265:mpeg21:p007&amp;amp;cql%5B%5D=(date+_gte_+%2201-01-1946%22)&amp;amp;cql%5B%5D=(date+_lte_+%2201-01-1948%22
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           )
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            DBNL. (1984). Existentialisme in de Nederlandse literatuur: een absurd probleem? Ton Anbeek, Literatuur. Jaargang 1 - DBNL.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.dbnl.org/tekst/_lit003198401_01/_lit003198401_01_0002.php" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.dbnl.org/tekst/_lit003198401_01/_lit003198401_01_0002.php
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Gelderland, E. (g.d.). Woningbouw en urbanisatie | Mijn Gelderland.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://mijngelderland.nl/inhoud/canons/lingewaard/woningbouw-en-urbanisatie" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://mijngelderland.nl/inhoud/canons/lingewaard/woningbouw-en-urbanisatie
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            DBNL. (2003). 8 Techniek, industrialisatie en de betwiste modernisering van Nederland, Techniek in Nederland in de twintigste eeuw. Deel 7. Techniek en modernisering, balans van de twintigste eeuw, A.A.A. de la Bruhèze, H.W. Lintsen, Arie Rip, J.W. Schot - DBNL.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.dbnl.org/tekst/lint011tech07_01/lint011tech07_01_0010.php" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.dbnl.org/tekst/lint011tech07_01/lint011tech07_01_0010.php
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+avonden.jpeg" length="55374" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 24 Feb 2024 20:00:06 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-avonden-een-controversieel-maar-evenwel-typerend-werk-uit-de-naoorlogse-periode</guid>
      <g-custom:tags type="string">Gerard Reve,essays,De avonden,essays leerlingen,essays van leerlingen,Floor Velzer</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+avonden.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+avonden.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'terwijl hij de vlinders van de wereld weerstaat'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/terwijl-hij-de-vlinders-van-de-wereld-weerstaat</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'terwijl hij de vlinders van de wereld weerstaat'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Naglans' van Ron Elshout
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/naglans.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Soms komt je een dichtbundel ter hand die buiten je weten al een langere tijd bestond. In oktober 2023 verscheen het prachtige
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Engel van glas
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Ron Elshout, die op mij een onverge­telijke indruk maakte door zijn gedicht ‘Mei’ over de Stolpersteine van Gunter Demnig, maar al in 2006 verscheen zijn
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Naglans
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , een ontroerend mooie bundel, waarvan ik nu denk: waarom heb ik nog niet eerder van deze dichter gehoord? Elk woord, elke regel en al het wit ertussen heeft een subtiele schittering die langere tijd naglanst.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De motto’s van Lyotard en Canetti aan het begin van de bundel kondigen een stil verzet tegen de dood aan, die mij doet denken aan ‘reeks tegen de dood’ van Hans Faverey met zijn berusting en weerstand ineen. Het openingsgedicht uit de eerste afdeling van Naglans, ‘Het ongezongene’, komt letterlijk uit de stilte naar voren als het begint met:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stilst, stiller, stil, hij heeft
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ruimte gemaakt voor het werk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van zijn vingers, lippen, tong,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           mompelt boven zijn talmende
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hand, hij zal zijn als koren, nee
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een boom, geplant aan waterbeken,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die zijn vrucht geeft op zijn tijd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en welks blad niet afvalt;
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je voelt hoeveel dichters deze ‘psalmist de dichter’, zoals het gedicht heet, zijn voorgegaan en dat iedere dichter zijn eigen weg over die eerste witte bladzijde zal afleggen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net als Favereys poëzie hangt die van Elshout dicht tegen de filosofie aan, waarin steeds die basale vraag naar onze oorsprong, ons wezen opduikt, niet alleen in thematiek, maar ook in de vorm, alsof elk gedicht behalve als een verwijzing naar de wereld buiten het gedicht ook verschijnt als muziek, als een verbreking van de stilte, als een ‘zijn’ te midden van alles wat er niet is en een weerspiegeling van het gedicht zelf. Zo reflecteert het gedicht ‘Groeve’ op het verschijnsel van een groeve, waar marmer wordt uitgehakt, waardoor je je afvraagt wat de essentie van de groeve is: wat er gewonnen wordt, of de holte die ontstaat. Hetzelfde geldt in zekere zin voor het gedicht dat uit de stilte wordt gehouwen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is of de bundel tot een behoedzaamheid aanzet. Als vanzelf houd je je pas in en kijk je in stille verwondering om je heen alsof er zo maar iets breken kan. De afdelingen hebben fragiele namen: naast ‘Het ongezongene’ zijn er ‘Naglans’, ‘Craquelé’, ‘Aanrakingen’ en ‘Beginselen’. Wat er is, kan er ook zomaar ineens niet meer zijn. Er zijn korte ontmoetingen met het werk van andere kunstenaars: in ‘Pithoi’ vind je in de aarden vaas die nog de hand herbergt van wie hem vormde, een verwijzing naar het werk van Faverey. Er zijn meerdere verwijzingen naar Kouwenaar, Maurice Gilliams, maar ook naar beeldende kunstenaars als Matisse en Renoir.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De mooiste afdeling vind ik ‘Naglans’ waarin ik een bespiegeling lees op het verlies van een dierbare. Hieruit zou ik zoveel moois willen citeren. Je voelt de innerlijke noodzaak achter de woorden en tegelijkertijd is het geschrevene universeel:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat ik, in de nabijheid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van je huid, nalaat,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           is niet meer dan de zuivere
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gedaante van de herinnering,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de tastende hand, het gezicht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat zijn voltooiing nadert.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoewel zelfs een chromosoom
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           spelbaar is, schuilt de macht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van de terugkeer alleen in het
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           woord – vlinder cocon rups - .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nu je schaduw samenvalt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           met wie hem wierp, schudt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           iemand wat woorden uit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           over het leven en dat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           is het dan: ‘Nee, niet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           vergeten, maar niet te bereiken.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ik worstelt met het naderen van de overledene, het lichaam waaruit het leven is vertrokken, maar dat toch langzaam verandert en herinneringen oproept. Dan volgt de rouw, gepaard met angst voor het vergeten: ‘Vaak wist ik minder dan / zijn stem’ en ‘Ik sta naast hem en grijp mis’. In ‘Grijze engel’ lijkt de kleine ik aan de hand van zijn opa de wereld te verkennen. Het gedicht loopt over van schoonheid. In aarzelende bewegingen komen grootvader en kleinzoon in al hun kwetsbaarheid uit het papier. Het zwartste landschap uit het verleden van de grootvader, ‘de kaalslag van de / akkers, de roestende rails, / zie de trage rook, / de einder van prikkeldraad’ doemt op en de ik staat ‘in al die ruimte, / met al die tijd’. Grootvader en kleinzoon lopen liefdevol maar ook vervreemdend in elkaar over:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik denk hem, mezelf, tot staan, -
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hou hem staande, terwijl hij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de vlinders van de wereld
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           weerstaat, zoals ze hem soms
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           bevleugelen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Als je
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Naglans
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            eenmaal ter hand hebt genomen, kun je alleen nog maar verlangen ernaar terug te keren, om al die mooie regels opnieuw te lezen en weer in die wonderlijke stilte te belanden, omringd door wat kwetsbaar is en er alles toe doet: ‘gemis is een ingewikkeld niets.’
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ron Elshout –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Naglans
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Wagner en Van Santen, Amsterdam. 80 blz. €15,95.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/naglans.jpg" length="32290" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 24 Feb 2024 18:54:06 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/terwijl-hij-de-vlinders-van-de-wereld-weerstaat</guid>
      <g-custom:tags type="string">Naglans,essays,Ron Elshout</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/naglans.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/naglans.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Hier is geen sprake meer van stilte'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/hier-is-geen-sprake-meer-van-stilte</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Hier is geen sprake meer van stilte'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het koude crematorium' van József Debreczeni
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Jozsef-Debreczeni-Koude-363x576.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Al in 1950 verscheen het nietsontziende ooggetuigenverslag
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het koude crematorium
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            in het relatief vrije Joegoslavië van Tito, waar de Hongaarse Debreczeni na de oorlog woonde. Door de Koude Oorlog is het boek echter wat op de achtergrond geraakt, omdat het Westen niet zo gecharmeerd was van alle lof aan het adres van het Rode Leger, en de stalinisten in het Oosten hem verweten dat hij volhield dat het expliciet Joden waren die volgens het systeem vernietigd moesten worden, in plaats van een bredere groep ‘slachtoffers van het fascisme’. Nu, ruim zeventig jaar later, wordt het boek - zeer terecht - wereldwijd vertaald. Debreczeni’s werk is naast alle andere getuigenissen van bijzondere waarde, omdat hij behalve getuige, overlevende en slachtoffer, ook een scherp analist is, die de hele ‘gruwelarchipel’ rond Auschwitz in kaart brengt, de bizarre hiërarchie binnen de kamp blootlegt en op geen enkele manier terughoudend is in de beschrijving van de gruwelen die hebben plaatsgevonden.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het boek begint met een foto waarop hij zelf staat naast zijn vrouw en zijn ouders. Van hen overleefde alleen hijzelf, de anderen zijn direct bij aankomst vermoord. Het boek is opgedragen ‘aan de geest van mijn dierbaren’. Dan volgen een foto van de auteur aan zijn bureau en een gedicht waarin hij de vraag stelt wat de mens te wachten staat als deze hel mogelijk was: ‘De schuld is gepasseerd, / Moeders moordenaar poseert / In zijn nieuwe uniform’. Er is een overzichtskaart opgenomen van de reis die Debreczeni heeft gemaakt langs verschillende kampen. In het voorwoord benadrukt Jonathan Freedland de door Debreczeni vastgelegde opmerking van een Franse medegevangene die naar de schoorstenen wijst: ‘Als iemand ooit opschrijft wat daar gebeurt, zullen ze hem voor een krankzinnige houden, of voor een perverse leugenaar.’ De auteur was niet de enige die toen al besefte dat er in de toekomst mensen zouden zijn die de Holocaust zouden ontkennen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In chronologische volgorde doet de auteur verslag van zijn reis door de verschillende kampen. Hij begint bij de lange trein met lage goederenwagons waar de gebiedende stemmen ‘Los! Los’ roepen, die het hele boek blijven doorklinken. Debreczeni gaat alle bevolkingslagen langs: van jonge vijftienjarige schoolmeisjes tot grijsaards, die een paar dagen ervoor nog in hun leunstoel met elkaar hadden gekeuveld over de zondagse maaltijd. Hij ziet de eindeloze stroom van bekenden en onbekenden langskomen. Van het ene op het andere moment bekommert niemand zich meer om de dag van morgen: ‘Wanhoop kijkt niet op de kalender en doet niet aan planeconomie. De dag van morgen gaat gehuld in een verre nevel, even ver weg als het volgende millennium, waarin de mensen misschien wel rokken of tunieken dragen, er geen concentratiekampen bestaan en onschuldigen geen straf hoeven te ondergaan.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze komen aan in Auschwitz in de beruchte rijen, links en rechts. Links is voor wie niet meer een stuk kunnen lopen. Vriendelijk vragen de SS’ers of er meer mensen naar de linker rij willen. Voor die rij zal een vrachtwagen geregeld worden. Velen maken aanstalten om over te steken. Ook József zet een stap vooruit. Dan komt er een gevangene met een lijkenkar aanrijden. Hij kijkt hen niet aan, maar blijft met gedempte stem herhalen: ‘Hier bleiben! Nur zu fuß! Nur zu fuß!’ József doet weer een stap terug. Er zijn helaas te weinig mensen die de waarschuwing van deze onbekende levensredder horen. Wie aan de linkerkant stond, heeft niemand ooit weer teruggezien.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoewel Debreczeni exact weet wie de schurken waren achter het systeem en dat ook geen moment uit het oog verliest, laat hij ook zien hoe het zijn medegevangenen zijn die vervallen in een walgelijk sadisme, weliswaar uit pure wanhoop om hun eigen zaakje te redden, maar toch. Met uiterste precisie legt hij de hiërarchie, die ingenieus op angst gebouwd is, bloot. Het komt er in feite op neer dat er een rangorde wordt bepaald onder de gevangenen zelf, waarbij ze een hogere positie kunnen bemachtigen door hun medegevangenen te onderdrukken, vernederen of verraden. Daardoor hoefden de Duitse SS’ers vrijwel alleen degene die bovenaan stond onder druk te zetten en af en toe iemand ‘zomaar’ te executeren, zodat de angst er bij iedereen goed in zat. Verder konden ze voor een groot deel afstand houden van de viezigheid binnen de muren van het kamp, waarin een soort slavenproductie aan de lopende band tot stand kwam: ‘Je duwt aan de ene kant een mens naar binnen en aan de andere kant komt er een Häftling uit rollen.’ Wie ooit bovenaan de maatschappelijke ladder stond, delft nu het onderspit. De klaplopers en criminelen zwaaien de scepter.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Debreczeni wordt naar verschillende kampen overgeplaatst. Steeds is er hoop op een verbeterde positie, maar het is alsof hij steeds dichter naar de hel schuift. Terwijl zijn lichaam gestaag aftakelt door ondervoeding en zware arbeid boven de grond, moet hij in het volgende kamp onder de grond werken waar hij elke dag ook nog slachtoffer kan worden van instortingen of andere ongelukken. Uiteindelijk belandt hij in Dörnhau, een hospitaalkamp, ook wel ‘het koude crematorium’:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Hier is geen sprake meer van stilte. Hoewel de novemberkou door het gebroken vensterglas naar binnen giert, is de stank niet te harden. De wanden ademen een verstikkende walm uit. Tussen de rijen britsen loopt een centimeters dik spoor van weerzinwekkende, gele stront. Ontklede muzelmannen waden door de adembenemende stroom.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vanaf dat moment brengt hij zijn tijd naakt door tussen de wisselende stervenden en lijken op zijn brits. De gruwelijkste ziektes breken uit en het is wachten op de dood.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het boek is bepaald niet voor tere zieltjes. Je leest niet alleen over de overlevingsdrang en veerkracht van de menselijke geest, maar ook over het afdalen in totale krankzinnigheid en het verlangen naar de dood. Op meerdere plekken laat hij zien hoe medegevangenen zich vol overgave in die dood storten, omdat het lijden niet meer te dragen is. Het is niet te bevatten, enerzijds dat mensen elkaar dit hebben kunnen aandoen, anderzijds dat enkele mensen deze niet aflatende stroom gruwelen hebben overleefd en desondanks mens zijn gebleven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            József Debreczeni –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het koude crematorium
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Arbeiderspers, Amsterdam. 248 blz. €23,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Jozsef-Debreczeni-Koude-363x576.jpeg" length="45967" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 19 Feb 2024 07:27:15 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/hier-is-geen-sprake-meer-van-stilte</guid>
      <g-custom:tags type="string">József Debreczeni,essays,Het koude crematorium</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Jozsef-Debreczeni-Koude-363x576.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Jozsef-Debreczeni-Koude-363x576.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Drie keer een vrouw en een man</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/drie-keer-een-vrouw-en-een-man</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Drie keer een man en een vrouw
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Op het allerlaatste moment' van Claire Keegan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/keegan+op+het+allerlaatste+moment.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Er zijn schrijvers die met hun dikke boeken en volle stijl de lezer overweldigen, waardoor deze sprakeloos en murw, of juist in aanbidding achterblijft. Claire Keegan lijkt precies het omgekeerde te doen. Net als in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Pleegkind
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zet ze in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op het allerlaatste moment
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            slechts in een paar streken een portret, relatie of een voorval neer. Tussen de regels door ontvouwt zich het hele verhaal en eigenlijk doet de lezer dat zelf. Keegan zet iets in gang, zelf ga je erop door. Daardoor is er een groot verschil met de wat rijker gevulde boeken in hoe je als lezer achterblijft. Als de schrijver veel heeft ingevuld, kun je als lezer terug naar het verhaal en zie je alles weer voor je. Je kunt er zelfs heimwee naar hebben. Keegans werk daarentegen blijft zich ontvouwen, lang nadat je het boek hebt dichtgeslagen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op het allerlaatste moment
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            bevat drie verhalen ‘over vrouwen en mannen’, zoals de ondertitel laat weten. Ook zonder die ondertitel is de spanning tussen vrouw en man in elk verhaal te voelen. In het titelverhaal, dat ik eigenlijk niet zo heel mooi vertaald vind (‘So Late in the Day’), reist Cathal in de bus van Dublin naar Arklow, waar hij thuiskomt in een leeg huis. Er zijn wat terugblikken, naar het werk op zijn kantoor en naar de geschiedenis met Sabine, met wie hij bijna was getrouwd. Het zou niet goed zijn als ik hier Cathal zou portretteren, want dan zou ik mijn invulling van het verhaal geven. In hoe hij terugblikt op zijn samenzijn met Sabine, en in de eenvoudige dialogen tussen hen, ontstaat een beeld van deze man. Het samen kopen van een antieke verlovingsring met een op een roodgouden band gezette diamant, verloopt wat opmerkelijk, en nadat Sabine bij hem is ingetrokken, gaat ze naast hem zitten, op de rand van het bed:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Wat zit je dwars?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Niks.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Zeg het maar,’ drong ze aan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik weet het alleen niet met die spullen, da’s alles.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Welke spullen? Mijn spullen?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Deze spullen. Al die spullen van jou. Dit allemaal.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij keek om zich heen naar de blauwe sjaal, de twee extra kussens, de paren schoenen en sandalen, waarvan hij haar de meeste nooit had zien dragen, die onder zijn ladekast uitstaken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hijzelf had alleen Nikes en maar één paar schoenen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Had je gedacht dat ik met niks zou komen?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Het is gewoon veel,’ had hij geprobeerd uit te leggen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Veel? Ik heb echt niet zoveel.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Veel tegelijk bedoel ik.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Wat had je dan gedacht?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Geen idee,’ zei hij. ‘Niet dit. Gewoon niet dit.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het tweede verhaal is een schrijfster op weg naar het Böllhuis op Achill Island, waar ze twee weken mag verblijven om te schrijven. Als ze zich nog maar net heeft geïnstalleerd, belt er al iemand op, die graag binnen wil komen. Ze heeft er helemaal geen zin in, maar staat toe dat hij in de avond langskomt. Als ze de telefoon neerlegt, ergert ze zich eraan dat de afspraak haar meteen beperkt in haar vrijheid. Ze gaat een taart bakken, nog even zwemmen, waarbij ze zich bespied voelt, vult een vaas met bloemen en wacht dan af tot de man zich weer meldt. Ook bij deze ontmoeting zit je op het puntje van je stoel en merk je hoe je steeds je eigen verwachtingen moet bijstellen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het derde verhaal begint met: ‘Elke keer dat de gelukkig getrouwde vrouw een paar dagen wegging vroeg ze zich af hoe het zou voelen om met een andere man te slapen. Dat weekend was ze vastbesloten daarachter te komen.’ Ze gaat naar de stad om kerstboodschappen te doen voor haar man en kinderen, en boekt een hotelkamer. In een café ontmoet ze een man met wie ze mee naar zijn huis gaat. Ze reageert op de badkuip op blauwe, stalen klauwpootjes met ‘Dat is nog eens een badkuip’. Hij moedigt haar aan het bad uit te proberen en gaat haar wassen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik weet wat jij nodig hebt,’ zei hij. ‘Jij hebt zorg en aandacht nodig. Er is geen vrouw ter wereld die geen zorg en aandacht nodig heeft. Blijf daar staan.’ Hij ging weg en kwam terug met een kam, en begon de klitten uit haar haar te kammen. ‘Kijk eens aan,’ zei hij. ‘Je bent een echte blondine. Je hebt blonde donshaartjes, als een perzik.’ Zijn knokkels gleden langs haar nek omlaag en volgden haar ruggengraat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De situatie is zo bizar en vervreemdend dat je als lezer begint uit te glijden over wat je aan het lezen bent. De gesprekken en situaties lijken boven zichzelf uit te stijgen, of juist gegrond te zijn in archetypes. Het verhaal rolt zich in je hoofd in steeds nieuwe richtingen uit, waardoor je bijna medeplichtig wordt aan de diepere verlangens van de vrouw of de vervreemdende handelingen van de man.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op deze ingenieuze manier trekt Keegan haar lezers het verhaal binnen en laat ze niet meer los. ‘Keegan is de godin van kleine dingen’, staat achter op het boek. Dat is precies haar kracht: ze gebruikt weldegelijk details, maar ze is er spaarzaam mee, waardoor de lezer zelf de verbindingen ertussen moet leggen, en dan blijkt Keegan niet alleen de godin van kleine dingen, maar ook van het grote, onzegbare, dat ons verontrust en ongemakkelijk maakt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Claire Keegan –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op het allerlaatste moment
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Wereldbibliotheek, Amsterdam. 112 blz. €21,24.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/keegan+op+het+allerlaatste+moment.jpeg" length="26646" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 17 Feb 2024 14:18:56 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/drie-keer-een-vrouw-en-een-man</guid>
      <g-custom:tags type="string">Claire Keegan,essays,Op het allerlaatste moment</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/keegan+op+het+allerlaatste+moment.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/keegan+op+het+allerlaatste+moment.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Hommage of nabootsing</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/hommage-of-nabootsing</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hommage of nabootsing
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Day' van Michael Cunningham
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/day.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Na zijn bestsellers
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bloedverwanten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Huis aan het einde van de wereld
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De uren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stralende dagen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bij het vallen van de avond
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is nu ook
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dag
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Michael Cunningham verschenen. Ik koos voor de Engelse editie, eigenlijk vooral vanwege de prachtige wolkenpartij op het omslag die me deed denken aan de goudgele wolken boven een geel strand van het omslag van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           To the lighthouse
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Virginia Woolf, in de beeldschone uitgave van Macmillan Collector’s Library.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dag
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gaat over drie keer één (moment van de) dag, namelijk de ochtend van 5 april 2019, de middag van 5 april 2020 en de avond van 5 april 2021. Op een subtiele manier raakt Cunningham de onverbiddelijkheid van de tijd in al haar verschijningsvormen, en net als bij
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           The hours
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            treedt hij ook hiermee in de voetsporen van Virginia Woolf, maar dan met een hommage aan haar – inderdaad! –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           To the lighthouse
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Woolf schrijft in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           A room of one’s own
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            dat vrouwelijke auteurs wezenlijk anders schrijven dan mannelijke, en dat dat vooral te maken heeft met de omgeving waar zij zich doorgaans ophouden. In Woolfs tijd was dat voor vrouwen de beslotenheid van het huis, terwijl mannen veel meer daarbuiten beleefden. Mannelijke auteurs zouden daardoor meer op grote gebeurtenissen en ontwikkelingen gericht zijn en vrouwen op de subtielere verschuivingen van stemmingen en blikken tussen personages binnenshuis. Inmiddels zijn we een hele eeuw aan emancipatie verder, maar toch was dat het eerste wat me na een paar bladzijden van Dag opviel: dat Cunningham feilloos de subtiele verschuivingen in relaties en gevoelens beschrijft en nauwelijks gebeurtenissen nodig heeft om zijn prachtige verhaal te vullen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Net als
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           To the lighthouse
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            bestaat
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dag
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            uit drie delen, gekoppeld aan drie dagen, verspreid over drie jaar. De drie momenten spelen zich ook hier hoofdzakelijk af rond een familie: Isabel en Dan, hun twee kinderen Nathan en Violet en Isabels jongere broer Robbie.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In het eerste deel ben je vooral getuige van de spanning in de relaties tussen Dan, Isabel en Robbie, omdat zowel Isabel als Dan eigenlijk heel erg ‘verliefd’ zijn op de wat excentrieke Robbie, die bij hen op zolder woont. Het huis wordt te klein en daarom vinden ze dat Robbie moet verhuizen, zodat Nathan en Violet ieder een eigen kamer zullen hebben. Wat je vooral leest, zijn de onzekere gedachten van de personages over elkaar, die in alles lijken op de ‘stream of consciousness’ van mrs. Ramsey uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           To the lighthouse
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , waarin ze enerzijds genadeloos de botheid van haar man bekritiseert en tegelijkertijd zoekt naar wat haar ooit in hem heeft aangetrokken. Dat is ook exact het strijdtoneel in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dag
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Isabel en Robbie houden er een bijzonder spel op na: ze hebben samen in hun verbeelding een oudere broer, Wolfe, gecreëerd, voor wie ze zelfs een Instagramaccount hebben aangemaakt, waarop ze foto’s posten van plekken waar hij zich zou bevinden. Dit spel spiegelt onze omgang met sociale media: wat willen wij de ander en onszelf eigenlijk graag wijsmaken? Tegelijkertijd laat deze niet-bestaande figuur ons denken over hoe wij ook van elkaar een beeld hebben dat wellicht helemaal niet klopt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In het middendeel is Robbie voor een paar weken naar IJsland afgereisd, maar door de Corona-uitbraak kan hij voorlopig niet meer terug. Hij verblijft in een kleine berghut en doet net of hij daar met Wolfe is. Isabel bevindt zich ondertussen regelmatig op de trap, met haar mobiel. Ze drijft dan in gedachten weg van haar familie en ook een beetje in de tijd, omdat ze zich voorstelt dat ze hier altijd op de trap blijft zitten, zelfs als er inmiddels al andere mensen in het huis wonen. Ook in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           To the lighthouse
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            maakt de tijd ineens zo’n enorme sprong.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het middendeel van Woolfs werk, ‘Time passes’, waarin het licht van de vuurtoren, de storm en regen vrij spel hebben in het leegstaande huis van de Ramseys, komt bijna letterlijk terug in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dag
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            als de tijd langzaam de sporen van Robbie in de berghut wist als hij daar niet meer is:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘A single square of moonlight lies on the tabletop, its upper righthand corner interrupted bij a can of Five Elephant coffee left there months ago by a German backpacker and a white plate on which someone placed a clump of moss, which has turned yellow and brittle. On one wall, a paper calendar is turned to April 2021. On another hangs a painting of the mountain – depicted as a lopsided green triangle presided over by the white smudge of a cloud – which, hung close to one of the two windows, might have been put there as a demonstration of disparity between the genuine world and various human attempts to pay homage to it.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In Woolfs verhaal maakt de oorlog slachtoffers in de familie, in Dag de Corona-epidemie. En net als zoon James Ramsey keert zoon Nathan zich in het laatste deel tegen zijn vader, terwijl hij stilletjes hoopt dat zijn moeder hem zal begrijpen. Ook zit Nathan Woolf persoonlijk wel heel dicht op de huid als hij, gekweld door diepe gevoelens van verdriet en schuld, in het donker een meer inloopt. Hij heeft geen stenen in zijn zakken, maar toch.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een schilder die een hommage brengt aan een oude meester, zal zich in techniek van hem moeten onderscheiden om op zichzelf te kunnen staan. Je kunt je afvragen hoeveel hommages Cunningham aan Woolf kan brengen zonder zijn eigenheid te verliezen. Natuurlijk is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dag
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een eenentwintigste-eeuws relaas en het is schitterend hoe de talloze verwijzingen naar
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           To the lighthouse
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            het boek verrijken, maar de vraag is of de kracht van dit verhaal niet vooral zit in dat karakteristieke van Woolfs originele werk, dat hij bijna in zijn geheel heeft overgenomen: haar stijl én die prachtige opbouw met het spel van licht en tijd.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Michael Cunninham –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dag
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Prometheus, Amsterdam. 272 blz. €23,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/day.jpeg" length="154931" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 17 Feb 2024 14:18:52 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/hommage-of-nabootsing</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Michael Cunningham,Dag,Day</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/day.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/day.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Al ging ik ook in een dal der schaduw des doods’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/al-ging-ik-ook-in-een-dal-der-schaduw-des-doods</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Al ging ik ook in een dal der schaduw des doods’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De nacht der girondijnen' van J. Presser
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+nacht+er+girondijnen.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Precies in de week dat Joep van Ruiten in het
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Dagblad van het Noorden
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            schrijft dat de CPNB voor het boekenweekgeschenk van 2025 terugkeert naar het oude idee van een wedstrijd, waarbij auteurs anoniem hun manuscript opsturen naar een vakjury, viel heel toevallig bij mij de eerste druk van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De nacht der Girondijnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van J. Presser uit de kast, toen ik een ander boek wilde pakken, waarachter het kennelijk al jaren verscholen had gelegen. Toen ik het opende, viel me op dat de naam van de auteur ontbrak. Dit was het boekenweekgeschenk uit 1957, dat destijds inderdaad als winnaar uit de wedstrijd kwam. Later zag ik achter in het boekje alle namen van de inzenders, onder wie Prof. Dr. Jacob Presser. Ik las het als zestienjarige op de middelbare school en herinnerde me slechts één beeld, dat van een overvolle trein. Verder niets. Na herlezing heb ik het meteen onder de aandacht van mijn leerlingen gebracht. Het is weliswaar een duister, maar tegelijkertijd een indringend en hartverscheurend verhaal, dat het geweten van de lezer slijpt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal begint met het motto ‘Homo homini homo’, een menselijkere variant op ‘homo homini lupus’, dat betekent dat de mens voor de (mede)mens een wolf is. De ik-persoon wil het nog één keer proberen, nu hij zelf in de strafbarak zit, ‘met de zekerheid “nach Osten abzurollen”, om nog even een pronkjuweel uit Cohns woordenschat te gebruiken.’ Hij heeft daarvoor al twee keer geprobeerd zijn verhaal te doen, maar beide keren dat kostbare papier verscheurd, omdat de som weigerde uit te komen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vanaf de eerste zin bevind je je in een gestaag voortdenderende gedachtestroom van Jacques Suasso Henriques, een Portugees- Joodse geschiedenisdocent, die in de strafbarak van Westerbork is terechtgekomen. Daarvoor gaf hij les op het Joods Gymnasium, samen met orthodoxen, vrijzinnigen, Zionisten en assimilanten, zoals hij zichzelf noemt. Hij geeft eerlijk toe dat hij helemaal niets met dat jood-zijn heeft: ‘hoe haatte ik, nog dieper, al die bij de capitulatie naar IJmuiden stuivende, doodgeschrokken, radeloze Joden, kleine voorhoede van dat eeuwenlang vluchtende, nergens voorgoed wortelende rotvolk, waartoe ik behoorde, zonder het ooit gewild te hebben’. Zijn moeder was afgewezen als lid van de NSB, ondanks haar openlijk beleden begrip voor ‘het nieuwe Duitsland’. Alleen zijn vader hechtte nog aan wat joodse rituelen. Al snel blijkt dat zijn vader niet meer leeft:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Dat puntbaardje is het laatste, wat ik van hem gezien heb; het stak omhoog, toen hij, met zijn armen en benen dwaas gespreid, op het plaveisel lag. De straat was verduisterd natuurlijk, maar zo vol blauwwit maanlicht, dat dat gekke gevalletje zelfs een kleine slagschaduw wierp, naast de zwartige bloedplas. Ze waren Moeder en hem komen halen en hij was vastbesloten geweest, rustig mee te gaan, want hem kon als Portugees niets gebeuren: had hij geen stempel? Hij moet over het dak gevlucht zijn; ze hebben in de lucht, niet op hem geschoten, zeggen ze.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De gedachten buitelen over elkaar heen en stukje bij beetje krijg je zijn geschiedenis te horen. Zijn leerling Georg Cohn bood hem een mooi baantje aan in Westerbork, onder zijn vader, de Duitse Jood Siegfried Israel Cohn, ‘een van de allerhoogste MSW-s (betekent: Macht Sich Wichtig; ik was het zelf ook een tijdlang).’ Volgens Georg was het baantje dé manier om zelf geen slachtoffer te worden. Jacques maakt dankbaar gebruik van het aanbod, maar merkt al gauw dat hij keihard moet zijn voor deze klus. Elke week komt de trein aan, en de nacht daarvoor noemt hij ‘de nacht der nachten’, waarop in alle barakken de angst toeslaat, omdat niemand weet wie er de volgende ochtend wordt aangewezen om op transport te gaan. Tussen de slachtoffers vindt hij niet alleen zijn eigen moeder – het enige wat hij voor haar kon doen, was haar een goed plaatsje bezorgen tussen de waterton en de ton voor de uitwerpselen – maar ook zijn leerlingen, onder wie het prachtige meisje Ninon de Vries, voor wie hij in de klas al een zwak had en dat hij nu eigenhandig de trein in moet tillen. Haar echte naam is Saartje, ‘als in de moppen-van-Moos’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoezeer hij ook probeert ‘wolf’ te zijn, het gaat hem steeds slechter af. Vanuit zijn hoofd wordt hij steeds door Jacob toegesproken, zijn Joodse alter-ego, die als een soort geweten lijkt te werken. In een van de barakken ontmoet hij de rebbe Jeremia Hirsch, die hem een deel van psalm 23 laat voorlezen uit een ‘klein zwart boekje’. Bij de woorden ‘Al ging ik ook in een dal der schaduw des doods’ lukt het Jacob niet meer verder te lezen. De rebbe neemt het met zachte stem over. Steeds vaker zoeken ze elkaar op voor grappen en serieuze gesprekken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze ‘stream of consciousness’, de zo typerende stijl die in meer naoorlogse literatuur opduikt, grijpt je bij de strot, omdat je je in het heetst van de strijd bevindt, midden in het geweten van een mens, die niet meer weet wat zijn eigen belang nog waard is, als hij dat van anderen al zo vaak met voeten heeft getreden. Ik heb me al die jaren afgevraagd wat het toch met die Girondijnen was, waarnaar de titel verwijst. De Girondijnen waren een gematigd linkse groepering tijdens de Franse Revolutie. Ook zij beleefden uiteindelijk hun ‘nacht der nachten’, voordat zij ter dood werden gebracht onder de guillotine. Ze hadden de eenheid van Frankrijk in gevaar gebracht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In het voorwoord staat ‘De vraag zou gesteld kunnen worden of dit onderwerp niet te somber en navrant is voor een uitgave, die als Geschenk bedoeld is. Wij zijn van mening, dat deze overweging voor dit verhaal niet mocht gelden. De novelle behandelt een drama, waarmee ons hele volk geconfronteerd is.’ Het is onbegrijpelijk dat een medewerker van deze zelfde CPNB zo veel decennia later over
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het bittere kruid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            de uitspraak doet dat dit het leesplezier van jongeren zou bederven. Ik weet wel beter: leerlingen zijn doorgaans diep onder de indruk van dit soort werken, juist omdat ze feilloos aanvoelen dat het niet zomaar een ‘leuk verhaaltje’ is.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            J. Presser –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De nacht der Girondijnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Meulenhof, Amsterdam. 96 blz. €12,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+nacht+er+girondijnen.jpeg" length="95817" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 04 Feb 2024 18:41:42 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/al-ging-ik-ook-in-een-dal-der-schaduw-des-doods</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,De nacht der girondijnen,J. Presser</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+nacht+er+girondijnen.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+nacht+er+girondijnen.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Poedersuiker op mijn schouders en mijn hoofd als een nonnenbil</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/my-post5396a8e8</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Poedersuiker op mijn schouders en mijn hoofd als een nonnenbil
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Marshmallow' van Simone Atangana Bekono
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/marsmallow.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Je kunt nog zoveel poëzie hebben gelezen, het betreden van een onbekende bundel blijft iets heiligs houden en tegelijkertijd iets onbetamelijks. Voorzichtig open je de deur, kijkt om het hoekje of de wereld er nog een beetje herkenbaar uitziet, of dat je door raadselachtige lange armen de kamer ingetrokken wordt, om daar voorlopig niet meer uit te kunnen ontsnappen. Bij het openen van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Marshmallow
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , de nieuwe dichtbundel van Simone Atangana Bekono, kwam ik eerst in een keurig voorportaal terecht waarin ik enigszins voorbereid werd: ‘Uhh,,, I am sorry I know nothing of form!!’ Dat hoeft ook niet, wilde ik het lyrisch ik toefluisteren. Je hoeft niets van vorm te weten om prachtige poëzie te schrijven, doe maar gewoon. En het was of het gedicht dat erop volgde, naar me luisterde, want het was er gewoon: ‘rauwgebeukt / en overmorst / dan voorzichtig ingepakt’. Wat een warm welkom: ‘zoet gemompel der overtreden regels / zacht gekneed vervolgens met zalf op de wond’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik houd van marshmallows, het zachte zoet waar je voor even in kunt verdwijnen. Na een poosje weet je niet meer goed wat je in je mond hebt, en voel je ook een lichte misselijkheid opkomen. Ik heb die marshmallows toch even opgezocht en zag tot mijn verrassing dat het snoepgoed in Vlaanderen ‘nonnenbil’ of ‘meiskesvlees’ wordt genoemd. Misschien had ik gewaarschuwd moeten zijn door het openingsgedicht, maar toen ik daarna ‘terra’ betrad en vervolgens ‘kamer’, struikelde ik onhandig over de drempel en lag spoedig languit op de grond in een ruimte waar ik nauwelijks nog om mij heen durfde te kijken:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zag een berg een slapende zweep
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zag een ondersteboven boom wortels graaiend
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           naar een vliegend paard met hoorns
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zag een serpent met engelengezicht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat sliertend lijf in zichzelf verstrikt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           at een vrucht met duizend pitten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wangen rood van sap klaargekomen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Waar ben je terechtgekomen? Natuurlijk kun je elk moment de kamer uitrennen, de deur achter je dichtdoen om nooit meer terug te komen, maar in de hoekjes van de taal zie je stukjes liggen die je niet zomaar meer kunt achterlaten: ‘niks kan mij behouden’ en ‘ik tekende met wat ik kende houtskool en inkt’. Het is alsof iemand in taal zichzelf bij elkaar aan het zoeken is en dan word je vanzelf uitgenodigd om mee te zoeken. Dat het niet zou meevallen, had je kunnen weten: ‘en wie was ik dan – of ik dan / ja wat? een kapot scharnier in je deur?’ Het zou kunnen dat je bij het openen van de deur al per ongeluk iemand hebt geraakt: ‘komkom / komkomkom // want ik heb niks / dus je moet komen’. Als dat geroepen wordt, kun je niet meer zomaar weggaan. Je probeert te redden wat er te redden valt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Atangana Bekono’s poëzie is overrompelend. Je belandt in de oksels of tussen de dijen van een trillend, worstelend of klaarkomend lichaam dat steeds van vorm lijkt te veranderen. Dat had je misschien niet helemaal verwacht toen je nog voor de gesloten deur stond, maar eenmaal binnen, probeer je je toch enigszins te oriënteren. Dat valt niet mee, omdat wat zich lijkt op te bouwen meteen weer afgebroken wordt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het was wel teder
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het had ook iets van gewichtheffen, direct al
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het spel was heel wreed soms ik verloor mezelf
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           men schrok van hoe het zich uitte:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat breken / wederbouwen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En is dat niet precies hoe ook het leven en de liefde zich aan ons voordoen: tegelijkertijd uitnodigend en afstotend: ‘het werd een soort waterkolken – eerst nog leuk - / toen bleef het kolken / toen kookte het over’. De grens tussen wat je nog prettig vindt en wat niet, is algauw overschreden. Probeer in deze wereld nog maar jezelf te zijn. Het lyrisch ik vraagt zich af wie of wat ze is, en wie of wat de ‘jij’ is: een ‘messy millennial woman’, een ‘monstertruck’, ‘een hond’, ‘een poederroze rivier’. In een ander gedicht wilde de ik ‘iets zijn wat nog niet bestond / midden in de wereld’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De verwarring en het wanhopige zoeken naar geruststelling komt ook tot uitdrukking in de titels ‘nomen est omen’, ‘niet goed II’ en ‘niet goed III’, terwijl er nooit een ‘niet goed I’ is geweest, ‘het is nog steeds gewoon een kamer (teruggekeerd/verbouwereerd)’. De ik probeert de jij te vinden, maar ziet niets dan een wit plafond. Sommige titels zijn gedichten op zichzelf: ‘ik heb huilend heen en weer gelopen in de javastraat maar er waren ook bloemen’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het heen en weer lopen zie je trouwens ook terug in de heen- en weergaande opmaak van de zinnen over het papier.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Die opmaak is in de hele bundel opvallend: vaak komt de tekst uit de rechterkantlijn naar voren, soms zelfs van beide kanten, of juist vanuit het midden. Het is alsof alle kanten van de kamer worden afgetast om te komen tot de kern, die ongrijpbaar blijft. Heel even moet je het ook ‘zonder kamer’ doen, waarbij het openingsgedicht ‘koop anders een emmer’ heet. Ook de klankrijkdom is opvallend en nodigt uit om hardop voor te lezen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je kunt je bed gespreid hebben, je buik gevuld, en toch doof en blind zijn voor wie je bent:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar toch vreesde ik
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat de hemel leeg was
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik een zielloze opslagplaats
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           waar karkassen en toekomstige
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           karkassen in scholen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als ik mijn hart opendeed
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           was daar alleen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een tafel, een bank, een stoel, geen bezoek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het slotgedicht spiegelt de ik wat de lezer probeert aan het eind van een vervreemdende bundel: ‘nu ga je kijken wat eruit komt’. En wat eruit komt ‘is een hele stapel hoofden’, je ‘gelooft niet wat je zag / ook jouw hoofd werd als een marshmallow’. Dat klopt wel een beetje: ‘de poedersuiker / dwarrelt / nu toch ook / op jouw schouders, hoor’. Met die poedersuiker op mijn schouders en mijn hoofd als een ‘nonnenbil’ wil ik weer terug naar de ingang om de kamers opnieuw te betreden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Simone Atangana Bekono –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Marshmallow.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De Arbeiderspers, Amsterdam. 80 blz. €18,99.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/marsmallow.jpeg" length="15061" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 28 Jan 2024 19:26:16 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/my-post5396a8e8</guid>
      <g-custom:tags type="string">Marshmallows,Simone Atangana Bekono,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/marsmallow.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/marsmallow.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een verlangen ‘om de wereld net voorbij de oever te begrijpen’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-verlangen-om-de-wereld-net-voorbij-de-oever-te-begrijpen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een verlangen ‘om de wereld net voorbij de oever te begrijpen’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Bespreking van 'Archipel 1923-2023'
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/archipel-slauerhoff-400x569.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Er zijn verschillende manieren om onze oude dichters te eren. Een bijzonder sympathiek initiatief kwam afgelopen jaar van de varende uitgeverij Hetmoet. In 1923 debuteerde Slauerhoff met zijn bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Archipel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Om het honderdjarige bestaan van deze bundel te vieren, nodigde de uitgeverij in oktober veertien verschillende kunstenaars uit om – om de beurt – met de zeiltjalk Vrijbuiter naar het kleine eiland Archipel in het Grevelingenmeer te varen, daar 24 uur door te brengen met één gedicht van Slauerhoff, en zich hierdoor te laten inspireren. Dit initiatief heeft geleid tot een fraaie, handgebonden uitgave van de veertien gedichten van Slauerhoff, aangevuld met alle eigentijdse bijdragen van deze kunstenaars.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is bij de eerste bijdrage al meteen duidelijk hoeveel er in deze eeuw is veranderd. Naast het prachtige spiegelgedicht ‘Ochtend’ van Tine Tabak naar aanleiding van het gelijknamige gedicht van Slauerhoff prijkt een kleine QR-code die je brengt naar een filmpje waarin je het gedicht niet alleen hoort voordragen, maar waarin je ook beelden ziet van het eiland en de sfeer die de kunstenaar hebben geïnspireerd. In Slauerhoffs tijd was de lezer gebonden aan het papier en de letters. Alleen de lezer zelf kon deze tekens tot een beeld in zijn hoofd maken. Die mogelijkheid is er nu nog steeds, maar zij is aangevuld met nieuwe kunstvormen in geluid en beeld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Slauerhoffs poëzie is romantisch, lijdend aan het hier en nu, vol verlangen naar ver weg en andere tijden. Juist dat maakt dit initiatief haast magisch. Zijn poëzie krijgt nu daadwerkelijk een echo in een, vanuit Slauerhoff bekeken, verre toekomst. Er komen beelden terug uit zijn poëzie van de rotsen, de wind, de storm, het eiland en de eenzaamheid, maar vanuit een moderne pen. Je zou willen dat hij even om de hoek zou kunnen kijken waar zijn prachtige bundel toe geleid heeft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Soms blijft de tekst verborgen achter een QR-code. Zo heeft Tjaka Tomas een beeldend kunstwerk gemaakt, ‘Hai Mahatu – Penuh Kasih’ bij ‘Ratanui’ van Slauerhoff. Het is alsof je door een kristal naar een kleurrijke wereld kijkt: die van het verleden, van de toekomst, van de verbeelding? Als je de code volgt, dan hoor je alleen een stem die een gedicht voordraagt, juist zonder beeld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Sommige bijdragen blijven dicht bij de wat rauwe, romantische sfeer van Slauerhoffs poëzie, maar Daan Doesborgh schreef naar aanleiding van ‘Het boegbeeld: de ziel’ een ‘Ballade voor mijn oma’, die ernstig, maar tegelijkertijd ook humoristisch begint met:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Die nacht op de boot in de Grevelingen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wilde ik de Styx over, maar ik had geen geld,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dus ik kwam wel in oma’s tuin, maar ze was niet thuis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik ruimde schalen af waar ze nét van had gegeten,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           bracht weer leven in de vijver die ze nooit heeft gehad.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als ik goed terug de tijd in luisterde hoorde ik nog net
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de klik van het slot achter haar ferme hand, een hak
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           op de stoep, klik van een tas, een beschaafde groet.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toch voel je ook hier de hang naar een andere tijd, naar de onbereikbare ander die zich verscholen houdt, terwijl alle sporen er nog zijn, die verlangen zo versterken. Daarmee blijft de dichter toch in de geest van Slauerhoff.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Broeder Dieleman roept vanaf het onbewoonde eiland naar de schipper ‘Ik heb een gedicht!’ en houdt zijn boekje omhoog als bewijs. Daarna blijkt het toch wat subtieler te liggen: ‘Het was geen af gedicht dat ik dacht gevonden te hebben. Meer een idee, een manier van denken die een blik opende.’ De tekst leidt uiteindelijk naar het ‘gevonden’ gedicht waarin de ik constateert: ‘zelfs in mij huist er nog wildernis / ben ik nog ergens pionier’. De dichter baant een ‘onaf pad tussen de bramen’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het raadselachtige uit Slauerhoffs ‘Sirenen’ krijgt een bijzondere plek in het korte verhaal ‘Runen in het zand’ van Marieke de Groot, dat vol prachtige zinnen staat, die op zichzelf al kleine gedichten zijn waar je voor een poos in kunt verdwijnen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Staan aan de waterlijn roept een verlangen bij me op om de wereld net voorbij de oever te begrijpen. Maar het water scheidt me van de pony die op de golven lijkt te staan, van de witte vogel in delen, bestaande uit één vleugel, gestrekte nek, snavelprofiel. Daarom kijk ik naar wat hier nu wel is, kies ik ervoor te geloven in alles wat zich op dit moment aan mij toont. Daarom zit ik op mijn hurken, por in het zand, laat bewonderend de amuletten van de oever door mijn vingers glijden; strengen geelbruin kelp om een mossel gewikkeld, een tengere sliert blaaswier, elegant in een oesterschelp gevleid.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De kleine verzameling kunstwerken rondom Slauerhoffs
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Archipel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           is meer dan een ode aan deze dichter, het is de uitkomst van een bijzonder creatief initiatief dat laat zien dat het geheel zo veel groter en magischer kan zijn dan de som van de afzonderlijke delen. Ook maakt zij tastbaar hoe ieder mens niet alleen een uniek spoor trekt in de relatief korte periode die hij op aarde rondloopt, maar er iets heel moois uit kan komen als dat unieke spoor van de ene kunstenaar dat van de andere raakt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wiebe Radstake en Isa Altink –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           J. Slauerhoff Archipel 1923-2023
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgever Hetmoet, Amsterdam. 56 blz. €18,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/archipel-slauerhoff-400x569.jpeg" length="43239" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 26 Jan 2024 07:27:07 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-verlangen-om-de-wereld-net-voorbij-de-oever-te-begrijpen</guid>
      <g-custom:tags type="string">J. Slauerhoff,Uitgeverij Hetmoet,essays,Archipel</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/archipel-slauerhoff-400x569.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/archipel-slauerhoff-400x569.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Door mensenhanden gemaakt en ook de mens voorstellend’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/door-mensenhanden-gemaakt-en-ook-de-mens-voorstellend</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Door mensenhanden gemaakt en ook de mens voorstellend’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Elders literair 2023-2'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Elders-literair.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het platform
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Elders literair
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            biedt een podium aan schrijvers voor wie op een of andere manier in hun werk het ‘niet hier’ een essentiële rol speelt. Dat podium is breed, want iedere kunstenaar, wellicht met uitzondering van de performancekunstenaar, trekt zich terug uit het ‘hier’ in zijn verbeelding. Hoewel ‘Elders’ misschien ver weg klinkt, is het, volgens het voorwoord in het tweede papieren nummer van 2023, soms ook dichtbij. Dit nummer gaat onder andere over rouw, melancholie, gevangenschap, rondtrekkende dromers, film en beeldende kunst. Het is fraai vormgegeven en laat inderdaad een breed scala aan tekst en beeld zien.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het begint met het mysterieuze verhaal ‘Eiland’ van Elisa Veini. Leander, die net in de haven terugkomt na zijn tweewekelijkse boodschappen op het vasteland, ontmoet een onbekend meisje dat voor hem vooral wartaal uitslaat. Stukje bij beetje komt er een verbinding tussen beiden tot stand, en niet alleen tussen hen, maar ook met hun beider verleden. Het is prettig dat er zo veel nog in te vullen valt in het verhaal en dat het daarmee een beroep doet op de verbeelding.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In ‘De metafysica van het verlangen’ brengt dichter Jonas Bruyneel de lezer naar een jongen met wangen van marmer, die zittend op het zuiltje tegen de zon in tuurt naar het halfrond van de havenkom: ‘Hij droomt landen waar steden van glas en straten uitgestrekt zijn, gepolijst en helder’. Beschrijft de dichter een marmeren beeld, of heeft hij zelf uit taal een jongen gebeeldhouwd, vol verlangen naar liefde en verbinding met de ander? Het gedicht werpt een bijzonder licht op het woord ‘metafysica’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bijzondere collages van Ilona Verhoeven brengen de kijker in werelden van foto’s waarin natuur en mens op raadselachtige wijze in elkaar schuiven, waardoor er verbindingen worden gelegd die vervreemden en aan het denken zetten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet alle teksten zijn even geslaagd. Sommige doen denken aan de schoolkrant van vroeger, waarin de schrijver misschien net iets te veel zijn best doet om een mooi verhaal te schrijven en alles invult voor de lezer, die dan zijn verbeelding niet meer nodig heeft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bijzonder is het project van Hanz Mirck met foto’s van Jeroen Taalman, ‘Tussen Binnen en buiten’, waarbij ze doordringen tot in het diepste wezen van de gevangenis. Van het project dat zeer waarschijnlijk binnenkort als geheel zal verschijnen, zijn enkele foto’s en fragmenten in dit nummer opgenomen. De fragmenten roepen een wereld op van gedachten en beelden die niet alleen de wereld van de gevangenen spiegelt, maar ook die van onszelf:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Hier is het bewijs dat ik iets goed deed. Hier staat mijn naam, dezelfde naam, een ander iemand. Door de tralies voor mijn raam zie ik hoe mijn tijd verdergaat zonder mij. Nu nog. Alleen zo kan de wereld ons langzaam vergeven. Iedere nacht wordt de afstand groter tot het moment, straks kan ik het van alle kanten bekijken.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook de foto’s zijn kleine werelden tussen ‘binnen’ en ‘buiten’ waarin vensters, deuren, en de doorkijk tussen twee benen ons een vervreemdende blik op de ruimte geven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het mooist van alle verhalen vind ik ‘Het dek’ van Arjen van Meijgaard, dat met een tekst van nog geen bladzijde lang een ruimte aan mogelijkheden in onze verbeelding bouwt door de focus op een ‘bankje zonder mensen’ op het achterdek van een schip. Zo vind ik een verhaal op z’n mooist, als wat er staat een magische verbinding aangaat met wat er niet staat. Daarvoor moet de schrijver een stapje terugdoen en niet alles geven. Misschien wel alles geven, maar dat deels omzetten in stilte, waardoor hij voor de lezer een ruimte creëert die uitnodigt tot verwondering.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Precies dat is waarom ook de ‘koppen van Frank’ van een zo wonderlijke schoonheid zijn, waarvan enkele in dit nummer staan afgedrukt. Je ziet brokken van koppen uit verschillende materialen tegen een zwarte achtergrond. De koppen hebben bijzondere structuren en de lichtval geeft bepaalde delen een accent. Je ziet hier en daar een aanzet tot een gelaatstrek, maar veelal moet je ernaar raden. Diederik Gerlach schreef er een prachtig essay bij: ‘Misschien zou je Franks koppen als meteorieten moeten beschouwen, door mensenhanden gemaakt en ook de mens voorstellend: een eenzame acteur in de tijd, een glinstering in het zwart.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Al met al biedt dit nummer van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Elders literair
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            genoeg om je enkele uren aan te laven. Dat er wat mindere teksten tussen zitten, doet niet per se af aan de kwaliteit, omdat het wonderschone er juist daardoor uitspringt. Bovendien is het tijdschrift op deze manier geen eindstation, maar biedt het een open podium voor nieuwe kunstenaars en schrijvers, die zich nog verder zullen bekwamen in het vak: werk in uitvoering waarbij de lezer en kijker voor even worden meegenomen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Elders literair 2023-2
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij In de Knipscheer, Haarlem. 68 blz. €15,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Elders-literair.jpeg" length="77834" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 16 Jan 2024 15:08:23 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/door-mensenhanden-gemaakt-en-ook-de-mens-voorstellend</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Elders literair</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Elders-literair.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Elders-literair.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Ik weet dat ze het koud heeft'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-weet-dat-ze-het-koud-heeft</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Ik weet dat ze het koud heeft'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Winterverhalen' van Ingvild H. Rishøi
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Winterverhalen-181x300.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wat is er met kou dat deze een diep gevoel van solidariteit op kan roepen? Alle drie de
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Winterverhalen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de Noorse Ingvild H. Rishøi spelen zich af in de kou. In elk verhaal lopen personages rond die door omstandigheden enigszins aan de rand van de samenleving zijn beland en het is alsof juist de schrijnende kou die niet alleen optrekt uit de sneeuw waarin de personages zich bevinden, maar ook uit hun ellendige toestand, een diep mededogen bij de lezer oproept.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het eerste verhaal, ‘We kunnen niet iedereen helpen’, gaat over een moeder met haar dochtertje van vijf, die op weg zijn naar huis. Het meisje heeft in haar broek geplast en krijgt het koud. De moeder overweegt om de bus te pakken, maar op de eerste bladzijde is al duidelijk dat ze nauwelijks geld te besteden heeft. De moeder overweegt om zwart te rijden, maar ze wil ook het goede voorbeeld geven. Tot overmaat van ramp lopen ze langs een dakloze die om geld bedelt. Als ze voorbij zijn, zegt het dochtertje tegen haar moeder dat ze de man geld moeten geven, omdat hij maar één hand heeft. De moeder kan niet weigeren, maar geeft per ongeluk een groter muntstuk dan ze van plan was en heeft daardoor niet meer genoeg geld voor de bus: ‘Nu zegt ze niets, maar ze begint wijdbeens te lopen en ik weet dat ze het koud heeft.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het tweede verhaal, ‘De goede Thomas’ wil de vader een kussen kopen voor zijn zoontje dat komt logeren. Hij is nog niet zo lang uit de gevangenis en wil het graag allemaal goed doen. In de winkel krijgt hij echter al vrij snel een paniekaanval door alle vragen van een van de medewerkers, waarop hij geen antwoord weet. Het is duidelijk dat hij door zijn tijd in de gevangenis veel is kwijtgeraakt. Stukje bij beetje kom je erachter dat alles in zijn leven steeds mislukt: ‘Mijn schoenen glijden in de sneeuw en de klok boven het kruispunt licht rood op, het is te laat, ik had nu thuis moeten zijn.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het laatste verhaal ‘Grote zus’ vlucht een meisje met haar jongere halfbroertje en -zusje uit huis om te ontkomen aan uithuisplaatsing door de instanties. Ze is bang dat ze zo haar broertje en zusje zal kwijtraken en daarom neemt ze de twee mee in haar vlucht. Ze zijn op weg naar een vakantiehuisje van een vriendin, maar de sneeuw vormt letterlijk een onoverkomelijke barrière om de veiligheid van dat huisje te bereiken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De winterverhalen zijn alle drie te zien als moderne sprookjes waarin alles mis dreigt te lopen, maar uiteindelijk toch ten goede keert, omdat er steeds iemand in de verhalen opstaat om het verschil te maken voor deze aandoenlijke figuren. De verhalen zijn spannend en tegelijkertijd meeslepend door de treurige, maar helaas ook herkenbare situaties waarin de personages zich bevinden. In klassieke sprookjes is meestal duidelijk goed van kwaad te onderscheiden. In Rishøis verhalen ligt dat allemaal wat subtieler. De personages willen het allemaal wel goed doen, maar door omstandigheden zijn ze daar niet toe in staat. Je voelt een diep mededogen met deze arme figuren die vast dreigen te lopen in de letterlijke en figuurlijke kou, en je hoopt dat het tij voor hen keert. Helemaal goed bestaat niet, helemaal kwaad net zo min. De personages zijn mensen van vlees en bloed: ‘Ik kijk naar haar. Daar is ze. Een meisje met vingerafdrukken, wervels in haar nek en oorsmeer, dat had ze allemaal toen ze geboren werd, ik was nog zo jong en ik staarde naar haar.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Rishøi is meester in de combinatie van innerlijke monologen en treffende dialogen. Zo geraak je door de monologen midden in het hoofd van respectievelijk een moeder, een vader en een grote zus, waardoor je van binnenuit ervaart waarom ze vastlopen. De moeder is bijvoorbeeld behoorlijk dwangmatig en raakt verstrikt in gedachtepatronen, waar haar dochtertje ook last van heeft: ‘Zo is ze soms. Geobsedeerd door wat ik heb gezegd. Ze is echt gek. Dat denk ik, en die gedachte heb ik eerder gehad, en daar krijg ik het vanbinnen koud van. Hoe heb ik een gek kind kunnen maken? En kan ik haar nog repareren?’ Door de dialogen krijg je een breder perspectief. Je ziet meer van een afstand wat er misgaat in hun omgeving.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Winterverhalen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een hartverwarmende, ontroerende bundel verhalen die stuk voor stuk niet alleen solidariteit oproepen met onze gemankeerde medemens, maar ons tegelijkertijd een spiegel voorhouden: we proberen met onze gebreken wat van ons leven te maken, maar daarin zijn we niet alleen, en om het een beetje warmer te krijgen, hebben we toch echt elkaar nodig.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ingvild H. Rishøi –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Winterverhalen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Liesbeth Huijer. Koppernik, Amsterdam. 176 blz. €24,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Winterverhalen-181x300.jpeg" length="12812" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 16 Jan 2024 15:03:37 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-weet-dat-ze-het-koud-heeft</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Winterverhalen,Ingvild H. Rishøi</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Winterverhalen-181x300.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Winterverhalen-181x300.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een glimp van de mens in de hel</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-glimp-van-de-mens-in-de-hel</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een glimp van de mens in de hel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Is dit een mens' van Primo Levi en 'Into eternity' van Marion von Tilzer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/into+eternity.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In 2021 vroeg Roeland Dobbelaer mij in een interview wat ik met het kwaad doe in mijn werk. Deze vraag nodigde mij uit tot nader onderzoek. De vraag impliceert immers dat het kwaad er is en dat ik mij daartoe zou moeten of kunnen verhouden. Mijn onderzoek is nog volop in gang en houdt me niet alleen bezig bij het schrijven van boeken, maar ook bij het lezen en bespreken van het werk van anderen. Zo stuitte ik op het indrukwekkende interview
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daar begint de moraal
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            met Stefan Hertmans voor het programma
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zwijgen is geen optie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Ik las boeken en essays van hem en las
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Hannah Arendt. Opvallend is dat in deze zoektocht steeds totalitaire regimes komen bovendrijven, omdat daar het kwaad kennelijk sterk gevoeld wordt. Dat het monster van de holocaust geboren kon worden binnen de waarden van onze westerse beschaving, zoals Arendt stelt, vind ik verontrustend. Dan ligt de vraag voor de hand dit kwaad niet buiten maar in onszelf te zoeken. Maar hoe zoek je naar het kwaad in jezelf? Hoe verbind je zo’n abstracte term met wat zich ten diepste in jezelf bevindt? Ik las een boek dat al een poos in mijn kast stond,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Is dit een mens
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Primo Levi, en ondertussen beluisterde ik het album
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Into eternity
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Marion von Tilzer, dat mij onlangs door een collega werd aangereikt, en hier ontstond een bizarre samenzang, een innerlijke tocht door de hel.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Levi begint zijn indringende getuigenis over de holocaust met de opmerking dat het hem niet gaat om een beschuldiging, maar om materiaal te bieden voor de overdenking van enkele eigenschappen van de mens. Hij had het ‘geluk’ dat hij pas in 1944 naar Auschwitz werd gedeporteerd, ‘dat wil zeggen nadat de Duitse regering met het oog op de groeiende schaarste aan arbeidskrachten besloten had om de gemiddelde levensduur van de voor liquidatie bestemde gevangenen te verlengen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Oostenrijkse pianist en componist Marion von Tilzer liet zich bij Into eternity inspireren door het kaartje dat de Tsjechische Vilma Grunwald in juli 1944 in Auschwitz schreef aan haar man, toen zij besloten had zich in de dodenrij voor de gaskamers te voegen waarvoor haar oudste, gehandicapte zoon was geselecteerd. Daarvoor moest zij afscheid nemen van haar geliefde man en jongste zoon, die zich beiden ook ergens in het kamp bevonden. Het kaartje is nergens beschuldigend, maar een liefdesverklaring, afscheid en oproep tot een gelukkig leven voor haar man en jongste ‘gouden jongetje’ ineen. Von Tilzer kreeg toestemming voor haar project van deze jongste zoon, die inmiddels de negentig gepasseerd is, en net als zijn vader de oorlog heeft overleefd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Levi beschrijft hoe hij na dagenlang zonder water vervoerd te zijn in een goederenwagon, uitgekleed en kaalgeschoren werd om vervolgens in de ijzige Poolse kou urenlang te wachten. Wat is nog over van deze kale, naakte mens, ontdaan van al zijn bezittingen? Sommigen keken ‘leeg’ in de verte, anderen keken elkaar bevreemd aan. Het nummer ‘The letter from Vilma Grunwald’ van Von Tilzer begint met een zacht stuiteren van de strijkstok op de snaren van de cello. Het klinkt als een ingehouden beven. Als je de uitvoering bekijkt, zie je hoe de musici in zichzelf zijn afgedaald en toch elkaar aankijken en afstemmen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De gevangenen waren op de hoogte van het bestaan van de gaskamers. Hoezeer sommigen ook een overlevingsdrang hadden, deze strekte zich slechts uit tot de directe toekomst van een paar uur, een paar dagen, een paar weken, omdat iedereen voelde dat het lichaam niet lang deze ontberingen van kou, zware lichamelijke arbeid, nauwelijks slaap en gruwelijke honger en dorst, zou kunnen weerstaan en daardoor bij een van de volgende selecties in de dodenrij zou terechtkomen. In de nummers ‘The day the light came’ en ‘Into eternity’ hoor je, het aanhoudende slagwerk van Jacobus Thiele, wisselend van achtergrond naar voorgrond, ongeacht welke prachtige melodie er ook doorheen wordt gespeeld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De honger en kou maakten een beest los in de mens. Levi heeft het over ‘fressen’ in plaats van ‘eten’. Alles werd door de ontberingen vervormd. Leven werd teruggebracht tot bizarre basale vragen over het ontoereikende stuk dagelijks brood: werd het beter verteerd als het direct werd opgegeten of juist als je er langer over deed? Ook al was er geen antwoord op deze vraag, toch werd met bewondering gekeken naar degenen die de discipline konden opbrengen om langer over hun stuk brood te doen. Er werd gestolen, handelgedreven. De moraal verschoof. Niet alleen onder de gevangenen. Levi merkt op dat normaalgesproken ter dood veroordeelden altijd de tijd krijgen om zich in alle rust voor te bereiden op de dood. Ze krijgen nog een fatsoenlijke maaltijd. Er komt een mildheid over degene die het vonnis moet voltrekken. In het kamp was die gelegenheid er niet. Mensen werden uitgehongerd en rillend van de kou de gaskamer in gedreven, zonder dat er tijd en rust was om ook maar iets te overdenken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vilma Grunwald heeft in dat korte tijdsbestek de kans gezien haar menselijke waardigheid te behouden door zelf een beslissing te nemen, een offer te brengen. Ze heeft precies de juiste bewaker gevonden die het kaartje bij haar echtgenoot wilde brengen. Dat laatste was deels geluk. Het is alsof de tijd zich hier naar binnen toe heeft uitgerekt en dat is precies wat je in de muziek van Von Tilzer hoort. Tussen het stuiteren van de stok op de snaren door klinkt een ingetogen melodie die alle tijd en rust neemt om af te dalen in het naderende afscheid, de liefde voor haar man en kinderen en de berusting in het lot. Die vertraging, zelfs in het zingen van de laatste groet en duikvlucht in de naam van de mens ‘Vilma’, voelt als een overwinning op de haast waarmee de vrouwen en kinderen werden afgeslacht. Niet alleen de kwetsbaarheid, maar ook de taaiheid van de mens, zelfs onder zulke gruwelijke omstandigheden, is hoorbaar in de muziek, waarin bijvoorbeeld steeds een slotakkoord opnieuw wordt uitgerekt, terwijl je dacht dat het bijna afgelopen was.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Levi beschrijft hoe slechts enkelingen in staat waren om met creativiteit, maar ook vechtlust, soms natuurlijke superioriteit, en bovenal het geluk aan hun zijde, boven de huiveringwekkende massa van ‘muzelmannen’ uit te stijgen op weg naar bevrijding uit het kamp. En dan komt hij tot de beschrijving van een beeld van het kwaad, zoals het zich aan hem voordoet:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘zij, de muzelmannen, de teloorgeganen, vormen de ruggengraat van het kamp; zij, de naamloze, altijd andere en altijd eendere massa, de niet-mensen die in stilte marcheren en zwoegen, in wie de goddelijke vonk is gedoofd, die te uitgeblust zijn om nog echt te kunnen lijden. [....]. Ze bevolken mijn geheugen met hun schimmige aanwezigheid, en als ik al het kwaad van onze tijd in één beeld kon samenvatten, zou ik dit beeld kiezen, dat ik zo goed ken: een uitgemergeld mens met hangend hoofd en kromme schouders, in wiens gezicht en ogen niets meer te lezen is van een gedachte.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het kwaad, zo lijkt Levi te willen zeggen, ontstaat als we niet meer in staat zijn zelfstandig te denken. Dit is ook precies wat Arendt in haar werk steeds benadrukt. Levi beschrijft dit kwaad niet alleen in de kampbeulen, die zich willoos overgaven aan een soort machinerie, maar ook in de slachtoffers, die willoos en volkomen murw hun ondergang tegemoet marcheerden in de maat die hun werd opgedragen. Nergens beschuldigt Levi deze slachtoffers of deze kampbeulen. Hij getuigt slechts van dit kwaad. Het is wonderlijk waar de muziek van Von Tilzer toe in staat is: niet alleen door de tekst van Vilma’s kaartje op muziek te zetten en te laten zingen, maar ook door de grenzen van de muziek af te tasten, de schurende en bibberende (bij)geluiden van alle instrumenten mee te laten resoneren, beroert en ontroert zij de luisteraar tot in het diepste van de ziel, en laat een intense betrokkenheid voelen bij dit haast abstract geworden lijden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Om actief afstand te nemen van het kwaad, moet een mens kennelijk uit eigen kracht in beweging komen. Dat hoeft niet per se groots. Deze afstand kan zich ook openbaren in een blikwisseling met de ander, een niet wegkijken, een minimaal gebaar. Zowel Levi als Von Tilzer laten een glimp zien van de mens in een hel van duisternis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Primo Levi –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Is dit een mens
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Meulenhoff, Amsterdam. 222 blz. €20,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Marion von Tilzer,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Into eternity
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Met Bella Adamova (alt), Maya Fridman (cello solo), Michael Hesselink (klarinet), Jacobus
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/into+eternity.jpeg" length="36048" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 02 Jan 2024 18:47:57 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-glimp-van-de-mens-in-de-hel</guid>
      <g-custom:tags type="string">Stefan Hertmans,Primo Levi,Marion von Tilzer,essays,Hannah Arendt,Into eternity</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/into+eternity.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/into+eternity.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Tussen scherven een vertrouwde gedaante</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/tussen-scherven-een-vertrouwde-gedaante</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tussen scherven een vertrouwde gedaante
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Dagen van glas' van Eva Meijer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Eva-Meijer-360x576.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De eerste paar zinnen van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dagen van glas
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , de nieuwe roman van Eva Meijer, kwamen me vertrouwd voor, een déjà vu. De vrouw, die over de oude wenteltrap naar boven loopt en in het raam de weerspiegeling ziet van een kleine vrouwenfiguur, had ik eerder ontmoet, zo dacht ik. Dat bleek te kloppen. Niet alleen de eerste paar zinnen, maar zelfs het hele eerste deel – toch zo’n veertig bladzijden – van deze roman is eerder gepubliceerd als novelle,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haar vertrouwde gedaante
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Dat roept misschien een lichte teleurstelling op voor wie zich verheugt op een geheel nieuw boek. Voor mij was de novelle echter een prettige herinnering. Deze had in elk geval zo’n indruk gemaakt, dat ik haar - in deze nieuwe gedaante - aan de eerste paar zinnen al herkende. Dat roept ook nieuwsgierigheid op: hoe past deze novelle in een roman? De nieuwsgierigheid wordt aangewakkerd door de wetenschap dat de hoofdpersoon uit de novelle over Derrida schrijft, grondlegger van het deconstructivisme. Hoe kan deze novelle dan überhaupt deel zijn van een groter geheel?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De hoofdpersoon uit de novelle krijgt in deze roman pas in het derde deel een naam: Emel. In het eerste deel ligt het perspectief bij haar. Door het obsessieve kijken in de spiegel raakt ze niet alleen zichzelf kwijt, maar ook haar echtgenoot Johannes en dochtertje Doris, die steeds minder aandacht krijgen. Het tweede deel speelt zich zes jaar later af. Doris doet net of ze met haar vriendje naar het huisje van haar moeder in het Belgische bos gaat, maar ze gaat stiekem alleen. Ook zij raakt zichzelf daar een beetje kwijt. Het derde deel speelt zich meer dan vijfentwintig jaar eerder af. Het perspectief ligt dan bij Johannes, die op twee vrouwen tegelijk verliefd is: de wat ingewikkelde Emel, en de minder gecompliceerde Sonja. Hij kiest uiteindelijk voor Emel. Ondertussen verliest hij zich in een briefwisseling tussen twee vrouwen van bijna een eeuw geleden, die los van alle conventies verlangen naar een andere manier van leven en liefde. Dan zijn nog de memoires en een kortverhaal van een van beide schrijfsters opgenomen, en een verslag van een performance van Doris. De roman sluit af met een sprong in de tijd van ongeveer dertig jaar, waarin Emel bejaard is en totaal ontheemd en verward overkomt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bij deze roman kun je niet om het deconstructivisme van Derrida heen. In plaats van dat de roman een kern heeft, die het werk bij elkaar houdt, lijkt alles zich juist aan die kern te onttrekken. Om het wat oneerbiedig te zeggen: het werk hangt als los zand aan elkaar, maar dan toch niet per se in negatieve zin. Niets komt tot een afronding, er kunnen geen eindjes aan elkaar geknoopt worden. Wie eenheid zoekt, zal het werk wellicht als onbevredigend ervaren. Aan de andere kant is juist dat zoeken en niet vinden, het uit elkaar vallen, misschien wel de essentie van de roman. De zingeving zit dan niet in het grote geheel, maar in de delen die om elkaar heen draaien, maar elkaar nooit helemaal raken, net als de personages. Het voelt schrijnend, maar is daarin ook heel mooi. Doris noemt het:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Herinneringen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Herhaalgedachten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Knopen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ramen naar vroeger
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Verdwijnbeelden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voetafdrukken die je steeds opnieuw (net anders)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           op de aarde neerlegt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Oude honden die de meeste tijd slapen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lusjes aan de tijd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er zijn patronen die zich herhalen in de verschillende tijdlagen, maar steeds net iets anders. Je kijkt door het glas heen, maar het glas spiegelt ook. Kijk je naar jezelf of juist naar de ander? Het is duidelijk dat Meijer behalve schrijver ook filosoof is. Ze zet je aan het denken met talloze mooie bespiegelingen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Niet alle delen zijn even sterk. Het al eerder gepubliceerde
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haar vertrouwde gedaante
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            intrigeert, vanwege de mysterieuze spiegel en het langzaam uiteenvallen van het kleine gezin. Ook het tweede deel vanuit Doris is krachtig. Het perspectief vanuit de puber is overtuigend. Waar Johannes echter de brieven van de twee schrijfsters redigeert, komt het allemaal wat gekunsteld over, als een wetenschappelijke uitgave met bijbehorende voetnoten. Hetzelfde geldt voor het verslag van Doris’ performance, dat misschien zo nu en dan voor poëzie moet doorgaan, maar dan wel van een wat bedenkelijk niveau is. Deze experimenten doen wat af aan het geheel.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Als je de balans opmaakt, vraag je je wel een beetje af of het niet juist
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haar vertrouwde gedaante
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is die het geheel overeind houdt, en de rest daar niet per se heel veel aan toevoegt of er misschien juist wel aan afdoet. Toch is er heus nog een hoop moois te vinden in de andere delen. Waar dagen van glas zijn, weet je dat er het een en ander zal breken, maar tegelijkertijd valt er veel te spiegelen en zijn er mooie doorkijkjes en schatten tussen de scherven te vinden.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Eva Meijer –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dagen van glas
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Cossee, Amsterdam. 192 blz. €22,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Eva-Meijer-360x576.jpeg" length="33313" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Jan 2024 17:31:55 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/tussen-scherven-een-vertrouwde-gedaante</guid>
      <g-custom:tags type="string">Eva Meijer,essays,Dagen van glas</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Eva-Meijer-360x576.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Eva-Meijer-360x576.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Leven en dood in een trillende omhelzing’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/leven-en-dood-in-een-trillende-omhelzing</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Leven en dood in een trillende omhelzing’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Drijvende lichamen' van Jane Sautière
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Drijvende+lichamen.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De kleine archipel aan segmentjes van glasvochtmembraan, die drijven en schaduwen werpen op het netvlies, die als schimmen of zwarte vlekjes worden waargenomen, is het vertrekpunt van het ontroerende
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Drijvende lichamen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Jane Sautière, in de prachtige vertaling van Katelijne De Vuyst. De ongrijpbare schimmen staan symbool voor de schaarse herinneringen aan de tijd dat de auteur als dochter van expats in Cambodja woonde, van haar vijftiende tot achttiende, van 1967 tot 1970.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De drijvende lichamen ontglippen haar altijd, maar ze werpen een schaduw die er altijd is. Als ze ouder wordt en de leeftijd bereikt van de schimmen die haar leven hebben bevolkt, die aanwezig, maar ook onwerkelijk blijven, merkt ze hoe haar geheugen faalt, en gaat ze op zoek naar ‘de plekken, de gevoelige (ik had bijna ‘ongepaste’ gezegd) vormen die zonder plan, zonder censuur, zonder enig perspectief opkomen.’ In prachtige, bespiegelende, fragmenten komen die herinneringen op. Sautière is geboren in Teheran en heeft vreemd genoeg relatief veel herinneringen aan die vroege kinderjaren in Iran. De drie jaren waarin ze de drie hoogste klassen van de middelbare school doorliep in Cambodja, zijn echter met ‘een overweldigende kracht’ verdwenen. Voordat ze definitief verloren gaan, probeert ze ze boven water te krijgen en daarvoor moet ze de ‘koffer van het lichaam’, met al zijn zintuigen, openmaken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De fragmentarische stijl met wonderschone observaties doet denken aan die van de door haar zo bewonderde Marguerite Duras:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘En vaak vraag ik me af welk element in ons organisme ervoor zorgt dat we continu zijn. Al onze cellen worden vernieuwd, geven ze de boodschap van wat de voorouderlijke cellen hebben beleefd door? Hebben ze een geheugen, of alleen een functie waaraan ze zich uitsluitend wijden? [...] De huid behoudt trouwens littekens, sporen van verwondingen. Misschien zijn drijvende lichamen wel littekens. Levende, bezielde littekens.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Over Duras schrijft ze verderop: ‘Me voorstellen dat een ander met dezelfde ontsteltenis kan lezen wat ik heb gelezen en het zich toe-eigenen, nee, dat kan niet.’ En daarom heeft ze een hekel aan de ontelbare lezers van Duras, die van haar een heilige koe maken. Ze wil niet de uniciteit opgeven die het werk dankzij de lectuur verwerft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Sautières vader was een dromer in hart en nieren, hield ervan Frankrijk te verlaten. Zijn missies duurden steeds drie jaar en dan keerden ze weer naar Frankrijk terug. Na de bevrijding werd hij ‘in Cambodja geparachuteerd, waar hij als waarnemer de daadwerkelijke overgave van de Japanners moest helpen organiseren. Vanwege de wreedheid in de jappenkampen was dit een levensgevaarlijke inspectie.’ Ze beschrijft de lange vlucht naar Phnom Penh, onderbroken door tussenlandingen, de vlieg in haar glas limonade waar ze van haar vader niets van mocht zeggen, omdat het land straatarm was, ‘de mozaïek van de spiegelende rijstvelden die glansden in het regenseizoen’. Ze herinnert zich de weeë geur van verrotting, waarvan je nooit helemaal kon zeggen of het lekker rook of juist stonk: ‘het zoetige van sterfelijke dingen, leven en dood in een trillende omhelzing’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Steeds herinnert ze zich stukjes: de onbekende tong van een jongen in haar mond, ‘de doordringende smaak ervan tot het eind van de dag.’ Ze herinnert zich bepaalde kledingstukken, de weg naar het Descartes-lyceum, een prachtige boom met fuchsiaroze bloemen, de Khmers en Fransen die bij elkaar in de klas zaten. Ze kreeg geschiedenislessen over de Khmers. Nooit werden er vragen gesteld tijdens zijn lessen. Die vragen stelde ze pas veel later, ‘talrijk, beklemmend.’ Ze herinnert zich vrouwen in Phnom Penh die dienstdeden als kantonnier en wijdbeens op straat plasten en het preuts grootgebrachte blanke meisje dat zij destijds was, uitlachten. Ze herinnert zich de markt, de carbidlampen, de planten, de platte apen, en ook de ‘eindeloze, door luidsprekers galmende toespraken van Sihanouk.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tussen de droomachtige beschrijvingen doemt een ogenschijnlijk onschuldig landschap op, maar langzaamaan klinken steeds meer dissonanten tussen die onschuldige beelden:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Een meisje dat met een Cambodjaan uitging was een slet. Maar een man niet, als hij maar niet met haar trouwde, haar niet als surrogaat gebruikte van het legitieme blanke bloed. De pure buik van de vrouw, dat is het vaderland, het eeuwige vaderland, de verkrachting van de vrouw door strijders, hun pik in haar lichaam geplant, een veroverd grondgebied, in het verlengde van inname en bezoedeling.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze heeft haar moeder gehaat omdat die zich zo aan de hiërarchieën had aangepast en bijvoorbeeld geen aandacht had voor de dode baby van haar dienstbode.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Waar het document haast luchtig begint, komen halverwege steeds meer donkere tonen, zoals de dood van haar moeders vorige twee kinderen, een zoontje van zeven maanden en een dochter van twaalf. Sautière ontdekt de foto van haar zus voor het eerst als ze veertig is en in het trouwboekje van haar moeder kijkt: ‘Ik ben helemaal ondersteboven. Ik zie een blond, graatmager meisje, haar holle dijen die door haar extreem korte kleinemeisjesjurk worden blootgelaten, je had liever een wat langere jurk gezien, dat de sprietdunne armen door mouwen verstopt werden. Maar daar was ze, net als haar glimlach.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De donkerste tonen moeten dan nog komen, maar ontdek die vooral zelf. Dan wordt ineens duidelijk waarom de bevlogen uitgever zijn vaste patroon van typografie op de omslagen, heeft doorbroken, en speciaal voor dit verhaal een foto van een jong meisje achter de letters van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Drijvende lichamen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            laat doorschemeren, en dan zink je weg in een galzwarte bladzijde van de geschiedenis van Cambodja, en begrijp je waarom de auteur heeft geprobeerd ‘datgene wat ik heb gekend aansluiting te laten vinden bij een ruimer, beslissend verhaal.’
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Jane Sautière –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Drijvende lichamen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Katelijne De Vuyst. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 96 blz. €23,95.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Drijvende+lichamen.jpeg" length="18782" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 24 Dec 2023 14:46:09 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/leven-en-dood-in-een-trillende-omhelzing</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Drijvende lichamen,Jane Sautière</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Drijvende+lichamen.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Drijvende+lichamen.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Adembenemende jacht op de legibreriaanse haas</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/adembenemende-jacht-op-de-legibreriaanse-haas</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Adembenemende jacht op de legibreriaanse haas
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De haas' van César Aira
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Aira+de+haas-1bd77fee.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De haas
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de Argentijnse auteur César Aira neemt je mee in een bloedstollend labyrint van droom en werkelijkheid waaruit ontsnapping onmogelijk lijkt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Engelse natuuronderzoeker Clarke trekt in de negentiende eeuw door Argentinië op zoek naar de zeldzame legibreriaanse haas en raakt daarbij samen met de jonge leerling-aquarellist Carlos Álzaga Prior verwikkeld in bizarre avonturen tussen de Mapuche, de inheemse indianenbevolking van Latijns-Amerika.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net als in het werk van de Argentijnse Jorge Luis Borges kom je terecht in een verhaal dat regelmatig magisch-realistisch aandoet, niet alleen door de bizarre zoektocht naar de haas, waarvan je je steeds meer begint af te vragen of hij wel bestaat, maar ook door de vreemde ontmoetingen met de indianen en de wonderlijke gesprekken die Clarke voert met de mensen die hij tegenkomt. Juist omdat hij in zijn typisch Engelse gereserveerdheid wat buiten de broeierigheid van het Argentijnse leven lijkt te staan, geef je je als lezer, die immers ook buitenstaander is, argeloos over aan de bijzondere wendingen van het verhaal en heb je niet het flauwste vermoeden van de apotheose die deze Engelsman te wachten staat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zoals de indianen een bijzondere aanvalstechniek hebben waarin ze stormachtig de vijand omringen, waardoor een totale chaos lijkt te ontstaan, waarin zij niettemin de leiding hebben, om vervolgens met een soort speldenprikjes steeds dieper tot de kern door te dringen, zo staat het boek vol humoristische gesprekken en oorlogstaferelen die alle kanten op lijken te schieten en ogenschijnlijk over oppervlakkigheden gaan, terwijl ze tegelijkertijd met subtiele verwijzingen steeds verder de diepte raken van het leven. Oorsprong en bestemming liggen dichter bij elkaar dan je denkt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terwijl het Clarke eerst alleen om de haas te doen lijkt, komen er steeds meer doelen bij, zoals het vinden van Cafulcurá en de weduwe, die de haas zou moeten hebben. De haas is in een groot deel van het verhaal hopeloos op de achtergrond geraakt, maar duikt steeds opnieuw op als onderwerp van gesprek, zoals hier met zijn reisgenoot Gauna:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Hier kan er nog een of twee jaar tegen u aan worden gekletst, en vervolgens bevindt u zich nog steeds in dezelfde impasse als aan het begin. De haas, zoals men pleegt te zeggen, springt weg waar men hem het minst verwacht, als men tenminste iets, al is het nog zo klein, verwacht in de werkelijkheid. En u bent op zoek naar een haas, nietwaar?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook Gauna blijkt op zoek naar de haas, maar de haas waarnaar hij op zoek is, is een begerenswaardige diamant, in de vorm van een haas, waardoor je je langzaam gaat afvragen of Clarke niet per ongeluk onderdeel is geworden van een mysterieus complot. De raadselachtige overpeinzingen waarin Clarke kan verzinken, zorgen voor een dikke mist die over het verhaal hangt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Haast was ook de constante factor van wat in het collectieve geheugen bewaard is gebleven als de Oorlog van de Haas. Het waarom van die naam ging verloren in min of meer verbijsterde gissingen, maar voor Clarke had de naam een heel precieze betekenis, met dien verstande dat hij voor zichzelf niet kon verklaren hoe die betekenis aan zijn subjectiviteit was ontsproten. In feite was dat het kleinste van de raadsels die onopgelost bleven. Hij raakte eraan gewend dat ze onopgelost bleven. Hij meende voor de apotheose van de gelijktijdigheid van de nonsens te staan.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit is ook hoe je als lezer lange tijd deelneemt aan het verhaal: vanaf de zijlijn zie je steeds meer ingewikkelde raadsels op je afkomen en je vraagt je af of je ze nog wel uit elkaar kunt houden en of je de draad niet allang bent kwijtgeraakt. Er is een vermoeden van een diep geheim, maar regelmatig overvalt je het wanhopige gevoel dat alles als los zand uit elkaar zal vallen en er straks van het verhaal niets meer over is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar op de achtergrond heeft de verteller weldegelijk alle touwtjes in handen en als lezer zit je in zijn wurggreep: ‘In wezen was het steeds maar werken voor het verhaal, dat een grote herhaling werd.’ Zoals de Mapuche-legers een ‘Grote Sinusoïde’ vormen die Europeanen onmogelijk kunnen bevatten, wordt ook de lezer door een soort sinusoïde omsingeld en overweldigd. Je rolt van de ene situatie in de andere en staat dan plots met open mond voor een wonderschoon tafereel dat niet alleen bij Clarke tot hallucinatie leidt, maar ook over het verhaal zelf lijkt te gaan:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘De mysterieuze watervogels, die niet alleen door de mist maar ook door het donkergrijs van de regenachtige avondschemer aan het zicht onttrokken werden, rolden met ceremoniële schopjes het ei naar de golven en doken de ene na de andere het water in. Ondanks de grote deining, het sinistere geklots en de vlagerige motregen zwommen ze parmantig rondjes om het ei, dat dreef.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En net als Clarke besluit om terug te gaan naar Buenos Aires, omdat hij het avontuur als ten einde beschouwt en de losse eindjes hem niet meer lijken te boeien, raakt het verhaal in een stroomversnelling, waaraan je je alleen maar machteloos kunt overgeven, om aan het einde in totale verbijstering achter te blijven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            César Aira –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De haas
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Adri Boon. Koppernik, Amsterdam. 264 blz. €24,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Aira+de+haas-1bd77fee.jpeg" length="14995" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 23 Dec 2023 15:10:04 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/adembenemende-jacht-op-de-legibreriaanse-haas</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,César Aira,De haas</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Aira+de+haas-1bd77fee.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Aira+de+haas-1bd77fee.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Als vissen op het droge spartelen onze harten'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/als-vissen-op-het-droge-spartelen-onze-harten</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            'Als vissen op het droge spartelen onze harten'
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het liegend konijn 2023/2' onder redactie van Jozef Deleu
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Liegend-konijn-197x300.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De tweede aflevering van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het liegend konijn 2023
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            bespreken, is als het beschrijven van een kleurrijk kistje vol proefflacons van zeldzaam heerlijk geurende parfums. Niet te doen dus. Niet alleen vanwege het feit dat Jozef Deleu meerdere nog niet eerder gepubliceerde gedichten – ‘uit het nest geroofd’ – van meer dan dertig dichters in de verzameling heeft opgenomen, maar vooral ook door hun veelzijdigheid. Net als geuren zijn veel van deze dichters in staat je van binnen in vervoering te brengen, je ten diepste te ontroeren, al is het maar voor even, zonder dat je er vat op kunt krijgen. En als je het weglegt, omdat je zo veel beroering in één keer niet aankunt, ligt
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het liegend konijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            op het tafelblad op je te wachten, omdat het dondersgoed weet, dat het niet lang zal duren, voordat je het opnieuw oppakt, omdat je nog even wilt ruiken, nog even wilt proeven, wat je zojuist was verloren.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel begint met vier onverschrokken gedichten van de Nederlands-Somalische winnares van de Herman de Coninckprijs 2023, Alara Adilow:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijn wond is zo groot als de wereld
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           groter zelfs!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Het valt mee’, antwoordden ze beduusd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niks ervan, je moest het eens zien vanaf
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           waar ik sta, hier in de wond.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dan wist je het, mijn wond is een kolossus!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo van heb je ooit zo’n spektakel gezien
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Is het niet iets bovenmenselijks? Jawel toch.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kijk goed naar de randen – zit daar niet iets in dat op letters lijkt,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           spijkerschrift?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misschien zijn dichters liegende konijnen, omdat het niet anders kan dan dat een konijn zo onschuldig is dat zijn liegen wel een dieperliggende waarheid moet onthullen. In ‘Monoloog’ van Geert Jan Beeckman zegt de ‘ik’ dat hij met zijn vader heeft gesproken, terwijl die er al jaren niet meer is. Is dit niet een vorm van liegen? In gedichten kan dat, en in het echt misschien ook. Het is niet voor niets een ‘monoloog’. De vragen die de ‘ik’ aan zijn vader stelt, zijn mooier dan elk denkbaar antwoord zou kunnen zijn:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik vroeg hem waarom muziek de stilte tussen de noten is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Waarom gesprekken over de dood altijd over het leven gaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik vroeg hem of het juist is dat wij hoe langer wij verschijnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           meer kans maken op verdwijnen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik vroeg hem hoe het komt dat wij vrijwel niets
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           weten over bijna alles.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Waarom na de bocht van de rivier het sterven zingt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en wij ons blijven verzoenen met de rest.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is onvoorstelbaar hoeveel parels Jozef Deleu uit het nest heeft geroofd. Hoe heeft hij dat klaargespeeld? De gedichten zijn nog niet eerder verschenen, maar zijn van zo’n schoonheid, dat je zou denken dat je er slechts een handjevol in je leven kunt vinden. Zo te kunnen samenstellen, is een ware kunst. Bekende dichters naast nieuwe namen, jong en oud, klassiek, experimenteel en alles wat daartussenin ligt. Van iedere dichter wordt het jaar van geboorte en de geboorteplaats genoemd, en – indien er bundels van deze dichter zijn verschenen – de titel van de recentste bundel. Alleen die doen al verlangen naar het lezen ervan: ‘De maagden moeten bloeden’, ‘Aardelingen’, ‘Mythen en stoplichten’, ‘Wij zijn uitgeweken’, ‘Hoe er dan iets helders ontstaat’, ‘Filigraan’, ‘Hier raken we mij kwijt’, en zo kan ik nog wel even doorgaan. En dat zijn dan alleen nog maar de titels van de bundels, waarvan niet eens gedichten zijn opgenomen in deze verzameling!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Katelijne Brouwer schrijft over een steen die drie maanden van slag is als hij wordt verplaatst. Hij kent wind, regen, warmte en kou, maar niet dat optillen. Ook schrijft ze over ‘zo iemand’ die ze kent: ‘ik ken zo iemand. ze zei opeens ben ik van de bovenste plank / naar de onderste, dat zei ze, van steeds controles bij de oncoloog / scans, lab en chemo, naar voel maar bij jezelf hoe je je voelt’. Voor haar schilderde de ‘ik’ ‘een zwaan die haar overzette’. Dorien De Vylder beschrijft in 'Killerbriesje' een ritseling in het publiek: 'Als vissen op het droge spartelen onze harten'.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een van de meest sprankelende gedichten vind ik ‘Wat het schelpenpaadje je vertellen kan’ van Frans Kuipers met het bescheiden ‘Alleen het lied ongeschreven heeft het eeuwige leven’, terwijl hij dan toch maar van die kleine ogenblikken onsterfelijk weet te maken:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lief ogenblik ik zie je wel,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      ik grijp je onbegrijpelijk met mijn ogen ogenblikkelijk,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de hond aan mijn voeten, de vogel in de lucht,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      het koolwitje, de hommel en ik, wij bieden je
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           schedeltjesonderdak
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Op deze manier is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het liegend konijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            tegelijkertijd fantastisch en verschrikkelijk. Fantastisch, omdat je in één bundel kennis kunt maken met een overrompelend bont gezelschap dichters, die je nooit ofte nimmer allemaal los van elkaar was tegengekomen. Verschrikkelijk, omdat je weet dat je van sommigen van hen nooit meer zult lezen, om de eenvoudige reden dat de tijd voortschrijdt en zo veel dichters met eigen bundels en losse gedichten niet in een hoofd passen. Sommige dichters hebben nog geen bundels gepubliceerd, maar wat een feest dat Deleu ze voor ons heeft ontvoerd, zoals het experimentele ‘voor/val’ van Anne Sanderling, waarin losse woorden over de bladzijden met elkaar een prachtig avontuur aangaan.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat doe je met zo’n kistje vol proefflacons? Ze een voor een openen en voorzichtig ruiken, omdat je weet dat de grote hoeveelheid je al snel kan bedwelmen, maar gaandeweg wil je er nog een en nog een, waardoor je uiteindelijk bezield en allang verzadigd eigenlijk alleen nog maar meer wilt van dit moois.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Jozef Deleu –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het liegend konijn 2023/2
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Pelckmans, Kalmthout. 240 blz. €22,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Liegend-konijn-197x300.jpeg" length="7914" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 09 Dec 2023 15:10:38 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/als-vissen-op-het-droge-spartelen-onze-harten</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Jozef Deleu,Het liegend konijn</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Liegend-konijn-197x300.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Liegend-konijn-197x300.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een bescheiden monument</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-bescheiden-monument</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een bescheiden monument
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Tenminste voor een bepaalde tijd'  van Hans Heesen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tenminste-voor-een-bepaalde-tijd-187x300.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De nieuwe roman van Hans Heesen,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tenminste voor een bepaalde tijd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , laat voelen hoe we ons verleden bij ons dragen, dicht op de huid, zo vanzelfsprekend dat we het vaak vergeten. Onverhoeds kan dit verleden echter uit die vergetelheid raken en ons in volle omvang overrompelen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal blikt terug op de zomer van 1974. De vijftienjarige hoofdpersoon, die zijn oudere zus heeft verloren bij een verkeersongeluk, is verliefd op Frida, de zus van zijn Tsjechisch-Nederlandse vriend Nico. Frida wordt door haar ouders van school weggehouden, omdat ze zwanger is. Bij de hoofdpersoon thuis is de sfeer gespannen. Met het verlies van zijn zus is ook alle gezelligheid en spontaniteit verdwenen. Hij probeert de thuissituatie te ontvluchten door bij een boekwinkel te gaan werken en daarnaast bij een klant van deze winkel, die een archief bijhoudt van verdwijningen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal werpt een nostalgisch licht op de schooltijd uit de jaren zeventig, waarin nog een behoorlijk taboe rustte op de zwangerschap van een jong meisje. Nu moet je altijd oppassen om bij dit soort anekdotische literatuur er al te zeer vanuit te gaan dat alles feitelijk is, maar de commotie rond tienerzwangerschappen die hier beschreven wordt als ‘de geschiedenis met de eieren’, is zo bizar dat het niet verzonnen kan zijn: een jong meisje dat ‘de Française’ werd genoemd, dat als een filmster achter een kinderwagen paradeerde, zorgde ervoor dat verschillende meisjes van een jaar of veertien, vijftien, ook een kinderwens kregen, waarmee zij hun ouders de stuipen op het lijf joegen. Er werd zelfs een psychiater bijgehaald, die adviseerde om de meisjes een poosje op een ei te laten passen, zodat ze enigszins zouden voelen hoe zwaar een verantwoordelijkheid voor een kind weegt. De kinderwens zou dan vanzelf wel overgaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voor mensen die Zutphen en omgeving goed kennen, is het verhaal extra interessant, omdat er allerlei elementen van de stad worden genoemd: de boekhandel, die op de voorkant prijkt, die inmiddels is verdwenen, hotel-café Spaan, de Oostenrijkse huizen, het fatale kruispunt bij de scholen, dat onlangs opnieuw onderwerp van gesprek is geworden, omdat er wederom een gevaarlijke situatie is ontstaan door het ontbreken van de verkeerslichten. Je ziet de personages zo rondlopen in het verhaal. Heesen zelf vertelt in een interview dat hij na zijn jeugd in Zutphen naar Utrecht is verhuisd en zeven jaar geleden is teruggekeerd. Daar liep hij op elke hoek van de straat zijn herinneringen tegen het lijf. Als hij niet was teruggekeerd, was het boek waarschijnlijk nooit geschreven. Met dit verhaal, over Frida en zijn zus, komt hij een belofte na.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Heesens stijl is anekdotisch en daarin bewandelt hij nogal wat zijwegen, zoals herinneringen nu eenmaal doen. Je krijgt vaak een gedetailleerd beeld voor ogen, zoals van de omgebouwde boerderij van Nico’s opa, die voor de hoofdpersoon een soort kinderparadijs was. De deel was ingericht als het ‘Universum van Meijer’:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Wie deze Meijer was, heb ik nooit geweten, maar zijn universum draaide om de illusie van beweging. Met merendeels door de opa van Nico geconstrueerde fenakistiscopen en zoötropen, een veelheid aan toverlantaarns en projectoren, boeken, posters en parafernalia, allemaal uit de tijd van de zwijgende film. Slapstick op 8mm, 16mm en 35mm die hij overal en nergens vandaan had gehaald. Films van vergeten komieken. Rigadin, het Deense duo Watt en Halfwatt, de Italiaan Fringuelli.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ondanks dat het boek vooral anekdotisch is, zijn er toch diverse verbindende elementen. Zo duikt de thaumatroop, een primitieve voorganger van het bewegende beeld, op diverse plekken in het verhaal op: een tweezijdig bedrukt vlak waaraan aan de zijkant touwtjes bevestigd zijn, die je snel tussen je vingers moet bewegen. Behalve dat je hieraan allerlei symbolische betekenissen kunt geven met betrekking tot herinneringen, krijgt deze een extra betekenis als je bedenkt dat Heesen naast auteur ook scenarist en directeur van filmhuis Luxor in Zutphen is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een ander verbindend element zijn de diverse verdwijningen, niet alleen de verdwijningen die de wat zonderlinge Pieter Tempelmans Plat archiveert, met behulp van de hoofdpersoon, maar ook de onverklaarbare verdwijning van Ramalinga Swamigal, die zich had opgesloten in een kamer, en die van Frida.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Misschien is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tenminste voor een bepaalde tijd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            wel een bescheiden monument, niet alleen voor Frida en de overleden zus, maar voor de herinnering in het algemeen, die ons, tenminste voor een bepaalde tijd, bijblijft en ontroert, voordat zij voorgoed in de vergetelheid verdwijnt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hans Heesen –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tenminste voor een bepaalde tijd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij IJzer, Utrecht. 128 blz. €18,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tenminste-voor-een-bepaalde-tijd-187x300.jpeg" length="13955" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 02 Dec 2023 13:15:59 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-bescheiden-monument</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Tenminste voor een bepaalde tijd,Hans Heesen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tenminste-voor-een-bepaalde-tijd-187x300.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tenminste-voor-een-bepaalde-tijd-187x300.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Verbeelding als 'in de diepte van de menselijke ziel verborgen kunst'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/verbeelding-als-in-de-diepte-van-de-menselijke-ziel-verborgen-kunst</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Verbeelding als 'in de diepte van de menselijke ziel verborgen kunst'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het leven van de geest' van Hannah Arendt. Aflevering 19
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt-19.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richt Hannah Arendt zich op drie belangrijke processen in de geest: denken, willen en oordelen, aan welke ze allemaal een flink deel wijdt. Op een toegankelijke manier legt zij in woorden de geest bloot en deelt daarmee bijzondere inzichten die niet per se waarheid zijn, maar die inspireren om verder over na te denken. In deze serie licht ik daar enkele inzichten uit die te mooi zijn om niet te delen. Voor haar onderzoek naar ‘oordelen’ heeft Arendt zich verdiept in de filosofie van Kant. De vertalers hebben daarom in het laatste deel, dat ze niet meer heeft kunnen voltooien, haar dertien colleges over Kant opgenomen. Deze laatste aflevering betreft de tweede helft colleges van Kant, die gaan over hoe verbeelding en gemeenschapszin voorwaarden zijn om te kunnen oordelen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Allereerst besteedt Arendt aandacht aan Kants opvattingen over revolutie. Kant is ervan overtuigd dat je alleen moreel kunt handelen als je met die handelingen in de openbaarheid kunt treden: handelingen die moreel ‘goed’ zijn, kunnen immers die openbaarheid verdragen. Bij een revolutie worden doorgaans de voorbereidingen in het geheim getroffen, waardoor die botsen met de gedachte dat zij de openbaarheid kunnen verdragen. Echter, als de vrijheid van meningsuiting in het geding komt, dan moet je toch weerstand kunnen bieden tegen dit ‘kwaad’ en dan zal je daar hoogstwaarschijnlijk bij betrokken raken. Soms heb je dus wel een conflict nodig om het goede te blijven handhaven. Dat conflict zorgt er uiteindelijk voor dat het kwade zichzelf vernietigt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het perspectief van de toeschouwer is hierbij beslissend. De handelende mens is altijd partijdig, omdat hij deelneemt aan de gebeurtenissen. De toeschouwer kan belangeloos toezien of de vrede wel gehandhaafd wordt. Een revolutie kan alleen gedoogd worden, als deze de hoop in zich draagt dat komende generaties in vrede zullen leven. Het individu heeft zijn eigen belangen, maar er zijn wereldburgers of ‘wereldbeschouwers’ nodig, die belangeloos kunnen beslissen of er sprake is van vooruitgang.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar hoe zit het met die toeschouwer? Is hij dezelfde als de ‘wijze’ die uit de grot van Plato klimt om bij het licht te komen, om vervolgens vanuit dat licht weer terug te komen? Volgens Kant is er voor het oordeelsvermogen openbaarheid nodig. Het oordeel heeft alleen zin als je dat met anderen kunt delen. De zintuigen zijn subjectief. Je kunt de ander er niet van overtuigen dat oesters lekker zijn, als hij die niet lust. Er zijn echter twee andere vermogens: verbeelding en een ‘gemeenschappelijk zintuig’. De verbeelding is het vermogen om het afwezige aanwezig te stellen. Het gemeenschappelijke zintuig zorgt bij de ervaring van schoonheid dat we bij deze ervaring automatisch rekening houden met de smaak van anderen. Het oordeel gaat altijd gepaard met een reflectie over mogelijke oordelen van anderen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op het moment dat je oordeelt, maak je eerst door middel van de verbeelding een beeld in je hoofd van datgene waarover je oordeelt. Vervolgens is er de reflectie die ervoor zorgt dat je je eigen oordeel toetst aan die van anderen, waardoor je abstraheert van de beperkingen van je eigen oordeel. Met andere woorden: als wij oordelen, dan oordelen we altijd als lid van een gemeenschap. Er zijn natuurlijk allerlei privéomstandigheden die ons bepalen, maar de verbeelding en de reflectie bevrijden ons van die partijdigheid. Hoe beter we ons kunnen verplaatsen in heel veel verschillende oordelen van anderen, hoe onpartijdiger ons oordeel wordt en hoe ruimdenkender wij als mensen worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit is precies wat Kant interessant vindt aan de vrede. Vrede zou volgens hem niet moeten bestaan uit een leven van allemaal makke schapen naast elkaar. Het is namelijk belangrijk dat we blijven inzien dat we bereid zijn om iets op te offeren voor elkaar of voor die vrede, en bij conflicten wordt vaak een beroep gedaan op die bereidheid en daar schuilt iets verhevens in. Wat hij met name interessant vindt aan de vrede is dat zij ‘de noodzakelijke voorwaarde is voor de grootste mogelijke verruiming van de verruimde denkwijze.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Volgens Kant worden mensen humaan van de idee van een vredesverdrag: ‘Geen enkele staat mag zich tijdens de oorlog zodanige vijandelijkheden veroorloven dat daardoor het wederzijdse vertrouwen in toekomstige vrede onmogelijk wordt.’ Hoe actueel is deze uitspraak in een wereld van conflicten! Volgens Kant zou het wereldburgerrecht beperkt moeten worden tot voorwaarde van algemene gastvrijheid. Het ‘bezoekrecht’ is het meest wezenlijke van de mensenrechten. Mensen hebben dit recht, volgens Kant, omdat ze samen op de aarde leven. Omdat die bolvormig is, kunnen ze zich niet tot in het oneindige verspreiden. Uiteindelijk zullen ze elkaars nabijheid moeten dulden, want: ‘het gemeenschappelijke recht op het aardoppervlak komt menselijke wezens in het algemeen toe.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Arendt concludeert hieruit dat we lid zijn van een wereldgemeenschap, ‘louter en alleen doordat we mensen zijn; dat is ons
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           kosmopolitisch bestaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Wanneer we oordelen en politiek handelen, dan worden we geacht steun te zoeken in de idee, niet in de werkelijkheid, dat we een wereldburger, en dus ook
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Weltbetrachter
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , een toeschouwer van de wereld, zijn.’ Oordelen is volgens haar het vermogen om op een geheimzinnige manier het particuliere en algemene met elkaar te verbinden en dat is alleen mogelijk met een ‘in de diepte van de menselijke ziel verborgen kunst’ en dat is: onze verbeelding.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Arendt heeft dit laatste deel van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            niet meer kunnen voltooien. Het is bijzonder dat de vertalers en bewerkers van dit werk voor die voltooiing ook hun verbeelding hebben moeten inzetten en zijn daarbij beland in eerdere werken van Arendt, waarin haar opvattingen over het oordelen al besloten lagen. Het is bijna magisch hoe op deze manier haar ode aan de verbeeldingskracht, als wezenlijke kracht waarmee we ons met elkaar kunnen verbinden, over haar dood heen, standhoudt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hannah Arendt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Dirk De Schutter en Remi Peeters. Uitgeverij Ten Have, Utrecht. 800 blz. €52,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt-19.jpeg" length="174082" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 28 Nov 2023 17:39:16 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/verbeelding-als-in-de-diepte-van-de-menselijke-ziel-verborgen-kunst</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het leven van de geest,essays,Hannah Arendt,Aflevering 19</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt-19.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt-19.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Om eraan herinnerd te worden dat ze allemaal uit een lichaam bestonden’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/om-eraan-herinnerd-te-worden-dat-ze-allemaal-uit-een-lichaam-bestonden</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Om eraan herinnerd te worden dat ze allemaal uit een lichaam bestonden’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Weken maanden jaren' van Sara Baume
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Omslag-Sara-Baume-weken-maanden.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Tegelijk met
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Handwerk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Weken maanden jaren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de Ierse Sara Baume uitgegeven. Waar
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Handwerk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een ode is aan het scheppende leven, zou je
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Weken maanden jaren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een aanhoudende lofzang kunnen noemen op het scheppen van een eigen leven en tegelijkertijd de vergankelijkheid daarvan. Net als
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Handwerk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            getuigt ook deze roman van een indrukwekkende kracht.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bell en Sigh ontvluchten de stad en verhuizen naar een huis aan de voet van een berg in het zuidwesten van Ierland, aan de Atlantische Oceaan: ‘De berg zat vol oogjes van fazanten, vossen, hagedissen, huismussen, lijsters, konijnen, kevers, marters, muizen, luizen. En elk oog was enkel en alleen gericht op het dichtstbijzijnde stukje grond, struik, rots of lucht. Elk oog had een andere kijk op de patronen, kleuren en afmetingen van zijn eigen plek.’ Het leven van Bell en Sigh is er vanaf het begin een van afzondering. Ze verbreken geleidelijk aan alle contacten met vrienden en familie, tot ze alleen nog maar samen hun kleine leven leiden, met heel af en toe een uitstapje naar de winkel voor het hoognodige.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De roman heeft iets van een litanie. Bijna gedragen wordt opgesomd hoe weer, wind, zand, vuil en allerlei insecten en ongedierte de kieren en gaten van het huis bewonen, maar ook de plooien van het beddengoed, de kleding en de lichamen van Bell en Sigh, en hun twee honden. Het is alsof het licht van de vuurtoren steeds opnieuw een licht werpt op alle plekken in en rondom het huis, van de wijde hemel tot in de kleinste hoekjes van de bodem. De litanie kenmerkt zich door herhaling en aandacht voor klankspel, en vooral ook door het aanhoudende ervan. Soms is het pure poëzie, omdat ook woorden ineens een paar spaties opschuiven of een witregel achter zich laten en daardoor een regel zakken. De loskomende woorden komen dan druppelsgewijs samen in een soort staartje van een fragment. De geluiden van tikkende regen, een gierende wind, vogels, geritsel van muizen die steeds opnieuw worden beschreven, vinden een echo in het klankspel met assonanties en alliteraties.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ondanks de herhaling is er steeds een kleine variatie, waardoor je voelt dat de tijd verstrijkt en niets ooit hetzelfde zal zijn. Dit geldt ook voor de ogen die aan het eind van elk hoofdstuk terugkomen, maar nooit helemaal hetzelfde. Na een jaar hebben ze nog steeds de berg niet beklommen, na twee en drie jaar ook nog niet, en dat gaat zo door tot bijna aan het einde van het boek. Bell en Sigh komen steeds dichter bij elkaar te leven, ze nemen elkaars gewoonten over, elkaars woorden, uitspraak en elkaars vuil, tot ze bijna één zijn geworden. Apparaten gaan kapot, hun busje vervuilt en begint steeds meer te haperen, onderdelen worden vervangen, maar bij gebrek aan inkomsten zijn ze spaarzaam met alles. De litanie mondt soms uit in bezweringen, want beiden zijn enigszins dwangmatig in hun handelingen. Voordat zij gaan eten, moeten zij even de koppen van de honden hebben aangeraakt en met hun vorken tegen elkaar hebben getikt. Ze bouwen een Elrond-altaar van beeldjes, garnituren en giften.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ofschoon uniek in alle opzichten, doet deze roman af en toe denken aan
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           To the lighthouse
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Virginia Woolf, in eigenzinnigheid van de personages, de herhaling met variatie, maar vooral in het liefdevolle spel met de vergankelijkheid. In het middelste deel van Woolfs roman, ‘Time passes’, staat het huis van ‘the Ramsays’ leeg en krijgen tijd en het licht van de vuurtoren vat op de lege kamers. Ook in Baumes roman zie je hoe alles onderhevig is aan het verstrijken van weken, maanden, jaren. Sigh en Bell raken vervreemd van andere mensen:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Tegen die tijd       konden ze niet goed meer inschatten of hun vrienden van vroeger zich zouden storen aan een mok met theeaanslag, aan meerdere lagen ingebrande olie in een bakblik waarvan de zwarte schilfers tijdens het bakken in het eten terechtkwamen of aan een grote bastaardhond met een zoute klittenvacht die tijdens het eten haar kop op hun schoot legde en een kleine bastaardhond met zo’n zelfde zoute klittenvacht die ze strak aan bleef staren en op de punten van hun schoenen kwijlde.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net als Woolfs werk raakt ook dat van Baume genadeloos én liefdevol de bodem van onze existentie. Er zijn geen grootse gebeurtenissen, maar er wordt ingezoomd op het kleine, schijnbaar onbeduidende waar ons leven vol mee is. De observaties zijn nietsontziend en kruipen onder je huid. Wat overblijft, is het leven, tot op het bot uitgekleed, net zoals Sigh en Bell zich soms in de ijskoude zee begeven:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘Ze deden het om zichzelf aan hun lichaam te herinneren; om eraan herinnerd te worden dat ze allemaal uit een lichaam bestonden -           
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                                                                                 hun gerimpelde huid in de kreukels;
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                                                                                             verstrengeld in hun eigen haar;
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                                                                     hun zenuwen werden geprikkeld, hun bloed werd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                                                                     rondgepompt, hun cellen werden aangezwengeld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                                                                    [...]
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze deden het om herinnerd te worden aan hun omgeving; om zichzelf te herinneren aan het feit dat ze elk uit hun eigen omgeving waren voortgekomen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Sara Baume –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Weken maanden jaren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Lette Vos. Koppernik | Oevers, Amsterdam. 256 blz. €23,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Omslag-Sara-Baume-weken-maanden.jpeg" length="852700" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 27 Nov 2023 14:15:08 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/om-eraan-herinnerd-te-worden-dat-ze-allemaal-uit-een-lichaam-bestonden</guid>
      <g-custom:tags type="string">Sara Baume,essays,Weken maanden jaren</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Omslag-Sara-Baume-weken-maanden.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Omslag-Sara-Baume-weken-maanden.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Dwaalgasten in een schepping</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/dwaalgasten-in-een-schepping</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dwaalgasten in een schepping
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Handwerk' van Sara Baume
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Handwerk-Baume.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘Amateurs kennen een heel eigen maakproces, doorgaans ingewikkeld, inefficiënt en onnodig’, stelt Stephen Knott, in het motto bij
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Handwerk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de Ierse Sara Baume. Het is alsof Baume met het motto haar eigen werk typeert. Het lijkt te bestaan uit een volstrekt willekeurige verzameling fragmenten, over de Groenlandse tapuit, knutselen, modelleren, herinneringen aan haar vader en talloze weetjes en filosofische bespiegelingen, maar in die willekeur ontvouwt zich een ontroerende ode aan de grillige natuur van handwerk.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Groenlandse tapuit legt een onvoorstelbaar lange route tegen de wind in af, om ergens, niet eens bewust, aan te komen, terwijl hij dat ook via een eenvoudigere route had kunnen doen. De verteller zegt het niet met zo veel woorden, maar precies als deze tapuit vergaat het de kunstenaar die eindeloos ploetert en dan ergens belandt, waarvan het maar de vraag is of hij daar bewust naartoe heeft gewerkt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Net als dat het lastig te omschrijven is wat er allemaal onder ‘handwerk’ valt (bouwwerkzaamheden, ambacht, knutselen, kunst?), is het nauwelijks te omschrijven wat
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Handwerk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is: geen roman, geen dichtbundel, geen losse verhalen, maar een verzameling ogenschijnlijk willekeurige observaties, gedachten, beschrijvingen, herinneringen, die toch met elkaar samenhangen. Tussen de fragmenten door staan foto’s van kleine vogels die de verteller (Baume zelf?) maakte van gemodelleerd gips, op een houten stokje, een project waarmee ze begon na de dood van haar vader: ‘Het maken van een zwerm waarmee ik al twee jaar elke dag probeer het besef van zijn afwezigheid op afstand te houden’.  Allerlei verschillende vogels komen ook in de teksten steeds terug.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vader van de ik-verteller werkte in een zandsteengroeve. Hij ontwierp grote machines. Ze schrijft met groot respect over hem. Ondertussen vond hij haar geknutsel maar weinig zinvol: waarom zou je iets maken wat mooi is? Toch maakte hij voor haar een atelier waarin ze kon werken, waaruit zijn liefde voor haar blijkt. Zelf heeft hij zich tijdens het zware werk te weinig beschermd en uiteindelijk is hij, waarschijnlijk door alle giftige stoffen waaraan hij werd blootgesteld, aan kanker overleden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Baumes teksten roepen een grote liefde op voor alles wat door onze handen gaat, maar ook voor de personen van wie die handen zijn:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Mark tekent, maar nooit in de woonkamer, alleen in zijn eentje uit het zicht. In het staartje van de avond maakt hij op de werkplek aan de eettafel zijn visspullen klaar. Als je niet beter weet kun je het materiaal dat hij daarvoor gebruikt best aanzien voor de grondstoffen van ontkiemende kunst: geverfde veren, lovertjes, naald en draad, de lege hulzen van confettikanonnen, loden tranen, flintertjes licht hout, lichtgevende verf. Het worden paternosters, pilkers, spinners en dobbers, die hij allemaal makkelijk bij een hengelsportwinkel zou kunnen kopen, maar hij maakt ze liever zelf, deels om geld te besparen, deels om de gebreken van de kant-en-klare markt te omzeilen en deels omdat hij alles precies op elkaar afstemmen en op maat maken een leuke uitdaging vindt [...]’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dat is het precies: wie goed kijkt, ziet overal kunst, ‘handwerk’ in elk geval, en er is geen oordeel over wat ‘echte kunst’ is en wat niet, er is aandacht voor het maken ervan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zoals de verteller allerlei rondzwervend afval verzamelt, stokjes, stukjes kurk, hout, vilt, die ze uiteindelijk in een kunstwerk verwerkt, zo verzamelt de lezer weetjes, herinneringen, observaties van de verteller, die een bijzondere verbinding met elkaar aangaan. De verzameling zet je aan het denken over waar levens doorgaans uit bestaan, hoe elk mens zijn eigen verzameling aan het worden is en hoe die verschillende verzamelingen elkaar weer kunnen ontmoeten aan de keukentafel. ‘De echtheid van iets is de som van alles wat het vanaf zijn oorsprong met zich meedraagt, vanaf zijn materiële tijdsduur tot zijn historische bewijskracht’, citeert de verteller Walter Benjamin.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het lijkt een wat amateuristisch proces, dat ‘handwerk’. Toch is er ook de reflectie en het strenge eigen oordeel. Zo komt er een moment dat de verteller na honderd gipsen beeldjes de vogels toch iets anders is gaan modelleren, wat puntiger en vreemder. Ze komt tot de ontdekking dat de eerste honderd niet goed gelukt zijn, terwijl ze er een hele winter mee bezig is geweest. Eerst wil ze het niet zien, maar dan voelt ze hoe ze niet meer te redden zijn, ze dekt ze af met gescheurde kranten en schuift ze in een doos onder het bed: ‘Ik maakte ze vleugellam, verstopte ze en begon opnieuw.’ Als haar kunstwerkjes trekvogels zijn, zegt ze, en als groep een installatie vormen, dan zijn de misbaksels haar dwaalgasten, afgezonderd van hun soortgenoten, lid van een onvoltooide vlucht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Baume heeft een monument geschreven, misschien voor haar vader, maar vooral ook voor het scheppende leven, waarin we onszelf en de ander in essentie kunnen (aan)treffen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Sara Baume –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Handwerk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Lette Vos. Koppernik | Oevers, Amsterdam. 240 blz. €22,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Handwerk-Baume.jpeg" length="60067" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 24 Nov 2023 17:22:55 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/dwaalgasten-in-een-schepping</guid>
      <g-custom:tags type="string">Sara Baume,essays,Handwerk</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Handwerk-Baume.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Handwerk-Baume.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Op bezoek gaan bij andermans standpunten</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/op-bezoek-gaan-bij-andermans-standpunten</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op bezoek gaan bij andermans standpunten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het leven van de geest' van Hannah Arendt. Aflevering 18
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hannah+Arendt19.webp"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richt Hannah Arendt zich op drie belangrijke processen in de geest: denken, willen en oordelen, aan welke ze allemaal een flink deel wijdt. Op een toegankelijke manier legt zij in woorden de geest bloot en deelt daarmee bijzondere inzichten die niet per se waarheid zijn, maar die inspireren om verder over na te denken. In deze serie licht ik daar enkele inzichten uit die te mooi zijn om niet te delen. Voor haar onderzoek naar ‘oordelen’ heeft Arendt zich verdiept in de filosofie van Kant. De vertalers hebben daarom in het laatste deel, dat ze niet meer heeft kunnen voltooien, haar dertien colleges over Kant opgenomen. Deze aflevering is actueel in deze verkiezingstijd en gaat over het slijpen van de eigen overtuigingen aan die van de ander.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Kant schreef zijn
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kritieken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , waarin het oordelen een belangrijke plaats inneemt. Om Kant te begrijpen, zegt Arendt, is het belangrijk dat je drie verschillende perspectieven kunt onderscheiden van waaruit wij de mens kunnen bekijken: allereerst de menselijke soort met haar vooruitgang; daarnaast de mens als moreel wezen en als doel in zichzelf; ten slotte mensen in meervoud die met elkaar de aarde bewonen. Als Kant het over de mens heeft, is het dus steeds van belang te bepalen welke van de drie hij precies bedoelt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kant ziet de filosoof als een gewoon mens, die tussen andere mensen leeft. Bovendien acht hij ieder gewoon mens in staat om het leven te beoordelen, zonder dat hij daarvoor een filosoof hoeft te zijn. Het denken is volgens Kant een algemeen menselijke behoefte. Als er al een elite bestaat, dan is dat er een in moreel opzicht: liegen, een vorm van zelfbedrog, is de rotte plek in de menselijke soort; de elite wordt hooguit gevormd door mensen die eerlijk zijn tegenover zichzelf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Volgens Kant kunnen filosofen misschien beter niet regeren, maar de regering zou wel naar hen moeten luisteren. Al heeft Kant nooit een politieke filosofie geschreven, volgens Arendt is die desalniettemin in heel zijn werk terug te vinden. Zij onderzoekt daarvoor de betekenis van de titel van Kants belangrijkste werk:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kritiek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Kant wil zijn voorgangers bekritiseren, maar hij noemt zijn tijdperk het tijdperk van de kritiek: alles moet zich onderwerpen aan die kritiek. Omdat religie en wetten zich hier het liefst aan onttrekken, verliezen zij het respect van de rede. Kritisch denken is een nieuwe beweging die zich vrijuit beweegt tussen scepticisme en dogmatiek, en onderzoekt wat we kunnen kennen én wat niet.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het kritisch denken van Kant sluit mooi aan bij de ‘verloskunde’ van Socrates, die door de dialoog aan te gaan met de mensen op de markt, ieders waarheid naar boven wilde halen. Het gaat niet om het resultaat, maar om een concentratie op het denken zelf. De enige regel is die van de consistentie: het niet-tegenspreken. Kant past dit ook toe op de ethiek: de mens zou zo moeten handelen dat zijn handeling een algemene wet zou kunnen worden, waaraan hij zelf ook onderworpen wordt. Kants visie sluit daarnaast mooi aan bij het anti-schoolse van Socrates’ methode. Zijn denken is niet bestemd voor een elite, maar voor alle mensen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nu is de belangrijkste politieke vrijheid misschien wel de vrijheid van spreken en publiceren. Dat betekent dat je als mens vrij bent om geheel zelfstandig te denken en alles wat je bedacht hebt, te propageren. Kant gelooft echter dat het denkvermogen van de mens afhankelijk is van het publieke gebruik ervan. Als het denken niet onderhevig is aan de toets van het vrije en open onderzoek, is het volgens hem onmogelijk om te denken en een mening te vormen. Om te denken moet je je afzonderen, maar er zal niets van dit denken overblijven als je het niet kunt meedelen. Als geweld van buitenaf mensen berooft van hun vrijheid om gedachten publiekelijk mee te delen, zegt Kant, dan ontneemt dat tevens de vrijheid om te denken, terwijl die vrijheid onze enige schat is en enige remedie tegen het kwaad.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe actueel in deze verkiezingstijd is Kants visie op het contact dat we met elkaar zouden moeten hebben om ons denken aan dat van de ander te slijpen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Je weet dat ik redelijke opwerpingen niet benader met de bedoeling om ze alleen maar te weerleggen, maar dat ik ze overdenk en zo altijd in mijn eigen oordelen verweef: ik geef ze dus de kans om mijn dierbaarste overtuigingen aan het wankelen te brengen. Ik koester de hoop, door zo onpartijdig mijn oordelen vanuit het standpunt van anderen te bekijken, een andere kijk te verwerven, die mijn eerste inzichten verbetert.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze manier van publiekelijk denken is heel wat anders dan de kreten en enkelvoudige zinnen waarmee politici elkaar op dit moment om de oren slaan. Bij kritisch denken probeer je zo veel mogelijk standpunten op te nemen en de waarneming van ieder afzonderlijk te toetsen aan die van de anderen. Hiervoor heb je verbeelding nodig: alleen door de verbeelding is de mens in staat de anderen aanwezig te stellen. Het kritisch denken begeeft zich, zo zegt Arendt, in een potentieel publieke ruimte, die aan alle kanten open is: ‘Denken met een verruimde geest betekent dat men zijn verbeelding oefent in het op bezoek gaan.’ Dit betekent niet dat je dan maar andermans standpunt moet overnemen, maar dat je zo veel mogelijk andere standpunten bezoekt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Volgens Arendt nam Kant deze verruiming van de geest zo serieus dat hij door het lezen van reisverslagen de weg kende in Londen en Italië, terwijl hij Königsberg nooit verliet. Hij had geen tijd voor reizen, omdat hij zo veel over zo veel landen wilde weten. Wat ons klimaat betreft, zouden we ook daaraan een voorbeeld mogen nemen, al had het reizen in Kants tijd nog niet zulke gevolgen voor het milieu.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hannah Arendt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Dirk De Schutter en Remi Peeters. Uitgeverij Ten Have, Utrecht. 800 blz. €52,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hannah+Arendt19.webp" length="316030" type="image/webp" />
      <pubDate>Tue, 21 Nov 2023 21:22:14 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/op-bezoek-gaan-bij-andermans-standpunten</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het leven van de geest,Op bezoek gaan bij andermans standpunten,essays,Hannah Arendt,Aflevering 18</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hannah+Arendt19.webp">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hannah+Arendt19.webp">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'De eerste stap was genomen, het was het Lot...'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-eerste-stap-was-genomen-het-was-het-lot</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'De eerste stap was genomen, het was het Lot...'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De stroming naturalisme in 'Noodlot' van Couperus door A.R. (leerling uit vwo 5 van het Eligant Lyceum in Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/couperus.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘de knorrige stem van een oude man riep twee-, driemaal Eves naam; een hand draaide de deur open.’ (Couperus, 1891, blz. 105). Zo sluit Couperus zijn boek
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Noodlot
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            af. Louis Couperus werd een man van zaken genoemd. Hij heeft in de 31 jaar dat hij actief was wel 50 titels geproduceerd. Hij reisde veel, waardoor veel van zijn boeken in verschillende landen en plaatsen afspelen. (Louis Couperus, z.d.). Noodlot gaat over de relatie en bedrog tussen de hoofdpersonen. Bertie, woont bij Frank en is erg lui, hij leeft van Franks geld. Maar wanneer Frank Eve, ontmoet, is Bertie bang dat hij ergens anders moet wonen en daarom wil hij Frank en Eve scheiden.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Noodlot
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is uitgekomen in 1980.  In de negentiende eeuw waren er veel nieuwe opkomende stromingen, een daarvan is  naturalisme. Past
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Noodlot
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van Louis Couperus goed bij de stroming naturalisme? 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een belangrijk kenmerk van naturalisme is de natuurlijke dialogen. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Noodlot
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           worden dialogen op een uitgebreide manier geschreven. Vaak worden woorden herhaald
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zoals bij: 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            ‘- Niets... Beloof het me... beloof me, dat je gelukkig zal zijn. [...] ‘- Nee, neen, Eve, er is niets... [...] - Niets, waarlijk niets, lieve Eve, ik verzeker
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            het je, er is niets. [...] - Niets, niets! bleef hij klankloos murmelen.’ (Couperus, 1891, blz. 39 - 40). 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het herhalen van de woorden geeft nadruk en spanning. Zelfs tussen personages is er eenverschil in de schrijfstijl van de dialogen. Bertie is een onzeker persoon, maar hij kan soms ook heel manipulerend zijn. Als hij tegen Frank praat is er vaak onzekerheid en angstig, bijvoorbeeld bij: ‘- Spreek niet over me met je vrienden... Het is niet nodig, dat ze weten, dat je zo een slecht sujet als ik ben, kent... Beloof je het me?’ ’ (Couperus, 1891, blz. 7). Maar als hij met Eve praat kan hij heel manipulatief zijn; ‘- En als ik dan weg ben en je bent samen met Frank, voor altijd... zal je dan gelukkig zijn.Eve?’( Couperus, 1891, blz. 39). Hij manipuleert Eve om medelijden te hebben en maakt zichzelf het slachtoffer van de situatie. Frank daarentegen heeft dialogen die zelfverzekerder zijn en is altijd meteen ter zake. Eves dialogen hebben iets kinderlijks. Ze klinkt altijd dromerig en speels, bijvoorbeeld bij: 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            - Op Bertie! lachte zij. Hoe is het mogelijk! O, o, op Bertie! Maar ik beschouw hem zo als een aardig jongetje, bijna als een meisje... Hij is zo klein en hij heeft zulke mooie handjes! O, o! Ben je jaloers op Bertie?’ ( Couperus, 1891, blz. 32-33). 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook later in het boek, wanneer ze een stuk ouder is, is ze dromerig en romantiseert ze situaties: 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            - O, verbied het me niet! smeekte zij, op de grond vallend en zijn knieën omhelzend. Laten we het samen doen. Het zal heerlijk zijn. Het zal roze en zilver en goud om ons zijn, als een zonsondergang. O, kan je je iets verbeelden wat zaliger zou wezen? Frank, Frank, het is het Geluk, het Geluk, waar we naar zochten, waar ieder naar zoekt op de wereld! Het Geluk is: samen, van elkaar houdend, met elkaar te sterven! Het is het paradijs, de hemel, Frank!!! ‘  Couperus, 1891, blz. 104) 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De schrijfstijl van Couperus is heel beschrijvend en uitgebreid waardoor de dialogen heel natuurlijk overkomen. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het tweede kenmerk is de objectieve verteller.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Noodlot
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is geschreven vanuit een meervoudig personaal perspectief, maar wel uit een subjectief oog. Het verhaal is verteld vanuit Frank, Bertie en Eve, maar Couperus is objectief en vermengt niet zijn eigen mening in het verhaal. Doordat de schrijver niet oordeelt moet de lezer zelf een mening
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           vormen over de personages. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het derde kenmerk is een nerveuze, zwakke of zieke protagonist, Eve en Bertie. Eve is een zieke protagonist. Ook al zou je dat niet meteen van haar zeggen, ze heeft wel een ziekte. Ze krijgt heftige hallucinaties waarbij het lijkt of ze een epileptische aanval krijgt, waardoor ze denkt dat het dondert in haar oren en hoofd. Daarom is ze ook bang voor storm. Bertie is vaak nerveus en dat kan je goed lezen in zijn dialogen. Vaak gebruikt Couperus drie puntjes in de dialogen van Bertie, waardoor hij nerveus lijkt. Bijvoorbeeld wanneer Bertie en Frank aan het begin van het boek elkaar weer ontmoeten: ‘- Ja... ik wou... of u me misschien helpen kon... ik ken hier niemand…’ (Couperus, 1891, blz. 2). 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Nog een kenmerk is taboedoorbrekende seksualiteit.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Noodlot
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            suggereert dat er een speciale relatie is tussen Bertie en Frank. Het lijkt soms net alsof Frank en Bertie samen in een relatie zijn.  Frank vindt Bertie amusant en laat hem verblijven in zijn huis, hij krijgt meer plezier in London door Bertie. Frank geeft veel geld uit aan Bertie, zoveel zelfs dat Frank geld tekortkomt. Wanneer Bertie de kleren van Frank draagt, beschrijft Frank hem als: 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘Bertie was zo fijn, zo bleek, zo tenger, bijna zonder volle mannelijke ontwikkeling; hij verzonk in de groteske plooien van Franks jas en broek; hij was een jongen, vergeleken bij hemzelve, zo groot en vierkant!’ (Couperus, 1891, blz. 6)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarnaast heeft Bertie een diepe minachting voor het vrouwelijke geslacht, wat Frank erg amusant vindt. Bertie gaf ook toe dat hij nooit van eenvrouw heeft gehouden. Toch zegt Bertie vaak dat hij veel van Frank houdt. Tijdens de ruzie tussen de twee zegt Bertie: ‘en dat ik veel, zielsveel van je hou, zoveel als een man bijna nooit van een andere man houdt’. De relatie tussen de twee is zo bijzonder, waardoor het wel een taboe doorbreekt. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Noodlot
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            heeft echter een kenmerk dat niet past bij naturalisme en dat is het lot of noodlot. Naturalisme heeft als kenmerk; ‘de afwezigheid van metafysische of symbolische elementen’ (Wikipedia-bijdragers, 2023b). Maar het lot of het noodlot is een metafysisch element. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Noodlot
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wordt beschreven dat je het lot niet kan vermijden. Frank en Eve vinden dat hun noodlot is om samen te zijn: ‘- Neen, nooit met een ander. Dat kon niet met een ander. Ik moest met jou leven. Het was het Noodlot ...‘(Couperus, 1891, blz. 103). Bertie vindt juist dat het lot is dat Frank en Eve zouden scheiden. Bertie denkt: ’het moest zo zijn: de eerste stap was genomen,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het was het Lot..’(Couperus, 1891, blz. 47) en ‘ Neen, hij had niets bewerkt, niet kunnen bewerken: alles was het een uit het ander
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voortgesproten: het had zo moeten zijn.’‘(Couperus, 1891, blz. 58). Het lot is geen kenmerk van naturalisme, maar komt wel voor in het boek.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het laatste kenmerk is geloofwaardigheid.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Noodlot
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            speelt zich af in Engeland, Noorwegen en Nederland. Aan het begin worden al meteen straatnamen en specifieke plekken genoemd. Wanneer ze in Noorwegen zijn, worden ook gebieden genoemd. De plekken die de personages bezoeken zijn allemaal echte plekken, waardoor het verhaal geloofwaardiger wordt. Zelfs worden er boeken en auteurs genoemd. Naar het boek Gespenster wordt meerdere malen verwezen, als eerste wanneer ze in Noorwegen zijn en daarna wanneer Eve twijfelt aan de trouwheid van Frank. Door het verwijzen van plaatsen en boeken die echt bestaan, wordt het geloofwaardig. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Al met al past
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Noodlot
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            goed bij de stroming naturalisme door de natuurlijke dialogen, de objectieve verteller, de nerveuze of zieke protagonist, het doorbreken van taboe en de geloofwaardigheid. Ook al heeft
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Noodlot
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een metafysisch element dat niet bij de stroming past, overtreffen de andere kenmerken dat en past
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Noodlot
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            het beste bij naturalisme. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           bronvermelding: 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
                 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Couperus, L. (1891).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Noodlot
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Geraadpleegd op 9 november 2023, van 1891-Louis-Couperus.pdf 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ·     
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wikipedia-bijdragers. (2023, 31 mei).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Naturalisme
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (literatuur). Wikipedia. Geraadpleegd op 9 november 2023, van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://nl.wikipedia.org/wiki/Naturalisme_(literatuur)" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://nl.wikipedia.org/wiki/Naturalisme_(literatuur)
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ·     
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Louis Couperus. (z.d.).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Literatuurgeschiedenis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Geraadpleegd op 9 november 2023, van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/louis-couperus" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/louis-couperus
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ·     
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Alwetende verteller. (z.d.). Schrijven Online. Geraadpleegd op 9 november 2023, van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://schrijvenonline.org/forum/het-schrijfproces/stijl-en-techniek/105041%22%20/l%20%22:~:text=Een%20alwetende%20verteller%20kan%20subjectief,kan%20identificeren%20met%20%C3%A9%C3%A9n%20hoofdpersoon%20" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://schrijvenonline.org/forum/het-schrijfproces/stijl-en-techniek/105041#:~:text=Een%20alwetende%20verteller%20kan%20subjectief,kan%20identificeren%20met%20%C3%A9%C3%A9n%20hoofdpersoon%20
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/couperus.jpeg" length="10732" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 21 Nov 2023 18:12:30 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-eerste-stap-was-genomen-het-was-het-lot</guid>
      <g-custom:tags type="string">Noodlot,Louis Couperus,essays,essays van leerlingen,essays leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/couperus.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/couperus.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Ja, ik zal gelezen worden!’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ja-ik-zal-gelezen-worden</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ja, ik zal gelezen worden!’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Max Havelaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           afgestoft (artikel van Christine de Hosson, leerling vwo 5 van het Eligant Lyceum in Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/max+havelaar.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Max Havelaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            werd geschreven door Eduard Douwes Dekker (1820-1887) en gepubliceerd in 1860. Douwes Dekker was een Nederlands bestuursambtenaar en auteur en kreeg grote bekendheid onder het pseudoniem Multatuli. Met Max Havelaar, of De koffij-veilingen der Nederlandsche Handel-Maatschappij hekelde Multatuli de manier waarop bestuurders uit Nederland en Nederlands-Indië de lokale bevolking van Java behandelde. Hij baseerde het verhaal op zijn eigen ervaringen als bestuursambtenaar in Nederlands-Indië (het huidige Indonesië). Hij schreef niet alleen romans, maar ook toneelstukken, pamfletten en aforismen. Met zijn invloedrijke persoonlijkheid en schrijfstijl wist Douwes Dekker latere generaties schrijvers, waaronder de Tachtigers, Nescio, Elsschot, Du Perron, Hermans en Karel van het Reve, te beïnvloeden. Ook werd zijn werk internationaal geprezen en gelezen. Vooral Duitsland was gecharmeerd van zijn werk nadat het tussen 1900-1910 was vertaald. Het werk van Douwes Dekker wordt daar gezien als een inspiratiebron voor de feministische beweging. In 2002 werd Max Havelaar uitgeroepen tot het belangrijkste Nederlandstalige letterkundige werk aller tijden en in 2004 eindigde Multatuli op de 34e plaats in de verkiezing van de grootste Nederlander (Wikipedia-bijdragers, 2023).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Max Havelaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            brengt Douwes Dekker een aaneenschakeling van onrecht in het koloniale systeem onder de aandacht. De plot volgt de ontmoeting tussen Batavus Droogstoppel, een koffiemakelaar, en zijn oude vriend Sjaalman (Max Havelaar). Sjaalman biedt Droogstoppel een pak manuscripten aan, waarin het schrijnende verhaal van zijn ervaringen als assistent-resident in Lebak, Indonesië, wordt verteld.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                          ‘Leugens! Nederland is Nederland gebleven, omdat onze oude lui op hun zaken pasten, en omdat ze het ware geloof hadden. Dat is de zaak!‘ stelt Batavus Droogstoppel, een zelfgenoegzame vrome materialistische en opportunistische personage in het boek. In de manuscripten van Sjaalman ziet hij weinig waarde, maar omdat hij zelf een boek wil uitbrengen, laat hij zijn medewerker Stern de manuscripten doorzoeken naar interessant materiaal voor dat boek. Stern raakt diep geroerd door het verhaal van Sjaalman en creëert een verhaal dat de misstanden in Lebak en de onrechtvaardige behandeling van de lokale bevolking aan de kaak stelt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal in Lebak onthult de schokkende uitbuiting van de Javaanse bevolking door de corrupte regent. Sjaalman voelt zich moreel verplicht om deze wandaden aan te pakken en gerechtigheid te brengen. Zijn vastberadenheid om het onrecht te bestrijden, ondanks de tegenwerking van lokale autoriteiten en mede-Nederlanders, vormt het hart van het verhaal.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                           Kan een boek dat 163 jaar gelden werd geschreven nog actueel zijn? En wat maakt het actueel? In het artikel ‘
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Max Havelaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , een actueel boek' verklaarde Janssen ruim 50 jaar geleden het boek actueel. Dat onderbouwde hij met ‘op de eerste plaats actueel wegens zijn anti-kolonialistisch protest’ (DBNL, 1970). Ook corruptie stelt Janssens aan de orde: ‘Op de achtergrond van het sullige, schijnheilige gedoe op de Lauriergracht’ (DBNL, 1970). In het Multatuli-jaar 2020 voegde de voorzitter van het Multatuli-genootschap hieraan in elk geval nog twee thema’s toe: ‘Mensenrechten, anti-discriminatie, al die thema’s verweeft hij ingenieus in die roman.’ (DPG Media Privacy Gate, z.g.).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Douwes Dekker weet met slechts een paar zinnen de essentie van het koloniale misbruik te beschrijven met de passage:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Doch daar kwamen vreemdelingen uit het Westen, die zich heer maakten van het land. Ze wenschten voordeel te doen met de vruchtbaarheid van den bodem, en gelastten den bewoner een gedeelte zyn arbeid en van zyn tyd toetewyden aan het voortbrengen van andere zaken, die meer winst zouden afwerpen op de markten van Europa. Om den geringen man hiertoe te bewegen, was niet meer dan een zeer eenvoudige staatkunde noodig. Hy gehoorzaamt zyn hoofden, men had dus slechts deze hoofden te winnen door hun een gedeelte van de winst toetezeggen, en… het gelukte volkomen. (Multatuli, 2020).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vlak na zijn aanstelling tot assistent-resident voert Max Havelaar een gesprek met kontroleur Verbrugge over de corruptie die hij al snel ontdekte in de boekhouding en stelt: ‘Ik zal ’t je zeggen: ze waren valsch! Want er was driemaal meer volk opgeroepen om voor den Regent te werken dan de bepalingen op de heerediensten toelaten, en dit durfde men natuurlijk in de staten niet opgeven.’ (Multatuli, 2020). In diezelfde boekhouding trof Max Havelaar een aantekening van zijn voorganger Slotering over de mensenrechten op Java. In hetzelfde gesprek met Verbrugge stelt hij: ‘De verloop van volk te Parang-Koedjang is alleen toeteschrijven aan het verregaand misbruik, dat van de bevolking wordt gemaakt’. Verbrugge bevestigt vervolgens dat Slotering dit punt dikwyls met de resident heeft besproken. Er lijkt enkel niets mee te worden gedaan.’ (Multatuli, 2020). Batavus Droogstoppel citeert een preek van dominee Wawelaar waarin de dominee de niet Christelijke bevolking van Java beschrijft:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er leven daar verdoolden, myne geliefden - wanneer zulk een gruwelyk bestaan den naam van leven dragen mag! - daar vindt men wezens die beweren dat het voldoende is, vrouw en kind lieftehebben en van hunnen naasten niet te nemen wat hun niet behoort, om 's avonds gerust het hoofd te kunnen nederleggen ter-slape! Yst ge niet by dit tafereel?’ Met deze discriminerende uitspraak keurt Wawelaar niet alleen het geloof van de Javanen af maar hij ontmenselijkt ze ook met het gebruik van de term ‘wezens’. (Multatuli, 2020)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook andere thema’s rondom kolonialisme komen voorbij. Wanneer de situatie op Java wordt geschetst komt uitbuiting door de Nederlanders duidelijk tot uitdrukking:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Want, mocht iemand vragen of de landbouwer zelf eene met deze uitkomst evenredige belooning geniet, dan moet ik hierop een ontkennend antwoord geven. De Regering verplicht hem op zyn grond aantekweeken wat haar behaagt, ze straft hem wanner hy het aldus vootgebrachte verkoopt aan wie het ook zy buiten háár, en zyzelf bepaalt den prys dien ze hem daarvoor uitbetaalt. (Multatuli, 2020)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Machtsmisbruik via het geloof en het daaraan gekoppelde religieuze superioriteitsgevoel zien we terugkomen in, opnieuw een citaat van Dominee Wawelaar door Droogstoppel:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar geliefden, ging Dominee Wawelaar voort, God is een God van liefde! Hy wil niet dat de zondaar verloren ga, maar dat hy zalig worde met de genade, in Christus, door het geloof! En daarom is Nederland uitverkoren om van die rampzaligen te redden wat er van te redden is! Daártoe heeft Hy in Zyn onnaspeurlyke Wysheid aan een land klein van omvang, maar groot en sterk door de kennisse Gods, macht gegeven over de bewoners dier gewesten, opdat zy door het heilig nooit volprezen Euangelium worden gered van de straffen der helle! De schepen van Nederland bevaren de groote wateren en brengen beschaving, godsdienst, Christendom, aan den verdoolden Javaan!’ (Multatuli, 2020)Itc
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat het superioriteitsdenken zich niet beperkte tot alleen de koloniën blijkt uit de manier waarop Droogstoppel denkt over Sjaalman: ‘Wat drommel, wie arm is, kan zeggen dat hij arm is! Armen moeten er zyn, dit is noodig in de maatschappy, en ’t is Gods wil. Als hy maar geen aalmoes vraagt, en niemand lastig valt, heb ik er volstrekt niet tegen dat hy arm is, maar die opsiering van de zaak komt niet te pas.’ (Multatuli, 2020). Hiermee stelt Droogstoppel dat armoede verwijtbaar is en het lot van de armen; een houding die armoede in stand houdt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                        Voor de relatie tot deze thema’s met de wereld waarin we nu leven hoeft niet ver gezocht te worden; de kranten staan er vol mee. Want waar we kolonialisme hebben afgeschaft, is het neo-kolonialisme in opmars. Luxe vakanties naar resorts in voormalige kolonies zijn een booming business. Expert duurzaam toerisme Maaike Bergsma vraagt aandacht voor het fenomeen in een veelvoud aan interviews:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “Wij komen nog altijd om te halen, niet om te brengen", zegt Bergsma. "Wij komen om voor een dubbeltje op de eerste rij te zitten; spotgoedkoop en voordelig. Maar dan zitten wij er nog steeds in met een kolonialistische houding van profiteren. Terwijl we eigenlijk zouden moeten denken: wat kom ik brengen?” (Reizen naar voormalige koloniën: populair, maar niet altijd goed, 2023)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van een andere orde is de wereldhandel in grondstoffen. Europa wil, door de corona-pandemie, minder afhankelijk worden van China en verlegt haar aandacht naar Zuid-Amerika. Ook hier lijkt de Europeaan weinig oog te hebben voor de lokale situatie:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De realiteit is evenwel dat China de voorbije jaren de grootste investeerder is geworden in de regio - veel meer dan Europa kan bieden. Bovendien sturen landen als Chili of Brazilië hun grondstoffen naar China voor raffinage. Ze kopen de verwerkte grondstoffen er ook zelf aan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Europese focus op de rijkdommen van Latijns-Amerika en niet op de noden van de regio werd dan ook als 'neokolonialisme' gebrandmerkt. (“Neokoloniaal” Europa danst moeilijke tango met Latijns-Amerika, 2023)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat mensenrechten moeten wijken voor het WK-voetbal is al vaker aan de orde gesteld. Op de toernooi-locatie van 2022 werd door het Westen afkeurend gereageerd. Niet alleen omdat er sprake was van omkoping van Fifa-leden maar ook de mensenrechten van onder andere de bouwers van het voetbalstadion werden ter discussie gesteld. Dat de FIFA er niets van heeft geleerd blijkt uit de bekendmaking van het gastland in 2034:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dertien jaar na alle schandalen rond de toewijzing van de WK’s aan Rusland en Qatar, veranderde er op politiek gebied van alles bij de FIFA. De wereldvoetbalbond werd geherstructureerd, de procedure voor WK-toewijzingen ging op de schop en speciale paragrafen werden toegevoegd om gastlanden te dwingen tot het respecteren van mensenrechten en het milieu. Maar nu ook Saoedi-Arabië het WK binnen heeft, blijft bovenal de schijn over van een wassen neus. (DPG Media Privacy Gate, z.d.-b)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de mode-industrie is al lange tijd sprake van grote vervuiling en uitbuiting van de medewerkers. Bedrijven als H&amp;amp;M, Zara en Primark hebben de afgelopen jaren, schoorvoetend, inspanningen verricht om de arbeidsomstandigheden te verbeteren. Maar sinds het Westen massaal producten rechtstreeks uit China aankopen, is het leven van de productiemedewerkers er sterk op achteruit gegaan:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voor het salaris van omgerekend 572 euro per maand moeten medewerkers in een van de fabrieken minimaal 500 kledingstukken per dag in elkaar zetten. Wie daarbij een fout maakt, krijgt twee derde van het salaris niet uitbetaald. In een andere fabriek is er geen vast salaris, maar krijgen medewerkers 4 cent per afgerond kledingstuk betaald.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Medewerkers in de kledingfabrieken hoeven slechts één dag per maand niet te werken. (NOS, 2022)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Of het nu gaat om economische groei, consumentisme of vermaak, veel gaat nog steeds ten koste van de mensen die het produceren. Maar ook het afval dat daaruit voortkomt Ti dumpen we bij voorkeur op andere plekken dan in onze eigen omgeving. Veel van de afgedankte kleding komt in Ghana terecht: “Hier komen wekelijks honderd zeecontainers vol afdankertjes aan. Het gaat om kleding die is gedoneerd aan het goede doel, maar ook om overproductie en niet-verkochte kleren” (Van Gelder, 2023). Het percentage kleding dat hergebruikt kan worden neemt af. Via illegale dumpplekken worden stranden overspoeld door afgedankte kledingresten. ‘Stuur ons alleen wat echt nog goed is. Jullie willen het afval niet en wij ook niet.’ (Van Gelder, 2023)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
                        En zo blijkt
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Max Havelaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een tijdloze spiegel die het verleden met het heden weet te verbinden. Onderdrukking is helaas van alle tijden en komt overal ter wereld in sterke of minder sterke mate voor in samenlevingen, ook de onze. Het verhaal van Max Havelaar werpt licht op deze kwesties en roept op tot bewustwording, actie en verandering. De nadruk op individuele morele integriteit en vastberadenheid in de strijd tegen onrechtvaardigheid zijn inspirerend en altijd relevant.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           We leven in een tijd waarin sociaal activisme en burgerrechtenbewegingen wereldwijd sterk aanwezig zijn. Max Havelaar toont de lezers de kracht van individuen om verandering teweeg te brengen en te strijden voor een rechtvaardigere samenleving.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In onze geglobaliseerde wereld zijn culturele uitwisseling en begrip cruciaal. Max Havelaar toont ons de complexiteit van de koloniale geschiedenis en de impact ervan op de geopolitieke verhoudingen in het heden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                       Aan het einde van zijn boek roept Multatuli de lezer op zijn boodschap te verspreiden. Daaraan wordt dankzij zijn schrijfstijl en de urgentie van zijn boodschap nog volop gehoor gegeven:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ja, ik wil gelezen worden!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als dit doel bereikt wordt, zal ik tevreden zyn. Want het was me niet te doen om goed te schryven… il wilde zóó schryven dat het gehoord werd. En, even als iemand die roept ‘houdt den dief!’ zich weinig bekommert over den styl zyner geïmproviseerde toespraak aan ’t publiek, is ’t ook my geheel om ’t even hoe men de wyze zal beoordelen waarop ik myn ‘houdt den dief’ heb geschreeuwd.’ (Multatuli, 2020).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            En, in dat kader passen de in 2010 door Gijsbert van Es hertaalde versie
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Max Havelaar of de koffieveilingen van de Nederlandse Handelmaatschappij
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en de geïllustreerde versie Max Havelaar de graphic novel door Erik Heuvel en Joost van de Waterschot uit 2020 volledig bij Havelaars’ appèl.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Max Havelaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            stoffig? Nee, verre van. Het werk wordt zoveel gelezen dat het geen tijd heeft stof te vangen. En daar waar het voor de modernisten toch wat stoffig aanvoelt zijn de hertaling en geïllustreerde versie beschikbaar. Afgestoft zet Multatuli zijn missie voort, want ‘Ja, ik wil gelezen worden!’ (Multatuli, 2020).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronvermelding
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            -       Multatuli. (2020).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Max Havelaar, of de koffiveilingen der Nederlandse handelmaatschappy.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           -       Wikipedia-bijdragers. (2023, 11 oktober). Eduard Douwes Dekker. Wikipedia. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://nl.wikipedia.org/wiki/Eduard_Douwes_Dekker" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://nl.wikipedia.org/wiki/Eduard_Douwes_Dekker
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            -       DBNL. (1970). Marcel Janssens /
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Max Havelaar’, een actueel boek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , Dietsche Warande en Belfort. jaargang 115 - DBNL. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.dbnl.org/tekst/_die004197001_01/_die004197001_01_0010.php" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.dbnl.org/tekst/_die004197001_01/_die004197001_01_0010.php
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           -       DPG Media Privacy Gate. (z.d.). 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.volkskrant.nl/columns-opinie/200-jaar-multatuli-hij-is-actueler-dan-ooit~bdb3f4d8/" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.volkskrant.nl/columns-opinie/200-jaar-multatuli-hij-is-actueler-dan-ooit~bdb3f4d8/
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           -       
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reizen naar voormalige koloniën: populair, maar niet altijd goed.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (2023, 15 juli). RTL Nieuws. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.rtlnieuws.nl/nieuws/nederland/artikel/5393195/kolonien-indonesie-suriname-nederlandse-antillen-vakantie" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.rtlnieuws.nl/nieuws/nederland/artikel/5393195/kolonien-indonesie-suriname-nederlandse-antillen-vakantie
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           -       "
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Neokoloniaal” Europa danst moeilijke tango met Latijns-Amerika.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (2023, 18 juli). De Tijd. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.tijd.be/politiek-economie/europa/economie/neokoloniaal-europa-danst-moeilijke-tango-met-latijns-amerika/10481385.html" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.tijd.be/politiek-economie/europa/economie/neokoloniaal-europa-danst-moeilijke-tango-met-latijns-amerika/10481385.html
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/max+havelaar.jpeg" length="89614" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 20 Nov 2023 15:42:00 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ja-ik-zal-gelezen-worden</guid>
      <g-custom:tags type="string">Multatuli,Eduard Douwes Dekker,essays,essays van leerlingen,essays leerlingen,Max Havelaar,Ik wil gelezen worden</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/max+havelaar.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/max+havelaar.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>“Wat een voortreffelijke menskunde! dacht ik.”</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wat-een-voortreffelijke-menskunde-dacht-ik</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “Wat een voortreffelijke menskunde! dacht ik.”
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Over 'Reize door het Aapenland'  en de verlichting (artikel van Noortje van der Poort, leerling uit vwo 5 van het Eligant Lyceum in Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/reize+door+het+apenland.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Eén van de bekendste satirische werken uit de 18
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            eeuw is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Reize door het Aapenland
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van J.A. Schasz M.D., pseudoniem voor Gerrit Paape. Gerrit Paape was erg betrokken bij de strijd tussen de patriotten en orangisten eind 18
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            eeuw. Paape was tegen het oude politieke systeem en wilde verandering. Hij wilde meer democratie. In zijn werken uit Paape op een satirische manier zijn kritiek op de politiek en met zijn satirische proza lijkt Paape een schrijver van alle tijden. In de 18
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en 19
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            eeuw zie je veel verschillende literaire stromingen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Reize door het Aapenland
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een passend voorbeeld van een boek uit de verlichting.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een van de belangrijkste kenmerken uit de verlichting is dat de mens zelf verantwoordelijk was voor zijn of haar leven en niet god. Zo hield volgens Spinoza de natuur zichzelf in beweging en kwam god daar niet bij kijken. Volgens Spinoza waren geestelijken zelfs overbodig en was scheiding van kerk en staat meer dan nodig. (
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De verlichting
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , z.d.). Ook in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reize door het Aapenland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zie je terugkomen dat mensen zelf verantwoordelijk zijn. De apen willen in het Apenland het recht in eigen handen nemen en zoeken manieren om meer op de mensen, die zij als beter zien, te lijken. Hierover wordt een vergadering gehouden door de apen. Aap nummer drie, de president, kondigt de vergadering aan: “Onze bijeenkomst heeft thans tot doel uit te vinden wat er ten opzichte van onze uiterlijke gedaanten noodzakelijk hervormd moet worden.” (Reize door het Aapenland, J.A. Schasz p.18).Ze vinden dat het beter is als ze hun staarten af hakken, want mensen hebben die toch zeker ook niet. God, die in eerdere eeuwen juist in het middelpunt stond, wordt überhaupt niet genoemd in het boek. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook de satirische schrijfstijl van Paape is een kenmerk van de verlichting. Hiermee geeft Paape namelijk kritiek op het politieke gezag. Tijdens de verlichting zag je dat mensen hun commentaar op de samenleving uit gingen spreken. Het uiten van je mening werd normaal. In het boek zie je de politieke situatie terugkomen door het verschil tussen Aap nummer 1 en Aap nummer 5. Aap nummer 1 is slim en is bereid veel te doen voor het volk, terwijl Aap nummer 5 juist vanuit eigenbelang handelt. Zijn doel is om zoveel mogelijk macht te krijgen, het gene waar Paape juist kritiek op heeft, maar dit gaat genadeloos fout. Door zijn charismatische manier weet hij iedereen mee te krijgen en vindt er een massale afhakking van de staarten plaats. De bedoeling was dat de apen bij elkaar de wonden dicht zouden naaien, maar zodra de apen hun staart hebben verloren heerst er zulke paniek dat ze dat helemaal vergeten. Uiteindelijk sterven de meeste apen hierdoor. Als Aap nummer 5 eenmaal doorheeft wat hij heeft aangericht vlucht hij weg: “De Vijfianen, ziende wat het gevolg van hun dwingelandij was, dropen beschaamd af en verborgen zich in hun rijkgeladen okkernotenbomen.”(
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reize door het Apenland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , J.A.Schasz, blz.45). Nummer één probeert juist zoveel mogelijk apen te redden: “Nummer Een, met al de zijnen, schoot te hulp en bepleisterde alle bloedende apegaten die hij kon bereiken […]Hij verzorgde de zieken, paste op hen en droeg met eigen handen de doden uit hun midden weg.” (
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reize door het Apenland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , J.A.Schasz, blz.45). Hiermee geeft Paape dus kritiek op het grote eigenbelang dat de leiders van Nederland toen hadden, terwijl ze eigenlijk het volk vergaten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook zag je in de 18
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            eeuw dat de imaginaire reisverhalen populairder werden. Vanuit de verlichting is dat gemakkelijk te verklaren: de ontevredenheid steeg en het was tijd voor verandering. Er werd gedroomd en gefantaseerd over een beter land. Deze gedachtes wisten schrijvers te verwerken tot vermakelijke reisverhalen: de imaginaire reisverhalen. Reisverhalen waren al eerder populair, maar een groot verschil met de eerdere reisverhalen en deze imaginaire reisverhalen is dat deze, zoals de naam al aangeeft, zelf bedacht zijn. Wel kwamen er vaak feitelijke details in de imaginaire reisverhalen voor om ze toch geloofwaardig te maken. Het kwam dan ook regelmatig voor dat mensen de verhalen toch geloofden. (
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Imaginaire reisverhalen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , z.d.).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De imaginaire reisverhalen speelden zich vaak af in utopieën. Echter, dat geldt niet voor
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reize door het Aapenland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Het apenland is juist een weerspiegeling van de mensenwereld. In de ogen van de apen zijn de mensen zelfs een soort elite, waar ze graag bij willen horen. Dit staat dus haaks op de utopieën met een mooiere wereld. Het is geen serieus reisverhaal, maar een satire. Dat mag duidelijk zijn. De hoofdpersoon belandt niet voor niks in een Apenland: “Toen ik wakker werd waren er zeker meer dan tienduizend bavianen en apen om mij heen vergaderd, die mij allen tegelijk, zodra ik mijn ogen in het rond sloeg, als uit één mond toeriepen: welkom, welkom 7854!” (
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reize door het Aapenland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , p.15) Zo maakt Paape van een reisverhaal gebruik om kritiek op de samenleving en de politiek te geven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Dat
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reize door het Aapenland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een boek uit de verlichting is, mag duidelijk zijn. In het boek wordt de regering indirect bekritiseerd door Gerrit Paape door middel van zijn satirische schrijfstijl. Er komt naar voren dat mensen, of apen in dit geval dan, zelf verantwoordelijk zijn voor hun keuzes en daden. Ook de populariteit van de imaginaire reisverhalen is terug te zien, al is de Apenwereld voor Paape vooral een manier om een weerspiegeling te geven van de problemen in het land toentertijd. Dat er verandering moet komen mag volgens Paape duidelijk zijn, waarmee
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Reize door het Aapenland
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een uitstekend voorbeeld is voor een boek uit de verlichting.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Bronnenlijst:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De verlichting
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . (z.d.). Literatuurgeschiedenis. https://www.literatuurgeschiedenis.org/18e-eeuw/de-verlichting
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Gerrit Paape. (z.d.).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Literatuurgeschiedenis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/gerrit-paape
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Imaginaire reisverhalen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . (z.d.). Literatuurgeschiedenis. https://www.literatuurgeschiedenis.org/18e-eeuw/imaginaire-reisverhalen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Satire - 16 definities - Encyclo. (z.d.). https://www.encyclo.nl/begrip/satire
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Schaz, J. (2021).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reize door het Aapenland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/reize+door+het+apenland.jpeg" length="72605" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 20 Nov 2023 15:31:42 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wat-een-voortreffelijke-menskunde-dacht-ik</guid>
      <g-custom:tags type="string">reize door het apenland,Reize door het aapenland,essays,Schasz,essays van leerlingen,essays leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/reize+door+het+apenland.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/reize+door+het+apenland.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Maar, zóó zijn de menschen, ze moeten  z i e n  om te gevoelen</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/maar-zoo-zijn-de-menschen-ze-moeten-z-i-e-n-om-te-gevoelen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar, zóó zijn de menschen, ze moeten z i e n om te gevoelen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Fabriekskinderen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , een spiegel voor zijn eigen tijd (artikel J. Tiemens, leerling vwo 5 Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Fabriekskinderen.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Fabriekskinderen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een werk uit 1863, geschreven door Jacob Jan Cremer (1827-1880) en kwam op de boekenmarkt als een protest. Cremer was zeer uitgesproken, vooral zijn mening over de kinderarbeid liet hij graag horen. Zijn bekendheid door eerdere werken gebruikte hij om een groot publiek te trekken voor dit maatschappelijk probleem, en dat lukte. Zijn werk was de aanleiding van het wetsvoorstel van Van Houten. Hij schreef het werk over een gezin, met drie fabriekskinderen. Hun omstandigheden wist hij bijzonder goed en ruw te beschrijven, waardoor de ernst van de situatie voor een buitenstaander langzaam duidelijker werd. Het werk hield zijn eigen tijd een zuivere spiegel voor.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de eerste plaats wordt de huidige situatie van het gezin in de buitenwijk van Leiden duidelijk; een situatie die niet alleen voor het gezin van Zwarte gold, maar voor veel gezinnen in deze wijken. Rond deze tijd waren er ruim een half miljoen kinderen die in de fabrieken werkten, kinderen die op een ruwe manier te werk werden gezet. In de meeste gevallen waren de ouders verantwoordelijk voor de toestand van hun kinderen, dit wordt in Fabriekskinderen ook zeker genoemd, met een zeker ongeloof:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van 't repalje weet je, uit de febrieken; van ouwers die zuipen en luijeren en d'r eigen onmondige vleesch voor den kost laten zorgen, zie je, weet u menheer, van zu'k repalje.(P20)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Echter, Cremer ontkracht deze mening later in het verhaal weer voor een deel:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En al zijn die ellendige ouders ook verschoonbaar, ja onschuldig zoo ge wilt, onwetende, ontzenuwde wezens als ze veelal zelven van jongs af waren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De omstandigheden waren afgrijselijk en onvoorstelbaar. Het werk in de fabrieken heeft vele van deze kinderen het leven gekost. Er gebeurden veel ongelukken in de onveilige fabrieken maar ook de levensstijl rond om het werken kostte vele levens. Werkdagen van 13, 14 of 15 uur, op een enkele aardappel, enkele uren slaap per nacht en met slechte hygiënische omstandigheden, waren op den duur voor velen fataal. Zo ook voor kleine Saartje in het werk van Cremer. In de 19
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            eeuw was er een grote breuk in de samenleving, een onderscheid in verschillende klassen, waarin de gezinnen met de fabriekskinderen in een van de laagste klassen vielen en Willen baron van Hoogenstad (P17) bij een van de hoogste behoorde. De situatie van deze fabriekskinderen was bij de hogere klassen wel bekend, maar amper gekend, zo af en toe werd er wel gesproken, maar interesseren deed het ze niet. De arbeiders waren een schande voor de beschaving in hun ogen, zij waren een deel van het probleem, waarin de staat zich verkeerde (Koops, 2021):
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nu Willem zoo'n schepseltje van nabij ziet, nu is het hem onbegrijpelijk dat hij vroeger, als er sprake was van hun rampzaligen toestand, dat hij dan zoo koud is gebleven. […] er zie dan en luister nog even. 't Zal nu zoo akelig niet zijn, misschien zelfs om om te lagchen. (P24,25)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarnaast gingen de fabriekskinderen niet naar school, daar hadden ze simpelweg de tijd niet voor, ook was er geen geld, want dat werd gebruikt door hun ouders. Dat vergrootte de breuk in de samenleving, ook voor de toekomst. Voor veel van hen was de wereld onbekend, het leven bestond uit niet veel meer dan overleven. Lezen en tellen lag ver buiten hun prioriteiten:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Neen, naar school gaat hij niet. Naar school kan hij niet gaan, want dertien, veertien, ja vijftien uren moet hij werken - staande werken, op éénen dag. Naar school gaat hij niet, want het dagloon zou dan minder worden en voor vader en moeder te schadelijk zijn. Boeken? Neen, boeken heeft hij nooit gezien […] Wat een dominé is? Dat weet hij niet. […] wat de menschen zondags gaan doen in de kerk? dat kan hij niet zeggen […] En waar het brood van gebakken wordt? dat weet hij niet. En dat de tafels en stoelen van het hout der boomen gemaakt worden, dat weet hij evenmin; ja zelfs nooit heeft hij gehoord vanwaar de wol afkomstig is, die reeds bij duizende ponden door zijne handjes ging; noch heeft hij vernomen dat van dezelfde draden, die hij laschte, een kleed wordt geweven, zoo als er nu een - zoo warmpjes om zijne leedjes sluit.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Door dit verschil zouden deze kinderen nooit de kans krijgen zichzelf uit hun klasse te werpen en een beter leven te creëren voor zichzelf en toekomstige kinderen, zo zal de verdeling in de samenleving blijven bestaan.
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
                       Het werk van Cremer heeft op den duur in Nederland veel veranderd. Nadat hij zijn woorden in Den Haag begin 1863 heeft voorgedragen, volgen er verschillende protesten en petities tegen de kinderarbeid. Fabriekskinderen lijkt het begin te zijn geweest van een rollende bal. In Fabriekskinderen wordt namelijk niet alleen het probleem geschetst, maar er worden ook personen en organisaties schuldig gesteld, zoals bijvoorbeeld politici, fabrieksbazen en de koning. Dit zorgde bij sommigen voor een extra sterke mening. Niet veel later krijgt Cremer bericht van J.R Thorbecke (1798 – 1872), minister van Binnenlandse Zaken. Thorbecke laat naar aanleiding van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Fabriekskinderen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een onderzoek uitvoeren naar kinderarbeid door de Staatscommissie, waaruit volgde dat er verschillende regels kwamen voor kinderarbeid. (Voor grote veranderingen zijn grote gebaren nodig, en. . ., z.d.-b, par. 12) Ondanks dat Cremer in zijn verhaal het voorbeeld noemt van onze westerburen, die een goede oplossing leken te hebben, duurt het alsnog ruim tien jaar voordat Nederland zo ver is:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gij weet het wel: Daar ginder, aan gene zijde van den Oceaan, daar bloeit en daar tiert het op Engelands bodem; daar behoedt een schoone zegenrijke wet die arme, arme fabriekskinderen voor den ellendigen toestand, waarin zij hier verkeeren. Dáár zijn hunne werk-uren minder in aantal; daar gaan ze ter schole en worden ze onderwezen, drie, ja vijf uren per dag. En de onderwezen kinderen worden bekwame werklieden, en de nijverheid, zij bloeit er; en ik bid u, waarom zouden wij bij onze overzeesche naburen, ja zelfs bij het grootste deel ook der minder ontwikkelde Staten van Europa ten achter staan? (P37)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Pas in 1874 wordt de kinderarbeid voor kinderen onder de 12 pas afgeschaft, op wetsvoorstel van Van Houten. Deze wet staat dan ook bekend als het wetje van Van Houten. Onze westerburen lopen alsnog een stap voor, de leerplicht is tot 1901 nog niet van toepassing in Nederland. Een belangrijke kwestie die Jan Cremer helaas niet meer heeft mogen meemaken, ondanks zijn inzet hiervoor.
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
                      Naast het actuele onderwerp van Fabriekskinderen heeft ook het taalgebruik van Cremer zeker impact gehad op de veranderingen die volgden. Cremer wist zijn verhaal indrukwekkend te brengen, door middel van makkelijk taalgebruik. Op die wijze wist hij vrijwel iedereen in zijn verhaal te betrekken, ook tijdens zijn voordrachten. Hij begint zijn verhaal met een heel simpele beschrijving van het wekken van de familie Zwarte, die iedereen zich voor kan stellen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           't Is winter. Koud was decembersnacht, en ijzig koud is nog zijn vroege morgen. Zes slagen bromt de klok uit Leidens hoogsten toren. Door de Breestraat en de Hoogewoerd leidt onze weg naar een der achterbuurten der stad.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Dit loopt echter vloeiend door naar de vreselijke situatie waar de kinderen zich in bevinden. De manier waarop Cremer schrijft, past goed in het realisme, hij laat het leven van de
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Fabriekskinderen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            op een zeer realistische manier zien, een leven dat ook voor buitenstaanders op deze manier goed te begrijpen is. Echter bevat Fabriekskinderen een zeer sterke mening. Het is dus niet objectief, wat een eis is voor het realisme. Daardoor past het verhaal niet volledig binnen het realisme. Zo wordt het verhaal bijvoorbeeld afgesloten door een haast persoonlijke beschuldiging. Hiermee maakt Cremer voor een laatste keer duidelijk dat Fabriekskinderen een protest is tegen de kinderarbeid:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dat mijn verhaal u niet heeft voldaan, dat gij het ‘niet mooi’ hebt gevonden, zie, dat zou mij verheugen, indien ik u maar getroffen had; indien ge maar diep gevoeldet, dat daar ginder natuurgenooten, zwakke kinderen, armelijk gekleed en ellendig gevoed, 13-14-15 uren daags moeten werken in een klein bestek, ja - somtijds nog bovendien den ganschen langen nacht waarop de zondag moet volgen. En een groot deel van die ongelukkige schepsels, ze zijn de kostwinners voor hun luije onbarmhartige ouders, ze zijn.... Doch immers, ik heb ze u geschetst, naar waarheid geschetst al sprak ik u niet van de verregaande zedeloosheid die hen almede besmettend omringt; en gelooft gij mij niet: welnu, bezoek de Leidsche fabrieken; gij zult zien en, zoo uw harte al aanstonds niet bloedt, dan, dan zult ge toch voorzeker - weêrgekeerd in uwe woning, bij het aanschouwen van uw lief en bloeijend kroost, moeten uitroepen: Groote God! bestaat zulk een ontzettend kwaad in ons dierbaar Nederland, in het land welks grootsch verleden van vrijheid spreekt en van regt voor allen! (P34)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het blijkt ook dat Cremer absoluut niet bang is zijn mening te laten horen, zo noemt hij politici, fabrieksbazen en de koning zelfs moordenaars aan het eind van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Fabriekskinderen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Hoewel in 1848 persvrijheid onderdeel werd van de Nederlandse wet, was het niet risicoloos om deze mening zo duidelijk te maken. Veel fabrieken draaiden op kinderen en hun goedkope lonen, daardoor zette Cremer een aantal machtige mensen recht tegenover zichzelf. Dat liet hem echter koud. Voor Cremer was rechtvaardigheid en bewustwording belangrijker:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           CONCURRENTIE!’ Hoe! zou zij de moordenaresse dier arme kinderen zijn, zij de schoone kloeke vrouw die de leuze der vrijheid in hare banier voert? […] ‘Vrijheid! ja vrijheid voor allen en alles!’ gilt ze in dollen overmoed: ‘Wie zal er den ouders het regt over hunne kinderen ontnemen; wie zal ze gelasten hunnen arbeid te verligten of hen ter schole te zenden; wie - wie zal MIJ MIJ beletten.......’ Zwijg, schoone waanzinnige vrouw. Weet gij 't dan niet hoe de Staat - en regtvaardig - der arme gevallene, die uit schaamte haar kind vermoordde, de vrijheid ontneemt […] gij die boeleert met den gouddorst en duizende kinders vermoordt, zonder blozen vermoordt naar ziel en naar ligchaam. Neen! ik zeg het u, de ure zal weldra slaan, waarin men u kerkeren zal, ja kerkeren in de banden eener zegenrijke wet! Doorluchtige Vorst! Grootmagtige wetgevers in den Staat! Ziet, daar valt de smeekbrief neêr voor uwe voeten. (P35,36)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Al met al zijn er dus verschillende redenen waarom er gesteld zou kunnen worden dat
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Fabriekskinderen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zijn eigen tijd een spiegel voor heeft gehouden. Zo worden de zorgwekkende omstandigheden van de fabriekskinderen en de breuk in de samenleving op een dusdanig pakkende en realistische manier geschreven dat deze vele mensen raakte. Cremer was met zijn protesterende werk op deze manier in staat veranderingen aan te brengen in de wetgeving omtrent de kinderarbeid. Uiteindelijk is Cremer hiermee indirect een van de grondleggers van Het kinderwetje van Van Houten, die de kinderarbeid in Nederland afschaft: Dat allerlaatste zacht pijnlijke snikje, het snikje dat klinkt als een dankbaar zoetvloeijend..... verlost! (P33)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronvermelding
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Fabriekskinderen - Jacob Jan Cremer | Luisterboek (digitaal) | De online bibliotheek. (z.d.).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.onlinebibliotheek.nl/catalogus/437278859/fabriekskinderen-jacob-jan-cremer" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.onlinebibliotheek.nl/catalogus/437278859/fabriekskinderen-jacob-jan-cremer
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Waarom deze Gelderlander alsnog een standbeeld moet krijgen. (2022, 25 augustus). Omroep Gelderland. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.gld.nl/nieuws/7471027/waarom-deze-gelderlander-alsnog-een-standbeeld-moet-krijgen" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.gld.nl/nieuws/7471027/waarom-deze-gelderlander-alsnog-een-standbeeld-moet-krijgen
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Koops, E. (2021, 16 oktober). Industriële revolutie - samenvatting, oorzaken en gevolgen. Historiek.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://historiek.net/industriele-revolutie-samenvatting-oorzaken-gevolgen/78430/" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://historiek.net/industriele-revolutie-samenvatting-oorzaken-gevolgen/78430/
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Examenoverzicht.nl. (z.d.). De sociale kwestie: wat was dat? (Uitleg). ExamenOverzicht.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.examenoverzicht.nl/geschiedenis/sociale-kwestie" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.examenoverzicht.nl/geschiedenis/sociale-kwestie
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            DBNL. (1929). Eerste hoofdstuk De economische structuur van Nederland tot 1870, De arbeidende klasse in Nederland in de 19e eeuw (1813-1870), I.J. Brugmans - DBNL.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.dbnl.org/tekst/brug035arbe01_01/brug035arbe01_01_0003.php" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.dbnl.org/tekst/brug035arbe01_01/brug035arbe01_01_0003.php
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Gelderland, E. (z.d.). Jacob Jan Cremer (1827-1880). Mijn Gelderland.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://mijngelderland.nl/inhoud/verhalen/jacob-jan-cremer-1827-1880" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://mijngelderland.nl/inhoud/verhalen/jacob-jan-cremer-1827-1880
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Voor grote veranderingen zijn grote gebaren nodig, en. . . (z.d.). Literatuurmuseum.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://literatuurmuseum.nl/nl/ontdek-en-beleef/literatuurlab/artikelen/voor-grote-veranderingen-zijn-grote-gebaren-nodig-en-fabriekskinderen-was-een-groot-gebaar" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://literatuurmuseum.nl/nl/ontdek-en-beleef/literatuurlab/artikelen/voor-grote-veranderingen-zijn-grote-gebaren-nodig-en-fabriekskinderen-was-een-groot-gebaar
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het kinderwetje van Van Houten. (1860). Canon van Nederland.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.canonvannederland.nl/nl/kinderwetje" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.canonvannederland.nl/nl/kinderwetje
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Realisme (1840-1880). (z.d.). Literatuurgeschiedenis.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.literatuurgeschiedenis.org/stromingen/realisme-1840-1880" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.literatuurgeschiedenis.org/stromingen/realisme-1840-1880
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De geschiedenis van persvrijheid. (2022, 21 juni). IsGeschiedenis.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://isgeschiedenis.nl/nieuws/de-geschiedenis-van-persvrijheid" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://isgeschiedenis.nl/nieuws/de-geschiedenis-van-persvrijheid
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Fabriekskinderen.jpeg" length="61560" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 20 Nov 2023 15:25:21 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/maar-zoo-zijn-de-menschen-ze-moeten-z-i-e-n-om-te-gevoelen</guid>
      <g-custom:tags type="string">J.J. Cremer,essays,Fabriekskinderen,essays van leerlingen,essays leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Fabriekskinderen.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Fabriekskinderen.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Iemand kwam binnen'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/iemand-kwam-binnen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            'Iemand kwam binnen'
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Fundamenten' van Pierrine Poget
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Pierrine-Poget-262x372.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Zie het als een groeve, of een opgraving. Woorden en (delen van) zinnen liggen bij elkaar, als restanten uit een verleden. Er ontbreken delen, waardoor de overgebleven stukken soms in een vervreemdend verband staan. Je wordt uitgenodigd om te raden, te verbeelden, te sprokkelen, en je bent nergens zeker van. Het is een avontuur. Je hebt geen idee waar je naartoe gaat, of je überhaupt wel ergens aan zult komen, want steeds als je opnieuw begint, ziet de wereld er weer anders uit. Je bent beland in de derde bundel van de dichter Pierrine Poget,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Fundamenten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , te midden van de Franse gedichten en de schitterende vertaling ervan door Katelijne De Vuyst.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vermengd met gisteren brak de dag weer aan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alles eromheen was gewoonte en lawaai.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Is dat monsterlijk?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het werd gezegd in zoveel licht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoeveel hemels worden daarna nooit meer bezocht?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dagen staan zelden los van elkaar, maar wie denkt daarover na? Je wordt wakker en weet niet beter. De losse zinnen zetten je aan het denken over wat vanzelfsprekend is. Je kunt er lang bij stilstaan, omdat er zo veel mogelijke betekenissen zijn. Daarnaast gaan ze een verband met elkaar aangaan, waardoor er nog meer betekenissen bij komen. Soms staat er ineens een uitspraak midden in het gedicht, zonder reactie of antwoord, zoals de vraag ‘Is dat monsterlijk?’ Je weet niet waar het naar verwijst. Het kan een zin zijn die uit zijn verband is gehaald, maar het kan ook naar iets verwijzen binnen het gedicht. Je kunt het zelf invullen. Je krijgt wel de toevoeging dat het gezegd werd ‘in zoveel licht’. Opvallend is dat er ‘gezegd’ staat, en niet gevraagd. In de vraag zit een oordeel verscholen. Het licht wordt ineens besmet door het monsterlijke, waardoor het licht (het hemelse?) daarna voor velen afschrikwekkend is geworden. Dit is een van de vele paadjes die je langs deze regels kunt bewandelen en het legt bloot hoe je met taal de werkelijkheid kunt beïnvloeden. Tegelijkertijd ben je niet zeker van het pad.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Fundamenten suggereren iets stevigs, waarop je huizen kunt bouwen, of levens. Van oude gebouwen zijn soms alleen de fundamenten nog zichtbaar. Je moet dan maar raden naar hoe het ooit geweest is. Op dezelfde fundamenten bouwen mensen verschillende levens en zij hebben verschillende herinneringen. Op het moment dat je stilstaat bij je eigen ‘fundamenten’, kun je je afvragen hoezeer je bepaald bent door de mensen om je heen, zelfs als die al vroeg zijn overleden, hoe lang je je alles nog zult blijven herinneren, en of er niet heel veel verschillende manieren van herinneren zijn:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op een dag zal ik die visioenen niet meer krijgen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           We zullen oog in oog zitten in de tent.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dan zal ik weten welke levende dingen me hebben bezield: de vreugde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           haar te kennen, de ontvangen liefde, de essentie van wat we hebben
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           meegemaakt; alles wat niet alleen de kindertijd was, want
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik kan me de rest van mijn leven niet herinneren zonder haar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is mooi dat zowel de Franse tekst als de vertaling gegeven zijn, zodat je de oorspronkelijke tekst kunt proeven. Ook dat is aftasten: welke weg over de fundamenten, de klanken, het ritme, en de betekenissen, is de vertaler gewankeld?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er zijn bladzijden waar maar één regel op staat, met bijvoorbeeld de vraag: ‘Wat zich toen heeft teruggetrokken?’ Het laat je voelen hoe het grootste gedeelte van wat we meemaken, iedere dag opnieuw, in de vergetelheid raakt. Bij toeval komt soms wat boven, maar er is zo veel waar we nooit meer aan terug zullen denken. En vanuit die stilte kom je weer terecht in een rijke herinnering, waar alle zintuigen bij betrokken raken: vol kleuren, geuren en geluiden uit de natuur, het platteland van Pogets jeugd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In ontroerend, verstilde dichtregels weet ze het langzaam verliezen van haar moeder te vangen: ‘Iemand kwam binnen, sprak over genezing. / Ik streelde haar lichte insectenhuid, die grijs was en vleugelloos.’ Tussen het missen door gaat het leven verder, de seizoenen verstrijken. Er zijn korte indrukken van bomen, kastanjes, luchten, mensen. Er spreekt een liefde uit, een acceptatie van hoe het leven zich voordoet:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze vroeg zich niet af waarom, wie wat afnam van wie,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           niets van dat alles. Ze sliep. De zon liet wolkenvormen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           over haar glijden en de gedragen schaduw van het middaguur.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haar andere lichaam wist het niet, het had nooit iets in de gaten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is alsof je flarden opvangt van gesprekken, beelden van een voorbij landschap. In elk gedicht betreed je een onbegrensde ruimte, waarin je nauwelijks houvast hebt aan wat gegeven is. Je vertraagt en vertraagt en langzaam dringt het besef tot je door dat dit misschien wel het leven is: een tastend wankelen over onze fundamenten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Pierrine Poget –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Fundamenten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Katelijne De Vuyst. Poëziecentrum, Gent. 116 blz. €21,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Pierrine-Poget-262x372.jpeg" length="35101" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 15 Nov 2023 18:53:26 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/iemand-kwam-binnen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Fundamenten,Pierrine Poget</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Pierrine-Poget-262x372.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Pierrine-Poget-262x372.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Politieke vriendschap in duistere tijden</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/politieke-vriendschap-in-duistere-tijden</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Politieke vriendschap in duistere tijden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het leven van de geest' van Hannah Arendt. Deel 17
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/arendt+18.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richt Hannah Arendt zich op drie belangrijke processen in de geest: denken, willen en oordelen, aan welke ze allemaal een flink deel wijdt. Op een toegankelijke manier legt zij in woorden de geest bloot en deelt daarmee bijzondere inzichten die niet per se waarheid zijn, maar die inspireren om verder over na te denken. In deze serie licht ik daar enkele inzichten uit die te mooi zijn om niet te delen. Deze zeventiende aflevering is de derde over het laatste deel van dit werk, ‘oordelen’, waarin Arendts essay ‘Over menselijkheid in duistere tijden’ besproken wordt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In dit essay gaat Arendt in op het begrip ‘vriendschap’ van de achttiende-eeuwse verlichtingsfilosoof Lessing, die een voorvechter is van de godsdienstvrijheid en verdraagzaamheid. In zijn polemieken kan hij zowel de aanval als de verdediging kiezen, ook als het om hetzelfde onderwerp gaat. Met enige zelfkennis merkt hij op dat hij steeds meer aan het christendom gaat twijfelen naarmate meer mensen hem ervan proberen te overtuigen, en dat hij dit christendom in zijn hart bewaart als tegenstanders ervan het christendom aanvallen. Voor Lessing is dus de wereld (de publieke ruimte) van groot belang bij zijn oordeel. Dat oordeel kan niet vastliggen, omdat het afhankelijk is van zijn positie in de wereld. Deze inachtneming van de wereld is voor Lessing zo belangrijk, dat hij het voor lief neemt zichzelf af en toe tegen te spreken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lessing wil geen kennis meedelen, maar anderen aansporen om in eigen naam te denken. Het denken van Lessing, zo zegt Arendt, ‘is niet een spreken met zichzelf, maar een vooruitlopen op het spreken met anderen, en dit is ook de reden waarom het wezenlijk polemisch is.’ De mens verliest zijn menselijkheid zodra hij afziet van zelf denken en zich toevertrouwt aan resultaten en ‘waarheden’, die hij uitwisselt als munten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Er zijn in de geschiedenis verschillende perioden geweest waarin de toestand van de wereld zo veel vragen oproept, dat mensen alleen nog van de politiek willen dat er aandacht is voor hun privébelangen. Als je in zo’n periode bent opgevoed, vind je het vanzelfsprekend de publieke ruimte te minachten. Dan ga je aan de wereld voorbij. In Lessings
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nathan de Wijze
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is de oproep: ‘Wees mijn vriend’. In de vriendschap kan de menselijkheid zich bewijzen. Voordat Arendt de betekenis van Lessings vriendschap uitlegt, bespreekt ze het achttiende-eeuwse verschijnsel ‘broederschap’: een broederlijke genegenheid tot de mens, die voortkomt uit een haat tegen de wereld die mensen ‘onmenselijk’ behandelt. Deze broederschap zie je dus vooral bij onderdrukte of vervolgde volkeren. De mensen uit het onderdrukte volk worden zo dicht op elkaar gedrukt, dat de natuurlijke tussenruimte (de wereld) verdwijnt, waardoor er vanzelf warmte ontstaat in de menselijke relaties binnen zo’n groep. Voor de ware revolutionair is medelijden het centrale motief geworden. De Franse Revolutie heeft aan vrijheid en gelijkheid daarom de broederschap toegevoegd, als uiting van medelijden met onderdrukten en vervolgden.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toch kun je hier een kritische kanttekening plaatsen, met de vraag die ook ooit al door Cicero is gesteld: is het zo erg met de mensen gesteld dat zij zonder het gevoel van medelijden niet in staat zijn zich menselijk te gedragen? In hoeverre staan wij dan open voor de ander? Volgens Arendt maakt de menselijkheid van de vernederden en onderdrukten het lijden draaglijk, maar deze menselijkheid is politiek totaal irrelevant.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat bij politieke menselijkheid hoort, is ook het niet sluiten van de ogen voor de actualiteit en de geschiedenis. Arendt betrekt hierbij de vervolging van de joden door de nazi’s. Ze ziet een tendens dat er uit ongemak in Duitsland vaak wordt gezwegen over dit verleden, of dat men overgaat tot sentimentalisme (zoals zij het wereldwijde succes van het dagboek van Anne Frank noemt). Je kunt alleen je menselijkheid bewaren als je onder ogen durft te zien wat er gebeurd is, hoe moeilijk dat ook is, en het vervolgens met dit besef uithoudt. Menselijkheid is geen oplossing ervan, het is een actieve houding tegenover datgene wat je niet wilt. De vlucht is gerechtvaardigd, zolang je de werkelijkheid maar niet uit het oog verliest. Zodra je je nestelt in ‘het asiel van je eigen innerlijk’ om bijvoorbeeld het domme gezwets van de nazi’s niet te hoeven horen, gooi je met de werkelijkheid ook je menselijkheid weg.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Arendt gaat zelfs zo ver dat ze stelt dat het geen teken van menselijkheid geweest zou zijn als een Duitser en Jood tijdens het Derde Rijk over hun vriendschap zouden hebben gezegd: ‘Zijn wij niet allebei mensen?’ Dat zou een vlucht zijn geweest voor de werkelijkheid. Ze hadden te midden van die werkelijkheid moeten zeggen: ‘We zijn Duitser en Jood, en vrienden.’ Dat zou menselijkheid zijn geweest in een onmenselijke wereld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lessings vrienschap gaat niet over de intimiteit tussen vrienden die voor elkaar hun ziel openen. De politieke vriendschap bestaat eruit dat de wereld het onderwerp van gesprek is. Menselijkheid is de bereidheid om met mensen de wereld te delen. De wijsheid van Lessings Nathan bestaat erin dat hij bereid is om de waarheid op te offeren aan de vriendschap. Tegenwoordig is er bijna niemand meer die pretendeert de waarheid te bezitten, maar gaat het meer om het hebben van gelijk. Het hebben van gelijk wordt volgens Arendt beslist door een manier van denken die zich op de wetenschap richt. Als twee mensen gelijk willen hebben, zijn ze meestal niet bereid hun gelijk op te offeren aan de vriendschap of menselijkheid, want ze ervaren een soort plicht tot objectiviteit.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook hier komt Arendt weer met een voorbeeld uit de nazi-ideologie. Stel, zegt ze, dat de rassenleer bewezen zou zijn en dat bepaalde rassen minderwaardig zouden zijn, zou het dan gerechtvaardigd zijn om deze rassen uit te roeien? Deze vraag is nog te makkelijk, vindt ze, omdat je je kunt beroepen op ‘Gij zult niet doden’. Ze neemt een voorbeeld aan Lessings levendige en ongebonden manier van denken en zegt dat je als antwoord de volgende vraag zou moeten stellen: ‘zou een dergelijke leer, hoe dwingend het bewijs ervan ook moge zijn, het waard zijn geweest dat één enkele vriendschap tussen twee mensen eraan geofferd werd?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dan komt ze weer terug bij Lessings partijdigheid die lijnrecht staat tegenover de objectiviteit en zakelijkheid: altijd en overal moet je oog hebben voor de positie van mensen en hun meningen in de wereld. Je hebt namelijk geen dwingende bewijzen nodig om een leer die de vriendschap tussen twee mensen principieel onmogelijk maakt, als dwaling te ontkrachten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Natuurlijk kunnen warmte en intimiteit tussen mensen troostend zijn in duistere tijden, maar zij mogen niet als surrogaat voor de publieke ruimte dienen, om conflicten uit de weg te gaan. In de publieke ruimte weerklinken vele stemmen en schept het uitspreken van wat ‘waar’ lijkt zowel verbondenheid als afstand. Buiten die ruimte is elke waarheid onmenselijk. De wereld kan alleen tussen mensen in het meervoud gestalte krijgen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hannah Arendt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Dirk De Schutter en Remi Peeters. Uitgeverij Ten Have, Utrecht. 800 blz. €52,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/arendt+18.jpeg" length="16167" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 15 Nov 2023 18:48:30 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/politieke-vriendschap-in-duistere-tijden</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het leven van de geest,essays,Hannah Arendt,Politieke vriendschap in duistere tijden</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/arendt+18.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/arendt+18.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Dat een mens een lichaam is'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/dat-een-mens-een-lichaam-is</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Dat een mens een lichaam is'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Park Life' van Shuichi Yoshida
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/park-life-shuichi-yoshida-9789490042233.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wie
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Park Life
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van de Japanse auteur Shuichi Yoshida binnen wandelt, brengt niet alleen een bezoek aan Hibiya Park, een oase van rust midden in Tokio, maar belandt geleidelijk aan ook in een plek van vertraging en bezinning. Het bijzondere park met al zijn verschillende aanzichten en sferen ontstijgt steeds meer de statuur van alleen maar een park om de lunchpauze in door te brengen, en wordt een wonderschone metafoor voor het leven met al zijn grillige ontmoetingen en onbeantwoorde vragen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het perspectief ligt bij een jongeman die in de metro een paar woorden heeft gewisseld met een vreemde vrouw, die hij daarna steeds opnieuw in het park tegenkomt. De ontmoeting in de metro was een bijna magische. Hij keek naar een advertentie achter glas van het Japans Netwerk voor Orgaantransplantatie, waarop stond: ‘Ook na uw dood leeft er iets voort. Dat is uw wil.’ Als hij hardop zegt dat hij daar de koude rillingen van krijgt, terwijl hij zijn vinger op het glas drukt, is hij even vergeten dat zijn oudere collega al eerder is uitgestapt. Nu lijkt het alsof hij spreekt tegen de vreemde vrouw die achter hem staat en in het glas wordt weerspiegeld. Als hij verschrikt achteromkijkt, beaamt de vrouw wat hij zegt en redt hem op die manier van een ongemakkelijke situatie.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze ontmoeting is in wezen exemplarisch voor alle volgende ontmoetingen: terwijl hijzelf wat afwachtend en soms wat verstrooid is, is de vrouw alert, direct en spitsvondig. Hun gesprekken beginnen vaak bij oppervlakkigheden, maar daaronder ligt een diepere laag, waarin grote levensvragen weerspiegelen. Ondertussen kom je te weten dat de jongeman een tijdje in het huis van zijn vrienden woont, die een poosje weg zijn, om op hun aap Lagerfeld te passen, die zij als huisdier houden. Terwijl hij daar verblijft, logeert zijn moeder in zijn eigen huis. Het is alsof ze allemaal een langs elkaar heen leven, waardoor zich een gevoel van eenzaamheid in het verhaal opdringt. Zelf merkt hij op dat hij, om het goed met mensen te kunnen vinden, in het weekend het liefst niemand ziet en spreekt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op momenten dat hij alleen is, beland je soms in prachtige bespiegelingen over het leven. Zo bedenkt hij, terwijl hij Lagerfeld in bad doet, dat hij soms naar nieuwsbeelden van oorlogsrampen kijkt met het geluid uit en dat hem dan steeds opnieuw frappeert dat de mens een lichaam is. Zodra hij het geluid aanzet, hoort hij de woorden van Bin Laden, Bush, Powell, Sharon en Arafat en daaruit vormen zich gedachten, waaruit ook weer van alles ontstaat, maar zodra hij het geluid opnieuw uitzet, zijn er alleen nog maar lichamen die lopen, zitten liggen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik kan me dan niet meer voorstellen dat het vermagerde lichaam van Bin Laden iets kwaads doet en omgekeerd kan ik me ook niet voorstellen dat het gezonde lichaam van Bush in staat is iets op te lossen. In de geluidloze nieuwsbeelden blijken om de een of andere reden alleen lichamen buitensporige schade op te lopen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De eenvoudige observaties werpen een licht op de nietigheid van de mens in een veel te grote wereld. Als de vriendin voor even thuiskomt om er vervolgens meteen vandoor te gaan, probeert de jongen haar nog even tegen te houden, als om zijn eenzaamheid te verdrijven. Even later zit hij toch weer alleen op de bank in de donkere woonkamer en ziet ‘in een hoekje van de nachthemel de grote blauwe maan, die zich daar niet comfortabel lijkt te voelen.’ Ook de jongeman lijkt nergens helemaal te gronden. Zijn leven lijkt aan hem voorbij te gaan, maar ondertussen voel je hoezeer hij mens is en hunkert naar contact. Voor een etalage blijft hij gebiologeerd staan kijken naar anatomische modellen, waar je de organen uit kunt halen. Ook de anatomische schetsen van Leonardo da Vinci komen langs. De vergankelijkheid van het menselijk lichaam en de mogelijkheid tot onderlinge uitwisseling van organen roepen het verlangen op naar verbondenheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bijzondere gesprekken en observaties nodigen uit tot spiegelen en binnenstebuiten keren. Als de jongen opmerkt dat hij het gevoel heeft dat hij zijn lichaam in bruikleen heeft als hij zijn hart, lever en oogballen zou kunnen uitlenen, antwoordt de vrouw dat de buitenkant persoonlijk is, maar de volledige inhoud gemeenschappelijk goed van de mensheid, precies andersom als bij een flatgebouw. Als de jongen zich het park van bovenaf voorstelt, lijkt het op een menselijk lichaam. In het park is een oudere man die steeds probeert een ballon op te laten. De simpele beelden roepen een wereld van ontroerende associaties en betekenissen op.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Park Life
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , waarmee de auteur de prestigieuze, Japanse literaire Akutagawaprijs won, beweegt zich voortdurend tussen vervreemding en intimiteit, vluchtigheid en verlangen naar bestendigheid en verbinding. Het werpt een verhelderend licht op ons tijdelijke bestaan in de huidige, moderne tijd, waarin we weliswaar eenzaam zijn, maar niet zonder de ander kunnen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Shuichi Yoshida –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Park Life
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Luk Van Haute. Zirimiri Press, Amsterdam. 128 blz. €20,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/park-life-shuichi-yoshida-9789490042233.jpeg" length="58207" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 10 Nov 2023 08:10:11 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/dat-een-mens-een-lichaam-is</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,shuichi Yoshida,Park Life</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/park-life-shuichi-yoshida-9789490042233.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/park-life-shuichi-yoshida-9789490042233.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Samenleven door verwondering en de ander vragen te stellen</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/samenleven-door-verwondering-en-de-ander-vragen-te-stellen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Samenleven door verwondering en de ander vragen te stellen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het leven van de geest' van Hannah Arendt. Aflevering 16
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+17.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richt Hannah Arendt zich op drie belangrijke processen in de geest: denken, willen en oordelen, aan welke ze allemaal een flink deel wijdt. Op een toegankelijke manier legt zij in woorden de geest bloot en deelt daarmee bijzondere inzichten die niet per se waarheid zijn, maar die inspireren om verder over na te denken. In deze serie licht ik daar enkele inzichten uit die te mooi zijn om niet te delen. Deze zestiende aflevering is de tweede over het laatste deel van dit werk, ‘oordelen’, waarin Arendts essay ‘Filosofie en politiek’ besproken wordt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met de veroordeling van Socrates is een flinke kloof tussen politiek en filosofie ontstaan. Socrates was niet in staat om de rechters van zijn onschuld te overtuigen. Is de filosoof als ‘wijze’ wel geschikt als politicus? Socrates ontkende dat hij de wijsheid in pacht had. Hij ging de markt op en stelde vragen aan de ander. Waar de overreding zich richt tot de menigte, richt de dialectiek van Socrates zich slechts op de dialoog tussen twee mensen. In die dialoog wist hij ‘de waarheid’ in de ander naar boven te halen. Hij noemde dat ‘verloskunde’. De wereld verschijnt voor elk mens op een andere manier. Ieder mens heeft immers een eigen positie in de wereld. Met je eigen mening kun je laten zien wie je bent. De Socratische dialoog hoefde geen opbrengst te hebben. Het was een geven en nemen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je zou kunnen zeggen dat Socrates van de Atheense burgers vrienden wilde maken. Als je namelijk steeds naar de ander luistert en met die ander van gedachten wisselt, word je vanzelf vrienden. Vrienden zijn niet aan elkaar gelijk, maar zijn wel ‘gelijke partners in een gemeenschappelijke wereld’, zegt Arendt. Het is niet de rechtvaardigheid, maar de vriendschap die de samenleving bindt. Het politieke element in deze vriendschap is volgens Arendt dat beide vrienden de waarheid die inherent is aan de mening van de ander, kunnen begrijpen. Een goede staatsman zou een zo groot mogelijke diversiteit van werkelijkheden moeten kunnen begrijpen. Daarvoor zou hij vragen moeten stellen aan heel veel verschillende mensen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het begin van vriendschap ligt in jezelf: je moet in vrede met jezelf kunnen samenleven. Pas dan kun je dat ook met anderen. Een moordenaar moet met zichzelf leven die zomaar een ander kan vermoorden. Hij zal op die manier ook naar anderen kijken, als potentiële moordenaars. De norm, het geweten, is in feite wat de mens zelf is wanneer hij handelt. Deze norm kan vervolgens op gespannen voet staan met de wetten van een samenleving. Voor het persoonlijke geweten is het van belang dat de mens zich af en toe kan terugtrekken in zichzelf om te denken. Totalitaire systemen zijn eropuit die gelegenheid zoveel mogelijk te elimineren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Plato beschrijft de relatie tussen filosofie en politiek met de allegorie van de grot. In drie stadia (ommekeren) beschrijft hij het leven van de filosoof. De grotbewoners zijn met de benen en nek geketend, waardoor ze alleen maar hun ogen gevestigd kunnen houden op de wand waarop schaduwen van dingen verschijnen. De toekomstige filosoof bevrijdt zich van de boeien en keert zich om. Hij ziet achter in de grot een vuur dat de dingen laat zien zoals ze werkelijk zijn. De grotbewoners zien alleen de afgeleiden ervan. De tweede ommekeer ontstaat wanneer deze eenzame figuur geen vrede meer heeft met dit vuur. Hij wil weten waar het vandaan komt en wat de oorzaak van alles is. Hij vindt een uitgang die hem brengt naar de wereld van de ideeën: essenties van alle vergankelijke dingen en mensen. Omdat hij zelf nog steeds een sterfelijk mens is, kan hij echter niet blijven. Hij moet terug naar de grot, en terwijl hij net nog verblind werd door de klaarheid van de ideeën nadat hij uit de donkere grot was gekomen, tast hij na al dit licht, alleen nog maar in het duister als hij naar diezelfde grot terugkeert. Hij is zijn oriëntatie kwijt en raakt vervreemd van de mensen. Als hij probeert de grotbewoners te vertellen over het licht, raakt zijn verhaal kant noch wal. Hij verkeert bovendien in gevaar, omdat hij zijn gezonde verstand (gemeenschapszin) heeft verloren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Waarin onderscheidt zich de filosoof van de andere mensen? Waarom heeft hij zich bevrijd en omgekeerd? Daar geeft Plato niet echt antwoord op. Arendt probeert het te achterhalen vanuit andere geschriften van hem. De filosoof laat zich leiden door zijn verwondering over alles om hem heen. Hij stelt vragen over het zijn en over de oorsprong van alles. Door onbeantwoordbare vragen te stellen bevestigt de mens zich als een vragend wezen die slechts kan eindigen in sprakeloosheid en zo weer opnieuw kan beginnen met de verwondering. De wetenschap, die juist beantwoordbare vragen stelt, is uit deze verwondering voortgekomen. De filosoof onderscheidt zich slechts van andere mensen, in dat hij bereid is deze verwondering en sprakeloosheid te ondergaan. De meerderheid van de mensen weigert dit en vormt opinies, dogma’s, ook over zaken waar geen antwoord op bestaat. Het spreken van een politiek wezen botst met de sprakeloosheid van de filosoof
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Arendt sluit haar essay af met een aanbeveling voor de politieke filosofie. Geen enkele filosofie kan haar oorsprong in de verwondering ontkennen. Als filosofen tot een politieke filosofie willen komen, dan zullen zij de pluraliteit van mensen, in al hun verschillen en al hun verschillende opinies, tot het voorwerp van hun verwondering moeten maken en beseffen dat het niet goed is voor de mens om alleen te zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hannah Arendt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Dirk De Schutter en Remi Peeters. Uitgeverij Ten Have, Utrecht. 800 blz. €52,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+17.jpeg" length="10660" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 09 Nov 2023 06:47:45 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/samenleven-door-verwondering-en-de-ander-vragen-te-stellen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het leven van de geest,essays,Hannah Arendt,Samenleven door verwondering en de ander vragen te stellen,Aflevering 16</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+17.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+17.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Meer een portret dan een verhaal</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/meer-een-portret-dan-een-verhaal</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Meer een portret dan een verhaal
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Een tafel bij het raam'  van Mirthe van Doornik
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/eentafelaanhetraam.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Meer dan een echt verhaal is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een tafel bij het raam
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , de nieuwe roman van schrijver en documentairemaker Mirthe van Doornik, een portret van een zonderlinge kok, die probeert een restaurant op de heuvel te redden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De roman is geschreven vanuit de eenzelvige ‘Alp’, Alphonse, een chef-kok in het restaurant van Slootjes. Vol overgave probeert hij iedere avond de verschillende gerechten tot een goed einde te brengen. Hij is daarin perfectionistisch. De gerechten zijn voor hem belangrijker dan de gasten, die steeds meer, soms bizarre, eisen beginnen te stellen. Hij probeert zo weinig mogelijk met hen te maken te hebben en trekt zich vooral terug in de keuken. Daar heeft hij te stellen met diverse hulpjes.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is nauwelijks een verhaallijn. Dat zorgt ervoor dat het een poos duurt voordat je in het verhaal zit. Tot het midden van de roman kun je wachten tot er een keer iets gebeurt. Dat komt omdat Alp dan samen met Slootjes een reis naar de Vogezen maakt. Die reis komt behoorlijk uit de lucht vallen, ook voor Alp: ‘Naar de Vogezen? Wat moesten we daar? Het sloeg nergens op, hoe konden we helemaal naar Frankrijk rijden als ons restaurant dit weekend open moest?’ Pas als Alp uit zijn min of meer ‘veilige keuken’ wordt getrokken, valt pas echt het licht op zijn persoonlijkheid. Pas dan valt op hoe hij eigenlijk niets anders wil dan in die keuken zijn en aan de gerechten werken. Daar in de Vogezen wil hij niets liever dan terug naar het restaurant.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Andere mensen zijn hem eigenlijk tot last. Dat geldt niet alleen voor de gasten, maar ook voor zijn ouders die hem voortdurend bellen en willen dat hij hun meer aandacht geeft. Hij probeert ze af te wimpelen, maar je voelt hoe hij eronder lijdt ‘Ik dronk mijn glas leeg en keek naar een duisternis die zo warm bleef dat je er makkelijk van in paniek kon raken. De meeuwen boven de zaak begonnen harder te krijsen. Ik moest maar eens ophangen.’ Als hij hun eten brengt, dan zet hij het voor de deur en rijdt weer weg.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier wordt ook meteen duidelijk hoe subtiel metaforisch Van Doornik schrijft. Je kunt heel veel observaties letterlijk lezen, maar tegelijkertijd laten ze zien hoe het met de hoofdpersoon is gesteld:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Kun je ooit klaar zijn voor kou, voor een winter? Voor de feestdagen die alles opslurpen? Voor families die hert of ander dood wild willen met cranberrysaus, extra glazen rode wijn, alles rood, de servetten, de cassis voor de kinderen. Pas vier maanden na kerst, in de lente, wanneer de gierzwaluwen komen en de vogels hun nesten beginnen te bouwen, buigt de wereld langzaam terug. Aankomend jaar zou alles anders worden. Dan zou ik het restaurant kopen, een eigen zaak waar alles ging zoals ik het wilde.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daardoor raak je steeds meer verzonken in een diepere laag: de existentiële eenzaamheid van Alp, die zich met zo veel moeite tussen anderen begeeft. Er zijn tegenwoordig wellicht allemaal etiketten op te plakken, maar het is mooi dat het hier juist niet gebeurt, maar dat je wel wordt meegetrokken in de diepte van die worsteling.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Iets vergelijkbaars gebeurt er bij alle bijzondere dieren die de revue passeren: de dode eend die Slootjes op de werkbank legt, een karper in de vijver, onder aan de heuvel, die steeds opnieuw wordt opgevist, de schildpad die het hulpje van Alp in de koelkast wil bewaren, de dode mol die door Alp gevoerd wordt aan het uilskuiken in het kistje bij de schuur. De dieren spiegelen allemaal de erbarmelijke toestand waarin Alp zich bevindt tussen al die mensen van wie hij zich het liefst wil losmaken. De hitte stijgt hem naar het hoofd, hij heeft het benauwd, en hij is eigenlijk als een eenzame karper in de vijver. Het is overleven: eten, of gegeten worden. Ook het motto van de roman is veelzeggend: ‘When you’re not hungry but you eat because your mouth is lonely.’ Gerechten maken betekent voor Alp overleven. Daarvoor maakt hij de dode dieren schoon en verwerkt ze in de gerechten. Dat doet hij misschien meedogenloos, maar tegelijkertijd ook met liefde voor de zaak.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De kracht van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een tafel bij het raam
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ligt vooral in dit bijzondere portret. Deze kok ga je niet gauw vergeten, hij komt bij je binnen. Zoals Alp het leven bij elkaar probeert te houden door de focus op de gerechten, houdt zijn portret deze roman bij elkaar, die anders als los zand uit elkaar zou vallen. Niet alleen het portret houdt de roman bij elkaar, maar ook de talloze prachtige zinnen die bijna stuk voor stuk schilderijtjes zijn.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Mirthe van Doornik –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een tafel bij het raam
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Prometheus, Amsterdam. 224 blz. €22,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/eentafelaanhetraam.jpeg" length="28118" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 07 Nov 2023 14:04:19 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/meer-een-portret-dan-een-verhaal</guid>
      <g-custom:tags type="string">Een tafel bij het raam,essays,Mirthe van Doornik</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/tafel+bij+het+raam.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/eentafelaanhetraam.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Dan zal hij ons toestuiven jouw en mijn oogleden voor eeuwig en altijd’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/dan-zal-hij-ons-toestuiven-jouw-en-mijn-oogleden-voor-eeuwig-en-altijd</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Dan zal hij ons toestuiven jouw en mijn oogleden voor eeuwig en altijd’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           /Bespreking van 'Morze Pótnocne/Noordzee' van Dorota Walczak
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Noordzee-1.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Sommige dichters kunnen de zee vangen in hun gedichten. Het blijft een raadsel hoe zij dat klaarspelen. De Poolse dichteres Dorota Walczak is een van hen. Haar derde bundel,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Morze Pótnocne, Noordzee
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , roept beelden van de Noordzee op. Misschien lukt het haar zo goed, omdat ze naast dichteres en professor Poolse literatuur aan de Université Libre de Bruxelles, ook nog schilderes is. Ze schildert met woorden in een voortdurend veranderend landschap.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bijzonder aan deze bundel is dat zowel de Poolse tekst als de Nederlandse vertaling zijn opgenomen. Ook al kun je geen woord Pools lezen, het is mooi om te zien waaruit de vertaling is voortgekomen. Je ziet de letters en kunt je een beeld vormen van de klanken. Anders heb je geen idee. Het heeft bovendien iets kwetsbaars: de oorspronkelijke tekst ligt bloot, de vertaler onthult zijn werk.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De zee roept uit zichzelf al vergankelijkheid op, omdat zij voortdurend in beweging is en je haar nauwelijks als stilstaand beeld kunt vasthouden. Als je een stukje wilt fixeren, zoek je naar kleuren en vormen, maar je moet het tegelijkertijd in je herinnering prenten, omdat de beweging doorgaat. Je weet dat de kleur straks gaat veranderen. Op het moment dat je het beeld bij je draagt, is het nog niet in woorden gevangen. Dat is de volgende stap, de beelden willen op je tong, als de giftige waterscheerling (cicuta virosa):
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ultramarijn, Pruisisch blauw
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           onder mijn oogleden nu
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           aan de kust
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in de zee
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           aan de hemel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wordt het dadelijk grijs.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik draag die kleuren op me
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           op mijn handen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           binnen in mijn schetsboek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           onder mijn intussen blinde penseel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze willen op de tong
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           geraken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als cicuta virosa,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           antigif
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           antigif.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Walczaks poëzie bevat veel raadsels. De lezer is een strandjutter die schatten zoekt tussen het wit. De dichtregels zijn vaak kort, bestaan regelmatig uit slechts één woord. Er is veel weggelaten, zodat je niet altijd houvast hebt. In de leegte, die past bij de uitgestrektheid van de zee, vind je de woorden als bijzondere, soms vervreemdende objecten. Zo komen in ‘Kastelen op het zand’ bijzondere woonvormen voor, zoals een leren tipi, een iglo, broedhokjes, een glazen huis. Op het laatst zelfs ‘kooitjes: tinnen, koperen / en gouden // en zelfs eentje van titanium’. Door de stofnamen voelen ze als gevonden voorwerpen uit een andere wereld. ‘Keitjes in plaats van schelpjes’ is een prachtig gedicht over het verzamelen en koesteren van schelpen of keitjes. De schatten kunnen ook ontmoetingen zijn, met een geliefde, of vriend uit het verleden, of herinneringen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe raadselachtig en fragmentarisch de poëzie ook is, er komen ook heel herkenbare taferelen langs, zoals het vliegeren op het strand, de meeuwen boven de zee, die door zo veel dichters al eerder zijn bezongen, de mosselvisser, de vismarkt, de regen die valt op een plastic bekertje, op het geraamte van een paraplu en samenvalt met ‘mijn huilen’. De dichteres is door haar reizen naar zee en Oostende diep geïnspireerd door het landschap.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Speels en humoristisch verkent ze de taal, noemt de gocart een ‘locomotorische grap’, die ‘ver van het niveau van emotie’ ‘e-motioneert’. Het wekt de nieuwsgierigheid op naar de Poolse taal als je op de plek van ‘En hij e-motioneert’ in het Poolse gedicht ziet staan: ‘I wz-wz-wz-wz-wz-rusza.’ Vertalen is immers een vak apart, dat kan niet woord voor woord. De ene keer is de klank leidend, de andere keer de betekenis. Niet voor niets staat er op de achterflap dat de bundel ook ‘een ontmoeting van twee gevoeligheden en twee talen’ is, die van de Poolse auteur en de Nederlandstalige vertaler. Voor iemand die beide talen beheerst, moet deze bundel vast een extra groot feest zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Noordzee
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een kleine liefdesverklaring aan de Noordzee, aan Oostende misschien, waar gedachten en herinneringen het landschap met zijn bijzondere schatten ontmoeten in taal. Misschien is het een idee om ook haar andere twee bundels in het Nederlands te vertalen?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Dorota Walczak –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Noordzee
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Kris van Heuckelom. Poëziecentrum, Gent. 44 blz. €20,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Noordzee-1.jpeg" length="225987" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 05 Nov 2023 12:23:42 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/dan-zal-hij-ons-toestuiven-jouw-en-mijn-oogleden-voor-eeuwig-en-altijd</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Noordzee,Dorota Walczak</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Noordzee-1.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Noordzee-1.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Samen thuis zijn in deze complexe wereld</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/samen-thuis-zijn-in-deze-complexe-wereld</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Samen thuis zijn in deze complexe wereld
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het leven van de geest' van Hannah Arendt. Deel 15
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+16.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richt Hannah Arendt zich op drie belangrijke processen in de geest: denken, willen en oordelen, aan welke ze allemaal een flink deel wijdt. Op een toegankelijke manier legt zij in woorden de geest bloot en deelt daarmee bijzondere inzichten die niet per se waarheid zijn, maar die inspireren om verder over na te denken. In deze serie licht ik daar enkele inzichten uit die te mooi zijn om niet te delen. Deze vijftiende aflevering is de eerste over het laatste deel van dit werk, ‘oordelen’, en gaat over hoe onze samenleving steeds meer het vermogen verliest om begrijpen, te oordelen (in de positieve zin van het woord) en betekenis te geven, terwijl die zo nodig zijn om samen thuis te zijn op onze aarde.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Enkele dagen nadat Hannah Arendt het deel ‘willen’ had afgerond, overleed zij. Daardoor is ze niet meer toe gekomen aan het laatste deel, ‘oordelen’. In haar schrijfmachine zat het titelblad voor dit laatste deel. De colleges die ze vanaf 1964 over Kants politieke filosofie heeft gehouden, kunnen gezien worden als een voorstudie voor dit laatste deel, maar ook vóór die colleges was het oordelen al regelmatig onderwerp van Arendts onderzoek. De vertalers beklemtonen dat zij niet een reconstructie van dit derde deel willen geven, maar dat zij enkele stukken verzameld hebben waarin Arendt het oordelen aan de orde laat komen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het eerste stuk dateert van 1954 en heet ‘De moeilijkheden van het begrijpen’. Deze titel heeft betrekking op het begrijpen van het totalitarisme, een totaal nieuwe regeringsvorm zonder voorganger in de westerse geschiedenis, die elk begrip te boven lijkt te gaan. Arendt heeft mooie uitspraken gedaan over ‘begrijpen’, zoals in haar voorwoord bij Totalitarisme:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Begrijpen betekent dat men de last van de eeuw onderzoekt en bewust draagt – niet dat men het bestaan ervan ontkent, noch dat men er gedwee voor zwicht. Kortom, begrijpen betekent dat men aandachtig, onbevangen (of zonder vooringenomenheid), de confrontatie aangaat met, en weerstand biedt aan de werkelijkheid – wat die ook moge zijn.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze vorm van begrijpen noemt Arendt later ‘oordelen’. Aan het begin van ‘De moeilijkheden van het begrijpen’ omschrijft ze het begrijpen net weer iets anders:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Begrijpen is zonder einde, daarom kan het geen definitieve resultaten opleveren. Het is de specifiek menselijke wijze van in-leven-zijn; want elke persoon afzonderlijk heeft behoefte aan verzoening met een wereld waarin hij als vreemdeling geboren werd en waarin hij, als gevolg van zijn onmiskenbare uniekheid, altijd een vreemdeling blijft. Begrijpen begint met de geboorte en eindigt met de dood.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe kun je nu het totalitarisme begrijpen? Kennelijk kan zo’n systeem opkomen in onze wereld en het begrijpen daarvan, zegt Arendt, komt dan neer op het verzoenen van onszelf met een wereld waarin dit kan plaatsvinden. Dat is iets heel anders dan dit systeem goedpraten. Politieke en historische zaken zijn zo fundamenteel menselijk dat het begrijpen ervan vergelijkbaar is met het begrijpen van mensen en dat begrijpen duurt een leven lang.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat we vaak doen als we iets willen begrijpen, is naar gelijkenissen zoeken met wat we al kennen uit het verleden. Je kunt bij totalitarisme grijpen naar termen als ‘agressie’, ‘tirannie’, ‘samenzwering’ en je dan vasthouden aan de gedachte dat je met de wijsheid uit het verleden hierdoorheen kunt komen, maar het glipt daarmee alsnog tussen de vingers door. We zouden het dichterbij moeten zoeken en gelijkenissen vinden met ons eigen westerse denken, maar ook daar gaat het mis, omdat het systeem onze eigen tradities en instrumenten van het begrijpen lijkt te hebben opgeblazen. Dit werd duidelijk bij de mislukking van de Neurenbergprocessen. Het bleek onmogelijk om de nazipolitiek te herleiden tot begrippen als ‘moord’ en ‘vervolging’, want elke denkbare straf leek belachelijk in het licht van de omvang en het monsterlijke van de misdaden en tegelijkertijd bleek geen enkele straf ‘legaal’, omdat je ook altijd moet kijken naar de mogelijke motieven van mensen om moordenaar te worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Om het totalitarisme te kunnen begrijpen, helpt het wellicht ook om onszelf te begrijpen. Het is immers ontstaan in onze eigen wereld. We zouden moeten weten en begrijpen waartegen we vechten en waarvoor we vechten. Kennen en begrijpen zijn niet hetzelfde, maar gaan wel samen. Begrijpen is immers op kennis gebaseerd en kennis kan niet ontstaan zonder een ruwe vorm van begrijpen. Zo zou je kunnen zeggen dat het totalitarisme een systeem is van tirannie en dat onze strijd daartegen er een voor vrijheid is. Toch zijn er ook andere regeringsvormen die de vrijheid beperken, zij het niet zo radicaal. Zo is er het imperialisme. Het is opvallend dat het woord ‘totalitarisme’ in de volksmond ontstaan is na de Tweede Wereldoorlog. In de tijd daarvoor werd vaak ‘imperialisme’ gebruikt voor agressie in de buitenlandse politiek, bijvoorbeeld bij het bolsjewisme, fascisme en nazisme. De verandering naar ‘totalitarisme’ laat zien dat de oude term niet meer voldeed. Toch wordt nu de term ‘totalitarisme’ op zijn beurt weer gebruikt om machtswellust of terreur aan te duiden, ook voor machtswellust en terreur uit de geschiedenis van vóór het ontstaan van deze term ‘totalitarisme’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het lijkt er dus op dat we in eerste instantie de behoefte hebben om een nieuwe term te gebruiken voor zoiets uitzonderlijk afschuwelijks, en dat we vervolgens dit nieuwe weer verdoezelen door het onder te brengen in oude clichés.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Arendt vraagt zich af of begrijpen niet heel nauw verbonden is met oordelen. Ze verwijst daarbij naar Kant die beweert dat de afwezigheid van oordelen ‘domheid’ is en een ‘gebrek waarvoor geen remedie’ bestaat. De paradox van de moderne samenleving is dat we graag willen begrijpen, maar dat we de instrumenten daarvoor verloren hebben. Sinds het begin van de twintigste eeuw, zegt Arendt, gaat de groei van betekenisloosheid gepaard met het verlies aan ‘gezond verstand’. Met gezond verstand bedoelt zij niet een soort ‘boerenverstand’, maar een soort zesde zintuig dat de verbinding legt tussen alle informatie die wij van de andere zintuigen binnen krijgen én tussen die van andere mensen, waardoor een gemeenschapszin ontstaat. Zij gebruikt deze term dan ook vaak in de betekenis van ‘gemeenschapszin’. Veel van de totalitaire verschijnselen kunnen niet in termen van deze gemeenschapszin worden begrepen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Samenlevingen drijven vaak op een combinatie van wetten en gewoonten: wetten sturen de handelingen van de burger, gewoonten die van de mens. Door machtsmisbruik kunnen wetten worden aangetast, waardoor het bijvoorbeeld ineens niet meer strafbaar is om iemand te doden. Dit kan alsnog een lange poos goed gaan, omdat de samenleving dan nog kan drijven op gewoonten van mensen. Voor de meeste mensen is het namelijk heel gewoon om een ander te respecteren en niet te doden. Er hoeft echter maar iets kleins te gebeuren, om de samenleving totaal op de kop te krijgen, omdat die solide fundering van wetten ontbreekt. Gewoonten van mensen zijn niet stevig genoeg om een veilige wereld te creëren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een andere dreiging voor onze samenleving is voortgekomen uit het enorme vooruitgangsgeloof van de wetenschap, waardoor de behoefte aan betekenis geven en begrijpen, en de daarvoor nodige verbeelding, hebben plaatsgemaakt voor een eindeloos vertrouwen in feiten, logica en statistiek, terwijl de mens en de wereld veel te complex zijn om binnen die logica of getallen begrepen te worden. Te ver doorgevoerde logica kan een voedingsbodem zijn voor totalitarisme.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Arendt sluit haar lezing af met de bijzonder inspirerende opmerking dat de verbeelding, die ons in staat stelt om afstand te nemen van onszelf, waardoor we kunnen zien en begrijpen zonder vooringenomenheid en vooroordeel, ons enige kompas is in een complexe wereld. Ook al voelen we ons helemaal niet thuis in deze eeuw, zegt Arendt, als we thuis willen zijn op deze aarde, dan moeten we proberen deel te blijven nemen aan een nooit eindigende dialoog met de essentie van totalitarisme. Inmiddels zijn we al in de volgende eeuw beland, maar dit inzicht is nog steeds bijzonder goed bruikbaar bij actuele conflicten in de wereld: alleen door de dialoog aan te gaan, juist ook met je grootste vijand, en daar nooit mee op te houden, is het mogelijk om (samen) thuis te zijn in deze wereld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hannah Arendt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Dirk De Schutter en Remi Peeters. Uitgeverij Ten Have, Utrecht. 800 blz. €52,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+16.jpeg" length="11046" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 03 Nov 2023 06:41:39 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/samen-thuis-zijn-in-deze-complexe-wereld</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het leven van de geest,Samen thuis zijn in deze complexe wereld,Aflevering 15,essays,Hannah Arendt</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+16.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+16.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Staren in de ruimte waarvan je de meters probeert uit te leggen’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/staren-in-de-ruimte-waarvan-je-de-meters-probeert-uit-te-leggen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Staren in de ruimte waarvan je de meters probeert uit te leggen’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het langzaam voorovervallen' van Alja Spaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Spaan-239x300.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wekenlang las Alja Spaan voor in een zorginstelling voor ouderen. Naar aanleiding daarvan schreef ze gedichten die op haar weblog verschenen. Deze ‘cursiefjes’ zijn terechtgekomen in haar nieuwe bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het langzaam voorovervallen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Het zijn net eilandjes die wegdrijven van een werelddeel waartoe ze ooit behoorden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Spaan komt uit Alkmaar en heeft veel kunst- en poëzieprojecten gedaan. Ze organiseert Reuring, een taalplatform in Alkmaar. Daarnaast is ze voorzitter, coördinator en redacteur bij
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Meander
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ook is ze dichter bij de Eenzame Uitvaart Alkmaar. Ze heeft al diverse dichtbundels gepubliceerd.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De gedichten uit Het langzaam voorovervallen hebben allemaal een titel die komt uit het weblog van de vorige dag. De dag daarop schreef Spaan dan pas het bijbehorende gedicht. Daardoor lijken de gedichten al meteen weg te drijven van de titels. Dit langzaam loslaten past heel goed bij de levensfase van de ouderen voor wie zij voorleest.  De gedichten bestaan steeds uit twee regels en lijken zo flarden van een wereld die langzaam uit elkaar valt. Dit zie je weerspiegeld in veelzeggende titels: ‘hoe ik mezelf moet terugvouwen’, ‘open einde en inwisselbaar’, ‘op mijn tenen om in de armen te passen’, ‘gaten in het breisel’, ‘die bij het licht in de ochtend achterblijven’. De dagen zijn inwisselbaar, net als ook de ouderen, hoezeer ze ook zichzelf zijn gebleven. Veelal zijn ze vergeten waarom ze daar zijn en soms zelfs wie ze zijn. Herinneringen komen spontaan bovendrijven en leggen bizarre verbindingen tussen toen en nu.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is alsof je in een ruimte terecht bent gekomen waar allemaal schimmen zijn die om elkaar heen draaien en ook voor elkaar van persoonlijkheid kunnen wisselen. Spaan weet sommige ouderen ijzersterk te schetsen, zoals de heer D., die zijn ‘kantoortje’ bij zich draagt, ‘of liever, hij duwt het voor zich uit.’ Hij loopt met gebreide sokken in Birkenstocks achter zijn rollator en daarop heeft hij een pakje wafels, schriftjes, pennen, een extra paar sokken, maar ook ‘de bloemenkrans die ooit om haar hing. Ach ja, zegt hij, ik houd haar in ere.’ Je ziet hem helemaal voor je.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tegelijkertijd lijkt zijzelf als voorlezer regelmatig een personage in het denkbeeldige leven van de oudere. Zo heeft ze bijvoorbeeld ineens het gevoel dat ze op dezelfde school heeft gezeten als mevrouw V., dat ze samen leerden typen en achter hun machines schoven. Eigenlijk zie je een hele samenleving in deze besloten wereld terug, maar dan in een wonderlijke samenhang: de ouderen zijn weliswaar hun familie en vrienden kwijt, maar zien hen terug in de figuren om hen heen. De essentie van het leven wordt zichtbaar: mededogen voor elkaar, een troostende hand, het maakt niet zoveel uit wie je bent, maar dát je er bent. De voorlezer zelf voelt ook die verbondenheid:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           [...] maar o man, wat was het gezellig toen. Met haar wil ik wel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           delen, ik wil weten hoe ze eruit zag toen, wat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ze gedaan heeft, met wie ze leefde, wat haar ouders deden, haar kind,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           waarom ze meestal zo boos is [...]
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Sommige ouderen laten zonder gêne hun teleurstelling blijken als ze gaat voorlezen: ‘“geen muziek, geen muziek vandaag?” en loopt de deur weer uit.’ Ze leveren commentaar op elkaar, als er iemand uit zijn slof schiet of onbedaarlijk begint te huilen: ‘Je moet je focussen, zegt mevrouw K., op dat wat wel leuk is’. Zo krijg je ook als lezer nog wat wijze adviezen mee.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel raakt aan ons naakte bestaan, laat treffend zien wat er in essentie van ons overblijft als we oud en afhankelijk worden:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met wiebelpoten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misschien gaat het met liefde zoals met geld en vrijheid, kracht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en onafhankelijkheid, beweging en bezit,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ruimte en horizon, dat je steeds meer verliest, beetje bij beetje.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er lekt iets. Je vergat een dop aan te draaien,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een deur op slot te doen, je liet een monster binnen en je hebt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           nooit naar een waarschuwing geluisterd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je hebt ook nooit gedacht dat het nodig was en dat het zover zou
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           komen en vaak ook lijkt het terecht dat alleen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dit overblijft: staren in een ruimte waarvan je de meters probeert
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           uit te leggen, ramen opzetten en vliegen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           vangen, koekjes breken en kruimels in een zakje doen voordat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de buurvrouw ze steelt, je wang lenen aan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een jong handje dat je haar omhoog duwt en de spelden schuift,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           haar horen zeggen dat er een nieuwe dag is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Alja Spaan –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het langzaam voorovervallen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij P, Leuven. 68 blz. €18,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Spaan-239x300.jpeg" length="4585" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 31 Oct 2023 12:40:46 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/staren-in-de-ruimte-waarvan-je-de-meters-probeert-uit-te-leggen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Het langzaam voorovervallen,Alja Spaan</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Spaan-239x300.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Spaan-239x300.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Van denkers naar mannen van de daad</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/van-denkers-naar-mannen-van-de-daad</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van denkers naar mannen van de daad
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het leven van de geest' van Hannah Arendt. Deel 14
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA13.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richt Hannah Arendt zich op drie belangrijke processen in de geest: denken, willen en oordelen, aan welke ze allemaal een flink deel wijdt. Op een toegankelijke manier legt zij in woorden de geest bloot en deelt daarmee bijzondere inzichten die niet per se waarheid zijn, maar die inspireren om verder over na te denken. In deze serie licht ik daar enkele inzichten uit die te mooi zijn om niet te delen. Deze zevende en laatste aflevering over het deel ‘willen’ gaat vooral over hoe niet de filosofen, maar juist de ‘mannen van de daad’, zoals Arendt die noemt, zich verhouden tot het verschijnsel van de wil.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Heidegger is de laatste filosoof die Arendt bespreekt met betrekking tot zijn bespiegelingen over de wil. Waar Nietzsches laatste woord de creativiteit van de wil betrof, betreft die van Heidegger juist de destructiviteit ervan. Volgens Heidegger moet je door de toekomst te willen, het verleden vernietigen: er ontstaat een weerzin van de wil tegen ‘wat was’, want dat kan immers niet meer teruggedraaid worden. Omdat alles wat nog gaat komen, uiteindelijk ook zal verworden tot ‘wat was’, verzet de wil zich tegen alles wat vergaat en dus ook tegen wat komen gaat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tegenover deze destructiviteit stelt Heidegger een stemming van gelatenheid: door in ons denken een stemming toe te laten van ‘alles te laten zijn wat het is’, ontstaat er een soort sereniteit: het is een denken dat geen willen is. Net als Nietzsche ziet ook Heidegger willen en denken als elkaars tegengestelden. Als je het willen hebt afgeleerd, geef je volgens hem gehoor aan de roep van het ‘zijn’. Dit doet enigszins denken aan de verwondering van Plato. Ook in het werk van enkele dichters ziet Arendt deze houding terug, zoals in poëzie van Rilke en Auden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het ‘zijn’ bevindt zich tussen twee afwezigheden (van voor de geboorte en van na de dood). De wil is de hunkering om te blijven, om zich vast te klampen aan het voortbestaan. Dit streven noemt Heidegger ‘dwalen’. Met dit dwalen komt de wil in opstand tegen de orde en eenheid in de schepping. Volgens Arendt veroordeelt Heidegger deze opstand in de mens als een instinct tot zelfbehoud. Daarmee verwerpt hij de wil.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan het slot van het deel ‘willen’ stapt Arendt van alle professionele denkers (filosofen) over op ‘de mannen van de daad’, omdat er volgens haar een gebrek zit in elk kritisch onderzoek van de wil. Terwijl de wil tot handelen aanzet, zijn het nooit de handelende mensen die deze wil analyseren, maar juist de denkers, de filosofen. Ze richt zich daarom ten slotte op het wezenlijke verschil tussen filosofische en politieke vrijheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De politieke vrijheid manifesteert zich in gemeenschappen waarin de omgang tussen de mensen wordt geregeld door allerlei gewoonten en wetten. Er ontstaat dan een ‘wij’ en in dat samenleven is er sprake van ‘instemming’, namelijk de erkenning dat niemand in zijn eentje kan handelen, maar altijd in gezamenlijk overleg. Alleen tirannen en criminelen zonderen zich daarvan af. Zij stellen vertrouwen in geweld als vervangmiddel voor macht. Deze tactiek werkt alleen voor kortetermijndoelen. De crimineel zal na het uitvoeren weer lid van de gemeenschap moeten worden en de tiran is afhankelijk van helpers. Politieke vrijheid is daarom altijd een beperkte vrijheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De oorsprong van dit ‘wij’ is duister en mysterieus. Wanneer is een samenleving ontstaan? Er zijn vele studies naar gedaan, maar daarin ontstaat algauw een doolhof aan hypothesen. De westerse beschaving kent twee stichtingslegenden: die van de stichting van Rome en die van de uittocht uit Egypte. Er is bij beide sprake van een bevrijding uit de oude situatie en een nieuwe constructie op basis van vrijheid. Wat bijzonder is, is dat de ‘mannen van de daad’ die de wereld willen veranderen, steeds teruggrijpen op die oude verhalen om hun veranderingen aan te toetsen, en steeds als zij dat doen, schouwen zij in ‘de afgrond van de vrijheid’: de essentie van het ergens aan beginnen draagt altijd een element van volslagen willekeur in zich, namelijk het besef dat je datgene wat je graag wilt, ook níet kunt doen. Daarnaast is er het besef dat een daad nooit meer ongedaan gemaakt kan worden. Bij elke daad is er de ‘afgrond van het niets’. De beginner heeft niets om zich aan vast te houden. Het is daarom niet zo vreemd dat bij het stichten van een nieuwe orde vaak een beroep werd gedaan op God in de hemel. De Grieken en de Romeinen hadden geen weet van deze God, maar volgens hen waren stichters van nieuwe gemeenschappen mensen die de goden naderden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Arendt komt tot de conclusie dat ze op meer had gehoopt, toen ze zich richtte op de mannen van de daad. Ze hoopte bij hen een notie van vrijheid te vinden, ‘gezuiverd van de verwarringen in de menselijke geest die veroorzaakt worden door de reflexiteit van de mentale activiteiten – de onvermijdelijke terugslag van het willende ego op zichzelf.’ Nu blijkt echter dat het typisch is voor de westerse traditie dat bij deze afgrond van de pure spontaneïteit steeds een kunstgreep wordt toegepast, namelijk het nieuwe te begrijpen als een verbeterde heruitgave van het oude. Arendt komt weer terug bij Augustinus met zijn opvatting dat de mens door zijn geboorte steeds opnieuw in de wereld verschijnt en dat deze gedoemd is tot vrijheid door die geboorte, ongeacht of hij vlucht voor deze angstaanjagende verantwoordelijkheid in fatalisme, of dat hij er zich juist in verheugt. Deze impasse kan niet doorbroken of opgelost worden, tenzij er een beroep wordt gedaan op een ander mentaal vermogen: het vermogen tot oordelen, waarover het derde en laatste deel van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zal gaan.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hannah Arendt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Dirk De Schutter en Remi Peeters. Uitgeverij Ten Have, Utrecht. 800 blz. €52,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA13.jpeg" length="16018" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 24 Oct 2023 17:03:49 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/van-denkers-naar-mannen-van-de-daad</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het leven van de geest,essays,Hannah Arendt,Van denkers naar mannen van de daad</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA13.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA13.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Oog in oog met je eigen sterfelijkheid</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/oog-in-oog-met-je-eigen-sterfelijkheid</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Oog in oog met je eigen sterfelijkheid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Een schitterend wit' van Jon Fosse
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een-schitterend-wit-197x300.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Mijn eerste kennismaking met de Noorse Jon Fosse, Nobelprijswinnaar voor literatuur (2023), was
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Melancholie II
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , over de denkbeeldige zus Oline van kunstschilder Lars Hertevig, die bijna het hele boek lang met in de ene hand een stok en in de andere een snoer met een dode vis, in Stavanger, vroeg in de herfst van 1902, een berghelling op sjouwt, terwijl ze heel nodig naar het toilet moet. Ik was verbijsterd en tegelijkertijd enorm gegrepen door dit sobere indringende verhaal, vooral door de bizarre stijl die misschien nog wel het beste valt te vergelijken met modulatie in de muziek, waarbij je op basis van een cadens geleidelijk overgaat in een andere toonsoort. Deze stijl kenmerkt ook zijn nieuwe roman
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kvitleik
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , vertaald als
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een schitterend wit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , waarin je als lezer oog in oog met je eigen sterfelijkheid komt te staan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik reed weg. Het deed goed. De beweging deed goed. Ik wist niet waar ik heen zou gaan. Ik reed gewoon. Ik was gegrepen door verveling, ik die me anders nooit verveelde was gegrepen door verveling. Niets wat ik kon bedenken om te doen bood enig plezier. En daarom deed ik maar wat. Ik stapte in mijn auto en reed weg en waar ik kon afslaan naar links of naar rechts sloeg ik af naar rechts, en waar ik bij de volgende splitsing kon afslaan naar links of naar rechts, daar sloeg ik af naar links. En zo bleef ik maar doorrijden. Tot slot was ik een heel stuk een bosweg ingereden waar de wielsporen langzamerhand zo diep werden dat ik de auto erin voelde wegzakken. Ik reed gewoon door, tot de auto ten slotte muurvast zat. Ik probeerde achteruit te rijden, maar dat ging niet, dus bleef ik staan.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je zou misschien verwachten dat een Nobelprijswinnaar voor literatuur in complexe volzinnen schrijft, vooral te begrijpen en waarderen door zeer geoefende literatuurlezers. Het tegendeel geldt voor Fosse. Het is eerder alsof je de gedachten van een stamelaar leest, iemand die nog volop bezig is met denken, maar ook in dat denken hapert, stapjes terugdoet om daarna opnieuw te beginnen, zonder heel veel verder te komen. Je zou je als geoefende lezer bijna kunnen storen aan het gestuntel. Kom op, zou je willen roepen, maar het haalt niets uit. Je komt ook als lezer vast te zitten tussen de letters. Vrijwillig notabene. Je wordt bijna boos op jezelf: waarom zou ik dit lezen! Je doet zoveel stappen terug in wat je gewend bent. En laat daar nu juist Fosses zeggingskracht zich openbaren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net als de taal zijn namelijk ook de gedachten verre van ingewikkeld. In deze roman is de situatie bijzonder simpel: een man rijdt met zijn auto een bos in, komt vast te zitten, stapt toch maar uit, om hulp te halen, maar raakt steeds dieper het bos in, althans dat vermoedt hij, omdat hij nauwelijks wat ziet en geen idee meer heeft welke kant hij op moet. In zijn gedachten is hij voortdurend bezig met de situatie zelf: hij krijgt het koud en hij vraagt zich af wat hij nu het beste kan doen, soms ziet hij even de maan en de sterren en dan ziet hij door de vallende sneeuw niets meer. Tot hij plotseling een witte gedaante ziet en zich afvraagt of het een waanvoorstelling is. Vanaf dat moment raak je ook als lezer de grip kwijt: wat ben je nu eigenlijk aan het lezen?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je wordt gedwongen gas terug te nemen, je kunt het boek wegleggen, maar je wilt toch weten wat er stukje bij beetje gaat gebeuren. Het is alsof je zelf door de sneeuw banjert, geen hand voor ogen ziet en geen idee hebt wat er nog gaat komen. Je raakt verdwaald, gedesoriënteerd. Gaat dit verhaal eigenlijk wel over een man die in een bos loopt? Gaat het niet veeleer over iets heel anders? Als je met je gedachten daar per ongeluk beland bent, dan wordt het lezen bijna een mystieke ervaring. Je belandt in een diepe duisternis waar je jezelf ‘Waar ben je?’ hoort vragen en misschien krijg je wel geen antwoord. De taal keert op haar schreden terug. Het duister sluit om je heen en je bent teruggeworpen op je eigen sterfelijke ‘zijn’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is volkomen terecht dat Fosse deze prachtige prijs heeft ontvangen. Hij heeft een onvoorstelbaar lef om de literatuur zo op z’n kop te zetten en de lezer met zichzelf te confronteren. En goddank zijn er vertalers die dit ‘schitterend wit’ toegankelijk maken voor lezers in andere talen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Jon Fosse –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een schitterend wit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Marianne Molenaar. Uitgeverij Oevers, Zaandam. 80 blz. €19,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een-schitterend-wit-197x300.jpeg" length="13515" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 19 Oct 2023 16:46:32 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/oog-in-oog-met-je-eigen-sterfelijkheid</guid>
      <g-custom:tags type="string">Jon Fosse,essays,Een schitterend wit</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een-schitterend-wit-197x300.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een-schitterend-wit-197x300.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De verwerping van de wil en de willende mens</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-verwerping-van-de-wil-en-de-willende-mens</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De verwerping van de wil en de willende mens
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het leven van de geest' van Hannah Arendt. Aflevering 13
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA14.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richt Hannah Arendt zich op drie belangrijke processen in de geest: denken, willen en oordelen, aan welke ze allemaal een flink deel wijdt. Op een toegankelijke manier legt zij in woorden de geest bloot en deelt daarmee bijzondere inzichten die niet per se waarheid zijn, maar die inspireren om verder over na te denken. In deze serie licht ik daar enkele inzichten uit die te mooi zijn om niet te delen. Deze zesde aflevering over het deel ‘willen’ gaat over Nietzsches verwerping van de wil.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De opkomst van de moderne wetenschap heeft een belangrijke verschuiving veroorzaakt van het tijdsbegrip. Waar voorheen het heden en het verleden de hoogste rang hadden, werd dat nu de toekomst: men ging uit van de gedachte dat elke volgende generatie noodzakelijkerwijs weer méér zou weten dan de vorige. Het is van groot belang te beseffen dat dit optimisme hier niet om de individuele mens gaat, maar om de mensheid als geheel. En die mensheid als geheel bestaat niet werkelijk, maar is slechts een idee. Na de Franse Revolutie kwamen deze ideeën als ‘mensheid’ en ‘vooruitgang’ pas echt in filosofische beschouwingen op de voorgrond:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘die [Franse Revolutie] had voor haar meest wijze toeschouwers het bewijs geleverd dat het mogelijk was om onzichtbare entiteiten als
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           liberté
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           fraternité
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           égalité
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            te verwerkelijken: ze leek dus een tastbare weerlegging te zijn van de oudste overtuiging van denkende mensen, met name dat de
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ups
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           downs
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de geschiedenis en de altijd weer veranderende menselijke aangelegenheden geen ernstige aandacht waard zijn.’
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Filosofen bekeerden zich dus tot het geloof in de vooruitgang. Maar wat zich hier in het begin nog beperkte tot een of twee gepersonifieerde begrippen als ‘mensheid’ en ‘vooruitgang’, begon bij Kant en Hegel te woekeren tot een ‘vreemde, lichaamloze en spookachtige dans’ van radicale abstracte ideeën, waarbij allerlei historische gegevens onherkenbaar waren gemaakt. Hun filosofie betreft louter ‘gedachtedingen’, waarbij de wil gezien werd als oorsprong van ons ‘zijn’, en dat is precies waarom Arendt deze periode min of meer overslaat en bij Nietzsche en Heidegger uitkomt, die wél de confrontatie met de wil als menselijk vermogen aangingen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is al eerder gezegd dat er twee soorten willen zijn: de wil om te kiezen en de wil om spontaan iets nieuws te beginnen (of het vermogen van de mens om te beginnen omdat hij zelf een begin is). In het vooruitgangsgeloof is die tweede wil, namelijk om iets teweeg te brengen, van groot belang. Nietzsche zegt echter dat we ons niet voor de gek moeten laten houden, want de mensheid gaat niet vooruit, en wel om de simpele reden dat de mensheid helemaal niet bestaat. Zij is immers een idee.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Nu heeft Nietzsche nooit een boek geschreven met als titel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Der Wille zur Macht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Die titel is namelijk postuum toegekend aan een verzameling van fragmenten, notities en aforismen. Dit zijn vooral literaire gedachte-experimenten, net als Pascals Pensées. Volgens Nietzsche is willen bijna gelijk aan ‘bevelen’: niet het onderdrukken van anderen, maar een bevel in de eigen geest. De menselijke geest bestaat uit ‘twee-in-één’, een deel dat beveelt en een dat geacht wordt te gehoorzamen. Waar in de christelijke ideologie de mens uit zijn tegenstrijdige wil verlost kan worden door Gods genade, kan dit bij Nietzsche door de ik gelijk te stellen aan het bevelende deel van de ik. De weerstand die je daarbij voelt, is noodzakelijk om te overwinnen: ‘de wil ontspringt niet om de macht te verwerven; de macht is juist zijn bron’. Nietzsche stevent af op een ‘ik wil en ik kan’ en negeert daarmee eigenlijk het idee van ‘ik wil en kan niet’ dat in het christelijke geloof belangrijk is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nietzsche verheugt zich op een toekomst die een Übermensch tot stand zal brengen, die sterk genoeg is om te leven met de gedachte van de ‘eeuwige terugkeer’, dat wil zeggen sterk genoeg om volmondig ‘ja’ te zeggen tegen de gedachte dat hij zijn leven, zonder enige verandering, eindeloos opnieuw zou moeten leven: ‘Op hoe goede voet zou je met jezelf en het leven moeten staan om niets méér te verlangen dan deze ultieme eeuwige beaming en bezegeling’, zegt Nietzsche. Volgens Arendt is dit in feite ‘een experimentele terugkeer naar het antieke, cyclische tijdsconcept en lijkt het in flagrante tegenspraak met elk mogelijk begrip van de wil: de projecten van de wil veronderstellen immers een rechtlijnige tijd en een toekomst die onbekend is, en die dus niet vastligt.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nietzsche leidt het kwaad af uit de onmacht van de mens om achteruit te willen, het gebeurde ongedaan te maken. Uit wraakzucht of wrok zouden we bestraffen. Hieruit leidt Nietzsche de honger naar macht om anderen te domineren af. Deze onmacht van de wil, zegt Arendt, zou ervoor zorgen dat mensen liever omkijken, herinneren en denken, want als je terugblikt, dan verschijnt alles wat er is als noodzakelijk. Arendt vermoedt dat de botsing van de wil met het verleden de aanleiding is geweest voor Nietzsches experiment van de eeuwige terugkeer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Übermensch zou een mens zijn die in staat is zichzelf te overwinnen. Dat overwinnen is dan echter een zuiver mentale oefening: het herscheppen van ‘er was’ tot ‘zo heb ik het gewild’. Hierin lijken zijn bespiegelingen op die van Epictetus. Op deze manier zou de mens het kunnen uithouden om in een zinloze wereld te leven. Volgens hem streeft het eindeloze ‘worden’ geen eindtoestand na. Het ‘worden’ is op elk moment gelijkwaardig, of sterker nog: ‘worden’ heeft geen waarde, want waaraan die gemeten zou moeten worden, ontbreekt. Termen als ‘oorzaak en gevolg’, ‘voornemen en doel’ zijn illusies van de willende mens. De Übermensch is hij die deze misvattingen heeft overwonnen. Met deze gedachten verwerpt Nietzsche de wil en de willende mens.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hannah Arendt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Dirk De Schutter en Remi Peeters. Uitgeverij Ten Have, Utrecht. 800 blz. €52,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA14.jpeg" length="8250" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 19 Oct 2023 16:24:18 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-verwerping-van-de-wil-en-de-willende-mens</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het leven van de geest,Aflevering 13,essays,Hannah Arendt</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA14.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA14.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Wij waren kinderen'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wij-waren-kinderen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Wij waren kinderen'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Recitatief' van Toni Morrison
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Recitatief-184x300.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hoe actueel is deze schitterende heruitgave van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Recitatief
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van Toni Morrison, met een voorwoord van Zadie Smith! Overal waar groepen mensen recht tegenover elkaar staan en elkaar verwerpen, zou dit verhaal (voor)gelezen moeten worden, steeds opnieuw, totdat mensen beseffen dat een mens nooit een ‘nobody’ is, maar altijd een mens.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Recitatief
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een briljant gedachte-experiment van Morrison, waarin ze twee meisjes, later twee vrouwen, ten tonele voert, de een wit, de ander zwart, zonder dat het voor de lezer duidelijk is wie van beiden wit is, en wie zwart. De twee meisjes, Twyla en Roberta zijn beiden opgenomen in een kindertehuis, St. Bonny’s: Roberta, omdat haar moeder ziek is, Twyla, omdat haar moeder de hele nacht danst. Beiden horen er niet helemaal bij, omdat ‘we geen echte weeskinderen waren met beeldschone dode ouders in de hemel. Wij waren afgedankt.’ De twee hebben op hun jonge leeftijd, net als hun moeders, al diverse vooroordelen tegen elkaar, die ook hardop worden uitgesproken, maar hoe je ook puzzelt als lezer, je komt er niet uit tot welke ‘groep’ de meisjes behoren. En dat zet je gaandeweg het verhaal aan het denken: niet zozeer waarom je er niet uit kunt komen, maar waarom je dat als lezer zo nodig zou moeten weten. Je beseft dat je net als de meisjes en later de vrouwen in hokjes denkt, en hoe treurig dat is.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit besef wordt des te dieper ervaren doordat er ook nog een keukenhulp is, Maggie, ‘met benen als twee maansikkels’. Zij is ‘oud en zandkleurig’, zegt Twyla, bij wie het perspectief ligt. Ze kan niet praten en Roberta zegt dat ze daarom ook niet kan gillen. Wel kan ze volgens haar horen. Twyla stelt voor om te gaan roepen en dat doen ze. Ze roepen ‘stommerd’ en ‘krompoot’. Als Twyla en Roberta elkaar later als jonge vrouwen tegenkomen, halen ze herinneringen op. Roberta vertelt dan dat Maggie zwart was, en dat ze haar op de grond hebben geduwd. Twyla raakt daar helemaal van in verwarring. Ze kan zich niet herinneren dat Maggie zwart was en ook niet dat ze haar op de grond hebben geduwd. Ze kan het niet uit haar hoofd zetten. Op dat moment vraag je je af wat het uitmaakt, waarom ze het zo belangrijk vindt om te weten of ze zwart was of niet, en wat dat over Twyla zelf zegt: vindt ze het erg, omdat ze zelf ook zwart is, of juist omdat ze zelf wit is?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal neemt af en toe haast mythische vormen aan. Zo lopen beide vrouwen in hun latere leven met een demonstratie mee en staan ze lijnrecht tegenover elkaar. Roberta heeft een bord in haar hand met ‘Moeders hebben ook rechten’ en Twyla een bord met ‘En kinderen ook’. Ze krijgen ruzie met elkaar. Toch beseft Twyla op een bizarre manier hoe zij niet zonder Roberta kan: ‘De eerste dag gedroegen we ons waardig, deden alsof de andere kant niet bestond. De tweede dag werd er gescholden en werden er gebaren gemaakt. Maar daar bleef het bij. Zo nu en dan wisselden mensen van bord, maar dat deed Roberta niet en ik ook niet. Sterker nog, mijn bord sloeg nergens op zonder dat van Roberta.’ Daarna maakt ze steeds een nieuw bord, waarop eigenlijk alleen maar boodschappen voor Roberta staan, zoals ‘Gaat het goed met je moeder’. Er klinkt een diep verlangen in door om Roberta te bereiken en om in het reine te komen met het verleden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Meer dan de helft van de uitgave bestaat uit het voorwoord van Zadie Smith, ‘Toch een mens vanbinnen’. Het is niet alleen een lofzang op dit schitterende werk van Morrison, maar ook een reflectie op de geschiedenis waarin de vraag of iemand zwart of wit is, steeds een rol heeft gespeeld. Ze vraagt zich af of witte mensen van nu zich ervoor moeten verontschuldigen dat ze wit zijn, als zij zelf persoonlijk geen bijdrage hebben geleverd aan de onderdrukking van zwarten. Ze vraagt zich af of dat überhaupt mogelijk is, vanuit de gedachte dat we allemaal gewoon ‘mensen’ zijn. Morrison laat zien hoe de onderdrukking van zwarten ook prachtige kunst en cultuur heeft voortgebracht, die we alleen maar als rijkdom kunnen zien. Als je als mens terugkijkt naar het verleden kun je oog hebben voor de vreselijke onderdrukking en tegelijkertijd voor die prachtige kunst die daaruit is voortgekomen. Ook deed het werk van Morrison haar beseffen dat ‘het niet per se zwart of wit is om arm te zijn, om onderdrukt te worden, om minder te zijn, om te worden uitgebuit, te worden genegeerd.’ Ofschoon Morrisons
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Recitatief
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            absoluut op zichzelf staat en geen enkele aanvulling behoeft, is Smiths voorwoord toch een bijzonder inspirerende bijdrage en verrijking van deze uitgave, al was het alleen maar vanwege de dringende oproep (geïnspireerd door Recitatief) om de ander nooit als ‘nobody’ te bestempelen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Recitatief
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een schitterend gedachte-experiment dat eigenlijk op iedere school (voor)gelezen zou moeten worden, wereldwijd. Het laat een diep besef achter dat wij allen mensen zijn, diep van binnen eenzaam, bang en vol verlangen door de ander als mens gezien te worden.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Toni Morrison –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Recitatief; Een verhaal.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Met een voorwoord van Zadie Smith. Vertaald door Nicolette Hoekmeijer. De Bezige Bij, Amsterdam.106 blz. €19,99.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Recitatief-184x300.jpeg" length="10542" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 16 Oct 2023 17:33:26 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wij-waren-kinderen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Toni Morrison,Recitatief,essays,Zadie Smith</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Recitatief-184x300.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Recitatief-184x300.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een verrassend Perzisch sprookje</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-verrassend-perzisch-sprookje</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een verrassend Perzisch sprookje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een bespreking van 'Ik ken een berg die op me wacht' van Sholeh Razezadeh
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Ik-ken-een-berg-196x300.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Rivieren spreken tot de verbeelding, niet alleen als dragers van water, waarzonder wij niet kunnen leven, maar ook als altijd veranderende, niet aflatende stroming. Rivieren zijn veelal eeuwenoud en stille getuigen van onze geschiedenis. Onlangs besprak ik van Lorena Salazar Masso het prachtige
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De rivier is een mond vol vissen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , waarin het verhaal één lange reis is over de machtige rivier Atrata in Colombia. Nu heeft ook Sholeh Rezazadeh een nieuwe roman geschreven over een rivier,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik ken een berg die op me wacht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , waarbij het perspectief zelfs ligt bij een rivier, namelijk de Aras, die stroomt langs Iran, Armenië, Azerbeidjan en Turkije. Door dit bijzondere perspectief en haar beeldrijke taal brengt zij de rivier helemaal tot leven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Van alle vrouwen die elke ochtend in hun kleurige, tot hun enkels reikende jurken, met vestjes in een donkere kleur, sjaals met bloemenpatroon die hun hoofd en de onderkant van hun mond bedekken, met kleine hoofdbanden die ze in hun nek vastbinden, naar me toe komen met waterzakken in hun handen, en die met mijn heldere water vullen, trekt vooral één vrouw mijn aandacht. Een vrouw met ogen die me doen denken aan die van herten die bij mij water komen drinken.’ Zo verklaart de rivier meteen op de eerste bladzijde al zijn liefde aan de jonge vrouw Saray die water komt halen. Hij wordt wild als zij in de buurt komt. Aras laat haar wat dieper bukken, waardoor de ketting van gedroogde kruidnagelbloemen nat wordt en een lekkere geur verspreidt. Aras kruipt over haar voeten. Sarays vingers kruipen op hun beurt weer onder de trillende huid van Aras. Het is bijna alsof de rivier de liefde bedrijft met deze mooie jonge vrouw. Haar hart ligt echter al bij Aydin, de schaapsherder.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal is een en al landschapsbeleving, waarbij alle zintuigen geprikkeld worden. Je ziet de kronkelende Aras door de bergen stromen, soms woest, dan weer wat kalmer, alsof het een menselijke persoonlijkheid betreft. En tussen alle beelden in komt langzaam een verhaal tevoorschijn, niet alleen over de liefde tussen Saray en Aydin, maar ook over de bedreiging van het landschap. Eens in de zoveel tijd komt er een marskramer naar het nomadenvolk en probeert daar zijn plastic spullen te slijten. De oude vrouw Ipek weeft tapijten naast het water, waarin ze het landschap verwerkt. Zij bedekt de boomstammen met tapijten, zodat die het landschap zullen onthouden. Ipek moet niets van de marskramer hebben met al zijn plastic. Ze is bang voor de toekomst van het landschap. De jongen Doeman luistert naar de vissen. Ook hij is bang dat alles verloren zal gaan. Op een dag neemt de marskramer het westerse meisje Alma mee, dat uit Amsterdam komt en in een woonboot in de Amstel woont. Zij is op zoek naar de streek waar haar oma vandaan komt en leeft dan een poosje tussen de nomaden en merkt hoe hectisch haar bestaan in Nederland is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal doet qua sfeer denken aan Perzische sprookjes over liefde, moed en heldendom. De personages zijn wat clichématig: de mooie Saray en sterke Aydin die een huwelijk voorbereiden. Je krijgt en passsant wat gebruiken mee over de nomaden. Ook het meisje Alma dat rust zoekt bij de nomaden, blijft wat oppervlakkig. Het verhaal lijkt vooral een ode aan de natuur te zijn, waarmee we respectvol moeten omgaan. Die boodschap ligt niet echt subtiel verscholen, maar is regelmatig onderwerp van gesprek tussen Alma en de nomaden, Doeman en Ipek, maar ook onderwerp van de overpeinzingen van de rivier Aras, die zich af en toe afvraagt of een rivier echt zou kunnen ophouden met bestaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De rivier Aras houdt als een sterke persoonlijkheid het verhaal bij elkaar. Dat is goed gekozen van Rezazadeh, want juist daarmee kan zij de kracht en ook macht van de natuur laten zien. Aras zorgt voor spanning in het verhaal, al was het maar omdat hij steeds opnieuw zijn liefde voor Saray belijdt. Hoeveel Saray ook van Aras houdt, haar hart ligt bij Aydin. En wat doe je dan als rivier? Dit bijzondere perspectief zorgt steeds opnieuw voor verrassingen in de loop van het verhaal, dat bijna zelf als een rivier meandert door het oosterse landschap.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Sholeh Rezazadeh –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik ken een berg die op me wacht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Ambo Anthos, Amsterdam. 192 blz. €21,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Ik-ken-een-berg-196x300.jpeg" length="11307" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 15 Oct 2023 11:25:45 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-verrassend-perzisch-sprookje</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Sholeh Rezazadeh,Ik ken een berg die op mij wacht</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Ik-ken-een-berg-196x300.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Ik-ken-een-berg-196x300.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Luister hoe zand tussen je vingers fluistert’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/luister-hoe-zand-tussen-je-vingers-fluistert</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Luister hoe zand tussen je vingers fluistert’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Schipperen' van Anne Meerbergen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Schipperen-269x321.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Na
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aanmoederen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zeezuchten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is nu ook de derde dichtbundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Schipperen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Anne Meerbergen verschenen. Net als Zeezuchten waarin gedichten worden afgewisseld met foto’s van Eddy Verloes, is ook Schipperen weer stijlvol vormgegeven, met een schilderij van Guido Dobbelaere op de voorkant: een impressie van een zee in ruwe penseelstreken. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Schipperen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is in meerdere lagen subtiel de heen- en teruggaande beweging van de branding te voelen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel bestaat uit drie afdelingen, die op het eerste gezicht los van elkaar lijken te staan. In ‘Aanmonsteren’ zijn herinneringen verwerkt aan de tijd waarin ze als jonge vrouw meevoer op een olietanker. Onderaan de bladzijden vind je de plekken waar ze gevaren heeft, zoals de Atlantische Oceaan, de Rode Zee, de Straat van Mozambique. In ‘Bindweefsel’ zijn herinneringen aan haar vroeg overleden vader verwerkt en in ‘Handleidingen’ onderzoekt zij haar verhouding tot de (ge)liefde.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De delen zijn op subtiele wijze met elkaar verbonden. De gedichten bestaan uit strofen van steeds twee, af en toe één, een enkele keer drie regels, die flarden van zinnen bevatten, waardoor de gedichten op kleine golven lijken die op het strand komen aanrollen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           aangespoeld als een vis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hield een schelp tegen je oor
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zocht het zout in huis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de zee trok, het wende
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           je werd je tekort
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           leerde opnieuw kijken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           naar muren, verlegde je horizon
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het wiegen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wachtte op het water dat brak
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook in de inhoud zie je de terugtrekkende beweging terug: van heden naar verleden, het voortdurend ‘schipperen’, tussen de zeeën, tussen varen en thuis zijn, tussen herinneringen aan de vader, het voorzichtig aftasten van de (ge)liefde. De vluchtige regels raken kort iets aan. Je houdt een schelp tegen je oor om het ruizen van de zee weer te horen. Je bent nog aan het wiegen, en na de weidse uitzichten moet je wennen aan de muren van een huis. In het eerste deel staat er vaak ‘je’, alsof ook de lezer wordt aangeraakt en meegetrokken in landschappen en situaties.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Bindweefsel’ is van een ontroerende schoonheid door het voorzichtige portret van de vader dat langzaam ontstaat: ‘dat we vroeger samen dansten / mijn voeten op zijn schoenen’, het samen wandelen door een bos, de kleine hand in de grote, het luisteren naar sprookjes en fabels, het optillen, de vertrouwdheid. Zo abrupt als de vader uit het leven verdwijnt, gebeurt dat ook midden in het gedicht:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tussen missende tanden giechelen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           iemand lachte, mijn vader
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           paste in mijn kinderleven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en plotsklaps in een kist
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik denk nog aan zijn grote voeten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           heel soms dans ik zonder ons
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Meerbergen laat kleine ‘echo’s’ ontstaan, zoals de ‘missende tanden’ waarin het ontbreken al voelbaar is, vlak voordat de vader ineens ontbreekt. Zelfs in de klanken, ‘missen’ en ‘kist’, is die echo hoorbaar. De vele witregels zijn gaten, waarin het missen voelbaar is. Het kind vraagt zich af hoe het nu in evenwicht moet blijven op de twee wielen: ‘het geluid stond stil en ik / raakte niet vooruit’. Waar het kind verwacht dat het op de knieën zal vallen en de handen zal schaven, valt in het volgende gedicht de vader in de eerste sneeuw ‘misschien op zijn knieën / of als een oude sneeuwengel’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bijzonder is ook het verschil in missen tussen toen en nu. Het kind mist hem bij het in evenwicht blijven op de fiets en in het laatste gedicht van de afdeling realiseert de ik zich dat ze een held van haar vader heeft gemaakt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           trok een streep en ontbond
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           mijn verlies, de jaren van spijt en mist
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik lokte hem van zijn voetstuk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gaf hem een arm, kuste zijn wang
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zijn dode voorhoofd, voorgoed
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je denkt: dit is de mooiste afdeling, zo kwetsbaar, maar ook ‘Handleidingen’ is schitterend. In het openingsgedicht vraagt de ik zich af wat het gewicht is van liefde, terwijl ze een avocado aan het ontpitten is en koriander hakt: ‘alles moest samen / er ontbrak nog // hoe kon men zoiets wegen’. Het beeld van de vrucht prikkelt de zinnen en ook hier voel je weer het voorzichtig aanraken en ontbreken. De liefde is kwetsbaar. In een volgend gedicht houdt de ik haar hart vast, maar het helpt niet: de geliefden ontdekken ‘vleugels en paniek’. De gedichten van deze afdeling zijn heel zintuiglijk: rinkelend glas klinkt, herinneringen scheuren, er valt veel te proeven en te voelen. Tegelijkertijd mengen de zintuigen zich in ‘proef de klank’, ‘het geknisper van prei en tijd’, ‘luister hoe zand tussen je vingers fluistert’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Door het beeld van de zee dat niet alleen in grove penseelstreken op de voorkant prijkt, maar ook in alle afdelingen op de achtergrond aanwezig is in golven van rafelige zinnen, subtiele herhalingen en het kort aanraken en terugtrekken, is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Schipperen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een dichtbundel van wonderschone eenheid.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Anne Meerbergen –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Schipperen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij P, Leuven. 48 blz. €18,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Schipperen-269x321.png" length="231013" type="image/png" />
      <pubDate>Wed, 11 Oct 2023 11:58:34 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/luister-hoe-zand-tussen-je-vingers-fluistert</guid>
      <g-custom:tags type="string">Schipperen,essays,Anne Meerbergen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Schipperen-269x321.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Schipperen-269x321.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Het ‘zijn’ waarin de mens tussen wil en verstand verblijft</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-zijn-waarin-de-mens-tussen-wil-en-verstand-verblijft</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het ‘zijn’ waarin de mens tussen wil en verstand verblijft
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het leven van de geest' van Hannah Arendt. Aflevering 12
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA12.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richt Hannah Arendt zich op drie belangrijke processen in de geest: denken, willen en oordelen, aan welke ze allemaal een flink deel wijdt. Op een toegankelijke manier legt zij in woorden de geest bloot en deelt daarmee bijzondere inzichten die niet per se waarheid zijn, maar die inspireren om verder over na te denken. In deze serie licht ik daar enkele inzichten uit die te mooi zijn om niet te delen. Deze vijfde aflevering over het deel ‘willen’ gaat over de vraag welke van de twee mentale vermogens in ons ‘zijn’, verstand en wil, nu voorrang verdient.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Verschillende filosofen hebben zich het hoofd gebroken over deze vraag en daaruit zijn mooie bespiegelingen ontstaan. Arendt besteedt daarbij bijzondere aandacht aan de denkbeelden van Thomas van Aquino en Duns Scotus. Beiden zijn sterk beïnvloed door Augustinus, maar opvallend is dat geen van beiden oog heeft voor de problematische structuur van de wil als afzonderlijk vermogen. Zij focussen vooral op de verhouding tussen wil en verstand en richten zich op de vraag welke van beide nu ‘hoger’ of ‘edeler’ is. Bijzonder is ook dat Augustinus nog drie mentale vermogens onderscheidde, het verstand, de wil en het geheugen, en dat na hem in de filosofie het geheugen niet meer terugkomt als afzonderlijk mentaal vermogen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voor Van Aquino is het voornaamste kenmerk van alle wezens dat zij ‘zijn’. Zowel voor het verstand als voor de wil is dit ‘zijn’ het hoogste doel: voor het verstand is het de waarheid, voor de wil is het goed en begeerlijk. Ze sluiten op elkaar aan: de wil wil dat het verstand begrijpt en het verstand begrijpt dat de wil wil. Volgens Van Aquino kun je pas iets willen wat je enigszins begrijpt. Daarom is voor hem de volgorde van handelen: begrip van het doel, overleg over de middelen en dan begeerte naar die middelen. Het verstand gaat dus steeds vooraf aan de wil. Het uiteindelijke geluk van de mens is in essentie het kennen van God door het verstand; het is geen daad van de wil. Ook Dante zegt: de hemelse zaligheid is gegrond in het schouwen van God, niet in de liefde die hierop volgt. De wil dooft namelijk uit zodra hij het voorwerp heeft verworven. Het verstand overleeft de wil. De beschouwing staat bij Van Aquino boven het handelen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bovenstaande gaat uit van het concept dat het ‘zijn’ en het ‘goede’ alleen in het denken van elkaar verschillen en in werkelijkheid aan elkaar gelijk zijn. Dat concept levert enkele fraaie bespiegelingen over het kwaad op. Zo zegt Van Aquino dat de mens net zoveel ‘goedheid’ heeft als dat hij ‘zijn’ heeft. Als er iets ontbreekt aan de volheid van dit ‘zijn’, ontbreekt er ook iets aan zijn goedheid en wordt het slecht genoemd. Geen enkel ‘zijn’ kan slecht genoemd worden, voor zover het ‘is’, dat kan alleen voor zover het tekortkomt aan ‘zijn’. Deze denkbeelden zijn een verdere uitdieping van die van Augustinus. Volgens beiden is het kwaad geen principe, omdat het zuivere ‘afwezigheid’ is. Er zijn daarbij twee soorten afwezigheid. De mens mist bijvoorbeeld de snelheid van een paard. Die afwezigheid kan geen kwaad genoemd worden. Het kwaad is een afwezigheid waarbij de mens bijvoorbeeld ‘beroofd’ is van iets wat hem wezenlijk toebehoort, zoals bij de blinde mens, die van het zicht beroofd is. In deze opvatting bestaat er geen absoluut kwaad waarbij je de totale afwezigheid van het goede zou kunnen zien. Dat zou namelijk betekenen dat het zichzelf zou vernietigen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Waar Van Aquino ervan uitging dat het universele hoger is dan het bijzondere, gebaseerd op de vaststelling van Aristoteles dat het geheel altijd groter is dan de som van zijn delen, vecht Johannes Duns Scotus, die één generatie jonger is dan Van Aquino en dus bijna tijdgenoot was, deze veronderstelling echter aan. De werkelijke boom staat volgens hem boven de universele (abstracte) boom. De particuliere mens heeft een hogere rang dan de mensheid. De argumentatie daarvoor ligt in de schepping: dieren werden in veelheid geschapen, de mens als individu. Zowel bij Augustinus als bij Scotus is de wil het mentale orgaan dat deze bijzonderheid van de mens tot stand brengt. Beiden geven daarom de voorrang aan de wil: een wilsbesluit gaat vooraf aan en beslist over de richting van onze kennis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Volgens Scotus is het verstand van de mens afgestemd op het ‘zijn’. De mens moet het maar doen met dit verstand. Met de wil ligt dat anders. De wil kan weerstand bieden aan de begeerte, maar ook aan wat hem door het verstand wordt opgelegd. Hierin ligt de vrijheid van de mens. De autonomie van de wil ligt in zijn totale onafhankelijkheid van de dingen zoals ze zijn. Er is slechts één beperking en dat is dat de wil het ‘zijn’ niet in zijn geheel kan ontkennen. De autonomie van de wil kan immers niet de macht van de natuur beperken. Denk aan iemand die zichzelf van iets hoogs naar beneden stort. Het is onvermijdelijk dat hij valt. Toch maakt deze daad geen einde aan zijn vrijheid, want hij blijft vrij om zijn wil om te vallen te behouden, of om van gedachten te veranderen. In dat laatste geval zal hij, ondanks zijn wil, de noodzaak van het vallen moeten accepteren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat hiermee samenhangt, is Scotus’ aandacht voor een paradoxale kant van het verschijnsel ‘vrijheid’: een bepaalde historische gebeurtenis kan gezien worden als logisch volgend uit eerdere gebeurtenissen, terwijl die gebeurtenissen stuk voor stuk ook niet gebeurd hadden kunnen zijn. Dit is iets heel anders dan de fatalistische opvatting dat alles is ‘zoals het heeft moeten zijn’. Zodra iets is gebeurd en tot het verleden hoort, is het weliswaar noodzakelijk onderdeel van het ‘zijn’ geworden, maar het heeft destijds niet noodzakelijk moeten gebeuren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Scotus gaat ervan uit dat de mens geneigd is tot het goede. De kwade wil verklaart hij als zwakheid van een schepsel dat uit het niets is geschapen door God: hij vertoont af en toe de neiging om terug te vallen in dat niets.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De mens is in staat om de wereld van het ‘zijn’, die tot aan zijn dood zijn thuis blijft, te overstijgen met zijn mentale activiteiten. Toch zijn die activiteiten altijd betrokken op de wereld van de zintuigen. Het verstand is heel sterk verbonden met die zintuigen. Scotus vergelijkt deze mentale activiteiten met de activiteit van het licht dat ‘vanuit zijn bron permanent vernieuwd wordt en dus zijn innerlijke bestendigheid bewaart en eenvoudigweg verwijlt’. Net als Augustinus zegt ook Scotus dat wanneer de wil omgevormd wordt tot liefde, de rusteloosheid van de wil wel tot bedaren komt, maar de wil niet wordt uitgedoofd, omdat de liefde een blijvende beweging is, die in haar doel rust. Dankzij onze mentale activiteiten zouden we volgens Scotus in staat moeten zijn om deze beweging te verstaan als een glimp van een onzekere toekomst waarin ze altijddurend zal zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hannah Arendt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Dirk De Schutter en Remi Peeters. Uitgeverij Ten Have, Utrecht. 800 blz. €52,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA12.jpeg" length="43010" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 10 Oct 2023 17:31:25 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-zijn-waarin-de-mens-tussen-wil-en-verstand-verblijft</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het leven van de geest,Het 'zijn' waarin de mens tussen wil en verstand verblijft,essays,Hannah Arendt</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA12.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA12.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Met mij niet zo goed'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/met-mij-niet-zo-goed</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            'Met mij niet zo goed'
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Beste mevrouw Eva' van Valentijn de Heer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/beste+mevrouw+eva.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            En dan valt je oog ineens op een boek van Valentijn de Heer, waarop je even denkt het houten huisje van Biesheuvel te herkennen. Je kijkt naar de titel en ziet
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Beste mevrouw Eva
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . De vrouw van Biesheuvel heette Eva. Dat kan geen toeval zijn. Je stapt het hek van het verhaal binnen, je begint te lezen en kunt niet meer stoppen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je leest het verhaal van de kleine jongen Elias, die samen met zijn vader en moeder in een welgestelde wijk van Leiden woont, vlak bij de sociale werkplaats, waar, zoals ze destijds nog werden genoemd ‘mongolen’ werken, die vaak in een stoet langs hun huis trekken. Zijn vader laat zich nogal vaak laatdunkend over hen uit. Als Elias een broertje krijgt, zegt zijn vader, terwijl hij de rook van zijn shag in Elias’ gezicht uitblaast: ‘Ma heeft een mongool gebaard.’ Vanaf dat moment nemen de zorgen in huis toe en wordt Elias’ vader hoe langer hoe agressiever. Hij blijft langere tijd weg, brengt nauwelijks nog geld in, waardoor Elias’ moeder meer moet gaan werken. Elias krijgt steeds vaker de zorg voor zijn broertje Johannes toegeschoven, terwijl hij en zijn broertje tegelijkertijd de spot van zijn klasgenoten zijn geworden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de wijk staat ook het wat spookachtige houten huisje waarin een gekke man woont, met een geit in de tuin. Bij toeval komen ze erbinnen en daar blijkt een bijzonder lieve mevrouw Eva te wonen, samen met haar ‘lief’, die vooral boven op een typemachine aan het ratelen is. Mevrouw Eva luistert, stelt vragen, zet thee, geeft koekjes en speelt monopolie met Elias. Het houten huisje is een baken van rust en veiligheid voor de kleine Elias.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het drama dat zich voltrekt achter Elias’ voordeur is hartverscheurend. Het is verschrikkelijk hoe hij aan zijn lot wordt overgelaten en steeds meer verantwoordelijkheden krijgt waar hij nog veel te klein voor is. Ondertussen wordt Johannes steeds groter en sterker, en de vader steeds labieler en gewelddadiger. Die spanning drijft je door het verhaal.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Heer schrijft trefzeker, maar ook humoristisch: Elias is slim en vindingrijk in zijn oplossingen. De ellende stapelt zich op en neemt soms zulke bizarre wendingen, dat je ondanks de verschrikkingen bijna moet lachen. De dag dat zijn moeder vol trots de kleine Johannes meeneemt naar school, verandert zij onbedoeld het plein in een circus:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alleen Johannes zag ik nog, zo helder dat ik besefte dat hij het berenpak niet droeg maar dat hij erin hing als een vogelverschrikker waarop de kraaien dansten. Dat hij niet sabbelde op zijn speen, maar erop beet terwijl het speeksel langs zijn kin naar beneden liep. Zijn ogen stonden in een spagaat. Ze leken om iedereen en alles heen te kijken maar niets te zien. Zijn longen piepten, dat zag ik aan de manier waarop de wol van zijn kraag schokkerig op en neer bewoog. Hij had het benauwd en ook ik ging zwaarder ademen. Johannes was een clown geworden en ma had het plein in een circus veranderd. Ze had het niet eens door, anders had ze Johannes wel teruggelegd in die kist op wielen en die gastjes weggestuurd. Maar in plaats daarvan hurkte ze, zette ze Johannes op haar knie en liet mijn klasgenoten als een hongerig publiek het podium bestormen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wonderlijk genoeg hoor je hier de echo van Biesheuvels eigen verhalen, waarin eveneens tragiek en humor zo nauw verweven zijn. Ook voor de kleine Elias is de verbeelding soms de enige uitweg. Dat maakt het boek zo bijzonder. Mevrouw Eva zegt bij hun eerste bezoek en passant dat Johannes het goed zal kunnen vinden met haar lief. Er ontstaat op deze manier een bijzondere vorm van intertekstualiteit.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal is gelaagd door de subtiele symboliek. Zo is er een aquarium met vissen en een garnaal, waarin je de situatie van Elias weerspiegeld ziet. Ook speelt Elias met Eva het spel monopolie waarin je kansen krijgt, zoals de kaart ‘verlaat de gevangenis zonder betalen’. Brieven spelen op verschillende niveaus een rol. Huizen, kamers, schoolgebouwen en ziekenhuizen bepalen de sfeer in het verhaal. Door de details bevind je je bijna zelf in de ruimtes tussen de personages. Je voelt de spanning tussen hen. Je zinkt steeds dieper weg in het verhaal en komt er ook niet meer helemaal van los.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal roept aandacht op voor opvoeding en onderwijs. Tussen de regels klinkt kritiek op druk van de Citotoets – ‘Je inzet bepaalt je toekomst’ – maar ook op de maatschappij waarin mensen in een hokje moeten passen, of in het gareel lopen. Ondanks het feit dat wijkagenten oog hebben voor schrijnende situaties als deze, waarbij de Raad van de Kinderbescherming betrokken moet worden, voel je dat er hoe dan ook slachtoffers blijven en dat er voor sommige problemen eigenlijk geen goede oplossing bestaat. Natuurlijk wordt Elias door de situatie noodgedwongen snel ‘volwassen’, maar een enkele keer lijkt het alsof de gedachten van Elias te veel zijn ingevuld door een volwassene en dat wringt dan een beetje.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Valentijn de Heer is zorgmedewerker en heeft al eerder korte verhalen gepubliceerd, maar dit is zijn eerste roman. Er zitten diverse autobiografische elementen in, vertelt hij in een interview met Chris Kijne, maar gaandeweg het verhaal heeft hij zich los kunnen maken uit zijn eigen geschiedenis en heeft hij steeds meer fictieve elementen verwerkt. Het is een prachtig boek geworden, een schrijnende brief aan die ‘beste mevrouw Eva’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Valentijn de Heer –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Beste mevrouw Eva
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Pluim, Amsterdam. 192 blz. €22,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/beste+mevrouw+eva.jpeg" length="124574" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 04 Oct 2023 14:33:21 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/met-mij-niet-zo-goed</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Valentijn de Heer,Biesheuvel,Beste mevrouw Eva</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/beste+mevrouw+eva.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/beste+mevrouw+eva.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De liefde als transformatie van de wil</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-liefde-als-transformatie-van-de-wil</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De liefde als transformatie van de wil
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het leven van de geest'  van Hannah Arendt. Aflevering 11
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA11.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richt Hannah Arendt zich op drie belangrijke processen in de geest: denken, willen en oordelen, aan welke ze allemaal een flink deel wijdt. Op een toegankelijke manier legt zij in woorden de geest bloot en deelt daarmee bijzondere inzichten die niet per se waarheid zijn, maar die inspireren om verder over na te denken. In deze serie licht ik daar enkele inzichten uit die te mooi zijn om niet te delen. Deze vierde aflevering over het deel ‘willen’ gaat net als de vorige aflevering nog over Arendts onderzoek naar de voorlopers van de wil.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Na Aristoteles en Paulus, die in hun geschriften aanzetten tot de wil hebben gezet, onderzoekt Arendt de stoïcijnse filosoof Epictetus, die ongeveer tijdgenoot is geweest van Paulus. Volgens Epictetus bekommert de wil zich alleen om dingen die in de macht van de mens liggen. De mens heeft het vermogen zich van de uiterlijke wereld af te keren en zich volledig terug te trekken in een onoverwinnelijk innerlijk. Als je goed traint, kun je je zelfs in situaties waarin je gevangen bent of ernstige pijn lijdt, concentreren op andere indrukken: wees als een steen en je zult onkwetsbaar zijn. Dit is wat men ‘stoïcijns’ noemt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Na Epictetus komt Augustinus, de eerste filosoof van de wil. Als vertrekpunt heeft hij de romeinse en stoïcijnse zoektocht naar geluk. In die zoektocht ligt volgens hem de oorsprong van de filosofie. Augustinus ervaart een tweestrijd tussen twee ‘willen’ die zijn ziel verscheurt. Hij gelooft echter niet dat het gaat om een strijd tussen goed en kwaad. Die verscheurdheid ervaar je immers ook als je uit twee goede dingen kunt kiezen, of twee kwade. De ziel wordt heen en weer geslingerd tussen de wil en de tegenwil, die door diezelfde wil wordt opgeroepen. Maar wat beweegt de wil nu uiteindelijk tot handelen?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Augustinus onderzoekt de wil niet alleen afzonderlijk, maar juist ook in zijn verbondenheid met andere mentale vermogens. Net als de goddelijke drie-eenheid, zou er ook in de menselijke geest een mysterieuze drie-in-één zijn: zijn, weten en willen. De wil zou daarbij de bindende kracht zijn. De wil is dat niet alleen bij mentale activiteiten, maar ook bij de zintuiglijke: door de wil wordt de aandacht van het oog gevestigd op iets. Zonder die aandacht zien we zonder waar te nemen, zoals we ook kunnen horen zonder te luisteren. De wil is niet alleen de eenmakende kracht die de zintuigen verbindt met de buitenwereld, maar hij verenigt ook de verschillende mentale vermogens van de mens, omdat hij bepaalt welke indrukken in het geheugen worden vastgelegd. Hier kun je de wil zien als oorsprong van het handelen: de wil effent het pad voor het handelen, en het is de daad die de wil uiteindelijk verlost. De wil stopt namelijk pas met willen als hij begint met handelen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Volgens Augustinus kan het innerlijk conflict van de wil opgelost worden als de wil zich transformeert tot liefde. De liefde verenigt de geliefde en de liefhebbende in de liefde, zoals de wil door aandacht de ogen van de mens koppelt aan het zichtbare. Alleen is de liefde nog veel sterker. De wil of begeerte dooft uit wanneer het doel is bereikt, maar de liefde stelt de geest in staat om standvastig te blijven en te genieten. De liefde brengt de rusteloosheid van de wil tot bedaren, omdat zij zich niet richt op tastbare dingen, maar op de ‘voetafdrukken’ die deze zintuiglijke dingen in de innerlijkheid van de geest nalaten. Augustinus vergelijkt dit proces met het luisteren naar muziek. Een melodie baant zich een weg door tijdsintervallen. Een melodie kun je daarom nooit vatten zolang zij hoorbaar is. Dit vatten is alleen mogelijk doordat de melodie zich kennelijk ergens opslaat in de stilte, in het geheugen. Op vergelijkbare wijze brengt de liefde duurzaamheid tot stand.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Augustiniaanse wil is dus geen losstaand vermogen, maar een verbindende kracht binnen de geest als geheel, waarbij het geheugen, het verstand en de wil steeds naar elkaar verwijzen. De liefde is als een soort durende, conflictloze wil. De liefde oefent invloed uit door het gewicht dat ze toevoegt aan de ziel: zij is de zwaartekracht van de ziel, waarmee ze deze tot rust brengt. Mensen worden namelijk niet rechtvaardig door te weten wat rechtvaardigheid is, maar door van de rechtvaardigheid te houden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De mens kan niet uit de tijd springen, maar bevindt zich in een durend heden, kijkt terug op het verleden en vooruit naar de toekomst. Zijn aandacht is bij het nu, en aandacht is nu juist een van de belangrijkste functies van de wil, die de dimensies van de tijd samenbrengt in het nu van de geest. Augustinus vraagt zich af wat God er ooit toe bewogen heeft de mens te scheppen in de tijd, als hij daarvoor nooit geschapen had. Om deze vraag te beantwoorden, weerlegt hij eerst de cyclische tijdsopvattingen: in cycli kan er niets nieuws plaatsvinden. Vervolgens geeft hij antwoord op de vraag waarom het nodig was om los van alle andere levende wezens de mens te scheppen: opdat er iets nieuws zou kunnen zijn. Deze vrijheid van de spontaneïteit is volgens Arendt wezenlijk voor de menselijke soort en de wil is haar mentale orgaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hannah Arendt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Dirk De Schutter en Remi Peeters. Uitgeverij Ten Have, Utrecht. 800 blz. €52,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA11.jpeg" length="25064" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 04 Oct 2023 14:21:59 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-liefde-als-transformatie-van-de-wil</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het leven van de geest,De liefde als transformatie van de wil,essays,Hannah Arendt,Aflevering 11</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA11.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA11.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Tussen omgekapte kerfstokken en krakende kisten</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/tussen-omgekapte-kerfstokken-en-krakende-kisten</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tussen omgekapte kerfstokken en krakende kisten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Algen uit een andere dimensie' van Joris Miedema
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/algen+uit+een+andere+dimensie.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Na
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vlucht van de levenloze libellen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Joris Miedema is nu ook het tweede deel van de trilogie verschenen, de dichtbundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Algen uit een andere dimensie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . En een andere dimensie betreed je op eigen risico.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voor eenieder die met wat moeite terugblikt op zijn jeugd, is de eerste stap die je in de bundel zet, in elk geval heerlijk relativerend:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           stiekem was het donker en woonde ik in mijn hoofd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in het huis waar ik was opgegroeid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik had ons samenzijn al zo vaak bekeken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat mijn ouders in een kleverige pasta
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           waren veranderd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en over hun stoelen waren uitgesmeerd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           alsof de tijd hun substantiële bestaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           had aangetast
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           met een pollepel probeerde ik
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           restanten van ze te redden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik heb ze in passende vormen gegoten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en laten drogen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kleverige pasta voelt misschien wat onwennig als je het over ouders hebt, maar aan de andere kant zijn ze wel onlosmakelijk met ons verbonden en kom je niet zo makkelijk van hen los. Wie in zijn verleden graaft, merkt hoe alle herinneringen van vorm kunnen veranderen en hoezeer je daar zelf invloed op hebt. Dat je daar een pollepel bij kunt gebruiken, is op zijn minst verrassend.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe verder je de bundel in stapt, hoe vreemder het universum wordt. Je belandt in droomachtige, soms wel nachtmerrieachtige ruimtes, die je maar met moeite loslaten: in ‘Nachtbrief’ staat in de tuin een onbekende brievenbus waar een doorzichtige envelop uit hangt, bij de afzender een kruisje. Het lyrisch ik herkent aan ‘de blanco vellen en ezelsoren’ het handschrift van zijn vader: ‘hij zal wel gepoogd hebben / om iets vakkundig niet te formuleren’. In een ander gedicht ligt de ik onder de grond tussen krakende kisten. Alledaagse voorwerpen, zoals een ‘gaspitje’ of ‘aardlekschakelaar’ krijgen op die plek ineens heel andere gevoelswaarden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Miedema roept bizarre beelden op, zoals een opa die tijdens de verjaardag van de ik uit de vruchtenbowl springt: ‘aan zijn wang hing het hoofd van zijn valse herdershond’. Waarschijn­lijk is de ervaring vergelijkbaar met die van het madelaine-cakeje van Proust, maar dan wat minder nostalgisch. De situaties zijn beklemmend, maar tegelijkertijd hilarisch en vindingrijk: ‘mijn oma’s hand sloeg de arm / van mijn opa weg en ze verdwenen / we speelden Yahtzee zonder hen.’ Opgelucht haal je even adem, maar je weet dat het niet lang zal duren voordat je weer in een huiveringwekkende situatie belandt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ik draagt nogal wat doden bij zich en schudt die maar moeilijk van zich af. Zo hoort hij op de kinderboerderij geiten mekkeren en konijnen stampen zoals Leo deed, toen hij nog leefde. In een ander gedicht zit er een ‘loszittend mannenkoor’ in zijn hoofd, dat af en toe een liedje opgooit, ‘vaak verhusseld / als in een vergiet’. In ‘heelhaas’ zit, als de ik wakker wordt, een menskleurige haas op de plek waar zijn linkervoet heeft gezeten. Om weer enigszins zichzelf te worden, moet hij de haas gewelddadig van zich afsnijden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De dood is vaak ook heel gewoon: ‘ik ben overleden maar niet op komen dagen / zoals zo vaak in mijn leven’. Net als in het gewone leven, komt iets soms gewoon niet zo goed uit. Miedema drijft daarin de spot met alledaagse problemen: ‘Nu ik afgesloten ben van gas en elektriciteit / het huis koud genoeg is / voor een dode alleen / houd ik eindelijk wat geld over’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misschien is het niet te doen om de hele bundel in één keer achter elkaar te lezen. Na verloop van tijd voel je je steeds kleveriger en zwaarder worden van de dood. Tegelijkertijd wordt die dood opgevoerd als een feestje, zij het wat macaber. De bundel doet denken aan het middeleeuwse ‘Van der Mollenfeeste’ van Anthonis de Roovere, een indringend memento mori, en dat zijn we misschien niet meer zo gewend in ons veilige leven. Niet iedereen zit erop te wachten om geconfronteerd te worden met een ‘ledematenlawine’, omdat een groenwerker per ongeluk ‘wat kerfstokken’ heeft omgekapt ‘in plaats van piketpaaltjes’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je je durft over te geven aan deze kolder, valt er veel te griezelen en te lachen tussen deze algen uit een andere dimensie, maar als je je kaken stijf op elkaar wilt houden, dan kom je ook zeker flauwe grappen tegen, maar wat wil je, als:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de letters vallen als gehandicapte zwanen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           uit mijn mond
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ze kunnen niet meer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           met hun nek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de juiste hoek aanhouden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           om uit te beelden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           welk teken ik bedoel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Joris Miedema –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Algen uit een andere dimensie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Opwenteling. 56 blz. €17,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/algen+uit+een+andere+dimensie.jpeg" length="160202" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 27 Sep 2023 19:47:05 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/tussen-omgekapte-kerfstokken-en-krakende-kisten</guid>
      <g-custom:tags type="string">Algen uit een andere dimensie,essays,Joris Miedema</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/algen+uit+een+andere+dimensie.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/algen+uit+een+andere+dimensie.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De voorlopers van de wil</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-voorlopers-van-de-wil</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De voorlopers van de wil
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het leven van de geest'  van Hannah Arendt. Aflevering 10
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA10.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richt Hannah Arendt zich op drie belangrijke processen in de geest: denken, willen en oordelen, aan welke ze allemaal een flink deel wijdt. Op een toegankelijke manier legt zij in woorden de geest bloot en deelt daarmee bijzondere inzichten die niet per se waarheid zijn, maar die inspireren om verder over na te denken. In deze serie licht ik daar enkele inzichten uit die te mooi zijn om niet te delen. Deze derde aflevering over het deel ‘willen’ gaat over Arendts onderzoek naar de voorlopers van de wil.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terwijl de ontdekking van de rede samenviel met de ontdekking van de geest en het begin van de filosofie, werd het vermogen van de wil pas veel later duidelijk. Arendt vraagt zich daarom af door welke ervaringen mensen zijn gaan beseffen dat ze in staat waren om wilsbesluiten te vormen. Zij onderzoekt daarvoor de ‘voorlopers van de wil’ in de Griekse filosofie. Aristoteles’ analyses van de ziel zijn van grote invloed geweest op de latere filosofen van de wil. Daarom onderzoekt zij eerst zijn analyses.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het vertrekpunt van Aristoteles is dat de rede op zichzelf niets in beweging zet. Hij vraagt zich af wat het dan wel in de ziel is wat beweging doet ontstaan. Ook de begeerte is volgens hem geen dwingende kracht, want de rede kan ervoor zorgen dat we onze begeertes weerstaan. Dit verschijnsel is, na de ontdekking van de wil, het onderscheid tussen wil en neiging genoemd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Volgens Aristoteles zorgt een samenspel van rede en begeerte voor beweging. De begeerte verlangt naar iets wat afwezig is en stimuleert zo de rede om middelen en manieren te zoeken om het doel te bereiken. Hij onderscheidt daarbij de praktische rede, die zich alleen bezighoudt met zaken waar de mens invloed op heeft, en de zuivere rede die zich juist bekommert om wat mensen niet kunnen veranderen. In de ethische verhandelingen van Aristoteles wordt er voor de praktische rede een andere term gebruikt die een vorm van inzicht inhoudt in wat goed of slecht is voor mensen, geen intelligentie of wijsheid, maar meer een soort bedachtzaamheid, die je nodig hebt bij elke activiteit waar je zelf invloed op hebt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je kunst maakt, gaat het niet alleen maar om wat je maakt, maar ook om hoe je het maakt, en daarbij heb je steeds een keuze tussen alternatieven. De keuze is een soort tussenvermogen die bemiddelt tussen rede en begeerte. Deze keuzevrijheid wordt vaak gezien als de voorloper van de wil. Toch is de ruimte van deze ‘vrijheid’ betrekkelijk klein. Deze gaat alleen over de middelen, want het doel wordt als vanzelfsprekend beschouwd. Bij deze vrijheid gaat het nooit om de spontane macht om iets nieuws te beginnen of ‘om een autonoom vermogen dat door zijn eigen natuur bepaald wordt en aan zijn eigen wetten gehoorzaamt.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Na Aristoteles onderzoekt Arendt het werk van de apostel Paulus. Socrates ontdekte het ‘twee-in-één’, dat wij nu bewustzijn zouden noemen, waarin wij onszelf te vriend willen houden, maar bij Paulus zijn die twee juist voortdurend in conflict met elkaar. Hij zegt dat zodra hij het goede wil doen, het kwade zich aan hem opdringt. De wet speelt daarbij een dubieuze rol: de wet is goed, omdat hij de zonde laat zien als zonde, maar juist daardoor brengt hij de zonde tot leven. Dit alles leidt ertoe dat Paulus zichzelf niet meer begrijpt: ‘Ik ben een vraag geworden voor mijzelf’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het christendom begon de wil een cruciale rol te spelen. Terwijl men in de oudheid geloofde dat de mens sterfelijk was, maar dat de wereld zou blijven voortbestaan, kwam het christendom met het geloof dat aan de wereld ooit een einde zou komen, maar dat de mens door zijn geloof het eeuwige leven kon verwerven: om het eeuwige leven te verdienen is het nodig om ‘iets naar beste vermogen te willen doen’. Voor God staat die wil gelijk met het handelen: iemand die een ander wil doden, maar het niet gedaan heeft, heeft net zo gezondigd als iemand die dat wel heeft gedaan. Belangrijk is hier dat de wil de keuze heeft om ‘nee’ te zeggen. Als de wil die niet had, dan zou deze geen wil meer zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zoals ook het denken de mens in tweeën splijt, zo doet ook de wil dat: hij brengt automatisch zijn tegenwil met zich mee, dat in het Engels met ‘I nill’ verwoord wordt, maar waar in het Nederlands eigenlijk geen goede vertaling van bestaat. Het is niet hetzelfde als ‘ik wil niet’, omdat dat ook kan betekenen dat de wil helemaal ontbreekt, terwijl ‘I nill’ een actief niet-willen is, die iets bepaalds niet wil. De vertalers van Arendts werk hebben het daarom maar vertaald met ‘ik nil’. Er is echter een verschil tussen de gespletenheid in het denken en die in het willen. De wil heeft ‘heling’ nodig, zodat hij opnieuw één wordt, terwijl het denken juist zou eindigen op het moment dat de splijting geheeld wordt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In feite komt het er dus op neer dat de wil machteloos is, niet omdat er iets van buiten de wil tegenhoudt, maar omdat de wil zichzelf hindert. Voor Paulus is die uitleg vrij eenvoudig: de geest en het vlees zijn met elkaar in conflict. De mens is zowel vlees als geest. Het vlees zal sterven, dus als je de begeerten van het vlees gehoorzaamt, word je vanzelf naar de dood geleid. De geest zal daarom moeten proberen het vlees met al zijn hartstochten te ‘kruisigen’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tegelijkertijd met de ontdekking van de wil, zegt Arendt, werd er ‘een ware doos van Pandora met onbeantwoorde vragen geopend’, want zie daar het grootste struikelblok in de christelijke filosofie: ‘de onmiskenbare contradictie tussen een alwetende, almachtige God en wat Augustinus later het “monsterlijke” van de wil zal noemen.’ Hoe kan God immers de mensen hebben gemaakt die het voorwerp van zijn toorn zijn? Het enig mogelijke antwoord hierop komt van de Bijbelse Job en dat is dat dit alles ‘te wonderbaar voor mijn begrip’ is. Zo blijft het mysterie van al het Zijn intact. Een grap die in de tijd van Augustinus bekend moet zijn geweest, is: de man die vraagt wat God uitvoerde voor hij hemel en aarde schiep, krijgt als antwoord: Hij maakte de hel gereed voor wie zijn neus steekt in zulke diepe zaken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hannah Arendt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Dirk De Schutter en Remi Peeters. Uitgeverij Ten Have, Utrecht. 800 blz. €52,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA10.jpeg" length="6218" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 27 Sep 2023 19:47:00 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-voorlopers-van-de-wil</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het leven van de geest,De voorlopers van de wil,essays,Aflevering 10,Hannah Arendt</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA10.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA10.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De druppel</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-druppel</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Druppel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ontstaan van een samenspel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/omslag-lubabah-1+%281%29.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             Waar begint de druppel?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met lezen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Over hoe de vluchteling aan onze grens iets zegt over de grenzen van onze samenleving in de essays van Stefan Hertmans, ik lees over denken, willen en oordelen in Het leven van de geest van Hannah Arendt. Er vormt zich een naam in mijn hoofd, die eerst alleen nog uit letters bestaat: ik wil een l, een u en een a, al weet ik niet waarom. Ik zoek en vind de naam Lubabah, die ‘essentie’ betekent, en voor ik het weet zit Lubabah aan de rand van het water. Er is een oude visser en er is een kleine jongen. De samenleving in mijn hoofd breidt zich uit met een moeder, een vrouw, een zoon en nog een moeder. Ze komen en gaan, terwijl Lubabah aan de rand van het water zit.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met schrijven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ik begin met de waslijn bij het water, vlak onder de brug, en de oude visser. Zijn oog valt op het onwaarschijnlijk kleine hemdje naast de grote herenonderbroek.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met schrappen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Van letters, woorden, zinnen en bladzijden. Ik wil alleen de essentie, maar hoe kan ik die vinden?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met tekenen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Heel veel tekenen, eerst met potlood, dan met inkt. Steeds opnieuw komen en gaan er hoofden. Ik wil de essentie van het hoofd dat zich in mijn hoofd heeft gevormd, maar de inkt rolt alle kanten op. En dan valt mijn oog op een druppel, die licht vangt, en ik besef dat die druppel niet op de tekening zal blijven. Hij zal wegrollen, of opdrogen. Kan ik het licht in de druppel vangen?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met fotograferen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ik fotografeer druppels, heel veel druppels. Ik wil de essentie van de druppel vangen, maar ze komen en gaan, terwijl Lubabah in mijn hoofd aan de rand van het water zit. Ik ben de oude visser die verbijsterd naar de waslijn kijkt, ik ben de kleine jongen die woorden voert aan Lubabah, ik ben de moeder, de vrouw en het kind. Ik ben Lubabah die zit aan de rand van het water dat blijft stromen, ik ben de lezer die de letters en woorden vangt. Ik ben de druppel die licht vangt en rolt over mijn tekening. Ik kan mij niet herinneren wanneer ik ben begonnen en ik weet niet hoe lang ik er zal zijn.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met kiezen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Deze tekening wordt het. Deze druppel. Deze foto wordt het. Deze tekst. Deze titel, dit motto, dit formaat. Dit boek.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/omslag-lubabah-1+%281%29.jpg" length="218085" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 26 Sep 2023 09:09:10 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-druppel</guid>
      <g-custom:tags type="string">druppel,essays,ontstaan van een samenspel,Lubabah of hoe namen in de wind</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/omslag-lubabah-1+%281%29.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/omslag-lubabah-1+%281%29.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De botsing tussen denken en willen</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-botsing-tussen-denken-en-willen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De botsing tussen denken en willen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het leven van de geest' van Hannah Arendt. Aflevering 9
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA9.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richt Hannah Arendt zich op drie belangrijke processen in de geest: denken, willen en oordelen, aan welke ze allemaal een flink deel wijdt. Op een toegankelijke manier legt zij in woorden de geest bloot en deelt daarmee bijzondere inzichten die niet per se waarheid zijn, maar die inspireren om verder over na te denken. In deze serie licht ik daar enkele inzichten uit die te mooi zijn om niet te delen. Deze tweede aflevering over het deel ‘willen’ gaat over de botsing tussen denken en willen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoezeer we in onszelf ook de ervaring kunnen hebben dat we een vrije wil hebben, er zijn nogal wat filosofen (geweest) die de wil als loutere illusie zien. Zo maakt Hobbes de vergelijking met een houten tol die door iemand in gang gezwiept is. De tol heeft zelf het gevoel dat de bewegingen die hij maakt door zijn eigen wil aangestuurd zijn, omdat hij zich niet bewust is van het feit dat hij in gang gezwiept is door iets buiten hem.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De meeste bezwaren tegen de wil zijn volgens Arendt niet zozeer gericht tegen de keuzevrijheid, d.w.z. de vrijheid om tussen twee of meer objecten of handelwijzen te kiezen, maar meer tegen de macht om spontaan iets nieuws te beginnen, want wie zegt dat het nieuwe niet al als potentieel verscholen lag in het oude, zoals Aristoteles beweerde of dat dit nieuwe eigenlijk al door God voorbestemd was? Toch wringt deze gedachte als je kijkt naar het werk van bijvoorbeeld componisten: is een symfonie al potentieel aanwezig vooraleer deze er werkelijk is, of heeft God deze symfonie al bedacht voordat de componist ermee komt? Het probleem van de vrije wil wordt nog versterkt als we het probleem van het kwaad onderzoeken. Is God bijvoorbeeld de oorzaak van het kwaad?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Volgens Arendt bestaat er een botsing tussen denken en willen. Voor beide dienen we ons uit de wereld van de verschijnselen terug te trekken, omdat ze allebei voor onze geest aanwezig stellen wat in feite afwezig is, maar er is een verschil. Het denken haalt iets binnen wat is, of wat geweest is. Het willen strekt zich daarentegen uit naar de toekomst, naar een gebied waarin zulke zekerheden nog niet bestaan. Onze ziel, die zich onderscheidt van de geest, is toegerust met verwachting, die zich uit in hoop en vrees: elke hoop draagt een vrees in zich, en elke vrees geneest zich door zich naar de hoop te keren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze ongemakkelijke situatie tussen hoop en vrees kan gekalmeerd worden door bedrieglijke toekomstvoorspellingen, maar ook door de bedrieglijke theorie dat alles al voorbestemd is, namelijk het fatalisme dat elke vorm van ik-wil in slaap wiegt en die de geest bevrijdt van de noodzaak om zich te bewegen. Arendt wijst erop dat het fatalisme de dimensie van de toekomst vernietigt en haar opslorpt in het verleden: het ‘zal zijn’ wordt het ‘moest zijn’ en daarmee worden we gesust door de rust van het verleden, dat niet meer ongedaan gemaakt kan worden. We kunnen immers niet ‘achteruit willen’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als wij denken, bevinden wij ons in de bres tussen verleden en toekomst, die allebei nog afwezig zijn. Toch zijn er belangrijke verschillen: als we over het verleden denken, dan hoeft de buitenwereld daarvoor niet verstoord te worden. Een wilsbesluit verhoudt zich daarentegen tot de wereld van de verschijnselen waarin het moet worden gerealiseerd. Daarnaast heeft denken alleen zichzelf tot doel, terwijl willen juist niet de vervulling in zichzelf vindt, maar naar zijn eigen einde uitkijkt, het moment dat iets-willen is veranderd in iets-doen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De herinnering heeft een natuurlijke affiniteit met het denken, omdat elk denken een na-denken is. Gedachtegangen ontspringen aan herinneringen. Omdat we het verleden niet meer kunnen veranderen, verstoren die herinneringen nooit de gemoedstoestand. De overheersende stemming van het denken is daarom ook sereniteit. De wil kijkt vooruit en zorgt juist voor onrust en de drang zichzelf te vernietigen. Willen verlamt het denken; het denken verlamt op zijn beurt het willen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Arendt besteedt een belangrijk deel aan hoe Hegel dit conflict tussen denken en willen beschrijft, omdat hij grote invloed heeft gehad op de geschiedenis van het denken. Doordat we tijdens ons denken achterwaarts blikken naar wat geweest is, zegt Hegel, kunnen we dit verleden ‘verinnerlijken’ (denk aan het Duits: er-innert). Hierdoor wordt die herinnering een essentieel onderdeel van de geest en ontstaat er verzoening tussen geest en wereld. De geest is daarbij gericht op wat betekenisvol is. De rest wordt zonder gevolg terzijde geschoven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als Hegel de tijd bespreekt, heeft hij het vooral over de ‘menselijke tijd’. Zolang de mens niet nadenkt, ervaart hij de stroom van tijd als zuivere beweging, maar zodra hij gaat nadenken, richt hij zich vooral op wat er komen gaat. Deze voorgestelde toekomst ontkent het heden en vormt het om tot ‘niet-meer’. De mens zegt voortdurend ‘nee’ tegen het nu, en schept zo zijn eigen toekomst. Hegel noemt hier zelf niet de wil, maar Arendt stelt dat het vermogen dat achter deze ontkenning ligt, wel het wilsvermogen genoemd kan worden. Vanuit de wil is onze oude dag vooral het krimpen van onze toekomst en onze dood vooral het verlies van een toekomst. De onzekerheid van de toekomst maakt plaats voor de rust van het verleden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zonder de mens is er geen tijd. Ook zou er geen tijd zijn als de menselijke geest alleen toegerust zou zijn voor het denken: die zou namelijk mentaal in een altijddurend heden leven. Volgens Hegel produceert de geest tijd door middel van de wil, die zich richt op de toekomst. In dit opzicht is de toekomst zelfs de bron van het verleden, want wat komen gaat, zal ooit geweest zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Franse Revolutie is van groot belang geweest in Hegels filosofie: de revolutie liet zien dat het denken het fundament kan zijn voor de werkelijkheid en dat zo het ‘goddelijke’ van het denken en het ‘wereldlijke’ van het menselijke handelen verzoend kunnen worden. Hierop is heel Hegels systeem gebaseerd. Hegel gaat uit van een Wereldgeest die achter alle individuele mensen bestaat en heerst over de meervoudigheid van alle menselijke willen. Terwijl de individuele mens een cyclische beweging ondergaat van zijn, via worden, naar niet-zijn, zo volgt de Wereldgeest juist een rechtlijnige beweging, waarin eenieder de wereld van zijn voorganger overneemt en deze met zijn wil steeds meer in overeenstemming brengt met de wereld zoals die zou moeten zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit systeem gaat uit van vooruitgang, maar is in feite een illusie, zegt Arendt. Het komt immers voort uit het menselijke verlangen om te leven in een wereld die is zoals hij zou moeten zijn. De macht van de wil om het nu te ontkennen en die als de motor van de geschiedenis wordt gezien, kan echter net zo goed uitmonden in een permanente vernietiging als in een oneindige vooruitgang.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hannah Arendt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Dirk De Schutter en Remi Peeters. Uitgeverij Ten Have, Utrecht. 800 blz. €52,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA9.jpeg" length="25539" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 19 Sep 2023 06:54:32 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-botsing-tussen-denken-en-willen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het leven van de geest,essays,Hannah Arendt,De botsing tussen denken en willen,Aflevering 9</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA9.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/HA9.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Om te bedaren en vol te houden'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/om-te-bedaren-en-vol-te-houden</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            'Om te bedaren en vol te houden'
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het hoge land' van Marie-Hélène Lafon
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Lafon-199x300.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het hoge land
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de Franse auteur Marie-Hélène Lafon begint met een bijna vrolijk motto van Jean Giono over een eenzelvig everzwijn dat zijn weg snuffelt naar boerderijen en zich met modder op zijn buik in het water wentelt, de frisheid door zich heen laat gaan, en uiteindelijk in de bron bijt. Lafon keert in deze novelle terug naar haar geboortestreek, maar haar zoektocht is wat grimmiger dan die van het tevreden snuffelende everzwijn. Vanaf de eerste bladzijde ben je als lezer op je hoede, je durft je amper te bewegen en dat komt, omdat de hoofdpersoon als versteend op haar stoel zit en afwacht tot haar op de bank slapende echtgenoot wakker wordt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je voelt dat de man beter kan blijven slapen, terwijl ook de versteende toestand van de vrouw onhoudbaar is. Dat de meisjes en Gilles op het erf zijn, voelt niet per se als een geruststelling. De spanning stijgt en slaat om in verontwaardiging en machteloosheid op het moment dat de echtgenoot wakker wordt. Ik wil daarover niet meer vertellen, omdat je op het puntje van je stoel moet zitten als je leest, en als je wilt weten waar de spanning vandaan komt en waarom die emoties toeslaan, dan moet je het zelf ondergaan. De dreiging is voortdurend voelbaar: ‘als de honden voorbij het tuinhek lopen of achter de esdoorn gaan liggen, weet ze dat hij niet meer veraf is.’ De prachtige omgeving waar de boerderij staat, is evenwel troostrijk, evenals het werk dat er te doen is:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Om te bedaren en vol te houden, moet je dóen. Dingen doen. Dat heeft ze geleerd; werken, lijstjes opzeggen, denken aan anderen, zichzelf verhalen vertellen over mensen, buiten de familie, en de gelegenheden te baat nemen. De gelegenheden noemt ze windstiltes, die bestaan en sommige zijn vrij voorspelbaar. Vanmiddag bijvoorbeeld zal ze tot tegen vijf uur alleen zijn; hij komt wellicht niet thuis voor ze gedaan hebben met melken, de koeherder heeft zijn dag vrijaf omdat hij morgen, zondag, alle taken alleen moet uitvoeren met de knecht, Felix, die nooit weggaat.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De novelle is een drieluik. Het middelste deel, dat zich bijna zeven jaar later afspeelt, is een stuk korter en geschreven vanuit het perspectief van de echtgenoot. Het is moeilijk om je na het eerste deel in hem te verplaatsen, maar je zult wel moeten, omdat je verder wilt lezen, en dan verschuift er iets. Kun je als lezer medeplichtig zijn? Het slot beslaat slechts twee bladzijden. Het is geschreven vanuit de jongste dochter en speelt zich af in 2021, zevenenveertig jaar na het tweede deel. Pas in dit slot besef je dat een kind altijd de getuige is van een huwelijk en dat deze dochter, wil zij teruggaan naar de bron, beide wegen langs moet, die van de moeder én van de vader.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het drieluik is volledig uit balans als je kijkt naar de verdeling van de bladzijden over de drie delen, en dat is knap geconstrueerd. De vertaling van de titel is opmerkelijk, daar de oorspronkelijke titel Les sources is. De boerderij waar het verhaal zich afspeelt, ligt langs de rivier de Santoire. Als de auteur in deze novelle teruggaat naar haar geboortestreek, dan gaat ze dus in tweeërlei opzicht terug naar de bron. Toch is de eigenzinnige vertaling van de titel zo passend. Door de dubbele h-klank klinkt deze haast hijgend en dat is precies het gevoel dat je hebt tijdens het lezen: je houdt je adem in en gaat daardoor steeds hoger ademen. Het hoge land klinkt als het land waar je veiligheid kunt zoeken tegen de al te overweldigende bron daar in de diepte.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het hoge land
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is aangrijpend, vooral ook door de ingetogen stijl. Het werpt een licht op het leven van zomaar een gezin, het drama dat zich daar afspeelt, zonder dat het zich als drama voordoet, want er zijn drama’s die dagelijkse sleur worden – ‘het is een manier van zijn’ – en als onhandige, maar haast vertrouwde ballast dag in dag uit meegezeuld worden. Het toont de veerkracht van mensen, maar ook de maat die ineens vol is. De verontwaardiging die je als lezer opbouwt, wordt op een wonderlijke manier getemperd, gestild, niet alleen door het idyllische landschap, maar ook door de jongste dochter, met haar sprekende naam, Claire, die weet waar de sleutel ligt: ‘onder een lei, achter de esdoorn, maar ze zal het huis niet binnengaan.’
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Marie-Hélène Lafon –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het hoge land
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Katelijne de Vuyst. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 88 blz. €23,95.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Lafon-199x300.jpeg" length="4081" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 18 Sep 2023 18:05:07 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/om-te-bedaren-en-vol-te-houden</guid>
      <g-custom:tags type="string">Marie-Hélène Lafon,Het hoge land,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Lafon-199x300.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Lafon-199x300.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Misthoorns loeiden halsstarrig statig toen over een jonge schoot het maanlicht streek’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/misthoorns-loeiden-halsstarrig-statig-toen-over-een-jonge-schoot-het-maanlicht-streek</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Misthoorns loeiden halsstarrig statig toen over een jonge schoot het maanlicht streek’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Bedekte termen' van Bert Bevers
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Bedekte+termen.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Voor wie van een ijzeren discipline houdt in de poëzie, biedt
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bedekte termen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Bert Bevers 366 strak gecomponeerde gedichten op alfabetische volgorde van titel: voor elke dag een. Iemand die, zoals Bevers, zijn leven aan de poëzie heeft gewijd als dichter, redacteur, bloemlezer en uitgever, weet natuurlijk als geen ander dat de meeste poëzieliefhebbers niet op die manier een bundel lezen. Misschien moet je het daarom meer zien als de discipline van de dichter zelf, die rechtdoet aan de uitnodiging ‘Stabilitas Loci’, die onder aan de bundel op de omslag gedrukt staat. Het is de uitnodiging van kloosterordes om je bestendig te tonen tegenover de plek waaraan je je gebonden hebt. Bij Bevers is die plek, hoe dan ook, het paradijs van de taal.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Uit de hele bundel klinkt toewijding aan de taal. De afgeronde composities, van drie disticha per gedicht, zijn te zien als ascese, in de zin van: onthouding van iedere wijdlopigheid. Ook hier betreft dat vooral de dichter: hij is het die zich onthoudt, zich beperkt tot deze zesregelige verzen. De lezer daarentegen wordt in die onthouding juist uitgenodigd om rijk te associëren. Zoveel houvast heeft hij immers niet. Omdat de gedichten zo gecomprimeerd zijn, dienen zich talloze betekenissen aan, waardoor de lezer elke bladzijde als vanzelf vult met zijn gedachten. Zoals het voor de dichter een tour de force zal zijn geweest om de gedichten zo strak te componeren, zo is het ook voor de lezer hard werken om betekenis te geven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De gedichten zijn steeds op eenzelfde manier opgebouwd: in de eerste twee regels wordt een onderwerp neergezet, in de tweede wordt daar wat dieper op ingegaan, in de derde wordt een punt gemaakt. Daardoor lijken de composities behoorlijk afgerond en gesloten. Toch kun je er met gemak in verdwalen, omdat ze stuk voor stuk cryptisch zijn:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Schets voor besluitelozen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mensen bij wie alles een lang verhaal wordt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zijn onafgewerkte werven. Je moet toch weten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wanneer dofgroen verval aan schrijftafels
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de geur van inkt ontneemt, en woede verstijft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je moet toch weten: goud heeft geen brood
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           nodig. En: er is geen muur die steen weigert?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er klinkt een vastberadenheid in door, een wijsheid, alsof je spreuken aan het lezen bent die klinken alsof ze aan het eind een raadsel ontsluiten. Alleen heeft de lezer lang niet altijd de sleutel. Hij is aan het eind gekomen, maar wordt weer teruggestuurd om de lezing te hervatten en dan komt hij op een ander spoor. De ontsluiting is slechts een illusie. Je vangt een glimp op van betekenis, maar blijkt je voorlopig nog in een labyrint te bevinden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bevers besteedt veel aandacht aan klank. Er komt nauwelijks volrijm in de bundel voor, maar het wemelt van alliteraties en assonanties. Soms wat veel, waardoor het lijkt alsof de woorden vooral voor de klank bij elkaar zijn gezocht en in hun betekenissen wat onwennig en ongemakkelijk tegen elkaar aan schurken:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Warm parmantig ontwaken om zes uur tegelijk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           bescheiden huisbediendes die droefgeestig
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           aubades verwachten en ervaren houtvesters
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die smachten naar doorbloeding van jachtige
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           avonturen voor hun meester en diens gasten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in dat barse breken van vroege verlokkingen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan de andere kant zorgen die vreemde combinaties juist voor een diepe, vervreemdende ervaring, die vaak zo eigen is aan het lezen van poëzie. Elke zes regels duikel je een nieuwe wereld in waarin je vat moet zien te krijgen op de ruimte die bestaat uit woorden die op meerdere manieren een verbinding met elkaar kunnen aangaan onder jouw leiding. Als je nog even wacht met verder lezen, staat er iets anders dan wanneer je verder leest. Misschien zijn het wel mantra’s, waarin je je door de herhaling vanzelf gaat thuis voelen, zonder dat ze gaan vervelen. Soms doen ze denken aan het ‘cadavre exquis’ van surrealisten waarbij de samenstelling van de zinnen louter toeval was.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De gedichten lijken ook regelmatig te verwijzen naar het schrijf- of leesproces zelf. Sommige titels zijn daarin veelzeggend: ‘Niemand verdwaalt graag’, ‘Steelse vertraging’, ‘Stemverheffing zonder opzet’, ‘Vermoeden van verzoening’, ‘Verwachting in zweefvlucht’, ‘Weerkaatsing’, en zo kan ik nog wel even doorgaan. Wie gevoel voor ironie mist, zal zich in deze bundel niet thuis voelen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misschien moet je voor deze bundel een beetje durven dromen, je open durven stellen ‘voor het uur van de grote wolven’, zonder angst om te verdwalen. En als je dat durft, kom je soms terecht op ontroerend mooie, haast mythische plekken:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zuivering
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misthoorns loeiden halsstarrig statig toen over
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een jonge schoot het maanlicht streek. Tomen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ganzen vlogen lager over dan gebruikelijk en
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           rust ontbond zachte krachten. ’s Anderendaags
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hoorde ik bij het noenmaal brave kustbewoners
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           praten. Ze zegden zachtjes dat er zout in de zee zit.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Bert Bevers –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bedekte termen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Stabilitas loci, Antwerpen. 400 blz. €27,25.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Bedekte+termen.jpg" length="15828" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 13 Sep 2023 17:10:40 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/misthoorns-loeiden-halsstarrig-statig-toen-over-een-jonge-schoot-het-maanlicht-streek</guid>
      <g-custom:tags type="string">Bert Bevers,essays,Bedekte termen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Bedekte+termen.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Bedekte+termen.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Wie zegt dat de wil bestaat?</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wie-zegt-dat-de-wil-bestaat</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wie zegt dat de wil bestaat?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het leven van de geest' van Hannah Arendt. Aflevering 8
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Ha8.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richt Hannah Arendt zich op drie belangrijke processen in de geest: denken, willen en oordelen, aan welke ze allemaal een flink deel wijdt. Op een toegankelijke manier legt zij in woorden de geest bloot en deelt daarmee bijzondere inzichten die niet per se waarheid zijn, maar die inspireren om verder over na te denken. In deze serie licht ik daar enkele inzichten uit die te mooi zijn om niet te delen. De vorige zeven afleveringen gingen over het deel ‘denken’. Deze achtste aflevering is de eerste over het deel ‘willen’ en gaat over de vraag of de wil überhaupt bestaat.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het begint met een onderzoek naar wat verschillende voorgangers over de wil hebben beweerd. Opmerkelijk is dat men in de oudheid nog geen weet had van het vermogen van de wil. Bovendien zijn er vele filosofen (geweest) die het bestaan van de wil zelfs ontkennen en deze zien als een kunstmatig concept. Overigens wordt het verschijnsel ‘keuze’ wel genoemd bij Aristoteles, net als opzettelijkheid en onopzettelijkheid, zoals die van belang zijn in de rechtspraak.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vanaf het ontstaan van het christendom wordt er gesproken van de wil. Wel is deze problematisch, want hoe kun je de aanspraken van de vrije wil verzoenen met het geloof in een alwetende en almachtige God? Ook los van het christendom is het bestaan van de wil problematisch: de vrije wil zou kunnen botsen met de wet van de oorzakelijkheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Arendt vraagt zich af in hoeverre een professionele denker in staat is om onbevooroordeeld een van de mentale activiteiten, zoals het ‘willen’, te beoordelen. De vrije wil lijkt noodzakelijkerwijs gebonden aan de wettelijke orde en de ethiek. Als de mens immers niet uit vrije wil iemand kan doden, waarom zou je hem daarvoor dan straffen? Wil en vrijheid horen volgens Arendt onvermijdelijk bij elkaar. Ook Augustinus zei al: als je ‘moet willen’, waarom zou je dan nog over een ‘wil’ spreken? Een vrije wil impliceert dat je iets ook niet had kunnen doen. Bij een verlangen of begeerte is dat anders. Verlangens kunnen de overwegingen van de wil zelfs nder de voet lopen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het antwoord op het verstand is de waarheid, het antwoord op het denken is betekenis of zin. Er zou volgens Arendt ook een vermogen moeten zijn waarop vrijheid het antwoord is, en dat is volgens haar de wil. De mens is op grond van zijn geboorte, een nieuw begin. Het vermogen om de wereld te veranderen hoort wezenlijk bij de menselijke conditie. Tegelijkertijd kun je je afvragen hoe dit vermogen kan bestaan in een wereld van verschijnselen, waarin elk verschijnsel al ‘geweest is’, een wereld die elke spontaniteit meteen verandert in het ‘geweest zijn’ van verschijnselen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voor Arendt is het belangrijk om nog even terug te keren naar het slot van het deel ‘denken’, waarin ze constateerde dat het denken zowel ruimtelijkheid als tijdelijkheid voorlopig opschort. Het is alsof de geest voor zichzelf het ogenblik uitrekt tot een soort ruimtelijke woning: een bres tussen verleden en toekomst. In de middeleeuwen werd dit gezien als een mystieke ervaring, het samenvallen met het goddelijke. Volgens Arendt is het echter alledaags: bij iedereen die denkt, ook al gaat dit over heel banale zaken, gebeurt dit. Toch is deze voorstelling volgens haar een vergissing, die veroorzaakt wordt door de metaforen die we gebruiken om tijdelijke verschijnselen mee te benoemen. Zodra we reflecteren op de tijd, gebruiken we ruimtelijke beelden: ‘duur’ wordt voorgesteld als iets wat uitgerekt wordt, het verleden ligt ‘achter’ ons, de toekomst ‘voor’ ons.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Volgens Arendt is het noodzakelijk deze vergissingen te benoemen bij haar analyse van de wil: geheugen is een orgaan voor het verleden en de wil lijkt het orgaan voor de toekomst. De wil kan zich namelijk inlaten met wat nog nooit bestaan heeft. Als voorbeeld geeft zij het opstellen van onze laatste wilsbeschikking. Een testament laat zien hoe sterk onze wil ‘wil’, net als dat de rede wil ‘denken’. De geest overschrijdt daarbij zijn natuurlijke grenzen: de wil kan zich zelfs verplaatsen naar een toekomst die er voor degene die wil, nooit zal zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Volgens Arendt heeft Aristoteles de houding van de filosofie ten opzichte van de wil al principieel bepaald door het verschil te benoemen tussen enerzijds alles wat gebeurd is, maar ook niet had kunnen gebeuren, wat hij ‘toevallig’ noemt, en anderzijds alles wat noodzakelijkerwijs is en niet kan niet-zijn. Handelingen die gewild zijn, zijn toevallig. Als een mens iets maakt, bijvoorbeeld een huis van hout, dan bestaat dit volgens Aristoteles al van tevoren ‘in potentie’, die door menselijke handen verwezenlijkt wordt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vanuit deze opvatting is de toekomst niets anders dan een gevolg van het verleden. Het verschil tussen natuurlijke en door de mens gemaakte dingen, is dan slechts het verschil tussen dingen waarvan de mogelijkheid noodzakelijk verwerkelijkt wordt en dingen waarvan de mogelijkheid wel of niet verwerkelijkt wordt. In deze opvatting is ook de wil als ‘orgaan van de toekomst’ overbodig. Deze zienswijze past bij het cyclische tijdsconcept van de oudheid: elk einde is een begin en andersom; de mens draait daar, zelfs met zijn opvattingen, eindeloos in mee; de toekomst kun je daarom voorspellen vanuit het verleden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vanaf het christendom wordt er gedacht in een lineair tijdsconcept, waarbij een historisch moment als ‘uniek’ wordt bestempeld. De komst van Christus, die voor onze zonden gestorven is, is zo’n uniek moment geweest. Bovendien is er vanuit dit geloof een leven na de dood mogelijk. In de voorbereiding voor dit toekomstige leven, heeft Paulus de wil en zijn noodzakelijke vrijheid ontdekt. En ontdekken impliceert dat die wil er al was.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hannah Arendt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Dirk De Schutter en Remi Peeters. Uitgeverij Ten Have, Utrecht. 800 blz. €52,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Ha8.jpeg" length="45699" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 13 Sep 2023 14:28:06 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wie-zegt-dat-de-wil-bestaat</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het leven van de geest,essays,Hannah Arendt,Wie zegt dat de wil bestaat?,Aflevering 8</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Ha8.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Ha8.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Warenar', een typisch werk uit de Renaissance</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/warenar-een-typisch-werk-uit-de-renaissance</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Warenar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , een typisch werk uit de Renaissance
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Warenar' van P.C. Hooft door J. de J. (leerling uit de vierde klas van het Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/hooft.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de Renaissance zijn er veel toneelstukken geschreven door verschillende schrijvers. Deze werden dan later opgevoerd voor publiek en dienden als vermaak. Een voorbeeld van zo’n toneelstuk is het stuk ‘Warenar’ van P.C. Hooft (geschreven in 1616). Dit toneelstuk gaat over een nogal gekke man, die erg achterdochtig is. De andere personen in het verhaal vinden de man, genaamd Warenar, erg gierig. Voor de buitenwereld is hij erg arm, maar hij heeft stiekem een pot geld (die hij van zijn voorouders heeft geërfd) verstopt in zijn huis. Warenar wil dat zijn zwangere dochter (Claertje) een geschikte man vindt en, aangezien de rijke buurman, genaamd Rijckert, ook graag zo snel mogelijk wil trouwen, maken de twee mannen een overeenkomst. Lecker (regelt de kosten voor Rijkert) moet ervoor zorgen dat alles geregeld wordt voor de bruiloft en, terwijl hij hiermee bezig is, vindt hij de pot van Warenar. Hoewel hij weet dat de pot van Warenar is, wil hij het geld zelf houden en geeft hij het dus niet terug. Ondertussen komt Ritsart, het neefje van Rijkert, bij Warenar aan met groots nieuws. Hij wist dat hij de vader van het nog ongeboren kind van Claertje was en kon dit niet langer meer voor zich houden. Hij had met zijn oom overlegd en wilde nu graag met Claertje trouwen. Toen hij het hier met Warenar over had, begrepen ze elkaar alleen verkeerd en daardoor dacht Warenar dat Ritsart zijn pot had. Nadat ze dit hebben uitgezocht, kwam Ritsart erachter dat Lecker de pot had, waarna hij de pot weer teruggeeft aan Warenar. Ritsart trouwt uiteindelijk met Claertje en Warenar geeft hem de pot als een soort bruidsschat. Het kind wordt geboren en zo is uiteindelijk alles goed. Het toneelstuk ‘Warenar’ is een typisch voorbeeld van een werk uit de Renaissance.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ten eerste is dit toneelstuk eigenlijk gebaseerd op het toneelstuk ‘Aulularia’ van Plautus. Dit is een werk uit de oudheid. Veel schrijvers uit de Renaissance vertaalden, maakten na of verbeterden werken uit de oudheid. Dit deden ze, omdat dat ze de literatuur uit die tijd erg bewonderden en de elementen daaruit weer graag terug wilden zien in de literatuur van hun eigen tijd. P.C. Hooft heeft dit ook gedaan met zijn toneelstuk ‘Warenar’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarnaast dienden werken uit de Renaissance vaak om de lezer iets bij te leren. Zeker toneelstukken speelden hier een belangrijke rol in, aangezien deze voor een groter publiek werden opgevoerd. In ‘Warenar’ zitten ook wat belangrijke lessen, waarvan de lezer/kijker zeker wat kan leren. Het gaat namelijk over een man die erg gierig en achterdochtig is, maar uiteindelijk leert hij dat dat niet nodig is en dat hij blij moet zijn met wat hij heeft. Voor het publiek wordt er soms ook direct een boodschap meegegeven: “Hier kunnen alle gierige mensen nog wat van leren: het komt goed uit.” (5
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            bedrijf, 2
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            toneel)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als laatste werd er in de Renaissance veel aandacht gegeven aan het taalgebruik. Dat moest mooi en verzorgd zijn. Er werd veel poëzie gebruikt en ook P.C. Hooft heeft dit in zijn toneelstuk ‘Warenar’ gedaan. Zo gebruikt hij bijvoorbeeld rijm en er zitten ook metrische structuren in: “Hij heeft me bont en blauw geslagen met een stok. / Het maakte niet dat ik riep: ‘Hou op, ik ben de kok.’ / Ik zeg je: als hij dronken was, dan heeft hij een kwaaie dronk.” Dit citaat laat zien dat P.C. Hooft rijm gebruikt in zijn werk en ook zit er een ritme in. De zinnen zijn iets anders dan wij zijn gewend: ze zijn mooier en het is duidelijk te zien dat de schrijver veel aandacht heeft besteed aan de structuur van de zinnen en het taalgebruik in het algemeen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al met al is het toneelstuk ‘Warenar’ van de schrijver P.C. Hooft overduidelijk een werk uit de Renaissance. P.C. Hooft heeft het toneelstuk ‘Aulularia’ van Plautus, een werk uit de oudheid, nagemaakt en veel schrijvers uit de Renaissance hebben dit ook gedaan met andere werken uit de oudheid. Daarnaast brengt het toneelstuk een belangrijke les over aan de lezen/kijker, is het taalgebruik erg goed verzorgd en zitten er poëtische elementen in. Dit zijn allemaal duidelijke kenmerken van literatuur uit de Renaissance, oftewel, het toneelstuk ‘Warenar’ is een prachtwerk dat precies past in de periode waarin het is geschreven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            P.C. Hooft,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Warenar.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/hooft.jpeg" length="28040" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 10 Sep 2023 13:25:05 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/warenar-een-typisch-werk-uit-de-renaissance</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Warenar,essays van leerlingen,P.C. Hooft</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/hooft.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/hooft.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Wanneer we nergens zeker van zijn, maar alles willen weten’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wanneer-we-nergens-zeker-van-zijn-maar-alles-willen-weten</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Wanneer we nergens zeker van zijn, maar alles willen weten’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Einde en begin' van Wislawa Szymborska
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/einde+en+begin.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ter gelegenheid van de honderdste geboortedag van de Poolse dichteres Wislawa Szymborska is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Einde en begin; verzamelde gedichten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            uitgegeven, een feestelijke jubileumeditie van haar verzamelde gedichten, aangevuld met de postuum gepubliceerde bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zwart lied
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , over haar ervaringen in de Tweede Wereldoorlog. Ook is in de bundel de rede opgenomen die Szymborska in 1996 in Stockholm uitsprak, toen zij de Nobelprijs voor literatuur ontving. ‘Szymborska is de Mozart van de poëzie. Met ogenschijnlijk gemak weet ze de elegantie van taal te combineren met de razernij van een Beethoven,’ stond er in het juryrapport. De in 2012 overleden dichteres heeft een inspirerend oeuvre nagelaten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In de verzamelbundel is de volgorde van publicatie aangehouden, waardoor de pas in 2017 uitgegeven bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zwart lied
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            helemaal aan het einde staat, terwijl deze bundel eigenlijk haar debuut had moeten zijn, omdat deze gedichten al in de periode van 1944 tot 1948 geschreven zijn. De verzamelbundel begint met haar officiële debuut,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Roepen naar Yeti
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            uit 1957.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Opvallend is de veelzijdigheid van haar poëzie. Ze schrijft over heel uiteenlopende onderwerpen, zoals alledaagse kleine voorvallen, wetenschap, politiek, geschiedenis en nog veel meer. Ook de vorm is uiteenlopend. Er zijn gedichten met volrijm en veel stijlfiguren, maar ook wat meer sobere gedichten in parlando-stijl. Als je zoekt naar elementen die haar gedichten verbinden, dan ligt de sleutel misschien wel in haar toespraak bij de ontvangst van de Nobelprijs. Eerst legt ze uit dat ook kampbeulen, dictators en andere fanatici van hun werk houden en het met waarachtige vindingrijkheid uitvoeren, omdat zij ‘weten’, maar vooral ook omdat zij wat zij weten, voor eens en voor al voldoende vinden. Daarna zegt ze:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Daarom zijn de woordjes ‘ik weet het niet’ mij zo dierbaar. Ze zijn klein, maar met sterke vleugels. Ze zorgen ervoor dat ons leven zich blijft uitbreiden, zowel in de ruimte in ons als in de ruimte buiten ons, daar waar onze nietige aarde hangt. Als Isaac Newton niet bij zichzelf ‘ik weet het niet’ had gezegd, dan had het in zijn tuintje wel appels kunnen regenen, maar had hij ze in het beste geval alleen opgeraapt en ze met smaak opgegeten.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het niet weten, het voortdurend alles in twijfel trekken, het kleine tussen het grote en andersom, zou je wel de terugkerende motieven in haar poëzie kunnen noemen. ‘De wereld is nooit klaar voor de geboorte van een kind’, schrijft ze in ‘Een verhaal begint’. Het kind tuimelt zo de wereld in, terwijl de verbandvoorraden zijn uitgeput, ‘onze lucifers, vaarbomen, water, argumenten.’ Alles en iedereen in de wereld is tot elkaar veroordeeld. Misschien is dat ook de reden dat in haar poëzie alles naast elkaar kan bestaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze is scherpzinnig, humoristisch en raakt met eenvoudige, tastbare beelden aan filosofische kwesties over ons bestaan. Heel mooi zie je dat in ‘Enige woorden over de ziel’:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze is kieskeurig:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ziet ons liever niet in de massa,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           walgt van onze strijd om maar te winnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en van ons wapengekletter.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vreugde en verdriet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zijn voor haar geen verschillende gevoelens.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alleen als die twee zijn verbonden,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           is ze bij ons.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           We kunnen op haar rekenen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wanneer we nergens zeker van zijn,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar alles willen weten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat materiële zaken betreft
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           houdt ze van klokken met een slinger
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en van spiegels, die vlijtig hun werk doen,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ook wanneer niemand kijkt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze vertelt niet waar ze vandaan komt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en wanneer ze weer van ons verdwijnt,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar ze lijkt zulke vragen beslist te verwachten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het ziet ernaar uit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat net als wij haar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zij ons ook
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ergens voor nodig heeft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe bescheiden en terughoudend ze ook is in het verkondigen van ‘waarheden’, ze schuwt geen enkel thema. In haar toespraak vertelt ze dat ze wel eens droomt dat ze de gelegenheid krijgt om met Prediker te praten, ‘de schrijver van die indringende klacht over de vruchteloosheid van alles wat de mens onderneemt.’ Ze zegt dat ze dan een diepe buiging voor hem zou maken, omdat ze hem een van de grootste dichters vindt. Tegelijkertijd zou ze zijn hand grijpen en hem vragen naar hoe hij toch heeft kunnen beweren dat er niets nieuws onder de zon is, want hijzelf is toch nieuw, net als de woorden die hij geschreven heeft en net als de lezers van zijn woorden, want de lezers van daarvoor, hebben zijn woorden nooit gelezen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op deze manier inspireert Szymborska andere kunstenaars om vooral te blijven ‘scheppen’, tegen beter weten in, want er valt niets te weten, er valt alleen steeds opnieuw te vragen. Misschien is haar eerste, laatst gepubliceerde bundel nog wel het allermooist. Uit ‘Opgedragen aan de poëzie’ blijkt dat ze in haar jonge jaren al zo zuiver het wezen van poëzie weet te raken:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kleur van de dag is van de hemel en de bladeren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Die vind je dus niet in een doosje met kleurkrijtjes.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voordat de tuin de schaduw in beweegt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           moet ik ogen veranderen in woorden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wislawa Szymborska –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Einde en begin
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uit het Pools vertaald door Gerard Rasch en Ad van Rijsewijk. Meulenhoff, Amsterdam. 432 blz. €29,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/einde+en+begin.jpeg" length="309921" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 07 Sep 2023 17:13:27 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wanneer-we-nergens-zeker-van-zijn-maar-alles-willen-weten</guid>
      <g-custom:tags type="string">einde en begin,essays,wislawa szymborska,poëzie</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/einde+en+begin.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/einde+en+begin.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Het denken dat zich een wegbaant tussen verleden en toekomst</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-denken-dat-zich-een-wegbaant-tussen-verleden-en-toekomst</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het denken dat zich een weg baant tussen verleden en toekomst
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het leven van de geest' van Hannah Arendt. Aflevering 7.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hannah-Arendt7777.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richt Hannah Arendt zich op drie belangrijke processen in de geest: denken, willen en oordelen, aan welke ze allemaal een flink deel wijdt. Op een toegankelijke manier legt zij in woorden de geest bloot en deelt daarmee bijzondere inzichten die niet per se waarheid zijn, maar die inspireren om verder over na te denken. In deze serie licht ik daar enkele inzichten uit die te mooi zijn om niet te delen. Deze zevende aflevering gaat over het laatste hoofdstuk van de afdeling ‘Denken’. Het gaat over de ruimte waar het denken zich bevindt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Arendt begint het hoofdstuk met het uitspreken van de hoop dat de lezer geen samenvatting verwacht. Een samenvatting zou namelijk niet passen binnen het denken zoals zij het in de voorgaande hoofdstukken heeft omschreven: ‘Het denken is een activiteit die zichzelf tot doel heeft, en de enige passende metafoor ervoor – ontleend aan onze gewone zintuiglijke ervaring – is het gevoel in leven te zijn. Daaruit volgt dat alle vragen over het doel of de zin van het denken even onbeantwoordbaar zijn als vragen over het doel of de zin van het leven.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De werkelijkheid waarin wij dagelijks leven, kunnen wij ons alleen voorstellen in termen van ruimte en tijd. Alles wat gedacht wordt, heeft zich losgemaakt uit deze wereld van de verschijnselen: het is ‘ontzinnelijkt’, waardoor tijd en ruimte tijdens het denken even kunnen worden opgeschort. Dat wat betekenis krijgt tijdens het denken, zijn een soort ‘distillaties’, essenties, die niet gelokaliseerd kunnen worden. Zodra je ergens grip op denkt te krijgen, ben je weggedreven van het bijzondere en breng je het in verband met iets wat in het algemeen betekenisvol is. Essenties zijn wezenlijk en overal toepasbaar. Het denken beweegt zich dus in het universele tussen onzichtbare essenties. Dit ‘overal’ is feitelijk nergens: het denken is ‘ontheemd’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Behalve ruimte is er echter ook nog tijd. Arendt vraagt zich af waar we het denken in de tijd kunnen lokaliseren. Zij komt daarvoor met de parabel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Kafka uit een verzameling van zijn aforismen. Deze ‘hij’ heeft twee tegenstanders: de ene duwt hem in de rug, ‘vanuit zijn oorsprong’, de andere verspert hem de weg naar voren. Met beiden gaat hij een gevecht aan. Daartussen zit hijzelf, en wie kent echt zijn bedoelingen? Hij droomt ervan uit deze eindeloze strijd te kunnen ontsnappen, zodat hij toeschouwer kan zijn van deze twee vechtende tegenstanders. Volgens Arendt beschrijft deze parabel onze gewaarwording van tijd. We bevinden ons tussen twee onzichtbare eeuwigheden in een continu ‘nu’. Het is de mens die de tijd bepaalt, want zonder zijn geboorte en dood, is er een ‘voortdurend vloeiende stroom van loutere verandering’, cyclisch of rechtlijnig. Door de invoeging van de mens met zijn sterfelijkheid, wordt die stroom omgevormd tot de tijd zoals we die kennen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het vreemde is dat deze parabel eigenlijk alleen de denkende mens geldt. Op het moment dat je bezig bent met het alledaagse, ervaar je niet een bres tussen verleden en toekomst, maar maak je deel uit van de continue stroom van verandering die elk Zijn vernietigt en omvormt tot Worden. Pas zodra je gaat denken, kun je een besef krijgen van het onzichtbare wat geweest is en wat nog komen gaat. Het denken zelf is een gevecht tegen de tijd en de tijd de grootste vijand van het denken: de geest is in een lichaam dat zijn onophoudelijke beweging niet kan stopzetten en zo verstoort de tijd de rust waarin de geest actief is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met de invoeging van de mens in die onverschillige, onophoudelijke stroom van verandering, is hij niet zozeer een speelbal van de ‘aanstormende golven’, maar geeft hij er juist een doel aan, namelijk: hijzelf, een vechter die zijn aanwezigheid verdedigt. Zonder hem zou er geen verschil zijn tussen verleden en toekomst. De krachten zouden frontaal op elkaar botsen en elkaar vernietigen. Hier komt Arendt met een interessante grafiek: links staat verticaal een pijl die van boven komt, vanuit de oneindige toekomst, gericht op het heden beneden. Rechts van het heden komt horizontaal een pijl vanuit het oneindige verleden, ook op het heden gericht. Vanuit dit door twee pijlen ‘aangevallen’ heden ontspringt diagonaal naar rechtsboven de pijl van de gedachtegang, ook richting het oneindige: ‘Dankzij de invoeging van een vechtend heden ontmoeten deze krachten elkaar in een hoek. Het passende beeld hiervoor zou zijn wat fysici een parallellogram van krachten noemen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op deze manier hoeft de ‘hij’ uit de parabel van Kafka niet meer uit de bres te springen, maar is het slagveld zelf de regio waar hij kan ‘rusten’. Het denken bevindt zich in de mysterieuze, vluchtige tussenruimte ‘nu’, tussen verleden en toekomst. Dat verleden en toekomst er überhaupt zijn, danken zij aan de mens, die zich precies daartussenin gevestigd heeft en dusdanig in dat heden geworteld is, dat hij beschermd is tegen de leegte:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Met een andere metafoor kunnen we de bres ook het gebied van de geest noemen. Maar wellicht meer nog is de bres een pad dat het denken baant, het kleine, onopvallende spoor van niet-tijd dat de denkactiviteit uitgehouwen heeft in de ruimtetijd die aan mensen, in hun ‘geboortelijkheid’ en sterfelijkheid, gegeven is. Door dit pad te volgen redden de gedachtegangen, de herinnering en de anticipatie al wat ze aanraken van de vernietiging door de historische en biografische tijd. Deze kleine niet-tijdruimte in het hart van de tijd kan, anders dan de wereld en de cultuur waarin we geboren zijn, niet overgeërfd geworden en ook niet door de traditie doorgegeven worden [...].’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dit is precies de reden waarom Arendt het deel van het ‘Denken’ afsluit met een oproep tot denken: het pad dat telkens opnieuw ontdekt en moeizaam gebaand moet worden door elke nieuwe generatie en elk nieuw menselijk wezen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hannah Arendt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Dirk De Schutter en Remi Peeters. Uitgeverij Ten Have, Utrecht. 800 blz. €52,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hannah-Arendt7777.jpeg" length="299457" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 05 Sep 2023 18:19:02 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-denken-dat-zich-een-wegbaant-tussen-verleden-en-toekomst</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het leven van de geest,essays,Hannah Arendt,Het denken dat zich een weg baant tussen verleden en toekomst,Aflevering 7,ruimte en tijd,Waar zijn we als we denken</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hannah-Arendt7777.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hannah-Arendt7777.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Ik kokhals en haal adem, kokhals en haal adem’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-kokhals-en-haal-adem-kokhals-en-haal-adem</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik kokhals en haal adem, kokhals en haal adem’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Moedermelk' van Nora Ikstena
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Moedermelk-359x576.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Moedermelk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Nora Ikstena is kennelijk de eerste Letse roman die in het Nederlands vertaald is. In 1998 schreef Ikstena haar debuut en ze heeft sindsdien al meer dan twintig boeken uitgegeven.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Moedermelk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            werd in Letland een bestseller en betekende voor de auteur meteen ook een internationale doorbraak. Dat is volkomen terecht, want het is een prachtige roman die onder de huid kruipt en je lange tijd blijft bezighouden. Je vraagt je wel af: wat is er nog meer voor moois geschreven door deze auteur en wellicht ook haar Letse collega-auteurs, wat nog allemaal niet vertaald is?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Bij de titel moest ik meteen denken aan
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Liefhebben, een kunst, een kunde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Erich Fromm, waarin hij uitgebreid aandacht besteedt aan de liefde van ouders voor hun kinderen. Over de moeder zegt hij dat ze het kind niet alleen melk, maar ook honing moet geven, in de overdrachtelijke zin: voorzien in hun primaire levensbehoefte, maar ook het doorgeven van de liefde voor het leven. Precies dit is de thematiek van deze indringende roman.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal gaat over een vrouw die in het door de Sovjet-Unie bezette Letland haar roeping als arts volgt en in die roeping en uitvoering van haar vak voortdurend bedreigd wordt door arrestaties en vervolging. Het verhaal wordt afwisselend vanuit haarzelf en vanuit haar dochter beschreven en laat zien hoe drie generaties vrouwen ondanks alle dreigingen blijven vechten voor zelfbeschikking. Het boek laat de rauwe werkelijkheid zien van een praktijk waarin vrouwen om hulp komen bij de arts, ofwel omdat ze graag een kind willen, terwijl dat niet lukt, ofwel zwanger zijn geworden en die verantwoordelijkheid niet willen dragen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Op een avond laat, in Larisa Nikolajevna’s keuken, vertelde ik Serafima wat er zou moeten gebeuren maar niet gebeurde in haar lichaam om een baby te krijgen. Ik tekende Serafima’s eileider die tegemoet werd gemarcheerd door een leger aan spermacellen van haar drinkende en mishandelende echtgenoot, die zo zwak bleken te zijn dat ze niet in staat waren Serafina’s vesting in te nemen. Ze keek om zich heen, met verschrikte ogen, sloeg een kruis en zei steeds opnieuw: Oepasi Gospodi, oepasi Gospodi – God verhoede, Goed verhoede. Ik verzamelde moed en zei: Serafima, ik zal die klootzak van jou helpen in deze strijd, omdat jij het wilt, omdat jij het wilt met heel je goede en gelovige hart, omdat je zozeer verlangt naar een kind.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vervolgens vraagt ze Serafima het zaad van haar ‘onderdrukker’ in haar warme oksel, in een condoom mee te nemen. Op het instituut verwarmen ze het en brengen het in, in haar baarmoeder. Als zij inderdaad zwanger wordt, ziet Serafima haar als een engel. De arts is een daadkrachtige vrouw. Tegelijkertijd is zij ook moeder en in dat moederschap gaat er nogal wat mis. Al gauw blijkt dat zij een beschadigde vrouw is, die haar kind niet zelf wilde voeden: ‘Als jonge arts wist mijn moeder waarschijnlijk dat haar melk een kind meer kwaad dan goed zou doen.’ Ze rookt zich namelijk kapot, drinkt en gebruikt allerlei pillen. De dochter wordt vooral door haar oma en stiefopa opgevangen. Je kunt heel kort door de bocht zeggen dat deze dochter dus niet alleen de moedermelk heeft moeten ontberen, maar ook de ‘honing’, de liefde voor het leven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is juist de kracht van het boek dat je door alle rauwheid en tragiek heen voelt dat het zo simpel niet is. De vrouw lijdt aan ernstige depressies, door wat ze heeft meegemaakt, en is niet bij machte zichzelf op die momenten bij elkaar te rapen. Haar dochter is daar het slachtoffer van. Er komt een moment dat de moeder met haar dochter gaat verhuizen en dat de grootouders hun ‘erwtje’ moeten missen. Het is hartverscheurend, maar de dochter heeft ondanks haar verdriet en boosheid mededogen met haar zieke moeder. De rollen lijken omgekeerd: hoe ouder de dochter wordt, hoe meer zij gaat zorgen voor haar moeder, die zich kapot werkt om zich vervolgens dagenlang op te sluiten in haar kamer. Ze probeert haar op te vrolijken, uit bed te slepen, de alcohol en pillen weg te gooien, en op die momenten voel je hoeveel ze ondanks alles om elkaar geven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De moedermelk komt in verschillende lagen van de roman naar voren en dat maakt dit verhaal tot een aangrijpend en ontroerend, haast ‘archetypisch’ verhaal. De dochter blijkt een melkintolerantie te hebben opgebouwd. Op school moet ze melk drinken, maar staat kokhalzend boven de beker. Er wordt gedroomd over moedermelk. De melk zet je steeds opnieuw aan het denken over wat een kind nodig heeft van haar moeder.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ikstena weet in haar gedetailleerde stijl waarin rauwheid, liefde, tragiek en humor elkaar afwisselen, de lezer diep te raken. Ze geeft niet alleen een indringend tijdsbeeld van de onderdrukking van Letland door de Sovjet-Unie en de gevolgen daarvan voor het dagelijkse leven van deze vrouwen en meisjes. Tegelijkertijd is het een universeel verhaal over de kracht van moederschap en zelfbeschikking.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Nora Ikstena –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Moedermelk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald uit het Lets door Brenda Lelie. Koppernik, Amsterdam, Antwerpen 216 blz. €23,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Moedermelk-359x576.jpeg" length="51682" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 01 Sep 2023 14:18:33 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-kokhals-en-haal-adem-kokhals-en-haal-adem</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Moedermelk,Letland,Nora Ikstena</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Moedermelk-359x576.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Moedermelk-359x576.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Hoe denken als vanzelf het kwaad verbant</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/hoe-denken-als-vanzelf-het-kwaad-verbant</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe denken als vanzelf het kwaad verbant
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking 'Het leven van de geest' van Hannah Arendt. Aflevering 6
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+666.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richt Hannah Arendt zich op drie belangrijke processen in de geest: denken, willen en oordelen, aan welke ze allemaal een flink deel wijdt. Op een toegankelijke manier legt zij in woorden de geest bloot en deelt daarmee bijzondere inzichten die niet per se waarheid zijn, maar die inspireren om verder over na te denken. In deze serie licht ik daar enkele inzichten uit die te mooi zijn om niet te delen. Deze zesde aflevering gaat over de vraag wat ons nu eigenlijk aan het denken zet en hoe dat denken als vanzelf het kwaad verbant.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De menselijke behoefte om te denken lijkt iets vanzelfsprekends en het denken heeft een doel in zichzelf, net als muziek maken. Al bij de klassieken is over deze behoefte geschreven. Omdat de mens zelf tot de wereld van de verschijnselen hoort en sterfelijk is, zou hij willen onderzoeken wat er na dit fysieke komt. Dat onderzoek vind je ook terug bij middeleeuwse mystici, die via contemplatie in het ‘stilstaand nu’ wilden verblijven, om zo deel te hebben aan het goddelijke. Er is kennelijk een verlangen om te ‘verontsterfelijken’. In het christendom is echter niet het denken, maar het geloof de sleutel tot onsterfelijkheid. Wat zet ons dan wel aan het denken? Arendt laat twee antwoorden vanuit de oudheid los op deze vraag.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Volgens Plato is het de verwondering: als je naar alle bijzonderheden om je heen kijkt, kun je je verwonderen over hun betekenis en zinvolheid in hun samenwerking. Je kunt plotseling overvallen worden door ‘de schoonheid van het spel van de wereld’ of het plotselinge besef van een alomtegenwoordig ‘Zijn’. Denken is dan ‘beamen’ of ‘betekenis geven’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lijnrecht tegenover deze verwondering van Plato over de samenhang staat het Romeinse antwoord dat het juist de verdeeldheid, de verscheurdheid is, die ons aan het denken zet, als een behoefte aan verzoening. Dit antwoord vind je bij Epictetus, die slaaf was. De filosofie leert de mens hoe hij zijn eigen zelf kan veranderen om met verschrikkingen om te gaan. Het is niet zozeer de bedoeling dat je je een betere wereld gaat verbeelden waarin je zou kunnen vluchten, maar door te denken trek je je terug uit de wereld van de verschijnselen en deze afwezigheid van het denken kun je zodanig versterken dat de werkelijkheid helemaal verdwijnt en je niet meer geraakt kunt worden. Dit is wat je terugvindt in de stoïcijnse leer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Arendt vindt beide antwoorden onbetrouwbaar, omdat ze afkomstig zijn van professionele denkers. Omdat het denken voortdurend plaatsvindt in het dagelijks leven, het leven steeds door dit denken onderbroken wordt, wil zij een antwoord dat van betekenis is voor dit dagelijkse leven. Het typische van filosofen is juist dat zij zich voortdurend aan dat leven onttrekken door te denken. In feite, zegt Arendt, zoeken we ‘naar manieren en middelen om dit ego uit zijn schuilhoek tevoorschijn te halen’. Daarom heeft ze gezocht naar een denker die geen vakfilosoof was, maar die net zo goed thuis is in het denken als in het handelen: Socrates.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De discussies van Socrates leidden eigenlijk nergens toe, of draaiden rond in cirkels. Hij kon niemand kennis, waarheid of wijsheid geven en was in feite ‘radeloos’. In zijn gesprekken met anderen probeerde hij er hooguit achter te komen of die anderen zijn radeloosheid deelden. Volgens Plato hielp hij anderen zich te ontdoen van het slechte in hen, namelijk hun opvattingen, zonder hen goed te maken of hun waarheid te geven. In feite verlamde hij zichzelf en anderen door zijn ‘niet weten’. Hij gebruikte voor het denken de metafoor van de wind: ‘De winden zelf zijn onzichtbaar, maar wat ze doen kunnen we wel zien, en we voelen ze in zekere zin ook opsteken.’ Denken heeft een vernietigende werking op alle gevestigde waarden en normen voor goed en kwaad. Deze ‘bevroren gedachten’, zo zegt Socrates, zijn zo handig dat je ze slapend zou kunnen gebruiken, maar zodra de stormwind van het denken je uit die slaap rukt, zal je zien dat er niets overblijft dan verwarring.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hierin schuilt een gevaar. Socrates’ leerlingen Alcibiades en Critias werden hierdoor juist opgehitst tot cynisme en losbandigheid: als ze toch geen doctrine onderwezen kregen, konden ze net zo goed goddeloos zijn. Dat was echter niet Socrates’ bedoeling. Denken betekent dat je steeds opnieuw moet denken. Niet-denken heeft in politieke en morele aangelegenheden nogal wat risico’s. Arendt verwijst hier naar nazi-Duitsland: als je je vastklampt aan bepaalde gedragsregels, zonder die voortdurend ter discussie te stellen, is het niet per se ingewikkeld om die los te laten, mits je daarvoor nieuwe gedragsregels krijgt waar je je weer aan vast kunt klampen. Op die manier kun je heel eenvoudig de moraliteit van ‘gij zult niet doden’ omkeren tot het tegenovergestelde.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het wezen van het denken is een ‘twee-in-één’. Door de buitenwereld word je weliswaar als ‘één’ ervaren, maar als je denkt, ben je in dialoog met jezelf. Het denkproces splijt de mens in tweeën. Het is van belang dat die twee vrienden zijn, want ze kunnen elkaar niet ontlopen. Iemand die kwaad doet, en daarover denkt, kan niet anders dan in onmin met zichzelf leven. Als ‘je zult doden’ een regel voor de een is, dan moet de ander immers vrezen voor zijn leven. Als jou daarentegen onrecht wordt aangedaan, is het minder ingewikkeld, omdat je beter vrienden kunt zijn met een slachtoffer dan met een dader.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hieruit zou je kunnen concluderen dat denkende wezens die in harmonie met zichzelf leven, in wezen niet geneigd zijn de ander kwaad te doen. Een leven zonder denken is heel goed mogelijk, zegt Arendt, maar dat is als slaapwandelen. De denkende mens zit met zijn geweten opgescheept: wat je ook allemaal denkt, je moet er voortdurend voor zorgen dat je geen dingen doet die het onmogelijk maken dat de ‘twee-in-één’ vrienden zijn en in harmonie leven met elkaar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hannah Arendt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Dirk De Schutter en Remi Peeters. Uitgeverij Ten Have, Utrecht. 800 blz. €52,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+666.jpeg" length="107280" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 29 Aug 2023 20:24:01 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/hoe-denken-als-vanzelf-het-kwaad-verbant</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het leven van de geest,essays,Hannah Arendt,Hoe het denken als vanzelf het kwaad verbant</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+666.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+666.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘En daarom juist blijft hij in potlood denken’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/en-daarom-juist-blijft-hij-in-potlood-denken</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘En daarom juist blijft hij in potlood denken’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Dat alles over liefde gaat' van Bart Moeyaert
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dat+alles+over+liefde+gaat.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Misschien kun je inderdaad wel zeggen dat alles over liefde gaat in de nieuwe bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat alles over liefde gaat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Bart Moeyaert, met zijn mooiste gedichten, uitgekozen door Ester Naomi Perquin, Dichter des Vaderlands van 2017-2018. Niet dat het allemaal liefdesgedichten zijn, maar bijna alle gedichten van Moeyaert hebben wel met de liefde te maken: voor de ander, voor de wereld om ons heen, voor het leven. En dan zeker niet alleen de mooie kanten van de liefde, maar ook de stroeve en ingewikkelde. En als voorafje is daar het prachtige ‘bij wijze van voorwoord’ van Perquin, waaruit dan ook weer zoveel liefde spreekt: voor de poëzie van Moeyaert.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De essentie van Moeyaerts poëzie zit volgens Perquin in het terloopse gebaar, het haast achteloos creëren. Daarin komt het wezenlijke naar voren. Ook haar eigen keuze is een momentopname. Er was geen vooropgezet plan, ze zette kruisjes bij de gedichten die aan haar bleven kleven. Zo gaat dat. Natuurlijk kun je achteraf mooie verantwoordingen schrijven, maar eigenlijk komt in die eerste intuïtieve keuze al het moois al bovendrijven. Moeyaert zelf beschrijft dat mooi in het gedicht ‘Kies’ waarin de dichter wordt beschreven als iemand die niet nabauwt. Zo’n houding vraagt moed. Toch ‘houdt hij niet van vlekken maken, / maar als het bot moet / stelt hij dingen scherp / zodat het snijdt.’ Hij weet dat er naast zijn hart een stem blijft jeuken en hij weet ook hoe snel je een fout maakt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En daarom juist blijft hij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in potlood denken,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           want dat is volgens hem
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het wezen van er zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is gestoeld op de eeuwenoude gedachte dat alles voortdurend verandert. Bij Herakleitos klinkt dat ‘Alles stroomt’ of ‘Panta rei’ heel groots en verheven. Het ‘potlood’ bij Moeyaert is daarnaast zo ontwapenend eenvoudig en concreet dat je niet anders kunt dan glimlachen. Die concrete voorwerpen zorgen ervoor dat ingewikkelde gedachten en gevoelens tastbaar worden. In ‘De wens’ heeft hij het over een krappe jas en het gevoel ‘dat de hele wereld past, maar niet bij mij.’ Door de gedachte aan de krappe jas voel je de beknelling van de hele wereld die even niet meer past bij de ik. Aan het eind is ‘de wereld weer mijn maat’, waarin de taalkunstenaar beeldspraak en woordspeling ineen tovert.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Behalve terloopse gebaren en concrete beelden die het grootse oproepen, vind je in de bundel ook subtiel klankspel: nauwelijks het wat pompeuze eindrijm, maar vooral speelse alliteraties en assonanties, die het vluchtige bij elkaar houden, waardoor je de gedichten toch als eenheid ervaart. Af en toe valt er toch het eindrijm, maar dat voelt dan eerder als toeval, of als een herinnering aan de kinderrijmpjes uit onze jeugd:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ach en niks
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wat wou je? wat wil je? vroeg mama vandaag.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik zuchtte eens diep, en zei: ach.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ach is erg, zei ze toen, nog veel erger dan au.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat ziek je niet uit in een dag.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wat wou je? wat wil je? vroeg mama vandaag.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik zuchtte nog dieper, zei: niks.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           niks is erg, zei ze toen, en je ziet ook erg bleek.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat ziek je niet uit in een week.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ach en niks zijn de blues, zei mama vandaag.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           aar is ach en niks aan te doen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik weet ach en niks om je beter te maken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik zuchtte, zei: mama, een zoen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Moeyaerts gedichten verrassen, ontroeren en zetten de wereld soms voor even op de kop, waardoor je alles vanuit een nieuw perspectief ziet. Ze zijn toegankelijk, voor jong en oud, en luchtig, terwijl je toch de diepte in gaat. Dat alles over liefde gaat is een originele bundel die de creativiteit prikkelt, in klank en gedachten, een mooi cadeau dat je bij veel gelegenheden zou kunnen geven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Bart Moeyaert –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat alles over liefde gaat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . De mooiste gedichten van Bart Moeyaert, gekozen door Ester Naomi Perquin. Querido, Amsterdam, Antwerpen 112 blz. €20,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dat+alles+over+liefde+gaat.jpeg" length="28970" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 24 Aug 2023 19:40:07 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/en-daarom-juist-blijft-hij-in-potlood-denken</guid>
      <g-custom:tags type="string">Ester Naomi Perquin,essays,Dat alles over liefde gaat,Bart Moeyaert,poëzie</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dat+alles+over+liefde+gaat.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dat+alles+over+liefde+gaat.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De metafoor als brug tussen zintuigen en gedachten</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-metafoor-als-brug-tussen-zintuigen-en-gedachten</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De metafoor als brug tussen zintuigen en gedachten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+6.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richt Hannah Arendt zich op drie belangrijke processen in de geest: denken, willen en oordelen, aan welke ze allemaal een flink deel wijdt. Op een toegankelijke manier legt zij in woorden de geest bloot en deelt daarmee bijzondere inzichten die niet per se waarheid zijn, maar die inspireren om verder over na te denken. In deze serie licht ik daar enkele inzichten uit die te mooi zijn om niet te delen. Deze vijfde aflevering gaat over hoe de mens denkt in taal en metaforen, en hoe die metaforen een brug vormen tussen de wereld van de verschijnselen en ons denken.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Omdat mentale activiteiten onzichtbaar zijn, kunnen ze zich alleen openbaren in het spreken. Spreekt de mens, omdat hij denkt, of denkt de mens, omdat hij een sprekend wezen is? Denken heeft niet per se toehoorders nodig, maar gedachten kunnen niet bestaan zonder te worden uitgesproken, of dat nu stil is of hardop. We denken in taal en zijn daarin vooral op zoek naar betekenis, zegt Arendt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Alleen al het benoemen van dingen, het scheppen van woorden, is de menselijke manier om zich de wereld toe te eigenen en zo als het ware de vervreemding van de wereld, waarin, alles wel beschouwd, ieder van ons als nieuwkomer en vreemdeling geboren is, op te heffen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toch is het niet helemaal waar dat er geen denken zonder spreken kan bestaan, want er zijn ook culturen, zoals de Chinese, waar denken niet zozeer een geluidloos spreken is, maar eerder een ‘mentaal omgaan met beelden’, omdat daar niet het gesproken woord, maar het geschreven teken beslissend is. In het Chinese schrift geeft het teken een beeld van wat wij de essentie van een begrip of ding zouden noemen. Het teken van de hond staat bijvoorbeeld voor alle mogelijke honden die er bestaan, want anders zou je net zoveel tekens moeten hebben als dat er honden zijn. De mens heeft kennelijk het vermogen om abstracta te vormen in het hoofd. Ook woorden in de westerse taal zijn abstracta. Het verschil in het gebruik van beelden of juist woorden heeft ook invloed op ons denken. In het Chinees is het begrip ‘vriendschap’ een teken van met elkaar verstrengelde handen. Je ziet de vriendschap dus meteen voor je, in plaats van dat je er eerst nog over na moet denken wat het woord ‘vriendschap’ betekent.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Taal is weliswaar het enige medium waardoor mentale activiteiten zich kunnen manifesteren, aan onszelf en aan de ander, maar taal is minder goed berekend op ons denken, dan dat bijvoorbeeld ons gezichtsvermogen berekend is op de taak van het zien. Er bestaat namelijk geen woordenschat speciaal voor het denken. Terwijl het denken onzichtbaar is en zich terugtrekt uit de wereld van de verschijnselen, verwijzen alle woorden uit onze taal juist naar zintuiglijke of andere ervaringen uit deze wereld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De metafoor is een brug tussen deze innerlijke, onzichtbare mentale activiteiten en de wereld van de verschijnselen. Deze brengt namelijk dat wat we denken in verband met iets wat je kunt zien. Arendt geeft als voorbeeld een passage uit de Ilias van Homerus, waarin de dichter de verscheurende werking van angst en verdriet op het hart van de mens vergelijkt met de gezamenlijke aanval van winden uit verschillende richtingen op het water van de zee. Door dit beeld ben je in staat de werking van verdriet en angst voor je te zien. Andersom werkt de metafoor niet: je kunt heel lang over verdriet en angst nadenken, maar die vertellen je niets over de verschillende windrichtingen en hun invloed op de zee.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het veelvuldig gebruik van de metafoor is de filosofie verwant aan poëzie. Door de metafoor kan de mens het onzichtbare omvormen tot een verschijnsel, en door te spreken in metaforen keert de mens terug naar de zichtbare wereld ‘om te verhelderen en verder uit te werken wat niet gezien, maar wel gezegd kan worden.’ Arendt noemt metaforen ‘de draden waarmee de geest zich aan de wereld vasthoudt, ook wanneer hij, geestelijk afwezig, het directe contact met de wereld verloren heeft. Zij waarborgen de eenheid van de menselijke ervaring.’ Dat de geest in staat is om zulke analogieën te ontdekken, ziet Arendt zelfs als bewijs dat denken en de zintuiglijke ervaring samenhoren. Dat de metafoor onomkeerbaar is, bewijst voor haar het belang van de wereld van de verschijnselen: de denkende mens kan die wereld nooit helemaal verlaten. Er zijn volgens haar dus geen twee aparte werelden van geest en lichaam. Het is immers de metafoor die deze twee verenigt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hannah Arendt –
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het leven van de geest
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Dirk De Schutter en Remi Peeters. Uitgeverij Ten Have, Utrecht. 800 blz. €52,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+6.jpeg" length="38235" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 23 Aug 2023 19:36:47 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-metafoor-als-brug-tussen-zintuigen-en-gedachten</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het leven van de geest,essays,De metafoor als brug tussen zintuigen en denken,Hannah Arendt,Aflevering 5</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+6.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+6.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een beeldschoon prozadebuut</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-beeldschoon-prozadebuut</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een beeldschoon prozadebuut
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Marigold en Rose' van Louise Glück
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/marigold+and+rose.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Marigold en Rose
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is het beeldschone prozadebuut van de Amerikaanse dichteres Louise Glück, die in 2020 de Nobelprijs voor Literatuur ontving. Het is een prachtig, nostalgisch, maar ook vervreemdend verhaal in subtiele perspectiefwisselingen over en vanuit de babytweeling Marigold en Rose.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Marigold was bezig met het schrijven van een boek. Dat ze niet kon lezen vormde een belemmering. Niettemin nam het boek vorm aan in haar hoofd. De woorden zouden later volgen.’ De suggestie wordt gewekt dat het verhaal dat je leest, dit boek van Marigold is. Je leest namelijk steeds de gedachten van de tweeling en een reflectie daarop. Het perspectief is heel bijzonder. Het is immers onmogelijk om de gedachten van een babytweeling te kennen. Het is zelfs de vraag of je je als volwassene je gedachten kunt herinneren van toen je baby was. Toch is het verhaal absoluut geloofwaardig en dat komt doordat de betekenis ervan niet aan de oppervlakte ligt. Het is alsof je in een onderbewustzijn leest, waarin je zonder problemen van Rose naar Marigold kunt overstappen en ook sprongen in de tijd kunt maken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Rose is een sociale baby, die steeds om de aandacht van de omgeving vraagt. Ze is de oudste van de twee, standvastig en mooi om te zien. Marigold is de stille denker, die wat meer tijd nodig heeft voor alles en zich meer op de achtergrond begeeft:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Rose was overblijvend. Dat betekende dat ze er altijd was, op haar vaste plek, en alleen maar verder groeide. Marigold daarentegen was een eenjarige. Jij zaait jezelf uit, zei Moeder. Dat leek haar iets om vrolijk van te worden. Maar Marigold vond het niet vrolijk. Ten eerste betekende het dat ze geen huis had, van het ene op het andere jaar nooit wist waar ze zou zijn, misschien wel in een heel andere tuin, waar Moeder en Vader er niet waren om haar te dragen als ze moe was. Jij bent een veelheid; dat zei Moeder ook. Dat betekende dat je, ook al kon je één Rose in je tuin hebben (wat een schitterende roos, zouden de mensen zeggen), nooit maar één Marigold kon hebben. Ik snap maar niet, dacht Marigold, waarom ze me dit hebben aangedaan.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je bedenkt dat een roos inderdaad een vaste plant is en een goudsbloem of afrikaantje een die zich uitzaait, dan besef je hoe mooi dit verhaal van twee persoonlijkheden in elkaar zit. Het zijn luchtige metaforen die niet alleen een diep inzicht geven in hoe de twee van elkaar verschillen en samen toch één zijn, maar ook in hoe de relatie tussen twee zussen en hun ouders zich kan ontwikkelen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal omhelst het veilige, besloten leven van de tweeling met Vader en Moeder, alsof het zich op een eilandje in het universum bevindt. Toch worden er al lijntjes gelegd naar later, alsof het inderdaad een kiemend zaadje betreft. Hoe vervreemdend het ook is om vanuit een babytweeling te lezen, je voelt in alles dat het klopt, op een dieper niveau.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op het moment dat Oma naar de hemel gaat, komt er een barst in de veiligheid. De troostende woorden van Moeder spreken elkaar tegen en de tweeling begint te vermoeden dat het niet lang zal duren voor het gedaan is met het idyllische leven dat de tweeling leidt. Naast deze ernst bevat het verhaal ook veel humoristische elementen, zoals op de dag dat de tweeling ‘één’ wordt. Marigold blijft daar maar over nadenken: ze waren als tweeling toch al één? Er volgt een hele bespiegeling over hoe je één kunt worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vertaling volgt in vorm en inhoud nauwgezet de Amerikaanse versie, maar blijft toch wat achter bij de oorspronkelijke versie. De Amerikaanse hardcover is net iets mooier vormgegeven en gedrukt. Ook loopt de vertaling af en toe spaak. Eigenlijk gebeurt dat al meteen in de naamgeving van Rose en Marigold, waarvoor de vertaalster in een vertalersnoot een verantwoording geeft. Deze namen zijn in het Amerikaans heel vertrouwd en bevatten tegelijkertijd de eigenschap van vaste bloem en eenjarige. De Nederlandse vertaling zou Roos en Afrikaantje zijn. Dat is geen optie. Vandaar haar keuze voor de oorspronkelijke namen, die in het Nederlands dan toch weer wat minder vertrouwd zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Al met al is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Marigold en Rose
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , misschien in de oorspronkelijke versie iets meer dan in de vertaling, een zuivere schat voor in de boekenkast. Over Glücks poëzie zei de jury van de Nobelprijs dat zij het persoonlijke universeel weet te maken. Dat is precies wat ook op dit prachtige verhaal van toepassing is: het bijzondere verhaal van Marigold en Rose is een ontroerend verhaal over onze babytijd waarin de kiem ligt van onze ontwikkeling.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Louise Glück –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Marigold en Rose
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Arbeiderspers, Amsterdam. 64 blz. €17,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/marigold+and+rose.jpeg" length="99714" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 19 Aug 2023 18:11:05 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-beeldschoon-prozadebuut</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Louise Glück,Marigold en Rose</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/marigold+and+rose.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/marigold+and+rose.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>In de schuilplaats van ons denken</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/in-de-schuilplaats-van-ons-denken</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de schuilplaats van ons denken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'In het leven van de geest' van Hannah Arendt. Aflevering 4
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+4.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richt Hannah Arendt zich op drie belangrijke processen in de geest: denken, willen en oordelen, aan welke ze allemaal een flink deel wijdt. Op een toegankelijke manier legt zij in woorden de geest bloot en deelt daarmee bijzondere inzichten die niet per se waarheid zijn, maar die inspireren om verder over na te denken. In deze serie licht ik daar enkele inzichten uit die te mooi zijn om niet te delen. Deze vierde aflevering gaat over hoe de mens zich kan terugtrekken in het denken.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gezien vanuit de wereld van de verschijnselen is het belangrijkste kenmerk van mentale activiteiten hun onzichtbaarheid. Ook al manifesteren ze zich voor degene die denkt, voor de ander zijn ze onzichtbaar. Natuurlijk heeft deze onzichtbaarheid al eeuwenlang de aandacht getrokken van filosofen. Opvallend is dat veel filosofen bewustzijn, ziel en geest in hun onzichtbaarheid aan elkaar gelijkgesteld hebben. Zo stelt Kant dat de ziel een object van de innerlijke en het lichaam een object van de uiterlijke zintuigen is. In de Stoïcijnse leer over de controle van de geest over pijn en genot is de geest in feite niet veel anders dan het hoogste orgaan van de ziel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Volgens Arendt is er een belangrijk verschil tussen ziel en geest. Aan de ziel ontspringen onze gevoelens die ons kunnen overweldigen, zoals pijn, of genot. De ziel is weliswaar onzichtbaar, maar die onzichtbaarheid lijkt een beetje op die van onze inwendige organen: we hebben er niet echt de controle over, maar er wel besef van. Het leven van de geest daarentegen ‘is zuivere activiteit, en deze activiteit kan, zoals andere activiteiten, vrijwillig in gang gezet en beëindigd worden.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is nog een verschil. Gevoelens houden zich misschien schuil op een onzichtbare plek binnen in ons, maar ze manifesteren zich in zekere zin toch aan de buitenkant, want we kunnen blozen van schaamte of verlegenheid, we kunnen stralen van geluk of er juist terneergeslagen uitzien. Anders is dat voor de manifestatie van de geest: ‘De enige uitwendige manifestatie van de geest daarentegen is afwezigheid, verstrooidheid, een duidelijk wegvallen van interesse in de omringende wereld – iets volkomen negatiefs: het laat op geen enkele manier doorschemeren wat er in ons feitelijk aan het gebeuren is.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bewustzijn is nog weer wat anders. Een wezenlijk aspect van het menselijk leven op aarde is pluraliteit: ‘onder de mensen zijn’ stond voor de Romeinen gelijk met ‘in leven zijn’. ‘Ophouden met onder de mensen zijn’ was synoniem voor sterven. Arendt zegt: ‘Daarom is het bij zichzelf zijn en het met zichzelf verkeren het meest opvallende kenmerk van het leven van de geest’. De ‘pluraliteit’ is dan gereduceerd tot ‘dualiteit’, een ‘voor mezelf weten’, dat je ‘bewustzijn’ zou kunnen noemen. Zij onderscheidt daarbij ‘eenzaamheid’, de toestand waarbij je in het gezelschap van jezelf verkeert, van ‘verlatenheid’, waarin je zelfs het mogelijke gezelschap van jezelf ontbeert. Alleen in dromen of waanzin zou je de ondraaglijke verschrikking van deze laatste toestand kunnen beseffen. Het pure zelfbesef van het bewustzijn is geen activiteit op zichzelf, zoals het denken, maar begeleidt alle andere activiteiten. Elk ‘Ik denk’ is ‘Ik denk dat ik denk’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mentale activiteiten bevinden zich in een wezen dat zelf deelheeft aan de verschijnselen, door zijn zintuigen en ook het vermogen om zich aan anderen te laten zien. Mentale activiteiten zijn alleen mogelijk door een weloverwogen terugtrekking uit die verschijnselen. Je verdwijnt natuurlijk niet uit de wereld, maar eerder uit de ‘aanwezigheid van de wereld voor de zintuigen’. De geest heeft namelijk een unieke gave: de verbeelding, het aanwezig stellen van wat feitelijk afwezig is. Die verbeelding geldt niet alleen afwezige voorwerpen, maar ook ‘wat niet meer is’ of ‘wat er nog niet is’. Voor het denken worden verschijnselen eerst ‘ontzinnelijkt’ en dan, zodra de geest zich ervan meester maakt, getransformeerd tot ‘denk-beeld’. Dit gedachte-ding is slechts een re-presentatie van het zichtbare voorwerp. Het denken gaat zelfs nog verder, want het is voor de geest bijvoorbeeld mogelijk om na te denken over de oneindigheid van getallen, terwijl je die nooit in werkelijkheid zou kunnen hebben gezien.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Elk denken vereist volgens Arendt een ‘stop-en-denk’. Je zou misschien zelfs kunnen zeggen dat het denken de mens verlamt. De dichter Valéry zegt: ‘Nu eens denk ik, dan weer ben ik’, alsof de denkende mens zich uit de wereld van de levenden heeft verwijderd. Er is wel vaker verwantschap tussen filosofie en de dood opgemerkt: de filosofie zou ons kunnen leren hoe we moeten sterven. Plato merkte op dat de filosoof door niet-filosofen wordt gezien als iemand die de dood najaagt: de mens wil zijn bestaan, waarin hij ooit verschenen is en weer uit zal verdwijnen, begrijpen. Om daarover na te denken, wendt hij zich van de wereld af en loopt in die zin vooruit op zijn uiteindelijke vertrek, de dood.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat gebeurt er nu precies als je denkt? Stel, je vraagt je af wat geluk is. Dan moet je eerst gelukkige en ongelukkige mensen hebben ontmoet. Vervolgens moet je die onmiddellijke ervaring in je geest herhalen, dus ‘verbeelden’. Daarna kun je er pas over denken: elk denken is na-denken. Geen enkele ervaring biedt uit zichzelf betekenis of samenhang. Daarvoor moet deze eerst de verbeelding en het denken hebben ondergaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit denken vernietigt vervolgens zichzelf, net zoals bij het web van Penelope, die elke ochtend haar handwerk van de vorige avond weer ontrafelt: ‘Want de behoefte om te denken kan nooit door de zogezegd definitieve inzichten van ‘wijze mannen’ gestild worden; ze kan alleen bevredigd worden door denken, en de gedachten die ik gisteren had, zullen de behoefte van vandaag alleen bevredigen naarmate ik ze opnieuw wil en kan denken.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hannah Arendt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Dirk De Schutter en Remi Peeters. Uitgeverij Ten Have, Utrecht. 800 blz. €52,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+4.jpeg" length="442783" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 16 Aug 2023 06:49:57 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/in-de-schuilplaats-van-ons-denken</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het leven van de geest,In de schuilplaats van ons denken,essays,Hannah Arendt</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+4.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+4.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘in heel dat bloedbed van je fijnste vezels niet kunnen tonen waar jijzelf vertoeft’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/in-heel-dat-bloedbed-van-je-fijnste-vezels-niet-kunnen-tonen-waar-jijzelf-vertoeft</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘in heel dat bloedbed van je fijnste vezels
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           niet kunnen tonen waar jijzelf vertoeft’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Niets dan dit; Een lijflied voor de ziel' van Piet Gerbrandy
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Niets+dan+dit.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In de podcast ‘Beeldspraak’ van het Poëziecentrum (aflevering 19 juni) gaat Otto Kyrke in gesprek met Piet Gerbrandy over zijn nieuwe dichtbundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niets dan dit; Een lijflied voor de ziel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Gerbrandy betreurt het dat het genre van het leerdicht sinds de negentiende-eeuwse romantiek in onmin is geraakt. Volgens hem is het genre geschikt om bepaalde kwesties uit het leven op een wat beeldendere manier van verschillende kanten te onderzoeken. Gerbrandy heeft als classicus al verschillende klassieke genres beoefend, waarom naast de tragedie dan niet ook eens een leerdicht? In 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niets dan dit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gaan wetenschap, filosofie en poëzie een interessante verbinding met elkaar aan.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel begint heel ‘dichtbij’: het lyrisch ik ligt in bed, kan de slaap niet vatten en past een oude truc van zijn moeder toe, die tegenwoordig in mindfulness de ‘bodyscan’ wordt genoemd, waarbij je je lichaamsdelen langsloopt, om uit je hoofd te geraken. In deze aanvang ligt al veel besloten: door de persoonlijke toon de schijn van autobiografie, de kritische noot van de dichter die moderne theorieën in historisch perspectief plaatst, de verstrengeling van lijf en ziel - want met deze bundel vol bespiegelingen over het lijf geraak je onmogelijk uit het hoofd – maar ook de duizelingwekkende hoeveelheid intertekstuele verwijzingen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De belezenheid van Gerbrandy kan sommige lezers in de weg staan. Onder aan elke bladzijde staat titels van voornamelijk klassieke geschriften. De auteur plaatst hierover in de verantwoording een ontwapenend relativerende opmerking: ‘De literatuurverwijzingen zijn uitsluitend bedoeld om indruk te maken. Voor de interpretatie van het gedicht hebben ze geen enkele relevantie.’ De ironie wil natuurlijk dat je niet om de verwijzingen heen kunt. Ze staan daar, ik zou haast zeggen, ongeduldig te trappelen om gelezen en herkend te worden. Bovendien, op het moment dat je er een kunt plaatsen, doet die tekst vanzelf mee en verrijkt de poëzie. Juist dat zorgt ervoor dat je tijdens het lezen een behoorlijke spijt kunt opbouwen dat je zoveel niet gelezen hebt. Niet iedereen zal dat waarderen, maar je kunt het ook als uitnodiging zien. Het is tenslotte een leerdicht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel bevat zes afdelingen: ‘Slapen’, ‘Lopen’, ‘Zwelgen’, ‘Reiken’, ‘Zien’ en ‘Dromen’. Steeds is daar de onderzoekende houding uit het begin:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wie ben jij – ben jij wat zich hier voltrekt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als constellatie van ondeelbare deeltjes
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die zich niet vangen laten dan als kracht?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Of ben jij wat zich uitspreekt in gedachten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die door wat kwabben worden afgevuurd?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Of woon jij in de ogen en het weten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van allen die zich ooit met jou verstaan?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met de verwijzingen laat Gerbrandy zien dat, ondanks dat er al zo veel over onze oorsprong is gefilosofeerd in de oudheid, we deze nog steeds niet kunnen vatten, omdat we zelf deel uitmaken van de wereld om ons heen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier en daar deelt Gerbrandy een belerende steek uit, niet altijd even sterk: ‘Er zijn mensen die zonder daartoe gedwongen te worden apparaten toestaan hun stappen te tellen. Hun lijkt het een goed idee het leven te laten reguleren door groot geld en humorloze orde. Zij worden oud en hoeven niet te sterven omdat ze dat jong al hebben gedaan.’ Daarin kan iemand die thuis is in de klassieke retorica de stropopdrogreden herkennen. Net zo kritisch, maar subtieler benadert hij de argumenten van vegetariërs.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De oerknal verbinden met tonen uit de kwintencirkel is absoluut verrassend, maar af en toe schurken de bloemrijke volzinnen aan tegen ‘etaleren’: niet alleen van kennis, maar ook van andere rijkdom, namelijk die van een bepaald niet onbemiddelde dichter:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Mijn ruim tachtig jaar oude instrument met de beeltenis van een frivole Muze grondig gereviseerd en voorzien van een soepel nieuw riet stond ik in de gang – stenen vloer lambrizering houten trap met loper en twaalf lelies in matglas geëtst – en kwam telkens op
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            die lage
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           fis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            uit die niet alleen het verzilverd koper maar ook mijzelf en het huis en zonder twijfel de wereld en het ganse uitspansel in warme trilling bracht.’
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als lezer word je vaak direct aangesproken, al weet je nooit met hoeveel lezers je dan samenvalt, inclusief de dichter, of het lyrisch ik:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Is het niet vreemd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het stelsel dat jou voortdrijft niet te kennen?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo blijft wie jij behelst een zompig raadsel –
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           al zal ook de geleerdste anatoom
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in heel dat bloedbed van je fijnste vezels
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           niet kunnen tonen waar jijzelf vertoeft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Zo is het maar net. We denken erop los, maar we weten weinig van ons bestaan. De bundel is rijk aan mooie taal en gedachten: ‘Wat atomen niet kenbaar willen maken onttrekt zich aan de blik van wie uit hen is opgebouwd.’ Iets vergelijkbaars geldt ook voor de bundel. De dichter is openlijk schatplichtig aan vroegere taalkunstenaars. Wat is nu de essentie van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niets dan dit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ? Het werk is onmogelijk los te weken uit alles wat hiervoor is geschreven en toch is het uniek. Zo ontstaat er zelfs een synthese tussen dichter, taal en lezer, die voor even een stukje bewonen van de eeuwigheid: ‘als tijdloos punt / waarin zich alles wat er was en is / en zijn zal samenbalt en in een snaar / of riet de oertoon van het al doet trillen / dan is het eeuwig concreet en hier.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Piet Gerbrandy –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niets dan dit; Een lijflied voor de ziel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Atlas Contact, Amsterdam. 102 blz. €21,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Niets+dan+dit.jpeg" length="8668" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 16 Aug 2023 06:44:47 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/in-heel-dat-bloedbed-van-je-fijnste-vezels-niet-kunnen-tonen-waar-jijzelf-vertoeft</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Piet Gerbrandy,Niets dan dit,Een lijflied voor de ziel</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Niets+dan+dit.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Niets+dan+dit.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Waarheid en betekenis</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/waarheid-en-betekenis</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Waarheid en betekenis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het leven van de geest' van Hannah Arendt. Aflevering 3
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+3.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richt Hannah Arendt zich op drie belangrijke processen in de geest: denken, willen en oordelen, aan welke ze allemaal een flink deel wijdt. Op een toegankelijke manier legt zij in woorden de geest bloot en deelt daarmee bijzondere inzichten die niet per se waarheid zijn, maar die inspireren om verder over na te denken. In deze serie licht ik daar enkele inzichten uit die te mooi zijn om niet te delen. Deze derde aflevering betreft het verschil tussen waarheid en betekenis.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als iets verschijnt, verschijnt het altijd aan iets of iemand. Ook wijzelf verschijnen aan de ander(en). Toch is het lastig om deze verschijnselen als een ‘waarheid’ te zien, omdat het nogal uitmaakt hoe, waar, wanneer en aan wie het verschijnsel verschijnt. Het is namelijk onmogelijk om als waarnemer een verschijnsel in zijn geheel waar te nemen. Wat er waargenomen wordt, is afhankelijk van het perspectief en de waarnemingsorganen van de waarnemer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het kan zijn dat ik te ver van iets af sta om een verschijnsel goed te kunnen waarnemen. Deze ‘dwaling’ kan ik echter corrigeren, door instrumenten te gebruiken om het van dichterbij te bekijken. Ook kan ik mijn verbeelding gebruiken om mij van andere perspectieven rekenschap te geven. Toch blijven er altijd dwalingen over die niet te corrigeren vallen, omdat ze veroorzaakt worden door het feit dat ik als mens gebonden ben aan de aarde als verblijfplaats. De mens kan simpelweg niet alles wat verschijnt in zijn totaliteit vatten. Schijn en illusie zijn daarom inherent aan onze wereld, waarin wij zowel verschijnsel zijn als waarnemer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Om zich te wapenen tegen deze illusies probeerde de filosoof Descartes iets te vinden dat boven iedere verdenking stond en niet vatbaar zou zijn voor dwalingen. Hij beweerde dat de hele werkelijkheid weliswaar illusie of droom zou kunnen zijn, maar dan toch niet de dromer zelf. Vandaar zijn bekende uitspraak: ‘Ik denk, dus ik ben’. Daarin schuilt volgens Arendt echter een misvatting: als we denken, onttrekken we ons juist aan de werkelijkheid. Het denken zaait twijfel over alles om ons heen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Anders ligt dat voor de zintuigen: elk zintuig neemt de werkelijkheid voor een deel waar, en met alle zintuigen bij elkaar wordt die werkelijkheid gewaarborgd. Het gezonde verstand is een soort zesde zintuig dat de vijf zintuigen bij elkaar houdt en waarborgt dat wat je ziet, aanraakt, proeft, ruikt en hoort, hetzelfde voorwerp is en dat je die waarnemingen kunt delen met anderen. Dat dezelfde verschijnselen ook aan anderen verschijnen, ook al gebeurt dat voor iedereen een beetje anders, geeft ons in elk geval de ‘gewaarwording’ van werkelijkheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit gezonde verstand is echter niet hetzelfde als het vermogen om te denken. Beide zijn weliswaar onzichtbaar, maar er zijn belangrijke verschillen. Het gezonde verstand kan fysisch niet gelokaliseerd worden, denkprocessen kunnen dat wel. Het gezonde verstand geeft ‘zin’ aan de uiterlijke zintuigen, het denken ‘ontzinnelijkt’ juist de verschijnselen: als je bijvoorbeeld gaat nadenken over een stoel, dan neem je afstand van de specifieke stoel uit de werkelijkheid, en vorm je een beeld in je hoofd van ofwel een abstracte stoel, of de stoel die je gezien hebt, maar dat beeld is niet meer gelijk aan de stoel zelf. Hetzelfde geldt voor de herinnering: de herinnering aan wat je gezien hebt, is niet hetzelfde als wat je gezien hebt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de wetenschap speelt het denken een belangrijke rol: ‘Het denken heeft het de mens mogelijk gemaakt om in de verschijnselen binnen te dringen en ze te ontmaskeren als vormen van schijn, zij het authentieke schijn; het gezond verstand zou het nooit aangedurfd hebben om zo radicaal de aannemelijkheid van ons zintuiglijk apparaat te doen kapseizen.’ Arendt geeft als voorbeeld onze gewaarwording van opkomst en ondergang van de zon, die door de wetenschap ontmaskerd is als illusie.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Denken heeft in de wetenschap als doel kennis of weten, en zodra dit doel bereikt is, behoort het tot de wereld van de verschijnselen. In feite is de wetenschap een enorm verlengstuk van het gezonde verstand, dat erop gericht is om illusies te ontmaskeren en dwalingen te corrigeren. Tegelijkertijd is er geen enkele waarborg dat de nieuwe kennis betrouwbaarder zal zijn dan de afgedankte.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En hierbij stuiten we op het vooruitgangsgeloof waarmee de wetenschap vaak vergezeld gaat: er wordt gestreefd naar ‘steeds beter’ en ‘steeds meer waar’. Het menselijke denkvermogen wordt als middel gebruikt om met de door het denken verworven kennis een bepaald doel te bereiken in de werkelijkheid en het hoogste criterium van kennis is waarheid. Kennis streeft waarheid na, ook al is deze altijd een voorlopige. De kernactiviteit van de wetenschap verschilt daarom niet veel van bijvoorbeeld het bouwen van huizen of loodgieterswerk.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook al moet je om kennis te vergaren gebruikmaken van het denkvermogen, de behoefte om te weten is niet hetzelfde als de behoefte om te denken. Arendt maakt onderscheid tussen waarheid en betekenis, tussen kennen en denken. Kennis vraagt om het achterhalen van de waarheid. Denken verlangt niet naar waarheid, maar naar betekenis en zingeving. We blijven denken, ook als we iets te weten zijn gekomen, en ook als we weten dat we de waarheid nooit zullen achterhalen. We blijven denken, omdat we verlangen naar de betekenis en zingeving van de wereld om ons heen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hannah Arendt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Dirk De Schutter en Remi Peeters. Uitgeverij Ten Have, Utrecht. 800 blz. €52,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+3.jpeg" length="20548" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 08 Aug 2023 20:30:16 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/waarheid-en-betekenis</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het leven van de geest,essays,Waarheid en betekenis,Hannah Arendt</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+3.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+3.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘ze breken en gaan langzaam voort in parallelle lijnen spatten in schuim uiteen’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ze-breken-en-gaan-langzaam-voort-in-parallelle-lijnen-spatten-in-schuim-uiteen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘ze breken en gaan langzaam voort in parallelle lijnen spatten in schuim uiteen’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Haar' van Claude Simon
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Haar.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Laat je vooral helemaal onvoorbereid tuimelen in de bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Claude Simon, in de glansrijke vertaling van Kiki Coumans. Ja, inderdaad, leg deze bespreking dan vooral nog maar even terzijde. En voor je ogen ontstaat een schets, gevolgd door nog een en nog een, en na een poosje weet je niet meer waar je kijken moet, zit je zelf midden in een wonderlijk landschap, omringd door voorwerpen, lichamen, vrouwen. Je ziet, hoort, ruikt en proeft wat je leest, je verdwaalt in al je zintuigen, onherroepelijk, en ineens ben je weer op de plek waar je was. Na afloop vraag je je af waar je geweest bent. En ook dan kun je nog vele kanten op: je kunt opnieuw beginnen, je kunt in je herinneringen al associërend reconstrueren en verbindingen leggen, of je kunt het nawoord van de vertaalster lezen, die als een goede gids enkele aanwijzingen geeft, waarmee je nog meer kunt genieten van wat je zojuist gelezen hebt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een avontuur.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Nu de meeste van mijn lezers waarschijnlijk al vertrokken zijn om het avontuur vooral eerst zelf te beleven, kan ik wel verklappen dat Simon het werk al in 1965 schreef, als begeleidende tekst bij lithografieën van Joan Miró. In 1984 is het ook in boekvorm verschenen met de titel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           La Chevelure de Bérénice
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Misschien maakt het ook niet uit als je dat al van tevoren weet, maar als je het nog niet weet, dan is het een wonderlijke ervaring als je in je hoofd allemaal schetsen hebt gemaakt, die achteraf helemaal blijken te kloppen met de sfeer van Miró’s werk en hoe knap Simon dus in taal beelden kan vangen, zonder dat je het beeld een op een met een tekst kunt verbinden. Terwijl je beelden in één oogopslag kunt overzien, heeft de taal tijd nodig. Daarom corresponderen deze ‘bijschriften’ wellicht vooral met het
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           proces
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van tekenen dan met het beeld zelf.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Miró’s werk bevat abstracte lijnen, figuren, maar ook silhouetten van vrouwen, vogels en sterren, die lijken samen te vallen. En die tovert Simon dan met woorden, voor je geestesoog:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gedwongen mijn ogen tot spleetjes te knijpen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zag ik haar een silhouet aangevreten door licht smal als
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een draad in de grauwe ruimte met hier en daar een
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           oplichtende
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      cyclaam of eerder verwelkte sering fructis ventris tui
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           U herhaald U-I als de kreet van een vogel een koper-
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           kleurige snavel geopend in de vorm van een maansikkel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een bleke vermiljoenen tong als een spies
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Omdat er geen interpunctie wordt gebruikt, leest het werk als poëzie waarin zinnen niet duidelijk ergens eindigen, waardoor een stapeling van betekenissen ontstaat. Je kunt zelf de verbindingen leggen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terwijl je je aan het begin op het strand waant waar in taal langzaam een vrouw met een kind op sensuele wijze geschilderd wordt, met linten van espadrilles die elkaar kruisen en aan de achterkant net boven de enkel zijn vastgeknoopt, en lange grijsgroene grashalmen vredig in de wind lijken te buigen, word je enkele bladzijden verder opgeschrikt door:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      op de kades opgestapelde zakken waar een sterke
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           pittige zwavelgeur van carobe van af kwam die in je neus
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           prikte oneindig lange dokken of in de buitenwijken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           langs de stoffige straten vol kuilen lange fabrieksmuren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van slecht gebakken gele bakstenen waar ze tegenaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gezet werden om gefusilleerd te worden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met andere woorden, je belandt al lezend ook in wrede associaties, en omdat je die deels zelf aan het opbouwen bent vanuit je verbeelding, word je medeplichtig, en is lezen geen onschuldige bezigheid meer. Zo word je geconfronteerd met je eigen driften, onlustgevoelens of verlangens en raak je hoe dan ook betrokken, met heel je lijf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een grote pluim voor de vertaalster, want waar poëzie geschreven wordt, doet elke klank en elke letter ertoe. Er komt een moment dat je je afvraagt waarom
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           La Chevelure de Bérénice
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            vertaald is door het ogenschijnlijk eenvoudige
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Dat is nogal een ingreep, denk je dan, totdat je beseft dat vertalen, eigenlijk net als ‘gewoon’ schrijven, net zo gevoelig is voor inspiratie, invallen en de wonderlijke grillen van de taal. In het Frans is ‘chevelure’ een bijzonder klankrijk en sensueel woord van maar liefst vier lettergrepen. Dan komt het Nederlands aan met het plompe ‘haar’, vier letters, één lettergreep en een klank om te huilen, vergeleken met het Franse equivalent. Ik zou me kunnen voorstellen dat een vertaalster op zo’n moment de wanhoop nabij is, tot zij ontdekt dat het Nederlandse ‘haar’ qua vorm dan weliswaar een niemendalletje is, maar in betekenis veel mysterieuzer dan het eenduidige Franse woord. Wat een zegen van het Nederlands dat ‘haar’ niet alleen verwijst naar de haren van een mens, maar ook nog een vrouwelijk verwijswoord is. Naar hoeveel vrouwen kan het woord ‘haar’ wel niet verwijzen! En laat dat nu juist bijzonder goed passen bij de titel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Femmes
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , van het album met de begeleidende teksten bij de lithografieën van Miró, dat in 1965 verscheen. Dat is zuivere magie, waar de vertaalster duidelijk oog voor heeft gehad.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ga dit avontuur aan: lees, ruik, proef, luister en onderga vooral
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en ervaar dat er met taal niet alleen geschreven wordt, maar ook geschilderd, gekookt en gecomponeerd, door kunstenaar én vertaalster.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Claude Simon –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Kiki Coumans. Vleugels, Bleiswijk. 40 blz. €22,90.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Haar.png" length="18039" type="image/png" />
      <pubDate>Mon, 07 Aug 2023 16:33:01 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ze-breken-en-gaan-langzaam-voort-in-parallelle-lijnen-spatten-in-schuim-uiteen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Haar,Claude Simon</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Haar.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Haar.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Ik waak alleen. Waarom, als allen slapen?’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-waak-alleen-waarom-als-allen-slapen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik waak alleen. Waarom, als allen slapen?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Oost-Azië' van J. Slauerhoff. Foto's van Marco van Duyvendijk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Cover-Oost-Azie.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hoe aangenaam de combinatie van passie en vakmanschap kan zijn, is te ervaren in de opnieuw uitgegeven bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Oost-Azië
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van J. Slauerhoff door fotograaf Marco van Duyvendijk. Soms vergeet je gewoonweg hoe mooi bepaalde dichtbundels zijn en dan is het een godsgeschenk als iemand zo’n bundel opnieuw onder de aandacht brengt. Van Duyvendijk deelt niet alleen zijn verlangen om te zwerven met de dichter en scheepsarts, maar ook zijn melancholie, gevoel voor humor en het vastleggen van kleine ontmoetingen die uitnodigen tot verbeelding.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Slauerhoff publiceerde deze bundel in 1928 onder het pseudoniem John Ravenswood. Van Duyvendijk heeft ook het ‘Voorbericht’ uit de bundel overgenomen en dat betreft, geheel in de traditie van grote romantici als Multatuli en Piet Paaltjens, een mystificatie: de dichter John Ravenswood woonde helemaal alleen op het eiland Quelpart (‘ergens’), wilde zijn schuilplaats niet prijsgeven en vroeg daarom Slauerhoff zijn verzen onder Slauerhoffs naam te mogen publiceren. Slauerhoff vernam vervolgens dat de dichter was overleden en daarmee kon hij de dichter zijn naam weer teruggeven, een veelbetekenende naam als je bedenkt hoeveel betekenissen er aan de raaf zijn gegeven in diverse culturen, zoals die van boodschapper van de doden, of juist van het licht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nu zou je je kunnen afvragen of het maken van foto’s bij poëzie die zo’n beroep doet op de verbeelding, niet af zou doen aan diezelfde verbeelding, maar dat is bij deze prachtige uitgave geenszins het geval, en daaruit blijkt Van Duyvendijks vakmanschap. Allereerst zijn de foto’s niet een op een afgedrukt met de gedichten. Pas na een tiental schitterende foto’s – die alle bijzonder tot de verbeelding spreken! – komt er een gedicht van Slauerhoff. Soms zijn er alleen foto’s afgedrukt, soms alleen gedichten, en af en toe staan ze naast elkaar. Zo voorkomt de fotograaf dat zijn foto’s hun betekenissen opleggen aan de gedichten en zorgt hij ervoor dat zij juist elkaar aanvullen en afwisselen, als in een toevallige ontmoeting.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze toevallige ontmoeting past ook zowel bij Slauerhoffs poëzie als bij de foto’s. In de poëzie doemen plaatsen en beelden op als in een momentopname, zoals in ‘Binnenzee’:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Witte heuvlen hullen zich in wolken,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Booten zeilen scheerlings over zee,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hooger gaan de golven, visschen dieper,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Boomen huivren naakt, van loof beroofd,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ramen komen in zachtrooden bloei,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op de daken valt de eerste sneeuw.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zoals Slauerhoff deze momentopnamen in taal vangt, zo doet de fotograaf dat in beeld, en beiden laten, ik zou haast zeggen ‘zeeën van ruimte’ over voor de verbeelding. Zo is de eerste foto uit de bundel zwart-wit, met daarop een schitterende rots die uit de zee komt. Er is zo veel dat je nog kunt invullen: kleur, plaats, sfeer, tijd en ook de betekenis van deze eenzaam ogende rots zo aan het begin van de bundel. Een rots is standvastig en lijkt onaangedaan, maar deze oogt daarnaast ook kwetsbaar. De tegenstellingen uit Slauerhoffs poëzie, zoals hierboven het ‘hooger gaan de golven, visschen dieper’, zijn ook in de foto’s opvallend, zowel binnen de foto’s als tussen de foto’s. Na de indrukwekkende rots komt bijvoorbeeld een hemel vol meeuwen met uitgestrekte vleugels, die ruimte en vrijheid oproepen. Fragmenten van eeuwenoude bomen en stenen staan tussen fragiele portretten van mensen, die door hun kwetsbaarheid en sterfelijkheid diep ontroeren, zoals een jonge vrouw in zwart-wit vanaf de zijkant, het hoofd een beetje schuin, tegen de vage achtergrond van wolkenkrabbers, het slapende kind in de armen van een volwassene, een klein, trots meisje in kleur met haar voetjes in gekleurde teenslippers die te klein zijn, een eenzame visser op het water.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van Duyvendijk geeft in zijn nawoord bij de bundel aan dat het hem niet zozeer gaat om de nostalgie in deze snel veranderende wereld, maar om de verwantschap die hij voelt met de dichter, en dat is in deze bundel overal voelbaar. Waar Slauerhoff schrijft ‘Ik waak alleen. Waarom, als allen slapen? / Waarom ik, die zal sterven met de andren?’ voel je ook de eenzame blik van de fotograaf ten overstaan van een besneeuwd rotslandschap, of een schimmige, uitgestorven steeg waarin aan een haakje een wit linnen overhemd hangt, als herinnering aan de eigenaar, die nergens te bespeuren valt. Ook in Slauerhoffs poëzie lijken de landschappen uitgestorven, tot je ineens oog in oog komt te staan met ‘Een vrouw’:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het geduldig hoofd vol zware vlechten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Torst een zware mand in wankel evenwicht,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De heupen een groot kind: de beentjes steken ver naar voren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De borsten hangen laag en slingren onder ’t gaan,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Om de enkels is een vuile witte broek gesnoerd,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het overkleed is stijf en smetteloos gestreken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier staat dan ook geen foto naast, want hier moet de lezer zijn ‘eigen’ vrouw vormen voor zijn geestesoog. Op de volgende bladzijde staat een prachtige vrouw afgebeeld, die geenszins lijkt op de beschreven vrouw uit het voorgaande gedicht, behalve dan dat haar overkleed stijf en smetteloos gestreken is. Naast haar staat een gedicht waarin ook wel een meisje voorkomt, maar minder nadrukkelijk, zodat foto en gedicht elkaar luchtig passeren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De lezer die van reizen houdt, kan zijn hart ophalen aan de prachtige sferen uit Oost-Azië die in deze bundel in woord en beeld worden opgeroepen, maar juist ook voor de lezer die liever in zijn of haar verbeelding reist, zijn hier uren door te brengen, rond te zwerven tussen hier en daar, mens en natuur, tijd en eeuwigheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           J. Slauerhoff – Oost-Azië. Foto’s Marco van Duyvendijk. Marco van Duyvendijk, Amsterdam. 160 blz. €29,95.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Cover-Oost-Azie.jpeg" length="793152" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 03 Aug 2023 14:57:40 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-waak-alleen-waarom-als-allen-slapen</guid>
      <g-custom:tags type="string">J. Slauerhoff,essays,Marco van Duyvendijk,Oost-Azië</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Cover-Oost-Azie.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Cover-Oost-Azie.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Over de ziel die overloopt in het lichaam en het grondeloze denken van de geest</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/over-de-ziel-die-overloopt-in-het-lichaam-en-het-grondeloze-denken-van-de-geest</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Over de ziel die overloopt in het lichaam en het grondeloze denken van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het leven van de geest' van Hannah Arendt. Aflevering 2 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+2.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het leven van de geest
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           richt Hannah Arendt zich op drie belangrijke processen in de geest: denken, willen en oordelen, aan welke ze allemaal een flink deel wijdt. Op een toegankelijke manier legt zij in woorden de geest bloot en deelt daarmee bijzondere inzichten die niet per se waarheid zijn, maar die inspireren om verder over na te denken. In deze serie licht ik daar enkele inzichten uit die te mooi zijn om niet te delen. Deze tweede aflevering betreft het verschil tussen ziel en geest.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Over het algemeen zijn we het er wel over eens dat het binnenste van ons lichaam nooit uit eigen beweging ‘verschijnt’. Als we het hebben over een ‘innerlijk leven’, dan bedoelen we niet zozeer onze organen, als wel het leven van de ziel. Ook ‘de geest’, waarin allerlei ideeën ontstaan, is iets onzichtbaars binnen in ons. Om dit innerlijk leven uit te drukken, gebruikt de mens echter veelal metaforen en uitdrukkingen die ontleend zijn aan het lichaam en de zintuigen. Zo kun je angst en verdriet vergelijken met een storm op de zee, om te laten zien en voelen wat deze emoties in een hart teweeg kunnen brengen. De filosoof John Locke heeft al opgemerkt dat metaforen (wat letterlijk ‘overdragen’ betekent) de ondoorgrondelijke betekenissen en ideeën overdragen die ontoegankelijk zijn voor onze zintuigen. Alleen door die ideeën en betekenissen te vertalen in uitdrukkingen die ontleend zijn aan die zintuigen, kan de mens zich enigszins een idee vormen van die ‘operaties’ in onze geest. Nu is er een oude, stilzwijgende veronderstelling dat ziel en geest identiek zijn en dat deze allebei vanwege hun onzichtbaarheid, tegengesteld zijn aan het lichaam. Volgens Arendt verdient dit echter nader onderzoek.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voor de geest blijkt (metaforische) taal inderdaad de enige manier om uitwendig te verschijnen. Sterker nog: ‘zelfs zijn stille, niet-verschijnende activiteit bestaat reeds uit taal: de geluidloze dialoog tussen mij en mijzelf,’ schrijft zij. Als je over een psychische ervaring spreekt, dan is het nooit de ervaring zelf, maar wat je er, na enige reflectie, over denkt. Omdat dat denken van zichzelf al talig is, kan zij zich ook uitwendig in diezelfde taal manifesteren. Voor emoties en passies ligt dat anders, zegt Arendt. Zij zijn niet van nature ‘talig’. Zij kunnen in taal gevat worden als wij erover spreken, maar dan zijn het eerder reflecties en gedachten over die gevoelens, en niet de gevoelens zelf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toch kunnen passie en emoties uitwendig verschijnen, zonder tussenkomst van de reflectie en het spreken, namelijk via ons lichaam en onze zintuigen: in een blik, een gebaar, een ongearticuleerde klank, zoals ook dieren dat kunnen. Op deze wijze loopt de ziel in feite over in het lichaam. De ziel is in het lichaam verborgen, heeft dat lichaam nodig en ligt erin verankerd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Denken daarentegen is onlosmakelijk verbonden met de taal. Eigenlijk is denken zonder taal onvoorstelbaar. Taal is bestemd om gehoord te worden en begrepen door een ander wezen dat ook in staat is om te spreken. Het is opmerkelijk dat dit vermogen om te spreken fysisch beter te lokaliseren is dan al die verschillende emoties als haat, liefde, schaamte of afgunst. Toch is dit vermogen geen ‘orgaan’. Arendt verwijst naar Merleau-Ponty die zegt dat het ‘denken’ door niets gedragen wordt. Denken is grondeloos en niet verankerd in het lichaam. Het denken heeft metaforen in de taal nodig om de kloof te overbruggen tussen de wereld van de verschijnselen die we met onze zintuigen kunnen ervaren en de wereld van het denken die onzichtbaar is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo zijn ziel en geest wezenlijk verschillende begrippen met verschillende eigenschappen, los van het feit dat het in principe natuurlijk willekeurige woorden zijn en dat ‘geest’ ook ‘ziel’ had kunnen heten en andersom. De ziel kan zich uiten via de zintuigen, het denken van de geest kan alleen in taal worden gevat. Arendt legt hier een essentieel stukje van het leven van de geest bloot door het subtiele verschil met het leven van de ziel aan te tonen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hannah Arendt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Dirk De Schutter en Remi Peeters. Uitgeverij Ten Have, Utrecht. 800 blz. €52,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+2.jpeg" length="28208" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 01 Aug 2023 12:10:53 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/over-de-ziel-die-overloopt-in-het-lichaam-en-het-grondeloze-denken-van-de-geest</guid>
      <g-custom:tags type="string">geest,en het grondeloze denken van de geest,essays,over de ziel die overloopt in het lichaam,Hannah Arendt,lichaam,ziel</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+2.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+2.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Aan de oppervlakte van ons verschijnen</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/aan-de-oppervlakte-van-ons-verschijnen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan de oppervlakte van ons verschijnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het leven van de geest' van Hannah Arendt. Aflevering 1
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+1.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richt Hannah Arendt zich op drie belangrijke processen in de geest: denken, willen en oordelen, aan welke ze allemaal een flink deel wijdt. Op een toegankelijke manier legt zij in woorden de geest bloot en deelt daarmee bijzondere inzichten die niet per se waarheid zijn, maar die inspireren om verder over na te denken. In deze serie licht ik daar enkele inzichten uit die te mooi zijn om niet te delen. De eerste aflevering betreft de verschijnselen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Voordat zij in het eerste deel van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            het denken zelf verkent, verdiept zij zich in het begrip ‘verschijnsel’. Dit begrip zou geen betekenis hebben als er geen levende wezens zouden bestaan voor wie dit ‘verschijnsel’ verschijnt. Met andere woorden: er is een toeschouwer nodig om te kunnen verschijnen, er bestaat geen ‘zijnde’ in enkelvoud: ‘Niet de Mens, maar mensen bewonen deze planeet. Pluraliteit is de wet van de aarde’, zegt Arendt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Veel mensen, onder wie wetenschappers en filosofen, willen graag vat krijgen op de achtergrond van dit verschijnen: hoe is het mogelijk dat wij überhaupt verschijnen? Daarmee heb je het over de oorzaak van het verschijnen. In de wetenschap en filosofie is vaak aangenomen dat deze ‘oorzaak’ het verschijnen ‘produceert’ en dat deze ‘producerende oorzaak’ van een hogere orde is dan het verschijnen zelf. Arendt plaatst daar vraagtekens bij. Als ieder wezen zo evident aan het verschijnen is tegenover en te midden van andere wezens, en daarmee ook zijn uniciteit laat zien, is het dan niet logischer te veronderstellen dit verschijnen zelf essentieel is?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Functionaliteit beheerst de wetenschap. Neem de organen in ons lichaam, die allemaal een verschillende functie hebben: die functie zou belangrijker zijn dan de uiterlijke verschijningsvorm van ons lichaam. Toch bepaalt juist deze uiterlijke verschijningsvorm de bijzonderheid van elk wezen. Sterker nog, zonder die vorm zouden we elkaar niet meer herkennen. Aan de binnenkant zijn we, op enkele details na, allemaal hetzelfde. Ook kun je niet bij de organen komen zonder dit ‘verschijnen’ aan te tasten. De arts zal met een mes inbreuk moeten plegen op dit verschijnen, om bij de organen te kunnen. Arendt stelt de volgende vraag: ‘Zou het niet kunnen dat verschijnselen er niet zijn omwille van het levensproces, maar omgekeerd, dat het levensproces er is omwille van de verschijnselen? We leven toch in een wereld van verschijnselen: is het dan niet veel aannemelijker dat het relevante en betekenisvolle in onze wereld precies aan het oppervlak te vinden is?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Arendt beroept zich hier op de Zwitserse zoöloog en bioloog Adolf Portmann. Het functionalisme gaat uit van de simpele hypothese dat verschijnselen in dienst staan van twee doelen: zelfbehoud en het behoud van de soort. Toch lijkt eerder het omgekeerde het geval: de inwendige, niet-verschijnende organen bestaan enkel met als doel de verschijnselen tot stand te brengen en in stand te houden. Kijk naar de enorme variëteit in dierlijk en plantaardig leven. Die laat een ware rijkdom zien aan verschijnselen met een zuiver functionele overbodigheid. Toch wordt er altijd aangenomen dat die uiterlijkheden in dienst staan van bewegen, eten, vijanden ontlopen en seksuele partners vinden. Dit klopt niet per se met wat we zien: alles wat leeft, heeft de drang om te verschijnen, om deel uit te maken van de wereld van verschijnselen. Het wezen laat niet zijn ‘innerlijk zelf’ zien, maar vertoont zich als individu. Portmann noemt dit ‘de waarde van het oppervlak’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Maar dan blijkt ineens onze taal te kort te schieten om dit adequaat te beschrijven. Portmann zegt namelijk dat ‘het verschijnsel, vergeleken met het inwendige, waarvan de functies van een primitiever niveau zijn, een maximaal expressievermogen toont.’ Het is een illusie te denken dat ons ‘innerlijk leven’ relevanter is voor wat we ‘zijn’ dan wat aan de buitenkant verschijnt. Het woord ‘expressie’ geeft echter aan dat er iets uitgedrukt wordt en als je je afvraagt wat er dan uitgedrukt wordt, dan zal het antwoord altijd zijn: ‘iets innerlijks, een idee, een gedachte, een emotie’. En zo blijkt onze taal mee te gaan in onze illusies en misvattingen. Hoe broos onze taal is als instrument om ons denken te verwoorden, komt bij Arendt overigens vaker ter sprake in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo benadrukt Arendt aan het begin van haar verkenning van het denken dus het belang of zelfs de essentie van ons verschijnen, het ‘er zijn’ te midden van andere levende wezens, aan wie wij voortdurend verschijnen, waaraan zelfs geen enkele denker uit ons midden kan ontkomen. Als hij ophoudt met er te zijn, zal hij immers ook niet denken, in elk geval niet meer ‘te midden’ van ons.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Hannah Arendt –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van de geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Dirk De Schutter en Remi Peeters. Uitgeverij Ten Have, Utrecht. 800 blz. €52,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+1.jpeg" length="109703" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 25 Jul 2023 17:29:58 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/aan-de-oppervlakte-van-ons-verschijnen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Hannah Arendt,Aan de oppervlakte van ons verschijnen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+1.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Arendt+1.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Ik zal weer meervoud zijn'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-zal-weer-meervoud-zijn</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            'Ik zal weer meervoud zijn'
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De onverwachteling' van Johanna Pas
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+onverwachteling.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Vlak voordat Johanna Pas dit jaar overleed, schreef ik voor Poëziekrant een dubbelrecensie over haar bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Was; of hoe ik mijn huid verloor
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en haar coproductie met Lies Colman en Koen Broos,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voor mij alleen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Ik was verrast door haar bijzondere combinatie van directheid en spiritualiteit. In beide bundels toont ze de eenzame mens die teruggeworpen is op zichzelf en nodigt ze de lezer in eenvoudige taal uit tot introspectie, die paradoxaal genoeg leidt tot verbinding. Ik wist dat ze ernstig ziek was en dan lees je sommige gedichten vanzelf vanuit dat perspectief. Het was alsof ze in de bundels al een beetje afscheid aan het nemen was. Ik zelf, die nog maar net kennis gemaakt had met haar poëzie, nam tegelijkertijd onwillekeurig ook een beetje afscheid van haar, en dat betreurde ik, want ik wilde graag meer van haar lezen. En toen rolde daar ineens, tot mijn grote verrassing, bijna gelijktijdig met het nieuws van haar overlijden, haar
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De onverwachteling
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de pers, als een postume toegift, troost voor de achterblijvers.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel is prachtig vormgegeven met op het omslag drie ronde kijkraampjes waarachter het duister is, maar toch iets doorschemert, en twee vogels die uitvliegen. Achter de titel staat een sterretje, dat verwijst naar de uitleg van de betekenis van ‘onverwachteling’, die voor in de bundel is opgenomen: ‘
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            onverwachteling
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (M/V/X) 1. kind dat niet gepland was 2. bezoeker die niet uitgenodigd was.’ De bundel is ingedeeld in ‘Aankomst’, ‘Verblijf’ en ‘Vertrek’, dat verschillende betekenissen oproept: de drie omvatten niet alleen een leven, maar kunnen ook verwijzen naar de bezoeker die niet uitgenodigd was, of de lezer die aankomt in de bundel en straks ook zal vertrekken. Voordat je daadwerkelijk de poëzie begint te lezen, voel je je al omringd door betekenis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De eerste afdeling bevat een prachtig motto: ‘Ik hield met mijn gedachten de hele wereld bij elkaar’. Alleen daarover kun je al uren mijmeren, want is dat niet wat mensen steevast doen als zij denken: het zoeken naar verbinding tussen de losse elementen, zingeving, betekenis?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het openingsgedicht houdt de moderne mens een spiegel voor, zoals deze eindeloos op zijn kleine scherm kijkt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze doen hier allemaal alsof de wereld zwijgt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en op een klein lichtgevend scherm vertonen ze
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hun dromen. Ze denken dat er niemand is. Ze
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           denken schaamteloos de wreedste dingen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze spiegelen zich aan elkaar en ze verzamelen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een eindeloos reeks van Dingen waarvan je niet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           eens wist dat je ze nodig had. Gelukkig zien ze
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           mijn gedachten niet [...]
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan het eind van het gedicht vraagt de ik zich af waarom ze hierheen is gegaan. Dat kan een tastbare plek zijn tussen deze mensen (die achter hun scherm zitten), of meer een existentiële vraag: waarom besta ik? Na een paar gedachten krijg je het vermoeden dat de ik zelf de ongenode gast is, die zich probeert een houding te geven ten opzichte van de anderen. Je kunt je te midden van velen eenzaam blijven voelen: ‘Toch blijf ik alleen in / het vol van de tram’. Pas heeft zelf een verbindende rol gespeeld in de boekhandel Kartonnen Dozen in Antwerpen, die gericht was op de lbgtq+-gemeenschap. In het laatste gedicht uit ‘Aankomst’ voelt ze een verlangen dat geen naam heeft en hoedt ze zich voor de dag ‘dat het zich sprekend en in klare taal / laat horen in de regen op het dak’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De tweede afdeling begint met hoe de ik eerst in een wereld met slechts twee dimensies was, terwijl ze wist hoe bedrieglijk dat perspectief was en zij behoedzaam moest aftasten ‘of er wel diepte was’. Daarna kreeg de wereld drie dimensies, die ze niet langer kon ‘verknippen’. Vanaf dat moment kropen alle denkbare emoties onder de deur en door het raam naar binnen. ‘Het verblijf’ kenmerkt zich door een veelvoud aan emoties: vervreemding ten opzichte van de vroegere ik, vervreemding van de mensen om haar heen, eenzaamheid, een gevoel van verraden zijn, maar ook een eenvoudig, maar intens verlangen naar verbinding:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik wil nog graag in zo
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           veel bedden slapen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           waarin de ongecensureerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           adem van een ander
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           mij gezelschap houdt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Vertrek’ begint met het motto ‘Er staat een boom in mijn tuin / maar ik geloof hem niet’. Is de boom de zekerheid van een naderende dood? Het eerste gedicht uit deze laatste afdeling is aangrijpend. De ik heeft net als de kat negen levens, maar ze heeft ze allemaal tegelijk geleefd: ‘met een zweem van spijt dat ik mijn levens zo /verborgen had geleefd en niemand me zou kennen // als ik mijn negen levens stierf. Aan het eind van de bundel reflecteert de ik op haar eigen dood: zij zal de trillers van de merel zijn, de kraaien op het veldje, maar ook zal zij weer meervoud zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En zo is deze ‘onverwachteling’ een open, ontroerend afscheid waarin je steeds opnieuw kunt aankomen, verblijven en vertrekken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Johanna Pas –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De onverwachteling.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Poëziecentrum, Gent. 56 blz. €21,00.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+onverwachteling.jpeg" length="52210" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 21 Jul 2023 12:45:34 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-zal-weer-meervoud-zijn</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Johanna Pas,De onverwachteling</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+onverwachteling.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+onverwachteling.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een verhaal dat als een rivier door je aderen vloeit</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-verhaal-dat-als-een-rivier-door-je-aderen-vloeit</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een verhaal dat als een rivier door je aderen vloeit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De rivier is een wond vol vissen' van Lorena Salazar Masso
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+rivier+is+een+mond+vol+vissen.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Als je begint te lezen in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De rivier is een wond vol vissen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Lorena Salazar Masso, drijf je met een moeder en zoon ongemerkt mee over de machtige Atrato-rivier door de Colombiaanse jungle. Met hen ben je in de kano gestapt, en hoe je je ook vastklampt aan de ontroerende, maar vooral ook kwetsbare liefde van de moeder voor de zoon, die niet haar biologische zoon is, je voelt voortdurend het onheil dat van alle kanten lijkt te naderen. Er is geen weg terug.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voor de moeder komt het onheil vooral vanuit hun bestemming, Bellavista, waar Gina, de biologische moeder van de jongen woont, die al die jaren niets van zich heeft laten horen, maar nu gevraagd heeft of ze hem mag zien. Ze is bang dat Gina hem zal opeisen en dat zij de jongen aan haar zal verliezen. De angst voor verlies is als de kalkoengier die al op de eerste bladzijde zijn vleugels spreidt en door de kleine jongen wordt opgemerkt als ‘vogeltje’. Het is meteen duidelijk hoe onbevangen de jongen om zich heen kijkt en hoe de moeder zich tot die onbevangenheid probeert te verhouden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal spreekt door de beschrijvingen alle zintuigen aan: je proeft de mango met limoen en zout die de jongen krijgt, je voelt de verzengende zon op de huid, je ziet de felle kleuren van de stoffen van de kleding. De rivier ruikt ‘als een fotoalbum dat na lange tijd wordt opengeslagen.’ En dat is veelzeggend, want tijdens de reis komen herinneringen naar boven van de moeder, aan de tijd die ze met de jongen heeft doorgebracht, nadat hij als baby door Gina bij haar was afgeleverd, omdat ze niet voor hem kon zorgen, maar ook aan verder terug, toen ze zelf nog jong was.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De reis is niet zonder gevaren. Natuurlijk is er de angst om uit de kano te vallen, want ook de moeder kan niet zwemmen, maar op de plekken waar ze aanmeren, loert ook steeds gevaar: in de plaats waar ze voor een tussenstop overnachten, zijn er net enkele huizen van mensen die al zo arm zijn, afgebrand door een kaars, er zijn muggen die malaria kunnen verspreiden, slangen, de aanhoudende regen die voor overstromingen kan zorgen, en er zijn overal om hen heen mannen met wapens. De jongen is zo onbevangen, dat hij nietsvermoedend naar hen roept of met hen gaat praten. De moeder is voortdurend op haar hoede.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Een moeder is iets wat pijn doet. Ze is wond en litteken. Voor een kind is een moeder degene die hem vraagt of hij melk of chocolademelk wil, die hem een standje geeft als hij op blote voeten door het huis loopt, die de soep eerst voorproeft, haar tong brandt en wacht tot de soep een beetje is afgekoeld.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De roman zit vol prachtige bespiegelingen over het moederschap. Wanneer ben je een moeder: als je het kind hebt gebaard, of als je het hebt verzorgd? Zijn Gina en zij halve moeders en samen een hele? Het verhaal is natuurlijk een verhaal van een avontuurlijke bootreis van Quibdó naar Bellavista, dwars door de jungle, maar het is tegelijkertijd ook een metaforische reis in verschillende lagen die je zelf kunt aanvullen: de reis van het moederschap, van geborgenheid naar loslaten, de reis van het leven, van vroeger naar een ongewisse toekomst. Door de onheilspellende elementen heb je soms zelfs de sensatie dat je meereist over de Styx (de rivier naar de onderwereld). De moeder en de jongen hebben geen namen, waardoor ze archetypen worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De auteur raakt verschillende bewustzijnslagen, waardoor het verhaal diep onder de huid kruipt. Soms voelt het alsof je in een droom bent, dan is het weer heel tastbaar en zinnelijk, en soms maak je een duikvlucht in het onderbewuste waar zich een diepgewortelde angst voor verlies schuilhoudt. Samen met de moeder probeer je uit alle macht al die aankondigers van de dood af te weren: de akelige kalkoengier die op een vuilniszak zit, alsof het leven niet meer is dan een berg afval, de dood van het zwangere meisje Rossy, dat op de kano ineens hevig begint bloeden, waarbij de moeder van de jongen haar jurk (hoe symbolisch!) afstaat, om het bloeden te stelpen en het verlies van het ongeboren kind tegen te gaan, het zingen van de ‘alabao’s’ (meerstemmige treurliederen die in de Afro-Colombiaanse gemeenschap bij dodenwaken worden gezongen), de brand, de mannen met wapens. Je blijft hopen dat de liefde van de moeder voor het kind overwint.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal van deze nog jonge Colombiaanse auteur (1992) is behalve spannend en gelaagd, bovenal hartverscheurend. Vanaf het moment dat ze uitstappen in Bellavista neemt het verhaal een onverwachte wending en dan is er geen houden meer aan. Omdat de verschillende personages op dat moment al zo met je vergroeid zijn, is lezen tegelijkertijd een beetje sterven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Lorena Salazar Masso –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De rivier is een wond vol vissen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Irene van de Mheen. Signatuur, Amsterdam. 184 blz. €24,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+rivier+is+een+mond+vol+vissen.png" length="288277" type="image/png" />
      <pubDate>Tue, 18 Jul 2023 11:47:08 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-verhaal-dat-als-een-rivier-door-je-aderen-vloeit</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Lorena Salazar Masso,De rivier is een wond vol vissen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+rivier+is+een+mond+vol+vissen.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+rivier+is+een+mond+vol+vissen.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Het water dat tussen stenen vloeit</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-water-dat-tussen-stenen-vloeit</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het water dat tussen stenen vloeit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De waterstandbeelden' van Fleur Jaeggy
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+waterstandbeelden.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De waterstandbeelden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Fleur Jaeggy lijkt zich in een diepere laag van bewustzijn af te spelen. De personages zijn niet alleen van elkaar vervreemd, maar ook van de werkelijkheid om hen heen. Ze zijn toeschouwers in vervreemdende ruimtes, passeren elkaar terloops, en voeren wonderlijke gesprekken. In de lezer laat het boek een afdruk achter van emotionele armoede, kille eenzaamheid, maar ook van raadselachtige diepgang.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op de eerste bladzijde worden de ‘dramatis personae’ voorgesteld, als in een toneelstuk: Beeklam, zijn bediende Victor, zijn vader Reginald, moeder Thelma, de bediende van Reginald, Lampe. Dan nog wat vriendinnen van Thelma en ene Kaspar en Katrin. Deze presentatie op zichzelf roept al afstand op: de figuren spelen een rol en lijken soms meer op zinnebeelden dan op personages, al blijft het dan wel schimmig waar zij precies voor staan. De naam ‘Beeklam’ is bijzonder, bestaat uit ‘beek’ en ‘lam’ en roept allerlei associaties op: een beek met stromend water, ‘lam’ met Christus, maar ook met de betekenis van ‘verlamd’. Zijn vader heeft een haast goddelijke naam ‘Reginald’: hij die regeert door raad te geven. Kaspar is de naam van een van de drie wijzen, en ook bij de andere namen kan volop geassocieerd worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Soms lijkt het alsof je in een absurdistisch toneelstuk bent beland, omdat de personages zulke bizarre gesprekken voeren, maar dan wel een van grote ernst. Zo vertelt Victor hoe hij Beeklam in de botanische tuin heeft ontmoet, toen Beeklam nog een kind was. Beeklam vroeg hem daar of hij zijn bediende wilde worden. Als hij aan Beeklam vraagt of hij zijn bedienden in de botanische tuin zoekt, zegt Beeklam:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Uw oren, meneer. Door de enorme contouren van uw oren, verlicht door de straatlantaarn, ben ik blijven staan. Groot en scheef gleden ze traag vanuit de schaduw naar het kanten licht, en van het licht naar de schaduw; ik verwachtte de bezitter van het hoofd te zien. Het hoofd dat er niet was. U moet weten dat ik continu met mijn standbeelden leef en ik moet tijdens mijn strooptochten door de tijd alleen nog het hoofd van mijn dubbelganger zien te vinden.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met de ‘gesprekken’ is iets vreemds aan de hand. Ze zijn veelal eenzijdig. Iemand begint te spreken, lang niet altijd tot een ander, en er volgt zelden een reactie. Als er al een dialoog plaatsvindt, is die meestal ingebed in het verhaal dat een van de personages vertelt. Omdat de uitspraken soms zo bizar zijn, ga je vanzelf betekenissen zoeken. Waarom is Beeklam blijven staan door die oren van Victor? Beeklam heeft als kind zijn moeder verloren. Het wordt hem heel kil door zijn vader medegedeeld. Is hij daarom op zoek naar een luisterend oor, dat hij bij zijn vader eigenlijk niet kan vinden? Hij zoekt zijn dubbelganger: iemand die hem kan spiegelen?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Beeklams liefhebberij bestaat uit het verzamelen van standbeelden in vochtige kelders: ‘In mijn kelders stroomt het vocht en je zou bijna zeggen dat de bevloeide standbeelden, zonder reden, rondwandelen, moerasvogels, dat ze naar de duisternis afdalen en onder de horizon vallen’. Na verloop van tijd kun je je echter afvragen in hoeverre de personages zelf niet ook eerder standbeelden zijn dan mensen van vlees en bloed. Ze lijken geen verbinding met elkaar te kunnen maken, glijden terloops langs elkaar heen. Zij lijken afgedaald in een soort onderbewustzijn of droom, en het zou zelfs zo kunnen zijn dat de personages geen afzonderlijke figuren zijn, maar allemaal stukjes van één persoon, wellicht de ik-verteller die het verhaal begint met: ‘De pijn en de stilstand van het leven laten de tijd te lang lijken; maar de jaren verstrijken altijd even snel. Ik breng hele dagen door met het observeren van de natuur, van het geleidelijk bedaren van de natuur: al mijn ideeën worden op die momenten vaag, onzeker, de wilde droefenis rust in mijn ogen zonder ze te vermoeien, en mijn blikken dwalen over de stenen om me heen; elke plek hier is een vriend die ik graag terugzie.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De lezer schuifelt eenzaam langs de bladzijden als door een droom, komt steeds in andere ruimtes terecht en komt zo nu en dan dezelfde figuren tegen, in verschillende tijdlagen, maar er is geen wezenlijke verbinding mogelijk met de ander, alsof iedereen van steen is. En dat brengt me bij een raadsel in dit ontroerende spel: hoe kan een verhaal zo diep raken, als de personages louter standbeelden gelijken? Misschien door het water dat desondanks blijft stromen, geen vaste vorm aanneemt, waardoor je eindeloos kunt blijven (be)spiegelen?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Fleur Jaeggy –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De waterstandbeelden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vertaald door Hilda Schraa. Koppernik, Amsterdam. 108 blz. €19,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+waterstandbeelden.jpeg" length="66594" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 17 Jul 2023 17:38:01 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-water-dat-tussen-stenen-vloeit</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,De waterstandbeelden,Fleur Jaeggy</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+waterstandbeelden.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+waterstandbeelden.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een boek dat doorgaat voorbij het einde</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-boek-dat-doorgaat-voorbij-het-einde</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een boek dat doorgaat voorbij het einde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Poel' van Claire-Louise Bennett
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/omslag-Claire-Louise-Bennett-Poel-groot.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wie zich durft over te geven aan de ongecontroleerde, maar ook ontwapenende stroom van gedachten van een jonge vrouw, die zich in een afgelegen cottage bevindt, zal in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Poel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Claire-Louise Bennet - tussen de slakken en pissebedden langs de randen - parels opduiken.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is alsof je als lezer inderdaad nietsvermoedend in een donkere, drabbige poel terechtkomt, naar adem hapt, terwijl je je argwanend afvraagt wat er allemaal langs je lijf omhoog borrelt en wat voor slierten vastkleven aan je ziel. Bij elke hap naar adem stroomt er opnieuw een golf gedachten binnen, waar je je vergeefs aan probeert vast te grijpen. Je stapt ook niet zo eenvoudig uit deze poel, want de stroperige inhoud laat je niet los.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En toch, net als dat je ogen langzaam aan het donker kunnen wennen, raak je ook hier na enkele bladzijden thuis. Je ervaart dat ook de vertelster opgesloten zit in deze poel van gedachten, dat ze vat probeert te krijgen op haar omgeving die zich opdringerig aan haar voordoet in de vorm van voorwerpen, etenswaren, geluiden en wat al niet meer, die een niet-aflatende stroom van associaties oproepen. Het doet denken aan het werk van Virginia Woolf en dat van de Noorse Jon Fosse, die beiden meester zijn in deze bewustzijnsstroom, maar tegelijkertijd heeft het zijn bijzondere eigenheid in de bizarre associaties. In de stroom van voorwerpen drijven soms ontroerend mooie wijsheden door:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik herinner me alleen maar een spijkerbroek en laarzen, en natuurlijk was dat niet het enige waar ik over nadacht. Ik ben best vaak vreselijk teleurgesteld door de manier waarop dingen lopen, maar dat is gewoonlijk mijn eigen schuld om de eenvoudige reden dat ik te snel tot de conclusie kom dat de dingen al volledig zijn gelopen zoals ze mogelijkerwijs hebben kunnen lopen, terwijl ze best vaak nog op hun beloop zijn en nog een lange weg te gaan hebben voordat ze helemaal zijn afgelopen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook is er een hoofdstuk dat begint met de knoppen van het fornuis die door slijtage gaan splijten. De situatie roept bij de vertelster associaties op met een verhaal van een andere auteur over de allerlaatste mens op aarde die haar laatste lucifers aan het tellen is. De vertelster die normaalgesproken niet veel initiatief neemt, voelt nu de noodzaak, en probeert erachter te komen of het merk van haar fornuis nog bestaat en dat mondt uiteindelijk uit in het aanroepen van het merk Salton, alsof het een godheid betreft:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Beste Salton uit Zuid-Afrika mijn fornuis ligt op zijn gat help alstublieft. Misschien kunt u de onderdelen die ik nodig heb op een koekoek sturen zodat ze op tijd zijn voor de lente – bij nader inzien is een koekoek een flagrant egoïstisch schepsel dus voel u vrij om een aangepastere vervoerder uit te zoeken van een andere binnenkort migrerende soort – maar alstublieft geen zwaluw want die komen hier pas ergens in mei, wat vrees ik veel te laat zal zijn, en hoe dan ook weet ik zeker dat ze veel te behendig en flitsend zijn voor zo’n curieuze opdracht.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het hilarische kleeft in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Poel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            voortdurend vast aan het tragische, zoals in het motto van Nietzsche: ‘In de meest intense vreugde klinkt nog de kreet van verschrikking door of de smachtende klaagzang over een onoverkomelijk verlies.’ Zoiets simpels als de fornuisknoppen brengen je bij bespiegelingen over onze afhankelijkheid van spullen om te kunnen overleven, en omdat de vertelster zo vrijuit associeert, ga je dat zelf uiteindelijk ook doen, waardoor je niet meer zeker weet waar haar gedachten ophouden en die van jezelf beginnen. Bizar genoeg beschrijft zijzelf een vergelijkbare situatie als zij het boek leest over die laatste mens: ‘en ik heb het gevoel dat iets me nog steeds achtervolgt of zelfs dat ik nog steeds iets achtervolg, wat betekent dat het boek doorgaat voorbij het einde’.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je daalt af tot in afgronden van verschrikking, waarin je ineens aan de steile kant van Martin’s Hill belandt waar een broer de paar eerste stappen zette in de richting van zijn rollende bal, en het toen niet meer kon houden en zijn evenwicht verloor. Vol ontzetting kijk je in de diepte en vraagt je af wat je aan het lezen bent. Wie is deze vertelster en wat is er met haar gebeurd dat ze zo opgesloten zit in haar denken? Op een ander moment verplaatst ze zich zo diepgaand in onweer, waarvan ze zelfs de ogen ziet, dat bijna een mystieke ervaring plaatsvindt. Soms bevinden zich andere mensen in of rond haar huis en dan weet ze niet hoe ze zich tot hen moet verhouden als zij zich bewegen en geluiden maken:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Het is belachelijk en echt niet te verdedigen om woedend en van streek te raken door zulke vriendelijke wapenen, maar ik kan niet tot rust komen, en dus drink ik. Ik drink je toe; ik drink mezelf toe. Ik drink om een geobsedeerde geest om te ploegen en te versterken en plotseling, heel even, geeft het bloed zich over’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Alle lof ook voor de vertaalsters die deze bizarre wendingen zo meeslepend in een andere taal hebben weten te vangen. Tegen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Poel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            kun je je niet wapenen, je kunt je maar beter overgeven. Je gaat hoe dan ook kopje onder, maar je komt een bijzondere ervaring rijker weer boven.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Claire-Louise Bennett –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Poel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Koppernik, Amsterdam. 168 blz. €23,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/omslag-Claire-Louise-Bennett-Poel-groot.jpeg" length="384305" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 09 Jul 2023 16:03:11 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-boek-dat-doorgaat-voorbij-het-einde</guid>
      <g-custom:tags type="string">Berthe Spoelstra,Claire-Louise Bennett,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/omslag-Claire-Louise-Bennett-Poel-groot.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/omslag-Claire-Louise-Bennett-Poel-groot.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Dat niemand meer een stukje ziel lijkt te bezitten dat niet gewond is’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/dat-niemand-meer-een-stukje-ziel-lijkt-te-bezitten-dat-niet-gewond-is</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Dat niemand meer een stukje ziel lijkt te bezitten dat niet gewond is’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De schittering van woorden' van Zinaida Hippius
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+schittering+van+woorden.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wie begint te lezen in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De schittering van woorden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Zinaida Hippius, zal onwillekeurig parallellen zien tussen de tijd waarin deze autobiografische geschriften tot stand kwamen (eerste helft twintigste eeuw) en het huidige Rusland dat onder leiding van Poetin Oekraïne is binnengevallen. Het is frappant hoe haar verslag van incompetentie van de legerleiding, verouderd materieel, soldaten die als vliegen sneuvelen, lijkt op wat we de afgelopen tijd in de kranten hebben kunnen lezen: ‘Heel dat armzalige politieke leven van Rusland – in de Russische intelligentsia, in een aantal illegale en legale partijen rond de regering in de dop en dat hersenschimmige parlement – de Doema – geconcentreerd, heel dat politieke leven heeft zich vlak voor onze ogen afgespeeld.’
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hippius was een excentrieke schrijfster, die zich meer man voelde in een vrouwenlichaam. In de bundel is een keuze uit haar autobiografische geschriften opgenomen. Ze vertelt vooral over het culturele leven in Sint-Petersburg waar zij met de in die tijd beroemde schrijver Dmitri Merezjkovski woonde. Er heerste een behoorlijk strenge censuur, waardoor het steeds onduidelijk was of haar werk en dat van haar man wel gepubliceerd zou worden. In hun salon ontvingen ze diverse schrijvers, activisten en intellectuelen, die je soms met moeite uit elkaar kunt houden, niet alleen omdat de Russische namen lastig te onthouden zijn, maar ook omdat ze de personen niet altijd de volledige naam geeft, maar regelmatig afkortingen. Bovendien gaat het om een groot aantal mensen dat de revue passeert.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook verhaalt ze regelmatig over tsaar Nicolaas II en de tsaritsa. Volgens haar is de tsaar eigenlijk niemand: ‘Niet voor niets ging Nicolaas in stilzijgen gehuld alsof het een kledingstuk was. En zwijgend is hij ook in het verleden verdwenen.’ Bijzonder scherp en humoristisch beschrijft Hippius de tijd van de oorlog. Ze vertelt hoe de oorlog de tsaritsa met verbijstering sloeg, maar hoe snel ze zich er ook weer van had hersteld. Ze was namelijk nogal vertrouwd met het verschijnsel oorlog. Zij zag deze in de eerste plaats als een familieaangelegenheid:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Wij kunnen ons dat moeilijk voorstellen, maar het is eigenlijk heel natuurlijk. Er strijden immers louter ‘Georges’, ‘Williams’, en ‘Nicky’s’ met elkaar. De oorlog is een aangelegenheid van Nicky, en een overwinning op William zal een overwinning van hem persoonlijk zijn en hem roem en eer brengen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De tsaritsa verliest ‘Rusland’ intussen ook niet uit het oog; over Rusland heeft ze voor deze gelegenheid een heel arsenaal kant en klare meningen, eigenlijk complete voorschriften over wat de belangrijkste belanghebbenden: Nicky en zij zelf, horen te doen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Doema wordt door Hippius een ‘constitutioneel luchtkasteel’ genoemd dat in een volslagen luchtledig opereert. Wanneer er rond 1917 steeds meer soldaten langs haar raam bij het Taurische Park marcheren, er overal geschoten wordt en het een grote chaos is van arbeiders, kozakken, bolsjewieken, is ook Hippius de wanhoop nabij: natuurlijk is ze niet voor de autocratie, maar ze wil ook niet dat Duitsland terrein wint, en het is volstrekt onduidelijk wie nu eigenlijk waarvoor staat. Ze heeft het gevoel dat vrienden die tot de politiek zijn toegetreden daar langzaamaan gek worden en onbetrouwbaar. Ze weet niet meer wat ze nog moet geloven en wie ze kan vertrouwen. Ondertussen doen zich gruwelijke verhalen de ronde: bij gebrek aan voedsel wordt het vlees van oorlogsslachtoffers geserveerd alsof het een gewoon stukje vlees betreft. Treurig beschrijft ze de toestand op bolsjewistische scholen, waar geen les kan worden gegeven:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘1. zonder boeken, 2. zonder licht, 3. bij een temperatuur waarbij de inkt bevriest. 4. met opgezwollen armen en benen die in vodden zijn gewikkeld, 5. op dat armzalige beetje afval dat eens per dag bij de scholen wordt afgeleverd en tenslotte met dat handjevol geïntimideerde, hulpeloze leraressen en onderwijzeressen die verhippen van de honger en één ding goed doorhebben: dat ze absoluut niets kunnen doen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De schittering van woorden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is geen boek dat makkelijk wegleest, door de vele namen, maar ook door de aard van de geschriften: autobiografisch, de waan van de dag volgend, die in die periode behoorlijk schimmig en chaotisch was. Toch zet het aan het denken over de toestand in Rusland, toen en nu, over schrijven en politiek bedrijven in tijden van oorlog, en bovenal de machteloosheid van de gewone mens.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zinaida Hippius – De schittering van woorden. Arbeiderspers, Amsterdam. 432 blz. €27,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+schittering+van+woorden.jpeg" length="56958" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 04 Jul 2023 05:46:05 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/dat-niemand-meer-een-stukje-ziel-lijkt-te-bezitten-dat-niet-gewond-is</guid>
      <g-custom:tags type="string">De schittering van woorden,essays,Zinaida Hippius</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+schittering+van+woorden.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+schittering+van+woorden.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>“Verdelghe stad, wy gaen, en komen nimmer weer.”</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/verdelghe-stad-wy-gaen-en-komen-nimmer-weer</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “Verdelghe stad, wy gaen, en komen nimmer weer.”
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Waarom Gijsbrecht van Aemstel een klassiek renaissancewerk is. (artikel van N.K. uit vwo 4 van het Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Joost+van+den+Vondel.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gijsbrecht van Aemstel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een klassieke tragedie uit de renaissance, geschreven door Joost van den Vondel. Het was het stuk dat werd opgevoerd bij de opening van de nieuwe schouwburg van Amsterdam op 26 december 1637. Het stuk speelt zich af in Amsterdam, waar grote opwinding heerst, want Gijsbrecht van Aemstel heeft gehoord dat de Waterlanders en Kennemers plotseling gestopt zijn met aanvallen van het middeleeuwse Amsterdam. De broer van Gijsbrecht, Arend, vertrouwt het niet en gaat polshoogte nemen. Een vijandelijke spion vertelt hem dat er onenigheid was ontstaan en wijst op een schip vol rijsthout. Gijsbrecht gelooft hem en laat het schip binnenvaren, tot grote vreugde van de inwoners van de stad. Echter zijn de Amsterdammers bedrogen, in het schip zit geen rijsthout, maar vijandelijke soldaten. Ze veroveren de poort van de stad, waardoor ze hun andere soldaten binnen kunnen laten. Gijsbrecht en zijn vrouw Badeloch staan net op het punt naar de kerk te gaan, maar Badeloch is in slaap gevallen. In die slaap droomt ze dat haar nicht Machteld van Velsen haar komt bezoeken en vertelt dat de stad is overgenomen door de vijand en dat ze moeten vluchten, maar eerst moet Gijsbrecht haar dochter Klaeris en bisschop Gozewijn redden. De bisschop, Klaeris en de andere nonnen willen echter niet vluchten. Het wordt een bloederig gevecht en uiteindelijk moeten de verdedigers zich terugtrekken op het stadhuis. Arend, die op bevel van Gijsbrecht naar Badeloch is gegaan, vertelt dit aan Badeloch. Zij is bang dat ze Gijsbrecht nooit meer ziet. De burchtbewoners smeken god: “O God, verlicht haer kruis, dat zy den held op ’t huis, met blijschap magh ontfangen.” Dan hoort Badeloch de stem van Gijsbrecht door de poort. Het gevecht is nog niet klaar en gaat door bij de burcht. Hierin raakt Arend dodelijk gewond en dat is het moment dat ze zich moeten overgeven. Gijsbrecht wil de stad niet verlaten, maar aardsengel Rafaël draagt hem op Gods wil te volgen, de stad zal in latere eeuwen herrijzen. Een verwijzing naar de renaissance en de gouden eeuw. Het toneelstuk
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gijsbrecht van Aemstel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een typisch werk uit de renaissance.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een belangrijk kenmerk van typische literatuur uit de renaissance is de verwijzing naar de klassieke oudheid. De renaissance, letterlijk: “Wedergeboorte”, verwijst naar de wedergeboorte van de klassieke oudheid. In de renaissance ontstaat het classicisme, een stijl gebaseerd op de Grieken en Romeinen. Voorbeelden van het classicisme zijn het paleis op de Dam, het Mauritshuis in Den Haag en de Nieuwe Schouwburg van Amsterdam. Allemaal ontworpen door Jacob van Campen. Maar deze stijl gaat verder dan alleen architectuur, ook in literatuur komen kenmerken uit de klassieke oudheid terug. Zo ook in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gijsbrecht van Aemstel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Dit verhaal lijkt op het verhaal van het paard van Troje, waar de soldaten zich verstoppen in een paard, om op die manier de stad binnen te dringen en te veroveren. Het verhaal van het paard van Troje en Gijsbrecht van Aemstel hebben meerdere overeenkomsten. Het schip waarmee Amsterdam wordt veroverd heet: “Het Zeepaard”. Dat verwijst ook naar het paard van Troje. Dat is niet de enige overeenkomst, in beide verhalen wordt er ruzie gemaakt om een vrouw en in beide verhalen krijgt iemand een visioen dat vertelt dat er een nieuwe stad gesticht moet worden. Gijsbrecht krijgt de aardsengel Rafaël op bezoek en die vertelt hem dit: “Maer volgh gehoorzaem na het geen u God gebied. Zijn wil is, dat ghy treckt na’et vette land van Pruissen.”
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit toneelstuk speelt zich af in de middeleeuwen, dat is goed te merken aan de rol van God in dit verhaal. Bijna alle personages bidden tot God en aan het eind van het verhaal volgt Gijsbrecht de wil van God op door te vertrekken naar Pruissen en daar Nieuw Holland te stichten. De personages zijn dan ook katholiek, zoals de rest van Nederland in de middeleeuwen. Dat blijkt uit bijvoorbeeld deze zin van Klaeris: “Och vader Gozewijn! Waer ziet ghe my voor aen?” In de katholieke kerk was het gebruikelijk om de bisschop aan te spreken met vader. Hierop krijgt Joost van den Vondel vlak voor zijn uitvoering nog veel kritiek van de calvinistische kerkenraad. Zij wilde eigenlijk dat het stadsbestuur van Amsterdam de voorstelling zou verbieden, maar in plaats daarvan werd hij een week uitgesteld en moest Vondel de katholieke scènes schrappen. Dit is kenmerkend voor de renaissance. Vanaf 1586 tot 1648 was Nederland in oorlog met Spanje. Een van de belangrijkste oorzaken was het strenge katholieke geloof van de Spaanse koning Filips II. In Nederland woonden veel aanhangers van het calvinisme, wat later ook het belangrijkste geloof van de Nederlandse Republiek was. Andere geloven werden wel getolereerd, maar de kerkenraad vond dat propaganda vóór het katholicisme te ver ging.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit toneelstuk gaat veel in op de emoties van de personages. Het is een tragedie, wat inhoudt dat het vaak een Bijbels verhaal is met lange monologen van personages. In die monologen vertellen zij dan wat ze voelen. Dit is typisch voor de renaissance literatuur. Niet alleen in theater, maar ook in verhalen en gedichten komt dit terug. Bijvoorbeeld Arend: “Het zal ons hartewee en droefheid slechts vernuwen.” In de renaissance staat de mens centraal en niet meer alleen God. Het motto is carpe diem, oftewel pluk de dag. Op het moment dat Gijsbrecht naar de Nieuwe Kerk is vertrokken en zijn broer Arend bij Badeloch is, lucht zij haar hart bij hem. Ook vertelt ze later over haar angsten om Gijsbrecht nooit meer terug te zien: “Een hoopelooze hoop. Och Gijsbreght, liever heer, ick reken hem al dood, en zie hem nimmer weer” In eerdere periodes van de literatuur werd dit nog niet gedaan, toen vonden schrijvers emoties een afleiding van het verhaal.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           In de boodschap van Rafaël aan Gijsbrecht geeft hij hem een toekomstbeeld van Amsterdam: “Als uw naemhafte stad haer’ Schouwburgh open doet,” hij heeft het hier over de Nieuwe Schouwburg, waar Joost van den Vondel dit stuk voor geschreven heeft. Een andere aanwijzing dat dit stuk komt uit de renaissance.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gijsbrecht van Aemstel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een tragedie bestaande uit vijf bedrijven. Typische tragedies uit de renaissance bestonden uit vijf bedrijven met na de eerste vier een rei. Dit zijn teksten die een ideale toeschouwer de ideale gedachte door wil geven. In de 16
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en 17
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            eeuw was het protestantisme het belangrijkste geloof in de Nederlandse Republiek. Zij vonden dat theater niet alleen amuserend moest zijn, maar “ter lering ende vermaeck”. Een toeschouwer zou een wijze les moeten halen uit een toneelstuk, naast het amuserende doel. In het vierde bedrijf is de rei van burchtbewoners die God smeken Gijsbrecht terug te laten keren naar Badeloch: “Zoo treurt nu Aemstels vrouw, en smelt als sneeuw van rouw.” Ze laten het publiek meeleven met het personage van Badeloch.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Samenvattend,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gijsbrecht van Aemstel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is gebaseerd op de klassieke oudheid, legt de focus op emoties van de personages, en voldoet aan de eisen van een tragedie uit de renaissance. Daarnaast zorgt het voor veel kritiek als er geruchten ontstaan dat het katholieke propaganda is. Allemaal redenen waarom
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gijsbrecht van Aemstel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een typisch werk is uit de renaissance.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            -      Literatuurgeschiedenis van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="http://www.literatuurgeschiedenis.nl" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           www.literatuurgeschiedenis.nl
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            -     
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://expertisecentrum-kunsttheorie.nl/wp-content/uploads/A4_3_Burgerij.pdf" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://expertisecentrum-kunsttheorie.nl/wp-content/uploads/A4_3_Burgerij.pdf
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            -     
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.studysmartwithchris.com/nl/samenvattingen/literatuurgeschiedenis-havo/klassiek-tragedie-rei/" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.studysmartwithchris.com/nl/samenvattingen/literatuurgeschiedenis-havo/klassiek-tragedie-rei/
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            -     
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.literatuurgeschiedenis.org/17e-eeuw/de-opening-van-de-eerste-amsterdamse-schouwburg" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.literatuurgeschiedenis.org/17e-eeuw/de-opening-van-de-eerste-amsterdamse-schouwburg
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            -     
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://wikikids.nl/Renaissanceliteratuur#Het_humanisme" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://wikikids.nl/Renaissanceliteratuur#Het_humanisme
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            -     
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.joostdevree.nl/shtmls/hollands_classicisme.shtml" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.joostdevree.nl/shtmls/hollands_classicisme.shtml
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Joost+van+den+Vondel.jpeg" length="24933" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 23 Jun 2023 10:19:34 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/verdelghe-stad-wy-gaen-en-komen-nimmer-weer</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Joost van den Vondel,essays leerlingen,essays van leerlingen,Gijsbrecht van Amstel,Gysbrecht van Aemstel,Gysbrecht van Amstel</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Joost+van+den+Vondel.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Joost+van+den+Vondel.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘In ieder van deze woorden hurk je neer’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/in-ieder-van-deze-woorden-hurk-je-neer</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘In ieder van deze woorden hurk je neer’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Net echt' van Saskia de Coster
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/net+echt.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Bijzonder fraai uitgegeven in zwart, rood en wit is de nieuwe roman
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net echt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Saskia de Coster: een craquelé stukje hoofd met oog op de voorkant van het omslag, op de achterkant alleen het citaat ‘Begin nu. Leg je scherven bij elkaar. Ga het huis binnen’. Aan de binnenkant vind je afwisselend zwartgedrukte hoofdstukken op witte bladzijden en witgedrukte intermezzo’s op zwarte bladzijden: een vormgeving die – eindelijk zonder reclame! – nieuwsgierig maakt en uitnodigt om inderdaad ‘dit huis’ binnen te gaan, op je hoede voor scherven.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is inderdaad alsof je de verschillende kamers van een mysterieus huis betreedt: de hoofdstukken zijn in wisselend perspectief geschreven vanuit vader Max, moeder Manon en dochter Noah. Doordat het negentiende-eeuwse herenhuis in de Blauwstraat, ‘een van de vele kronkelende straten van Borgerhout, straten die als scheepstouwen neergegooid zijn aan de oevers van de Schelderivier’, een belangrijke rol speelt in deze roman, voelt het extra alsof je je in een huis bevindt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De intermezzo’s op de zwarte bladzijden zijn wat mysterieuzer. Het is de verteller zelf – toch liever niet een op een te verwisselen met de auteur – die reflecteert op het schrijfproces, waardoor de suggestie gewekt wordt dat het verhaal wel degelijk voortkomt uit het eigen leven van deze verteller en niet zomaar verzonnen is. Het is een interessante opbouw, zeker in deze tijd waarin het grote publiek het liefst kiest voor boeken die waargebeurd zijn, de al dan niet literaire non-fictie. De verteller geeft een inkijkje in de keuken van de schrijver:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Verbeelding bestaat niet. Het is een leugen om het genie van de grote schrijver te bewijzen, dat fabelachtige sprookjeswezen dat vanuit het niets iets kan creëren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Verbeelding is een illusie. Alles is er al. Je legt het bij elkaar, je herschikt en zoekt. Je zaait je ervaringen uit over het verhaal, ze gaan ergens liggen tussen je woorden. Door een verhaal zie je de contouren van een ander, je ziet die beter dan die van jezelf.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet alleen voor de lezer is het alsof hij het huis betreedt, kennelijk ook voor de schrijvende verteller. Vroeger bouwde je ‘een boomhut om in te schuilen, en later huisjes om in weg te duiken met je schriften. Nu ben je volwassen en schrijf je. In ieder van deze woorden hurk je neer. Begin nu. Leg je scherven bij elkaar. Ga het huis binnen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het gezin van Max, Manon en Noah heeft allerlei overeenkomsten met het oude, statige herenhuis: van een afstand heeft het allure, maar van dichtbij zie je de barsten en onvolkomenheden in het fundament. Zoals het huis vervalt, valt ook het gezin heel langzaamaan uiteen. Max is architect, maar zegt zijn baan op, om onafhankelijk te zijn. In het oude herenhuis wil hij niet te veel aanpassen, omdat het huis ook zijn eigenheid moet bewaren. Hij is veel thuis en krijgt een geheime relatie met de buurvrouw. Manon is jurist, maar zet haar eigen bedrijf op. Noah krijgt een bijzondere relatie met het meisje Pixie dat bij een ongeluk haar arm verloren is. Aan de altoos klemmende voordeur kunnen veel betekenissen gegeven worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Doordat de schrijver-verteller in de zwarte episodes het verhaal over Max, Manon en Noah steeds onderbreekt, word je aan het denken gezet over het schrijfproces en de verhouding tussen schrijver en personages, want waar komt inderdaad die magische verbeelding vandaan? Schrijven werkt therapeutisch: vanaf een afstand kun je naar de verschillende personages kijken die allemaal een stukje van jezelf vertegenwoordigen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De intermezzo’s maken het verder niet per se opzienbarende familieverhaal gelaagd en brengen het op een hoger plan: ieder gezin heeft zijn duistere kamers met hoekjes waar je liever niet te veel komt, familiegeheimen, aan de oppervlakte craquelé dat je beter niet te dicht kunt naderen, en spiegels waarvan je je afvraagt of je jezelf nog wel zo scherp ziet. Kortom,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net echt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een huis waarin je na langere tijd enigszins vervreemd ronddwalen jezelf tegenkomt en je afvraagt: wie zijn wij nu eigenlijk echt?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Saskia de Coster – Net echt. Das Mag, Amsterdam. 277 blz. €23,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/net+echt.png" length="1577012" type="image/png" />
      <pubDate>Sun, 18 Jun 2023 14:00:22 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/in-ieder-van-deze-woorden-hurk-je-neer</guid>
      <g-custom:tags type="string">Saskia de Coster,essays,Net echt</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/net+echt.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/net+echt.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Hoe je niet kunt stoppen met reconstrueren’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/hoe-je-niet-kunt-stoppen-met-reconstrueren</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Hoe je niet kunt stoppen met reconstrueren’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Indolente' van Dewi de Nijs Bik
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Indolente.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je in een dichtbundel begint, is er altijd eerst dat aftasten: wat ben ik aan het lezen, welke aanknopingspunten vind ik in de taal, waaraan ik betekenis kan geven? Je neemt jezelf mee als lezer, je kennis en je geschiedenis. Sterker nog: je zet ze automatisch in om betekenis te kunnen geven. Bij Indolente, de debuutbundel van Dewi de Nijs Bik, houdt dat aftasten de hele bundel aan. Op de achterkant staat niet voor niets: ‘Indolente is een zoektocht naar een taal die ons gedeelde verleden tastbaar maakt, voorbij de grenzen van het persoonlijke en buiten de gangbare paden van de geschiedschrijving’. Wat is ‘ons gedeelde verleden’? Je wordt als lezer meegetrokken in een verleden dat kennelijk gemeenschappelijk is. De bundel is met recht een zoektocht te noemen, een weerbarstige, maar wie niet opgeeft, vindt parels. Echter, niet zomaar parels.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel bevat vier afdelingen, ‘Two suitcases, 60 Dollars and a Three-Month-Old Baby’, ‘Herfst in Amsterdam’, ‘Panty’s voor Daisy’ en ‘Indolente’. De zoektocht begint al meteen in het openingsgedicht ‘Los Angeles Union Station – Motel Duarte Inn’. Het is alsof je in een reis tuimelt van een ik, die samen met Rodney die haar opgepikt heeft in zijn Buick, niet zomaar een toeristische route volgt, maar een met een verleden. Er wordt een jaartal genoemd, 1962. Cuba wordt genoemd. De bomen zijn als broccoliroosjes rechtop gezet. Er kleeft een verleden aan deze route:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hoe anders nog een indruk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van wat er gebeurd is, ooit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voorkomen: 1962
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           raketinstallaties, roetlagen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           nucleaire winterdagen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het gedicht eindigt met tuinstoelen van wit plastic en een barbecue. De dichter nodigt de lezer uit om de puzzel te leggen: wat gebeurt hier precies? Je leeft, je gaat op reis, maar de plek waar je belandt, ademt geschiedenis, net als jijzelf die een verleden met zich meedraagt, ook dat van vorige generaties. Afhankelijk van je eigen kennis van de geschiedenis of je bereidheid het een en ander op te zoeken, zal de puzzel er voor iedereen anders uitzien.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het tweede gedicht begint met ‘hoe je niet kunt stoppen met reconstrueren’. Misschien is dat wel de beste typering van de hele bundel. In feite is dat met het leven niet anders: je bent voortdurend aan het interpreteren, aftasten hoe je jezelf verhoudt tot de ander en tot de omgeving waar je bent. Als je in een vertrouwde omgeving bent, is alles vanzelfsprekend, maar degene die van buitenaf binnenkomt, zal voortdurend op zijn hoede zijn: hoe werkt dat hier, moet ik mij aanpassen, gaat de ander zich aan mij aanpassen? Wie heeft de macht?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Heel fraai is in dit opzicht het eerste fragment uit ‘Panty’s voor Daisy’: ‘ze had de tjobèk (cobek) verbannen omdat hij naar knoflook stonk, diepvrieszak eromheen in de bijkeuken op de bodem van de kast waar ook de aardappelen lagen.’ De ‘tjobèk’ is een vijzel waarin de kruiden worden gemalen. Het is een belangrijk instrument in de Indische keuken. Natuurlijk kunnen nieuwere generaties die vijzel afgesloten ergens in een kast wegstoppen, maar ergens zal die vijzel weer opduiken: ‘een stuk steen op een stuk steen, tik tik, was wat ik hoorde wanneer ik de keuken binnenkwam, jouw oma die voor het aanrecht stond: knoflook, djeroek poeroet, trassi, ui, in de komvormige stamp je en in die platte is het meer wrijven’. Zo is dat ook met de geschiedenis die we meedragen. Je kunt proberen haar te verbannen naar het verleden, maar zij zit in ons, al gebeurt dat niet bij iedereen op dezelfde manier.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo stuit je op de parels en oesters in de afdeling ‘Indolente’, met het prachtige motto van Fellini: ‘De parel is onze biografie, de oester is onze biograaf’. Hoe begerenswaardig de glanzende parels zijn, zo duister is hun geschiedenis. We krijgen een reconstructie voorgeschoteld van een brief over de verkoop van zwarte parelduikers uit West-Afrika en een duikersdossier waarin het beschavingsniveau, de gebruiksduur en slijtage van diverse parelduikers is bijgehouden:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Conclusie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - Gebruiksduur wordt geschat op ± 2 weken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (parelvangst ± 160 stuks) i.v.m. reeds toegebrachte
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           verwondingen en verzwakte conditie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - Mogelijke verlenging van gebruiksduur door toediening tabako
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je hoeft niet eens te raden naar hoe de parelduikers aan hun verwondingen kwamen, want bij ‘bijzonderheden’ staat: ‘Klaagt ondanks herhaaldelijke stokslagen ’s nachts over harde grond en vraagt om hamaka’. Over Indiërs werd vaak gezegd dat zij ‘indolent’ (traag, passief) zijn, maar tegenover ‘indolente’ plaatst De Nijs Bik ‘La Insolente’, een brutale parelduikster die haar kopers gevat een spiegel voorhoudt en zegt dat de parel deze wrede mens nooit zal sieren, omdat er niets aan deze mens verfraaid kan worden. De parel kan door hem alleen ontsierd worden. Van deze parelduikers uit de geschiedenis gaat de poëzie over naar de oesterrapers in Yerseke 1870 en daarna naar de opvang van Oekraïense vluchtelingen in Yerseke.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe moeten wij de geschiedenis reconstrueren en ons tot elkaar verhouden? Dat lijkt een rode draad door de bundel die als een oester toch ook geregeld gesloten blijft. De lezer wordt uitgenodigd te raden naar de parel die zich erin verborgen houdt en de taal open te breken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dewi de Nijs Bik – Indolente. De arbeiderspers, Amsterdam. 80 blz. €20,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Indolente.jpeg" length="18649" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 13 Jun 2023 09:05:36 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/hoe-je-niet-kunt-stoppen-met-reconstrueren</guid>
      <g-custom:tags type="string">Dewi de Nijs Bik,essays,Indolente</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Indolente.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Indolente.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De taal van het water en de wilde vaart</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-taal-van-het-water-en-de-wilde-vaart</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De taal van het water en de wilde vaart
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De wilde binnenvaart' van Stijn van der Loo
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+wilde+binnenvaart.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoezeer ook vanaf het einde van de twintigste eeuw het postmodernisme binnen de literatuur verhaallijnen en personages uit hun verband heeft getrokken, alsof de wereld als eenheid voorgoed heeft afgedaan, toch blijft de klassieke eenheid van handeling in romans haar kracht behouden. De wilde binnenvaart van Stijn van der Loo is zo’n roman, waarin alles met alles samenhangt: personages, tijd, plaats én taal vormen een hechte eenheid, en die staat misschien niet als een huis, maar glijdt als een schip door het zwarte water, ‘die lieflijk ogende moordenaar’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De hoofdpersoon, Vierling, is een wat ruwe binnenschipper, die net als zijn grootvader voor een leven kiest als zelfstandige in de binnenvaart, ondanks alle concurrentie van de duwbotenvaart. Zijn vrouw Pluim gaat steeds vaker de wal op om bij haar zus te logeren en lijkt iets voor hem te verzwijgen. Om de kosten te drukken, koppelt zijn collega Zwerver bij hem aan, maar ook zíjn motieven zijn niet helemaal duidelijk. De Argentijnse matroos Blatta helpt hem uiteindelijk de lading houtsnippers naar Frankrijk te vervoeren. Dit verhaal van een vaart over water dat voortdurend in beweging is, zich tegen je kan keren, langs sluizen waar het schip voor even opgesloten zit en overgeleverd is aan de grillen van sluismeesters, is bovendien een verhaal met een onderstroom: over het leven dat nooit stilstaat, met zijn duistere kanten en verraderlijke stroming.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De wrijving tussen het schip en het water wordt weerspiegeld in die tussen Pluim en Vierling, de een zoekend naar vastigheid, de ander snakkend naar vrijheid en onafhankelijkheid, maar ook in die tussen de ruwe Vierling en de gladdere Riessling met wie Pluim ooit een relatie had en aan wie Vierling een grondige hekel heeft. De peilloze diepte van het water heeft haar spiegelbeeld in de raadsels en geheimen die de personages met zich meedragen. Soms is het water zo ondiep dat Vierling zijn lading moet aanpassen om toch nog doorgang te vinden. Ook dat is metaforisch voor de relatie tussen hem en Pluim. Als zij voor de zoveelste keer aan wal gaat om bij haar zus te logeren, mist hij haar verschrikkelijk. Hij kan alleen maar aan haar denken en vraagt zich af hoe hij haar tegemoet kan komen. Hij laat Blatta het zware eikenhout van de kajuit van de Anna Barbara, eruit slopen en de hele ruimte wit schilderen, zodat zij zich meer thuis zal voelen. Hij heeft echter geen idee welke innerlijke strijd Pluim op dat moment aan het voeren is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De stijl draagt het verhaal zoals water het schip, want Van der Loo gebruikt niet alleen meermaals uitdrukkingen die uit de scheepsvaart komen, maar schrijft met zijn herhalingen en beeldspraak soms bijna poëzie:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik stap met een meer dan houten kop op het dak van mijn matrozenhut. De meeuwen zijn al opgestegen en maken verderop ruzie. We glijden de sluis in. Over het water ligt nu een witte deken van mist. Het wordt een koele dag. Van de imposante kathedraal die ze gisteravond was met al haar lichtjes weerspiegeld in het zwarte water is ze nu een wierook-omfloerste kerkgang geworden. De blauwe mist maakt er een mystieke bruiloft van. Hier wordt de bruid binnengeleid, statig, verwachtingsvol. Alles voor jou, Pluim, ik wou dat je het zag! De bruid ligt in de sluis, klaar voor wat komen gaat. Het water zal borrelend en kolkend stijgen. Hou je vast, daar gaan we.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wie er oog voor heeft, kan in de stijl meermaals de onstuimige golfbeweging van het water ervaren, de beweging waarvan ook Pluim en Vierling deel uitmaken, Vierling en zijn vader, Vierling en Riessling, Pluim en Riessling. Het is geven en nemen, aantrekken en afstoten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is niet verwonderlijk dat Van der Loo ook componist en filmmaker is. In de stijl ervaar je muzikaliteit, maar tegelijkertijd zie je alles voor je als in een film. Prachtig is het beeld van de oude deux chevaux van Pluims zus, die uiteindelijk dezelfde route volgt als die van de Anna Barabara door het water, maar dan aan wal over kronkelende binnenwegen, om Vierling het grote nieuws te vertellen, en de woedende Riessling op zijn motor daarnaast: in al die parallelle kronkelwegen zie je de levens van botsende individuen die elkaar hoe dan ook proberen te vinden en afstevenen op een grande finale.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De wilde binnenvaart is absoluut een spannend boek, op meerdere niveaus: zal het Vierling lukken de houtsnippers in Frankrijk te krijgen? Hoe zal Vierling reageren op wat Pluim zo hoog zit? De geslachte zwaan aan het begin van het boek, die door Blatta heerlijk mals wordt geserveerd, lijkt een voorbode van wat je aan gebutste schoonheid en liefde kunt vinden in dit krachtige verhaal over de wilde binnenvaart.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stijn van der Loo – De wilde binnenvaart. Querido, Amsterdam. 184 blz. €20,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+wilde+binnenvaart.jpeg" length="9874" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 07 Jun 2023 07:32:04 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-taal-van-het-water-en-de-wilde-vaart</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,De wilde binnenvaart,Stijn van der Loo</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+wilde+binnenvaart.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+wilde+binnenvaart.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Van het graf en de stoffelijke resten van de taal</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/van-het-graf-en-de-stoffelijke-resten-van-de-taal</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van het graf en de stoffelijke resten van de taal
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het graf van de wever' van Seumas O'Kelly
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+graf+van+de+wever-3a4b880f.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misschien is van alle ruimtes waar je een verhaal kunt laten plaatsvinden, de begraafplaats wel de mooiste: de plek van de herinnering, waar je ten diepste beseft dat het leven eindig is, en waar je meer dan waar dan ook kunt voelen dat het nú moet gebeuren, als je wilt leven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het graf van de wever
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is het eerste werk van de Ierse auteur Seumas O’Kelly (ca 1880-1918) dat vertaald is in het Nederlands. De novelle heeft niet alleen de omvang van een poëziebundel, maar leest ook als poëzie, met alle metaforen en stijlfiguren die je daar doorgaans in aantreft. Met de wonderlijke karakters slinger en struikel je mee tussen afgebrokkelde en bemoste grafstenen, je tuimelt in de diepte van de dood, vangt een glimp op van de liefde, en blijft verwonderd met een grote glimlach achter.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Die glimlach wordt veroorzaakt door de subtiele humor waarmee Seumas de karakters en situaties beschrijft. Nergens is humor sterker voelbaar dan in de nabijheid van dood en tragiek. Het is even wennen aan de bijzondere namen: de steenbikker Cahir Bowes, de spijkerslager Meehaul Lynskey, de wever Mortimer Hehir en de begraafplaats zelf, die je met recht een karakter kunt noemen, Cloon na Morav. Na een paar bladzijdes zie je ze haarscherp voor je. Bowes loopt zo krom dat zijn rug bijna horizontaal loopt: ‘De magnetische kracht van Moeder Aarde trok het voorhoofd van Cahir Bowes naar zich toe en hij verzette zich tot het laatst toe tegen haar doodskus.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ondertitel is niet voor niets ‘een verhaal over oude mannen’, want Lynskey en Bowes zijn zo ver op leeftijd dat niemand ze meer ergens voor kan gebruiken, behalve dan voor deze ene bijzondere missie: het vinden van de plek waar wever Mortimer Hehir begraven kan worden, op de plek waar ook de oude wever begraven is. Juist omdat zij zo op leeftijd zijn, kennen zij de rijke geschiedenis van het kerkhof en zijn overleden bewoners. Daarom zijn zij de aangewezen personen om samen met twee jonge grafdelvers de jonge weduwe, de inmiddels vierde vrouw van de wever, naar de plek te begeleiden waar hij begraven kan worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kennis is relatief. Er ontstaat al snel discussie over de juiste plek. Lynskey weet deze met zekerheid aan te wijzen, maar Bowes lacht hem uit: welnee, daar ligt absoluut een dame. De argumenten die over en weer worden gebruikt, liegen er niet om: het lichaam van de oude wever, op wie Mortimer Hehir straks gelegd moet worden, ligt zeven voet diep. Daar zijn ze het beiden over eens, maar de dame die volgens Bowes op deze plek ligt, ligt slechts drie voet diep, dus als de twee grafdelvers na drie voet inderdaad op een kist stuiten, weten ze dat Bowes gelijk heeft. Daarmee is de juiste plek echter nog niet gevonden. Hoe luguber ook, het gesteggel van de oude mannen, terwijl de weduwe lijdzaam en de grafdelvers ongeduldig toekijken, is bijzonder humoristisch en vol woordspelingen: ‘Ze trokken van graf naar graf, tegen elkaar opbiedend met herinnering na herinnering, elkaar onderuithalend met anekdote na anekdote, ze ruzieden in een krachtige, vertrouwelijke, voor een buitenstaander onnavolgbare duisterheid en de stoffelijke resten van hun woordenwisseling.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het spookachtige dat een begraafplaats eigen is, kruipt ook in het verhaal en de karakters. Je vraagt je op een zeker moment af waar je precies in beland bent, omdat wat plaatsvindt steeds vaker metaforisch geduid kan worden. Bowes’ bewegingen worden vergeleken met het weven van een web, het creëren van een doolhof. Hij raakt de weg kwijt in zijn herinneringen. Uit het relatief onschuldige geruzie zie je oorlogen oprijzen en in de kracht en het ongeduld van de twee jonge grafdelvers zie je de levenslust. Zij zijn de delen van een tweeling, die eerst niet uit elkaar te houden zijn door de weduwe, maar heel langzaam toch hun eigen persoonlijkheid krijgen. Er ontstaat een bijzondere ontmoeting tussen de weduwe en een van de jongens.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als de heren er niet uitkomen, wordt de weduwe op pad gestuurd naar opnieuw een oude man: Malachi Rooman, de kuiper, die op sterven na dood is. Hij weet vast waar het graf van de wever is. Telkens als de weduwe meent dat hij aan een hartaanval bezwijkt, heft hij zich op aan een koord boven zijn bed en komt weer tot leven. Steeds sterker voel je de wurggreep van de dood en steeds meer slaat de twijfel toe: gaan ze dat graf ooit vinden?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is duidelijk dat je aan de dood niet kunt ontkomen, en toch ontstijgt het verhaal een simpel ‘memento mori’. Zo komt de oude Malachi Rooman met de wonderlijke uitspraak dat het leven een droom is. Tegen zijn dochter zegt hij:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘En moet je horen, Nan – als je zelf een man had en je sloot je ogen, dan wist je niet zeker of hij de man was die je je herinnerde, en je zou je ogen open willen doen en hem willen zien om je ervan te vergewissen dat hij dezelfde is als de man die je kende voordat je oogleden zich sloten.’ 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Achter in het boek staat een mooie analyse van het verhaal door Anne Francis Cavanaugh, die je nog meer over het verhaal aan het denken zet. Het verhaal gaat niet alleen over dood en leven, maar ook over waarneming en de kracht van de verbeelding. Tussen twijfel en inzicht dringt het wonder van het leven door. Uiteindelijk ben je zo gehecht aan de bijzondere karakters dat je het verhaal als veel te kort ervaart, en ook dat zet je aan het denken: met het verhaal is het niet anders dan met het leven zelf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Seumas O’Kelly –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het graf van de wever
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ; een verhaal over oude mannen. Vertaald door Robert Dorsman. Uitgeverij Zirimiripress, Amsterdam. 96 blz. €20,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+graf+van+de+wever-3a4b880f.jpeg" length="30349" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 29 May 2023 17:06:27 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/van-het-graf-en-de-stoffelijke-resten-van-de-taal</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Seumas O'Kelly,Het graf van de wever</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+graf+van+de+wever.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+graf+van+de+wever-3a4b880f.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Wortel ben ook ik geworden, rondom wormen, mijn verblijf’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wortel-ben-ook-ik-geworden-rondom-wormen-mijn-verblijf</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Wortel ben ook ik geworden, rondom wormen, mijn verblijf’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Nachthemel+waak.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In 2021 verscheen de vertaling van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het schriftje uit Bor
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de Hongaarse dichter Miklós Radnóti (1909-1944). Het schriftje werd gevonden in een massagraf bij de kopermijnen in de buurt van Bor, waar de joodse dichter als dwangarbeider is geëxecuteerd, en is daarmee een indrukwekkende getuigenis van de gruwelen van de oorlog. Het zojuist verschenen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nachthemel, waak
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een ruimere bloemlezing uit de poëzie van Radnóti, waarin tevens alle gedichten uit het schriftje van Bor zijn opgenomen. Omdat Het schriftje uit Bor niet meer leverbaar is, is dit een mooi alternatief om kennis te nemen van Radnóti’s indringende poëzie.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Radnóti’s poëzie slingert tussen de hartstocht voor het leven en de liefde, en de dreigende dood, ook als de dichter nog niet tewerkgesteld is in de kopermijnen. De moeder en tweelingbroer van de dichter stierven bij zijn geboorte:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Achter mij twee doden,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voor me ligt de wereld,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           uit de diepte rees ik,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           groeide ik, een rover
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           groeide ik tot wees
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           uit mijn rovershol,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           naar de holle, volle
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           winderige daken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van de wrede vrijheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit schrijft hij als hij achtentwintig is, zo oud als zijn moeder was toen hij geboren werd en zij stierf. Hij noemt haar ‘vluchteling in bloed’ en vraagt of zij hem toe wuift, haar hand een vlinder. Hij sluit het gedicht af met dat hij niet tevergeefs leeft. Wel heb je voortdurend het gevoel dat je de woorden leest van een getormenteerde ziel, die zich niet los kan maken van de dood. Dat heeft ook alles te maken met de tijd waarin hij leefde, tussen twee oorlogen in. In het gedicht ‘Voor het onweer’ beschrijft hij hoe een jonge vrouw op je schoot slaapt, terwijl ‘ongeschoren oorlogsdaden’ achter je staan en de dood boven jou cirkels draait. Toch is daar de hang naar de liefde aan het slot: ‘en het is goed in deze tijd je lief met liefde te omhullen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De rauwheid van Radnóti’s poëzie doet soms denken aan die van Paul Celan met zijn ‘Todesfuge’, zeker in de gedichten die hij schreef terwijl de dood hem in de kopermijnen op de hielen zat. De rillingen lopen je over rug als je leest hoe hij bijkans de wormen rond zijn lichaam voelt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wortel ben ook ik geworden,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           rondom wormen, mijn verblijf,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           waar ik deze regels schrijf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wortel, ik, die bloesem was,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zwarte aarde is mijn last,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           mijn lot is vervuld; vandaag
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           jankt boven mijn hoofd de zaag.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit gedicht schrijft hij in het Lager Heidenau, in de bergen boven Zagubica, op 8 augustus 1944. In de uitgave van Het schriftje uit Bor vind je alleen de poëzie uit die korte tijd voor zijn dood, maar daarin zijn ook de foto’s opgenomen van de bladzijden uit het schriftje, waardoor die uitgave nog meer dan deze bloemlezing een getuigschrift is van de gruwelen van de oorlog. Het mooie van Nachthemel, waak is juist weer dat deze laatste woorden van de dichter niet wreed zijn losgetrokken van de poëzie die hij daarvoor al schreef, maar juist daarmee zijn herenigd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tussen de rauwheid vind je in zijn gedichten ook impressionistische neologismen als ‘vleugelademtocht’, ‘wierookwolkengloed’ en ‘knipperwimper’, zoals je die bij Tachtigers als Gorter ziet, maar dan met de duistere tonen poètes maudits als Slauerhoff en Rimbaud, waarbij de dichter gedoemd is een banneling te zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de verschillende ‘ecloges’ (herderzangen) vind je dialogen tussen de dichter en de herder of de profeet. De dichter wordt soms zelf afgeschilderd als ziener, maar tegelijkertijd als dolende ziel, die niets anders kan dan de muze aanroepen om verlichting, omdat het voelt alsof de hemel zich neerstort op de dichter, die zelfs in de dood geen rust zal vinden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Overal voel je tussen de regels de angst en dreiging. Het is alsof het hem niet lukt zich over te geven aan het leven: ‘Ik leefde, maar ik leefde niet in staat tot leven.’ Tussen de gedichten uit het schriftje van Bor bevindt zich ook het hartverscheurende gedicht ‘Brief aan mijn vrouw’, waarin hij zijn verlangen naar haar beschrijft en lichte troost vindt in zijn herinneringen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zijn vakmanschap zie je in een gedicht als ‘Dwangmars’ waarin twee gedichten zich op virtuoze wijze in elkaar schuiven, waardoor je ze zowel verticaal als twee losse gedichten kunt lezen, als horizontaal als één gedicht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misschien is die paradox tussen samenhang en ontbinding wel de essentie van Radnóti’s poëzie: het verlangen samen te vallen met de geliefde, met de schoonheid van het leven en het universum, de hemel met haar schitterende sterren, tegenover de onafwendbare dood die tussen de wormen in de aarde al vanaf het moment van zijn geboorte tot zijn veel te vroege dood op hem loert. Behalve een indringend en ontroerend ‘memento mori’ is deze bundel ook een schrijnend getuigschrift van leven in tijden van oorlog.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Miklós Radnóti –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nachthemel, waak
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Arjaan van Nimwegen en Orsolya Réthelyi. Uitgeverij Van Oorschot, Amsterdam. 136 blz. €22,50
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Nachthemel+waak.jpeg" length="115232" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 25 May 2023 18:12:31 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wortel-ben-ook-ik-geworden-rondom-wormen-mijn-verblijf</guid>
      <g-custom:tags type="string">Nachthemel,waak,essays,Miklós Radnóti</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Nachthemel+waak.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Nachthemel+waak.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Tussen platborstige tweedrachtzaaisters en pokdalige ploegbazen</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/tussen-platborstige-tweedrachtzaaisters-en-pokdalige-ploegbazen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tussen platborstige tweedrachtzaaisters en pokdalige ploegbazen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Schrikkeljaar' van Anka Hashin
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/schrikkeljaar.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De verhalen uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Schrikkeljaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , het debuut van Anka Hashin, tonen een grove wereld van uitersten, waar niet veel plek is voor fijnzinnigheid en nuance. Het voelt een beetje alsof iemand met zevenmijlslaarzen door de verhalen heen wandelt. De personages zijn meer karikaturen, metaforen of sprookjesfiguren dan mensen van vlees en bloed. Volgens het omslag zijn de verhalen geïnspireerd door grootmeesters als Tsjechov, Gogol en Kafka, maar omslagen blazen soms wat hoog van de toren. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De meeste verhalen spelen zich af in Russische plaatsen en landschappen, en komen niet erg hedendaags over, al kun je ook zomaar een verdwaalde jacuzzi tegenkomen. De landschappen worden niet bepaald geïdealiseerd: ‘Scar keek naar het panorama van het industriële Arschloch, dat zich recht voor zijn neus uitstrekte. Nu de kleurrijke herfst was aangebroken, leek de lelijkheid van de stad nog tientallen malen erger te zijn dan normaal.’ Er wordt gesproken van armoedige Lada’s, stoffige wegen, of eindeloze rijen identieke betonblokken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wie woest is over alle censuur die zelfs dode schrijvers tegenwoordig opgelegd krijgen in verband met beledigende of seksistische uitspraken, kan, wonderlijk genoeg, bij dit debuut zijn hart ophalen: ‘Pokdalige ploegbaas’, het ‘vuige wijf’, een schoonmoeder die wordt omschreven als ‘tientonner, gezond als een werkpaard’, ‘blondje’, de ‘roodharige’, ‘huilkind’, de ‘oude heks’, ‘waardeloze kroost’, een ‘zwangere’ die haar ‘buikbewoner’ toespreekt, en zo kan ik nog wel even doorgaan. In de beschrijvingen moeten vooral de vrouwen het ontgelden. Als een van de personages thuiskomt, ziet hij hoe zijn vrouw de was ophangt in de tuin: ‘Ze was platborstig en grauw, met krulspelden in haar haren – net een haveloze koningspoedel.’ In ‘Liefdespriesteressen’ wordt de vrouw neergezet als schaamteloze verleidster, tweedrachtzaaister, en is de man net een klein kind: ‘Zwaai met een snoepje voor zijn neus en daar gaat ie.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Af en toe zijn de beschrijvingen zo absurd dat ze hilarisch worden: ‘Maroesja Serafimova was zo’n soort van landelijk herkenningspunt. Het aantal bezoekers dat door haar kwistige schaamspleet ontvangen werd, overtrof ruimschoots de aanvoer door de poorten van het dorpshuis.’ Regelmatig is het ook ronduit platvloers: ‘De dochter van de majoor zat op hem zoals een schele Aurora op een zegewagen. Haar bezwete meloenen sloegen wellustig in zijn gezicht’. Dit zijn overigens steeds geen uitspraken van personages, maar van de vertellers zelf, naar wie je in de loop van de verhalenbundel wel steeds nieuwsgieriger wordt: wie steekt, of wie steken hierachter?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nee, heel genuanceerd is het allemaal niet en hoop op enige karakterontwikkeling is er ook niet. Het motto van Goethe is in dat opzicht veelzeggend: ‘Als God mij anders gewild had, zou hij mij anders gemaakt hebben.’ Personages gedogen elkaar, staan elkaar naar het leven, bedriegen elkaar of snijden elkaar desnoods in stukken. Veel personages zijn zwaarmoedig en slepen zich door een zinloos leven. Een verademing is het als er soms een glimpje positieve wilskracht doorklinkt, zoals in ‘De kapitein’, waarin het een jongen lukt aan het bedrog van zijn vader te ontsnappen: ‘Als kapitein van zijn wil sprong hij in het water en zwom de duisternis in.’ Ook de liefde wordt niet geschuwd, maar is nogal ruw en platvloers: ‘In het licht van het naderende hoogtepunt explodeerde Ilyushin: “Mijn aardappelmuze, ik hou van jou, alleen van jou!”’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terwijl de personages behoorlijk statisch zijn, zijn de verhalen zelf absoluut dynamisch door een flink tempo en bizarre wendingen. In een paar zinnen kan de wereld ineens op z’n kop staan. In alle verhalen komen flink wat dialogen voor, die net als de personages en gebeurtenissen meestal nogal grof zijn. Ook nemen de verhalen soms mythische proporties aan: een man krijgt een verhouding met een vis, en rivieren roepen regelmatig associaties op met de Styx. Soms wordt zelfs expliciet naar sprookjes verwezen: ‘Het land werd bedekt met een laag sneeuw, als een rijk geborduurde plaid van parelmoer en gouddraad. Zelfs de meest armoedige hutten waren nu vrolijk versierd en leken op de gemberhuisjes uit de sprookjes van Hans Christian Andersen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al met al valt er best wat te beleven in ‘Schrikkeljaar’, maar de uitvergrotingen en bombastische stijl kunnen je na een paar bladzijden gaan tegenstaan en je doen snakken naar fijnzinnigere reflectie en wat meer nuance.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Anka Hashin– Schrikkeljaar. Uitgeverij Vrijdag – Antwerpen. 224 blz. € 22,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/schrikkeljaar.jpeg" length="171092" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 18 May 2023 07:02:41 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/tussen-platborstige-tweedrachtzaaisters-en-pokdalige-ploegbazen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Schrikkeljaar,Anka Hashin</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/schrikkeljaar.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/schrikkeljaar.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Zandstralen langs de Belgische kust</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/zandstralen-langs-de-belgische-kust</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zandstralen langs de Belgische kust
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Koude soep' van Annelies Verbeke
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Koude+soep.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Annelies Verbeke begint
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Koude soep
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (Terloopsreeks) met hoe ze een idyllisch beeld had van enkele dagen voor zichzelf: ‘Tussen de verkwikkende wandelingen in zou ik mijmeren en schrijven in hotelkamers. O, wat zou ik ’s ochtends telkens uitgerust en voldaan weer op de zachte zoute zee af huppelen! Misschien kon ik mijn telefoon uitzetten? Thuislaten zelfs? Weggooien!’ Verbeke zal niet de enige zijn die in haar drukke bestaan even snakt naar een moment voor zichzelf, los van alle schermen. Ze heeft echter een wandeling uitgekozen van zestig kilometer van Panne naar Oostende en van Oostende naar Knokke, en om de druk nog maar op te voeren: ze heeft slechts twee losse dagen om deze te volbrengen. En dan hebben we het nog maar niet over het weer...
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Eigenlijk wil Verbeke ook de consumentenmentaliteit weerstaan die eisen stelt aan wat zo’n wandeling te bieden heeft. Toch hoopt ze stiekem dat de langdurige fysieke inspanning haar zal sterken: ‘Liefst wil ik opgetild en gedragen worden door de elementen, gesust en vernieuwd Knokke bereiken.’ Op de dag dat ze gaat wandelen, blijkt er echter een hevige oostenwind te staan, waardoor haar gezicht meteen verkrampt en ze in korte tijd compleet gezandstraald is. In de eerste mijmeringen duikt de schermverslaving humoristisch op:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Als je Google vraagt wat branding betekent, is het antwoord: ‘Branding staat voor de uitstraling van een merk, het gevoel dat het oproept bij het publiek en het beeld dat ze bij een merk voor ogen krijgen.’ Ach, waai maar, oostenwind! Snij me desnoods in schijfjes, zand! Werk me tegen en put me uit! Als ik maar even weg kan van de schermen en de markt, onder de wolken kan zijn in plaats van in de cloud, naast de brekende golven.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Verbeke neemt de lezer mee langs die golven en vertelt wat over de geschiedenis van de verschillende badplaatsen die ze tegenkomt. Tussen Koksijde en Oostduinkerke wordt ze bijvoorbeeld verrast door de garnalenvissers ‘in gele jekkers te paard’, die sinds 2013 aan de lijst van UNESCO Immaterieel Cultureel Erfgoed van de Mensheid zijn toegevoegd. Tussen de regels door klinkt kritiek op het ‘dolgedraaid kapitalisme’, niet alleen aan de kust van België, maar overal ter wereld. Ze haalt de Amerikaanse biologe Rachel Carson aan, die in de jaren zestig van de vorige eeuw al waarschuwde voor de aantasting van de zeeën en schreef over hoe door de eeuwen heen stukken land geregeld overstroomden en weer droog kwamen te liggen. Een mooi beeld in verband met de zee is dat van de ‘grote getijden van de aarde, waarvan de stadia niet in uren maar in millennia worden gemeten, getijden zo immens dat ze onzichtbaar en onbevattelijk zijn voor menselijke zintuigen.’ Bijzonder in dit geval is dat in de naam ‘Vlaanderen’ het Oudgermaanse
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           flaumaz
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zit, dat overstroming betekent!
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook de sporen van de Tweede Wereldoorlog zijn zichtbaar langs de kustlijn, zoals de IJzervlakte die in 1914 opzettelijk onder water werd gezet om de Duitsers tegen te houden, de vuurtoren die in beide oorlogen met de grond gelijk is gemaakt. Verbeke heeft niet alleen oog voor de geschiedenis van de plaatsen, maar ook voor wat er op het moment dat ze wandelt, voor haar ogen gebeurt, zoals diverse ‘slapsticktaferelen’, die voor een vrolijke noot zorgen tussen de soms wat zwaarmoedige overpeinzingen over het lot van de aarde.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al met al geeft de wandeling niet alleen een mooi beeld van de Belgische kustlijn, maar ook van de geschiedenis en kwetsbaarheid ervan. De wandeling nodigt daarnaast uit tot kritisch nadenken over de uitputting van de aarde. Uiteindelijk heeft de wandeling Verbeke zelf toch een gevoel van ‘herstel’ gebracht, al weet ze niet precies waarvan. Wel moet ze eerlijk zijn: zulke wandelingen zijn eigenlijk te lang om regelmatig in te plannen, al zou ze dat best graag willen: ‘Ik wil het wel, neem me voor meer weerstand te bieden tegen de opklimmende golven van werk en verplichtingen, tegen de omgangsvormen tussen mensen die soms veel weg hebben van een onderstroom die je elk moment bij je enkels naar de bodem kan sleuren.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Annelies Verbeke– Koude soep. Van Oorschot (Terloops), Amsterdam. 64 blz. € 13,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Koude+soep.jpeg" length="38424" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 18 May 2023 07:02:36 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/zandstralen-langs-de-belgische-kust</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Terloops,Annelies Verbeke,Koude soep</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Koude+soep.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Koude+soep.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De mens die niet geboren is om te sterven, maar om een begin te maken</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-mens-die-niet-geboren-is-om-te-sterven-maar-om-een-begin-te-maken</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De mens die niet geboren is om te sterven, maar om een begin te maken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Arendt' van Dirk De Schutter en Remi Peeters
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/elementair+deeltje+Arendt.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is niet zo vreemd dat de filosofe Hannah Arendt (1906-1975) tegenwoordig zo vaak geciteerd wordt. Haar denkbeelden over politiek waarin pluralisme en het vermogen om opnieuw te beginnen centraal staan, zijn namelijk actueler dan ooit. Er is nu door Dirk De Schutter en Remi Peeters een aflevering over haar filosofie uitgegeven in de reeks Elementaire Deeltjes. Het biedt een bijzonder helder overzicht van haar belangrijkste werken en is ook voor de leek heel goed te volgen. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In de geschiedenis van de filosofie neemt Arendt een bijzondere plaats in. In haar studie over het totalitarisme stelt zij het failliet van de wereldpolitiek vast. Niet alleen de politieke leiders zijn daaraan schuldig, volgens haar, maar de hele westerse cultuur en de westerse filosofie hebben daaraan bijgedragen door eeuwenlang de vraag naar wat politiek precies is, niet serieus te nemen. Er is in de filosofie altijd onderscheid gemaakt tussen het actieve leven en het contemplatieve leven. De filosoof trekt zich bijvoorbeeld regelmatig terug uit het actieve leven om na te denken. De filosofie heeft altijd voorrang gegeven aan dit contemplatieve leven boven het actieve. Arendt richt zich juist op een grondige analyse van de vita activa in haar belangrijke werk
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De menselijke conditie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Schutter en Peeters geven een beknopte biografie van Arendt met daarin ook een overzicht van haar belangrijkste werken. Vervolgens besteden zij in vijf hoofdstukken aandacht aan de inhoud van die werken: de totalitaire catastrofe, een antropologie van het actieve leven, de zin van politiek, het leven van de geest en Arendts boekenkast. Opvallend is de eenvoud en helderheid waarmee de auteurs haar denkbeelden verwoorden, waardoor volstrekt duidelijk wordt waarom Arendts filosofie kan bijdragen aan de wereldproblematiek.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo focust zij niet zozeer op de sterfelijkheid van de mens, maar juist op de geboorte, die in het gehele leven doordringt en ons uitnodigt om altijd opnieuw te beginnen en de wereld te vernieuwen: ‘in het hernemen van de lichamelijke geboorte, wordt de mens pas ten volle mens en toont hij wie hij is.’ Een ander belangrijk begrip in haar filosofie is pluraliteit. In zijn handelen laat elk mens zijn eigenheid zien en juist die eigenheid is van groot belang in een wereld waarin wij samenleven. Totalitaire systemen zijn als de dood voor deze pluraliteit en dringen juist aan op eenheid en voorspelbaarheid. Zulke systemen hebben in de geschiedenis echter laten zien dat zij kunnen leiden tot gruwelijkheden die in hun aanval op bepaalde bevolkingsgroepen in feite een aanval zijn op de gehele mensheid. Arendts denkbeelden nodigen voortdurend uit tot actieve deelname aan discussies in de samenleving. Telkens laat zij zien hoe het denken en handelen van de mens zich verhoudt tot ‘de ander’ en tot de wereld om hem heen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In eenvoudige begrippen zetten de auteurs haar filosofie op een rij, waardoor zij ook bruikbaar is in hedendaagse discussies. Sterker nog, er wordt zelfs een lijn getrokken van haar filosofie tot in deze tijd. Zij is in 1975 al overleden, maar de auteurs laten zien hoe haar analyse van bepaalde tendensen ook nu nog herkenbaar en bruikbaar zijn, zoals in de coronatijd, de uitputting van de aarde en de oorlog in Oekraïne. Haar controversiële uitspraken in het proces Eichmann van 1961 over de banaliteit van het kwaad zijn ook nu nog van groot belang. Het is verleidelijk om mensen te verdelen in goed en slecht, zeker in tijden waarin het gevaar van polarisatie op de loer ligt. Politiek, zo zegt Arendt, verdraagt het absolute in geen enkele vorm, dus niet de absolute onschuld of het absolute kwaad. Politiek leeft juist van ‘wetten die een betrekkelijke, maar nooit absolute rechtvaardigheid kunnen waarborgen.’ Steeds opnieuw moeten mensen met elkaar nadenken en discussiëren over de huidige stand van zaken, wetten bijstellen en rekening houden met uitzonderingen. In haar ogen was Eichmann geen duivel, maar een hansworst, iemand die niet nadenkt. Wie nadenkt, trekt zich steeds even terug uit het actieve leven om te zoeken naar zingeving en betekenis, om vervolgens met die inzichten terug te keren in de discussie, waarin hij ook de ander aan het woord laat en luistert naar de argumenten van die ander. Alleen op die ingewikkelde manier is het mogelijk om samen te leven. Als we stoppen met denken en discussiëren, dan maken we plaats voor totalitaire systemen die de mens reduceren tot arbeider of slaaf van het systeem, zonder enige eigen inbreng, en daarmee helpen we de gehele mensheid om zeep.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het prettige aan dit beknopte overzicht is dat het uitnodigt om je verder te verdiepen in Arendts denkbeelden. Je kunt dan een veel gerichtere keuze maken uit haar werk, zonder dat je meteen verdrinkt. Veel filosofische werken kenmerken zich door eindeloze verwijzingen naar andere filosofen, waardoor je steeds het gevoel hebt dat je eerst het andere werk had moeten lezen. Het is absoluut een verdienste van De Schutter en Peeters dat zij in zo kort bestek zo’n helder inzicht geven in het werk van een van de belangrijkste filosofen van de twintigste eeuw.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dirk De Schutter en Remi Peeters – Arendt. Elementaire Deeltjes 81. Uitgeverij Atheneum – Polak &amp;amp; Van Gennep. Amsterdam. 144 blz. € 15,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/hannah+arendt.jpeg" length="16455" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 13 May 2023 12:26:39 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-mens-die-niet-geboren-is-om-te-sterven-maar-om-een-begin-te-maken</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Hannah Arendt,Dirk De Schutter,Remi Peeters</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/hannah+arendt.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/hannah+arendt.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Zwanger van betekenis vooruitgeworpen voor ogen’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/zwanger-van-betekenis-vooruitgeworpen-voor-ogen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Zwanger van betekenis vooruitgeworpen voor ogen’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'ecologica' van Rozalie Hirs
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ecologica+rozalie+hirs.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Op bijzonder originele, muzikale en indringende wijze verbindt de nieuwe dichtbundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ecologica
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Rozalie Hirs de aarde, die in feite ons ‘oikos’ (= huis) is, met ons denken, onze rede (logica) en daaruit voortvloeiend, de taal.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net als in haar vorige bundel, oneindige zin, is ook hier het ontbreken van hoofdletters en leestekens betekenisvol. Subtiel staat op de achterflap slechts ‘van meet af aan articulatie’. Articulatie is in de muziek de keuze tussen noten los of gebonden spelen, staccato of legato; in het spreken is het de manier van klanken produceren door de beweging van je mond. De onafgebroken stroom woorden en zinnen in
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ecologica
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            nodigt dus uit om keuzes te maken in articulatie. Omdat er geen leestekens staan, kun je steeds nieuwe verbindingen aangaan. Net als muziek kan deze bundel je hersenen flink activeren, maar daardoor juist ook vreugde en voldoening geven.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het gebruik van taal is evenmin als het samenleven op aarde geheel vrijblijvend. Elke keuze die je maakt, heeft consequenties. Daarom is het zo indrukwekkend dat Hirs de lezer van deze bundel tot deelgenoot maakt: je kunt deze bundel niet lezen zonder keuzes te maken, zonder na te denken over wat je aan het doen bent. Dat maakt dat het lezen ervan tegelijkertijd een zuiver existentiële bezigheid is, die als vanzelf tot vastlopen, twijfel en zelfs frustratie kan leiden, maar daardoor ook tot nadenken over belangrijke thema’s met betrekking tot ons bestaan. Lezen is scheppen en leven tegelijk, zoals schrijven dat ook is:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           [1]
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           geef je over als altijd ruik het nieuwe seizoen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als aarde weer verdwijnt in donkerder lucht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           geef de taal terug uit naam van het laatste
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           paar siberische kraanvogels zowaar in leven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hun komma te lezen als meditatieve onthoofding
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een kwestie van opsporing door bijen nat van honing
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           of door gekweel van een nachtegaal als de beste
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zwanger van betekenis vooruitgeworpen voor ogen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een schaduw zich uitstrekt tot aan tekst of sterren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een hele wereld buiten haakjes zich verzamelt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als een kring van halflicht de allerlaatste zwerm
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           bedreigde woorden langzaam deze beslissing onthult
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het zaad om te planten inderdaad een nieuwe tijd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die het verdwenen paar in heilige boeken vangt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De uitnodiging van dit eerste gedicht is niet mis te verstaan, op verschillende niveaus: ‘geef je over ruik het nieuwe seizoen’, dus geef je als lezer over aan deze nieuwe samenstelling van woorden, tegelijkertijd aan het nieuwe seizoen, buiten dit gedicht. Dit openingsgedicht problematiseert de taal. De taal, de logica, heeft ons gebracht waar we nu zijn, in een wereld die wankelt. Door deze terug te geven, doen we een stap achteruit, ten gunste van het laatste paar siberische kraanvogels, symbool voor alles wat met uitsterven bedreigd wordt. Kraanvogels zijn in diverse culturen het symbool van de doden, vandaar ‘zowaar in leven’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Meesterlijk is hoe Hirs uitgerekend de halzen van kraanvogels als komma’s beschrijft, de komma’s die juist ontbreken in deze zo ‘talige’ bundel. Taal schept de werkelijkheid en in onze observaties van de werkelijkheid kunnen wij niet zonder taal: ‘een schaduw zich uitstrekt tot aan tekst of sterren’, terwijl de wereld zich buiten de haakjes van de taal verzamelt. Dit gedicht loopt over van betekenissen en klanken (let op al die wonderschone alliteraties en assonanties!), waaraan de geduldige lezer zich kan laven. Het gaat over onze wereld, maar ook over de kwetsbaarheid ervan, over het beschrijven ervan, over het schrijfproces zelf: ‘de allerlaatste zwerm / bedreigde woorden langzaam deze beslissing onthult’. En ook al voel je hoe wij die laatste kraanvogels waarschijnlijk niet meer kunnen redden, ze zijn al gevangen ‘in heilige boeken’, in dit gedicht, in de taal.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vanaf de eerste bladzijde is duidelijk dat de bundel niet zonder jou kan: om tot een zeker einde te komen, zal je je bijdrage moeten leveren, door keuzes te maken in het leggen van verbindingen, en dat is precies waar het ook thematisch om draait: ieder mens kan ook op deze aarde het verschil maken door zijn eigen accenten te leggen: ‘in een bloem of een vogel verschuilt zich je doen en laten / ontelbaar veel houdingen en gedachten’, staat in [22]. Wie hopeloos vastloopt door aarzeling of twijfel, zal getroost worden door uitzonderlijk mooie regels die ook los van alles tot tranen toe kunnen roeren: ‘keert een vogel terug en maakt muziek roodvleugelig / even een schildwacht voor regen en elderse bliksem.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De afdeling ‘atlantis &amp;amp;’ bestaat uit ‘wat ze zingen’ en ‘wat we horen’, gespiegeld op de twee bladzijden naast elkaar. In diverse talen staan woorden die je samen tot zin kunt vormen op de linker bladzijde en op de rechter bladzijde in raadselachtig fonetisch schrift alleen de klinkers die je hoort: dat zijn de klanken die je alleen nog waarneemt als het land onder water is geraakt, zoals het verzonken Atlantis. Door het overlopen van verschillende talen voelt dit gedicht als een oproep tot verbinding van alle volkeren op deze aarde, door samen te zingen om niet te verzinken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tot slot is daar de afdeling ‘o kleine distel’ waar het koor op de linker bladzijde in verschillende talen allerlei plantensoorten opsomt en op de rechter de kleine distel aanroept, die op zijn beurt weer voor zoveel moois symbool zou kunnen staan: de weerbarstigheid, of stekeligheid van het leven, van de aarde, van de mens, van onze verhoudingen, de problemen die we voortdurend veroorzaken, maar tegelijkertijd de adembenemende schoonheid van deze kleine ronde stekelbloem.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Net als
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Broze aarde. Een mis voor het universum
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van Antjie Krog roept de bundel op tot mededogen met de aarde, niet door doemscenario’s te schetsen, maar door uit te nodigen tot deelname in een samenzang, waar elke persoonlijke keuze ertoe doet. Wie deze bundel leest, zal balanceren tussen wanhoop en diepe ontroering.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Rozalie Hirs – ecologica. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 64 blz. € 22,90.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ecologica+rozalie+hirs.png" length="5383" type="image/png" />
      <pubDate>Sun, 07 May 2023 17:21:11 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/zwanger-van-betekenis-vooruitgeworpen-voor-ogen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Rozalie Hirs,essays,ecologica</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ecologica+rozalie+hirs.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ecologica+rozalie+hirs.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘maar ik groei weg onder hun handen’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/maar-ik-groei-weg-onder-hun-handen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘maar ik groei weg onder hun handen’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Val, bom' van Gerrit Kouwenaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Val-+bom.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Dit jaar is het honderd jaar geleden dat Gerrit Kouwenaar geboren werd. Tegelijkertijd met
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Morgen wordt het voor iedereen maandag
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , een biografie over de oorlogsjaren van Kouwenaar door Wiel Kusters, heeft uitgeverij Cossee zijn roman
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Val, bom
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            uit 1950 opnieuw uitgegeven, met een nawoord van Kusters. Het is een van de drie prozawerken die Kouwenaar rond zijn twintigste schreef, nog voordat hij als dichter in 1953 debuteerde. Voor lezers van Kouwenaars poëzie is deze roman een bijzondere verrassing. Voor de Kouwenaarliefhebber is de combinatie van deze twee uitgaven een absolute aanrader. Wie zich net verdiept heeft in de oorlogsjaren van deze jonge schrijver-dichter, zal veel raakvlakken zien met het leven van Karel Ruis, de hoofdpersoon uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Val, bom
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net als Kouwenaar is Karel zeventien jaar als de oorlog begint. Hij staart uit het huiskamerraam en verveelt zich. Hij mijmert erover hoe prettig het zou zijn als hij de wereld naar zijn hand kon zetten: hij zou zijn wiskundeleraar in elkaar laten zakken achter de lessenaar en een begeerlijk meisje zou hem beminnen. Ook hoopt hij stiekem dat de oorlog deze keer niet aan Nederland voorbij zal gaan. Dan gebeurt er tenminste iets. Tegelijkertijd schaamt hij zich voor deze perverse gedachten. Toch blijft de wens om almachtig te zijn in zijn hoofd, als hij een knaapje met een hoepel ziet: ‘Donder neer, sterf! Ik, Karel Ruis, zeg je: sterf op staande voet, knaapje met ijzeren hoepel. Val, bom!’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zijn oom Robert komt op bezoek en vraagt Karel in het geheim om een gunst: of hij niet een brief wil brengen aan zijn minnares. De volgende dag is het oorlog. Als Karel over straat loopt, ziet hij eigenlijk nergens aan dat het oorlog is. Alles is nog hetzelfde als de dag ervoor. Zijn broer meldt zich bij de burgerwacht. Een dag later, als Karel door de rosse buurt loopt, vallen er inderdaad bommen op de stad. Ook dan lijkt er nog niet veel aan de hand. Hij brengt de brief van zijn oom naar minnares Ria, een wat excentrieke kunstenares, die een zestienjarige dochter, ook Ria, blijkt te hebben. Een paar dagen achter elkaar gaat Karel bij hen langs, omdat de minnares een antwoord terug wil schrijven: ze zal met haar dochter naar Engeland vluchten, want ze zijn joods. Vanaf het moment dat hij de brief met deze boodschap naar zijn oom gaat brengen, wordt de oorlog pas echt zichtbaar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De roman is – in tegenstelling tot Kouwenaars experimentele poëzie – vrij conventioneel. Het doet soms wat denken aan
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De avonden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , dat al in 1947 was verschenen en dat Kouwenaar absoluut gekend moet hebben, aangezien hij volgens de biografie ook contact had met Reve, die correspondent bij
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het Parool
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            was, toen Kouwenaar voor
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Waarheid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            schreef. Een groot verschil is natuurlijk dat De avonden zich na de oorlog afspeelt en Val, bom aan het begin ervan. De landerigheid en verveling van Frits van Egters zie je echter ook bij Karel Ruis, net als de verwijdering die hij voelt ten opzichte van zijn ouders: ‘Wat had hij met deze mensen gemeen? Ze waren niet groot en niet klein, ze leefden van een salaris en ze waren nog niet erg oud en ze leden. Maar waarom leden ze? Ik eet hun brood met blikjeszalm, dacht hij, het is lekker, maar ik groei weg onder hun handen, onze wegen scheiden zich.’
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De warmte die hij voelt in het huis bij de twee Ria’s, terwijl je op de achtergrond de dreigende oorlog voelt, heeft weer iets weg van Hermans’
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het behouden huis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , waarin de hoofdpersoon zich even onderdompelt in de luxe van het leegstaande huis: ‘Haar moeder maakte achter haar rug ruisende danspassen. In de verte zag hij het viaduct en daarop liep een mannetje met een geweertje. Ria was een poes die hem kopjes gaf. Een warm dier om te strelen. Van de oorlog was niets overgebleven dan een silhouet in de verte, dat met het donker helemaal verdwenen zou zijn’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het boek ademt in alles het existentialisme van naoorlogse literatuur: de eenzaamheid, de zoektocht naar zingeving, de twijfel aan hogere machten, de zinloosheid van het bestaan en het besef de ander nooit helemaal te kunnen begrijpen (‘ “De mensen hebben elkaar nooit begrepen,” zei Karel. “Nee, nooit,” zei de vader’). Het boek nodigt uit om na te denken over de strekking ervan.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Val, bom
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            lijkt mij geschikt voor een groot publiek, maar in het bijzonder ook voor middelbare scholieren, omdat het met zijn slechts honderdtwintig bladzijden een diep inzicht geeft in hoe de oorlog het leven binnensluipt van een ‘gewone’, zeventienjarige jongen, hem eerst zelfs aangenaam verrast, om hem vervolgens tot op het bot aan te vreten.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gerrit Kouwenaar – Val, bom. Cossee, Amsterdam. 120 blz. € 21,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Val-+bom.jpeg" length="38363" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 05 May 2023 11:12:53 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/maar-ik-groei-weg-onder-hun-handen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Val,bom,Gerrit Kouwenaar,essays,Wiel Kusters</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Val-+bom.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Val-+bom.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘De zanger die nu zwijger is’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-zanger-die-nu-zwijger-is</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘De zanger die nu zwijger is’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Morgen wordt het voor iedereen maandag' van Wiel Kusters
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/morgen+wordt+het+voor+iedereen+maandag.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Honderd jaar geleden werd Gerrit Kouwenaar geboren. Hij zou een van de belangrijkste naoorlogse dichters worden. Als in mei 1940 de Duitsers Nederland binnenvallen, is hij zestien jaar en schrijft hij zijn eerste gedichten. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Morgen wordt het voor iedereen maandag; de oorlog van Gerrit Kouwenaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            laat Wiel Kusters - in 1986 gepromoveerd op de poëzie en poëtica van Kouwenaar, bevriend met de dichter, en door zijn vele publicaties wel de grootste kenner van zijn leven en werk - zien hoe de oorlog Kouwenaar als mens en dichter gevormd heeft. Het werk zoomt in op een cruciaal deel van zijn leven, namelijk tijdens de Duitse bezetting en de eerste jaren na de oorlog. Het bijzondere van dit werk is dat het de worsteling laat zien van een ‘gewone’ jongen, die ernaar verlangt om dichter te worden, die wil leven in dienst van het dichterschap, en dat het werk al stopt voordat deze jongeman daadwerkelijk als dichter debuteerde.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Juist deze keuze, deze beperking, zet de lezer aan het denken. Toen ik jong was, maakte Kouwenaars poëzie een verpletterende indruk op mij. Ergens eind jaren negentig ging ik naar een voordracht van hem in Utrecht. Deze ontmoeting was zo onttoverend dat ik daarna nooit meer voordrachten van schrijvers of dichters bezocht: de schepper van deze zuivere poëzie bleek een eenvoudig mens vlees en bloed! Hij was toen al een oude man, dik in de zeventig. Ik heb mij lange tijd voor deze teleurstelling geschaamd. Juist daarom heb ik Kusters’ werk ter hand genomen: kom maar op dan, met dat leven van Kouwenaar, en precies daar ligt de essentie: ‘dat woorden lege hulzen zijn als ze niet gevuld worden met je eigen leven en lichaam, je eigen sterfelijkheid,’ schrijft de dichter zelf. Dat is wat hij geleerd heeft van deze vijfjarige ‘drilschool’, die oorlog heet. Dichters zijn geen goden, hooguit tot god gemaakten. Kusters maakt hem niet tot god, maar toont juist hoe Kouwenaar keihard heeft moeten werken voor zijn bestaan als dichter. Hij heeft vernederingen en kritiek moeten doorstaan, eindeloos moeten proberen, schaven en herschrijven. Dit harde werken klinkt door in zijn motto bij de twee novellen Uren en sigaretten: ‘Morgen wordt het voor iedereen maandag’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haast tenenkrommend hoogdravend is de poëzie van de zestienjarige Kouwenaar: ‘Oh! Volk zijn nu uw dagen van vrijheid weer geteld / Moet je wijken voor het bruut geweld van een verdwaasde man?’ De jonge auteur maakt dan zelfs nog veel fouten tegen de werkwoordspelling: ‘Gerrit, leerling van de derde klas, was met heel andere dingen bezig dan waar zijn ouders en leraren om vroegen. Hij schreef.’ Uiteindelijk gaat hij van school, zonder diploma. Hij werpt zich vol overgave op het dichterschap. Zijn eerste gedichten passen bij de Criterium-poëzie, waar hij zich later juist tegen afzet. Op zijn bureau staat een portret van Marsman en naast poëzie schrijft hij wat onduidelijke, korte verhalen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De hoofdstuknamen verwijzen naar de plaatsen waar Kouwenaar destijds verbleef: afwisselend in Amsterdam, Bergen, Baarn en Parijs. Op twee plekken worden de hoofdstukken onderbroken door intermezzo’s van gedichten. De titel van één van die gedichten, ‘Een is twee’, blijkt een belangrijk motief in Kouwenaars verlangen naar het dichterschap: ‘de zanger, die nu zwijger is, / de zwijger, die verrukt ging zingen’. Steeds opnieuw ervaart hij die gespletenheid tussen mens en dichter.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Omdat het huis van de Kouwenaars in Bergen door de Duitsers in beslag wordt genomen, verhuist het gezin naar Baarn. Gerrit trekt met zijn broer David in een Amsterdams achterhuis. Hij schrijft voor het illegale blad Lichting. Op 11 mei 1943 worden David en hij gearresteerd, omdat de Duitsers in hun woning naast afleveringen van dit blad ook gedichten met anti-Duitse strekking vinden. Gerrit wordt overgebracht naar de strafgevangenis aan het Wolvenplein in Utrecht, waar hij maanden doorbrengt, in afwachting van zijn veroordeling. Hier leert hij, zo zegt Kusters, zijn persoonlijkheid, geweten en karakter ‘kennen en liefhebben, doordat hij in aanraking was gekomen met anderen. Hij had altijd wel geweten dat hij tegen ‘meesters’ was, hier aanwezig als Herrenvolk, maar door zijn gevangenschap had hij geleerd zich om de ‘slaven’ te bekommeren.’ Hij leert van zijn medegevangene, de communist Opa Schrijver, wat het is om een ‘kleine man’ te zijn en hoe je dat waardig en bewust kunt doen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zijn familie en vrienden trommelen getuigen op die kunnen aantonen dat hij niet per se anti-Duits is, maar zich als jongeman logischerwijze heeft verzet tegen de bezetter. Uiteindelijk wordt hij vrijgelaten, al moet hij alsnog voortdurend op zijn hoede zijn om niet opnieuw opgepakt te worden. In die periode geeft hij zijn schrijversvriend Oege van der Wal een mooi dichterlijk advies: ‘Een dichter kan slechts zijn kracht ontlenen aan zijn symboolvorming, het gedicht behoort het symbool te zijn van zijn wezen, niet de weerspiegeling maar het symbool.’ Hij bedoelde een soort kernwoorden, schrijft Kusters, ‘die hun betekenis ontlenen aan een systeem van tekens en associaties die onvervreemdbaar met zijn wereldbeeld verbonden zijn.’ In Kouwenaars vroegere werk zijn dat ‘haven’ en ‘schepen’, later zijn dat ‘steen’, ‘vlees’, ‘brood’ en ‘eten’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Na de bevrijding wordt zijn wereld steeds groter. Het namenregister achter in het boek laat zien met hoeveel schrijvers en kunstenaars Kouwenaar in deze jaren al verbonden was. Na de oorlog werkt hij als kunstredacteur bij het communistische dagblad De waarheid. Reflex en Braak, de tijdschriften van de Vijftigers, moeten dan nog komen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kusters schetst prettig leesbaar een helder beeld van dit deel van Kouwenaars leven. Daarbij laat hij veel ongepubliceerd werk zien, gedichten en fragmenten van korte verhalen, waardoor je gedurende de 400 bladzijden echt een ontwikkeling ziet van een zestienjarige dichtende puber, via flink doorrookte wilde jaren, naar een rijpere dichter die, eenmaal getrouwd met de illustratrice en dichteres Tientje Louw, een evenwicht zoekt tussen burger, kunstenaar en communist zijn. Terwijl je als lezer het gevoel hebt dat hij er dan al een heel leven op heeft zitten, weet je dat in dit alles zich nog een schitterende belofte schuilhoudt. Morgen wordt het voor iedereen maandag, maar wie Kouwenaars poëzie enigszins kent, weet dat het morgen feest zal zijn. Dat Kusters juist daar halthoudt, getuigt van grote klasse.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wiel Kusters – Morgen wordt het voor iedereen maandag; de oorlog van Gerrit Kouwenaar. Cossee, Amsterdam. 400 blz. € 39,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/morgen+wordt+het+voor+iedereen+maandag.jpeg" length="44934" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 05 May 2023 11:12:35 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-zanger-die-nu-zwijger-is</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Gerrit Kouwenaar,Wiel Kusters,Morgen wordt het voor iedereen maandag</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/morgen+wordt+het+voor+iedereen+maandag.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/morgen+wordt+het+voor+iedereen+maandag.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Hoe honger de menselijke waardigheid uitholt</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/hoe-honger-de-menselijke-waardigheid-uitholt</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe honger de menselijke waardigheid uitholt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Honger' van Knut Hamsun
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hamsun-Honger.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het is wonderlijk hoe een boek dat ruim honderddertig jaar geleden geschreven is, de lezer een bijna fysieke ervaring van uitputting kan bezorgen, door bladzijdelang zo treffend het verschijnsel ‘honger’ te beschrijven.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Honger
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de Noorse auteur Knut Hamsun (1859-1952) blijft een indrukwekkende roman over hoe honger een mens niet alleen tot wanhoop kan drijven, maar ook tot totale vervreemding van de wereld om zich heen en zichzelf.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Het was in de tijd dat ik hongerig door Kristiana zwierf, die wonderlijke stad die niemand verlaat zonder erdoor getekend te zijn...’ Zo begint het verhaal van de naamloze ik-persoon die zijn eenzame strijd tegen honger en uitputting voert. Hij is schrijver en probeert zijn brood te verdienen met stukken schrijven voor verschillende kranten. Omdat zijn stukken veelal niet geplaatst worden, heeft hij nauwelijks inkomsten. Hiermee geraakt hij in een vicieuze cirkel: soms heeft hij dagenlang niets te eten, waardoor hij zich nauwelijks kan concentreren op zijn stukken, waardoor hij wederom geen inkomsten kan genereren. Het boek is opgedeeld in vier delen. Elk deel eindigt met een glimp hoop op betere tijden, die aan het begin van het volgende deel meestal vrij snel vervlogen is. Juist door die cyclus van hoop en teleurstelling kruipt de geschiedenis onder je huid. Je zit opgesloten in het hoofd van de ik, en lijdt en hoopt met hem mee.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ingenieus is de verhaaltechniek. Verleden en tegenwoordige tijd worden door elkaar gebruikt. Soms is het verhaal heel duidelijk beschouwend geschreven, achteraf, waarbij de ik-persoon terugblikt en enige afstand bewaart tot de beklemmende situatie waarin hij verkeerde, maar soms zoomt hij in de volgende zin alweer in op het betreffende moment, waardoor je wederom gevangen zit in de ellende, waarna hij vervolgens weer uitzoomt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Waar moest ik in hemelsnaam naartoe? Ik moest toch ergens zijn. Ik staar een poosje naar de kazerne en vraag me af of het niet mogelijk zou zijn om een van de gangen binnen te glippen als de wacht me de rug toedraaide. Ik loop de trap op en wil een praatje met hem aanknopen. De man heft meteen zijn bijl als saluut en wacht af wat ik ga zeggen. Deze opgeheven bijl die met de scherpe kant naar mij is toegedraaid doorklieft als een ijzige slag mijn zenuwen, ik sta verlamd van angst voor deze bewapende man en deins onwillekeurig achteruit. Ik zeg niets, verwijder me steeds verder van hem; om mijn gezicht te redden, breng ik mijn hand naar mijn voorhoofd alsof ik iets vergeten ben en sluip weg. Toen ik weer op het trottoir stond, had ik het opgeluchte gevoel dat ik zojuist aan een groot gevaar was ontsnapt. Ik vervolgde snel mijn weg.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan welk groot gevaar is de ik nu eigenlijk ontsnapt? Meer nog dan de honger zelf is de schaamte zijn directe vijand. Hij durft zijn hospita niet onder ogen te komen als hij de huur niet kan betalen en glipt ongezien de kamer uit. Als mensen hem zien als arme sloeber, probeert hij met alle macht de schone schijn op te houden en slaat dan zelfs eten of andere hulp af. Hij wil zijn waardigheid houden. Dat bezorgt ook de lezer regelmatig buikpijn: dan is hij zó dicht bij dat kleine beetje geluk van een stuk brood of onderdak, en dan wijst hij het zelf af, omdat hij niet wil bekennen dat hij hongerlijdt of dakloos is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Die waardigheid komt meer en meer in het gedrang. De honger is een beest dat ook aan je menselijkheid knaagt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘En naarmate de tijd verstreek raakte ik geestelijk en lichamelijk steeds meer uitgehold, ik verlaagde me dag na dag tot steeds minder eerbare handelingen. Ik loog zonder blikken of blozen, was arme mensen huur verschuldigd, vocht zelfs tegen de laagste gedachten zoals me vergrijpen aan andermans dekens, en dat allemaal zonder berouw, zonder een slecht geweten. Er ontstonden rotte plekken in mijn innerlijk, zwarte schimmels die zich steeds verder uitbreidden. En in de hemel hield God een wakend oog op mij en zag erop toe dat mijn ondergang verliep volgens alle regelen der kunst, gestaag en langzaam, zonder onderbreking. Maar in de diepte van de hel ergerden kwaadaardige duivels zich groen en geel dat het zo lang duurde eer ik een doodzonde beging, een onvergeeflijke zonde waarvoor God me in zijn rechtvaardigheid wel de afgrond in moest duwen...’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er klinkt in de roman regelmatig een fatalistische toon door. De ik-persoon vraagt zich af waarom juist hij getroffen wordt. De ellende zou toch ook wat meer verdeeld kunnen zijn. Die klachten zetten de lezer aan het denken: wie is hier schuldig aan? De ik wil namelijk dolgraag werken voor zijn geld, maar hij wordt niet aangenomen, omdat hij er zo armzalig uitziet. Een enkele keer heeft hij het geluk dat zijn stuk geplaatst wordt en hij een paar kronen verdient. Deze zuur verdiende kronen raakt hij in een rap tempo weer kwijt door zijn gulheid tegenover anderen, die hij zich eigenlijk niet kan permitteren. Juist dat is zo schrijnend aan het hele verhaal.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toch lijkt hij gelijk te hebben dat die waardigheid belangrijker is dan het hongerlijden, want als een dame belangstelling voor hem lijkt te hebben en een paar keer met hem afspreekt, weet zij niet dat hij zo verschrikkelijk arm is. Zij denkt dat zijn gedrag door zijn wilde leven en dronkenschap komt. Zodra hij eerlijk is tegenover haar, deinst ze terug. Honger en armoede zijn kennelijk minder aantrekkelijk dan dronkenschap. Ze denkt dat hij gestoord is. Zo vreemd is dat niet, want door de honger en uitputting krijgt hij koortsdromen en hallucinaties. De auteur maakt hier subtiel gebruik van dramatische ironie: de ik spreekt wildvreemde mensen op straat aan en denkt zelf dat hij nog geloofwaardig en eerzaam overkomt, maar als lezer voel je de afschuw van de ander.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De roman tast ook de lezer aan en dat is zijn kracht. Het verhaal zet je aan het denken over hoe onze samenleving in elkaar zit en hoe ook de allerarmsten niet met medelijden bejegend zouden moeten worden, maar hun waardigheid dienen te behouden. Hoe zijn zij zo arm geworden, kun je je afvragen, en wat is mijn bijdrage daaraan? Als je het boek na het lezen neerlegt, om vervolgens te gaan eten, voelt het brood een stuk minder vanzelfsprekend.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Knut Hamsun–
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Honger
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald en van een nawoord voorzien door Adriaan van der Hoeven &amp;amp; Edith Koenders. Oevers, Zaandam. 272 blz. €22,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hamsun-Honger.jpeg" length="93061" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 03 May 2023 15:20:17 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/hoe-honger-de-menselijke-waardigheid-uitholt</guid>
      <g-custom:tags type="string">Honger,essays,Knut Hamsun</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hamsun-Honger.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hamsun-Honger.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De beer tussen de boeken</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-beer-tussen-de-boeken</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De beer tussen de boeken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Beer' van Marian Engel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/omslag-Marian-Engel-Beer-kl.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een van de meest bizarre boeken die ik de laatste tijd heb gelezen, is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Beer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Marian Engel. Een eenzame bibliothecaresse, Lou, maakt een reis naar een eiland in Noord-Ontario, om daar in de zomer in een afgelegen huis de collectie boeken van de negentiende-eeuwse, excentrieke kolonel Jocelyn Cary te catalogiseren. Als ze daar na een lange reis aankomt, hoort ze pas dat ze een medebewoner heeft: een beer! Het bijzondere van het boek is dat je als lezer volkomen vanzelfsprekend dit bizarre en absoluut ontroerende verhaal in getrokken wordt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lou is een praktische, toegewijde, maar misschien ook wel wat mensenschuwe vrouw, die leeft ‘als een mol, diep begraven in haar kantoor, spittend in landkaarten en manuscripten.’ Haar directeur vindt het wel een goed plan om haar die reis te laten maken. Dan is ze er een keer uit. Na een lange reis wordt ze door de winkelier Homer Campbell in de avond naar het eiland gevaren. Bij de deur staat hij haar wat beschroomd aan te kijken: ‘Ze vroeg zich af of hij haar ging aanraken of van iets beschuldigen. Ze wilde naar binnen en zich installeren. Het was een lange dag geweest; ze had veel om over na te denken. Ze was ongeduldig. “Heeft er ook iemand iets gezegd,” vroeg hij, “over de beer?”’ Vanaf dat moment voel je de spanning, niet alleen van de weliswaar praktische, maar toch zeker wel kwetsbare vrouw in dat afgelegen huis tegenover de man Homer, maar ook tegenover de beer, die zich daar ook ergens moet bevinden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Engel weet feilloos de spanning te temperen en een paar regels verder weer op te voeren. Zij doet dat zo subtiel dat er ook voor de lezer geen ontsnapping is aan de beer. Je krijgt wat informatie over de geschiedenis van de beer daar rond het huis, het ‘is een beetje een ouwe beer, maar niet al te humeurig.’ Hij is er gewoon en hij moet af en toe wat eten hebben. Door al die praktische informatie en Lous eenvoudige, logische reacties, is de beer helemaal niet zo uitzonderlijk, tot er weer een tussenzinnetje staat, waardoor de spanning wordt opgevoerd: ‘Eerst had ze het een fantastisch, vreemd idee gevonden, maar er bleek echt een beer te zijn. Intussen beslist een hongerige beer. Ze moest maar eens gaan kijken. Hem vermijden had geen zin.’ De beer zit aan een ketting en ze moet hem ook vooral niet loslaten, want, zo zegt Homer, het blijft wel een beer. Een vrouw vertelt haar dat ze contact kan leggen met de beer als ze samen met hem haar behoefte zal doen: samen poepen, dan vindt de beer haar aardig.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Langzamerhand gaat de beer in het verhaal een grens over: Lou laat hem toch even los, want het is wel erg sneu voor hem dat hij altijd vast zit en hij wil vast wel even naar het water. Daar gaat ze nota bene met hem zwemmen! Je ziet het helemaal voor je. Op dat moment lijkt er zelfs een seksuele relatie tussen de haast aseksuele Lou en de beer te ontstaan. Je voelt de verbijstering, maar je kunt niet meer terug. En dan staat hij ineens in de keuken:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Heel even, weerloos, was ze in paniek. Toen begon ze, zonder te weten waarom, te ontspannen. De naderende zware stappen gingen gepaard met een soort gekras: klauwen die op het keukenlinoleum tikten. Ze hoorde hem zijn dorst lessen in de emaillen emmer. Ze ging boven aan de trap staan. Ze zag hem beneden in het donker naar haar opkijken. “Ga naar bed,” beval ze hem. Pompend met zijn stevige poten kwam hij de trap op naar haar toe.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als hij zich bovenaan de trap in volle lengte opricht, noemt ze hem een kruising tussen een koning en een bosmarmot. Toch gaat ze weer aan het werk, terwijl in haar achterhoofd Homers waarschuwing blijft gonzen: het is en blijft een wild dier.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ondertussen is ze aan het werk met het catalogiseren. Kennelijk heeft de kolonel ook informatie over de beer verzameld. Daardoor neemt de beer haast mythische proporties aan. In de Ierse overlevering zijn niet Adam en Eva, maar beren onze voorouders.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het boek is overrompelend en bijzonder origineel. De beer is niet meer alleen een wat uitzonderlijke soort tuin- of huisdier. Hij dringt diep haar leven binnen en brengt ook haar innerlijk in beweging. Je wordt aan het denken gezet over de betekenis van de beer in haar leven. Onwillekeurig verschuift die vraag uiteindelijk naar jezelf: hoe is het eigenlijk met de beer in mijn eigen leven?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Marian Engel –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Beer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Barbara de Lange. Koppernik, Amsterdam. 144 blz. €19,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/omslag-Marian-Engel-Beer-kl.jpeg" length="5098" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 02 May 2023 09:59:48 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-beer-tussen-de-boeken</guid>
      <g-custom:tags type="string">Marian Engel,essays,Beer</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/omslag-Marian-Engel-Beer-kl.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/omslag-Marian-Engel-Beer-kl.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De nadering van het onzegbare en ‘het daarbij kunnen laten’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-nadering-van-het-onzegbare-en-het-daarbij-kunnen-laten</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De nadering van het onzegbare en ‘het daarbij kunnen laten’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Terwijl wij nog slapen' van Marc Tritsmans
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Terwijl+wij+nog+slapen.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Eenvoudig en toch op subtiele wijze overrompelend begint de bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terwijl wij nog slapen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Marc Tritsmans. Zoals de slapende het wakker worden nog even uitstelt, zet de dichter aan het begin volop de vertraging in, stelt uit tot pas midden in het gedicht of zelfs aan het einde een duidelijk beeld verschijnt. Je wordt meegetrokken in langgerekte zinnen verspreid over de regels en strofen en wordt aangeraakt, tot aan de laatste afdeling. Daar breekt de tijd aan dat de dichter de kont tegen de krib gooit en het deksel van de beerput trekt. Het is de vraag of hij het zover had moeten laten komen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Schitterend is de eerste afdeling ‘Alles stroomt’ van de bundel. Het begint met de kracht van het onzegbare, waarin hij ‘die eerste ontmoeting / met kleindochter, net in de wereld / opgedoken’ verbindt met het moment dat drie gemzen op het smalste punt van de bergkam hem aankijken. De dichter begint hier zo bescheiden, dat je als lezer bijna vergeet dat deze twee stille ontmoetingen door hem toch echt in woorden zijn gevat. Wat mij betreft benadert deze manier van dichten de zuivere poëzie, zoals ook zuivere muziek je kan raken en doen vergeten dat zij gespeeld wordt, mits zij voortreffelijk uitgevoerd is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tritsmans verwoordt bijzonder subtiel via de vertraging het verschijnsel ‘nadering’:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nadering
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet het donkere bos zelf
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar de rand ervan waar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           meer licht nog dan schaduw.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet de bestemming, het
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ter plaatse aankomen, maar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de beweging, de nadering
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het kronkelende pad, de
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           langzame weg ernaartoe.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het veelbelovende, nog
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           verborgene. En het daarbij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           kunnen laten. Zoals bij een
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           lichaam niet het raken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           grijpen, strelen maar het
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van op afstand vermoeden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van het begin van een vage
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           welving in de plagende
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           schemer van een net genoeg
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           openglijdende zomerjurk.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het uit twee delen bestaande ‘In Amerika’ laat hij sterk voelen hoe je ziel kan achterblijven bij de vuurtoren van Haamstede op het moment dat je naar Amerika reist: ‘Zelfs mijn voeten haperden, struikelden omdat / ze enkel de kille hardheid voelden van beton / en klinkers terwijl aan de overkant van de brede / rivier het bos.’ Door woorden weg te laten in de zinnen ervaar je de hapering, het struikelen, de suggestie. Juist dit ‘aarzelend naderen’ vind ik de kracht van Tritsmans’ poëzie. In het slotgedicht van deze eerste afdeling vormt een luid klaterend plassende koe een humoristische verwijzing naar Herakleitos’ ‘panta rhei’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook de tweede afdeling ‘Opgravingen’ is schitterend. De dichter doet opgravingen naar zijn jeugd, zoals het moment dat hij ‘ontspeeld’ raakte en volledig geblokkeerd naar zijn speelgoed keek. Het vierdelige ‘Onder de waterlijn’ beschrijft hoe dit vroeger als een ‘verdwenen en verzonken land nog steeds hier’ is, ‘ondiep als een vertrouwde zandbank’. Veel van wat geweest is, kun je nog oproepen, zoals een herinnering aan het vissen met de vader. De gedichten uit deze eerste twee afdelingen zijn stuk voor stuk parels die eenvoudig en bescheiden toch met bijzondere beelden een oorspronkelijke kijk geven op het alledaagse: de ik als matroesjka waaruit alle mensen uit zijn herinneringen tevoorschijn getoverd kunnen worden, of moleculen die al jaren een vertrouwd geheel hebben gevormd, zich ineens van elkaar losmaken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar dan vindt de dichter het halverwege de bundel kennelijk ‘de tijd’ om het anders aan te pakken:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet langer volstaat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het dat een spaarzame vonk overspringt. Neen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de kont tegen de krib nu, het hek van de dam
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het deksel van de beerput, de lont in het kruitvat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vanaf dat moment begint de dichter in vijfentwintig vrije sonnetten toch enigszins te ‘drammen’. De achterkant van de bundel noemt het ‘urgent’, deze oproep tot radicale koerswijziging van de maatschappij. Ik vind het doodzonde van de bundel die juist in die aarzeling zo sterk begonnen was. De laatste afdeling bekritiseert de consumptiemaatschappij waarin we niet nalaten ons ‘reptielenbrein van puur genot te laten / zingen het dreinerige lied dat overal weerklinkt’. Het is precies wat Tritsmans hier zelf doet: dreinen wat overal al wordt geroepen. En nog steeds zijn de beelden soms oorspronkelijk, humoristisch, maar regelmatig toch ook wat cliché. Ergerlijk is vooral dat wijzende vingertje naar wat we allemaal fout doen: ‘Als rotverwende ettertjes eisen wij / dat onze eindeloze lijst met wensen / in een oogwenk zal worden ingelost.’ Daar ga je met deze vrije sonnetten heus niets aan veranderen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haarscherp laat deze bundel zien dat dichters juist niet moeten prediken om je aan het denken te zetten. Het aarzelende haperen rondom het onzegbare aan het begin van de bundel is een zoveel sterkere oproep tot bezinning, tot inkeer dan de drammende tweede helft van de bundel, dat ik niet begrijp dat de dichter niet besefte dat de kracht juist zit in wat hij zelf nota bene in de eerste afdeling schrijft: in de nadering van het ‘veelbelovende, nog // verborgene. En het daarbij // kunnen laten.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Marc Tritsmans –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terwijl wij nog slapen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Nieuw Amsterdam, Amsterdam. 64 blz. € 22,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Terwijl+wij+nog+slapen.jpeg" length="2943" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 28 Apr 2023 07:44:15 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-nadering-van-het-onzegbare-en-het-daarbij-kunnen-laten</guid>
      <g-custom:tags type="string">Marc Tritsmans,essays,Terwijl wij nog slapen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Terwijl+wij+nog+slapen.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Terwijl+wij+nog+slapen.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Wortel ik, die bloesem was, zwarte aarde is mijn last’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wortel-ik-die-bloesem-was-zwarte-aarde-is-mijn-last</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Wortel ik, die bloesem was, zwarte aarde is mijn last’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het schriftje uit Bor' van Miklós Radnóti
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+schriftje+uit+Bor.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Via
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo worden jaren tijd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Cees Nooteboom stuitte ik op
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het schriftje uit Bor
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de Hongaarse dichter Miklós Radnóti. Nooteboom schreef in de bundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vos
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , de eerste die je in de verzamelbundel tegenkomt, een in memoriam voor deze dichter:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In Memoriam Miklós Radnóti
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Denk aan de ontbladerde vijgenboom
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           deze laatste dag, laat in het duister van je
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hersens toe het bericht van de dichter.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij wist dat hij stierf maar hij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           schreef zijn laatste gedicht in een schrift
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat met hem in zijn graf verdween.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Doodsoorzaak nekschot. Zijn lijk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           werd opgegraven en zijn vrouw kreeg
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de woorden, nat van de grond, vocht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van zijn uniform, schimmel, doodsvocht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar bewaard. Lees terwijl je klok
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           nog tikt, lees wat een levende schreef
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die zijn lot kende, de spiegel waar hij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           doorheen moest om niemand te zijn, een
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gemartelde dode in zijn eigen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gedicht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De oproep van Nooteboom is indringend: ‘laat in het duister van je / hersens toe het bericht van de dichter.’ En ook: ‘Lees terwijl je klok / nog tikt, lees wat een levende schreef’. Ik ben ervoor uit Nootebooms bundel gestapt en heb, denk ik, een van de laatste bij boekhandels nog rondzwervende exemplaren van het uitgegeven schriftje gekocht. Ik las het met ingehouden adem en daalde in gedachten af in een hel, een stinkend massagraf, waar een jongeman zijn eigen dood al rook.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De uitgave is in alles een eerbetoon aan de dichter: een sobere hardcover met op het omslag een afbeelding van György Buday, die hij als illustratie bij een van Radnóti’s gedichten maakte. In het boek zijn foto’s opgenomen van de dichter, maar ook van bladzijden van zijn schriftje, waarop zijn handschrift te zien is. Het boek bevat een voorwoord van Orsolya Réthelyi, een van de vertalers, en een nawoord van Arnon Grunberg.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De teksten uit het schriftje gaan door merg en been, maar Nooteboom heeft gelijk: lees dit, lees hoe – terwijl de wachters in het kamp ontaarden – een sterveling in het uur van zijn dood juist aan het ‘aarden’ is:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wortel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Door de wortel jaagt een kracht,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hij zuigt grond met regen mee,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dromen droomt hij, wit als sneeuw.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En arglistig vecht de wortel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zich naar boven, kruipt en klauwt,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           armen sterk als kabeltouw.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wormen slapen op zijn arm,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wormen rusten op zijn been,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wormenwereld om hem heen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar de wortel die alleen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voor zijn bladertakken leeft
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en niets om de wereld geeft,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voedt ze zorgzaam, lest hun dorst,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zendt het goede, wat hun smaakt,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           al wat zoet en hemels smaakt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wortel ben ook ik geworden,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           rondom wormen, mijn verblijf,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           waar ik deze regels schrijf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wortel, ik, die bloesem was,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zwarte aarde is mijn last,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           mijn lot is vervuld; vandaag
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           jankt boven mijn hoofd de zaag.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De dichter schreef dit gedicht in het Lager Heidenau, in de bergen boven Zagubica, op 8 augustus 1944, waar hij als Joodse dwangarbeider in de kopermijnen van Bor tewerkgesteld was. In november van datzelfde jaar is hij tijdens een dodenmars neergeschoten, vijfendertig jaar oud. Na anderhalf jaar vond men zijn lichaam terug in een massagraf en in zijn jaszak zat het schriftje. Het is een wonder dat dit bewaard is gebleven. Je leest de woorden van een ooggetuige tijdens de verschrikkingen van de Holocaust.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de gedichten klinkt een klacht door over de tijd waarin hij leefde: ‘Ik leefde op aarde in een tijd / waarin de mens, ontaard, niet enkel doodde / in opdracht, maar vrijwillig, uit genot’. Hij schrijft over hoe in het kamp Fransen, Polen, Servische strijders, Joden en Italianen met koortsige lijven één leven leven, wachten ‘alleen op goed nieuws, zachte woorden van vrouwen, een vrije bestemming als mens.’ Hij heeft nog oog voor de avond boven het prikkeldraad, tussen de barakken, de maan die op het landschap schijnt, terwijl hij ligt ‘als een beest op mijn brits’, de vlooien die in de nacht hun aanval hervatten, op het moment dat de vliegen zijn gekalmeerd. Tussen de slapende mannen is hij nog wakker, verlangend naar zijn vrouw: ‘ik kan niet sterven en ik kan niet leven, niet meer zonder jou.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Rauw is ook zijn ‘Brief aan mijn vrouw’, ook in augustus geschreven. Hij haalt herinneringen op en stelt zich haar voor, ver weg, roept om haar, maar: ‘De wereldstilte gilde uit de diepten / mijn oren binnen toen ik om je riep’. In ‘Á la recherche’ haalt hij herinneringen op aan gezellige avonden in de gloed van lampen, nachten van wijsheid en wijn, de lach van vrouwen. Bijzonder is zijn ‘Dwangmars’ waarin twee gedichten in elkaar geweven lijken met een verticale, kronkelende witregel ertussen. Je kunt de gedichten los van elkaar lezen, maar je kunt ook in elke regel over de uitsparing heen lezen van links naar rechts. Hij beschrijft de pijn, maar ook het verlangen om op te staan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het laatste gedicht ‘Razglednica (4)’ lijkt geschreven op het moment van sterven (van een lotgenoot, maar toch, zo zal het de dichter waarschijnlijk ook vergaan zijn), bizar, hoe ‘Der springt noch auf’ lijkt te verwijzen naar de poëzie die inderdaad nog opspringt uit het graf, bijna een eeuw later, omdat zij niet sterven wil, de levenden naar de keel grijpt. Uitgeverijen, blijf dit schriftje herdrukken tot de laatste drukpers erbij neervalt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik stortte naast hem, zijn lijf rolde,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           strak al, een gespannen snaar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nekschot. – ‘Dus zo wordt jouw einde,’ –
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           fluisterde het in mij, - ‘lig stil,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           geduld nu, daaruit bloeit de dood.’ –
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Der springt noch auf,’ – klonk boven mij.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bloedmodder stolde op mijn oren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Szentkirályszabadje, 31 oktober 1944.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Miklós Radnóti –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het schriftje uit Bor
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Arjaan van Nimwegen en Orsolya Réthelyi, met een nawoord door Arnon Grunberg. Uitgeverij Van Oorschot, Amsterdam. 64 blz. Op dit moment niet leverbaar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+schriftje+uit+Bor.jpeg" length="67128" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 22 Apr 2023 13:36:34 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wortel-ik-die-bloesem-was-zwarte-aarde-is-mijn-last</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Miklós Radnóti,Het schriftje uit Bor</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+schriftje+uit+Bor.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+schriftje+uit+Bor.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘wankelt de taal op je tong’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wankelt-de-taal-op-de-tong</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Wankelt de taal op de tong'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het paard van mijn vader'  van Jozef Deleu
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het-paard-van-mijn-vader-frontcover-600h.webp"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De 85-jarige dichter Jozef Deleu mag als eerste de nieuwe prijs van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren, de Taalpenning, in ontvangst nemen, vanwege zijn uitzonderlijke verdiensten voor de Nederlandse taal. Zojuist is van zijn hand ook een nieuwe bundel miniaturen verschenen:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het paard van mijn vader
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . De bundel is met zorg vormgegeven, in herfstkleur. Waar het blad bruin is, zijn de letters wit, en andersom. De vorm van de inhoudsopgave lijkt op twee verschillende, bladerloze bomen naast elkaar, de vorm volgt de willekeur van het aantal gecentreerde letters van de woorden, en maakt taal daarmee tot iets bijna tastbaars. Hoezeer de bundel in vorm ook de grilligheid van de natuur uitstraalt, de miniaturen zijn gerangschikt volgens hun eigen, ‘talige’ volgorde, namelijk de alfabetische, en bestaan allemaal uit zeven regels, het getal van de volheid, met steeds een kleine uitsparing voor de laatste twee regels.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Omdat deze poëzie zo uitgebeend is, hooguit vijftien woorden per gedicht, vraagt zij om vertraging. Elk woord heeft niet alleen gewicht, in klank en ritme, maar ook in verschillende betekenissen. Alle miniaturen zijn op verschillende manieren te lezen, waardoor de bundel veel meer miniaturen bevat dan je op het eerste gezicht zou denken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           advies
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           fluister het
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de bomen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zeg het
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de paarden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           blijf
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           overeind in
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           allenigheid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Adviezen zijn vaak eenduidige boodschappen en daarom niet altijd welkom. Met dit advies kun je echter talloze kanten op. Het ‘fluister het de bomen’ en ‘zeg het de paarden’ doen denken aan het bekende gedicht van Andreus ‘Wanneer ik morgen doodga’. Daardoor krijgt het gedicht meteen een kwetsbaarheid mee, omdat Andreus op de achtergrond meezingt dat je een tere boodschap aan de natuur kunt meegeven of desnoods aan een kind, maar niet aan de volwassen mens, omdat die het niet zal begrijpen. Je kunt ‘fluister het’ en ‘zeg het’ echter ook loskoppelen, waardoor de ander of de lezer het advies krijgt om de dichter na te spreken: de bomen, de paarden. Op die manier tover je met de taal in je verbeelding de bomen, de paarden. Je ziet ze voor je.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook het ‘blijf’ kan een advies aan de ander of lezer zijn, maar tegelijkertijd kan het zijn wat je tegen de bomen zou moeten fluisteren en tegen de paarden zou moeten zeggen. Dat ‘blijf’ heeft iets aandoenlijks. Je wilt dat de ander blijft, of dat de paarden en bomen blijven, terwijl je weet dat ze niet altijd zullen blijven. Juist het blijven roept daarom vergankelijkheid op, zoals de woorden en beelden in het gedicht ook voorbij gaan, als het gedicht afgelopen is. De witregel verlengt het blijven voor even en dan blijkt dat je ‘blijf’ ook aan ‘overeind’ kunt koppelen: je moet niet alleen blijven, maar ook overeind blijven, in allenigheid. Dat laatste woord is op zichzelf ook meerduidig: in alle lenigheid. Dat is wat je de ander kunt toewensen: dat hij overeind blijft, in goede gezondheid, in staat tot enige lenigheid. Het betekent daarnaast ‘het alleen zijn’. Ook dat is wat je een ander kunt toewensen: blijf overeind in je eenzaamheid. Die laatste boodschap is overigens opnieuw dubbelzinnig. Je kunt overeind blijven, ondanks dat je eenzaam bent, alsof je je tegen die eenzaamheid zou moeten wapenen. Het kan echter ook een aanmoediging zijn om een individu te blijven, standvastig in je eigenheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit is maar een voorbeeld van hoe je in deze miniaturen kunt verdwalen. Steeds zie je weer een nieuwe betekenis, omdat de woorden zo veel ruimte hebben op de bladzijde dat ze zich aan verschillende andere woorden kunnen hechten. ‘woorden zijn / versleten’, schrijft de dichter, maar tegelijkertijd laat hij zien hoe hij, door die woorden als in een ‘vitrine’ uit te stallen, weer nieuwe betekenissen geeft. Ja, we hebben geen zekerheden meer, vaste betekenissen waar we op kunnen vertrouwen – ‘zekerheden / ontheemd’ – maar dat maakt dat het creatieve proces opgang gebracht wordt en dan is er zoveel mogelijk, dat het geen enkel probleem blijkt dat die woorden versleten zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel bezint op het einde, op de herfst van het leven, op het verlangen dat blijft bestaan zolang de mens blijft leven, maar ook op maatschappelijke thema’s als de migrant, standbeelden die zich blootwoelen en schaamte laten zien, het universum, de seizoenen. Steeds opnieuw word je subtiel uitgenodigd langs de trap van de taal de verbeelding te proeven, en zo is Deleu ook in zijn miniaturen ambassadeur van de poëzie:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wolken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wankelt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de taal
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           op de tong
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           beklim dan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de trap
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           naar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de wolken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Jozef Deleu – Het paard van mijn vader. Poëziecentrum, Gent. 48 blz. € 19,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het-paard-van-mijn-vader-frontcover-600h.webp" length="9318" type="image/webp" />
      <pubDate>Mon, 17 Apr 2023 08:23:18 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wankelt-de-taal-op-de-tong</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Het paard van mijn vader,Jozef Deleu</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het-paard-van-mijn-vader-frontcover-600h.webp">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het-paard-van-mijn-vader-frontcover-600h.webp">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘En zij daarboven werden steeds kleiner, onder de steeds hogere rotswanden’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/en-zij-daarboven-werden-steeds-kleiner-onder-de-steeds-hogere-rotswanden</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘En zij daarboven werden steeds kleiner, onder de steeds hogere rotswanden’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De angst in de grote bergen' van Charles-Ferdinand Ramuz
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+grote+angst+in+de+bergen.webp"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is een groot geluk dat vertaler Rokus Hofstede een deel van zijn jeugd in Zwitserland doorbracht en daar Ramuz vanzelfsprekend op de boekenlijst op school vond. Als hij op uitnodiging van de boekenclub op het Eligant Lyceum in Zutphen aansluit bij onze bespreking van De grote angst in de bergen, vertelt Hofstede dat hij best wat heeft moeten lobbyen om dit boek van deze in het buitenland relatief onbekende auteur in vertaling uitgegeven te krijgen. Het is maar de vraag of dit meesterwerk zonder deze inspanning in onze boekwinkels had gelegen. Het boek, dat voor het eerst verscheen in 1926, is beklemmend, experimenteel en tegelijkertijd onwaarschijnlijk actueel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het speelt zich af in de kleine gemeenschap van een bergdorp, waar een groep herders de koeien in de zomer naar de braakliggende alpenweide Sasseneire leidt, omdat in het dorp anders nauwelijks wat te grazen valt voor de koeien. De alpenweide ligt onder een gletsjer, waar twintig jaar eerder raadselachtige ongelukken zijn gebeurd. Dat is de reden dat niet alle dorpsbewoners het een goede reden vinden dat de herders naar boven trekken. Rust er geen vloek op deze plek? Ze zijn er nog niet zo lang als de koeien besmet raken met ‘de ziekte’. De herders én het vee worden in quarantaine geplaatst. Vanaf dat moment grijpt de grote angst om zich heen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vanaf de eerste bladzijde van het boek is duidelijk dat het verhaal niet per se om de plot draait. Natuurlijk, het mysterie en de spanning die dat oproept, drijven de lezer óók door het verhaal, maar de weg door deze geschiedenis wordt vooral bepaald door de stijl, die wonderlijk genoeg het kronkelige pad door de bergen spiegelt: de auteur wisselt van de tegenwoordige tijd naar de verleden tijd, zoals je dat je leerlingen op school zou verbieden:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Zo zie je de vijf schoksgewijs, met kleine rukjes vooruitkomen, en lang zijn ze vijf puntjes, vijf nietige zwarte puntjes in het wit. Daarna komen ze door een nieuwe sneeuwstorting, ze komen door een steenlawine; verder voor hen uit, en naast hen, worden de hoge rotswanden zichtbaar; de mannen stegen met scherpe bochten naar die rotsen op, en zelf daalden de rotsen met op het oog steeds steilere, steeds gladdere muren naar hen af. Geen enkel boomgewas hield het hier uit, zelfs geen enkel spoor van gras was hier te vinden; het was grijs en wit, grijs en dan wit, en alleen grijs en wit. En zij daarboven werden steeds kleiner, onder de steeds hogere rotswanden, die ook grijs waren, donkergrijs, dan lichtgrijs; en opeens worden ze roze, namaakroze, want dat is geen kleur die aanhoudt; het is een kleur als van bloemen, een bedrieglijke kleur, die snel voorbijgaat, want ook bloemen zijn hier niet meer, en geen enkel leven; nu kwam het slechte land, dat akelig en griezelig is om aan te zien. Het ligt boven de bloemen, de warmte, het gras, alle goede dingen; boven het zingen van de vogels, want de vogels hierboven kunnen alleen nog krassen. De alpenkauw, de kraai met zijn rode snavel; zwarte of witte of grijze vogels die hier nog in leven weten te blijven, maar zonder te zingen; en verder is er hier niets en niemand meer, omdat je boven het goede leven bent, boven de mensen – intussen kwam de zon op en trof hen alle vijf tegelijk op hun linker zij – en het jaar duurt hier twee maanden, drie maanden op zijn hoogst.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je ziet dat het perspectief haast filmisch werkt: er wordt ingezoomd en uitgezoomd en dat gebeurt niet alleen met het beeld, maar ook met de tijd: de geschiedenis speelt zich in het verleden af, maar je wordt er als lezer in het nu ingezogen. Je loopt daar, met de herders, omhoog. De ijzingwekkende plek is tastbaar, hier en nu. Wie in de bergen geklommen heeft, kent wellicht deze ervaring: het langzaam naar boven klimmen, het voelen van je lijf in het nu, en het afdwalen van de gedachten naar andere tijden, naar een hoger plan, en dan weer terug naar het lijf, de ademhaling, de lucht, de kleuren, de geluiden, alles wat zich voor de zintuigen aandient.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit boekt leest als poëzie, omdat niet alleen aan de algemene taalwetten wordt getornd, door die haast hallucinerende herhalingen en wisselingen in tijd en perspectief, maar ook doordat de beschrijvingen van de personages, het landschap en de gebeurtenissen tegelijkertijd metaforen zijn: het landschap daarboven is ontdaan van het goede leven, van menselijkheid, van het zingen, van de sprekende kleuren. Precies zo raken de herders hun menselijkheid, warmte en kleur kwijt daarboven door de ziekte, door de quarantaine. Ze spreken nauwelijks meer, lijken alleen nog te kunnen krassen. Zij worden onderdeel van het landschap.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik moet denken aan wat Hermans in Het sadistisch universum schreef over hoe een klassieke roman geschreven zou moeten worden, met zijn eenheid van handeling, en hoe de personages metaforen zouden moeten zijn binnen die eenheid. Ramuz doet dit ongeëvenaard, op alle niveaus, neemt zelfs de lezer mee in dit proces. Wie dit boek in één adem uitleest, heeft een intensieve bergtocht achter de rug, ondergaat de beklemming van de ziekte, de honger en uitputting daarboven, voelt hoezeer de mens onderworpen is aan de kracht van de natuur door de taal, de terugkomende woorden die als steenbrokken de weg versperren en haperen. De personages krijgen goddelijke proporties: Clou, een haast duivels personage dat de herders op lucide wijze uit de tent probeert te lokken, mee wil krijgen in zijn drang om goud te delven en te ontsnappen aan de ellende, tegenover Barthélémy (wellicht een verwijzing naar een van de 12 discipelen, Bartolomeüs, beschermheilige van de bergbewoners en herders, vaak afgebeeld met schriftrol in de hand?), die als enige zijn menselijkheid lijkt te bewaren als hij de doodzieke koeien met volle uiers melkt, het zweet op zijn voorhoofd, de verspilde melk als een grote witte vlek op de weide, onder de hemel die steeds lichter wordt door de opkomende sterren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daartussen speelt de tragische liefde tussen Joseph en Victorine af, het verlangen van hen beiden om nader tot de ander te komen, de aandoenlijke wilskracht, de volharding van beide personages, zoals Victorine de tocht naar boven waagt en Joseph, overgeleverd aan de elementen, de grenspost tracht te ontlopen door een enorme omweg naar beneden. Deze tocht naar beneden neemt haast mythische proporties aan en lijkt op postmodernistische wijze de verhaalwerkelijkheid door te prikken. Het gaat niet meer alleen om de weg door de bergen, maar om het levenspad, of misschien zelfs het schrijfproces:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Niemand lijkt hier sinds het allereerste begin van de aarde ooit te zijn geweest en er ooit iets te hebben verstoord, behalve dat nu een man de bewijzen van zijn bestaan bleef schrijven, zoals wanneer je de ene letter naast de andere zet, om een zin te maken en dan nog een zin – en zo als eerste de mooie witte bladzijde met de sporen van zijn stappen verstoort. Waar gaat hij naartoe? Opnieuw vroeg je je af: ‘Waar mag hij dan naartoe op weg zijn?, want het leek er niet op dat er op deze plek ook maar enige doorgang kon zijn, toch ging Joseph nog altijd voort.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vergeefsheid van een mensenleven klinkt hierin door. Twee bladzijden verder lijkt Joseph zichzelf of zijn bestaan zelfs te hebben uitgewist, als hij noordwaarts gaat, terwijl hij net zuidwaarts was gegaan: ‘zodat hij de weg die hij op de andere helling had afgelegd alsnog ongedaan maakte; over rotspuin en over sneeuwvelden, dan over ijs, dan over kiezels [...]’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het Franse ‘on’ dat de mogelijkheid biedt voor een collectief perspectief, is lastig te vertalen. Hofstede verantwoordt dat in zijn nawoord: ‘soms hoor je in on de dorpsgemeenschap als geheel, soms ook een vergeestelijkt getuige van de beschreven scène, dan weer één van de bij de scène betrokken personages. Ik heb de stijve standaardvertaling ‘men’ en de daaruit voortvloeiende registerbreuken willen vermijden, en on al naargelang de context vrijwel altijd weergegeven als ‘je’, ‘wij’ of ‘ze’. Zie daar de ingewikkelde afwegingen die een vertaler moet maken in zo’n experimentele roman als deze, waarin de stijl zo belangrijk is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De mens legt het af tegen de machtige natuur, klinkt door tussen de regels. Hoe actueel is dat in deze tijd? Het boek lijkt vanuit begin vorige eeuw naar ons te roepen: waak ervoor je menselijkheid te verliezen en de verbondenheid met die schitterende natuur. Waar zijn we in godsnaam mee bezig, in onze kleinzielige botsingen, nietige wezens, tegenover een ontzagwekkende aarde?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Charles-Ferdinand Ramuz – De grote angst in de bergen. Vertaald door Rokus Hofstede. Van Oorschot, Amsterdam. 200 blz. €21,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+grote+angst+in+de+bergen.webp" length="63958" type="image/webp" />
      <pubDate>Sun, 16 Apr 2023 09:02:45 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/en-zij-daarboven-werden-steeds-kleiner-onder-de-steeds-hogere-rotswanden</guid>
      <g-custom:tags type="string">Charles-Ferdinand Ramuz,De grote angst in de bergen,essays,Rokus Hofstede</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+grote+angst+in+de+bergen.webp">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+grote+angst+in+de+bergen.webp">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een hartverwarmend verhaal rond een wit dwergkonijn</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-hartverwarmend-verhaal-rond-een-wit-dwergkonijn</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hartverwarmend verhaal rond een wit dwergkonijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Misjka' van Edward van de Vendel en Anoush Elman, met tekeningen van Annet Schaap
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Misjka-06f1221b.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Mij kun je in bijna alle bezigheden storen om voor een uurtje weer helemaal kind te zijn en weg te duiken in het aandoenlijk overrompelende verhaal
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misjka
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Edward van de Vendel en Anoush Elman, met prachtige tekeningen van Annet Schaap.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Roya is de kleinste vertelster, een vluchtelingenmeisje uit Afghanistan, dat samen met haar ouders en drie grote broers sinds kort een verblijfsvergunning heeft: eindelijk een eigen huis! Toch ontbreekt er nog wat. Tijdens het eten wacht ze tot het even stil is en zegt dan: ‘Bij een huis hoort een huisdier. Dat vind ik.’ Haar broers Bashir, Hamayun en Navid zijn het ermee eens. Die willen wel een slang, een egeltje en een komodovaraan, maar omdat Roya op het idee is gekomen, mag zij kiezen. Ze kiest iets kleins, wits, om te aaien: een konijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           IJzersterk is de tekening van de personages. De vertelster weet haarscherp de verschillende karakters van haar broers neer te zetten op het moment dat ze de dierenwinkel betreden: Bashir roept net iets te hard, Navid tikt – duidelijk tegen de wil van het winkelmeisje in – tegen het glas van de vissen, maar Hamayun heeft een zachte stem en weet altijd tot een vreedzame oplossing te komen. Zijn vader zegt over hem: ‘Laat Hamayun onze mond maar zijn.’ Uiteindelijk wordt een piepklein wit dwergkonijn gekozen. Het is liefde op het eerste gezicht. Niet alleen voor Roya, maar voor de hele familie. Hartverwarmend wordt beschreven hoe dol ze allemaal op het konijn zijn en het beestje feilloos aanvoelen: ‘Want Misjka wilde liever niet opgetild worden. Hij vond het fijn als hij vrij rond mocht hippen en als wij dan bij hem kwamen liggen. En dus lagen we opeens heel vaak op de grond, als platte bedienden in stervorm om koning Misjka heen. Maar ook als de rest tv-keek of over moeilijke dingen zat te praten, vond je altijd wel iemand languit op de vloer. Meestal Hamayun. Bijna altijd ikzelf.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De geschiedenis van de vlucht blijft heel lang op de achtergrond, waardoor je nauwelijks doorhebt dat het hier om een vluchtelingengezin gaat. Tussen de regels door krijg je wel wat informatie. Je leest dat Roya’s moeder vaak hoofdpijn heeft en verdriet heeft van de herinneringen. Dat is volgens Roya de reden dat Misjka vaak op haar moeders buik ligt en dan plast, als blijk van dat ze zich daar helemaal thuis voelt. Het komt ook doordat Roya nog maar drie was tijdens de vlucht, dat ze zich niet veel meer herinnert, en zij is immers de vertelster. De auteurs hebben daar een mooie oplossing voor bedacht. Heel speels komen de broers steeds met stukjes herinneringen, omdat Roya hun vragen stelt. Zij vertellen dat hun kleine zusje altijd een tas wilde dragen die bijna net zo groot was als zijzelf en dat ze Roya vaak op hun rug hebben genomen als ze moe was. Beetje bij beetje krijg je mee onder welke verschrikkelijke omstandigheden ze gevlucht zijn, maar je hoort ook dat er fijne momenten waren, met mooie verhalen en muziek.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op de dag dat Roya haar spreekbeurt over het konijn gaat houden, waarvan een van de klasgenoten vindt dat dat wel een erg Nederlands onderwerp is voor een vluchtelingenmeisje, gebeurt er iets verschrikkelijks: Misjka ontsnapt! Heel knap is het hoe de auteurs voor elkaar krijgen dat je als lezer zo in de huid van Roya bent gekropen dat je net zo verbaasd bent als zij op het moment dat een oudere dame tijdens hun zoektocht bruut de deur voor hun neus dichtslaat. Waarom zou ze dat doen bij zo’n lief kind, vraag je je af. De oudere broers weten het meteen: ze zijn buitenlanders en de vrouw is bang! In plaats van woede of verontwaardiging lees je hoe Hamayun op een slimme, zachtaardige manier toch voor elkaar krijgt om de vrouw zo ver te krijgen voor hen open te doen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vlucht van het gezin wordt op ontroerende wijze gespiegeld in de ontsnapping van Misjka. Het verhaal laat zien hoe hecht een familieband kan zijn, misschien juist door de vlucht, waarin ze volkomen op elkaar aangewezen waren. Maar ook laat het verhaal zien dat mensen in wezen niet veel van elkaar verschillen, dat ze allemaal liefde en toewijding kunnen voelen voor een kwetsbaar dier en voor elkaar, dat ze empathisch zijn, en – als het erop aankomt – elkaar door dik en dun willen steunen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Edward van de Vendel en Anoush Elman met tekeningen van Annet Schaap –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misjka
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Queriodo, Amsterdam. 156 blz. €17,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Misjka-06f1221b.jpeg" length="25688" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 15 Apr 2023 17:27:32 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-hartverwarmend-verhaal-rond-een-wit-dwergkonijn</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Misjka,Anoush Elman,Annet Schaap,Edward van de Vendel</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Misjka-06f1221b.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Misjka-06f1221b.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Schrikwekkende verlatenheid in dit heelal’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/schrikwekkende-verlatenheid-in-dit-heelal</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Schrikwekkende verlatenheid in dit heelal’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Aangeraakt door goden' van Wessel te Gussinklo
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wessel-te-Gussinklo-Aangeraakt-door-de-goden-Boek-uit-2003.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De bundel autobiografische schetsen,
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aangeraakt door goden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , van Wessel te Gussinklo, voor het eerst bij Querido verschenen in 2003, is nu opnieuw door Koppernik uitgegeven. De fraaie omslag laat een detail zien van een veertiende-eeuwse fresco van Giotto, waarop een engel neerdaalt met strekkende hand. Het beeld past bij de zoektocht naar verlossing door de getormenteerde ziel van de jongen, die Te Gussinklo ooit was, en misschien nog steeds is. Het obsessieve schrijven in deze bundel is in het begin meeslepend, maar daarna vooral verschrikkelijk.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een poosje geleden maakte ik voor het eerst kennis met deze auteur door
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zeer helder licht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en was aangenaam verrast. Obsessie en onrust grepen me bij de keel: de hoofdpersoon die wil losbreken uit zichzelf in verlangen naar die ene ander. Het begin van Aangeraakt door goden is net zo meeslepend: je volgt de gedachten van een totaal verkrampte jongen op de middelbare school die met zichzelf overhoopligt, voortdurend een metapositie ten opzichte van zichzelf inneemt en geen idee heeft hoe hij zich tussen al die anderen moet gedragen, omdat hij zich niet wil aanpassen en ook niet weet hoe hij dat überhaupt zou moeten doen:
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Als een melaatse, een vijand van alle mensen was ik met die gedachten en overwegingen; al die dingen die behalve ik nooit iemand anders dacht en zag. Ik zag de kleine schokjes in hun ogen als ze keken of juist niet keken; het even oplichten en aanscherpen, en ik voelde het wegdraaien daarna in mijn eigen ogen. Er waren andere dingen aan de hand; het ogenschijnlijke was het niet. Iets – je kon zelfs niet zeggen dat zíj het waren -; iets, bood aan: lachjes, woorden, gedragingen waren dat; iets stelde eisen, had verwachtingen – maar van wie kwamen die verwachtingen en eisen? van wat: van het gebeuren zelf? van de handeling? van de toestand? van henzelf? (vanwaar die vonkjes, die schokjes die ik zag?). Het leek of ze een gebaar, een lach, voor zichzelf uit naar voren staken, voor zich uit hielden om zichzelf te bedekken, als een soort tussenstof tussen hen en mij in. En ik moest ook zoiets ophouden – iets gelijkwaardigs – om het te pareren.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Uit wanhoop en dwarsheid misdraagt de jongen zich, veinst onverwachte stuiptrekkingen, laat anderen schrikken, valt van zijn stoel af. Zijn omgeving weet zich geen raad met hem. Pas op het moment dat zijn docent Frans een stuk van Sartre voorleest, waarin staat dat de mens geworpen is in een wereld, die hij niet gekozen heeft, en een vreemde is onder de blik van anderen, die hem ook tot een vreemde voor zichzelf maakt, is hij met stomheid geslagen. Hij voelt herkenning. Hij is voornemens al het werk van Sartre te lezen, maar loopt daar al snel in vast, is teleurgesteld door de onbegrijpelijke filosofische beschouwingen. Daarna verdiept hij zich in de psychologie en gaat de mensen in zijn omgeving te lijf met gevraagde en ongevraagde adviezen over hun gedragingen. Ook dat levert overweldigende beschrijvingen van hilarische en tegelijkertijd tragische situaties op.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als hij op een dag wordt aangevallen door een paar zware jongens, is het met zijn zelfvertrouwen gedaan: ‘Niets had mij voorbereid op de onbenulligheid, de alledaagsheid, de verwisselbaarheid van mezelf, van wie ik was’. Compromissen sluiten is niets voor hem. Hij wil God zijn, een werelddictator, onaantastbaar. Wie zijn dan de goden die hem aanraken? Sartre slechts ten dele, Camus ook. Te Gussinklo wil een meesterwerk schrijven, maar hoe dan?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          
             ﻿
            &#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
        
            In 1960 krijgt hij voor het eerst werk van Mulisch onder ogen, voor hem daadwerkelijk een god door wie hij aangeraakt wordt. Hij raakt er niet over uitgepraat, citeert soms halve bladzijden uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het stenen bruidsbed
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en levert er in uitputtend proza, vol zinnen tussen haakjes, zijn commentaar op, ondertussen naar talloze andere schrijvers verwijzend, zoals Vestdijk en Kafka. Wat bewondert Te Gussinklo nu zo in Mulisch? Het zijn vooral: ‘duidelijkheid; krachtige, beslissende gebeurtenissen – niet dat vage en halve; dat, een beetje dit, een beetje van alledag. Zo niet verder leven. Met een mitrailleur de straat op, ze allemaal afschieten, iedereen die je zag, met hun kapperspraat, hun kleinzerigheid en gesnotter’.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is interessanter om in de eerste helft van het boek de tragische wanhoop van de gekwelde ziel te volgen dan hoe deze zelfde ziel uiteindelijk wordt aangeraakt door een godheid, die absoluut kon schrijven, maar die zichzelf helaas ook maar al te vaak op hinderlijke wijze als godheid zag: ‘ “Ik schrijf te goed”, zei Mulisch zelf eens. “Daardoor weten de lezers niet waarover ik schrijf” – of woorden van die strekking.’ Vanaf dat moment wordt ‘het obsessieve evangelie’ van Te Gussinklo over het goddelijke schrijverschap van Mulisch vervelend, en dan ben je nog niet eens op de helft van het boek. Dat is zonde, want de eerste helft ráákt. Toch wordt de volhardende lezer aan het eind nog getrakteerd op een mooie, filosofische bespiegeling over mystiek en magie.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wessel te Gussinklo – Aangeraakt door goden. Koppernik, Amsterdam. 304 blz. € 24,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wessel-te-Gussinklo-Aangeraakt-door-de-goden-Boek-uit-2003.jpeg" length="23130" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 10 Apr 2023 08:42:09 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/schrikwekkende-verlatenheid-in-dit-heelal</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Wessel te Gussinklo,Aangeraakt door goden</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wessel-te-Gussinklo-Aangeraakt-door-de-goden-Boek-uit-2003.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wessel-te-Gussinklo-Aangeraakt-door-de-goden-Boek-uit-2003.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Tot ik niets meer beteken en zonder een zin op je wacht’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/tot-ik-niets-meer-beteken-en-zonder-een-zin-op-je-wacht</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Tot ik niets meer beteken en zonder een zin op je wacht’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Zo worden jaren tijd' van Cees Nooteboom
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zo+worden+jaren+tijd.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is een illusie dat je terug in de tijd zou kunnen lezen. En toch krijg je die gewaarwording als je ‘Zo worden jaren tijd’ van Cees Nooteboom leest. Hij rangschikt zijn poëzie van 2022, terug in de tijd, naar 1955, en schrijft zelf een voorwoord. Hij is dan 88 en ziet zijn vroegere zelf als een jongere collega van 22 met dezelfde naam. De dubbele getallen klinken magisch en die magie houdt aan als je van voor naar achter begint te lezen in deze 656 bladzijden tellende bundel. Langzaamaan is het of je verdwijnt in het denken van een ander, van de dichter, die steeds jonger wordt, tot je halverwege beseft dat je het zelf bent, die denkt, nog steeds in het hier en nu, in de wereld van taal die Nooteboom in al die jaren geschapen heeft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nooteboom licht toe waarom hij ook de vroegere gedichten, waarvoor hij zich nu misschien zelfs schaamt, in de bundel heeft opgenomen: ‘en nu ik zelf oud ben laat ik ze opnieuw staan in hun volledige onschuld en met al hun zichtbare gebreken, in het gezelschap van teksten die ik later en soms veel later geschreven heb, al was het maar om de titel van de verzameling duidelijker te maken: zo worden jaren tijd.’ Tijd ervaren we alleen doordat we sterfelijk zijn en dus voel je in die 66 ‘dichtjaren’ het verstrijken van een mensenleven. Tegelijkertijd is elk gedicht een onvergankelijk stuk ‘gestolde tijd’. Het is opvallend hoe vaak vergankelijkheid en tijd thema zijn in Nootebooms poëzie. Het oudste gedicht uit de bundel heet ‘het roepen van de overkant’, waarin staat dat het niet lang duurt of je kunt ‘alleen nog maar met woorden spelen’, en het jongste gedicht eindigt met:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wij bleven achter als niemand
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in onze dorpen van niets,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           schimmen van nooit meer hetzelfde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           met voor altijd de as en de geur
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van het einde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het stollen van de tijd in taal zie je ook in: ‘in wat voor taal / spreek je tegen een vroeger of later / ogenblik dat slijt waar je bij bent’. Het is alsof de dichter niet anders kan dan in taal leven. Hij is een ‘onderdaan van woorden’, dwalend in ‘gedachten zonder uitgang’. Dat denken neem je als lezer over. Je wordt steeds opnieuw meegetrokken in die reeks van taalconstructies die reflecteren op het schrijven, de waarneming en op heel veel scheppingen van andere kunstenaars.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nooteboom heeft altijd een grote passie voor reizen gehad, voor andere culturen, vooral ook voor de klassieke cultuur. Dat zie je terug in zijn gedichten en het werkt aanstekelijk. Hij noemt talloze namen van andere kunstenaars. De eerste die ik tegenkwam was Miklós Radnóti, over wie Nooteboom schrijft:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de spiegel waar hij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           doorheen moest om niemand te zijn, een
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gemartelde dode in zijn eigen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gedicht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik zocht de naam van deze Hongaarse dichter op en kwam uit bij het indrukwekkende en tevens hartverscheurende ‘Het schriftje uit Bor’, dat men na de oorlog in een massagraf vond. Ik heb het inmiddels uitgegeven schriftje met foto’s van de door lijkvocht aangetaste bladzijden, en met een nawoord van Grunberg, gekocht en gelezen, voordat ik verder ging in Nootebooms poëzie. Bij het volgende gedicht startte opnieuw een zoektocht bij een verwijzing naar weer een andere kunstenaar. Titels als ‘Ruïne bij Oulad-Merzoug’, Aischylos in Dodona, ‘Plato, Melélendez’ of ‘Harba lori fa’ vragen om studie naar kennis van de wereld en de kunst. Na een poosje realiseerde ik mij dat ik bijkans het leven van Nooteboom zou moeten leven om al die verwijzingen te kunnen volgen en rechtdoen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je kunt je door zijn poëzie inderdaad laten inspireren om buiten de bundel te gaan lezen, maar minstens zoveel waard is het om in de bundel te blijven, want hoezeer de dichter ook geïnspireerd was door al die andere kunstenaars, zijn eigen taalscheppingen zijn schitterend en ‘op zichzelf staand’: ‘zwem in het raadsel naar binnen // waar het koel is / en geurt naar oneindige tijd’. Door al die jaren heen vormt dit werk hierin een opvallende eenheid: de poëzie reflecteert de buitenwereld, maar zwemt dan inderdaad als een raadsel naar binnen en wordt louter taal.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Uit de smeltende stilte
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het eerste geluid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in het buitenste klooster
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de vogels
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in de binnenste muren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de stemmen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De gedichten beschrijven het raadsel van het leven dat steeds opnieuw eindigt in de overgang van dag naar nacht, in de bloei van de natuur, maar ook in het verlies van dierbaren en in het besef dat je nooit meer het moment kunt naderen dat een eeuwenoud beeld vervaardigd of een foto gemaakt werd. Een van de laatste bundels, Afscheid, is op zichzelf bijna een beeldhouwwerk, van taal weliswaar, maar zo fraai gecomponeerd in steeds drie kwatrijnen en dan een eenzame slotregel, als de echo van de slag van de beitel. De gedichten zijn gesloten en toch universeel, alsof je rondloopt tussen raadselachtige bouwwerken, waarin je eigen vergankelijkheid en verliezen weerspiegelen. Je komt oog in oog te staan met jezelf, of althans met een van die gelijkenissen van jezelf:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van iemand die liep werd ik iemand die zweefde.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met een koffer vol tijden ging ik bij me vandaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nu ken ik nog weinig en niemand
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo ben ik naar binnen gegaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De gedichten staan vol paradoxen, lijken zichzelf soms op te heffen of juist eeuwig te herhalen. Titels als ‘Aanwezig, afwezig’, ‘Slot’, ‘Spiegel, bespiegel’ en regels als ‘de hemelse nul / van de tijd’, ‘wij betalen de veerman / al lang voor ons sterven,’ zetten aan tot bespiegeling en meditatie, waarin je door het lezen van de woorden van een ander, samenvalt met jezelf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze verzameling bevat een schat aan schitterende dichtregels en composities. Je kunt er een leven lang mee doen, schat ik zo in:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lees mij dus nog één keer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in deze vertragende paring.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Herhaal mijn gerangschikte zinnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tot ik niets meer beteken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en zonder een zin op je wacht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Cees Nooteboom – Zo worden jaren tijd. De Bezige Bij, Amsterdam. 656 blz. € 49,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zo+worden+jaren+tijd.jpeg" length="43154" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 02 Apr 2023 13:42:49 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/tot-ik-niets-meer-beteken-en-zonder-een-zin-op-je-wacht</guid>
      <g-custom:tags type="string">Zo worden jaren tijd,essays,Cees Nooteboom</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zo+worden+jaren+tijd.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zo+worden+jaren+tijd.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Doe het toch maar: gedichten over creativiteit en inclusiviteit</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/doe-het-toch-maar-gedichten-over-creativiteit-en-inclusiviteit</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Doe het toch maar: gedichten over creativiteit en inclusiviteit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking door Finn de Brouwer (leerling vwo 4 van het Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/doe+het+toch+maar.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Doe het toch maar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Babs Gons is een bundel met gedichten die zich richt op inclusiviteit en acceptatie in de samenleving. Gons is niet alleen een schrijver, maar ook een spoken word-artiest. Haar werk straalt een grote maatschappelijke betrokkenheid en urgentie uit, waardoor ze vaak gevraagd wordt om haar werk te presenteren tijdens belangrijke maatschappelijke initiatieven en evenementen zoals de Februaristaking en de Herdenking van het Slavernijverleden. Typerend voor deze bundel is dat de schrijver op een indringende en krachtige manier maatschappelijke kwesties aankaart en de lezer uitdaagt om hierover na te denken. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          
             ﻿
            &#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Doe het toch maar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een indrukwekkende verzameling van gedichten die zich richt op verschillende thema's zoals migratie, racisme, discriminatie, acceptatie en inclusiviteit. Gons heeft deze bundel geschreven vanuit haar eigen ervaringen als kind van Surinaamse ouders en als zwarte vrouw in Nederland. In Ga terug naar je eigen land schrijft Babs over jezelf verbinden met je eigen land en trots zijn op je eigen identiteit. Het volgende voorbeeld geeft dit goed weer: “weet je eigen land, altijd vlak achter je ogen, opgevouwen net onder je borstkas”. De schrijver moedigt de lezer hiermee aan om altijd verbonden te zijn met je eigen land, ongeacht waar je in de wereld bent. In Doe het toch maar schrijft Babs Gons over het belang van kunst en creativiteit. De herhaalde zin ”doe het toch maar” is een aansporing om toch door te gaan met het schrijven en delen van verhalen en creatieve uitingen, zelfs als de wereld daar niet op lijkt te wachten. Het gedicht benadrukt de waarde van het uiten van jezelf en het creëren van iets, ook al is het niet direct tastbaar en heeft het geen directe impact op de wereld om je heen. Precies goed gaat over de acceptatie van de eigen identiteit en menselijkheid, ondanks de verschillende eigenschappen, die soms als afwijkend worden gezien binnen de maatschappij. De menselijke identiteit wordt in dit gedicht benadrukt door de zin: “niet te veel, niet te weinig, gewoon genoeg mens”. 
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            De vorm van "Ga terug naar je eigen land" ondersteunt de thematiek van het gedicht. De titel geeft een duidelijk beeld van het thema. “Ga terug naar je eigen land” komt meerdere keren voor in het gedicht. Deze herhaling versterkt de boodschap van het gedicht en het creëert een ritme. De schrijver gebruikt veel metaforen en beeldspraak die het idee van verbinden met je thuisland ondersteunen. De regel “laat zelfs tussen het kilste beton, je voeten zachtjes dansen op de aarde” is hier een krachtig voorbeeld van. Het idee dat je verbonden kunt blijven met je eigen land, zelfs als je op een totaal andere plek bent, wordt hierdoor mooi weergegeven. In "Precies goed" valt op dat het gedicht geen regelmatig metrum of rijmschema heeft. Dit benadrukt de persoonlijke en emotionele aard van de tekst. Verder wordt er veel gebruik gemaakt van herhaling, wat een gevoel van ritme en kracht creëert. Dit ondersteunt de thematiek van het gedicht. Deze thematiek wordt nog eens versterkt door het gebruik van tegenstellingen en variatie in de beschrijving van verschillende eigenschappen. Dit laat zien dat iedereen uniek is en dat er geen enkele eigenschap is die bepaalt of iemand goed genoeg is of niet. Deze elementen dragen bij aan de krachtige boodschap van het gedicht. De vorm van het gedicht "Doe het toch maar" ondersteunt de thematiek door middel van herhalingen en imperatieven. De herhalingen van de zin "doe het toch maar" geven de lezer een gevoel van moed en doorzettingsvermogen, terwijl de imperatieven zoals "zeg dat maar tegen jezelf" en "schrijf dat voor jezelf op een briefje" de lezer actief betrekken bij de boodschap van het gedicht. Bovendien wordt de lezer aangesproken in de tweede persoon, wat een gevoel van persoonlijke betrokkenheid creëert. De vrije versvorm en de afwezigheid van rijm en metrum geven het gedicht een gevoel van spontaniteit en oprechtheid, wat het thema versterkt. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat zeggen deze gedichten over de werkelijkheid om ons heen? "
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Doe het toch maar"
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gaat over de uitdagingen en moeilijkheden van het nastreven van kunst en creativiteit in de werkelijke wereld die er niet veel om geeft. Het moedigt de lezer aan om toch door te gaan met het creëren en delen van hun werk, ondanks de kritiek en onbegrip die ze mogelijk tegenkomen. Het gedicht suggereert dat kunst en creativiteit waardevol zijn, zelfs als ze niet direct problemen in de wereld oplossen. "
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Doe het toch maar"
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           benadrukt ook het belang van zelfmotivatie en doorzettingsvermogen en stelt dat het belangrijk is om je eigen kansen te creëren in plaats van te wachten op anderen die je uitnodigen. Het gedicht "Ga terug naar je eigen land" zorgt ervoor dat de lezer na gaat denken over de complexe realiteit van de migratiecrisis in Nederland en de discriminatie waarmee immigranten te maken hebben. Het gedicht dwingt de lezer om stil te staan bij de menselijke ervaring van immigratie en om te reflecteren op de verantwoordelijkheid van de Nederlandse samenleving om vluchtelingen en immigranten te ondersteunen en te beschermen. Gons maakt gebruik van poëtische taal om de complexiteit en de diepte van deze problemen te verkennen en roept op tot empathie en begrip. Babs Gons gebruikt de denigrerende uitspraak "ga terug naar je eigen land" niet als een negatieve uitdrukking, maar als een aanmoediging voor vluchtelingen om trots te zijn op hun thuisland en de wederopbouw ervan te omarmen. Een voorbeeld hiervan is: ”laten we teruggaan naar ons eigen land, de grond weer van ons allen maken”. Dit staat in groot contrast met de manier waarop de uitspraak ”ga terug naar je eigen land” vaak wordt gebruikt als een vervelende opmerking gericht tegen vluchtelingen. In "Precies goed" schrijft Babs Gons over een belangrijk probleem dat in onze hedendaagse samenleving speelt: het gevoel van ontevredenheid en ongeluk dat steeds meer mensen ervaren. Het is een probleem dat voortkomt uit een mix van sociale druk, culturele verwachtingen en persoonlijke onzekerheden. Het leidt vaak tot gevoelens van vervreemding en een verlangen naar iets dat buiten onszelf ligt. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vanuit bovenstaande is te concluderen dat deze gedichtenbundel een reflectie is op de realiteit van de hedendaagse samenleving. Babs Gons nodigt met deze bundel de lezer uit tot nadenken over maatschappelijke kwesties. In de bundel worden verschillende thema’s behandeld zoals migratie, racisme, discriminatie, acceptatie en inclusiviteit. De gedichten geven een beeld van de ervaringen van minderheden en hoe zij omgaan met hun identiteit.
            &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Het gedicht "Ga terug naar je eigen land" geeft een duidelijk beeld van de ervaring van vluchtelingen en immigranten in Nederland en hoe zij hun identiteit en verbinding met hun thuisland behouden. Het gedicht moedigt vluchtelingen aan om trots te zijn op hun land en de wederopbouw ervan te omarmen. Het gedicht "Precies goed" benadrukt de acceptatie van de menselijke identiteit, ondanks de verschillen die soms als afwijkend worden gezien in de samenleving. Het gedicht "Doe het toch maar" benadrukt het belang van kunst en creativiteit in een wereld die niet altijd waarde hecht aan deze uitingen. De dichtvorm van deze bundel leidt tot bewustzijn over hedendaagse maatschappelijke kwesties. De gedichten van Babs Gons zijn een weergave van de werkelijkheid om ons heen en bieden steun en inspiratie voor degenen die worden geconfronteerd met de problemen voortkomend uit deze realiteit. 
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           B. (z.d.). babsgons.com. Babs Gons. https://babsgons.com/ 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           Jongsma, J. (2021, 24 augustus). Babs Gons – doe het toch maar. Meander magazine.
            &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      
           https://meandermagazine.nl/2021/08/babs-gons-doe-het-toch-maar/ 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gons, B. (2020, 22 april). Doe het toch maar – Theaterkrant. Theaterkrant. https://www.theaterkrant.nl/tm-artikel/doe-het-toch-maar/ 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/doe+het+toch+maar.jpeg" length="93847" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 28 Mar 2023 17:03:16 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/doe-het-toch-maar-gedichten-over-creativiteit-en-inclusiviteit</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Doe het toch maar,Babs Gons,Finn de Brouwer,essays van leerlingen,essays leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/doe+het+toch+maar.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/doe+het+toch+maar.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Buddingh’s Indianenverhalen</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/buddinghs-indianenverhalen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Buddingh’s Indianenverhalen 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De laarzen der Mohikanen' door Christine de Hosson (leerling vwo 4 Eligant Lyceum)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Gwenllian+de+Hosson+Buddingh.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Cornelis (Kees) Buddingh' was een veelzijdige en productieve Nederlandse schrijver, kunstenaar en performer. Hij werd geboren op 7 augustus 1918 in Dordrecht en overleed daar op 24 november 1985. Buddingh' vertaalde klassieke werken naar het Nederlands en publiceerde verschillende bundels met poëzie. Hij debuteerde in 1941 met de bundel "Het geïrriteerde lied". Zijn bekendste gedichten zijn "Blaauwbilgorgel" en "Pluk de dag". 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Buddingh' was bekend om zijn toegankelijke stijl en zijn vermogen om poëzie voor een breed publiek begrijpelijk te maken. Hij schreef niet alleen poëzie, maar ook proza, kritieken, columns, aforismen, bloemlezingen, essays en hij was actief als literair vertaler. Buddingh' was een belangrijk voorbeeld en inspiratiebron voor latere generaties experimentele dichters, waaronder de Vijftigers. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het leven van Buddingh' kende verschillende hoogte- en dieptepunten. Hij werd als dienstplichtig in 1939 gemobiliseerd. In de periode 1942 – 1949 werd hij twee maal opgenomen in een sanatorium vanwege tuberculose. Naast zijn literaire werk had hij een deeltijdbaan aan het Instituut voor Vertaalkunde van de Universiteit van Amsterdam en was hij voorzitter van uitgeverij De Bezige Bij. Ook werd hij in de jaren zeventig kunstenaar. Hij maakte collages in kastjes die hij ‘gedichten in een kastje’ noemde. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Buddingh' was ook een performer. Hij werd bekend door zijn poëzieavonden. In de jaren '60 begon hij dagboeknotities te schrijven, waarvan vijf delen werden gepubliceerd. Hij ontving de Jan Campert-prijs voor zijn bundel "Het houdt op met zachtjes regenen" en werd op zijn zestigste verjaardag benoemd tot ereburger van Dordrecht. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De gedichtenbundel “De laarzen der Mohikanen” is de tweede bundel van Buddingh’ uitgebracht in het oorlogsjaar 1941. De bundel bevat 24 ontroerende, door de oorlog getekende verzen, met een soms kinderlijke of surrealistische boventoon en een serieuze ondertoon. Het werk is doordrenkt van weemoed en melancholie. De titel “De laarzen van de Mohikanen of niet goed, geld terug” zet al direct aan tot denken. Het combineert, met een twist, enerzijds de titel van het boek “De laatste der Mohikanen” door James Fenimore Cooper uit 1826 dat gaat over de laatste overlevenden van een Indianenstam. De titel is verworden tot een metafoor die wel gebruikt wordt om aan te geven dat iets of iemand bijna verdwenen of verouderd is. “Niet goed, geld terug” is een garantie die winkeliers bieden aan klanten. Door de twist lijkt het een advertentie voor laarzen met een hoge kwaliteit die niet veel meer voorkomt van een verkoper die alle vertrouwen heeft in die kwaliteit. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De thematiek in de gedichten richt zich op zwaarmoedige onderwerpen als verlies, verlangen, vergankelijkheid, de dood en presenteert ze op een verrassende en vernieuwende manier. Hij maakt gebruik van taalspelletjes, ironie, humor en metaforen om zijn veelal weemoedige en melancholische boodschap over te brengen. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Humor is terug te vinden in het gedicht "Schoolbord" dat op grappige wijze uitdaagt om kritisch te zijn. Buddingh’ brengt ermee over dat regels niet altijd zinvol zijn. Zoals hij schrijft: "vier maal twee is dom" en "vijf maal twee is zonde". De absurditeit van deze regels maakt het onmogelijk om eraan te voldoen. Buddingh' laat zien hoe deze regels ons in de weg kunnen zitten en ons beperken. Zoals hij schrijft: "Acht maal twee is niets" en "Negen maal twee nog minder". 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het een strofe en drie regels tellende gedicht "Kosmos" beschrijft Buddingh' een huis van glas waarin negen vazen per venster staan. De thematiek van dit gedicht is de vergankelijkheid van het leven en de kwetsbaarheid van het bestaan. Het huis van glas symboliseert het fragiele karakter van het leven. De vazen die in het huis staan zijn op hun beurt weer van glas en kunnen elk moment breken. Buddingh' laat met de inhoud en de lengte van dit gedicht zien dat het leven kort en kwetsbaar is en dat we daarom moeten genieten van elk moment. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarnaast maakt Buddingh’ gebruik van eenvoudige en toegankelijke taal. Het gedicht "Tekenfilm" beschrijft op kinderlijke wijze een bizar verhaal over "Een kikvors met het hoofd van een mandril" en "Verbaasd wrijft het zijn vette oogen uit". Deze eenvoudige taal zorgt ervoor dat de lezer zich kan focussen op de merkwaardige gebeurtenissen die beschreven worden. Toch wordt er ook gebruik gemaakt van poëtische taal, zoals in de regel "Waar een verlaten bruidsstoet staat te wachten". Deze zin roept een beeld op van een treurige en verlaten situatie, zonder dat er moeilijke woorden aan te pas komen. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Bovenal gebruikt Buddingh’ veel metaforen die de sfeer van vergankelijkheid versterken. In het gedicht "Vierschaar" beschrijft hij met de regel "Duizend reizen in het rijk der doden" verlies en het niet kunnen terugkeren naar hoe het ooit was. De metafoor "In de postkoets der verloren moeite", benadrukt het gevoel van een zinloze zoektocht naar iets wat niet meer terug te vinden is. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De titel "Singing the blues" verwijst naar blues muziek dat vaak, net als de gedichten van Buddingh’, melancholisch is. De openingsregel "De bomen van de nacht staan kaalgevroren” geeft het gedicht een winterse sfeer. “Van zon en voorjaar bleven enkel woorden” in de tweede strofe versterken dat beeld. De vergankelijkheid en het verlies spatten ervan af. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In "Avondval" beschrijft Buddingh' de overgang van dag naar nacht, waarbij de stoomboot van de dag langzaam verdwijnt in de zee van de schemering en de zon zijn laatste stralen uitstraalt. Dit symboliseert het verstrijken van de tijd en de vergankelijkheid van het leven. Zoals Buddingh' schrijft: "alles wat leeft, moet sterven" en de zon die verdwijnt en de boot die zinkt, tonen het onherroepelijke einde van alles. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De gedichten van Buddingh’ gaan over de serieuze thema’s uit het leven. De rauwe werkelijkheid verhuld in een mooi poëtisch jasje. De werkelijkheid op het moment van schrijven was die van oorlog en bezetting. Een beeld dat wij in het Nederland van nu niet meer goed kunnen herkennen, daarom staan we er minder bij stil. Toch zijn de thema’s van deze gedichten nog even actueel als ze waren op het moment waarop ze werden geschreven. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Samengevat: de poëziebundel "De laarzen der Mohikanen" van C. Buddingh' bevat gedichten die zich richten op zwaarmoedige thema's zoals verlies, verlangen, vergankelijkheid en de dood. Buddingh' weet deze thema's op een vernieuwende manier te presenteren door middel van taalspelletjes, ironie, humor en metaforen. Door het gebruik van eenvoudige taal kan de lezer zich volledig richten op de inhoud van de gedichten. Het meest opvallende aspect van Buddingh's poëzie is het gebruik van metaforen, waarmee hij de sfeer van vergankelijkheid versterkt en het gevoel van verlies en het niet kunnen terugkeren naar hoe het ooit was benadrukt. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen: 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De laarzen der Mohikanen, of Niet goed, geld terug. (z.d.). Het Geheugen. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://geheugen.delpher.nl/nl/geheugen/view/de-laarzen-mohikanen-niet-goed-geld-terug--buddingh?facets%5BsubthemeStringNL%5D=Oorlog&amp;amp;coll=ngvn&amp;amp;maxperpage=4&amp;amp;page=25&amp;amp;identifier=EVDO03%3AUBL01_DEJONG_126" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://geheugen.delpher.nl/nl/geheugen/view/de-laarzen-mohikanen-niet-goed-geld-terug--buddingh?facets%5BsubthemeStringNL%5D=Oorlog&amp;amp;coll=ngvn&amp;amp;maxperpage=4&amp;amp;page=25&amp;amp;identifier=EVDO03%3AUBL01_DEJONG_126
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wikipedia-bijdragers. (2022, 30 november). C. Buddingh’. Wikipedia. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://nl.wikipedia.org/wiki/C._Buddingh%27" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://nl.wikipedia.org/wiki/C._Buddingh%27
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           DPG Media Privacy Gate. (z.d.). 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/cees-buddingh-heeft-mijn-leven-gered~bda6d87a/?referrer=https%3A%2F%2Fwww.google.com%2F" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/cees-buddingh-heeft-mijn-leven-gered~bda6d87a/?referrer=https%3A%2F%2Fwww.google.com%2F
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           DPG Media Privacy Gate. (z.d.-b). 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.humo.be/meningen/spelen-met-woorden-is-een-sport-die-niemand-pijn-doet-en-de-hersenen-masseert~b9357fcd/?referrer=https%3A%2F%2Fwww.google.com%2F" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.humo.be/meningen/spelen-met-woorden-is-een-sport-die-niemand-pijn-doet-en-de-hersenen-masseert~b9357fcd/?referrer=https%3A%2F%2Fwww.google.com%2F
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Gwenllian+de+Hosson+Buddingh.jpeg" length="20583" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 27 Mar 2023 18:14:36 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/buddinghs-indianenverhalen</guid>
      <g-custom:tags type="string">De laarzen der Mohikanen,Buddingh,essays,essays van leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Gwenllian+de+Hosson+Buddingh.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Gwenllian+de+Hosson+Buddingh.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Over een gat waarin je kunt verdwijnen en een verteller die de benen neemt</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/over-een-gat-waarin-je-kunt-verdwijnen-en-een-verteller-die-de-benen-neemt</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Over een gat waarin je kunt verdwijnen en een verteller die de benen neemt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Onze allerliefste schrijvende oude dame' van Anne Serre
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Onze+allerliefste+schrijvende+oude+dame.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al op de eerste bladzijde confronteert Anne Serre in haar Onze allerliefste schrijvende oude dame de lezer met een vervreemdend element. Een ‘ik’ observeert de verteller, die op zijn beurt uit een smalle opening in de zolder naar buiten kijkt. De rollen lijken omgekeerd, want degene die zich op een eerste bladzijde als ‘ik’ presenteert, is immers zelf de verteller. Op dat moment heb je als lezer nog niet het geringste vermoeden van wat je daarna nog allemaal te wachten staat. Serres boek is een waar avontuur, waarbij de lezer op het puntje van zijn stoel van de ene verbazing in de andere rolt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Na enkele bladzijden blijkt dat je zojuist een stukje hebt gelezen van een manuscript, maar dat er stukken ontbreken. De interviewer, cameraman en assistente proberen het manuscript te reconstrueren en hopen daarom dat de ‘allerliefste schrijvende oude dame’ nog een poosje blijft leven, zodat ze de hiaten kan opvullen. Ondertussen ben je met twee nieuwe vertellers geconfronteerd, namelijk de interviewer, maar ook de oude dame. Daar blijft het niet bij. Op de achtergrond speelt nog steeds de verteller, die op de eerste bladzijde uit de smalle opening keek, die voor het gemak van de vertelster maar even ‘Hans’ genoemd wordt. Wie is die Hans? Je krijgt weinig informatie over hem, maar hij komt steeds terug. De vertelster legt uit dat Hans al aanwezig was toen ze nog jong was:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Je moet ook kijken naar dit kiekje waarop je bijna de lichtspleet op de zolder kunt zien, aan de voet waarvan een kudde bokken met generfde hoorns graast. Maar kijk vooral goed naar dit plaatje: dat van een weg vol goud, mos, licheen op de bermen en aangestampte aarde. Via die weg heeft Hans de benen genomen, maar sinds ik hem op de hielen zit, stel ik vast dat hij regelmatig halt houdt en het hoofd omdraait om te zien of ik hem nog volg. Ik heb altijd van dit soort jacht gehouden: rennen of langzaam, maar op een uiterst oplettende manier, achter iets aan lopen wat probeert te ontsnappen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hans dook voor het eerst op toen ze nog zo klein was dat ze amper beschikte over een taal. Dat zet aan het denken: is Hans wellicht een bewustzijnstoestand waarin de vertelster zichzelf ineens vanaf een metapositie ziet, een vorm van overbewustzijn? De lezer vergaat het overigens niet anders: de verteller heeft de benen genomen en hoe je ook achter hem aanholt, hij ontsnapt steeds, omdat het verhaal wordt overgenomen door een volgende verteller.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bijzonder aan het boek zijn de ‘echo’s’. De eerste vertelster beschrijft een landschap dat zeer sterk lijkt op het landschap dat de interviewer ziet als hij uit het raam kijkt in de ruimte waar hij zich met de cameraman, de assistente en de oude dame bevindt. Het is het landschap dat op het kiekje te zien was, het landschap waarin Hans de benen nam, maar ook het landschap dat verderop in het verhaal op een ansichtkaart staat. Ineens beseft de interviewer dat het verhaal misschien is stopgezet op het moment dat Hans de benen nam. Hij was immers de verteller. Hij kijkt uit het raam om te zien of hij Hans nog kan zien. Dan besluit hij Hans te achtervolgen, samen met de cameraman en Edith, de assistente. Op die manier komt er een herhaling in het verhaal en krijg je de ervaring van een trompe l’oeil: ‘Ik vond het bevredigend in het voetspoor van Hans te lopen: net als de vertelster had ik zo een precies, prettig doel.’ Even later geeft hij aan dat hij niet de eerste was, maar ook niet de laatste zal zijn die zich aan dit avontuur waagt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net op het moment dat je je begint af te vragen of je gek aan het worden bent, staat er doodleuk: ‘Zoals mevrouw onze zeer lieve oude schrijfster zegt, moet je heel wat ballen in de lucht houden als je een verhaal vertelt, zei ik tegen mijn twee kompanen.’ Je maakt onderdeel uit van een verhaalconstructie en – als je daarvan houdt – is het echt vermakelijk. Je blijft zoeken naar de essentie, of de ontknoping. Omdat je steeds een pas op de plaats moet maken als er weer een verteller ontsnapt, sta je ook stil bij existentiële vragen, die de verteller van dat moment ook opwerpt: over de ideale liefde, de ideale vriendschap en het zoeken naar zingeving.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Achter op het boek staat: ‘Midden in elk groot boek zat een put waarin je je moest gooien, niet om te sterven, maar om erin te verdwijnen en ergens anders boven te komen.’ En ergens in het verhaal staat de vertelster inderdaad voor een gat, waar ze een bruggetje overheen probeert te spijkeren. En dan vang je als lezer een glimp op van een essentie, die diep ontroert. Wie zich overgeeft aan deze taalconstructie, wordt tot op de laatste bladzijde aan het denken gezet en steeds opnieuw verrast.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Anne Serre – Onze allerliefste schrijvende oude dame. Vertaald door Katelijne De Vuyst. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 112 blz. € 23,95.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Onze+allerliefste+schrijvende+oude+dame.png" length="49167" type="image/png" />
      <pubDate>Sun, 19 Mar 2023 17:38:09 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/over-een-gat-waarin-je-kunt-verdwijnen-en-een-verteller-die-de-benen-neemt</guid>
      <g-custom:tags type="string">Onze allerliefste schrijvende oude dame,essays,Anne Serre</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Onze+allerliefste+schrijvende+oude+dame.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Onze+allerliefste+schrijvende+oude+dame.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De reis van Sint Brandaan, heiligenverering of fantasieverhaal?</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-reis-van-sint-brandaan-heiligenverering-of-fantasieverhaal</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De reis van Sint Brandaan, heiligenverering of fantasieverhaal?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De reis van Sint Brandaen' door Finn de Brouwer (leerling vwo 4 Eligant Lyceum in Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/reis+van+sinte+brandaen.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Brandaan was een abt van een Iers klooster. Hij leest een boek met wonderen die hij niet kan geloven. Brandaan verbrandt het boek uit woede. Er verschijnt een engel die hem als straf het boek met de verloren waarheid laat herschrijven. Brandaan gaat op reis met een kapelaan en enkele bemanningsleden. Hij vaart een groot deel van de onbekende wereld rond en noteert alles wat hij tegenkomt. Als het boek vol is en hij terug is in Ierland komt hij te overlijden. Hij wordt vereerd en krijgt de titel van heilige.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De reis van Sint Brandaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is rond de twaalfde eeuw door een onbekend persoon geschreven. Het boek wordt door velen beschouwd als heiligenverering. Heiligenverering is de aanbidding of verering van heiligen, ofwel personen die door de kerk of religie als bijzonder spiritueel of heilig worden beschouwd. Het boek is een Middelnederlandse versie van de Latijnse
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Navigatio Sancti Brendani
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . De Latijnse versie is geschreven door een onbekend persoon in de negende eeuw. Deze twee versies hebben veel verschillen, maar ook overeenkomsten. Wat zijn de verschillen tussen deze teksten en in hoeverre is
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De reis van Sint Brandaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            heiligenverering? 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De doelgroep van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Reis van Sint Brandaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is waarschijnlijk de normale burger. Dit zie je vooral aan de algemene sfeer. Veel mensen geloofden in de Middeleeuwen in de kracht en wonderen van heiligen; religie was een belangrijk onderdeel van het leven. Het was destijds niet ongebruikelijk om te geloven dat wezens uit de onderwereld zich op aarde ophielden. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De reis van Sint Brandaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            komen deze wezens terug. Een voorbeeld daarvan is: “Maar spoedig was er grote nood door een dier, ontzettend lang, een wonderlijke draak of slang”. Als we dit boek bekijken vanuit het oogpunt van een middeleeuwer kan men argumenteren dat het boek het grote publiek wil trekken. Het boek moest bij een groots publiek ontzag wekken voor Gods schepping en tegelijkertijd doen voelen dat de ergste zondaars nog altijd kunnen hopen op genade van God. De tekst past goed in de destijds gevoerde discussie over de hemel. Er bestond altijd een scherpe kloof tussen hemel en hel: wie sterft was verdoemd of uitverkorene, er bestond geen tussenweg. In de twaalfde eeuw veranderde die gedachte; nu gingen alleen door en door slechte mensen direct naar de hel. Mensen die weleens een fout begaan hadden, maar niet zo erg dat ze de hel verdienden, kwamen na hun dood in het vagevuur terecht. Hier wordt hun ziel gezuiverd door boete te doen. Zo blijft er hoop aan het einde der tijden, toegang te krijgen tot de hemel. Hieruit kan men concluderen dat de Middelnederlandse versie als heiligenverering kan worden beschouwd en dat het voor een breed publiek is bedoeld.  
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De lezers van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Navigatio Sancti Brendani
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            waren oorspronkelijk streng gelovigen zoals monniken. De tekst werd door monniken gebruikt om de lessen van God te volgen en de heiligen te vereren. De Latijnse versie is dus heiligenverering en is voor streng gelovigen bedoeld.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Er is een groot verschil in sfeer tussen de twee verhalen. De Latijnse versie is ernstig, vol naïef geloof. Het verhaal ademt de sfeer van een klooster. In de Middelnederlandse versie van het verhaal zit meer kleur. In deze versie wordt een stuk minder plechtig omgegaan met de wonderen. Maartje Draak wordt door de Latijnse versie herinnerd aan ‘een reeks onhandig nagetekende houtsneden’ en vergelijkt de Middelnederlandse versie met ‘een kleurig stuk borduurwerk’. Een voorbeeld hiervan is de teugeldiefstal.
             &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            In de Latijnse versie van het boek steelt één van de monniken, die Brandaan mee heeft genomen, een teugel.  Voordat ze het eiland hebben verlaten maakt Brandaan dit bekend aan zijn bemanning. De monnik bekent zijn zonden en sterft ter plekke. De Latijnse versie heeft dus geen genade voor mensen die een zonde begaan. In de
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Navigatio Sancti Brendani
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            wordt de boodschap met een ernstige toon overgebracht aan de lezer.
             &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            In de Middelnederlandse versie bezoeken de monniken een kasteel van goud. De kapelaan wordt door de duivel misleid om de teugel te stelen, maar zijn daad wordt niet direct gestraft. Hierna bezoekt het gezelschap een tweede kasteel dat nog mooier is dan het vorige. Als de groep terugkeert naar het schip, wordt de dief ontvoerd door de duivel. Brandaan koopt hem vrij via een oproep aan God. Als de kapelaan wordt teruggebracht heeft hij zijn les geleerd. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Reis van Sint Brandaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is de sfeer dus minder ernstig dan in de Latijnse versie van het boek.  
            &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            Beide teksten hebben een religieus doel, maar er zijn enkele belangrijke verschillen. Het doel van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Reis van Sint Brandaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is om de lezers te inspireren en te vermaken met een avontuurlijk verhaal over de heilige en zijn metgezellen. Het bevat veel fantasievolle elementen, zoals het ontmoeten van gigantische vissen, vogels en monsters. Het boek kan ook worden gelezen als een allegorie voor het religieuze pad van de mens, waarbij de reis van Sint Brandaan staat voor de zoektocht naar God. Aan de andere kant is de Latijnse
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Navigatio Sancti Brendani
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            bedoeld voor een strenger religieus publiek. Het is veel serieuzer en meer theologisch van aard dan
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Reis van Sint Brandaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Het boek bevat veel Bijbelse verwijzingen en christelijke symboliek. Navigatio sancti Brendani richt zich op het versterken van het geloof van de lezers. Het boek is ook bedoeld om te dienen als een spirituele gids voor monniken. Er kan worden gesteld dat De Reis van Sint Brandaan meer gericht is op entertainment en allegorie, terwijl de Latijnse Navigatio Sancti Brendani een theologisch en spiritueel doel heeft om het geloof van de lezers te versterken.
             &#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
        
            Al met al kan
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Reis van Sint Brandaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            worden beschouwd als heiligenverering, omdat het boek verering van heiligen als centraal thema heeft en de lezers aanspoort om te geloven in de kracht en wonderen van heiligen. De Middelnederlandse versie van het verhaal lijkt gericht te zijn op een breed publiek, terwijl de Latijnse versie vooral bedoeld was voor strenggelovigen en monniken. Hoewel beide versies overeenkomsten hebben, is er ook een groot verschil in sfeer. De Latijnse versie is ernstiger en vol naïef geloof, terwijl de Middelnederlandse versie meer kleur en humor heeft. Over het algemeen kan worden gesteld dat
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De reis van Sint Brandaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een belangrijk werk is in de Middeleeuwen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Reis van Sint Brandaan. (z.d.-b). Literatuurgeschiedenis. https://www.literatuurgeschiedenis.org/teksten/reis-van-sint-brandaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Jongen, L., Szirmai, J., &amp;amp; Winkelman, J. (2013). De reis van Sint Brandaan: Kritische editie van de Middelnederlandse tekst naar het Comburgse handschrift, met vertalingen van de Middelnederlandse en Middelhoogduitse Reis-versie en van de Oudfranse en Middelnederlandse Navigatio-versie. Verloren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Draak, M., &amp;amp; Aafjes, B. (1978). De reis van Sinte Brandaan. Meulenhoff.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/reis+van+sinte+brandaen.jpeg" length="69105" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 16 Mar 2023 18:43:02 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-reis-van-sint-brandaan-heiligenverering-of-fantasieverhaal</guid>
      <g-custom:tags type="string">Middeleeuwen,essays,essays leerlingen,essays van leerlingen,De reis van Sint Brandaen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/reis+van+sinte+brandaen.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/reis+van+sinte+brandaen.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘ik omhels je door alle obstakels van het gedicht heen’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-omhels-je-door-alle-obstakels-van-het-gedicht-heen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘ik omhels je door alle obstakels van het gedicht heen’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Plundering' van Antjie Krog
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/plundering.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In een wereld die aan alle kanten ‘geplunderd’ wordt, zijn wij ook zelf kwetsbaar en aan ‘plundering’ onderhevig. In de nieuwe dichtbundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Plundering
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Antjie Krog staat de taal krachtig en sprankelend overeind, te midden van die uitputting.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel mag dan wel beginnen met
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dit kom nie meer op my af nie                     het komt niet meer naar me toe
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die geluid                                                      het geluid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die geluid van ’n gedig                                 het geluid van een gedicht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           kom niet meer op my af nie                         komt niet meer naar me toe
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar uiteindelijk overrompelt Krogs poëzie nog steeds op elke bladzijde de lezer en dat heeft meer dan met de inhoud, met de taal te maken. Zij beschrijft het proces van ouder worden, het gevoel van tekortschieten en afscheid: ‘wat glippen we verloren door onze eigen handen’. Ze heeft het over haar eigen poëzie als over ‘verspilde taal’ en ‘afgrondvers’, maar zij weet dit proces van minder worden, het lijf dat oud en lelijk wordt, te vatten in verrassend ontroerende beelden en taal die de zintuigen prikkelt: ‘onze ondergang brokkelt als schelpen onder mijn poten’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Krog laat de worsteling met het leven van diverse mensen langskomen. Zo is er ‘de dakloze in Upper Mill Street’, die al maanden tussen de resten van kratten en afval stukken hout verzamelt onder de boom waaronder hij slaapt. Soms duikt zij in het verleden, zoals in ‘roeien zonder haven’, waarin Lady Anne Barnard Samuel Johnson ontmoet en er sprake blijkt van een machtspel: ‘hoe komt het dat mannen met zoveel gemak / planeten op hun vingertoppen kunnen laten draaien?’ Zo woest is de vrouw dat zij het water in loopt en het liefst wil verdwijnen: ‘mijn stem brult over het water waar vinkennesten hangen als snikken’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Krogs poëzie is activistisch, maar ook heel persoonlijk. In ‘(werk in uitvoering) een meerstemmige tekst: pogingen om de witte blik aan mezelf uit te leggen’ toont ze hoe ze zelf niet kan ontkomen aan haar eigen huidskleur, hoe ze soms niet meer weet hoe ze zich als witte tot de zwarte moet verhouden, hoe ze zich soms ook door de zwarte beschuldigd voelt, omdat ze niets meer goed kan doen, alleen omdat ze wit is. De felheid en scherpte van haar pen wisselt ze af met liefdevolle en hartverwarmende fragmenten. Zo beschrijft ze hoe ze eindelijk weer eens een dagje uitgaat met haar partner, maar dan tijdens de autorit hoge nood heeft en in de berm gaat zitten. Ze komt niet meer overeind en grijpt de hand van haar bezorgde partner, die echter ook een dagje ouder is en die zij daarom per ongeluk omvertrekt, waardoor ze beiden op de keutels in de berm belanden. Ook beschrijft ze hoe haar kleindochter haar een ‘wanordelijk gevoel van geluk’ bezorgt als zij op een overvol vliegveld tussen rolkoffers en tassen zich losmaakt uit het gezin en op haar oma afrent en haar handje in de hare laat glijden. De bundel bevat liefdesgedichten van een oudere vrouw die nog steeds verlangt naar verbondenheid. Een van de mooiste gedichten is misschien wel ‘verlangen – radeloos en zonder einde’ over de dood van haar moeder:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de dood heeft uiteindelijk zijn gezicht laten zien
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en is bloed van mijn bloed komen halen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik zie hoe licht ze in zijn armen ligt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           haar ledematen hebben hun souplesse terug
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           laat haar slapen tegen je borst
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           haar voorhoofd verlost van pijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           geen kreun meer kretend uit haar keel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hou haar vast
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hou haar zo intact
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           haar wezen omveld door het lichaam dat ik ken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hou haar vast
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hou haar priemende ogen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           haar zorgzame innerlijk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hou haar vast
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           o dood hou haar vast
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           terwijl wij nog huilend naar haar enkels grijpen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe prachtig deze vertaling ook is, en hoe je deze vertaling ook nodig hebt voor een goed begrip, het is van grote rijkdom dat in de bundel zowel de Zuid-Afrikaanse als de vertaalde tekst zijn gedrukt, want hoe ontroerend is: ‘laat sy slaap teen jou bors / haar voorkop verlos van pyn’. Daar kan geen enkele vertaling tegenop. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel is aangrijpend en vol, een loflied op het leven met zijn bloei, maar ook met zijn ondergang en heimwee naar de schoonheid van de bloei. In alle gedichten klinkt een verlangen naar verbinding met de ander door. ‘Al mijn zekerheden moeten schipbreuk lijden’, schrijft ze, maar tegelijkertijd wil ze worden ‘gepord, gekneusd en opgerukt’ door andere denkwijzen. Alle risico op plundering en kwetsuur ten spijt, is zij zichzelf niet genoeg:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wil in een doorlatende huid stappen, me overgeven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
             aan wat er aan de andere kant van ‘ik ben’ leeft –
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zonder de permanente haag
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van macht en een pantser van blinde ik-heid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Antjie Krog –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Plundering
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Robert Dorsman en Jan van der Haar. Uitgeverij Podium, Amsterdam. 208 blz. € 24,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/plundering.jpg" length="33153" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 14 Mar 2023 13:57:57 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-omhels-je-door-alle-obstakels-van-het-gedicht-heen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Plundering,essays,Antjie Krog</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/plundering.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/plundering.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Nooit te groot om lief te hebben</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/nooit-te-groot-om-lief-te-hebben</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nooit te groot om lief te hebben
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Schildpad en ik' van Marit Törnqvist
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/schildpad+en+ik.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een echtgenoot kan zijn liefde op verschillende manieren laten blijken. De voor mij meest dierbare blijk van liefde is dat mijn man mij met enige regelmaat een kinderboek cadeau doet. Natuurlijk weet hij dat ik mezelf arm koop aan allerlei ingewikkelde boeken, waar ik regelmatig aan ten onder dreig te gaan, en toch blijft hij in mij ook het kind zien, dat ik ooit was, maar bovendien nog steeds ben. Dat kind in onszelf is misschien wel het kostbaarste stukje van iedere volwassene, dat gekoesterd mag worden. En ik? Ik ben elke keer als een kind zo blij als ik het pakpapier openscheur en een prachtig prentenboek in mijn handen vind. Onlangs kreeg ik een aanvulling op mijn inmiddels grote verzameling prentenboeken van Marit Törnqvist, Schildpad en ik, en mijn kinderhart maakte een vreugdesprong, omdat mijn verbeelding bij de eerste aanblik al volop in gang werd gezet: een man loopt langs de kustlijn met – ja heus! – een reuzenschildpad aan de lijn! De ernst en vanzelfsprekendheid van dit kleine wonder, die uit de gezichtsuitdrukking van de man en de schildpad blijken, raken diep en doen vermoeden dat er, zoals in alle boeken van Marit Törnqvist, eindeloos verdwaald kan worden, in de breedte en de diepte.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan de binnenkant van de omslag zie je een uitgestrekte zee en een piepklein stoombootje in de verte. De uitgestrektheid roept eenzaamheid en verlangen op, maar ook nieuwsgierigheid. Op de titelpagina staan een schildpad en een kind dat de schildpad voert, de schildpad vele malen groter dan het kind. En dan komt het verhaal: het is de avond voor de verjaardag van de ik. Alleen dat moment roept al fijne herinneringen op van spanning en verwachting. De ik zit op schoot bij opa, die hem een verhaal gaat vertellen. De ik mag zelf kiezen en kiest – alweer – voor het verhaal van de schildpad. Dat moet dus wel een heel mooi verhaal zijn, als hij het zo vaak wil horen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op de volgende bladzijde ben je al beland in het verhaal van de opa en omdat je meteen een kind op zijn buik bij een treinbaan ziet, ga je meteen op in het verhaal en zou je bijna vergeten dat opa aan het vertellen is. Hij kreeg ooit een klein schildpadje cadeau van zijn eigen opa. Ik weet niet hoe het met andere lezers zit, maar zelf wilde ik vroeger zó graag een klein huisdiertje waar ik voor kon zorgen. Dat dit beestje ook nog in de speelgoedtrein past en in het bedje van de beer, moet toch fantastisch zijn! Een vreemde meneer waarschuwt echter de toen nog kleine opa: de schildpad zou groeien! Het kind in mij denkt: nou en? Hier krijgt mijn volwassen ik een spiegel voorgehouden: volwassenen bederven zo vaak het plezier van kinderen door uit het nu te vertrekken, in de toekomst te kijken en dan de gevaren te zien, zonder te weten of het wel daadwerkelijk gevaren zijn. Ik heb immers de voorkant nog in mijn geheugen: de ernstige man met de grote schildpad aan de lijn. Dat zag er bijzonder sfeervol uit. Het kind geniet van de schildpad, neemt hem overal mee naar toe en deelt alles met hem. Waarom zo ver vooruitkijken?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toch blijkt de schildpad, als hij groter wordt, een probleem te vormen voor het gezin: hij eet te veel en neemt te veel plaats in. Het kind in mij komt in opstand: hoezo te veel plaats? Hij is toch deel van het gezin geworden? Mijn volwassen ik denkt: is dit hoe wij met vreemdelingen omgaan? Als zij leuk en schattig zijn, zijn ze welkom. Als ze te veel eten en onze plek innemen, moeten ze maar weer terug waar ze vandaan komen! De kleine opa gaat met de schildpad naar het land van zijn eigen opa, waar niemand opkijkt van de reuzenschildpad en waar hij de schildpad bij zijn oom brengt die voor hem zal zorgen. Eind goed, al goed?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nee, natuurlijk niet! Er bestaat ook nog zoiets als vriendschap. De kleine opa heeft zich gehecht aan de schildpad en waarschijnlijk ook andersom. De schildpad wordt dus verschrikkelijk gemist! En dan krijgt opa een briefje dat zijn oom is overleden, maar wat gebeurt er dan met zijn vriend, de schildpad? Hij gaat op reis, op zoek naar zijn reuzenvriend...
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ach, wat een verhaal. Het verlangen, de liefde, de vriendschap, het verdriet: alles is af te lezen in die prachtige tekeningen van kwetsbare mensen en dieren, waar volop plek is voor alle verschillende, complexe emoties. Het kind in mij kan samen met mijn volwassen ik zijn hart ophalen met dit prachtige prentenboek. Hierin kun je immers in woord en beeld alles vinden wat je nodig hebt in het leven: een groot hart vol liefde, waarin plek is voor de ander!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/schildpad+en+ik.jpeg" length="70243" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 08 Mar 2023 20:07:35 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/nooit-te-groot-om-lief-te-hebben</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Schildpad en ik,Marit Törnqvist</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/schildpad+en+ik.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/schildpad+en+ik.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Wat je denkt te zien</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wat-je-denkt-te-zien</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat je denkt te zien
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Vermeer; de schilder die de tijd stilzet' van Nils Büttner
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vermeer.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In drie dagen tijd waren alle 450.000 beschikbare toegangskaarten voor de Vermeer-tentoonstelling in het Rijksmuseum verkocht. Dat hij 348 jaar na zijn sterven nog zo populair kon zijn, had deze zeventiende-eeuwse schilder nooit kunnen vermoeden. Nils Büttner, hoogleraar middeleeuwse en moderne kunstgeschiedenis aan de Staatliche Akademie der Bildenden Künste in Stuttgart, geeft in Vermeer; de schilder die de tijd stilzet een mooi inkijkje in het leven en werk van Johannes Vermeer. De afbeeldingen van de schilderijen zijn in het boek opgenomen en de binnenkant van de omslag bevat het prachtige ‘Gezicht op Delft’ en ‘Vrouw met parelsnoer’. Büttner verstaat de kunst om ook de leek inzicht te geven in het mysterie van Vermeers schilderijen en de lezer het gevoel te geven dat hij zojuist naar een tentoonstelling is geweest.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Heel treffend begint Büttner met een lang citaat uit De gevangene van Marcel Proust, waarin de Franse schrijver Bergotte, ernstig lijdend aan uremie, afreist naar het museum van Den Haag om daar ‘Gezicht op Delft’ van de Hollandse schilder Vermeer te zien. Nadat hij het kleine gele muurvlak in dit schilderij heeft gezien, sterft hij. Diverse lezers van Proust zijn, als in een pelgrimstocht afgereisd naar Den Haag om dit muurvlak te zien, dat echter helemaal niet in het schilderij zit. ‘Wat blijft, was het collectieve inzicht dat Vermeers schilderijen zo ontzettend mooi zijn dat je er zelfs voor zou willen sterven,’ schrijft Büttner. Uit het hele boek blijkt echter dat in de loop van de eeuwen mensen steeds tot nieuwe inzichten komen bij het kijken naar deze schilderijen. Wat voor de meeste kijkers lastig blijkt, is het werk te bekijken in de context waarin het ontstaan is. Is het wel mogelijk om je eigen tijd en ervaringen los te laten? Mensen zijn in staat om van alles te zien in het schilderij, wat niet per se op het schilderij afgebeeld staat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Helder, overzichtelijk en onderhoudend brengt de auteur in kaart welke feiten over Vermeers leven bekend zijn en wat die feiten kunnen zeggen over zijn werk en de omstandigheden waaronder dat ontstaan is. Zo zijn er notariële aktes bewaard gebleven waarin staat dat er twee schilderijen zijn overgeleverd aan de bakker, waarmee de rekening van 617 gulden en 6 stuivers voor geleverd brood vernietigd werd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vanuit het leven van Vermeer gaat de auteur over op de verschillende werken. Er is aandacht voor de techniek van het schilderen, die op een begrijpelijke manier wordt uitgelegd. Zo zijn nogal eens wat vrouwen afgebeeld die huishoudelijk werk doen, zoals ‘Het melkmeisje’. Als je goed naar de kleurvlakken kijkt, zie je dat die zijn opgebouwd uit ontelbare minuscuul kleine gele en bruine puntjes. Uit materiaal­technisch onderzoek blijkt dat het om geel loodtingeel gaat. De diepblauwe kleur van het schort van het melkmeisje is in een reproductie nauwelijks na te bootsen, omdat Vermeer over een monochrome onderschildering een doorschijnende laag schilderde van pigment uit gemalen lapis lazulli. Kleur en licht worden zelf ‘het eigenlijke onderwerp van het schilderij, waarop de dingen een geheimzinnige helderheid krijgen zonder dat het karakter van het natuurlijke zonlicht wordt opgeheven.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Veel mensen hebben geprobeerd de personen achter de ‘tronies’ (gezichten) te achterhalen en zagen bijvoorbeeld in ‘Het meisje met de parel’ het uit de archieven bekende dienstmeisje Tanneke Everpoel. Büttner legt aan de hand van allerlei historische bronnen uit waarom het veel waarschijnlijker is dat het om fictieve personen ging. Uit de gezichten viel vaak een gemoedstoestand af te lezen, die aanleiding tot een gesprek kon zijn of tot reflectie op deugdzame eigenschappen en karakters. Sowieso zit er achter schilderijen uit die tijd vaak een hele moraal, die voor de moderne kijker vaak lastig te doorgronden is. Büttner laat zien dat bepaalde voorwerpen die om de figuren heen staan of hangen, zoals een schilderij in het schilderij, een landkaart aan de muur, een glas wijn op de tafel, een appel of een slang op de grond, vaak een symbolische betekenis hebben, waardoor uit het schilderij een bepaalde moraal te lezen valt. Zo zou het gebaar van de astronoom op het gelijknamige schilderij, die zijn hand uitstrekt naar de hemelbol, zonder zich bewust te zijn van het invallende licht, een waarschuwing kunnen zijn. ‘De maan willen grijpen’ was een gezegde dat stond voor ‘het onmogelijke willen doen’. Voor de vrome tijdgenoot van Vermeer zou dat heel herkenbaar zijn geweest, want in preken werd vaak gewezen op het gevaar van de wetenschap, die zich te veel zou richten op het zichtbare, waardoor zij het onzichtbare uit het oog zou verliezen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Büttner sluit af met ‘De Emmaüsgangers’, een vervalsing die aan Vermeer was toegeschreven. Ook daarmee laat hij zien hoe je de hand van de meester in een schilderij denkt te zien, als je in de veronderstelling verkeert dat het werk ook daadwerkelijk van die meester is. Hoe tastbaar en onomstotelijk een schilderij ook lijkt te zijn, een groot deel van het kijken ernaar bestaat toch uit onze verbeelding. Het is een waar genoegen om onder leiding van een kenner als Büttner voor even stil te staan bij al die prachtige werken van Johannes Vermeer, die op zijn beurt de tijd wist stil te zetten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nils Büttner – Vermeer; de schilder die de tijd stilzet. Vertaald door Marten de Vries en Merel Leene. Meulenhoff, Amsterdam. 176 blz. € 20,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vermeer.jpeg" length="75876" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 05 Mar 2023 21:02:43 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wat-je-denkt-te-zien</guid>
      <g-custom:tags type="string">Vermeer,essays,Nils Büttner,de schilder die de tijd stilzet</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vermeer.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vermeer.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Terwijl het licht van de vuurtoren over de muur glijdt</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/terwijl-het-licht-van-de-vuurtoren-over-de-muur-glijdt</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terwijl het licht van de vuurtoren over de muur glijdt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Naar de vuurtoren' van Virginia Woolf
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Virginia-Woolf-Naar-de-vuurtoren-360x576.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een van de mooiste werken uit de wereldliteratuur is toch wel Naar de vuurtoren van Virginia Woolf. Het is dan ook niet verwonderlijk dat dit steeds opnieuw vertaald en gelezen wordt. De nieuwe vertaling van Barbara de Lange doet absoluut recht aan de zo kenmerkende stijl van Virginia Woolf. En daar draait alles om in dit meesterwerk.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het eerste deel, ‘Het raam’, valt de lezer midden in een gesprek tussen mevrouw Ramsay en haar zoon James. ‘Ja natuurlijk, als het morgen mooi weer is,’ zegt ze. Pas verderop blijkt dat het gaat om een antwoord op de vraag of ze de volgende dag naar de vuurtoren zullen gaan. De zoon leeft helemaal op van dit positieve antwoord. Hij was bezig met het uitknippen van plaatjes uit een tijdschrift. Het lijkt een terloops antwoord op een vraag, maar het is juist dit terloopse dat in Naar de vuurtoren haast mythische proporties krijgt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Meneer Ramsay, haar echtgenoot, boort in enkele zinnen de hoop van de kleine jongen de grond in door te zeggen dat het slecht weer zal worden. Al in enkele pagina’s is duidelijk dat de spanning niet ligt op het niveau van de gebeurtenissen, maar op die van de relaties tussen de verschillende personages. Mevrouw Ramsay haat haar man om dit soort pessimistische opmerkingen. Ze ziet de teleurstelling van haar zoon en is ervan overtuigd dat hem deze teleurstelling de rest van zijn leven bijblijft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Naar de vuurtoren is een ode aan de verbindende vrouw die al breiend een eindeloze stroom aan gedachten heeft, de meeste daarvan niet uitspreekt, moeite heeft met haar tirannieke man die vooral sympathiek gevonden wil worden, maar ondertussen zonder enig probleem op de zielen van anderen trapt. De essentie ligt echter ook in de voortdurende stroom van gedachten die onderhevig zijn aan stemmingen. Je leest niet alleen die van mevrouw Ramsey, maar ook van haar man en de andere personages. Je ziet hoe het haar lukt om ondanks alles van haar man te houden en toch haar waardigheid te behouden, juist door heel veel niet uit te spreken. Het is wonderlijk hoe deze ogenschijnlijke futiliteit, wel of niet morgen naar de vuurtoren gaan, een hele roman lang de rode draad kan zijn waaromheen zich een wereld aan karakters en gedachten openbaart.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wellicht verwijst de vuurtoren ook naar iets hogers: het licht dat blijft schijnen, als een baken, onaantastbaar voor stemmingen en tijd. Als mevrouw Ramsey de gebreide sok omhooghoudt, is het alsof het licht van de vuurtoren haar geest binnendringt en haar een bijzonder gevoel van vreugde geeft. Ook in het tweede deel, ‘De tijd gaat voorbij’, waarin het huis verlaten is door het gezin en half uit elkaar lijkt te vallen, blijft het licht van de vuurtoren schijnen: ‘Alleen de straal van de vuurtoren ging de kamers heel even binnen, liet in de donkere winter zijn blik abrupt over bedden en muren glijden, keek gelaten naar de distel en de zwaluw, de rat en het stro.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Frappant is hoe Woolf de gebeurtenissen die er in de meeste romans juist wel toe doen en breeduit worden belicht, slechts terloops noemt, zelfs tussen haken, alsof ze de stukken ook weg had kunnen laten. Zo krijg je en passant mee dat zoon Andrew in de oorlog is omgekomen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Toen keerde de stilte weer; en toen leek er nachten achtereen, en soms op klaarlichte dag als de rozen straalden en het licht met scherpe contouren over de muur gleed, een dreun te klinken in die stilte, die onverschilligheid, die ongeschondenheid, de dreun van iets wat viel. [Er ontplofte een granaat. In Frankrijk werden twintig of dertig jongemannen opgeblazen, onder wie Andrew Ramsey, die gelukkig op slag dood was.]’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het laatste deel, ‘De vuurtoren’, dwingt meneer Ramsey zijn zoon James en dochter Cam met hem naar de vuurtoren te gaan. Met voortdurend verschuivende gedachten en gevoelens observeren de twee kinderen hun tirannieke vader. De stream of consciousness hangt als het ware boven de boot, als een spiegeling van de steeds veranderende golven waar de boot op meedeint. Inhoud en vorm vallen hier subliem samen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De grote betekenis van Woolf voor de wereldliteratuur ligt in de verschuiving van de aandacht van allerlei spannende gebeurtenissen naar al die ogenschijnlijk onbelangrijke handelingen – het strikken van schoenveters, de terloopse blik uit het raam, de paar woorden die gewisseld worden – waarmee de dagen van de meeste mensen gevuld zijn en die juist bepalen wie zij zijn en hoe zij naar elkaar kijken. In haar lange essay A room of one’s own beschrijft Woolf hoe het de vrouwelijke auteur is die hiermee geschiedenis schrijft. Eeuwenlang trok de man erop uit en schreef over zijn avonturen. Ondertussen bleef de vrouw thuis. Haar avonturen bevonden zich op een heel ander niveau, waarin de kleinste verschuiving van een blik of beweging binnenskamers er al toe kon doen. Dat vraagt om andere literatuur. Ik ken weinig auteurs die de essentie van het leven en het voortschrijden van de tijd vangen, zoals Woolf dat doet: in een stroom van gedachten, die meedeint op de golven van de zee, in het verschuivende licht van de vuurtoren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Virginia Woolf – Naar de vuurtoren. Vertaald door Barbara de Lange. Atheneum, Amsterdam. 236 blz. € 21,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Virginia-Woolf-Naar-de-vuurtoren-360x576.jpeg" length="31761" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 27 Feb 2023 18:43:39 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/terwijl-het-licht-van-de-vuurtoren-over-de-muur-glijdt</guid>
      <g-custom:tags type="string">Virginia Woolf,essays,Naar de vuurtoren</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Virginia-Woolf-Naar-de-vuurtoren-360x576.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Virginia-Woolf-Naar-de-vuurtoren-360x576.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Tussen sterkedrank en sterren van hoop</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/tussen-sterkedrank-en-sterren-van-hoop</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tussen sterkedrank en sterren van hoop
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Stargate' van Ingvild H. Rishøi
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/stargate-89e5c352.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Je hoeft niet tot eind december te wachten om de fraai uitgegeven kerstvertelling
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stargate
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de Noorse Ingvild H. Rishøu te lezen. Ook al speelt het verhaal zich rond het kerstfeest af en staan er talloze verwijzingen naar het kerstverhaal in, het is een universeel verhaal, voor jong en oud, dat op elk moment in het jaar aangrijpt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ronja, de hoofdpersoon, woont samen met haar oudere zus Melissa en haar vader in Tøyen, een volksbuurt in Oslo. De werkloze vader is net iets te vaak te vinden in Stargate, waar hij te veel drinkt. De conciërge op Ronja’s school heeft oog voor de situatie waarin Ronja zich bevindt, en zonder zich daar veroordelend over uit te spreken, geeft hij haar als tip dat er een baan als kerstboomverkoper wordt aangeboden, misschien iets voor haar vader? Ronja’s vader lijkt ondanks zijn drankverslaving een liefhebbende vader:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Mijn Roversdochter,’ zei papa altijd. ‘Je bent mijn Roversdochter en mijn Schatkist en mijn Oliefonds.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij noemde ons Ster en Maan en Macaroni en Melief. Hij noemde ons Ronja Roversdochter en Melissa Moonlight. Hij stapte de deur binnen en zei: ‘Waar is mijn Roversdochter en waar is mijn Maneschijn?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Hier,’ zeiden we dan. ‘We zitten gewoon cornflakes te eten.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vader meldt zich als kerstboomverkoper en tot verrassing van de twee dochters wordt hij aangenomen. Voor even breken er gouden tijden aan: er is wat meer geld, hij gaat niet meer naar Stargate en er is meer aandacht voor de twee meisjes. Helaas haalt zijn vriendin Sonja hem over om toch weer eens naar Stargate te gaan. En dan gaat het behoorlijk mis. Hij krijgt een voorschot van zijn werk, voor de kerstcadeaus, maar dan gaat hij toch naar Stargate en niet meer naar zijn werk. Melissa neemt de baan van hem over. Het is zwaar werk en Ronja besluit haar te helpen: mensen kopen sneller als zij er als mager klein meisje bij staat, maar de baas Eriksen, die af en toe komt controleren, moet daar niets van hebben: dat is immers kinderarbeid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal heet niet voor niets een kerstvertelling. Hoewel het zich afspeelt in een hedendaagse buitenwijk van Oslo, bevat het diverse elementen van het oude kerstverhaal. De barre omstandigheden waarin de twee meisjes verkeren, past bij de zware tocht van Jozef en Maria naar Bethlehem. De baby die geboren zal worden bij onderbaas Tommy, lijkt weliswaar in niets op de verwachte Messias, maar het is wel de drijfveer van Tommy om de meisjes volop in te zetten op de markt, zodat er zoveel mogelijk geld verdiend kan worden, zodat Tommy een commode kan kopen en de meisjes in hun levensonderhoud kunnen voorzien. In de begripvolle conciërge, de aandoenlijk liefdevolle buurman Aronsen en de mysterieuze Alfred, die Ronja een reusachtige kerstboom cadeau doet, zou je de drie wijzen kunnen zien. Zij brengen allemaal iets moois voor Ronja mee. Hiermee is de arme Ronja misschien zelf het kerstkind. Overal in het verhaal is de tegenstelling voelbaar tussen ijzige kou en behaaglijke warmte, niet alleen letterlijk, maar ook in het sociale verkeer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal is niet alleen heel ernstig, maar bevat ook veel humor, zoals de subtiele dialogen tussen Ronja en de conciërge, maar ook de gevatte opmerkingen en oplossingen van Melissa en Ronja, ondanks de tragische omstandigheden waarin zij verkeren:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Je zus,’ zei de conciërge altijd. ‘Haar vergeet ik niet zo gauw. Ze heerste eigenlijk in haar eentje over het schoolplein.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ja, Militia,’ zei de conciërge altijd. ‘Haar zou ik meenemen in een oorlog.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stargate
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            spreekt tot de verbeelding, doordat de lezer veel zelf mag invullen. Sommige bladzijden zijn maar halfgevuld met een herinnering, een klein voorval of een dialoog. Wat daartussen gebeurt, mag je zelf invullen. Het verhaal heeft daardoor iets fragmentarisch.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal zou je zelfs een ode aan het verlangen en de verbeelding kunnen noemen, want alleen door te blijven dromen en fantaseren houdt de kleine Ronja hoop en weet zij zelfs haar grote zus te troosten. Stargate is weliswaar het café dat Ronja haat, omdat ze haar vader kwijtraakt aan de drank, maar je zou kunnen zeggen dat zij zelf met haar kinderlijke hoop en verlangen bij een andere ‘sterrenpoort’ staat, namelijk die tussen zwarte realiteit en liefdevolle verbeelding. Omdat het perspectief bij de kleine Ronja ligt, trekt zij de lezer moeiteloos mee in dit hedendaagse sprookje.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ingvild H. Rishøi – Stargate; een kerstvertelling. Vertaald door Liesbeth Huijer. Koppernik, Amsterdam. 160 blz. € 22,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/stargate-89e5c352.jpeg" length="82448" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 19 Feb 2023 18:07:46 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/tussen-sterkedrank-en-sterren-van-hoop</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Stargate,Ingvild H. Rishøi</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/stargate-89e5c352.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/stargate-89e5c352.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De zee als belofte dat niet alles teloor zal gaan</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-zee-als-belofte-dat-niet-alles-teloor-zal-gaan</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De zee als belofte dat niet alles teloor zal gaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Zeewind op het platteland' van Marcel Proust
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zeewind+op+het+platteland.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wie ooit de tijd en rust heeft gevonden om het omvangrijke
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op zoek naar de verloren tijd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Marcel Proust te lezen, zal
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zeewind op het platteland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , een verzameling prozagedichten uit zijn jongere jaren, in een schitterende vertaling van Kiki Coumans, als een wonderlijk lichte en verfijnde herinnering ervaren, en juist die herinnering zal magisch zijn, want deze prozagedichten stammen uit de jongere jaren van Proust, dus deze oudere teksten herinneren je bizar genoeg aan dat nieuwere werk, dat op zijn beurt juist op zoek was naar de verloren tijd. Die verloren tijd van kinderlijke onschuld en dromen is juist in deze kleine verzameling heel goed te proeven. Op deze manier ervaar je het lezen zelf ook als een toverachtige cyclus. Heb je dat meesterwerk nooit gelezen, dan kan het niet anders dan dat deze rêverieën je uitnodigen om meer te lezen van Proust, misschien zelfs ooit die stap te zetten om dat meesterwerk ter hand te nemen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het cyclische is wat mij betreft de essentie van Prousts werk en hij vangt dat heel treffend in het beeld van de zee, die er continu is, de eindeloze golfslag, ook als alles op aarde slaapt, steeds opnieuw en toch ook anders:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘De zee heeft de charme van dingen die ’s nachts niet zwijgen, die onze onrustige levens vergunnen te slapen, ons beloven dat niet alles teloor zal gaan, zoals kleine kinderen zich minder eenzaam voelen als er een nachtlichtje brandt. De zee is niet gescheiden van de hemel zoals de aarde, ze is altijd in harmonie met zijn kleuren, ze laat zijn meest verfijnde tinten in zich doorwerken. Ze straalt onder de zon en lijkt iedere avond met haar te sterven. En als de zon verdwenen is, blijft ze haar missen, iets van haar nagloeiende herinnering bewaren tegenover de monotoon donkere aarde.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De kleine bespiegelingen van soms nog geen bladzijde lang troosten, geven rust in je hoofd, maar roepen ook eigen herinneringen op, niet alleen aan het lezen van andere teksten van Proust, maar ook aan het eigen leven. Omdat Proust zo zintuiglijk schrijft dat je de geuren, klanken, kleuren en materialen haast kunt ruiken, horen, zien en voelen, gaan zijn beschrijvingen een verbinding aan met je eigen herinneringen en ervaringen. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op zoek naar de verloren tijd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is dat ook het geval en omdat dat werk zo omvangrijk is en in de laatste delen ook personages en ruimtes uit de eerste delen weer terugkomen, maar dan in andere vorm, is er daadwerkelijk sprake van een herinnering aan die vroegere tijden. De prozagedichten hebben diezelfde kracht, maar dan luchtiger en vluchtiger, omdat het korte impressies zijn.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kiki Coumans licht in het voorwoord haar keuze toe en ook haar manier van vertalen. Als je erop gaat letten, merk je hoe meesterlijk die vertaling is, juist omdat zij nagenoeg onzichtbaar is. Zij vertelt dat zij heeft geput uit het rijke, sensitieve, vocabulaire van Prousts Hollandse tijdgenoten als Gorter en Leopold. Zij heeft heel knap de assonanties en alliteraties in de Nederlandse taal overgebracht en zo de muzikaliteit van Prousts werk overgebracht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De verzameling bestaat uit werk uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Les Plaisirs et les jours
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , het debuut van Proust, aangevuld met wat los gepubliceerde teksten. Proust zelf was kritisch over zijn jeugdwerk dat hij uiteindelijk wat te hoogdravend vond. Toch is het mooi om te zien dat ook in dit jeugdwerk zijn bijzonder verfijnde stijl al aanwezig was. Proust is tegelijkertijd ‘psycholoog (socioloog), filosoof en dichter (schilder)’, zegt Coumans, omdat hij filosofeert ‘over de betekenis van dingen, hij bestudeert het gedrag van mensen en de finesses van hun emoties en hij schildert landschappen of andere plekken en de inwerking ervan op de geest.’ Deze bijzondere combinatie is al te zien in dit vroege werk. De keuze van Coumans laat ook de ontwikkeling zien van Proust, zoals in de twee stukjes over zijn bezoek aan de ‘Tuilerieën’ in Parijs: het eerste is vanuit de belevende ik geschreven, het andere is wat objectiever.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stuk voor stuk zijn de impressies haast kleine muzikale composities waar je voor even bij kunt wegdromen. Ik zou ze allemaal wel willen noemen, omdat ieder stuk zijn eigen bijzondere karakter heeft. Tegenover zijn bespiegelingen over de zee, is daar bijvoorbeeld ‘Onderhout’, dat een impressie geeft van het leven in de schaduw onder de bomen, tussen de boomstammen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘en aan alle kanten omsloten door onontwortelbare stammen schiet ons denken de hoogte in, net als de bomen. Liggend op onze rug, met ons hoofd in de dorre bladeren, kunnen we vanuit onze diepe rust de vrolijke lenigheid van onze geest volgen die zonder de geringste trilling van het lover tot aan de hoogste takken opklimt, waar hij aan de rand van de zachte hemel neerstrijkt, vlak bij een zingende vogel.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo verstaat Proust, zelfs nog meer dan een eeuw na zijn eigen leven, de kunst om je als lezer deelgenoot te maken van een landschapservaring en gedachten, waardoor je je daadwerkelijk even weg waant uit de onrust en oppervlakkigheid van het dagelijkse bestaan, in diepere bewustzijnslagen van jezelf terechtkomt, waardoor je weer voelt dat je leeft en deel uitmaakt van een allesomvattende cyclus van verlangen, leven, verliezen, missen en opnieuw verlangen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Marcel Proust –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zeewind op het platteland; rêverieën
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Kiki Coumans. Uitgeverij Vleugels. Bleiswijk. 48 blz. € 22,90.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zeewind+op+het+platteland.png" length="41982" type="image/png" />
      <pubDate>Sun, 19 Feb 2023 17:54:45 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-zee-als-belofte-dat-niet-alles-teloor-zal-gaan</guid>
      <g-custom:tags type="string">Zeewind op het platteland,essays,Marcel Proust</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zeewind+op+het+platteland.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zeewind+op+het+platteland.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Aloud verhaal in een modern jasje</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/aloud-verhaal-in-een-modern-jasje</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aloud verhaal in een modern jasje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Vergelijking van de oorspronkelijke tekst van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            met de stripversie 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking door Thiemen Dekker (leerling vwo 4 Eligant Lyceum, Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Schermafbeelding+2023-02-13+om+09.50.43.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een Middelnederlands werk geschreven door een zekere Willem. Over Willem is helaas weinig bekend. Wel bekend is dat hij een boek heeft geschreven over Madocke. Daarom is de auteursnaam op de omslag Willem die Madocke maecte. In 2010 is er een stripversie uitgebracht van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . In hoeverre komt de stripversie overeen met het originele boek? 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een bekend boek in onze literatuurgeschiedenis. Het is typerend voor de 13
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           e
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            eeuw. Het is zowel amusement als engagement tegelijkertijd.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De maatschappelijke kritiek wordt gegeven door middel van het allegorisch gebruik van dieren. Dieren vertegenwoordigen de adel van destijds. Het is amusement, omdat mensen al eeuwen lang vermaakt worden door dit wonderlijke dierenepos. De huidige stripversie is veel minder geëngageerd, omdat de oude feodale structuren van toen niet meer bestaan. De stripversie biedt amusement en historische informatie. Van den vos Reynaerde is een hoogtepunt in de Nederlandse literatuurgeschiedenis, daardoor is de historische waarde ook aanzienlijk. De striptekenaar geeft mensen de mogelijkheid om op een snelle en laagdrempelige manier te leren over
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            dit werk. De striptekening is net zoals het originele werk amusement, omdat beide werken deels bedoeld zijn om vermaak te bieden. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In het eerste deel van het boek, hofdag (r.41-496), doen de dieren aan het hof hun beklag over de sluwe vos Reinaert. Hij wordt van allerlei dingen beschuldigd. Dit gebeurt in zowel het boek als in op de striptekening. Evenwel ontbreken de aantijgingen van Paneer, Cortoys en Cantecleer. In het origenele werk wordt Reinaert van vier dingen beschuldigd. Op de striptekening zijn dat er meer. Alleen de beschuldiging van Ysengrijn komt overeen met het origineel. Deze aanpassing is niet van groot belang, omdat de conclusie hetzelfde blijft: Reinaert wordt gedagvaardigd. Niettemin is het opvallend dat de striptekenaar deze keuze maakt. Hij wijkt hier af van het origineel. Hoogstwaarschijnlijk doet hij dat om het werk van Willem niet een-op-een te kopiëren. De striptekenaar geeft zijn eigen draai aan het eeuwenoude verhaal. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bruun de beer wordt eropuit gestuurd, teneinde Reinaert naar het hof te brengen, zodat hij berecht kan worden. Dit is op de striptekening linksonder te zien. Bruun vertelt Reinaert over de dagvaardig. Reinaert zegt dat hij te veel honing op heeft. Vervolgens vraagt de inhalige Bruun waar Reinaert die honing gevonden heeft. Reinaert lokt Bruun in de val en ontkomt. Bruun wordt aangevallen door burgers en weet maar ternauwernood te ontkomen. Dat Bruun ontkomt, is niet te zien op de striptekening. Dat Bruun gewelddadig bejegend wordt, is rechtsonder te zien. Echter, wij zien daar ook Ysengrijn op de achtergrond. Ysengrijn is niet door Reinaert in de val
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gelokt. Verder ontbreekt Tibeert de kater. Hij is ook als dagvaarder gestuurd in het originele werk, maar ontbreekt op de striptekening. De striptekenaaar heeft waarschijnlijk dit deel bewust weggelaten, omdat het niet hoogst noodzakelijk is voor het verhaal. De tweede dagvaarder heeft vooral een goede uitbreidende functie. Ook Grimbeert de das als dagvaarder ontbreekt. Het weglaten van de derde dagvaarder is niet goed, omdat het nu geenszins duidelijk is hoe Reinaert aan het hof terechtkomt. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Verder zien we de boze koning Nobel die luistert naar het verhaal van Reinaert over het geplande verraad van Ysengrijn, Tibeert, Bruun en Reinaerts vader. De eerdere passage waarin Reinaert ter dood wordt veroordeeld ontbreekt. Rechtsmidden ziet men het verraad met daarboven een door de striptekenaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           toegevoegde passage. Saillant is dat de Reinaerts vader ontbreekt bij het verraad. Reinaerts vader heeft de schat gevonden en bekokstooft vervolgens een geniepige staatsgreep. Reinaerts vader knoopt zichzelf op, als hij de lege schatkamer vindt, althans zo luidt Reinaerts verhaal. Deze passage ontbreekt tot mijn ongenoegen. We zien wel dat Reinaert de schat steelt, echter komt de manier waarop niet overeen met het origineel. Als laatste is rechtsonder te zien dat Reinaert lachend wegvlucht. Het deel waarin hij en zijn familie Cuwaard verorberen ontbreekt, eveneens het deel waarin Belijn medeplichtig wordt verklaart en net zoals Reinaert vogelvrij wordt verklaard. Daarnevens ontbreken talloze details. Deze details zijn niet altijd noodzakelijk om het verhaal duidelijk te maken. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is uiteraard onmogelijk om een boek volledig weer te geven op één striptekening. Niettemin heeft de striptekenaar een uiterst goede poging daartoe gedaan. Ik vind het bijzonder jammer dat de striptekenaar de passage met Grimbeert als dagvaarder weggelaten heeft. De scène rondom het hof is ook niet volledig waarheidsgetrouw, maar dat vind ik daarentegen geen probleem. De striptekening is, ondanks de weggelaten passages, een goede hedendaagse vertolking van dit aloude verhaal. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Samenvatting literatuurgeschiedenisvan de middeleeuwen uit het moduleboekje 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . (z.d.).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    
          Uittrekselbank.
          &#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    
          https://scholen.uittrekselbank.nbdbiblion.nl/detail/294425/van-den-vos-reynaerde 
         &#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wikipedia-bijdragers.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (2022, 18 januari).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Willem die Madocke maecte.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wikipedia. https://nl.wikipedia.org/wiki/Willem_die_Madocke_maecte Wikipedia-bijdragers. (2022b, december 7). Van
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    
          den vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Wikipedia. https://nl.wikipedia.org/wiki/Van_den_vos_Reynaerde 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Strips en de Nederlandstalige klassiekers.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    
          (2014, 28 november). Hebban.nl.
          &#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    
          https://www.hebban.nl/artikelen/strips-en-de-nederlandstalige-klassiekers 
         &#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . (z.d.). Literatuurgeschiedenis. https://www.literatuurgeschiedenis.org/teksten/van-den-vos-reynaerde 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Nimwegen, A. (1979).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Over de Vos Reinaert: door Willem (die Madoc maakte) gevolgd door Reinaerts geschiedenis waarin zijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            latere lotgevallen zijn opgetekend.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Spectrum. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/vos.jpeg" length="52106" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 16 Feb 2023 19:17:45 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/aloud-verhaal-in-een-modern-jasje</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Van den Vos Reynaerde,Thiemen Dekker,essays van leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/vos.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/vos.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Is dit mooi?</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/is-dit-mooi</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Is dit mooi?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Van den vos Reynaerde' door Sofie Schildwacht (leerling 4 vwo Eligant Lyceum, Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Schermafbeelding+2023-02-13+om+09.50.43.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , door Willem die Madoc maecte, wordt vandaag de dag beschouwd als een klassiek Middelnederlands literatuurwerk onder de geschiedenis- en taalliefhebbers. Ookalwerd het origineel geschreven in de dertiende eeuw, is het nog steeds relevant door middel van bronanalyse. Het verhaal heeft het daglicht onder het gewone volk nog een keer mogen zien in 2010, na de uitgave van het stripboek
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mooi is dat!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Maar in hoeverre representeert de verstripte versie van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            door Jeroen Funke het origineel? 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Op het eerste gezicht lijkt de striptekening een ontzettend versimpelde versie van het schrift te zijn. Het geeft een verbeelding van de belangrijkste punten. Karaktereigenschappen worden in het verhaal uitgebeeld door middel van het gebruik van een bijbehorend dier, hierdoor ontstond er een gemaskerd satirisch verhaal over de lang verleden standenmaatschappij. Een fictie gebaseerd op feiten zonder mogelijke consequenties, aangezien niemand direct aangesproken werd. Het antropomorfisme heeft hierdoor een duidelijk doel: een ander perspectief geven. De strip focust zich voornamelijk op de grote lijnen, hierdoor mist onder andere het einde, waarin de koning Isegrijn en Bruun inzet om hem en zijn nageslacht zonder consequenties te liquideren. Hiervoor is Reinaert pelgrim geworden, wat overigens ook niet te vinden is in de strip. Daarentegen geeft de strip wel een duidelijk beeld van hoe bewijs wordt vertegenwoordigd. Het is een zaak van de ene zegt dit en de ander beweert dat. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een ander belangrijk verschil is dat het narcisisme van het hoofdkarakter meer tot uiting komt in de tekst, aangezien acties samen met verbale uiting meer significantie bezit. Het geeft een dieper beeld van de persoonlijkheid. Om ergens onderuit te komen speelt Reinaert in op de empathie die de andere dieren bezitten. Hij staat bekend voor zijn sluwheid en verleidingstrucs, die overigens vaak een psychologische aanpak aanhouden, zoals bijv. in het volgende stuk: “Mijn vader riep Grimbeert de wijze, en ook Isegrijn de grijze, Tibeert de kater was de vijfde, en ze trokken naar het dorpje Hijfte. Tussen Hijfte en Gent was het overleg gepland in het holle van de nacht. Zo kwamen ze door duivelsmacht en duivelskunsten bij elkaar, en in het woeste veld aldaar hebben ze ’s konings dood gezworen!”. Naast dit gaat het verhaal ook in op de hebzucht van de adel, voornamelijk het eigenbelang. De striptekening laat niet zien hoe de edelen in de fragile posities zijn gekomen. De temptatie om de door Reinaert beloofde dingen gedachteloos aan te nemen was groot onder de adel, zelfs wetende van zijn vele streken. Dit kwam ook merendeels door het vertrouwen van zijn familie tegenover hem. Een duidelijk voorbeeld hiervan is Neef Tibeert die Reinaert eeuwig trouw aanbood in ruil voor muizen: “Als je mijn verlangen stilt en me naar ze brengen zou, dan blijf ik je eeuwig trouw, al had je heel mijn nageslacht plus mijn vader omgebracht.”
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In de middeleeuwen stond religie centraal als wereldbeeld. Dit is ook terug te zien in de algemene literatuur van die tijd. Het verhaal maakt vaak verwijzingen naar god en de zondes, zoals: “Men moet ze maar niet geloven; de slechtheid is hen aangeboren; ze kwellen de goeden, en daarvoor mag God hen in ’t eeuwige leven hun verdiende loon wel geven en ook beneden hier op aarde. De koning zei: ‘Foei toch, Reinaert! Foei toch, Reinaert! Jij stuk schandaal! Wat ken je toch een fraaie taal. Maar dat zal je heus niet baten, stop maar met die mooie praat, zo hou je me niet te vriend!’”. Dit is zelfs waar het gehele schrift op is gebaseerd. Net zoals vrijwel elk ander middeleeuws exempel is het doel om goed van kwaad te onderscheiden en de mens op het pad naar god en een zondevrij leven te sturen. Ook haakt het verhaal vaak aan op memento mori. Gedachten over dood voor bekentenis worden herroepen, voornamelijk om Reinaert over te halen om zijn reputatie te herstellen in de ogen van de adel en later als hem de doodstraf wordt opgelegd. Niets in de strip geeft een indicatie dat het verhaal een christelijke achtergrond bezit. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Mijn bevindingen geven aan dat symboliek meer open voor interpretatie staat in de strip. Natuurlijk moet er in gedachte gehouden worden dat de strip een moderne versie is van het verhaal en er zijn ook zeker overeenkomsten te vinden, maar het blijft een oppervlakkige striptekening. Het mist een aantal tussentijdse verhalen/flashbacks met name het einde. Ook is er geen uiting van het geloof in te vinden. Hieruit is de conclusie te trekken dat het een relatief accurate strip is voor waar het op in gaat. Het mag dan wel mooi zijn, maar het zou in geen enkel opzicht ooit het origineel kunnen vervangen. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronvermelding 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ·      DÃ© middeleeuwse spot: Van den vos Reynaerde. (2022, September 16). IsGeschiedenis.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://isgeschiedenis.nl/nieuws/de-middeleeuwse-spot-van-den-vos-reynaerde" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://isgeschiedenis.nl/nieuws/de-middeleeuwse-spot-van-den-vos-reynaerde
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ·      Reynaert de vos. (2022, January 17). Zeeuwse Ankers.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.zeeuwseankers.nl/verhaal/reynaert-de-vos" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.zeeuwseankers.nl/verhaal/reynaert-de-vos
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ·      Het boek: Van den vos Reynaerde 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Schermafbeelding+2023-02-13+om+09.50.43.png" length="850981" type="image/png" />
      <pubDate>Mon, 13 Feb 2023 09:00:23 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/is-dit-mooi</guid>
      <g-custom:tags type="string">Middeleeuwen,essays,Van den Vos Reynaerde,essays leerlingen,essays van leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Schermafbeelding+2023-02-13+om+09.50.43.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Schermafbeelding+2023-02-13+om+09.50.43.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Van den vos Reynaerde als spiegel van zijn tijd</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/van-den-vos-reynaerde-als-spiegel-van-zijn-tijd</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den vos Reynaerde als spiegel van zijn tijd  
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Van den vos Reyaerde' door Emilia van der Lugt (leerling vierde klas Eligant Lyceum, Zutphen)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/reynaert.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “Willem, die Madocke maakte 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           daar hij dikken omme waakte, 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hem vernooide zo harde 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat die avonture van Reinaerde   
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in Dietse ongemaket bleven. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           -Die Aernout niet hevet vulschreven – 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat hij die vite dede zoeken 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ende hij ze na den Walsen boeken 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in Dietse dus hevet begonnen”. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Op deze wijze begint het beroemde middeleeuwse verhaal
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Het is waarschijnlijk geschreven tussen 1257 en 1271. In de middeleeuwen zag de maatschappij er heel anders uit dan in onze tijd. Het was een standenmaatschappij met aan het hoofd de adel met de koning en onderaan de arme boeren, ook wel horigen genoemd. Ook waren er in die tijd geen boeken. Monniken in de kloosters schreven bestaande verhalen over op perkament. Middeleeuwse verhalen zijn allemaal op rijm, want ze werden voorgedragen. In hoeverre past Van den vos Reynaerde in deze middeleeuwse traditie? (H. Slings, 1999) 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            begint op een sterke wijze de aandacht van de middeleeuwse luisteraar te trekken. Dat past in de traditie van het gebruik maken van een topos. Een vaste volgorde van elementen om de toehoorder nieuwsgierig te maken. Eerst wordt de naam van de schrijver genoemd, dan zijn eerdere werk, de reden om het verhaal te schrijven, de moeite die hem dat gekost heeft, en tenslotte noemt hij zijn bronnen (H. Slings, 1999). Deze onderdelen zien we ook in de proloog Van den vos Reynaerde. Allereerst door een beroemd boek aan te halen, de Madocke, geschreven door een bekende schrijver die Willem heet. Wel bestond er al een Franse versie van het verhaal over Reynaert de vos en was een zekere Aernout al begonnen om dat in het Nederlands te vertalen, maar hij had het niet afgemaakt. Willem vond dat jammer en heeft deze vertaling in het Nederlands voltooid. Zo is het verhaal over de Vos Reinaert ontstaan. Waarschijnlijk bestonden de luisteraars van dit verhaal uit mensen van de hoge adel, die het verhaal De Madocke goed kenden. Zo te lezen past de proloog goed in de literaire traditie van de middeleeuwen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook de vorm en de structuur van het verhaal vertonen kenmerken van de middeleeuwse literatuur. Opvallend is het eindrijm: het zijn korte versregels die allemaal gekenmerkt worden door eindrijm. Dat deed men, omdat de teksten meestal werden voorgedragen aan een groot publiek. De liedjeszangers, ofwel troubadours, konden teksten op rijm beter onthouden. Door die korte versregels en het eindrijm ontstond een bepaald vast ritme. Dat was prettig om voor te dragen door de troubadour. Het verhaal eindigt met een acrostichon: de beginletters van de versregels vormen de naam Bi Willem. (H. Slings, 1999) Ook De beginletters van het Nederlandse volkslied: het Wilhelmus, vormen een acrostichon. Misschien was dat in de tijd van het schrijven van de Reynaert al een bekend literair trucje. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarnaast past het onderwerp: over de vos Reinaert die iedereen te slim af is, ook goed in de middeleeuwse standenmaatschappij. De maatschappij in die tijd was verdeeld in drie standen, het was een feodale maatschappij. Bovenaan stond de adel, daarna kwam de geestelijkheid en onderaan stonden de horigen. Dat zie je terugkomen in ons verhaal. De adel wordt vertegenwoordigd door koning Nobel en zijn vazallen Bruun de beer en Tybeert de kater. De geestelijkheid vormen de dorpspastoor en Berlijn de ram die hofkapelaan is. De ruwe dorpsbewoners zijn de horigen. Naar feodaal gebruik houdt koning Nobel met Pinksteren hofdag (dat is typisch voor de standenmaatschappij uit die tijd). Iedereen kan klagen over de streken die Reinaert de Vos weer heeft uitgehaald. Wat de deur dicht doet, is het moment dat Isegrein de wolf komt vertellen dat Reinaert zijn vrouw heeft verkracht en twee van zijn kinderen heeft blindgepiest. Het toppunt van vernedering voor iemand van hoge adel! Reinaert moet aan het hof verschijnen om te boeten voor zijn wandaden. Het is gebruikelijk in die tijd dat de misdadiger drie keer gedaagd wordt; komt hij dan nog niet naar het hof, dan wordt hij vogelvrijverklaard (iedereen mag hem dan doden). Bruun de beer die tot de hoge adel behoort, biedt zich aan om als eerste dager Reinaert te halen. Reinaert weet hem in de val te lokken, vervolgens gaat Tibeert de kater op pad, ook hij wordt in de val gelokt door Reinaert. Tenslotte gaat de derde keer zijn neef Grimbeert de das op pad, omdat men denkt dat hij zijn oom wel weet te overtuigen om te komen. Dat lukt. In zoverre passen de drie dagingen in de regels van de feodale maatschappij en in de volgorde van belangrijkheid.                                   
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Reynaerts wandaden worden bewezen door de komst van de slachtoffers. Hij wordt veroordeeld tot de galg. Gebruikelijk is het dan dat de veroordeelde mag biechten. Daar maakt Reynaert listig gebruik van. Vanaf dat moment wijkt het verhaal duidelijk af van de regels rond de hofdag in de feodale maatschappij van die tijd. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vanaf de veroordeling gaat het verhaal veel meer over de listigheid van Reinaert de Vos en de zwakheden van de anderen. Koning Nobel wordt zijn slachtoffer. We horen dan het gemene plan van Reynaert: 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Koning, dit doe ik u te wetene: 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik hebbe nog zilver ende goud, 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat al es in mijnre gewoud, 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo vele, dat kume een wagen 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Te zeven werven zoude gedragen.’ 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alse die koning dit verhoorde, 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gaf hij Reinaerde felle antwoorde: 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Reinaert, wanen kwam u die schat?’ 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op slinkse wijze weet Reinaert de hebzucht van koning Nobel te stimuleren, waardoor hij niet meer met de straf van Reinaert bezig is. Hij wil alleen maar weten waar hij de schat kan vinden. Dit zagen we ook al bij Bruun de beer en Tibeert de kater die hun hele missie vergaten, doordat Reinaert hun zwakke plek wist te vinden: honing en muizen. Met deze voorbeelden levert de schrijver kritiek op de adel; Koning Nobel is helemaal niet zo nobel. Trouwens ook de geestelijkheid komt er in dit verhaal niet goed vanaf. De dorpspastoor heeft een minnares waar hij naakt mee slaapt. Hij neemt het celibaat ook niet zo serieus. Opvallend is het dat de schrijver van de vos Reynaert dieren gebruikt om zijn kritiek op de feodale maatschappij te uiten. Vermoedelijk durfde de schrijver de hoge adel alleen aan te pakken door zijn kritiek te verwoorden via dieren. Misschien was de algemene kritiek op de geestelijken al wat meer toegestaan. Het niet houden aan de kuisheid (geen seks). Daarom is de dorpspastoor gewoon een mens. De dorpsbewoners komen er ook niet zo goed van af: ze zijn erg wreed naar Bruun de beer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het verhaal
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            past wat vorm betreft goed in de middeleeuwse traditie. Het kent eindrijm en een proloog die duidelijk de kenmerken heeft van een topos.  Ook het onderwerp weerspiegelt voor een groot deel de feodale maatschappij van de middeleeuwen. De regels van de hofdag, het handelen van de adel, geestelijkheid en de dorpelingen zijn daar voorbeelden van. Wat opvalt is, dat de schrijver kritiek levert op de adel en de geestelijkheid, weliswaar verpakt in dieren als personages, behalve de dorpspastoor, maar die stond ook onderaan de feodale ladder. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van den vos Reynaerde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is met recht een beroemd middeleeuws verhaal, wel met een vleugje maatschappijkritiek. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen: 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ·              A.van Nimwegen, ‘Over De Vos Reinaert door Willem (die Madoc maakte) gevolgd door Reinaerts geschiedenis waarin zijn latere lotgevallen zijn opgetekend’. Uitgeverij Het Spectrum Utrecht/Antwerpen. 1979 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ·              H.Slings ‘Reinaert de vos’. Tekst in context 3. Uitgeverij Amsterdam University Press. 1999 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/reynaert.jpeg" length="36906" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 12 Feb 2023 11:40:15 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/van-den-vos-reynaerde-als-spiegel-van-zijn-tijd</guid>
      <g-custom:tags type="string">Middeleeuwen,essays,Van den Vos Reynaerde,essays leerlingen,essays van leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/reynaert.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/reynaert.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>“Dus ook voor mij, zo wil ik geloven, geldt Uw grenzeloze barmhartigheid, want ik heb grote, grote spijt.”</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/dus-ook-voor-mij-zo-wil-ik-geloven-geldt-uw-grenzeloze-barmhartigheid-want-ik-heb-grote-grote-spijt</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            “Dus ook voor mij, zo wil ik geloven, geldt Uw grenzeloze barmhartigheid, want ik heb grote, grote spijt.” 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Beatrijs' door Özge Koc, leerling vwo 4 Eligant Lyceum in Zutphen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/beatrijs2.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Beatrijs
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een Middelnederlands werk uit ongeveer 1300 en er is maar één handschrift van bewaard gebleven. Er is niet veel bekend over de schrijver, het was waarschijnlijk dat het verhaal jarenlang eerst oraal werd doorgegeven en pas later uiteindelijk werd opgeschreven. Het verhaal is bedoeld mensen te inspireren om goed te leven, Beatrijs is een exempel: een voorbeeld. Het verhaal van Beatrijs gaat over een jongedame die in het klooster gaat als non. Ze wordt verliefd op een jongeman en loopt met hem weg. Ze krijgen kinderen en wonen zeven jaren in rijkdom, maar als het financieel niet goed gaat, verlaat haar man hen en Beatrijs moet het maar zien te redden in haar eentje. Ze heeft maar één optie en dat is prostituée worden, dat doet ze zeven jaar. Na die zeven jaren, als ze met haar kinderen door het land zwerft, komt ze haar oude klooster tegen. Uiteindelijk biecht ze voor haar zonden en het blijkt dat Maria veertien jaar lang haar plaats heeft ingenomen in het klooster. Zo kan zij weer veilig terugkeren als non.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Beatrijs
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een typisch voorbeeld van de Middelnederlandse literatuur. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het eerste kenmerk van de Middelnederlandse literatuur dat duidelijk voorkomt in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Beatrijs
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is de hoofsheid of de hoofse cultuur. De hoofse cultuur kwam eerst voor in de adellijke elite maar kwam later ook voor lager in de samenleving. Hoofsheid hield in dat een hoofs persoon zich gemanierd, beschaafd en netjes gedroeg: mensen respecteren, zichzelf kunnen beheersen en beleefd spreken. De cultuur werd zo verspreid via literatuur, bijvoorbeeld in Arthurromans oftewel ridderverhalen. De helden in die verhalen gedroegen zich precies volgens de hoofse regels, het was ook de bedoeling om hen als voorbeeld te nemen. Echter, konden alleen mensen met redelijk wat geld en tijd zich zo gedragen als de helden in de verhalen. In
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Beatrijs
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            wordt duidelijk gemaakt dat Beatrijs ervan overtuigd is een echte hoofse non te zijn, totdat ze verliefd wordt op een jongeman. Ze spreekt af met de jongen om weg te lopen. Ze bidt nog voor de laatste keer bij het Maria-altaar en laat haar spullen daar bij het altaar achter. Als ze hem ontmoet in de boomgaard draagt ze alleen haar hemd. Ze schaamt zich omdat dat niet gepast is voor haar hoofse status. De jongeman laat haar eerst omkleden voordat ze weggaan om samen te leven. Nog een voorbeeld is dat als later de jongeman impliceert te gaan vrijen in het bos waar ze langs rijden, Beatrijs boos wordt, het is niet dat ze het niet wil, maar ze vindt het onprettig dat het nou precies in ergens in een veld moet, want ze is ondertussen geen hoer. Ze zegt: ‘Boerenkinkel, wat denk je wel! Moet ik vrijen in ’t open veld, zoals vrouwen het doen, voor geldmet hun ordinaire lijven. Ik zou niet weten waar ik moest blijven van schaamte.’ 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een tweede kenmerk is dat het in dichtvorm is geschreven. Eerder was er nog geen boekdrukkunst, dus om het verhaal door te geven aan anderen was het vertellen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Beatrijs
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            werd dus geschreven in dichtvorm, zodat mensen het makkelijker konden onthouden. In de tekst zelf wordt ook een aantal keren duidelijk gemaakt dat het verhaal eerst bedoeld was om het te vertellen, door zinnen als: “Luister nu”. Boeken waren ook een kostbaar bezit, alle materialen die nodig waren om een boek over te schrijven waren erg duur. De meeste mensen in de middeleeuwen konden dus ook niet lezen, daarom waren verhalen zoals
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Beatrijs
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            bedoeld om naar te luisteren. Bijvoorbeeld liepen minstreels in herbergen of op markten het verhaal op te dragen om in ruil daarvoor voedsel of geld te krijgen. Beatrijs werd dus ook verteld in kerken om mensen te inspireren. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ten derde zijn exempelen een kenmerk van de Middelnederlandse literatuur. Verhalen over mensen die voorbeeldig hebben geleefd, bedoeld om mensen te inspireren in hoe ze hun leven moet leiden of ze te waarschuwen juist niet zo te handelen. Exempelen hoeven niet altijd een goed voorbeeld te zijn, het kan ook over iemand gaan die slechte dingen heeft gedaan in diens leven maar later gestraft wordt om diens slechte daden. Zo worden mensen gewaarschuwd en aangespoord hunzelf toe te vertrouwen aan Maria of God. Beatrijs komt haar oude klooster tegen tijdens het bedelen met haar kinderen. Zij krijgen onderdak bij een weduwe en ze vraagt naar een kosteres die veertien jaar geleden is gevlucht uit het klooster. De weduwe wordt boos en zegt dat er niets wat überhaupt in de buurt kwam van wat Beatrijs zei is gebeurd en dat de kosteres altijd netjes haar taken vervulde. Even later bidt ze tot Maria en zegt ‘U hebt ondervonden dat ik spijt heb van mij zonden en U weet, ze doen me zeer. Er waren er zoveel, ik weet niet meer waar ik ze deed en met wie allemaal. Helaas! Ze worden me fataal, want nu God me uit het oog heeft verloren zal niemand mijn gebeden verhoren.’ In het gebed valt ze in slaap en ziet ze een visioen in haar droom. Ze hoort een stem die zegt dat Maria veertien jaar lang haar plek heeft ingenomen. Dus ze kan zonder dat iemand het merkt weer stilletjes terugkeren. Later als ze nog steeds niet heeft gebiecht voor haar zonden verschijnt een engel, kortgezegd zegt hij dat ook al bidt zij zoveel dat haar zondes niet vergeven zullen worden als ze niet biecht. Beatrijs is er eindelijk van overtuigd al haar zonden op te biechten. ‘Er was dus nooit zo’n grote zonde of Uw genade ging die te boven. Dus ook voor mij, zo wil ik geloven, geldt Uw grenzeloze barmhartigheid, want ik heb grote, grote spijt.’ En ze wordt uiteindelijk vergeven. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Tot slot kan er nu wel gezegd worden dat
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Beatrijs
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een echt voorbeeld van Middelnederlandse literatuur is. Dat Beatrijs zeven jaar lang zondigt en later toch weer biecht en zich uiteindelijk keert tot Maria is een typisch kenmerk. De hoofse cultuur komt sterk in dit verhaal terug en ook de dichtvorm laat zien dat dit een echte middeleeuws werk is.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen: 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Beatrijs
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            bulkboek literaire klassieken – Theo Knippenberg 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.literatuurgeschiedenis.org/teksten/beatrijs" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.literatuurgeschiedenis.org/teksten/beatrijs
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nederlands module literatuur van de middeleeuwen 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/beatrijs2.jpeg" length="239569" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 08 Feb 2023 09:09:21 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/dus-ook-voor-mij-zo-wil-ik-geloven-geldt-uw-grenzeloze-barmhartigheid-want-ik-heb-grote-grote-spijt</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Beatrijs,essays van leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/beatrijs2.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/beatrijs2.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Wakker worden in een droom</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wakker-worden-in-een-droom</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wakker worden in een droom
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Dromen van mijn moeder' van Anjet Daanje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/9789085167594_front.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Met
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Dromen van mijn moeder
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van Anjet Daanje heb je inderdaad een ‘literair juweeltje’ in handen, zoals deze serie van kleine boekjes die je voor een habbekrats in de boekwinkels kunt kopen, genoemd is. De afbeelding die voor de voorkant gebruikt is, is afkomstig van Daanjes broer, die vaker de omslagen van haar werken verzorgt. Deze geeft prachtig een droomtoestand weer, waarin trappen naar raadselachtige ruimtes in de hoogte en duizelingwekkende diepte voeren, en een raam zomaar plotseling in de donkere hemel hangt met uitzicht op een lichtere. Een van de trappen leidt zelfs naar de hemel. Als dromen een verlangen weergeven, is dat misschien wel het verlangen van de ik-persoon: een stapje in de hemel zetten, om voor even weer in contact te komen met haar overleden moeder.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op de eerste bladzijde wordt de ik-persoon wakker door de deurbel. Ze wordt echter wakker in een droom, in de kamer van haar jeugd. Ze snelt naar de voordeur en daar staat haar moeder met een tas in de hand, die de ik even moet vasthouden, omdat de moeder haar auto aan het einde van de straat heeft geparkeerd en nog een parkeerkaartje moet halen. De tas brengt een diepe emotie teweeg. Het herinnert haar aan de tas met persoonlijke eigendommen van haar moeder, die na haar dood was overgebleven. Om die tas zonder eigenares, naast de sandalen, had ze moeten huilen, meer nog dan om de dood: ‘Die tas had ik nu in mijn handen, en ik dacht gerustgesteld dat ze hem blijkbaar had teruggevonden, nadat ze haar voor eeuwig van haar bezittingen hadden gescheiden.’ Hier is duidelijk hoe bizar een droom kan verlopen, dat de moeder aan de deur staat, terwijl de ik-persoon weet dat ze al dood is. Als ze haar moeder achternaholt, omdat de bankpas nog in de tas zit, wordt ze wakker van haar eigen geroep.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo zet Daanje meteen aan het begin al een ontroerend beeld neer van het verlies van de moeder: juist in die tas met persoonlijke spulletjes voel je het verdriet. Het is al tien jaar geleden dat de moeder is overleden en nu pas droomt ze van haar, terwijl ze daar zo vaak naar had verlangd. Op weg naar haar atelier blijft de droom haar achtervolgen. Het is alsof haar moeder zo dichtbij is dat ze haar zou kunnen bellen om haar over de afgelopen jaren te vertellen. De droom is ook aanleiding tot denken over de moeder, hoe ze was en wat haar ideeën waren. Ze was heel betrokken bij het leven van haar twee dochters. Ook was ze gesteld op haar vrijheid en zelfstandigheid: tot op hoge leeftijd wilde zij haar auto behouden. Daarom is die droom over die geparkeerde auto ook zo treffend. Aan het eind van haar leven begon ze te mijmeren over een leven na de dood, terwijl ze die mogelijkheid altijd had ontkend. De dochter had moeite met die omslag, maar nu ze is overleden, vraagt ze zich af of de moeder misschien vanuit het hiernamaals haar probeert te bereiken. Die betrokkenheid zou haar passen: even kijken hoe het met haar dochters gaat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daanje laat zien hoe onze zintuigen herinneringen kunnen oproepen. De moeder at altijd alleen de zuurtjes met citroensmaak uit de zak. Als de ik-persoon dat na haar moeders dood ook een keer doet, begrijpt ze waarom: de citroensmaak herinnert haar aan de citroenlimonade die ze in hun vakanties in Frankrijk dronken. Voor de dochter is die herinnering te heftig. Ze gooit het snoepje weg. In al deze details en bizarre wendingen van dromen en herinneringen blijkt steeds Daanjes fijngevoeligheid en inzicht in de menselijke ziel. Ze laat zien hoe ze haar herinneringen soms voor zichzelf wil bewaren en niet wil delen met haar vriend.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al met al vormt het boekje een prachtige eenheid in zijn eenvoud: het beeld van de moeder die na haar dood aanbelt bij de dochter – hoe symbolisch! – past bij die wonderlijke omslag met trappenpartij, deur beneden en raam boven. Het is een heel persoonlijk, maar ook universeel verhaal over het verlies van een moeder die paradoxaal genoeg je leven lang bij je blijft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Anjet Daanje –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dromen van mijn moeder
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij B for Books B.V. Hilversum. 64 blz. € 1,99 (in de winkel, online alleen in sets van 10 te koop).
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/9789085167594_front.jpeg" length="61167" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 05 Feb 2023 20:03:25 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wakker-worden-in-een-droom</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,dromen van mijn moeder,Anjet Daanje</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/9789085167594_front.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/9789085167594_front.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Alles voor de droom</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/alles-voor-de-droom</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alles voor de droom
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De weekendmiljonair' van Abdelkader Benali door L.R., leerling uit havo 4 van het Eligant Lyceum
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+weekendmiljonair.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Abdelkader Benali is geboren in Marokko (1975). Benali kwam op 14-jarige leeftijd naar Nederland, Rotterdam. Abdelkader Benali schrijft romans en toneelartikelen. Voor het boek ‘Bruiloft aan zee’ werd Benali in 1997 genomineerd voor de Libris literatuurprijs. In 2003 won Benali die prijs met zijn tweede roman, ‘De langverwachte’ (Wikipedia, z.d.). Hij is een televisiepresentator en auteur van Marokkaanse afkomst. Benali heeft ook nog reisverhalen geschreven. Hij ontving in 2020 de Gouden Ganzenveer voor zijn bijdrage aan de Nederlandse taal (De Schrijverscentrale, z.d.). Eén van zijn recente boeken is ‘De weekendmiljonair’. Het boek gaat over een jongen genaamd Osama. Osama groeit bijzonder hard en heeft daarvoor speciale medicatie nodig. Om zijn groei effectief te remmen hebben de artsen aangeraden om bepaalde injecties te halen in Zwitserland. Deze injecties zijn erg duur en hier moeten zijn ouders heel hard voor werken. In het boek speelt de droom van de vader van Osama een hele grote rol. Eigenlijk is deze droom het belangrijkste in het boek. Osama’s vader droomt van rijkdom en een reis terug naar zijn geboorteland Marokko, het land van de Atlas. Hij gaat daarom samen met zijn zoon afgedankte meubels ophalen en doorverkopen. In hoeverre lukt het de vader van Osama om zijn droom waar te maken?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Osama’s vader droomt van rijkdom. Zijn droom is ontstaan in zijn jeugd. Osama’s vader is geboren in Marokko waar de rijken en de armen van elkaar gescheiden woonden. Aan de ene kant van de rivier woonden de rijken en aan de andere kant van de rivier woonden de armen. Osama’s vader is in armoede opgegroeid. Hij keek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            altijd heel erg op tegen de rijken. Hij had de droom op een dag ook rijk worden. De armen moesten op het platteland werken. De rijken besteedden het werk uit aan de dagwerkers. Als Osama en zijn vader meubels op gaan halen, legt Osama’s vader in de auto veel uit over zijn verleden. Zo vertelt hij: ‘Sommige rijken huwden hun zonen en dochters aan elkaar uit om ervoor te zorgen dat het familiekapitaal vermenigvuldigd werd.’ Dat het de droom van Osama’s vader is om rijk te worden, blijkt ook uit het feit dat hij zijn huis zat is. Hij wil naar een groter huis, waar geen schimmel achter het behang zit. Osama’s vader probeert zoveel mogelijk punten te halen om naar een groter huis te kunnen verhuizen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Osama’s vader probeert met het ophalen en verkopen van meubels zijn droom waar te maken en veel geld te verdienen. Hiervoor gebruikt hij een Fort Transit. Voor hem is dit een droomauto. Een Fort Transit is een grote auto met een laadruimte. Hij gaat met de Fort Transit naar de rijken toe om oude meubels op te halen. Vaak vinden de rijken de meubels niet meer mooi. Osama’s vader kan ze dan doorverkopen aan mensen die iets minder geld te besteden hebben. Osama gaat wel eens mee met dit soort ritjes. Hij is dan de reisgids. Hij is ten slotte de enige in de familie die kan lezen en schrijven. Hij zit in groep 8 en gaat na de zomer naar de middelbare school. Osama kent
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            bijna de hele stratengids uit zijn hoofd. Ze gaan door heel Rotterdam om oude meubels op te halen en te verkopen. Ze noemen het ‘Operatie weekendmiljonair’. Hier is het boek dus naar vernoemd. Zijn vader is heel streng bij het ophalen van de meubels, zo zegt hij bijvoorbeeld: ‘De mensen niet laten denken dat je jaloers bent.’ 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Osama’s vader probeert zijn droom met betrekking tot het huis waar te maken door het aantal punten te verzamelen waardoor ze in aanmerking kunnen komen voor een nieuw huis. Osama, zijn vader en zijn moeder werken hieraan mee: ‘Als vader nou van huis is en alle ramen voor het bezoek wijdwagen open worden gezet, dan tocht het in huis en verdienen we weer punten.’ Het lukt de familie om de situatie wat ernstiger te laten lijken dan dat het in werkelijkheid is: ‘Het bezoek van de inspecteur ging
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           volgens plan.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan het einde van het boek is er steeds meer eten op tafel. Het gezin van Osama woont in een ander huis met uitzicht op de Maas. In het boek wordt dit nieuws als
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            volgt aangekondigd: ‘Ik heb goed nieuws en slecht nieuws. Laten we beginnen met het goede nieuws. Terwijl jij in dit ziekenhuis lag, zijn we druk geweest. We zijn verhuisd.’ Ook is er een oplossing voor het groeiprobleem van Osama. De vader van Osama moet echter ook een droom loslaten. Zijn Fort Transit is voor hem heel belangrijk maar helaas moet hij hier aan het einde van het boek afstand van doen. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al met al kunnen we concluderen dat de droom van de vader van Osama redelijk is uitgekomen, ook al is die nog zo ver weg. Vader droomt van rijkdom. Hij werkt heel hard om zijn droom waar te maken. Osama probeert zijn vader hierbij zo goed mogelijk te helpen, ondanks zijn groeiprobleem. Samen halen ze heel veel meubels op en verkopen ze die weer aan andere mensen. Ook weet de familie, met een goed plan, te verhuizen naar een groter huis. Het boek vertelt niet of de vader van Osama zelf ook vindt dat zijn droom is uitgekomen. Wat in het boek heel duidelijk naar voren komt, is dat Osama onderdeel is van de droom van zijn vader. Hij is hier heel druk mee en is
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            nauwelijks bezig met zijn eigen toekomst. De vraag die in het boek onbeantwoord blijft, is of het goed is dat een kind op deze manier betrokken is bij de droom van zijn vader. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Bronnen: 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de Schrijverscentrale.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (z.d.).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://deschrijverscentrale.nl/auteurs/15841" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://deschrijverscentrale.nl/auteurs/15841
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wikipedia-bijdragers. (2023, 17 januari). Abdelkader
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Benali. Wikipedia.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://nl.wikipedia.org/wiki/Abdelkader_Benali" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://nl.wikipedia.org/wiki/Abdelkader_Benali
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+weekendmiljonair.jpeg" length="68182" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 31 Jan 2023 19:06:24 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/alles-voor-de-droom</guid>
      <g-custom:tags type="string">De weekendmiljonair,essays,essays leerlingen,essays van leerlingen,Abdelkader Benali</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+weekendmiljonair.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+weekendmiljonair.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Ik ben te alleen om nog bij anderen in de buurt te kunnen komen</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/my-post</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik ben te alleen om nog bij anderen in de buurt te kunnen komen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'En ik herinner me Titus Broederland' door een leerling uit havo 4 van het Eligant Lyceum in Zutphen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/broederland-6b766f98.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En ik herinner me Titus Broederland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            is een poëtische roman gepubliceerd in 2016 en dit boek is geschreven door Auke Hulst (1975). Hulst heeft in totaal negen boeken geschreven, zoals bijvoorbeeld
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Slaap Zacht Johnny Idaho
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wolfskleren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            . Hulst is opgegroeid in Denemarken en heeft Audiovisuele Kunst, Engels, en Nederlands gestudeerd in Nederland. Hij publiceerde zijn eerste boek in 2006, Jij en ik en alles daartussenin. Mijn grootste vraag over dit boek, is: wat maakt
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En ik herinner me Titus Broederland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een poëtische roman? 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Om deze vraag te kunnen beantwoorden moet als eerst duidelijk worden wat poëzie eigenlijk poëzie maakt. De website Poëzie Verrijkt beschrijft poëzie als ‘een taaluiting waarbij een grote nadruk ligt op klank en beeldspraak’, maar ook als ‘een ongrijpbare esthetische ervaring.’ Arjan Jonker schrijft dat niks toevallig of willekeurig is in poëzie, dat elk woord een reden heeft. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Allereerst zijn er in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En ik herinner me Titus Broederland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            vormen van beeldspraak te herkennen. Zo heb je dit voorbeeld, een citaat van wanneer de hoofdpersoon aan het terugkijken is op zijn tijd met zijn tweelingbroer Titus:"Als een mens de som van zijn herinneringen is, dan zijn we allemaal door onszelf bedacht; uit momenten aaneengelijmd.” Wij zijn wie wij zijn door onze herinneringen. Hier wordt gezegd dat wij door onszelf zijn bedacht omdat het onze eigen herinneringen zijn, allemaal als momenten aaneengelijmd en in elkaar gezet. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Er zijn veel vormen van poëzie. Bijna alle poëtische zinnen die in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En ik herinner me Titus Broederland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            voorkomen zijn dynamisch, wat betekent dat ze aan geen regels gebonden zijn. Dit is juist heel mooi, omdat op deze manier niets hetzelfde is. Er zijn een aantal elegieën, zoals “Ik was niet langer aanwezig in de wereld, te licht en te zwaar tegelijk, erboven zwevend, begraven. Als ik diep nadenk, dreg ik hooguit wat vage beelden op. Hoe ik dwaalde door een spookachtig moeras en naar mijn handen keek, alsof die me iets te zeggen hadden.” De naamloze hoofdpersoon die af een toe naar zichzelf verwijst met Brae denkt hier terug aan een dood en uit zijn gevoelens van verlies. Bijvoorbeeld, over hoe zijn bestaan op de wereld niet meer echt voelt omdat hij de veranderingen in zijn leven nog niet heeft verwerkt, waardoor hij ook niet verder kan in zijn avontuur. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een ongrijpbare esthetische ervaring is een ervaring die zo mooi is of lijkt, dat je je dit niet kan voorstellen. Een voorbeeld van een ongrijpbare esthetische ervaring in deze wereld lijkt me het moment aan het einde van het boek wanneer de lezer zich begint te beseffen dat Titus naar de overkant wil lopen, door het water en wad, vanaf het eiland waar Titus en Brae zich nu bevinden. De broers krijgen een discussie die uitloopt in een ruzie waardoor ze afscheid van elkaar nemen als Titus besluit te gaan lopen. De emoties van Brae op dit moment zijn ontzettend hoog en zijn gedachtes en innerlijke gesprekken zijn ontzettend mooi, bijvoorbeeld deze zinnen: “Ik moest ernaartoe, dat wist ik. Ik moest hem redden. Dit keer moest ik hém redden. Maar redde ik hem niet altijd al, door met hem mee te gaan? Of doodde ik hem juist beetje bij beetje? Ik stond met moeite op, krachteloos, liep een stukje het water in en kwam direct weer aan land, waar ik wankelend ijsbeerde en om de paar seconden de kijker op hem richtte. Help hem, zei ik, eerst in mezelf, toen hardop. Maar in plaats van te gaan, riep ik zijn naam over het wad. Titus!” De opbouw voor dit stuk gaat zo snel en de lezer heeft al een idee wat er zo zou gaan kunnen gebeuren, maar je wilt je het niet voorstellen, dus raak je een beetje in paniek en lees je op je hoogste leestempo de zinnen door, hopend op de goede versie van jouw idee voor het einde. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wat
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En ik herinner me Titus Broederland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            een poëtische roman maakt, is de mooie beeldspraak, de vaak hetzelfde maar toch anders voelende dichtersvormen, maar ook de ongrijpbare esthetische ervaringen. Hulst heeft een prachtig boek geschreven dat zeker aan deze beschrijving voldoet. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnenlijst: 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Jonker, A., Jonker, A., Jonker, A., Jonker, A., &amp;amp; Jonker, A. (z.d.). Poëzieblog. Arjan Jonker.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://arjanjonker.nl/category/poezieblog/" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://arjanjonker.nl/category/poezieblog/
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wat is esthetica? (z.d.). Tilburg University.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.tilburguniversity.edu/nl/over/schools/tshd/departementen/dfi/wijzer/esthetica" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.tilburguniversity.edu/nl/over/schools/tshd/departementen/dfi/wijzer/esthetica
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Poëzie verrijkt het leven. (z.d.). Poëzie verrijkt het leven – Informatie over dichters, gedichten en poëzie in z’n algemeen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.poezieverrijkt.nl/" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.poezieverrijkt.nl
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/broederland-6b766f98.jpeg" length="81437" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 31 Jan 2023 18:50:08 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/my-post</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Auke Hulst,essays leerlingen,essays van leerlingen,En ik herinner me Titus Broederland</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/broederland-6b766f98.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/broederland-6b766f98.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Wanneer een vrouw roept moet de wereld stilstaan om haar te horen’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wanneer-een-vrouw-roept-moet-de-wereld-stilstaan-om-haar-te-horen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Wanneer een vrouw roept moet de wereld stilstaan om haar te horen’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Vrijetijdsgedichten'  van Lamia Makaddam
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vrijetijdsgedichten.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een prettig tegengeluid tegen alle loftuitingen die doorgaans op achterflappen van romans en dichtbundels prijken, zijn de eenvoudige woorden van Lamia Makaddam zelf, in vertaling weliswaar, op haar nieuwe dichtbundel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vrijetijdsgedichten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           : ‘Dit is geen goede poëzie, maar het is het beste wat ik kan schrijven.’ De verontschuldiging gaat nog verder door, want de poëzie is geschreven in ‘de schaarse minuten en uren die ik op het toilet en in bad doorbreng, of als ik eet, loop en slaap.’ De gedichten zijn niet alleen geschreven in deze beperkte vrije tijd: ‘Jullie zullen ze op vrije momenten lezen, waarvan ik eigenlijk met heel mijn hart hoop dat jullie daarin iets beters te doen hebben, zoals praten met je dierbaren en spelen met je kinderen, want bij God, bij jullie God, hoe kun je verdragen dat er in je huis een man op het toilet zit te lezen?’ Zo weet Makaddam poëzie eenvoudig terug te brengen naar waar zij misschien wel hoort: op de gewone plekken waar wij grote delen van de dag doorbrengen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De bundel is opgedragen aan haar twee zonen, die haar vroegen wanneer ze de bundel geschreven had, omdat ze haar nooit hadden zien schrijven. Het doet denken aan
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            A room of one’s own
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van Virginia Woolf, waarin Woolf beschrijft hoe vrouwelijke auteurs in de geschiedenis geen werkkamer hadden, maar in de huiskamer moesten schrijven, snel hun papier moesten wegmoffelen als zij voor de zoveelste keer werden gestoord door mensen die binnenkwamen. ‘Vrijetijdsgedichten’ klinkt een beetje als rijmelarij in de marge, maar Makaddam laat zien hoe poëzie juist in die marge ontstaat:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Maar als iemand wil lezen of schrijven, de keukenvloer wil dweilen en
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in de zon wil zitten, welke weg moet hij dan volgen? Waar vindt hij al
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die werkwoorden verenigd? De schrijver zegt dat de mens zonder taal is
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           geboren en dat dat zo zou moeten blijven. Woorden zijn een korte jurk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die de knieën niet bedekt.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Makaddam schrijft vaker over knieën. In tegenstelling tot de ogen, borsten, wangen en billen, zijn juist de knieën essentieel: die tonen immers het overeind staan of mank lopen, het rennen of vallen. Het gaat niet alleen om de schoonheid, maar ook om dat scharnierpunt dat de beweging laat zien en het haperen. Dat is wat Makaddam ook in haar poëzie voortdurend laat zien: beweging, die in een paar regels van een haast platte eenvoud van het alledaagse overgaat in diepte en duisternis. Alle lof hier ook voor de vertaler die deze beweging in een andere taal heeft gevangen! Zo begint een van de gedichten met een voorval van toen zij nog een klein meisje was: ‘toen een van hen mijn hand pakte en in zijn broek stak.’ Vervolgens beschrijft zij hoe die hand nooit meer is teruggekomen, zelfs niet toen zij poëzie schreef en bomen plantte. Hiermee laat zij heel tastbaar in het beeld van de hand voelen hoe je zo’n ervaring nooit meer vergeet:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘In de regen en de mist
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zag ik mijn hand, levend, ademen,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           klein, zoals ik haar had achtergelaten.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Naast deze grillige beweging tussen eenvoud en diepte kenmerkt Makaddams poëzie zich door de verrassende beelden en verbindingen die zij legt. Als een gedicht begint met dat een van haar ogen in de duisternis is gevallen, lees je dat bijna automatisch als een beeld: misschien heeft ze iets gezien of aan iets gedacht waar ze verdriet van heeft. De volgende zin maakt het beeld van het oog echter weer concreet: ze heeft er de hele nacht tussen de voeten van mensen naar gezocht. Zo voel je, net als de kleine hand in het andere gedicht, hoe het oog bijna tastbaar loskomt uit het beeld, terwijl je weet dat het nog steeds om een beeld moet gaan, omdat ogen meestal niet over de grond rollen. Vervolgens gaat ze in gesprek met haar boek, dat haar als wijsheid geeft dat de ergste val die van de ogen is. Ze vraagt het boek waar het die wijsheid vandaan heeft en waarom ze die wijsheid zou geloven als ze niet eens weet wie deze heeft geschreven. Op deze manier relativeert ze grote wijsheden in boeken: al staat de auteur op de kaft, waarom zou je het geschreven woord moeten geloven? Toch blijft dat vallende oog je bij. Er zit namelijk een diepere waarheid achter: ‘Ogen die door pijn worden beheerst zijn verloren ogen. Het heeft geen zin ze te gaan zoeken, want zelfs als ze blijven zien zal de pijn ze mettertijd alleen maar blinder maken.’ Wat je als mens allemaal te zien krijgt in je leven, kan diepe indrukken achterlaten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misschien is Makaddams poëzie inderdaad ontstaan in de ‘tussenmomenten’, de vrije tijd, maar in die momenten omvat zij, om maar met Lucebert te spreken, ‘de ruimte van het volledig leven.’ In al haar bescheidenheid laat ze zien hoe een hart geraakt kan worden en daardoor mank kan gaan, hoe je tussen al die banaliteiten wel degelijk oog voor de essentie kunt hebben:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Wanneer een vrouw roept
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           moet de wereld stilstaan om haar te horen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vrouw roept immers niet zomaar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze roept niet om terug te krijgen wie ze heeft verloren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar ze spreekt uit wat zich in het hart van de aarde bevindt.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lamia Makaddam – Vrijetijdsgedichten. Vertaald door Djûke Poppinga. Uitgeverij Jurgen Maas, Amsterdam. 48 blz. €17,95.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vrijetijdsgedichten.jpeg" length="4542" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 29 Jan 2023 17:38:58 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wanneer-een-vrouw-roept-moet-de-wereld-stilstaan-om-haar-te-horen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Lamia Makaddam,Vrijetijdsgedichten</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vrijetijdsgedichten.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vrijetijdsgedichten.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Wir haben übrigens denselben Vater’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wir-haben-uebrigens-denselben-vater</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           '‘Wir haben übrigens denselben Vater’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Das Vorkommnis' van Julia Schoch
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Das+Vorkommnis.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Af en toe schaf ik een boek aan vanwege de omslag, zoals
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Das Vorkommnis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van Julia Schoch, waarop een afbeelding staat van de Berlijnse kunstenares Tina Berning, van wie ik een groot liefhebber ben. Zij tekent of schildert voornamelijk vrouwengezichten op vaak reeds gebruikte achtergronden, op gelinieerd of ruitjespapier. De gezichtsuitdrukkingen zijn mysterieus, of zelfs wat duister. De hoofden zijn meestal kleurrijk en monden uit in gekleurde vlakken of lijnen, waardoor een indringende sfeer wordt opgeroepen. Omdat de gezichtsuitdrukking veel aan de verbeelding overlaat en lastig te peilen is, past de omslag heel goed bij het verhaal van Julia Schoch, waarin een bijzondere ontmoeting de hele wereld van de hoofdpersoon aan het wankelen brengt.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ik-persoon ontmoet op een van haar lezingen als schrijfster, een vrouw die beweert dat zij dezelfde vader hebben. De vrouw is ooit ter adoptie aangeboden door haar moeder, die in haar huis verschillende mannen ontving, onder wie de vader van de ik-persoon. In een reflex omhelst de schrijfster de onbekende vrouw en neemt daarna weer afscheid. De gebeurtenis komt niet helemaal uit de lucht vallen. Ergens in haar onderbewustzijn weet de schrijfster dat haar vader, voor de geboorte van haar oudere zus en haarzelf, een relatie met een andere vrouw had. Haar moeder heeft daar in het verleden wel eens op gezinspeeld, omdat zij een papier in zijn jas ontdekte met een verzoek tot alimentatie. Als de schrijfster haar oudere zus van de ontmoeting op de hoogte brengt, reageert die heel afwijzend: iedereen kan wel zoiets beweren en bij hen aankloppen. Zij is niet van plan om de vrouw te ontmoeten. Kort na de ontmoeting reist de schrijfster af naar Amerika, waar ze voor haar werk een poos verblijft. Hoewel de ontmoeting heel kort en vluchtig was, brengt deze toch een storm aan emoties in haar teweeg. Ze reflecteert niet alleen op haar eigen jeugd in de DDR en haar relatie met haar ouders en zus, maar ook op haar eigen moedergevoelens ten opzichte van haar twee kinderen en zelfs haar relatie met haar man.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De roman bevat niet veel gebeurtenissen. De schrijfster bevindt zich het grootste deel van de roman in Amerika, waar ze met haar moeder en twee kinderen verblijft, en maakt daar niet heel veel spectaculairs mee. Wat het verhaal bijzonder maakt, zijn haar bespiegelingen over allerlei familierelaties en over hoe wij naar de ander en naar onze omgeving kijken. Zo bedenkt zij dat je familierelaties vaak een geometrische vorm kunt toekennen. Sommige families zijn een driehoek, andere een cirkel, veelhoek of zelfs een ster. Er zijn overzichtelijke vormen, waarin de verschillende hoeken nauw met elkaar verbonden zijn, maar ook zulke waarin de verbinding voor de verschillende leden als een gevangenis ervaren wordt. Ze laat zien hoe deze geometrische figuren compleet uit balans kunnen raken als er een familielid komt te overlijden, maar dus ook als er ineens een familielid bijkomt, van wie het bestaan voor de andere familieleden tot op dat moment onbekend was. De schrijfster bevond zich al die tijd in een vierkant, met haar vader, moeder en zus, en had nooit gedacht dat dat vierkant ooit aan het wankelen gebracht kon worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terwijl ze zelf vrij onbevangen lijkt ten opzichte van de nieuwe halfzus, voelt ze haarfijn aan hoe deze halfzus wel haar relatie met haar eigen oudere zus zou kunnen verwoesten. Zo durft ze haar zus niet te vertellen dat ze in een opwelling haar halfzus heeft omhelsd, omdat ze dat bij haar eigen zus zelden doet. Zij heeft al een poos niet meer zo’n intensief contact met haar oudere zus en juist dan kan een relatie met een nieuwe halfzus erg gevoelig liggen. Het telefoongesprek dat ze met haar zus voert, laat zien hoe ze direct haar zus aanvoelt en zich aanpast aan de situatie:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ohne zu zögern, wählte ich die Nummer meiner Schwester. Meiner
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            richtigen
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           , wie ich mir sagte. Sogleich überkam mich ein eigenartiges Gefühl. War es Schuld? Scham? Ich rief sie an, ohne dass ich darüber nachgedacht hätte. Ich tat es automatisch, oder anders – ich folgte einer absoluten Überzeugung, die besagte, dass es nur einen Menschen gaf, den das, was an dem Abend passiert war, etwas anging: meine Schwester.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Aufgebracht schilderte ich, was vorgefallen war. Ich musste nicht sehr lange reden. Meine Schwester gab mir sofort recht. Wie absurd! Was für ein dreister Übergriff! Wir waren uns einig. Wir machten sogar ein paar Scherze, um der Situation das Ungeheuerliche zu nehmen. Ich war beruhigt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Als ich das Telefon wieder verstaut hatte, begann es zu schneien, und mir fiel auf, dass ich meine Schwester schon sehr lange nicht mehr angerufen hatte. Fast war ich der fremden Frau dankbar. Ihr unerwarteter Auftritt hatte un seine Möglichkeit gegeben zusammenzurücken.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Heel sterk is Schochs nietsontziende blik op de verhoudingen tussen mensen. Ze laat de hoofdpersoon kritisch haar eigen moedergevoelens en die van haar eigen moeder analyseren. Ze laat zien hoe gewoon het was in het dorp waar zij is opgegroeid, dichtbij de Poolse grens, om een kind urenlang alleen te laten op een balkon of in bed, terwijl de moeder naar een andere stad reed om boodschappen te doen, of iets voor zichzelf, terwijl tegenwoordig overal de veiligheid van kinderen vooropstaat, hoe er niet over eventuele angstgevoelens van kinderen werd nagedacht of hoe die eenvoudig werden genegeerd. Open en eerlijk beschrijft ze de behoefte van de vrouwen aan vrijheid, ondanks hun belangrijke taak in de opvoeding. Essentieel is het besef hoe tijd- en cultuurgebonden onze denkbeelden zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Schochs ‘zoekende’ stijl, met lange volzinnen en diverse bijzinnen, past heel goed bij het langzaamaan wankelen van de wereld van de hoofdpersoon. Door de scherpe analyses en kritische vragen die zij zichzelf stelt, staat niets meer vast. Ze vraagt zich af hoe normaal het is dat zij haar man bij aankomst omhelst, die haar tijdens haar verblijf in Amerika komt opzoeken, terwijl ze hem zo lang niet heeft gezien en dus helemaal niet weet in hoeverre hij dezelfde persoon is gebleven met wie zij daarvoor zo vertrouwd was. Mensen veranderen in de tussentijd, maar negeren die verschuivingen door blind te varen op wat men gewoon is te doen. Zo vreemd is het dus niet dat zij door het incident met de onbekende vrouw, ook haar eigen relatie onder een vergrootglas legt. Hoe betrouwbaar is haar man, hoe betrouwbaar zij zelf?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Das Vorkommnis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            neemt je als lezer mee in het hoofd van de hoofdpersoon die je met haarscherpe, diepgaande en toch subtiele analyses laat nadenken over ons alledaagse bestaan, vol met vanzelfsprekendheden.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Julia Schoch - Das Vorkommnis. DTV Verlagsgesellschaft mbH &amp;amp; Co. KG, München. 192 blz. €20,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Das+Vorkommnis.jpeg" length="48444" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 22 Jan 2023 17:00:57 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wir-haben-uebrigens-denselben-vater</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Das Vorkommnis,Julia Schoch</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Das+Vorkommnis.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Das+Vorkommnis.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een tragikomische wereld van politieke intriges en seksueel misbruik</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-tragikomische-wereld-van-politieke-intriges-en-seksueel-misbruik</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een tragikomische wereld van politieke intriges en seksueel misbruik
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Een meisje dat je belt' van Tanguy Viel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+meisje+dat+je+belt.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Met witte sneakers, strak tricotjurkje en een zwartleren jack is het moeilijk te zeggen of je een studente of verpleegster bent, of ‘een meisje dat je belt’. Zo verklaart Laura haar kledingkeuze op de dag dat zij een afspraak met de burgemeester heeft, omdat hij wellicht een kamer voor haar kan regelen. Laura is een van de hoofdpersonages uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een meisje dat je belt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            van de Franse auteur Tanguy Viel. Die afspraak is de spil waar het boek om draait. Op dat moment gaat er namelijk iets behoorlijk mis. Viel laat de lezer haarscherp ervaren hoe een jong meisje in de intimiderend grote en luxe kamer van de burgemeester logische keuzes probeert te maken, terwijl daarmee juist een keten van misbruik en wraak in gang wordt gezet.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Laura is de twintigjarige dochter van Max Le Corre, een succesvolle bokser, die sinds hij niet meer in de boksring staat, de chauffeur is van de burgemeester. Max vraagt de burgemeester, Quentin Le Bars, of hij misschien een kamer voor haar kan regelen. Le Bars stelt voor dat Laura even bij hem langskomt. Zij heeft modellenwerk gedaan en staat, in lingerie, overal op billboards in de stad. Ze verwacht een zekere afstandelijkheid van Le Bars, maar vanaf het moment dat zij zijn kamer betreedt, houdt hij juist nauwelijks afstand: hij stelt zich voor als Quentin, tutoyeert en neemt, te dicht naast haar, plaats op de bank. In plaats van een kamer biedt hij haar een baan. Hij legt zijn hand op de hare. Voor de baan schakelt hij casinobaas Franck Bellec in, de man die Max als bokser ‘groot’ heeft gemaakt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal zit geraffineerd in elkaar. Er is een alwetende ik-verteller die zelf niet deelneemt aan het verhaal, maar er wel op reflecteert, vooruitwijst en zelfs de opbouw van het verhaal ter discussie stelt. Het verhaal begint met Laura, maar in het tweede hoofdstuk zegt de verteller al:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Misschien had ik met hem moeten beginnen, met de bokser, want ik zou niet kunnen zeggen wie van de twee, Max of Laura, de belangrijkste reden vormt voor dit verhaal, maar wat ik wel weet is dat ze zonder hem beslist nooit over de drempel van het stadhuis zou zijn gestapt, en al helemaal niet als een pas ontloken bloem het kantoor van de burgemeester binnen zou zijn gekomen, en wel omdat hij, haar vader, om die afspraak had gevraagd, er eerst bij haar op had aangedrongen en er vervolgens bij de burgemeester zelf op had aangedrongen, want hij was zijn chauffeur.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De verteller legt het perspectief afwisselend bij Laura, Max, Franck en Quentin. Daarnaast wordt het verhaal steeds onderbroken door een gesprek tussen Laura en de politieagenten bij wie ze aangifte heeft gedaan. Door deze wisselingen krijg je als lezer inzicht in de motieven van de verschillende personages. Nu zijn die motieven lang niet altijd rationeel bepaald. Veelal gaat het om instinctief handelen. Als Le Bars bij Laura langs gaat, om te zien of zij inmiddels goed gesetteld is, gaat hij op haar bed zitten, pakt haar hand en brengt die naar zijn gulp. Laura, vroegwijs, maar toch ook enigszins naïef – het is ten slotte wel de burgemeester – voelt zich verplicht de handeling af te maken. De politieagenten zijn verbijsterd over deze keuze, want in hoeverre gaat zij dan zelf vrijuit? Max’ verzoek aan de burgemeester is ook niet helemaal zuiver. Heeft hij daardoor niet zelf de hele toestand over zijn dochter afgeroepen? Omdat er naaktfoto’s van Laura rondzwerven, doet Le Bars voorkomen alsof hij min of meer door haar overgehaald is, want welke man kan nu weerstand bieden aan een mooie, jonge vrouw die zich zo opdringt? Franck voelt zich door hem gedwongen Laura een baan aan te bieden als ‘meisje’ in zijn casino, terwijl hij zelf zijn bedenkingen heeft en zijn zus, die nota bene een relatie met Max heeft gehad, hem voor gek verklaart. Stuk voor stuk zijn de personages markante figuren die je niet gauw zult vergeten. En, hoe ernstig en walgelijk de zaak ook is, de bizarre situaties waarin zij zichzelf en elkaar weten te brengen, zijn regelmatig bijzonder humoristisch.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stap voor stap bouwt Viel een ingenieus web waaruit de verschillende personages niet meer kunnen ontsnappen. De complexiteit van het web wordt versterkt door de opvallende stijl: lange, zoekende volzinnen, met talloze kleine bij- en tussenzinnen, waarin steeds kritische vragen worden gesteld. Tegelijkertijd zitten de personages zo vast in het web, dat zij worden voortgestuwd in een keten van oorzaak en gevolg, of eerder actie en reactie, tot een spannende en toch ook tragikomische ontknoping aan het einde.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tanguy Viel weet op deze manier heel knap, kritisch én humoristisch, een wereld van politieke intriges en seksueel misbruik neer te zetten, die rechtdoet aan de complexe werkelijkheid vol verwachtingspatronen, vooroordelen, misverstanden, gewoontes, gemakzucht, allerlei onderbuikgevoelens en uiteindelijk een falend rechtssysteem.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tanguy Viel – Een meisje dat je belt. Vertaald door Katrien Vandenberghe. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 136 blz. €26,90.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+meisje+dat+je+belt.png" length="108949" type="image/png" />
      <pubDate>Sun, 22 Jan 2023 14:53:48 GMT</pubDate>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-tragikomische-wereld-van-politieke-intriges-en-seksueel-misbruik</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Een meisje dat je belt,Tanguy Viel</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+meisje+dat+je+belt.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Een+meisje+dat+je+belt.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Angst voor de diepte in onszelf</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/angst-voor-de-diepte-in-onszelf</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Angst voor de diepte in onszelf
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het verbrande kind'  van Stig Dagerman
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/voorkant-Stig-Dagerman-Het-verbrande-kind.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verbrande kind
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            uit 1948 van de Zweedse auteur Stig Dagerman, in 2006 vertaald door Bernlef, kruipt diep onder de huid. De nieuwe, zesde druk, is fraai uitgegeven met op de voorkant de afbeelding van een open kledingkast met daarin aan een kleerhanger een rode jurk. Dagerman schreef de roman toen hij vijfentwintig was. Hij werd met zijn debuut
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De slang
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            uit 1945 al ontvangen als een genie. Tussen 1945 en 1949 schreef hij diverse werken. Daarna bevond hij zich vijf jaar lang in een toestand van verlamde creativiteit. In 1954 maakte hij een einde aan zijn leven.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verbrande kind
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            schept verwarring en vervreemding door de bijzondere stijl, en roept vragen op over onze diepste verlangens en gevoelens.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De roman speelt zich af in de jaren veertig van de vorige eeuw, in een Stockholms arbeidersmilieu. De jongeman Bengt raakt in een diepe crisis als zijn moeder onverwacht overlijdt. Als hij erachter komt dat zijn vader een minnares heeft, slaat zijn rouw om in woede. Op het moment dat hij de minnares Gun ontmoet, wordt hij zelf degene die zijn verloofde, vader en misschien ook zichzelf bedriegt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vervreemding is al vanaf het begin van de roman voelbaar:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Om twee uur zal er een vrouw begraven worden en om half twee staat de echtgenoot in de keuken voor de gebarsten spiegel boven de gootsteen. Hij heeft niet erg gehuild, maar hij heeft lang wakker gelegen en het wit van zijn ogen ziet rood. Zijn overhemd is wit en glanzend en zijn broek walmt nog zwak na van het persen. Terwijl zijn jongste zuster de stijve witte boord achter in zijn nek vastmaakt en daarna het witte strikje om zijn hals schuift, zo zacht dat het een liefkozing lijkt, buigt de weduwnaar zich over de gootsteen en kijkt zichzelf diep in de ogen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er wordt een afstand gecreëerd door woorden als ‘een vrouw’, ‘de echtgenoot’, maar ook door de constatering dat de echtgenoot niet erg gehuild heeft, en door de mengeling van afstandelijkheid en liefkozing bij het vastmaken van het stijve witte boord en strikje door zijn zuster. De afstand lijkt nog groter te worden als op de volgende bladzijde wordt vermeld dat er ook een moeder begraven wordt en dat de zoon twintig jaar oud is. De vervreemding ontstaat niet alleen door de afstand, maar door de afwisseling van deze afstand en juist een intense beschrijving van de diepste gevoelens van Bengt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Verwarring wordt opgeroepen door de complexiteit van de gevoelens. Bengt kan tegelijkertijd zijn geliefde haten en liefhebben, lust voelen en afkeer. Dat heen en weer slingeren tussen dit soort uitersten, soms zelfs binnen de zin, roept vragen op: waaruit bestaat ons houden van? Is onze liefde wel zo allesomvattend, of kan die inderdaad bij het zien van een gezichtsuitdrukking of een klein vlekje op iemands huid, ineens omslaan in afkeer en haat? Terwijl je leest over Bengt, voel je ten diepste hoe deze conflicterende emoties iedere mens aan het wankelen kunnen brengen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook Dagermans keuze voor wát hij beschrijft, is opmerkelijk. Ik ken geen enkele auteur die ooit zo indringend een brandende kaars heeft beschreven. Op de begrafenis van Bengts moeder brandt er een kaars en Bengt lijkt er bijna door geobsedeerd. Terwijl hij reflecteert op de kaars, voelt hij een drang zijn vader in de ogen te kijken en door een staccato van korte, soms haast kinderlijk eenvoudige zinnen, wordt er een ijzingwekkende spanning opgeroepen. Die kaars blijf je voelen tot het einde van het boek, wanneer opnieuw een kaars opduikt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net als achter de kaars schuilt ook achter de eenvoudige rode jurk van zijn moeder een schat aan conflicterende emoties, omdat Dagerman de jurk haarscherp weet te beschrijven in steeds een andere context. Op het laatst hoeft hij de jurk alleen nog maar te noemen, of de lezer voelt de stapeling van liefde, zuinigheid, bekrompenheid, verraad, bedrog, lust en twijfel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er zit in Bengt een ongekende woede, die soms tot gewelddadige uitspattingen leidt. Dagerman beschrijft de angst in de ogen van zijn kwetsbare verloofde, en ook de afschuw in die van Gun, de minnares van zijn vader, die hij uiteindelijk zelf ook zal beminnen. De onvoorspelbaarheid en lichte ontvlambaarheid van Bengt roept ook spanning en angst op bij de lezer. Wat huist er allemaal in deze jongeman, en als deze eenvoudige jongen na de dood van zijn moeder al zulke heftige emoties heeft, wat kunnen wij dan van onszelf verwachten?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Willen wij dat iemand van ons houdt dan moeten wij haar niet vragen bij zichzelf na te gaan of zij dat ‘werkelijk’ doet. Want op de keper beschouwd is er maar heel weinig dat wij ‘werkelijk’ doen. Als wij heel diep nagaan, merken wij dat het lood de bodem nooit raakt. Dan worden wij bang voor de diepte in onszelf. Maar werkelijk bang worden we pas als we begrijpen dat een naam voor diepte, leegte is.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ja, ik geloof dat dit boek je kan blijven achtervolgen: de beklemmende sfeer, de nachtmerrieachtige situaties en de glimp die Dagerman je steeds laat opvangen van het onderbewuste waarin hartstocht, walging en geweld nauwelijks te onderscheiden zijn, kruipen onder je huid en laten je voorlopig niet meer los.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Stig Dagerman –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verbrande kind
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Bernlef. Koppernik, Amsterdam. 280 blz. €23,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/voorkant-Stig-Dagerman-Het-verbrande-kind.jpeg" length="334325" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 13 Jan 2023 18:07:54 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/angst-voor-de-diepte-in-onszelf</guid>
      <g-custom:tags type="string">Stig Dagerman,Het verbrande kind,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/voorkant-Stig-Dagerman-Het-verbrande-kind.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/voorkant-Stig-Dagerman-Het-verbrande-kind.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Personages van bordkarton in een kille villa</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/personages-van-bordkarton-in-een-kille-villa</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Personages van bordkarton in een kille villa
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Zo hoog de zon stond'  van Simone Atangana Bekono
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zo+hoog+de+zon+stond.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Terwijl Simone Atangana Bekono de hoofdpersoon van haar debuutroman
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Confrontaties
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            , Salomé Atabong, krachtig heeft neergezet als een mens van vlees en bloed, vol tegenstrijdige gevoelens en worstelend met alle confrontaties in haar complexe leven, voelt Sonny, de hoofdpersoon uit haar nieuwe novelle
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Zo hoog de zon stond
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als een personage van bordkarton: leeg, onwaarschijnlijk en gekunsteld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De novelle is eerder verschenen als Brabants Boek Present en is nu in een gewijzigde tweede druk verschenen. Het verhaal gaat over de kunstenares Sonny die in een hete zomer terugkeert naar haar geboortedorp en daar door Myrthe, haar oud-klasgenoot van de basisschool, wordt uitgenodigd om op de luxe villa ‘In ’t huuske’ te passen. De villa is voorzien van een virtuele assistent die antwoord geeft op alle vragen, die ook regelmatig stoort en bovenal Sonny de stuipen op het lijf jaagt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal leest als een thriller voor jongvolwassenen. De spanning bevindt zich vooral op het niveau van de gebeurtenissen, maar die zijn zo onwaarschijnlijk dat ik mij nauwelijks kan voorstellen dat de gemiddelde lezer daadwerkelijk nieuwsgierig is naar de afloop. In het verleden heeft Myrthe Sonny ooit gezoend en dat maakt dat er ook nu nog wat spanning tussen hen beiden voelbaar is. Myrthe zoekt toenadering, Sonny houdt juist afstand. Er wordt gesuggereerd dat ook de robotachtige villa een eigen wil heeft. Omdat Sonny en Myrthe zoveel wijn achteroverslaan, gebeuren er af en toe ongelukjes, maar vrij snel daarna is het huis op mysterieuze wijze weer brandschoon, alsof de villa alle sporen van menselijkheid uit wil wissen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het zou mij niet verbazen als liefhebbers van het werk van Hanna Bervoets deze novelle wél kunnen waarderen. In Bervoets werk lopen vergelijkbare, ‘wezenloze’ personages rond, alsof zij meer ideeëndragers dan daadwerkelijke mensen zijn. Het verschil is alleen dat het in deze novelle niet helemaal duidelijk is wat dan de idee achter Sonny is. Haar naam betekent ‘zoon’, maar verwijst wellicht eerder naar de zon uit de titel. De hete zon speelt een belangrijke rol in het verhaal. Deze hitte vormt een duidelijke tegenstelling met het kille huis. Misschien is dat wat de auteur graag naar voren brengt: de warmte van de mens tegenover de kilte van de techniek? Die thematiek zou ook passen in Bervoets werk. Dan had Sonny echter wel wat gelaagder mogen zijn, want zij is net zo kunstmatig als de villa zelf:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘De vape-pen en wietolie die ze had gekocht legde ze achter op de bovenste plak [sic] van de klerenkast, voor een ander om van te genieten. Ze probeerde een gevoel in haar lijf te lokaliseren, in de uber op weg naar het vliegveld, iets van een emotie die ze kon verbinden met haar vertrek. Maar er zat niks daarbinnen. Ze voelde zich leeg. Op.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het grootste mankement aan de novelle vind ik echter het gebrek aan ruimte voor de verbeelding. Terwijl de open plekken juist de kracht zijn van Confrontaties, zijn deze in Zo hoog de zon staat vrijwel afwezig. Een personage dat zich leeg zou moeten voelen, komt niet per se leeg over als zij in de uber op weg naar het vliegveld ‘iets van emotie’ probeert te verbinden met haar vertrek. Dan wordt de leegheid gekunsteld. Ook de dialogen zijn uitgekauwd, alsof je naar een slecht gespeelde soap zit te kijken, waarin niets te raden valt. Er wordt bij vermeld dat de ene verveeld zit te kijken, de ander de mayonaise van haar mond veegt of de rook in de richting van de camera blaast.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een kleine teleurstelling dus, maar wel een die al vanaf de eerste bladzijde voelbaar is. Het kan zijn dat die teleurstelling vooral voortkomt uit het feit dat het begin van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Confrontaties
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            zó indrukwekkend is. Dan kun je bijna niet geloven dat diezelfde auteur ook tot iets minders in staat is. Aan de andere kant geeft het ook hoop. Boekenweekgeschenken zijn meestal niet de hoogtepunten uit de literatuur. Er gaat vast nog iets mooiers komen, want de auteur is daar absoluut toe in staat.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Simone Atangana Bekono –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo hoog de zon stond
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Arbeiderspers, Amsterdam. 96 blz. €16,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zo+hoog+de+zon+stond.jpeg" length="93909" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 12 Jan 2023 19:08:27 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/personages-van-bordkarton-in-een-kille-villa</guid>
      <g-custom:tags type="string">Simone Atangana Bekono,essays,Zo hoog de zon stond</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zo+hoog+de+zon+stond.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zo+hoog+de+zon+stond.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Vissen tussen leven en dood, droom en werkelijkheid</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/vissen-tussen-leven-en-dood-droom-en-werkelijkheid</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vissen tussen leven en dood, droom en werkelijkheid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Niet zomaar een rivier' van Selva Almada
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/niet+zomaar+een+rivier.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het water van de rivier spreekt al zo lang de mens bestaat, tot de verbeelding. De presocratische filosoof Herakleitos wees er met zijn ‘panta rhei’ (‘alles stroomt’) al op dat je nooit twee keer in dezelfde rivier kunt stappen. Misschien is dat ook de reden waarom Enero Rey, Negro en Tilo, de drie hoofdpersonages uit
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Niet zomaar een rivier
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van de Argentijnse schrijfster Selva Almada, eindeloos bij en in de rivier kunnen verblijven. De rivier neemt ook de lezer mee in een roes waarin droom en werkelijkheid, verleden, heden en toekomst door elkaar lopen.  
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De drie vrienden vissen, roeien, drinken wijn, en halen herinneringen op aan de in de rivier verdronken Eusebio, de vader van de nog jonge Tilo. Het hangen bij de rivier gaat soms bijna ongemerkt over in een herinnering aan gesprekken of gebeurtenissen, die ook plaatsvonden bij de rivier, waardoor de verschillende tijden al gauw gaan mengen. Omdat Tilo op zijn vader lijkt, hebben de twee anderen soms de gewaarwording dat Eusebio helemaal niet dood is:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Als hij niet wist dat het Tilo was, zou hij denken dat Eusebio was teruggekeerd. Als hij zijn eigen bolle buik niet zag, zijn dikke handen, zijn verminkte vinger en zijn grijze borsthaar, zou hij denken dat Tilo Eusebio is, dat Eusebio niet dood is. Dat ze weer met zijn drieën zijn gaan vissen, zoals ze altijd deden.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De manier waarop de personages in hun eenvoud beschreven worden, doet mij soms denken aan het werk van Steinbeck, zoals
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tortilla Flat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Er hoeft niet veel te gebeuren om toch inzicht te krijgen in hun wezen. Het is alsof ze eerst een beetje schimmig zijn, omdat ze steeds met elkaar rondhangen en ze moeilijk uit elkaar te houden zijn, maar naarmate het verhaal vordert, begin je duidelijkere contouren te zien en de karakters te herkennen. Zo komen ineens de dromen van de Verdronkene bij Enero naar boven drijven, waardoor je een luguber inkijkje in zijn ziel krijgt. De dromen begonnen al in de eerste zomer dat hij met Negro en Eusebio rondhing. De dromen gaan over een door vissen aangevreten lijk waarvan het gezicht dicht tegen het zijne ligt. Negro lacht hem uit, maar Eusebio wil er meer van weten en als hij er vaker van droomt, neemt Eusebio hem mee naar zijn peetoom, die verstand van dromen heeft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Omdat Eusebio uiteindelijk verdronken is, krijg je het gevoel dat Enero voorspellende dromen had, maar omdat de herinnering aan de dromen juist opkomt, als hij bij het water naar de jonge Tilo kijkt, die op zijn vader lijkt, is het alsof Eusebio tegelijkertijd weer tot leven is gekomen. Het verbindende element is de rivier, die niet alleen verleden, heden en toekomst verbindt, maar ook droom en werkelijkheid. Dat maakt dat het inderdaad ‘niet zomaar een rivier’ is, maar haast een magische stroom, die wellicht net als de Styx het rijk van de levenden verbindt met het dodenrijk.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ondertussen vangen ze een onwaarschijnlijk grote rog, die even later stinkend te drogen hangt, maar waar ze uiteindelijk toch weer vanaf willen, wat agressie oproept bij andere mannen uit het dorp. Het gewelddadige komt ook naar boven als Enero vlak na het overlijden van Eusebio een vinger verliest: ‘Alsof er ook een tastbaar en concreet deel van hem moest sterven.’ Het geweld roept een broeierige sfeer op, die versterkt wordt door hun ontmoetingen met verschillende vrouwen in het heden en in het verleden. Enero heeft een meisje zwanger gemaakt en neemt haar mee naar de peetoom die kennelijk ook ongewenste foetussen uit de buik van hun moeder kan weghalen. Enero gaat niet helemaal vrijuit, want de vrouw van de genezer kijkt hem bij vertrek recht in de ogen: ‘Als je geen kinderen wilt, moet je je maar laten castreren!’ Op het moment dat Eusebio zijn zoon Tilo krijgt, voelt Enero spijt van zijn actie: Eusebio is hem in alles voor, in zijn vaderschap, maar ook in zijn dood.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De betoverende vermenging van droom, werkelijkheid en de verschillende tijdlagen rondom de drie mannen, krijgt verderop in het verhaal een echo rondom de haast dwangmatig vuurtjes stokende vrouw Siomara, die haar twee dochters Lucie en Mariela verloren heeft. De twee meisjes lijken in het heden echter op magische wijze weer tot leven te komen, eenvoudigweg, omdat Siomara besluit dat het niet haar meisjes zijn die ‘tussen die slordig dichtgespijkerde planken’ liggen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De oeroude elementen water en vuur boren voortdurend diepere betekenislagen aan. Daardoor komen vanzelf grote, ongrijpbare thema’s als hartstocht, liefde, vriendschap, angst, dood en rouw bovendrijven. Deze thema’s worden tastbaar in de bijzondere karakters van de personages en hun onderlinge relaties. Het zowel beklemmende als ontroerende verhaal sleurt je mee in zijn haast bovennatuurlijke stroom. Steeds verlies je je grip op de personages en gebeurtenissen. Het liefst stap je opnieuw in de rivier en dan kom je erachter dat deze niet meer dezelfde is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Selva Almada – Niet zomaar een rivier. Vertaald door Marijke Arijs. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 96 blz. €23,95.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/niet+zomaar+een+rivier.png" length="23233" type="image/png" />
      <pubDate>Sat, 31 Dec 2022 11:36:52 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/vissen-tussen-leven-en-dood-droom-en-werkelijkheid</guid>
      <g-custom:tags type="string">Selva Almada,essays,niet zomaar een rivier</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/niet+zomaar+een+rivier.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/niet+zomaar+een+rivier.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De steenhouwer en het ontbrokene</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-steenhouwer-en-het-ontbrokene</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De steenhouwer en het ontbrokene
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      
           Reflectie op een kleine schepping
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_9067.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat doet de steenhouwer in mijn schrijven? Gek genoeg is het juist de afwezigheid van de steenhouwer die zich op een dag bij mij aandiende. In mijn hoofd vormde zich een steengroeve waaruit de steenhouwer verdwenen was. Het gereedschap lag er nog: een kloofbeitel en een draadzaag. Ik keek er rond en vroeg me af waar de steenhouwer zelf gebleven was.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als ik naar deze steenhouwer wilde verwijzen, kon ik kiezen uit verschillende persoonlijke voornaamwoorden. Welke kies je als je eigenlijk niet weet wie de steenhouwer is? In de vierde klassen die ik lesgeef, hadden we net de verschillende manieren van verwijzen herhaald, zoals ook het onduidelijke verwijzen. Was ik mij daarom zo overbewust van deze kwestie? Al in mijn eerste tekst hakte ik de knoop door: de steenhouwer werd een ‘zij’. Ik had het vermoeden dat de steenhouwer iets met mij te maken had en ik ben een vrouw. Ik raakte er meteen door in verwarring. Wat maakt mij precies tot vrouw en waarom ga ik ervan uit dat de steenhouwer ook een vrouw is? Als de steenhouwer al een deel van mijzelf is, wie zegt dan dat deze het vrouwelijke deel in mij is, ervan uitgaande dat in iedere mens wel iets vrouwelijks en mannelijks schuilt? Ik heb mij afgevraagd of het er überhaupt toe doet of de steenhouwer een man of een vrouw is. In mijn zesde klassen heb ik een indrukwekkend interview met Stefan Hertmans bekeken over het ontstaan van de moraal. Hij verwijst daarin naar Heidegger en Wittgenstein: taal schept de werkelijkheid. Als ik ‘zij’ gebruik op het moment dat ik naar de steenhouwer verwijs, is de steenhouwer een vrouw geworden. Ik kan niet overzien of dat uitmaakt en wat ik precies over haar afroep, in mijn eigen hoofd of in het hoofd van een eventuele lezer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ik ging aan het werk in de steengroeve, tastte de wanden af, de mergel, de klei, en vroeg me af of ik niet zelf de steenhouwer was. Als ik het inderdaad zelf was, waarom voelde ik dan zo duidelijk haar afwezigheid?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Iemand wees me erop dat ze steeds zo geraakt werd door het woord ‘steenhouwer’ in mijn teksten. Dat kwam omdat haar vader steenhouwer geweest was en hij er niet meer was. Daar had je het al: de steenhouwer wordt iemand, zodra je erover schrijft, zelfs als je over zijn of haar afwezigheid schrijft. Het stelde mij gerust dat mijn steenhouwer kennelijk ook een vader kon zijn, ondanks de vrouwelijke verwijzingen. De vader voegde een nieuwe betekenis toe aan mijn afwezige steenhouwer. Een steenhouwer is namelijk niet alleen iemand die in een steengroeve aan het houwen is, maar ook iemand die bijvoorbeeld teksten in grafstenen beitelt. Zo heette ik ook de dood welkom in de groeve in mijn hoofd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Steeds meer komt er in de groeve terecht en ik heb geen idee wanneer ik de groeve achter mij kan laten. Martinus Nijhoff noemde zichzelf ooit een koraalrif waar steeds schoksgewijs iets aangroeit. Ik vraag me af wat hem steeds deed besluiten een stukje koraalrif in de vorm van een gedicht los te laten. Op de website van het literatuurmuseum wordt over Nijhoffs poëzie gezegd dat zij een 'gebeeldhouwd zoeken naar zelfkennis' is. Wellicht dat je dan onbewust ook kunt verlangen naar een steenhouwer die kennis over jezelf of over de wereld kan houwen uit de vormloze wand die je om jezelf heen ervaart: de steenhouwer als taalhouwer?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet lang daarna zag ik een busje van een bouwbedrijf aan de overkant van een rij huizen stoppen. Er stapte een jongeman in werkkleding uit. Ik kon zijn gezicht niet zien, zag hem op de rug. Even later stond hij voor een van de deuren te wachten tot er open werd gedaan. Ook hij werd in mijn hoofd steenhouwer en werd een van de hoofdpersonen van een nieuw verhaal. Pas wat later besefte ik dat de steenhouwer dus niet alleen verdwenen is, maar daar aan de deur juist ook verschenen is. Deze wonderlijke combinatie van verdwijnen en verschijnen houdt mij nu al enkele maanden in de greep. Het lijkt haast op een mystiek verlangen, te willen verdwijnen in een verschijning.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier bleef het echter niet bij. Ik voelde een sterke neiging om naast het schrijven te tekenen. Als kind tekende ik altijd tijdens het schrijven. Op de middelbare school ben ik daar onmiddellijk mee gestopt toen mijn tekendocent mij duidelijk te kennen gaf dat ik werkelijk geen enkel talent had op dit gebied. Ik schaamde mij voor alles wat ik ooit had getekend en daarna voor elke tekening die ik nog maakte. Een enkele keer oefende ik in het geheim, omdat ik de man niet helemaal kon geloven: er bestaat toch ook de oefening die de kunst baart?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik volg al een poos de Berlijnse kunstenares Tina Berning. Zij tekent heel veel hoofden, gezichten in allerlei variaties. Haar manier van tekenen of schilderen komt heel dicht in de buurt van de steenhouwer in mijn verbeelding, al weet ik niet precies hoe en waarom. Ik kocht inkt en probeerde ogen te tekenen, faalde vooral. Het was verschrikkelijk. In niets benaderden mijn tekeningen ook maar een klein stukje van de steenhouwer in mijn verbeelding. Toch wilde ik niet stoppen. Tussen het schrijven door wilde ik gezichten tekenen, hoe verschrikkelijk ze ook tekortschoten. Ik gooide ze weg en begon opnieuw en opnieuw. Ik ben de steenhouwer nog altijd niet genaderd, maar steeds vaker krijg ik een vermoeden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zou het kunnen zijn dat de steenhouwer altijd afwezig zal zijn in de tekeningen, net als in de teksten, maar dat zij zich ergens daartussen bevindt? In de bijzondere bundel ‘Aardelingen’, die ik onlangs recenseerde, kwam ik twee dichtregels tegen die mij in mijn worsteling met de steenhouwer bijzonder ontroerden. In ‘Times of now 4’ schrijft Geert Jan Beeckman over witregels: ‘Tijdens de witregels kiest het gedicht / voor het voegstil tussen de stenen.’ Een eindje verderop in het gedicht staat: ‘Tijdens de witregels geven gedichten / zich door aan elkaar. / Dat gebeurt ongezien. / Dat getuigt van een diep hart in Aleppo.’ Het doet mij denken aan de bundel ‘Het ontbrokene’ van Hans Faverey, waarin het volgende gedicht staat:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier zit ik:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een wankele heerser over weinig.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Of ben ik soms zo door mijzelf verlaten,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat mijn woorden zijn teruggevlucht,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een schuilplaats hebben gezocht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in de acht herbergen,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           diep in het hart van de woestijnroos
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die mij zo hardnekkig uitwoont.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misschien zit de essentie van de kunst daadwerkelijk in wat ontbreekt, zoals ik bij ‘Aardelingen’ schreef. Ik ben meer aan het schrappen dan aan het schrijven. Nee, dat kan niet natuurlijk, want om te schrappen moet er eerst wat geschreven zijn, hoewel deze terughoudende manier van schrijven toch meer voelt als 'zich ontzeggen', dan als 'zeggen'. Deze vorm van winning, houwen in een zelfverkozen groeve ervaar ik als uiterst eenzaam en haveloos. Ik geloof dat ik net zo lang blijf uitsparen, achterhouden tot er iets staat waarin ik het ontbrokene bijna kan aanraken, terwijl ik weet dat het nooit zo ver zal komen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_9067.jpg" length="616336" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 28 Dec 2022 13:24:41 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-steenhouwer-en-het-ontbrokene</guid>
      <g-custom:tags type="string">steenhouwer,essays,ontbrokene</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_9067.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_9067.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Zo eenvoudig als de wereld onthouden verlies je hem’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/zo-eenvoudig-als-de-wereld-onthouden-verlies-je-hem</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Zo eenvoudig als de wereld onthouden verlies je hem’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Aardelingen' van Eddy Verloes, Geert Jan Beeckman en Jef Neve
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/aardelingen.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      
           Misschien is kunst de ultieme vorm van ontbreken, ontschieten. Iets ontroert, verwondert of ontwricht, maar wat het is, is niet uit te drukken. Zowel in het creatieve proces, waarin de kunstenaar het moment of de emotie probeert te vangen, als in de receptie ervan, ontbreekt de essentie. Juist de benadering ervan is de schoonheid, omdat het laatste stukje, dat slechts gesuggereerd kan worden, in de verbeelding ligt. Dat maakt dat zowel de kunstenaar als de lezer, luisteraar of kijker, zich zo intens eenzaam kan voelen: de stap van de suggestie naar de voltooiing zet je immers alleen. Precies daarom raakt de bundel ‘Aardelingen’ van fotograaf Eddy Verloes, dichter Geert Jan Beeckman en componist Jef Neve, recht in de ziel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wanhoop uitspelen tegen schoonheid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           is een eenzaam beroep
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dichters doen het.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kamermuzikanten ook.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En jagers op stille rouw en eerste sneeuw.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De echo daarvan is een foto.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als lezer, kijker en luisteraar ben je getuige van een reeks zoektochten. Het kan zijn dat in het creatieve proces de fotograaf begonnen is en de dichter en componist volgden, maar als ontvanger ervaar je eerder een cyclus waarbij beeld, woord en muziek elkaar steeds opnieuw naderen. ‘Aardelingen’ zijn wij, mensen. Het woord drukt uit hoezeer wij verbonden zijn met de aarde. Als we er al van loskomen, is dat door de verbeelding, of door te sterven en onze ziel weg te denken van de grond.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De foto’s van Eddy Verloes zijn, net als in zijn alom geprezen reeks ‘Buiten zinnen’, raadselachtig en daarom een bron van verbeelding: sporen in de sneeuw zonder te zien waar ze heen gaan en waar ze vandaan komen, een mens op de rug, schimmen voor een raam, gerafeld weefsel, een deur met iets erachter, een eenvoudig bouwsel in een verlaten landschap, een spiegelbeeld, kinderen op een pleintje rondom een duif, en nog veel meer moois, de meeste in zwartwit. Stuk voor stuk zijn het verhalen die je zelf nog kunt denken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De poëzie van Geert Jan Beeckman wordt in het motto door hemzelf al treffend omschreven:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier ergens moet het liggen dacht hij.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tussen aarde en psalm.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tussen cello en rauwe scherzo.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kennelijk gaat het om een benadering: ‘hier ergens’. Hoezeer de mens ook gebonden is aan de aarde en sterfelijkheid, steeds opnieuw zoekt hij het hogere en oneindige. Wie deze bundel in huis heeft, is niet alleen rijk aan beelden, maar beschikt over onwaarschijnlijk mooie dichtregels, die ik hier allemaal wel zou willen citeren. Neem het titelgedicht ‘Aardelingen’:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In alles wat je nooit blijft kunnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           achter een raam met wat schimmentaal
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en in het miljard dat op benen staat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je bestaat en kijk licht jou eens nodig hebben.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alles terwijl je een hand een hoofd bent
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in de tijd met de vorm die wil dat jij dat bent.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Buiten heerst het belang van termieten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de mussen die de hemelproef doorstaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Buiten ruiken honden de regen voorbij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de eeuwen van lijf en leden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo eenvoudig als de wereld onthouden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           verlies je hem. Je telt zwanen en je ziet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           eigen bewegingen. Je zwemt en je haalt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de overkant niet.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als een gedicht het vermoeden in
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zichzelf uitspreekt noemen wij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat weerkaatsingen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Steeds opnieuw klinkt in de regels het ‘reiken’, zonder ‘be’ ervoor. Misschien zijn aardelingen, net als in Plato’s allegorie van de grot, de gevangenen die slechts een weerkaatsing opvangen van het zuivere en ongeschondene. In veel gedichten uit deze bundel is vergankelijkheid een thema. Die zit ook in het voorbijgaan van momenten die door de fotograaf gevangen zijn. Het zijn stilstaande beelden. Alles wat ervoor en erna gebeurt, kun je denken, maar is niet vastgelegd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De roof door de nacht haalt levensherfst aan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Door afstand te nemen van verdriet benader ik mijn verlies.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik adem om mezelf te verzamelen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik schrijf je. Ik kleed mij met aarde.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Grond wordt de echokamer van mijn ziel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet anders is dat in de muziek van Jef Neve: je hoort een aanzet, soms nog een echo en vanuit de stilte kan ook zomaar een meeslepende melodie ontstaan, waarin je harmonie, een begin en een einde kunt denken, maar die nooit daadwerkelijk ‘af’ is. Als je naar de muziek luistert, terwijl je naar de beelden kijkt en de gedichten leest, kan deze muziek zomaar een vertolking zijn van de foto’s en gedichten, maar omdat je niet kunt onthouden waarnaar je kijkt en wat je leest op het moment dat je de muziek hoort, is er een oneindige variatie mogelijk van verbindingen tussen de drie kunstvormen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In ‘Times of now 4’ omschrijft Beeckman wat er gebeurt in de witregels: ‘Tijdens de witregels denkt het gedicht / aan de lezer.’ Zo is het ontbreken onderdeel van de kunst, zowel op de foto, in het gedicht als in de stiltes tussen de tonen: ‘het schorst geluid en ballast’. Verderop staat dat tussen de witregels gedichten zich ongezien aan elkaar doorgeven, maar dat geldt ook voor de muziek en de beelden in hun onderling verband. Zo blijft ‘Aardelingen’ schuren. Je blijft reiken naar wat ontbreekt en dat missen doet pijn. Tegelijkertijd ervaar je troost, omdat je met bijna al je zintuigen een weerkaatsing waarneemt van de ander, die net zo reikt en mist als jij.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Eddy Verloes, Geert Jan Beeckman en Jef Neve – Aardelingen. Snoeck, Gent. 80 blz. €25,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/aardelingen.jpeg" length="453247" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 27 Dec 2022 13:17:31 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/zo-eenvoudig-als-de-wereld-onthouden-verlies-je-hem</guid>
      <g-custom:tags type="string">Aardelingen,essays,Eddy Verloes,Jef Neve,Geert Jan Beeckman</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/aardelingen.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/aardelingen.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Een wereld die op zoek is naar hernieuwde vormen van hoop’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-wereld-die-op-zoek-is-naar-hernieuwde-vormen-van-hoop</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Een wereld die op zoek is naar hernieuwde vormen van hoop’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Verschuivingen' van Stefan Hertmans
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Verschuivingen-Stefan-Hertmans-400x229.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met enige bescheidenheid vraagt Stefan Hertmans zich in het voorwoord van zijn nieuwe bundel essays ‘Verschuivingen’ af hoe lang onze vragen over actuele problemen meegaan en voor welke lezers deze essays eigenlijk bestemd zijn. Precies die problematisering en relativering van het eigen denken is zo bijzonder aantrekkelijk van Hertmans’ overpeinzingen. Terwijl op elke bladzijde zijn eruditie blijkt, omdat hij diverse filosofen, schrijvers, dichters en politici uit de geschiedenis én actualiteit met elkaar verbindt, en de lezer daarmee op zoveel inspirerende inzichten trakteert, blijft hij kritisch zijn eigen gedachten bevragen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een poosje geleden stuitte ik op een twee uur durend interview ‘Daar begint de moraal’ met Hertmans vlak nadat hij de Constantijn Huygensprijs had ontvangen voor zijn hele carrière. Daarvóór had ik alleen nog maar romans van hem gelezen en ik was onder de indruk van de bijzondere wijsheid waarmee Hertmans sprak over o.a. het onderwijs, de moraal, utopieën en de polarisatie in de huidige samenleving. Het interview begon met een bijzondere kijk op het ‘spreken’: je kunt spreken omdat je wilt vertellen wat je weet, maar je kunt ook spreken om al sprekend je gedachten te vormen. Met name die laatste vorm van spreken was volgens Hertmans bijzonder geschikt in het onderwijs: een gemeenschap creëren waarin samen gedacht wordt. Ik heb het interview met mijn examenklassen gedeeld en veel leerlingen waren onder de indruk, juist omdat hij tijdens het interview precies deze vorm van ‘denkend spreken’ in de praktijk liet zien. Eigenlijk zou je dit ook van zijn schrijven kunnen zeggen: nergens heb je het gevoel dat hij vertelt wat hij allemaal weet en denkt. Je wordt meegenomen in een boeiend denkproces en uitgenodigd om mee te denken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De essays gaan over drie grote thema’s, die kenmerkend zijn voor onze tijd: klimaatverandering, de crisis van de neoliberale wereldorde en migratie. In deze drie, die sterk met elkaar verbonden zijn, zijn belangrijke verschuivingen voelbaar, zonder dat wij die op dit moment goed kunnen overzien. Zo heeft ons vooruitgangsdenken ons in de loop van de eeuwen op een punt gebracht waarvan je je kunt afvragen of we niet eerder op een catastrofe afstevenen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘We worden niet alleen ruimtelijk ontwricht, maar ook intellectueel en spiritueel; het gevoel is dat we niet goed meer blijken te weten hoe we moeten spreken, noch met elkaar, noch voor onszelf. Vandaar het telkens weer oplaaiende verbale geweld in de publieke ruimte; alsof we niet langer beschermd worden door de zekerheden die de rationaliteit ons eeuwenlang heeft geïnspireerd.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hertmans stelt vragen bij het vervagen van de grens tussen de publieke ruimte en de ‘binnenwereld’ van het individu. Mensen dragen zelfs doelbewust aan die vervaging bij door het delen van intimiteit op o.a. sociale media als blijk van moed te beschouwen. De gevolgen zijn niet gering: mensen lopen op straat alsof die straat het verlengde van hun woonkamer is: zij hoeven zich aan niemand aan te passen en kunnen ook steeds minder van elkaar verdragen. De volgende stap is dat je niet meer buitenkomt, maar alles aan huis laat bezorgen, zodat je de ander niet meer hoeft tegen te komen. Door kritische vragen te stellen houdt Hertmans ons een spiegel voor en dat is belangrijk, omdat dit alles ons niet ‘overkomt’, maar wij zelf keuzes kunnen maken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hetzelfde geldt voor het thema van de migratie. Hoe benaderen wij de dakloze en de vluchteling? Hertmans laat met voorbeelden uit de klassieke oudheid en o.a. de filosofie van Giorgio Agamben zien hoe die vluchteling eigenlijk de ‘homo sacer’ is: ‘diegene waarin iets heiligs en tegelijk iets unheimlichs schuilt, waardoor hij de mentale limiet tussen insluiting (opgenomen worden) of uitsluiting (uitgestoten worden) belichaamt.’ Daarmee laat de vluchteling in feite de essentie van onze samenleving zien, wat ons samenhoudt of juist verdeelt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan de andere kant wordt die individuele verantwoordelijkheid voor het maken van keuzes ook misbruikt door politici en grote bedrijven. Dit laat Hertmans zien bij de klimaatbeweging, die natuurlijk terecht oproept tot de individuele verantwoordelijkheid van de burger waar het gaat om duurzaam leven: ‘maar de beslissende strijd wordt op het niveau van geopolitieke machtsverhoudingen gevoerd.’ Door de strijd tussen burgers onderling ontvluchten de multinationale lobbygroepen hun verantwoordelijkheid en worden beslissingen vertraagd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoewel Hertmans de gevaren van verschillende ontwikkelingen laat zien, is hij zelden pessimistisch. Hij komt niet met kant-en-klare oplossingen, maar hij roept tussen de regels door wel steeds op tot solidariteit, inclusief denken en respectvol omgaan met de ander en de planeet. Hij nodigt uit tot nadenken en het maken van weloverwogen keuzes. Ook nodigt hij uit om naar de boekhandel te snellen en net als Hertmans kennis te nemen van al die grote filosofen en schrijvers.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voor wie heeft deze bescheiden denker deze bundel dan geschreven? In eerste instantie wellicht voor iedereen die wil blijven meedenken over de voelbare verschuivingen in onze samenleving. Je zou willen dat politici en mensen op verantwoordelijke posities de tijd nemen om deze bundel te lezen, zodat ook zij worden uitgenodigd om samen te denken. En hoe goed zou het zijn om deze essays voor te leggen aan onze jongeren, de politici en denkers van de toekomst? Docenten Nederlands, maatschappijleer, geschiedenis en filosofie kunnen hier zinvolle lesstof uit putten om samen met de leerlingen op zoek te gaan ‘naar hernieuwde vormen van hoop.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stefan Hertmans – Verschuivingen. De Bezige Bij, Amsterdam. 226 blz. € 17,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Verschuivingen-Stefan-Hertmans-400x229.jpeg" length="11348" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 23 Dec 2022 19:32:33 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-wereld-die-op-zoek-is-naar-hernieuwde-vormen-van-hoop</guid>
      <g-custom:tags type="string">Stefan Hertmans,essays,verschuivingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Verschuivingen.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Verschuivingen-Stefan-Hertmans-400x229.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Een uitgelezen kans om niks te zeggen’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-uitgelezen-kans-om-niks-te-zeggen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Een uitgelezen kans om niks te zeggen’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Pleegkind' van Claire Keegan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Pleegkind.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van een bijzondere eenvoud en kracht is ‘Pleegkind’ van de Ierse Claire Keegan, die deze kleine roman al in 2011 schreef en daarmee zelfs op de shortlist van de Booker Prize kwam. Het laat zien hoe weinig woorden er nodig zijn om een diepe emotie bij de lezer tot stand te brengen. De vertaling is bijzonder fraai uitgegeven in een kleurrijke hardcover. Keegan beheerst niet alleen de kunst van het weglaten. De woorden die er wél staan, zijn uiterst zorgvuldig gekozen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een negenjarig meisje wordt op een zondag na de mis door haar vader niet naar huis gebracht, maar naar een plaatsje aan de kust waar de familie van haar moeder vandaan komt. Ze weet niet waarom. Het perspectief ligt bij het meisje, waardoor de lezer soms meer begrijpt dan het meisje zelf, al is zij wel bijzonder opmerkzaam. Als haar vader haar wegbrengt, merkt ze op dat hij direct nadat hij zich heeft volgegeten, weer naar huis gaat. Ook heeft ze direct door dat het anders is in de pleegfamilie: ‘Hier krijg je de ruimte en tijd om te denken. Hier hebben ze misschien zelfs wel geld over.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haar vader is weggereden zonder haar spulletjes uit te laden. Het is nogal wat voor het jonge meisje: ‘Als ik achter de vrouw aan naar binnen loop, wil ik dat ze iets zegt, me geruststelt. Maar in plaats daarvan gaat ze de tafel afruimen.’ In een korte tijd moet ze wennen aan een heel ander huishouden. De pleegouders blijken echter bijzonder warm en hartelijk. Ze wordt meteen in bad gedaan en liefdevol schoongeboend. Ze krijgt een ouderwetse broek en een nieuwe geruite bloes aan. Daarna gaat ze de vrouw helpen in het huishouden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Keegan roept vooral emoties op door ze niet te benoemen. Iedere lezer kan aanvoelen dat de eerste nacht in het vreemde bed ingewikkeld is voor het meisje. Midden in de nacht komt de vrouw even op haar bed zitten. Er staat: ‘Ik voel de matras doorzakken onder haar gewicht op het bed.’ Daarmee voel je als lezer niet alleen de vreemde matras onder het meisje, maar ook de lijfelijke aanwezigheid van de vreemde vrouw.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In een paar zinnen en een korte dialoog wordt duidelijk welke sfeer zij thuis gewend is:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           [...] en ik voel opnieuw hoe de stalen tanden van de kam vanochtend vroeg over mijn hoofdhuid krasten en de kracht van mijn moeders handen toen ze twee strakke vlechten maakte, met haar buik, die hard is van de volgende baby, tegen mijn rug gedrukt. Ik denk aan de schone onderbroeken die ze in de koffer heeft gepakt, aan de brief en aan wat ze daar misschien in heeft geschreven. Er had een woordenwisseling plaatsgevonden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      ‘Hoelang moeten ze haar daar houden?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      ‘Ze mogen haar net zo lang houden als ze willen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      ‘Moet ik dat tegen ze zeggen?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      ‘Je zegt maar wat je wilt. Dat doe je toch altijd.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het nieuwe gezin is er alle tijd voor het meisje. Ook zijn ze bijzonder attent. Als ze de eerste nacht in bed heeft geplast, schaamt ze zich verschrikkelijk. De vrouw haalt het bed af en zegt tegen haar man dat die oude matrassen verschrikkelijk zweten. Zo ontziet ze de schaamtegevoelens van het meisje. Met Kinsella, de man, doet ze een wedstrijdje in hoe snel ze naar de brievenbus en weer terug kan rennen. Hij meet de tijd en zij probeert steeds haar record te verbeteren. Ook gaat hij samen met haar naar de zee. Als het meisje niets weet te zeggen, zegt hij: ‘Vergeet nooit dat je niet altijd wat hoeft te zeggen. Veel mensen zijn de mist in gegaan omdat ze een uitgelezen kans om niks te zeggen lieten lopen.’ Deze zin lijkt haast ook van toepassing op Keegans stijl: wat er staat, maar ook wat er niet staat, is zorgvuldig gekozen. Aan het eind van het verhaal krijgt deze zin nog een bijzondere betekenis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook Kinsella en zijn vrouw spreken niet alles uit. Als ze naar het dorp gaan om nieuwe kleren te kopen, hoort het meisje pas daar van een andere vrouw dat haar pleegouders door een ongeluk hun zoontje hebben verloren. Vanaf dat moment krijgen de aandacht en liefde waarmee ze omringd wordt, een diepere betekenis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dan krijgen ze te horen dat er thuis bij het meisje een broertje is geboren. Haar vader belt op en zegt dat hij haar weer komt halen. Je voelt de onomkeerbaarheid van de mededeling en de machteloosheid van het meisje. Het einde van het verhaal is magistraal. Geen wonder dat dit verhaal verfilmd is. De film is genomineerd voor een Oscar. In april 2023 zal de film ook in Nederlandse bioscopen te zien zijn, maar eigenlijk zie je al een haarscherp verhaal, als je het leest.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Claire Keegan – Pleegkind. Vertaald door Harm Damsma en Niek Miedema. Uitgeverij Nieuw Amsterdam, Amsterdam. 96 blz. € 17,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Pleegkind.jpeg" length="73276" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 20 Dec 2022 20:09:55 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-uitgelezen-kans-om-niks-te-zeggen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Claire Keegan,Pleegkind,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Pleegkind.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Pleegkind.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een kwetsbaar en verontrustend avontuur</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-kwetsbaar-en-verontrustend-avontuur</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een kwetsbaar en verontrustend avontuur
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Broodhoofd' van Sara Mesa
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/broodhoofd.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Natuurlijk horen dertienjarige meisjes hun dagen door te brengen op school, ook als ze daar ongelukkig zijn en namen krijgen als ‘broodhoofd’, omdat ze iets dikker zijn dan gemiddeld. Wat gebeurt er echter als zo’n dertienjarige in plaats van de weg naar school, de weg naar het park loopt en daar tussen de struiken en bomen gewoon een tijdschrift gaat lezen? Zo lang ze haar niet vinden, heeft ze immers rust. De Spaanse schrijfster Sara Mesa volgt zo’n meisje in haar nieuwe roman ‘Broodhoofd’. Al op de eerste bladzijde wordt haar rust verstoord door een oude man, een vogelaar, blijkt later. En die combinatie van een oude man en een ‘haast’ veertienjarig meisje nodigt uit tot bezorgdheid. Tot het einde blijf je als lezer, die tussen de struiken meekijkt, op je hoede en houd je je adem in.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al gauw worden het meisje en de man voor elkaar ‘Haast’ en ‘de Ouwe’. Wat de Ouwe denkt, weet je niet. Het perspectief ligt bij Haast. Zij is heus niet gek. Al vanaf het begin is ook zij op haar hoede:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ze laat haar blik van onder naar boven gaan: elegante veterschoenen, een nette broek in een lichte kleur, een bijpassend jasje – van dikke stof ondanks de warmte -, en over zijn schouder een sportief rugzakje dat afsteekt bij de rest van zijn outfit. Ze kijkt naar zijn mollige, met sproeten bedekte handen, zijn kleine, blonde hoofd, zijn metalen brilletje en zijn snor, zijn warrige, beetje gestoorde haar. Ze vindt hem grappig, maar ook weer niet zo grappig dat ze haar wantrouwen laat varen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij vertelt haar gepassioneerd over exotische vogelsoorten en zijn geliefde Amerikaanse zangeres Nina Simone. Na een lang verhaal verontschuldigt hij zich en noemt zichzelf irritant, omdat hij te veel praat als niemand hem waarschuwt. De observaties van het meisje zijn zo gedetailleerd dat je als lezer de man bijna tastbaar naast haar voelt, en onwillekeurig voelt dat toch een beetje ongemakkelijk, terwijl er eigenlijk niets onbetamelijks gebeurt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het eerste deel van het boek, ‘Het park’, ontmoeten ze elkaar dagelijks, behalve in het weekend, want dan hoeft Haast niet naar school. Ze leert de man steeds beter kennen. Hij is het kind uit een incestueuze relatie tussen een vader en zijn dochter. Hij leeft erg op zichzelf en is een keer opgenomen in een inrichting. Er klinkt kritiek in door op hoe er met patiënten wordt omgegaan. Er blijven veel vragen over voor Haast en ze durft ze niet allemaal te stellen. Juist door die open plekken zorgt de auteur subtiel voor onrust en ongemak bij de lezer. Kan dit wel goed gaan? Tegelijkertijd is de vriendschap tussen deze twee kwetsbaren ontroerend, omdat ze naar elkaar toe hartverwarmend accepterend zijn:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Op een dag barst ze onverwacht in huilen uit en neemt de Ouwe haar op schoot. De lichamelijke intimiteit die dan spontaan ontstaat is nieuw en maakt hen beiden ongemakkelijk. Toch blijven ze een paar minuten zo zitten terwijl ze in hetzelfde ritme ademhalen en hij met zijn handen door haar haar gaat – de eerste keer dat hij haar liefkoost – en zij haar armen op zijn benen laat rusten en haar hoofd tegen zijn buik. De Ouwe vraagt niet waarom ze huilt. Dat is een overbodige vraag: dat zou je moeten kunnen aanvoelen. Haast doet ook niet haar best om het uit te leggen. Ze weet dat dat van hem niet hoeft. Het is de rust, alleen die rust, onderstreept door het gezang van een pimpelmees – hoor je, een pimpelmees? is het enige wat de Ouwe zegt -, en de koude lucht, de naderende winter, de wind als dreigende voorbode.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Spanning ontstaat wanneer duidelijk wordt hoe Haast haar school en ouders om de tuin heeft geleid. Je voelt dat het niet lang kan duren voordat de geheime ontmoetingen ontdekt zullen worden. Haast schrijft in een dagboek en daarin fantaseert ze over de Ouwe. Het besef dringt door tot de lezer dat dit meisje net zo goed als alle andere meisjes op die leeftijd behoefte heeft aan liefde en aanraking. Al haar klasgenoten hebben een vriendje. Waarom kan dat niet een vriendje op leeftijd zijn? De kinderlijke vanzelfsprekendheid die Mesa consequent in het perspectief van Haast heeft gelegd, zorgt ervoor dat gangbare opvattingen over wat wel en niet acceptabel is, aan het wankelen raken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het tweede deel, ‘Het café’, ontmoeten de Ouwe en Haast elkaar na een langere tijd in een café. Ook daar zijn ze onaangepast: ze blijven eindeloos praten aan een tafeltje, zonder iets te bestellen, en drijven daarmee het personeel van het café tot wanhoop. Stukje bij beetje wordt onthuld wat er is voorgevallen in de tussentijd, hoe vooroordelen tot misverstanden hebben geleid en zo de werkelijkheid hebben vervormd, en hoe kwetsbaar een haast veertienjarige is als iedereen zich over de kwestie buigt. Van wie is zij eigenlijk het slachtoffer?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Broodhoofd’ is een ontroerend verhaal over twee mensen die niet helemaal in de pas lopen met de omgeving. Het roept op tot mededogen en het kritisch bezien van onze vooroordelen en verwachtingen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Sara Mesa – Broodhoofd. Vertaald door Nadia Ramer. Wereldbibliotheek, Amsterdam. 142 blz. € 21,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/broodhoofd.jpeg" length="12968" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 13 Dec 2022 15:08:29 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-kwetsbaar-en-verontrustend-avontuur</guid>
      <g-custom:tags type="string">Broodhoofd,essays,Sara Mesa</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/broodhoofd.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/broodhoofd.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Broos weefsel, verschuivingen van tekst en schildersdoek</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/broos-weefsel-verschuivingen-van-tekst-en-schildersdoek</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Broos weefsel, verschuivingen van tekst en schildersdoek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De hartvinger' van Paul Demets
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+hartvinger.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Teksten zijn weefsels van andere teksten, allusies en citaten, zoals de werken van Raoul De Keyser telkens herzieningen, herformuleringen van zijn eerder werk zijn’, schrijft Paul Demets in de aantekeningen achter in zijn nieuwe bundel ‘De hartvinger’. In deze bundel onderzoekt hij het werk van Raoul De Keyser. Demets’ poëzie beschrijft niet de schilderijen. Dat wil de dichter nadrukkelijk niet, maar beeld en poëzie gaan een haast mystieke verbintenis aan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je kunt de bundel zien als het derde deel van een drieluik. In ‘Het web van omtrek’, dat in 2021 verscheen, verwijst elk gedicht naar het werk van de schilder Raveel. In het najaar van datzelfde jaar verscheen ‘De landsheer van de Lethe’, dat sterk verbonden is met het werk van Spilliaert. In Demets’ poëzie is steeds een wonderlijke verbinding te ervaren tussen de teksten en de schilderijen van de verschillende schilders. De schilderijen van Raoul De Keyser zijn bescheiden, in vorm, in kleur en ook in hun titels. Soms zie je slechts een paar lijnen in een vlak. Zo herken je de lijnen van het voetbalveld. De schilder had niet alleen een fascinatie voor dat lijnenspel, maar ook voor de man die de lijnen kalkte: ‘De terreinverzorger verandert het gras in een voetbalveld.’ Er ontstaat een keten van verwijzingen. De schilder reflecteert op de krijtlijnen, Demets reflecteert op krijtwerker en schilder, maar daarnaast ook op zijn eigen leven en werk in een maatschappelijke betrokkenheid. De lezer voelt de werkelijkheid van de krijtlijnen tussen de regels versplinteren en valt in een haast mystieke diepte:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           We praten in abstracte klanken en kennen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           er betekenis aan toe. Het zijn geen gebeden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die we prevelen, het is de mist die uit de grond
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           komt en ons doet verstommen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel bestaat uit zeven cycli die op hun beurt elk weer uit zeven gedichten bestaan. Omvatten de zeven cycli niet een mensenleven? Eerst worden voorzichtig de krijtlijnen gezet, dan volgen via handelingen, ervaringen, aanrakingen, verschuivingen en herzieningen, uiteindelijk de einden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kenmerkend voor De Keysers’ werk is dat hij meerdere doeken dezelfde titels gaf, alsof hij steeds het vorige herzag, zoals ook de mens zich steeds herziet, door de ervaringen en aanrakingen. Ook bij het lezen van deze poëzie moet je jezelf steeds herzien, omdat bij iedere lezing de betekenis verschuift. Je ziet het werk van de schilder, je ziet de vader van de schilder, die schrijnwerker was, maar je ziet ook de dichter die poëzie bouwt: ‘Dakloos ben ik, // maar ik schreef: een kamer.’ Het doet denken aan Slauerhoffs beroemde regels ‘Alleen in mijn gedichten kan ik wonen, / nooit vond ik ergens anders onderdak’. In het tweede gedicht uit ‘Handelingen’ opent de dichter aan het begin van het schrijfproces een kamer: ‘Het begint met een klink, nog niet aangeraakt. / In potlood probeer ik het woord ‘wonen’.’ Langzaam vormt zich een woning met kamers en gangen. De ik vraagt zich af of er een kelder is, ‘alles wat het spreken in zich bewaarde’. De lezer begeeft zich op de broze scheidslijn tussen schildersdoek en papier en treedt stapje voor stapje in zijn eigen verbeelding.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De mooiste cyclus vind ik misschien wel die van ‘Verschuivingen’, die logisch volgt op ‘Aanrakingen’. De cyclus is opgedragen aan Demets’ vrouw en jongste dochter: je volgt de foetus in de aanstaande moeder: ‘op het punt / om uit te breken, maar luwt.’ Er staan zoveel mooie regels in, dat ik wil blijven citeren. Dat komt ook doordat er geen betekenis is, die standhoudt, omdat voortdurend alles verschuift, zoals je ook het nog ongeboren kind niet kunt vatten: ‘Straks ontspint het zich, maakt jou / open. Het is ruimer dan je buik.’ Ook onder deze gedichten staan titels van De Keysers’ schilderijen, zoals ‘De zandvlo’, een doek bijna tot de rand gevuld met een donker vlak, met daarboven nog een klein rafelig strookje licht. Het beeld en het gedicht gaan een verbinding aan: is het donker van het schilderij het onbekende wezen, op weg naar het levenslicht? Het kind zuigt zich vast in de moeder als een zandvlo, ‘zet zich schrap, maar velt jou niet.’ Uiteindelijk ziet het kind het levenslicht:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het ligt nog op de grens tussen slapen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           met jou en zonder. Er openbaren zich
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           contouren. Het stuwt. Een dier
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat zich verschuilt tot de vliezen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zijn gebroken. In een witte schort buigt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zich iemand, vouwt handen, duwt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het schuift een vrucht in een vrucht,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van binnenuit ontkiemd. Het vormt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           patronen die niemand ooit heeft getoond.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het kijkt in een bloedwaas. Hoe lang duurt de lochia?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het kent zijn naam nog niet, maar knippert
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           met zijn ogen en is er, uitgesproken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel vraagt om herlezing na herlezing. Er staan zoveel verwijzingen in naar andere kunstenaars en denkers, die steeds een ander licht op de bundel werpen, dat je uren tussen de dichtregels kunt doorbrengen. Die rijkdom kan alleen bestaan, doordat de gedichten: ‘Voortvluchtig blijven / zoals hij en zijn schilderij.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Paul Demets – De hartvinger. Poëziecentrum, Gent. 78 blz. € 21,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+hartvinger.jpeg" length="23270" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 11 Dec 2022 14:42:43 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/broos-weefsel-verschuivingen-van-tekst-en-schildersdoek</guid>
      <g-custom:tags type="string">Paul Demets,essays,De hartvinger</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+hartvinger.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+hartvinger.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een hilarische tragedie over de mens</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-hilarische-tragedie-over-de-mens</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een hilarische tragedie over de mens
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een bespreking van 'Overal zit mens; een moordfantasie' van Yves Petry
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/overal+zit+mens.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           We zijn met zoveel mensen op de wereld dat het niet vreemd is dat we elkaar in de weg gaan zitten. Hoeveel mensen op deze aardbol zouden in hun hoofd fantaseren over hoe ze een ander uit de weg kunnen ruimen? Kasper Kind, de hoofdpersoon uit ‘Overal zit mens; een moordfantasie’, een wat zonderlinge bio-ingenieur en beheerder van het bos Mirandel, voelt zich steeds meer ingesloten en belaagd door de mens, die volgens hem inmiddels overal zit, tot in de kleinste moleculen van de aarde, maar in het bijzonder door één mens, Max de Man, een publieksintellectueel en aartsmoralist. Steeds meer raakt hij erdoor geobsedeerd deze Man uit de weg te ruimen. Deze moordfantasie zet aan tot denken over onze duistere kanten en over hoe wij de aardbol aan het uitputten zijn, maar is daarnaast humoristisch en verrassend.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Handelen kunnen we alleen wanneer we afgaan op een fantoom’ is een uitspraak van Paul Valéry, die Petry als motto heeft gekozen voor zijn boek. Misschien is Max de Man voor Kasper inderdaad een fantoom geworden. Al zijn onmacht, woede en haat richt zich op wie hij denkt dat De Man is. Als hij hem meer als gelijkwaardig mens had gezien, had hij ook geen behoefte meer gehad om hem uit de weg te ruimen. Daarvoor moet al die haat eerst samengebald zijn in iets wat eigenlijk niet bestaat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De roman bestaat uit twee delen: de fantasie en de moord. Dat roept een zekere spanning op. In het eerste deel maak je kennis met Kasper. Het is opmerkelijk dat hij Kind heet en Max juist De Man. Ergens kijkt hij tegen hem op en dat roept nu juist zijn agressie op. Kasper leeft in het bos Mirandel als beheerder. Hij heeft wat contact met andere mannen die hem helpen bij het beheer, maar al snel wordt duidelijk dat zij hem enigszins mijden. Dat komt vooral doordat een bekende van hen onlangs zelfmoord heeft gepleegd, waarschijnlijk als gevolg van het lijden aan Waldschmerz. Dat is een verwijzing naar Weltschmerz, maar het verwijst ook naar de pijn die we vermoeden in de natuur, om het langzaam uitsterven van die natuur en ook ons eigen verdriet daarbij. Kasper zelf lijkt er ook aan te lijden, want hij wordt iedere dag geconfronteerd met de achteruitgang van het bos waar hij bladzijdenlang over kan filosoferen. De mannen vinden Kasper harteloos, omdat hij niet over de zelfmoord spreekt en gewoon verder gaat met het werk.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tegelijkertijd krijgt Kasper brieven van zijn zus Eva waarin ze hem vraagt vooral wat contact te zoeken met haar dochter Céline, op wie zij een beetje de grip lijkt te verliezen. Als oom kan hij haar misschien overhalen toch haar studie te vervolgen, in plaats van zich te laten beïnvloeden door haar huisgenoten. Het feit dat Eva dit verzoek doet, zorgt ervoor dat je als lezer sympathie krijgt voor Kasper en die heb je ook wel nodig om je mee te laten slepen in zijn steeds sterker wordende haat tegen De Man, met wie hij ooit een kortstondige relatie had, maar die ook de vader van Céline is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat heeft Kasper nu eigenlijk tegen Max, behalve dat hij zich door hem bedrogen voelt? Max is een televisie-intellectueel die kennelijk behoorlijk wat charisma heeft en hoge kijkcijfers haalt. Kasper vindt dat Max zich aanpast aan de tijd, aan elke nieuwe hype en bekakte mediapraatjes houdt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Want dat is wat er schuilgaat achter jouw zeemzoete publieksvleierij: heimelijke afkeer van het individu. Zo heimelijk dat je het zelf misschien niet eens doorhebt, onnozele hals die je bent. Maar wij hebben het wél door en samen met mij zeggen miljoenen als ik: gedaan met de flauwekul. Wij willen geen afkooksels van mensen zijn. Laat het beest weer spreken. Het vrije, rauwe individu met zijn onderzijde en zijn bovenzijde, zijn dagzijde en zijn nachtzijde. Dat alleen is de moeite van het redden waard. En als dat niet gered kan worden, dan kan ook de rest ons niets meer schelen, dan mag wat ons betreft de hele wereld naar de haaien gaan en mogen al die fletse idealen van jou naar de idealenhemel.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En zo raast en tiert Kasper erop los. Hij schrijft denkbeeldige brieven aan Max die hij wil voorlezen voordat hij de trekker overhaalt. Hij vraagt zich alleen nog af waarop hij zal richten: zijn borst, zijn hoofd, zijn buik? Op zijn hart. Voor je het weet is de lezer in deel twee beland: de moord. Verrassend genoeg speelt dat deel zich af op het moment dat Max er al niet meer is. Verdraaid, denk je: is het dus niet bij fantasie gebleven en heeft hij Max daadwerkelijk om zeep geholpen? Steeds meer krijg je het gevoel dat er behoorlijk wat steekjes los zijn aan Kasper.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Petry’s humor is al vanaf de eerste bladzijde tussen de regels voelbaar, maar het tweede deel is soms zelfs hilarisch. Af en toe bekruipt je wel het gevoel dat de auteur enigszins tijdrekt met de op hol geslagen ‘breinwandelingen’ van Kasper, maar misschien zijn die ook nodig om ten volle te beseffen hoe de mens inderdaad verrassend ‘overal’ zit en zo zijn ondergang tegemoet gaat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Yves Petrie – Overal zit mens; een moordfantasie Das Mag, Amsterdam. 250 blz. € 22,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/overal+zit+mens.jpeg" length="164888" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 02 Dec 2022 07:38:08 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-hilarische-tragedie-over-de-mens</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Een moordfantasie,Yves Petry,Overal zit mens</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/overal+zit+mens.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/overal+zit+mens.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'In den beginne was het Woord...'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/in-den-beginne-was-het-woord</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'In den beginne was het Woord...'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De ontdekking van de hemel' van Harry Mulisch door Lilach Ron (leerling vwo 6 Baudartius College)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+ontdekking+van+de+hemel.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De ontdekking van de hemel
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           werd in 2007 uitgeroepen tot het beste Nederlandstalige boek aller tijden. Het boek gaat over een wereld waarin God de hoop in de mensheid heeft verloren, en daarom de opdracht geeft de 10 geboden (het contract dat hij ooit met de mensheid sloot) te laten vernietigen. Dit beroemde boek werd in de jaren 1990-1992 geschreven door Harry Mulisch, geboren te Haarlem, 27 juli 1927. Mulisch werd erkend tot ‘De Grote Drie’ van naoorlogse Nederlandse schrijvers. Ook heeft hij prijzen gekregen voor zijn hele oeuvre, zoals de P.C. Hooft-prijs en de Prijs der Nederlandse Letteren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ontdekking van de hemel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            lijkt in eerste instantie een religieus verhaal, het bevat God, engelen en aspecten uit de bijbel. Mulisch zelf gelooft echter niet. Zo zegt hij in een interview: ‘Maar God? Nee. Als ik aan God zou geloven, had ik toch nooit een boek als De ontdekking van de hemel kunnen schrijven?’ Mulisch schreef niet het boek met het beeld dat de wereld zo in elkaar zat, maar speelde God zelf. Hoe zag deze creatie van Mulisch eruit?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal begint met een conversatie tussen twee engelen (het woord ‘engel’ wordt, in de context van de verteller en zijn collega, overigens helemaal niet genoemd in het boek). Uit die conversatie blijkt dat deze engelen vrouw noch man zijn, en slechts bestaan uit intelligentie. De engelen zijn allemaal collega’s van elkaar en hebben dus ook verschillende posities. Zij leven in het zogeheten Oneindige Licht, en zijn zelf ook licht: ‘Drijf naar mij toe in langzaam wentelende parallellepipeda door dit witter dan witte Licht, dat hier van alle kanten straalt en klinkt, waar wij door omgeven en van doordrongen zijn, zelf een deel er van, licht in Licht, harmonie in Harmonie.’ Deze engelen kunnen mensen op aarde sturen. Het is echter niet zo eenvoudig, het is lastiger om een mens iets te laten doen dat tegen hun gevoel in gaat. Zo zegt de engel: ‘Het probleem met mensen is dat we ze wel kunnen dringen, maar niet dwingen.’ Ook kunnen deze engelen materie aansturen, kunnen bijvoorbeeld een boom om laten waaien.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In dat oneindige licht huizen ook Vonken. Vonken hebben in tegenstelling tot engelen wel een geslacht. Voor iedere mogelijke combinatie van een spermacel en een eicel uit het verleden, heden en de toekomst bestaat Vonk. Het begrip ‘aarde’ gaat een Vonk te boven, net zoals het begrip van oneindig licht een mens te boven gaat. Vonken kunnen komen en gaan, van het Licht naar de aarde en weer terug. Zij brengen licht naar de wereld, in de gestalte van een mens: ‘ Door er heen te gaan, breng je het Licht er heen, en de enige manier om het Licht er heen te brengen is door er heen te gaan.’ Mensen worden ‘slapenden’ genoemd, die de weg terug naar het Licht moeten vinden via geloof en kennis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In Mulisch’ wereld is er niet alleen licht en vreugde, de hel en duivel bestaan er ook, en Lucifer schijnt de mensen beter te kennen dan God. Het gaat in zijn wereld de verkeerde kant op met de mensheid door een pact dat Francis Bacon met Lucifer sloot. Lucifer fluisterde Bacon allemaal dingen in die leidden tot een snelle ontwikkeling van de techniek, de grootste bedreiging voor het bestaan van de hemel. Door techniek werden mensen steeds slimmer. Door nieuwe uitvindingen konden mensen het DNA ontrafelen, een slecht teken: ‘Met diezelfde code hebben wij ze veel te slim gemaakt.’ Door middel van die kennis zouden mensen zelf combinaties van genen kunnen maken, de taak van de hemel: ‘Met hun biotechnologie zullen zij de genetisch essentie van een bepaalde eicel en van zo’n bepaalde celkern met een staart binnen afzienbare tijd veel sneller en eenvoudiger kunnen fabriceren dan wij die kunnen selecteren met onze romantische, rijkelijk ouderwetse fokkerij [...]’. De technologie neemt steeds meer de plaats in van de theologie. Wanneer er vroeger vanuit de hemel tegen de mens gesproken werd geloofde men nog dat het van God kwam, maar dat is veranderd: ‘Maar daar zijn wij mee opgehouden, nadat die wezens op het idee waren gekomen dat het niet onze stem was die zij hoorden, maar hun eigen innerlijke stem.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Muziek speelt ook een bijzondere rol in deze wereld. Zo wordt een Vonk een ‘harmonisch trillend snaartje licht’ genoemd. Ook noemt de engel ‘harmonie in Harmonie’ wanneer hij het over het Oneindige Licht heeft, wat zou suggereren dat er muziek klinkt in de hemel van Mulisch. Die muziek lijkt in verband te staan met het getal 8. Quinten, de jongen die de opdracht uitvoert, begreep dat hij een boodschap had gekregen toen hij voor het eerst twee octaven op zijn moeders cello speelde: ‘ [...] het was alsof hij een boodschap had gekregen, een opdracht tot iets waartoe alleen hij in staat was!’ Het leek alsof hij een klank uit het midden van de wereld had ontvangen. Het gebouw waar hij uiteindelijk de stenen tafelen naartoe brengt, is ook een achthoekig gebouw, met allemaal achten op het plafond. Toen hij zijn opdracht uitvoerde, zag hij in de kapel ook zijn moeder, die celliste was. Zij zou dus ook de muziek kunnen symboliseren. Ook lijken vormen, zoals een trapezium en een bol, een bijzondere betekenis te hebben in het verhaal. Zij worden ook genoemd in het Oneindige Licht: ‘[...] dat daar figuren gestalte aannemen en verdwijnen, driehoeken, cirkels, ellipsen, hyperbolen, bollen, kegels, kubussen, octaëders, dodecaëders [...]’ De steen in de kapel, het plein in Jeruzalem en het Plein in Venetië zijn bijvoorbeeld allemaal trapezia. Het lijkt dus allemaal met elkaar verbonden te zijn, maar wat de samenhang tussen de muziek, het getal 8 en de vormen is, blijft een mysterie.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mulisch schept een mooie complexe wereld waarin engelen voorkomen, de hemel niet zonder de aarde kan bestaan en andersom, de duivel de mensheid ten onder probeert te laten gaan, en waarin muziek een magische rol heeft. En hij zag dat het goed was.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnenlijst
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Meeuwse, P. (2010, 31 oktober).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gesitueerd in de hemel (november 1992)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Trouw. Geraadpleegd op 10 oktober 2022, van https://www. trouw.nl/cultuur-media/gesitueerd-in-de-hemel-november-1992-bf59889b/
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Mulisch, H. (1997).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ontdekking van de hemel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            (2v.). De Bezige Bij.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Nederlands Bijbelgenootschap. (1983).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bijbel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Visser, A. (2007, 24 december).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Harry Mulisch Nu moeten anderen het maar doen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Trouw. Geraadpleegd op 10 oktober 2022, van https://www.trouw.nl/nieuws/harry-mulisch-nu-moeten-anderen-het-maar-doen-b3c6e524/?referrer-https%3A%2F%2Fwww.google.com%2F
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Wikipedia-bijdragen. (2022, 29 juni).
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Harry Mulisch
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Wikipedia. Geraadpleegd op 10 oktober 2022, van https://nl.wikipedia.org/wiki/Harry_Mulisch
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+ontdekking+van+de+hemel.jpeg" length="99304" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 16 Nov 2022 12:49:15 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/in-den-beginne-was-het-woord</guid>
      <g-custom:tags type="string">De ontdekking van de hemel,essays,essays leerlingen,essays van leerlingen,Lilach Ron,Harry Mulisch</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+ontdekking+van+de+hemel.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+ontdekking+van+de+hemel.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Ook ik kan iemand hebben’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ook-ik-kan-iemand-hebben</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ook ik kan iemand hebben’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking 'Heden ik, morgen gij'  van Kjersti Annesdatter Skomsvold
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Heden+ik-+morgen+gij-e0d44f86.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met ‘Hoe langer ik loop, hoe kleiner ik ben’ liet de Noorse auteur Kjersti Annesdatter Skomsvold al zien dat zij personages kan creëren die je niet meer kunt en wilt wegdenken, omdat ze zich met hun bizarre gedachtegangen vastzetten in je hoofd. Ook in haar nieuwe boek ‘Heden ik, morgen gij’ bevind je je al vanaf de eerste bladzijde in het hoofd van een eigenzinnige figuur, Peter Venn, en word je beetje bij beetje meegetrokken in zijn logica, die niet per se die van de lezer is. Het effect daarvan is groots, want je bent volledig afhankelijk van Peters observaties om vat te krijgen op de werkelijkheid waarin hij leeft en waarop hijzelf eigenlijk nauwelijks grip heeft. Steeds opnieuw probeer je een glimp op te vangen van wat er nu eigenlijk precies gebeurt. Ondertussen kom je niet alleen bizarre, maar ook hartverscheurende momenten tegen. Daardoor blijft het boek intrigeren tot het einde.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Peter Venn woont alleen in een appartement onder dat van zijn dominante moeder. Zijn vader is volgens zijn moeder gestorven toen hij nog klein was. Hij herinnert zich alleen zijn eigen gevoel van gemis, omdat hij nooit op de slaapkamer van zijn zieke vader mocht komen. Peter leeft erg geïsoleerd en voelt een verlangen dat isolement te doorbreken. Hij vertaalt boeken, maar hij kan geen karwei afmaken, voordat het karwei hem afmaakt. Hij kan niet goed samenwerken en soms beeldt hij zich van alles in. Hij wil meer over zijn vader te weten komen en daarvoor moet hij vragen aan zijn moeder stellen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je zou Peter Venn een onbetrouwbaar personage kunnen noemen, omdat je voor de reconstructie van zijn leven niet helemaal kunt afgaan op zijn gedachten. Tegelijkertijd kun je het tegendeel beweren, want als mens heeft hij het hart op de tong. Zelf zegt hij: ‘Ik kan niet wat andere mensen kunnen.’ Hij heeft op z’n minst een sociale beperking. Hij lijkt een beetje bang voor andere mensen. Elke avond loopt hij langs het kerkhof, maar hij durft er niet binnen te gaan, omdat hij dan misschien ontdekt dat zijn vader daar eigenlijk helemaal niet ligt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ondanks dat hij als personage niet helemaal betrouwbaar is, ga je als lezer een heel eind mee in zijn verbeelding en neem je kleine wonderen voor lief. Zo valt er op een ochtend een kleine mus op zijn balkon, vlak voor zijn voeten:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik wil de mus op het balkon laten zitten en wachten tot er een grotere vogel komt om hem op te eten. Maar dan voel ik hoe de nabijheid van de mus me zowel doet groeien als vervallen.   Daarom til ik het warme lichaampje op, houd het voor me en kijk naar de vogelkop die opzij hangt als bij een dronkaard. De mus staart me aan met ogen die veel te dicht bij de mijne zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      ‘Vader,’ zeg ik.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Vader staart terug. Hij kleedt me uit met zijn blik, zoals je de schaal van een hardgekookt ei pelt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Ook ik kan iemand hebben.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Die gedachte verontrust me en ik moet Vader tegen mijn borst houden, waar ik de verontrusting voelde.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van het ene moment op het andere heeft hij zijn vader in de vorm van het kwetsbare musje in zijn borstzak en neemt hij het overal mee naar toe. Het is bijzonder onwaarschijnlijk, en toch voel je het kleine, aftakelende lijfje steeds zwaarder in die borstzak wegen en wil je soms zowaar naar Peter te roepen: vergeet het musje niet! Het is een bijzondere vorm van dramatische ironie. Het beeld van het verlangen naar de vader in de vorm van een fragiel mussenlijfje is van een ontroerende schoonheid. Ook zijn liefde voor buurvrouw Agnes Møller is aandoenlijk. Tegen zijn moeder laat hij zich ontvallen dat hij Agnes’ borsten prachtig vindt, maar terwijl ze in zijn hoofd rond als sinaasappels zijn, blijken ze, op het moment dat hij met haar gaat zwemmen, in werkelijkheid twee pruimenpitten te zijn. Hij constateert slechts en oordeelt niet, want hij houdt van Agnes. Als hij al zijn gedachten over zijn moeder toch eens kon vervangen door die over Agnes!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet alleen in de beschrijving van gedachten is Skomsvold sterk, ook haar dialogen, zoals tussen Peter en Agnes zijn fijnzinnig en humoristisch. Haar grootheid zit in het kleine. Grote thema’s als eenzaamheid en verlangen brengt zij onder in het eenvoudige leven van een kwetsbare ziel en tussen de regels door schrijft ze een ijzersterke ode aan de onbaatzuchtige liefde.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kjersti Annesdatter Skomsvold – Heden ik, morgen gij. Vertaald door Liesbeth Huijer. Zirimiri Press, Amsterdam. 136 blz. € 20,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Heden+ik-+morgen+gij-e0d44f86.jpeg" length="8452" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 16 Nov 2022 12:36:06 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ook-ik-kan-iemand-hebben</guid>
      <g-custom:tags type="string">Kjersti Annesdatter Skomsvold,essays,Heden ik,morgen gij</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Heden+ik-+morgen+gij-e0d44f86.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Heden+ik-+morgen+gij-e0d44f86.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Eenvoudige schetsen, uit het leven gegrepen</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/eenvoudige-schetsen-uit-het-leven-gegrepen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Eenvoudige schetsen, uit het leven gegrepen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Bij wijze van leven' van Hedda Martens
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Bij+wijze+van+leven+helemaal.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is niet nodig om een verhaal van begin tot eind te vertellen om een treffend beeld van iemands leven op te roepen. Dat laat Hedda Martens zien in haar nieuwe verhalenbundel ‘Bij wijze van leven’. In verhalen van soms maar een of twee bladzijden duikel je als lezer onbekende levens in, ben je de ene keer een oude man, de andere keer een jonge vrouw. Wat alle verhalen verbindt, is dat de situaties waarin je terechtkomt uit het leven gegrepen zijn en daarom herkenbaar zijn, soms iets te herkenbaar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met de titel refereert Martens aan de uitdrukking ‘bij wijze van spreken’. Die uitdrukking gebruik je wanneer je een vergelijking maakt om iets te verduidelijken. Misschien dat haar verhalen een vergelijkbaar effect hebben: door de levens van andere mensen in te wandelen, krijg je een kijkje in hoe de mens zoal zijn dag doorbrengt en vooral met wat voor gevoelens en gedachten, waardoor je de gelegenheid krijgt jezelf te spiegelen: de kleine ergernissen die personages hebben, de angst of de onzekerheid, confronteren je met je eigen gevoelens en gedachten:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘En dan al die vragen, goedbedoeld: of het een beetje gaat inmiddels, slaap je wel genoeg, nog maar zo kort geleden – dat de tijd toch de beste heelmeester is. Dat het wel even duurt natuurlijk, ieder seizoen moet op zijn minst een keer langs zijn geweest. En het werk, dat lukt wel? Al die tijd gewoon doorgegaan? Goed van je hoor, dat is toch het beste.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In een paar zinnen bouwt Martens een context op: iemand heeft waarschijnlijk een geliefde verloren en krijgt van anderen goedbedoelde vragen. Opvallend is dat beide situaties herkenbaar zijn: je kunt je voorstellen hoe weinig een nabestaande aan zulke oppervlakkige vragen en dooddoeners heeft, maar je kunt je tegelijkertijd voorstellen hoe lastig het is om iets zinvols te zeggen tegen iemand die net een geliefde verloren heeft. Je gaat je als lezer misschien ook afvragen: stel ik ook zulke goedbedoelde vragen aan een ander, die daar vervolgens eigenlijk niets aan heeft?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Omdat de bundel negenenzestig verhalen bevat, is het bijna niet te doen deze achter elkaar door te lezen, zonder dat het je gaat duizelen. Steeds opnieuw moet je je verplaatsen in het leven van een ander. Dat hoeft ook niet natuurlijk. Een dichtbundel lees je meestal ook niet achter elkaar uit. Toch zit daar een belangrijk verschil. Een gedicht nodigt meestal uit om een aantal keer achter elkaar te lezen en er langer over na te denken, omdat het meestal gelaagd is en vaak een complexe constructie bevat. Dat is bij deze bundel niet het geval. De situaties zijn vaak eenvoudig en zo herkenbaar dat je niet heel lang aan het denken wordt gezet. Nu staat er op de flaptekst dat volgens de Trouw haar stijl secuur en scherpzinnig is, volgens NRC monter en helder, volgens De Limburger ‘om vlinders mee te vangen’, maar na zoveel verhalen is de verrassing wel een beetje verdwenen en worden de stukjes voorspelbaar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het mooiste verhaal vind ik het tweede, waarin de hoofdpersoon op bezoek gaat bij zijn vrouw, waarschijnlijk in een verzorgingshuis. Het is voor het eerst dat zijn vrouw hem niet herkent en dat raakt hem natuurlijk. Een groot gevoel van verlatenheid overvalt hem, totdat hij ineens beseft dat hij een nieuwe jas aan heeft en het misschien wel daardoor komt dat zij hem niet herkent. Hij neemt de proef op de som, doet het bezoek over, zonder zijn nieuwe jas, en dan? Precies, daar zit de verrassing, die een glimlach om de mond van de lezer veroorzaakt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je kunt ‘Bij wijze van leven’ misschien het beste omschrijven als een bundel eenvoudige schetsen. In een paar, soms best fijnzinnige lijnen, bouwt Martens een stukje leven op. Wie graag langdurig in zo’n zachtaardige, milde stemming blijft, kan zijn hart ophalen aan de negenenzestig schetsen. Wie ontregeling zoekt en wat diepere confrontaties, kan beter een ander boek kiezen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hedda Martens – Bij wijze van leven. Querido, Amsterdam. 200 blz. € 20,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Bij+wijze+van+leven+helemaal.jpeg" length="8717" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 07 Nov 2022 19:38:36 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/eenvoudige-schetsen-uit-het-leven-gegrepen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Hedda Martens,essays,Bij wijze van leven</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Bij+wijze+van+leven+helemaal.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Bij+wijze+van+leven+helemaal.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Ongeloofwaardige obsessie met de islam</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ongeloofwaardige-obsessie-met-de-islam</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ongeloofwaardige obsessie met de islam
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het licht in de stad' van Inge Schilperoord
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/het+licht+in+de+stad.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misschien moeten uitgeverijen een keer stoppen met het plaatsen van reclameteksten op boeken. De vraag is of de kaft van een boek de juiste plek is voor een oordeel over datzelfde boek. Het komt steeds vaker voor dat zulke uitspraken zich uiteindelijk tegen het werk gaan keren. Op de nieuwe roman ‘Het licht in de stad’ van Inge Schilperoord staat een citaat van Gerda Blees: ‘Met haar precieze vertelstijl trekt Inge Schilperoord de lezer de denkwereld van een zoekende tiener binnen. Een roman om wakker van te liggen.’ Als de lezer al wakker ligt van deze roman, dan komt dat zeker niet doordat hij de denkwereld van een zoekende tiener is binnengedrongen. Die kans wordt hem namelijk ontnomen doordat de auteur helemaal niets aan de verbeelding overlaat en alles zo precies beschrijft dat het leven van de zestienjarige Sophie van onwaarschijnlijkheden aan elkaar hangt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Allereerst is de plot zelf al niet bepaald geloofwaardig. Sophie heeft net haar vader verloren, die als strafrechtadvocaat jonge moslimextremisten verdedigde. Omdat haar moeder ook al overleden is, blijft zij alleen achter bij haar tante. Nu reageert elke zestienjarige natuurlijk anders in een rouwproces, maar dat zij zich uitgebreid gaat verdiepen in het werk van haar vader, is in deze toestand niet heel waarschijnlijk. Dat een strafrechtadvocaat een dossier laat slingeren, is ronduit ongeloofwaardig, vooral als dat precies het dossier is van het meisje bij wie hij een inschattingsfout heeft gemaakt. Ondertussen raakt Sophie bevriend met haar klasgenote Zala, een moslimmeisje met wie ze een profielwerkstuk gaat schrijven over... precies: de islam. Om de obsessie met de islam compleet te maken, lukt het Sophie op wonderbaarlijke wijze contact te leggen met de moslimextremiste die door haar vader verdedigd is, omdat ze na een paar pogingen haar schuilnaam goed weet te raden. Overweegt zij nu serieus zich aan te sluiten bij IS, terwijl juist moslima Zala haar uit alle macht weg probeert te houden uit dit soort overwegingen?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toch kan in een romanwerkelijkheid eigenlijk alles. Er bestaan absoluut auteurs die de lezer overtuigd hebben met grotere onwaarschijnlijkheden dan deze. Die auteurs slagen daar doorgaans in door subtiel gebruik te maken van de verbeelding van de lezer, waardoor het de lezer zelf is die met open ogen in de romanwerkelijkheid tuimelt. Schilperoord doet het tegenovergestelde. Zij stelt de verbeelding van de lezer op non-actief door alles exact in te vullen: je krijgt nauwkeurig te lezen wat Sophie doet en denkt, tot zelfs de kleinste onbenulligheden, zoals de pasta carbonara in de koelkast, die haar eraan doet denken dat ze misschien moet beginnen met halal eten. Als zij het dossier heeft gevonden, legt ze het onder haar bed, haalt het daar diverse malen onder vandaan om het vervolgens weer terug te leggen. De lezer krijgt al die schijnbewegingen bladzijdenlang mee:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ze ging verliggen. Het dossier gloeide van onder het matras door de stof heen in haar rug, maar, zo voelde ze ineens, op een andere manier dan ze gewend was. Het heeft te maken met Zala, dacht ze, met vanmiddag. Opeens leek het allemaal met elkaar te maken te hebben. Normaal zou ze in verwarring zijn geweest over hoe vertrouwd ze zich al voelde bij Zala, maar om haar onduidelijke redenen piekerde ze daar niet over. Het leek allemaal veel minder plotseling dan het in werkelijkheid was geweest. En nu, nu ze met Zala bevriend was, had ze het eigenaardige gevoel dat het dossier op deze avond naar haar riep en op haar wachtte, dat ze er iets mee moest.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat het dossier door het matras heen gloeit, is een wat clichématige omschrijving van haar nieuwsgierigheid, maar dat het ook nog anders gloeit dan zij gewend is? Probeer je dat maar eens voor te stellen als lezer. Hetzelfde geldt voor het besef dat ze normaal in verwarring zou zijn geweest over hoe vertrouwd ze zich al voelde bij Zala. Is dat waar je als zestienjarige over kunt nadenken, zonder dat je daar ‘om onduidelijke redenen’ over piekert?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Opeens leek het allemaal met elkaar te maken te hebben’ is in feite een sleutelzin. Er komen te veel toevalligheden bij elkaar die je juist omdat alles minutieus wordt weergegeven, niet meer kunt geloven. Schilperoord had een enkele draad kunnen gebruiken om daar een complete roman mee te spinnen. In plaats daarvan gebruikt ze een wirwar aan draden die geen verbinding meer aan willen gaan. Dat is jammer, want een boek over een vriendschap met een moslimklasgenote was absoluut welkom geweest, evenals een boek over een zestienjarige in de rouw, een tienermeisje dat ontvankelijk is voor religie, een jongere die overweegt zich aan te sluiten bij IS, of wat dan ook.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Inge Schilperoord – Het licht in de stad. Uitgeverij Podium, Amsterdam. 216 blz. € 22,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/het+licht+in+de+stad.jpg" length="110151" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 29 Oct 2022 10:02:31 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ongeloofwaardige-obsessie-met-de-islam</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het licht in de stad,essays,Inge Schilperoord</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/het+licht+in+de+stad.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/het+licht+in+de+stad.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Honing, gouden amberdraad... Ach, vloei vrij!’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/honing-gouden-amberdraad-ach-vloei-vrij</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Honing, gouden amberdraad... Ach, vloei vrij!’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het einde van de bijen' van Caroline Lamarche
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+einde+van+de+bijen.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe neem je afscheid van de vrouw uit wie je bent voortgekomen, van wie de vermoeide ledematen, stijf van de artrose, bedekt met littekens, een leven lang, dag in dag uit, gezorgd en de boel draaiende gehouden hebben? ‘Het einde van de bijen’ van Caroline Lamarche, prachtig vertaald door Katelijne De Vuyst, is een indrukwekkende, maar ook ontroerende ode aan de koningin der bijen: de moeder.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bij staat natuurlijk bekend om haar nimmer aflatende ijver. In ‘Het einde van de bijen’ symboliseert zij dan ook de generatie vrouwen die altijd hard heeft gewerkt in de opvoeding van de kinderen en het huishouden, zonder daarvoor voldoende respect te krijgen. Op een dag droomt de vertelster dat haar uitgeputte moeder voor het raam staat. Zij herkent in haar droom het verlangen om elkaar terug te vinden. Zo komt het verhaal over haar moeder op gang. Deze moeder was vaak ruw, maar dat kwam door alle onbenullige, repetitieve handelingen die zij iedere dag moest verrichten. Ironisch genoeg was moeder juist in haar verzorging van de bijenkorven heel teder: ‘Als een marsvrouwtje omringd door een gonzend eskader gebruikte ze tedere gebaren die we niet gewend waren van haar, die zo ruw omsprong met borstels, pannen, bestek en emmers. De huishouding was oorlog, maar als ze voor de bijen zorgde, gedroeg ze zich omzichtig als een ontmijner.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Haar moeder deed vaak nogal wat stevige uitspraken: ‘Gelukkige verjaardag, het sneeuwde toen je geboren werd en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (lach)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            je was een lastig kind.’ De vertelster moest daar dan maar mee leven. De moeder duldde weinig tegenspraak. Het is de vraag of de vertelster welkom was met allerlei levensvragen. Zo had ze een minnaar, maar haar moeder wist het niet, of wilde het niet weten. Vanuit het niets kon de moeder dan ineens zeggen dat ze voor hypocrisie was en niet voor echtscheidingen, of dat een overspelige man normaal was en een overspelige vrouw degoutant.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nu haar moeder al bijna de honderd jaar heeft bereikt, borrelen er soms geheimen op van zestig jaar geleden. Zo vertelt de moeder dat ze in de huwelijksnacht verbijsterd was, omdat ze de geliefde van overdag niet kon rijmen met de waanzinnige van ’s nachts, dat ze daarom zelfs voor even haar trouwring had afgedaan, tot ze de volgende ochtend praktisch dacht aan de dure huwelijksreceptie, de vreugde van de familie en de eventuele kinderen die nog zouden komen, en de ring maar weer om haar vinger had geschoven. De volgende nacht begon de ellende opnieuw. Daarna had ze gezwegen. Heel even moest ik hier denken aan het kille geweld waaraan de hoofdpersoon uit Lamarches andere werk, ‘Nacht op klaarlichte dag’, zich tot driemaal toe vrijwillig overgeeft. De ene vrouw ondergaat de waanzin onder stil protest, de ander zoekt deze zelfs actief op. Wat zegt dit over Lamarches vrouwen?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De moeder koestert de hoop om, net als haar man, in haar slaap aan hartfalen te kunnen sterven, in haar eigen huis. Vlak voordat moment lijkt aangebroken, komt de ik bij haar langs en zitten moeder en dochter even samen in de zon:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘En ook het moment was zacht, op een manier die ik nooit had gekend, niet in mijn bestaan als dochter van een moeder die weinig van tederheid moest hebben. Op elk grassprietje streek een tastbare goedheid neer, op elke steen, elk twijgje dat baadde in de laatste zon die haar stramme handen streelde en de mijne, roerloos zoals ik die gefocust was op dit wonder waarop niets in mijn leven me had voorbereid: vrede tussen ons, geen hervonden, maar een gevonden vrede, eindelijk gevonden. Ze werd misschien veroorzaakt door de broosheid van moeder onder deze pure, ondanks het seizoen genadige lucht, zodat haar gebruikelijke verdedigingsmechanismen waren afgezwakt (...).’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En zo beleeft de ik een ultiem moment van verzoening. Als zij weggaat, verwacht zij dat haar moeder die nacht zal overlijden, maar diezelfde nacht brengt haar broer zijn moeder naar het ziekenhuis waarin ze een pacemaker krijgt, waarmee ze nog zeker tien jaar vooruit kan! De vertelster wordt woest op haar broer, die haar op zijn beurt vraagt of ze haar moeder dan wil vermoorden. Zij verzwijgt het bijzondere moment dat ze met haar moeder heeft beleefd. Daarna volgen nog vele bezoeken aan haar moeder, die – nog altijd thuiswonend – steeds hulpbehoevender wordt. Ze is bijna blind en luistert de hele dag naar luisterboeken. En dan komt het moment dat het niet langer gaat en moeder zelf besluit om naar een verzorgingshuis te gaan, hoe erg ze dat ook vindt. Op dat moment weet ze nog niet dat corona ervoor gaat zorgen dat de vrijwillige ballingschap een eenzaam levenseinde zal betekenen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo richt Lamarche een bijzonder teder monument op voor de moeder, vol fijnzinnige observaties, filosofische gedachten over familierelaties, maar ook over de ethiek van chirurgische ingrepen bij ouderen en andere maatschappelijke vraagstukken. Als een bij blijft het kleinood nazoemen in je hoofd en dat komt niet alleen door de talloze scherpe steekjes die de angel van Lamarches pen uitdeelt, maar vooral ook door de rijke honing die daaruit vloeit.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Caroline Lamarche –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het einde van de bijen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Vertaald door Katelijne De Vuyst. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 144 blz. € 26,90.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+einde+van+de+bijen.png" length="17377" type="image/png" />
      <pubDate>Thu, 20 Oct 2022 14:58:50 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/honing-gouden-amberdraad-ach-vloei-vrij</guid>
      <g-custom:tags type="string">Caroline Lamarche,essays,Het einde van de bijen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+einde+van+de+bijen.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+einde+van+de+bijen.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Als een heideveld in een nacht vol gloeivliegjes</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/als-een-heideveld-in-een-nacht-vol-gloeivliegjes</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Als een heideveld in een nacht vol gloeivliegjes'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De eerste kip van Nederland' van Joost Oomen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/loopvis-de-eerste-kip-van-nederland.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het kader van ‘Ongekend Nijmegen’ is er een eerste versie verschenen van ‘Het Gelders Geschiedenisgeschenk’ en wel over de geschiedenis van de kip: ‘De eerste kip van Nederland’, door Joost Oomen en geïllustreerd door Yoko Heiligers. Het boekje is eenvoudig, maar fraai uitgegeven in een klein formaat, zodat het als cadeautje ook nog goed in een gewone envelop te versturen is. Joost Oomen heeft zich laten inspireren door de collecties van De Bastei en Museum Het Valkhof in Nijmegen. De charme van dit kleine werk zit, behalve in de vrolijke afbeeldingen, vooral in Oomens teksten waarvan het plezier in taal en de liefde voor het gewone af spatten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘De maan is vannacht zo groot als een pruim. Ik kan de contouren van bomen in de verte zien, maar de kleuren van de zomerbloemen rond de hoeven van mijn paard blijven grijs. Er ligt iets op de oever en ik weet niet wat het is. Het lijkt op een enorme kluwen van uit elkaar getrokken lisdodde, rietsigaren, losjes samengepakt tot een kleverige bal van nat dons.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo beschrijft Oomen de eerste kennismaking met de kip, vanuit de ogen van de verteller die zich op de rechteroever van de rivier bevindt en nog nooit eerder een kip heeft gezien. Terwijl een afbeelding inzoomt op het rode kopje van de kip in een enorm zwart verenkleed met stipjes, komt er ook vanuit de verteller een uitgebreide beschrijving van het uiterlijk van de kip. Hoewel de kip in Nederland toch wel tot de gewoonste boerderijdieren behoort, die je door de vanzelfsprekendheid bijna over het hoofd zou zien, bekijk je nu dit beestje alsof je het inderdaad voor het eerst ziet. Het verenkleed wordt beschreven als een heideveld in een nacht vol gloeivliegjes en het kopje als volgeplakt met rozenblad of aardbeischil. De verteller vindt de kip er eng en smerig, maar ergens ook een beetje mooi uitzien. Er zit voor hem niets anders op dan te gaan zorgen voor deze ‘Stipvogel’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ondertussen is de vertelster aan de linkeroever haar ‘stipkip’ kwijt. Ze heeft wel duizend namen voor haar, zoals Waterspikkel, Vuurvliegnacht, Sneeuwtarwe, Vlammetjesgerst en Lichtjasje. Die ochtend kan ze haar kip echter niet noemen, want ze is verdwenen. Terwijl haar man haar probeert te troosten door erop te wijzen dat ze toch nog drie kippen over heeft, een zwarte, bruine en witte, is zij heel erg verdrietig, omdat haar stipkip verdwenen is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo wordt de lezer heen en weer geslingerd tussen de rechter- en linkeroever van de rivier. Aan de rechteroever twijfelen de mensen of er sprake is van een goddelijke vogel die met een offergebed aanbeden moet worden, of juist van een kwade geest die ellende over het dorp zal brengen. Vol ironie beschrijft Oomen hoe de ene de kip wil offeren aan de heilige boom, de ander aan de sterren en weer een ander aan de maan. Aan de linkeroever wordt er alles aan gedaan om de kip weer terug te vinden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is duidelijk dat het bij dit eerste geschiedenisgeschenk niet gaat om een historisch onderzoek naar het moment dat daadwerkelijk de eerste kip in Nederland kwam, met allerlei feitelijkheden, maar om een heerlijke, ironische en aandoenlijke verbeelding van hoe de eerste kip in Nederland terechtgekomen zou kunnen zijn. De liefde voor dit oer-Hollandse beest is al vanaf de eerste bladzijde duidelijk. Bij Oomen is het vatten in taal misschien zelfs een vorm van liefhebben.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Joost Oomen en Yoko Heiligers –
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De eerste kip van Nederland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           . Uitgeverij Loopvis, Arnhem. 32 blz. € 5,00
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/loopvis-de-eerste-kip-van-nederland.png" length="130306" type="image/png" />
      <pubDate>Sun, 09 Oct 2022 09:46:04 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/als-een-heideveld-in-een-nacht-vol-gloeivliegjes</guid>
      <g-custom:tags type="string">Joost Oomen,essays,De eerste kip van Nederland</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/loopvis-de-eerste-kip-van-nederland.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/loopvis-de-eerste-kip-van-nederland.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De ander - Bernke Klein Zandvoort</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-ander-bernke-klein-zandvoort</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Eerste indruk 'De ander' van Bernke Klein Zandvoort
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Eerder verschenen op www.ooteoote.nl
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/veldwerk.webp"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      
           Bernke Klein Zandvoort – de ander
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           er is een nacht in de nacht en als ik daarin wakker word
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           vraag ik me af waar ik woon als mijn ogen me niets komen brengen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           vind mezelf alleen in het opflitsen van een accu
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ergens achter in de kamer en in mijn hartslag
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van jaren terug
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in een bed naast de spoorlijn waar treinen overdag
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           elk kwartier een stilte raasden door onze gesprekken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                                                                             daar waren we op gestemd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           toch werd in die stilte elke keer de ander als een ander zichtbaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           bang dat ik de ander niet meer naar mijn moeder zou kunnen vertalen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           poetste ik het raadsel weg door scherp te stellen op de gordijnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en te wachten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                                                                              seconden                              duurden                      jaren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tot ik vorige week twee mensen in mijn kamer vroeg
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           om naar elkaar te blijven kijken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en een touwtje om hun wijsvinger bond
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die ze moesten bewegen als ze de ander niet meer herkenden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                                                     er in het gezicht een dier loskomt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat een gezicht zó verlaten wordt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat je overblijft met je eigen kijken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vanuit het niets tuimelt de lezer een nacht in. Er is vooralsnog geen titel, geen hoofdletter als markering van het begin van de zin, en dus ga je al lezend op zoek naar aanknopingspunten bij elk nieuw woord dat zich aandient. Dat is precies hoe een mens middenin een nacht wakker kan worden in het duister. Er is geen houvast, geen referentiepunt, omdat alles donker is. Je weet niet waar en wanneer je bent en heel langzaam ga je op zoek naar grip. Eerst tuimel je nog van een nacht in ‘de nacht’. Door het gebrek aan houvast wordt elk woord betekenisvol, zo ook de lidwoorden: eerst het onbepaalde lidwoord ‘een’, dan het bepaalde ‘de’, die exact de nachtelijke ervaring weergeven, want eerst is er ‘een nacht’, onbepaald (waar, wanneer?). Vervolgens is er ‘de nacht’, die al iets meer bepaald is dan het onbepaalde duister waarin de ik wakker is geworden. Dan komt: ‘en als ik daarin wakker word’. De volgorde is hier betekenisvol: eerst is er een nacht, dan is er de nacht en daarna is er pas ‘ik’ die wakker wordt, het besef dat er een ‘ik’ is. Dat is alvast een aanknopingspunt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Daarna komt de vraag ‘waar ik woon als mijn ogen mij niets komen brengen’. Het is mooi dat er geen leestekens zijn, omdat je daardoor als lezer ook in het duister tast. Na de nacht en het eigen bewustzijn, is het volgende aanknopingspunt het ‘opflitsen van een accu/ergens achter in mijn kamer’. Zo kan dat gaan, dat je middenin de nacht rondkijkt en ineens het kleine, knipperende lampje ziet van een accu die wordt opgeladen. Dat lichtje kan een geruststelling zijn, omdat je pas dan je plek in de ruimte kunt bepalen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Omdat de regel hier nog doorloopt, komt er een betekenis bij, die op zichzelf ook nog eens dubbelzinnig is door de grammaticale constructie: de ik vindt zichzelf niet alleen in het opflitsen van een accu, maar ook ‘in mijn hartslag/ van jaren terug’. Je kunt het echter ook lezen als ‘de accu ergens achter in de kamer en in mijn hartslag van jaren terug’, alsof de accu niet alleen in de kamer ligt, maar ook in mijn hartslag van jaren terug, waardoor het hart – net als de accu essentieel voor het genereren van beweging en energie – en de accu even lijken samen te vallen. De eerste lezing ligt wellicht meer voor de hand. Het opflitsen van de accu is immers een referentiepunt in de donkere ruimte, en de hartslag die de ik voelt, doet denken aan een hartslag van vroeger, waardoor nu ook een referentiepunt in de tijd is gevonden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Dat houvast in de tijd neemt in de volgende strofe nog vastere vormen aan: ‘in een bed naast de spoorlijn waar treinen overdag/ elk kwartier een stilte raasden door onze gesprekken’. Kennelijk heeft de ik ooit (in een huis) naast een spoorlijn geslapen. Een prachtige paradox is dat de treinen ‘een stilte raasden’. Door hun lawaai zorgen zij voor onderbrekingen in ‘onze gesprekken’. Het is bijzonder dat deze stilte, ondanks dat geraas van de trein, door de ik is opgemerkt. Aan de andere kant is het ook logisch, omdat het lawaai bijzonder storend is in gesprekken. Omdat er staat ‘daar waren we op gestemd’, zie je dat het geraas zo vanzelfsprekend is geworden, dat de onderbrekingen van de gesprekken uiteindelijk meer opvallen dan het geraas.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Uit de volgende strofe, bestaande uit slechts één regel, blijkt dat de onderbrekingen voor vervreemding zorgen: ‘toch werd in die stilte elke keer de ander als een ander zichtbaar’. Ook hier wordt weer subtiel van lidwoord gewisseld: ‘de ander’ wordt als ‘een ander’ zichtbaar. De ander is al iemand buiten jezelf, maar die is nog bepaald. Als die ander ineens ‘een ander’ wordt, verdwijnt het houvast opnieuw en verschijnt de angst: ‘bang dat ik de ander niet meer naar mijn moeder zou kunnen vertalen/poetste ik het raadsel weg door scherp te stellen op de gordijnen/en te wachten’. Hoe treffend is hier de essentie van het verschil tussen een mens en een voorwerp (in dit geval de gordijnen) opgemerkt. De mens kan in een plotseling stilgevallen gesprek ineens een vreemde worden, naar wie je moet raden, als je elkaar te lang aankijkt. Op de gordijnen kun je gerust scherpstellen, zonder zo vervreemd te raken. Hoe wonderlijk dat hier de gordijnen meer houvast bieden dan de moeder.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Dat het wachten in enkele seconden jaren duurde, wordt extra benadrukt doordat ‘jaren’ zelfs op de andere bladzijde is gedrukt en daar als enige woord de bladzijde vult (op de paginanummering na). Zo zitten er ook jaren tussen dat moment van vervreemding bij de moeder en het moment van ‘vorige week’, waarin de ik ‘twee mensen in mijn kamer vroeg/om naar elkaar te blijven kijken/en een touwtje om hun wijsvinger bond/die ze moesten bewegen als ze de ander niet meer herkenden’. Er wordt beschreven hoe de herinnering werkt: de vervreemding in de nacht roept een nacht op naast de spoorlijn, die het moment oproept dat het gesprek stilvalt met de moeder, dat op zijn beurt het experiment van vorige week oproept, waarbij de ik iets vergelijkbaars in scène zet, waardoor vervreemding wordt opgeroepen. Ondertussen is de ik vanuit het verleden steeds dichter bij het nu gekomen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Waarom bond de ik een touwtje aan hun wijsvinger? Verbond het touwtje de twee mensen met elkaar, of hadden beiden een eigen touwtje om de wijsvinger? In het eerste geval zou dat betekenen dat ondanks de vervreemding die zal toeslaan, de twee toch nog door het touwtje met elkaar verbonden blijven, wat wel een mooi, haast armoedig beeld is van hoe de ene mens met de andere verbonden is. In het tweede geval werpt het touwtje het beeld op van ‘veldwerk’, de titel van de bundel, waarbij, zoals op de omslag allemaal kleine vondsten, draadjes, stukjes glas, een gehavend plastic zakje, een grassprietje, zijn verzameld, die gelabeld (touwtje aan een kaartje?) en genummerd zullen worden, net zoals in de bijzondere inhoudsopgave van deze bundel, waarbij alle titels van de gedichten kriskras over twee bladzijden verspreid zijn, maar wel gekoppeld aan het paginanummer, en tenslotte aan de paginanummers onderaan op de bladzijde die als volgt zijn genoteerd: 24 – de ander &amp;gt;, waardoor de indruk wordt gewekt dat het gedicht ook een van de ‘vondsten’ is, die met nummer en titel gelabeld zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      Wat gebeurt er als je de ander heel lang aankijkt? Uiteindelijk kan het gezicht gaan vervormen, onder invloed van de ongemakkelijkheid en wellicht angst die het elkaar aankijken oproept, of onder invloed van het vaak uitblijven van ‘knipperen’ met de ogen? In het gedicht komt eerst een witregel, die het wachten versterkt en dan volgt halverwege de volgende witregel pas: ‘er in het gezicht een dier loskomt’, dat nu wat losstaat van de rest van de tekst. Het gezicht lijkt niet meer op het gezicht van de ander door de vervorming, krijgt kennelijk zelfs iets dierlijks. Na een nieuwe witregel volgen de twee slotregels: ‘dat een gezicht zó verlaten wordt/dat je overblijft met je eigen kijken’. Dat is precies wat er gebeurt tijdens het kijken: je raakt zo vervreemd van elkaar dat het lijkt alsof de ander uit het (ge)zicht is verdwenen en de kijker eenzaam overblijft, teruggeworpen op zichzelf, alleen achtergebleven in het kijken. Daarmee is de cirkel haast rond: beginnend bij de val in een nacht, waarbij de ik wacht tot er een herkenbaar beeld in de ogen binnenkomt waarin houvast gezocht kan worden, belandt de ik en misschien ook zelfs de lezer, via enkele beelden en herinneringen, uiteindelijk in de vervreemding die het kijken naar de ander kan opleveren. Links onderin staat het paginanummer gedrukt, met iets wat toch wel sterk op een (verdwaalde) titel lijkt: ‘de ander’. Een indrukwekkend stukje ‘veldwerk’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/veldwerk.webp" length="39442" type="image/webp" />
      <pubDate>Sun, 09 Oct 2022 08:28:08 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-ander-bernke-klein-zandvoort</guid>
      <g-custom:tags type="string">eerste indruk,De andere kant,essays,Bernke Klein Zandvoort</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/veldwerk.webp">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/veldwerk.webp">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Opgewekte regenwijsjes op het puntje van een snavel in as</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/opgewekte-regenwijsjes-op-het-puntje-van-een-snavel-in-as</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Opgewekte regenwijsjes op het puntje van een snavel in as
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Regentijd'  van José Eduardo Agualusa
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Regentijd.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Regentijd’ van José Eduardo Agualusa laat zich als roman niet eenvoudig veroveren. Het werk is al in 1996 geschreven, maar pas nu in het Nederlands vertaald. Dat het enigszins weerbarstig is, komt niet alleen door de grote hoeveelheid ingewikkelde, vaak (drie)dubbele namen van de personages, die daarnaast ook nog eens regelmatig een alias hebben, maar ook door de ingewikkelde politieke situatie waarin deze personages zich bevinden. Uiteindelijk zijn het de stijl en de bijzondere vorm waarin de roman is gegoten, die overtuigen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als op 11 november 1975 de Portugese kolonie Angola na een bloederige strijd onafhankelijk wordt verklaard, grijpt een van de drie bevrijdingsbewegingen, de MPLA, die door Cuba en de Sovjet-Unie wordt gesteund, de macht. Al spoedig ontstaat een machtsstrijd tussen de MPLA en de andere twee bewegingen, die door het Westen en China worden gesteund. De dichteres Lídia do Carmo Ferreira is mede-oprichtster van de MPLA, maar verzet zich uiteindelijk tegen de koers die de beweging inzet. Anderhalf jaar later belandt ze met een divers gezelschap van extreemrechts tot extreemlinks in de gevangenis, als de regering alle interne en externe tegenstanders arresteert. Tienduizenden gevangenen worden gruwelijk gemarteld en vermoord. De dichteres en een jonge, radicale journalist overleven beiden de massamoord.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al gauw wordt duidelijk dat de politieke situatie zo ingewikkeld is dat zelfs voor de verschillende strijders lang niet altijd duidelijk is wie ze moeten vertrouwen. Het komt dan ook regelmatig voor dat een personage om maar te overleven, ervoor kiest zijn verleden achter zich te laten en een nieuwe identiteit aan te nemen. Dat vraagt van de lezer nogal wat concentratie. Het nawoord van Harrie Lemmens geeft wat meer inzicht in de achtergrond van de aanhoudende burgeroorlog.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal wordt fragmentarisch verteld, soms aan de hand van delen van interviews of dialogen tussen verschillende personages. Aan de ene kant vraagt die opbouw nog meer concentratie en vooral oplettendheid van de lezer, maar aan de andere kant zorgt deze ook voor wat lucht en afwisseling. Door de dialogen krijg je de karakters van de personages bovendien nog beter mee door hun karakteristieke manier van spreken, zoals de oma van de verteller, die onverschrokken tegen een commando van de UNITA, dat door haar tuin sluipt, schreeuwt: ‘Weg daar jullie! Jullie vernielen mijn rozen!’ De aanvoerder biedt direct zijn excuses aan. Terwijl de oude kok van oma haar een leeuwin noemt, zegt ze tegen haar kleinzoon: ‘Ik ben als het savannegras, ik draag geen vrucht en geef geen schaduw. Dat is iets goeds in dit land. Niemand ziet ons.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Uiteindelijk verovert Agualusa de lezer met zijn humor en poëzie. Hoe gruwelijk de situatie ook is, van mensen die levend uit vliegtuigen worden gegooid tot een Portugese kolonel die onschuldige dorpelingen levend tot aan hun nek begraaft en hen daarna met een tractor met eg onthoofdt, ‘Regentijd’ zit tegelijkertijd vol subtiele observaties die je door de stijlfiguren, beeldspraak en bijzondere woordkeuze zelfs poëzie zou kunnen noemen. Zo beschrijft een van de personages een bos dat verslonden is door het vuur van napalmbommen, die door de woedende Portugezen zijn gebruikt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Vlak bij Nova Caipemba, vertelde hij mij, troffen ze een klein bos aan dat volledig uit as bestond, en in dat bos een paar hutten, eveneens van as, en in de hutten slaapmatjes, vijzels en andere gebruiksvoorwerpen, allemaal van as. Op de takken van de bomen zaten honderden vogeltjes, ook die veranderd in as, met hun opgewekte regenwijsjes gekristalliseerd op het puntje van hun snavel. De bommen van de Portugezen hadden de loop van de tijd gestuit boven het bos, dat moment van benauwenis opgesloten in een stolp van as.”
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook de vertaler verdient enige lof, want het is geen kleinigheid om deze vorm en stijl in het Nederlands te vertalen. Op twee plekken doorbreekt hij voor mij een paar seconden het tijdsbeeld, namelijk op het moment dat hij een personage ‘shit’ en op een ander moment ‘kut’ laat uitroepen. Die kreten horen niet thuis tussen ‘jij, blinde batraaf’ en ‘Hierheen jij, stuk vreten’ uit de twintigste eeuw.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar zo’n prachtig en tegelijkertijd gruwelijk beeld van het bos gehuld in as vergeet je niet gauw en dat is Agualusa’s verdienste: voor even zet hij de tijd stil en vraagt aandacht voor al die onschuldige doden in deze onmenselijke burgeroorlog van Angola.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           José Eduardo Agualusa  – Regentijd. Vertaald door Harrie Lemmens. Koppernik, Amsterdam. 264 blz. € 24,50
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Regentijd.jpeg" length="118135" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 02 Oct 2022 18:51:50 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/opgewekte-regenwijsjes-op-het-puntje-van-een-snavel-in-as</guid>
      <g-custom:tags type="string">José Eduardo Agualusa,essays,Regentijd</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Regentijd.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Regentijd.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Alles ligt nog verscholen in een zachtgrijs schemeruur’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/alles-ligt-nog-verscholen-in-een-zachtgrijs-schemeruur</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Alles ligt nog verscholen in een zachtgrijs schemeruur’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Voor altijd vandaag'  van Koos Meinerts en Annette Fienieg 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/voor+altijd+vandaag.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je in een moment duikt, zonder je druk te maken om wat komen gaat of wat geweest is, is het voor altijd vandaag. In het nieuwe prentenboek ‘Voor altijd vandaag’, van Koos Meinderts en Annette Fienieg, zijn op elke bladzijde van deze momenten gevangen in woord en beeld. Het boek is van uitzonderlijke schoonheid, juist door wat er niet is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je zegt al gauw dat een mooie tekst of een mooi kunstwerk tot de verbeelding spreekt. Dan bedoel je meestal dat wat er staat, je aan het denken zet, waardoor je zelf in beweging komt, een beeld voor je ziet. In ‘Voor altijd vandaag’ wordt die verbeelding vooral geactiveerd door de open plekken. De tekeningen zijn voor een groot deel niet ingevuld. Je ziet een huis tegen een lege, maar wel kleurrijke achtergrond. De deur staat open en er komt licht uit het huis. Wat zich in het licht bevindt, zie je niet. Je wordt uitgenodigd het huis in je verbeelding binnen te gaan. Wat je zult aantreffen, is nog een verrassing en zal voor eenieder iets anders zijn. In het gedicht ernaast wordt de lezer welkom geheten, al is de gastheer bescheiden:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik heb weinig meer te bieden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dan wat van gisteren overbleef
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een stuk brood, een glas wijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en een gedicht om in te wonen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het lijkt wellicht weinig, maar de gedichten blijken zeeën van ruimte, waarin je eindeloos kunt rondlopen. Neem het huis dat ernaast staat: je kunt naar binnen gaan. Wat je zult aantreffen, komt uit je eigen geheugen, je eigen ‘gisteren’, want je zult het invullen met wat je zelf kent, maar daarmee kun je eindeloos spelen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Elke tekening is een nieuwe uitnodiging tot invullen: een vrijwel leeg strand met een spelend jongetje; een waslijn met lege lakens of doeken; uitgestrekte landschappen met hier en daar een klein detail; een weg waarvan je niet weet waartoe deze leidt; eenvoudig ingerichte kamers waarin je je eigen personages kunt bedenken; een glimp van een kerkinterieur met glas-in-loodraam; een detail van een tuin of een stad. Ook in de gedichten is veel open:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De tuin ging in de tijd verloren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van de tuinman ontbreekt elk spoor
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar ook zonder tuin en tuinman
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gaat het voorjaar dit jaar door.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je kunt je de situatie in dit gedicht heel concreet en eenvoudig voorstellen: dan zie je een verwilderde tuin voor je en je beseft dat ook zonder tuinman de seizoenen hun gang gaan. Tegelijkertijd wordt er een tuinman genoemd. Ook al ontbreekt van hem elk spoor, hij is er toch in je verbeelding, omdat hij in het gedicht nu eenmaal genoemd is. Hij loopt rond in de tuin, of je dat nu wilt of niet. Je ziet een afbeelding van een detail van een tuin ernaast en je stelt je voor hoe daar een tuinman ooit heeft rondgelopen. Hij staat niet op de afbeelding, maar door het gedicht zie je hem toch. Op deze manier voeden gedicht en afbeelding je verbeelding.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het gedicht ‘Voor altijd vandaag’ lijkt een ode aan de moeder van de ik. De moeder zit hier, op een terrasje aan zee. Op de afbeelding ernaast zie je alleen een leeg strand met een smal strookje zee en een mooie zonsondergang (of opkomst?) erboven. Door het gedicht ga je je voorstellen dat de moeder dit uitzicht heeft, maar door de lege, verstilde afbeelding ga je je afvragen of de moeder er wel echt is, of dat het een herinnering is. Verderop in het gedicht staat:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Waar is het meisje dat u ooit was
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           u staat in een lijstje gevangen in glas.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Naast u staat vader, hij lacht ergens om
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hij stierf in uw armen en u vroeg niet waarom.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijn lieve moeder u brak niet, u boog
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hield alleen in de keuken de theedoek niet droog.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er wordt heel veel verteld tussen de regels, maar wat er verteld wordt, moet je zelf bedenken. Je weet niet waarom de vader lacht, maar je kunt het invullen met zoveel verhalen. Was de moeder meer praktisch bezig met de keuken dan met de dood van vader? Was ze wel heel verdrietig, maar liet ze dat niet merken, verschool ze zich met de vaat in de keuken? Droogde ze haar tranen met de theedoek?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Meinderts vangt momenten, net zo goed als Fienieg, en de momenten in tekst en tekening lopen in elkaar over op de bladzijden. Je neemt de verbeelding van het gedicht mee naar het beeld en andersom. Met dit boek heb je daadwerkelijk voor even het gevoel dat de tijd stil staat en het voor altijd vandaag is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Koos Meinderts en Annette Fienieg – Voor altijd vandaag. Hoogland en Van Klaveren, Hoorn. 64 blz. € 17,95.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/voor+altijd+vandaag.jpeg" length="3680" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 16 Sep 2022 18:10:52 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/alles-ligt-nog-verscholen-in-een-zachtgrijs-schemeruur</guid>
      <g-custom:tags type="string">Koos Meinderts,essays,Annette Fienieg,voor altijd vandaag</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/voor+altijd+vandaag.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/voor+altijd+vandaag.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'We hadden de kwetsbaarheid over ons afgeroepen'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/we-hadden-de-kwetsbaarheid-over-ons-afgeroepen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'We hadden de kwetsbaarheid over ons afgeroepen'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Tussentijds' van Peter Zantingh
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tussentijds.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Is het verantwoord in deze tijd nog een kind op de wereld te zetten? Wat ontzeg je jezelf als je dat niet doet, maar wel graag wilt? Het zijn vragen die al enkele generaties bezighouden en desondanks steeds actueler worden. Peter Zantingh benadert dit dilemma waarmee zoveel mensen in de vruchtbare jaren van hun leven worstelen, ingenieus én liefdevol in zijn vierde roman ‘Tussentijds’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Robin, de ik-persoon, is opgegroeid tussen de eindeloze reeks jaargangen van Reader’s Digest, die een voorliefde voor feitjes en de loop van de geschiedenis in hem hebben aangewakkerd. Net als zijn vader vecht hij steeds opnieuw voor het behoud van Amelisweerd, ‘de achtertuin van Utrecht’. Zijn vriendin Tess tekent en heeft net haar eerste prentenboek gepubliceerd. Aan het begin van het verhaal is Tess in Duitsland om daar in een boekhandel haar nieuwe prentenboek te presenteren. Robin zit met hun tweejarige zoontje Mats in de trein om haar achterna te reizen. Al vrij snel wordt duidelijk waarom hij haar achterna reist. Er was namelijk door de uitgever een doos met haar prentenboeken bezorgd, op het moment dat Tess al weg was. Hij had de doos geopend en door het prentenboek gebladerd, waarvan hij de hele wordingsgeschiedenis had meegemaakt. Hij dacht alle tekeningen te kennen, tot zijn oog op iets was gevallen, wat hem had doen besluiten haar na te reizen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het boek is spannend. Tot het einde weet je niet wat hij nu precies in het prentenboek heeft gezien. Het lijkt iets essentieels. Bovendien geeft hij diverse malen aan dat hij, door haar achterna te gaan, hun relatie kan redden. Hoe zal hij zijn vriendin daar treffen? Toch zit de kracht van het boek niet per se in deze spanning. Het verhaal is namelijk prachtig geschreven. Er zitten ontroerende observaties in van een jonge vader. Zo kijkt hij in de trein naar de ogen van Mats die, als hij uit het raampje kijkt, steeds een nieuw aanknopingspunt zoeken in het wegschietende landschap:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Daarna merkt hij met glunderende verbazing het croissantpuntje in zijn linkerhand op. Een jongetje van twee kan een stukje brood in zijn eigen knuist vinden als een volwassene een briefje van vijf in een oude spijkerbroek.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat steeds wegschietende landschap is overigens exemplarisch voor de tijd die steeds tussen Robins vingers door glipt. Hij wil de intieme momenten met zijn zoontje vasthouden, en realiseert zich dat hij steeds maar alles kwijtraakt. Zo verzucht hij dat hij bijna elke dag bij zijn zoontje is en nog steeds bijna alles mist:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Met regelmaat werden software- en hardware-updates uitgevoerd. Dan pakte ik hem ’s ochtends uit bed en zou ik zweren dat ik een nieuw model in handen had. Alsof er ’s nachts drie centimeter, een paar honderd gram, een verbeterde motoriek en een nieuwe toepassing van de stembanden waren toegevoegd. Zo ontnam de tijd ons alles waar we ons net mee verzoend hadden.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet alleen Robin kampt met dit voortdurende verlies. Zijn vader heeft net de diagnose Alzheimer gekregen en is zich maar al te goed bewust van zijn geheugenverlies. Als hij zijn kleinzoon vasthoudt, spreekt hij de angst en tegelijkertijd de wetenschap uit dat hij hem straks, als hij weer naar huis gaat, kwijt zal zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze angst voor verlies is prachtig verankerd in alle lagen van de roman, want ook de strijd om het behoud van de aarde komt voort uit deze angst. De treinreis kun je zien als de voortdenderende tijd. Zelfs de omslag met de kleine ruitjes van de trein is veelbetekenend: in plaats van de verschuiving van het landschap zie je steeds hetzelfde beeld. Het lukt Robin niet zo goed om met de tijd mee te reizen. Hij kijkt voortdurend achterom om te constateren dat hij weer iets verloren is en zo krijgt de lezer het begin van de relatie van Tess en Robin mee.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het grootste dilemma waar de twee mee worstelen, is de vraag of zij wel een kind op de wereld mogen zetten. Welke belofte geven ze daarmee aan het kind? Kan het nog wel een leven volmaken, als er allemaal klimaatrampen in het verschiet liggen: ‘Wie maakt er verstandige langetermijnkeuzes in de koplampen van een aanstormende vrachtwagen?’ Als het kind er eenmaal is, hebben ze de kwetsbaarheid over zich afgeroepen en ontkomen ze niet meer aan de voortdurende angst het te verliezen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Anders dan in veel andere millennialromans, waarin relaties veelal uitzichtloos zijn en er veel moeite wordt gedaan, maar nauwelijks voor elkaar, klinkt er in deze roman bijna op elke bladzijde een liefdevolle gehechtheid aan het leven door, en aan het kind. Die vind je in de dialogen tussen Robin en zijn vader, tussen Robin en Tess, maar ook in de subtiele observaties van het alledaagse. In het slot openbaart zich een haast magische verrassing die het boek boven zichzelf doet uitstijgen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Peter Zantingh – Tussentijds. Das Mag Uitgevers, Amsterdam. 176 blz. € 20,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tussentijds.jpeg" length="57844" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 04 Sep 2022 13:04:53 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/we-hadden-de-kwetsbaarheid-over-ons-afgeroepen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Tussentijds,essays,Peter Zantingh</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tussentijds.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tussentijds.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Er is een mens voor nodig om afzichtelijke littekens in de aardbodem achter te laten.’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/er-is-een-mens-voor-nodig-om-afzichtelijke-littekens-in-de-aardbodem-achter-te-laten</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Er is een mens voor nodig om afzichtelijke littekens in de aardbodem achter te laten.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het land van weinig regen' van Mary Austin
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mary-Austin-het-land-van-weinig-regen-klein.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Het land van weinig regen’ van Mary Austin, voor het eerst gepubliceerd in 1903, is in Nederland totaal onbekend, terwijl dit werk in de Verenigde Staten geldt als voorloper van de grote Amerikaanse natuurschrijvers uit de twintigste eeuw, zoals Annie Dillard en Barry Lopez. Dit boek is Austins bekendste werk en beschrijft een gebied tussen de bergketens ten zuiden van Yosemite en Death Valley. Liefdevol beschrijft ze de woestijn, de dieren, planten en de weinige mensen die daar leven. Zij was haar tijd ver vooruit in haar opvatting dat de mensheid moet samenwerken met de natuur om sociale harmonie te bereiken, maar ook met haar waarschuwingen voor de slechte invloeden van de mens op de natuur door voortdurende winning van mineralen en het verspillen van weiden door grazende kuddes.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Opvallend aan deze prachtige uitgave in hardcover van Koppernik zijn de subtiele illustraties van E. Boyd Smith. Tussen de verhalen door staan kleine afbeeldingen van planten, dieren, mensen en gereedschap, die samen met de teksten tot de verbeelding spreken. Al gauw doemt voor je geestesoog een uitgestrekt, eenzaam landschap met hier en daar een verloren plantje, een coyote, uil, grondeekhoorn, of indiaan:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “Het is onmogelijk de roep van de holenuil los te zien van het late strijklicht op de mesa. Als de subtiele vibraties die in het voorjaar een goudroze gloed geven aan de schemeravonden, geluidstrillingen waren, zouden ze precies die warme dubbelklank voortbrengen die over de bloemtoppen weergalmt. Zolang de avondgloed duurt, zie je deze distelpluizen vliegen en op een prooi neerduiken, en tot in het donker hoor je hun zachte foesjj! wegschieten van het pad voor je. Het fijne gepiep van een veldmuis of wangzakmuis dat de doorwaakte stilten van de nacht doorbreekt wordt misschien wel afgedwongen door deze jagers met hun warme stem, hoewel het net zo goed het werk kan zijn van de rode vos op zijn avondrondje van twintig mijl.”
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De titels van de verhalen zijn uitnodigend: ‘Waterpaden in de ceriso’, ‘Het land van de shoshone’, ‘Jimville – een stadje á la Bret Harte’, ‘Het pad over de mesa’. De verhalen nemen je stuk voor stuk mee in het landschap, alsof je er zelf doorheen loopt. Je voelt de droogte en de eenzaamheid. Tussen de eindeloze landschapsbeschrijvingen, zijn de beschrijvingen van mens en dier zeldzamer, waardoor je ook de sensatie krijgt dat die in het landschap in de minderheid zijn. Dat stemt nederig: de mens is maar een heel klein onderdeel van dit immense landschap, en daar zou hij zich naar moeten gedragen. Dat is echter niet wat er gebeurt. Ook toen al niet. Daarin is Austin vrij scherp:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “Ook de wind fungeert op de boomloze vlakten als een bezem, die vers zand over het afval van het schamele gebladerte van de struiken veegt, en de stoepjes van de graafdieren zijn zo netjes als een straat in de stad. Er is een mens voor nodig om afzichtelijke littekens in de aardbodem achter te laten.”
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toch weet zij ook de mens liefdevol te beschrijven, zoals Seyavi in het verhaal ‘De mandenmaakster’: de vrouw die haar man in de doodsstrijd van zijn ras had verloren, en zich daarna met al haar wijsheid wijdde aan de zorg voor zichzelf en haar zoontje. Een man heeft een vrouw nodig, zegt zij, maar een vrouw redt zich met een kind alleen. Zij maakt manden op dezelfde manier als vrouwen hun haren krullen, met een ‘persoonlijke toets’. Ze verwerkt daarin allerlei bijzondere patronen. Haar manden waren meer dan alleen maar knap gemaakt: ‘De vlechtster en het vlechtwerk leefden dicht bij de aarde en waren van dezelfde elementen vervuld.’ Austin beschrijft hoe zij haar dagen doorbrengt in de natuur en hoe uiteindelijk de ziel van het weer in het hout van de wilgentenen gaat zitten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Austin nodigt ons door haar melodische zinnen vol bijzondere flora en fauna bijna uit om het landschap in werkelijkheid te gaan bezichtigen, maar nog meer roept zij op tot liefdevolle omgang met onze aarde. Wellicht doen we er daarom beter aan het landschap intens te beleven door haar verhalen te lezen en de subtiele afbeeldingen te bewonderen, dan door de prachtige natuur nog meer afzichtelijke littekens te bezorgen en onze ecologische voetafdruk te vergroten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mary Austin – Het land van weinig regen. Vertaald door Barbara de Lange. Koppernik, Amsterdam. 198 blz. € 21,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mary-Austin-het-land-van-weinig-regen-klein.jpeg" length="5902" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 30 Aug 2022 06:40:16 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/er-is-een-mens-voor-nodig-om-afzichtelijke-littekens-in-de-aardbodem-achter-te-laten</guid>
      <g-custom:tags type="string">Mary Austin,essays,Land van weinig regen,Het land van weinig regen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mary-Austin-het-land-van-weinig-regen-klein.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mary-Austin-het-land-van-weinig-regen-klein.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een meesterlijke zoektocht naar verloren tijd</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-meesterlijke-zoektocht-naar-verloren-tijd</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een meesterlijke zoektocht naar verloren tijd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het lied van ooievaar en dromedaris' en 'Dijende gronden' van Anjet Daanje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Anjet+Daanje+beide+titels.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als ik het goed heb, schreef Vondel ooit in zijn ‘Aenleidinge ter Nederduitsche dichtkunste’ als advies aan beginnende schrijvers, dat zij het beste konden beginnen met het vertalen (translatio) van meesterwerken; in zijn tijd waren dat vooral Latijnse teksten. Als je de kunst van het vertalen eenmaal beheerste, kon je overstappen op het imiteren (imitatio) ervan, waarbij je jezelf al wat meer vrijheid kon veroorloven. De laatste stap was het overtreffen van de meester (aemulatio) of de eigen schepping (creatio). Als je in dit licht het zojuist verschenen dubbele meesterwerk van Anjet Daanje beschouwt, de roman ‘Het lied van ooievaar en dromedaris’ in combinatie met de dichtbundel ‘Dijende gronden’, dan zijn alle drie de processen zichtbaar, maar niet per se in deze volgorde. Daanje schrijft in het voorwoord bij ‘Dijende gronden’ dat zij voor haar roman graag de gedichten van Emily Brontë wilde gebruiken, maar daar bleken nauwelijks Nederlandse vertalingen van te zijn. Daarom heeft zij zichzelf aan het vertalen gewaagd. Dit is dus iets heel anders dan het vertalen als oefening in het schrijven. Zij laat met beide werken juist zien dat zij allang het geheim van de meester kent en het is helemaal niet haar bedoeling het werk van de door haar bewonderde Emily Brontë te overtreffen. Zij heeft zich vooral laten inspireren door de Brontë-zussen en door alles wat er over hen geschreven is, vanuit een grote liefde voor hun werk, die al is begonnen toen Daanje zestien was. Toch zie je zowel in de dichtbundel als in de roman steeds die zoektocht in het schrijven, in de vertaling, in de imitaties en in de eigen schepping, en in de manier waarop zij deze kunstwerken heeft geschapen, overtreft zij, wat mij betreft, zelfs een heel andere meesterlijke zoektocht uit de wereldliteratuur, namelijk Prousts ‘A la recherche du temps perdu’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Natuurlijk is dat bijna heiligschennis om te beweren, en gelukkig is de wedijver tussen schrijvers, zoals je die ooit zag tussen Vondel en Bredero, niet meer van deze tijd. Bovendien vermoed ik dat Daanje veel te bescheiden is om zichzelf aan Prousts meesterwerk te meten. Toch doet zij in dit werk iets wonderbaarlijks met de tijd wat zelfs Prousts tijdsbeleving in de zeven omvangrijke delen overstijgt. Het zou mij niet verbazen als dit wonder voortkomt uit haar affiniteit met de wiskunde, de geesteswetenschap bij uitstek.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat Proust doet, is absoluut magisch. In de zoektocht naar de verloren tijd uit zijn jeugd, laat hij zien hoe ingenieus verleden, heden en toekomst verweven zijn. Steeds opnieuw is er het hunkerende vooruitzien, het verlangen naar een bepaald moment, dan komt de teleurstelling op het moment dat het daadwerkelijk plaatsvindt en ten slotte is er de herinnering die meer naar verlangen neigt dan naar het moment dat werkelijk heeft plaatsgevonden, wat niet zo vreemd is, omdat er in feite sprake is van een verlangen naar vroeger. Hij laat zien hoe de tijd weliswaar voortschrijdt, maar tegelijkertijd cyclisch is, omdat processen voortdurend herhaald worden. Terwijl de tijd gedurende de zeven delen doortikt, draagt zij in cirkels het verleden mee en in zijn kielzog de personages, die voortdurend van vorm veranderen, net als landschappen, waarbij je steeds moet constateren dat je niet wezenlijk vat hebt op de mensen en de wereld om je heen. Het thematiseren van die onkenbaarheid van de mens en de wereld is typisch voor modernisten uit het begin van de twintigste eeuw.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Anjet Daanje gaat in ‘Het lied van ooievaar en dromedaris’ echter nog een stap verder. Haar zoektocht reikt veel verder dan alleen naar die van het eigen verleden. Haar werk bevat namelijk diverse teksten die op bijzondere wijze samenhangen. Het personage Eliza May Drayden, geïnspireerd op Emily Brontë, is de rode draad. Zijzelf komt niet aan het woord, behalve dan in enkele gedichten. Sommige teksten gaan duidelijk over haar leven, maar in andere teksten komt zij slechts zijdelings in beeld. Op het moment dat het boek begint, is zij al overleden. Ook in Daanjes werk schrijdt de tijd voort van begin naar eind, maar tegelijkertijd is deze cyclisch, omdat er voortdurend processen worden herhaald. Zij doet dat echter over de tijd van meerdere mensenlevens heen en werpt daarmee een wonderbaarlijk licht op de verschijnselen tijd en ruimte. Wat zij doet, lijkt ergens ook een beetje op wat Virginia Woolf, om nog maar een modernist te noemen, in ‘Orlando’ doet. Daar strekt een mensenleven zich uit over meerdere eeuwen. Ook daar betreft het echter het leven van slechts één mens, namelijk Orlando. Daanje beschrijft een deel van verschillende levens: van Susan Knowles-Chester, de vrouw die het lichaam van Eliza heeft afgelegd, voordat zij begraven werd; van Jonas Croft, de zoon van de doodgraver, steenhouwer en drager die Eliza heeft begraven; van het leven van Gaby Osbourne, van wie geschreven wordt dat zij misschien Eliza May Drayden is, die helemaal niet is begraven, maar haar leven elders heeft voortgezet, en van nog veel meer anderen. Zo is er een wonderlijk hoofdstuk over een tweeling. De ouders van de tweeling doen of ze maar één meisje hebben gekregen en buiten de situatie vervolgens uit in allerlei seances waarin ze geesten oproepen en waarbij het tweede meisje als geestverschijning kan optreden. Ook staan er talloze brieven in de roman en stukken uit biografieën die delen van Millicents leven beschrijven, de zus van Eliza. Uiteindelijk belanden we in de eenentwintigste eeuw bij – hoe symbolisch! – een klokmaker en zijn vrouw, een natuurkundige.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Binnen al die levens komen echter steeds elementen terug, ik zou bijna zeggen, zoals in wiskundige vergelijkingen, waarin je variabelen hebt: naast de dood, die een groot thema is in dit werk, of de bijzondere band tussen zussen, tussen man en vrouw, waarin hartstochtelijke liefde, angst voor verlies, maar ook jaloezie en diepgewortelde haatgevoelens zichtbaar zijn, of het plezier in het schrijven of de haast krankzinnige drang om te schrijven, vind je ook allerlei leidmotieven, zoals de zoemende vlieg, het rinkelende belletje, het verloren gewaande horloge, de schrijnende plekken op het lichaam, het hoesten, het dweilen, de muziek, Beethoven, de Mondscheinsonate, de mysterieuze figuur rond de keukentafel, en als je je ogen en oren openhoudt, dan vind je nog veel, veel meer, als in een briljante puzzel. Het zijn niet voor niets ‘variabelen’, want ze zijn niet steeds hetzelfde. Als je goed kijkt, zie je samenhang. En dat is immers waarnaar wij op zoek zijn als mens: zinvolle samenhang in het leven, want niets is zo beangstigend als de gedachte dat wij hier zinloos zouden ronddolen in duistere chaos.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar daar blijft het niet bij. Ergens komt een moment dat je als lezer denkt: ja, ja, nu weet ik het wel, als je voor de zoveelste keer de bromvlieg van je weg moet slaan. Bijna wil je de auteur ter verantwoording roepen: ga je niet iets te lang door met deze variabelen? Is dat niet ook wat uiteindelijk in de wiskunde gaat vervelen: steeds weer die x, y of a, b en c die je kunt invullen om de vergelijking op te lossen? Dat verlangen naar samenhang zou je bijna een religie kunnen noemen. Dat is nu precies wat Heleen, de natuurkundige vrouw van klokkenmaker Ties in het laatste hoofdstuk bezighoudt. De mens wil de chaos van het leven, de ondoorgrondelijke dood die ons allen te wachten staat, de pijn van het verlies van onze dierbaren, bedwingen door de zin ervan te ervaren. De mens wil de tijd stopzetten, of teruggaan naar het verleden, waarin hij zijn geliefde zus of echtgenote kan omhelzen. Stuk voor stuk zijn de personages daarmee aan het worstelen, soms door geesten van doden op te roepen, maar ook in de herinnering, of het verlangen naar de dood en naar hereniging met de geliefde. Hiernaar verwijst, denk ik, de ontroerende anekdote van de ooievaar in het verhaal van Emery Niles, de architect die mag waken over het mysterieuze boekje waarin Eliza geheimzinnige aantekeningen zou hebben gemaakt. De ooievaar staat symbool voor die hang naar samenhang. Daanje laat die samenhang niet alleen zien in één mensenleven, maar in diverse mensenlevens die op elkaar volgen, en gaat daarmee dus veel verder dan Prousts zoektocht naar het eigen verleden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De diepere betekenis van de ooievaar echoot mysterieus na in het laatste hoofdstuk, waarin Heleen en Ties op briljante natuur- en wiskundige wijze aan de haal gaan met de ‘Tyd’, door Ties met een ‘y’ aangegeven, om deze ‘beleefde tijd’ te onderscheiden van de gewone kloktijd. Zelfs de kwantummechanica wordt erbij betrokken. Ik geloof niet dat ik ooit in de literatuur een personage ben tegengekomen die zijn liefde voor zijn vrouw heeft ondergebracht in een wiskundige formule, waarbij ‘H’ (eerbetoon aan Heleen) de variabele is die je kunt berekenen door de beleefde tijd af te trekken van de werkelijke kloktijd en die te delen door de werkelijke kloktijd. Pas als de beleefde tijd 0 nadert, ‘een omstandigheid die je alleen in theorie kunt ervaren, in de eeuwigheid van de dood, of in de hemel en de hel, als die zouden bestaan,’ dan nadert H de 1. Ties wil niets liever dan die H = 1 benaderen, want dat zou betekenen dat hij voor even in haar bewustzijnstoestand kan verkeren, waardoor hij weer met haar verenigd zou zijn. Tijd en ruimte worden in dit hoofdstuk op verbluffende wijze op de kop gezet, waarbij alle voorgaande hoofdstukken op hun grondvesten beginnen te schudden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daanje overtuigt door haar diepe psychologische inzicht. In ‘De herinnerde soldaat’ verblufte zij al met haar subtiele beschrijving van een zeer complexe liefdesrelatie. In deze roman is dat niet anders. Zij weet alle ingewikkelde gevoelens met betrekking tot de ander tot in de kleinste details te beschrijven, zonder daarin terughoudend te zijn of de situatie mooier voor te stellen dan deze is, zoals de ontluisterende walging die je op sommige kunt voelen voor iemand van wie je juist zielsveel houdt, gevoelens van jaloezie, maar ook onduidelijke gevoelens van onzekerheid en aftasten. Heel treffend kan zij laten zien hoe de verschillende personages denken dat de ander is en er dan ineens achter komen dat zij al die tijd een illusie hebben nagejaagd. Personages zijn voortdurend in ontwikkeling, zijn nooit vlakke karakters, en beïnvloeden elkaar ook continu. Binnen die complexe relaties van zussen komen steeds elementen terug, die de specifieke zussenrelatie op een hoger plan brengen, waardoor zij bijna archetypen worden van een peilloos diepe gevoelswereld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit alles betreft alleen nog maar de inhoud en structuur van het werk dat zo prachtig gecomponeerd is. Dan is er ook nog de bijzondere stijl. In ‘De herinnerde soldaat’ verbijsterde Daanje al met haar stijl menig lezer: hoe kun je een meer dan vijfhonderd bladzijden tellende roman schrijven met alleen maar zinnen die met ‘En’ beginnen, zonder de lezer te vervelen? Die stijl past in ‘De herinnerde soldaat’ bijzonder goed bij het gegeven van de soldaat die zijn geheugen kwijt is. In ‘Het lied van ooievaar en dromedaris’ doet Daanje iets anders wonderlijks. Zij kan in een lopende, mededelende zin, zelfs dialogen verwerken. In eerste instantie lijkt dit onmogelijk, of in elk geval een behoorlijke aanslag op je gevoel voor zinsbegrenzing: ‘Ze botst tegen Lena op, wat doe je vraagt ze, waarom antwoord je niet, en Lena liegt dat ze in slaap was gevallen, voor het eerst van haar leven is ze niet eerlijk tegen Penny.’ Waarom kiest Daanje voor deze combinatie van directe en indirecte reden tussen twee mededelingen in? Het boek staat vol met dit soort constructies en waar je in ‘De herinnerde soldaat’ door de stijl wordt meegezogen in een soort trance, waarbij de opeenvolgende zinnen volstrekt in de pas lopen met de opeenvolgende indrukken die bij Amand binnenkomen, zo word je in dit boek meegesleurd in een soort gedrevenheid, misschien zelfs bezetenheid die je voortstuwt tot het einde. Deze constructies zorgen namelijk voor een razende snelheid en slingeren je dwars door de eeuwen heen. Daanje laat je voelen hoe je zelfs in chaos toch letterlijk de zinnen kunt reconstrueren en hoe je daarmee tijd bespaart. Je zou anders zomaar kunnen vastlopen in zo’n dik boek en bijna tot stilstand komen. Zij zorgt er met haar stijl voor dat de beleving van tijd niet klopt met het grote aantal bladzijden dat je omslaat en omslaat. In een vloek en een zucht heb je het uit. Buiten adem. Dat wel. En met een enorm verlangen om weer terug te keren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze ‘bezetenheid’ in stijl loopt helemaal synchroon met de negentiende-eeuwse stijl van de romantici met hun bijzondere aandacht voor de omgeving, de heide, de schemerachtige kamers, de kerkhoven, de donkere wolken. Als je een liefhebber van het werk van de Brontë-sisters bent, dan kun je je ook helemaal in dit werk verliezen. Het is meeslepend en absoluut ontroerend. Nog veel meer dan de Brontë-sisters weet Daanje tot de menselijke ziel door te dringen en je daarin een verbijsterende spiegel voor te houden. Dit doet ze echt op een heel eigen manier en niet als een eenvoudige ‘imitatio’ van de talentvolle zussen. Het verlangen om de tijd te bezweren en samenhang te vinden wordt door de stijl uitgedragen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er zijn niet veel auteurs, laat staan uitgevers, die het aandurven om tegelijkertijd een roman en een dichtbundel te publiceren die zo nauw samenhangen. Niet alleen in vormgeving vormen zij een bijzondere eenheid, ook in inhoud. Net als de roman door alle verschillende soorten teksten als een studie oogt en toch leest als een roman, oogt de bundel als een studie door alle verschillende teksten, zoals de oorspronkelijke gedichten van Emily Brontë, de vertaling ervan, gedichten van Charlotte Brontë, en gedichten van Daanje zelf die weer daarop geïnspireerd zijn, terwijl je de bundel toch ervaart als een eenheid. Ook hier zie je de zoektocht naar verloren tijd: wie was Emily Brontë en wat bezielde haar? Daanje tast in haar vertalingen het ritme en de klanken van de oorspronkelijke gedichten af en doet een poging deze delicate materie in het Nederlands om te zetten. Hoe fijn dat ook de oorspronkelijke tekst ernaast staat en dat je als lezer steeds kunt wisselen en zelf ervaren wat er veranderd is. Er staan prachtige gedichten in van Daanje zelf waarin ze reflecteert op de poëzie van Emily Brontë en de hele duistere geschiedenis rondom haar leven. Soms zijn de regels wat houterig door het volrijm, of in taal wat hoogdravend, maar altijd voel je de toewijding en ook de onmacht om daadwerkelijk vat te krijgen op die verloren tijd: ‘ik die ontzield toch leef / Alleen met wat mij in herinnering van jou bleef / Ik wakker het vuur aan laaiend van mijn verlangen / Volgzaam zwicht Tijd, niet langer in voortgang gevangen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook in de dichtbundel is daar de wiskunde, in ‘Charlotte II’ van Daanje zelf:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ach was je een boek al je zijden zocht ik dan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Binden zou ik je tot ik weer lezen kan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Had ik de termen van je som, ik zou je tellen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je ogen gebroken gelijknamig herstellen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Staartdelen de ontbinding, hoofdrekenen je geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tot jij onweerlegbaar de uitkomst zou zijn geweest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           O Emily laat mij je lengen lezen lijmen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Jouw leven was te kort maar ik geef je het mijne
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de zeven dikke delen van Proust staan stukken waarvan je als lezer denkt: ach, had die maar weggelaten, omdat het lijkt alsof daarin vooral geworsteld en gezocht wordt. Toch dragen ook die delen bij, omdat je dan extra voelt als er ineens een hoogtepunt bereikt wordt. Diezelfde ervaring had ik ook in Daanjes werk. De houterigheid van sommige strofen lost soms ineens op in een prachtige strofe die zuiver is in haar eenvoud:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kon ik mijzelf van mijzelf wegsluiten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zoals een huis door de deur naar buiten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Omkijken op het tuinpad zou ik niet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terwijl ik bij het raam mij achterliet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haar zoektocht heeft zelfs iets van een mystieke beleving, alsof zij wil samenvallen met de dichteres die bijna het hogere symboliseert, en doet soms denken aan de onmacht en wanhoop die Hadewijch in haar strofische gedichten uit:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze stilt me met haar lichaamloze brood
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haar wijn was water en lest mijn dorst
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijn nood, vertellen kon ik niet zo groot
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Barstend tot verlangen in mijn borst
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In droom en duister in mijn bed gebed
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Blijft ze bij me tot de ochtend daagt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als het licht ongelovig haar ontzet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En tevergeefs om haar armen vraagt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op die zoektocht en dat verlangen naar samenhang is wellicht ook de titel gebaseerd:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met elke fractie van een seconde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Neuriën de bossen van mij vandaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Scheiden ons nieuwe dijende gronden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Moet ik haar hand weer verder laten gaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is alsof de tijd een landschap is dat zich steeds verder uitdijt waardoor de kloof tussen de ik en Emily steeds groter wordt. Ook hierin zijn parallellen te zien tussen Daanjes werk en dat van Proust. Als Marcels geliefde Albertine sterft, dan constateert hij verbijsterd dat zij er nog in alle hevigheid is, in de voorwerpen om hem heen, in zijn herinnering, bij het opstaan, bij het slapengaan. Een mens is in zijn dood niet zo gauw verdwenen. Ook die gedachte zie je hier terug:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En als je mij in weerwil hebt verweerd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je mij bent vergeten en verleerd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je niet meer geregeld naar me droomt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je ook mijn nachtmerrie hebt ingetoomd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je me niet stiekem huilt, niet meer mist
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet bij het slapen toedekt in mijn kist
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet meer wilt hoofdkussen en handhaven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dan, dan pas mijn lief ben ik begraven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je voelt hier wel hoe dwingend eindrijm en volrijm kunnen zijn. Die zijn, omdat het hier geen vertaling betreft, eigenlijk niet nodig. In de inleiding geeft Daanje aan dat zij juist een moderne vertaling wilde geven. Veel moderne dichters hebben al laten zien hoe assonanties en alliteraties subtielere vormen van rijm zijn, die minder hoogdravend of als rijmelarij aanvoelen. Zelfs in een vertaling zou je daar, wat mij betreft, voor mogen kiezen. Het voordeel van die subtielere vormen is dat deze beter aansluiten bij die kwetsbare zoektocht. Volrijm suggereert dat iets afgerond is, helemaal klopt. Dat botst enigszins met die gerafelde gevoelens, waarin juist het ontbreken, het missen zo evident zijn. Daar mogen de klanken ook wel wat fragieler verbonden zijn. Wat stijl betreft, vind ik die in de roman daarom het meest geslaagd, omdat die zo nauw met de inhoud verbonden is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Behalve de teksten is er ook nog de vormgeving van zowel de roman als de dichtbundel. Die vormgeving is bijzonder fraai en subtiel. In de chaos van vlekken op de roman ontwaart de kijker die graag iets wil vinden in de chaos, iets wat lijkt op een ooievaar en dromedaris. Op de omslag van de dichtbundel zijn die niet te vinden, maar daar zie je weer andere patronen: dijende gronden wellicht, vlekken die steeds groter worden? Bijzonder bij de dichtbundel zijn de gespiegelde titels, maar vooral de getekende namen van de auteurs Daanje en Brontë. Als je de bundel recht houdt, zie je Emily Brontë staan in de geschreven letters. Draai je het boek om dan zie je in diezelfde letters Anjet Daanje staan. Hoe de auteur dat samen met haar broer voor elkaar heeft gekregen? Vakmanschap en toewijding spatten van beide uitgaven af, in vorm en inhoud.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het komt niet vaak voor dat een literair werk zo compleet is: cerebraal, diepzinnig en sensitief. Een werk als bijvoorbeeld ‘De ontdekking van de hemel’ van Mulisch is op cerebraal niveau wellicht briljant, maar je mist alle diepgang in gevoelens, alsof het geen mensen betreft van vlees en bloed. Schrijvers als Tolstoi, Woolf en Proust weten daarentegen een diepe gevoelswereld op te roepen rond hun personages, maar missen wellicht die cerebrale uitdaging. Anjet Daanje verenigt beide kanten in een verbluffend dubbelmeesterwerk. De dichtbundel laat een toegewijde zoektocht zien in taal en inhoud, waarbij ook de kennismaking met de oorspronkelijke teksten van de Brontë-zussen op zichzelf al bijzonder interessant is. En dan is daar de roman. Als je al niet compleet overdonderd was door al die fantastische hoofdstukken die elkaar in hoge snelheid opvolgen, dan word je in het laatste hoofdstuk zeker omvergeblazen. Beide werken zijn in vorm en inhoud een ware verrijking van iedere boekenkast, en door hun ingenieuze samenhang een verademing in het oerwoud van moderne schrijfsels.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Anjet+Daanje+beide+titels.png" length="2655588" type="image/png" />
      <pubDate>Wed, 10 Aug 2022 10:29:26 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-meesterlijke-zoektocht-naar-verloren-tijd</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Het lied van ooievaar en dromedaris,Dijende gronden,Anjet Daanje</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Anjet+Daanje+beide+titels.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Anjet+Daanje+beide+titels.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Met je voeten in het moeras oog in oog met nix</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/met-je-voeten-in-het-moeras-oog-in-oog-met-nix</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met je voeten in het moeras oog in oog met nix
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De jacht op het snoekje' van Juhani Karila
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+jacht+op+het+snoekje.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           The body content of your post goes here. To edit this text, click on it and delete this default text and start typing your own or paste your own from a different source.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+jacht+op+het+snoekje.jpg" length="22584" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 09 Aug 2022 14:34:41 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/met-je-voeten-in-het-moeras-oog-in-oog-met-nix</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Juhani Karila,De jacht op het snoekje</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+jacht+op+het+snoekje.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+jacht+op+het+snoekje.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Wat je ziet in de spiegel</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wat-je-ziet-in-de-spiegel</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat je ziet in de spiegel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/haar+vertrouwde+gedaante.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Zo keek ik dus in die spiegel en ineens keek ze terug. Haar ogen straalden, feller dan die van een levend wezen, ze zogen me naar haar toe. Haar blik spon draden, nee, kabels naar mijn voorhoofd, mijn middenrif, mijn gut. En toen was ze weer weg, even plotseling als ze gekomen was. Ik liep automatisch door naar de keuken. Na een paar passen keerde ik terug. In plaats van haar gezicht zag ik het mijne, grauw als krantenpapier, met plooien die de tijd er zonder al te veel fantasie in geëtst heeft.’ De hoofdpersoon uit ‘Haar vertrouwde gedaante’ ziet in de spiegel een vrouw die ze niet helemaal kan thuisbrengen. Ze weet niet of zij het zelf is, of een vreemde die haar iets wil vertellen. Het verhaal roept vragen op over wie wij zijn, of wij onszelf kunnen kennen en in hoeverre wij kunnen leven met die onzekerheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De hoofdpersoon, vrouw van Johannes en moeder van Doris, raakt gedurende het verhaal helemaal in de ban van haar spiegelbeeld. Terwijl ze een half jaar vrij heeft genomen om een monografie te schrijven over de spokologie van Derrida, de filosoof van de deconstructie, pakt ze steeds vaker haar zakspiegeltje om de mysterieuze vrouw te vinden die haar aankijkt. Langzaam tikt de tijd door en er komt niets van haar schrijven terecht. Ze sluit zich steeds vaker op, houdt zich afzijdig van Johannes en Doris en lijkt af te glijden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is niet voor niets dat zij over Derrida schrijft. Haar overzichtelijke leven met man, kind en baan lijkt door de spiegel langzaamaan gedeconstrueerd te worden. Door de vrouw in de spiegel begint ze alles in twijfel te trekken. Er staan ook andere verwijzingen in het verhaal, zoals ‘The Yellow Wallpaper’ van Charlotte Perkins Gilman, het boek dat Johannes had moeten lezen voor de leesclub. De hoofdpersoon vermoedt dat hij vooral naar de club gaat voor de lange blonde schrijfster die ook naar de bijeenkomsten gaat. De hoofdpersoon hoopt eigenlijk dat hij gevoelens voor deze schrijfster heeft. Kennelijk heeft zij niet zo’n behoefte aan zijn aandacht. Hij heeft het boek in elk geval niet uitgelezen. ‘The Yellow Wallpaper’ gaat over een vrouw die op een rustkuur in een vakantieplaats geobsedeerd raakt door het gele behang en steeds meer afglijdt in een psychose. Het is veelzeggend dat Johannes het verhaal niet uitleest.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tegen het einde van het verhaal mijmert de hoofdpersoon: ‘Stel, je kunt jezelf opheffen, deel uitmaken van iets groters – een zwerm spreeuwen, een cantate van Bach, het goddelijke. Wie zou het niet doen?’ Zij zoekt naar een manier om op vergelijkbare wijze te verdwijnen. Johannes begint zich steeds meer zorgen te maken en maakt een afspraak met de huisarts. Het verhaal wordt steeds beklemmender en de vraag dringt zich op of de vrouw nog wel bij zinnen is, maar omdat je in haar perspectief opgesloten zit, hoop je toch dat ze aan Johannes en haar vertrouwde leven kan ontsnappen, terwijl ook dat niet aangenaam voelt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Precies dat onaangename wringen werpt vragen op, met de spiegel als mooi symbool: wie zien wij als wij goed in de spiegel kijken? Hoe stabiel is ons vertrouwde leven?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/haar+vertrouwde+gedaante.jpeg" length="20207" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 08 Aug 2022 13:39:41 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wat-je-ziet-in-de-spiegel</guid>
      <g-custom:tags type="string">Eva Meijer,essays,Haar vertrouwde gedaante</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/haar+vertrouwde+gedaante.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/haar+vertrouwde+gedaante.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Op steltige benen bewogen ze naar boven, ademden lucht’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/op-steltige-benen-bewogen-ze-naar-boven-ademden-lucht</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Op steltige benen bewogen ze naar boven, ademden lucht’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Wormmaan' van Mariken Heitmans
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mariken-Heitman-Wormmaan-Recensie.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Afgezien van het feit dat ‘wormmaan’ de volle maan in de lente is, waarin de regenwormen weer tevoorschijn komen uit de eindelijk weer wat opgewarmde grond, is het woord van een uitzonderlijke, literaire schoonheid: de maan die hoog in de nachtelijke hemel staat tegenover de worm die in de duisternis van de aarde wroet, samengeperst in één woord. Ik had de associatie met ‘Van de afgrond en de luchtmens’ van Lucebert, waarbij ook de tegenstelling tussen hemel en aarde een mystiek verlangen oproept van eenwording met het hogere. Mariken Heitmans heeft met ‘Wormmaan’ een diep gelaagd en ontroerend verhaal geschreven over de mens die in duisterheid worstelt met zijn identiteit en daarbij verlangt naar verlichting.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er zit vaart in de roman, door de verschillende verhaallijnen die elkaar vlot afwisselen. Er is het hoofdpersonage Elke, een groenteveredelaar, die na het jarenlang veredelen van een pompoen, de pompoen niet op de markt kan krijgen, omdat een concurrent net een dag eerder een vergelijkbare pompoen op de markt brengt. Behalve deze teleurstelling, kampt ze met de teleurstelling in haar collega’s, die, terwijl ze haar toch wel zo langzaamaan een beetje zouden moeten kennen als niet een typisch ‘vrouwelijke’ vrouw, juist in haar bijzijn opmerken dat de aangeboren natuur toch wel een verbluffende universaliteit heeft: jongens spelen met auto’s, meisjes met poppen. Ze neemt ontslag en gaat naar een van de Waddeneilanden, in het huisje van haar oom, waar ze een veredelde erwt wil laten verwilderen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De andere verhaallijn betreft een oerverhaal over de eerste mensen, negenduizend jaar geleden, jagers en verzamelaars, op de Levant. De hoofdpersoon in deze verhaallijn is Ra, een tussenmens, half god, half mens, half vrouw, half man, die in een nieuwe stam wordt opgenomen, omdat het haar lukt een wilde stier te temmen met het plantje van de oererwt. Deze verhaallijn maakt het mogelijk om een link te leggen tussen de evolutie van de mens en die van allerlei gewassen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tegelijkertijd spiegelen de twee lijnen in elkaar, want zowel Elke als Ra zijn een soort ‘tussenmensen’ die het levende bewijs vormen van de stelling dat er niet alleen duidelijke ‘mannen’ en ‘vrouwen’ bestaan, maar ook tussenvormen, die zich niet wensen te gedragen zoals ‘de man’ of ‘de vrouw’, zonder dat zij zich daarvoor steeds moeten verontschuldigen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het perspectief ligt in deze tweede verhaallijn bij ‘wij’, de reeds overleden voorouders van Ra, die het verhaal steeds van kritisch commentaar voorzien.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Los van deze twee verhaallijnen weeft Heitmans ook allerlei biologische en wetenschappelijke feiten door het verhaal, die niet alleen heel interessant zijn om te lezen, maar ook voor een diepe, literaire samenhang zorgen. Steeds opnieuw laat ze zien hoe alles met alles samenhangt, niet alleen in de natuur, maar ook in de roman zelf: verleden, heden, mens, dier, plant. Neem het verschijnsel ‘eiland’: Ra wijst de stam uiteindelijk de weg naar een eiland, om daar een nieuw leven op te bouwen. Elke vertrekt naar een eiland. Steeds opnieuw komt het eiland Flores ter sprake waar ooit de resten van een dwergmens zijn gevonden, terwijl wetenschappers altijd in de veronderstelling verkeerden dat mensen immuun waren voor verdwerging. Daarmee laat Heitmans zien dat we vaak vasthouden aan dat wat we kennen en daardoor blind zijn voor de werkelijkheid, die complexer is. Tegelijkertijd is het eiland symbool voor isolatie: zowel Elke als Ra zijn kleine ‘eilandjes’ tussen de anderen, horen er niet helemaal bij, ervaren eenzaamheid, al lijkt Ra daar minder onder te lijden. Misschien is Elke in zichzelf wel op zoek naar deze sterke ‘oertussenmens’, want net als alle veredelde gewassen die niet meer zelfredzaam zijn, is ook de mens steeds verder afgedreven van die zelfredzame oermens.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat Elke het eiland doorkruist op een tandem is ook veelzeggend. Ze moet trappen voor twee, en af en toe zit achter haar de vrouw die ze nooit werd, die steeds snerende opmerkingen maakt over haar onvrouwelijke gedrag.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tegen het einde van het boek daalt Elke af in de kruipruimte, waar zij in de duisternis oog in oog komt te staan met de wormen. Deze afdaling is symbolisch, en zelfs mystiek te duiden, als een afdaling in zichzelf, waar alles in het duister kronkelt en verlangt naar het hogere en het licht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De roman overrompelt op bijna elke bladzijde. Dat heeft ook te maken met Heitmans stijl. Het boek bevat talrijke parels van zinnen: ‘Het besturen van een trekker is een daad van soevereiniteit’; ‘Maar schaamte is ook een grondboor die stuit op het moedergesteente.’; ‘De ochtend is alvast zonder mij begonnen.’ Wanneer Elke zich onder de grond bevindt tussen de wormen, spreken de wormen met haar in een soort ‘tussentaal’: tussen proza en poëzie. De zinnen lopen over van het klankspel, volrijm, assonanties en alliteraties, maar in een doorlopende tekst: ‘De beweging verklaard, tevreden? Al is die vraag van geen waarde voor jou, weigeraar van het leven, je weigert weerstandig het lege, weigert lustig het wegen, je ontkent, maar bent de ander om het even.’ Zo zijn zelfs vorm en inhoud met elkaar verbonden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Wormmaan’ is een roman waarin je langdurig kunt rondwandelen, tussen de prachtige zinnen, vlijmscherpe opmerkingen, wetenschappelijke feiten, de woeste natuur tegenover de veredelde gewassen, kritiek op vaste rolpatronen, ontroerende symboliek, en nog veel meer. Het is onmogelijk om alle symboliek en verschillende lagen in één keer te vatten. Overigens komen de lagen in de aarde ook letterlijk in het boek naar voren: elke laag staat op zichzelf, maar verbindt toch ook de vorige met de volgende, zonder erin over te lopen. Steeds opnieuw word je verrast en overrompeld, en als het uit is, verlang je terug naar dit weerbarstige wonder van reflectie op ons menszijn als onderdeel van de aarde, dat absoluut uitnodigt tot herlezing.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mariken-Heitman-Wormmaan-Recensie.jpeg" length="18731" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 31 Jul 2022 16:41:22 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/op-steltige-benen-bewogen-ze-naar-boven-ademden-lucht</guid>
      <g-custom:tags type="string">Mariken Heitmans,Wormmaan,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mariken-Heitman-Wormmaan-Recensie.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mariken-Heitman-Wormmaan-Recensie.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Zoeken naar waarheid als een waaghalzig wagen</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/zoeken-naar-waarheid-als-een-waaghalzig-wagen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zoeken naar waarheid als een waaghalzig wagen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Aldus sprak Zarathoestra' van Friedrich Nietzsche
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Aldus+sprak+Zarathoestra.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Wereldbibliotheek geeft de komende jaren allerlei titels opnieuw uit in de reeks Wereldbibliotheekklassiekers. Het gaat om titels die vanwege hun literaire kwaliteit en lange verkoopgeschiedenis deze status hebben verdiend. ‘Aldus sprak Zarathoestra’ van Friedrich Nietzsche is de zesde in de reeks. Deze uitgave bevat een inleiding waarin H. Marsman een overzicht biedt van alle filosofische geschriften van Nietzsche. Volgens Marsman is dit werk niet per se Nietzsches hoofdwerk, maar het bevat wel een groot aantal motieven uit zijn filosofie, zoals de kritiek op het christendom, het begrip ‘Wille zur Macht’, de conceptie van de übermensch en de ‘ewige Wiederkunft’. Het werk is echter geen zuiver filosofisch geschrift, maar eerder een filosofische roman te noemen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nietzsche is zowel een dichterlijke profeet als een filosoof. Het werk heeft de constructie van een literaire roman, met Zarathoestra als hoofdpersonage: deze figuur leeft in een complexe verhouding tot de massa. Hij gaat met diverse mensen en zelfs dieren in gesprek, maar trekt zich regelmatig terug in een spelonk in de bergen. Hij heeft de eenzaamheid nodig om op gedachten te komen en vervolgens deelt hij die weer met de wezens die hij tegenkomt, waardoor ook de lezer in staat is kennis te maken met zijn gedachtegoed.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het dichterlijke komt duidelijk naar voren in het gebruik van diverse stijlmiddelen, zoals herhaling, parallellisme en tegenstelling. Zo eindigen de hoofdstukken steeds met ‘Aldus sprak Zarathoestra’, maar ook binnen die hoofdstukken beginnen veel zinnen met dezelfde woorden:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Het uur waarin u zegt: “Wat is me aan mijn verstand gelegen? Is het begerig naar weten of wijsheid zoals de leeuw naar zijn voedsel? Het is armoe en slijk en een jammerlijk behagen.”
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het uur waarin u zegt: “Wat is me aan de deugd gelegen? Nog heeft zij me niet tot razernij gebracht. Hoezeer ben ik mijn goed en kwaad moe! Dit alles is armoe en slijk en een jammerlijk behangen!”’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarnaast gebruikt Nietzsche regelmatig beeldspraak: ‘Zie, ik spreek u van de übermensch, hij is die zee, in hem kan uw diepe verachting ondergaan.’ Door de verschillende stijlmiddelen krijgen de filosofische uitspraken niet alleen een pathisch of hoogdravend karakter, maar kunnen zij ook op meerdere manieren uitgelegd worden. Dat is in de geschiedenis ook gebeurd. Zo is zijn filosofie door Hitler gebruikt als legitimatie van nationalisme en rassenhygiëne. Dat kan echter alleen als je zijn uitspraken uit de context rukt en in een totaal andere onderbrengt. Zo is Nietzsches omschrijving van de übermensch niet te vergelijken met Hitlers idee van de Ariër. Nietzsche pleit ervoor dat de mens een brug moet zijn en geen doel: ‘zichzelf zalig prijzend om zijn middag en avond, als weg tot nieuwe dageraden.’ De übermensch is dus geen vast gegeven, maar een ‘wordende’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Opvallend is dat Zarathoestra in de verleiding zou kunnen komen om als geestelijk leider, of erger nog als ‘godheid’ gezien te worden door zijn omgeving. De wezens die hij tegenkomt, kijken namelijk vaak naar hem op. Hij schudt ze dan echter weer van zich af: ‘Ga weg van mij en verweer u tegen Zarathoestra! En beter nog: schaam u voor hem! Misschien heeft hij u bedrogen.’ Volgens hem moet de inzichtelijke mens niet alleen zijn vijanden liefhebben, maar ook zijn vrienden kunnen haten. Zodra de mens denkt dat hij de ultieme waarheid gevonden heeft, moet hij deze juist weer laten vallen en op zoek gaan. Het beschrijven van het leven in tegenstellingen lijkt veel op de filosofie van Herakleitos. De wordende mens is een variant op ‘alles stroomt’. Nietzsche gebruikt daarvoor vaak beelden als de zon, de maan, de zee, maar ook de cyclus van de dag: ochtend, middag, avond en nacht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook pleit Zarathoestra voor eigenheid. Je moet dus niet een ander volgen in zijn ideeën: ‘Wilt u naar verre hoogten, gebruik dan uw eigen benen! Laat u niet omhoog-dragen, ga niet zitten op vreemde ruggen en koppen!’ Als hij vervolgens op die eigen benen niet zo hoog komt, dan is dat geen probleem. Hij moet niets boven zijn macht willen, maar redelijk zijn. Hij pleit voor een nieuwe aristocratie, maar die nieuwe adel is geen vaststaande adel door geboorte of door macht of geld: ‘Niet vanwaar u komt, bepaalt voortaan uw eer, maar waarheen u gaat!’ Er moeten geen vorst of god gediend worden. Goddelijkheid is volgens Nietzsche dat er goden zijn, maar dat er geen God bestaat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ten slotte is het onmogelijk om ‘de waarheid’, of zelfs alleen maar ‘Nietzsches waarheid’ te vinden in ‘Aldus sprak Zarathoestra’. Het zoeken naar waarheid is een ‘waaghalzig wagen, het lange wantrouwen, het wrede nee, de walging, het snijden in wat levend is – hoe zelden komen deze dingen samen! Uit zo’n zaad evenwel wordt waarheid geteeld!’ Gaat het niet veeleer om het zoeken, in plaats van het vinden? Dat zoeken is bovendien hard werken en weerzin voelen. Op het moment dat je denkt dat je de waarheid gevonden hebt, staat in een volgende zin alweer het tegendeel, waardoor je nooit ophoudt met zoeken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Friedrich Nietzsche – Aldus sprak Zarathoestra. Vertaald door Pieter Endt en Hendrik Marsman. Wereldbibliotheek, Amsterdam. 336 blz. € 24,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Aldus+sprak+Zarathoestra.jpeg" length="20094" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 31 Jul 2022 13:17:35 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/zoeken-naar-waarheid-als-een-waaghalzig-wagen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Aldus sprak Zarathoestra,essays,Friedrich Nietzsche</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Aldus+sprak+Zarathoestra.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Aldus+sprak+Zarathoestra.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘het waanzinnig zoeken naar nooduitgangen en naar de zachte plekken’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-waanzinnig-zoeken-naar-nooduitgangen-en-naar-de-zachte-plekken</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘het waanzinnig zoeken naar nooduitgangen en naar de zachte plekken’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Gedichten. Deel II' van Yehuda Amichai
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Yehuda+Amichai+deel+2.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Na het eerste deel is nu ook het tweede deel verschenen van de gedichten van Yehuda Amichai, en dat is goed nieuws, want na het eerste deel was direct duidelijk dat de poëzie van een groot dichter die meer dan drieduizend gedichten heeft geschreven, niet ondergebracht kon worden in slechts dat ene deel. De twee fraai vormgegeven delen zijn niet alleen een verrijking van de boekenkast, waarin absoluut een dichter thuishoort die op de shortlist stond van de Nobelprijs voor de literatuur, maar helpen ons in elk gedicht opnieuw herinneren aan hoezeer het leven de moeite waard is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo’n ode aan het leven krijgt extra diepgang als je weet dat Amichai van 1942 tot 1946 als vrijwilliger diende bij de Joodse Brigade van het Engelse leger dat tegen de nazi’s vocht, en in 1948 en 1949 meevocht aan de onafhankelijkheidsoorlog. In de cyclus ‘Ik was niet één van de zes miljoen’ beschrijft hij hoe hij ondanks die gruwelijke joodse geschiedenis altijd zoekt naar hoop en liefde:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘ik was niet een van hen allen maar het vuur en de rook
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zijn in mij gebleven, en de vuurzuilen en de rookzuilen wijzen mij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ’s nachts en overdag de weg, en het waanzinnig zoeken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           naar nooduitgangen en naar de zachte plekken is in mij gebleven,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           naar de schaamdelen van het land, naar een vlucht in de zwakte
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en in de hoop, en in mij is de drang gebleven om te zoeken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           naar levend water stil pratend tegen de rots en vlagen van waanzin.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dat is wat uit al zijn gedichten spreekt: hij weet hoe broos het leven is en hoe er ineens een einde aan kan komen, maar zolang hij leeft, probeert hij ‘woorden los te maken van gevoelens, / als een verzamelaar die postzegels losmaakt van de enveloppen / om ze in rechte en mooi gekleurde rijen te ordenen.’ Misschien zijn deze twee bundels inderdaad als een kleurrijke postzegelverzameling met postzegels, die verwijzen naar belangrijke momenten uit de wereldgeschiedenis, maar ook afkomstig zijn van persoonlijke brieven aan geliefden en familie. Zo staan in ‘Mens zijt gij en tot mens zult gij wederkeren (1985)’ enkele prachtige gedichten over het sterfbed van zijn moeder.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Amichai maakt het leven niet mooier dan het is. Hij laat ook de zwarte kant zien van het verdriet en mengt die met troostvolle observaties. Hij beschrijft een man aan de kant van de weg, bedekt met zweren en eindigt met ‘hij was eens kind’. Hij roept op tot mededogen en barmhartigheid. Hij beschrijft de liefde die langzaamaan tot gevangenis kan groeien, de teleurstellingen van het leven, het ouder worden, de spijt, het blijven hopen op een wonder, en de eenzaamheid: ‘Wie alleen de hemel over zich gebogen ziet / als hij op zijn rug ligt, die weet dat hij echt alleen is.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ontroerend is het om ook in dit tweede deel een gedicht over de kleine Ruth te lezen, zijn vriendinnetje van vroeger, dat is omgekomen in een van de kampen. De herinnering aan haar komt plotseling, op onvermoede tijden. Voor wie het eerste deel heeft gelezen en daar de kleine Ruth al tegenkwam, roept dit gedicht ook een herinnering op aan het vorige. Daarmee maakt de dichter (en maken ook de vertalers die de keuze maakten!) de lezer deelgenoot van zijn herinnering aan Ruth en zorgt ervoor dat deze verankerd raakt, zelfs in de hoofden van anderen. Ook in andere gedichten roept hij op tot herinnering:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Onthoud dat en herinner de gevallen vrucht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           aan de bladeren en de tak,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           herinner de harde dorens eraan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat ze zacht en groen waren in het voorjaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en vergeet niet dat ook de vuist
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           eens een open hand was met vingers’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vertalers, Tamir Herzberg en Tsafrira Levy, verdienen alle lof, want eigenlijk is het onmogelijk om vanuit het Hebreeuws te vertalen, omdat dit veel meer lagen raakt dan andere talen. Amichai zei zelf: ‘Elk woord dat we gebruiken, draagt vanzelf connotaties in zich uit de Bijbel, de Sidoer, de Midrash, de Talmoed. Elk woord weergalmt door de zalen van de Joodse geschiedenis.’ Hij hield zielsveel van zijn ouders, die orthodoxe joden waren, maar keerde zelf het geloof de rug toe. Toch weet hij zich er altijd mee verbonden, juist door de taal. Hoe de vertalers het hebben klaargespeeld, weet ik niet, maar de gedichten ademen hoe dan ook die joodse geschiedenis. Zelf was Amichai mild voor zijn vertalers. De povere beelden in grove bewoording konden er volgens hem alleen maar beter op worden. Nooit doet hij zich beter voor, de onvolmaaktheid is vaak zelfs een onderdeel van de schoonheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je krijgt geen genoeg van deze gedichten. Ze ontroeren, brengen je letterlijk in beweging, schudden je wakker. Dat doet hij op een liefdevolle en speelse manier. In ‘Mijn kleine meisje kijkt’ zegt hij:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijn kleine meisje kijkt in mijn ogen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als in de ramen van een donker huis van rouwenden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar ze ziet daar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           bruiden en bruidegoms die zich voorbereiden op de viering.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik vermoed dat het meisje deze gave heeft van haar vader, Jehuda Amichai, die tot zijn sterven het kind in zichzelf wist te behouden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Yehuda Amichai – Gedichten. Deel 2. Uitgeverij Van Maaskant Haun, Den Haag. 208 blz. € 25,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Yehuda+Amichai+deel+2.jpeg" length="97817" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 24 Jul 2022 14:27:16 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-waanzinnig-zoeken-naar-nooduitgangen-en-naar-de-zachte-plekken</guid>
      <g-custom:tags type="string">Yehuda Amichai;,Gedichten. Deel 2,essays,poëzie</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Yehuda+Amichai+deel+2.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Yehuda+Amichai+deel+2.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De liefste wens van het schrijvertje</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-liefste-wens-van-het-schrijvertje</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De liefste wens van het schrijvertje
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De liefste wens' van Toon Tellegen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+liefste+wens.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Onuitputtelijk lijkt Toon Tellegens verbeelding waar het zijn dierenrijk betreft. Ook in ‘De liefste wens’ komen talloze dieren naar voren die op wonderlijke wijze ons eigen wel en wee spiegelen. In deze nieuwe bundel dierenverhalen – vreemd genoeg staat er ‘roman’ op de omslag – ligt de focus op de wensen die de dieren koesteren. Die variëren van eenvoudige, haast banale wensen tot diepe existentiële. Elk verhaal vormt een unieke combinatie van dier, mens en verbeelding, soms ontroerend, soms troostrijk, maar bijna altijd relativerend.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Behalve bekende dieren uit Tellegens dierenrijk, zoals de eekhoorn, de egel en de olifant, zijn er ook bijzondere exemplaren, zoals de klipdas, de moerhaas, het schrijvertje, de secretarisvogel en nog veel meer. Alleen de inhoudsopgave met de opsomming van alle verschillende beesten doet wat dat betreft al deugd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Telkens is het weer een verrassing hoe Tellegen speelt met de daadwerkelijke eigenschappen van het betreffende dier en die meeneemt in de verbeelding, die soms tot bizarre taferelen leidt. Zo is het de olifant, een van de grootste en zwaarste dieren uit de schepping, die steeds uit de boom valt, maar toch blijft proberen een paar danspassen te doen zonder zijn evenwicht te verliezen. Het is de kleine muis die zo graag de held wil zijn en de olifant wil opvangen. Onmogelijk in werkelijkheid, maar in Tellegens verbeelding lukt het. De olifant valt op een prettige manier bovenop de muis, die weliswaar geplet wordt, maar het toch overleeft. Niemand heeft zijn heldendaad gezien, maar dat is juist het ware heldendom, dat de muis alleen zelf weet wat hij gedaan heeft. Hiermee houdt Tellegen ook de mens een spiegel voor: je idealen mogen groots zijn, maar als je een ander wilt helpen, dan doe je dat voor die ander en voor jezelf, en niet voor de buitenwereld die jou zo nodig als held moet zien.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De rups vreet zich iedere dag helemaal vol en wordt daar moedeloos van. Zijn liefste wens is dat er iemand langskomt. Die wens komt in vervulling. De kniptor geeft hem een briefje waarop staat: ‘Eten: nergens voor nodig’. Het is een ongevraagd advies, en de rups gaat daar daadwerkelijk even in mee, totdat hij zich realiseert dat je van alles wel kunt zeggen dat het nergens voor nodig is. Uiteindelijk stort hij zich op het grootste blad van de esdoorn en verslindt het in één hap. Dat is wat vaker gebeurt in de verhalen: de dieren hebben een sterke wens, lijken daardoor even hun dagelijkse beslommeringen te vergeten, maar berusten uiteindelijk in hun lot, of zijn zo moe dat ze in slaap vallen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het mooiste verhaal is misschien wel van het schrijvertje:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘De liefste wens van het schrijvertje was windstilte. Het was nog nooit helemaal windstil geweest op de vijver aan de rand van het bos waar hij woonde en waar hij op het water schreef wat hij dacht. De wind wiste altijd alles uit. Soms zelfs zo vlug dat hij geen tijd had om over te lezen wat hij had geschreven. Soms zelfs al als hij nog maar één letter op het water had gezet: een i, en nog niet aan de k, die daarop volgde, was toegekomen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dan sloeg hij woedend op het water, schreef punten, komma’s, uitroeptekens en gedachtestreepjes en had zin om de wind iets aan te doen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met dit verhaal word je vanzelf de diepte in getrokken. Een schrijvertje is natuurlijk een kevertje, maar tegelijkertijd een schrijver. Een schrijver kan naar stilte verlangen, de rust om te schrijven, zonder steeds gestoord te worden. De wind die tegenwerkt, past in de dierenwereld, maar spreekt ook tot de verbeelding. Dat hier gekozen wordt voor de letters ‘i’ en ‘k’, die samen ‘ik’ vormen is veelzeggend: het schrijvertje komt niet aan zichzelf toe. Het spel met de leestekens is komisch en ontroerend. Het lijken kleine onbeduidende tekens, zoveel minder waard dan de letters, maar juist deze leestekens geven de emoties aan, een ouderwets, maar in samenwerking met letters en woorden misschien wel veel subtieler equivalent van emoji’s. Je ziet direct voor je hoe al die kleine tekens door één windvlaag weggevaagd kunnen worden, hoe kwetsbaar de gevoelens van het schrijvertje zijn, en hoe vergeefs zijn strijd is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo bouwt Tellegen in elk verhaal een kleine wereld waarin ieder individu zijn eigen existentiële strijd voert. Omdat de wereld zo klein en overzichtelijk is, kun je je eenvoudig voor de tijd dat het verhaal duurt, verplaatsen in de noodlottige situaties en arme stervelingen, zonder zelf ten onder te gaan. Het aloude idee van de catharsis: je voelt het hier en daar wringen, maar uiteindelijk toveren de aandoenlijke beestjes als vanzelf een glimlach om je mond.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toon Tellegen – De liefste wens. Querido, Amsterdam. 148 blz. € 19,48.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+liefste+wens.jpeg" length="42307" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 17 Jul 2022 20:05:04 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-liefste-wens-van-het-schrijvertje</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,De liefste wens,Toon Tellegen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+liefste+wens.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+liefste+wens.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘van de A de adem die ik ben’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/van-de-a-de-adem-die-ik-ben</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘van de A de adem die ik ben’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Alfabels' van Wiel Kusters en Joep Bertrams
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/alfabels.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het begin was het woord. Nog eerder dan het woord was de letter. Vloeit taal voort uit de schepping, of is het juist de taal die de wereld schept? In ‘Alfabels’ van Wiel Kusters en Joep Bertrams lijkt dat laatste het geval: letters roepen werelden op, nieuwe, maar soms ook oude. Zijn het ‘al’ ‘fabels’, of is het alfabet ‘spel’?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De motto’s van de zesentwintig sonnetten zijn afkomstig uit het zeventig jaar oude ABC-boekje van Rie Cramer, dat begint met ‘A is een aapje, dat eet uit zijn poot.’ Het kind dat het alfabet leert, krijgt daarmee een instrument in handen waarmee hij tot in het oneindige kan scheppen. De dichter kijkt met enige nostalgie terug op deze oorsprong van letters en verbindt het verleden met het heden. Natuurlijk is ‘A’ geen aapje, maar gewoon een letter. Toch geeft deze letter hem een hand, vanuit een ver verleden. Gelukkig is zijn arm lang. De dichter trekt de vergelijking met de aap als verre voorouder van de mens, maar de aap had in tegenstelling tot de mens geen letters tot zijn beschikking. De ik wordt pas zichzelf als de letters een woordenreeks gaan vormen, want in woorden krijgen letters hun betekenis: ‘Dat elke letter zich op klank beroemt, / maar pas een woordenreeks mijn zicht verschikt, / maakt van de A de adem die ik ben.’ Je ziet hier hoe nauw leven en letters met elkaar verbonden zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net zo bizar als de wending in sommige sonnetten, ontvouwen zich de illustraties. In elke illustratie zit beweging. Veelal is er een oorsprong van waaruit de tekening zich ontrolt, al is het meestal de vraag waar die precies begint. Op een omgekeerde inktpot staat een illustratie van Abraham die zijn zoon Isaac opoffert. Uit de pot komt een mannetje dat met één hand de arm vastpakt van Abraham, waardoor die zijn mes laat vallen. Met de andere hand doopt het mannetje zijn kroontjespen in de inktplas, die waarschijnlijk uit de inktpot is gekomen. Uit de inktplas doemt vervolgens een muizentrappetje op, met op de hoogste trede een vlag met grijnzende mond. Iets verderop rijst een reusachtige letter ‘i’ uit de inkt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘I is de inktpot, waar Isaac uit schreef’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik was een kind dat ín de inktpot schreef,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ja letterlijk, mijn pen diep in het glas,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           waarna ik haar zacht met een lapje wreef
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           totdat dat ding een lekker vodje was.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik roerde met de pen als met mijn tong,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           beschreef de bodem, letters op elkaar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het was alsof er diep uit mij iets zong
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat zich mij voorschreef, en dan was het klaar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Isaak kwam ter wereld uit de nauwe schacht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van Sara en verwerkte Jacob: J.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zijn naam wordt wel gelezen als: ‘Hij lacht’,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           of beter: ‘heeft gelachen’. Ik grijns mee.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijn vorm van schrijven in de zwarte nacht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van ’t allerdiepste wel de hoogste tree.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zowel uit het sonnet als uit de illustratie blijkt de scheppende kracht van de pen. De schrijver uit de illustratie is zelfs in staat Abraham ervan te weerhouden zijn zoon te offeren. Dat is wat de verbeelding vermag. Er is een wisselwerking tussen sonnet en illustratie. Welke was er eerst? De nauwe schacht waaruit Isaac geboren is, is wellicht de schoot van Sara, maar tegelijkertijd ziet de inktpot er ook uit als een nauwe schacht. Is de lach op het trappetje die van Jacob, en verwijst de trap niet naar de ladder die uit de hemel kwam, in het bijbelverhaal? De ik schreef op de bodem van de inktpot en kon daar eindeloze werelden scheppen in zijn verbeelding, maar het is alsof iets zich hem voorschreef: onze verbeelding is gestoeld op de verhalen die wij zelf als kind hoorden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat je ziet op de afbeeldingen, lijkt veelal onmogelijk, en toch bestaan deze kleine werelden op papier. In de sonnetten is het de paradox die steeds weer opduikt: ‘Een kind laat altijd leven wat het doodt’, ‘Al wie verdoemd lijkt, blijkt vaak uitverkoren’, ‘zolang je blijft waar je vandaag niet bent’ en ‘je ongeboren voor je leven rent.’ Daardoor krijg je als lezer en kijker regelmatig het gevoel alsof je er net niet bij kunt: waar kijk ik nu eigenlijk naar en wat lees ik? Je wordt steeds opnieuw aan het denken gezet en blijft in beweging door het spel met de letters en de inkt op het papier.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Na de zesentwintig sonnetten van het alfabet volgt nog een kleine reflectie op dit spel, met een verwijzing naar het bekende gedicht ‘De tuinman en de dood’ van P.N. van Eyck, waarin de tuinman zijn noodlot niet kan ontlopen. In dit laatste sonnet van Kusters wordt het alfabet vergeleken met het leven van A tot Z. In feite, zo zegt de dichter, verblijven we ons leven lang, verstijfd, in B tot Y, omdat we na onze geboorte uit A, en tot onze dood Z nooit vat krijgen op die dood: ‘De dood is je verstand, kan daar niet bij.’ Hiermee is de cirkel rond: hoe we ook scheppen uit letters, het mysterie van leven en dood blijft bestaan, we kunnen er net niet bij.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wiel Kusters en Joep Bertrams – Alfabels. Poëziecentrum, Gent. 60 blz. € 20,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/alfabels.jpeg" length="33626" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 17 Jul 2022 16:36:50 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/van-de-a-de-adem-die-ik-ben</guid>
      <g-custom:tags type="string">Alfabels,essays,Joep Bertrams,Wiel Kusters</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/alfabels.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/alfabels.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Drie geloven verenigd in een schilderij</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/drie-geloven-verenigd-in-een-schilderij</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Drie geloven verenigd in een schilderij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De wonderen van het leven' van Stefan Zweig
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+wonderen+van+het+leven.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           The body content of your post goes here. To edit this text, click on it and delete this default text and start typing your own or paste your own from a different source.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+wonderen+van+het+leven.jpeg" length="43485" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 29 Jun 2022 08:32:15 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/drie-geloven-verenigd-in-een-schilderij</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,De wonderen van het leven,Stefan Zweig</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+wonderen+van+het+leven.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+wonderen+van+het+leven.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Woorden na het spreken reiken naar de stilte’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/woorden-na-het-spreken-reiken-naar-de-stilte</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Woorden na het spreken reiken naar de stilte’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Vier kwartetten' van T.S. Eliot
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ts.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Poëzie en muziek hebben gemeen dat je voor beide tijd nodig hebt om ze tot je te nemen, in tegenstelling tot bijvoorbeeld een schilderij dat je in één oogopslag kunt overzien. Met zijn ‘Four Quartets’, die hij los van elkaar tussen 1936 en 1942 publiceerde, schreef T.S. Eliot vier meditaties over de tijd. Als basis dienen herinneringen van de ouder wordende dichter, die een diepere betekenis krijgen in het licht van het heden. De bespiegelingen raken door vorm en inhoud soms bijna aan de abstractie van muziek.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De dichter zocht in de jaren voor publicatie van de delen regelmatig vertroosting in het vijftiende strijkkwartet in a (opus 132) van de late Beethoven. Hij hoorde er een hemelse, of in elk geval meer dan menselijke vreugde in, die de mens na een diep lijden kan voelen. Hij wilde graag eenzelfde soort verademing bereiken met zijn verzen, voordat hij zou sterven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vier kwartetten zijn elk op een eigen herinnering gebaseerd. Zo is Burnt Norton vernoemd naar het onbewoonde landgoed in Gloucestershire, dat Eliot met zijn vroegere geliefde Emily Hale bezocht, toen hij gescheiden leefde van zijn zenuwzieke vrouw. Vervolgens brengt hij deze herinnering tot een hoger plan, waarin het centrale natuurelement de lucht is en het thema de tegenstelling tussen het eeuwige ogenblik en de vergankelijke tijd. East Coker is het dorpje waar Eliots voorouders van de vijftiende tot de zeventiende eeuw woonden. Hij bezocht het in 1936 om het familiewapen in het glasraam te bewonderen. In de St. Michael’s Church aldaar is uiteindelijk zijn as bijgezet. Ook dit deel ontstijgt de herinnering, met het element aarde en het thema van de cyclische tijd, de seizoenen, levensfasen en de onontkoombare dood. The dry salvages is een rif ten noorden van Boston, waarnaar zijn voorouders in de zeventiende eeuw zijn geëmigreerd. Dit is de plek waar de dichter zijn jeugd doorbracht. In dit deel staat het element water centraal, en het thema is de tijd als natuurlijk proces, zoals in de getijden: we kunnen alleen aan de tijd ontkomen als we elk ogenblik als nieuw ervaren. Tenslotte is er Little Gidding, een afgelegen dorpje vlakbij Cambridge. In 1936 bezocht Eliot dit dorpje als een soort pelgrimage in de week voor Pinksteren. Het element is vuur en het thema is tijd als openbaring in de geschiedenis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het muzikale karakter van de cyclus wordt bepaald door verschillende elementen. Net als een symfonie of strijkkwartet bestaat deze cyclus uit verschillende delen, waarin thema’s steeds terugkomen: niet alleen de tijd, door de hele cyclus heen, maar ook binnen de delen zelf komen diverse thema’s terug. Daarnaast kunnen tegenstellingen werken als contrapunt in de muziek. Het strijkkwartet is de hoogste vorm van kamermuziek. Eliot beschouwde poëzie niet als een gevoelsuitbarsting, zoals de romantici in de tijd voor hem, maar als een volmaakt geconstrueerde vorm. Zijn cyclus is inderdaad strak gecomponeerd. Elk deel uit de cyclus bevat vijf delen, die zelf ook weer uit twee contrasterende delen bestaan. Bovendien is er veel variatie in tempo en karakter, in spreektaal en verheven taal, en in vrije en gebonden verzen. De compositie is voor die tijd revolutionair en doet denken aan Beethovens vijftiende strijkkwartet. De afwisseling in eenvoud en gelaagdheid, concretisering en abstractie is aangenaam:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De liefde is het meest zichzelf
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als hier of nu er niet meer toe doet.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Oude mensen moeten blijven verkennen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier of daar doet er niet toe
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           We moeten stilstaan en toch overgaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tot een andere spankracht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voor meer eenheid, diepere verbondenheid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de duistere kou en de lege woestenij,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De roep van de golf, van de wind, de weidse wateren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van de stormvogel en de bruinvis. In mijn einde is mijn begin.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze uitgave met vertaling en commentaar van Paul Claes is bijzonder prettig, niet alleen vanwege de prachtige vertaling, maar ook vanwege de variatie die je zelf in het lezen kunt aanbrengen: je kunt je onbevangen overgeven aan de oorspronkelijke tekst, of juist met de vertaling beginnen en dan pas de oorspronkelijke tekst. Omdat ze naast elkaar staan, kun je beide goed vergelijken, en bekijken wat de vertaling met de betekenis, klank en het karakter van de oorspronkelijke tekst doet. Bovendien zijn er van elk deel een heldere analyse en ontstaansgeschiedenis achterin opgenomen. Al met al is de bundel een rijke bron van muzikaliteit, filosofische bespiegelingen en kennis, waarmee je vele ledige uren kunt vullen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           T.S. Eliot – Vier kwartetten. Vertaling en commentaar van Paul Claes. Uitgeverij Koppernik, Amsterdam. 152 blz. € 24,50.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ts.jpeg" length="34588" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 21 Jun 2022 21:42:19 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/woorden-na-het-spreken-reiken-naar-de-stilte</guid>
      <g-custom:tags type="string">T.S. Eliot,Vier kwartetten,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ts.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ts.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Zo bieden ze de ontluikende dag de mooiste kant van hun lichaam, de linkerkant, met het hart’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/zo-bieden-ze-de-ontluikende-dag-de-mooiste-kant-van-hun-lichaam-de-linkerkant-met-het-hart</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Zo bieden ze de ontluikende dag de mooiste kant van hun lichaam, de linkerkant, met het hart’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Manosque' van Jean Giono
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Manosque.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vorig jaar vertelde iemand mij in een interview dat hij mijn boek wandelend had gelezen. Ik was aangenaam verrast bij het idee, hoewel ik mij nauwelijks kon voorstellen dat zoiets goed zou gaan: liep je dan niet overal tegenaan en drong de inhoud van het boek nog wel tot je door? Een paar weken geleden begon ik in ‘Manosque’ van Jean Giono. Vier, misschien wel vijf keer ben ik opnieuw begonnen en steeds opnieuw moest ik halverwege constateren dat ik geen flauw idee meer had wat ik gelezen had, totdat ik uit pure frustratie besloot met het boek uit wandelen te gaan. Ik koos een hobbelig pad vanuit mijn oude stad, langs de Berkel naar het bos. Niet één keer ben ik gestruikeld, maar wat nog wonderlijker was: ik las het boek in één adem uit. Hoe is dat mogelijk?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Manosque’ is een poëtische vertelling over de geboortestreek van de auteur, die in de Eerste Wereldoorlog als soldaat gewond raakte en zijn eerste verzen schreef toen hij werkte als bankbediende. Manosque, met zijn middeleeuwse stadspoorten, ligt in de Provence en wordt door Giono van alle kanten belicht, al weet hij dat hij het ware gezicht van zijn grond nooit terug zal vinden, omdat hij niet meer het ‘zuivere oog van een kind’ heeft. Hij benadert de stad vanuit alle windstreken, maar ook vanuit de kant van de ondergaande zon: ‘Aan de kant van de ondergaande zon is de stad als een te hard gebakken brood. Korst, geen kruim. Licht op de maag dan? O zeker, licht verteerbaar: pretentieuze cafeetjes, een met teer bedekte boulevard, bomen die gemeenteambtenaren zijn geworden: hun haar volgens de voorschriften, de takken in het gelid’. Ook is er een eenvoudige manier om naar de onderkant van de stad te gaan. Je hoeft alleen maar aan een willekeurige voorbijganger te vragen waar het huis van Joaquin is en dan zal hij het aanwijzen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Opvallend is dat het landschap, de mens en het dier voortdurend verbonden zijn met elkaar, doordat zij beschreven worden in elkaars termen: de heuvel is een mooie ronde borst, een dorp loopt langs een rots omhoog als een kudde geiten, de schittering en rust van de bodem van het water liggen diep in de ogen van een meisje. Uit het werk spreekt een pantheïstische levensopvatting. Uit het landschap doemen karakteristieke mensen op, die een tijdje over de bladzijden meelopen met het verhaal en hun bijzonderheden laten zien, tot zij weer verdwijnen achter een heuvel. Zo is er de Toscaanse schoenmaker in het cafeetje ‘Á la citerne’ die meegaat met een arm meisje, wit als zout, en kinderen krijgt met haar. Op een dag ontstaat er tussen zijn snor, neus en wang, een ronde vlek, wit als zout. De plek breidt zich uit en blijkt een verterende ziekte die al zijn ledematen aanvreet. De vrouw en kinderen krijgen flesjes met geurige drank en wassen zich de hele dag door, tot ook zij aangetast worden: ‘Ze kregen haar te pakken in de modderpoel, halfdood, haar kinderen lagen om haar heen als stokjes van een mikadospel.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is geen duidelijke verhaallijn, eerder een kronkelend pad dat om en door Manosque slingert langs het leven, de liefde en de dood van mens, dier en begroeiing:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Twee oude en magere stadjes zitten op de rand van de slechte weiden. Met duizend flinke stappen breng je ze samen, maar je vindt er dezelfde rimpelingen terug, hetzelfde perkament van de gevels, dezelfde magerte om het geraamte van balken en dwarsbalken. Een lepra vreet de huizen aan. Er stroomt etterig puin door de straten; een bloederig dorps ettervocht maakt de cafeetjes onder de platanen plakkerig. Die twee cafeetjes hebben harten in een achterkamertje, zwaar van wrange mosterd, met zand aangelengde peper, ziek vlees, gesmokkelde absint en verzuurde wijn; harten waarin bekoringen van handel worden voorbereid.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als de echo van de stappen door het landschap nog naklinkt, word je als lezer na deze novelle ten slotte getrakteerd op ‘Het gedicht van de olijf’, waarin Giono het indrukwekkende proces van de traditionele olijvenpluk bezingt: ‘Van de grijze stalen tak tot aan de aarden pot stroomt de olijf tussen honderd handen door’. Heel het dorp lijkt samen te komen rond die pluk. Oude en jonge vrouwen plukken zingend als fagot en klarinet de olijven, en naakte, bezwete mannen hijgen en kreunen als zij in de hitte van de molen de bloedende olijvenbrij door hun handen laten gaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Natuurlijk kun je van de schoonheid van deze novelle genieten in de rust en stilte van een besloten kamer, maar bij mij kwam het verhaal pas binnen toen ik mijzelf over een kronkelend pad bewoog, niet vanuit Manosque, maar vanuit een andere oude stad, alsof de zintuigen van de verbeelding een zetje nodig hadden van wind, zon en voetstappen tussen bloeiend gras.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Jean Giono – Manosque. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 104 blz. € 23,95.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Manosque.png" length="13869" type="image/png" />
      <pubDate>Thu, 16 Jun 2022 13:09:52 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/zo-bieden-ze-de-ontluikende-dag-de-mooiste-kant-van-hun-lichaam-de-linkerkant-met-het-hart</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Jean Giono,Manosque</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Manosque.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Manosque.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Een lange, lange val naar zee'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-lange-lange-val-naar-zee</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Een lange, lange val naar zee'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De spronglaag' van Esther Jansma
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tussen de warme bovenlaag en koude onderlaag van het water, bevindt zich de ‘spronglaag’. Duikers ervaren deze vaak als een mistige laag. Daaronder is het water niet alleen een stuk kouder, maar ook helderder. In de nieuwe dichtbundel ‘Spronglaag’ van Esther Jansma verschijnt een oude man, die bij nader inzien een vrouw blijkt te zijn, voor de deur van de ik en vraagt om wat kleding en eten. Daarna neemt zij een duik in een duister verleden, dat zij misschien liever achter zich had gelaten, maar zo zegt ze: ‘Ze brengen je vroeg of laat naar een drempel. Dan sta je voor de keuze tussen terugblikken of niet. Ik weet niet veel, maar ik keek terug en dít weet ik wel: de crux is liefde en wij zijn de scherven daarvan.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel is een mengeling van poëzie en meer proza-achtige stukjes, waarin een verleden opdoemt van ernstige verwaarlozing en mishandeling. De bundel heeft de vorm van een raamvertelling, omdat deze begint en eindigt met de bezoekster die bij de ik voor de deur staat. In de rest van de bundel is ‘ik’ waarschijnlijk de bezoekster die de scherven uit haar verleden deelt. Ze vertelt dat ze opgroeide in een piratenschip met aan het hoofd ‘Bloody Lilly, de brulkapitein’, een alleenstaande moeder, die haar dochters niet alleen slaat, maar ook misbruikt, vernedert en verwaarloost. Zo knipt ze de haren van haar dochter tot een ‘rattenkop’, terwijl ze haar eigen haren vlecht tot architectuur. Ze duikt met diverse mannen het bed in en laat hen ook aan haar dochters zitten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel bevat lugubere verhalen en gedichten, die behoorlijk naar de keel grijpen, zoals ‘Een liedje als een dunne draad’, dat misschien klinkt als een kinderliedje, maar een vreselijk geheim in zich draagt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Het kindje in de doos
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de doos met de gordijnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de luchtdichte gordijnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de benen in de nacht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de wolven in het donker
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ze graven door het donker.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De dood is nooit tevree
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in buiken wonen slangen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de duivel huist in mannen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het stof is van de steen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de liefde is van bang zijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de liefste is mijn Mama.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je voelt overal naderend onheil en tegelijkertijd het verlangen naar veiligheid en liefde. Het is alsof de moeder jaloers is op de gave lijfjes van haar dochters en hen daarom uit nijd op bizarre manieren afstraft. De moeder slaat haar dochter zelfs een keer zo hard dat zij een hersenschudding heeft. De ik vergelijkt zichzelf en haar zusjes met ‘putti’: de klei die in elke vorm kan worden gekneed. Je mag voelen wat je wilt bij hen: ‘knijpneigingen, knuffelgedachten. / We zijn goedkoop gemaakt. / Je kunt ons niet bezeren.’ Je voelt hoezeer de dochters gekwetst zijn, en toch blijven ze vechten: ‘Dan moest ik voor alles maar gewoon nog harder mijn best gaan doen.’ En ondertussen had de kapitein ‘nog een matroosje gebakken’, namelijk een broertje, maar het lijkt erop of hij niet lang bij hen is: ‘gaat het voorbij, wordt zee, wordt opgehaald, / gaat weer de grond onder het dorp in.’ Ook de vader wordt gemist. Zijn dood heeft de ik ‘uitgebeend en tegelijk van hem vervuld’. Tegen het einde van de bundel blijkt dat moeder zelf getraumatiseerd is en daardoor een ‘monster’ is geworden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dan is er midden in de bundel het kindje van de ik om wie gerouwd wordt – ‘ze was de maan en de zon en de zee, ze was alles’ – terwijl ook die rouw ruw wordt weggekaapt door de moeder, oma van het kindje. Zij roept dat zij ook afscheid wil nemen, want het was immers haar kleinkind. Terwijl de ik het kindje behoedzaam in de kist heeft gelegd, haalt de moeder het er, zonder overleg, weer uit, kleedt het helemaal uit en weer aan, en rolt het met hoofdje en al in een handdoek. Pas als het kindje begraven is, zegt ze het tegen haar dochter. Wat blijft er dan nog over voor de ik?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niks en de tijd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijn kind is een rivierklei, een pauze
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voortgeduwd – dat klotsend holle
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van steen op steen – door water.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tot nu. Hier neergelegd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En water is de tijd natuurlijk,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zacht massief waaronder slijt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wat weerstand biedt, stil ligt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Verdriet: een lange, lange val naar zee.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ik zoekt haar toevlucht in de taal. Zij schrijft ‘papieren parapluutjes tegen de brulvloed’, en dat zet je wel even aan het denken: wie is deze bezoekster eigenlijk? Is zij niet de ik die bij zichzelf aanklopt en zichzelf confronteert met de scherven uit het verleden? Je kunt je afvragen of er sprake is van een sprong, of van een val. Misschien van beide. In het een na laatste gedicht staat immers ‘zo zink ik, zo zing ik naar het einde van honger.’ Het is een verwijzing naar de titel van Jansma’s vorige dichtbundel. En daarin toont de dichteres wederom haar meesterschap: zij beitelt het verdriet in woorden van steen, maar laat het in de verbeelding een eigen leven leiden, waardoor het zich laagje voor laagje vormt. Zo is los van de maakster een indrukwekkend fossiel ontstaan, waarover eenieder zich in stille verwondering (en bewondering!) kan buigen: een fossiel is van niemand, maar iedereen kan raden naar de oorsprong ervan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Esther Jansma – De spronglaag. Prometheus, Amsterdam. 72 blz. € 20,00.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover.jpeg" length="36110" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 06 Jun 2022 11:25:19 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-lange-lange-val-naar-zee</guid>
      <g-custom:tags type="string">Esther Jansma,essays,De spronglaag</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘En hoger, als een insectenvleugel in de wind, mijn sloepje...’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/en-hoger-als-een-insectenvleugel-in-de-wind-mijn-sloepje</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘En hoger, als een insectenvleugel in de wind, mijn sloepje...’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Mahmoed of het wassende water' van Antoine Wauters
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mahmoed+of+het+wassende+water.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Eens in de zoveel tijd tref je een werk dat in alle lagen zo diep ontroert dat het verbindingen legt tussen alles wat je mooi vindt. Die ervaring had ik bij ‘Mahmoed of het wassende water’ van Antoine Wauters, in vertaling van Katelijne de Vuyst. Het werk is een bijzondere mengeling van verhaal en poëzie, van realisme en verbeelding, en van eenvoud en gelaagdheid, die doet denken aan de zuivere schoonheid van Nijhoffs ‘Awater’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zoals Nijhoff zijn ‘Awater’ begint met een proloog waarin hij de muze aanroept, en tegelijkertijd zijn poëticale opvattingen onderbrengt, en heel subtiel een werkelijkheid beschrijft die tegelijkertijd ook over het gedicht gaat, zo begint ook Wauters met een gelaagde voltreffer: ‘Aanvankelijk, de eerste seconden, raak ik / altijd mijn hart aan om te zien of het nog klopt.’ Je leest over een ik, die zich misschien zorgen maakt over zijn hart, omdat hij het gevoel heeft dat hij sterft, maar tegelijkertijd zijn het ook de eerste seconden van het gedicht, en wat is er in die eerste seconden belangrijk: het hart! Kennelijk is het kloppende hart de muze, het uitgangspunt van de dichter. Er is meteen al volop dubbelzinnigheid, want na ‘raak ik’ wordt de regel afgebroken, waardoor je toch even denkt dat de ik meteen in de eerste seconden al ‘raakt’. De volgende regel blijkt pas dat hij zijn hart aanraakt. Het kloppen kan over het hart gaan, maar het kan ook zijn dat de ik even bij zichzelf nagaat of hij nog wel steeds zijn hart volgt bij het schrijven. Zo zijn de ik, de oude Mahmoed, en de dichter steeds met elkaar verweven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mahmoed dobbert eenzaam met zijn bootje op het water. Hij zet – veelzeggend – zijn masker op. Later blijkt dat hij af en toe een duik neemt, en het dus om een duikmasker gaat, maar een masker verbergt ook zijn ware identiteit en biedt de lezer de ruimte om even Mahmoed te zijn. Hij houdt zich vast aan de steven. In achttien lange strofen die elk een eigen titel hebben en lezen als hoofdstukken van een verhaal en tegelijkertijd als losse zangen, maak je kennis met de Syriër Mahmoed, een oude man, die terugkijkt op zijn leven en daarvoor steeds letterlijk en figuurlijk de diepte in duikt. Onder water vindt hij zijn verleden, namelijk de stad waar hij met zijn vrouw en kinderen gewoond heeft en die ook daadwerkelijk in de diepte van dit kunstmatige meer ligt, sinds Hafiz al-Assad daar de Tabqa-stuwdam heeft ingehuldigd, waardoor 11.000 gezinnen uit de regio verplaatst moesten worden. De twee zoons en dochter van Mahmoed hebben hem verlaten om tegen IS te gaan vechten. Hij mist ze, verlangt naar hun aanraking, en rouwt om de vergeefsheid van hun idealen. Een groot deel van het werk spreekt hij tot zijn geliefde vrouw Sarah.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal zit vol verwijzingen naar de geschiedenis van Syrië en de onderdrukking van andersdenkenden, maar ook vol exotische namen van planten, vruchten en plaatsen. Lof voor de vertaalster, die de verzen zo mooi in de Nederlandse taal heeft ondergebracht met behoud van alle sfeer! Soms verschijnen er schuingedrukte regels van zijn vroegere verzen. Het verhaal broeit van verlangen en heimwee:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En ik weet ook dat er geen ruimte meer bestaat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als ik hier ben.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er blijft alleen tijd over.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tijd en herinneringen, de reden waarom ik niet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           mag sterven, Sarah.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nog niet.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijn hoofd duizelt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik word gek.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een water met de naam herinnering.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voorbij de zeeën ligt een stad
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Waar de ramen openstaan voor
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de schittering.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat een onzin!
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Konden verzen die je vroeger geschreven hebt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het heden maar redden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat telt, is de hemel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De boterhammen van de kinderen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dat je weet dat ik van je hou.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De dood loert over zijn schouder mee, want hij heeft een kwaadaardige moedervlek, die steeds even opduikt, als waarschuwing dat het elk moment afgelopen kan zijn. De vlek woekert en doet pijn. Eigenlijk moet hij naar de dokter, maar in plaats daarvan duikt hij de diepte in: ‘Mijn moedervlek doet zeer, maar hier / vermoeien de dingen me niet meer. / Ik voel me goed. / Het is geen fysieke afstand. Het is de tijd. / Ik bereik wat verloren ging. / Ik bereik de verloren tijd.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Af en toe wordt de zang van Mahmoed afgewisseld met een van Sarah. Steeds opnieuw blijkt hun liefde voor elkaar: ‘Liefste, zeg ik. / Kom naar huis voor de avond valt.’ In ontroerende regels ontvouwt zich de tragische geschiedenis van Mahmoed, het verlies van zijn eerste vrouw en dochtertje, zijn gevangenneming vanwege zijn schrijfsels, het verlies van zijn stad en van zijn kinderen. Pas aan het einde wordt duidelijk wat er met Sarah gebeurd is. Dan begrijp je waarom hij zo eenzaam dobbert en verlangt naar een eeuwige duik in de diepte. Hij staat symbool voor de eenzame mens die alleen nog rust vindt in zijn liefdevolle herinneringen. De zangen van Mahmoed stijgen boven de eenzame Syriër uit. Wie zegt dat wij niet allen in hetzelfde schuitje zitten?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Antoine Wauters – Mahmoed of het wassende water. Vertaald door Katelijne de Vuyst. Uitgeverij Vleugels. 152 blz. € 23,95.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mahmoed+of+het+wassende+water.png" length="10708" type="image/png" />
      <pubDate>Wed, 11 May 2022 07:13:25 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/en-hoger-als-een-insectenvleugel-in-de-wind-mijn-sloepje</guid>
      <g-custom:tags type="string">Antoine Wauters,essays,Mahmoed of het wassende water</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mahmoed+of+het+wassende+water.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mahmoed+of+het+wassende+water.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Eerste indruk 'hert'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/eerste-indruk-hert</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Eerste indruk 'hert' van Rozalie Hirs
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Eerste indruk, in navolging van de eerste indrukken op ooteoote.nl door een leerling uit vwo 4 van het Baudartius College
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/oneindige+zin.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in de lossere toets van een atmosferisch perspectief 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           geschilderd ligt het hert op duizenden handen 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van fragiele plantenlijven doorschijnende 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            knekelgeraamten in pastel vernuftig geschakelde 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zinnen van zompzegge doe ik een berkenbroek aan 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           bezemdophei verschijnt er opeens een heel bos 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           naast blauwe bes veenmos gerafeld uitgebeten 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           daarop bijvoorbeeld een veenbesparelmoedervlinder 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die bewijst de ambivalentie van de regels 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            in het gelukken en de mislukkende heiligheid 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van het ondeelbare dat even snel verdwijnt 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als het verdwaalde zaad van een woordspel 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het gedicht komt uit de dichtenbundel ‘oneindige zin’ geschreven door Rozalie Hirs. Het eerste wat opvalt aan dit gedicht is het ontbreken van interpunctie, in de hele dichtbundel ‘oneindige zin’ is geen interpunctie gebruikt. De hele dichtbundel is dus eigenlijk één oneindige zin. Hierdoor heb je als lezer de vrijheid om het gedicht te interpreteren zoals je zelf wilt, je kan zelf punten en komma’s plaatsen en het ritme bepalen. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het lijkt alsof er in dit gedicht een schilder aan het beschrijven is hoe hij zijn schilderij maakt. In de eerste strofe schildert hij in atmosferisch perspectief een hert in het bos, dan maakt hij van het bos een berkenbroekbos met verschillende planten: zompzegge, bezemdophei en veenmos. Een veenbesparelmoedervlinder zit op veenmos. In de laatste strofe beschrijft hij het proces en wat hij van het schilderij vindt als het af is. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In de eerste strofe wordt een hert beschreven ‘ligt het hert op duizenden handen van fragiele plantenlijven’. Het hert is het symbool voor hoop en vertrouwen, die twee eigenschappen worden vaak als belangrijkst geprezen. Daarom ligt het hert op duizenden handen. Atmosferisch perspectief zijn heel veel lagen over elkaar, vaak zie je in een schilderij met atmosferisch perspectief een hert omdat je het dier meteen herkent aan het silhouet. Vertrouwen bestaat net als atmosferisch perspectief uit veel lagen, vertrouwen is fragiel want als je iemands vertrouwen schaadt, duurt het heel lang voor ze je weer opnieuw met iets vertrouwen. De fragiele plantenlijven staan voor de tijd die het kost om een goede vertrouwensband met iemand te ontwikkelen, planten doen er lang over om te groeien en ze kunnen snel doodgaan. Net als het vertrouwen, in het begin is het zwak maar het wordt steeds sterker. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Doorschijnende knekelgeraamten in pastel’: in deze zin uit de tweede strofe lijkt het alsof het hert dood ligt tussen kleurige bloemen. Hiermee wordt het verschil tussen leven en dood beschreven. Het hert is dan de dood, die wordt omringd met kleurig leven. Als een skelet heel lang ligt, wordt het doorschijnend en vergaat het bijna. Doordat het hert dood is, is alle hoop verloren en geeft de ‘ik’ het op, maar in de volgende zin: ‘doe ik een berkenbroek aan bezemdophei verschijnt er opeens een heel bos’ laat ‘ik’ het hert achter zich en er verschijnt een heel nieuw bos vol met nieuwe hoop. De ‘ik’ in het gedicht is de schilder die het schilderij maakt. Het hert is minder mooi gelukt dan de schilder zou willen dus hij wil het opgeven, maar hij zet zich eroverheen en schildert een prachtig bos.   
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ambivalentie is een gespleten gevoel, je wil het ene maar ook het andere. Een goed voorbeeld van ambivalentie is de veenbesparelmoedervlinder: de vlinder eet veenbes maar dat is een erg zeldzame plant, dus hoe meer de vlinder eet hoe minder eten erover blijft voor de volgende keer. Dat staat voor dat je soms moeilijke keuzes moet maken die je liever wilt ontwijken. ‘de ambivalentie van de regels’: je kan niet alles krijgen en doen wat je wilt zonder dat je er iets voor terug moet geven. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In de laatste strofe heeft de schilder het schilderij af en beschrijft hij het proces. ‘in het gelukken en de mislukkende heiligheid’ de heiligheid is het schilderij en daar gaan dingen in goed en in fout. Je kan niet altijd alles helemaal goed doen, iedereen maakt fouten. Geluk kan heel snel komen maar net zo snel als het gekomen is kan het ook weer gaan. ‘als het verdwaalde zaad van een woordspel’ In een woordspel moet je woorden creëren door letters te verbinden, je moet er veel bij nadenken en je leert nieuwe woorden. Veel woorden vergeet je weer maar een paar blijven hangen als verdwaalde zaden. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/oneindige+zin.jpeg" length="76503" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 10 May 2022 11:53:05 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/eerste-indruk-hert</guid>
      <g-custom:tags type="string">eerste indruk,oneindige zin,Rozalie Hirs,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/oneindige+zin.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/oneindige+zin.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘elke ochtend spuugt mij opnieuw uit en ik probeer me te redden’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/elke-ochtend-spuugt-mij-opnieuw-uit-en-ik-probeer-me-te-redden</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘elke ochtend spuugt mij opnieuw uit en ik probeer me te redden’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Sensorium etc.' van Friederike Mayröcker
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/sensorium+etc..png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je niet weet dat Friederike Mayröcker (1924-2021) de grande dame van de Duitse literatuur is en je begint onvoorbereid aan ‘Sensorium etc.’, een keuze uit de poëzie die zij schreef vanaf 1939, dan zou je maar zo kunnen denken dat de waanzin bezit heeft genomen van deze dichteres en dat zij, niet bij zinnen, een willekeurige woordenstroom heeft losgelaten op het papier. Als je wél weet dat zij de grande dame van de Duitse literatuur is, en je begint in die wetenschap aan deze bloemlezing, dan word je al gauw geconfronteerd met je eigen onvermogen betekenis te geven aan wat je leest.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Waarschijnlijk heeft dat ermee te maken dat je onbewust zoekt naar rationele verbanden en verwijzingen naar een bekende werkelijkheid. ‘Sensorium’ betekent ‘zetel van de gewaarwording’, ‘waarneming van alle zintuigen’, ‘bezinning’ of ‘bewustzijn’. Wanneer je een voorstelling maakt van alles wat er tegelijkertijd via je zintuigen binnenkomt en wat dat allemaal oproept en je zou dat alles vastleggen in de taal, dan kom je aardig in de buurt van Mayröckers poëzie. Haar gedichten zijn meer een ervaring dan een product. Het doet denken aan Luceberts streven om de ruimte van het volledige leven tot uitdrukking te brengen, in zijn beroemde gedicht ‘ik tracht op poëtische wijze’. Dat je haar poëzie dan alsnog als zeer vervreemdend en ontwrichtend kunt ervaren, komt doordat de werkelijkheid nooit zuiver ongefilterd binnenkomt en vastgelegd kan worden. De dichteres is het filter. Het gaat om haar waarnemingen en haar vertaling ervan. Dan pas bereiken deze de lezer. Het is onmogelijk dat de lezer op basis daarvan die ongefilterde werkelijkheid weer kan terughalen en dezelfde ervaringen kan beleven als de dichteres. Mayröcker formuleert dat in ‘fleurs’ als volgt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de uiterlijke wereld moet innerlijke wereld worden = het gevoelde.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De innerlijke wereld moet weer uiterlijke wereld worden = het gedicht.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aldus wordt de lezer geconfronteerd met een verzameling taal geworden gewaarwordingen die niet meer te vergelijken zijn met de oorspronkelijke zintuiglijke gewaarwordingen, want taal komt op een andere manier binnen dan geluiden, beelden, smaken, geuren en aanrakingen. Wat je leest, is in feite een star afgietsel van die beweeglijke wereld, maar de taal komt in het hoofd van de lezer weer in beweging en zorgt voor nieuwe ervaringen. Je komt talloze verwijzingen tegen naar de wereldliteratuur, kunst en muziek, die door eigen ervaringen en kennis weer eigen gewaarwordingen oproepen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mayröcker woonde een groot deel van haar leven in een ‘schrijvershol’ waar al haar boeken ongeordend opgestapeld lagen of rondslingerden, de grond en tafel bezaaid met kleine, volgeschreven briefjes, zelfs beddengoed met aantekeningen erop, alsof haar directe omgeving net als haar poëzie van collagetechnieken aan elkaar hing. En toch, in die altoos veranderende en onkenbare wereld, doemen steeds frasen op die raken, ontroeren, die je het gevoel geven dat je voor even een glimp opvangt van het bewustzijn van een ander mens, die je nooit helemaal zult doorgronden, zoals in het gedicht ‘op een throbbende februaridag, voor Ernst Jandl’, haar gestorven geliefde:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat alles zo blijft BOVENLAKEN BEDROEVING, droefenis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van het hart, van de hemel het lijf lappen en vodden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           : martyria van het lijf namelijk MYSTERIËN totdat ze alleen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
             nog maar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           janken als de drenkelingen in het Venetiaanse water :
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dronken geworden paleisruïnes : ’n beetje ruikend vanbinnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar vol fluweel en damast en Venetiaans zilveren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           spiegels en kroonluchters en schilderijen . .
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            laat mij nou maar allemaal in mijn
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           fabelachtig
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            gejammer, in
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           mijn monstrueuze wilde kennis, in mijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tranenvloed -             wee de woorden die jullie troostend
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ontsnappen : voor mij om te kotsen, om te tollen. Mijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hersens tollen als de tierende storm outside – ik
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           snijd mij scheid mij scherm mij af, wil
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           TORNADO GELACH horen als ik naar buiten verbleek in die
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      P A N T E R   H A D E S
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           (en schuiven als zeehond tegen elkaar aan jij en ik, in onze
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           LAND BIJSLAAP terwijl wij onafgebroken voordragen (met
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
             vlugge
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           voeten) onze enorme strofen van de wildste jeremiaden)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een ongelooflijke levensdrang, en liefde voor het leven en de taal spetteren uit deze bundel als je je ervoor kunt openstellen en je laat meevoeren door haar gestolde gewaarwordingen. Honderdtwintig wilde zij worden, nee wel honderddertig, maar in ‘heb handen (van) melancholie’ weet zij de worsteling met een naderend einde op ontroerende wijze in taal te vangen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           compleet afbranden, EN TOT AS. Ik heb
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           alles ooit geweten maar nu ben ik alles vergeten, ik sta
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           aan het begin van mijn verstand als 1 pasgeboren kind en ik
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
             heb
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            geen grondvesten (meer) en geen ervaring en
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           sta aan het
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
             einde.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           heb gewacht dagen- en wekenlang heb ik erop gewacht dat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de aarde opengaat en mij verslindt, maar elke ochtend spuugt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           mij opnieuw uit en ik probeer me te redden, heb
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de handen van vader van moeder de melancholie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Friederike Mayröcker – Sensorium etc.. Vertaald door Annelie David en Lucas Hüsgen. Uitgeverij Vleugels, Antwerpen. 176 blz. € 24,95.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/sensorium+etc..png" length="10268" type="image/png" />
      <pubDate>Mon, 18 Apr 2022 11:53:33 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/elke-ochtend-spuugt-mij-opnieuw-uit-en-ik-probeer-me-te-redden</guid>
      <g-custom:tags type="string">Friederike Mayröcker,essays,Sensorium etc.</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/sensorium+etc..png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/sensorium+etc..png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘De lege stoel op de stoep de stoel waarop hij zat’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-lege-stoel-op-de-stoep-de-stoel-waarop-hij-zat</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘De lege stoel op de stoep de stoel waarop hij zat’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Oude koude nachten' van Patrick Conrad
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Oude+koude+nachten.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de nieuwe dichtbundel ‘Oude, oude nachten’ van Patrick Conrad, graaft de dichter zijn verhaal op. In deze 100 ‘memoires’ doemt het portret op van een mens die stilstaat bij zijn leven: hij rouwt om wat voorbij is, koestert de relieken, maar tegelijkertijd worstelt hij met zijn eigen vergankelijkheid en blikt vooruit naar een toekomst, waarvan hij geen deel meer zal uitmaken. In de nacht luistert hij naar de voetstappen van vermisten in zijn hoofd. In het donker laat hij zijn hart spreken en ‘kijkt verwonderd naar de inkt / die als bij wonder woorden vormt / waarvan de pracht de meesten zal ontgaan.’ Eerder in het gedicht vraagt hij zich af of er te veel zwijnen zijn, of te weinig parels. Zijn de mensen aan wie zijn poëzie voorbijgaat, zwijnen? Dat zou wat ijdel zijn, maar de bundel bevat beslist enkele parels.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel heeft tien verschillende afdelingen, die soms ernstig, soms wat ironisch naar levensfasen verwijzen, zoals ‘Een kind’ en ‘Een wrak’, ‘Een afscheid’, maar er is ook ‘Een droom’, ‘Een verhaal’ en zelfs ‘Een leven’. Het lijkt een wat willekeurige opsomming, die past bij memoires, waarin je van alles uit het leven kunt tegenkomen. Des te opmerkelijker het is dat elk afdeling, netjes afgepast, tien gedichten bevat, die zo overzichtelijk genummerd zijn, dat je je haast afvraagt hoe deze regelmaat ooit een mensenleven kan weerspiegelen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In ‘Een kind’ kijkt de ik terug op zijn jeugd, maar blijft ook zijn ouder geworden zelf: ‘Na zoveel aarzelingen, na zoveel verminkingen (...) / werd hij dat oude kind dat voor u staat.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De dichter ziet het leven als een doodlopende straat en mijmert erover dat hij er straks niet meer zal zijn, dat hij uit gesprekken is verdwenen, dat zijn stoel leeg zal zijn, dat hij alleen nog maar een boek zal zijn. Deze thema’s zijn van alle tijden en misschien zelfs van alle dichters en Conrad zoekt zijn toevlucht vaak in een opvallend klankspel van alliteraties en assonanties:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij wachtte zo lang om zich
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           uit de kwellende klem van hun klaaglied
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als uit het slib van de schorren te rukken,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat een roerloze roes de rede verlamde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en de tijd bol van broze beloftes verschaalde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Assonanties en alliteraties zijn op hun mooist als ze woorden via de klank verbinden die ook inhoudelijk met elkaar verbonden zijn. Zo kan het klaaglied als een kwellende klem zijn, waarbij de opeenvolging van k’s het gevoel van beknelling versterkt. Ook ‘slib’ en ‘schorren’ zijn met elkaar verbonden en past het beeld van een het slib goed bij het vast komen te zitten in een klaagzang. Bij voortdurend klagen dreig je immers ten onder te gaan. Assonanties en alliteraties zijn vaak wat subtielere vormen van rijm dan volrijm. Een overdaad ervan kan echter wat bombastisch zijn en dan is de subtiliteit verdwenen. Dat gebeurt wat mij betreft in de laatste twee regels. Dan is het klankspel om het klankspel geworden en dat is jammer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is alsof de dichter zichzelf ‘wegdicht’ bij zijn lezers:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alleen wat echt is blijft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alleen was, sinds de eenvoud
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zoals de zon de dag zijn leven verliet,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           niets meer echt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zijn land was het land waar de anderen woonden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zijn taal de taal die niemand sprak.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alleen wat echt is, is een lang leven beschoren, lijkt de eerste regel te willen zeggen, maar wat is ‘echt’? Echt zilver, echt goud, daar gaat het om kwaliteit. Zo is dat met poëzie ook min of meer: wat echt goed is, blijft bestaan, al raakt er ook veel moois verloren in de eindeloze stroom poëzie die geschreven is en nog steeds wordt. De dichter vindt geen aansluiting meer, wordt langzaam ouder, en ervaart dat als eenzaam en vervreemdend. En dan worden de nachten niet alleen oud, maar ook koud.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Patrick Conrad – Oude, koude nachten. Uitgeverij Vrijdag, Antwerpen. 128 blz. € 24,99.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Oude+koude+nachten.jpg" length="15936" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 17 Apr 2022 07:32:27 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-lege-stoel-op-de-stoep-de-stoel-waarop-hij-zat</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,oude,koude nachten,patrick conrad</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Oude+koude+nachten.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Oude+koude+nachten.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Het leven is groots dezer dagen’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-leven-is-groots-dezer-dagen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Het leven is groots dezer dagen’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Archeophonica' van Peter Gizzi
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/archeanphonica.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Het leven is groots dezer dagen en je kunt maar moeilijk de maat ervan nemen.’ Daarom geeft de Amerikaanse dichter Peter Gizzi zich in zijn bundel ‘Archeophonica’ over aan de polyfonie en daar blijft het niet bij. Een archeophone is een apparaat waarmee je oude geluidsopnames kunt overzetten op duurzamere geluidsdragers, zodat je ze kunt afspelen op bijvoorbeeld een computer. De dichter doet iets vergelijkbaars: taal is oud en gebruikt. Om nieuwe poëzie te schrijven, moet je de oude taal omzetten in nieuwe. Toch blijft er altijd een spoor achter van de oude: ‘Het is hetzelfde maar anders, anders van nu af aan.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In Gizzi’s poëzie klinkt inderdaad een meerstemmigheid uit de moderne wereld: in het gedicht ‘Instagrammatica’ is het ‘wij zoekgeraakt in het moment’ en is onze toekomst ‘in de lucht’. In ‘Google Earth’ klaagt de ik erover dat de wereld is stukgegaan, als de jij ver weg is. Dan houdt hij niet van de zee en van de wolken, of ‘de door de afstand verheerlijkte aanraakschermen.’ In het gedicht ‘Hoe te lezen’, dat hij heeft opgedragen aan de Amerikaanse, experimentele dichteres Rosmarie Waldrop, schrijft hij, met na elke regel een witregel:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een wereld van licht en een wereld van openisme
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een syntaxis van warmte en dynamisme
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een menselijke wereld mauwend in het donker
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een gigantoruimte van stilte, tijd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een vurige geest door de gloed van het zoeken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ritme percussie assonantie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Energieke stille magie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een tekstuele nimbus, uit lucht ontstaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misschien zijn dit stuk voor stuk aanwijzingen om Gizzi’s poëzie te benaderen, want daar vraagt deze poëzie wel om: hoe moet ik haar lezen? Veel gedichten lijken zoektochten van een dichter, die eerder tegen iets aanloopt, dan dat hij vindt wat hij heeft gezocht. Steeds komt hij weer iets nieuws tegen dat hij meevlecht in het gedicht. Zo kan de wind bonken tegen de potdekselplank en de ik in het gedicht opmerken dat hij genoeg weet om te zien dat de gebarsten ruit niet snel zal worden vervangen. Daarna vraagt hij zich af: ‘Wie heeft er tijd voor zulke dingen in het lied?’ Met andere woorden: alles kan materiaal zijn voor een gedicht, ook de gebarsten ruit. Nog voordat die vervangen is, is hij al opgenomen in het gedicht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bij vertaalde poëzie is het interessant om over de schouder van de vertaler mee te kijken. Die gelegenheid geeft Mysjkin in het nawoord. Gizzi maakt het de vertaler niet eenvoudig. Omdat hij zo met klanken en woorden speelt, is het lang niet altijd mogelijk om dat spel in een nieuwe taal te vangen. Wat dat betreft is de vertaler ook een soort ‘archeophone’, die het oude moet omzetten in iets nieuws, terwijl hij alles op alles zet om zo weinig mogelijk details verloren te laten gaan. Mysjkin legt uit dat de twee talen in sommige nieuwgevormde woorden wonder boven wonder parallel lopen. Hij geeft als voorbeeld dat het syntagma ‘of my own waking’ is geënt op ‘of my own making’ (van eigen makelij). In de vertaling wordt dat ‘van eigen wakelij’, waarin het woordspel en de betekenis beide behouden zijn. Onmogelijk is dat bij ‘the chemical / wash of my genes’. In het Engels klinkt ‘genes’ als ‘jeans’, waardoor het chemisch wassen betekenisvol wordt. In het Nederlands is die klankovereenkomst er niet bij ‘genen’. Daarmee gaat dus het woordspel verloren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En zo beland je als lezer in een wereld waarin je ogen en oren tekortkomt. Soms word je overrompeld: ‘Net nu zijn er tienermicrogolven / die door je lijf gieren / terwijl je tekst met me hebt.’ Als je hier het ‘klinkt als’-principe op loslaat, klinkt er ‘seks met me hebt’ in door. Daar heeft Gizzi toch zeker een punt, want in de intieme relatie tussen dichter en lezer staat er tussen hen beiden altijd het gedicht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Peter Gizzi – Archeophonica. Vertaling en nawoord Jan H. Mysjkin. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 88 blz. €21,80
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/archeanphonica.png" length="14419" type="image/png" />
      <pubDate>Sun, 17 Apr 2022 07:29:16 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-leven-is-groots-dezer-dagen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Peter Gizzi,Archeophonica</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/archeanphonica.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/archeanphonica.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Stemmen vanuit leidingen en luchtroosters’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/stemmen-vanuit-leidingen-en-luchtroosters</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Stemmen vanuit leidingen en luchtroosters’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De gezichten' van Tove Ditlevsen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
           &#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+gezichten.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al in 1968 schreef de Deense Tove Ditlevsen ‘De gezichten’. Als huisvrouw uit een arbeidersmilieu met vier gestrande huwelijken achter de rug en een neiging tot drugsverslaving, werd ze destijds in literaire kringen niet echt voor vol aangezien, ook al had ze vele fans. Inmiddels wordt haar werk herontdekt en in veel landen uitgegeven. In 2020 verscheen bij Das Mag al haar Kopenhagen-trilogie. ‘De gezichten’ is nu haar eerste roman die in het Nederlands is vertaald. Schijn en werkelijkheid lopen door elkaar in deze roman, waarin de lezer opgesloten zit in het hoofd van een vrouw die op de rand van de waanzin balanceert.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het hoofd is van kinderboekenschrijfster Lise Mundus. Omdat ze al een poos geen literaire prijzen heeft gekregen, begint ze aan zichzelf te twijfelen. Het lukt haar niet meer iets op papier te krijgen en ze begint de mensen om haar heen te wantrouwen. Ondertussen vraagt de lezer zich af in hoeverre haar argwaan terecht is: is haar echtgenoot Gert inderdaad jaloers op haar succes en legt hij het daarom aan met de huishoudster Gitte, die ook nog eens dubieuze invloed heeft op Lises kinderen? Ze hoort stemmen en ziet de gezichten om haar heen vervormen. Als ze een overdosis pillen heeft geslikt, wordt ze opgenomen in een kliniek om tot rust te komen, maar daar breiden haar angst en wantrouwen zich alleen maar uit:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ze draaide zich angstig op haar andere zij zonder te antwoorden. Daar lag nog een ezelshoofd naar haar te staren. Ze ging op haar rug liggen en keek naar het plafond terwijl de angst door haar hoofd vibreerde. Er bestonden, dat wist ze, instituten vol verminkte en griezelige menselijke schepsels die aan het oog van de wereld werden onttrokken, die leefden en stierven zonder dat iemand hen ooit zag, behalve het personeel. Was ze naar zo’n plek gebracht?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terwijl dokters en verpleegkundigen haar liefdevol lijken te benaderen, hoort zij vanuit haar kussen, via leidingen of luchtroosters de stemmen van Gitte, Gert of haar kinderen. Ze vraagt zich af of ze wel terug wil naar huis, of ze niet beter op een gesloten afdeling kan leven in haar eigen wereld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Echt ‘duister’, zoals op de achterflap staat vermeld, kun je de roman echter niet noemen. Heel af en toe bekruipt je het gevoel alsof je een ouderwets kinderboek leest, afgezien van het onderwerp dan. De stijl is bijzonder eenvoudig en laat weinig aan de verbeelding over. Omdat er steeds keurig bij staat dat Gitte vanuit het rooster praat, weet je als lezer dat Lise aan waanbeelden lijdt. Schijn en werkelijkheid zijn dus moeiteloos van elkaar te onderscheiden. Soms krijg je zelfs nog doodleuk een uitleg van wat allang duidelijk was: ‘Ze dacht aan de ezelvrouwen achter de gesloten deur en besefte dat ze dingen had gezien die niet echt waren.’ Dat is jammer, want het zou spannender zijn als je als lezer geen vat zou kunnen krijgen op de wereld om haar heen. Dan zou je immers meer de ervaring beleven van iemand die zich daadwerkelijk op de rand van krankzinnigheid bevindt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ditlevsen gebruikt veel beeldspraak, maar ook die is soms tenenkrommend simpel: ‘Bang en gefascineerd staarde ze naar het bruine medicijnpotje, terwijl de werkelijkheid achter haar verdween als bij iemand die op een perron staat wanneer de trein wegrijdt.’ Dat zou ook aan de vertaling kunnen liggen, maar erg verheffend is het niet.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toch heeft het boek een bepaalde charme, zoals de auteur de patiënten beschrijft, die in te grote of te kleine jurken door de gangen wandelen: ‘Ze steunden aarzelend met een hand tegen de muur die iets vooroverhelde, en ze wisten dat die op een dag met zijn gele en vergeten vermoeidheid op hen vallen en hen zou verpletteren. Ze hielden hun stemmen zo veel mogelijk binnen, omdat je er nooit zeker van kon zijn dat zo’n stem de weg terug zou vinden als je hem eenmaal had losgelaten. Het was het beste als je hem lichte en alledaagse woorden liet vormen waarin geen persoonlijke mening doorschemerde, woorden die door om het even wie konden worden gezegd.’ Het zijn de plekken waar de verteller even afstand neemt en de ironie zegeviert. Dat is Ditlevsen op haar best.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tove Ditlevsen – De gezichten. Vertaling Lammie Post-Oostenbrink. Das Mag Uitgeverij B.V., 179 blz. €19,99
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+gezichten.jpeg" length="97999" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 18 Mar 2022 11:43:15 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/stemmen-vanuit-leidingen-en-luchtroosters</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Tove Ditlevsen,De gezichten</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+gezichten.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+gezichten.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Wanneer de bouwsels instorten en zich weer oprichten, langzaam, in stilte’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wanneer-de-bouwsels-instorten-en-zich-weer-oprichten-langzaam-in-stilte</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Wanneer de bouwsels instorten en zich weer oprichten, langzaam, in stilte’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Het exces - De fabriek' van Leslie Kaplan
           &#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+exces+De+fabriek.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De in Amerika geboren Franse schrijfster Leslie Kaplan ging in de jaren 1968-1970 als maoïstische militante in de fabriek werken. Daarna voelde zij de noodzaak deze ervaring vast te leggen en dat deed zij in ‘Het exces – De fabriek’, dat in 1982 verscheen, en nu in Nederlandse vertaling is verschenen. Er is veel over fabrieken geschreven, vaak in de betogende vorm, over de positie van de arbeider bijvoorbeeld, maar dat is niet wat Kaplan wilde, zegt zij later in het gesprek met Marguerite Duras, dat achter in het werk is opgenomen. Kaplans fabriek staat in een fictief oord, buiten de geschiedenis, en is buitensporig.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Men is erin, in de grote fabriekskosmos, die ademt in jouw plaats’, staat op de eerste bladzijde van dit werk, dat volgens Maurice Blanchot ‘méér dan poëzie’ is. Dat kan betekenen dat het om willekeurig welke fabriek gaat, maar tegelijkertijd dat de fabriekskosmos jouw adem overneemt. Je bent van je persoonlijkheid ontdaan, je bent ‘men’ geworden. Bijzonder is dat in het Frans dit ‘men’ vrouwelijk is, omdat in sommige grammaticale posities het geslacht wordt aangegeven, wat in het Nederlandse niet mogelijk is, zoals ‘on est prise, on est tournée’, zoals de vertaler in het voorwoord aangeeft. Kaplan geeft in het gesprek met Duras aan dat het voor haar zeker is dat een vrouw dicht bij die ‘men’ staat. Zij noemt het ‘een soort gezichtspunt van de apathie’ en zij denkt dat deze misschien vrouwelijk is, ‘een opening’. Marguerite Duras noemt het vervolgens ‘het vermogen om te verduren’, die volgens haar zelfs de staat van het schrijven is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De fabriek wordt in neutrale termen beschreven als een kosmos. Zelfs buiten de fabriek is men ‘erin’. Alles is de fabriek. Het werk is ingedeeld in negen kringen en deze kunnen haast niet anders dan verwijzen naar de negen kringen van Dantes ‘inferno’. De fabriek is een hel waar alle hoop is vervlogen. Zoals in de buitenste kringen van Dantes hel de mensen toeven die hun primaire behoeften niet kunnen matigen, zo is er in de tweede kring alle aandacht voor de wc’s, waarnaar men in de tien minuten pauze kan afdalen: ‘Ziek muurwater, men houdt er niet van.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In deze pauze lijkt er even tijd voor bezinning, als men zichzelf bekijkt in een spiegeltje dat men heeft meegenomen: ‘Het gezicht is bleek, met strak achterovergekamd haar. / Men herinnert zich niet.’ Het individu wordt alsnog niet herkend. Men houdt het spiegeltje vast, met daarin het gezicht met de kringen van het slapen, ‘wanneer de bouwsels instorten en zich weer oprichten, langzaam, in stilte.’ Men blijft ‘men’. Ook als men naar buiten gaat, de straat oversteekt en ergens naar binnen gaat, tafels en banken ziet en een wasdoek: ‘Het doek heeft ruitjes, allemaal eender, en het riekt.’ Na een witregel staat eenzaam het woord ‘Kinderjaren’, alsof de geur toch een herinnering naar vroeger oproept, maar omdat er geen persoonlijke voornaamwoorden worden gebruikt, is het een collectieve herinnering.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De fabriek wordt getoond als gehavend, een ‘gewichtloos geraamte’, groot, maar tegelijkertijd in stukken en ontwricht. Overal ligt afval en viezigheid:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Er ligt doorweekt papier, weerzinwekkend, en plastic. De plastic
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           spullen zijn oud, afgedaan. Platen en eindjes. Een stuk of wat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           deursloten slingeren er rond.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De roest is daar, raadselachtig.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe langer je als lezer in de fabriek verblijft, hoe meer je jezelf verliest en deel wordt van de eenzame kosmos. De liefdeloosheid en het obsederende geweld van de herhaling doen denken aan concentratiekampen en terwijl je nog schrikt van die gedachte, want een fabriek is immers iets anders dan een concentratiekamp, staat daar: ‘Er zijn rails in de hemel. / De wagons rijden voorbij.’ En verderop: ‘Omheinde braakliggende terreinen. Men loopt.’ Vanaf dat moment lopen de rillingen over je rug. Waar ben je beland? Je realiseert je hoe excessief de omgeving is en hoe je warmte en genegenheid mist, maar vooral ook hoe ongemerkt je daar deel van bent gaan uitmaken: als er geen verschillen meer zijn, daalt het leven ‘loodrecht af’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Waar is de bezieling gebleven, het warme verlangende lijf: ‘Ze is daar, op haar stoel. Jurk en trui, en daarover, de schort. / Het lichaam is eronder. Alles is er, alles.’ Het is ongelooflijk hoe Kaplan het wezen van de mens kan verschralen tot ‘iets’, terwijl je zo pijnlijk voelt wat ontbreekt. Ook al meen je soms iemand te ontwaren, deze wordt ontdaan van persoonlijkheid: ‘In de gang kruist men een jong Frans meisje. Het is een onaf / meisje. Ze duwt een karretje voort.’ Het meisje wordt tot iets wat eventueel nog afgemaakt zou kunnen worden, maar wat in elk geval onderdeel is van het fabricageproces van rijdende karretjes.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat schrijnt, is dat de mensen ondanks alles niet ontmenselijkt zijn, want men zit alleen tussen allen, en zoals er voorwerpen worden gemaakt, worden er ook kinderen gemaakt: ‘De baby is foeilelijk. Kleine grijze baby’. Fabrieksmensen brengen fabrieksmensen voort. De vijftig kinderen die in Auschwitz geboren en opgeleid zijn, zeiden ‘wir’ en geen ‘ich’, vertelt Duras in het tweegesprek met Kaplan. De fabriek is een oord waar de verschillen geen verschil maken, zegt Kaplan. De handeling die de hele tijd identiek is aan zichzelf, vernietigt het individu.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Leslie Kaplan – Het exces - De fabriek. Vertaling en voorwoord Jan H. Mysjkin. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 144 blz. €27,79
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+exces+De+fabriek.png" length="25390" type="image/png" />
      <pubDate>Fri, 18 Mar 2022 11:39:04 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wanneer-de-bouwsels-instorten-en-zich-weer-oprichten-langzaam-in-stilte</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,De fabriek,Leslie Kaplan,Uitgeverij Vleugels,Het exces</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+exces+De+fabriek.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+exces+De+fabriek.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘De granaten jankten een stervensmooie liefde’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-granaten-jankten-een-stervensmooie-liefde</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘De granaten jankten een stervensmooie liefde’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De nacht is zo mooi met zijn koerende kogels' van Guillaume Apollinaire
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+nacht+is+zo+mooi+met+zijn+koerende+kogels.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misschien ontstaat juist op het slagveld de mooiste poëzie, daar waar de mens – in welk opzicht dan ook – in het nauw gedreven wordt, omdat dat de plek is waar de taal die de hele dag gebruikt wordt, tekortschiet, en de behoefte ontstaat de grenzen ervan te verleggen om het onnoemelijke te vangen. Guillaume Apollinaire schreef een groot deel van zijn gedichten in de loopgraven, tussen 1914 en 1918. Het is bijna niet voor te stellen hoe dat gegaan moet zijn, in de modder en verrotting, tussen de kadavers. Hij was zich volkomen bewust van de risico’s, en schreef naar zijn geliefden brieven, waaraan hij vaak gedichten toevoegde. Ook kreeg hij toestemming om zijn poëzie te bundelen met behulp van de stencilmachine van het leger. De schitterende vertaling van Kiki Coumans is nu, naast de oorspronkelijke tekst, te lezen in ‘De nacht is zo mooi met zijn koerende kogels’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er zou een ander woord moeten bestaan voor het vertalen van poëzie. Een goede vertaling is veeleer een ‘herschepping’. Neem de regel waaraan de titel is ontleend: ‘Cette nuit est si belle où la balle roucoule’. Coumans vertaalt deze met ‘Deze nacht is zo mooi met zijn koerende kogels’. Het stafrijm in ‘belle’ en ‘balle’ vertaalt Coumans met de assonantie van ‘mooi’ en ‘kogels’. Het stafrijm zit in het Nederlands op een andere plek, namelijk bij de ‘koerende kogels’. In het Frans zijn die twee ook verbonden, maar dan door ‘le’, aan het einde van de twee woorden ‘balle roucoule’. De ‘koerende kogels’ passen daarnaast mooi bij het Franse ‘roucoule’, waarbij de herhaling van klank al in het woord zelf zit. De klankvondst wordt nog eens versterkt door het woord dat er niet staat, ‘vogels’, maar dat rijmt op ‘kogels’ en inhoudelijk geassocieerd wordt met het koeren van duiven. Opvallend is dat het ritme van beide regels nagenoeg overeenkomt. Met andere woorden: Coumans heeft een nieuwe combinatie van klankovereenkomsten gevonden die de oorspronkelijke tekst rechtdoet en tegelijkertijd ontstijgt. Vakmanschap heet dat. Daarom is het zo’n feest dat beide versies naast elkaar staan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de bundel zijn diverse beeldgedichten opgenomen, waarbij de typografie de inhoud versterkt, zoals het gedicht in de vorm van de Eiffeltoren, dat gaat over de tong die de mond van Parijs zal blijven uitsteken naar de Duitsers. Doordat je in rap tempo van boven naar beneden leest, heb je tegelijkertijd de ervaring van een tong die zich uitrolt. De kracht van de oorspronkelijke tekst zit niet alleen in het plezier dat ervan afspat, maar ook in het besef dat deze poëzie in gruwelijke omstandigheden tot stand is gekomen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Apollinaire verbindt voortdurend de oorlog met liefde en schoonheid. In ‘Wonder van de oorlog’ beschrijft hij de lichtflitsen in de nacht:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is ook de dagelijkse apotheose van al mijn Berenices met hun
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                     haren als kometen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Die dubbel goudblonde danseressen zijn van alle tijden en alle
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      rassen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ze bevallen halsoverkop van kinderen die net genoeg tijd hebben
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      om te sterven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat mooi toch al die lichtflitsen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar het zou veel mooier zijn als het er nog meer waren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als het er miljoenen waren met net zo’n volledige en relatieve betekenis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      als letters in een boek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toch is het even mooi als het leven zelf dat uit de stervenden wegglijdt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zijn poëzie is onverschrokken. Soms lijkt zij haast een lofzang op de oorlog, waarin hij de opstelling van het zware geschut met cimbalen vergelijkt en de soldaten met dolverliefde cherubijnen, of met een fonkelend halssnoer van Frankrijk in bloedmooie kleuren. De dichter was halverwege de dertig toen hij zich in de loopgraven bevond. Hij heeft vijftien á zestien maanden in het leger doorgebracht, waarvan elf aan het front. In zijn vaak fragmentarische gedichten zie je de weerslag van dat onzekere bestaan: het voortdurende gevaar, de viezigheid van de loopgraven, het missen van de liefde. Tegelijkertijd zie je zijn drang tot vernieuwing van de poëzie: niet alleen in de typografie, het weglaten van interpunctie en het loslaten van complete zinnen, maar ook in de inhoud, waarin hij de technologische vernieuwingen bezingt: auto’s, bussen, maar ook de granaten, het prikkeldraad en het gifgas.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Behalve voor de oorlog heeft de dichter ook aandacht voor de natuur met haar boomkikkers, kikvorsen, padden, klaprozen en sperwers. Zijn poëzie raakt het diepst waar hij deze verbindt met de oorlog, de geliefde en uiteindelijk het hele universum:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als een radeloze ster op zoek naar zijn seizoenen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Floot je je liefdesliedje o hart ontplofte granaat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En je duizend zonnen hebben de munitiewagens geleegd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Die de goden van mijn ogen in stilte vullen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           We houden van je o leven en we tarten je
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De granaten jankten een stervensmooie liefde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een stervende liefde is mooier dan alle andere
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je adem zwemt in een rivier van opdrogend bloed
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De granaten jankten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                                             Hoor de onze zingen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een purperen liefde begroet door hen die zullen sterven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Doorweekte lente het nachtlichtje de bestorming
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het regent mijn ziel het regent maar het regent dode ogen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Guillaume Apollinaire – De nacht is zo mooi met zijn koerende kogels. Vertaling Kiki Coumans. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 136 blz. €23,95
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+nacht+is+zo+mooi+met+zijn+koerende+kogels.png" length="19329" type="image/png" />
      <pubDate>Wed, 02 Mar 2022 09:13:13 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-granaten-jankten-een-stervensmooie-liefde</guid>
      <g-custom:tags type="string">Guillaume Apollinaire,essays,De nacht is zo mooi met zijn koerende kogels,poëzie,Kiki Coumans</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+nacht+is+zo+mooi+met+zijn+koerende+kogels.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+nacht+is+zo+mooi+met+zijn+koerende+kogels.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Dat je leeft en bij me blijft'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/dat-je-leeft-en-bij-me-blijft</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Dat je leeft en bij me blijft'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Wat nu met het licht dat binnenvalt' van Siel Verhanneman
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wat+nu+met+het+licht+dat+binnenvalt.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe ga je verder met leven als je door een kier in de deur nog steeds het levenloze lichaam van je dierbare vader ziet? Wat doe je met het licht dat binnenvalt, met het luchtige van mensen om je heen, die verder leven en ook jou aanmoedigen dat te doen? De nieuwe dichtbundel van Siel Verhanneman, ‘Wat nu met het licht dat binnenvalt’, is een aangrijpende en tegelijkertijd troostvolle zoektocht naar het antwoord op die vraag.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ik in de bundel doet haar best ‘er niet over te schrijven.’ De meeste mensen vinden de dood namelijk te zwaar. Toch lukt het niet goed, steeds opnieuw komt de dood op het papier. De bundel valt wat dat betreft met de deur in huis:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een mortuarium, ik wacht op de gang en kijk.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Breder dan een kier kan het niet geweest zijn:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           twee witte, grote kaarsen op hun gouden voetstuk geprikt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           met daartussen op tafel, een voor eeuwig rustend lijf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De deur naar dat moment in het verleden staat nog steeds op een kier en terwijl zij in het verleden die kier zo snel mogelijk de rug wilde toekeren, krijgt ze later de rekening betaald: ‘te laat / werp ik mijn nood om troost uit als doorzichtig visdraad.’ In het begin word je nog omringd door mensen die je willen troosten, maar als die tijd voorbij is, blijft de ik eenzaam achter. Steeds opnieuw, dwangmatig zelfs, probeert ze de kier te vullen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De eerste gedichten over de worsteling met het verlies van de vader zijn aangrijpend, maar ook heel troostvol: ‘Ik zie hen natuurlijk overal, de vaders en dochters.’ Ook voor wie nog niet zoveel ervaring heeft met het verlies van dierbaren, is het goed voor te stellen dat je om je heen allemaal vaders en dochters ziet. Je bekijkt nauwgezet wat ze doen, hoe ze zich gedragen, maar de ik doet dit niet alleen omdat ze nieuwsgierig is naar wat ze allemaal moet missen: ‘misschien houden zij de vaders in leven / en welke stappen ben ik achteloos vergeten dan.’ Het is natuurlijk een dwanggedachte dat zij haar vader in leven had kunnen houden, maar wel een begrijpelijke. De ik heeft sowieso de neiging tot het dwangmatige, want daarmee probeert ze controle te krijgen op haar leven. In ‘Want dan gebeuren geen erge dingen’ beschrijft ze op een tragikomische manier hoe ze er zelfs pillen voor heeft gekregen, waar ze overgewicht door kreeg. Uiteindelijk verkiest ze toch haar eigen dwanghandelingen boven de pillen: ‘Ik heb een plattere buik nu / en de wereld onder controle.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En als je als lezer dan een beetje gewend bent aan die dood van de vader, is daar ineens het gedicht ‘Het lichaam [3]:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alle miljoenen micro’s van mijn lijf staan open,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           bij doorsneemensen zijn dat er amper vijftig.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik ben één grote alarmfase, verdoven kan niet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tenzij ik dit mezelf aanleer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De man in wit doet een test, plant een potloodpunt in mijn schouder.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik vlieg niet tegen het plafond zoals de meesten, zegt hij.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het maakt me trots, niets komt nog door mijn gepantserde huid
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wanneer ik mezelf over mijn armen en nek streel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en mijn eigen aanraking nauwelijks voel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik denk dat het zo wel lukt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           om verder te gaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dan sterft mijn zus.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De dood die je in het leven plotseling kan overvallen, net op het moment dat je denkt dat je het leven weer een beetje kunt verdragen, doet dat hier in het gedicht ook heel abrupt. Dan blijkt dat de rouw om een zus weer een heel andere is dan om een vader: ‘Altijd leefden we vervlochten / als één groot dier waar we synchroon in ademhaalden’. Als de zus er niet meer is, ziet ze het beest alsof het in een te groot pak verkleed is. Er valt nauwelijks nog wat mee te beginnen en pas na een poosje begint het ‘vervellen’, totdat ze ‘voor het eerst uit twee bestaan.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In diverse gedichten verbindt Verhanneman het persoonlijke thema van rouwen en overleven met kunstwerken van andere kunstenaars: Monet, Degas, Rodin en nog meer. Het nodigt uit om de kunstwerken te gaan bekijken en laat zien hoe de dichteres de kunst op haar manier ‘eigen’ maakt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dan is er nog ‘de jongen die elke nacht naast mij slaapt’. Hij komt in verschillende gedichten terug. De jongen laat een zwarte toermalijn in de zak van zijn jasje glijden dat bestemd is voor begrafenissen en dat hij steeds meer ontgroeit. De steen weegt telkens zwaarder en hij staat ‘voor dikke houten deuren’. De toermalijn is een opake steen. Je kunt er dus niet doorheen kijken. De partner van iemand in de rouw moet een eindeloos geduld hebben: ‘hij knikt, hij blijft.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel staat vol prachtige observaties en fijnzinnige regels die zo mooi zijn dat je ze wilt bewaren. Tenslotte is daar de komst van de dochter, het nieuwe leven dat in de ‘ik’ groeit, dat minstens zo overrompelend is als het verlies waar ze maar niet van loskomt:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat je leeft
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en bij me blijft
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het tegendeel bewijst
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van wat ik dacht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat toekomst was
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Siel Verhanneman – Wat nu met het licht dat binnenvalt. Uitgeverij De Arbeiderspers, Amsterdam. 72 blz. €20,00
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wat+nu+met+het+licht+dat+binnenvalt.jpeg" length="98171" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 24 Feb 2022 15:45:02 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/dat-je-leeft-en-bij-me-blijft</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Siel Verhanneman,poëzie,Wat nu met het licht dan binnenvalt</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wat+nu+met+het+licht+dat+binnenvalt.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wat+nu+met+het+licht+dat+binnenvalt.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>"Partijloos is niemand"</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/partijloos-is-niemand</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Partijloos is niemand'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Land van herkomst' van E. du Perron door Dario van den Brink (leerling vwo 5 van het Baudartius College)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Land+van+herkomst.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het boek Het land van herkomst is geschreven door E. du Perron en is een autobiografische roman met als hoofdpersoon Arthur Ducroo. Du Perron is geboren in Nederlands-Indië op 2 november 1899 in Meester Cornelis, wat nu Jatinegara op Java is. Hij overleed enkele uren na de Nederlandse capitulatie op 14 mei 1940 in Bergen aan een hartaanval. Du Perron (Ducroo) heeft eerst tweeëntwintig jaar in Nederlands-Indië gewoond, waarna hij met zijn ouders naar België verhuisde en gingen wonen in Gistoux in een kasteeltje dat Grouhy heet. Du Perron vond dit leven in dit kasteeltje niks, want zijn vader had na hun komst zelfmoord gepleegd in Brussel. Dit kwam doordat er vermoedelijk een macht in Grouhy zat die satanisch leek. Dit blijkt hieruit: “Toen hij Grouhy voor het eerst zag voelde hij er zich toe aangetrokken door een macht die hem later satanisch leek, en toen hij er levensmoe rondliep, wees hij mij in de tuin alles wat aan zijn ‘verblinde ogen’ was ontgaan: ...” Daarom woonde Ducroo dan ook voornamelijk in Brussel of in Parijs. Toen ook zijn moeder in 1933 stierf, kwam hij in financiële problemen. Dit kwam door de economische crisis van de jaren dertig en het onverkoopbare kasteeltje. Ducroo moest leven van de pen en was eerst journalist in Nederlands-Indië. Later, in Europa, was hij schrijver van: gedichten, verhalen, dagboeken, werken over Multatuli, ongeveer 5500 brieven en ook romans zoals Het land van herkomst. Maar in hoeverre past Het land van herkomst bij de literaire stromingen uit zijn tijd?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bij Het land van herkomst passen twee literaire stromingen, namelijk het modernisme en ‘liever vent dan vorm’. Bij het modernisme passen zes kenmerken, namelijk dat de modernistische auteur van een chaotische en ongrijpbare wereld een geheel wil maken, twijfelachtig is, individualist is, terughoudend is, observeert en analyseert. Het observeren en analyseren komt met name in het gedeelte over zijn jeugd in Nederlands-Indië voor, zoals: “Maar de Tjiletoeh was een machtig water, somber, hoewel aan weerkanten prachtig begroeid, stil, diep en breed.” Dat de schrijver erg terughoudend is wanneer het aankomt op het doorhakken van knopen of het ondernemen van concrete actie, komt hier bijvoorbeeld in voor: “Ik wil er mijn moed in stellen buiten dit alles te blijven zolang dit kan.” Verder is de modernistische auteur een individualist en geen partijganger. Dit betekent dat de schrijver geen kant of partij kiest maar neutraal is en dus ook geen politiek bedrijven moet. In het begin van het boek en in zijn leven denkt Ducroo dat hij ook politiek neutraal is, maar daar komt verandering in wanneer er straatgevechten in Parijs uitbreken tussen communisten, fascisten en de politie. Hierdoor ziet hij in dat niemand partijloos is en iedereen wel ergens een mening over heeft en daardoor ook politiek bedrijft: “Het schijnt dat mensen die niet aan politiek doen, in deze tijd eigenlijk niet bestaan, zeg ik.” Iedereen moet dus een keuze maken, of men dat wil of niet: “– Uitstekend, zegt de specialist in deze materie, maar partijloos is niemand: je bent dupe van een andere vuiligheid en een ander kompromis, als je jezelf in ernst voor partijloos houdt. – In ernst juist zou ik mij toch dààrvoor willen houden, maar volgens de politieke wijsheid heet ik dan een bourgeois. In duivelsnaam! men kan niet altijd sympathiek staan tegenover wat men nu eenmaal is.”
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit laatste zegt Ducroo tegen zichzelf en dat past ook bij het modernisme, want als lezer kijk je hier namelijk mee met de gedachte van de hoofdpersoon. Wat verder ook bij het modernisme past, is dat de wereld een chaotisch en ongrijpbaar geheel is, zoals bijvoorbeeld: “Frot is uit de duisternissen opgevist, maar ontdekt nu dat hij óók de ziel heeft van Bonaparte en gaat vandaag misschien een staatsgreep doen.” Zulk soort bijzondere gebeurtenissen zijn erg interessant, want hierdoor kan je zien wat er in het hoofd van de hoofdpersoon gebeurt en in het geval van Het land van herkomst in het hoofd van Ducroo zelf. Door deze chaotische tijd is de hoofdpersoon vaak een twijfelaar. Hij vraagt zich dan dus veel dingen af. Doordat hij geen partij wil kiezen is het eigenlijk onmogelijk om een keuze te maken en hij gaat daardoor twijfelen. Maar ook normale twijfel komt voor: “Dit is het nuchter verslag van gisteren; zelfs nu nog weet ik niet welke gevoelens eraan toe te voegen, aangezien alles bijna zonder gevoelens werd doorgemaakt.” 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Twijfel is iets wat bij een mens hoort. Zo kan de hoofdpersoon in Het land van herkomst twijfels hebben. Deze hoofdpersoon is, de ‘vent’, en is bij de literaire stroming ‘liever vent dan vorm’ belangrijker dan de ‘vorm’, dus hoe het geschreven is. Volgens Du Perron en Ter Braak, de twee grondleggers van de ‘liever vent dan vorm’ in de Nederlandse literatuur, moet de schrijver zich in zijn roman vooral een oorspronkelijke, onafhankelijke geest tonen. De manier waarop Het land van herkomst is geschreven, is erg persoonlijk en oorspronkelijk. Du Perron vertelt namelijk zijn hele levensverhaal erg uitgebreid en met zichzelf als hoofdpersoon. Du Perron heeft Het land van herkomst zo geschreven, dat je dus vanuit hem zijn hele leven beleeft en alle gevoelens en vragen die hij heeft ook ervaart. Deze manier van schrijven kom je niet vaak tegen en laat de onafhankelijke geest van Du Perron zien. Je leest op het einde dat hij in een innerlijke strijd terechtkomt en dat hij weet dat hij een onmogelijke keuze moet maken. Ducroo weet bijvoorbeeld niet hoe hij denken moet over de opstanden in Parijs waarbij vele doden vielen en of hij deze doden moest betreuren of juist moest toejuichen. “Hij ontwikkelt het idee, en ik vraag mij ondertussen af welke bril ik had moeten opzetten om het schouwspel van eergisteren als grandioos te zien.” De ‘vent’, dus de hoofpersoon, moet zich niet mee laten slepen door een collectieve beweging. Hiermee wordt bedoeld dat Ducroo niet een groep moet kiezen, zoals de communisten of de fascisten. Ducroo wilde hiertussen dan ook geen keuze maken of deze keuze zo lang mogelijk uitstellen: “Ik wil er mijn moed in stellen buiten dit alles te blijven zolang dit kan.” (blz. 430) Alleen kwam hij tot de conclusie dat iedereen bij een groep hoort: “Als ik mijn kollektiviteit zou moeten vinden, dan zou het die zijn van de intellektueel, van degenen die niet naar de politiek zijn overgelopen onder welk voorwendsel dan ook”. Ducroo vindt dus dat hij tot de niet politiek beïnvloede groep intellectuelen behoort en gaat hier dus tegen de ‘liever vent dan vorm opvattingen’ in. Dit onderbouwt hij met het volgende argument: “Ik heb mij nauwgezegd afgevraagd waarom ik politiek niet tot deze of gene partij behoor en ik vind 2 redenen: weigering van compromis, afschuw van de afstompende autoriteit.” Alleen is deze groep geen politieke stroming en daarom zegt ‘de specialist’: “Partijloos is niemand” en dus zal Du Perron een politieke beslissing moeten nemen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vraag of Het land van herkomst past bij de literaire stromingen uit zijn tijd is goed te beantwoorden. Alle modernistische kenmerken komen voor in het boek. Van de ‘liever vent dan vorm’-stroming komt de oorspronkelijke en onafhankelijke geest voor in de unieke manier waarop het geschreven is. Maar of de hoofdpersoon zich wel of niet laat meevoeren door collectieve bewegingen is discutabel. Ducroo laat zich niet meeslepen door een collectieve beweging, maar Du Perron komt erachter dat hij als schrijver een politieke keuze moet gaan maken, want “partijloos is niemand”.  
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            -      E. du Perron - leven en werk. (z.d.). Eduperron. Geraadpleegd op 16 februari 2022, van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://eduperron.nl/leven/index.php" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://eduperron.nl/leven/index.php
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            -      Lieratuurgeschienis. (z.d.). Het land van herkomst. Literatuurgeschiedenis. Geraadpleegd op 16 februari 2022, van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.literatuurgeschiedenis.org/teksten/het-land-van-herkomst" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.literatuurgeschiedenis.org/teksten/het-land-van-herkomst
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           -      Literatuurgeschiedenis. (z.d.). Modernisme in proza. Geraadpleegd op 16 februari 2022, van https://www.literatuurgeschiedenis.org/20e-eeuw/modernisme-in-proza
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           -      Wikipedia-bijdragers. (z.d.). E. du Perron. Wikipedia. Geraadpleegd op 16 februari 2022, van https://nl.wikipedia.org/wiki/E._du_Perron
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Land+van+herkomst.jpeg" length="28298" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 17 Feb 2022 18:05:13 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/partijloos-is-niemand</guid>
      <g-custom:tags type="string">E. du Perron,Land van herkomst,essays,Dario van den Brink,essays van leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Land+van+herkomst.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Land+van+herkomst.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een nieuwe vorm van lesgeven; over ‘Bint’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-nieuwe-vorm-van-lesgeven-over-bint</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een nieuwe vorm van lesgeven; over ‘Bint’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Bint' van Bordewijk door Elize, leering vwo 5 Baudartius College
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/bint.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           “- Men moet den cirkelgang durven gaan. Er is snelle verwildering. Men moet ver teruggrijpen en snel, naar het oude systeem van macht en van vrees. Dit oude is het nieuwste, het beste, het eenige. Ik eisch: een - stalen - tucht. Nu ga. De directeur, recht, snel, met lichten tred verdween waar de gang elboogde. De Bree ging rustig langzaam de acht gesleten treden af. Hij verwerkte, maar liet niets merken. Hij betrad de klas genaamd 4D. Hij voelde snel, want hij had fantasie. Hij voelde dit aan als een hel, als de hel. Hij betrad de hel.”
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Bint’ is geschreven door Ferdinand Bordewijk en verscheen voor het eerst in 1934. Bordewijk heeft meerdere boeken geschreven, waaronder ‘Blokken’ en ‘Knorrende beesten’, waarmee ‘Bint’ vaak samengebundeld wordt. In het verhaal komt De Bree, een leraar, terecht op een middelbare school. Daar heeft de directeur Bint een strenge vorm van les geven ingevoerd om zijn leerlingen klaar te stomen voor de maatschappij. De Bree vindt het een fantastisch systeem en gaat met veel plezier naar de school om daar les te geven. Er zijn vier klassen die bijnamen zijn gegeven op basis van het soort leerlingen dat erin zit. Er zijn de grauwen, zij zijn goedaardig en hebben niet echt een personaliteit, de bloemen hebben wisselende resultaten, de bruinen leren graag en als laatste is er nog de hel, die perfect in het systeem past. In de periode waarin het boek is geschreven, 1900 tot 1940, kwamen er veel nieuwe “literaire stromingen” op met dus ook nieuwe kenmerken. Welke van de kenmerken van deze periode zijn er terug te vinden in het boek ‘Bint’?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het futurisme kenmerkt zich door de verheerlijking van kracht en vaak is er ook agressie en mannelijkheid. Deze drie punten zijn zeker terug te vinden in het verhaal. De mannelijkheid is terug te zien, doordat Bint (en De Bree) van de jongens sterke mannen willen maken die goed zullen kunnen functioneren in de maatschappij van die tijd. De jongens en het enige meisje in klas 4D, de hel, worden aan het eind van het boek ook ‘reuzen’ genoemd, en dan niet vanwege hun lengte, maar hun gedrag en uitstraling. Bint wil ook dat mensen weer meer een eenheid gaan vormen. 4D doet dit heel erg en gedraagt zich dus ook erg agressief. Wanneer er een opstand onder de leerlingen plaatsvindt, gaat de hel hier uit eigen wil op af om het te stoppen. “Nadat Bint de bel had geluid had hij voor de hel dien uitgang geopend en weer gesloten. Twee minuten later zat de hel boven op het oproer. Het was van tevoren zeker wie zou overwinnen. De hel had éen wil. De overmacht der anderen was schijnbaar. De meesten hunner waren weifelaars.” De agressie die de klas hier vertoont, wordt als een goed ding afgebeeld, omdat het vechten juist de leraren helpt en het wordt ook helemaal niet bestraft. Het wordt dus op een bepaalde manier verheerlijkt: het laat zien dat geweld niet altijd slecht of verkeerd is. Later in het boek zien we echter de consequenties van deze verheerlijking terug: het systeem van Bint valt. De school loopt langzaam leeg en ook Bint zelf stopt als directeur. Hiermee wordt dus aangetoond dat geweld soms wel een handig iets is, maar in het algemeen toch juist weer een slecht iets veroorzaakt, zoals hier dus de school die ten einde komt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het surrealisme is er een droomachtig iets, wat ontstaan is uit de alledaagse werkelijkheid. Het zou dus niet echt kunnen, maar bevat wel kenmerken van de wereld/omgeving zoals wij deze kennen. De manier waarop surrealisme in ‘Bint’ afgebeeld wordt, is eigenlijk dat de situatie niet zou kunnen en daardoor droomachtig is, al dan niet een ‘leuke’ droom. Het droomachtige effect is bijvoorbeeld al terug te zien aan de bijnamen die de klassen krijgen, zoals de grauwen en de hel. De leerlingen in de hel worden ook op meerdere momenten beschreven als dieren of monster, waardoor dit ook echt het beeld opwekt van de Hel. “De gier vloog hoog de volière in. Hij tuurde weer op het plan. Toen ging zijn oog zoekend rond. Het rustte op een granietig wezen, klein, in een groote bank alleen, vooraan op zij. Zijn vinger wees onbeweeglijk:- Jij vraagt den directeur hier te komen. Het sfinxig wezen strompelde klein, traag uit de bank, en zwaar de trap op. Alles kwam er nu op aan of het Bint zou meebrengen. Achterin wisselden er twee nog snel van plaats. Hij zag het niet. De lichte tred van den directeur klonk in de gang, het kleine wezen zwaar er achter, en langzaam in de bank.” De Bree wordt in dit fragment een gier genoemd en ook wordt er naar een leerling verwezen als een ‘sfinxig’ wezen. Hierdoor krijg je de indruk dat De Bree niet voor een klas staat, maar in een daadwerkelijke Hel. Overigens bevindt het lokaal van klas 4D zich in de kelder met erg kleine raampjes, waardoor alleen de voeten van mensen gezien kunnen worden. Ook dit veroorzaakt weer een droomachtige
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De nieuwe zakelijkheid is te herkennen door erg korte zinnen en doordat alleen de informatie die nodig is voor het verhaal wordt medegedeeld. Een voorbeeld van dit soort zinnen in het boek is: “Ze zaten om de tafel. Bint zat voor. Zij zaten in den schemer, licht op hun handen, hun papieren. Bint zat ver van de Bree. Hij zat rietmager, kaarsrecht.” In dit soort boeken is dus niet te verwachten dat je allemaal extra achtergrondinformatie krijgt over personages, die niet nodig is voor het verhaal. Dit is erg terug te zien in ‘Bint’. Zo hebben de leerlingen in de klassen wel namen maar die worden zelden genoemd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het ventisme lijkt een afsplitsing te zijn van de nieuwe zakelijkheid, bij het ventisme zijn de personages en het verhaal belangrijker dan manier waarop het geschreven is. Zo kom je dus niet allemaal schrijfstijl experimenten tegen. Het is dus enigszins te vergelijken met de nieuwe zakelijkheid doordat het uit korte zinnen staat die niet ‘voor het mooi’ zijn geschreven, maar puur om het verhaal over te brengen. Dit is dus ook terug te zien in ‘Bint’, want het is qua schrijfstijl niet het allermooiste en focust zich meer op de inhoud van het verhaal.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Bint’ maakt zich dus kenmerkend voor de periode 1900 tot 1940, doordat de aspecten futurisme, surrealisme, nieuwe zakelijkheid en ventisme in het verhaal terug te vinden zijn. Het verhaal heeft een droomachtige ‘sluier’ en bevat ook agressie en mannelijkheid. Het verhaal is geschreven in korte zinnen en ook worden er niet allemaal stijlfiguren of andere manieren gebruikt om de tekst ‘mooier’ te maken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bordewijk, F. (1934). Bint. Grootdruk-Uitgeverij.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van den Berg-Geerlings, D., Hulzink, J., &amp;amp; Talma, T. (2021). Literatuurboek V5.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bint. (2001a, mei 7). Scholieren.com. Geraadpleegd op 2 februari 2022, van
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.scholieren.com/verslag/boekverslag-nederlands-bint-door-ferdinand-bordewijk-44089" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.scholieren.com/verslag/boekverslag-nederlands-bint-door-ferdinand-bordewijk-44089
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Bint. (2001b, oktober 29). Scholieren.com. Geraadpleegd op 2 februari 2022, van
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://www.scholieren.com/verslag/boekverslag-nederlands-bint-door-ferdinand-bordewijk-45829" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://www.scholieren.com/verslag/boekverslag-nederlands-bint-door-ferdinand-bordewijk-45829
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wikipedia-bijdragers. (2021, 27 juli). Bint (roman). Wikipedia. Geraadpleegd op 2 februari 2022, van
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="https://nl.wikipedia.org/wiki/Bint_(roman)" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           https://nl.wikipedia.org/wiki/Bint_(roman)
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/bint.jpeg" length="39054" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 15 Feb 2022 18:23:59 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-nieuwe-vorm-van-lesgeven-over-bint</guid>
      <g-custom:tags type="string">Bordewijk,Bint,Elize,essays,essays van leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/bint.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/bint.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Het kind gaat niet weg, we moeten hem roepen’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-kind-gaat-niet-weg-we-moeten-hem-roepen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Het kind gaat niet weg, we moeten hem roepen’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Zomer '80' van Marguerite Duras
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Zomer+-80.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat een geluk dat er nog steeds uitgeverijen en vertalers zijn die zich niet laten leiden door de waan van de dag, maar steeds opnieuw kiezen voor kleine meesterwerken, vaak uit het verleden, die zonder hen absoluut verloren zouden gaan, omdat lang niet elke lezer dagen doorbrengt in het antiquariaat. ‘Zomer ‘80’ van Marguerite Duras, vertaald door Kiki Coumans en stijlvol uitgegeven door uitgeverij Vleugels, is zo’n grote schat. Het is een bundeling van columns die zij schreef voor het Franse dagblad Libération, maar die de vluchtigheid van columns in alle toonaarden overstijgt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan het begin van de zomer vroeg Serge July aan Duras om een column voor Libération te schrijven. Hij had een column voor ogen die niet over politiek of actualiteit zou gaan, maar ‘over een soort actualiteit die daar parallel aan liep, over gebeurtenissen die me interesseerden, maar die nauwelijks aan bod kwamen in het gewone nieuws.’ Deze opdracht leidde, ik zou bijna zeggen, tot een muzikale compositie met een aantal grondtonen. Die grondtonen zijn: de regen en de zee, het meisje met het kind, politiek en een donkere kamer van waaruit ze schrijft. Tussen deze grondtonen meanderen zinnen en gedachten die steeds weer nieuwe verbindingen leggen tussen deze paar constanten, waardoor de essentie van de politiek, maar eigenlijk van het hele leven, komt bovendrijven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Heel mooi zie je dat in de tweede column die begint met een dichte, ondoordringbare nevel, zo groot als Europa, dan de aandacht richt op de Olympische Spelen van Moskou, die door diverse landen werden geboycot in verband met de Russische inval in Afghanistan, maar niet door Frankrijk. Dan volgt twee uur lang wat zonlicht tussen de storm en wind. Vervolgens noemt Duras de ontvoering van de Franse industrieel Maury-Laribière, en de ontvoering van Schleyer van een aantal jaren terug door de RAF, waarbij ze heel stellig beweert dat
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘politieke misdaden altijd fascistisch zijn, dat wanneer links doodt, het in dialoog is met het fascisme, en met absoluut niemand anders, dat het uit de weg ruimen van een leven een fascistisch spel is, net als duiven schieten, en dat dat zich tussen moordenaars onderling afspeelt. Ik zie dat om het even welke misdaad voortkomt uit de kenmerkende domheid van de wereld, de domheid van de macht, van het wapen, dat het grootste deel van de volkeren die domheid vreest en vereert als de macht zelf. Dat dat de ware schande is. Het zwijgende kind kijkt nog steeds om zich heen, naar de vloed, het lege strand. Zijn ogen zijn grijs als onweer, als steen, de zee, grijs als de immanente intelligentie van materie en van het leven.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Duras legt hiermee patronen bloot die allerlei actualiteiten verbinden met historische gebeurtenissen. Vervolgens spiegelt ze die patronen aan de onschuld van het zwijgende kind, het kind dat niet wil meezingen met de groep, het kind dat geen antwoorden weet op de vragen die hem gesteld worden, het kind dat niet weggaat, maar dat wij moeten roepen, het kind dat zich door het meisje laat meevoeren langs de wispelturige zee die het ene moment dreigt hen mee te sleuren en het andere moment kalm is en gevuld met witte zeilen en zon.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De teksten dringen diep in het hart van de lezer, de ‘u’ die Duras regelmatig aanspreekt, en die daardoor meegesleept wordt in de storm van overpeinzingen. Soms lijkt het of Duras een dialoog voert met deze ‘u’, terwijl ze vanuit haar donkere kamer de wereld beschouwt. Dat diepe doordringen komt ook door de haast bezwerende herhaling van sommige woorden. Zo noemt zij de Poolse stad Gdánsk, die in de jaren ’80 bekend werd door de oprichting van de vakbond Solidariteit, die zich tegen het communistische regime verzette. Duras herhaalt de naam van de stad voortdurend en verbindt die met zichzelf, met haar alter ego, Aurélia Steiner, maar ook met God, en met de lezer. Coumans brengt in het nawoord dit gebruik van de plaatsnaam in verband met het werk van de door Duras bewonderde Proust, die woorden op grond van hun klank een karakter toekende. Vergelijkbaar met het werk van Proust is overigens ook de veranderlijkheid van de personages gedurende het verhaal. Het meisje en de zwijgende jongen zijn eerst de leidster van het zomerkamp en een buitenbeentje, maar lijken daarna een bijzonder intieme verhouding te hebben en een paar columns verder zelfs broer en zus te zijn, waardoor hun verhouding iets incestueus krijgt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Terwijl columns meestal vluchtig zijn en meedeinen op de waan van de dag, zijn deze van Duras tijdloos door de diepe verbindingen die zij legt tussen gebeurtenissen, de zee, de bron waaruit alles ontstaan is, en de mens. Terwijl de meeste columns als los zand de dagbladen bevolken, vormen die van Duras een wonderlijke eenheid door de grondtonen. Haar laatste column is dan ook een aangrijpende finale waarin niet alleen het kind naar de bus loopt die weldra zal vertrekken, het lichaam van het meisje door de golven zal verdwijnen van het strand, maar waarin ook de gedachtestroom van Duras langzaamaan dooft en alleen de regen waarmee alles begon, achterblijft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Marguerite Duras – Zomer ’80. Vertaald door Kiki Coumans. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 72 blz. €23,95
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Zomer+-80.png" length="12740" type="image/png" />
      <pubDate>Sun, 13 Feb 2022 14:14:30 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-kind-gaat-niet-weg-we-moeten-hem-roepen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Zomer '80,essays,Marguerite Duras,Uitgeverij Vleugels</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Zomer+-80.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Zomer+-80.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Mariken van Nieumeghen typisch middeleeuwse literatuur</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/mariken-van-nieumeghen-typisch-middeleeuwse-literatuur</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Mariken van Nieumeghen’ typisch middeleeuwse literatuur? 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Mariken van Nieumeghen' door leerling uit de vierde klas vwo van het Baudartius College
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mariken.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de middeleeuwse literatuur werden vaak verhalen geschreven over personages die een voorbeeldig leven leiden maar ook verhalen waarin de duivel voorkwam waren geen uitzondering. Dit werden exempelen genoemd. Middeleeuwse verhalen leerden de lezers graag een lesje hoe voorbeeldig te leven en daardoor niet in de hel terecht te komen. Een voorbeeld van een middeleeuws exempel, waarvan de auteur niet bekend is, is het verhaal over ‘Mariken van Nieumeghen’. Het verhaal van Mariken speelt zich af in de Middeleeuwen in de stad Nijmegen en gaat over een jong meisje dat op een dag boodschappen gaat doen in Nijmegen en daar de duivel tegen het lijf loopt. Ze woont zeven jaren in liefde met hem samen maar krijgt spijt en doet boete. Ze verblijft lange tijd in een klooster met ijzeren ringen rondom haar hals en polsen. De ringen vallen af en daarmee zijn haar zonden vergeven. Is het verhaal van ‘Mariken van Nieumeghen’ typisch middeleeuwse literatuur?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Allereerst zijn verhalen over zonde, verleiding en vergeving thema’s die vaak voorkomen in de middeleeuwse literatuur. Dit werd een exempel genoemd, bedoeld
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           om een les te leren aan de mensen. Middeleeuwse exempelen zijn korte verhalen over goed en kwaad. Mensen kunnen toegeven aan de verleiding van de duivel of zich tot Maria of Jezus wenden. In de Middeleeuwen wilden mensen graag de hemel bereiken. Er werden verhalen verteld over heiligen die een voorbeeldig leven hadden geleid, zodat mensen geleerd werd hoe ze zelf moesten leven. In exempelen werd ook beschreven dat hoe slecht jeook nog geleefd had je door boete te doen altijd vergeven kon
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           worden. Er werd geloofd dat als je zonden niet vergeven waren door God je naar de hel zou gaan. Ook verhalen waarin de duivel voorkwam, zorgden voor angst in de Middeleeuwen. Mensen in de Middeleeuwen waren bang dat als je in zonde zou leven, de duivel je zou komen verleiden net als in het verhaal van ‘Mariken van Nieumeghen’. In het verhaal van ‘Mariken van Nieumeghen’ kan Mariken de verleiding van de duivel Moenen niet
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           weerstaan:“Ik voel me niet meer zo verschrikkelijk en heel inschikkelijk doe ik jouw wil”. Ze gaat zeven jaren met hem samenleven in Antwerpen Ze leeft al die jaren in zonde met hem. Ze krijgt berouw. Dit blijkt uit het fragment: “och, och, ik krijg zo’n berouw van mijn daden”. Door het dragen van drie ijzeren ringen, een van de ringen om haar hals en twee ringen om haar handen, kon Mariken uiteindelijk na vele jaren van haar zonden worden vergeven: “Ze zal ze dragen, deze ringen, zoveel dagen tot ze versleten zijn of het begeven. Dan pas worden de zonden vergeven: mét die banden zal ze haar zonden kwijt zijn”. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Daarnaast werd in de middeleeuwse literatuur veel gebruik gemaakt van symboliek. Deze symboliek kwam vaak terug in bijvoorbeeld kleuren, getallen of dieren. Een voorbeeld van een kleurensymboliek is de kleur wit die stond voor zuiverheid. Ook in getallen kwam de symboliek terug. Het getal 3 en 7 zijn voorbeelden van heilige getallen. Het getal 3 staat voor volmaaktheid en het getal 7 naar de 7 vette en de 7 magere jaren uit de bijbel. De symboliek van getallen is ook goed terug te zien in ‘Mariken van Nieumeghen’. Mariken woont 7 jaar lang samen met de duivel in Antwerpen. Een ander voorbeeld van de symboliek  is dat de duivel Mariken 7 vrije kunsten wil leren:  “Mooi gezegd, maar onthou daarbij voordat wij tweeën in liefde verkeren, moet jij me de wetenschappen leren, alle zeven”.  Ook het getal 3 komt veel voor in het verhaal. Zo krijgt Mariken 3 ringen om. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Een ander belangrijk kenmerk van de middeleeuwse literatuur was dat er veel in dichtvorm werd geschreven. De taal uit de periode 1200-1500 werd Middelnederlands genoemd. Er bestond nog geen standaardtaal maar taal bestond voornamelijk uit dialecten. Dit had o.a. te maken met de aparte staten die er waren. Middelnederlands is een verzamelterm van de verschillende dialecten. Tegen het einde van de Middeleeuwen spelen rederijkerskamers een belangrijke rol in de literatuur. Rederijkers hielden zich bezig met literatuur in dichtvorm. Er werden verenigingen opgericht van mensen die van literatuur hielden; rederijkerskamers. Een van de redenen dat in de Middeleeuwen teksten in dichtvorm werden geschreven was omdat teksten vooral voorgedagen werden. Er waren niet veel mensen die in die tijd die konden lezen en schrijven. Door de dichtvorm was de tekst makkelijker te onthouden. Het voordragen gebeurde vaak door voordrachtkunstenaars. ‘Mariken van Nieumeghen’ is een voorbeeld van een rederijkersstuk uit de late Middeleeuwen geheel geschreven in dichtvorm. Uit het fragment “O bedructe, nu is u lijden naest. Ic blijve staende wel so beraest” blijkt dit. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Door de verschillende kenmerken kan het verhaal van ‘Mariken van Nieumeghen’ overduidelijk als een typisch voorbeeld van middeleeuwse literatuur worden gezien. De zonde die Mariken begaat door met de duivel samen te leven en uiteindelijk de vergeving voor deze zonde is typisch voor de middeleeuwse
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           literatuur. Hoe slecht je leven ook was geweest, door boete te doen, konden je zonden worden vergeven. De symboliek van de getallen 3 en 7 die door het hele stuk terugkomt bevestigt dat het stuk in de Middeleeuwen is geschreven. Tenslotte wordt dit bevestigd door de dichtvorm waarin ‘Mariken van Nieumeghen’ is geschreven. Kortom, ‘Mariken van Nieumeghen’ is een typisch voorbeeld van middeleeuwse literatuur. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronvermelding 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Knippenberg, T. 1998. Literaire klassieken Mariken van Nieumeghen. Nederlands: Bulkboek. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Syllabus literatuur Nederlands
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           4 vwo 2021-2022 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="http://www.literatuurgeschiedenis.org/teksten/mariken-van-nieumeghen" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           www.literatuurgeschiedenis.org/teksten/mariken-van-nieumeghen
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;a href="http://www.dbnl.org/tekst/dela012alge01_01/dela012alge01_01_02533.php" target="_blank"&gt;&#xD;
      
           www.dbnl.org/tekst/dela012alge01_01/dela012alge01_01_02533.php
          &#xD;
    &lt;/a&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mariken.jpeg" length="325746" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 13 Feb 2022 09:29:54 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/mariken-van-nieumeghen-typisch-middeleeuwse-literatuur</guid>
      <g-custom:tags type="string">Middeleeuwen,essays,essays leerlingen,essays van leerlingen,mariken van nieumeghen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mariken.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mariken.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Blijf dan ridderen in mijn hoofd, liefste’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/blijf-dan-ridderen-in-mijn-hoofd-liefste</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Blijf dan ridderen in mijn hoofd, liefste’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Mijn vriend herinnering' van Daan Cartens
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/mijn+vriend+herinnering.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Voordat je de wereld verlaat, sta dan op en verlaat nog eenmaal het bed, ga van kamer tot kamer en werp je blik in elke kamer op de deuren en ramen, de tafels en hoeken, de kalk op de muren en ga dan weer liggen. Jouw plek zal blijven.’ Dit is, in vrije vertaling uit het Duits, het motto van Joachim Sartorius, waarmee de bundel ‘Mijn vriend herinnering’ van Daan Cartens begint. Het is de stap vóór het verdwijnen, die uitgerekt wordt, die maakt dat je blijft. Het proces van herinneren heeft baat bij herhaling. Het wonderlijke in het motto is echter dat niet degene die de herinnering koestert, nog eenmaal door het huis gaat, maar degene die straks herinnerd zal worden, alsof je bij het heengaan de herinnering voor de ander alvast kunt vastleggen, door heel nadrukkelijk nog even alles langs te gaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De eerste afdeling van de bundel heeft dezelfde titel als de hele bundel en bevat achttien gedichten die stuk voor stuk de grenzen van de herinnering aan de overleden geliefde aftasten. Doof voor de woorden van anderen, luistert hij alleen nog naar de stem van de herinnering die hem elke nacht aanroept. Er komen veel stenen in de bundel langs: ‘Bij stenen leef ik, allerwegen / het pad des doods’. De ondoordringbaarheid van de steen, waaronder de geliefde ligt, de hardheid ervan, staat in contrast met de herinnering die nog leeft, die hart heeft en stem: ‘Bij de liefste blijven hart en / gebeente en stemmen, altijd / stemmen rondom je steen’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Achterblijven is een voortdurende slingerbeweging tussen het verlangen de dode geliefde zo dicht mogelijk te naderen, én te kiezen voor het leven, oftewel tussen de schuif van een schop in de aarde, of de bloei en bloesem:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat ik, zoals jij, dood
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en begraven, diep gekelderd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ben, het zal me behagen,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           want dichter bij jou, maar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hoe diep is dit naderen,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de schuif van een schop, van
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           aarde voor bloei en bloesem,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het zachte van stemmen, je stem –
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In die worsteling is er troost te vinden bij lotgenoten, zelfs uit het verre verleden, zoals de auteur van het Egidiuslied, in ‘Jij die de zomer koos / om mij het leven te laten’, maar misschien zelfs de mystica Hadewijch, die met haar beroemde Natureingang in diverse gedichten haar ellendige situatie spiegelde aan de natuur. In eenzaamheid verlangde zij naar eenwording met de onbereikbare. Ook in Cartens’ poëzie is de kou uit de winter voelbaar in het dode lichaam van de geliefde, want als ‘de winter is gekomen / ben jij van koude grond / en keldergruis, van bloedarme / verstijving.’ Wat kan de ik hier anders tegenoverstellen dan de geliefde bedekken ‘met veren van het dunste schrift’? Het verdriet van de ik ligt verankerd in het diepste lijden dat in het christendom gesymboliseerd wordt door het kruis op Golgotha: hij wil de steen wegrollen, maar ‘niet op Stille Zaterdagen’, hij wil de rots splijten, en ‘de blik zet zich vast op de muren van dit Golgotha.’ De poëzie schrijnt en ontroert in elke regel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Cartens poëzie is muzikaal. In ‘Mantra’ zorgt de herhaling van ‘lumen de lumine’ voor een meeslepende cadans, waarin het verlangen naar het licht voelbaar is, alsof de dichter de dood aan het bezweren is en ritmisch zijn geliefde nadert. Ook ‘Dansante’ is een sterk ritmisch gedicht waarin onwankelbare vrouwen in het zwart achter de baar gaan. Als de dichter met de beelden en het ritme niet al overrompelt, dan wel met woorden als kazuifel, hartwindsel, keldergruis, nachtasiel, dodentred, en pauwenkussens.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Na de eerste afdeling volgen nog vier kleinere: ‘Radslag tijd’, ‘Ach Berlijn’, ‘Tijdgenoten’ en ‘Envoi’. ‘Radslag tijd’ begint en eindigt met een dialoog, die de ervaring van een déjà vu oproept. Soms kun je een gesprek voeren dat lijkt op een gesprek dat je eerder hebt gevoerd. Je weet misschien niet meer met wie, en waar. De tijd heeft een radslag gemaakt. In ‘Ach Berlijn’ komen diverse Berlijnse plekken langs, zoals de dierentuin, het Holocaust Monument en de Muur.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel staat vol juwelen van regels, die je vast zou willen houden, en die daarom uitnodigen de bundel te herlezen: ‘de hand maar zoeken blijft / naar pen, brillen en hart - / de tikkende specht elk uur / in wikkende stilte hapert.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het mooist blijft de eerste afdeling, waarin de slingerbeweging tussen verlangen en berusten het ene moment hoogdravend, het andere moment eenvoudig ontroert in ritme en klank:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je –
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als je er dan toch niet meer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           bent, blijf dan ridderen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in mijn hoofd, liefste,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het dagelijks gekletter te lijf,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat is je toevertrouwd, als je,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als je er dan toch weer bent,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           neem mee wat me bevreemdt,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           spuugsel waar ik omheen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           moet stappen, houten afbraak,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gebroken deernis. En, als je
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           toch bezig bent, ruim het pad,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de tuin, de kamers leeg, veeg
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           wat hondenhaar van treden,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar laat ons, laat ons hart
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           onverlet.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daan Cartens – Mijn vriend herinnering. Uitgeverij Kievenaar, Heveadorp. 64 blz. €18,00
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/mijn+vriend+herinnering.jpeg" length="133794" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 13 Feb 2022 09:16:07 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/blijf-dan-ridderen-in-mijn-hoofd-liefste</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Daan Cartens,Mijn vriend herinnering</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/mijn+vriend+herinnering.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/mijn+vriend+herinnering.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'trek je naaktheid aan'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/trek-je-naaktheid-aan</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'trek je naaktheid aan'
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'oneindige zin' van Rozalie Hirs
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/oneindige+zin.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      
           Op de eerste bladzijde van de nieuwe dichtbundel ‘oneindige zin’ van Rozalie Hirs krijg je een bijzondere uitnodiging:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           open je ogen in staat van onschuld trek je naaktheid aan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gewaar van het eigen twijfelen niet zomaar opgeheven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarmee beschrijft de dichteres exact hoe je je kunt openstellen voor een nieuwe bundel: je activeert je onbevangenheid, ook al ben je je bewust van je eigen twijfel en kun je die niet zomaar naast je neerleggen, want helemaal onbevangen kun je nooit zijn. Ondertussen blijf je al lezend de toekomst ontvangen, want steeds meer woorden met daarbij behorende indrukken en associaties komen binnen in je brein. Hirs’ bundel omvat een oneindige zin, die begint met deze bijzondere uitnodiging en inderdaad niet meer eindigt, omdat de laatste woorden ‘kom dan! kom nog eens!’ een roep om herhaling is, die de cirkel rond maakt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hirs’ oneindige zin raakt de muziek, niet alleen door de klankrijkheid ervan, maar ook doordat de woorden op een ander niveau lijken binnen te dringen. De woorden vormen samen namelijk geen werkelijkheid die eenvoudig door de lezer te reconstrueren is tot een vaststaand beeld, maar zij vormen een voortdurende stroom van brokjes zin en beelden die stuk voor stuk meerdere betekenissen oproepen, waardoor de lezer net als degene die naar muziek luistert, geen tijd krijgt om ze in één keer tot een geheel te vormen. De lezer valt ten prooi aan kleine aanslagen van taal, en kan niet anders dan zichzelf en zijn eigen geschiedenis en associaties meenemen in dit proces. Wonderlijk genoeg lijken de volgende regels deze verstrengeling van schrijven en lezen ook te beschrijven:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           of jij nog bent zolang het duurt uit alle macht openlijk
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tekens de ruimte instuurt een eigenaardige stilte vervluchtigt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ondoorgrondelijk zich vervlecht met een mensenleven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dichterbije voortgang al ieder streven ook dat van jouw woord-
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en scheppingsdrang een engel ons voortbrengt dan schept
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het zichzelf gewoon onbewust geworden voorzien op ieder ogenblik
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           engelachtig dus als de dood zijn dagelijks vergeten gebaren
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           nauwelijks verwerkte indrukken door voelen denken heen laat gaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           verspilde woorden ook onleesbare die je vormt liefkoost
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zo goed als het gaat met zachte stem in ieder detail terugleidt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           tot vormeloosheid om te overpeinzen dan scheppend opheft
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           juist doordrongen van een niet-zijn verloren in het onredbare
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zowel de muziek als de poëzie zijn opeenvolgingen van klank en stilte, die vervluchtigen. Daarmee spiegelen zij ook het zijn en het niet-zijn, het leven en de dood. Terwijl de dichter de klanken en tekens de ruimte in slingert, vangt de lezer ze op, denkt erover na, maar terwijl hij denkt, dienen nieuwe tekens zich aan, en glippen de oude door de vingers, of blijven nog naklinken. Niet alle woorden zijn te redden en daarmee heft de dichteres tegelijkertijd met het dichten haar eigen schepping op. Het is duidelijk dat Hirs behalve dichteres ook componist is, en beide ook in haar poëzie. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel bevat een drietal zwarte bladzijden met witte letters die als verrassing opdoemen uit de meerderheid van witte bladzijden met zwarte letters. Ook daaraan kun je een betekenis koppelen: de cyclus van dag en nacht die eindeloos doorgaat, net als de dood die op het leven volgt en andersom. Bij het eerste en bij het laatste gedicht is een binding met rood garen zichtbaar tussen de bladzijden, waardoor begin en einde ook letterlijk met het garen verbonden zijn tot oneindigheid. Rood is de kleur van het bloed, van de liefde en het leven. Er zijn verschillende afdelingen, zoals ‘taxonomieën’, waarin diverse jaartallen uit verleden, maar ook de toekomst, de titels verrijken. Is deze afdeling een poging tot rubricering van de werkelijkheid? Al gauw wordt duidelijk dat die zich niet laat vatten in afgebakende categorieën: ‘droom je van vaste grond in de grote rivier waar acht eilanden / een bergstad beschermen geboren redders de weg wijzen / naar diep water stromen met veelvuldige vissen’. Ook de titel van de afdeling ‘de magie van een mogelijk heden’ is veelzeggend, omdat er in taal eindeloos veel mogelijkheden zijn, maar al die mogelijke taalbouwsels steeds opnieuw een ‘mogelijk heden’ vormen: het moment van schrijven, het moment van lezen, het moment van luisteren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo is de oneindige zin van Rozalie Hirs verbonden met het oneindige zijn, dat zelfs na onze dood door blijft stromen. Hirs vangt stukjes van deze stroom in haar poëzie en laat daarmee de hartenklop van de taal horen en voelen, roept de lezer voortdurend op tot het medescheppen van een denkbeeldige wereld waarin dichter en lezer voor even samenvallen in taal.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Rozalie Hirs – oneindige zin. Querido, Amsterdam. 88 blz. €16,99
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/oneindige+zin.jpeg" length="76503" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 31 Jan 2022 17:43:02 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/trek-je-naaktheid-aan</guid>
      <g-custom:tags type="string">oneindige zin,Rozalie Hirs,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/oneindige+zin.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/oneindige+zin.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Zoals een plant die pas in de buitenlucht is gezet’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/zoals-een-plant-die-pas-in-de-buitenlucht-is-gezet</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Zoals een plant die pas in de buitenlucht is gezet’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Je eigen kamer' van Virginia Woolf
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Je+eigen+kamer.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is goed dat het inmiddels klassiek geworden essay ‘A Room of One’s Own’ van Virginia Woolf uit 1928 steeds opnieuw wordt uitgegeven. De tekst is niet alleen beroemd geworden vanwege het schrijfplezier dat van de bladzijden spat, maar vooral ook om de vlijmscherpe kritiek en ironie waarmee Woolf de arrogant-patriarchale maatschappij uit haar tijd neerzet. Hoewel het essay al bijna een eeuw oud is, is het in velerlei opzicht nog steeds actueel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Stel dat Shakespeare een zeer getalenteerde zus had gehad, zegt Woolf, zou zij dan net zulke stukken als haar broer hebben kunnen schrijven? Judith, zoals Woolf de denkbeeldige zus noemt, zou niet naar school zijn gestuurd, geen kans gehad hebben om grammatica en logica te leren. Als ze toch heimelijk stukken had willen schrijven, zou haar vader in plaats daarvan haar sokken hebben gebracht om te stoppen. Als ze actrice had willen worden, zou de directeur van het theater haar hebben uitgelachen, want een vrouw kon niet acteren. Er zijn vrouwen geweest, zoals George Eliot en George Sand, die hun werk uitgaven onder een mannennaam, maar daarmee ‘eerden ze de conventie die, indien ze hen al niet was ingeprent door de andere sekse, er zeker uitgesproken door werd aangemoedigd (‘De hoogste eer voor een vrouw is niet genoemd te worden,’ zei Pericles, zelf een vaak genoemde man), namelijk dat bekendheid voor vrouwen verachtelijk is. Anonimiteit zit hun in het bloed. Het verlangen zich te verhullen beheerst hen nog altijd. Zelfs nu nog zijn ze niet even bezorgd om hun reputatie als mannen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er zijn volgens Woolf twee belangrijke voorwaarden voor een vrouw om in alle rust te kunnen schrijven: je moet een kamer voor jezelf hebben en je moet 500 pond per jaar kunnen verdienen, zodat je financieel onafhankelijk bent. Overigens vind ik ‘Je eigen kamer’ als titel niet zo’n mooie vertaling. Het klinkt wat afgemeten en bijna als een straf. Mijn voorkeur gaat uit naar eerdere vertalingen zoals ‘Een kamer voor jezelf’, waarin meer de beslotenheid en geborgenheid doorklinkt. In plaats van op een eigen kamer moesten vrouwen in ruimtes schrijven waar iedereen in en uit liep, hun werk voortdurend onderbreken en verstoppen om niet betrapt te worden. Zonder erfenis kregen ze ook niet de gelegenheid om financieel onafhankelijk te worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De grootste waarde van het essay zit wat mij betreft niet eens zozeer in Woolfs felle kritiek op de arrogantie van de andere sekse, maar juist daar waar zij haar aandacht richt op de kracht en waarde van het werk van veel vrouwelijke auteurs. Omdat vrouwen veelal thuisbleven, ontwikkelden zij een fijngevoeligheid en opmerkingsgave die tot schitterend proza heeft geleid:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Die gevoeligheid reageerde op elke nauwelijks merkbare aanraking. Ze deed zich tegoed aan elk tafereel en aan elk geluid dat ze waarnam, zoals een plant die pas in de buitenlucht is gezet. Ze bewoog zich ook, heel subtiel en nieuwsgierig, tussen zo goed als onbekende en onbeschreven dingen; ze wierp haar licht op kleine dingen en toonde aan dat die, alles welbeschouwd, misschien toch niet zo klein waren. Ze haalde begraven dingen weer naar boven en deed je afvragen waarom die ooit zo nodig begraven moesten worden.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Precies dát is ook de kracht van Woolfs eigen werk: de aandacht voor het terloopse, voor de eindeloze stroom subtiele veranderingen in de wereld om haar heen, in plaats van grootse avonturen waar tot dan toe de literatuur door werd beheerst. De aandacht voor ‘grote’ gebeurtenissen verschoof naar subtielere observaties, de diepgang van het kleine en dichtbije. Daarmee was Woolf niet alleen een voorbeeld voor vele vrouwelijke auteurs, maar ook voor diverse mannelijke. Terwijl op de achtergrond bisschoppen, patriarchen en pedagogen in koor riepen dat ze zo niet mocht schrijven, bleef ze trouw aan zichzelf: ‘ze schreef als een vrouw, maar als een vrouw die vergeten is dat ze een vrouw is, zodat haar bladzijden gevuld waren met die vreemde, door de sekse gekleurde inhoud die pas ontstaat als de sekse zich niet van zichzelf bewust is.’ Juist op de plek waar de noodzaak tot schrijven is, ongeacht tot welke bevolkingsgroep, tot welke sekse de auteur ook behoort, wordt immers voortreffelijke literatuur geschreven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Pas als je vrij bent van alle conventies, van alle keurslijven waarin anderen je gevangenhouden, pas als je niet continu geldzorgen hebt, maar wel een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor gezin en inkomen, is er ruimte voor creativiteit, diepzinnige gedachten en spitsvondige observaties. Woolf sluit af met de waarde van de denkbeeldige Judith voor de literatuur:  
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Nu is het mijn overtuiging dat deze dichteres, die nooit een letter op papier heeft gezet en bij dat kruispunt begraven ligt, nog leeft. Ze leeft in jullie en in mij, en in veel vrouwen die niet hier zijn vanavond omdat ze bezig zijn met de afwas en met de kinderen in bed te stoppen. Maar ze leeft nog, want grote dichters sterven niet; ze zijn blijvend aanwezig; ze moeten alleen de kans krijgen om in levenden lijve tussen ons rond te lopen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Virginia Woolf – Je eigen kamer. Vertaling Ivo Verheyen. Davidsfonds, Antwerpen. 144 blz. €17,50
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Je+eigen+kamer.jpeg" length="75354" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 28 Jan 2022 09:18:31 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/zoals-een-plant-die-pas-in-de-buitenlucht-is-gezet</guid>
      <g-custom:tags type="string">Virginia Woolf,Room of One's Own,essays,Je eigen kamer</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Je+eigen+kamer.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Je+eigen+kamer.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Je woelt in ons aardlagen open’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/je-woelt-in-ons-aardlagen-open</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Je woelt in ons aardlagen open’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De landsheer van de Lethe' van Paul Demets
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Landsheer+van+de+Lethe.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gedurende zeven getijden spiegelt Paul Demets in zijn dichtbundel ‘De landsheer van de Lethe’ zichzelf en de lezer in het water en in het symbolistische werk van de Oostendse kunstenaar Léon Spilliaert (1881-1946). En wat zie je als je in de spiegel kijkt? Je ziet ‘een mens gevangen in een lichaamsholte’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Achter in de bundel geeft de auteur informatie over het ontstaan van de bundel en die is indrukwekkend. Al in 1997 werd het manuscript van deze bundel bekroond met de Lode Baekelmansprijs, maar de dichter wilde de bundel nog niet publiceren, omdat deze enkele gedichten bevatte over de kritieke gezondheidstoestand van zijn dochtertje, vlak na haar geboorte in 1995. Hij heeft gewacht tot zij als volwassene toestemming kon geven voor publicatie. Daarnaast legt Demets uit wat het werk van Spilliaert (met name zijn zelfportretten) voor hem betekent: het vervreemdt en ontwricht. Via het werk van deze kunstenaar kijkt de dichter naar zichzelf. Ook het werk van Julia Kristeva, van wie diverse motto’s in de bundel zijn opgenomen, is voor hem van belang. Kristeva zegt dat de elementen van ons lichaam die ons met afschuw vervullen – die noemt zij ‘dode materialiteit’ – onlosmakelijk verbonden zijn met het leven en met hoe ons lichaam functioneert. Deze uitspraak kreeg voor Demets een diepere betekenis in de onzekere periode na de geboorte van zijn dochter.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Krenking van het lichaam is misschien wel het sterkst te voelen waar het ons kind betreft, dat ons het dierbaarste van alles is. Behalve in de poëzie van Enquist heb ik niet eerder zo mooi verwoord gezien hoe machteloos en ontwricht de ouder is als hij zijn kind moet overleveren, ‘blootstellen’, bij Enquist aan de onderwereld, bij Demets aan de operatiekamer:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De adem wordt ons benomen, zolang de operatie
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           duurt. Zonder jou duiken we onder. We dreigen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van elkaar weg te zwemmen en worden schimmen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in troebel water. Intussen word je blootgesteld.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           We duiken zo snel dat de kleuren vervagen,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           je lichaampje, je huid. We drijven achterwaarts
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in de tijd, tasten zonder zoeklicht. We gebruiken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           handsignalen, verliezen elkaar uit het zicht.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dan duiken we op, komen weer bij zinnen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De intercom vult de wachtzaal als een verlossing.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wanneer we jou te zien krijgen, verkoeveren we
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           in de kamer, geef je ons onze adem terug.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In alle getijden – overigens met prachtige namen zoals ‘wantij’, ‘springtij’, doodtij’, ‘vloedstroom’ – ligt de identiteit van de mens niet vast: ‘Er is een gat waarin ik dagelijks verdwijn, / een holte die mij dagelijks baart.’ In het ene gedicht valt de ik samen met het zand, in een ander met de zee, of de ik stolt tot glas, wenst een teil te zijn: ‘gesmolten glas op metaal, / een zwerfkei in het maanlicht, in zijn vorm / uit de hitte getild.’ Onder de gedichten staan de titels van de schilderijen van Spilliaert waarin de dichter zich gespiegeld heeft. De poëzie nodigt uit deze schilderijen te gaan opzoeken en bekijken. Hetzelfde geldt voor de filosofische uitspraken van Kristeva. Alle gedichten laten zien hoe de identiteit van de mens steeds weer van vorm verandert door talloze factoren: licht, ruimte, tijd, waarneming, verlangens, verdriet, kunst, materialen, de ander, en nog veel meer. Heel treffend laat Demets dat zien met het beeld van een echo waarop het kind niet te bereiken is: ‘Je stolt / en wordt weer vloeibaar: een hartenklop. / Je hoofdje en je lijf pasten daarnet nog / in een holte, in onze droom’. Het is mooi om te zien hoe verschillende kunstenaars de dichter hebben bewogen en hoe de dichter dat op zijn beurt ook weer doet bij de lezer, want Demets poëzie ráákt, hoe dan ook.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wie is de ‘Landsheer van de Lethe’? Is dat de mens die langs de rand van de rivier van de onderwereld dwaalt, waarin hij niet alleen de sterfelijkheid van zijn dierbaren ziet weerspiegeld, maar ook die van hemzelf? Of is de mens juist overgeleverd aan deze landsheer, die bepaalt wie meegevoerd zal worden en wie achterblijft? Het land is vaste grond, in tegenstelling tot het vloeibare water, maar uit Demets poëzie blijkt dat ook op het land de mens geen vaste vorm heeft, samenvloeit met ruimtes en voorwerpen om hem heen. Op de voorkant van de bundel prijkt ‘Marine met kielzog’, een prachtig werk van Spilliaert uit 1902, waarin kleuren in elkaar overvloeien, maar toch een spoor zichtbaar is, waarin je je zou kunnen spiegelen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Demets poëzie zet aan tot zelfreflectie, door de ernst en noodzaak, die overal voelbaar is, maar toont ook de liefde voor de taal waarin de ik in elk geval gedurende de zeven getijden geborgen is. Zijn poëzie spiegelt onverschrokken onze kwetsbaarheid, vergankelijkheid en ‘woelt in ons aardlagen open, raakt zoek in de vegetatie in ons hoofd.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Paul Demets – De landsheer van de Lethe. Poëziecentrum, Gent. 80 blz. €20,00
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Landsheer+van+de+Lethe.jpeg" length="56743" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 16 Jan 2022 15:00:20 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/je-woelt-in-ons-aardlagen-open</guid>
      <g-custom:tags type="string">Paul Demets,essays,De landsheer van de Lethe</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Landsheer+van+de+Lethe.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Landsheer+van+de+Lethe.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Het mysterie dat leven heet’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-mysterie-dat-leven-heet</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           'Het mysterie dat leven heet’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Herinneringen van een zeemeermin' van Ineke Riem
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/herinneringen+van+een+zeemeermin.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alleen al voor het ontroerende verhaal ‘Grote roze vogel’ is de uitgave ‘Herinneringen van een zeemeermin’ van Ineke Riem als een van de literaire juweeltjes (een reeks uitgaven om bepaalde auteurs wat meer voor het voetlicht te brengen) een heus ‘kroonjuweel’. Openhartig, luchtig, speels, maar bovenal aangrijpend beschrijft zij hoe ze afscheid moet nemen van haar zieke moeder. Het verhaal is autobiografisch, maar tegelijkertijd een ode aan de verbeeldingskracht. En dat laatste is precies wat het werk van Ineke Riem zo aantrekkelijk maakt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze uitgave bevat vier verhalen, waarvan ‘Grote roze vogel’ eerder in Het Parool is verschenen, en ‘Voorbereidende aardrijkskunde’ in de verhalenbundel ‘Onderwaterverhalen’. De twee andere verhalen, ‘Tesselschade’ en ‘De leugens van Hans Christian Andersen’ schreef zij speciaal voor deze uitgave. ‘Tesselschade’ gaat over een bijzondere ontmoeting van een pubermeisje dat op haar longboard over de golven peddelt, met een walvis:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Hij draaide zich om en mijn hand gleed langs zijn keelgroeven en buik. Ik was zo dichtbij dat ik de littekens op zijn onderlichaam zag. Was dit echt? Toen schoof uit een gleuf een soort slurf naar buiten. Voor ik het wist raakte ik zijn witte pik aan. Opeens hitte in mijn kruis, overal spanning. Mijn tepels prikten tegen mijn wetsuit. Snel trok ik mijn hand terug. Gadver! Ik zwom meteen naar boven, zag de duinen in de verte, nog maar kleine zandhoopjes.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In ‘De leugens van Hans Christian Andersen’ kijkt een zeemeermin kritisch naar het sprookje van Andersen en wijst hem hier en daar terecht. Soms lijken de verhalen van Riem zelf wel op sprookjes, omdat er wonderlijke gebeurtenissen plaatsvinden, zoals de ontmoeting met de walvis in ‘Tesselschade’. Het laatste verhaal ‘Voorbereidende aardrijkskunde’ begint al met: ‘Ik ben geboren op de bodem van een zee die niet meer bestaat. In mijn atlas ligt die zee nog wel: de Zuiderzee. Die atlas is gedrukt in de jaren twintig en heeft een bruin linnen omslag met goudkleurige letters voorop.’ Het gaat over een meisje dat op de zolder van school oude boeken vindt en die meesmokkelt, zoals het boek ‘voorbereidende aardrijkskunde’. Het zijn boeken over de oude wereld, waar ze ook wel een beetje treurig van wordt, omdat de wereld voortdurend in beweging is en zij de oude wereld het liefst wil redden: ‘Het verleden vreet aan ons als een leger houtwormen’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dan die ‘Grote roze vogel’, een klein verhaal over een groot verlies: ‘Ze fietste ook door chemokuren en immunotherapieën heen. Ze zei dat ze zich altijd misplaatst voelde in de wachtkamer. Al die zieke mensen, daar hoorde zij niet bij.’ En toch geneest haar moeder niet helemaal, krijgt er een spierziekte voor terug. En dan voltrekt zich een drama. Als er in de revalidatiekliniek van de oma van de ik een virusuitbraak is, raakt oma geïnfecteerd, al wordt zij er nauwelijks ziek van. Kort daarna raakt de moeder van de ik besmet en dan gaat het snel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Riem ontroert, omdat haar eenvoudige én sprankelende taal als een verrassing precies om het leven past: ‘Verdriet is mooi. Is gruwelijk pijnlijk, maar óók mooi. Je beseft de volle omvang van je liefde voor iemand, je ziet overal regenbogen, je verwondert je dagelijks over het mysterie dat leven heet. Je kunt niet slapen van de kramp in je borstkas, maar opeens dommel je in en zie je in een flits je moeder naar je lachen, mooier dan je haar ooit hebt gezien.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ineke Riem – Herinneringen van een zeemeermin. Literaire juweeltjes. B voor Books, Hilversum. 64 blz. €1,99
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/herinneringen+van+een+zeemeermin.jpeg" length="12580" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 12 Jan 2022 09:05:06 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-mysterie-dat-leven-heet</guid>
      <g-custom:tags type="string">Herinneringen van een zeemeermin,essays,Ineke Riem</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/herinneringen+van+een+zeemeermin.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/herinneringen+van+een+zeemeermin.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De magie van een stofzuiger zonder elektriciteit</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-magie-van-een-stofzuiger-zonder-elektriciteit</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De magie van een stofzuiger zonder elektriciteit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Tortilla Flat' van John Steinbeck
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tortilla+flat.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In 1935 schreef John Steinbeck ‘Tortilla Flat’ over een hechte vriendenclub in het buurtschap Tortilla Flat, dat boven Monterey ligt, een oude stad aan de kust van Californië. De vrienden zijn allen ‘paisanos’, een mengeling van Spaans, Indiaans en Mexicaans bloed, aangevuld met Indo-Europese variëteiten. Steinbeck is meester in het scheppen van karakters die je – ondanks de totale misère die van hen af druipt – na een paar bladzijden al in je hart moet sluiten. Daarom is de nieuwe uitgave, een smaakvolle hardcover, in vertaling van Peter Bergsma, een absolute aanrader.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De spil van de vriendengroep is Danny, die twee huizen van zijn grootvader heeft geërfd. Een ervan verhuurt hij aan Pilon, een van zijn vrienden, die op zijn beurt het weer onderverhuurt aan Pablo Sanches en Jesus Maria Corcoran. Geen van hen betaalt ooit de huur, omdat zij dat eenvoudigweg niet kunnen. Als het door een brandende kaars afbrandt, gaan alle vrienden bij Danny in huis wonen. In het voorwoord vergelijkt Steinbeck de vrienden met de ridders van de Ronde Tafel. De avonturen worden als hoofdstuktitels steeds kort samengevat, zoals ‘Hoe Danny’s vrienden een kracht ten goede werden. Hoe zij de arme Piraat te hulp schoten.’ Deze ‘Piraat’ krijgt de volgende introductie:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Een heleboel mensen zagen de Piraat elke dag, en sommige lachten hem uit, en andere hadden met hem te doen, maar niemand kende hem erg goed, en niemand bemoeide zich met hem. Hij was een reusachtige, breedgebouwde man met een ontzagwekkende zwarte en borstelige baard. Hij droeg een spijkerbroek en een blauwe kiel, en hij had geen hoed. In de stad droeg hij schoenen. Wanneer hij met een volwassene werd geconfronteerd, deinsden de ogen van de Piraat terug, als de heimelijke blik van een dier dat graag zou wegrennen als het zich maar lang genoeg durfde om te draaien. Door deze manier van kijken wisten de paisanos van Monterey dat zijn hoofd niet was meegegroeid met de rest van zijn lichaam.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De Piraat heeft een stel honden bij zich dat hem overal trouw volgt. Iedere dag loopt hij met een kruiwagen vol pekhout door de straten en dan verdient hij een kwartje. Al die kwartjes verzamelt hij om een gouden kandelaar te kopen voor San Francisco van Assisi. De Piraat had namelijk ooit een zieke hond, en had beloofd de kandelaar te kopen als de hond beter zou worden. De hond werd inderdaad beter, maar werd een tijdje later door een vrachtwagen overreden. Toch blijft de Piraat trouw voor de kandelaar sparen. Terwijl Pilon hem in eerste instantie het gespaarde geld afhandig wil maken – want hoeveel vierliterflessen wijn kun je daar wel niet van kopen? – laat hij zijn plan meteen varen als hij hoort van deze bestemming. Hoewel de leden van de vriendengroep het niet zo nauw nemen met de wet, hebben zij wel een groot ontzag voor een heilige.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Elke vriend heeft zijn eigen karakter: de Piraat is een simpele ziel, maar goudeerlijk en vol vertrouwen, Grote Joe Portugeeër woont meer in de gevangenis dan daarbuiten, Pablo Sanches is de kunstenaar, Jesus Maria Corcoran is degene die steeds de menselijke kant in de groep laat zien.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De verhalen, want zo kun je de verschillende hoofdstukken lezen, zijn stuk voor stuk ontroerend, maar ook bijzonder humoristisch. Steinbeck beschrijft niet alleen de armoede van de mannen, maar ook hun diepe trouw aan elkaar. Als Grote Joe Portugeeër zich bij hen aansluit en er toch met het geld van de Piraat vandoor gaat, wordt hij op gruwelijke wijze gemarteld door de vriendengroep, omdat hij hun vertrouwen heeft beschaamd, maar na de marteling, begint Jesus Maria hem liefdevol te verzorgen. De rest volgt hem hierin en uiteindelijk krijgt Grote Joe zelfs een jampot met wijn om weer op krachten te komen. Als ze het teruggevonden geld gaan natellen, blijkt het eindelijk zelfs voldoende te zijn voor de gouden kandelaar. Juist omdat de mannen het grootste deel van de dag besteden aan het bemachtigen van vierliterflessen wijn of het nuttigen ervan, is het ontroerend om te zien hoe zij de simpele ziel helpen bij het bereiken van dit ‘hogere doel’. Ze vinden dat de Piraat niet met zijn kapotte kleding naar de kerk kan, maar lenen dan allemaal een kledingstuk aan hem, zodat hij netjes naar de dienst kan waarin de pastoor de kandelaar voor de heilige Franciscus zal tonen. De Piraat moet vervolgens wel alleen naar de kerk, want de rest mist een kledingstuk.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo hebben de verhalen regelmatig iets van een slapstick. Als Danny zijn vriendin Snoes een stofzuiger cadeau geeft, kijkt iedereen in de buurt tegen haar op, omdat zij die mevrouw is met die ‘veegmachine’. Ze zien hoe zij met de stofzuiger door het huis loopt en zelf een zoemend geluid maakt. De stofzuiger zou het beter doen als ze elektriciteit had, maar ja, je kunt niet alles hebben.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           John Steinbeck – Tortilla Flat. Vertaald door Peter Bergsma. Van Oorschot, Amsterdam. 216 blz. €22,50
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tortilla+flat.jpeg" length="41339" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 08 Jan 2022 10:54:25 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-magie-van-een-stofzuiger-zonder-elektriciteit</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Tortilla Flat,John Steinbeck</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tortilla-flat.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tortilla+flat.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Een vlucht uit dit gedoemde land’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-vlucht-uit-dit-gedoemde-land</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Een vlucht uit dit gedoemde land’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van ‘De legende van Gwaraith’ van Joey Frinking
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+legende+van+Gwaraith.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voor mij was lange tijd onduidelijk waarom ik zo’n moeite had met fantasy-boeken. Ik heb mijzelf een poos wijsgemaakt dat het vaak dikke boeken zijn en ik een langzame lezer ben, maar sinds ik alle delen van ‘A la recherche du temps perdu’ van Proust in vertaling heb gelezen, kan ik mij daarop nog moeilijk beroepen. Heb ik te weinig fantasie om mij mee te laten voeren in deze bijzondere werelden? Omdat ik veel mensen ken die dol zijn op fantasy, onder wie veel leerlingen, is het bij mij altijd een beetje blijven wringen. Waarom ben ik zo dol op boeken, maar helemaal niet op fantasy? Nu heb ik een leerling in vwo 6 die eind 2021 zelf ‘De legende van Gwaraith’ schreef en uitgaf. Omdat ik veel van zijn schrijfsels waardeer die hij voor de lessen Nederlands schreef, leek mij dit een uitgelezen moment om mijn leespatroon te doorbreken. Een boek van een leerling zou ik namelijk altijd uitlezen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En zo gebeurde het. ‘De legende van Gwaraith’ begint met een overzicht van verschillende talen: het Vlireens, Nialstrawka, Gwaraithaans, Faranashijns en Vanehereens, niet allemaal woorden die je nu zo eenvoudig uitspreekt. Het spreekt tot de verbeelding: de auteur heeft diverse talen bedacht met de daarbij behorende uitspraken. In een interview in de Stentor zegt Frinking ook dat hij het leukste van dit genre vindt dat hij alles zelf kan bedenken. Dit plezier is duidelijk te merken in het boek. Hij beschrijft allerlei plaatsen en nederzettingen tot in de details, die je zó voor je geestesoog ziet verschijnen: ‘Maar toen zagen ze het. Rechts van hen waren de wolken en de lucht donkerder. En helemaal in de verte, in die omgeving, was een lichtgevend fenomeen te zien. Constant flitste het in de verte en de zwarte lucht werd blauw opgelicht, alsof er een kaars met een blauwe vlam was neergezet, terwijl er een harde wind woei. Het waren de Bliksemvelden.’ Als de reizigers de Bliksemvelden naderen, voelen ze zich vreselijk, alsof duistere krachten hun geest verscheuren. Er worden veel verschillende ruimtes beschreven in het boek, ondergrondse werelden met steile trappen en onpeilbare diepten, of landschappen met eindeloos veel bomen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal begint met de jonge man Guemor, die de deur opent voor een onbekende vrouw, Tasar, die hem vraagt mee te gaan op reis. Guemor wil niets liever dan dat, omdat hij graag wil vluchten uit ‘dit gedoemde land’. Vervolgens begint een reis door allerlei verschillende landschappen. Er zijn plekken waar zij aangevallen worden door monsterlijke wezens. Hier herken ik duidelijk elementen uit het horrorgenre: er zijn twee belangrijke hoofdpersonen en daaromheen bevinden zich enkele ‘inwisselbare’ figuren, die zij tegenkomen, maar aan wie je je als lezer minder hecht, waardoor het enigszins draaglijk is als zij – in tegenstelling tot de hoofdpersonen – het slachtoffer worden van de monsters. Misschien is dit genre verbonden met het oude heldenverhaal, waarbij het toch in elk geval de held is die hoe dan ook moet overleven? Het verhaal wordt voortgestuwd door de vraag wat het precies is dat Guemor en Tasar verbindt. Voor mij is dat te geruststellend en tegelijkertijd te gruwelijk, omdat het een voorzienigheid impliceert die in het echte leven ontbreekt. Bij horrorfilms lijd ik ook aan een schuldgevoel, omdat er zoveel slachtoffers zijn met wie ik nauwelijks heb meegeleefd. Als boetedoening had ik dan graag afscheid genomen van de held.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is niet heel ingewikkeld om je mee te laten voeren door het verhaal, ook al is er sprake van veel fantasie-elementen, en dat is toch zeker een verdienste van de auteur, die door zijn manier van schrijven overtuigend is. Ik heb er bewondering voor hoe het hele verhaal is uitgedacht, de verschillende werelden met hun geschiedenissen in elkaar passen en een wonderlijk geheel vormen. In zekere zin is de auteur van een fantasiewereld vrijer in het scheppen van zijn wereld dan de schrijver van realistische verhalen. Aan de andere kant verbaasde het mij juist dat er in dit genre toch nog zoveel wetten behouden zijn: de wezens communiceren met elkaar via talen, naar mijn weten was ook de zwaartekracht van toepassing, terwijl die toch niet op alle planeten zo vanzelfsprekend is. Er is goed en kwaad, vriendschap en wraak. Bij mij roept dat de vraag op: in hoeverre kan een mens echt een wereld bedenken die totaal anders is dan de onze? Of wil het verhaal juist deze vaak onbewuste, maar wel ‘menselijke’ krachten uitbeelden in een nieuwe omgeving? Er klinkt immers ook regelmatig kritiek door op de wreedheid van sommige volken en de eindeloze keten van wraak, die doorbroken zou moeten worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al met al heb ik echt plezier beleefd aan dit avontuur, omdat zo duidelijk is dat het verhaal met heel veel plezier geschreven is. Het is mooi om te zien hoe een jong mens in staat is nieuwe werelden te scheppen vanuit de oude en daarin eigen keuzes maakt. Hoezeer het mij ook deugd doet dat ik nu eindelijk een fantasy-boek heb uitgelezen, ik zal geen liefhebber worden van dit genre en dat heeft, zo denk ik, niet eens zozeer te maken met de fantasiewerelden en -wezens, maar vooral met de onsterfelijkheid van de held, terwijl ik zelf zo worstel met die van mijzelf en de dierbaren om mij heen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+legende+van+Gwaraith.jpeg" length="31172" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 07 Jan 2022 15:50:35 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-vlucht-uit-dit-gedoemde-land</guid>
      <g-custom:tags type="string">De legende van Gwaraith,Joey Frinking,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+legende+van+Gwaraith.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+legende+van+Gwaraith.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Gelieve uw veiligheidsriem vast te maken’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/gelieve-uw-veiligheidsriem-vast-te-maken</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Gelieve uw veiligheidsriem vast te maken’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Herkomst bij verstek' van Oliver Rohe
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/herkomst+bij+verstek.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Herkomst bij verstek’ van Oliver Rohe begint met o.a. een motto van Karl Kraus, die zegt dat een ander gedachten kan imiteren die pas later in een scheppende geest zullen opkomen. Kraus morrelt hier aan de volgorde van imitatie. Het is niet voor niets dat Rohe hem in deze roman citeert. De verteller, die – tegen zijn zin – zojuist heeft plaatsgenomen in een vliegtuig, op weg naar zijn land van herkomst, laat zijn gedachten gaan over zijn herkomst en al spoedig lees je nauwelijks nog zijn eigen gedachten, maar vooral die van zijn vroegere vriend Roman, die in het land van herkomst is achtergebleven en vroeger uitvoerig zijn gedachten met hem heeft gedeeld. De lezer belandt op de eerste bladzijde al in een adembenemende gedachtestroom, die pas stopt op de laatste bladzijde: in hoeverre bepaalt ons denken onze identiteit en wie of wat bepaalt precies wat wij denken?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De verteller had zich tien jaar geleden voorgenomen nooit meer terug te keren naar zijn land van herkomst. Sindsdien heeft hij ook geen teken van leven meer ontvangen van Roman, die daar was achtergebleven. Hij vraagt zich af waarom hij dan toch in het vliegtuig is gestapt. Hij wilde alles vergeten, ‘tabula rasa maken’. Toch zei Roman toen al dat het verleden een hinderlijk meubelstuk is, dat je niet kunt verplaatsen. Eigenlijk mocht Roman geen herinnering meer zijn, want de ik had hem juist verdrongen, net als de ‘afgrijselijke stad’ waarmee hij hem associeert en waarover Roman ooit beweerde: ‘De inwoners van deze stad beseffen niet dat de straten waar ze tegenwoordig vrolijk lopen te pronken in werkelijkheid slechts een reusachtig, nog narokend kerkhof zijn.’ Overal onder hun voeten lagen immers lijken te rotten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er zijn nauwelijks gedachten van de verteller te traceren, want hij laat steeds opnieuw Roman aan het woord. Kennelijk heeft hij op het moment dat hij het vliegtuig instapte, een luik opengetrokken waarachter alle gedachten die Roman ooit met hem gedeeld heeft, verborgen lagen. Als lezer word je zo in de gedachtestroom meegetrokken dat je bijna het gevoel krijgt dat het de gedachten van de verteller zelf zijn. Is het wellicht de verteller die juist op zoek naar zijn herkomst verstek laat gaan?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Af en toe wordt de stroom onderbroken door zinnen tussen aanhalingstekens, die afkomstig zijn van anderen uit het vliegtuig, zoals ‘Gelieve uw veiligheidsriem vast te maken, zo dadelijk bereiken we een gebied met veel turbulentie’. Omdat die zinnen zo willekeurig opduiken, hebben zij een komisch effect, en lijken tegelijkertijd iets te zeggen over de gedachtestroom die op zichzelf ook een vliegreis is geworden, maar dan een vliegreis door ontwrichtende gedachten over herkomst en identiteit. De identiteit van Roman, van de verteller, en misschien zelfs van de lezer, raakt daardoor aan het wankelen en daar helpt geen veiligheidsriem tegen! Naast de verteller zit Biroult, een passagier aan wie hij zich verschrikkelijk ergert, omdat hij toenadering zoekt, zijn gedachten onderbreekt, en ondertussen zoveel mogelijk gratis drank achteroverslaat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat is er dan zo ontwrichtend? Neem de taal, die voor ons heel vanzelfsprekend is en voor ons denken zelfs heel bepalend. Het land van herkomst blijkt drietalig te zijn: ‘onze taal vormt de kern van het niet-zijn en van het oorspronkelijke verval’. Er is niet echt een moedertaal, je zult voortdurend talen mengen. Roman beschouwde deze taal ook als een vervalsing. Zij belette hem om goed na te denken. Ook zal het nooit lukken die taal, en dus je verleden, helemaal uit je hersens te wissen. Je zit in het keurslijf van de taal:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Je betreedt een taal exact zoals je een gevangenis betreedt zei ik voortaan en in mijn geval stort je je halsoverkop en vol enthousiasme op een taal en vervolgens word je je onzacht bewust van het kerkerachtige aspect van die taal, waar het je reinste utopie is aan de heerschappij van het cliché te willen ontsnappen en waar het eens en voor altijd onmogelijk is een eigen woord te bezitten.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is echter niet alleen de taal die ons zo gevangenhoudt. Roman beschrijft hoe zijn moeder hem vanaf zijn geboorte heeft geprogrammeerd om zijn vader te minachten, die hen, volgens zijn moeder, in de steek had gelaten. Hij beschrijft zijn moeder als een ‘bankschroef’ die zijn hoofd heeft vastgezet. Juist doordat je dit verhaal uit de tweede hand leest, ontstaat er een afstand die ervoor zorgt dat je als lezer ook over je eigen herkomst gaat nadenken: in hoeverre is de mens nog vrij in zijn denken? Roman hoort op de begrafenis van zijn vader hoezeer hij op hem lijkt, in zijn gedrag, in zijn manieren, en constateert dat hij dus zijn hele leven iemand heeft nagebootst die hij niet kende, die op dat moment zelfs dood is. Verderop zegt hij zelfs dat hij slechts de keuze heeft tussen stilte of imitatie.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Steeds obsessiever lijken de gedachten naar het einde te stuwen. De verteller wantrouwt Biroult, de passagier die naast hem zit: ‘(...) ze maken gebruik van de kleinste bres om je permanent in te palmen’. Dat is natuurlijk zuivere ironie, want is de verteller niet van meet af aan gekerkerd, net als de lezer die hij in elk geval zolang het verhaal duurt, en wat mij betreft nog langere tijd daarna, in de wurggreep houdt?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Oliver Rohe – Herkomst bij verstek. Vertaald door Katelijne De Vuyst. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 128 blz. €27,79
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/herkomst+bij+verstek.png" length="18579" type="image/png" />
      <pubDate>Sun, 02 Jan 2022 09:50:48 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/gelieve-uw-veiligheidsriem-vast-te-maken</guid>
      <g-custom:tags type="string">oliver rohe,essays,herkomst bij verstek</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/herkomst+bij+verstek.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/herkomst+bij+verstek.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>William Shakespeare in de schaduw van Anne Hathaway</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/william-shakespeare-in-de-schaduw-van-anne-hathaway</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           William Shakespeare in de schaduw van Anne Hathaway
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Gisterland' van Imme Dros
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Gisterland.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Mamma, vertel nog eens over gisterland’, vroeg Anne Hathaway keer op keer aan haar moeder, die naarmate ze zieker werd, steeds meer verhalen over haar eigen jeugd vertelde. De nieuwe roman ‘Gisterland’ van Imme Dros vertelt over het leven van Anne Hathaway, de vrouw van William Shakespeare. Er is nauwelijks iets bekend over het leven van deze historische ‘vrouw van’, waardoor de verbeelding van de auteur vrij spel had. Aan deze verbeelding is een verhaal ontsproten dat wellicht meer kracht had gehad als het los had gestaan van dit historische duo.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Omdat Shakespeare een van de belangrijkste auteurs uit de Engelse literatuur is, is het gewaagd om het perspectief juist te leggen bij zijn vrouw en Shakespeare slechts als een ‘bijfiguur’ te laten optreden. Anne Hathaway uit ‘Gisterland’ is een zelfbewuste vrouw, die als jong meisje al stevig in haar schoenen staat. Zij schroomt niet om veelvuldig op te trekken met de vreemde, veel oudere, Thomas West, door haar ‘heer Thom’ genoemd, een wiskundig genie, die zo gekweld wordt door gruwelijke hoofdpijn, dat hij zijn eigen dood verkiest boven het leven. Anne helpt hem zijn zelfdoding te verhullen, zodat hij wel in gewijde grond begraven kan worden. Als Anne later met Will trouwt, krijg je als lezer het gevoel dat Will in haar hart nooit zo’n bijzondere plek zal innemen als Thom.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het lijkt erop dat Imme Dros met deze roman een statement maakt, of in elk geval het voetstuk waarop Shakespeare staat, enigszins aan het wankelen brengt, door te benadrukken hoe krachtig Anne is naast deze toch niet al te sterke persoonlijkheid. Vooruit, ze laat Anne wel genieten van Wills literaire werken, er spreekt absoluut liefde uit het feit dat Anne alle handschriften die Will haar geeft, onder haar matras verzamelt, zodat ze met zijn woorden kan slapen. Toch wekt de auteur de indruk dat ze vooral de kracht van de vrouw, misschien zelfs van de vrouw in het algemeen, wil benadrukken, door zo in te zoomen op Anne, die behoorlijk wat invloed heeft op het leven van haar man. De vraag is of die kracht niet beter was uitgekomen, als ze Shakespeare zelf met rust had gelaten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Omdat er betrekkelijk weinig bekend is over het leven van Shakespeare en zijn vrouw, kan Dros er flink op los fantaseren. Dat levert ook wat anachronismen of op z’n minst ongeloofwaardigheden op. Zo vraagt Anne zich met de psychologie van de eenentwintigste eeuw af of zij haar dochter Judith vroeger niet te veel heeft verwaarloosd op het moment dat Judiths tweelingbroer een dodelijke val maakte van de trap. Terwijl Anne bijzonder leergierig is en ook wil dat haar dochters leren lezen en schrijven, geeft Will af op het onderwijs dat hij heeft genoten:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik weet niet of er hier of ergens anders wel scholen zijn waar meisjes zoiets als Latijn kunnen leren en of ze dat dan wel zo fijn vinden als jij je voorstelt. Al die jaren woordjes leren, domme zinnetjes vertalen. Je weet niet hoeveel regels en hoeveel uitzonderingen er op die regels wel zijn in zo’n taal als Latijn. Praat er niet van. Ellende. Ik spijbelde echt niet voor niks.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nu kan het geen kwaad om het belang van de klassieke talen af en toe eens te relativeren, maar uit de mond van Will klinkt het toch wat ongeloofwaardig. Ondanks de speldenprikjes die de verteller uitdeelt in de richting van Shakespeare, is er ook veel lof voor zijn werk. Anne laat hem zijn verhalen vertellen en kan dan niet wachten tot hij daarmee verder gaat: ‘Ik bleef erover denken. Het liet me niet meer los.’ Ondertussen levert ze ook openlijk commentaar op zijn werk: ‘Hè nee! Niet nog eens tweelingen,’ zei ik. ‘Dat is zo afgezaagd’. Ondertussen krijg je als lezer ook de inhoud van allerlei stukken van Shakespeare mee, omdat hij ze aan Anne vertelt, maar het wringt wat, omdat de stukken steeds onderbroken worden door het kibbelende commentaar van de twee echtelieden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het sterkste deel van het boek zijn wat mij betreft de eerste twee hoofdstukken, waarin Will nog niet in beeld is. Dan zegeviert de rijke verbeelding waarover Imme Dros ontegenzeggelijk beschikt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Imme Dros – Gisterland. Van Oorschot, Amsterdam. 264 blz. €23,50
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Gisterland.jpeg" length="83258" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 27 Dec 2021 17:50:43 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/william-shakespeare-in-de-schaduw-van-anne-hathaway</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Gisterland,Imme Dros</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Gisterland.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Gisterland.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Het stilzwijgen van overlevende grootvaders’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-stilzwijgen-van-overlevende-grootvaders</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Het stilzwijgen van overlevende grootvaders’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Deuntje' van Eduardo Halfon
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Deuntje.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De lezer die in ‘Deuntje’ van Eduardo Halfon begint, stapt in een trein waaruit hij niet meer kan ontsnappen. Eerst heeft hij nog het idee dat er een beginpunt en een eindbestemming is, maar al gauw voelt hij hoe de trein hotsebotsend lijkt te ontsporen, en vraagt zich af waar hij ook alweer vandaan komt, of hij wel echt ontspoord is, of dat hij slechts even een zijspoor is ingeslagen en zich spoedig weer op het hoofdspoor zal bevinden. Eén ding is duidelijk: er is geen weg terug en tot op de laatste bladzijde vraagt hij zich vertwijfeld af wat het is waarop hij in steeds hoger tempo afstevent.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De verteller, Eduardo Halfon, is in Tokio op een congres van Libanese schrijvers. Daar denkt hij terug aan zijn van origine Libanese grootvader, die in de jaren zestig ontvoerd werd door de Guatemalteekse guerrillabeweging, waar de meedogenloze ‘slager’ Deuntje onderdeel van uitmaakte. Herinneringen buitelen over elkaar heen en de vertelling gaat heen weer van Tokio naar Guatemala-Stad, waarbij vele mysterieuze personages langskomen: de dame in de rode jas, de Japanse schoonheid, oom Salomo die koffiedik kan kijken, grootvader zelf die nogal onvoorspelbaar gedrag vertoonde tegenover zijn kleinzoon:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘We waren het geschreeuw van mijn grootvader en zijn felle, agressieve toon gewend, maar die avond was het veel erger dan anders. Het zou kunnen dat zijn woede niets met mij te maken had (en ook niet met de zwart-witfoto van de kleine Salomón, wiens naam niemand in de familie durfde uit te spreken). Misschien was hij boos om iets anders, of zijn muts stond verkeerd, of hij had een zware dag achter de rug. Maar een kind dat zich het mikpunt voelt van een stortvloed van geschreeuw en gescheld, heeft zoveel inzicht niet. Mijn grootvader was zo razend dat hij de Spaanse woorden niet meer kon vinden en in het Arabisch tegen me begon te schreeuwen. Tot ik het niet meer trok.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Veelzeggend is hier de overgang van de ene taal in de andere. In feite in zijn grootvader een Libanees, die geen echte Libanees is. Identiteit en oorsprong spelen op verschillende niveaus een belangrijke rol in het verhaal. De mensen uit de guerrillabeweging hebben diverse schuilnamen. Sommige personages lijken terug te komen in een andere gedaante. Wie is de verteller precies?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Door het ingenieuze weefsel van herinneringen en gebeurtenissen uit het heden, wordt een hevige spanning opgeroepen. Daar komt bij dat de verteller op het congres soms ineens verhalen vertelt die zich in het verleden afspelen, maar waarvan de vraag is of zij feit of fictie zijn. Soms zijn dat gruwelijke verhalen over brute slachtingen, waarin een echo doorklinkt van ‘slager’ Deuntje, de misvormde dwerg die in poëzie sprak en daarom altijd omringd was door vrouwen. Er komen elementen terug die door de herhaling betekenis krijgen, zoals het flikkerende peertje aan het plafond, waardoor elk moment de duisternis kan vallen, de bivakmutsen die de ware identiteit van de mens maskeren, diverse spiegelingen in het glas. Langzaamaan verlies je ook als lezer grip op het verhaal, dat inmiddels zoveel zijwegen is ingeslagen: ‘Je kunt daar roken, buiten op de gang, zei Aiko, en ze nam me zachtjes bij de arm en leidde me als een blinde.’ Ook de lezer voelt zich een blinde, of voelt zich gehuld in een rookgordijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat de verteller dezelfde naam draagt als de auteur, maakt het extra raadselachtig. Ergens zegt deze verteller:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Een wat oudere literatuurwetenschapster nam het min of meer voor me op en zei tegen de journalist – terwijl ze me evenmin aankeek en over me praatte alsof ik er niet bij was – dat Halfon in zijn boeken hetzelfde deed, dat zijn verhalen altijd leken te ontsporen en nergens heen leken te gaan. Ik hield mijn mond, hoewel ik het volgende had kunnen zeggen: om de artistieke waarde van zijn werk te bepalen draaide de fotograaf Cartier-Bresson zijn foto’s altijd om en bekeek ze ondersteboven.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De lezer voelt zich in het ootje genomen, er wordt een spel met hem gespeeld, maar op dat moment is het al te laat om zich nog om te draaien. Hij zit immers in die razende trein, kan niet halverwege de rit uitstappen, en davert onherroepelijk op het einde af.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Eduardo Halfon – Deuntje. Vertaald uit het Spaans door Marijke Arijs. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 112 blz. €22,90
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Deuntje.png" length="12181" type="image/png" />
      <pubDate>Mon, 27 Dec 2021 17:47:47 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-stilzwijgen-van-overlevende-grootvaders</guid>
      <g-custom:tags type="string">Deuntje,essays,Eduardo Halfon</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Deuntje.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Deuntje.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Verfrissende en alternatieve literatuurgeschiedenis</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/verfrissende-en-alternatieve-literatuurgeschiedenis</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Verfrissende en alternatieve literatuurgeschiedenis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'L; de lezer van de 19de eeuw' van Marita Mathijsen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/L.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met ‘L’ heeft Marita Mathijsen een bijzonder aantrekkelijke en toegankelijke literatuurgeschiedenis geschreven over de lezer in de negentiende eeuw. Behalve dat het boek op een prettige manier geschreven is, is het ook fraai uitgegeven: een kleurendruk, met diverse afbeeldingen van boeken en kunstwerken uit de negentiende eeuw, waarbij de lopende tekst in een zwarte letter is gedrukt, afgewisseld met ingesprongen stukken in blauwe drukletter vanuit het perspectief van L.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De geschiedenis is chronologisch ingedeeld in vijf tijdvakken onder de koppen ‘De nieuwe eeuw’, ‘Vaderlandse gevoelens’, ‘Triomf van het proza’, ‘De lust in het alledaagse’ en ‘Strevers en solisten’. Elk tijdvak is op min of meer op dezelfde manier opgebouwd met eerst een kort overzicht van de politieke situatie, dan de betrokken letteren met diverse thema’s die op dat moment in de literatuur actueel waren, het literaire circuit met informatie over hoe de literatuur op dat moment verspreid en gelezen werd, de literaire tijdschriften, het literaire verleden, met een overzicht van de auteurs en werken die men in die tijd uit het verleden nog koesterde, afsluitend met de toptien van auteurs en werken uit het betreffende tijdvak. Daarmee is het werk niet alleen bijzonder informatief, maar ook overzichtelijk.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mathijsen bekommert zich niet alleen om de lezer uit de negentiende eeuw, maar ook om de lezer van nu. Zij heeft er werkelijk alles aan gedaan om de geschiedenis aantrekkelijk weer te geven. Allereerst is daar de afwisseling, die voor de meeste lezers van deze tijd zo welkom is: naast stukken geschiedenis vind je fragmenten die geschreven zijn vanuit de denkbeeldige lezer uit de negentiende eeuw, die het hele boek door ‘L’ wordt genoemd. Daarmee word je extra in de historische tijd getrokken en gedwongen om je huidige manier van kijken naar literatuur voor even los te laten. Behalve deze stukken vanuit L zijn er ook vele fragmenten te vinden van auteurs uit die tijd, die als voorbeelden worden aangehaald om de geschiedenis te verduidelijken. Tenslotte zijn er de fraaie afbeeldingen die het beeld van de historie compleet maken. Op deze manier raak je niet verstrikt in eindeloze historische verhandelingen, maar kun je echt een beetje tempo maken, terwijl je toch alles meekrijgt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook haar taalgebruik is bijzonder fris en is erop gericht dat de lezer alles voor zich ziet: ‘De rol van de letteren in deze chaotische tijd kan niet overschat worden. Pamfletten en kritische blaadjes buitelden over elkaar heen. Onder de verlichters en patriotten waren veel schrijvers en die doopten hun pennen in azijn.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Mijn voorkeur ligt bij de historische stukken, omdat die zo’n helder overzicht geven van een toch behoorlijk chaotische tijd:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Men kan er zich bijna geen voorstelling van maken hoe verwarrend en tumultueus de politiek in de laatste jaren van de achttiende eeuw geweest was. Een gruwelijke tijd, zoals de dichter Loosjes schreef. Zelfs als je alleen naar de laatste vijf jaren van die eeuw kijkt, na de verdrijving van de laatste stadhouder, krijg je er nauwelijks grip op.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vervolgens laat ze zien dat je toch een grove indeling nodig hebt om te begrijpen wat de dilemma’s van die tijd zijn. Ze laat de opvattingen van verschillende partijen zien en hoe die terug te vinden zijn in het werk van de auteurs in die tijd. Ook wordt duidelijk welke auteurs in die tijd populair waren. Sommigen daarvan zijn ook nu nog de iconen van de negentiende eeuw. Anderen zijn in de vergetelheid geraakt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De fragmenten van L zijn er natuurlijk op gericht om echt in het hoofd van deze L te komen, maar is dat wel mogelijk met alle kennis van nu? Soms komen deze stukken op mij wat gekunsteld over:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Waar ik niet van hou, is als schrijvers met de taal gaan frutselen. Als ze zinnen niet afmaken of zelf nieuwe woorden maken die ik echt niet begrijp. Ik schaak met de leraar Nederlands van mijn zoon, en die liet mij een modern tijdschrift zien, De Nieuwe Gids. Die titel is dus een schop tegen het zere been van de oude Gids. Daarin wees hij me op een stukje van een zekere Frans Netscher dat hij mooi vond. Ik heb er twee zinnen van overgeschreven: (...). Wat moet ik nou met wiegwuiven, en wat met vijfvingerige handen? Zijn er soms zesvingerige? Veel mooier vond ik in datzelfde tijdschrift een soort sprookje van ook een nieuweling, een zekere Frederik van Eeden, over ‘De kleine Johannes’.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al met al is het een verfrissende, alternatieve literatuurgeschiedenis waar je met veel plezier en niet al te veel moeite doorheen kunt wandelen, en dat kun je niet van veel literatuurgeschiedenissen zeggen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Marita Mathijsen – L; de lezer van de 19
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;sup&gt;&#xD;
      
           de
          &#xD;
    &lt;/sup&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            eeuw. Uitgeverij Balans, Amsterdam. 464 blz. €29,95
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/L.jpeg" length="110184" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 30 Nov 2021 07:57:08 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/verfrissende-en-alternatieve-literatuurgeschiedenis</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,L; de lezer uit de 19de eeuw,Marita Mathijsen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/L.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/L.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een kamer die in de leegte is gebeeldhouwd</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-kamer-die-in-de-leegte-is-gebeeldhouwd</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een kamer die in de leegte is gebeeldhouwd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'De gelukzalige jaren van tucht' van Fleur Jaeggy
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ﻿
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+gelukzalige+jaren+van+tucht.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik heb haar teruggevonden. Zij is het. Ze was het meest gedisciplineerde, gerespecteerde, ordelijke, perfecte meisje, op het huiveringwekkende af.’ Wat blijft er over van de vriendschappen van vroeger? De ik-persoon uit ‘De gelukzalige jaren van tucht’ van de Zwitsers-Italiaanse auteur Fleur Jaeggy kijkt terug op haar jeugd, die ze heeft doorgebracht op een Zwitserse meisjeskostschool, hoog in de bergen. Het boek is voor het eerst uitgegeven in 1989, in 1990 in het Nederlands vertaald, maar nu door Schwob - zeer terecht - opnieuw onder de aandacht gebracht in een nieuwe vertaling en fraai uitgegeven door Koppernik, met op de voorkant een mysterieuze illustratie van Vilhelm Hammershøi van een kamer met een raadselachtige vrouw, gezien op de rug. Het boek is een juweel, maar wel een meedogenloze.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ik-persoon zit op haar veertiende op een kostschool in Appenzell: ‘Als je de kleine witomlijste ramen bekijkt en de nijvere, stralende bloemen op de vensterbanken, ontwaar je een tropische stilstand, een getemd woekeren, en krijg je het gevoel dat er zich binnenshuis koel-sombere en enigszins ziekelijke dingen afspelen.’ Dat ‘getemd woekeren’ is in heel het verhaal voelbaar. De kostschool is aan de ene kant een kille plek waar regels en verboden gelden, waar nauwelijks privacy is, maar aan de andere kant ook de plek waar de ik-persoon het nieuwe meisje Frédérique ontmoet met wie zij een huiveringwekkende vriendschap aangaat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat huiveringwekkende heeft alles te maken met de stijl waarin Jaeggy schrijft: het verhaal wordt als een herinnering verteld, voorzien van meedogenloos commentaar:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Haar gelaatstrekken waren die van een standbeeld, hooghartig. Misschien wilde ik haar daarom veroveren. Ze had niets menselijks. Ze leek ook afkerig van alles. Het eerste wat ik dacht: die is daar verder in gegaan dan ik.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de beschrijving van Frédérique krijg je tegelijkertijd een beeld van de ik-persoon, die zich los voelt staan van de andere meisjes. In haar ogen is Frédérique perfect. Ze heeft iets wat anderen niet hebben. De ik verklaart haar talent als een gave van de overledenen: als zij werk van Franse dichters voorleest, dan is het alsof die dichters in haar zijn afgedaald en zij hen onderdak verleent. De meisjes praten over kunst, maar houden ook afstand van elkaar. Die afstand zit ook letterlijk in de ruimtes waarin zij zich begeven: omdat er een leeftijdsverschil tussen hen is, slapen ze in verschillende gebouwen en hebben ze les in verschillende klaslokalen. Toch zoeken ze elkaar op. De ik adoreert Frédérique, bootst zelfs haar handschrift na. Omgekeerd wil zij ook graag in de gunst komen bij Frédérique, maar die wil regelmatig liever alleen zijn dan samen met haar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ondertussen krijg je ook een beeld van de kostschool waarin meisjes zijn ondergebracht van allerlei verschillende nationaliteiten. De directrice, mevrouw Hofstetter, heeft een bijzondere band met een meisje van Afrikaanse afkomst. Met haar loopt ze ommetjes, alsof ze bang is dat de andere meisjes haar zullen bederven. Je vraagt je af wat zich allemaal in het geheim afspeelt in de vele kamers. In de omgeving van de kostschool zijn nauwelijks mannen en als ze er zijn, dan zijn het oude mannen, gekken of huismeesters.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kijk op het leven binnen de kostschool sijpelt door in die op het hele leven. Het is geen vrolijk beeld: 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Het klokje luidt, we staan op. Het klokje luidt nog eens, we gaan slapen. We trekken ons terug op onze kamer, het leven hebben we van achter de ramen voorbij zien trekken, in boeken, in de wisseling van de seizoenen, op wandelingen. Altijd als weerkaatsing, een weerkaatsing die op onze vensterbanken gestold lijkt.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Soms is er tederheid tussen de meisjes, maar veelal ook afstandelijkheid. Ze spelen een rol, komen niet wezenlijk nader tot elkaar. Jaren nadat de meisjes de school hebben verlaten en Appenzell zelfs – hoe betekenisvol! – een blindeninstituut is geworden, vindt er nog een bijzondere ontmoeting plaats tussen Frédérique en de ik, die elkaar bij toeval treffen. Frédérique neemt haar mee naar een lege kamer, waar volgens de ik alleen nog de strop ontbreekt. Haar oude vriendin leeft, zo denkt de ik, als in een graf. De beschrijving van de kamer en de ontmoeting is huiveringwekkend en wekt de indruk uit te stijgen boven het verhaal en zelfs een beschrijving te zijn van het leven, met een vrieskou die tot in hun botten getrokken is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het boek is met zijn iets meer dan honderd bladzijden zo uitgelezen, maar het zet zich vast met weerhaken in je herinnering.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Fleur Jaeggy – De gelukzalige jaren van tucht. Herziene vertaling uit het Italiaans door Annegret Böttner en Leontine Bijman. Koppernik, Amsterdam. 104 blz. €18,50
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+gelukzalige+jaren+van+tucht.jpeg" length="58190" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 20 Nov 2021 17:52:18 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-kamer-die-in-de-leegte-is-gebeeldhouwd</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Fleur Jaeggy,De gelukzalige jaren van tucht</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+gelukzalige+jaren+van+tucht.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+gelukzalige+jaren+van+tucht.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Speelt iemand ergens vals viool...’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/speelt-iemand-ergens-vals-viool</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Speelt iemand ergens vals viool...’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking 'Iemands lief' van Bart Moeyaert
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Iemands+Lief.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In 2013 publiceerde Bart Moeyaert ‘Iemands lief’, een bewerking van L’Histoire du soldat’ van Charles-Ferdinand Ramuz en Igor Stravinsky. Nu is er een nieuwe uitgave van deze bewerking, met indringende illustraties van Peter van den Ende. Het boekje is fraai uitgegeven in een hardcover met papieren omslag. Als je de omslag verwijdert, komt er een duistere verrassing tevoorschijn op de voorkant, passend bij het verhaal. Ook het schutblad heeft een mooie illustratie. Het werk is een mooi voorbeeld van hoe muziek, literatuur en beeldende kunst elkaar blijven inspireren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Moeyaert schreef de bewerking op verzoek van violiste Janine Jansen. Op YouTube is een unieke live uitvoering te vinden, waarin de auteur zijn bewerking voordraagt in samenspel met Janine Jansen en zeven andere topmusici die het stuk van Stravinksy ten gehore brengen. De bewerking is een lang, verhalend gedicht dat gaat over Benjamin Popov, een soldaat die tijdens zijn verlof zijn lief in de armen van een andere man vindt. In het gedicht klinkt op een luchtige manier de rauwe oorlog door:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wie doodging werd begraven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wie een wond had werd verpleegd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als je been eraf geschoten was
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           mocht je huilen van de pijn,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar daarvan groeide niets weer aan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dus hup.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Cheer up.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De oorlog was nog niet gedaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Benjamin Popov boft, want hij mag een halve maand naar huis. Tussen zijn persoonlijke spullen bevindt zich – gewikkeld in een lievelingstrui – zijn viool. Het instrument is niet veel meer waard, maar als hij erop speelt, duurt het nooit lang of zijn hart huppelt erachteraan. Je voelt dat het instrument van levensbelang is, dat het te maken heeft met zijn liefde. Op weg naar huis komt hij een duistere man tegen met een roodverbrande kop en een vlindernet met een dode mot over zijn schouder. De man biedt hem een boek aan in ruil voor zijn viool. Natuurlijk biedt Benjamin even weerstand, maar al gauw zwicht hij voor de praatjes van de man en verkoopt zijn ziel aan de duivel. Het boek lijkt geschreven in het Chinees, maar vertelt het verhaal van een man die op hem lijkt, maar dan steenrijk is. De man eist vioollessen op in ruil voor eten en rijkdom. Je voelt het al aankomen: dit kan nooit goedkomen: ‘Benjamin Popov was geen held. / Bejamin Popov was gewoon / iemands lief en iemands zoon. / Het ging mis. / Het ging onvoorstelbaar mis.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De zwartwit tekeningen van Peter van den Ende zijn duister: hoge donkere bomen en duivelse figuren onderbreken het verhaal. De tekeningen halen een diepe laag uit het verhaal naar boven. Het is niet zomaar een pad dat Benjamin doorloopt, maar een levenspad. Hij maakt keuzes die een grote invloed hebben op de rest van zijn leven. Terwijl hij verlangt naar de liefde, wordt hij bevangen door het kwaad en wandelt rond in een leven dat hij eigenlijk helemaal niet wil leven. Omdat het verhaal iets heeft van een klassiek heldenverhaal is er de hoop dat het goedkomt, dat hij zijn eerste lief misschien heeft verloren, maar dat er altijd een tweede kans wacht. Toch is een van de drie gedachten die Benjamin overvallen: ‘Van het geluk / krijgt iedereen / één stuk.’ Komt het wel goed met Benjamin? Er is een mooie wisselwerking tussen beeld en tekst, want zowel de tekst als de beelden – onheilspellende bomen en steigerende paarden – roepen angstige voorgevoelens op:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dit water smaakt verdacht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           naar vuur en
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           volgens mij
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           speelt iemand ergens
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           vals viool.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het boekje is geen geruststellend kinderboek. Het is duister als een sprookje, maar zonder het verlossende slot van ‘zij leefden nog lang en gelukkig’. Zo klinken er ook in Stravinksy’s stuk diverse dissonanten. Het is het verhaal van een soldaat, die in onzekerheid en angst leeft, maar tegelijkertijd ook een universeel verhaal over de mens, die ook in onzekerheid leeft, verkeerde keuzes maakt als hij moe is, nochtans hoop heeft, terwijl hij ergens ook wel voelt dat hoop niet altijd realiteit is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bart Moeyaert – Iemands lief. Querido, Amsterdam, Antwerpen. 104 blz. €18,99
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Iemands+Lief.jpeg" length="817883" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 09 Nov 2021 08:46:07 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/speelt-iemand-ergens-vals-viool</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Iemands lief,Bart Moeyaert</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Iemands+Lief.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Iemands+Lief.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Ik was die gevleugelde vrouw'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-was-die-gevleugelde-vrouw</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik was die gevleugelde vrouw
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Nacht op klaarlichte dag' van Caroline Lamarche
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Nacht+op+klaarlichte+dag.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Eens in de zoveel tijd komt er een boek langs dat al je principes door elkaar schudt en ontdaan achterlaat met de vraag: is dit wel wat ik mag lezen, is dit wel wat ik wíl lezen? Zo’n boek is ‘Nacht op klaarlichte dag’ van Caroline Lamarche. De roman, die uiterst sober, maar absoluut smaakvol is uitgegeven, met slechts één indringende regel van de auteur op de achterflap, is verbijsterend en schokkend.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De hoofdpersoon is een jonge vrouw, die een ogenschijnlijk rustig leven leidt. Ze werkt bij een reisagentschap en heeft een hartstochtelijke relatie met Gilles, een getrouwde man, die in de drukte van zijn baan zoveel mogelijk momenten zoekt om met haar door te brengen. Op een nacht heeft de vrouw een droom waarin ze door een onbekende man overmeesterd wordt, waarbij een pauw en een met bloedrode veren getooide vogelvrouw boven hun lichamen zweven. Kort daarna valt haar oog op een contactadvertentie van een autoritaire man die een jonge vrouw zoekt, waar zij op ingaat. Dat leidt tot een drietal ontmoetingen met een onbekende, ‘rosse man’ op verschillende locaties. Wat tijdens die ontmoetingen gebeurt, is behoorlijk grensoverschrijdend en blijft je op z’n minst een poos achtervolgen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Onbewogen en met een haast medische precisie onderwerpt hij de vrouw aan allerlei gruwelijkheden. Hij zet knijpers op haar borsten en penetreert haar met allerlei grote, pijnlijke voorwerpen. Kronkelend van de pijn ondergaat ze de handelingen en dagen daarna blijft ze nog bloeden: ‘Eenmaal thuis deed het erg zeer als ik plaste, een scherpe, brandende pijn. Er lag bloed in de wc-pot. Hoewel het een warme dag was, liet ik het bad vollopen met gloeiendheet water. Ik had het koud. Ik heb me gewassen. Gewassen. Gewassen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Vreemd genoeg zijn het niet eens zozeer de gruwelijkheden die zo aangrijpen. De man kun je wegzetten als een perverse, zielige kerel, die het nodig heeft om een vrouw zo toe te takelen, maar dat is te makkelijk. Je komt daar als lezer niet mee weg. En dat heeft alles te maken met de vrouw zelf. Veel meer nog dan de man, is het de vrouw die je blijft achtervolgen. De eerste keer denk je: ze heeft zich enorm vergist. Ze ging voor een spannend avontuur, maar heeft zich verschrikkelijk op de man verkeken. Dit is wat ze ook tegen haar vriend Gilles zegt. Maar waarom spreekt zij in godsnaam opnieuw af? En daarna nog een keer. Voor de lezer is het al bijna niet uit te houden, al telt de romans slechts 72 bladzijden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat bezielt haar? Wie is deze vrouw? Ze komt uit een welgesteld gezin, waarin vooral de dienstboden een belangrijke rol spelen: ‘En zo zou het moederschap moeten zijn: een verhaal over dienstboden en jonge meesters, blij dat je elkaar niet toebehoort en dat je de kussen of klappen kunt aanvaarden zonder het gewicht ervan te moeten dragen, lichthartig, blij dat je je leven te danken hebt aan een anonieme hand in een witte handschoen, die je niet je leven lang hoeft te zegenen of te bijten.’ Als kind is de vrouw ooit, toen zij met haar hoofd bij het voeteneinde onder de dekens bijna stikte, door de dienstbode gered. Deze herinnering staat voor in het boek, nog voor het eerste deel begint, en lijkt daardoor een sleutelfunctie te hebben.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De vrouw heeft een kat met de veelzeggende naam ‘Douce’, net zo zwart en wit als de dienstbode van vroeger. De kat heeft kittens gekregen. Door het raam komt regelmatig een ‘rosse kat’ op bezoek, die een stille bedreiging vormt voor Douce en de kittens. Het is alsof beide katten een spiegelfunctie vervullen voor de jonge vrouw in relatie tot de twee mannen. Terwijl Gilles de zachtheid in haar oproept, door haar liefdevol te beminnen, roept de rosse man een onbewogenheid in haar op, waarin zij zelf lijkt te verdwijnen. Door deze parallel krijgt het verhaal een diepe laag waarin je bijna wegzakt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op verschillende plekken in het verhaal bekruipt je het gevoel dat je een pornografische roman aan het lezen bent, bedoeld voor een publiek dat belangstelling heeft voor sadomasochisme. Het is echter de stijl van Lamarche, soms ingetogen, feitelijk, en dan weer beeldend en dramatisch – daarbij ook alle lof voor de vertaalster – die overtuigt dat het boek alle vunzigheid overstijgt en raakt aan een existentieel lijden:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Mijn geslacht is een tol die hij door zijn zweepslagen steeds sneller doet draaien. De man slaat met een wilde, methodische kracht, zonder een woord uit te brengen, en zelf schreeuw ik niet, ik veer op, grote schokken van rauw vlees, waaruit mijn denken afwezig blijft, zonder dat angst of woede in me opkomt. Ik voel geen enkele emotie, ik laat mijn lichaam zich in zijn eentje redden, het kronkelt, rolt zich op. Mijn armen, mijn hoofd, mijn knieën liggen tegen mijn borst, alsof ik me in mezelf wil terugtrekken, mijn eigen foetus wil worden, maar ik wil niets, mijn lichaam wil, mijn lichaam dat alleen nog zijn rug blootgeeft, zoals een slak haar huisje.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Caroline Lamarche – Nacht op klaarlichte dag. Vertaald door Katelijne De Vuyst. Uitgeverij Vleugels, Bleiswijk. 72 blz. €27,79
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Nacht+op+klaarlichte+dag.jpeg" length="38580" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 04 Nov 2021 11:29:00 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-was-die-gevleugelde-vrouw</guid>
      <g-custom:tags type="string">Caroline Lamarche,essays,Nacht op klaarlichte dag</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Nacht+op+klaarlichte+dag.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Nacht+op+klaarlichte+dag.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Geschiedenis van de gewone mens</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/geschiedenis-van-de-gewone-mens</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Geschiedenis van de gewone mens
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
  &lt;h3&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bespreking van 'Over de lente en de eenzaamheid; Berlijnse rechtbankverslagen 1924-1933 van Gabriele Tergit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Over+de+lente+en+de+eenzaamheid.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met haar rechtbankverslagen geeft Gabriele Tergit een veelzijdig beeld van wat als goed en fout werd bestempeld in het Berlijnse dagelijkse leven tijdens het interbellum. Je zou denken dat rechtbankverslagen vooral onleesbare ambtsstukken zijn, die ergens in een archiefkast belanden, maar in ‘Over de lente en de eenzaamheid’ toont Tergit een grote vertelkracht en een bijzondere literaire stijl, die ook kenmerkend is voor haar romans. Ze toont de hartstocht en berekening van de ‘gewone mens’, met op de achtergrond de veranderende politieke toestand, en geeft daarmee een indringend beeld van de sociale ellende in die tijd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Veel verslagen zijn vooral te lezen als portretten van mensen uit verschillende lagen van de bevolking. Je krijgt natuurlijk de rechtsgang mee, maar de focus ligt op de mens. Tergit geeft uitgebreide beschrijvingen van het uiterlijk van de beklaagden, soms zelfs met een ironische ondertoon, waardoor je de mensen echt voor je ziet staan: ‘Een gezette dame van in de veertig, in de lange pluchemantel van de burgervrouw, die aan de bovenkant met bont is afgezet, een tijdloze zwarte hoed met veren op het ongetwijfeld blonde haar, de Duitse moeder en vrouw. Maar je komt niet in de beklaagdenbank terecht als dat alles is.’ Een uitgebreide beschrijving van de achtergrond en financiële situatie van deze dame volgt. Daarna komen pas de aanklacht en het vonnis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De stukken zijn verre van objectief. De auteur geeft uitgebreid commentaar op het vonnis als ze dit onterecht vindt. Ze is betrokken en onconventioneel. In het stuk ‘Paradoxen’ beschrijft ze een proces tegen een manspersoon die in het zuiden van Friedrichstadt in de nacht werd aangehouden, omdat hij worstjes zat te eten in vrouwenkleding. De man krijgt een advocaat toegewezen die de vraag stelt wie er nu aanstoot kan nemen aan het ‘bedaagde en discrete mantelpak van een bescheiden burgeres’. De persoon wordt vrijgesproken. Enkele weken later wordt een meisje veroordeeld dat zich als een man heeft gekleed: ze heeft namelijk een broek aan. Ook zij eet worstjes in dezelfde gelegenheid als de man, maar wordt tot drie weken hechtenis veroordeeld wegens verstoring van de openbare orde. Opvallend is dat Tergit hier wisselt met de persoonlijke voornaamwoorden. De man in vrouwenkleding noemt zij uiteindelijk een ‘zij’, het meisje in mannenkleding een ‘hij’. Ze sluit af met een bewogen betoog, waarin ze de wetgeving bekritiseert:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘En zo blijkt uit deze twee onbeduidende gevallen wel hoe hulpeloos de wet tegenover het tussenwezen staat, welk tussenwezen dan ook, het wezen dat bezien vanuit het amorele standpunt altijd tragisch en vanuit het morele altijd amoreel is, wiens schuld begon lang voordat het werd geboren, en voor wie er desondanks bescherming moet zijn.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tergits mededogen is ook goed te zien in de ‘Gretchen-tragedie’. Een vlijtig dienstmeisje uit een kleine provinciestad, dochter van fatsoenlijke mensen, wordt tot twee keer toe door een man benaderd, die haar zwanger achterlaat en niets meer van zich laat horen. De tweede bevalling is een snelle, om zes uur in de ochtend, zonder enige hulp. Ze wil de familie bij wie ze in dienst is, niet wakker maken, en als het kind huilt, belet zij dat met geweld, waardoor het kind het bewustzijn verliest. Direct daarna wil ze alweer koffiezetten voor meneer en mevrouw. Er komt een dokter, maar niemand ontfermt zich over het dode kind. Bij het proces is geen enkele vrouw aanwezig en het meisje wordt veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf voor intentie tot moord. Tergit is scherp in haar kritiek op deze rechtsgang, vindt dat het meisje gratie verleend moet worden, omdat kort daarvoor een ander is vrijgesproken bij toepassing van dezelfde ‘paragraaf 51’. Zij wijst op de geestestoestand van de vrouw die tijdens de bevalling helemaal aan haar lot was overgelaten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In diverse portretten is de politiek duidelijk op de achtergrond aanwezig. Zo is er sprake van diverse opstootjes tussen SS’ers en communisten, waarbij geschoten wordt. Het heeft er alle schijn van dat communisten harder aangepakt worden dan SS’ers. Aan het eind van de reeks staan twee verslagen van een proces uit 1949 tegen acteur en regisseur Veit Harlan, opgeleid bij Max Reinhardt. De SS-commando’s kregen zijn propagandafilm ‘Jud Süß’ te zien, voorafgaand aan hun acties tegen Joden, zodat zij aangespoord werden tot extra geweld. Harlan verdedigt zichzelf door aan te geven dat hij vooral een goede film wilde maken en onder druk stond. Tergit laat duidelijk doorschemeren hoe makkelijk hij zich ervan afmaakt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het zijn stuk voor stuk interessante portretten. De titels ervan nodigen al uit tot lezen: ‘Kleine telefoonoorlog’, ‘Per abuis kind vermoord’, ‘Ik doe alles met mijn benen’, ‘De huwelijkszwendelaarster’, ‘De grote redevoering van een kleine man’, ‘Russische valsemunters voor de rechter’, ‘De tragedie van de oude vrijster’, ‘Kus m’n k... contra bajonet’, ‘Helden van de straat’, enz. De verzameling verslagen geeft niet alleen een veelzijdig, maar vooral ook levendig beeld van die tijd in Berlijn, en dat laatste heeft vooral te maken met Tergits kritische blik en gevoel voor ironie.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dietske Geerlings
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gabriele Tergit – Over de lente en de eenzaamheid; Berlijnse rechtbankverslagen 1924-1933. Vertaald door Jan Bert Kanon, Kris Lauwerys en Isabelle Schoepen. Uitgeverij Van Maaskant Haun, Den Haag. 320 blz. €22,99
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
  &lt;p&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/p&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Over+de+lente+en+de+eenzaamheid.jpeg" length="113605" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Nov 2021 18:56:22 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/geschiedenis-van-de-gewone-mens</guid>
      <g-custom:tags type="string">Over de lente en de eenzaamheid,essays,Gabriele Tergit,rechtbankverslagen,Berlijn</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Over+de+lente+en+de+eenzaamheid.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Over+de+lente+en+de+eenzaamheid.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘We waren kleine meertjes. We stroomden van de ene in de andere plas.’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/we-waren-kleine-meertjes-we-stroomden-van-de-ene-in-de-andere-plas</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘We waren kleine meertjes. We stroomden van de ene in de andere plas.’
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van 'Het einde van het lied' van Willem du Gardijn
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+einde+van+het+lied.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         In ‘Het einde van het lied’ doet Willem du Gardijn een bijzondere, zelfs dubbele, poging een moment van sterven zo dicht mogelijk te naderen. Het is het lot van de mens dat hij geen zinnig woord kan zeggen over hoe het einde precies zal zijn. De schrijver heeft de verbeelding tot zijn beschikking om de laatste stappen te beschrijven, maar wanneer is hij daarin geslaagd? De nieuwe roman van Du Gardijn is een prachtig drieluik van drie sterke portretten, dat als geheel echter geen eenheid wil vormen. 
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In het eerste deel volg je de laatste dagen uit het leven van Aimée, de vrouw van Adriaan. Haar nerveuze karakter blijkt uit de jachtige, vluchtige stijl waarin het geschreven is: 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          ‘Ze ging op bed liggen, haar benen tintelden. Ze had twee pillen genomen. Luidruchtig viel de regen op het dak, pajaro triste, trieste vogel, Iluvia triste, trieste regen. Na lang aarzelen ging ze eruit. Plassen. Ze deed een lampje aan, liep op haar sloffen naar het toilet, ging zitten. Er kwam niets. Een paar minuten bleef ze zitten. Met haar handen masseerde ze haar buik. Eindelijk kwam er een straaltje. Ze schonk wijn in. Ze moest oppassen met wijn en slaappillen. Mocht eigenlijk niet. Ze schreef een paar zinnen. Niet veel, ze was niet langer dan vijf minuten bezig. Ik ben onvruchtbaar. Ik ben schriel, schraal, dor, dat is het ergste.’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Door het personale perspectief zit je wel in het hoofd van Aimée, maar toch met afstand, waardoor zij ongenaakbaar blijft. Vooral aan het einde ga je dat voelen, omdat het dan net is alsof ze tussen je vingers door glipt. Toch gebeurt het al eerder. Haar relatie met Adriaan is ingewikkeld. Je krijgt niet helemaal vat op wat er mis is. Ze zijn kinderloos gebleven. Dat lijkt haar dwars te zitten. Ook heeft zij een relatie met Yves, die haar piano stemt. Toch wil Adriaan haar dat vergeven en doet hij een poging het goed te maken. Is het juist zijn begrip dat haar tegenstaat? Zij leeft al een poosje van hem gescheiden in het tuinhuis. Op vaste momenten maakt ze gebruik van de keuken en de badkamer. Ze hebben afgesproken dat hij dan weg is. Toch is ze steeds bang dat hij weer terugkomt. Waarom? Het beeld van Aimée blijft gefragmenteerd.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het tweede deel beschrijft de reis van Adriaan naar Rome, Napels en Baia, de oude Romeinse badplaats, waar volgens de overlevering keizer Hadrianus in het jaar 138 stierf. Adriaan wil de laatste weken uit het leven van de keizer in kaart brengen, het deel dat Yourcenar in haar ‘Mémoires d’Hadrien’ heeft nagelaten te vertellen. Hij vraagt zich af waar de keizer precies is overleden. Verschillende wetenschappers spreken elkaar tegen. Op een bepaald moment is hij ervan overtuigd dat het in de Villa dei Pisoni was, in een van de kamers met de mozaïeken waar Hadrianus zo dol op was. Voor een belangrijk deel is dat een intuïtieve keuze: ‘Waar ging je heen als je ging sterven? Naar een plek van betrokkenheid. Je had betrokkenheid nodig om de oversteek te maken. Je had betrokkenheid nodig om deze aarde los te laten.’ Terwijl dit deel in het ik-perspectief is geschreven, voelt de lezer hier juist meer afstand. Waarom is Adriaan hier zo zeker van? Wat weet hij van betrokkenheid? Zijn eigen vrouw is van hem weggevlucht! Ziet hij het allemaal wel scherp? Op de flap van de roman staat weliswaar dat Adriaan hier in Rome eindelijk naar de dagboeken van zijn vrouw durft te kijken, maar daar krijg je als lezer dan weinig van mee. Hij is vooral gefocust op de keizer.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In het laatste deel is Hadrianus zelf aan het woord. Hij beschrijft aan Marcus zijn laatste weken voor zijn dood. Omdat je uit het tweede deel weet, dat die laatste weken nooit beschreven zijn, is dit vermoedelijk het werk van Adriaan. Je leest hoe Hadrianus aan het einde van zijn leven gaat twijfelen over zijn rol als keizer. Het zijn vooral zijn geliefden die hij belangrijk vindt. Zijn laatste tocht naar Baia en de Villa dei Pisoni is een barre tocht, omdat hij er lichamelijk slecht aan toe is. De vraag blijft of het ook daadwerkelijk zo is gegaan.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Zo zit de lezer uiteindelijk met drie portretten in zijn hand: Aimée, Adriaan en Hadrianus. Hoewel Adriaan natuurlijk de verbindende factor tussen de twee stervenden is, voelt de lezer dat niet per se zo. Aimée brengt Adriaans positie bij voorbaat aan het wankelen. Zij laat zelfs doorschemeren dat zij Adriaans poging tot reconstructie van de laatste weken van Hadrianus’ leven helemaal niets vindt, zoals zij ook zijn toenadering tot haarzelf afwijst. Hierdoor wringt het drieluik, alsof de verschillende delen niet soepel scharnieren, misschien zelfs niet helemaal bij elkaar horen. Faalt de schrijver hier, of toont hij juist zijn kracht? Wat mij betreft dat laatste, want waar het gaat om de onzekere reconstructie van de geschiedenis, de broze verhouding tussen man en vrouw, het tasten in het duister waar het de dood betreft, vormt deze wankele constructie van drie portretten een passend mozaïek, een kunstwerk van gebrokenheid.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Willem du Gardijn – Het einde van het lied. Koppernik, Amsterdam. 232 blz. €21,50
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+einde+van+het+lied.jpeg" length="95768" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 23 Oct 2021 17:33:39 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/we-waren-kleine-meertjes-we-stroomden-van-de-ene-in-de-andere-plas</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het einde van het lied,essays,Willem du Gardijn</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+einde+van+het+lied.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+einde+van+het+lied.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘De woorden zijn nieuw, ze landen ergens in haar als zaadjes van een exotische plant.’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-woorden-zijn-nieuw-ze-landen-ergens-in-haar-als-zaadjes-van-een-exotische-plant</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘De woorden zijn nieuw, ze landen ergens in haar als zaadjes van een exotische plant’
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van 'De meisjes' van Annet Schaap
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+meisjes.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         Vooruit, sommige boeken koop ik in een opwelling, omdat ze er zo aantrekkelijk uitzien. Omdat het formaat van het kleine boek zo fijn aanvoelt in de hand, bijvoorbeeld, en er een robuuste oranje wolf op de voorkant staat, een boos kijkend meisje met capuchon op de achterkant, en als je stiekem de prachtige losse kaft eraf haalt, een maangezichtje op de vaste kaft prijkt, het boek ‘De meisjes’ heet – in combinatie met die robuuste wolf – en het ook nog een sprookjesboek blijkt te zijn, met... zeven sprookjes. Dan is het eigenlijk al niet eens meer nodig om te weten dat dit boek geschreven is door Annet Schaap, net als het prachtige ‘Lampje’, dat ik met zoveel plezier verslonden heb. Het boek is al op weg naar huis.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Heel even is daar bij het eerste sprookje een lichte teleurstelling, omdat het niet – zoals bij ‘Lampje’ – om een heel nieuw verhaal blijkt te gaan, maar om herschrijvingen van oude sprookjes. De woordspeling ‘Reinhardt Engelbracht Pelsteel’ als verwijzing naar repelsteeltje is bijzonder flauw, maar voor kinderen misschien wel heel grappig? 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Al gauw maakt de teleurstelling echter plaats voor nieuwsgierigheid en bewondering: hoe heeft de auteur dan alle andere sprookjes herschreven? Je ontdekt hoe de sprookjes eigentijdser zijn geworden zonder aan verbeeldingskracht te verliezen: een honderdjarige slaapster die niet meer wakker wil worden, de wolf en het meisje in de rode regenjas, die allebei van het pad afdwalen, terwijl het meisje weigert haar navigatie op de telefoon te volgen, Hans en Grietje die als Griet en Haasje worden misbruikt voor een koekjesreclame, terwijl hun vader te hard werkt. Het meest geslaagd is misschien wel het sprookje van het monstermeisje, waarbij Belle zowel het meisje als het monster is.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De sprookjes zijn humoristisch, soms vervreemdend door de sporen van de oude sprookjes, af en toe zelfs melancholisch, en zeker meer dan eens maatschappijkritisch. Bovenal zijn ze gevat in prachtige taal, waar het plezier vanaf druipt: ‘Braaf drukt het meisje haar handen tegen haar oren, maar niet zo stijf dat ze het gevloek niet meer hoort. De woorden zijn nieuw, ze landen ergens in haar als zaadjes van een exotische plant. Viezevuile. Helledonder. Tyfusteringkist.’ De uitspraak ‘Het leven is nu eenmaal geen sprookje’ uit de mond van een oude tante, als het haar nichtje niet lukt om een kikker in een prins te kussen, is een geslaagde vorm van dramatische ironie.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Heel stiekem denk ik dat de sprookjes nog beter waren geweest als ze de oude helemaal had losgelaten, want Annet Schaap heeft met ‘Lampje’ al laten zien wat de kracht van haar eigen sprookje is. Ook daarin zijn sporen te vinden van oude sprookjes, maar veel dieper verscholen, minder opzichtig, waardoor het verhaal staat als een huis, een vuurtoren in dit geval. Juist waar de sprookjes in ‘De meisjes’ het meest ontsporen, is Schaap op haar best. Het boekje sprankelt in elk geval van schrijfplezier en het is te hopen dat er nog veel meer gaat volgen.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+meisjes.jpeg" length="160949" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 21 Oct 2021 21:50:18 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-woorden-zijn-nieuw-ze-landen-ergens-in-haar-als-zaadjes-van-een-exotische-plant</guid>
      <g-custom:tags type="string">De meisjes,essays,Annet Schaap</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+meisjes.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+meisjes.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘In those mirrors, the minds of men, in those pools of uneasy water’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/in-those-mirrors-the-minds-of-men-in-those-pools-of-uneasy-water</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘In those mirrors, the minds of men, in those pools of uneasy water’
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van 'To the lighthouse van Virginia Woolf
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_7010.JPG"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         De lezer valt midden in een gesprek tussen mrs. Ramsay en haar zoon James. Moeder geeft aan dat het prima is, maar dat hij dan wel voor dag en dauw zal moeten opstaan. Pas verderop blijkt dat het gaat om een antwoord op de vraag of ze de volgende dag naar de vuurtoren zullen gaan. De zoon leeft helemaal op van dit positieve antwoord. Hij was bezig met het uitknippen van plaatjes uit een tijdschrift. Het lijkt een terloops antwoord op een vraag, maar het is juist dit terloopse dat in dit verhaal haast mythische proporties krijgt in ‘To the lighthouse’ van Virginia Woolf.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Mr. Ramsay, haar echtgenoot, is namelijk van mening dat het helemaal niet prima is, omdat het de volgende dag slecht weer zal zijn. Met een paar opmerkingen boort hij de hoop van de kleine jongen de grond in en valt er een schaduw over de kamer waarin de personages zich bevinden. Al in enkele pagina’s is duidelijk waar de spanning ligt. Vooral niet op het niveau van de gebeurtenissen, want er gebeurt niet zoveel in deze roman. De spanning ligt op het niveau van de relaties tussen de verschillende personages. Mrs. Ramsay haat haar man om dit soort pessimistische opmerkingen die alle hoop doet vervliegen. Ze ziet de teleurstelling van haar zoon en is ervan overtuigd dat hem deze teleurstelling de rest van zijn leven bijblijft. Daarom is het zo belangrijk wat er precies gezegd wordt tegen elkaar en daarom is ze soms zo blij als de dag voorbij is, de kinderen in hun bed liggen, zodat ze heel even niet meer hoeft na te denken over wat ze allemaal uitspreekt.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het is precies deze eigenschap die ook iemand uit haar omgeving waarneemt, namelijk Lily Briscoe. In het laatste deel bevindt Lily zich in het half vervallen huis van de Ramsays, als mrs. Ramsay al overleden is. Zij denkt terug aan deze vrouw en merkt op: ‘That woman sitting there, writing under the rock resolved everything into simplicity; made these angers, irritations fall off like old rags; she brought together this and that and then this, and so made out of that miserable silliness and spite (she and Charles squabbling, sparring, had been silly and spiteful) something – this scene on the beach for example, this moment of friendschip and liking – which survived, after all these years, complete, so that she dipped in to it to refashion her memory of him, and it stayed in the mind almost like a work of art.’ Hiermee maakt Lily van deze sociale vaardigheid van Mrs. Ramsay een kunstwerk. Dat is veelzeggend, omdat het juist Lily is die kunstenaar is en schilderijen maakt. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Niet alleen hierin ligt de essentie van dit meesterwerk van Woolf, dat toch een ode is aan de verbindende vrouw die al breiend een eindeloze stroom aan gedachten heeft, de meeste daarvan niet uitspreekt, zoveel moeite heeft met haar tirannieke man die vooral sympathiek gevonden wil worden, maar ondertussen anderen kleineert en zonder enig probleem op de zielen van anderen trapt. De essentie ligt ook in de voortdurende stroom van gedachten die zich vaak herhalen, maar ook veranderen, onderhevig zijn aan stemmingen. Je leest niet alleen de gedachten van mrs. Ramsay, ook die van mr. Ramsay en de andere personages. Je ziet hoe het mrs. Ramsay lukt om ondanks alles van haar man te houden en toch haar waardigheid te behouden, juist door heel veel niet uit te spreken, maar alleen te kijken, te glimlachen, zoals het eerste deel ‘The window’ eindigt: ‘And smiling she looked out of the window and said (thinking to herself, Nothing on earth can equal this happiness) – ‘Yes, you were right. It’s going tob e wet tomorrow’. She had not said it, but he knew it. And she looked at him smiling. For she had triumphed again.’ Het is ongelooflijk hoe deze ogenschijnlijke futiliteit, wel of niet morgen naar de vuurtoren gaan, een hele roman lang de rode draad kan zijn waaromheen zich een wereld aan karakters en gedachten openbaart.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het lijkt erop dat de vuurtoren niet alleen een vuurtoren is, maar ook een verwijzing naar iets hogers: het licht dat blijft schijnen, als een baken, onaantastbaar voor stemmingen en tijd: 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          “She stopped knitting; she held the long reddish-brown stocking dangling in her hands a moment. She saw the light again. With some irony in her interrogation, for when one woke at all, one’s relations changed, she looked at the steady light, the pitiless, the remorseless, which was so much her, yet so little her, which had her at its beck and call (she woke in the night and saw it bent across their bed, stroking the floor), but for all that she thought, watching it with fascination, hypnotized, as if it were stroking with its silver fingers some sealed vessel in her brain whose bursting would flood her with delight, she had known happiness, exquisite happiness, intense happiness, and it silvered the rough waves a little more brightly, as daylight faded, and the blue went out of the sea and it rolled in waves of pure lemon which curved and swelled and broke upon the beach and the ecstasy burst in her eyes and waves of pure delight raced over the floor of her mind and she felt, It is enough! It is enough!” Het is alsof het licht van de vuurtoren haar geest binnendringt en haar een bijzonder gevoel van vreugde geeft.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Ook in het tweede deel, ‘Time passes’, waarin het huis verlaten is door het gezin en half uit elkaar lijkt te vallen, speelt het licht van de vuurtoren nog een belangrijke rol: ‘Only the lighthouse beam entered the rooms for a moment, sent its sudden stare over bed and wall in the darkness of winter, looked with equanimity at the thistle and the swallow, the rat and the straw. Nothing now withstood them; nothing said no to them. Let the wind blow; let the poppy seed itself and the carnation mate with the cabbage. Let the swallow build in the drawing-room, and the thistle thrust aside the tiles, and the butterfly sun itself on the faded chintz of the armchairs. Let the broken glass and the china lie out on the lawn and be tangled over with grass and wild berries.” Het is alleen het licht dat blijft schijnen, hoe dan ook, wat er allemaal aan het huis en het landschap verandert.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Meesterlijk is hoe Woolf de gebeurtenissen die er in de meeste romans juist wel toe doen en breeduit worden belicht, slechts terloops noemt, zelfs tussen haken, alsof ze de stukken ook weg had kunnen laten. Zo krijg je en passant (tussen haken) mee dat zoon Andrew in de oorlog is omgekomen, maar dat is niet wat er wezenlijk toe doet. Het gaat om de afdruk die deze gebeurtenis achterlaat. Het is niet meer mogelijk onbevangen naar de zee te kijken, of naar de kinderen die handjesvol gras naar elkaar gooien: “Then again silence fell; and then, night after night, and sometimes in plain midday when the roses were bright and light turned on the wall its shape clearly, there seemed to drop into this silence, this indifference, this integrity, the thud of something falling.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          [A shell exploded. Twenty of thirty young men were blown up in France, among them Andrew Ramsay, whose death, mercifully, was instantaneous.] At that season those who had gone down to pace the beach and ask of the sea and sky what message they reported or what vision they affirmed had to consider among the usual tokens of divine bounty – the sunset on the sea, the pallor of dawn, the moon rising, fishing-boats against the moon and children pelting each other with handfuls of grass – something out of harmony with this jocundity, this serenity. There was a silent apparition of an ashen-coloured ship for instance, come, gone; there was a purplish stain upon the bland surface of the sea as if something had boiled and bled, invisibly beneath. This intrusion into a scene calculated to stir the most sublime reflections and lead to the most comfortable conclusions stayed their pacing. It was difficult blandly to overlook them, to abolish their significance in the landscape; to continue, as one walked by the sea, to marvel how beauty outside mirrored beauty within.”
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Hierin schuilt de grote betekenis die Virginia Woolf heeft voor de literatuur: de verschuiving van de aandacht van allerlei spannende gebeurtenissen naar al die ogenschijnlijk onbelangrijke handelingen – het strikken van schoenveters, de terloopse blik uit het raam, de paar woorden die uitgewisseld worden – waarmee  de dagen van de meeste mensen gevuld zijn en die juist bepalen wie zij zijn en hoe zij naar elkaar kijken. Woolf beschrijft dit proces van verschuiving in de literatuur ook in haar ‘Room of one’s own’: hoe het de vrouwelijke auteur is die hiermee geschiedenis schrijft. Eeuwenlang trok de man erop uit en schreef over zijn avonturen. Ondertussen bleef de vrouw thuis. Haar avonturen bevonden zich op een heel ander niveau, waarin de kleinste verschuiving van een blik of beweging binnenskamers er al toe kon doen. Dat vraagt om andere literatuur. Ik ken weinig auteurs die de essentie van het leven op deze manier vangen, zoals Woolf dat doet: in een stroom van gedachten, die meedeint op de bladeren in de wind, de golven van de zee, het voortschrijden van de tijd.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_7010.JPG" length="22108" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 21 Oct 2021 09:24:27 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/in-those-mirrors-the-minds-of-men-in-those-pools-of-uneasy-water</guid>
      <g-custom:tags type="string">To the lighthouse,Virginia Woolf,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_7010.JPG">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/IMG_7010.JPG">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘ze ligt in het landschap het landschap verschuilt zich in haar’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ze-ligt-in-het-landschap-het-landschap-verschuilt-zich-in-haar</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘ze ligt in het landschap het landschap verschuilt zich in haar’
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Bespreking van 'Aarduitwrijvingen' van Charlotte van den Broeck
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/aarduitwrijvingen.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         Landschap en lichaam vloeien in elkaar over in de nieuwe dichtbundel ‘Aarduitwrijvingen’ van Charlotte van den Broeck. De titel is, volgens een briefwisseling tussen Van den Broeck en filmmaker en fotograaf Jana Coorevits, afkomstig van kunstenaar Herman de Vries, die vrienden handenvol aarde liet meenemen uit verschillende delen van de wereld en die uitwreef op het doek. Iets vergelijkbaars doet Charlotte van den Broeck met de aarde en het lichaam, maar dan in taal. Landschappen en lichamen worden over elkaar uitgerold in klanken en metaforen, waaruit door ‘wrijving’ prachtige poëzie ontstaat.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De wrijving vindt allereerst plaats doordat de auteur begrippen die typisch voor landschappen zijn, in dezelfde strofe of zelfs regel verbindt met onderdelen van het lichaam, zoals in het laatste deel van het gedicht ‘migraine’: 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          als het komt
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          vasthouden aan de ribben
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          keelklanken houtkrullen sedimenten
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          gal
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          de bonze-bons de dreun
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          die het vel van de hemel scheurt eruit gulpt
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          een mengkleur een verdoving
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          en roze breekt de rots van ijzerzout
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          en koper en purper zingt de tik
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          in het kwarts me in slaap
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het zijn niet alleen de beelden van ijzer, koper, rots en kwarts die de migraine oproepen, maar ook de harde ‘k’-klanken van ‘keelklanken’, ‘koper’ en ‘kwarts’ en niet te vergeten de veelheid van klinkers. In dit gedicht is het alsof het landschap uit het hoofd puilt. Andersom zijn er ook gedichten waarin het landschap voorgesteld wordt als lichaam, zoals ‘in een vouw’, waarin gesproken wordt van de ‘halsaanzet van de heuvel’ en ‘de knik in de taille van de slapende zandreuzin’. Een leugen kan in haar poëzie door de aardscheuren opwaarts glashard rinkelen en oscilleren. De metaforen en klanken die Van den Broeck gebruikt, zorgen ervoor dat al je zintuigen geprikkeld worden, alsof je tijdens het lezen de zandkorrels en glasscherven in je mond voelt.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Niet alleen door de combinatie van landschap en lichaam ontstaat wrijving, maar ook doordat Van den Broeck vaste vormen zoals ‘gesteente’ laat vloeien. Zo kan er bloed sijpelen uit de ingewanden van een steen. Het is alsof in de gedichten een onderzoeker de veranderende landschappen en lichamen, die over elkaar heen schuiven, observeert en registreert. Vaak gaat het daarbij om vrouwenlichamen, die vervormen of geschonden worden, maar soms ook de natuur die te lijden heeft onder ons afval, zoals in het volgende fragment, waarin vrouwenlichaam en koraalrif subtiel in elkaar overvloeien:
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          verstrikt raakt waterschildpad
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          met zijn achterpoot in een tamponkoordje tot het einde
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          van zijn dagen trekt hij zich als een veroordeeld misdadiger
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          voort aan zijn absorberende ketting, aan wal
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          verliest een vrouw opnieuw bloed
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          beneden in het rif
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          knevelen rafels bouwgaas het koraalskelet
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          bleek trekt het 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          roodachtig koper
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          uit haar vertakkingen weg
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In de voorstudie voor deze bundel is Charlotte van den Broeck in nauwe dialoog geweest met audiovisueel kunstenaar Jana Coorevits, die foto’s van landschappen maakte in Death Valley (Californië), waarbij er ook associaties zijn tussen het gekwetste landschap en het gekwetste lichaam. In ‘Aarduitwrijvingen’ is dit zeker een belangrijk thema. In verschillende gedichten onderzoekt Van den Broeck hoe er naar het vrouwenlichaam wordt gekeken. Op een bijzondere manier doet zij dat in het gedicht ‘Aphrodite van Knidos (360 v.C.)’, waarin zij laat zien dat diverse mannen buiten zinnen raakten van dit prachtige beeld, terwijl de kunstenaar Praxiteles niet zomaar een naakte vrouw had gemaakt, maar ‘tegenover een lijf dat geurt en baart en bloedt’ in feite ‘een zuiver witte steen’ stelde. De vrouw houdt haar hand als een schelp gevouwen voor haar geslachtsdeel, maar ondertussen wordt de aandacht verlegd naar ‘twee geseksualiseerde borsten’. De dichteres laat zien dat het bijna onmogelijk is om naar deze vrouw te kijken zonder dat je achtervolgd wordt de kwade vloek van ‘het geniepig pleziertje / van een gluurder’. Het is alsof zelfs het harde, zuivere steen waaruit de vrouw gehouwen is, geen veiligheid biedt voor de lust van de toeschouwer.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Deze kwetsuur komt ook terug in het lange gedicht ‘Aan de parkvijver’ waarin de lezer getuige is van de uitvoerige balts tussen twee roodwangschildpadden. Bijzonder sensueel en tot in de details worden veranderingen in de lichamen van de twee schildpadden beschreven, en terwijl je weet dat het ‘gewoon maar’ de natuur is, kun je je niet aan de indruk onttrekken dat de vrouwtjesschildpad aangerand wordt door het mannetje: ‘in haar laatste verweer krimpt zij / om geen opening te maken om zich in zichzelf / te verbergen.’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De gedichten zijn misschien wel op hun mooist als Van den Broeck ze zelf voordraagt, want zij is behalve een virtuoze dichteres, ook een uitstekend performer. Als je haar een paar keer hebt gehoord, hoor je haar stem vanzelf ook in je hoofd bij het lezen. Met deze bundel laat Charlotte van den Broeck de lezer mee huiveren en sidderen met de lichamen en landschappen die zij beschrijft. Haar poëzie is een verleidelijke vrucht en ‘de vrucht / lipbloemig, warmbloedig zingt / zichzelf in bevingen open’.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Charlotte van den Broeck – Aarduitwrijvingen. De Arbeiderspers, Amsterdam, Antwerpen. 80 blz. €19,99
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/aarduitwrijvingen.jpg" length="21073" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 19 Oct 2021 12:48:03 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ze-ligt-in-het-landschap-het-landschap-verschuilt-zich-in-haar</guid>
      <g-custom:tags type="string">aarduitwrijvingen,essays,charlotte van den broeck,Charlotte van den Broeck,Aarduitwrijvingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/aarduitwrijvingen.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/aarduitwrijvingen.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De kunst van het kijken</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-kunst-van-het-kijken</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          De kunst van het kijken
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van 'De magie van het beeld' van Oek de Jong
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+magie+van+het+beeld.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         Lezen in ‘Magie van het beeld’ van Oek de Jong is vergelijkbaar met het bezoek een levensgroot museum onder leiding van een bevlogen deskundige. Het museum is levensgroot, omdat de kunstwerken zich verspreid over de hele wereld bevinden, uit veel verschillende tijdperken komen, en variëren van bijzondere gebouwen, interieurs van ateliers, schilderijen, filmshots, tot vele foto’s van bekende en minder bekende fotografen. De kracht van dit boek zit zowel in de variatie als in de samenhang.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het begint bij een eenvoudige foto van een tak met blaadjes die zijn schaduw werpt op een achtergrond. Volgens de auteur zou het zomaar eens kunnen dat bij onze voorouders op deze manier onze fascinatie voor beelden is begonnen: iemand die stilstond bij de schaduw van een tak en deze schaduw zag als beeld, een beeld dat misschien wel mooier was dan de tak zelf. Het armzalige takje dat op de foto zichtbaar is, valt inderdaad in het niet bij de schoonheid van de hele schaduwpartij. De grote liefde van De Jong voor kijken is al op jonge leeftijd begonnen. Het is niet voor niets dat hij op zijn achttiende naar Amsterdam ging om kunstgeschiedenis te studeren. Zijn grote kennis van de geschiedenis van het beeld klinkt in elk essay door.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De diversiteit is groot. Dat heeft niet alleen te maken met het grote aantal verschillende kunstenaars, maar ook met de diversiteit aan voorstellingen die zijn afgebeeld. Zo zit je je het ene moment te vergapen aan de Hagia Sophia in Istanboel met haar uiterst verfijnde interieur dat haast op kantwerk lijkt, en het andere moment zie je ‘Red Umbrella’, een foto van Saul Leiter, waarbij je op een regenachtige dag door de achterruit van een New Yorkse taxi kijkt en enkele vage vormen en kleuren waarneemt. Er zijn sobere foto’s van verstilde landschappen, stenen, bizarre bomen, maar daarnaast ook kleurrijke foto’s en filmshots waarin juist actie centraal staat. De afwisseling zit bovendien in het lezen van de essays en het kijken naar de afbeeldingen. De essays hebben de lengte van anderhalf tot twee bladzijden en hebben elk meestal één beeld, een enkele keer wat meer.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Niet voor niets heet het boek ‘De magie van het beeld’. De meeste beelden blijven geheimzinnig. Volgens de auteur is dat juist de kracht van het beeld. Juist door het ongrijpbare kun je heel lang naar de verschillende beelden kijken, en er ook steeds opnieuw naar kijken. Het is tegelijkertijd ook de kracht van de auteur dat hij de lezer meeneemt in het hele ontstaan en de achtergrond van het beeld, en je ook beter leert kijken. Hij wijst op de lichtval, de kracht van een vage achtergrond, de blik in iemands ogen, de samenstelling van de kleuren, contrasten in vormen. Zonder zijn scherpe blik zie je als niet-geoefende kijker veel over het hoofd. Neem de volgende observatie van de Hagia Sophia: ‘Het is wel vreemd dat mensen miljoenen stukken steen op elkaar stapelen tot een gebouw om met dat gebouw de indruk van gewichtloosheid te creëren. Om materie om te vormen tot een gebouw dat vooral geest uitdrukt: de geometrie.’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De samenhang zit in de fascinatie van Oek de Jong zelf, zijn wezen, zijn manier van kijken en beschrijven. Bepaalde thema’s komen terug. Zo beschrijft hij nogal wat vrouwen in de kunst: o.a. de tragische Marilyn Monroe en Mathilde Willink, Marina Abramovic, die hij ‘een geharde partizaan en sjamaan in één persoon’ noemt, en Nan Goldin met haar fotoboek ‘The Ballad of Sexual Dependancy’. Daarnaast heeft hij een liefde voor landschappen en ook voor allerlei kunstenaars die deze landschappen op een bijzondere manier hebben vastgelegd, zoals Richard Long, Hamish Fulton en Andy Goldsworthy. In diverse beelden komt het raadselachtige, erotische naar voren. Ook opvallend is zijn fascinatie voor tijd: bomen van duizend jaar oud, sporen die de tijd heeft achtergelaten, stenen die al eeuwenlang tot de verbeelding spreken en juist onaantastbaar zijn voor tijd, maar ook diverse momentopnamen, die ene seconde waarin een speciale blik is gevangen. Hij laat bovendien zien hoe schoonheidsbeleving door de eeuwen is veranderd.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Oek de Jong is behalve een goede observator natuurlijk ook een begenadigd schrijver, en niet alleen van romans. Zijn essays zijn stuk voor stuk mooi opgebouwd en prachtig verwoord: ‘Elke metro heeft zijn eigen schoonheid. Voor mij wordt die groter naarmate er meer geschiedenis in de stations en wagons zichtbaar is. De tijd moet er zijn patina hebben achtergelaten. Een metro wordt mooier als hij een beetje vuil is, als de tegels, de klokken en kaarten er oud zijn, als de verf op de kabelbundels langs het plafond afbladdert. Tot de eigenheid en schoonheid van een metro hoort ook de bewegwijzering: cijfers en letters, kleuren en lijnen op de borden en kaarten.’ Ook door zijn manier van schrijven roept hij een gedetailleerd beeld op.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dit alles maakt het ‘beleven’ van dit boek tot een aangenaam tijdverdrijf: vanuit je stoel reis je de hele wereld over, dwars door de geschiedenis, en al lezend en bladerend raak je steeds meer bedreven in de kunst van het kijken. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Oek de Jong – De magie van het beeld. WBooks, Zwolle. 152 blz. €19,95
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+magie+van+het+beeld.jpeg" length="69398" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 19 Oct 2021 12:44:36 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-kunst-van-het-kijken</guid>
      <g-custom:tags type="string">oek de jong,de magie van het beeld,essays</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+magie+van+het+beeld.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+magie+van+het+beeld.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Dat de ruimte achter hem open is’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/dat-de-ruimte-achter-hem-open-is</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘Dat de ruimte achter hem open is’
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Bespreking van 'Het park' van Philippe Sollers
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/het+park.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         Als je het bos in gestuurd wordt, loop je de kans te verdwalen, maar hoe zit dat bij een park? Een park klinkt overzichtelijk, in elk geval afgebakend, meestal netjes onderhouden. ‘Het park’ van Philippe Sollers, voor het eerst verschenen in 1961, in 2000 vertaald door Kiki Coumans, die haar vertaling nu voor deze nieuwe uitgave herzien heeft, is een park dat inderdaad afgebakend is, namelijk door de kaft, maar waarin je – in positieve zin- uren kunt dwalen.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het motto is een omschrijving van een park door J.J. Rousseau, uit zijn ‘Héloïse’. Een park is volgens Rousseau een samenstelling van mooie, schilderachtige plekken waarvan de afzonderlijke aspecten gekozen zijn uit verschillende landen en waarvan alles heel natuurlijk is, behalve hun samenkomst. Het motto typeert Sollers’ verhaal: het is een samenstelling van verschillende personages en impressies die uit verschillende levens zijn gekozen. Op zichzelf doen die heel natuurlijk aan, maar de verbinding ertussen is op z’n minst opmerkelijk. Er is geen duidelijk pad, geen chronologische verhaallijn, geen plot dat je eenvoudig zou kunnen navertellen. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Toch zijn er constanten. Er is een man in een kamer met een balkon, die regelmatig over de straat kijkt en observaties doet. Daarnaast zijn er een vrouw die een belangrijke rol in zijn leven lijkt te hebben gespeeld, een soldaat van wie hij afscheid heeft moeten nemen, en een kind. Ook is er een park dat regelmatig terugkomt. In de meeste verhalen komen personages op een logische manier een verhaal binnen, als duidelijk afgebakende personen die door tijd, ruimte en gebeurtenissen met elkaar verbonden zijn. In dit verhaal vloeien ze in elkaar over, zijn ze via een vrije associatie met elkaar verbonden, waardoor ze soms voor even lijken samen te vallen. Zo kan het zijn dat er een ik-persoon is die een pijn voelt opzetten, in de spiegel kijkt, een hand tegen zijn gezicht houdt. Hij denkt ‘Niks aan de hand, het komt vast door de vermoeidheid’, en die zin echoot in een volgend fragment waarin een vrouw diezelfde zin tegen de ik uitspreekt, in een heel andere context, waarop de zin nogmaals een echo heeft in een daaropvolgend fragment waarin een hij tegen de dijk leunt en zijn vermoeidheid uitspreekt. Verschillende tijdlagen lopen op die manier door elkaar heen en ook ruimtes lopen in elkaar over. Een fontein in een groot bassin staat de ene keer in een park en een volgend moment in een laan met grijze bomen.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het duurt even voor je je kunt overgeven aan deze manier van vertellen en je beseft dat er geen antwoorden zijn, dat de impressies je overkomen, vooral vragen oproepen en soms een glimp van een verhaal, en net als je je afvraagt waar de soldaat eigenlijk gebleven is, doemt hij plotseling weer op vanuit een onverwachte hoek. Op dezelfde manier kan het gebeuren dat de ik naar een schilderij kijkt, zijn oog blijft hangen bij een vorm of een kleur, of zelfs bij iets wat niet eens op het schilderij staat afgebeeld, en dat zich plots vanuit het niets de diepere betekenis van het hele verhaal openbaart:
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          ‘Op de achtergrond van het schilderij strekt zich als achter een onzichtbaar raam (of een raam dat de schilder vergeten is te schilderen) zonder enige overgang een laan uit die iets onheilspellends heeft, een laan met gesnoeide grijze bomen (het is winter) en in het midden een fontein in een groot bassin. Er loopt niemand door de laan, waar de orgelmuziek waarschijnlijk weerklinkt (...). Hoe het ook zij, een dergelijke co-existentie van uiteenlopende elementen – waarvan je echter voelt dat ze op een duistere manier met elkaar verbonden zijn – benadrukt de dubbelzinnige aanblik van het tafereel, verlengt het gevoel van onbehagen, maakt een moeilijk toegankelijk – maar des te sterkere – betekenis vrij, kortom, brengt de afbeelding die zich geleidelijk oplaadt met betekenissen, ingehouden woorden, onhoorbare signalen, tot leven; brengt hem, beschermd, tot leven op de voorgrond, zonder dat een van de personages ook maar in het minst vermoedt dat de ruimte achter hem open is.’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In ‘Het park’ kom je wonderschone impressies tegen, zoals die van het oranje schrift en de inktpot met de vulpen, en van het kind dat aan het spelen is en zijn eigen weg zoekt. Is dit kind de ik toen hij nog kind was? Voordat je een antwoord krijgt, tuimel je zonder pardon in gruwelijke observaties waarin je getuige bent van de dood van een soldaat: 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          ‘de ene valt en de andere maakt een weids gebaar in zijn richting (het einde van de bladzijde nadert, zo dadelijk eindigt hij met een korte, voor de hand liggende zin), en dan is daar uiteindelijk de explosie, de lende die opengereten wordt, de arm, de adem die stokt in een onhoorbare schreeuw (niemand zal het gemerkt hebben; nog twee seconden), hij bedekt zijn ogen, 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het is vijf uur in de ochtend.’ 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het dwalen is vooral genieten als je je voorstelt dat wat je leest, niet een poëtische roman is, maar, zoals Sollers zijn werk zelf noemt, ‘een verhalend gedicht, waarin geleidelijk aan, via de overdaad aan beelden uit het leven, de belangrijkste drijfveer voor alle poëzie zichtbaar wordt: de nachtelijke en lichte, visuele en verbale, onweersprekelijke werking van de verbeelding.’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Philippe Sollers – Het park. Vertaald door Kiki Coumans. Uitgevers Vleugels, Bleiswijk. 144 blz. €23,95
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/het+park.jpeg" length="13217" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 05 Oct 2021 11:36:45 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/dat-de-ruimte-achter-hem-open-is</guid>
      <g-custom:tags type="string">Het park,essays,Philippe Sollers</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/het+park.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/het+park.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Het monster der saamhorigheid’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-monster-der-saamhorigheid</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘Het monster der saamhorigheid’
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Bespreking van 'Zwerm' van Berthe Spoelstra
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zwerm.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          ‘De boom in de achtertuin is niet alleen bedekt met een dunne laag sneeuw, maar ook met spreeuw. Op een twijg zit een bolletje dat donker afsteekt tegen de witte achtergrond. Waarom zit die vogel in z’n eentje op een tak? Is het een jonkie zonder moeder, een uit de groep gestoten exemplaar?’ De spreeuwen zijn nadrukkelijk aanwezig in het debuut ‘Zwerm’ van Berthe Spoelstra. De roman gaat over ouders en kinderen in een controlesamenleving, over conformisten en buitenstaanders.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Nieuwer Zandpol is een vinexwijk die door een omheining de rest van de wereld zorgvuldig op afstand houdt. De meeste ouders van deze wijk doen hun kinderen ‘intern’, op een kostschool. Alma en Kees, de moeder en stiefvader van Akke en Gientje doen dat vooralsnog niet, maar voelen de druk van de buurt. Akke is wat depressief en Gientje een beetje simpel. Iedereen let op iedereen, en iedereen heeft overal een mening over: ‘De rest denkt dat Akke op een internaat als bij toverslag in een olijke hockeytiener zal veranderen. En Gientje moet natuurlijk naar een speciale school. De buren verpakken dat in teksten over een persoonlijke behandeling en specialistische aandacht, maar eigenlijk zeggen ze dat zij niet weten hoe ze met Gina moeten omgaan.’ Er klinkt wat kritiek in door op de maakbaarheid van de mens, maar doordat de ‘gated community’ zo overdreven wordt neergezet, schiet deze kritiek haar doel voorbij.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Op een nacht in december als de bewoners net een buurtfeest achter de rug hebben, zijn Akke en Gientje verdwenen, samen met twee jongens uit het dorp. Iedereen is in rep en roer en speculeert over wat er gebeurd kan zijn en dan krijgt het verhaal iets van sciencefiction, vooral door de veelvuldige verwijzingen naar Star Wars, The Matrix, Space Odyssey, en een handvest over cybernetica. De naam van een van de jongens, Zenit, doet in contrast met Akke (van de planten Akkerwinde en akelei) en Gientje, ook wat ruimtelijk aan. Akke ziet zichzelf overigens als een vinvis die is vastgelopen op een zandbank. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Ondertussen volgt de lezer de ontsnapping van de vier kinderen, die in de bittere kou door het bos strompelen met een inderhaast meegenomen overlevingspakket en Gientjes knuffel Pootjes. De gedachten, het spel en de toenemende wanhoop van de kinderen zijn hier en daar aandoenlijk, maar het gedrag van de achterblijvers is gekunsteld en ongeloofwaardig. Zo doet Alma weinig om haar kinderen te vinden, mijmert vooral wat over de dichter Hānī, over wie ze een biografie zal schrijven. Soms ligt het perspectief bij Franka, een vrouw van buiten het dorp, van wie de moeder in het dorp woont. Vanaf de eerste bladzijde is duidelijk dat zij meer weet dan de anderen, omdat ze wat gezien heeft en erover twijfelt of ze het aan de ouders zal vertellen. Is het juist de buitenstaander die meer weet dan de gemeenschap? Het is de vraag of haar rol als buitenstaander naast de ontsnapte kinderen, die ook al buitenstaanders zijn, niet de opzet van de roman ondermijnt.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Spoelstra heeft opzichtig meerdere metaforen in haar roman geweven, zoals de zwerm spreeuwen die iets te nadrukkelijk als een schaduw boven het hele verhaal zweeft, met één ontsnapte vogel. Daarnaast is er een ‘collectieve kater’ die niet alleen – een beetje flauw – verwijst naar de hoeveelheid alcohol die op het buurtfeest achterover is geslagen, maar ook gewoon een kat is die de gemeenschap symboliseert en van het ene moment op het andere verandert in een hond, bunzing of gier: ‘Het monster der saamhorigheid is ongrijpbaar, het aantal poten lijkt oneindig. Tentakels zwieren door de kamer als een slagschip onder water, langs gedachten, woorden, meningen. En dan ineens zijn alle poten weg. Voor de kachel ligt weer een onschuldig wezen dat geaaid wil worden.’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De roman lijkt kritiek te willen geven op de controlesamenleving en de vraag op te werpen hoe het individu zich verhoudt tot de gemeenschap. Doordat het perspectief regelmatig verschuift naar een alwetende verteller die commentaar levert op het verhaal, neemt de lezer automatisch afstand. Daardoor wordt het meer een ideeënroman dan een verhaal waarin je ook daadwerkelijk voelt in hoeverre het mogelijk is je als individu aan de gemeenschap te onttrekken. Akke en Gientje zijn daarentegen met al hun fantasie en geworstel zo sterk neergezet dat zij de gekunstelde vinexwijk met gemak omverblazen. Dat is wellicht hoopvol voor de mensheid, maar funest voor de constructie van de roman.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Berthe Spoelstra – Zwerm. Uitgeverij Van Oorschot, Amsterdam. 220 blz. €20,00
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zwerm.jpeg" length="340067" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 05 Oct 2021 11:32:09 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-monster-der-saamhorigheid</guid>
      <g-custom:tags type="string">Berthe Spoelstra,essays,Zwerm</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zwerm.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/zwerm.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Hij had het gevoel dat hij een eenzaam man was…’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/hij-had-het-gevoel-dat-hij-een-eenzaam-man-was</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘Hij had het gevoel dat hij een eenzaam man was…’  
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Over de verhalen 'Brommer op zee', 'Welp' en 'Tanker cleaning' van Maarten Biesheuvel
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Eva Klein Gunnewiek (leerlinge vwo 6 Baudartius College)
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Biesheuvel.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         In 1972 brengt de dan 33-jarige Maarten Biesheuvel (1939 – 2020) zijn eerste verhalenbundel
         &#xD;
  &lt;i&gt;&#xD;
    
          In de bovenkooi
         &#xD;
  &lt;/i&gt;&#xD;
  
         uit. Zijn debuut slaat enorm aan: in één klap is hij in heel Nederland bekend. Er volgen nog veel meer boeken, waarin zijn ingewikkelde leven en worsteling met zijn geestesziekte naar voren komen. Biesheuvel was manisch depressief: zijn leven bestond uit manische (opgewekte) periodes en uit depressieve periodes. In deze depressies ervaarde hij veel eenzaamheid: een thema  in veel van zijn verhalen. Zo ook in
         &#xD;
  &lt;i&gt;&#xD;
    
          Brommer op zee
         &#xD;
  &lt;/i&gt;&#xD;
  
         ,
         &#xD;
  &lt;i&gt;&#xD;
    
          Welp
         &#xD;
  &lt;/i&gt;&#xD;
  
         en
         &#xD;
  &lt;i&gt;&#xD;
    
          Tanker cleaning
         &#xD;
  &lt;/i&gt;&#xD;
  
         , alle drie uit zijn debuutbundel. Maar op welke manier komt het thema eenzaamheid terug in deze verhalen? 
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Brommer op zee
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          beschrijft een jongen genaamd Isaac, die zich nergens echt thuis voelt. Op een boot verlangt hij naar het land, en op het kantoor verlangt hij naar de zee. Een avond staat Isaac op het achterdek van een schip, wanneer hij ineens een lichtje dichterbij ziet komen. Het is geen boot, maar een brommer, rijdend op het water. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Welp
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          dwaalt de ik-persoon, een achtjarige padvinder, door in het bos. Hij moet verschrikkelijk nodig een boodschap doen, maar redt het net niet tot de houten wc-hokjes. Zich verschuilend voor zijn vriendjes probeert hij zijn probleem op te lossen. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Tanker cleaning
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          volgt de ik-persoon tijdens zijn eerste (en waarschijnlijk ook laatste) dag werken als ‘tanker cleaner’: de ruimen van tankers van olie-residu reinigen. Hij daalt af in het ruim van het schip en merkt al snel dat het niet zo’n simpel werk was als gedacht. Al snel zit hij volledig onder de drek, en dat is niet de enige tegenslag de hij te verduren krijgt… Wel raakt hij aan de praat met zijn buitenlandse collega’s en kan in ieders taal wel wat zeggen. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In het karakter van de personages komt het thema eenzaamheid sterk naar voren. De autobiografische ik-persoon valt steeds net buiten te boot. Isaac in
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Brommer op zee
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          voelt zich nergens thuis. In een interview met neerlandicus en literair recensent Onno Blom, vertelde Biesheuvel: ‘Brommer op zee gaat eigenlijk over eenzaamheid. Het is een allegorie. Die jongen hoort niet bij de mensen op de wal, hij hoort niet bij de mensen op het schip, maar hij hoort toch ook niet bij die Messiasachtige figuur op de brommer. Hij is net zo eenzaam als ik.’ Als Isaac zijn verhaal aan de marconist vertelt, lacht hij hem uit en al snel weet het hele schip ervan: ‘Hij had het gevoel dat hij een eenzaam man was en langzamerhand kwam hij tot de ontdekking dat het wel altijd zo zou blijven’. Ook in
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Welp
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          voelt de achtjarige Biesheuvel zich eenzaam en afgesloten van de rest van de groep, wanneer hij in paniek en bedekt met zijn eigen uitwerpselen in het houten wc-hokje staat en niet weet wat hij moet doen. Hij schaamt zich, hij voelt zich anders dan de rest: ‘Een normaal mens scheet niet in zijn broek’. In
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Tanker cleaning
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          is het thema eenzaamheid in eerste instantie minder goed te herkennen. De hoofdpersoon lijkt vrij zelfverzekerd en raakt snel met zijn collega’s aan de praat. Toch is in dit laatste waarschijnlijk juist een teken van zijn eenzaamheid. Door de anderen op te vrolijken met zijn taalkunstjes dicht hij zijn persoonlijke leegte. Hij is immers zo anders dan zijn collega’s: de enige manier waarop hij zich ook maar een beetje kan verbinden met de rest, is door zijn kennis van hun taal. ‘Ik voelde me als Jezus die les geeft in de tempel als het wonderkind dat voor de verbaasde meute eens blijk van zijn kunnen wil geven’.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In de drie verhalen zit je als lezer bij wijze van spreken ‘opgesloten’ in één persoon; ook op gebied van perspectief komt dus het thema eenzaamheid naar voren. Biesheuvel maakt geen gebruik van de alwetende verteller: als lezer weet je alleen de gevoelens en gedachtes van de hoofdpersoon. Brommer op zee is als enige van de drie verhalen geschreven vanuit de derde persoon. We volgen Isaac en zijn surrealistische ontmoeting met de man op de brommer, en hoe hij de dag erna door iedereen uitgelachen wordt. Omdat wij ons in het hoofd van Isaac bevinden, ervaren wij zijn eenzame gevoelens.
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Welp
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          en
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Tanker cleaning
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          zijn geschreven vanuit de ik-persoon. Als lezer volg je Biesheuvel in twee fases van zijn leven. In Welp leef je mee met het achtjarige jongetje wanneer hij zich eenzaam en alleen verschuilt in het wc-hokje. Van wat er gebeurt buiten het hokje heb je geen idee. In
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Tanker cleaning
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          volg je Biesheuvel die tegenslag na tegenslag ondergaat. Door het gebruik van de ik-persoon straalt zijn eenzaamheid uit op de lezer.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Eenzaamheid komt ook naar voren in de fysieke ruimte in de drie verhalen van Biesheuvel. De lezer krijgt een bijna claustrofobisch gevoel door de manier waarop Biesheuvel de ruimte om zich geen uitdrukt. Isaac kan in
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Brommer op zee
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          geen kant op. Hij verlangt naar de kust, maar weg van de boot kan hij niet: hij wordt omringd door de eindeloze zee. Zelfs de man op de brommer wil hem niet meenemen: Isaac zit vast op de boot. Het grootste gedeelte van
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Welp
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          speelt zich af in een krap houten wc-hokje. De jonge Biesheuvel is helemaal vies: zowel zijn lichaam als zijn kleding zit onder zijn uitwerpselen. Hij kan het hokje niet uit, dat zou iedereen hem zien. Ook hier zit de hoofdpersoon dus opgesloten.
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Tanker cleaning
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          speelt zich af in het krappe, donkere ruim van een schip. Hoofdpersoon Biesheuvel is er aan het werk: hij kan er niet weg tot het vieze werk gedaan is. De claustrofobische sfeer begint al wanneer hij in het ruim afdaalt: ‘Plotseling zag ik iets dat aan een ijzeren Jacobsladder deed denken. Ik zette er voorzichtig mijn voeten op en begon af te dalen. Binnen de minuut was ik al vier meter naar beneden geklommen. Maar toen bleek dat het schip nog niet helemaal goed ontgast was. De oliestank kwam mijn oren uit en ik werd duizelig.’ 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Al met al komt het thema eenzaamheid in de verhalen
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Brommer op zee
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          ,
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Welp
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          en
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Tanker cleaning
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          duidelijk naar voren. Niet alleen in het karakter en de gevoelens van de personages, maar ook op gebied van fysieke ruimte en perspectief. De schrijfstijl van Maarten Biesheuvel is uiterst uniek, maar als je je bewust bent van zijn mentale ziekte is zijn opvallende kijk op het leven beter te begrijpen. Biesheuvel was een eenzaam man, dat is in zijn verhalen wel te merken, maar dat hoeft niet negatief te zijn. Niet voor niets werd zijn debuutbundel meteen een groot succes en won hij zowat alle literaire prijzen die er maar te winnen vallen. Eenzaamheid is een emotie die iedereen kent; misschien komt het daardoor dat veel mensen zich zo aangetrokken tot zijn verhalen. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Literatuur 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          •	Biesheuvel, J. M. A. (1972). In de bovenkooi. Meulenhoff [Nederland]. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          •	Blom, O. (2015, 16 februari). De vijf beste korte verhalen van Maarten Biesheuvel volgens Onno Blom. De Groene Amsterdammer. https://www.groene.nl/artikel/de-vijf-beste-korte-verhalen-van-maarten-biesheuvel-volgens-onno-blom 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          •	Blom, O. (2021, 1 januari). ‘Ik lieg me te barsten maar ik spreek de waarheid’ - de verbeelding van Maarten Biesheuvel. Volkskrant. https://myprivacy.dpgmedia.nl/consent?siteKey=PUBX2BuuZfEPJ6vF&amp;amp;callbackUrl=https%3a%2f%2fwww.volkskrant.nl%2fprivacy-wall%2faccept%3fredirectUri%3d%252fcultuur-media%252fik-lieg-me-te-barsten-maar-ik-spreek-de-waarheid-de-verbeelding-van-maarten-biesheuvel%257ebf7ec772%252f%253freferrer%253dhttps%25253A%25252F%25252Fwww.google.nl%25252F 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          •	Muus, D. (2020, 30 juli). Maarten Biesheuvel schreef aangrijpend over zijn worstelingen. Parool. https://www.parool.nl/kunst-media/maarten-biesheuvel-schreef-aangrijpend-over-zijn-worstelingen~b62ca246/?referrer=https%3A%2F%2Fmyprivacy.dpgmedia.nl%2Fconsent%3FsiteKey%3D5id0G7K93Kr6sOje%26callbackUrl%3Dhttps%253a%252f%252fwww.parool.nl%252fprivacy-wall%252faccept%253fredirectUri%253d%25252fkunst-media%25252fmaarten-biesheuvel-schreef-aangrijpend-over-zijn-worstelingen%25257eb62ca246%25252f 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          •	Thuisarts. (2018, 7 maart). Ik heb een bipolaire stoornis | Thuisarts.nl. https://www.thuisarts.nl/bipolaire-stoornis/ik-heb-bipolaire-stoornis  
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Biesheuvel.jpeg" length="111900" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 03 Oct 2021 14:53:32 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/hij-had-het-gevoel-dat-hij-een-eenzaam-man-was</guid>
      <g-custom:tags type="string">Eva Klein Gunnewiek,essays,verhalen,In de bovenkooi,Biesheuvel,essays leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Biesheuvel.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Biesheuvel.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'Het garen van Jan Wolkers’ verhalentapijt'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-garen-van-jan-wolkers-verhalentapijt</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          'Het garen van Jan Wolkers’ verhalentapijt'
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Hoe de dood en angst voor de dood zijn verwerkt in de verhalen van Jan Wolkers 
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Diede Kaak (leerlinge vwo 6 Baudartius College)
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Jan+Wolkers.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         Jan Wolkers was een Nederlands schrijver die met zijn manier van schrijven vele taboes heeft doorbroken. Zijn meest bekende werken zijn
         &#xD;
  &lt;i&gt;&#xD;
    
          Turks Fruit
         &#xD;
  &lt;/i&gt;&#xD;
  
         en
         &#xD;
  &lt;i&gt;&#xD;
    
          Terug Naar Oegstgeest
         &#xD;
  &lt;/i&gt;&#xD;
  
         .
         &#xD;
  &lt;i&gt;&#xD;
    
          Vivisectie
         &#xD;
  &lt;/i&gt;&#xD;
  
         ,
         &#xD;
  &lt;i&gt;&#xD;
    
          Gevederde Vrienden
         &#xD;
  &lt;/i&gt;&#xD;
  
         en
         &#xD;
  &lt;i&gt;&#xD;
    
          Wespen
         &#xD;
  &lt;/i&gt;&#xD;
  
         zijn drie korte verhalen van Jan Wolkers.
         &#xD;
  &lt;i&gt;&#xD;
    
          Vivisectie
         &#xD;
  &lt;/i&gt;&#xD;
  
         volgt een jongen die zijn broer de oorlog in ziet gaan en bang is dat hij nooit terug zal keren.
         &#xD;
  &lt;i&gt;&#xD;
    
          Gevederde vrienden
         &#xD;
  &lt;/i&gt;&#xD;
  
         gaat over Herbert die zijn vrouw Liesbeth zat is en een einde aan haar leven maakt. Hij sluit haar op in de vriezer om haar vervolgens in stukjes te snijden en aan de meeuwen te voeren. Het derde verhaal
         &#xD;
  &lt;i&gt;&#xD;
    
          Wespen
         &#xD;
  &lt;/i&gt;&#xD;
  
         gaat over een vader en zoon die ‘s ochtends gaan vissen. Ze vangen een vis die moet worden doodgemaakt, omdat de vis te ver in de haak heeft gebeten. De zoon vindt het niet meer leuk, hij gaat naar een schuurtje verderop waar hij achterna wordt gezeten door wespen. Deze verhalen lopen heel verschillend af, maar zijn allemaal doorweven met de dood. Daarnaast is de dood die elke keer om de hoek komt kijken, ook verstrengeld met angst. De dood en de angst voor de dood zijn op verschillende manieren verweven in het verhalentapijt van Jan Wolkers. Aan de hand van deze drie verhalen is dat tapijt te ontrafelen. 
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Om te beginnen komt de dood tevoorschijn op thematisch niveau, in verschillende motieven die Jan Wolkers gebruikt om zijn verhaal aan op te hangen. In sommige gevallen wordt de dood zelf duidelijk als motief gebruikt, zoals wanneer Herbert Liesbeth vermoordt.  In andere gevallen is het iets dieper verweven, namelijk in het motief van angst. Angst komt vaak voor en met name angst voor de dood. In
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Vivisectie
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          is de hoofdpersoon bang voor de oorlog maar ook dat zijn broer dood is. Zo bang zelfs dat hij is overtuigd dat zijn broer er niet meer is, terwijl hier nog geen bewijs voor is. Als hij op de universiteit een dode binnen ziet worden gebracht, durft hij niet meer te kijken: “De man in de rouwkapel trekt de vormeloze klomp vlees met een haak naar binnen. Ik loop van het raam weg, ik durf niet langer te blijven staan. Ik weet dat mijn broer in die auto ligt, koud en stijf, en misschien wel verminkt.” In
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Wespen
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          komt een meer directe en traditionele vorm van angst voor. De zoon is bang voor de wespen die hem achterna komen. Echter, de zoon is ook bang voor de dode vis, een echte reden hiervoor wordt niet gegeven. De eerste keer dat hij de vis ziet, is hij al merkbaar onthutst wanneer de vis dood moet, maar later in het verhaal wil hij er niks meer mee te maken hebben als zijn vader de vis opensnijdt, en hij verstopt zich. In 
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Gevederde rienden
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          komt angst voor de dood heel letterlijk voor. Als Herbert Liesbeth bijna volledig aan de meeuwen heeft gevoerd, ziet hij vreemde dingen gebeuren in het huis. Het lijkt alsof Liesbeth nog leeft en Herbert wordt paranoïde. Hij is letterlijk bang voor de dode, in dit geval Liesbeth, en vertrekt kort daarna. De dood komt ook terug in andere motieven, zoals de oorlog. In
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Vivisectie
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          wordt de oorlog vrijwel meteen met de dood geassocieerd, als de broer van de hoofdpersoon wordt uitgezonden. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Verder heeft de dood zijn toevlucht gevonden in een aantal leidmotieven. De meest voor de hand liggende is die van de dode dieren. Dode dieren komen vaak, op creatieve en regelmatig lugubere wijze, naar voren in de verhalen. Zoals in
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Wespen
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          : “Hij pakte de baars en trok voorzichtig aan het snoer. ‘Het is wat,’ zei hij. ‘Het zit er tot aan het lood in.’ Ineens gaf hij een ruk. Ik hoorde iets knappen in de vis. Zijn bek ging zover open dat hij doorzichtig werd. Toen trok mijn vader zijn ingewanden aan het haakje naar buiten. Ik sloot mijn ogen. Mijn lippen krulden om terwijl het water in mijn mond kwam te staan. ‘Wat een smurrie,’ zei hij.” In tegenstelling tot
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Vivisectie
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          , waar muizen worden vergast, zijn in
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Gevederde vrienden
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          in zekere zin de dieren degenen die, naast Herbert, de aanstichters zijn van de dood wanneer ze Liesbeth opeten.  
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Een ander leidmotief is de kou die overal aanwezig is. Kou wordt vaak gebruikt om de dood te beschrijven. De dood is immer stijf, koud en roept een kil gevoel op. Niet te vergeten dat Liesbeth zelfs de dood vindt door toedoen van de kou. Bij deze drie verhalen lijkt het er zowaar op dat hoe meer kou er wordt genoemd, hoe duidelijker de dood naar voren komt. In
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Vivisectie
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          wordt kou een aantal keer genoemd om het gevoel van de hoofdpersoon te beschrijven. Ook wordt er een vergelijking gemaakt verderop met een vies hoopje sneeuw. In dit verhaal staat de dood dus niet per se op de voorgrond, maar is toch sterk aanwezig met de dode muizen, de dode parachutist en de angst voor de dode broer. Neem dan
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Wespen
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          , waarin het belangrijkste wat doodgaat de vis is. Dit verhaal heeft het in het begin over een koude ochtend, maar verder komt er geen kou meer voor. Weinig kou en weinig dood dus. In
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Gevederde vrienden
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          hebben de kou en sneeuw een prominente plek. Er wordt voortdurend over gesproken: condens op de ramen, de ijskast en sneeuw. Dit verhaal gaat dan ook hoofdzakelijk over de dood van Liesbeth, alhoewel het ironisch is dat het lente wordt tegen de tijd dat Liesbeth volledig is opgegeten door de meeuwen. Kou lijkt dus de mate van dood en ontbinding aan te geven in de verhalen. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Daarnaast is er in ieder verhaal een tram aanwezig, deze heeft geen noodzaak voor de verhaallijn, dus het is op zijn minst opvallend dat deze in het verhaal is opgenomen. Een tram zou door zijn vervoersfunctie vergankelijkheid kunnen symboliseren, het onontkoombare verval van alles. Ook omdat een tram over rails rijdt en als het ware het lot volgt in de rails. Hiermee is subtiel de dood op de achtergrond weergegeven. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Als laatst is de schrijfstijl noemenswaardig. De dood die op het niveau van motieven en leidmotieven zit, wordt benadrukt door de schrijfstijl. In het taalgebruik van Jan Wolkers zit veel beeldspraak, waaronder metaforen en homerische vergelijkingen. De dood wordt vaak beschreven op een manier die impact heeft op de lezer en vergelijkingen en metaforen brengen de dood naar de voorgrond waar die anders vormloos zou blijven. Neem bijvoorbeeld dit stuk uit
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Vivisectie
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          : “Ik denk aan de grote witte rat die onder een stolp met ether werd gezet. Hij ging op zijn achterpoten zitten als een ijsbeer die een kunstje gaat doen. Toen buitelde hij een paar keer over de kop en viel neer. Even later lag hij met een opengeknipt buikje op de tafel. Een student knipte met een schaar iets tussen zijn naar buiten puilende ingewanden vandaan en deed iets bloederigs op een glazen plaatje. Daarna pakte hij de rat en wierp hem in de zinken afvalbak. Toen ik later in de bak keek kroop hij over de bodem. Zijn darmen hingen naast zijn lijf als een zijspan.”Als hier alleen was verteld dat de muis werd opengesneden, had het lang niet zo’n reactie opgewekt bij de lezer als dat het nu doet. De twee vergelijkingen zorgen ervoor dat je eerst een beeld krijgt van het onschuldige diertje dat zal worden opengesneden en daarna in detail zelfs van de manier waarop de ingewanden eruit hangen.  
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Verder schrijft Jan Wolkers heel direct. Zijn zinnen zeggen waar het om gaat zonder ruimte over te laten om de gruwelijkheden te negeren. Het is bijvoorbeeld heel duidelijk dat de hazelworm in
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Vivisectie
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          dood is en wat er gebeurt als hij gaat rotten: “Voor me ligt het lijkje van een hazelworm. Voorzichtig druk ik met een lucifer tegen de huid, maar ik kan er nog niet doorheen steken. Het buikje is al geelblauw, maar ik zal nog wel een paar weken geduld moeten hebben voor het rotte vlees van het skeletje loslaat. Het kopje, met doffe oogjes diep weggezakt in de kassen, ziet er slim en vredig uit als een rouwadvertentie.” In
          &#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Gevederde vrienden
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    
          is het op zijn extreemst, geen enkel detail wordt je bespaard: “Aan de zoldering hing aan een ijzeren staaf een vleeshaak. Ik hing haar er met het gehemelte eraan op. Ze wilde spreken maar ik hoorde slechts haar ondertanden tegen de haak tikken, als een in een bos verscholen specht.” Jan Wolkers schrijft dus met veel detail, maar ook met relatief korte zinnen. Deze combinatie draagt bij aan de angstige ondertoon, je komt namelijk meer te weten over “het spook” door de details. Tevens wordt die informatie gegeven met stoten die je niet kunt ontwijken doordat de zinnen zo kort zijn. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Hieruit blijkt dat in de verhalen van Jan Wolkers de dood of angst voor de dood op verschillende manieren naar voren komt. In de thematiek uit zich dat doordat Wolkers rechtstreeks de dood als motief gebruikt, maar ook doordat hij de dood via andere motieven benadert, zoals door angst en door oorlog. Leidmotieven zoals dode dieren komen veelvuldig voor en kou als leidmotief zorgt voor een kille atmosfeer waar de dood zich thuisvoelt. Dit allemaal wordt nog eens benadrukt door de schrijfstijl die bol staat van beeldspraak, en angst laat groeien via korte zinnen en veel details. 
          &#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De dood is het garen van Jan Wolkers’ verhalentapijt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Literatuurlijst 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Wolkers, J. (1961). “Vivisectie” uit Serpentina’s Petticoat. Meulenhoff. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Wolkers, J. (1963). “Gevederde Vrienden” uit Gesponnen Suiker. Meulenhoff. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Wolkers, J. (1964). “Wespen” uit De Hond Met De Blauwe Tong. Meulenhoff. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Jan+Wolkers.jpeg" length="51897" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 03 Oct 2021 14:49:34 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-garen-van-jan-wolkers-verhalentapijt</guid>
      <g-custom:tags type="string">Serpetina's petticoat,De hond met de blauwe tong,essays,Diede Kaak,verhalen,essays leerlingen,essays van leerlingen,Jan Wolkers</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Jan+Wolkers.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Jan+Wolkers.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De rol van identiteit in de verhalen van Belcampo</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-rol-van-identiteit-in-de-verhalen-van-belcampo</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          De rol van identiteit in de verhalen van Belcampo 
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Joey Frinking (leerling vwo 6 van het Baudartius College)
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/belcampo.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         Belcampo was zeer uniek in wat hij schreef. Als één van de weinige Nederlandse auteurs schreef hij namelijk fantasieverhalen, waarin situaties voorkomen die niet in onze werkelijkheid zouden kunnen bestaan. Deze onbegrensde stijl van schrijven maakte het mogelijk om zijn thema’s sterker en symbolischer naar voren te brengen. Er zijn op deze manier veel verschillende thema’s in zijn verhalen aan te treffen. Één belangrijk thema is identiteit. In Bekentenis ontmoet de hoofdpersoon zichzelf, of in ieder geval iemand die sprekend op hem lijkt,  in de trein. Ze spreken later af om eens in de zoveel tijd van persoon te wisselen om hun levensstijl te veranderen. In Uitvaart wordt een gevangene van een overwonnen volk in een kerker vastgehouden. De elite van het zegevierende volk komt dan dineren boven de gevangenen en mishandelt hen op een sadistische manier. In Het Grote Gebeuren is het bBijbelse einde der tijden aangebroken. De hoofdrolspeler, Belcampo zelf, probeert aan zijn einde te ontkomen, alvorens meegenomen te worden door engelen naar de hemel. In deze verhalen komt het thema ‘identiteit’ op veel verschillende manieren tot uiting.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Ten eerste is zelfreflectie een belangrijke factor in het begrijpen van het thema ‘identiteit’ in Belcampo’s verhalen. Hoe de hoofdpersoon naar zichzelf kijkt, is waar het verhaal Bekentenis door gestuurd wordt. Dit wordt zeer symbolisch getoond door de hoofdpersoon letterlijk zichzelf te laten ontmoeten. Dit gebeurt namelijk ook figuurlijk. De hoofdpersoon is verdeeld in een tweestrijd wat betreft zijn identiteit. Aan de ene kant wil hij een leven van avontuur en spontaniteit, maar aan de andere kant wil hij gelukkig zijn en gevestigd zijn met een gezin. Door met zijn spiegelbeeld telkens om te wisselen welk leven hij leidt, voelt hij nooit een duidelijkere hang naar naar één soort leven. Vooral de laatste zin is interessant: “En het merkwaardigste van al deze omwisselingen is dit: hier zit ik nu; geen van u allen weet, wie van ons beiden ik ben-en ik weet het zelf ook niet meer.” (Belcampo, 1934, Bekentenis) Die zin maakt duidelijk dat hij niet meer weet wie hij is en wat hij wil.  
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In Het Grote Gebeuren is zelfreflectie ook een belangrijk onderdeel. Maar waarbij Bekentenis veel meer gaat over het leven zelf, gaat Het Grote Gebeuren meer over de goede of slechte eigenschappen daarvan. De hoofdpersoon wordt namelijk net als ieder ander gewogen of hij goed of slecht is geweest. Eerst is de hoofdpersoon hier onzeker over, waardoor hij aan de duivels probeert te ontkomen. Net als in Bekentenis is de hoofdpersoon hier in een tweestrijd van identiteit. Maar het verhaal eindigt op een andere manier. De engelen hadden namelijk de speciale opdracht gekregen om Belcampo naar de hemel mee te nemen. Dit bevat veel meer zelfvertrouwen dan in de vorige twee voorbeelden, waar een duidelijke innerlijke strijd speelt. Hij lijkt dus te vinden dat zijn persoonlijkheid ‘goed’ is. Er kan geen eenduidig antwoord gegeven worden op de vraag waarom hij dit gedeelte heeft geschreven. Het kan satirisch bedoeld zijn, hij kan daadwerkelijk gevonden hebben dat hij een bovengemiddeld goed karakter had, Belcampo kan kritiek hebben geleverd op de begrippen ‘goed’ en ‘kwaad’, en zo voort. Hoe dan ook, het kan onmogelijk los gezet worden van het begrip ‘identiteit’.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Ook de mate waarin anderen de identiteit van de hoofdpersoon beïnvloeden, speelt een grote rol in Belcampo’s werk. Dit komt vooral tot uiting in Uitvaart. In dit verhaal fungeert de aristocratie als de factor die de identiteit van de hoofdpersoon probeert te veranderen. Door de gevangenen te mishandelen en tegen elkaar op te zetten, worden ze gedehumaniseerd. De gevangenen worden lege schulpen, met alleen beestachtige impulsen als persoonlijkheid. De hoofdpersoon verzet zich hiertegen. Dus ook hier is er een tweestrijd te zien, waarbij hij aan de ene kant wordt beïnvloed door anderen en aan de andere kant vecht voor het voortbestaan van zijn individualiteit. De waardigheid om een eigen identiteit te uiten is hier belangrijker dan het eigen leven. Daarom gunt hij het de elite niet om hem te laten vechten met de anderen voor het naar beneden geworpen vlees, zelfs als hij daardoor verhongert. Ook als hij met de slavin, die van hetzelfde volk als hij is, naar beneden valt, naar hun ondergang, geeft hij geen aandacht aan zijn naderende einde.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Ook in Het Grote Gebeuren speelt de invloed van iemand anders op iemands identiteit een grote rol. Hier zijn het de engelen en de duivels die beslissen of iemand ‘goed’ of ‘slecht’ is geweest, wat natuurlijk erg vage begrippen zijn die door iedereen anders kunnen worden geïnterpreteerd. Toch worden door deze wezens hier de acties van mensen hun hele leven beïnvloed, om maar niet door hen in de hel gestopt te worden. Dus deze engelen en duivels hebben de identiteiten van alle mensen naar hun hand gezet door hen altijd naar het ‘goede’ te laten streven. Ze bepalen en beoordelen wie iedereen is. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In Bekentenis is dit kenmerk op een compleet andere manier aanwezig. De hoofdpersoon komt daar duidelijk in aanraking met iemand anders, en die persoon verandert zijn persoonlijkheid aanzienlijk, maar in tegenstelling tot de andere twee verhalen, is de verandering hier totaal vrijwillig. De andere persoon maakt het mogelijk dat de hoofdpersoon verandert, maar het is geen nieuwe identiteit. De wil om deze verwisseling te ondergaan zat al in hem. Daarom is de hoofdpersoon in dit verhaal veel meer in zichzelf gekeerd.  
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dus hoewel veel van zijn verhalen gaan over hoe de ander iemands identiteit verandert, is er altijd een sterk individueel verzet tegen dit effect. Belcampo probeert als enige het laatste oordeel te overleven in Het Grote Gebeuren. In Uitvaart blijft de hoofdpersoon koste wat kost zichzelf en in Bekentenis is de ander vooral een synoniem voor zichzelf.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Tot slot is het existentiële begrip authenticiteit een belangrijk kenmerk van deze verhalen. Het streven naar het voortbestaan en uiten van de eigen individualiteit, ongeacht enige externe invloeden, kenmerkt Uitvaart. Terwijl de elite de hoofdpersoon probeert om te vormen naar iemand die hij niet is, probeert hij koste wat kost zichzelf te blijven. Hij keert zich af van de homogene mensenmassa om hem heen, zijn medegevangenen, om een unieke persoonlijkheid te blijven hebben. Het maakt niet uit wat de elite hem aandoet, hij blijft zichzelf. In Het Grote Gebeuren is het ook duidelijk dat Belcampo eruit springt in vergelijking met de anderen om hem heen. Iedereen wordt beoordeeld op goed en slecht en ze schikken zich hier ook naar. Alleen de hoofdpersoon heeft andere plannen. Hij is eropuit om deze hele beoordeling over te slaan om zo als enige over te blijven op de wereld. Ondanks wat de mensen en de wezens om hem heen doen en zeggen, blijft hij zijn persoonlijkheid trouw. Bekentenis volgt weer een patroon van tweedeling. In dit verhaal heeft de hoofdpersoon het moeilijk om zijn eigen identiteit te behouden, als hij wordt geconfronteerd met een andere versie van zichzelf. Telkens als hij zijn eigen persoonlijk aanhoudt, lonkt de tegenpool daarvan. Hij maakt dus een innerlijk conflict door. Het kan echter ook zo zijn dat beide karaktereigenschappen allebei deel uitmaken van de authentieke identiteit van de hoofdpersoon. Alleen komt de ene persoonlijkheid op een ander moment tot uiting dan de andere. De hoofdpersoon blijft niet vasthouden aan wat hij denkt dat het juiste is, maar wordt wie hij op elk gegeven moment wenst te zijn. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De verhalen van Belcampo hebben een sterk thema van identiteit. Binnenin dit kader speelt dualiteit en de rol van de ander een grote rol. Zijn personages kampen vaak met tweesplitsingen in zichzelf, waarbij twee persoonlijkheden met elkaar botsen, wat overigens niet altijd een negatieve ervaring voor de hoofdpersoon is. Ook gaat het vaak over de mate waarin iemand anders de identiteit van de hoofdpersoon probeert te beïnvloeden. Het unieke hierin is dat Belcampo’s personages zich hier weinig van aan trekken. Ze blijven hun eigen persoonlijkheid behouden. De ander accentueert dus vooral de unieke persoonlijkheid van het hoofdpersonage. En dat is bij Belcampo ook de leidende factor in het thema ‘identiteit’: het zo veel mogelijk volgen van de eigen persoonlijkheid. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Bronnen 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Belcampo, Bekentenis uit De Verhalen van Belcampo, 1934 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Belcampo, Uitvaart uit Tussen Hemel en Afgrond, 1959 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Belcampo, Het Grote Gebeuren uit Bevroren Vuurwerk, 1962 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/belcampo.jpeg" length="63092" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 02 Oct 2021 18:13:36 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-rol-van-identiteit-in-de-verhalen-van-belcampo</guid>
      <g-custom:tags type="string">Joey Frinking,essays,Bevoren vuurwerk,essays leerlingen,essays van leerlingen,Belcampo,Joey,Frinking</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/belcampo.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/belcampo.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Leg je huilen aan de ketting en blijf binnen met mij’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/leg-je-huilen-aan-de-ketting-en-blijf-binnen-met-mij</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Leg je huilen aan de ketting en blijf binnen met mij’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van 'Gedichten 1' van Yehuda Amichai
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Amichai.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         De poëzie van de Israëlische dichter Yehuda Amichai is van een verbluffende eenvoud, en dat is bijzonder, want met zijn poëzie is volgens de vertalers Tsafrira Levy en Tamir Herzberg ‘het zwaartepunt van het collectieve bewustzijn in de gedichten van zijn voorgangers verschoven naar het persoonlijke, intieme, dagelijkse leven in huis, tuin en woonstad Jeruzalem.’ Dit is ook de reden dat Amichais poëzie in 2000 op de shortlist van de Nobelprijs voor literatuur is gekomen, vlak voordat hij stierf. Zijn poëzie volgt het leven van de gewone mens.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Als je weet dat deze dichter meegedaan heeft aan de gewapende strijd tegen nazi’s en voor de onafhankelijkheid van de staat Israël, en dan de volgende subtiele observatie leest, lijkt het alsof de dichter lucht blaast in alles wat zwaar is:
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Jeruzalem
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Op een dak in de oude stad 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          schijnt het laatste licht van de dag op de was.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Een wit laken van de vijandin,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          een handdoek van de vijand
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          om het zweet zijns aanschijns mee af te vegen.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          En in de lucht boven de oude stad
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          een vlieger.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          En aan het eind van het touw – 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          een kind.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dat ik niet zie,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          vanwege de muur.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Wij hebben veel vlaggen gehesen,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          zij hebben veel vlaggen gehesen.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Zodat wij denken dat zij blij zijn.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Zodat zij denken dat wij blij zijn.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          ‘Een wit laken van de vijandin’ en ‘een handdoek van de vijand’ klinken bijna liefkozend. De strijd is teruggebracht tot het dagelijkse leven waarin mensen ook moeten slapen en zich afdrogen. Het beeld van de vlieger is bevrijdend, vooral aan de hand van een kind. Bijzonder is dat de lezer het kind al ziet, aan het eind van het touw, terwijl de ik daarna pas zegt dat hij het kind niet ziet, vanwege de muur. Dit is een uiterst subtiel spel met de taal, die zo ogenschijnlijk terloops lijkt neergeschreven. En hoe fraai is het verband tussen het laken en de handdoek, die verwijzen naar heel gewone levens, enerzijds, en de vlaggen met al hun politieke lading anderzijds. Daartussen hangt de onschuldige vlieger van het kind. Een dichter die zo’n diepe ervaring zo eenvoudig kan beschrijven, had van mij die Nobelprijs mogen winnen, misschien zelfs die voor de Vrede.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De bundel staat vol met dit soort prachtige observaties, van herinneringen, liefdes, ouders, kinderen, religie, ouderdom en nog veel meer. Amichai maakt prachtige vergelijkingen: ‘Ik ben moe als een heel oude taal/waar vreemde woorden binnendringen.’ Hij schrijft over de kleine Ruth, zijn vriendinnetje van vroeger dat omgekomen is in Sobibor: ‘De tas die aan je schouder trok/maakte je tot een handige nomade/zonder evenwicht, met heldere blik./ Als de wind wolken optilt, tilt hij/ook mijn hart op en draagt het naar elders, dat is het echte geluk.’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De gedichten zijn speels, ook waar ze verdrietig zijn. Soms wordt een ‘jij’ aangesproken: ‘Leg je huilen aan de ketting/en blijf binnen met mij.// In het half verwoeste huis/woont het licht alleen./Van het donker maken ze/verfijnd tafelzilver/voor een laatste maaltijd.’ Steeds opnieuw verrast hij met zijn beelden die zo eenvoudig en concreet zijn, dat je bijna het gewicht zou vergeten dat er wel degelijk is. Er klinkt troost in door en liefde voor de ander.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Amichai werd als Ludwig Otto Pfeuffer in Würzburg geboren in een joods religieus gezin en groeide tweetalig op. Op zijn vijftiende nam hij afstand van het geloof en de religieuze leefstijl van zijn ouders. Toch bleef hun band liefdevol. Dat zie je terug in de gedichten: ‘De gedachtenis aan mijn vader is verpakt in wit papier/als boterhammen voor een werkdag.’ De dood van geliefden is op deze manier letterlijk dagelijkse kost. Je voelt het brood in je maag, liefdevol en zwaar.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Je krijgt door zijn poëzie ook een beeld van hoe respectvol hij rondkeek naar de wereld en de mensen om hem heen, nieuwsgierig naar de ervaringen van een ander: ‘Hoe is het om een vrouw te zijn?/Hoe voelt leegte tussen je benen en nieuwsgierigheid/in je rok, in de zomer, in de wind, en lef in je billen.’ Hij leeft mee met mensen die elkaar verliezen, en daarin voel je dat hij zelf ook veel dierbaren heeft verloren. De doden neemt hij mee, net als de gedachtenis aan zijn vader, als een in wit papier verpakte boterham.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De verwondering om de veranderingen in lijf en geest is soms ook humoristisch: ‘Ik ben heel harig geworden, mijn hele lijf,/ik ben bang dat ze me gaan jagen voor mijn vacht.’ Hij beschrijft in meerdere gedichten het proces van ouder worden. Dan denkt hij aan zijn vader, terwijl hij nu zelf vader is van een zoon, en hij haalt soms de levens door elkaar. Dan weet hij niet meer wie wat gezegd heeft.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Alle fasen van het leven komen voorbij en al lijkt de ik het leven te nemen zoals het is, hij blijft scherp in zijn observaties: ‘Ik ben uitgenodigd voor het leven. Maar/ ik zie mijn gastheren tekenen vertonen/ van vermoeidheid en ongeduld.’ Zo omvat de bundel een heel mensenleven en het is nog maar deel 1. Hij heeft ruim 3000 gedichten geschreven, ook nog romans, korte verhalen en toneelstukken. Vooral zijn gedichten zijn bekend en in vele talen vertaald. Ik kijk uit naar deel 2.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Yehuda Amichai – Gedichten. Deel 1. Uitgeverij Van Maaskant Haun, Den Haag. 220 blz. €25,99
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Amichai.jpeg" length="113261" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 25 Sep 2021 10:31:58 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/leg-je-huilen-aan-de-ketting-en-blijf-binnen-met-mij</guid>
      <g-custom:tags type="string">Amichai,essays,gedichten,Yehuda Amichai</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Amichai.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Amichai.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Vervreemding in woord, beeld en toon’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/vervreemding-in-woord-beeld-en-toon</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘Vervreemding in woord, beeld en toon’
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Bespreking van 'Buiten zinnen; Losing our Minds' van Benno Barnard en Eddy Verloes
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          &lt;br/&gt;&#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/buiten+zinnen.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         De bundel ‘Buiten zinnen’ vormt een bijzondere samenhang tussen foto’s, poëzie en muziek. Het begon met de fotograaf Eddy Verloes, die op een stormachtige dag op een Belgisch strand enkele uitgelaten chassidische Joodse jongens zag. De foto’s die hij van hen maakte, stuk voor stuk haast mystieke eilanden van schoonheid, vormden vervolgens de inspiratie voor de poëzie van Benno Barnard, ‘Buiten zinnen’, die tenslotte door Bart Bekker en Jan Vanwinckel in het muzikale project ‘The river curls around the town’ op muziek is gezet. Het is wonderlijk hoe sterk het werk van deze kunstenaars op elkaar afgestemd is.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De bundel is absoluut een lust voor het oog. De hardcover in oblongformaat toont in zwartwit een stuk strand waarop de jongens met hun wapperende, zwarte kleding de duinen in rennen. Het witte zand met de zwarte figuren vormt een verhaal op zichzelf, een stille wereld van vervreemding. De kleding roept herinneringen aan wetten en religie op, die contrasteren met de uitgelaten houding van de jongens en de plek: een uitgestrekt, ongerept stuk strand waarop het stormt. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Niet alleen de foto op de cover, maar ook de foto’s in de bundel zijn schitterend. Soms zie je een eenzame figuur met schaduw in een bijna leeg landschap, dan meerdere figuren in wisselende samenstelling, steeds met dezelfde wapperende kleding en hoeden, in de verte de branding, of een stuk duin, de ene foto licht, de andere duister. De foto’s spreken allemaal bijzonder tot de verbeelding. Behalve vervreemding roepen zij ook kwetsbaarheid op: de jongens staan op zichzelf, maar vormen ook een gemeenschap en zijn een eenvoudig doelwit, omdat ze zo herkenbaar zijn. Het zwart roept herinneringen op aan de Joodse geschiedenis van vervolging en geweld.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De poëzie van Barnard sluit hier heel mooi op aan. De openingsregels vind ik misschien wel het sterkst van de hele bundel: ‘Je bent een sleutel/waarvan het huis is weggegooid.’ Deze regels verwoorden wat je ziet op de foto’s: het uiterlijk van de jongens is de sleutel naar de Joodse religie, maar in plaats van dat zij in de synagoge zijn, staan zij op een strand, vervreemd van wat zij verbeelden. Het Joodse volk is in de geschiedenis steeds opgejaagd, zonder heimat: ‘en de straten in onze steden/zijn niet voor de muziek van jouw voetstap geplaveid.’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Barnard beschrijft de Joodse cultuur als halfvergaan, alsof er alleen nog flarden van over zijn, die een bizar stilleven vormen in de moderne tijd, zoals in ‘Alte Synagoge’, dat begint met: 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          ‘Ergens diep in een Donauland, werkloze uithoek
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          waar de geschiedenis zich op een brommer
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          zit te vervelen, treffen wij, bezwete dames en heren,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          het stoffelijk overschot uit onze moffengids aan:
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          overwoekerde, brokkelige muren die hulpbehoevend staan
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          om te vallen, ongecontroleerde bomengroei, afval,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          gebruikte condooms, gebroken bierflesjes, stompzinnige 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          graffiti, die altijd weer kwaadaardiger
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          klinken dan je wil geloven. Urine en onheil.’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Daarnaast verwijst de dichter naar opvallende elementen uit de Joodse cultuur, zoals het gevoel voor humor, de rabbi’s, de sjoel, maar ook het jiddisch. Er is een schrijnend gedicht over een jongeman die uit ‘kamp A’ komt en naar zijn ouderlijk huis gaat, waaruit alles gestolen is. Als hij voorwerpen uit zijn ouderlijk huis herkent, zoals de stoel van zijn vergaste vader, zegt het volk: ‘Van de rommelmarkt’. Hij wijst op ‘de schroeiplek van zijn vaders sigaret, zijn sjibbolet. Nu vermoedt het volk een schat/en biedt hem vijftig procent van de juwelen of waardepapieren/die zijn ouders vast hebben verborgen.’ In ‘De ontkenner’ beschrijft hij de waanzin van holocaustontkenners: 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Een bloedmaan rijst, de wolf huilt het hele woud
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          bij elkaar en de tijd doet wat hij altijd doet,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          verstrijken. Nevel tussen de Germaanse
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          bomen. Oude herinneringen krijgen het koud.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          En het is of een knokige hand
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          je schedel openzaagt en de hersenen eet
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          uit het diepe bord van je hoofd. Zo hoor je 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          bijvoorbeeld deze of gene held van de ayatollahs,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          die over Zyklon B kletst of het een snoepje was.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Regelmatig verwijst Barnard ook naar de foto’s zelf, waarop de fladderende figuren op het zand staan, als een wereldvreemde beweging. Een enkele keer verstoort hij de ingetogen sfeer, die op de foto’s juist intact blijft, door misplaatste beeldspraak, zoals de vergelijking tussen de zwarte figuren en ‘zwarte Pieten’. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Tenslotte wacht achterin de bundel nog een cd met de in het Engels vertaalde gedichten die op muziek zijn gezet door The river curls around the town. De muziek van de verschillende nummers vormt net als de foto’s en meer nog dan de gedichten zelf, een eenheid. Misschien dat foto’s en muziek zich daar ook meer voor lenen. Terwijl de foto’s kunnen volstaan met enkele eenvoudige elementen, de muziek met een ingetogen, wat mysterieuze combinatie van elektronica en luisterpop, gaat de taal algauw alle kanten uit, omdat de dichter, wil het gedicht enige betekenis oproepen, niet buiten ‘zinnen’ kan, terwijl deze poëzie tegelijkertijd ontegenzeggelijk ‘buiten zinnen’ is.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Benno Barnard en Eddy Verloes – Buiten zinnen. Poëziecentrum, Gent. 47 blz. €22,50
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/buiten+zinnen.jpeg" length="33976" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 04 Sep 2021 14:19:16 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/vervreemding-in-woord-beeld-en-toon</guid>
      <g-custom:tags type="string">Losing our minds,essays,Eddy Verloes,Benno Barnard,Buiten zinnen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/buiten+zinnen.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/buiten+zinnen.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Die Zeit schien belanglos geworden zu sein</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/die-zeit-schien-belanglos-geworden-zu-sein</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          'Die Zeit schien belanglos geworden zu sein'
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van ‘Das Feld’ van Robert Seethaler
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Das+Feld.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         Om zo nu en dan te ontkomen aan de onophoudelijke stroom bezigheden die de mens voortstuwen van oorsprong naar einde, kan het heilzaam zijn een pas op de plaats te maken en voor even af te dalen naar de onderwereld, waarin je oog in oog komt te staan met je eigen vergankelijkheid, de zwarte kraai onder de boom. Het is precies deze kraai, op de cover van ‘Das Feld’ van Robert Seethaler, die mijn aandacht trok in de boekhandel.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Een man schuiert wat rond tussen de graven van Paulstadt: ‘Der Mann blickte über die Grabsteine, die wie hingestreut vor ihm auf der Wiese lagen. Das Gras stand hoch, und Insekten schwirrten in der Luft. Auf der bröckeligen, von Holunderbüschen überwucherten Friedhofsmauer sa eine Amsel und sang. Er konnte sie nicht sehen. Seit einer Weile schon hatte er es mit den Augen, und obwohl es mit jedem Jahr schlimmer wurde, weigerte er sich, eine Brille zu tragen. Es gab Argumente dafür, doch er wollte sie nicht hören. Wenn ihn jemand darauf ansprach, sagte er, er habe sich nun mal so eingerichtet und fühle sich wohl in der zunehmenden Verschwommenheit seiner Umgebung.’ 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Deze opening is betekenisvol. De tegenstelling tussen leven en dood is voelbaar in de overwoekerende vlier over de afgebrokkelde muur van de begraafplaats, de merel die voor de man wel te horen is, maar niet te zien, omdat zijn ogen elk jaar achteruit zijn gegaan en hij eigenlijk wel vrede heeft met het vervagen van zijn omgeving. Uit alles blijkt dat hij bereid is af te dalen in de onderwereld. Hij hoort de stemmen al van de mensen die onder de zoden liggen.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Vanaf dat moment komt er in elk hoofdstuk een dode aan het woord, die steeds op zijn eigen manier, in zijn eigen stijl vertelt over het leven dat hij heeft geleid. De een doet dat door enkele bijzondere fragmenten uit het leven te noemen, de andere door een globaal overzicht te geven van het geleide leven. Al spoedig verschijnt in het hoofd van de lezer een ondergronds netwerk van verloren levens die elkaar raken of zijdelings passeren. Gestrande huwelijken, verloren kinderen of ouders, kleine lichtjes daartussen die even opvlammen om vervolgens weer gedoofd te worden, passeren, waarin de tegelijkertijd de bijzonderheid én de vergeefsheid van het leven tot uitdrukking komen. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Een oude dame zakt aan het einde van haar leven langzaam weg in dromen, waarin geluiden door elkaar gaan lopen en verbinding leggen tussen haar herinneringen: ‘In meinen Träumen nisteten sich ihre Schnarchgeräusche ein: als das Blubbern des Bootsmotoren im fremden Hafen, als das Heben und Senken des aufbrechenden Waldbodens, als das Schnarchen meines Vaters, leise und rau, irgendwo im Dunkeln einer längst verlassenen Wohnung. “Ich werde das Unbegreifliche dort drauen niemals mit Gott anreden. Und sollte ich es dennoch einmal tun, so liegt das an den Medikamenten, hast du verstanden?” De laatste twee zinnen getuigen van een zwarte humor die regelmatig in het boek voelbaar is.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Door alle verhalen krijg je een beeld van de bevolking van Paulstadt: de aantrekkelijke bloemenvrouw, de aandoenlijke inspanningen van Navid al-Bakri voor zijn eigen groentewinkel, het iets te ambitieuze Freizeitzentrum dat door de te zachte bodem instortte en drie levens eiste, alsof de weke grond al in verbinding stond met het dodenrijk. Er ligt een sluier van treurigheid over de roman: “Genau genommen erinnere ich mich an mein ganzes Leven nur wie durch einen Schleier der Traurigkeit.”
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De verhalen komen binnen en grijpen aan. Het is alsof het gewicht van de doden aan de lezer trekt. Maar het heelt. De tijd staat voor even stil en je ervaart een Catharsis: “Ich glaube, ich hatte das Gefühl, die Zeit würde stillstehen, während ich bei ihr sa. Es gab keine Uhr im Zimmer, und ich selbst besa seit langem keine mehr. Erst jetzt fällt mir auf, dass ich während meines ganzen Aufenthalts im Sanatorium keine einzige Uhr gesehen habe. Die Zeit schien belanglos geworden zu sein – und andererseits zu kostbar, um sie in bloe Minuten, Stunden und Tage zu fassen.”  En dat is nu precies de werking van ‘Das Feld’.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Robert Seethaler – Das Feld. Wilhelm Goldmann Verlag, München. 272 blz. €11,99
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Das+Feld.jpeg" length="56988" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 03 Sep 2021 14:30:12 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/die-zeit-schien-belanglos-geworden-zu-sein</guid>
      <g-custom:tags type="string">Robert Seethaler,essays,Das Feld</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Das+Feld.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Das+Feld.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Het doet er niet toe, ik heb me onderweg in ieder geval vermaakt’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-doet-er-niet-toe-ik-heb-me-onderweg-in-ieder-geval-vermaakt</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘Het doet er niet toe, ik heb me onderweg in ieder geval vermaakt’
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Een kleine impressie aan de hand van fragmenten van ‘De eerste keer dat ik mijn hoed verloor; zelfportret in verhalen’ van Colette
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Colette.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         Het leven van Sidonie-Gabrielle Colette (1873-1954) is veelzijdig, maar tegelijkertijd ook van een verbluffende eenvoud. Hoe bijzonder moet het bijvoorbeeld in haar tijd zijn geweest om de overtocht op de Normandie te maken naar New York. Wat schetst dan de verbazing dat zij het bezoek aan allerlei bijzondere gebouwen en gelegenheden heeft vermeden, om doodeenvoudig te ‘spijbelen’: ‘Wat heb ik die drie dagen dan wél gedaan? Niets, helemaal niets. En het was heerlijk. Niets dan overbodige, kinderachtige dingen zonder een greintje intellectualiteit. Ik heb een taxi genomen om ergens ver weg pennen te gaan kopen die ze ook in de rue de Rivoli in Parijs hebben. Ik heb drie uur in Woolworth’s rondgelopen – mijn hut was op de terugweg flink volgestouwd. Ik ben naar een bioscoop met 6000 stoelen gegaan om een film met Mae West en 48 fantastische girls te zien, die zó op elkaar leken dat het leek alsof het er maar e1én was. Ik heb het Empire State Building beklommen om daar op het bovendek zeeproze ice cream soda’s te eten, en ik ben arm in arm met mijn man op de foto gegaan voor ansichtkaarten. Wat was het heerlijk om te spijbelen!’
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Deze bundel essays en verhalen lopen over van beeldende taal, sprankelen van plezier en zijn in alle opzichten origineel. Er is voor haar geen onderwerp gek genoeg om te bespreken: van een liefdevol portret van haar bijzondere en onconventionele moeder Sido, een uitgebreide bespreking van het lange haar van haar zus, beeldende beschrijvingen van de huizen waarin zij gewoond heeft, de tuinen, haar worsteling met het ouder worden, een portret van haar kat, tot gedachten over de dood. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Opvallend is haar wervelende stijl, vol oog voor detail, maar ook vol humor. Het is alsof je in haar kamer zit en haar hoort praten: “De eerste keer dat ik mijn hoed verloor in het Bois de Boulogne en hem na de hele weg te zijn teruggelopen, niet meer kon vinden, moest ik wel blootshoofds naar huis gaan. Dat was toen nog niet in de mode – ik heb het over een vrij ver verleden. Daarom meende ik dat ik mijn boekhandelaarster, bij wie ik dagelijks mijn kranten kocht, een verklaring schuldig was en ik legde haar uit dat ik mijn soepele vilten hoed samen met een tas had vastgehouden... Ze onderbrak me. ‘Het zou toch al te erg zijn als wij in Passy niet zonder hoed naar buiten kunnen wanneer we dat willen, mevrouw Colette. We zijn hier niet in Parijs!’ Daar waren we inderdaad alleen feitelijk, maar niet in ons hart.”
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Je krijgt in deze bundel een prachtig tijdsbeeld mee: van kleding, recepten, gewoontes, kunstenaars, schrijvers, acteurs, maar ook van zo’n bootreis met de Normandie: “Ik zou willen dat de Normandie op dit ongrijpbare tijdstip van mij was, als alles aan boord slaapt; maar een schip slaapt nooit. Om twee uur ’s nachts gaat de schoonmaakploeg van negenendertig zwijgzame mannen aan het werk, en de binnenlampen gaan nooit uit, zelfs niet ’s nachts. Wat doet het ertoe! Om halfzes staan de zwartsatijnen fauteuils in de lobby van de brug in een kring als een concilie van schimmen, voorgezeten door een emaillen paladijn, en de grote salon is helemaal leeg. Om het over een heel andere boeg te gooien zou ik de volgestouwde meubelbewaarplaats ook kunnen vergelijken met een veld klaprozen.”
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het is alsof je er als lezer bij bent. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Behalve de reis met de boot maak je ook haar reis met de Zeppelin mee: ‘Wat hebben ze toch? Waarom schreeuwen ze ineens zo... Ze roepen ons vrolijk toe en zwaaien, en kijk hoe ze hun hoofd in hun nek leggen! Pas door hun veranderende houding en doordat ik ze kleiner zie worden, zie samenklitten en verdwijnen, besef ik dat we opstijgen. De Clment-Bayard heeft de grond losgelaten; geen enkele schok of trilling had het aangekondigd. Precies zo maakt een rijp distelzaadjes zich los van de bloemkelk, met een onwaarneembare opwaartse beweging, en begint te zweven, zonder dat je het moment kunt aanwijzen waarop het niet meer wordt vastgehouden...’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het mag duidelijk zijn dat het lezen van deze bundel niet alleen een boeiende reis door de tijd is, maar ook een aangenaam vertoeven in een kleurige wereld van taal. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Colette – De eerste keer dat ik mijn hoed verloor; zelfportret in verhalen. Vertaald door Kiki Coumans. De Arbeiderspers, privé-domein, Amsterdam. 360 blz. €28,99
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Colette.jpeg" length="94702" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 03 Sep 2021 14:26:30 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-doet-er-niet-toe-ik-heb-me-onderweg-in-ieder-geval-vermaakt</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,De eerste keer dat ik mijn hoed verloor,Colette</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Colette.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Colette.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De menselijke ziel binnenstebuiten gekeerd</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-menselijke-ziel-binnenste-buiten-gekeerd</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          De menselijke ziel binnenstebuiten gekeerd
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Bespreking van 'Anna Karenina' van Lev Tolstoi
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Anna+Karenina.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         Dat je vlak voor de zomervakantie van een van je leerlingen ‘Anna Karenina’ van Lev Tolstoi te leen krijgt, omdat zij eerst nog wat andere boeken wil lezen, voordat zij het gaat uitlezen, laat toch in elk geval zien dat de ontlezing waarover in de media zoveel geklaagd wordt, betrekkelijk is. Deze Rus stond al heel lang op mijn lijstje en leende zich door de ruim duizend bladzijden perfect voor een vijftig-bladzijden-per-dagdiscipline, om een groot deel van de vakantie verzekerd te zijn van een heerlijk avontuur door het negentiende-eeuwse Rusland.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het is wonderlijk hoe Tolstoi bladzijden lang ruimtes, gesprekken en gedachten kan beschrijven, tot in de kleinste details, zonder te vervelen. De openingszin is inmiddels klassiek geworden: ‘Gelukkige gezinnen lijken allemaal op elkaar, maar een ongelukkig gezin is altijd ongelukkig op zijn eigen manier.’ Je volgt verschillende personages in hun gang door het leven: Oblonski, getrouwd met Dolly, vader van een groot gezin, deinst er nochtans niet voor terug regelmatig andere vrouwen te beminnen, waarmee hij Dolly tot wanhoop drijft. Anna Karenina, getrouwd met de oudere Alexé Karenin, valt als een blok voor de jongere Vronski, en komt in een hopeloze crisis terecht, omdat haar man weigert van haar te scheiden, tenzij ze afstand doet van haar geliefde zoon. Ljovin verblijft op het platteland en wil meer zeggenschap voor de boeren. Hij is in het verhaal verbonden met Vronsky, doordat hij (Ljovin) zijn liefde verklaard heeft aan Kitty (het jongere zusje van Dolly), terwijl Kitty verliefd is op Vronski, die haar op zijn beurt weer afwijst. Daarnaast volg je de familieleden van deze hoofdpersonages in hun keuzes en lot.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In zijn scherpe blik op menselijke relaties is Tolstoi opvallend modern. Feilloos legt hij patronen bloot van complexe emoties: hij beschrijft minutieus hoe jaloezie, heftige liefdesgevoelens, teleurstelling, angst en onzekerheid de verschillende personages in de ban houden, zonder dat zij daar goed uit kunnen ontsnappen. Het sterkst doet hij dat misschien wel bij Karenin, die gemarteld wordt door gevoelens van vernedering, die venijnig inhakken op zijn arrogantie en macht. Als hij hulp zoekt bij God, talloze innerlijke monologen voert, om zijn positie te bepalen ten opzichte van Anna, lukt het hem – juist als hij niet eens meer denkt aan het christelijke gebod van vergeving – bij het kraambed waarin Anna bijna bezwijkt, een groot offer te brengen en haar te vergeven, terwijl zij nota bene het kind baart van zijn grote rivaal Vronski: ‘Binnen in Karenin ging alles steeds heviger tekeer, tot hij een toestand bereikt had dat er geen verzet meer mogelijk was: ineens voelde hij dat zijn innerlijke strijd in werkelijkheid een zegenrijke zielsbeleving was waaruit hij een nieuw, nooit eerder ervaren geluk putte. Hij dacht helemaal niet aan het christelijke gebod dat hij zich zijn hele leven voor ogen had gehouden, om je vijanden te vergeven en lief te hebben, maar het vreugdevolle besef dat het juist dat was wat hij deed – zijn vijanden vergeven en liefhebben – overstroomde zijn hart. Hij lag op zijn knieën, met zijn hoofd in de kromming van haar arm, die dwars door het vest heen brandde als vuur, en hij snikte als een kind. Zij omhelsde zijn kalende hoofd, trok het dichter tegen zich aan en sloeg haar ogen trots en uitdagend ten hemel.’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Als lezer slaak je voor even een diepe zucht van verlichting, al voel je ergens dat dit licht niet heel lang kan duren. De personages zijn bijzonder gedetailleerd uitgewerkt en verre van zwart-wit, waardoor er alle ruimte is voor inconsequentie: afwisseling in momenten van zwakte en kracht en alles wat daartussenin ligt. Dat betekent ook dat de grote liefde die personages tot elkaar voelen op ieder moment kan omslaan in ergernis, spanning en kleine wreveligheden. Hetzelfde geldt voor alle discussies over de agrarische sector, die je via Ljovin meekrijgt: voor elk argument is een tegenargument te bedenken, waardoor het leven als een complexe wirwar van opvattingen voorkomt.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Ondanks de vele levens die de verteller in deze zwaarlijvige roman volgt, vormt deze roman toch ene bijzondere eenheid, door haar focus op de liefde en de huwelijkse staat, maar ook door een tot de verbeelding sprekend leidmotief als de trein en de spoorweg, die je als metafoor voor het leven kunt zien, maar die ook het begin van de roman verbindt met het slot.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Er zijn lezers dit ‘Anna Karenina’ afdoen als negentiende-eeuwse soap, maar daarvoor heeft het werk te veel psychologische diepgang en betekenis. Het keert de menselijke ziel binnenste buiten en onderwerpt die aan een haarscherpe analyse, waardoor de lezer niet alleen verzekerd is van urenlang leesplezier, maar ook zichzelf tegenkomt.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Lev Tolstoi – Anna Karenina. Vertaald door Hans Boland. Athenaeum, Polak &amp;amp; Van Gennip, Amsterdam. 1024 blz. 41,99
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Anna+Karenina.jpeg" length="23517" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 03 Sep 2021 14:22:11 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-menselijke-ziel-binnenste-buiten-gekeerd</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Lev Tolstoi,Anna Karenina</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Anna+Karenina.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Anna+Karenina.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Op de vlucht naar wie wij zijn’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/op-de-vlucht-naar-wie-wij-zijn</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘Op de vlucht naar wie wij zijn’
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;font&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Bespreking van 'Vluchthaven' van Anne van den Dool
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/font&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/vluchthaven.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         In ‘Vluchthaven’ van Anne van den Dool reist de hoofdpersoon Hannah naar Indonesië, het geboorteland van haar stiefopa, om zijn as uit te strooien (‘ik bedoel natuurlijk: waar hij verspreid wil worden; ik wil het woord uitstrooien niet gebruiken, te to the point, te visueel, te definitief’). Vanaf het moment dat ze de vluchthaven verlaat, slaat de onzekerheid toe. Terwijl ze angstvallig de grote envelop met as bewaakt, lukt het haar niet zich thuis te voelen en een geschikte plek te vinden voor haar opa. In de roman klinkt een eigenzinnige stem, die regelmatig ontroert, kritisch taboes doorbreekt, kwetsbaarheid verdedigt en weigert mensen in hokjes te plaatsen. De veelkleurigheid van deze stem lijkt soms wat verloren te gaan in wat je een gebrek aan eenheid van handeling kunt noemen, en toch brengt zij inzicht.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Er loopt wel degelijk een rode draad door het boek, namelijk die van de kleindochter die een geschikte plek zoekt voor de as van haar opa. De titel ‘Vluchthaven’ is goed gekozen: een haven is een plek die veiligheid suggereert; vluchten is weggaan van de plek waar je bent. De titel past zowel bij opa als bij Hannah. De grootmoeder van Hannah is hertrouwd met een Indonesische man die getraumatiseerd is door het jappenkamp. Hun huis staat vol herinneringen aan zijn geboorteland, de ‘haven’ waarin hij zich ooit thuis voelde. Toch lijkt het alsof ook hij op de vlucht was, voor zichzelf. Hannah heeft een bijzondere band met hem, maar heeft het gevoel dat ze daar geen recht op heeft, omdat hij niet haar biologische opa is. Terwijl zij zijn as terug wil brengen naar zijn ‘thuis’, moet zij weg van haar eigen thuis, maar terwijl zij hem probeert te begrijpen, komt zij zichzelf tegen.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Sterk vind ik haar onomwonden, haast taboedoorbrekende kritiek op het toerisme dat een groot spoor van vernietiging achterlaat op al die geliefde reisbestemmingen: de vanzelfsprekendheid waarmee mensen rondlopen in precies dezelfde luxe, vaak in precies dezelfde winkelketens die ze in hun eigen stad ook hadden kunnen vinden, daarmee hun enorme ecologische voetafdruk negerend. En passant geeft ze een vijf bladzijden lange, treffende en kritische beschrijving van haar eigen generatie, geboren rond de millenniumwissel, en vraagt zich af of zijzelf ook drijft ‘op het luchtbed van nooit genoeg.’ Het roept tevens de vraag op in hoeverre je eigenschappen kunt toedichten aan complete generaties.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Nog sterker vind ik haar scherpe kritiek op wat een gouden regel lijkt in de literatuur, met betrekking tot de liefde: ‘Liefde is er om verbrijzeld te worden, als straf voor naïviteit.’ Niet alleen in de literatuur, maar ook in het echte leven lijken mensen een hekel te hebben aan trouw, en allergisch te zijn voor sleur. Dwars tegen deze regel in beschrijft Hannah de liefde van haar grootouders: ‘Hun liefde is een tegenovergestelde: een verbond dat standhoudt te midden van al dat gestop en getwijfel. Een spel dat op het scherpst van de snede wordt gespeeld, en juist daardoor nooit verveelt. Een spel dat bol staat van de compromissen, en daarmee de ultieme blijk van overgave is.’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Hannah beschrijft ondertussen haar onderzoek naar geluk in de literatuur, dat daardoor een zelfstandige laag in het boek wordt. Al deze beschouwingen lijken de hoofdhandeling van de zoektocht naar een geschikte uitstrooiplek te onderbreken. Voor een roman zijn het misschien net iets te veel verschillende beschouwingen, haast genoeg voor een essaybundel. Aan de andere kant zou je kunnen zeggen dat Hannah met al deze beschouwingen een ware ‘vluchthaven’ heeft geschapen. Het is namelijk opvallend hoe vaak zij aangeeft dat zij niets voelt, omdat haar denken het gevoel in de weg staat. Op alle belangrijke momenten – aan het sterfbed van haar opa, tijdens haar toespraak op de crematie, bij haar zoektocht naar een geschikte plek voor de as – leggen haar gedachten haar gevoel lam. Al denkend vlucht ze weg van haar gevoel. Tegelijkertijd komt ze er al beschouwend achter hoe complex haar wezen is, en niet alleen haar eigen wezen, ook dat van haar opa en de mensen om haar heen. Juist de ambivalentie, de twijfel, de voortdurende onzekerheid maken wie zij is, haar thuishaven.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Zo is misschien wat op het eerste gezicht een gebrek aan eenheid van handeling lijkt, juist wel de essentie van deze roman, een ware spiegel voor de mens in het algemeen: wij zijn wat wij denken, wat wij hopen en voelen, in een steeds veranderende stroom, en misschien is het een misvatting dat wij waar dan ook exact onszelf of de ander kunnen vinden: ‘Want daar waar we naartoe gaan, daar vinden we onszelf – een veronderstelling die impliceert dat er een coherent zelf is dat gevonden kan worden, en dat dat wenselijk is, dat dat het makkelijker maakt door het leven te gaan. Zonder onszelf weten we niet hoe we dit bestaan moeten doorkomen.’ Zo blijven wij vluchten en tegelijkertijd zoeken naar onze haven.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Anne van den Dool – Vluchthaven. Querido, Amsterdam. 304 blz. €20,00
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/vluchthaven.jpeg" length="51597" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 25 Aug 2021 17:37:35 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/op-de-vlucht-naar-wie-wij-zijn</guid>
      <g-custom:tags type="string">vluchthaven,essays,dool,Van den Dool,anne van den dool</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/vluchthaven.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/vluchthaven.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Stil dan, u hoort iets sterks van mij’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/stil-dan-u-hoort-iets-sterks-van-mij</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Stil dan, u hoort iets sterks van mij’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van 'De abele spelen' in vertaling van Gerrit Komrij
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+abele+spelen.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         Voor wie een poosje de middeleeuwen in wil duiken, en tegelijkertijd zonder enige kennis van de oude taal de schoonheid van het Middelnederlands wil ervaren, zijn ‘De abele spelen’ in de vertaling van Gerrit Komrij een aangenaam avontuur. Het werk is al in 1989 uitgegeven, maar deze nieuwe uitgave is stijlvoller, en gelukkig ontdaan van de half ontblote dame in kanten ondergoed op de voorkant, die mij destijds – in mijn eerste studiejaar Nederlands – al tegenstond, en mij de jaren daarna ervan weerhield deze uitgave aan leerlingen uit te lenen, omdat zij behalve de dame in ondergoed op de voorkant, ook tussen de abele spelen en sotternieën door steeds een afbeelding van een borst of ander intiem vrouwelijk lichaamsdeel zouden tegenkomen. Er zijn grenzen aan mijn enthousiasme om leerlingen de prachtige middeleeuwse literatuur bij te brengen. Met deze nieuwe uitgave is het probleem opgelost en blijft er volop ruimte voor de verbeelding over.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het prettige van deze uitgave is dat de Middelnederlandse tekst op de linkerpagina staat en de vrije vertaling van Komrij op de rechter. De lezer kan dus kiezen voor een van beide of voor een combinatie. Ook voor de leek die nieuwsgierig is naar de oorsprong van onze taal, zijn deze abele spelen heel toegankelijk. Het werk bevat geen ingewikkelde inleiding die je eerst moet bestuderen om het werk te kunnen begrijpen. De stukken spreken, zeker voor een eerste kennismaking, voor zich. Wie belangstelling heeft, kan zich altijd verder verdiepen. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het begrip ‘abel’ is niet eenvoudig te vertalen. Zelf leerde ik dat het ‘edel’, ‘hoofs’ of ‘ernstig’ kon betekenen. Het gaat om vier toneelstukken die zijn overgeleverd in het handschrift Van Hulthem, waarin de hoofse liefde een belangrijke rol speelt: ‘Esmoreit’, ‘Gloriant’, ‘Lanseloet van Denemerken’ en ‘De winter en de zomer’. Elk abel spel wordt opgevolgd door een ‘sotternie’, oftewel een ‘klucht’, waarin hetzelfde thema speelt, maar dan op een wat platte, humoristische en expliciete manier: ‘Lippijn’, ‘De busblazer’, ‘De heks’ en ‘Rubben’.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het is opmerkelijk hoe de thema’s van de stukken eigenlijk heel aardig aansluiten bij hedendaagse thema’s. Zo speelt in twee van de vier abele spelen, namelijk ‘Esmoreit’ en ‘Gloriant’, de kloof tussen de westerse, christelijke wereld en de oosterse islamitische wereld een belangrijke rol. Het is de liefde die – zonder al te veel geweld! – een christelijke jongeling met een islamitische schoonheid verbindt. Het waren rondreizende toneelgezelschappen die het middeleeuwse publiek meestal heel eenvoudig op het marktplein trakteerden op een toneelstuk met een duidelijke boodschap: ‘Neef Gloriant, je leerde naar behoren/Der Minnen Lusthof te bewerken./En moge het resultaat je sterken,/Al was het wel eens onplezierig:/Je brengt het schoonste wezen hier/En nobeler is er ook geen./Al is haar vader een Saraceen, Hij is een hooggeboren man’. Zo eenvoudig is het. Waarschijnlijk waren de abele spelen in de middeleeuwen best verfrissend, omdat het publiek vooral geestelijke stukken of kluchten kreeg voorgeschoteld. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het verhaal van ‘Lanseloet van Denemerken’ misstaat niet in de reeks #metoo-verhalen die in de eenentwintigste eeuw de ronde doen: Sanderijn wordt verkracht en vervolgens bruut aan de kant geschoven. Saillant detail is dat het hier niet zozeer de man zelf is die zijn behoeftes niet kan bedwingen, maar dat het de moeder van Lanseloet is, die hem hiertoe aanspoort. Deze variant ben ik in de moderne versies nog niet tegengekomen. Wat men ook van de middeleeuwers mag denken, Lanseloet komt er in dit stuk niet mee weg, en alle heren krijgen aan het eind een belangrijke boodschap mee: ‘Groot, dus, is de betekenis/Van hoofse taal voor elke man,/Steeds – en vooral ten aanzien van/De vrouwen. Spreek ze hoffelijk aan – En geen van hen ooit iets misdaan./Der vrouwen zegen zult gij krijgen.’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Tussen de romantische en verheven stukken door wordt de lezer steeds even wakker geschud met een platte klucht, waarin bij voorkeur bedrog, overspel en ordinaire scheldpartijen langskomen, waarin het recht lang niet altijd zegeviert. Zo begrijpt in de laatste klucht, ‘Rubben’, een man niet helemaal dat zijn vrouw al na drie maanden huwelijk een kind baart, terwijl de meeste zwangerschappen toch negen maanden duren. Is het kind wel van hem? Zijn schoonmoeder weet hem ervan te overtuigen dat hij niet goed rekent, want voor het huwelijk kende de jongen het meisje al drie maanden en ook toen lag hij haar al gezellig warm te houden, en hij is volgens haar drie andere maanden vergeten mee te tellen, want dat waren de nachten, waarbij je totaal toch op negen maanden komt. Zijn schoonvader prijst de rekenkunsten van zijn vrouw, maar scheldt – als zijn schoonzoon weer weg is – zijn vrouw de huid vol, omdat zij hem bij hun eigen huwelijk hetzelfde kunstje geflikt heeft. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De vertaling mag dan eerder een bewerking zijn en niet altijd zorgvuldig verantwoord, Komrij is zelf een dichter van rijke taal, waarmee hij de levendigheid van het Middelnederlands dan toch aardig benadert. Deze teksten zijn daardoor ook bijzonder geschikt voor jonge lezers, die nodig zijn ‘om een traditie in stand te houden en tegelijk die traditie kritisch onder de loep te nemen. Alleen dan blijven teksten in leven,’ aldus Coen Peppelenbos in het nawoord.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De abele spelen – Vertaling Gerrit Komrij. Uitgeverij kleine Uil, Groningen. 350 blz. €23,50
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+abele+spelen.jpeg" length="62251" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 25 Aug 2021 17:32:12 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/stil-dan-u-hoort-iets-sterks-van-mij</guid>
      <g-custom:tags type="string">Komrij,spel,Gerrit Komrij,abel,essays,abele spelen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+abele+spelen.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/de+abele+spelen.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Het geweten dat zich uitstrekt’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-geweten-dat-zich-uitstrekt</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘Het geweten dat zich uitstrekt’
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Bespreking van 'Strepen aan de hemel en andere oorlogsherinneringen' van G.L. Durlacher
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/strepen+aan+de+hemel.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         ‘Strepen aan de hemel’ van G.L. Durlacher is opnieuw uitgegeven samen met zijn andere oorlogsherinneringen. In het voorwoord refereert Arnon Grunberg aan een gesprek tussen Durlacher en literatuurwetenschapper S. Dresden over de ethische vraag wie er over een extreme werkelijkheid, zoals het kamp, mag schrijven en op wat voor manier. Durlacher vindt dat de beschrijving nauwkeurig moet zijn, zonder fictieve elementen, niet te ‘literair’, omdat de mensen na ons een zuiver beeld van de oorlog moeten hebben. Hij heeft de naamloze slachtoffers een stem willen geven en de naoorlogse generatie een geheugen. De invloed van zijn werk reikt verder dan dat. De ernst van deze nauwgezette beschrijving van de hel, zonder de details van de gruwelijkheden, verbreedt het geweten van de lezer, ook nu nog, of misschien juist nu, nu er veel radicale opvattingen te horen zijn. Het is een monument, een klok die blijft luiden, opdat wij niet vergeten.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De eerste verhalen geven een indringend beeld van zijn jeugd in Baden-Baden, en dus ook van de ‘jekke’, de Duitse jood, die het liefst nog Duitser dan de Duitser wilde zijn, geen Jiddisch sprak, maar Hochdeutsch, zeker zoveel waardering had voor de Duitse cultuur als voor de Joodse traditie, graag naar Wagner luisterde en een groot vertrouwen in assimilatie had. Tussen de warme herinneringen door klinken echter steeds meer signalen van een opkomend antisemitisme: ‘Uit de radio schalt de hele middag marsmuziek en mannen praten over de regering en wat die voor het land zal doen. Bij de bakker op de toonbank staat een vaas met heel veel rood-papieren vlaggetjes met hakenkruis’. Over alle gezellige momenten ligt een schaduw van dreiging. De ruimte voor de joden wordt kleiner en kleiner en uiteindelijk besluit het gezin naar Rotterdam te verhuizen.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Opvallend is dat overal in de bundel, waar Gerhard zich ook bevindt, aandacht is voor de keuzes van individuele mensen uit verschillende bevolkingsgroepen. Zo is er de jongen die naast hem gaat zitten in de klas, totdat hij in elkaar geslagen wordt en toch liever aan het andere eind van de klas gaat zitten. Er is een klasgenoot die Gerhard bedreigt en uitscheldt, maar een andere die hem juist verdedigt. Er zijn docenten die in het geheim de joodse leerlingen blijven lesgeven als de scholen de deuren voor hen moeten sluiten. Er is de schooldirecteur Dr. Logemann die, op het moment dat het gezin in afwachting van verdere deportatie, in een politiecel in Apeldoorn verkeert, voor de celdeur staat: ‘Ouder, zachter, met moeite de tranen in bedwang houdend. In zijn hand een wiskunde boek: “Neem dit mee, misschien kan je nog iets doen daarginds. Ik mocht je even een goede reis wensen.”
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De focus op deze individuele keuzes blijft in de hele bundel aanwezig, ook als het gezin steeds dieper doordringt in de hel, via doorgangskamp Westerbork en Theresiënstadt uiteindelijk in Auschwitz-Birkenau. Er wordt niet geoordeeld, maar het effect van de keuzes wordt wel beschreven. Als Gerhard te horen krijgt dat zijn moeder op transport wordt gesteld, sleept hij zijn apathische vader mee naar buiten om afscheid van haar te kunnen nemen: ‘Mijn ogen verslinden de rijen tot zij bij het blauwgrijs gemêleerde wollen gebreide jasje van mijn moeder tot stilstand komen, het jasje dat ik op een andere planeet als jongen van negen heb mogen helpen uitzoeken. Mijn blik schreeuwt naar haar en haar hart hoort mij. De seconden dat wij elkaar aanzien, met tranen die niet mogen zijn, zijn eeuwigheid.’ Door zijn spieren aan te spannen en zijn borstkas te vergroten, lukt het Gerhard wonder boven wonder door de keuring van Mengele te komen. Daarna wordt hij tewerkgesteld in een steengroeve waar hij nog net niet bezwijkt. De bevrijding komt voor hem op tijd.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De uitroep in het motto van ‘Strepen aan de hemel’ – ‘Eli, Eli, Lama Sabachthani! Mijn God, mijn God, waarom hebt Gij mij verlaten!’ – strekt zich niet alleen uit tot God, maar over heel Europa: waarom zijn de gaskamers en crematoria niet gebombardeerd, terwijl zoveel mensen op de hoogte waren van wat daar gebeurde? De strepen aan de hemel zijn die van de hoop van de gevangenen op hulp van buiten. Was het politiek cynisme, opportunisme, laksheid, onverschilligheid of naïveteit? Voor Durlacher zijn alle illusies gedoofd. Hij vindt het lastig om zijn houding te bepalen tegenover mensen die hij na de oorlog tegenkomt: hebben zij weggekeken, meegedaan of zich verzet? Die vraag blijft knagen.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Uiteindelijk is Durlachers werk, of hij nu wil of niet, een pleidooi voor literatuur. Ook degene die slechts registreert, maakt keuzes in wat hij precies beschrijft en wat hij weglaat. Juist die individuele afwegingen maken het werk zo aangrijpend. In ‘De zoektocht’ vertelt kampgenoot Dov dat hij in het kamp Dostojevski’s ‘Schuld en boete’ had gelezen: ‘Het begrip gerechtigheid en de afschuw over een simpele moord waren in mij bewaard gebleven, hoewel ik de wereld buiten niet of nauwelijks kende. Niet alleen tegenover onze groep, maar veel wijder strekte zich mijn geweten uit, misschien wel dankzij Dostojevski’. En hierin geeft Durlacher dan toch, uit de mond van zijn lotgenoot, het belang weer van literatuur, want precies dat is wat er gebeurt in de lezer: het geweten strekt zich uit, het respect voor het leven en de medemens neemt toe.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          G.L. Durlacher – Strepen aan de hemel en andere oorlogsherinneringen. Querido, Amsterdam, Antwerpen. 328 blz. €21,99
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/strepen+aan+de+hemel.jpeg" length="64143" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 25 Aug 2021 17:29:22 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-geweten-dat-zich-uitstrekt</guid>
      <g-custom:tags type="string">Geloof me niet als ik vertel over de oorlog,essays,Durlacher,G.L. Durlacher,Strepen aan de hemel</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/strepen+aan+de+hemel.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/strepen+aan+de+hemel.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Er zijn namen die je lange tijd bijblijven, rustend en wachtend om tot leven gewekt te worden’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/er-zijn-namen-die-je-lange-tijd-bijblijven-rustend-en-wachtend-om-tot-leven-gewekt-te-worden</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘Er zijn namen die je lange tijd bijblijven, rustend en wachtend om tot leven gewekt te worden’
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van 'Oud papier' van Leen Huet
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Oud+papier.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         Als ik een antiquariaat in stap, zinkt mij vaak de moed in de schoenen: naast bekende boeken zie ik vooral nog veel meer boeken van auteurs van wie ik nooit iets heb gelezen, of erger nog, zelfs nooit heb gehoord. Meteen bekruipt mij dan een lichte beklemming: hoeveel tijd heb ik nog om mijn achterstand in te halen? Een totaal andere, en vooral bewonderenswaardige benadering van het antiquariaat is die van Leen Huet in haar essaybundel met de veelzeggende titel ‘Oud papier’, in 1998 al uitgegeven bij Atlas, nu opnieuw uitgegeven door het Davidsfonds. Haar enthousiasme om tussen al die oude werken gewoon enkele mooie, of zelfs halfvergane bandjes te pakken en die onbevangen te gaan lezen, is absoluut aanstekelijk. 
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In het eerste essay vertelt Huet over de jagershut van haar grootvader, waarin zij droomde van boekenplanken aan muren in plaats van de rij met geweien. Vervolgens vergelijkt ze de lezer met een jager: ‘Hij doorkruist de landschappen van de literatuur (boekhandels, bladzijden) om henzelf, uit onbaatzuchtige genegenheid; maar zijn felste momenten komen wanneer hij een spoor vindt naar een boek dat hem, hij weet het, zal vervullen met de zwaarste, rijkste emoties – met de diepste, wildste voldoening.’ Die onbaatzuchtige genegenheid is in de hele bundel voelbaar. Het plezier in het lezen, in de jacht op bijzondere gedachten, vooroordelen en opmerkelijke, of juist wat teleurstellende feiten, spat van de bladzijden.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De ironie wil dat het de lezer van ‘Oud papier’ bijna hetzelfde vergaat als de bezoeker aan het antiquariaat, met dat verschil dat de boeken nu speciaal voor de lezer zijn uitgekozen en voorzien zijn van scherpzinnig en vaak ook humoristisch commentaar. Bij elk nieuw boek dat Huet introduceert, voel je even een kleine weerstand: waarom zou je in vredesnaam juist dit boek ter hand nemen, terwijl er nog zoveel meesterwerken elders op je liggen te wachten? Steeds opnieuw sleept ze je mee, overtuigt je van het plezier dat het lezen van dit onbekende werk oplevert. De verhalen leggen niet alleen onbekende feiten bloot, maar relativeren ook alle tijdgebonden opvattingen over man en vrouw, godsdienst, kunst, geschiedschrijving en nog veel meer. Boven alles ontroeren de verhalen door de manier waarop de auteur ze blootlegt. Zo lees je over het dagboek van Marie Bashkirtseff, geboren in 1859, die slechts vijfentwintig jaar oud werd, maar in haar eigen familie beschouwd werd als wonderkind. Haar dagboek vormt ‘een wonderlijk monument van eerlijkheid’. Huet vergelijkt haar dagboek met ‘die vreemde stukken wrakhout die nog weleens uit die metafysische oceaan aanspoelen’. Je beseft dat Huet voor even deze onbekende vrouw tot leven roept, en dat jij als lezer getuige bent.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Er komt heel veel langs. Zo zijn daar de duivelse spookverhalen van de Normandische dandy Jules Barbey d’Aurevilly, die tot zijn dood woonde aan de rand van het ultraconservatieve faubourg Saint-Germain, waarover ook Proust schrijft in zijn ‘De kant van Guermantes’. Er is een autobiografie van de actrice Sarah Bernhardt, met allerlei opmerkelijke anekdotes. Soms weet Huet zich tijdens het lezen geen houding te geven. Op het moment dat ze de essays van Thomas Carlyle leest, die zowel calvinist als donderpreker was, betrapt ze zichzelf erop dat ze zenuwachtig zit te grinniken, ‘zoals wanneer je de slappe lach krijgt tijdens een kerkdienst.’ Ze komt in zijn werk, zoals het essay ‘De nikkerkwestie’ opvattingen tegen die nu vooral weerzin oproepen. Hetzelfde geldt voor de memoires van Casanova waarin je kunt lezen hoe hij meisjes verleidde als sport, terwijl hij tegelijkertijd ouders en opvoeders waarschuwde tegen verleiders. Hij hielp alleen jonkvrouwen als ze mooi waren, hij kocht seks en beschuldigde gekochte vrouwen ervan hoeren te zijn als ze geen enthousiasme vertoonden. Kortom: ‘Zijn avonturen zijn verrukkelijk, maar sommige ervan zouden vandaag parlementaire onderzoekscommissies in het leven roepen.’ In ‘Sainte Lydwine de Schiedam’ van J.-K. Huysmans kun je lezen hoe Lydwina zich onderwerpt aan de ‘mystiek van de plaatsvervanging’ door andermans zonden uit te boeten, maar dat deze mystiek er ook uit kon bestaan dat de afvallige priester abbé Boullan onder het mom van mystiek ongebreideld vrouwen verleidde, die hij wijs maakte ‘dat de vleselijke zonden die ze met hem in een religieuze sfeer konden beleven, een belangrijke compensatie boden voor de oerlust waaruit de Zondeval voortvloeide, een belangrijke bijdrage dus tot de verlossing van de mensheid.’ Voor wie nog niet genoeg heeft van dit ‘geestelijke voer’ bestaat er ook nog een gruwelijk lijstje van bijgelovige en heidense riten in strijd tegen heksen, gepubliceerd door de inquisiteurs Institoris en Sprenger. Volgens Huet worden alle gruwelijkheden gedetailleerd uitgewerkt.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Gelukkig zijn er ook nog wat luchtiger verhalen, zoals die over de schrijfsters Selma Lagerlöf en Virginie Loveling of over Erasmus, toen hij nog een brabbelende kleuter was. De bundel eindigt met een essay over de klassieker ‘Orlando’ van Virginia Woolf, in al haar bekendheid bijna een vreemde eend in de bijt. Al met al is ‘Oud papier’ een aangename manier om eventuele terughoudendheid tegenover oude, onbekende boeken voor eens en altijd aan de kant te schuiven en een regelrechte uitnodiging tot een onbevangen bezoek aan een van de antiquariaten die ons land rijk is.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Leen Huet – Oud papier. Davidsfonds. Essays. Antwerpen. 192 blz. €22,50
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Oud+papier.jpeg" length="101636" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 06 Aug 2021 17:14:02 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/er-zijn-namen-die-je-lange-tijd-bijblijven-rustend-en-wachtend-om-tot-leven-gewekt-te-worden</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Leen Huet,Oud papier</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Oud+papier.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Oud+papier.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Laat me vergeten hoe het is om te voelen’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/laat-me-vergeten-hoe-het-is-om-te-voelen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Laat me vergeten hoe het is om te voelen’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van 'Dat ongrijpbare iets' van Charles Simic, vertaald door Wiljan van den Akker
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dat+ongrijpbare+iets.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         ‘Meer dan iets anders staat het verlangen naar oneerbiedigheid aan de wieg van mijn poëzie. De behoefte om elke autoriteit voor schut te zetten, taboes te doorbreken, het lichaam en zijn functies te vieren, in één adem door beweren dat je engelen hebt gezien en dat er geen god bestaat. Alleen al bij het denken aan de mogelijkheid om tegen alles schijt te zeggen, rol ik over de grond van geluk.’ Zo onomwonden geeft de Amerikaanse dichter Charles Simic zijn poëzieopvatting in ‘Dat ongrijpbare iets’. Nu moet je altijd voorzichtig zijn met het gelijkstellen van het lyrisch ik aan de dichter, maar het moet gezegd dat deze opvatting vrij consistent uit de hele bundel spreekt, die een bloemlezing bevat van meerdere bundels, enkele losse gedichten en fragmenten van Simic, met een nawoord van de vertaler, Wiljan van den Akker.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De poëzie schuurt bijna op elke bladzijde, want wie durft tegenwoordig nog de volgende vraag te stellen, zoals in het gedicht ‘Voetstappen horen’: ‘Misschien gaan we nog een keer maagden ophangen/aan kale bomen, kerken plunderen, weduwen verkrachten in de diepe sneeuw?’ Gek genoeg roept deze vraag niet per se verzet op, althans niet tegen de dichter die zomaar zulke wrede voorstellen doet. Dat komt doordat je voelt dat het niet zozeer een voorstel is of een diep verlangen, maar dat deze duistere kant inherent is aan de mens. Je kunt hem eigenlijk geen ongelijk geven.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De werkelijkheid mag dan voor de dichter ongrijpbaar zijn en onzegbaar, zijn poëzie daarentegen grijpt de lezer naar de strot en het is een straf om er slechts één te mogen uitkiezen als voorbeeld, omdat er op elke bladzijde wel iets ongrijpbaars diep raakt. Neem het gedicht ‘Lied’, waarin Simic een beeld van een moeder neerzet dat je in alle details voor je ziet, ook alles wat we tussen de regels door kunnen lezen. De dichter – en vergeet ook niet de vertaler! – schrijft het woord ‘weduwentasje’ en zie, het bestaat, het roept een wereld op van verdriet van de moeder, verborgen in een tasje. Zóveel kun je hier zelf nog invullen, want welke gedachte is bijvoorbeeld zwaarder dan zijzelf, en wat wil zij allemaal voor de kinderen verbergen? En juist dat ongrijpbare, dat nog half ingevuld kan worden, grijpt je naar de keel. Ook de kinderen voelen dit ‘moederlijk duister’, hoezeer zij het ook tracht te verbergen. Het is kennelijk een voorwaarde voor verlichte dromen. Zo laat Simic zien hoe deze duistere kant bij de mens hoort.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Lied
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          in haar weduwentasje
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          bewaart mijn moeder
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          een gedachte
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          zwaarder dan zijzelf
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          wanneer niemand kijkt
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          haalt ze hem eruit
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          en kauwt erop
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          als op een kort droog brood
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          wanneer niemand kijkt
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          spuugt ze de botjes en kooltjes
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          op een hoopje
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          en stopt ons dan allemaal in
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          alleen dit vertrouwde gewicht
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          wiegt ons in slaap
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          alleen dit moederlijk duister
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          zal onze dromen verlichten
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Soms krijgen de gedichten iets surrealistisch: ‘Iemand trok me uit de mouw van een smoking,/dokter, terwijl mijn leven aan een zijden draadje/ hing aan het einde van een lange, witte sjaal.’ Nergens is zijn poëzie luchtig of onbekommerd. Steeds klinkt er een zware ondertoon, soms ook cynisch waar het om machthebbers gaat, maar ook om God, zoals in het gedicht ‘Aan die ene daarboven’: ‘Je handen en je ogen zijn leeg./Je hoeft nergens je handtekening onder te zetten/zelfs niet als je je eigen naam kent of gelooft/ in de namen die ik steeds weer voor je verzin/terwijl ik je in het donker dit kattebelletje schrijf.’ De mens is machteloos, zoekt steun bij ‘meneer weetal, ritselaar, intrigant’, maar komt bedrogen uit. Hier voel je inderdaad het verlangen van de dichter om oneerbiedig te zijn, om iedere autoriteit voor schut te zetten.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Met deze bloemlezing heb je een schat aan poëzie in handen, beelden en gedachten die je nog dagen blijven achtervolgen, omdat ze zo indringend zijn en – op een eerlijke manier – zwaar, alsof de dichtheid van Simics poëzie net iets groter is dan je gewend bent, al is dat natuurlijk betrekkelijk. Laat ik mij ook eens niet aan de regels houden en de lezer trakteren op nog een van deze prachtige gedichten, in de wetenschap dat ik bijna alles uit de bundel nog onbesproken heb gelaten:
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Laat
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Niemand wast de bloederige kleren.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Ze hangen aan de lijn
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          met de kogelgaten
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          er nog in.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Bij het vallen van de avond
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          roept de stem van een moeder
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          over de daken van de wereld
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          haar kinderen voor het eten.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Ik denk dat een van de kraaien
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          in hun plaats moet gaan.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Ik denk dat de zwartste op het hek
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          schoenen moet aantrekken
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          en de tuintrap moet nemen.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Charles Simic – Dat ongrijpbare iets. Vertaald door Wiljan van den Akker. Uitgeverij Van Oorschot, Amsterdam. 201 blz. €20,00
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dat+ongrijpbare+iets.jpeg" length="45870" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 06 Aug 2021 17:11:32 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/laat-me-vergeten-hoe-het-is-om-te-voelen</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Charles Simic,Wiljan van den Akker,Dat ongrijpbare iets</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dat+ongrijpbare+iets.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dat+ongrijpbare+iets.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Ik ben op zoek naar een vriend. Ik denk dat ik die nooit zal vinden’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-ben-op-zoek-naar-een-vriend-ik-denk-dat-ik-die-nooit-zal-vinden</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘Ik ben op zoek naar een vriend. Ik denk dat ik die nooit zal vinden’
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van 'Mijn vrienden' van Emmanuel Bove
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mijn+vrienden.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Emmanuel Bove was 24 toen hij in 1924 zijn ‘Mes amis’ schreef, waarmee hij naar eigen zeggen een nieuw genre had uitgevonden, namelijk de roman van de ‘verarmde eenzaamheid’. Nu is dit kleine meesterwerk vertaald door Katelijne De Vuyst en prachtig uitgegeven door uitgeverij Vleugels. Waar is eenzaamheid beter voelbaar dan in de zoektocht naar vriendschap? De auteur slaagt er op wonderbaarlijke wijze in de ware humor – de glimlach in het tragische – van deze zoektocht over te brengen, terwijl de verteller van het verhaal, Victor Bâton juist volstrekt verstoken is van enige ironie.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Victor Bâton, een oorlogsveteraan met geheime wond onder zijn haveloze jas, doet minutieus verslag van zijn zoektocht naar vriendschap. Elk hoofdstuk is gewijd aan een nieuwe persoon. Zo passeren achtereenvolgens de revue: de uitbaatster Lucie Dunois, de toevallige voorbijganger Henri Billard, de schipper Neveu, monsieur Lacaze, de fabrikant en tenslotte de actrice Blanche. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Victor huurt een armzalige kamer in Montrouge: ‘Wanneer het regent, is het koud in de kamer. Dan lijkt het wel of niemand er heeft geslapen. Het water, dat over de volle breedte van de ruiten stroomt, vreet de stopverf aan en vormt een plas op de grond. Als de zon eenzaam hoog aan de hemel straalt, valt haar gouden licht midden in de kamer. Dan trekken de vliegen duizenden rechte lijnen op de plankenvloer.’ De precieze beschrijving van de omgeving benadrukt de armoede en de eenzaamheid waarin Victor verkeert. Zijn nietsontziende observaties laten echter ook doorschemeren dat hij – ondanks deze armzalige toestand – een beetje ijdel is: ‘De poriën op mijn dijen zijn zwart. Mijn teennagels lang en scherp: iemand die me niet kent, zou ze vast lelijk vinden.’ Er klinkt ook in door dat er hoop is op iemand die hem wel zal kennen en met een liefdevollere blik zal kijken naar zijn lichaam. De realiteit is echter hard, want zijn kiezen zijn rot, in zijn waskom staat nog het vieze water van de vorige dag, de rand van zijn hoed is kromgetrokken door de regen, in de poten van zijn stoel zitten gaten waar de sporten thuishoren, zijn vuile zakdoek kraakt als hij hem openvouwt, en zijn ene schouder staat wat hoger dan zijn andere. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Victor heeft één groot verlangen, namelijk dat hij gezien wordt door andere mensen: ‘Ik stel me voor dat de mensen die op de terrassen aan een tafeltje zitten me opmerken, ondanks mijn versleten kleren.’ Hij ontmoet inderdaad enkele mensen die in aanmerking zouden kunnen komen voor een vriendschap. Zo is er zelfs een moment waarop hij de uitbaatster Lucie omhelst en daarna wat nerveus uitkleedt, maar als zij eenmaal in haar blootje voor hem staat, raakt hij helemaal overstuur: ‘Over mijn lichaam liepen rillingen, zoals de trekkingen van paardenbenen.’ Het is voor Victor niet eenvoudig om zichzelf over te geven aan de ander. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Ook bij de volgende personages breekt het zweet hem aan alle kanten uit als hij bij hen op bezoek gaat: ‘Om niet buiten adem te raken liep ik langzaam de trap op. Mijn handen, die nat van het zweet waren, maakten een piepend geluid op de leuning.’ Soms zet hij al zijn zinnen op de ander, fantaseert over hun innige vriendschap en blijkt die ander niet te vertrouwen. Op een ander moment verprutst hij het zelf door juist het vertrouwen van de ander te schaden. In alle gevallen is hij, om wat voor reden dan ook, niet goed in staat om werkelijk met de ander in contact te komen. Die diepe existentiële eenzaamheid schrijnt het hele boek door. Wat dat betreft komt Boves zelfbedachte genre goed tot zijn recht: ‘Echt waar, ik ben een pechvogel. Niemand is in me geïnteresseerd. Iedereen denkt dat ik gek ben. Toch ben ik goed, ben ik edelmoedig van inborst.’ 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Er komen bizarre situaties voor, zoals die waarin de schipper Neveu Victor half meesleept om samen een einde aan het leven te maken. Heel even betrap je jezelf erop dat je je erover verwondert dat Victor ondanks zijn miserabele toestand helemaal niet dood wil en in zijn paniek zelfs Neveu smeekt hem los te laten. Je wordt als lezer over de bodem van het bestaan gesleept, waar het vuil is en onbarmhartig, en toch blijkt dat bestaan de moeite waard. Uiteindelijk hecht je je niet alleen aan deze sjofele oorlogsveteraan, maar ook aan zijn eenzaamheid, die hem als zijn trouwe schaduw volgt.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Emmanuel Bove – Mijn vrienden. Vertaald door Katelijne De Vuyst. Uitgeverij Vleugels. Bleiswijk. 168 blz. €23,95
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mijn+vrienden.png" length="16434" type="image/png" />
      <pubDate>Wed, 28 Jul 2021 18:21:45 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-ben-op-zoek-naar-een-vriend-ik-denk-dat-ik-die-nooit-zal-vinden</guid>
      <g-custom:tags type="string">mijn vrienden,bove,essays,emmanuel bove</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mijn+vrienden.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Mijn+vrienden.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘en je tijdens je val het zingen hoort van de tijd, onze tijd’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/en-je-tijdens-je-val-het-zingen-hoort-van-de-tijd-onze-tijd</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘en je tijdens je val het zingen hoort van de tijd, onze tijd’
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van '2050' van Peter Verhelst
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Verhelst.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         In eerste instantie verkeerde ik in de veronderstelling dat ik met de bundel ‘2050’ van Peter Verhelst 2050 gedichten in mijn handen hield, aangezien op de voorkant direct onder de titel ‘gedichten’ staat. Ik dacht: zo, die heeft flink doorgeschreven. Ik kan niet mijn lichte teleurstelling ontkennen toen ik erachter kwam dat het een jaartal betrof, niet zozeer vanwege het mislopen van zovele gedichten, maar vooral omdat ik geen liefhebber van dystopieën ben. Ik vind ze meestal ongeloofwaardig, onnodig somber en ik houd niet van de waarschuwende wijsvinger. Nu – twee weken verder, waarin ik vele beelden heb zien voorbijkomen waarin het water bij onze oost- en zuiderburen door de straten stroomde – vermoed ik dat de dichter meer realiteitszin heeft dan ikzelf.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Ergens in de bundel staat de regel ‘Er is vooralsnog geen enkele reden tot ongerustheid.’ Van zo’n zin word je natuurlijk juist ongerust, zeker als het een gedicht betreft. Er zijn dan bovendien al vele behoorlijk verontrustende gedichten langsgekomen. Daardoor krijgt de regel een wat cynische ondertoon. Daaronder staat: ‘We geloven in onze eeuwig gouden zon.’ Hiermee zegt Verhelst natuurlijk weinig nieuws, want zolang de mens leeft, worstelt hij al met zijn eigen vergankelijkheid. De titel van de afdelingen ‘You will live forever’ verwijst naar een kunstwerk van Tim Etchells waarbij de letters van deze uitspraak in ijs zijn gemaakt die langzaamaan smelten. Er ontstaat een spanning tussen de betekenis van de letters en het materiaal waaruit ze bestaan. Misschien lijkt de mens in zijn drang om voort te leven wel op deze smeltende letters.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De andere afdelingen hebben de titels van woorden die de dichter zijn ingefluisterd tijdens een MRI-scan: ‘Kijk niet in de lichtstraal’, ‘Adem in’, ‘Hou op met ademen’ en ‘Adem uit’. De context van de MRI-scan is er al een van vergankelijkheid, want meestal laat je zo’n scan doen omdat je een ernstige ziekte vermoedt. Daarnaast hebben de titels betrekking op de essentie van ons wezen: het ademhalen. Het ‘Kijk niet in de lichtstraal’ is daarbij interessant, omdat het een waarschuwing betreft, die door de formulering impliceert dat er toch iemand moet zijn die de lichtstraal heeft vastgesteld, al hoeft dat niet per se te betekenen dat diegene erin heeft gekeken. De lichtstraal kan ons verblinden. Door ons geloof ‘in onze eeuwig gouden zon’ krijgt de lichtstraal een diepere laag. Moeten wij ons dan toch maar concentreren op het duister dat ons wacht? Het tweede gedicht van de bundel begint met: ‘Ben je bang voor deze reis? - /hij zal traag zijn en heet’.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De gedichten die volgen tonen beelden van een wereld waarin de mens verdwenen lijkt of hier en daar nog in fragmenten aanwezig is: 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Met littekens doorbliksemd vlees.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In de hartaanval
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          van de aardbeving.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In ontmantelde structuren, dak, muur, dwarsverbanden,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          bloothangende betonijzers, spleten, gaten.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In de fall-out – paarlemoeren zonsondergangen.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In het gestolde, rokende hart van het landschap
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          waar zich vegetatie van schroot ontvouwt.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In de opengewoelde aardlagen – zwart lichaamsdeel
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          op inox tafel – met roet behaarde arm en oksel
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          op inox tafel – uitpuilend
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          kapok, zaagsel, tot vet gestold
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          schuim. Iets wits
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          in een droom die zich niets herinnert, maar er zitten wel
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          witte stukjes in donker tandvlees. In het verkoolde,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          in het tot as herleide,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          in het alle windstreken uit waaiende.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De lezer krijgt een wereld voorgeschoteld waarin alles uit z’n verband is gerukt. De materialen zijn nog herkenbaar, maar ze zijn weggedreven: ‘Voorbijdrijvend puin met hier en daar vlammen.’ Je krijgt de neiging om tussen de regels te zoeken naar overblijfselen van mensen, zoals bij een echte ramp. Soms lijkt het of je een stukje hebt gevonden, maar dan blijkt het bij een ding te horen, niet bij een mens: ‘En/de ruggengraat van een op z’n zij liggend bootje/als het skelet van een beest, nog wat pels,/gescheurd doek over gebinte,/afgebroken rib. Harige, met roestvlekken besproete wanden.’ Verhelst mengt hier op indrukwekkende wijze lichaamsdelen met objecten, waardoor de mens niet meer is dan een verzameling elementen.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Tussen de stuwende pulp herken je nog de bewegingen van het pulserende hart: ‘Je komt dichterbij. Je houdt je hemd open. Nog één keer/lilt je hart, rilt nog één keer, gulpt nog één keer./ Je lacht (Of huil je?)/ Je lach zwelt aan (Of hoest je?)’. En zo ben je getuige van de laatste stuiptrekkingen van de mens. Nee, het is geen opwekkende poëzie, zeker niet als je net beelden hebt gezien van inderdaad ronddrijvende matrassen, die gevaarlijk dichtbij komen. Toch pak je de bundel vlak nadat je hem rillend hebt weggelegd, al snel weer op, omdat je niet laf wilt wegkijken. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Die moed wordt beloond, want bij de laatste uitademing krijg je iets wonderschoons mee: ‘Graag geef ik je armen om de wereld te vangen als die omvalt. Armen om/te omarmen wie moet worden vastgehouden (val) en om zelf omhelsd te worden op sombere dagen (val!). En armen om jezelf te dragen, om met jezelf in je armen op de eerste zwaluwen te wachten, zelfs als die niet komen.’ Ook wil de ik je graag het vermogen geven te vliegen: ‘niet in de lucht, maar in je hoofd, niet in je hoofd, maar uit je hoofd, je hoofd uit’. Uiteindelijk is het de verbeelding die troost, en dat is de kracht van de dichter.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Peter Verhelst – 2050. Gedichten. De Bezige Bij. Enschede, Amsterdam. 160 blz. €22,99
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Verhelst.jpeg" length="5328" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 28 Jul 2021 18:18:20 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/en-je-tijdens-je-val-het-zingen-hoort-van-de-tijd-onze-tijd</guid>
      <g-custom:tags type="string">Verhelst,essays,Peter Verhelst,2050</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Verhelst.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Verhelst.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een ongerieflijke grote boodschap</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-ongerieflijke-grote-boodschap</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een ongerieflijke grote boodschap
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van 'Cyriel' van Eline Trenson
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/cyriel.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         Volgens de achterflap moet iedereen de roman ‘Cyriel’ van Eline Trenson lezen: ‘Over hoe het is om oud te worden en in een verzorgingstehuis terecht te komen. Over het verlies van waardigheid en menselijkheid, betutteling, de vernedering.’ Het motto van Nietzsche uit ‘De vrolijke wetenschap’ waarin hij stelt dat weldoen een manier is om macht over anderen uit te voeren, belooft een kritische kijk op de zorgzaamheid van de mens. De auteur heeft gekozen voor de tweeënnegentigjarige Cyriel van Daele, die uit vrije wil verblijft in het zorgcentrum Fortuna. In ‘Een afsluitend woordje’ verantwoordt Trenson deze keuze: ‘Ik wilde een verhaal schrijven over een man van vlees en bloed. (...) Ik wilde hem neerzetten in een poging mezelf en de lezer te overtuigen dat de senioren in onze maatschappij respect verdienen van ons jonge mensen.’ Dat de auteur hier een nawoord voor nodig heeft, werpt de vraag op: overtuigt het verhaal zelf wel voldoende?
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het perspectief ligt bij Cyriel. Afwisselend lees je over zijn verblijf in Fortuna en zijn geschiedenis. Bij zijn geboorte stierf zijn moeder Juliette in het kraambed. Het lukte zijn vader daarom niet van hem te houden. De geschiedenis herhaalt zich en ook Cyriel lukt het niet om van elk van zijn kinderen evenveel te houden. Zijn geschiedenis bestaat vooral uit een indrukwekkende reeks sterfgevallen, o.a. van zijn broers en zussen, maar ook van zijn eigen kinderen. Met zijn achterkleindochter Sara heeft hij een bijzondere band. Zij komt hem regelmatig opzoeken in het tehuis. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Omdat Cyriel nog goed ter been is, wandelt hij door de gangen en laat zijn kritische blik gaan over alles wat hij tegenkomt: ‘Hoewel meestal geserveerd in de vorm van een brij – dat kauwt makkelijker – bestaat het ontbijt ook weleens uit een ‘boboke’. Voor ons Rachel is dat echter geen optie. Rachel heeft immers geen tanden meer en haar maag kan na al die jaren geen vast voedsel meer verdragen. En vandaag? Ja hoor, het is weer van dat. Mark is waarschijnlijk niet gebriefd of heeft simpelweg de tijd niet gehad om de dossiers al te bekijken. Hij moet meer dan veertig oudjes bedienen en verzorgen in amper een paar uur tijd.’ De boodschap ligt er te dik bovenop en dat maakt het verhaal regelmatig wat plat.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het boek bevat daarnaast ook ontroerende passages, zoals het moment waarop hij beseft hoeveel hij op zijn vader is gaan lijken: ‘Als ik mezelf zou zien zitten in deze leunstoel waarin hij altijd zat, in dezelfde houding, dan zou ik zonder enige twijfel mijn vader zien zitten. Ons hele leven was erop gericht elkaar uit de weg te gaan, en toch zit zijn hele lichamelijke zijn in mijn lijf uitgehouwen. Hoe ik mijn glas vasthoud. Hoe ik mijn ene been over het andere sla. Hoe ik mijn leesbril op- en afzet. Hoe ik vermanend naar storend luidruchtige kinderen kijk wanneer ik probeer een artikel te lezen.’ Ook raken de vele sterfgevallen, niet zozeer door de manier waarop ze beschreven zijn, meer door het aantal.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Doordat Cyriels familiestructuur nogal ingewikkeld is, en hij vele episodes uit zijn leven beschrijft, verlies je als lezer regelmatig het overzicht. Sommige namen lijken op elkaar, of zijn zelfs hetzelfde. Voor in het boek is een stamboom opgenomen, die dan uitkomst biedt. Toch zijn er te veel verhaallijnen die afleiden van zijn situatie in het tehuis.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het is mij een raadsel waarom Trenson heeft gekozen voor een man die zijn leven lang meerdere vrouwen tegelijk had, terwijl hij getrouwd was met Catharina. Op het moment dat een van zijn minnaressen met zijn bastaardzoon aan de deur staat, neemt hij hen zelfs beiden in huis. Als zij sterft, komt hij gewoon met een nieuwe geliefde, met wie hij ook weer kinderen krijgt. Zelfs in het tehuis duikt hij met diverse dames het bed in. Ergens gaat dat wringen in het boek, en doet het juist af aan de boodschap die kennelijk zo belangrijk is. Goed, hij heeft op tragische wijze veel familieleden verloren, maar hij vertelt trots en zonder enige terughoudendheid over alle vrouwen die hij heeft bemind, terwijl hij zijn eigen vrouw daarmee harteloos heeft bedrogen. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het kostte mij op den duur als ‘jongere’ toch wat moeite respect op te brengen voor deze ‘senior’, zoals de auteur volgens het nawoord beoogt. Is het zo mensonterend als hij aan het einde van zijn leven een paar uur in zijn eigen poep zit, netjes bijeengehouden door een pamper? Het houdt een keer op, en het weegt wellicht enigszins op tegen de ‘shit’ waarin hij diverse vrouwen heeft laten zitten. Wie heeft nu eigenlijk macht over wie? Zonder dat ik al te veel wil verklappen, kun je het slot zelfs lezen als een klap in het gezicht van allen die dag in dag uit ouderen verzorgen. Het is alsof Trenson een personage heeft geschapen wiens viriliteit zelfs haar eigen missie om zeep helpt.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Eline Trenson – Cyriel. Manteau, Antwerpen. 280 blz. €21,99
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/cyriel.jpeg" length="70495" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 28 Jul 2021 18:14:38 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-ongerieflijke-grote-boodschap</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Trenson,Eline Trenson</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/cyriel.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/cyriel.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'We zijn nog maar wat we zijn'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/we-zijn-nog-maar-wat-we-zijn</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘We zijn nog maar wat we zijn’
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van 'Ik dans me weer bijeen' van Jo Govaerts
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Ik+dans+me+weer+bijeen.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         De dichteres Jo Govaerts was nog maar net vijftien toen ze in 1987 debuteerde met ‘Hanne Ton’. Daarna volgden in 1989, 1994 en 1998 nog drie bundels: ‘De Twijfelaar’, ‘Waar zit je naar te kijken’ en ‘Apenjaren’. Vervolgens was het lange tijd stil en zojuist is er een verzamelbundel verschenen van deze vier bundels, aangevuld met recent werk, onder de titel ‘Ik dans me weer bijeen’. Deze titel is passend, omdat er tussen de eerste bundels en het laatste werk een behoorlijk gat zit, waardoor er inderdaad iets ‘bijeen gedanst’ wordt. De vraag is wat het precies is wat deze bundel bijeenhoudt.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Volgens Maud Vanhauwaert, die de bundel inleidt, merk je dat er thematische en stilistische verschuivingen in de bundels zijn, maar ‘lijkt er toch één rode draad te zijn, of beter: de zilverdraad waarmee ze haar gedichten spint – kwetsbaar, raadselachtig rafelend, en snijdend hier en daar.’ Een van de gedichten uit de eerste bundel is bijvoorbeeld: 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Niets zachter
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          dan sneeuw
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          of toch, 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          de stijfbevroren voren in de grond
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          overal sporen van minzame zwervers
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          en wit wit wit
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          rond het rood van de wangen
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          een bloem in de woestijn
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          van suiker of van zout
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          of gewoon van zure
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          tot sneeuw bevroren regen
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het inderdaad lieflijke en kwetsbare beeld van de zachte sneeuw wordt bijgesteld naar ‘de stijfbevroren voren’. Door het ‘of toch’ en de halve zinnen die daarop volgen, klinkt het aarzelend, rafelend, niet helemaal af. De twee slotregels vormen een anticlimax die inderdaad ‘snijdt’: je kunt de sneeuw in prachtige beelden vangen, maar misschien is het niet meer dan ‘gewoon van zure/tot sneeuw bevroren regen’. Er komen af en toe wel zware gedachten langs, maar ze relativeert die ook. Een gedicht over de verplichtingen van de mens, die veel stukmaakt en zich onderscheidt van de dieren door kleren te dragen, eindigt met: ‘zelfs schoenen aandoen./Meestal gebruikt mens/die tevens/als bergplaats voor zijn moed./Kwestie van bescheidenheid.’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Af en toe is Govaerts poëzie wel erg simpel, zoals in de tweede bundel: ‘Liefde was een heldere kamer/met open vensters en ons/walsend in het rond/zon//was een glazen klokkenspel/wind bracht nieuwe jaargetijden/wij//hielden van elkaar’. Er klinkt iets mee van ‘Februarizon’ van Paul Rodenko, dat begint met de beroemde regel ‘Weer gaat de wereld als een meisjeskamer open’, al is dat gedicht wel wat gelaagder. Deze tweede bundel bevat nog meer gedichten over (ontluikende) liefde.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De derde en vierde bundel lijken beïnvloed door haar reizen naar Oost-Europa, waar zij ook werk van de dichters daar vertaalde. Er klinken wat surrealistische elementen door: ‘Deze zomer heette de rivier/Voltava,/zij was een zilveren lint/rond onze liefde,/en zij was als een zilveren grens/tussen twee delen van de stad, het ene/waar wij sliepen, en het andere/met het plantsoen waarin wij aten en/ook weer sliepen maar dan in de zon’.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Uit het interview met Toon Horsten, dat achter in de bundel is opgenomen, blijkt dat ze als kind vaak complimenten kreeg voor haar teksten, maar dat zij vermoedde dat mensen die alleen uit vriendelijkheid gaven. Daarom besloot ze haar werk als vijftienjarige op te sturen naar een uitgever, omdat ze ervan uitging dat ze daar een eerlijk oordeel zouden geven, maar uiteindelijk komt ze erachter dat de vraag of het werk echt goed is, er helemaal niet toe doet: ‘Het heeft met smaak te maken, met oordelen en vooroordelen, persoonlijke voorkeuren, machtsverhoudingen, verkoopbaarheid... Prijzen zeggen zeker niet veel over het wezen van kunst of literatuur.’ Natuurlijk is wel eens geopperd dat zij als vijftienjarige zo’n commercieel succes had, juist door haar leeftijd, maar later werd zij wel degelijk voor vol aangezien.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In het recente werk komen gedichten voor over het huwelijk, zwangerschap en het opgroeien van kinderen. Net zoals in haar eerste bundel beschrijft ze algemeen herkenbare angsten en gevoelens, nog steeds op dezelfde ontwapenende, relativerende manier als in haar eerste gedichten: ‘En geen gedicht/dat beschrijft hoe iemand/voor de zoveelste keer het kind/de billen wist. Dat is geen poëzie,/dat is.’ Op deze manier ervaar je inderdaad een eenheid in de bundel met gedichten die toch in een tijdsbestek van ongeveer vijfendertig jaar zijn geschreven. Je ziet de ontwikkeling van een mens die ouder wordt en tegelijkertijd zichzelf blijft. Er zijn grootse gevoelens en gedachten, en tegelijkertijd is er de relativering: ‘We zijn nog maar wat we zijn’.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Jo Govaerts – Ik dans me weer bijeen. Davidsfonds, Antwerpen. 232 blz. €29,99
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Ik+dans+me+weer+bijeen.jpeg" length="48967" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 28 Jul 2021 18:09:40 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/we-zijn-nog-maar-wat-we-zijn</guid>
      <g-custom:tags type="string">Jo Govaerts,essays,Govaerts</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Ik+dans+me+weer+bijeen.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Ik+dans+me+weer+bijeen.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Wil je dat we ergens in de bergen voor anker gaan’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wil-je-dat-we-ergens-in-de-bergen-voor-anker-gaan</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘Wil je dat we ergens in de bergen voor anker gaan’
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van 'De andere kant; pohemen' van Gellu Naum
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+andere+kant+pohemen.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         Voor wie zich daadwerkelijk in een andere wereld wil wanen, zonder de reiskoffers te pakken, zou het lezen van de dichtbundel ‘De andere kant; pohemen’ van Gellu Naum, in de meesterlijke vertaling van Jan. H. Mysjkin, kunnen overwegen. Er lijken andere natuurwetten te gelden in deze bundel en met elke regel komen er meer mogelijkheden bij om de wereld uit te rekken tot een bizarre verzameling belevenissen, totdat je buitelend van plezier niet kan wachten tot de volgende verrassing. 
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In de eerste afdeling maken we kennis met de ‘stokende voetreiziger’: 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De kranten schrijven: ‘Hij is
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          een wrede moordenaar. Hij heeft
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          onder zijn neus een snor als een mus
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          en je herkent hem aan zijn sokken.’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Maar hij loopt ongezien verder
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          nu eens blijft hij hangen aan administratieve gordijnen
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          en dan staan de menigten met open mond te gapen
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          naar het gewriemel van bedwantsen in de ruiten;
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          dan weer laat hij zich fotograferen in een hemd
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          en een door de getijden iriserende maagband
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          naast een strohoed van koeienvlaaien.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Gellu Naum werd geboren op 1 augustus 1915 in Boekarest en was de laatste ‘echte’ surrealist. Daarbij moet je weten dat alleen hij een surrealist is die door André Breton als dusdanig werd aangewezen. Hij zette zich af van de traditionele dichtkunst en zag poëzie vooral als stoorzender: ‘Alleen de taal van de dichter, nog incoherent en vaag, de taal van de ontregeling, handelt en verandert.’ Niet alleen de dichters uit het verleden, maar ook officiële instanties moesten het ontgelden en het regende dan ook afkeurende reacties op zijn poëzie. Volgens een criticus uit zijn tijd was er een nieuw monster geboren en zijn naam was Gellu Naum.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het is raadzaam om Naums poëzie te doseren, omdat anders je hoofd al gauw overloopt: ‘elke morgen is rood ondergoed aan de horizon/elke klokslag is een oproep tot het obscene/nu heeft elke non de fallus van de eenzaamheid lief/nu brullen alle woordenboeken LATEN WE BRULLEN/nu is elk gedicht een arsenaal aan revolten/het bos is een smet op het geweten van de natuur.’ Zo komen er in elke regel nieuwe beelden bij, waardoor het vermoeide brein al gauw verzadigd zou kunnen raken, terwijl de regels juist stuk voor stuk de moeite waard zijn, omdat het plezier in taal en revolutie eraf spat. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het plezier in taal is overigens zeer zeker mede een verdienste van de vertaler, want ook in het Nederlands is hier een taalkunstenaar aan het woord. Het is ongelooflijk hoe Mysjkin in klank en ritme de wereld van Naum nabouwt in een andere taal:
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Ik droomde akoestische landschappen
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          klinkende heuvels piramiden met muziek pas uitgebotte piano’s
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          ik droomde het dagritme van de aarde
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          energieke gitaren slagwerk met alles erop en eraan
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Er ontstaat een klinkend en haast dansend landschap op papier, dat ondersteund wordt door het subtiele drukwerk van deze uitgave: een lettertype waarin de ‘s’ en de ‘t’ steeds sierlijk verbonden worden door een klein krulletje. Hoe een detail het leesplezier kan verhogen!
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Na het lezen van deze bundel kijk je werkelijk nergens meer van op. Er kunnen vloeibare hengsten uit violen spuiten, bomen kunnen vermoeide reizigers opzuigen en veranderen in vogels. Daarentegen zijn er kennelijk ook onmogelijkheden, want de stropdas kan niet slikken, omdat de vrouw niet regent. De poëzie lijkt zo een eigen logica te hebben, die doet denken aan de techniek ‘cadavre exquis’, die door surrealisten als Breton en Eluard veelvuldig werd gebruikt om samen kunst te maken vanuit het onderbewuste: de eerste dichter schrijft een versregel op papier en vouwt de versregel om, zodat die niet meer zichtbaar is. Hij schrijft op de volgende regel één woord, waarmee de volgende dichter een nieuwe regel maakt op basis van wat hij denkt waar de eerste regel over gaat, en zo verder. De techniek werd ook in tekeningen toegepast door o.a. Magritte.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het is onmogelijk te vertellen waar de gedichten over gaan, omdat ze zich niet laten vangen en alle kanten op schieten. Het zijn stuk voor stuk belevenissen, soms van een ontroerende schoonheid: 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          En toen de razende rivier
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          en mijn vrienden die slapend zwommen
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           (We hielden van elkaar als fruitbomen, in de schaduw van
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           borstelige wenkbrauwen. Als passanten, in een walm. Onze 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           lampen hingen vol vruchten. Ik plukte me uit jou tezamen. Je
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           rustte uit op de bank van mijn zwijgen.)
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Toen ik ’s avonds weer mijn kubus binnenging
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          wilde ik vrolijk zijn
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          en de dingen walmden in onzekere contouren
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          het hert van hiernaast trappelde in de keuken
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          terwijl de twee bejaarden met een ei aan hun oor
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          luisterden naar het ongehavende zwijgen van de dooier
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          en ritmisch knipperden op de tiktak van de klok
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het resultaat mag er zijn. De poëzie roept niet alleen een wonderlijke wereld op, maar verandert ook je blik op de gewone wereld, want als je net bovenstaand gedicht hebt gelezen, kijk je toch anders naar de twee bejaarden die net de straat oversteken, of naar de appelboompjes in de moestuin. De gedichten verleiden je tot speelsheid en creativiteit in het observeren van de wereld om je heen. Misschien een goed recept voor sombere geesten: elke week een gedicht van Gellu Naum en je kunt er weer tegenaan.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Gellu Naum – De andere kant; pohemen. Vertaling Jan H. Mysjkin. Uitgeverij Vleugels. Amsterdam. 132 blz. €23,95
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+andere+kant+pohemen.png" length="16250" type="image/png" />
      <pubDate>Thu, 01 Jul 2021 13:11:16 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wil-je-dat-we-ergens-in-de-bergen-voor-anker-gaan</guid>
      <g-custom:tags type="string">De andere kant,essays,Gellu Naum,Pohemen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+andere+kant+pohemen.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+andere+kant+pohemen.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Wat je leest, dat ben jij</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wat-je-leest-dat-ben-jij</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘Wat je leest, dat ben jij’
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van 'Tat tvam asi' van A.L. Snijders
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/tat+tvam+asi.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         Het komt gelukkig niet vaak voor dat ik net verdiept ben in een boek als er een overlijdensbericht van de auteur van het betreffende boek langs komt, maar het doet wel iets. ‘Tat Tvam Asi’ komt uit het Sanskriet en betekent ‘Dat ben jij’. Het is de titel van de nieuwste bundel zkv’s (zeer korte verhalen) van A.L. Snijders. Al dagenlang ben ik aan het dubben hoe het komt dat iemand die zo erg hecht aan de eenheid van handeling in de literatuur als ik, zo kan genieten van verhalen die stuk voor stuk wegdrijven van waar ze begonnen zijn. Waarom beleef ik ze toch als eenheid? Ineens kwam daar het antwoord: wat deze verhalen bijeenhoudt, dat bent u, meneer Snijders, oftewel ‘Tat tvam Asi’.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het is wonderlijk hoe deze verhalen in meerdere opzichten morrelen aan mijn vastgeroeste literatuuropvattingen. In de jaren dertig van de vorige eeuw was een verhitte discussie aan de gang, rondom het tijdschrift Forum, over wat nu het belangrijkste was in een boek: de vorm of de vent. De laatste jaren lijkt het erop dat in de media vooral de vent, nou ja, of de vrouw, of alles daar tussenin, er nog toe doet, meer dan de vorm van het boek. Auteurs moeten overal hun persoonlijkheid etaleren en de verkoop van (auto)biografieën viert hoogtij. De balans is een beetje zoek en ik moet eerlijk toegeven dat ik geen liefhebber ben van levensverhalen, omdat ik dan – daar heb je het weer – de eenheid van handeling mis. De werkelijkheid is grillig en als je vooral die werkelijkheid beschrijft, wat voegt dat dan nog toe aan die eindeloze stroom van werkelijkheid die ons omringt? Niet alleen de eenheid van handeling ontbreekt, maar ook de verbeelding, die door kan dringen in de diepere lagen van ons bewustzijn en de lezer inzicht kan geven in een leven dat doorgaans ongrijpbaar is.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De ik-persoon in de verhalen van Snijders, is ontegenzeggelijk de auteur zelf. Wie hem wel eens heeft ontmoet, weet hoezeer zijn ik-personage samenvalt met hemzelf. De ik is even oud, hij is bescheiden, leeft afgezonderd in de Achterhoek, heeft een bijzondere relatie met de natuur om hem heen, reist zo nu en dan naar het westen van het land, en associeert erop los. Er zijn weinig verhalen die de alledaagsheid zo op de voet volgen als die van Snijders: ‘’s Ochtends kwamen er volgens afspraak twee mannen die diepe kuilen groeven die ze doorverbonden met glasvezelkabels. Het regende zacht, maar ze wilden de koffie die ik had gezet toch buiten opdrinken. Ze kwamen uit Rotterdam. Met mij spraken ze Nederlands – met elkaar een taal die ik niet kende. In grote steden worden alle talen van de wereld gesproken en hebben ook de gewoontes zich aangepast. Koffie in de regen. Toen ik een tweede kopje wilde aanbieden waren ze weg, het werk was gedaan. Ik probeerde mijn verrassing te verklaren maar het bleef stil in mijn hoofd.’ 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Hoe komt het nu dat deze verhalen zonder al te veel verbeelding toch zoveel inzicht geven? Je krijgt een feitelijk verslag te lezen, maar alles wat er niet staat, is wel aanwezig: je voelt de ongemakkelijkheid van het gesprek, omdat ze speciaal met de ik Nederlands spreken en daarna weer in hun eigen taal verder gaan. Ze willen hun koffie buiten opdrinken en het tweede kopje koffie is niet meer nodig: de kou van onze multiculturele samenleving in een notendop. Snijders heeft weinig nodig om ons dat te laten voelen. Hoe doet hij dat? Omdat het bijna onzichtbaar is, vergeet je dat hij als auteur toch filtert. Hij selecteert de stukjes werkelijkheid die de schrale verbondenheid tussen de werklieden en de ik oproepen. Het vermogen tot selectie is zijn kracht. Dat het hier om glasvezelkabels gaat, die voor een soepelere communicatie zouden moeten zorgen, is meesterlijk gevonden.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Op de achterkant van het boek staat een kleine anekdote, die een belangrijke sleutel vormt tot het werk van Snijders. Zijn vroegere docent Nederlands hamerde op verbanden en verwijzingen in verhalen, want de tekst moest samenhang hebben. Snijders bedacht toen ‘in stilte dat de hersens bij het lezen wel hun eigen weg zouden volgen en de regels van meneer Van der Velden zouden negeren.’ En hij heeft gelijk! Het is precies die ervaring die je als lezer hebt: je volgt de grillige alledaagsheid en juist die zet je aan het denken over grote thema’s. Een verhaal kan beginnen met ‘Voor de mensen die het niet weten, Fokke Obbema is een korte tijd dood geweest. Via 112 verschenen brandweermannen bij zijn bed die zijn stilstaande hart weer in beweging brachten’, en eindigen met de afwas. De dood en de afwas gaan hand in hand in een mensenleven.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Is het dan toch de vent in deze verhalen om wie het allemaal draait? De ik is juist iemand die het grote publiek schuwt, helemaal niet het type dat zichzelf nu zo belangrijk vindt en de behoefte heeft de aandacht op zijn persoonlijkheid te richten. Misschien dat je je juist daarom aan deze ik gaat hechten. Hij is zichzelf en doet zich niet beter voor dan hij is. Je volgt hem in zijn meanderende gedachtegang en komt in overpeinzingen terecht die heel dichtbij jezelf liggen. Misschien zijn de verhalen vergelijkbaar met Upanishads, de Sanskrietteksten of mantra’s die de werkelijkheid van het individu en de wereld ontvouwen: alleen onwetendheid scheidt ons van de wereld om ons heen. Door stevige kennis van onszelf kunnen wij die onwetendheid opheffen. En daarmee is de cirkel rond, want zoals het wellicht meneer Snijders is die deze verhalen bijeenhoudt, doe je al lezend een wonderlijke ontdekking: wat je leest, dat ben jij: Tat Tvam Asi.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          A.L. Snijders – Tat Tvam Asi. AFDH Uitgevers. Enschede, Doetinchem. 648 blz. €30,99
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/tat+tvam+asi.jpeg" length="19617" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 01 Jul 2021 13:03:29 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wat-je-leest-dat-ben-jij</guid>
      <g-custom:tags type="string">Tat Tvam Asi,essays,A.L. Snijders,Snijders</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/tat+tvam+asi.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/tat+tvam+asi.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘En daarna kijk ik nergens meer naar’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/en-daarna-kijk-ik-nergens-meer-naar</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;font&gt;&#xD;
    
          ‘En daarna kijk ik nergens meer naar’
         &#xD;
  &lt;/font&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;font&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/font&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;font&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Bespreking van 'De groef'  van Maartje Wortel
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/font&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+groef.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         Dat een wandeling door het Oosterpark in Amsterdam weliswaar de enige zekerheid op een dag kan zijn, maar dat het vervolgens onmogelijk is aan jezelf te ontkomen, laat Maartje Wortel zien in ‘De groef’, uit de reeks wandelingen ‘Terloops’ van Uitgeverij Van Oorschot. Als de naald in een groef van een langspeelplaat, blijft zij rondjes draaien in zichzelf waarbij de wandeling steeds meer op de achtergrond raakt, en er uiteindelijk nauwelijks nog toe doet.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Al op de tweede bladzijde wordt duidelijk dat deze ronde eigenlijk alleen om Maartje Wortel draait: ‘Uiteraard, het Oosterpark, dat al sinds 1891 bestaat en het eerste grote park is dat door de gemeente Amsterdam werd aangelegd, bestaat gewoon nog, wie een ronde wil lopen kan dat doen, maar mijn ronde is verdwenen.’ Terecht staat daar direct achter dat dat nu nog niet het geval is, want in plaats van dat je als lezer wordt uitgenodigd om het park met haar te gaan bezichtigen, krijg je vooral de geschiedenis te horen van de ronde van Wortel. Jaren achter elkaar heeft zij elke ochtend samen met Niña Weijers een rondje door het Oosterpark gelopen. Voorafgaand aan de wandeling appen ze elkaar, dan zegt Wortel dat ze eraan komt, trekt een joggingbroek uit de kast die meestal onder de yoghurtvlakken zit. Soms trekt ze als verrassing een pak aan van Filippa K. en heeft ze sjans. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Je krijgt als lezer dus volop zicht op hoe zij door het park paradeert, het park zelf blijft meestal buiten beeld: ‘Klopt, en daarna kijk ik nergens meer naar. De rondes die we gelopen hebben heb ik niet geteld, ik heb de bankjes niet geteld, de bomen niet, geen vogels, mensen, honden, prullenbakken.’ Alleen het asfalt ziet ze. Ze vertelt hoe in elk wandelboek staat dat wie wandelt, beter om zich heen leert kijken, maar dat zij vooral in gedachten verzonken raakt. Het wandelen versterkt voor haar het idee dat ze zich langzaam ingraaft in iets waar ze niet meer onderuit komt.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Na een poosje wordt duidelijk dat de ronde door het park haast een symbool is geworden van de geborgenheid die ze voelt bij haar vriendin: ‘Zolang Niña aan het park woonde – natuurlijk wisten we dat het eindig was, maar daar dachten we liever niet aan – bleef ik in de scheppende kracht van de rondes geloven. Ze hielden me in mijn baan, ze maakten dat mijn dag ritme kreeg, dat mijn denken wat melodischer verliep.’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Niña ziet haar vriendin als iemand met OCD, maar dan zonder de CD: ‘the Big O. Dat ben jij, dat is dit park, dat zijn deze rondes.’ Terwijl Wortel zichzelf met moeite bijeenhoudt, ziet ze Niña juist als ‘een pakket dat je kunt versturen met de post. Ze houdt zichzelf op vanzelfsprekende en jaloersmakende wijze bijeen.’ 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Misschien dat ze juist door alle obsessies niet goed aan zichzelf kan ontkomen. De ronde door het park wordt als een groef in een langspeelplaat, waar ze eigenlijk het liefst voor altijd in wil blijven. Hoe dieper de groef, hoe minder ze vooruitkomt in haar leven: ‘Alles herhaalde zich gekmakend. Eenzelfde soort geluk, eenzelfde soort verdriet, eenzelfde soort problemen.’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Al krijg je dan weinig mee van het park, het boekje staat vol anekdotes en gesprekken, die associatief in elkaar overlopen. Als haar verkering uit is, is ze er ernstig aan toe: ‘Ik verdween niet uit de groef, maar de groef verdween noodgedwongen uit mij.’ Ze bleef over met iets wat leek op haar haarzelf, maar waarvan ze geen idee meer had wie dat was. Op dat moment is Niña al verhuisd naar Almere en noemt Wortel haar voortaan Laura.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De lezer die in dit boekje nietsvermoedend met Wortel het Oosterpark in wandelt, komt terecht in een tunnel van gedachten en associaties, en loopt daar, als het verhaal eenmaal is afgelopen, weer uit, zonder echt iets meegekregen te hebben van het park, behalve hier en daar een glimp, van een bankje of een beeld, en dat is natuurlijk heel herkenbaar, maar ook een beetje jammer. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Maartje Wortel – De groef. Uitgeverij Van Oorschot. Terloops. Amsterdam. 80 blz. €12,50
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+groef.jpeg" length="25872" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 06 Jun 2021 11:46:18 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/en-daarna-kijk-ik-nergens-meer-naar</guid>
      <g-custom:tags type="string">En daarna kijk ik nergens meer naar,Maartje Wortel,essays,groef,Wortel,De groef</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+groef.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+groef.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>'En wat niet bestaat, is het geheim'</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/en-wat-niet-bestaat-is-het-geheim</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          'En wat niet bestaat, is het geheim'
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van 'Gebed tot de leegte' van Claude van de Berge
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/gebed+tot+de+leegte.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         Hoe kun je het onzegbare zeggen? Dat is onmogelijk natuurlijk, maar dat betekent nog niet dat je er niet naar kunt streven, zo blijkt uit de bundel ‘Gebed tot de leegte’ van Claude van de Berge. Als je midden in je dagelijkse beslommeringen zit, is het niet eenvoudig je over te geven aan deze poëzie, maar voor een gebed zonder je je meestal ook eerst even af, of je zoekt gelijkgestemden. 
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het helpt om eerst het interview door Hans Vandevoorde op de site van het Poëziecentrum te bekijken. Daarin zegt de dichter dat hij de suggestie van het ‘ongeschapene’, het ‘aanvangloze’ wil oproepen. Hij doet dat door een spanningsveld te scheppen waarin je – door de poëzie te lezen – kunt binnentreden. Een gebed kan een verlangen zijn, een smeken, een hulde. Volgens de dichter doet het er niet toe aan welke God. Het gaat erom dat je een verhoging beleeft van de ‘intensiteit’ en een ‘ontvankelijkheid voor een energiebron in jezelf’. Van de Berge verwijst hierbij naar het zenboeddhisme waar het ‘alzijn’ in alles zit, zelfs in een steen, maar ook in ieder mens. Het gaat om het bewustzijn ervan, waarin je de intensiteit van het ‘alzijn’ kunt ervaren.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Hoe ziet dat spanningsveld in de poëzie er dan uit? De dichter gebruikt, zoals hij zelf noemt, ‘geritualiseerde taal’, vol paradoxen en tautologieën. Het openingsgedicht ‘Poëtica’ begint met:
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Als een vloedvlakte wacht je op ons.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Als een wijde vloedvlakte luister je naar onze stem.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          We weten wie je bent.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De diepte van de barnsteen ben je.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De roerloze slaap van een lege ruimte, die doordringt tot in
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          de slaap van onze ogen.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          ‘De vloedvlakte’ is een paradox in zichzelf, omdat ‘vloed’ en ‘vlakte’ elkaar lijken tegen te spreken. Het ‘wacht je op ons’ is een uitnodiging om deze vlakte te betreden. In ‘De roerloze slaap van een lege ruimte’ overlappen de elementen ‘roerloos’, ‘slaap’ en ‘lege’ elkaar deels, waarmee de dichter een betekenisveld schept dat de leegte weliswaar nadert, maar het niet is, omdat elke aanwezigheid, ook die van woorden, de leegte alweer tenietdoet. ‘Neerzittend in je wezen dooft onze gestalte’ staat verderop in het gedicht en geeft aan dat een samensmelting van onszelf met datgene waarnaar wij streven onmogelijk is, omdat we, om de leegte te bereiken, eerst zelf moeten verdwijnen. De tekeningen in de bundel, van de dichter zelf, bevatten lijnen en cirkels die elkaar raken en in elkaar overvloeien. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Vandevoorde merkt tijdens het interview op dat de lezer herkenning nodig heeft en houvast kan hebben aan enkele sleutelwoorden die steeds terugkomen in de bundel, zoals het arctische landschap, de kosmos, de wij-figuren, en ook de bemiddelaars, zoals de engelen en de zwanen. Volgens Van de Berge zijn deze sleutelwoorden steeds nieuwe benamingen van de ontmoetingen met het onzegbare, omdat hij telkens opnieuw zoekt naar die sacrale aanraking. Het is aan de lezer om deze handreikingen te ontvangen en ik vermoed dat weinig lezers hiertoe bereid zijn. De poëzie is bloedserieus, volstrekt verstoken van enige vorm van humor en verwijst nergens naar de dagelijkse werkelijkheid. Zij is zo weinig concreet, dat je al spoedig in hogere sferen belandt. Voor de lezer die graag mediteert, kan het lezen ervan een manier zijn om zich te bezinnen. Bij een ander zal het vooral irritatie oproepen en staat het juist een spirituele ervaring van eenwording in de weg, als hij daar al naar op zoek was.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Er is een opname op de site van het Poëziecentrum te vinden waarin Van de Berge een van zijn gedichten voordraagt. Op de achtergrond hoor je de IJslandse zang van zijn vrouw, Arlette Walgraef, aan wie de bundel is opgedragen. Deze voordracht draagt wellicht bij aan een beter begrip van zijn poëzie, omdat je hoort hoe de klanken en herhalingen in zijn lage stem haast een ritueel bezweren worden. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De poëzie van Van de Berge is mystieke poëzie. Hij verwijst in het interview naar mystici als Hadewijch en Eckhart. Hadewijch schrijft over de ‘Minne’, de ideale liefde waarin de ervaring van eenwording kan worden benaderd, Eckhart schrijft over het ‘weten’, het bewustzijn. Van de Berge combineert die twee. Er moet immers iets zijn dat liefheeft, zegt hij. Ook voegt hij er de schoonheid aan toe, omdat de beleving van schoonheid (zoals in de kunst) ook de ervaring van eenwording benadert: 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De ziel vroeg: “Wie ben je?” 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          En wat is in de ziel, antwoordde: “Ik ben de schoonheid, ik ben
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          de schoonheid die de schoonheid liefheeft.”
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De ziel vroeg: “Wie ben ik?”
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          En wat is in de ziel, antwoordde: “Je bent de schoonheid die mij
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          liefheeft, je bent mijzelf als de liefde voor mijzelf.”
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De ziel vroeg: “Wat is de schoonheid?”
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          En wat is in de ziel, antwoordde: “Schoonheid is eenwording.”
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Doorschijnend waakten wij.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          En een gewijde schroom van verzinking vervulde ons.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het ‘doorschijnende’ dat in de bundel steeds terugkomt, is de ontvankelijkheid van de mens voor het transcendente. Niet elke lezer zal die ontvankelijkheid ervaren bij deze poëzie. Misschien is het een te hoge verwachting die Van de Berge van de lezer heeft, maar zelf ziet hij het vooral als handreiking, uitnodiging om op zoek te gaan naar het geheim, dat niet bestaat.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dietske Geerlings
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Claude van de Berge – Gebed tot de leegte. Poëziecentrum vzw. 72 blz. €20,00
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/gebed+tot+de+leegte.jpeg" length="212995" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 06 Jun 2021 11:43:36 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/en-wat-niet-bestaat-is-het-geheim</guid>
      <g-custom:tags type="string">Claude van de Berge,Van de Berge,essays,Wat niet bestaat,is het geheim,Gebed tot de leegte</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/gebed+tot+de+leegte.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/gebed+tot+de+leegte.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Wat ik las in wat wij zagen</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wat-ik-las-in-wat-wij-zagen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Wat ik las in 'Wat wij zagen'
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wat+wij+zagen.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         Jammer dat het boekenweekgeschenk dit jaar niet over mensen gaat, maar over gebeurtenissen, en dan vooral over ongeloofwaardige. Wat wij zagen van Hanna Bervoets gaat weliswaar over enkele personages die werken als ‘content moderator’ voor een online platform en elke dag van honderden aanstootgevende filmpjes moeten beoordelen of zij moeten worden verwijderd of niet, maar tot leven komen zij niet. 
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het onderwerp is actueel en nodigt uit tot nadenken, want wat zien wij inderdaad niet allemaal langskomen aan filmpjes op internet en wie bepaalt wat wij wel en niet te zien krijgen? In plaats van dat Bervoets laat zien en voelen wie deze moderators zijn en hoe zij langzaamaan ontwricht raken door wat zij zien, diept ze de personages nauwelijks uit en komt de ontwrichting totaal niet uit de verf. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het verhaal is gegoten in de vorm van een persoonlijke ontboezeming van Kayleigh, een van de moderators, aan een advocaat. De techniek van vertraging om spanning op te wekken is net iets te veel zichtbaar, waardoor je eigenlijk al vanaf het begin ongeveer kunt voorspellen wat er gaat gebeuren: “‘Maar hoe hield je het in godsnaam vol onder die omstandigheden?’ Dat wilde mijn tante Meredith weten toen de eerste krantenartikelen over ons werk verschenen. Ik kan me voorstellen dat u het zich ook afvraagt. Dus goed, voor ik verder ga, twee redenen’”. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Wat ik vooral kwalijk vind, is dat de focus op de gebeurtenissen ligt en helemaal niet op de ontwikkeling van de personages, wat juist bij dit thema essentieel is. Daardoor is het bijna lachwekkend dat een aantal personages gaat geloven dat de aarde plat is en de Holocaust ontkent, en is het volstrekt ongeloofwaardig dat dit verband zou houden met het bekijken van de filmpjes. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Hoe functioneel zijn daarnaast de vele seksscènes in het opslaghok van het kantoorgebouw, want de auteur zal toch niet serieus menen dat moderators door een overdosis aan perverse filmpjes zo’n drang naar seks krijgen dat ze niet kunnen wachten tot zij thuis zijn?  
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Als je bedenkt hoeveel prachtige, aangrijpende boeken er in de wereldliteratuur zijn geschreven over hoe de mens zich verhoudt tot verschrikkingen, is dit boekenweekgeschenk,  dat toch een beetje als ‘ambassadeur’ van de literatuur door Nederland rondgaat, en gezien de al spoedig veelvuldig verkochte vertaalrechten door een nog veel groter deel van de wereld, niet alleen een belediging voor de mensen die inderdaad dit werk moeten doen, maar ook een voor de literatuurliefhebber die niet op oppervlakkige spanning zit te wachten, maar aan het denken gezet wil worden over wat wij hier op aarde met z’n allen eigenlijk aan het doen zijn.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wat+wij+zagen.jpeg" length="117407" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 06 Jun 2021 11:34:31 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wat-ik-las-in-wat-wij-zagen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Wat ik las in wat wij zagen,Bervoets,Hanna Bervoets,essays,Wat wij zagen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wat+wij+zagen.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wat+wij+zagen.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een raadsel zonder sleutel</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-raadsel-zonder-sleutel</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Een raadsel zonder sleutel
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Bespreking van 'De donkere kamer van Damokles' door Mila Venderbosch (leerling vwo 5 Baudartius Colleg)
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+donkere+kamer+van+Damokles.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         De nasleep van de Tweede Wereldoorlog zit diep geworteld in de literatuur van veel naoorlogse schrijvers. Dit is ook te voelen bij romans van W.F Hermans. Een groot deel van zijn wereldbeeld is gevormd tijdens de Tweede Wereldoorlog. ‘De donkere kamer van Damokles’ wordt gezien als een van de bekendste romans over de Tweede Wereldoorlog. Hermans stelt niet teleur met deze psychologische thriller waarin de lijn tussen waarheid en bedrog flinterdun is. Tot op de dag van vandaag doet het boek veel stof opwaaien bij literatuur liefhebbers. Veel naoorlogse romans spelen zich af in de Tweede Wereldoorlog, maar dat is niet het enige typische naoorlogse kenmerk uit ‘De donkere kamer van Damokles’.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Henri Osewoudt wordt opgevoed door zijn oom, nadat zijn vader door zijn moeder is vermoord in een psychotische waan. Hij krijgt van jongs af aan een relatie met zijn nicht Ria. Osewoudt is een lelijke man zonder baardgroei, met een hoge stem. Als Osewoudt achttien wordt, zet hij de sigarenzaak van zijn vader voort en gaat boven de winkel wonen met Ria en zijn moeder. Als de oorlog begint wordt Osewoudt benaderd door Dorbeck, een man die sprekend op hem lijkt. Verzetsheld Dorbeck vraagt hem om filmrolletjes te ontwikkelen en komt een aantal dagen later terug, om ze op te halen. Hij vertelt dat hij Duitse soldaten heeft vermoord en weer een paar dagen later komt hij terug met nog meer rolletjes die opgestuurd moeten worden en hij heeft burgerkleding nodig, omdat hij wordt gezocht. Ook heeft hij een opdracht die Osewoudt moet uitvoeren. Zo raakt het leven van Osewoudt verstrengeld in dat van Dorbeck en wordt hij ook een verzetsstrijder. Aan het einde van de oorlog wordt Osewoudt meerdere keren opgepakt door de Duitsers en later door de Engelsen. Hij wordt ervan verdacht een bondgenoot van de Duitsers te zijn. Zijn bewijs dat hij onschuldig is, is opdrachtgever Dorbeck, maar hij is onvindbaar. Alles hangt af van een fotorolletje waar Dorbeck op zou moeten staan, maar deze blijkt mislukt te zijn. De roman eindigt met de dood van Osewoudt. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Een van de kenmerken van naoorlogse literatuur is het verlies van alle zekerheden, oftewel het existentialisme. Dit komt onder andere terug in de onwetendheid van de hoofdpersoon. Osewoudt doet keer op keer blindelings wat van hem wordt verwacht door Dorbeck. Dit gaat zo ver dat hij mensen liquideert, omdat dit van hem wordt gevraagd. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Daarnaast zijn zelfs zintuigen onbetrouwbaar in deze roman. Een van de grote vragen uit het boek is of Dorbeck echt heeft bestaan. Hij speelt vooral in het eerste deel van het boek een grote rol, maar tegen het einde is er geen spoor van hem te bekennen. De officier die de zaak van Osewoudt onderzoekt kan de mogelijkheid van zijn bestaan niet als bewijs beschouwen. Rondom deze vraag zijn dan ook veel discussies ontstaan bij het publiek van Hermans. Als Dorbeck niet heeft bestaan dan waren alle ontmoetingen en brieven dus een hallucinatie.  Aangezien de moeder van Osewoudt ook waanbeelden had is dit niet geheel onwaarschijnlijk. In het boek van Hermans verkeert de hoofdpersoon zich in chaos, Dorbeck zou ook slechts een poging kunnen zijn om orde in de chaos te scheppen en om zin te geven aan zijn leven, hij laat hem namelijk kennis maken met het verzet. Het is echter wel zo dat de gesprekken en interacties met Dorbeck erg realistisch zijn. Ook wordt zijn uniform, die Osewoudt voor hem heeft begraven, later teruggevonden, wat er op wijst dat hij wel degelijk bestond. Het open einde zorgt ervoor dat zowel de lezers als Osewoudt er niet achter zullen komen of Dorbeck wel of niet bestond.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Mislukte pogingen van de hoofdpersoon om er iets van te maken is iets anders dat vaak terugkomt in naoorlogse literatuur. Tegen het einde van het boek zegt Osewoudt: ‘Alles wat ik gedaan heb, glipt door mijn vingers.’ Zijn acties in het verzet zoals het fusilleren van Duitsers blijkt allemaal voor niks. Hij heeft zijn best gedaan om meer zoals zijn idool Dorbeck te zijn, maar bij hem heeft dit geleid tot het opgepakt worden voor landverraad. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Ook vindt Osewoudt zichzelf een nietsnut en praat hij erg pessimistisch over zichzelf. Hij is zich bewust van zijn lelijke uiterlijk: ‘Hij had geen neus, maar een neusje. Zijn ogen maakten ook in ruststand de indruk dat hij ze samengeknepen hield alsof hij alleen maar loeren kon en niet gewoon kijken. Zijn mond deed denken aan de opening waardoor laagstaande dieren hun voedsel opnemen, geen mond die ook lachen en praten kon. En dan zijn bolle wangen en het witte zijdeachtige haar […].’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het is een erg somber boek en er zijn weinig dingen waar Osewoudt wel positief over praat. Dit is kenmerkend voor een boek uit de naoorlogse periode.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Een ander kenmerk is dat er geen zekerheden meer zijn en dat het is als tastend rondlopen in een donkere kamer. In een voorafgaande alinea heb ik de onzekerheid over het bestaan van Dorbeck al besproken. Het tastend rondlopen in een donkere kamer is iets waar de titel op slaat. Donkere kamer kan op verschillende manieren worden geïnterpreteerd. Osewoudt heeft veel tijd in cellen doorgebracht, dit waren donkere kamers. Daarnaast werden de foto’s in een donkere kamer ontwikkeld, deze fotorolletjes zijn een belangrijk aspect in het boek: ‘Je bent hier in de donkere kamer. Maar nergens ter wereld komt zo veel aan het licht als in een donkere kamer!’ 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Persoonlijk vind ik het ook mooi passen bij de eenzaamheid en het isolement van de hoofdpersoon. ‘De hele wereld bedriegt mij, zelfs het licht heeft mij in de steek gelaten.’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Al met al past De donkere kamer van Damokles heel goed in de naoorlogse periode. Er komen veel aspecten van deze tijd in terug. Daarbij maken de donkere aspecten van de oorlog en de nasleep hiervan veel indruk op de lezers. Het boek is dus een goed voorbeeld van een naoorlogse roman. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Bronvermelding
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Cynisch en landerig: de roman na de oorlog | Literatuurgeschiedenis. (z.d.). literatuurgeschiedenis. Geraadpleegd op 20 mei 2021, van https://www.literatuurgeschiedenis.org/20e-eeuw/cynisch-en-landerig-de-roman-na-de-oorlog
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Marres, R. (z.d.). René Marres, Over de interpretatie van De donkere kamer van Damokles van Willem Frederik Hermans · dbnl. DBNL. Geraadpleegd op 20 mei 2021, van https://www.dbnl.org/tekst/marr003over01_01/marr003over01_01_0014.php#:%7E:text=Behalve%20dat%20Dorbeck%20bestaat%20(of,verkeerde%20kant%20stond%20(302).
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Willem Frederik Hermans. (z.d.). Literatuurmuseum. Geraadpleegd op 28 mei 2021, van https://literatuurmuseum.nl/overzichten/activiteiten-tentoonstellingen/pantheon/willem-frederik-hermans
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+donkere+kamer+van+Damokles.jpeg" length="4961" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 06 Jun 2021 11:31:05 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-raadsel-zonder-sleutel</guid>
      <g-custom:tags type="string">Mila Venderbosch,Willem Frederik Hermans,essays,essays leerlingen,essays van leerlingen,De donkere kamer van Damokles,W.F. Hermans,Hermans,Een raadsel zonder sleutel</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+donkere+kamer+van+Damokles.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+donkere+kamer+van+Damokles.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Ik ben even weg’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-ben-even-weg</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
                    
          ‘Ik ben even weg’
         
                  &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;font&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
                          
             Bespreking van 'God onder de mensen' van Toon Tellegen
            
                        &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/font&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Toon+tellegen.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
                  
         Net zo vanzelfsprekend als eekhoorn in de vele dierenverhalen van Toon Tellegen een brief schrijft aan egel, hangt in Tellegens nieuwe verhalenbundel, ‘God onder de mensen’, God een briefje aan de deur van de kerk. Misschien komt die vanzelfsprekendheid deels door het ontbreken van een lidwoord. Het is immers nooit ‘de’ of ‘een’ eekhoorn, maar gewoon ‘eekhoorn’ en hier is het gewoon ‘God’. In het voorwoord legt Tellegen uit waarom hij zonder enige terughoudendheid over God schrijft: ‘Maar over God – wie hij ook is – weet niemand meer dan ik, en niemand ook minder. Over God heb ik absolute zekerheid en absolute onzekerheid, verder over niets.’ Steeds opnieuw komt God in deze bundel een verhaal in wandelen, volstrekt vanzelfsprekend dus, maar tegelijkertijd bijzonder verrassend. De verrassing zit vooral in het spel dat Tellegen speelt met allerlei bestaande opvattingen over God. 
         
                  &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het openingsverhaal begint met ‘God woonde in een kerk.’ De kerk wordt weliswaar door velen ‘het huis van God’ genoemd, maar zoals het hier staat, klinkt het alsof het evengoed een rijtjeshuis had kunnen zijn. God hangt een briefje op de deur: ‘Ik ben even weg. God’. Het lijkt een simpele boodschap, maar niets is minder waar. Waar is God naartoe? Komt hij weer terug? Hoe lang duurt even? De een voelt zich bevrijd, de ander voelt een gemis. Aan het einde van het verhaal sterft God, en in plaats van dat hij na een paar dagen opstaat, wordt hij ‘pas tientallen jaren later teruggevonden, toen de kerk werd verkocht.’ 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          In plaats van een helpende God is hij hier vaak een hulpbehoevende figuur: ‘Zo leefden de mensen verder en zagen God oud worden, steeds verder gehavend en hulpbehoevend. Maar hun hulp riep hij niet in.’ Het lijkt een omkering van de gedachte dat God machteloos toekijkt hoe wij er op de wereld een rommeltje van maken. Misschien is dit verhaal een nieuwe versie van het lijdensverhaal: God die ‘niets liever deed dan vallen, struikelen, ergens tegen aan botsen en bloedend verder lopen.’ Het slot is een verrassende omkering van de gedachte dat Jezus voor ons aan het kruis is gestorven, want hier lijdt de mens juist door God: ‘Ze begrepen hem niet en zijn lijdensweg werd de hunne.’  
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Sommige mensen raken in gevecht met God: ‘Hij tilde God op, knelde hem tegen zich aan, draaide vier keer op zijn hakken rond en slingerde hem midden op straat. “Of ik u niet ken...!” riep hij hem achterna.’ Het klinkt wanhopig en verwijst wellicht naar het gevecht van Jakob met God uit de bijbel. De worsteling met het geloof wordt teruggebracht tot een handgemeen op straat: ‘Hij liet zijn handen weer zakken. Het was zes uur, hij had honger, zijn vrouw wachtte op hem met het eten. Het begon te regenen. De straat was verlaten, er was nergens een levende ziel te bekennen, zelfs geen hond.’ Achteraf vraag je je af of er wel een gevecht heeft plaatsgevonden. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Veel verhalen roepen vervreemding op, door de bizarre gesprekken en situaties die zich voordoen. Zo vraagt God nota bene zelf aan een beeldhouwer of hij een beeld van hem wil maken. De meeste lezers zullen hier het tweede gebod uit de tien geboden herkennen, waarin staat dat je geen beeld van God mag maken. Als de man tegenwerpt dat God onzichtbaar is, antwoordt God: ‘Daarom juist.’ Hij licht zijn antwoord toe: ‘“Je moet mijn onzichtbaarheid zichtbaar maken,” zei God, “dat is toch de essentie van kunst?”’ De ironie wil dat Tellegen zelf kunstenaar is, want hij maakt in zijn verhalen God zichtbaar, tastbaar haast, als mens en soms als rondwandelend idee.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Voor een belangrijk deel zit de kracht van Tellegen in het spel met de taal: ‘Het was druk op straat. De man verloor God ten slotte uit het oog en ging terug naar zijn kantoor.’ God uit het oog verliezen is voor veel gelovigen een drama, maar in dit verhaal wordt het teruggebracht tot iets kleins: als het druk op straat is, verlies je iemand al gauw uit het oog. Tegelijkertijd blijft het grote meespelen, want het gaat ook over de drukte van de mens in het algemeen, waardoor hij geen tijd neemt om na te denken over de zin van zijn bestaan. Eenvoudige zinnen zetten de lezer aan het denken over grote levensvragen.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Met deze nieuwe bundel brengt Tellegen subtiel en humoristisch God onder de aandacht van de lezer, en op die manier ‘God onder de mensen’. Je kunt immers niet anders dan tijdens het lezen God voor je zien, in zijn gehavende kleding, geërgerd in de sloot, of verbouwereerd in een deuropening. Als iemand aan God vraagt of hij in zichzelf gelooft, zegt hij eenvoudig: ‘Geloven is iets van mensen, niet van mij.’
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Dietske Geerlings
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Toon Tellegen – God onder de mensen. Querido, Amsterdam, Antwerpen. 136 blz. €18,99
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
           
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Toon+tellegen.jpg" length="10124" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 17 May 2021 11:35:14 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-ben-even-weg</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Tellegen,God onder de mensen,Toon Tellegen,Toon</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Toon+tellegen.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Toon+tellegen.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Dat ben ik hier in ieder opzicht: voorlopig, tijdelijk.’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/dat-ben-ik-hier-in-ieder-opzicht-voorlopig-tijdelijk</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
                    
          ‘Dat ben ik hier in ieder opzicht: voorlopig, tijdelijk.’
         
                  &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
                          
             Bespreking van 'Wat er werkelijk is' van Nelleke Noordervliet
            
                        &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wat+er+werkelijk+is.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
                  
         In de reeks wandelingen ‘Terloops’ van uitgeverij Van Oorschot, is ‘Wat er werkelijk is’ van Nelleke Noordervliet van een bijzondere schoonheid. Dat komt niet alleen door de gedetailleerde beschrijvingen waarmee zij de lezer het prachtige Ierse landschap laat beleven, maar ook door haar filosofische bespiegelingen die zij, heel subtiel, met de landschapsbeschrijvingen mengt.
         
                  &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          De beleving van een wandeling kan niet anders dan een unieke ervaring zijn, omdat er altijd sprake is van een perspectief waaruit je het landschap bekijkt en daarnaast elk moment het landschap verandert, door de lichtval, de weersomstandigheden, de seizoenen. Door juist dat tijdelijke, terloopse van de wandeling te benadrukken, en tegelijkertijd te laten zien hoe het landschap verankerd is in een eeuwenlange geschiedenis, maakt Noordervliet het ook voor de lezer tot een unieke ervaring. Zo beschrijft ze momentopnamen, zoals de windvlaag, die net op dat moment ‘als een belediging’ in haar gezicht blaast, maar laat ze ook zien hoe de windvlagen van andere momenten uiteindelijk het landschap hebben gevormd: ‘De bomen en struiken zijn ernaar gaan staan. Ze willen vluchten, verlangen naar benen of vleugels, maar hun wortels houden hen tegen. Dit voorjaar scheerde een zilte storm als een zeis over de toppen. Het jonge blad had geen verweer tegen het zout. De uiteinden van de takken zijn kaal.’ 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het is bewonderingswaardig hoe bescheiden Noordervliet zelf op de achtergrond blijft, de lezer nooit het uitzicht op het landschap ontneemt. Ze citeert regelmatig anderen, zoals Robert Macfarlane uit ‘The Wild Places’: ‘“Landscape was here long before we were even dreamed. It watched us arrive. It will watch us leave.” Dat ben ik hier in ieder opzicht: voorlopig, tijdelijk. Het landschap ziet me komen en gaan.’ Haar subtiele observaties en het citeren van anderen bevestigen voortdurend haar eigen nietigheid. Zo geeft ze aan dat ze altijd het liefst een lus loopt, zodat ze niet dezelfde weg terug hoeft te nemen, maar constateert meteen daarop dat de terugweg nooit dezelfde is als de heenweg. Om zich daarvan te vergewissen draait ze zich na honderd meter om en ziet hoe het gezichtsveld op de terugweg totaal anders gevuld is dan op de heenweg: ‘Heen zie ik de berg waarop ik koers, terug zie ik het dal dat ik verlaat. Heen zie ik de voorkant van het huis dat ik passeer, terug de achterkant. Heen verbergen bomen de schapenstal, terug zie ik hem. Daarom sta ik tijdens een wandeling af en toe stil om even 360 graden te nemen en met de blik rustig het decor af te tasten.’ Door dit soort observaties voelt de lezer niet alleen hoe het landschap te groot is om te omvatten, maar ook dat deze observaties uitstijgen boven alleen deze wandeling. Ze zijn immers ook van toepassing op het leven zelf: iets kan zich als een berg voordoen, en als je er eenmaal bovenop staat en achteromkijkt, zie je hoe je uit een dal bent geklommen.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Hoe dieper je met Noordervliet het Ierse landschap intrekt en leest hoe zij zich verdiept heeft in de geschiedenis ervan, hoe meer je ervaart dat het haar mooie inzichten geeft: ‘De wandeling is voor mij een ritueel geworden. Een pelgrimage naar het diepe verleden, waarover we zo weinig weten dat er veel ruimte overblijft voor onze onbeholpen verbeelding. (...) Mijn belangstelling voor geschiedenis heeft te maken met de troost van de continuïteit. Alles verandert, niets blijft gelijk, het leven is zwaar, maar de generaties geven elkaar de hand en scheppen moed en inspiratie uit schoonheid, warmte, en vreugde. En hoewel er geen dag voorbijgaat of ik denk aan de dood (hoe hij nader sluipt of plotseling toeslaat en hoe ik dan geschrokken of verslagen toegeef), toont dit landschap dat het leven sterker is dan de dood. Ik ben een schakel in de keten van leven. Niets meer, niets minder.’ Door de geschiedenis erbij te betrekken, laat ze de schimmen uit het verleden met haar meewandelen: ‘In mijn verbeelding word ik niet alleen vergezeld door de haveloze zeventiende-eeuwers maar ook door het steentijdvolk dat op een hoogtijdag de berg over trekt. We zijn met velen.’ 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Noordervliet laat met dit kleine juweel iets belangrijks zien, namelijk hoe veelomvattend het leven is, hoe groots het landschap, hoe klein en onbetekenend de mens lijkt, maar toch ieder deel ertoe doet, iets toevoegt aan dat grote geheel: ‘We onthullen niet, we maken. We maken onze goden. We maken onze werkelijkheid. We schrijven zelf ons leven. Een unieke taak die meer betekenis heeft dan de ontraadseling van een goddelijk plan, de onderschikking aan een onkenbaar besluit.’ Al wandelend en schrijvend heeft zij een klein, behapbaar, wonderschoon stukje werkelijkheid toegevoegd aan die grote, waarin wij ons maar al te vaak verslikken.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Dietske Geerlings
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Nelleke Noordervliet – Wat er werkelijk is. Uitgeverij Van Oorschot. Terloops. Amsterdam. 64 blz. €12,50
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
           
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wat+er+werkelijk+is.jpg" length="20746" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 17 May 2021 11:27:28 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/dat-ben-ik-hier-in-ieder-opzicht-voorlopig-tijdelijk</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Noordervliet,Wat er werkelijk is,Nelleke,Nelleke Noordervliet,wandeling</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wat+er+werkelijk+is.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Wat+er+werkelijk+is.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Tijm blaast de ether waarvan dromen zijn gemaakt door de ruimte’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/tijm-blaast-de-ether-waarvan-dromen-zijn-gemaakt-door-de-ruimte</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
                    
          ‘Tijm blaast de ether waarvan dromen zijn gemaakt door de ruimte’
         
                  &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
                          
             Bespreking van 'De tas' van Désanne van Brederode
            
                        &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+tas.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
                  
         Op de voorkant van de nieuwe roman van Désanne van Brederode, ‘De tas’, prijkt een welig vertakt bosje bloeiende tijm. Het verhaal begint met een tas: ‘Daar staat hij. Naast iets wat bedoeld is als bank, in de hal van het station. Een tas, naast een bank.’ Een vergeten tas op een station roept absoluut de nieuwsgierigheid van de lezer op. Wat zit erin en wie laat hem achter? Omdat de verteller uitgebreid de tijd neemt om dat ‘wat bedoeld is als bank’ te beschrijven, evenals de rest van de stationshal, duurt het vier bladzijden, voordat je erachter komt waarom de eigenaar van de tas, Abdulrahman, hem daar heeft laten staan. Deze uitweiding is een van de vele ‘vertakkingen’ in het verhaal. Het is alsof er een wat gemankeerde verteller aan het woord is. Vragen over de tas maken plaats voor de vraag: wie is eigenlijk deze verteller?
         
                  &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Abdulrahman, die als politiek asielzoeker (zoon van een Koerdische vrijheidsstrijder uit Damascus) in Nederland ICT’er in een museum is geworden, heeft de tas van zijn broer gekregen, als aandenken aan zijn vader. De tas roept in eerste instantie bij de bewakers op het station vooroordelen op. Moeten ze de explosieve opruimingsdienst laten komen? Ab vertelt rustig dat er niets gevaarlijks in de tas zit, maar dat hij er een experiment mee wilde uitvoeren dat hij samenvat onder de naam ‘toevalskunst’. Hij had gehoopt dat iemand de tas uit nieuwsgierigheid zou meenemen, vervolgens de vragen zou beantwoorden die Ab erin had gestopt, waardoor er allemaal verhalen in de tas terecht zouden komen, die uiteindelijk zouden belanden bij iemand voor wie hij dit hele project verzonnen had. De bewakers staan erop dat hij de tas weer meeneemt naar huis. De lezer kan zich afvragen waarom hij zo nodig getuige moet zijn van dit mislukte, nogal vergezochte experiment.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Er volgen wat hoofdstukken met achtergrondinformatie over Ab, waarin veel aandacht is voor de situatie van Syrische Koerden. De opvallend aanwezige verteller – niet Ab – roept wat vragen op bij de lezer: ‘Er zijn dingen grondig misgegaan, meer dan ik hier kan en mag vermelden. (...) Waardoor zelfs lezers kunnen gaan denken dat hij onbetrouwbaar is. Ik begrijp het. Ik zou niet graag in zijn schoenen staan. Maar omdat ik, anders dan hij, al enigszins weet waar dit verhaal naartoe gaat, kan ik hem geruststellen. Hij zal een personage worden om van te houden. Desnoods moet ik er gaandeweg nog meer redenen tot schaamte aan toevoegen, bij fabuleren, om te voorkomen dat hij bovenmenselijk rechtschapen wordt en naadloos gaat samenvallen met zijn naam.’ Wie is hier aan het woord? Is de informatie over Ab wel betrouwbaar, als de verteller zo openlijk aan het ‘fabuleren’ is? 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Omdat het experiment met de tas is mislukt, brengt Ab de lange vragenlijst die hij had bedacht, terug tot één, wat raadselachtige, vraag: ‘Waarom tijm?’ Die vraag stopt hij met een begeleidend briefje in verschillende enveloppen die hij op allerlei plekken neerlegt. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          In de volgende hoofdstukken krijgt de lezer een aantal verrassende verhalen voorgeschoteld van vertellers die aangeven dat zij de envelop gevonden hebben, af en toe onderbroken door een hoofdstuk over Ab. In alle verhalen speelt tijm een bijzondere rol. Het idee van een raamvertelling doet denken aan de verhalen van ‘Duizend-en-een- nacht’, zeker door de achtergrond van Ab en zijn liefde voor cultuur en geschiedenis, maar dan in een oer-Hollandse versie ervan. Ook deze verhalen zitten vol ‘vertakkingen’ en bevatten losse eindjes. Omdat in de loop van de verhalen duidelijk wordt dat tijm van nature dode takjes en blaadjes laat vallen, en vervolgens weer gewoon verder groeit, zijn die losse eindjes misschien wel functioneel. Het gaat immers om ‘toevalskunst’: je krijgt kleine stukjes van levensverhalen te zien, die toevallig door ‘tijm’ verbonden zijn. De vertellers benadrukken regelmatig hun tekortkomingen als verteller.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Gaandeweg word je steeds nieuwsgieriger naar de ontvanger van alle verhalen, want voor wie zijn deze verhalen eigenlijk bestemd en wat zal die persoon ervan vinden? Daar wacht de lezer nog wel een aardige verrassing. Toch blijf je aan het eind achter met in je hand een half afgebrokkeld bosje tijm, naast een toevallig rondslingerende tas. Ergens zingt nog het advies van een van de vertellers rond in je hoofd: ‘Rits met de kleine ritssluitinkjes waaraan de tijmtakjes doen denken een fractie van de droom aan deze toverloze wereld vast.’
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Dietske Geerlings
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Désanne van Brederode – De tas. Querido, Amsterdam, Antwerpen. 316 blz. €22,99
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
           
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+tas.jpg" length="11386" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 17 May 2021 11:24:11 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/tijm-blaast-de-ether-waarvan-dromen-zijn-gemaakt-door-de-ruimte</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Van Brederode,tas,Désanne van Brederode,Brederode,De tas,Tijm</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+tas.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+tas.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Naar binnen of niet naar binnen. Kloppen of niet kloppen.’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/naar-binnen-of-niet-naar-binnen-kloppen-of-niet-kloppen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      
           ‘Naar binnen of niet naar binnen. Kloppen of niet kloppen.'
          
                    &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
                        
            Bespreking van 'Ulixes
           
                      &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
      
                      
           ’ van James Joyce
          
                    &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;div&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/div&gt;&#xD;
      &lt;div&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ulixes.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
                  
         ‘Ulysses is een huis, als het eerste huis waarin ik heb gewoond, waarin ik ben opgegroeid en waarvan ik me elke kamer, elke kast, elke klok, elk schilderij, elke verjaardag, elke winter en elk onverwacht bezoek herinner,’ zegt Toon Tellegen in het nawoord van de nieuwe editie van ‘Ulixes’ van James Joyce, in de vertaling van Erik Bindervoet en Robbert-Jan Henkes. Tellegen bedankt zijn vroegere docent Nederlands ervoor dat hij het voor hem veel te ingewikkelde boek niet had gelezen. Juist dát motiveerde Tellegen om het boek te gaan lezen. Het beeld van het huis is sterk, omdat het uitnodigt deze klassieker te betreden, in de bemoedigende wetenschap dat er talloze manieren zijn om binnen te komen. 
         
                  &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          De ironie wil dat Bloom, een van de drie hoofdpersonen, bij zijn eigen thuiskomst een nogal merkwaardige manier heeft om binnen te komen, aangezien hij de sleutel is vergeten: ‘Waarom was hij dubbel geërgerd? Omdat hij het vergeten was en omdat hij zich herinnerde zich er twee keer aan te hebben herinnerd het niet te vergeten. Welke waren vervolgens de alternatieven voor het, met voorbedachten radelijke (respectievelijk) en onbedachtzamerwijze sleutelloze koppel? Naar binnen of niet naar binnen. Kloppen of niet kloppen. Blooms beslissing? Een list. Hij liet zijn voeten op het muurtje rusten, klom over het hekwerk van het souterraingat, duwde zijn hoed stevig aan op zijn hoofd, greep twee punten waar het hek en stijl van onder samenkwamen, liet zijn lichaam gelijkmatig zakken langs zijn lengte van één meter zesenzeventig en een half tot op vijfentachtig centimeter van het plaveisel van het souterraingat en liet het vervolgens in de vrije ruimte bewegen door zichzelf te onthechten van het hekwerk en de knieën op te trekken in voorbereiding op de schok van de val.’
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Deze binnenkomst is in alle opzichten veelzeggend. Ik zou haast zeggen dat het de lezer symboliseert die het boek probeert binnen te komen: allereerst heb je inderdaad het gevoel dat je je sleutel bent vergeten, je wringt je in allerlei bochten, zoekt houvast, laat je erin glijden in hoogst ongemakkelijke houdingen, vervolgens raak je in een toestand van onthechting, beweeg je je in een vrije ruimte waar geen enkel houvast meer is, en uiteindelijk bereid je je voor op een vrije val. Het is niet voor niets dat het lezen van dit werk vaak is vergeleken met een avontuur, elke lezing opnieuw. Dat heeft ermee te maken dat het boek zoveel diepere lagen heeft dat het onvoorspelbaar blijft waar je precies belandt. Om bij het beeld van het huis te blijven, als je door de gang loopt, kun je heel veel gesloten deuren voorbijlopen: ‘Naar binnen of niet naar binnen. Kloppen of niet kloppen.’ Als je je nog nooit hebt verdiept in de Odyssee van Homerus, lees je waarschijnlijk een ander boek dan de lezer die dat wel heeft gedaan. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het verhaal gaat over Leopold Bloom, advertentie-acquisiteur, die op een donderdag in juni 1904 door Dublin wandelt, en over Stephen Dedalus, jonge dichter, alter ego van Joyce, die voor een deel zelfstandig en voor een deel met Bloom mee wandelt. Het boek bestaat uit achttien hoofdstukken en sluit af met de legendarische monologue intérieur van Molly, de echtgenote van Bloom: een bladzijdelange gedachtestroom in zeven zinnen zonder interpunctie. Een belangrijk thema is de vader-zoonrelatie: het verlangen van Bloom naar een zoon, van Dedalus naar een echte vader. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het verdient aanbeveling je eerst of tegelijkertijd te verdiepen in de Odyssee, omdat je daarmee een belangrijke sleutel in handen hebt. Dan zie je dat je precies alle achttien delen van Odysseus’ reis volgt en kun je volop genieten van de vele verwijzingen naar de tegenslagen die hij tegenkomt, zoals de Sirenen, Circe, de Cyclopen, enz. Het is ongelooflijk hoe Joyce niet alleen thematisch, maar ook in stijl deze verschillende fasen van de reis vormgeeft. Zo is het vijftiende hoofdstuk als een toneelstuk geschreven waarin personages als hallucinaties opdoemen uit het duister, zoals de betoverde mannen uit het klassieke verhaal. Er komen herinneringen voor van Dedalus die eigenlijk van Bloom zijn, en andersom, maar omdat je ze als lezer beide kent, krijg je het gevoel dat het boek zelf herinneringen heeft die boven komen borrelen, alsof het zijn eigen mythe creëert. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Typisch modernistisch aan dit werk is dat door de verschillende perspectieven duidelijk wordt dat karakters van personages niet vaststaan. Wat dat betreft is Molly’s monoloog een magistraal slot, omdat het beeld van haar dat je gedurende het verhaal opbouwt, compleet ontwricht wordt. Ook laat Joyce zien dat de visie op de werkelijkheid bepaald wordt door het taalgebruik waarin de lezer deze krijgt voorgeschoteld. In het veertiende hoofdstuk, waarin de barensnood van Mina Purefoy centraal staat, illustreert hij de geboorte en geschiedenis van de Engelse taal, van middeleeuws Engels tot slang, waarbij hij diverse stijlen uit de literatuurgeschiedenis parodieert. Ondertussen worden zwangerschap en geboorte ‘ontheiligd’ door discussies over geboortebeperking en abortus, waarmee Joyce de verbinding legt met de ontheiliging in Odyssee. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Juist omdat de stijl van dit werk zo bepalend is voor de beleving ervan, kun je je afvragen of het wel mogelijk is het te vertalen. Eigenlijk niet, want is bijvoorbeeld de ervaring van het middeleeuwse Engels te vangen in het Middelnederlands, en doe je het platte ‘says I’ wel recht met ‘zegt ik’? Het originele werk naast de vertaling lezen is een van de manieren om het huis te betreden. Bij een vertaling kijk je eigenlijk door de ogen van een ander, en dat is natuurlijk jammer. Door daarnaast echter het origineel te lezen, ervaar je nog eens extra hoe belangrijk perspectief is, en besef je tegelijkertijd hoe moedig en volhardend vertalers zijn in een haast onmogelijke opdracht. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          James Joyce – Ulixes. Vertaald door Erik Bindervoet en Robbert-Jan Henkes. Atheneum, Amsterdam. 920 blz. €25,00
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ulixes.jpg" length="59587" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 17 May 2021 11:20:43 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/naar-binnen-of-niet-naar-binnen-kloppen-of-niet-kloppen</guid>
      <g-custom:tags type="string">Joyce,James Joyce,essays,Ulixes,Ulysses</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ulixes.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/ulixes.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Raadsel, stil wit, met oneindige vormen ontvouwend bewustzijn</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/raadsel-stil-wit-met-oneindige-vormen-ontvouwend-bewustzijn</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
                    
          "Raadsel, stil wit, met oneindige vormen ontvouwend bewustzijn"
         
                  &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
                          
             Bespreking van 'Hop over de sofa' van Remco Ekkers
            
                        &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hop+over+de+sofa.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
                  
         Misschien is het tijd voor een nieuwe uitdrukking in de Nederlandse taal: ‘Hop over de sofa’. Dichters zijn ambassadeurs van de taal, en de titel die Remco Ekkers aan zijn nieuwe bundel heeft meegegeven, is een combinatie van luchtigheid, tragiek en trefzekerheid. In eerste instantie lijkt de titel slechts afkomstig uit het openingsgedicht, maar wie even verder leest, voelt dat zich steeds een nieuwe situatie voordoet van ‘Hop over de sofa.’ 
         
                  &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Allereerst huist in de titel een mooie tegenstelling, die de dichter zelf als gegoten zit: ‘Hop’ impliceert snelheid, jeugdigheid, een ‘sofa’ is een rustbank, een klassiek meubelstuk. Stiekem klinkt, behalve rust, ook wijsheid (‘sophos’) door. Het ziet er niet naar uit dat Ekkers, met zijn bijna tachtig levensjaren, een rijke ervaring aan dichten, interviews met andere dichters en schrijvers, en lesgeven, gaat rusten. Hij staat, hop, volop in het leven, schroomt niet de actualiteit in zijn poëzie te betrekken en blijft zichzelf ontwikkelen, zo blijkt uit het gedicht ‘Kritiek’. Daarin citeert hij Rogi Wieg, die van een vorige bundel zegt: ‘Waarom schrijft iemand droge/emotieloze gedichten zonder drama?’ Het in een gedicht aanhalen van kritiek op de eigen poëzie is al postmodern te noemen, maar ‘Hop over de sofa’ bevat juist veel gedichten die een drama openbaren en emotie oproepen, en laten een nieuwe ontwikkeling zien. Liefdevol en wijs is Ekkers’ antwoord: ‘Misschien is er geen drama, alleen maar/raadsel, stil, wit, met oneindige vormen/ontvouwend bewustzijn, nog in het begin/langzaam groeiend, mythes overwinnend/tot een totale leegte waar we elkaar weer ontmoeten.’
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het openingsgedicht verwijst naar de actualiteit: een vrouw die overweldigd is door een man, ‘hop over de sofa’, daarna een vrouw die haar kind over het balkon gooit, ‘hop over de rand’. De titel bevat nu plotsklaps ook een donkere rand. Een misdaad is snel gepleegd. We worden er elke dag mee geconfronteerd en stompen er misschien haast door af. Voorlopig houdt het niet op, want de volgende gedichten gaan over een meisje met een bomgordel, vergeldingsacties, aanslagen, zelfmoordacties. Ekkers schrijft zo licht en terloops, dat je de gruwelen bijna over het hoofd ziet: ‘Haalde diep adem, zwom met open mond, tot/de stroom hem greep en hij worstelend werd gezien/door soldaten op een boot die hem overvoeren.’ Heel subtiel verwerkt hij het drama in - nota bene - een bijzin: ‘die hem overvoeren’. Ekkers is meester in de taal. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Bijna alle gedichten in de bundel bevatten raadsels, losse eindjes, waardoor de betekenis je vaak ontglipt en je op een ander moment flink door elkaar schudt:
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Herdenking
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Ben ik hier om licht te zien
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          of het duister, bij de kolom
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          die opzij staat, in de stad waar uit
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          op ijzeren wegen.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Ben ik hier om gedachten
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          mee te geven, woorden?
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Woorden voor terreinen en gruis?
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Zoals uit de zwart geslagen boom
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          met afgescheurde tak toch weer
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          het groen bloedt en straks de bladeren
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          komen, zo wil ik hier mijn woorden
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          laten komen als kamers, huis, bed.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Er is heel veel wat je kunt herdenken. Zo kun je de slachtoffers van een oorlog herdenken. Denk je dan aan hoop en liefde die mensen hebben gevoeld, of sta je juist stil bij verdriet en dood? Waarnaar verwijst ‘de kolom/die opzij staat’? Een middag heb ik zitten piekeren over ‘in de stad waar uit/op ijzeren wegen’. Het is alsof de zin zelf uit elkaar is gerukt. De ijzeren wegen doen denken aan spoorlijnen, en spoorlijnen aan deportaties. Het gedicht roept vragen op, die een herdenking ook vaak oproept. Je wilt een mooie gedachte uitspreken, van troost misschien, terwijl de plek des onheils, weinig troostvol is, bestaat uit ‘terreinen en gruis’. Maar dan komt in het slot een prachtig, helder beeld naar voren van een bijna dode boom waaraan toch weer nieuw leven ontspruit. Je ziet de takken openbarsten, en dat is precies wat de ‘ik’ wil met woorden: ineens zijn daar de kamers, het huis en het bed.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          De bundel is veelzijdig. Van landschappen valt de lezer in orakels, muziek, kunst, gedachten over een naderende dood, een miljoenpoot die over de Chinese muur kruipt, de wens van Vivaldi om een dochter te hebben, de vleugelnootboom bij het Rijksmuseum, eindigend in twee prozagedichten, en dan heb ik het meeste nog niet genoemd. Het leven trekt in vogelvlucht aan de lezer voorbij en de gedichten roepen emotie op. Emotie is ‘in beweging brengen’. Ekkers’ poëzie is een en al beweging: 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Wending
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          De stilte voor de storm, vlak voor
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          de omslag, waar de veerkracht
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          is afgenomen, waar je snakt
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          naar verandering, nu of nooit.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Keer mij om, woel mijn grond los
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          met je kouter aan de voorkant
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          van je ploegboom, snij met je schaar
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          de zode van onderen los en keer
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          hem met gebogen ijzeren ritser.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Dit gedicht is exemplarisch voor wat er in het hoofd van de lezer gebeurt. Natuurlijk lees je het ook als verlangen van de ik, die omgewoeld wil worden, maar de ik is ook de lezer die in beweging wordt gebracht. We kunnen niet stil blijven staan bij alles wat om ons heen gebeurt. Wij worden door elkaar geschud en omgekeerd: hop over de sofa. Voor je het weet, is het voorbij, ben je over de rand van het leven gekukeld. De bundel is een ‘raadsel, stil, wit, met oneindige vormen, ontvouwend bewustzijn.’
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Remco Ekkers – Hop over de sofa. Uitgeverij kleine uil. 96 blz. €17,50
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hop+over+de+sofa.jpg" length="103328" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 01 May 2021 11:53:42 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/raadsel-stil-wit-met-oneindige-vormen-ontvouwend-bewustzijn</guid>
      <g-custom:tags type="string">Remco Ekkers,essays,Ekkers,Hop over de sofa</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hop+over+de+sofa.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Hop+over+de+sofa.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Jij en de bal</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/jij-en-de-bal</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
                    
          Jij en de bal
         
                  &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
                          
             Bespreking van 'Dani Bennoni, lang zal hij leven' van Bart Moeyaert
            
                        &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dani+Bennoni.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
                  
         ‘Dani Bennoni, lang zal hij leven’ van Bart Moeyaert is voor het eerst in 2004 uitgegeven, maar nu herdrukt met op de cover een mooie tekening van Moeyaert zelf, die behalve schrijver en dichter ook een begenadigd tekenaar blijkt. Het boek is bekroond met de Boekenwelp en de Nienke van Hichtumprijs en daarmee zeker een heruitgave waard. Net als veel werk van Moeyaert is het geschikt voor jongeren én volwassenen.
         
                  &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het verhaal speelt zich af in de zomer van 1939, waarin de dreiging van de oorlog voelbaar is. De kleine Bink merkt daar nog niet zo veel van, behalve dan dat zijn broer Moon als soldaat is gemobiliseerd en zijn moeder sindsdien haar slaapkamer niet meer uitkomt. Hij heeft een duidelijk doel voor ogen: hij wil leren voetballen van Dani Bennoni, zodat hij het – als Moon straks terugkomt – goed kan. Verdrinkend in de veel te grote sportkleren van zijn broer probeert hij Dani over te halen. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          De keuze tussen vertellen en zwijgen speelt een belangrijke rol in het verhaal: ‘De deur gaat open en Martha staat voor ons. Ik pak Moons truitje tussen mijn duim en wijsvinger vast, alsof het de revers van een jas heeft, buig diep, en zeg dat ze de groeten krijgt. “Van wie?” zegt Martha. Ik kijk snel naar Lenny. We hebben afgesproken dat we niet gaan liegen. We gaan alleen op tijd zwijgen, dat is wat anders. “Van wie zou jij de groeten kúnnen krijgen?” zeg ik, en ik lach eens breed. Martha’s gezicht klaart op. Ze zet een stap naar voren, trekt de deur achter zich op een kier, en slaat haar handen voor haar grote mond. “Dat meen je niet, echt waar?” zegt ze. Ze kijkt van mij naar Lenny, om zeker te weten of wij dezelfde naam in ons hoofd hebben als zij.’ 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Tegelijkertijd wordt de sfeer in het verhaal voor een groot deel bepaald door wat verzwegen wordt. Vaak moet de lezer raden naar wat er gebeurt, of gebeurd is. Daar komt bij dat Moeyaert complexe emoties eerder vangt in een beeld dan dat hij ze benoemt: ‘Zijn naam komt als een fladderend vogeltje uit mijn mond. Het haalt niet eens het dak van het clubhuis.’ Het kan zijn dat de jongere, wat minder geoefende lezer daardoor wat minder voldoening uit het werk haalt. Voor wie graag tussen de regels leest en zijn verbeelding gebruikt, is het raadselachtige juist de kracht van het verhaal. Zou ‘Bennoni’ verwijzen naar de bijbelse ‘zoon van mijn smarten’, zoals de in het kraambed stervende Rachel haar zoon Benjamin in eerste instantie noemt? Dat zou dan een subtiele verwijzing zijn naar het dreigende afscheid. Het ‘lang zal hij leven’ in de titel krijgt iets macabers.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Er heerst een broeierige spanning in het boek door de ingewikkelde verhoudingen tussen de personages. Martha lijkt Dani wel leuk te vinden, maar later weer niet. Dani reageert smalend op Binks verzoek hem te leren voetballen: ‘“Jij en een bal,” zegt Dani. “Jij en een bal.” Hij grinnikt eens en trekt zijn mondhoeken in.’ Anneka, de zus van Bink, laat geen gelegenheid voorbijgaan haar jongere broertje te pesten, zozeer dat zelfs haar vriendinnen het te ver vinden gaan: ‘“Het is de kleine zijn eigen schuld,” zegt Anneka. “Hij moet leren dat hij maar beter met de sukkels van zijn eigen leeftijd kan optrekken.” “Hij zoekt een grote broer,” zegt Martha. “Het staat in zúlke grote letters op zijn voorhoofd!” “Hij heeft mij toch?” roept Anneka. Martha wil iets terugroepen, ze lacht al smalend, maar Martha’s moeder gooit haar armen omhoog en zingt een regel uit “Hebben wij verdiend, zoveel liefde, zoveel smarten”. Ze blijft in het midden van de keuken staan en kijkt naar het plafond en de lucht daarboven.’
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Zo laat Moeyaert een ‘kleine oorlog’ ontstaan, en waagt zich niet aan die veel te grote oorlog op de achtergrond, die hij hooguit aanraakt. Hij laat zien hoe de principes van een oorlog ook in het klein gelden, met alles wat verzwegen wordt en broeit. De losse eindjes laat hij over aan de lezer.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Bart Moeyaert – Dani Bennoni, lang zal hij leven. Querido, Amsterdam, Antwerpen. 96 blz. €17,50
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
           
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dani+Bennoni.jpg" length="135422" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 01 May 2021 11:50:22 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/jij-en-de-bal</guid>
      <g-custom:tags type="string">Moeyaert,essays,Bart Moeyaert,Dani Bennoni,Lang zal hij leven</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dani+Bennoni.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dani+Bennoni.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Uit stront ben je geboren, en tot stront zul je wederkeren</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/uit-stront-ben-je-geboren-en-tot-stront-zul-je-wederkeren</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
                    
          Uit stront ben je geboren, en tot stront zul je wederkeren
         
                  &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
                          
             Bespreking 'Biografie van een vlieg' van Jaap Robben en Paul Faassen
            
                        &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;a&gt;&#xD;
    &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/biografie+van+een+vlieg.jpg" alt=""/&gt;&#xD;
  &lt;/a&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
                  
         Van de niet-aflatende stroom biografieën die de hedendaagse boekenwereld overspoelt, is ‘Biografie van een vlieg’ van Jaap Robben en Paul Faassen wel een bijzonder sympathieke. Niet het leven van een bekende Nederlander staat centraal, maar – ter bemoediging van ons allen – een van de meest onaanzienlijke schepsels op aarde: een strontvlieg. Mooi dat er ‘een’ staat, om maar te benadrukken hoe gewoontjes hij is. Daarnaast overtreft in deze biografie de verbeelding alle feitelijkheden, waardoor een waarheid komt bovendrijven die op het gezicht van misschien wel iedere lezer een lach en een traan zal toveren.
         
                  &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          In eerste instantie is het verhaal geschreven als posterproject in opdracht van De nieuwe Oost| Wintertuin. In 25 hoofdstukken langs de weg, was het tijdens een wandeling of fietstocht te lezen. In Nijmegen was het te zien als onderdeel van Wintertuin, in Leeuwarden van Explore the North. Vervolgens is het als boekje duurzaam uitgegeven in een bijzonder fraaie vorm. Voor de omslag is gebruik gemaakt van linnenrestanten, waardoor de omslagen verschillende kleuren hebben: ‘Van vliegenpoepjesroestbruin en buizerdbuikenwit tot strontvlieggroen en bromvliegzwart’, staat op de site van Loopvis vermeld.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het bescheiden leven van een vlieg duurt gemiddeld 23 dagen. Wie heeft daar ooit bij stilgestaan? Uiteraard kan dat leven nog veel korter zijn, als hij slachtoffer wordt van een vliegenmepper of een ander gevaar. Elke dag, vanaf het moment dat de vlieg als larf wakker wordt ‘in het kadaver van een ongelukkig haasje’, ‘in een zompige appel die achterbleef na de weekendmarkt’, of in dit specifieke geval in ‘de drol van een bouvier’, tot aan zijn dood, wordt in dit boekje op humoristische wijze beschreven en geïllustreerd, een enkele flauwe grap daargelaten. Het bevat allerlei interessante feiten, maar het is uiteindelijk de verbeelding die overtuigt.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          De vlieg uit dit verhaal raakt bevriend met een buizerd, die hem ‘Poepvoetjes’ noemt, omdat hij griezelt van de vieze pootjes van Vlieg: ‘Uit stront ben je geboren, en tot stront zul je wederkeren’, zegt hij, wat in het licht van het slot een bijzondere betekenis krijgt. ‘Jij bent een dichter, Buizerd’, is het antwoord van Vlieg. Datzelfde kun je zeggen van Robben, die het verhaal haast tot poëzie maakt, door de rijke verbeelding en het spel met de taal. Zo wijst Vlieg op de vele overeenkomsten tussen Buizerd en hemzelf. Buizerd reageert daar spottend op: ‘Vanwege de omvang van jouw breintje denk jij te weten hoe klein onze overeenkomsten zijn, terwijl mijn hersens kunnen bevatten hoe groot de verschillen zijn.’ Deze zin legt op creatieve wijze bloot hoe ook wij als mensen elkaar vliegen kunnen afvangen. ‘Zo’n lange zin kon de vlieg niet in één keer bevatten’, gaat het verhaal verder, waarin Buizerds scherpe oordeel bevestigd lijkt. Niets blijkt minder waar.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Een prachtige vondst is de verklaring van Buizerd voor het feit dat Vlieg voortdurend zoemt en Buizerd daardoor alle gedachten van Vlieg kan horen. De kleine hersens zorgen er volgens Buizerd namelijk voor dat er geen complete gedachte in past en dus alle gedachten voortdurend ontsnappen. Deze constatering is voor Vlieg een reden om heel hard zijn best te doen iets kleins te denken. Ook hierin werpen de beide dieren een licht op ons menszijn: terwijl Buizerd steeds bot doet en zichzelf beter vindt, zoekt Vlieg toenadering en blijkt hij in zijn miezerigheid juist een grote vriend.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Ook voor de liefde is aandacht in het verhaal: ‘Het was zover. Ze rook heerlijk naar groenbak, met een zweempje beschimmelde ketchup. Behoedzaam bekroop onze Vlieg het parelmoeren lijfje dat voor hem neerhurkte.’ Zijn nageslacht zal de vlieg helaas nooit kennen.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het slot is zowel tragisch als hartverwarmend, maar het zou jammer zijn om meer prijs te geven van dit kleinood. Het is een ideaal cadeautje en de verleiding is groot om meerdere kleuren aan te schaffen. Het mag duidelijk zijn dat de lezer van dit boekje nooit meer een vlieg kwaad zal doen en hem de 23 dagen van zijn korte leven gunt.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Jaap Robben en Paul Faassen – Biografie van een vlieg. Loopvis, Arnhem. 64 blz. €14,99
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
           
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/biografie+van+een+vlieg.jpg" length="92237" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 01 May 2021 11:47:39 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/uit-stront-ben-je-geboren-en-tot-stront-zul-je-wederkeren</guid>
      <g-custom:tags type="string">Jaap Robben,Paul Faassen,essays,Biografie van een vlieg</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/biografie+van+een+vlieg.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/biografie+van+een+vlieg.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Maar op het dronken pad naar bed knerpt het vooral van de kiezels</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/maar-op-het-dronken-pad-naar-bed-knerpt-het-vooral-van-de-kiezels</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
                    
          "Maar op het dronken pad naar bed knerpt het vooral van de kiezels"
         
                  &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
                          
             Bespreking van 'Dit moet dus de werkelijkheid zijn' van Rob Schouten
            
                        &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;a&gt;&#xD;
    &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dit+moet+dus+de+werkelijkheid+zijn.jpg" alt=""/&gt;&#xD;
  &lt;/a&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
                  
         In de titel van Rob Schoutens nieuwe bundel, ‘Dit moet dus de werkelijkheid zijn’, klinkt teleurstelling door. Tegelijkertijd voel je de ironie, vooral door ‘dus’, want wat is nu de werkelijkheid? Alsof die zomaar in een woord te vangen is, en alsof er zo eenvoudig een conclusie te trekken valt! Volgens de achterflap ‘rammelen realiteit en actualiteit nadrukkelijk aan de poorten van zijn omwalde vesting. Is het de toegenomen leeftijd van de dichter of de opdringerige aard van de werkelijkheid?’ 
         
                  &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het openingsgedicht houdt een ironisch pleidooi voor onwetendheid: ‘het nieuws nietszeggend springliedje,/links rechts en van je brexit trump.’ Als je toch niets zou weten, dan zou het leven een stuk eenvoudiger zijn, al loop je dan wel het risico dat door je naïviteit je persoonlijkheid ineens op straat ligt: ‘Voor ik het wist ja wist was het geschied,/bleek ik alles met iedereen te delen,/en weg, extase van het ik!’ Echter, of de ik, die wél op de hoogte is van alles, er nu beter aan toe is, is maar de vraag, want: ‘Nu heb ik het gevoel voor proporties/en doe genuanceerde uitspraken,/heb weet van homocysteïne./ Geen idee waarom dit alles,/o rijke geest, o zoete dood, o niets!’ Van kennis wordt een mens inderdaad niet per se gelukkiger. De toon is gezet. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Vanaf de Ortelius, een cruiseschip op weg naar de Noordpool, is er in het gedicht ‘Thule’ uitzicht op ‘de wit uitgeslagen wereld/van seks noch woordenwisseling,/waar ook de nacht het niet meer doet,/geen aap rechtop verzint,/zijn we er dichterbij dan ooit...’ Na een witregel komt de conclusie: ‘Dan moet dit dus de werkelijkheid zijn.’ Hier is de ironie wat subtieler dan in het openingsgedicht. Thule roept avontuur op. De realistische beschrijving van de activiteiten op het schip – ‘Thai komen soep in kommen schenken,/arctische lezingen zijn er’ – doorbreken langzaam dit beeld. Hoezo avontuur? Zulke reizen zijn immers bereikbaar voor iedereen met geld. Door de opgebouwde spanning roept de slotzin kritische vragen op: is het verantwoord dat mensen dit soort reizen maken, alleen voor hun eigen persoonlijke ervaring, om een bijzonder stukje ‘werkelijkheid’ te ontdekken? In hoeverre is die wit uitgeslagen wereld waarin nauwelijks iets te zien is, meer of minder werkelijkheid dan de drukte thuis? 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          De ik zit zichzelf herhaaldelijk in de weg: ‘Ik vind de liefde ingewikkeld,/volgens mijn vriendin snap ik het niet,/is zij mijn ex. Misschien hebben amoeben/en lage diersoorten het makkelijker.’ Het komt, net als in het openingsgedicht, wat larmoyant over, alsof de ik zit opgescheept met zijn eigen denkvermogen. Als je erop gaat letten, is er nog veel meer geklaag te horen, weliswaar gemaskeerd door ironie, maar toch. Zo begint ‘De kroon op de schepping’ met ‘Ik kijk corona want er is niks anders./Maken wij ook wat mee; ik dacht al zonder/gebeurtenis te moeten sterven maar/gelukkig zie ik artsen en agenten.’ Ook hier vergelijkt hij de mens met amoeben: ‘we zwellen maar en slinken naargelang/op een niet serieus te nemen aarde.’ Er is inderdaad weinig wat door de dichter serieus wordt genomen, zo blijkt ook uit de zelfspot: 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          ‘Ik ben die hele oorlog misgelopen
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          opdat ik ongestoord kon puberen
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          richting gesubsidieerd dichterschap,
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          en nu, ondanks de verkoopcijfers,
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          legt mij mijn uitgever geen strobreed in de weg.’
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          De ik lijkt teleurgesteld in het leven. Hij maakt zo weinig mee dat er straks bij zijn dood nauwelijks iets ‘zwaars’ over hem kan worden gezegd. Het is zo treurig dat je er vanzelf om moet lachen.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Helaas is de humor ook regelmatig plat en smakeloos, zoals in ‘Lust’ waar de ik nogal opschept over pikante houdingen die hij durft aan te nemen, en dan afsluit met: ‘Maar het grootste genot vind ik/uitstekende titels/en toeschietelijke teksten;/met mijn vingers duw ik pagina’s uit elkaar/en dring de zinnen binnen/roodgloeiend van de endorfine.’ Is de afdeling ‘minneliederen’ misschien vooral voor mannen in de herfst van hun leven bedoeld? 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Pas op!
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Echt, liefde valt op
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          onze leeftijd anders,
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          meer als een os 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          of muilezel.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Uit is de balts,
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          de musth, het burlen.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          De billen brillen
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          van je lief.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Maar niet heus!
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Hormonen spuiten jubilerend
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          uit dorre tepels,
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          het bed knarst
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          en ex-roofdier
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          kraakt de code
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          van de zogenaamd
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          sleetse vagina
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Toegegeven, de dichter speelt met de taal door doelbewust woorden te kiezen die lijken op andere woorden in deze context. Zo roepen de spuitende hormonen het woord ‘ejaculerend’ op, dat er weliswaar niet staat, maar wel een echo vindt in ‘jubilerend’. Die vondst is dan in elk geval subtieler dan de klankovereenkomst tussen ‘titels’ en ‘tieten’, of nog erger, ‘pagina’ en ‘vagina’. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het vervelende is dat er maar een paar platitudes in een bundel hoeven te staan – en deze bevat er meerdere! – om een algeheel gevoel van teleurstelling op te roepen, die niet meer goed te kenteren is. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Rob Schouten – Dit moet dus de werkelijkheid zijn. Arbeiderspers, Amsterdam. 72 blz. €18,99
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
           
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dit+moet+dus+de+werkelijkheid+zijn.jpg" length="11664" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 01 May 2021 11:44:29 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/maar-op-het-dronken-pad-naar-bed-knerpt-het-vooral-van-de-kiezels</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Schouten,Rob Schouten,Dit moet dus de werkelijkheid zijn</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dit+moet+dus+de+werkelijkheid+zijn.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Dit+moet+dus+de+werkelijkheid+zijn.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een volmaakt hiaat binnen het gaaf geschaafde</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-volmaakt-hiaat-binnen-het-gaaf-geschaafde</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
                    
          Een volmaakt hiaat binnen het gaaf geschaafde
         
                  &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
                          
             Bespreking van 'Vertakkingen' van Roland Jooris
            
                        &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;a&gt;&#xD;
    &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/roland+jooris.jpg" alt=""/&gt;&#xD;
  &lt;/a&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Pas als je een boom van bladeren ontdoet, worden vertakkingen goed zichtbaar. Door snoeien leg je de constructie bloot, de kern van waaruit bloei mogelijk is. De knoppen kunnen elk moment openbreken, als je leest in ‘Vertakkingen’, de nieuwe dichtbundel van Roland Jooris. Hij schrijft uitgebeende gedichten waarin juist in het wit tussen de regels een wildgroei aan betekenissen mogelijk is.  
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          De woorden in deze bundel verwijzen vaak niet alleen naar een werkelijkheid buiten het gedicht, maar ook naar het gedicht zelf. Zo heet de eerste afdeling ‘Stapvoets’, passend bij een eerste verkenning: 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Hoekig
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
                      vertakt
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          komt het ongeziene
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          denkbeeldig
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          aan het licht
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          op gevoel af
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
                       gekanteld
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          tast diepte naar
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          onpeilbaarheid
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Omdat het gedicht van alle overtolligheid is ontdaan, zijn er weinig referentiepunten. Waarnaar verwijst bijvoorbeeld ‘het ongeziene’, dat zich hoekig en vertakt aandient? Het kan naar alles verwijzen wat ongezien is, en dat is heel veel, als je alleen al bedenkt hoeveel abstracte begrippen er bestaan. Het ongeziene is religieus te duiden, maar zeker ook aards, want alles waar je even niet naar kijkt, is ongezien. Wat, van al het ongeziene, is daarbij ook nog hoekig en vertakt? Paradoxaal genoeg kun je je afvragen of je van iets wat ongezien is nog wel kunt vaststellen of het hoekig en vertakt is. Het ongeziene komt, zo blijkt uit de volgende regel, ‘denkbeeldig’ aan het licht. Iets wat je niet ziet, kun je je immers wel voorstellen, inbeelden. Omdat het woord ‘vertakt’ versprongen is, wordt het gedicht zelf ook hoekig, waardoor het ongeziene tegelijkertijd verwijst naar de poëzie zelf, die immers het ongeziene denkbeeldig aan het licht kan brengen. Het gedicht gaat haast kantelen onder zoveel mogelijkheden en roept de ‘onpeilbaarheid’ van de slotregel op. Dit gedicht is een echte binnenkomer, waarmee de toon is gezet.  
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het is namelijk de kunst van het weglaten die Roland Jooris meesterlijk beheerst. In plaats van dat hij de lezer overlaadt met lange regels vol beeldspraak en klank, maakt hij maximaal gebruik van de ruimte. De lezer heeft die ruimte vervolgens hard nodig om alle betekenissen te bevatten:
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Ruw
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
                      achterwege
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Er is ook letterlijk van alles ruw achterwege gelaten, alsof de dichter flink heeft huisgehouden tussen de regels. Er is sprake van een ‘ontberen’, maar van wat? Wat voor de dichter geldt, geldt soms ook voor de lezer: ‘Uitgehongerd/in doorgronden’. Door weg te laten om wie het gaat, ontstaat er abstractie: het ‘uitgehongerd zijn in doorgronden’, los van wie dan ook. Jooris’ gedichten zijn stuk voor stuk abstracte kunstwerkjes. De lezer belandt in een voorstelling, uiteindelijk zijn eigen voorstelling, zoals iemand die naar een abstract schilderij kijkt: voor wie daarvan houdt, een rijkdom aan betekenis, voor een ander wellicht een kwelling.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Soms wordt ineens een glashelder beeld neergezet, dat weldegelijk naar een werkelijkheid lijkt te verwijzen: ‘Dieren stampen de avond/overhoop, het donker luistert/naar het stelpen, het dempen/het doven’. Je ziet het voor je en je hoort het, en toch is hier eenzelfde proces gaande als in het gedicht zelf: net als de avond is de dichter aan het verstommen, verstillen. Net als de dieren stampen de toch nog aanwezige woorden in de stilte, de leegte die de dichter probeert te benaderen. Als lezer hoor je net als het donker bijna het doven, het dempen van de dichter. Het is knap hoe Jooris deze dubbele laag steeds mee laat klinken.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Veelzeggend is het gedicht ‘Giacometti’, verwijzend naar de kunstenaar van graatmagere beelden, waar ook alle overtolligheid is weggehaald. De essentie van de wezens blijft over. De beelden van Giacometti roepen een gevoel op: ‘een gevoel dat bewogen/met eenzaamheid/instemt’. Misschien is dat ook wel wat Jooris’ poëzie bij de lezer oproept: ‘als naar nergens/een stap naar graatmager/vergaan’. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Gedichten lijken zichzelf soms zelfs op te heffen: ‘Binnen het ruwe vierkant/het uitzicht op/ontlediging’. Het woord ‘lediging’ betekent al ‘leegmaken’ en lijkt zichzelf door ‘ont’ helemaal op te heffen. Steeds meer van deze tegenstellingen in zichzelf, die als stijlfiguur oxymorons genoemd kunnen worden, dienen zich aan: ‘in samenhang/eenzelvig’, ‘uitbundige inwendigheid’, ‘tastbaar/abstract’, ‘een luidkeels/geheim’, ‘het voelbaar/onbepaalde’. Je kunt hier eindeloos over filosoferen, maar ook in vastlopen. Deze poëzie vraagt aandacht en inspanning van de lezer.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          De laatste afdeling heet ‘Terloops’, wat juist tegen het idee van een afgebakend slot ingaat: ‘Eeuwig voorlopig ligt/je bestemming in bezinken/onderweg’. Als er al een einde komt aan de bundel, dan kun je zo weer opnieuw beginnen: ‘met als einder/de oorsprong, het/schept een aanhoudend/ontstaan’. Het is niet voor niets dat de poëzie van Roland Jooris meerdere prijzen en nominaties opleverde. In elk gedicht voel je zijn vakmanschap. Zijn poëzie tast de grenzen in het hoofd van de lezer af en zet de verbeelding aan het werk. Zo blijkt elk gedicht ‘een volmaakt/hiaat binnen het gaaf/geschaafde’.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Roland Jooris – Vertakkingen. Querido, Amsterdam. 56 blz. €16,99
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/roland+jooris.jpg" length="92598" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sat, 01 May 2021 11:35:58 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-volmaakt-hiaat-binnen-het-gaaf-geschaafde</guid>
      <g-custom:tags type="string">Roland Jooris,Jooris,essays,Vertakkingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/roland+jooris.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/roland+jooris.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Eerste indruk 'Lof der zotheid' Hanz Mirck</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/eerste-indruk-lof-der-zotheid-hanz-mirck</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Eerste indruk 'Lof der zotheid' van Hanz Mirck
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Olivier Heikoop (leerling vwo 4 Baudartius College Zutphen)
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Drie+steden+twee+ogen.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         Lof der zotheid
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Een stad is de opwindende geur van wat er leeft:
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           een eeuwenoude beerput die men vond. Altijd al
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           archeoloog willen worden, wroeten in stront
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           van 400 jaar oud – wat voorbij is leeft pas echt
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Wat een zilversmid wegsmeet wordt gekoesterd,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           de ring van wie zijn huwelijk afdeed is plotseling
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           waardevol. Deze stad heeft waardevolle mest,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           geschiedenis is de rente van het verlies van alles
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dus geef alles wat je hebt, en alle weerklank is dof
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           vallen van modder, lof der zotheid. Vergeet
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           je liefde, kies de muze, verlies alles en deze stad
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          maakt er stront van. Over 400 jaar graven ze het op,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           houden het als goud in de lucht: ik ken de geur van zulk
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           leven, het smaakt bedorven, riekt naar de dood
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De titel bestaat uit twee elementen, lof en zotheid, verbonden door het voorzetsel “der”, wat van de betekent. Een betekenis voor lof is het prijzen van iets, in dit geval de zotheid of gekkigheid. Eigenlijk is dit precies wat Mirck doet in het gedicht, hij prijst de stad om een van zijn gekkigheden, zijn verborgen verleden. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In de eerste versregel vergelijkt hij een stad met “de opwindende geur van wat er leeft”. Zo’n geur kan op verschillende manieren opwindend zijn, het kan simpelweg lekker ruiken, het kan je een nostalgisch gevoel geven of het kan andere emoties opwekken. Dit laatste wordt beaamd in de volgende versregel, aangezien het gaat om een eeuwenoude beerput, is het dus waarschijnlijk geen lekker geurtje. Mirck vertelt dat hij altijd al archeoloog had willen worden, hieruit is af te leiden dat de “stront”-geur hem opwekt en misschien wel nieuwsgierig maakt. Want, zo zegt hij, “wat voorbij is leeft pas echt”.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De volgende strofe licht deze spreuk toe. De ring van wie zijn huwelijk afdeed is waardevol, een vondst als deze draagt een enorme historische context. Het geeft informatie over relaties van 400 jaar geleden, maar belangrijker; het object heeft een eigen verhaal. Dit verhaal kan de ring nooit ontnomen worden en de ring zal dit altijd bij zich dragen. Persoonlijk denk ik dat deze opvatting het best de plaats van het woord “rente” in de volgende versregel kan vervangen. Geschiedenis is immers alles wat overleden is en verloren is geraakt. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Zo komt het dat de stad waardevolle mest heeft. Herinneringen, emoties en verhalen liggen eeuwen onder de grond, totdat iemand, niets wetend over de achtergrond van deze objecten, het bij toeval opgraaft. De eerlijke vinder kan alleen nog maar fantaseren.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Aangekomen bij de derde strofe, begint Mirck te praten tegen “je”. Wie deze “je” is, is verder onbekend. Er zijn een paar mogelijkheden wie of wat er bedoeld kan worden. De eerste mogelijkheid is de lezer zelf, de tweede is men in het algemeen en tot slot kan het ook nog over een voorwerp uit de tekst gaan. Bijvoorbeeld de ring of de stad. Het is dus aan de lezer om in te vullen wat hij of zij denkt dat het beste past. Dit idee is erg mooi, omdat de “je”, net als de ring, een oorspronkelijke bedoeling of betekenis had die alleen de makers ervan (Hanz Mirck en de zilversmid) weten. Alsof de lezer het gedicht zelf opgegraven heeft. Ook heeft Mirck zichzelf op deze manier verbonden aan de zilversmid alsof het gedicht zijn goud is. Dit zou dan weer een mooie aanvulling zijn in de een na laatste versregel.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           Verder komt in de derde strofe de titel terug. De zin; “…en alle weerklank is dof
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           vallen van modder, lof der zotheid.” zet een bepaalde sfeer. Als je het gedicht leest, denk je dat er slechts een dof geluid wordt opgenoemd, het vallen van modder. Echter wordt dit versterkt door de woordkeuze. Door de korte klank van de -o- in “dof”, “modder”, “lof” en “zotheid” klinkt het dus letterlijk dof. De titel krijgt zo een vale, ondergrondse ondertoon, wat weer overeenkomt met het onderwerp.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           Het “verliezen van alles” in de volgende regel kan ook weer meerdere opvattingen hebben. Het kan iets betekenen van; laat alles los en laat je gaan, als in “vergeet je liefde, kies de muze”. Eveneens kan Mirck bedoelen dat je al het tastbare moet verliezen, zodat het, net zoals de ring, vervolgens een paar eeuwen later weer opgegraven kan worden.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De eerste zin van de vierde strofe is als het ware een kleine samenvatting van alles wat ik heb beschreven: “… en deze stad maakt er stront van. Over 400 jaar graven ze het op, houden het als goud in de lucht:..”. Vervolgens krijgen we te maken met een persoonlijke ervaring van Mirck: “ik ken de geur van zulk leven, het smaakt bedorven, riekt naar de dood”. Hij verwerkt zo nogmaals het overlappende element van deze bundel: “het einde” en “de dood”. Ook sluit hij het gedicht af met de conclusie dat alles uiteindelijk, ongeacht de smaak en geur, naar boven komt met het oorspronkelijke verhaal, maar door iedereen anders geïnterpreteerd kan worden.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          (Opmerking Dietske Geerlings, docent van Olivier: het idee van een 'Eerste indruk' is afkomstig van www.ooteoote.nl waar ik zelf regelmatig voor schrijf. Je bespreekt het gedicht helemaal op zichzelf, buiten de context van de bundel of gegevens over de dichter zelf. Leerlingen maken eerst analyses op basis van technische aspecten, zoals rijm, metrum, stijlfiguren en beeldspraak, maar mogen voor een eindopdracht kiezen uit verschillende vormen van besprekingen van een of meerdere gedichten. Het kan een recensie zijn, waarbij een hele bundel wordt besproken, of enkele gedichten daaruit, maar ook een eerste indruk, waarbij de focus ligt op het betekenis geven aan één gedicht. Omdat ik zelf merkte dat leerlingen bij het analyseren van de techniek soms afdwalen van de betekenis van een gedicht, en ik zelf bij het schrijven van een Eerste Indruk heel erg gefocust ben op die betekenis, leek het mij goed om deze vorm ook als mogelijkheid aan leerlingen aan te bieden)
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Drie+steden+twee+ogen.jpg" length="46547" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 16 Apr 2021 09:45:55 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/eerste-indruk-lof-der-zotheid-hanz-mirck</guid>
      <g-custom:tags type="string">Mirck,Lof der zotheid,essays,essays leerlingen,essays van leerlingen,Hanz Mirck,Olivier Heikoop</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Drie+steden+twee+ogen.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Drie+steden+twee+ogen.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Eerste indruk 'Nieuwe bewoners' Tim Pardijs</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/eerste-indruk-nieuwe-bewoners-tim-pardijs</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Eerste Indruk van 'Nieuwe bewoners' - Tim Pardijs
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;font&gt;&#xD;
      &lt;font&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          
             Jort Oldenbeuving (leerling vwo 4 Baudartius College Zutphen)
            &#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/font&gt;&#xD;
    &lt;/font&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tim+Pardijs.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Nieuwe Bewoners – Tim Pardijs
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Ze schuurden de voordeur, legden
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          een nieuwe vloer, verfden de kamer, 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          installeerden een fornuis, vervingen 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          de kozijnen en repareerden de trap.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De voordeur klemt, het deukje in de vloer 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          werpt een kleine schaduw, de kleuren 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          vloeken, het fornuis is vet, de kozijnen 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          zijn verrot en de derde tree van boven kraakt.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Ik zal je door de voordeur naar binnen dragen, 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          als ik ga klussen karton op de vloer leggen, 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          alleen wel de kleuren uitzoeken, het fornuis 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          altijd gelijk schoonmaken, de kozijnen 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          elke twee jaar verven en ik beloof je:
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           ik sla de derde tree over als je uit wil slapen.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In de eerste regel wordt de voordeur geschuurd. Dit kan een nieuw begin betekenen, omdat je, als je een huis binnen gaat, altijd eerst door de voordeur gaat. De voordeur kan ook symbool staan voor een onbekende toekomst, omdat je nooit weet wat er achter een deur staat of is.  Daarna wordt er een nieuwe vloer in het huis gelegd; misschien wordt er een nieuwe basis gelegd, want een vloer zit overal in een huis en die zie je dus altijd. Aan het einde van regel twee wordt er een kamer geverfd. Waarschijnlijk betekent ook dit dat er een nieuwe basis wordt gelegd. Een nieuw fornuis suggereert dat je voor elkaar zult zorgen omdat een fornuis gebruikt wordt om eten klaar te maken. Ook de kozijnen suggereren een nieuw begin, maar het kan ook betekenen dat je de toekomst een beetje kan voorspellen omdat er in kozijnen ramen zitten en dan kan je zien wat daarachter is.  Als laatste wordt de trap gerepareerd: je kennis wordt groter, omdat je dan opeens ook de bovenste verdieping te zien krijgt. In de eerste strofe wordt beschreven hoe het is om iemand nieuw te ontmoeten. Misschien is het huis wel een persoon die je wilt leren kennen, met de voordeur en kozijnen als uiterlijk en de vloer, verf en het fornuis als innerlijk.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Aan het begin van de tweede strofe staat er dat de voordeur klemt, alsof het nieuwe begin niet helemaal gaat zoals gepland. Het deukje in de vloer kan betekenen dat het innerlijk van de ander toch niets anders is dan dat je had verwacht, maar ook dat de basis die je eerst gelegd hebt iets minder goed is geworden. De schaduw van het deukje suggereert dat de persoon iets geheimhoudt voor je, omdat je meestal niet goed kan zien wat er in de schaduw is. De kleuren die vloeken, symboliseren waarschijnlijk dat de ik en de andere persoon af en toe meningsverschillen hebben. ‘De kozijnen zijn verrot’ verwijzen naar het ouder worden: naarmate je ouder wordt, wordt je uiterlijk ook minder of er is steeds minder toekomst of juist een slecht voorspelbare toekomst. ‘De derde tree van boven kraakt’ kan betekenen dat je veel kennis van de wereld of de ander hebt, maar daardoor wordt meer kennis krijgen steeds lastiger. Deze strofe is eigenlijk het tegenovergestelde van de eerste strofe. In deze strofe wordt alles ouder en ga je niet alleen de dingen zien die mooi zijn aan de ander. Je leert ook de kwetsbaarheden van de ander beter kennen.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De derde strofe start met ‘ik zal je door de voordeur naar binnen dragen’. Dit is een oude traditie die plaatsvindt, nadat twee mensen getrouwd zijn. De bruidegom draagt zijn bruid over de drempel van het nieuwe huis. In de tweede regel zegt de ik: ‘als ik ga klussen karton op de vloer leggen’. De basis moet beschermd worden als er geklust wordt, want het karton moet de vloer beschermen. ‘Alleen de kleuren uitzoeken’ verwijst terug naar de vloekende kleuren van strofe twee en waarschijnlijk betekent dit dat de ik-persoon zijn mening soms niet uitspreekt om ruzie te voorkomen. Het fornuis schoonmaken betekent misschien dat de ik-persoon steeds minder is gaan zorgen voor de ander, maar dat hij dat goed gaat maken door weer voor de ander te zorgen. ‘Elke twee jaar de kozijnen verven’ suggereert dat de ik-persoon ook meer voor zichzelf gaat zorgen. De laatste regel ‘ik sla de derde trede over als je uit wil slapen’ geeft een romantisch gevoel omdat de ik-persoon dat doet zodat de ander beter kan slapen. Deze strofe geeft de beloftes weer van de ik-persoon.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Je kan het huis op twee manieren zien. De eerste manier is dat het huis een persoon is. Dit komt omdat je de voordeur en de kozijnen dan als uiterlijk ziet en de vloer, kamers en het fornuis zijn dan het innerlijk van de persoon. De tweede manier is dat het huis een relatie is met in de eerste strofe de eerste ontmoeting of kennismaking, in de tweede strofe dat de twee personen elkaar al langere tijd goed kennen en ze er ook wat minder mooi uitzien en in de laatste strofe zijn de twee net getrouwd en doen ze elkaar allerlei beloftes.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          (Opmerking Dietske Geerlings, docent van Jort: het idee van een 'Eerste indruk' is afkomstig van www.ooteoote.nl waar ik zelf regelmatig voor schrijf. Je bespreekt het gedicht helemaal op zichzelf, buiten de context van de bundel of gegevens over de dichter zelf. Leerlingen maken eerst analyses op basis van technische aspecten, zoals rijm, metrum, stijlfiguren en beeldspraak, maar mogen voor een eindopdracht kiezen uit verschillende vormen van besprekingen van een of meerdere gedichten. Het kan een recensie zijn, waarbij een hele bundel wordt besproken, of enkele gedichten daaruit, maar ook een eerste indruk, waarbij de focus ligt op het betekenis geven aan één gedicht. Omdat ik zelf merkte dat leerlingen bij het analyseren van de techniek soms afdwalen van de betekenis van een gedicht, en ik zelf bij het schrijven van een Eerste Indruk heel erg gefocust ben op die betekenis, leek het mij goed om deze vorm ook als mogelijkheid aan leerlingen aan te bieden)
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tim+Pardijs.jpg" length="6425" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 15 Apr 2021 07:42:48 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/eerste-indruk-nieuwe-bewoners-tim-pardijs</guid>
      <g-custom:tags type="string">eerste indruk,essays,Tim Pardijs,Jort Oldenbeuving,Dromen die de aarde openbreken,Nieuwe bewoners,essays leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tim+Pardijs.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Tim+Pardijs.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Net een dagboek vol gedichten</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/net-een-dagboek-vol-gedichten</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Nét een dagboek vol gedichten 
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Anna Willemse (leerling vwo 4 Baudartius College Zutphen)
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vasalis.png"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;b&gt;&#xD;
      
           Margaretha Leenmans ( 1909-1998), beter bekend als M.Vasalis, was een dichteres met in totaal
          &#xD;
    &lt;/b&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;b&gt;&#xD;
      
           vier bundels op haar naam, waarvan de laatste bundel is afgemaakt door haar kinderen. Ze
          &#xD;
    &lt;/b&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;b&gt;&#xD;
      
           maakte haar debuut in het eerste jaar van de Tweede Wereldoorlog (1940) met haar razend
          &#xD;
    &lt;/b&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;b&gt;&#xD;
      
           populaire bundel: ‘Parken en Woestijnen’. Velen twijfelden of het moment waarop deze bundel
          &#xD;
    &lt;/b&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;b&gt;&#xD;
      
           werd uitgegeven te maken had met de populariteit óf dat het simpelweg een erg goede bundel
          &#xD;
    &lt;/b&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;b&gt;&#xD;
      
           was. Nou, laten we uitgaan van het tweede, de gedichten in ‘Parken en Woestijnen’ zijn stuk
          &#xD;
    &lt;/b&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;b&gt;&#xD;
      
           voor stuk pareltjes die je van dromen naar nachtmerries voeren in een ‘mengelmoes’ van
          &#xD;
    &lt;/b&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;b&gt;&#xD;
      
           woorden. Maar wat was mogelijk de inspiratie van Vasalis voor deze bundel?
          &#xD;
    &lt;/b&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          M.Vasalis werkte haar hele leven in de geneeskunde: eerst als arts en vervolgens als kinderpsychiater.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In 1939 trouwde ze met  hoogleraar neurologie Jan Droogleever Fortuyn. Kortom, ze hield zich veel
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          bezig met de gedachtegang van mensen en zichzelf, dit is ook goed terug te vinden in haar gedichten,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          veel gedichten gaan over moeilijke onderwerpen en innerlijke strijd. Zo komen er erg veel gedichten
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          voor waarin Vasalis praat over emoties en gevoelens. Een goed voorbeeld hiervan is het gedicht ‘de
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dood’ (uit ‘Parken en woestijnen’). In dit gedicht illustreert Vasalis de dood als een soort persoon, iets
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          waar je niet voor hoeft te vrezen, een soort vaderfiguur:
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           De Dood wees mij op kleine, interessante dingen:
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           dit is een spijker –zei de Dood – en dit een touw.
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Ik zie hem aan, een kind. Hij is mijn meester
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           omdat ik hem bewonder en vertrouw,
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           de Dood.
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dit doet ze trouwens wel vaker, het personifiëren van gevoelens. Ze weet een gevoel of emoties door
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          personificatie of vergelijkingen precies met woorden te illustreren. In haar gedicht ‘Luchtspiegeling’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          bijvoorbeeld, beschrijft ze met taferelen en voorwerpen precies hoe het voelt om ergens naar te
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          verlangen. Door het gebruik van antithese word je helemaal het gedicht in getrokken. Midden in een
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          dorre woestijn, vermoeid, alleen en verdwaald verlangend naar je huis: veilig, rustgevend en alles wat
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          de plaats waar je nu bent niet heeft. Dit gedicht heeft ze waarschijnlijk geschreven toen ze in Afrika
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          genezing zocht voor reuma. Hieronder het gedicht waarin duidelijk wordt hoe veel heimwee Vasalis in
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Afrika had:
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Midden in deze woestenij
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           van zon, stenen en droog gewas
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           zie ik opeens mijn eigen land
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           – onaangetast door deze brand:
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           bleek water, mist over een wei,
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           zie ik hoe koel en zacht dat was.
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           IJl als de dunne, dode maan,
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           die overdag is blijven staan,
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           maar meer dan een herinnering,
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           begeerlijker dan enig ding
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           zie ik het verre water blinken,
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           trachten mijn ogen het te drinken.
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Naast het dichten over gevoelens en emoties, komt de natuur en vergelijkingen met elementen zoals
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          water ook veel voor in de bundel ‘Parken en Woestijnen’. Dit is ook niet zo gek, in haar jeugd woonde
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Vasalis namelijk in Den Haag en Scheveningen, waar ze een kamer had met uitzicht op de zee en de
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          duinen. Ze heeft in haar bundel dan ook een aantal gedichten waarin ze natuurelementen gebruikt als
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          metaforen voor gevoelens en intrigerende onderwerpen. Zo gebruikt ze het tafereel van twee vrouwen
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           die scheepje varen als een metafoor voor de levensloop in haar gedicht ‘Scheepje varen’, de ene vrouw
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          weerspiegelt de dood en de andere vrouw het leven. In de eerste drie regels van dit gedicht wordt al
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          duidelijk dat ze erg lang naar de zee heeft zitten turen: ze weet precies te omschrijven hoe bootjes
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          drijven op water in een paar woorden. Hieronder een klein fragment van ‘Scheepje varen’:
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Aan beide oevers zit een vrouw: 
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           de ene laat een scheepje gaan, 
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           verheugd en fris, hoog op het water; 
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Een ander gedicht waarin ze de zee als inspiratie en metafoor heeft gebruikt voor een dieper liggend
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          gevoel is het gedicht ‘Eb’. Over welk gevoel ‘Eb’ precies gaat is een onderwerp waar de meningen
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          sterk over verschillen, maar ze gebruikt hier eb en vloed duidelijk als een metafoor voor iets
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          symbolisch. Maar niet alleen het letterlijk vergelijken met natuurelement komt voor in Vasalis’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          gedichten, soms zorgt het metrum en gebruik van enjambement in haar gedichten ook voor het gevoel
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          van een kabbelend beekje of een woest golvende zee. In het eerdergenoemde gedicht ‘Scheepje
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          varen’, krijgt de lezer tijdens het hardop voorlezen van het gedicht gelijk het beeld van golven voor
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          zich, Vasalis heeft door dit metrum ervoor gezorgd dat er zich een soort rust en golvend gevoel bevindt in het gedicht.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In ‘Parken en woestijnen’ en de latere bundels, dicht Vasalis ook veel over familieleden, voornamelijk
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          haar dementerende moeder, daarnaast is in veel gedichten haar verdriet terug te vinden na de dood van
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          haar zoon (1943) al is deze gebeurtenis natuurlijk nog niet terug te vinden in deze bundel. Hieronder is
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          een gedicht te zien uit ‘De oude Kustlijn’, waar het gaat over de dementerende moeder van Vasalis :
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Is het vandaag of gistren, vraagt mijn moeder,
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           bladstil, gewichtloos drijvend op haar witte bed.
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Altijd vandaag, zeg ik. Ze glimlacht vaag
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           en zegt: zijn we in Roden of Den Haag?
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Vasalis haalt haar inspiratie dus eigenlijk uit haar leven, haar gevoelens, de natuur én daarnaast ook
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          nog haar dierbaren. Wanneer je goed bestudeert in welke periode van haar leven het gedicht is
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          geschreven, is goed te verklaren waar ze over gaan en dit maakt ieder gedicht nóg mooier. Haar
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          gedichten zijn traditioneel en bevatten veel beeldspraak en metaforen met natuurelementen. Iedere
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          bundel heeft bij Vasalis zijn eigen karakter, in ‘Parken en woestijnen’ schrijft Vasalis vooral veel over
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          de dood in een dromerige manier, maar ze is hier duidelijk jonger met minder levenservaring: haar
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          gedichten zijn lichter en hoopvoller dan de gedichten in de volgende bundels. Kortom,‘Parken en
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Woestijnen’ is net een dagboek vol gevoelens en verdriet, die ondanks de zware onderwerpen nog
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          steeds overkomt als een droom in plaats van een nachtmerrie.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vasalis.png" length="20802" type="image/png" />
      <pubDate>Wed, 14 Apr 2021 08:21:57 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/net-een-dagboek-vol-gedichten</guid>
      <g-custom:tags type="string">Parken en woestijnen,essays,Net een dagboek vol gedichten,essays leerlingen,essays van leerlingen,Vasalis,Anna Willemse</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vasalis.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/Vasalis.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een wanhopige greep naar het antiboek</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-wanhopige-greep-naar-het-antiboek</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
                    
          Een wanhopige greep naar het antiboek
         
                  &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
                      
           Bespreking van ‘Kamers antikamers’ van Niña Weijers
          
                    &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/kamers+antikamers.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          “Ik liep iets dichterbij, het pad af, het zompige bladerdek in waar de rat zojuist onder vandaan was geschoten. Niets aan het huis was uit het lood, alle hoeken waren een keurige negentig graden, de dakgoten liepen aan weerszijden smal en steil naar beneden. En hoewel ik het huis in zijn geheel zag, voor het eerst in zijn geheel kon zien, en ondanks de symmetrie, alle rechte lijnen en hoeken, had ik al tijdens het kijken moeite te onthouden hoe het eruitzag. Het was overduidelijk een geheel, het onderscheidde zich niet alleen van de aangrenzende huizen maar leek zich er actief tegen af te zetten, zoals het zich ook actief leek te verzetten tegen mijn blik, tegen mijn idee over wat het geheel was, terwijl het tegelijkertijd deed alsof het zich prijsgaf, alsof het was zoals ieder ander huis, en het gevoel bekroop me dat het terugkeek (die holle medaillons, blind maar ziend), me op de een of andere manier doorhad en me aan een onzichtbaar touw naar zich toe trok.” Deze observatie van een ik-persoon valt ergens halverwege de roman ‘Kamers antikamers’ van Niña Weijers bijna samen met de ervaring van een lezer die vat probeert te krijgen op het boek, alsof het een geheel is. Ik gebruik hier met opzet ‘een ik-persoon’ en ‘een lezer’, omdat het volstrekt onduidelijk is of de ik-persoon uit het fragment wel ‘dé ik-persoon’ is uit deze roman, en of ik mijzelf wel ‘dé lezer’ mag noemen. In die zin werpt deze nieuwe roman van Weijers wel wat interessante vragen op.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het mooie van het fragment hierboven is, dat het op een of andere manier de opzet van de roman lijkt te weerspiegelen. Hoewel het boek traditioneel gepresenteerd wordt in een doodnormale kaft – met overigens een prachtige afbeelding van een wat schimmige kamer waarin je door een raam nog wat onduidelijks opvangt van buiten, het raam spiegelt op de muur, en de spiegel weliswaar recht voor je lijkt te staan, maar toch niet de waarnemer spiegelt – waarop nota bene door de uitgever ‘roman’ is gedrukt. Het is de vraag of Weijers’ constructie door de uitgever alsnog in het keurslijf van een ‘roman’ is geperst, aangezien er ook steeds wat strubbelingen worden beschreven met een ‘redactrice’ die nogal wat kritiek lijkt te hebben op het manuscript. Aan alle kanten probeert het boek zich los te wrikken uit het idee van een ‘standaardroman’, als die al bestaat. Het boek wil geen geheel zijn. Personages staan in dit werk niet vast, lopen in elkaar over en lijken niet altijd met zichzelf synchroon te lopen, omdat ze deels nog verzonnen worden of halverwege toch nog aangepast. Hetzelfde geldt voor de tijd waarvan niet alleen de chronologie doorbroken wordt, maar die op zichzelf geproblematiseerd wordt.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Er zijn nog veel meer observaties van personages die de ongrijpbaarheid van de werkelijkheid spiegelen. Als je er oog voor hebt, kom je er om de paar bladzijdes wel weer een tegen. Daardoor krijgt het boek ook iets wanhopig krampachtigs, juist omdat het zo erg zijn best doet om zich af te zetten tegen een ‘gewoon boek’. Af en toe krijg je bijna medelijden met het verhaal en misschien ook met de auteur, zoals je ook medelijden kunt hebben met mensen die per se ‘niet burgerlijk’ of ‘niet elitair’ of wat dan ook willen zijn. Dat Weijers prachtig kan schrijven, is duidelijk, en daarom is het eigenlijk jammer dat ze de constructie van het boek zo gekunsteld maakt dat de lezer zich er moeilijk aan kan overgeven. Nu lees je van fragment naar fragment waarvan je zo nu en dan denkt ‘dat is mooi, of ‘pff, wat overdreven’. Zo wordt ergens een geluidsingenieur beschreven als een ‘slechte verteller, duidelijk niet gewend aan monologen. Hij liet lange pauzes vallen, verbrokkelde zijn zinnen, maakte ze niet af, sprong van de hak op de tak en voegde steeds weer informatie toe aan eerder vermelde gebeurtenissen. Naar hem luisteren was als de brokstukken van een vliegtuig bij elkaar rapen na een crash, in een poging te herleiden wat het ongeluk had veroorzaakt. (Dat ik het verhaal hier navertel, ingekort en voorzien van enige chronologie; dat ik mijn eigen stem over zijn stem leg, is in het licht van het vertelde even passend als ironisch, al geldt dat voor ieder verhaal dat ooit is afgepakt, onherkenbaar vervormd naar eigen beeltenis – ieder verhaal dus, in feite.)’ Zo krijgt de lezer van ‘Kamers antikamers’ ook brokstukken voorgeschoteld zonder dat er iemand is die er een geheel van maakt. Dat moet je zelf doen als lezer. Het beeld van de brokstukken van een vliegtuig in vergelijking met de delen van een verhaal is hier zo dramatisch dat je zou denken dat het grappig bedoeld is, maar door het deel tussen haakjes, waarin de ik een metapositie inneemt en de beeldspraak ook betrekking op het boek zelf lijkt te hebben, roept het tegelijkertijd ergernis op, omdat de poging tot het doorbreken van een ‘gewoon verhaal’ zo serieus genomen wordt en nergens geïroniseerd. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Al direct aan het begin van het verhaal vraagt een personage zich af of zij een boek over ‘kalm geluk’ zou kunnen schrijven. Een ik is dan in gesprek met een bijna-dove schrijfster. Deze schrijfster vraagt vervolgens aan de ik of ze wel een rode draad heeft ‘die de boel bijeenhoudt’. Meteen aan het begin van het boek wordt dus al die metapositie ten opzichte van het boek zelf ingenomen. De ik antwoordt dan ‘M’, die inderdaad als personage steeds terugkomt in het verhaal. Omdat dit wel een al te opzichtige aanwijzing voor de lezer zou zijn, als ‘M’ inderdaad het verhaal bijeen zou houden, is het vooral geen verrassing dat ‘M’ helemaal geen houvast biedt, omdat het geen vaststaand personage is, maar gedurende het verhaal voortdurend van persoon lijkt te veranderen. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Er zijn best wat terugkerende elementen, zoals de hond die steeds terugkomt, en de overburen bij wie ze naar binnen kunnen kijken en bij wie alles heel netjes en geordend lijkt te lopen, in tegenstelling tot de ‘eigen situatie’ die een ingewikkelde kluwen van opeenvolgende relaties lijkt te zijn. Er komt een weinig positief beeld van de mens in het boek naar voren: de ‘ikken’ zijn veelal op zichzelf gericht en geven de ander weinig ruimte. Vooral de eigen behoeftes moeten bevredigd worden en als daar allemaal verschillende mensen voor nodig zijn, dan wordt daar vooral gebruik van gemaakt. Personages stappen moeiteloos over van man naar vrouw en schuwen in hun seksfantasieën vooral geen perverse rolpatronen zoals het ‘slavinnetje’, waarbij dan nog wel even vermeld staat dat het niet ‘politiek correct’ is, alsof dat het minder pervers maakt. Wat dat betreft vormt het boek wel een geheel van zelfzuchtige wezens die soms wel doen alsof ze de ander willen begrijpen, maar in die poging vooral zichzelf belangrijk vinden, zoals het boek zelf ook bepaald niet ‘bescheiden’ is, maar zichzelf voortdurend onder de aandacht brengt: kijk mij eens een origineel boek zijn!
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Overal waar je als lezer houvast zoekt, brokkelt het verhaal af. Zo staat direct achter het fragment over het huis dat zich weliswaar als geheel presenteert, maar het toch niet blijkt te zijn: ‘Om er niet aan toe te geven liep ik nog een ronde, al leek mijn actieradius nu beperkt. Misschien moest ik het opvatten als een spel waarvan ik de regels maar langzaam ontdekte.’ ‘Kamers antikamers’ is een constructie, een spel met regels. De auteur geeft aan het begin al zoveel aanwijzingen dat je geen houvast zult vinden, dat je als lezer ook helemaal niet meer op zoek gaat naar houvast. Je weet bij voorbaat al dat je aan het lezen bent in een boek dat een ‘antiboek’ wil zijn en dat verveelt, omdat het voorspelbaar is. Het doet verlangen naar die ‘gewone’ kamer aan de overkant, waar alles ogenschijnlijk ‘kalm gelukkig’ is, maar waar een wereld aan raadsels onder kan liggen, waar alle ‘gewone grote schrijvers van alle tijden’ prachtige, meeslepende verhalen over kunnen schrijven, zonder hun toevlucht te hoeven nemen tot wanhopig geknutsel dat niet beklijft.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/kamers+antikamers.jpg" length="34255" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 12 Apr 2021 08:36:47 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-wanhopige-greep-naar-het-antiboek</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Niña Weijers,Kamers antikamers</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/kamers+antikamers.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/kamers+antikamers.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Salomé Henriette Constance Atabong. Dat ben ik’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/salome-henriette-constance-atabong-dat-ben-ik</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
                    
          ‘Salomé Henriette Constance Atabong. Dat ben ik’
         
                  &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
                        
            Bespreking van 'Confrontaties' van Simone Atangana Bekono
           
                      &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/confrontaties.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
                  
         Het debuut van Simone Atangana Bekono, ‘Confrontaties’, begint met een confrontatie op het veldje dat de gymzaal van groep zeven of acht scheidt van het asielzoekerscentrum. Een paar jongens gooien muntjes naar een zwarte man achter het hek en roepen ‘Pak dan, pak dan’. Een meisje vraagt waarom ze dat doen. De jongens zeggen lachend dat hij toch geld nodig heeft. De ik-persoon, Salomé Atabong, kijkt toe en hoopt dat de man de muntjes niet opraapt. Terwijl de rest al lachend achter de juf naar school loopt, blijft zij nog even staan en kijkt de man aan. Hij draait zich om en loopt, zonder de muntjes op te rapen, weg. Met deze eerste confrontatie is meteen duidelijk hoe dun de scheiding is tussen racisme, pesten en eventueel goede bedoelingen, maar vooral ook hoe makkelijk mensen zich kunnen verschuilen achter die goede bedoelingen en daarmee vrijuit lijken te gaan, en hoe dit gemak zich al op jonge leeftijd manifesteert. Als je, net als Salomé Atabong, zelf aanhoudend op deze scheidslijn balanceert, omdat je huid donker is en je een afrokapsel hebt, is het leven een keten van confrontaties, die uiteindelijk kunnen leiden tot een explosie. Simone Atangana Bekono laat op een indringende manier zien hoe zich stukje bij beetje een drama voltrekt in het leven van de zestienjarig Salomé.
         
                  &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Salomé zit vast in een jeugddetentiecentrum, omdat ze op een middag twee schoolgenoten ernstig heeft mishandeld. Tot overmaat van ramp herkent ze haar psycholoog, Frits, van een tv-programma waarbij Nederlanders in Afrika proberen te leven als de lokale bevolking, wat erop neerkomt dat ze deze mensen vooral belachelijk aan het maken zijn. Salomé krijgt diverse woedeaanvallen, omdat het voor haar onmogelijk is met deze man haar problemen te bespreken. Dat Frits, met deze televisieachtergrond, psycholoog is in een jeugddetentiecentrum is misschien niet helemaal geloofwaardig, maar als je bedenkt hoeveel kijkers zulke programma’s trekken en hoeveel mensen zonder gewetensnood daarom kunnen lachen, is het wel duidelijk hoe ‘normaal’ dit gedrag in onze samenleving gevonden wordt, net als bij de confrontatie van de schoolklas met de asielzoeker, en hoe onbegrepen een meisje als Salomé zich dan moet voelen bij een witte man van wie het volstrekt onduidelijk is of hij wel betrouwbaar is, terwijl zij zich hier juist veilig zou moeten voelen.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Terwijl de dagen in het centrum voorbijkruipen, probeert Salomé zich in te houden bij de verschillende ruzies tussen de andere jongeren en begeleiders, zodat ze wel vooruitgang boekt en er kans op ‘rehabilitatie’ is. Deze term wordt overigens vlijmscherp bekritiseerd, want letterlijk betekent het dat je weer teruggaat naar waar je vandaan komt, en dat is onmogelijk als je iets vreselijks hebt gedaan, want je kunt dat nooit meer ongedaan maken en je zult dat dus altijd bij je dragen en nooit meer terug kunnen naar de situatie van daarvoor. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Je krijgt ook niet alleen het leven in het centrum mee, maar ook diverse terugblikken naar vroeger, haar gezin met vader, moeder en zus, met wie ze via de telefoon of tijdens bezoekuren nog wel contact heeft, de reis naar Kameroen naar haar tante Céleste en oom Honoré. Salomé blijkt een verlegen en gevoelig meisje dat niet helemaal in de pas lijkt te lopen met de rest. Zij is intelligent, leest heel graag, trekt zich het liefst terug, heeft eczeem en kroeshaar dat alleen maar met behoorlijk geweld en olie in vlechten gekamd kan worden. Wat dat betreft staat het haar bijna symbool voor de situatie waarin het meisje zit. Ze begrijpt niet waarom het haar niet gewoon zo mag zijn zoals het uit zichzelf valt, waarom het gevlochten moet worden. Het haar is ook aanleiding voor anderen om haar ‘aap’ te noemen, maar ook voor een vriendelijke voorbijganger om ‘welkom in Nederland’ tegen haar te zeggen, terwijl zij hier al haar hele leven heeft gewoond. Op het gymnasium is zij een van de weinigen met een andere culturele achtergrond. Je hebt maar twee mensen nodig die er plezier aan beleven om je het leven zuur te maken, zegt ze, en het schoolgaan wordt een ware hel. Twee jongens, Salvatore en Paul, hebben het voortdurend op haar gemunt, en elke dag is ze bang dat zij haar vinden. Haar vader heeft in de schuur een boksbal opgehangen om haar weerbaar te maken en zo ontwikkelt ze een enorme kracht. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het boek krijgt een beklemmende gelaagdheid door de angst- en koortsdromen die Salomé heeft, waarin een vrouw met bloedende ogen en enorme zwarte vleugels wild krijst als een Furie. Ze doet haar denken aan Medusa. Vanaf het moment dat ze terugkwam van de reis naar Kameroen, had ze ‘het gevoel alsof de raarste beelden aan elkaar verbonden raakten, beelden die niks met elkaar te maken leken te hebben.’ Dit leidt steeds vaker tot een poëtische kluwen van zinnen waarin herinnering, droom en werkelijkheid door elkaar kronkelen: ‘motherfuckers nee/ want ik had het bloed in mijn mond het bloed tussen mijn tanden en toen kreeg ik pas echt met het ijzer en het bloed en de vuisten de smaak de kracht de wind is guur en ik heb een stok in mijn hand zie alles duidelijk de afstanden de kleuren en hoe alles zich tot elkaar verhoudt./Je moet met elke slag een stap naar voren doen, zei papa, alsof je dóór je vijand heen slaat./Het zijn een mond en een vuist en ze zoenen./Het is heerlijk./Ik ben vrolijk en wakker en zie alles. Het is licht en koud en ik ben wakker het gekrijs. Ik sta in de wereld ik ben naakt in de woestijn ik ben gigantisch licht ik ben wakker ik krijs met ellebogen zwemmend in vlees./Ik besluip niemand, maar het gevecht is stil. Er is niets zo stil als drie lichamen die botsen in een weiland aan de rand van de provinciale weg (...)’ Hier zie je ook hoe de taal voor elkaar krijgt dat je de mens gaat zien als een vloeibaar geheel dat kolkend kan overkoken als er allerlei gevaarlijke grondstoffen aan toegevoegd worden.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Simone Atangana Bekono opent de ogen van de lezer voor hoe ingewikkeld het is om volwassen te worden in zo’n ingewikkelde situatie, waarbij je je voortdurend moet afvragen wie je bent, of je wel mag zijn wie je bent, of je je moet aanpassen en hoe je dat dan moet doen, omdat je voortdurend van alle kanten tegenstrijdige signalen krijgt. Het is een boek dat ook heel geschikt is om leerlingen met allerlei verschillende achtergronden te laten lezen en het te bespreken op school. De auteur zet Salomé Atabong zo zuiver neer, met alle woede-uitbarstingen, tegenstrijdige gedachten en af en toe behoorlijk grove taal, dat je haar als lezer wel in je hart moet sluiten.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Titel: Confrontaties
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Auteur: Simone Atangana Bekono
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Uitgeverij: Lebowski Publishers
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Aantal pagina’s: 224
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          2020
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/confrontaties.jpg" length="43052" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 04 Apr 2021 13:55:25 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/salome-henriette-constance-atabong-dat-ben-ik</guid>
      <g-custom:tags type="string">Simone Atangana Bekono,essays,Bekono,Atangana,Confrontaties</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/confrontaties.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/confrontaties.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Registers open en zie daar</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/registers-open-en-zie-daar</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;font&gt;&#xD;
    
                    
          'Registers open en zie daar'
         
                  &#xD;
  &lt;/font&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;font&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/font&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;font&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
                        
            Bespreking van 'De nachtstemmer' van Maarten 't Hart
           
                      &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/font&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+nachtstemmer.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
                  
         In ‘De nachtstemmer’ trekt Maarten ’t Hart meerdere registers open. Zo wordt de lezer niet alleen getrakteerd op een tragikomisch liefdesverhaal, maar ook op allerlei interessante weetjes over de kunst van het orgelstemmen, klassieke muziek, de bijbel en bijbelvertalingen. Het is een vermakelijk boek dat regelmatig een glimlach bij de lezer ontlokt, maar soms ook een kleine frons.
         
                  &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het verhaal begint met een vrij droog motto: een fragment uit een werk van A.P. Oosterhof en A. Bouwman over orgelbouwkunde. Toch staan daar allerlei essentiële elementen in, die in het verhaal een belangrijke rol spelen: ‘Het stemmen van een pijporgel is een moeizaam werk, dat een scherp gehoord, omzichtigheid, spierbeheersing, logisch denken, zin voor praktisch handelen en bij dit alles geduld en uithoudingsvermogen van een stemmer vergt. Alleen in een ruimte waar het volkomen stil is en met een vaardige helper bij de klavieren kan hij zijn taak naar behoren verrichten en bij een groot orgel en gunstige klimaatomstandigheden ook voldoening hebben van zijn werk.’ 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het verhaal gaat over de orgelstemmer Gabriel Pottjewijd, die in een dorp dat niet bij name wordt genoemd, maar zeer waarschijnlijk Maassluis is, het Garrelsorgel van de Groote Kerk gaat stemmen. Daarvoor logeert hij in het Zeemanshuis. De eigenschappen die in het motto genoemd worden, zijn inderdaad allemaal eigenschappen waarover Gabriel beschikt. In het dorp ontmoet hij de dochter van de Braziliaanse Gracinha, het meisje Lanna, dat hem kan helpen met het indrukken van de toetsen. Men zegt dat zij geestelijk gehandicapt is, maar zij blijkt bij nader inzien ook over veel eigenschappen uit bovengenoemd motto te beschikken, waaruit Gabriel concludeert dat zij allesbehalve ‘debiel’ is. Vooral haar uithoudingsvermogen valt in eerste instantie op, omdat zij een middag lang alleen toetsen kan indrukken, zonder dat het haar verveelt. De broer van Gabriel is psychiater en oppert – als Gabriel hem aan de telefoon heeft – dat het meisje wel eens autistisch zou kunnen zijn, omdat ze uitblinkt in haar feilloze gehoor en eentonig werk kan doen, zonder verveeld te raken. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Als Gabriel de eerste avond in het Zeemanshuis doorbrengt, maakt hij kennis met een bijbelgroep, waarmee hij op een vermakelijke manier in gesprek raakt. Zij bespreken het bijbelverhaal van Bileam en de sprekende ezel. Geen van de aanwezigen heeft het over het feit dat het misschien wat vreemd is dat Bileam het vanzelfsprekend vindt dat de ezel kan praten. Door het gesprek tussen Gabriel en de leden van de bijbelgroep maakt de lezer meteen kennis met de scherpzinnigheid van Gabriel en zijn grote kennis van de bijbel. Verderop in het boek blijkt dat Gabriel de bijbel niet alleen van voor naar achteren kent, doordat hij met de bijbel is opgevoed, maar ook doordat hij de bijbel gebruikt om andere talen te leren. Omdat hij de tekst in het Nederlands zo goed kent, kan hij eenvoudig achterhalen wat er in de andere taal staat. Overigens kocht hij de vertalingen vooral om indruk te maken op een vrouw. Zo was zijn – inmiddels overleden – vrouw Lore een Duitse en om Duits te leren had hij dus een Duitse bijbelvertaling gekocht. Omdat Gabriel inmiddels zo veel vertalingen heeft gelezen, is hij erachter gekomen dat vertalingen lang niet altijd zo nauwkeurig zijn en vooral wat ‘aanrommelen’ op het gebied van gesteenten, dieren en muziekinstrumenten, alsof de vertalers niet de moeite hebben genomen zich in deze materie te verdiepen alvorens een goede vertaling te geven.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Als Gabriel samenwerkt met Lanna, worden zij altijd nauwlettend in de gaten gehouden door haar oogverblindende moeder Gracinha, weduwe van een kapitein. Gracinha gaat soms als een ‘Xantippe’ tegen hem tekeer, maar nodigt hem vervolgens wel uit voor een tosti en een lekkere soep, en later ook voor heerlijke andere maaltijden. De gesprekken tussen haar en Gabriel zijn aandoenlijk, soms ook hilarisch, vooral als hij haar er steeds op wijst dat ze het woordje ‘er’ moet gebruiken: ‘ “Nou, hier doen ze niks anders, zijn hele dag op uit je foppen en stangen, willen je altijd tussen nemen. Is lust in hun leven.” “Daar heb je ’t weer, zijn ér de hele dag op uit je te foppen, willen je ertussen nemen. Maar als ze er steeds op uit zijn je te foppen,  dan fop je toch terug?” “Kan ik niet, ben te serieus, heb totaal niks gevoel voor humor, ik kan eigenlijk niks, alleen maar eten koken, ik ga er toetje maken.” “Nee, daar geen ‘er’, maar wel een lidwoord, ik ga hét toetje maken.” “Ja, weet ik wel, maar niet erg als je weglaat.” “Nee, maar dan hoor je wel meteen dat je geen Nederlandse bent (...)” 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Gracinha is bijzonder gecharmeerd van Gabriel, niet omdat ze hem aantrekkelijk vindt, want zij vindt hem ‘saai’ en niet ‘sexy’, maar omdat hij haar dochter voor vol aanziet, in tegenstelling tot haar dorpsgenoten. Zij komt met het idee dat Lanna misschien van hem het vak kan leren. Gabriel heeft daar wel vertrouwen in, al is hij bang voor de reacties van buitenstaanders. Omdat Gracinha een alleenstaande, bloedmooie vrouw is, wordt Gabriels omgang met haar met argusogen bekeken door het mannelijk volk. Hij krijgt een dreigbrief en daarna allerlei geheimzinnige waarschuwingen. Omdat Gabriel allesbehalve een held is, maar ook een Einzelgänger, is het lastig om als lezer deze bedreigingen serieus te nemen. Het is net of de verteller je in het ootje neemt. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          In het hele boek voel je het plezier van ’t Hart in het schrijven, maar ook zijn liefde voor de kunst, voor het orgel, klassieke muziek en de bijbel. In deze roman is de plot eigenlijk ondergeschikt aan dit plezier en deze liefde, alsof de auteur er en passant nog een leuk verhaal omheen heeft verzonnen waar het eigenlijk niet om draait. Dat verhaal wordt op een gegeven moment ook tamelijk bizar en ongeloofwaardig. Toch neem je dat als lezer voor lief, omdat het voelt als een knipoog. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Ruimtes zijn in ‘De nachtstemmer’ vol betekenis. Het belang van de stilte die nodig is voor het orgelstemmen, waarnaar in het motto al wordt verwezen, komt regelmatig terug in het boek, ook op spannende momenten dat Gabriel alleen in een doodstille kerk denkt te zijn en toch iemand hoort ademhalen. Hij moet daarnaast zijn werk regelmatig onderbreken door het lawaai van allerlei werkzaamheden in de haven, zoals rinkelende ankerkettingen, klinkhamers en gierende pneumatische boren. Al die geluiden klinken niet voor niets mee in een verhaal dat voor een groot deel gaat over ‘afstemmen’.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het is jammer dat ’t Hart af en toe de neiging heeft om mooie onderliggende patronen die een ervaren lezer zonder probleem meekrijgt, nog eens uit te leggen. Zo vergelijkt Gabriel diverse zaken uit het gewone leven met het orgelstemmen. Dan is het jammer als hij dominee Berenschot laat zeggen: ‘(...) maar ik vind het wel verhelderend dat u de geloofsafval vergelijkt met hangers in een kerkorgel. Ach ja, u ziet natuurlijk beroepshalve het hele leven via de omweg van het kerkorgel. Dat is mij de vorige keer reeds opgevallen. Mooie metafoor, geloofsafval is als het verval van een kerkorgel.’ Het is niet fijn om als lezer de metaforen die echt niet zo verstopt zaten, door een dominee uit het verhaal uitgelegd te krijgen.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Al met al is ‘De nachtstemmer’ een vermakelijk boek met veel wetenswaardigheden. Ook werpt het een kritische blik op de samenleving, waarin de Einzelgänger meer oog voor zijn medemens lijkt te hebben dan de massa, die een waarschijnlijk autistisch meisje als geestelijk gehandicapt bestempelt. Of dat nog helemaal van deze tijd is, is de vraag. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Titel: De nachtstemmer
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Auteur: Maarten ’t Hart
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Uitgeverij: De Arbeiderspers
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Aantal pagina’s: 315
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          2019
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+nachtstemmer.jpg" length="9317" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 31 Mar 2021 07:27:03 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/registers-open-en-zie-daar</guid>
      <g-custom:tags type="string">'t Hart,essays,De nachtstemmer,Registers open en zie daar,Maarten 't Hart,nachtstemmer</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+nachtstemmer.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+nachtstemmer.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Als een lopend vuur</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/als-een-lopend-vuur</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
                    
          Als een lopend vuur
         
                  &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
                          
             Bespreking van 'Orewoet' van Emy Koopman
            
                        &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/orewoet.jpeg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
                  
         De bijzondere titel van de roman ‘Orewoet’ van Emy Koopman verwijst naar de dertiende-eeuwse mystica Hadewijch, die dit geheimzinnige woord gebruikte, in betekenis van ‘geestelijke gloed’, ‘vuur’, ‘extase’. In deze roman wordt het stukje bij beetje duidelijk wie zich precies in dit vuur bevindt en waarom.
         
                  &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          De ik-persoon is de zestienjarige zoon van de alleenstaande Agatha. Hij is een wat teruggetrokken puber en wordt door zijn moeder meegenomen naar de begrafenis van een zekere Lucas Brandmeester. Als hij de foto op de grafkist ziet, ziet hij een oudere versie van zichzelf. Op dat moment realiseert hij zich pas dat hij de begrafenis van zijn eigen vader bijwoont. Dit is misschien ook het eerste moment dat een innerlijk vuur ontvlamt, een mengeling van woede, verdriet en eenzaamheid. Hij wendt zich af van zijn moeder en zoekt contact met Diederik Stegman, een vriend van Lucas, die op de begrafenis heeft gesproken.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Hij komt erachter dat Lucas een groot kunstenaar was en zelf een einde aan zijn leven heeft gemaakt. Als hij zich in zijn eenzaamheid verloren loopt in de stad, verzamelt hij in een winkelkarretje allemaal troep die aan de straat staat en die hij nog wel kan gebruiken om iets van te maken. In de tuin begint hij aan een soort hut.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het perspectief wisselt als je de brief van Diederik aan May (de moeder van de ik-persoon) 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          leest. Diederik blijkt een meester te zijn in het vervalsen van handschriften. Hij blijkt ook die van de mystica Hadewijch te hebben vervalst. Terwijl Lucas de grote liefde was voor May, was May die voor Diederik, die echter hopeloos in de schaduw van Lucas bleef staan.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Langzaamaan wordt duidelijk hoe een innerlijk vuur diverse personages in de greep heeft en hoe eenzaam en machteloos zij zich daarin voelen. Koopman heeft zich goed ingeleefd in de nonchalante, zestienjarige jongen, voor wie de wereld – pubereigen- vooral om hem draait, gelet bijvoorbeeld op de plek van het persoonlijk voornaamwoord ‘ik’: ‘Aan het uiteinde van de vijfde rij zaten ik en Agatha. De meeste stoelen achter ons waren leeg, op wat afgetrapte mannen en wat meisjes in strakke jurken na. Eentje, zo’n vier meter verderop, leek net die actrice uit ‘Scream’, Neve Campbell. Ze had te veel inkijk om te kunnen negeren. Ik probeerde nog eens sneaky achterom te kijken, maar dat lukte me niet zonder m’n hoofd helemaal te draaien. Neve Campbell keek op. Verontschuldigend lachte ik in haar algemene richting, om me snel weer om te draaien, voordat de zweethitte zou toeslaan. Toch zag ik het nog, dat zij naar mij keek alsof ik hier de acteur-look-a-like was, haar ogen tot spleetjes geknepen. Kon ik haar ergens van kennen? Dat kon ik haar onmogelijk vragen, als ik het al durfde – het is de slechtst mogelijke versierzin volgens Dave. Zat er iets geks op m’n gezicht, had ik ineens alsnog puistjes gekregen? Ik wreef over mijn neus, haalde mijn hand langs mijn wangen, voelde niks geks. Er klonk muziek; iets instrumentaals, modern klassiek, als dat een term is, iets met klanken die zich steeds herhaalden en maar nauwelijks een melodie wilden vormen.’ De beschrijving is niet helemaal vrij van clichés, zoals de puistjes waarmee de puber altijd zou moeten worstelen, kennelijk zelfs als hij die niet heeft.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het is mooi om te zien hoe een titel als een vuur om zich heen slaat, dwars door alle personages heen. Door de afwisseling van perspectieven van de ik-persoon, de brief van Diederik en de dagboekfragmenten van May/Agatha wordt er ook spanning opgebouwd. Er blijkt een dunne scheidslijn tussen liefde en waanzin. Hoewel psychische aandoeningen zich wel vaker pas manifesteren in de puberteit, zeker als zich een heftige situatie voortdoet, zit er ergens toch iets ongeloofwaardigs in het verhaal, alsof het vuur zich net iets te snel verspreidt.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Titel: Orewoet
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Auteur: Emy Koopman
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Uitgeverij: Prometheus
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Pagina’s: 280
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          ISBN: 9789044628630 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          2016
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/orewoet.jpeg" length="88254" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 31 Mar 2021 07:22:41 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/als-een-lopend-vuur</guid>
      <g-custom:tags type="string">Emy Koopman,essays,Als een lopend vuur,orewoet,Koopman</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/orewoet.jpeg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp.cdn-website.com/7a65f813/dms3rep/multi/orewoet.jpeg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>‘Als dit de werkelijkheid niet is, waarom laat je de niet werkelijke dingen je dan zo raken?’</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/als-dit-de-werkelijkheid-niet-is-waarom-laat-je-de-niet-werkelijke-dingen-je-dan-zo-raken</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Als dit de werkelijkheid niet is, waarom laat je de niet werkelijke dingen je dan zo raken?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;font&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Bespreking van 'Het tegenovergestelde van een mens' van Lieke Marsman
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/font&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;font&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Dietske Geerlings
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/font&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         De roman ‘het tegenovergestelde van een mens’ van Lieke Marsman begint met ‘een ochtend’: ‘deze ochtend/die een bedreigende tijdloosheid/uitstraalt/alsof er vernomen moet worden/dat deze zomer sinds 1986/dezelfde is/alsof het mogelijk is iets aan te wijzen/voor langer dan een seconde/dit licht/dat uit het verleden lijkt te komen/alsof er daar iemand een spiegel vasthoudt/en het naar ons toe kaatst, licht/en diezelfde spiegel/die onbeholpen probeert/dat licht vast te houden/maar het rent weg (...)’. Het is prettig om meteen aan het begin van een roman poëzie in te rollen, vooralsnog geen hoofdletters en leestekens, alleen woorden die het betrekkelijke en vluchtige van een moment proberen te vangen, want wat is nu een ochtend? Schrijven is wellicht een manier om een ochtend te vangen, en een roman een vorm van ‘oneindige regressie:/spiegel en spiegel/mens en mens’. 
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De hoofdpersoon Ida, die vanuit de studie politicologie, via Future Planet Studies uiteindelijk in de master Aardwetenschappen belandt, ontmoet de vrouw Robin op een verjaardag van een gemeenschappelijke vriend en wordt verliefd op haar: ‘Ik ben van plan de rest van mijn leven met haar door te brengen, maar dat durf ik nog niet te zeggen.’ In de loop van het boek worden steeds kleine stukjes van deze relatie blootgelegd. De vrouwen verschillen erg. Ida plaatst Robin op een voetstuk: ‘Ik voel iets voor iemand, en hup, daar staat ze, hoog op het witte marmer. Opeens krijgt alles wat ze zegt betekenis, ook als ze domme dingen zegt, zichzelf tegenspreekt of e-mails vol taalfouten stuurt. Ik wurm mezelf in de raarste mentale posities om eventuele incoherenties in een positief daglicht te plaatsen, maar weet je wat het stomme is? Ik ben het voetstuk. Iemand op een voetstuk plaatsen wil zeggen: diegene boven jezelf plaatsen, maar wel binnen handbereik (zonder voetstuk geen standbeeld: zonder mij geen jou).’ 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Behalve de relatie tussen Ida en Robin is ook klimaatverandering een rode draad door het boek. Ida gaat voor een stage naar Italië, bij een instituut dat klimaatverandering in de Alpen onderzoekt. Het project betreft de verwijdering van een stuwdam. De twee thema’s grijpen op een subtiele manier in elkaar en dat komt ook door de experimentele opbouw. Het boek bevat meerdere delen, maar ook veel poëzie, dagboekfragmenten, herinneringen, dialogen, quiz-vragen, kleine ruzies, citaten van andere auteurs en filosofische bespiegelingen. Het een roept het andere op. Een gesprek met de onderzoekster Chiara, die pertinent beweert dat de opwarming van de aarde het eerst voor Nederland en Florida desastreuze gevolgen zal hebben, roept angst op. Op het gesprek volgt direct een filosofische bespiegeling over hoop en angst en vervolgens over alleen angst. De opmerking van Robin dat zij beiden eigenlijk wel heel erg verschillend zijn, roept een prachtig stukje op over verschillen. De gedachte dat Robin heel erg van de zee houdt, roept door alle gedachten over klimaatverandering onbewust gevaar op, omdat de zee ook een bedreiging kan zijn. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De filosofische stukjes zijn zo luchtig geschreven, alsof je zelf aan het denken bent, en dat klopt natuurlijk ook, want terwijl je leest, zijn het ook jouw gedachten. Het gevoel dat de stem binnen in jezelf zit, komt natuurlijk ook door het ik-perspectief, maar het wordt versterkt, omdat het vragen oproept die jouzelf ook aan het denken zetten, waardoor wat je leest en wat je denkt op een wonderlijke manier in elkaar grijpen, waardoor je bijna zelf de ervaring van het ‘scheppen’ hebt.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het boek verveelt geen moment, omdat grote filosofische vraagstukken afgewisseld worden door alledaagse gesprekken en observaties. Marsman zet niet alleen de wereld van haar personages op z’n kop, maar ook die van de lezer. Steeds komt er weer een nieuwe invalshoek van waaruit je het leven, de wereld en de mens kunt bezien. Uit fragmenten bouwt zij subtiel misschien wel het tegenovergestelde van een mens. Dat de naamstam van ‘Ida’ ‘scheppend’ betekent, is in dit opzicht veelzeggend. In hoofdstuk 28 schrijft ze dat nog maar weinig mensen geloven in het bestaan van een ziel en dat we toch blijven vasthouden aan het idee dat ieder mens één kern heeft en de verwachting dat het zelfidentieke bewustzijn van de mens consequent en consistent is, wat het onmogelijk maakt om een persoon paradoxale eigenschappen toe te dichten. Toch staat het boek vol tegenstrijdige gevoelens, tegenstellingen die zich juist aan elkaar lijken vast te klampen. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De moeder van Ida vertelde haar vroeger dat de mens door en door slecht was. Dat bracht haar op de volgende gedachte: ‘als mensen slecht waren, en ik wilde goed zijn, dan moest ik ervoor zorgen dat ik het tegenovergestelde van een mens was’. Eerst probeerde ze dat door op haar handen te lopen en later ‘door dagenlang zo min mogelijk te zeggen bijvoorbeeld, terwijl ik eigenlijk heel graag bij alles mijn mening wilde verkondigen, of door juist de hele tijd te zegen hoe leuk ik het allemaal vond en hoe gelukkig ik was, terwijl ik eigenlijk in diepe rouw was over het feit dat ik bestond.’
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Tussen de prachtige regels voel je de dreiging, van het water, maar ook van de botsingen tussen Ida en Robin. Het is meesterlijk hoe Lieke Marsman deze dubbele dreiging laat samenkomen in iets onafwendbaars, en zoals je met poëzie het boek in rolt, rol je het ook weer met poëzie uit. Het is een boek dat op heel veel manieren binnenkomt en je aan het denken zet over hoe de mens kwetsbaar in de wereld staat, een wereld die ook zelf aan het wankelen is. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+tegenovergestelde+van+een+mens.jpg" length="73762" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 10 Mar 2021 18:55:50 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/als-dit-de-werkelijkheid-niet-is-waarom-laat-je-de-niet-werkelijke-dingen-je-dan-zo-raken</guid>
      <g-custom:tags type="string">Lieke Marsman,Het tegenovergestelde van een mens,essays,Marsman</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+tegenovergestelde+van+een+mens.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+tegenovergestelde+van+een+mens.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Schrijver, bekommer u om uw personages!</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/schrijver-bekommer-u-om-uw-personages</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      
            
          
                    &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      
           Schrijver, bekommer u om uw personages!
          
                    &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
                        
            Bespreking van 'Klifi' van Adriaan van Dis
           
                      &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Klifi.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
                  
         En zo schudt Adriaan van Dis, ambassadeur van de literatuur, Nederland wakker, met zijn nieuwe, haast pamfletachtige boek ‘Klifi’, over de schrijver Jácob Hemmelbahn, van Hongaarse oorsprong, gehecht aan het streepje op zijn naam – alter ego van Van Dis – die met zijn boek de noodklok wil luiden over de toestand van het land, maar tegengehouden wordt door Poema, die op zijn schouder meeleest en hem wil matigen in zijn felheid. Welke liefhebber van literatuur wil er nu niet weten wat de boodschap is van deze belezen auteur, wiens leven toch altijd in teken heeft gestaan van de wereldliteratuur, die onze ziel verheft en onze ogen opent voor werelden die net iets buiten onze eigen bekrompenheid liggen, die talloze andere auteurs heeft geïnterviewd, en de literatuur zo’n warm hart toedraagt?
         
                  &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het boek valt meteen op door de lay-out: een lettertype zo groot dat zelfs de hypermetropische lezer zijn leesbril niet hoeft te pakken, rode letters en rode schutbladen die – hopelijk ook voor de kleurenblinde? – revolutie roepen, doorgestreepte woorden, schaartjes die stukken tekst eruit willen knippen, en een bonte verzameling van nog vele andere lettertypes, kortom een lust voor het oog van degene die wakker wil blijven tijdens het lezen. Op de voorkant willen de letters al niet in de pas lopen (een vluchtige blik op het boek roept bij een voorbijganger een associatie op met een hakenkruis, maar dat kan zeker niet de bedoeling zijn), maar door de nonchalant gedrukte ondertitel ‘woede in de republiek Nederland’ kruipt er op z’n minst ook wat ironie over de kaft. En ironie is een hoog goed waarvoor elke gedenkwaardige schrijver een lans zou moeten breken!
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het boek is een toekomstroman, al is ‘roman’ misschien niet helemaal het goede woord. Ergens las ik dat Van Dis het zeker geen ‘Van Distopie’ wilde laten zijn, omdat het daar toch te vrolijk voor was geschreven. Dat klopt. De ironie spat van de bladzijdes af. Overigens is dat zeker niet het geval in de drie motto’s, die toch alle drie een noodkreet uiten over onze zwaarbelaste aarde. De kaft komt ook ecologisch verantwoord over, al zegt dat tegenwoordig lang niet alles, want zelfs katoenen broodzakken komen aangevlogen uit een ander werelddeel en belasten de aarde door de katoenteelt. Is er iemand die wil onderzoeken wat de ecologische voetafdruk van ‘Klifi’ is? De Oranjes zijn in elk geval verjaagd en er is een republiek in Nederland met aan de macht een Trumpiaanse president, om maar geen naam te noemen van een Nederlandse politicus die aan deze beschrijving voldoet, die vooral goed is in ontkennen. Daarom wil Jákob Hemmelbahn ook de noodklok luiden voor de watersnood en de vluchtelingen in Nederland.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          In de nieuwe republiek is een NationaleLeesUnie in het leven geroepen, een ‘met veel tamtam opgericht instituut dat lezen moest bevorderen om “de geestelijke én materiële welvaart van het volk” te stimuleren, zij het binnen de grenzen van de nieuwe orde: gezond, vaderlands en krachtig. Vrolijk en opwekkend als het even kon. Geen fatsoenlijk schrijver wilde er iets mee te maken hebben, maar ook wie de LeesUnie negeerde werd erdoor achtervolgd. Niet omdat de censor schrapte – de dreiging was genoeg: de grootste censor was de schrijver zelf. Wilde je uitgegeven worden, dan kon je het spel maar beter meespelen. Halsstarrige schrijvers die voor eigen beheer kozen, verdwenen naar de onderste plank van de toch al kwijnende boekhandel. Voor de webwinkels waren dissidenten geen verdienmodel. De gelijkgeschakelde kranten negeerden dwarsdenkers. Maar Jákob vond zichzelf geen denker, laat staan een dissident, daar was hij te klein voor, te meegaand van aard. Te onbelangrijk. Toch had hij wel wat te vertellen en wilde hij zijn boek koste wat het kost publiceren: een verhaal over ontkenning, woede en opstand.’ In dystopieën, zelfs in de humoristische variant, wordt vaak behoorlijk wat maatschappijkritiek verwerkt. Deze NLU is eigenlijk een misschien iets verder doorgeschoten variant van hoe de uitgevers- en boekenwereld er op dit moment uitziet. Wat geen waargebeurd verhaal is, wordt al gauw afgedaan als ‘literair geneuzel en navelstaren’, want voor een diepere waarheid is het grote publiek stekeblind. Jákob pleit voor engagement in de literatuur, voor sociale betrokkenheid. Het kan bijna niet anders dan dat Van Dis zelf hier aan het woord is. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Op Jákobs schouder zit echter Poema, die pleit voor conformisme en respect voor de president. De spreeuwen fluisteren Jákob in dat hij juist niet moet toegeven, maar Poema moet verleiden. De president wil de denkruimte vernauwen, Jákob wil die juist verruimen. Hij wil zijn verantwoordelijkheid nemen als schrijver, nu solidariteit verdacht is en onfatsoen doorgaat voor eerlijkheid. Hij en zijn vrouw Agnes (verwijzing naar ‘Klaaglied om Agnes’ van de links-progressieve Marnix Gijsen?) verhuizen naar een huis op een hoge terp met uitzicht op rivier en vallei. Net als ze daar wonen, wordt Agnes helaas getroffen door een hersenbloeding en overlijdt. In ‘De Kuil’ beneden hen, dicht langs de rivier woont de Armeense Talétha door wie Jákob behoorlijk gecharmeerd is. Er komt een wrede storm die alleen het huis van Jákob spaart, waardoor het direct wordt ingericht als noodopvang. Terwijl zijn buurman, boer Kees, zich volop inzet om iedereen te redden, ziet Jákob met lede ogen aan hoe zijn huis in beslag wordt genomen, zijn dierbare boekenkasten beduimeld. Hij voelt dat er ook iets van hem wordt verwacht en biedt zijn schrijftafel aan: hij kan helpen de verhalen van de aangespoelde Russen, Hongaren en Bulgaren te vertalen. Hij is immers zelf van Hongaarse oorsprong. Ook kan hij de vermisten in kaart brengen. Als bibliothecaris kan hij ordenen als geen ander. Op dat moment kraait de spreeuw drie keer. Pleegt Jákob hier verraad aan zijn eigen schrijverschap door zich te conformeren aan de vraag van de commandant?
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          In het vervolg lees je hoe Jakob de verhalen van drenkelingen en vermisten in kaart brengt. Er zitten treurige verhalen tussen van een moeder die haar kind mist en een jongen die zijn broer is verloren. Omdat deze drenkelingen zo vluchtig beschreven worden, raken de verhalen niet echt het hart. Ondertussen is hij bang dat ook Talétha in de storm is omgekomen. Zij reageert niet op zijn berichtjes, maar hij blijft hoop houden. Hij houdt haar ‘in leven’ door haar brieven te schrijven. Ondertussen twijfelt hij eraan of hij zijn boek nog moet afmaken. Ironisch genoeg is de lezer zijn boek ondertussen al aan het lezen en ziet hoe onhandig hij is in zijn sociale betrokkenheid. Jákob beseft dat hij een babyboomer is naar wie nogal kritisch wordt gekeken door de jongere generatie. Hij heeft twee flesjes met ‘pentobarbital’ achter de hand, waarmee hij zijn leven kan beëindigen als het allemaal te ernstig wordt. Je ziet hoe gehecht hij is aan zijn grote verzameling ‘waterboeken’. Ondertussen kom je allerlei verwijzingen tegen naar de wereldliteratuur: ‘oktober was een wrede maand geweest’ verwijst naar ‘April is the cruelest month’ uit ‘The waste land’ van T.S. Eliot, ‘eenvouds verlichte waters’ naar Lucebert, ‘Denkend aan Holland’ naar Marsman en talloze andere verwijzingen. Ook achter in het boek verwijst Van Dis naar andere werken, waaronder vele over het klimaat.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Een belangrijke vraag vind ik toch: wordt de lezer nu daadwerkelijk wakker geschud door dit literaire pamflet? Bij mij roept het vooral vragen op, en dat is over het algemeen een goed teken. De lezer van literatuur zoekt immers niet per se antwoorden in een boek. De vraag die mij echter vooral bezighoudt, is: is dit boek niet veeleer een persiflage op het pamflet, in plaats van een daadwerkelijke roep om sociale betrokkenheid en ontferming over het klimaat? Jácob Hemmelbahn is vooral een held op sokken, die eigenlijk te veel drinkt, liever niet al die rommelige figuren in zijn huis heeft rondlopen die een bedreiging vormen voor zijn boekenkast, maar wel kritiek wil uiten op de regering. Is dit een vorm van ultieme zelfspot van de auteur, die ergens wel vaag de roeping voelt ook een duit in het zakje te doen van engagement na alle ‘ego-boeken’ van de jongere generatie en de zoveelste (auto)biografie van een BN’er, dus mensen wil wakker schudden, maar tegelijkertijd beseft dat zijn noodklok niet veel verder strekt dan een winkelbelletje dat verloren gaat in de storm?
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
           
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Ik vind het een onderschatting van de kracht van literatuur. Ik ben het volkomen eens met Jákob Hemmelbahn of Van Dis, dat je je verantwoordelijkheid moet nemen als schrijver en niet louter moet ‘navelstaren’, maar als je dan als schrijver voor sociale betrokkenheid wilt pleiten, investeer dan allereerst in je personages: waai er niet oppervlakkig overheen, waardoor al die drenkelingen nauwelijks beklijven, omdat je ze niet daadwerkelijk leert kennen. Zelfs Jákob heeft een vluchtig karakter meegekregen om wie je als lezer geen traan zou laten. Er is geen moment dat ik de neiging heb gevoeld om te roepen: gooi die flesjes weg! Misschien ben ik een ouderwetse lezer, die een catharsis wil ondergaan, die naar de keel gegrepen wil worden door de personages, hoe sympathiek of onsympathiek ook, zodat ik het boek dichtklap en met een brok in mijn keel bewogen achterblijf met het gevoel: er moet iets veranderen en ik ga nu beginnen, maar eigenlijk wil ik het boek nog helemaal niet verlaten, omdat ik mij gehecht heb aan het personage dat zo wonderschoon uit het schrijversbrein ontsproten is! 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het zal toch niet zo zijn dat Van Dis’ uitgeverij net als Poema op zijn schouder zat en hem tot oppervlakkigheid van de personages heeft aangezet, omdat mensen liever geen diepgang meer lezen? Mocht zijn uitgeverij inderdaad al zo naar de NationaleLeesUnie neigen, dan zou ik Van Dis toch ernstig adviseren zich spoedig om zijn personages te bekommeren en zijn werk dan maar voortaan zelf uit te geven, en ik zal de eerste zijn die in de boekhandel zal knielen om zijn werk, dat dan – helaas! – op de onderste plank zal liggen, te koesteren.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Klifi.jpg" length="87283" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 26 Feb 2021 12:26:44 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/schrijver-bekommer-u-om-uw-personages</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Klifi,Van Dis,Adriaan van Dis,Dis</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Klifi.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Klifi.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Feiten en mythes</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/feiten-en-mythes</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
                    
          Feiten en mythes
         
                  &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
                          
             Bespreking van 'Drift' van Bregje Hofstede
            
                        &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Drift.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  
                  
         De hoofdpersoon uit ‘Drift’ van Bregje Hofstede is op drift. Aan het begin van het boek is ze net weggelopen bij Luc, die ze bijna het hele boek met ‘jij’ aanspreekt. De lezer volgt Bregje, want zo heet ook de hoofdpersoon, tot de veertigste dag (verwijzing naar veertig dagen in de woestijn?) van deze drift, waarin ze steeds verder van Luc verwijderd raakt. De verhaallijn wordt onderbroken door herinneringen, dagboekfragmenten en delen van het boek ‘De welp’, het debuut van hoofdpersoon Bregje. Achter op het boek staat: ‘Feit: een jonge vrouw trouwt met haar jeugdliefde/Feit: niet veel later, in het holst van de nacht, loopt ze bij hem weg/Ze neemt alleen haar dagboeken mee/Die vrouw ben ik. Die nacht is nu. Alles ervoor en erna is een verhaal.’ Als lezer ben ik echter getraind om alles wat in een roman als feit wordt gepresenteerd, te wantrouwen. Ik ben vooral op zoek naar betekenis. 
         
                  &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het boek neemt een paar aanloopjes voor het goed en wel begonnen is. Eerst is er een motto van Roland Barthes uit ‘Uit een taal van een verliefde’. Ook hier is sprake van een ‘ik’ die een ‘jij’ aanspreekt. Het gaat over de verstikkende kracht van het woord, ‘een bevestiging van overheersing, van macht, wellust, eenzaamheid. Vandaar de wrede tegenstrijdigheid van de opdracht: ik wil jou koste wat kost geven wat jou verstikt.’ Het motto omschrijft eigenlijk precies wat er gebeurt als Bregje schrijft over en aan haar jeugdliefde. Terwijl het lijkt alsof ze Luc wil vasthouden, verstikt ze hem met woorden. Hierna volgt de proloog, waarin in het kort een aantal mythes op een rij staat waarbij de hoofdpersoon steeds slechts één verbod opgelegd krijgt, zoals Orpheus die niet achterom mag kijken naar Eurydice. Daaronder staat ‘Drie keer raden wat er gebeurde.’ Wie de mythes kent, weet dat alle hoofdpersonen precies doen wat ze niet mogen; wie dat niet weet, kan het raden. Dat werpt natuurlijk de vraag op wat het verband is met het hoofdverhaal. Terwijl Bregje steeds verder op drift raakt, kijkt ze in elk geval wel achterom naar wat ze achter zich heeft gelaten, en terwijl ze alles in woorden probeert te vatten, knijpt ze het kapot. Nu is het haar natuurlijk niet verboden achterom te kijken, maar er is vanuit Luc wel wat wantrouwen ten opzichte van haar schrijven. Hij wil steeds weten wat zij allemaal over hem opschrijft. En door het schrijven legt Bregje alles vast, waardoor het niet meer kan ademen. Misschien zou voor haar een schrijfverbod moeten gelden. Dat overtreedt ze in elk geval op alle mogelijke manieren.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Behalve dat Bregje steeds verder afdrijft van Luc, kan drift ook verwijzen naar de lichamelijke driften die Luc en Bregje juist lange tijd bij elkaar hielden, hoewel de seks steeds vaker als ‘goedmaakseks’ wordt omschreven. Ook is Bregje regelmatig driftig. Dat zie je terug in haar kindertijd, waarin ze soms haar woede en andere heftige emoties niet de baas is. Ook in haar beslissing om ervandoor te gaan, komt ze wat verbeten over. Behalve driftig is ze ook behoorlijk koppig, zoals op het moment dat ze als kind dagenlang in het busje voor het huis bivakkeert en weigert eruit te komen, een vergelijkbare situatie als die waarin ze later verkeert, maar dan onbereikbaar is voor Luc.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Het laatste deel van het boek heet ‘Onderwereld’. Bregje reist af naar Napels, omdat ze daar een dierbare herinnering aan Luc heeft. Nu wijdt Bregje eerder in het boek al wat woorden aan de werking van het geheugen. Zij citeert daarbij inzichten van Douwe Draaisma. Zo blijken herinneringen geen vaststaande elementen in ons geheugen te zijn, maar uit kleine onderdeeltjes te bestaan die we steeds opnieuw in elkaar zetten, vooral om er in de toekomst wat mee te kunnen. Ze laat zien hoe Luc hierin slaagt: hij gebruikt de herinneringen aan hun samenzijn om verder te kunnen, al is dat niet de manier waarop Bregje verder kan. Zij heeft het gevoel dat hij haar overheerst en zij zich steeds meer aan hem aanpast, terwijl ze zichzelf in haar dagboeken juist van hem af schrijft. Bregje zelf legt alle herinneringen vast, waardoor er geen beweging meer in zit. Daar gaat het mis. In Napels komt ze langs de gipsen afgietsels van enkele slachtoffers van de vulkaanuitbarsting bij Pompeii. Haar observatie is scherp: zoals de archeologische vondsten, de skeletten destijds werden volgegoten met gips en daardoor eigenlijk ongeschikt om nog nader onderzoek naar te doen, doet zij iets vergelijkbaars met haar pen in het dagboek. Ze maakt van Luc een levenloos afgietsel waar je niets meer mee kunt beginnen. Aan het eind wordt duidelijk dat de proloog met de verschillende verboden niet alleen Bregje betreft, maar ook Luc. Het is jammer dat Hofstede dit prachtige verband niet aan de verbeelding van de lezer zelf overlaat, maar het zelf gaat uitleggen. Dat is niet nodig en doet juist af aan de schoonheid ervan.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          In Trouw (18 oktober 2018) noemt de schrijfster haar roman niet autobiografisch. Ze zegt: “Het is eerder autofictie: het verhaal heeft in grote lijnen echt plaatsgevonden, maar is in het boek vervormd en literair verrijkt. “Wat fictie zo waardevol maakt”, zegt Hofstede, “is dat het je in staat stelt om een waarheid te laten zien die je niet zou durven tonen als het non-fictie was. Fictie is geen manier van liegen, maar juist een manier om onder een vermomming een diepere waarheid aan het licht te brengen, een mythe, iets wat voor iedereen herkenbaar is.”
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          De talloze verwijzingen naar de klassieke oudheid en het slot in Napels maken het verhaal zelf echter nog geen mythe. Daarvoor neemt Hofstede misschien toch te weinig afstand van zichzelf. Voor journalisten is het ongetwijfeld een interessante vraag wat feit is en wat fictie in deze roman, maar de lezer van mythes gaat voor een diepere waarheid. Mythes lopen over van betekenis. Wat voor diepere waarheid of betekenis heeft ‘Drift’? De reclameteksten die voor in het boek staan, doen wel een poging om die erin te leggen, zoals de uitspraak van Lize Spit: ‘Een eerlijk, prachtig boek dat haarfijn blootlegt hoe weerloos geliefden zijn.’ Zou je die betekenis anders over het hoofd zien? Zo weerloos zijn Bregje en Luc toch helemaal niet? Is Bregje niet eerder genadeloos? Vanaf het begin was al duidelijk dat ze eropuit was ‘jou’ te verstikken. Laat het boek zien dat je relaties kapot kunt schrijven? Ook dat heeft niets met weerloosheid te maken. Het is een keuze, het is niet iets wat je overkomt. Natuurlijk kan de een de ander overheersen in een relatie en natuurlijk kunnen relaties ingewikkeld zijn, maar wat voor diepere boodschap krijgt de lezer hier mee? 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Opvallend is dat Lize Spit in haar nieuwe roman ‘Ik ben er niet’ ook een tot mislukking gedoemde relatie ‘uitpluist’. Ik gebruik hier nadrukkelijk dit woord, omdat beide schrijfsters een wat onsmakelijke, maar misschien humoristisch bedoelde ‘navelpluis’-scène beschrijven, waarmee een kussen, dan wel een knuffeltje gevuld zou kunnen worden. Ik krijg direct de associatie met ‘navelstaren’. Je kunt natuurlijk een relatie net zolang uitpluizen tot er niets meer van overblijft, dan alleen wat ‘navelpluis’. Ook in ‘Ik ben er niet’ schrijft de hoofdpersoon zich in de stukjes in de Libelle los van haar partner. Beide personages vluchten niet alleen maar in het schrijven, maar slepen daarin ook de ander mee. Als je jezelf zo belangrijk maakt, dan blijft er inderdaad voor die ander geen ruimte meer over. Dat geldt voor beide partijen. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Thomas Rosenboom schrijft in zijn essay ‘Aanvallend spel’ dat, volgens hem, in een goede roman personages in hun streven hun eigen ondergang tegemoet gaan, omdat zij in hun streven net een stap te ver zetten en zo zichzelf voorbij streven. De tragiek zit in hun eigen handelen, niet in de omstandigheden. Is dit wat ook hier gebeurt? Wil Bregje zo graag de liefde in stand houden dat zij die kapot schrijft? Gaat zij daardoor haar ondergang tegemoet? Dat geloof ik niet. Ik ervaar ‘Drift’ ook niet als een tragedie, en ik denk dat dat komt, omdat Bregje alleen met zichzelf bezig is en eigenlijk helemaal geen toenadering zoekt. Er is dus helemaal geen sprake van een ondergang. Dat maakt ook dat de lezer met lege handen achterblijft. Het is wat het is. Als je iets echt niet wilt, dan gebeurt het ook niet. Het is een constatering van een feit, geen openbaring van een diepere waarheid. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Hofstede kan prachtig schrijven, maar ik denk dat haar boeken meer kans maken mythisch te worden, als zij zichzelf meer durft los te laten en daadwerkelijk op drift raakt.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Drift.jpg" length="72730" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 19 Feb 2021 09:08:57 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/feiten-en-mythes</guid>
      <g-custom:tags type="string">Bregje Hofstede,essays,Drift</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Drift.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Drift.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een huis waarvan de constructie zichtbaar is</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-huis-waarvan-de-constructie-zichtbaar-is</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
                      
           Een huis waarvan de constructie zichtbaar is
          
                    &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
                          
             Bespreking van 'Ik ben er niet' van Lize Spit
            
                        &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Ik+ben+er+niet.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
                  
         Ooit las ik een boek dat ik niet weg wilde leggen, terwijl de net geplante kruidenbloemen met hun lange dunne stelen in mijn tuin echt water nodig hadden. Ik stond van mezelf te kijken, toen ik met het dikke boek in mijn ene hand en de tuinslang in de andere door de tuin liep. Het boek was ‘Het smelt’, het debuut van Lize Spit. Natuurlijk wilde ik weten wat er ging gebeuren met het blok ijs achter in de auto, maar veel liever nog wilde ik in het boek blijven en niet ophouden met lezen over het zusje van de hoofdpersoon dat alleen de kamer kon betreden als ze eerst allerlei dwanghandelingen had verricht en hoe aandoenlijk de hoofdpersoon het codesysteem van haar jongere zusje probeerde te kraken van de letters die het zusje op het toetsenbord intypte, zonder dat de computer aanstond. Het greep me naar de keel en ik heb beide hoofdpersonen in mijn hart gesloten. Ik vond het verschrikkelijk toen ik het uit had. Nu heeft Lize Spit een nieuwe roman geschreven, ‘Ik ben er niet’ en toen ik voor het eerst de titel hoorde, dacht ik: dit moet een schrijver voelen als hij na een overweldigend debuut net een tweede roman heeft geschreven. Ik ben er even niet, jongens, want wat gaan ze straks allemaal van mijn tweede boek zeggen? 
         
                  &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          De constructie van het boek lijkt heel erg op dat van ‘Het smelt’, waarin twee verhaallijnen elkaar afwisselen. In een van de twee wordt afgeteld van 11 minuten, waarin de hoofdpersoon Leo, een jonge vrouw, net afgestudeerd aan de filmschool, naar een plek fietst waar haar vriend Simon, een grafisch vormgever, waarschijnlijk een groot onheil heeft aangericht. In de andere verhaallijn lees je de voorgeschiedenis van Leo en Simon, vanaf het moment dat Simon een opmerkelijke tatoeage heeft laten zetten achter zijn oor. Tot die tijd waren Leo en Simon elkaars steun en toeverlaat. Leo heeft haar moeder veel te vroeg verloren en Simon is altijd gepest om zijn flaporen.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Vanaf het moment dat Simon de tatoeage heeft gezet, gaat het mis in hun relatie. Simon is ervan overtuigd dat hij zijn eigen bedrijf moet beginnen met het ontwerpen van tatoeages met een bijzonder verhaal erachter. Hij zet het hele huis op de kop om een eigen kantoortje in te richten, hij gaat visitekaartjes maken en allerlei ander promotiemateriaal, die in het kleine kamertje worden opgestapeld. Hij doet mij wat denken aan Frans Laarmans die in ‘Kaas’ van Elsschot een kaashandel wil opzetten, terwijl hij allesbehalve een handelaar is. Dagen is hij bezig met het inrichten van zijn kantoor. Je voelt al meteen dat dit niet goed kan gaan. Leo bekijkt alles met argusogen en herkent haar ‘Spruitje’ niet meer. Simon krijgt steeds meer last van paranoia en denkt dat iedereen eropuit is om hem onderuit te halen.
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Omdat Spit in het eerste hoofdstuk al meteen een filmtechniek beschrijft waarbij het publiek op het puntje van zijn stoel zit, heeft de lezer direct door dat Spit zelf deze techniek toepast in haar eigen boek. Daardoor krijgt het boek iets als een huis waarin opzettelijk de constructie zichtbaar is gelaten. Dat geeft een huis een transparante, industriële, robuuste uitstraling. Werkt dat ook zo in een boek? Tijdens het lezen betrapte ik mijzelf erop dat ik steeds tegen mijzelf zei: het is de bedoeling dat de constructie zo hinderlijk aanwezig is. Dat is juist de schoonheid. Halverwege dacht ik: het kan niet de bedoeling zijn dat ik dit steeds tegen mezelf moet zeggen, alsof ik mijzelf hiervan moet overtuigen. Het bóek moet mij overtuigen. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Gek genoeg beïnvloedt dit tweede boek ook mijn kijk op het eerste. Ik herken de constructie, terwijl die mij toen niet zo was opgevallen. Het zet mij aan het denken: wat is nu eigenlijk beter? Als een schrijver je overdondert, zonder dat je in eerste instantie doorhebt, hoe hij dat voor mekaar heeft gekregen, of als hij dat openlijk doet? Ik weet er geen antwoord op. Misschien ben ik teveel beïnvloed door auteurs als Nijhoff die zeiden dat je aan het gedicht niet mag zien dat eraan gewerkt is. Het gedicht of de dichter moet niet huilen, de lézer moet huilen. We zijn nu een eeuw verder. Literatuur en literatuuropvattingen mogen veranderen. Het kan zijn dat ik nog met een been in die vorige eeuw sta en mij niet helemaal kan overgeven aan zo’n opzichtig geconstrueerd boek? Ik weet wel dat ik ‘Het smelt’ schitterend vond, niet alleen vanwege dat prachtige beeld van het smeltende blok ijs, maar ook vanwege de overtuigingskracht van de personages. Dat mis ik in ‘Ik ben er niet’. In dat opzicht is de titel veelzeggend: alsof ook van de personages alleen de constructie te zien is en ze er niet echt zijn. Dat is vreemd, omdat je als lezer wel een paar honderd bladzijden lang de gedachten leest van Leo. Uiteindelijk blijkt dat Simon een bipolaire stoornis heeft, maar die wordt zo onwaarschijnlijk uitvergroot, dat hij eigenlijk geen mens van vlees en bloed meer is. Leo kan daar met al haar gedachten ook niet veel meer aan veranderen. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Dit brengt mij bij een essay van Hermans over antipathieke romanpersonages in zijn ‘Sadistisch universum’. Hij schrijft daar dat personages juist mythisch uitvergroot moeten worden, om de waarheid van het boek tot uitdrukking te brengen. Het grote publiek wil mensen van vlees en bloed, maar het gaat niet om die ‘journalistieke geloofwaardigheid’. Een schrijver heeft een andere missie. Tegelijkertijd verweet hij Reve in een brief dat Frits van Egters uit ‘De avonden’ meer aan overtuigingskracht had kunnen winnen als Frits pogingen had gedaan aan zijn miserabele situatie te ontkomen, terwijl Frits van Egters mij nu bij uitstek een mythisch uitvergroot personage lijkt dat de waarheid van het boek ontegenzeggelijk tot uitdrukking brengt. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Goed, nu heb ik vier grote schrijvers genoemd, Elsschot, Nijhoff, Hermans, Reve. Lize Spit hoort bij een heel nieuwe generatie en ik wil niet krampachtig vasthouden aan alles wat geweest is. Daarom bekijk ik haar werk met grote belangstelling: wat gebeurt hier nu precies? Ook bij Elsschot en Hermans miste ik vaak iets tijdens het lezen, hoezeer ik ook onder de indruk was. Maar wat is dat precies? Zit ik er helemaal naast als ik het hartstocht noem, of liefde, die ik wel voelde bij Nescio, Elsschots tijdgenoot, en Wolkers, Hermans’ tijdgenoot? Toch heb ik die wel gevoeld in ‘Het smelt’, zij het beschadigd en vervreemdend. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
                    
          Gelukkig ligt er nu een dikke laag sneeuw en hoef ik niet naar buiten. Dan weet ik ook niet of ik ‘Ik ben er niet’ ook mee naar de tuin had genomen. Ik houd niet van wedstrijdjes, al helemaal niet waar het om boeken gaat, zeker in deze tijd waar de ene ranglijst de andere opvolgt en deze gekte bijna bepaalt wat we zouden moeten lezen. Ik heb deze tweede roman van Lize Spit met belangstelling gelezen en ook al griezel ik een beetje van de twee personages, het boek zet me wel aan het denken over de constructie in dit boek en constructies in het algemeen. 
         
                  &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Ik+ben+er+niet.jpg" length="27240" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 19 Feb 2021 09:06:40 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-huis-waarvan-de-constructie-zichtbaar-is</guid>
      <g-custom:tags type="string">Ik ben er niet,essays,Lize Spit</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Ik+ben+er+niet.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Ik+ben+er+niet.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De kwaliteiten van 'Het Fregatschip Johanna Maria' volgens Ter Braak en Du Perron</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-kwaliteiten-van-het-fregatschip-johanna-maria-volgens-ter-braak-en-du-perron</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kwaliteiten van 'Het Fregatschip Johanna Maria' volgens Ter Braak en Du Perron 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Waarom dit boek werd geprezen in het tijdschrift Forum 
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Diede Kaak (leerling 5 vwo Baudartius College)
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+fregatschip+Johanna+Maria.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          ‘Het Fregatschip Johanna Maria’ is een verhaal dat thuishoort in de neo-romantiek. Het escapisme en noodlot staan voorop en romantische thematiek is zeker niet achterwege gelaten. In een tijd waar ook modernisme met zijn taalexperimenten flink aanwezig was, is de neo-romantiek voor sommigen een verademing. Zo vonden ook Menno ter Braak en Edgar du Perron, redacteuren van tijdschrift Forum, dat taalexperimenten afdeden aan de persoonlijkheid van het verhaal. Met stellige meningen hebben ze een heel aantal grote namen afgewezen voor hun tijdschrift, terwijl ze Het Fregatschip Johanna Maria van Arthur van Schendel hebben geprezen. Waarom dit boek wel? 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Personalisme was belangrijk voor Ter Braak en Du Perron. “Liever vent dan vorm” was hun motto. Dit hield in dat ze wilden dat de auteur een oorspronkelijke en onafhankelijke geest toonde. De vent is de persoonlijkheid van de auteur die naar voren komt in het verhaal. Diepgang en karakter in een personage zijn belangrijk volgens hen en het verhaal moest overtuigend overkomen. Dit past in het beeld van de persoonlijkheid van Brouwer, de hoofdpersoon in ‘Het Fregatschip Johanna Maria’. Brouwer is een zeilmaker en heeft talent, zijn persoonlijkheid is rustig, gedreven en eenduidig. Bovendien trekt hij zijn eigen conclusies en gaat niet mee met de rest, een onafhankelijke geest. Het conflict in zijn personage is ook interessant: Brouwer twijfelt niet over beslissingen met betrekking tot het schip, maar wel steeds meer over of hij wel het goede levenspad heeft gekozen. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Verder was het individuele bewustzijn van belang. De redacteurs wilden dit bewustzijn terugzien met al zijn conflicten. In ‘Het Fregatschip Johanna Maria’ heeft Brouwer worstelingen met zijn motief, of anders gezegd, zijn droom. Een groot deel van zijn leven heeft hij meegevaren met de Johanna Maria en hij wil het beste voor het schip. Zijn droom is dan ook om het schip te kunnen kopen. Maar wat heb je voor leven gehad als je je leven lang die droom hebt nagejaagd? En is het het waard om je familieleven voor op te geven? Zoals in het boek beschreven: “... dat hij zich verweet zijn leven nutteloos doorgebracht te hebben, werkend niet voor vrouw en kinderen, die weer voor anderen konden werken, maar voor een schip, dat eens vermolmd zou zijn, hoeveel hij er ook voor gedaan had.” Deze motieven zorgen voor diepgang en in die onvervulde verlangens komt ook de neo-romantiek terug. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De stilistische vorm van het verhaal zorgt voor de uiting van de “vent”. Het modernisme had veel taalexperimenten en Ter Braak en Du Perron verzetten zich tegen deze uitgebreide belangstelling voor vorm en techniek. Een auteur komt niet overtuigend over met vele aspecten om de tekst heen, maar met de tekst zelf. De tekst moet stellig en overtuigend zijn, en daarmee is de auteur overtuigend waardoor de persoonlijkheid beter naar voren komt. Het boek heeft duidelijke taal, de tijd gaat redelijk snel en er worden vooral objectieve feiten verteld. Bijvoorbeeld: “De reis ging vlugger dan de vorige. Wel maakte het schip geen veertien knopen meer, zoals het twee keren had gedaan, maar stuurlieden en matrozen beijverden zich dat het luisterde naar hetgeen hun handen zo nauwkeurig mogelijk deden.” De vorm is zo simpel mogelijk en de diepgang zit dus niet in de vorm maar in de personages (de “vent”). 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Omdat het tijdschrift Forum in zekere zin een tegengeluid was tegen het modernisme met zijn taalexperimenten, is de neo-romantiek geschikt voor het tijdschrift. De neo-romantiek heeft traditionelere verhalen en maakt het makkelijker om te voldoen aan de eisen van Ter Braak en Du Perron. Arthur van Schendel beschrijft in zijn boek het leven van een eenduidige man met een sterke persoonlijkheid met simpele tekstvormen. De recensie van de redacteuren over Het Fregatschip Johanna Maria is nu goed te begrijpen. Hoe dan ook voldoet Het Fregatschip Johanna Maria aan hun motto: “liever vent dan vorm”. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Literatuurlijst: 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          - de Smedt, M. (2011). Arthur van Schendel, Drie Hollandse romans. De waterman – Een Hollands drama – De grauwe vogels. Bezorgd door Hans Anten, Wilbert Smulders en Joke van der Wiel. Amsterdam: Athenaeum - Polak &amp;amp; van Gennep, 2010. Hasanten. https://hansanten.nl/doc/pdf/ Arthur_van_Schendel_Bespreking_NL_september_2011.pdf 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          - Heerma van Voss, T. (2016, 29 augustus). Forum. Literatuurmuseum. https:// literatuurmuseum.nl/artikelen/forum 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          - Het fregatschip Johanna Maria - Lezen voor de lijst. (z.d.). Lezen voor de lijst. Geraadpleegd op 5 februari 2021, van https://www.lezenvoordelijst.nl/docenten-15-18/ niveau-3/het-fregatschip-johanna-maria/?docenteninfo 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          - Liever vent dan vorm: Forum | Literatuurgeschiedenis. (z.d.). Literatuurgeschiedenis. Geraadpleegd op 5 februari 2021, van https:// www.literatuurgeschiedenis.org/20e-eeuw/liever-vent-dan-vorm-forum 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          - Neoromantiek. (2020, 22 mei). In Wikipedia. https://nl.wikipedia.org/wiki/ Neoromantiek 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          - van Schendel, A. (1930). Het Fregatschip Johanna Maria (46ste editie). Meulenhoff 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+fregatschip+Johanna+Maria.jpg" length="106669" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 18 Feb 2021 07:49:16 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-kwaliteiten-van-het-fregatschip-johanna-maria-volgens-ter-braak-en-du-perron</guid>
      <g-custom:tags type="string">Van Schendel,Kaak,essays,Diede Kaak,Arthur van Schendel,essays leerlingen,Het fregatschip Johanna Maria,Diede</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+fregatschip+Johanna+Maria.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+fregatschip+Johanna+Maria.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Beatrijs</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/beatrijs</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Beatrijs
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Kiana de Beus (leerling 4 vwo Baudartius College
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/beatrijs.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         ‘Beatrijs’ is een Middelnederlandse Marialegende uit de veertiende eeuw. Een Marialegende houdt in dat Maria een grote rol speelt in het verhaal. Beatrijs is kosteres in een klooster. Voordat ze het klooster in ging was ze ontzettend verliefd op een vriend, maar in het klooster wordt deze liefde groter. Ze besluit om voor hem uit het klooster te vluchten. Ze hebben 7 jaar lang een gelukkig leven samen, maar het geld raakt op en de geliefde verlaat Beatrijs. Nu staat Beatrijs er alleen voor en is ze gedwongen om als prostituee haar brood te verdienen. De auteur van het boek bleef onbekend, maar aan het taalgebruik in het boek is te zien dat de auteur hoogstwaarschijnlijk Brabants was en dat de plaats van oorsprong van het boek dus ook Brabant is. In de middeleeuwen speelde literatuur een grote rol in het propageren en verspreiden van hoofse culturen. Het is namelijk belangrijk dat men goede manieren leert en dat is in de Middeleeuwen het best mondeling te doen. Veel verhalen werden dan ook verteld door sprekers. In veel Middeleeuws literatuur zie je de hoofse cultuur steeds terugkomen, maar in hoeverre komt deze hoofsheid terug in het verhaal ‘Beatrijs’?
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Een wending in het verhaal waar deze hoofsheid terugkomt is wanneer Beatrijs haar gevoelens bespreekt met haar geliefde aan het venster. Beatrijs vindt dat de geliefde de juiste woorden moet zeggen voordat ze besluit het klooster te verlaten. Het moment dat de geliefde begint over materiële spullen zoals kleding besluit ze het klooster te verlaten. Dit laat zien dat welvaart ontzettend belangrijk is voor Beatrijs. Dit verwijst terug naar de hoofsheid. Als een persoon van Adel was het erg belangrijk dat je er altijd goed uit zag. Dure kleding en juwelen laten je welvaart zien. Als de geliefde Beatrijs dit niet kon beloven, zou ze het klooster niet verlaten hebben. In armoede leven is namelijk schandalig voor een persoon met een hoofse status.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Een paar dagen nadat ze hun gevoelens hebben besproken bij het venster vlucht Beatrijs uit het klooster. Ze komt hier haar geliefde tegenmoet in de tuin. Hier komt de hoofsheid weer in terug. Beatrijs komt de boomgaard ingelopen met alleen haar ondergoed aan. Ze heeft immers haar habijt in het klooster opgehangen. Beatrijs schaamt zich hier erg voor. Maar ze schaamt zich niet voor haar lichaam, ze schaamt zich omdat dit niet past bij haar hoofse status. Het was voor een persoon van hoofse status namelijk schandalig om buiten, in het bijzijn van andere, in je ondergoed te lopen. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het moment waarop de geliefde voorstelt de liefde te bedrijven in een veld is een ander voorbeeld van de hoofse invloed die veel in het boek terugkomt. Beatrijs wordt woedend op haar geliefde. Ze eist een beschaafde omgeving. Het zou een schande zijn als iemand haar zou zien. Ze vindt dat alleen hoeren de liefde in een veld bedrijven en ze wil hier natuurlijk niet mee geassocieerd worden. Ze zegt zelfs tegen de geliefde dat hij zich onhoofs gedraagt door hem een "boerenkinkel" te noemen. Dit laat zien dat Beatrijs, ondanks het verlangen naar seks, zelfbeheersing heeft en zich als een hoveling blijft gedragen. Een belangrijke regel als hoveling was namelijk zelfbeheersing en daar voldoet ze dus ook aan. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het geld is op en de geliefde van Beatrijs besluit haar te verlaten. Ze hebben samen al twee kinderen. Beatrijs realiseert zich dat ze met prostitutie haar brood moet gaan verdienen. Ze ziet bedelen niet als een optie, want dit levert niet genoeg op om haarzelf en haar twee kinderen van eten te voorzien. Ook wil ze geen gezichtsverlies lijden. Hier zie je haar hoofse status weer terugkomen. Gezichtsverlies lijden is namelijk vreselijk voor een hoveling, aangezien reputatie en welvaart erg belangrijk voor hen is. Beatrijs geeft duidelijk aan dat ze dit een zondige daad vindt maar dat ze geen andere keuze heeft. Je merkt dat Beatrijs zich enorm schaamt hiervoor. Ze smeekt hulp bij Maria. Datgene wat Beatrijs eerst afkeurde, is ze nu gedwongen om te doen. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het is duidelijk dat de hoofse cultuur vaak terugkomt in het verhaal van Beatrijs. Beatrijs komt immers uit een adellijk familie, dus dit is niet zo gek. Je kunt de hoofse invloed voornamelijk zien in hoe Beatrijs zich gedraagt. Beatrijs heeft goede manieren en vindt welvaart erg belangrijk. Ze gedraagt zich precies zoals men van een jonkvrouw van stand mag verwachten. Er zitten veel hoofse kenmerken in het boek en het boek werd daarom waarschijnlijk ook gebruikt als voorbeeld voor hovelingen, zodat de hovelingen er constant aan herinnerd worden hoe ze zich moeten gedragen.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Bronnen
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Knippenberg, T. (1969). Literaire klassieken Beatrijs. Nederlands: Bulkboek
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Beatrijs: Opdracht. (z.d.). Lezen voor de lijst. Geraadpleegd op 29 januari 2021, van https://15-18.jeugdbibliotheek.nl/lezen/lezen-voor-de-lijst/niveau-4/beatrijs/beatrijs-opdracht-niveau-4-cultuurhistorische-context.html
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Beatrijs. (z.d.). Wikipedia. Geraadpleegd op 2 februari 2021, van https://nl.wikipedia.org/wiki/Beatrijs
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Syllabus literatuur Nederlands
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/beatrijs.jpg" length="511509" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Wed, 17 Feb 2021 07:56:07 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/beatrijs</guid>
      <g-custom:tags type="string">Kiana de Beus,essays,Beatrijs,essays leerlingen,essays van leerlingen,de Beus,Beus</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/beatrijs.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/beatrijs.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Het verboden rijk van J.Slauerhoff</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-verboden-rijk-van-j-slauerhoff</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;font&gt;&#xD;
    
          'Het verboden rijk' van J. Slauerhoff
         &#xD;
  &lt;/font&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;font&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/font&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;font&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Joey Frinking (leerling 5 vwo Baudartius College)
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/font&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/verboden+rijk.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het Verboden Rijk is een vrij ongebruikelijk boek. Aan de ene kant is het een historisch verhaal dat de avonturen van de Portugese dichter Luis de Camoës uit de 16e eeuw vertelt, maar aan de andere kant worden de omzwervingen van een 20e eeuwse marconist (radiobediener) op een schip verhaald. Deze verhalen lijken niets met elkaar te maken te hebben, maar worden meer en meer vervlochten met elkaar. Deze roman uit 1932 van Slauerhoff werkt als een spannend en meeslepend verhaal, maar ook als een boek met diepere betekenissen. Het is echter nog niet gemakkelijk om het verhaal in één stroming te laten passen. Toch zijn er wel wat opties te noemen.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Vooral in de 20e eeuw was er een explosieve toename in het aantal literaire stromingen. Naarmate de samenleving meer en meer ging veranderen kwamen er steeds meer meningen over de manier waarop kunst moest worden gemaakt. Hierbij werd vaak gebroken met de traditie, omdat er meer oog kwam voor de onkenbaarheid en onmogelijkheid van expressie van de werkelijkheid. Uit de vele stromingen is het lastig om Het Verboden Rijk ergens in te laten passen. Toch springen er naar mijn mening twee stromingen uit, waar dit boek in thuishoort, waar de één net iets belangrijker is dan de tweede.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De eerste en belangrijkste stroming waar dit boek bij hoort is de neoromantiek. Dit is een latere vorm van de romantiek. In deze stroming staan de innerlijke beleving en de persoonlijke gevoelens van de karakters centraal. Het is niet zo zeer beschrijvend, maar het gaat om de persoonlijke belevenis. Dit is zeker het geval in het boek. Waar de marconist aan het woord is, wordt de wereld somber en donker beschreven, zoals zijn gemoedstoestand. Als Camoës aan het woord is, krijgt alles een erg poëtische toon. Ook China wordt op een westerse manier afgebeeld, die misschien niet strookt met de werkelijkheid. In dit boek wordt de werkelijkheid dus zo nu en dan verbogen door de blik van de karakters.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Er zijn echter nog een hoop andere redenen waarom dit boek bij de neoromantiek hoort. Neoromantiek heeft een sterk escapistische kant. Men vindt weinig interesse in de alledaagse werkelijkheid en daarom ontstaat er de drang om weg te vluchten. Dit uit zich op vooral twee vlakken, die allebei expliciet aanwezig zijn. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De eerste is ruimtelijk vluchten. Verre reizen en exotische plekken staan hier centraal. Daar is hier natuurlijk volop sprake van, omdat bijna het hele verhaal zich afspeelt in en rondom China. Het exotische karakter van China valt hier op en de lange en gevaarlijke boottochten. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De tweede variant is temporaal vluchten, oftewel het vluchten naar de toekomst of het verleden. In dit geval reist Slauerhoff natuurlijk naar het verleden, naar de 16e eeuw, daarmee is dit dus ook een (alhoewel niet zo strikte en betrouwbare) historische roman. Beide vormen van vluchten zijn bijeengebracht.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Een ander, zeer belangrijk, aspect van de neoromantiek is het hebben van verlangens waar je geen gehoor aan kan geven. Men bereikt niet wat hij wil bereiken. Dit ligt min of meer ten grondslag aan het hele boek. De marconist kan het geluk waar hij naar streeft niet bereiken. Camoës kan Diana, zijn geliefde, niet bereiken, omdat de koning dat verbiedt. Pilar (de dochter van de gouverneur, Campos, van Macau, de Portugese stad in China, waar het verhaal zich grotendeels afspeelt) kan het ook niet voorkomen dat ze uitgehuwelijkt wordt aan Ronquilho, terwijl ze dat niet wilt. Het boek staat vol met onvervulde verlangens.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Met al deze aspecten past Het Verboden Rijk perfect in de neoromantiek. Maar daarmee is nog niet alles verklaard.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Naar mijn mening is er ook sprake van Magisch-Realisme, maar niet in het gehele boek. In het verhaal gebeurt er niet veel bovennatuurlijks, op een bepaald moment in het boek na. Dit is op het moment dat de levens van Camoës en de marconist samen beginnen te vallen. Er gebeuren dan allerlei onverklaarbare en vreemde dingen. De marconist hoort bijvoorbeeld allerlei berichten uit de 16e eeuw door zijn radio. De avonturen van de marconist beginnen later ook wel erg verdacht veel te lijken op de avonturen van Camoës. Maar vooral het moment waarop de marconist zichzelf naar hem toe ziet rennen (dit kan Camoës zijn) en waarop de twee, Camoës en de Marconist één zijn geworden wijst op een andere realiteit. Dit leidt tot zijn climax in de scène waarin deze figuur in een geruïneerde kerk aangevallen wordt door 16e eeuwse Chinezen. Deze scènes gaan verder dan de neoromantische stijl. Deze magische gebeurtenissen worden verder ook niet echt uitgelegd. De personages die deze ervaringen ondergaan letten er ook niet echt op, alsof de gebeurtenissen deel uitmaken van de werkelijkheid in het boek en die werkelijkheid komt niet overeen met onze werkelijkheid. Dit zijn allemaal kenmerken van het magisch-realisme.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het Verboden Rijk past in met name twee stromingen: de neoromantiek en het magisch-realisme. Het boek hoort bij de neoromantiek vooral vanwege de historische en verre setting, maar ook vanwege de innerlijke beleving van de hoofdpersonen en hun onvervulde verlangens. Het verhaal past bij het magisch-realisme, vanwege de vele onverklaarbare gebeurtenissen die deel uitmaken van de werkelijkheid in het boek, maar niet overeenstemmen met onze werkelijkheid. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Bronnen
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Slauerhoff, J (1932) Het Verboden Rijk 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/verboden+rijk.jpg" length="154068" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Tue, 16 Feb 2021 09:45:22 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-verboden-rijk-van-j-slauerhoff</guid>
      <g-custom:tags type="string">Joey Frinking,essays,essays leerlingen,Slauerhoff,Het verboden rijk,verboden rijk</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/verboden+rijk.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/verboden+rijk.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een tijdloze visie op het onderwijs</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-tijdloze-visie-op-het-onderwijs</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;font&gt;&#xD;
    
          Een tijdloze visie op het onderwijs
         &#xD;
  &lt;/font&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;font&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/font&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;font&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Fien Vreugdenhil (leerling 5 vwo Baudartius College)
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/font&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+gelukkige+klas.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         ‘De gelukkige klas’ is een dagboek van schoolmeester Staal, die lesgeeft op een school voor arme stakkertjes in Oost-Amsterdam. Hij beschrijft al zijn ervaringen tijdens het lesgeven, de verschillende persoonlijkheden van de kinderen en het karakter van de klas. Ook beschrijft hij de manier van lesgeven en zijn kritiek op inspecteurs en in zijn ogen onzinnige regels van buitenaf opgelegd. Theo Thijssen heeft zijn boeken uit zijn eigen, socialistische oogpunt geschreven. Hij had het als kind ook niet breed. Hij was een tijdje schoolmeester en heeft verschillende tijdschriften op zijn naam staan. ‘De gelukkige klas’ is moeilijk te plaatsen in een literaire stroming. Het heeft kenmerken van de neoromantiek, maar ook van het sociaal- realisme. Het zou dus aan beide stromingen toegeschreven kunnen worden. 
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De neoromantiek is een reactie op het naturalisme en het realisme. Kenmerkend voor de neoromantiek is het ontvluchten van de werkelijkheid en deze niet exact weer te geven. Deze ontvluchting kwam voort uit kritiek op de ‘lelijke’ wereld van machines, verstedelijking en sociaal schrijnende omstandigheden in het Interbellum. Dit uitte zich in een subjectieve, fantasievolle en idyllische schrijfstijl. Fantasievol is dit boek absoluut niet, het toont de werkelijkheid zoals die is. Maar hoe het naturalisme vooral de slechte kanten van de realiteit weergeeft, zo legt Thijssen vooral de nadruk op de positieve kant van de realiteit. Hij laat het belang zien van goed onderwijs.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Een belangrijk kenmerk van de neoromantiek is persoonlijke psychologische ontwikkeling. Staal schrijft veel over de ontwikkelingen van zijn leerlingen. Zo beschrijft hij hoe Leentje Roos, eerst een onbeschaafde arme sloeber, gegroeid is tot een beschaafd kind met nette manieren. “Dappere lieve kleine klimster, denk ik dankbaar, wat ben je toch al opgeschoten in die paar jaar dat ik je meemaak”. Hij beschrijft de persoonlijkheden en de ontwikkeling van een heleboel van zijn leerlingen. Ook schrijft hij over zijn eigen persoonlijke ontwikkelingen wat betreft zijn manier van lesgeven. Hij probeert telkens nieuwe manieren van lesgeven uit, de meeste manieren van lesgeven werken even, maar na een tijdje werken ze toch niet meer; “ ‘Bah’, zei ik, ‘die lijst is ook alweer afgelopen, die helpt al niet met een klas zoals deze”. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Een ander neoromantisch kenmerk is subjectiviteit; de gebeurtenissen worden beschreven uit het oogpunt van de hoofdpersoon of verteller, ze zijn niet op feiten gebaseerd. Dit boek is een dagboek waarin Staal al zijn ervaringen van het lesgeven beschrijft. Alle gebeurtenissen in het boek zijn beschreven vanuit het perspectief van de meester.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Ook is eenzaamheid een kenmerk van de neoromantiek. Oppervlakkig gezien is Staal niet eenzaam. Hij woont immers samen met zijn vrouw en hun kindje Greetje. Desondanks voelt hij zich wel eenzaam en onbegrepen door zijn vrouw. Zij praat neerbuigend over zijn leerlingen: ze ziet hen alleen als arme stakkertjes en verder niks. Zij wil het liefste dat Staal hogerop komt en gaat werken op een ‘betere’ school. Hij ergert zich hieraan. Hij is gehecht aan zijn klas en geeft om zijn kinderen. Hij hoeft helemaal niet zo nodig hogerop te komen. Toch gaat hij niet in discussie met zijn vrouw. Hij denkt dat zij hem toch niet begrijpt, wat waarschijnlijk ook zo is. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het stellen van een hoger doel past goed in de neoromantiek. Het doel is niet iets wat je letterlijk kan zien, maar iets hogers. Het doel in dit boek is niet dat de kinderen goede cijfers halen en dat Staal steeds meer gaat verdienen. Het doel is een gelukkige klas: “M’n heerlijke, lieve, lastige stel, ik weet eigenlijk maar één ding: de jaar of wat dat ik jullie heb en dat jullie mij hebben, behoren wij enkel maar een gelukkige klas te zijn. En de rest is nonsens hoor, al zal ik dat jullie nooit zeggen”. Dit is de laatste zin uit zijn dagboek.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In het Interbellum, de periode tussen de twee wereldoorlogen, vond een belangrijke literaire verandering plaats: de kritiek op de maatschappij groeide. Die kritiek is goed merkbaar in De gelukkige klas. De volgende drie fragmenten illustreren dit. Staal moet een klein aantal kinderen selecteren voor extra Franse of Engelse les. Hij loopt tegen het probleem aan dat hij bijna elk kind wil selecteren: hij gunt iedereen dat extra onderwijs en die extra kans. Hij komt erachter dat bijna elk kind in zijn klas, als die nog wat meer oefent, slim genoeg is voor die extra lessen. Hij weet ook dat van degene die hij niet selecteert voor de extra lessen later niet veel terecht komt. Hij vindt het vreselijk dat hij nu al van elk kind de toekomst moet bepalen. Dit is een aanklacht tegen de selectie van kinderen op jonge leeftijd, waardoor een eerlijke kans op een goede toekomst hen wordt ontnomen. In het volgende fragment geeft Thijssen kritiek op de opvatting dat kinderen van een dubbeltje geen kwartje kunnen worden. Na de lagere school leren de arme kinderen niet verder, hun ouders hebben ze thuis nodig of ze moeten werken: “Bertha kwam zo gauw mogelijk in het huishouden”. Doordat de ouders geen geld hebben om hun kinderen door te laten leren, krijgen ze geen goede opleiding en blijven ze net zoals hun ouders arm. Het laatste fragment beschrijft de kritiek op allerlei regeltjes bedacht door buitenstaanders, zoals inspecteurs. Van de inspecteur moeten alle onderwijzers een boek bijhouden, waarin ze elke dag de behandelde lesstof opschrijven. Staal doet dit braaf, maar weet dat het tijdverspilling is. De inspecteurs denken dat ze hierdoor goed onderwijs kunnen waarborgen, maar eigenlijk weten veel van hen helemaal niks van het vak lesgeven af.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dit boek zou daarom ook geplaatst kunnen worden in de literaire stroming het sociaal- realisme. Het is namelijk een aanklacht tegen de sociaal schrijnende omstandigheden in die tijd waarin een groot deel van de bevolking leefde in armoede en slechte hygiënische omstandigheden. De kansen waren ongelijk verdeeld. Immers zoals hierboven al beschreven is: arm geboren worden, is arm blijven. Als meester Staal op bezoek gaat bij een zieke leerling treft hij hem aan in een armoedig en zwaar onhygiënisch huis: “Het was een gruwelijk bezoek. Hij lag in een ledikant in een achterkamer, bij het raam, onder een donkerbruine deken. ‘een paardendeken’ dacht ik - misschien ook doordat er in de kamer een benauwde stallucht hing, een dierenlucht…”.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Al met al past de gelukkige klas het beste in de literaire stroming van de neoromantiek. De kritiek op de maatschappij, het subjectivisme, de persoonlijke psychologische ontwikkelingen, de eenzaamheid en het hogere doel passen onder deze stroming. Een typisch neoclassicistisch boek is het echter niet. Een idyllische en fantasievolle schrijfstijl ontbreken. De gelukkige klas is ook te plaatsen in het sociaal realisme. Het geeft immers de slechte leefomstandigheden van een groot deel van de bevolking in die tijd weer. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Bronnenlijst
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Algemeen letterkundig lexicon · dbnl. (2012). Geraadpleegd op 1 februari 2021, van https://www.dbnl.org/tekst/dela012alge01_01/dela012alge01_01_02541.php
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          de Moor, W. A. M. (1995). Ons Erfdeel. Jaargang 38 · dbnl. Geraadpleegd op 1 februari 2021, van https://www.dbnl.org/tekst/_ons003199501_01/_ons003199501_01_0093.php
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Donselaar, K. (2021, 5 februari). Leesverslag stromingsboek: De gelukkige klas. Geraadpleegd op 2 februari 2021, van http://koendonselaar.blogspot.com/2013/11/leesverslag-stromingsboek-de-gelukkige.html
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Lafranca, J. (2015, 15 april). De gelukkige klas (1926) - Theo Thijssen Museum. Geraadpleegd op 1 februari 2021, van https://www.theothijssenmuseum.nl/theo-thijssen/boeken/item/96-de-gelukkige-klas-1926
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Stromingsboek 1 De gelukkige klas. (2013, 26 november). Geraadpleegd op 1 februari 2021, van http://leesdossierroosmarijnpost.blogspot.com/2013/11/stromingsboek-1-de-gelukkige-klas.html
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Wikipedia-bijdragers. (2014, 28 januari). De gelukkige klas. Geraadpleegd op 1 februari 2021, van https://nl.wikipedia.org/wiki/De_gelukkige_klas
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Wikipedia-bijdragers. (2020a, 16 april). Socialistisch realisme. Geraadpleegd op 2 februari 2021, van https://nl.wikipedia.org/wiki/Socialistisch_realisme
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Wikipedia-bijdragers. (2020b, 22 mei). Neoromantiek. Geraadpleegd op 2 februari 2021, van 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          https://nl.wikipedia.org/wiki/Neoromantiek
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Wikipedia-bijdragers. (2021, 18 januari). Theo Thijssen. Geraadpleegd op 2 februari 2021, van https://nl.wikipedia.org/wiki/Theo_Thijssen
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+gelukkige+klas.jpg" length="71111" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 15 Feb 2021 07:47:19 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-tijdloze-visie-op-het-onderwijs</guid>
      <g-custom:tags type="string">De gelukkige klas,essays,essays leerlingen,Theo Thijssen,Thijssen,gelukkige klas</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+gelukkige+klas.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/De+gelukkige+klas.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een echte middeleeuwse reis</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-echte-middeleeuwse-reis</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een echte middeleeuwse reis
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Anna Willemse (leerling vwo 4 Baudartius College) 
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Reis+van+Sint+Brandaan.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         Brénaim Mac Findloga, beter bekend als Sint Brandaan, was een Ierse abt en zeevaarder over wie verschillende legenden zijn geschreven. Het bekendste werk over Sint Brandaan is ‘De reis van Sint Brandaan’. Dit Keltische verhaal kwam tot stand in het 12de-eeuwse Rijnland in een zowel Nederlands als Duits dialect. Het verhaal was razend populair in de middeleeuwen en is nog steeds erg bekend onder de middeleeuwse geschriften. Het verhaal was zelfs zó populair dat er verschillende versies in omloop waren in verschillende talen. De populariteit van dit verhaal bewees dat er een grote Keltische invloed was op de Europese literatuur. Maar is dit verhaal ondanks zijn populariteit in de middeleeuwen ook echt typerend voor dit tijdvak? En waarom was het zo populair? 
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Het verhaal volgt Sint Brandaan, een ongelovige die een bijbels boek leest met allerlei verschijnselen waar hij niet in gelooft. Daarom gooit hij dit boek kwaad in het vuur en hierdoor begaat hij een grote zonde. Een engel verschijnt en vertelt hem dat hij de waarheid zelf moet ontdekken door op reis te gaan om de wonderen van God te aanschouwen. Dit doet hij dan ook gewillig en hij reist langs allerlei wonderbaarlijke en afschuwelijke taferelen met een groep pelgrims. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Dit hele verhaal wijst duidelijk terug naar een belangrijk onderwerp in de middeleeuwse literatuur: de reisgeschriften. Omdat de mensen vroeger nog gebrekkige kennis hadden van de wereld en stiekem toch wel nieuwsgierig waren, gingen dit soort verhalen rond als een lopend vuurtje. Of de verhalen ook echt gebaseerd waren op de werkelijkheid speelde in principe geen rol. Naast hun gebrekkige kennis is de goedgelovigheid waarschijnlijk ook te wijten aan hun heilige geloof in God; een wonder was iets om je over te verwonderen, niet iets onmogelijks.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Een ander kenmerk van typisch middeleeuwse geschriften is het terugkomende thema ‘voorbeeldige levens’ en de zogenoemde ‘Exempelen.’ Predikers in de middeleeuwen hadden door dat het vertellen van hun boodschap in de vorm van een spannend en ontroerend verhaal nou eenmaal beter werkte dan een strenge les. Het was voor de middeleeuwse mens namelijk erg belangrijk om met God in het reine te komen. Hoe ze dit precies konden doen en hoe ze hun lot als zondaars konden omkeren werd geïllustreerd in verhalen zoals ‘De reis van Sint Brandaan’. Hierin wilde men laten zien dat God genadig is en dat zelfs de grootste zondaars hun lot kunnen omkeren om alsnog toegang tot de hemel te kunnen verkrijgen ( door een voorbeeldig leven te leiden). Dit is te zien aan het vaak terugkomende motief in dit verhaal waarin alle wonderen worden toegeschreven aan Gods hand. Het onderstaande stukje uit ‘De reis van Sint-Brandaan’  illustreert dit motief goed:
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          “ Toen ze begonnen te hakken,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          schoot het eiland met alles erop en eraan
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          plotseling diep in de oceaan,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          zodat de heilige man
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          maar net op tijd het schip opkwam. Haastig zijn ze in ‘t schip gesprongen en hebben Godes lof gezongen omdat Zijn goedertierenheid
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          hen van dit onheil had bevrijd.”
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Er is hier duidelijk te zien dat God de pelgrims redt ondanks hun zondige verleden omdat ze zijn hand volgen. Door het verhaal heen wordt er naast dit motief ook vaak indirect verteld hoe men zich niet moet gedragen:
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          “ Met een van hen is het misgegaan:
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          om een diefstal moest hij hem laten gaan, daardoor keerde zich God tegen die kapelaan,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          kreeg de duivel de gelegenheid,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          die met een teugel hem had verleid,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          die hij wegnam, terwijl het niet mocht. Zo heeft de duivel hem bezocht,
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          kreeg macht over de kapelaan.”
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          In dit stukje tekst wordt verteld dat stelen een zonde is en de duivel hierdoor macht over de mens krijgt. Dit soort lessen komen in het verhaal vaker voor en wijzen op een typisch middeleeuws kenmerk: verstopte lessen en boodschappen in een spannend verhaal. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Naast de duidelijke middeleeuwse inhoud van dit verhaal is de schrijfstijl ook erg kenmerkend voor dit tijdvak. Zo wordt er gebruik gemaakt van de typische middeleeuwse manier van ontkennen met ‘en’ of ‘ne’ voor de werkwoorden. Een goed voorbeeld hiervan is de zin: “Wat waer ofte loghene es.” (wat echt waar is en wat niet). In deze zin is duidelijk te zien dat er gebruik wordt gemaakt van ‘ne’ voor het werkwoord “es”. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Bovendien is ‘De reis van Sint Brandaan’ oorspronkelijk in een Duits Nederlands dialect geschreven, wat erg logisch is. In de middeleeuwen was er namelijk nog geen ‘Nederlandse taal’ maar werden er verhalen geschreven in verschillende dialecten. Dit kwam omdat Nederland nog bestond uit verschillende staten en er dus geen behoefde was een overkoepelende standaardtaal. Er wordt in dit verhaal naast het dialect ook duidelijk gebruik gemaakt van Latijnse woorden en klanken zoals “es” (‘je bent’ in het Latijn). Dit verhaal is naast deze uitgave helemaal in het Latijn uitgegeven wat  schetsend is voor de middeleeuwen: Latijn was een toonaangevende taal voor geschriften.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          ‘De reis van Sint Brandaan’ is dus niet zomaar een boek uit de middeleeuwen: het is het perfecte voorbeeld van een middeleeuws Katholiek verhaal. Het verhaal omvat verschillende kenmerkende middeleeuwse thema’s zoals de goedgezindheid van God, voorbeeldige levens en hoe men ze moest leven én ontdekkingsreizen. Naast de inhoud is de opbouw en spelling van dit verhaal ook nog eens   kenmerkend voor een Middelnederlands geschrift. Kortom, ‘De reis van Sint Brandaan’ is typerend voor het middeleeuwse tijdvak en de populariteit van het verhaal is goed te verklaren. Men hield nou eenmaal van een spannend reisverhaal mét levenslessen!
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Reis+van+Sint+Brandaan.jpg" length="37433" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Fri, 12 Feb 2021 19:01:56 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-echte-middeleeuwse-reis</guid>
      <g-custom:tags type="string">Brandaan,Middeleeuwen,Sint Brandaan,essays,essays leerlingen</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Reis+van+Sint+Brandaan.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Reis+van+Sint+Brandaan.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een realistische en neoromantische vaart op de Johanna Maria</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-realistische-en-neoromantische-vaart-op-de-johanna-maria</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Een realistische en neoromantische vaart op de Johanna Maria
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Javan Kassenaar (leerling vwo 5 Baudartius College)
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div&gt;&#xD;
  &lt;img src="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+fregatschip+Johanna+Maria.jpg"/&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  
         In
         &#xD;
  &lt;i&gt;&#xD;
    
          Het fregatschip Johanna Maria
         &#xD;
  &lt;/i&gt;&#xD;
  
         wordt de levensloop van het niet-bestaande schip, de Johanna Maria gevolgd. Een fregatschip is een type zeilschip dat aan alle drie zijn masten een ra, dwarsbalk waar het zeil aan bevestigd kan worden, heeft hangen. De Johanna Maria is een groot en trots schip en wanneer het te water wordt gelaten in 1865 maken we voor het eerst kennis met de hoofdpersonen. De eerste kapitein van het schip, Kapitein Wilkens en de zeilmaker, Jacob Brouwer. Zij dienen eerst samen op de Johanna Maria, maar nadat bijna de gehele familie van Wilkens overleden is en hij zichzelf van het leven heeft beroofd, focust het verhaal zich verder op Brouwer en het schip. Het wordt een aantal keer verkocht, eerst aan de Noren en daarna aan Russen. Later wordt het steeds meer verkocht tot het uiteindelijk in de Caraïben terechtkomt. Een groot deel van de reizen is Brouwer aanwezig op het schip, slechts enkele reizen niet, meestal door geschillen met de kapitein. Aan het einde van het boek heeft Brouwer genoeg gewerkt en gespaard om het schip te kopen en het terug naar Amsterdam te krijgen, iets waar hij al het hele boek naar verlangt. Het schip en Brouwer zijn onderhand oud geworden en uiteindelijk ligt het in een opslagplaats, vlak bij de plek waar het te water is gelaten. Brouwer woont op het schip samen met zijn vrienden, Meeuw, met wie hij veel heeft gevaren en Avery, met wie hij later op zijn reizen vrienden mee is geworden. Langzamerhand moeten de drie vrienden allemaal het schip verlaten, de een om verveling, de ander om een ongeluk op het schip. In het hele boek zijn kenmerken van twee stromingen te vinden: de neoromantiek en het realisme.
         &#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          De realistische kenmerken zijn door het hele boek te herkennen. Al vanaf het begin is het duidelijk dat de schrijver goed onderzoek heeft gedaan naar hoe een fregatschip eruitziet en welke namen alle onderdelen hebben. Dit zorgt ervoor dat je je goed een beeld kan vormen ver hoe het schip eruit zou hebben gezien. Een goed voorbeeld hiervan is te zien wanneer de Johanna Maria in een storm terechtkomt en er precies wordt gehandeld, zoals er op een echt fregatschip gehandeld zou worden. "Hij was nauwelijks naar beneden gegaan toen de buitenkluiver lossloeg en met geluid van knallen het jaaghout scheef wrong. Drie man waren tot donker bezig om hem te bergen, met bezorgdheid door Bos gadegeslagen, want zij dompelden soms tot over het hoofd in het water.” (‘Het fregatschip Johanna Maria', p. 50) Deze alinea beschrijft hoe, vlak nadat Brouwer was gaan slapen, een van de zeilen lossloeg en het verlengstuk van de boegspriet (het jaaghout) krom sloeg. Dit kwam door de onvoorzichtigheid om niet dit zeil op tijd te bergen tijdens een storm, waardoor het desastreuze gevolgen kan hebben.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Vanaf het begin krijgen we ook al veel te weten over de eerste kapitein, Jan Wilkens en over de zeilmaker, Jacob Brouwer. Doordat we veel te weten komen over het privéleven van beide mannen merk je al snel wat de redenen zijn voor beide mannen om te gaan varen. Kapitein Wilkens om geld te verdienen, eerst voor zijn moeder, die al overleed voor hij terugkwam van zijn eerste reis en later voor zijn vrouw en zonen. Brouwer ging zeilen om te ontsnappen aan het geweld van zijn vader en is daarna blijven zeilen. Doordat we dit te weten komen kan de lezer zich steeds meer inleven in de karakters. Dit is ook weer een kenmerk van het realisme, omdat we nu weten wie de personages zijn en zij steeds realistischer lijken.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Iets wat vooral voorkomt in het gematigd realisme is dat een verhaal een goed einde heeft. Dat is bij Het fregatschip Johanna Maria ook zo voor Brouwer. Het lukt Brouwer namelijk om uiteindelijk de Johanna Maria te kopen, iets wat hij heel graag wilde. Voor Wilkens eindigt het echter wat minder goed, al na zijn eerste reis sterft zijn moeder en langzamerhand sterven al zijn kinderen. Wanneer hij terugkomt van een reis hoort hij dat zijn vrouw naar een gesticht is gebracht, begint hij aan zijn laatste reis en berooft hij zichzelf van het leven vlak voordat het schip terugkeert in de haven. Dit kenmerk is dus maar deels zichtbaar in dit boek.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Behalve realistische kenmerken zijn er ook heel wat neoromantische kenmerken te vinden in het gehele verhaal. Zo verlangen zowel Brouwer als Wilkens naar dingen die schijnbaar onhaalbaar zijn, wat een groot kenmerk is voor de neoromantiek. Brouwer verlangt, na een lange tijd op de Johanna Maria gevaren te hebben onder allerlei verschillende kapiteins, om de Johanna Maria te kopen en als eigenaar te varen. Wanneer hij zich dit realiseert, gaat hij rekenen hoe lang hij moet sparen om dat voor elkaar te krijgen. Hij beseft voor het eerst dat hij het schip verlangt te bezitten wanneer hij de zoon van een oude vriend en scheepsmaat het schip laat zien. "Nadat zij afscheid van elkander hadden genomen bleef Brouwer op de wal in gedachten staan; onder het spreken was het hem plotseling klaar geworden dat hij dit schip en geen ander verlangde te bezitten." (‘Het fregatschip Johanna Maria', p. 68-69) Dit is tegelijkertijd een ander kenmerk van de neoromantiek, namelijk het verlangen naar een ideaal. Tijdens deze passage wordt duidelijk dat Brouwer een leven op de Johanna Maria met hem als eigenaar ideaal zou vinden. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Voor Wilkens is het doel waar hij naartoe werkt echter wel onhaalbaar. Hij verlangt er namelijk naar dat hij voor zijn familie kan zorgen en ervoor kan zorgen dat ze het allemaal goed hebben. Dit is echter niet haalbaar, omdat hij zoveel weg is om geld te verdienen. Langzamerhand sterven al zijn zonen en uiteindelijk wordt ook zijn vrouw naar een gesticht gebracht. Omdat hij bijna elke reis wegging zonder te weten of hij zijn vrouw of kinderen er nog zouden zijn wanneer hij terugkomt, haast hij zich op elke reis en behandelt hij het schip slecht.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Ook de onvrede met het hier en nu is neoromantisch. Het hier en nu is in dit geval de jaren twintig en begin jaren dertig van de twintigste eeuw. Dit boek gaat terug naar de tijd dat de zeilschepen nog een monopolie hadden op de zeeën, in tegenstelling tot de tijd waarin dit boek is geschreven, waar metalen slagschepen de grootste macht hadden op zee. De slagschepen van die tijd handelden echter niet, wat de meeste zeilschepen wel deden. Dit is dus ook onvrede over de afname van de handel met andere landen over de zee. Van Schendel schept met dit boek een blik terug op de tijd dat de zeilschepen nog de dienst uitmaakten en geeft de zeilschepen, met name het type van de Johanna Maria, het fregatschip, als een sterk type schip weer.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Van beide stromingen zijn dus veel kenmerken aanwezig in het boek. Van het realisme is het vooral aanwezig dat het schip erg realistisch is beschreven en goed overeenkomt met historische fregatschepen. Ook tijdens stormen wordt erg realistisch gehandeld, zo worden bijna alle zeilen geborgen en wordt het stormzeil gehesen. Ook is wordt het de lezer erg makkelijk gemaakt om zich in te leven in de hoofdpersonen en het verhaal zo realistischer te maken. Doordat het zo makkelijk is om je in te leven in de karakters, worden de verlangensvan de karakters ook erg duidelijk. Dit is dan weer een kenmerk van de neoromantiek. Deze verlangens lijken onhaalbaar, hoe kan een simpele zeilmaker immers genoeg geld verdienen om een heel schip te kopen en hoe kan een man die het grootste deel van het jaar weg is zijn familie onderhouden. In het geval van Brouwer is het toch gebeurd, maar in het geval van Wilkens is het inderdaad onhaalbaar gebleken. Dit boek is dus niet te plaatsen in of het realisme of de neoromantiek, omdat er van beide stromingen veel kenmerken in het boek zitten.
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Bronvermelding:
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Van den Berg, D. (2020). Literatuur V5. Zutphen: Baudartius College
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    
          Van Schendel, A. (1930). Het fregatschip Johanna Maria. 
         &#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+fregatschip+Johanna+Maria.jpg" length="106669" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Thu, 11 Feb 2021 09:54:22 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-realistische-en-neoromantische-vaart-op-de-johanna-maria</guid>
      <g-custom:tags type="string">Van Schendel,essays,Arthur van Schendel,essays leerlingen,essays van leerlingen,Het fregatschip Johanna Maria,Schendel</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+fregatschip+Johanna+Maria.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Het+fregatschip+Johanna+Maria.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Zolang het niets geen grenzen kent</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/zolang-het-niets-geen-grenzen-kent</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘Zolang het niets geen grenzen kent’
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van ‘In mijn mand’ van Lieke Marsman
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Laat ik vooropstellen, ik ken mijn plaats als lezer, in mijn mand. Wat ik ook aan moois ontdek in de bundel die ik in mijn handen heb, ‘In mijn mand’ van Lieke Marsman, het zijn slechts mijn eigen gedachten die de schoonheid proberen te bevatten door haar van alle kanten te benaderen. Wat overeind blijft, zijn niet mijn gedachten, maar de poëzie, als rots in de branding. Poëzie spreekt voor zichzelf, waarom zou ik dan als lezer op deze plek nog hardop ‘voor’-lezen, zeker als zelfs de dichter mij bij voorbaat ter verantwoording roept, want niet mis te verstaan is ‘Wat als er tussen de regels door/ alleen een peilloze leegte ligt, een stilte/waarin ik probeerde een gedachte te formuleren/die dadelijk wordt volgeplempt/met hermeneutische tekstverklaring?’ Laat ik nu net ook van de stilte houden die ieder voor zich kan invullen, maar die niet per se gevuld hoeft te worden, maar wie zegt dat mijn beschouwing straks niet ook valt onder ‘de uiteenzettingen van critici/die mijn gedichten doorplozen als boedelbeschrijving’? De dichteres houdt mij bij voorbaat een spiegel voor, en juist daardoor voel ik mij gesterkt, want wie kritiek durft te geven, vindt de ander de moeite waard. 
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Heel lang bleef ik alleen maar kijken naar de voorkant van de bundel: berkenbomen met veel ruimte ertussen, sommige zo kenmerkend wit van kleur, andere in de schaduw, maar dan in elk geval kenmerkend van vorm. Onwillekeurig zocht ik naar de mand, maar een mand voelt veel meer ‘binnen’, in een kamer, dan dit buitentafereel. Toch vond ik een mand, en wat voor een, tussen de bomen, toch ook ‘omsloten’, zoals een mand in een kamer kan zijn, in dit geval door de bomen, namelijk een klein water, wellicht een ‘barmhartig vennetje’. Toen ik het eenmaal zag, ontroerde het mij hevig, omdat de diepte van deze bijzondere mand onpeilbaar is, en tegelijkertijd spiegelt aan het oppervlak, poëzie in essentie.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daar stond ik dan, wat onzeker aan de rand van het spiegelende water, probeerde de diepte te peilen, van ‘Dit nieuwe leven’ en had toch wel iets wat lijkt op een universeel esthetische ervaring, juist omdat de ik op zoek gaat naar ‘het sublieme. Dat magische mooie/dat steeds tussen je vingers vandaan glipt/en waar een beetje geesteswetenschapper/een hele carrière op kan bouwen./Wat als het ongrijpbaar is omdat het niet bestaat?’ De zoektocht van de ik valt heel even samen met die van mij als lezer, want ik ben stiekem ook op zoek naar het sublieme in of tussen de regels, en ook mij glipt het tussen de vingers vandaan, want waarin schuilt toch de schoonheid van deze versregels? Eerst neemt de ik mij mee in een tram, ‘terwijl mijn eigenzinnigheid met me meereist/ in mijn linnen tasje, massaproduct voor een eenling’. Die observatie vind ik op zichzelf al heel mooi: hoe talloze producten voor de massa worden gemaakt, maar toch slechts gebruikt worden door een enkele persoon. Tussen die alledaagse handelingen komt dan ineens die zoektocht naar het sublieme, en die zoektocht vind ik ook heel mooi beschreven, vooral de angst dat het misschien niet eens bestaat, terwijl we er zo naar verlangen. Als lezer vraag ik me af: ligt het sublieme niet overal verscholen: zowel in de observatie van het kleine, als in die zoektocht naar het grotere? Voor mij als lezer dus wel, want de regels raken mij, voor even, want ik realiseer me heel goed dat het sublieme ook in andere regels, net als in die van andere dichters, of in de schoonheidsbeleving van de omslag, voorbijflitst en mij raakt. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Natuurlijk wil ik daar als lezer bescheiden in zijn. Wat mij raakt, hoeft een ander niet te raken en andersom. Wat ik lees, hoeft een ander niet te lezen, en andersom. Neem: ‘‘Wanneer ik me/in een ruimte vol glasscherven/naar het licht dans’ (een zin uit mijn eerste bundel)/werd door een zelfverzekerde interviewer eens/tot een religieus ontwaken gebombardeerd’. Dat kan dus gebeuren, dat je iets leest, wat de ik uit het gedicht niet zo bedoeld heeft. De ik klinkt hier scherp en kritisch, misschien zelfs wat sarcastisch, maar hoe mooi is het dat in het volgende gedicht staat: ‘Het betekent dat als ik dat gedicht opnieuw kon schrijven,/ ik er een religieus ontwaken in zou leggen – God weet/hoezeer ik het nodig heb.’ Dit vind ik nu subliem, want het laat zien dat de observatie van een ander ertoe doet, dat het even tijd nodig heeft om te landen in de ik, maar dat het een kans krijgt, in overweging wordt genomen. De dichter laat hier perfect zien hoe belangrijk het gesprek is tussen mensen. We moeten nooit stoppen met elkaar te spreken. Anders is dat bij ‘Een ander schreef/dat ik beter helemaal met dichten kon stoppen/en ik ben ook wel eens pathetisch genoemd/door mannen met verstand van de canon. Kijk om je heen, door de hele geschiedenis heen/dat verdomde verdoemen en minachten van emoties... Geen wonder dat we zijn aanbeland/waar we zijn aangestrand.’ De ik legt hier de vinger exact op de plek waar het fout gaat: roepen dat een ander beter kan stoppen met dichten – dat wil zeggen met leven, want een mens leeft door keuzes te maken, in dit geval de keuze om te dichten – helpt de mensheid niet verder. Dat is veroordeling, dat is minachting van de ander. Die brengen ons in een samenleving waar we de ander geen plek gunnen. De dichter laat hier feilloos zien wat het verschil is tussen luisteren en kritische vragen stellen aan de ene kant, en veroordelen aan de andere kant. Met het een kun je verder, met het ander is je bestaan tot niets gereduceerd. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toch is de ik zo krachtig om zelfs met deze laffe kritiek zichzelf een spiegel voor te houden: ‘Het is ook nooit goed met die pathetische dichters’. Het is een zucht, nadat de ik heeft duidelijk gemaakt hoe je in een kringetje kunt blijven draaien als je je leven zin wilt geven terwijl ‘de dokter morgen kan bellen/om te zeggen dat het klaar is’. Wat blijft er dan nog over om van je leven te maken: ‘Er is geen toekomst, alleen en lang/en stroperig hier en ik zijn. Het enige zwerven/door de tijd dat ik soms doe is terugblikken’? Zelfs als er bij mij geen enkele aanleiding is tot angst dat de dokter mij elk moment zou kunnen bellen met deze onheilspellende boodschap, zet het mij aan het denken. Elk mens is immers vergankelijk. Zoals de ik zich afvraagt of je met zo’n zwaard van Damokles boven je hoofd anders gaat leven, zo vraag ik mij dat omgekeerd ook af: waarom maak ik mijzelf wijs dat mijn leven vast nog wel een poos doorgaat? Wordt het leven daardoor niet minder waardevol? 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In ‘De onttovering van de wereld’ duikt de ik heel even in het verleden naar twintig jaar terug: ‘in mijn broekzak heb ik/mijn meest kostbare bezit/tot nu toe: een miniatuur Katrien Duck/die uit een roze doosje springt/zodra je het opent’. Ook hier vraag ik mij af: wat zijn mijn schatten en wat is het verschil met die van vroeger? Het kleine roze verrassingsdoosje met kleinood ziet er twintig jaar later wel wat anders uit: ‘twintig jaar later raak ik verstrikt/in de wachtwoorden/en patiëntnummers/die ik nodig heb/om toegang te krijgen tot mijzelf/en ik voel mij onttoverd/er is niets magisch aan dit leven/waarin een balie een schavot is/waarin de snelle achteruitgang/aan het eind een angst is/’Ze voelde zich goed. Toen was ze dood.’/als een nieuwe fleece trui die een keer gewassen werd’. Het is ontroerend en schrijnend hoe het beeld van het kleine schatkistje langzaam schuift over het digitale patiëntendossier waarin het lot van de mens verscholen ligt. Nee, geen wonder dat de ik onttoverd is, want daar is inderdaad niets magisch aan. Het is frustrerend hoe je tegenwoordig met weet ik hoeveel gebruikersnamen en wachtwoorden soms nauwelijks nog toegang weet te krijgen tot de informatie waar eigenlijk alleen jijzelf over zou mogen beschikken. Het is huiveringwekkend hoe de gang naar de balie van het ziekenhuis hier is verbeeld als schavot. Het voelt alsof je je laatste stappen aan het zetten bent, hoe het in een keer afgelopen kan zijn. Het beeld van de fleece trui laat zien hoe ook dat moment onttoverd is: het veel te korte leven wordt vergeleken met een trui die maar een keer gewassen werd. Het roept meteen het gevoel van ‘zonde!’ op, en direct daarna een gevoel van armzaligheid, omdat het leven zoveel meer waard is dan die fleece trui. Toch voelt het als een schreeuw om de kleinoden van het leven te koesteren, vooral aan het slot: ‘zeg me dat de mensheid/haar geloof verliest en ik antwoord/we waren altijd al achterdochtig/we knepen alleen nog een oogje dicht/hadden in een ver verleden ergens gelezen:/het is beter met één oog/het eeuwige leven binnen te gaan/dan met twee ogen/in het eeuwige vuur te worden gegooid’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is bewonderingswaardig en ook troostend hoe Marsman, die voortdurend de klok door hoort tikken, de strijd aangaat tegen wantoestanden in de samenleving, zoals in ‘Verlate kamervragen’: ‘het verschil/tussen lichamen/en kadavers/is het verschil/tussen uw opoe Lambertus/in huize Zonnerust/en de Bengalese kleermaker/die geen polyester badpakken/meer hoeft te naaien/bedankt voor uw diensten/maar de zomer/is al even verloren/als het culturele seizoen/in Moria sterft/een meisje/een klapperend tentdoek/als ventilator/terwijl ons beloofd was/dat de kinderen niet/zouden sterven/dit keer/de moraliteit, zeg je/is weer eens/ribbedebie/dankzij de realiteit van mondkapjes 9 euro/per stuk/booking.com/was er snel bij/KLM koppelde bonus/aan staatssteun/nog even/en op Airbnb/verschijnen/de eerste schuilkelders/terwijl het ene/na het andere theater/omvalt’. De poëzie roept op tot verzet tegen deze wantoestanden, ook al zou vandaag je laatste dag zijn, en je niet meer deel uitmaken van een betere wereld in de toekomst. Het streven naar het sublieme is noodzakelijk om het leven zin te geven in een samenleving waar de ander er ook toe doet. Hier voel ik de bodem van de kleine mand van het nu zakken tot een onpeilbare diepte, waarin het niet de tijd is, die ertoe doet, maar onze verantwoordelijkheid en onze keuzes.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Lieke Marsman gebruikt prachtige beelden om het menselijk bestaan in te vangen: ‘in mijn herinnering ben ik nevel/slijt mijn dagen als een moerasmist/die overal (op halve dichtheid) is//niet een vrouw alleen aan het water/maar de afgemeten kade zelf ben ik/het resultaat van de rotsen en hard’. Het geeft weer hoe de ik voortdurend van positie verandert: van nevel, via moerasmist, naar de afgemeten kade zelf. Ik denk aan de dunne lijn tussen leven en dood waarop de ik balanceert, maar ‘hier altijd al geweest en ieder voorjaar/aan gedacht door mensen mijlenver verwijderd:/weet je nog, jaren geleden, wij aan die kade//niet een vrouw alleen aan het water/maar een hele vriendengroep in de zon/te koud om te zwemmen, dus we zwommen?’ Zo verschuift de eenzaamheid van de ik, gevangen in het onzekere bestaan, op dezelfde plek, deze zelfde kade, naar een gelukkig, onverschrokken, samenzijn met vrienden, ergens in het verleden, en in de herinnering dus ook nu.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Dit is allemaal uit één stip gesprongen,/deze zich langzaam uitrollende atoomwolk/die zijn ploegmessen stukslaat/op de zwerfkeien van de afstand//die op elke afstand volgt.’ Verwijst ‘Dit’ naar het leven, of misschien ook naar het gedicht zelf, als een soort uitdijend heelal? Het werpt een troostrijke gedachte op het nu dat eindeloos uitdijt: ‘Gelukkig is verdwijnen onmogelijk/zolang het niets geen grenzen kent:/in wat alles omvat geen plek voor residu.’ God zij dank dat Lieke Marsman nu onze Dichter des Vaderlands is en dat zojuist deze prachtige bundel is verschenen waarin zij nooit zal stoppen met dichten, en het voor altijd mogelijk is de tijd te verliezen. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Lieke+Marsman.jpg" length="145531" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:51 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/zolang-het-niets-geen-grenzen-kent</guid>
      <g-custom:tags type="string">Lieke Marsman,In mijn mand,Marsman</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Lieke+Marsman.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Lieke+Marsman.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Vanuit het slagveld van woorden raakt het gemis de lezer</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/vanuit-het-slagveld-van-woorden-raakt-het-gemis-de-lezer</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Vanuit het slagveld van woorden raakt het gemis de lezer
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van ‘Berichten van het front’ van Anna Enquist
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Misschien kun je het leven van een moeder die haar kind heeft verloren inderdaad het beste vergelijken met oorlog. Zij balanceert op het randje van de afgrond en slingert heen en weer tussen het verlangen naar die peilloze diepte waarin haar kind is verdwenen en de wetenschap dat zij het leven, dat zich doelloos voor haar uitstrekt, moet uitzitten, uitvechten, tot ze erbij neervalt. ‘Berichten van het front’ van Anna Enquist is een bundel hartverscheurende poëzie over de moeder die als eenzame, gebroken soldaat niet aflatend blijft vechten tot het bittere einde.
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel bestaat uit verschillende afdelingen. Nu is het bij een dichtbundel niet altijd gebruikelijk om de bundel van voor naar achter te lezen. Sommige lezers lezen bladerend en blijven hier en daar wat hangen. De opbouw van ‘Berichten van het front’ leent zich er echter wel voor om bij het begin te beginnen en bij het slot te eindigen, al was het alleen maar omdat hij aan het begin welkom wordt geheten met een ‘Oudjaarstoespraak’ namens ‘de werkgroep gedupeerde dichters, de vereniging rouwende schrijvers’, en aan het eind een ‘Afscheidsgroet’ krijgt met een heldere handreiking om mee verder te kunnen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het welkomstwoord zet meteen de toon. Er is hier een rouwende dichter aan het woord, die ons allemaal toewenst eerder ‘de eindstreep’ te halen dan onze kinderen. De dichter zal ‘sombere kost uit onze keukens, met woede bereid, te heet, te koud’ opdienen. We zijn gewaarschuwd. Een beetje cynisch klinkt het ‘wil ik u groeten en vertellen dat wij nog bestaan’. Dat is het levensteken waar je normaal gesproken op hoopt als je een bericht van het front krijgt, maar dat dat ‘bestaan’ eigenlijk geen leven, maar een continue strijd is, wordt al gauw duidelijk. ‘Wij kneden het gemis totdat het op de bladzij past.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Natuurlijk past het in geen geval op de bladzijde. Ook dat heeft de lezer direct door. Na het welkom komt hij in de afdeling ‘Demeter’ terecht, genoemd naar de godin van het korenveld, die op zoek is naar haar dochter Kore. Kore is de bijnaam voor Persephone en betekent ‘meisje’. Door hier te kiezen voor de bijnaam, geeft Enquist de band tussen moeder en dochter meer intimiteit, die ook bevestigd wordt door de zin ‘zij is de naam van haar dochter’. Ook in de mythologie vormen Demeter en haar dochter een eenheid: moeder is de aarde, dochter het graan, dat afsterft en weer opkomt. Samen symboliseren ze de gang der seizoenen. In Enquists gedicht krijst Demeter dag en nacht, voelt geen honger en kou, maar valt samen met haar roep om het kind. Hiermee zet Enquist een krachtig beeld neer van de band tussen moeder en dochter, en de pijn van het verlies. Toch gaat het verdriet van de ‘ik’ nog veel verder: ‘Daar haak ik af’. Demeter krijgt het namelijk voor elkaar dat ze haar dochter driekwart jaar mag behouden. Alleen in de winter verdwijnt ze. De ‘ik’ moet het alle seizoenen zonder haar dochter doen, elk jaar opnieuw.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het beeld van de zoekende moeder wordt ook in de daaropvolgende gedichten vastgehouden. In ‘Phlegreïsche velden’ vraagt de ‘ik’ zich sissend af: ‘hoe kan een kind/ dat zo thuis was in leven zorgeloos/ de onderwereld in duiken? Onachtzaam, blind?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wie weet dat Enquist haar eigen dochter heeft verloren door een ongeluk, voelt de gelijkenis: de moeder die zich wanhopig afvraagt hoe het kind zo ineens maar kan verdwijnen. Wat is een moeder zonder kind? Is zij dan nog moeder? Deze vraag werpt de dichteres op door de woorden: ‘Gebrek aan het kind kooit haar in moederschap.//Ze rukt aan de tralies. Krommer en grijzer/van dag tot versleten dag. Kijk hoe ze/nooit ontsnapt, nooit iets vindt.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat de ‘zij’ er erger aan toe is dan Demeter, blijkt ook uit het gedicht ‘In de sneeuw’: ‘Geen dochter in aantocht./Zij leeft niet in het mythologieboek.’ En: ‘de onbarmhartige zomer gaat zij knarsetandend verdragen, de warme appels een marteling, een treurige vreugde.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Misschien dat een op deze manier aangetaste moeder nog vrede zou kunnen hebben met het leven in de kooi, blijvend in de rouw. Zo eenvoudig is het echter niet, blijkt uit ‘Alles bloeit’: er is ook nog een kleinzoon. Voor de kleinzoon zal ze moeten leven: ‘oma, kijk maar, wij zijn in de dag,/daar is de zon. Hij heeft gelijk.’ De lezer voelt de innerlijke strijd die dat oplevert ook in het gedicht ‘Ontluistering’: ‘Zij loopt, vuisten gebald,/de kale wereld in, en zal zich/ met de dingen gaan verstaan.’ Steeds opnieuw probeert ze zich te zetten tot het dagelijkse leven dat om aandacht vraagt, maar ‘Waar zit/ het lek, wat zuigt de brandstof elke dag weg,/knaagt aan haar kracht, vreet haar leeg?’ De afdeling ‘Demeter’ sluit met het gedicht ‘Eindstation’, waarin niet alleen de herinneringen aan haar dochter zich aandienen ‘die nieuwsgierige slons’, maar ook haar eigen eindigheid: ‘Uitzicht op witte weiden, wachten op de laatste/halte, uitstappen op onbekend terrein.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de tweede afdeling, ‘Hoog, wit, koud’, waart de dochter nog steeds ijzingwekkend afwezig rond: ‘Al dat ijs, die vrieskou – hoezo?/Ik moet mij bezighouden met een vrouw,/ zeventwintig, die niet opschiet.’ De ‘ik’ vindt dat zij van marmer moet worden, ook al zeggen anderen dat het gevoel moet stromen. Het lijkt erop dat de ‘ik’ hoog en koud in het ijs staat en naar beneden, de diepte (de dood?) in kijkt. Ze vraagt zich af: ‘Misschien dat in de diepte rots en ijs ooit/vloeibaar – dat daar dan een inktzwart water op ons wacht? Op haar, op mij?’ Misschien dat ze weer samen kunnen stromen als ook zij in de diepte, de dood, is afgedaald.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In deze afdeling is er ook plek voor de frustratie van de van hun kind ‘beroofde dichters’: ‘Ze zoeken koortsachtig/naar metaforen, de juiste.’ Deze zoektocht ontaardt in ‘De woorden als keien naar beneden smijten,/ze ketsen kwaad tegen de rotswand.’ En dan? ‘Het moeras ligt te wachten, daar zal je/thuiskomen, potlood verloren, woordeloos/stappend in een zompige kuil vol verdriet.’ 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de derde afdeling, ‘Ter hoogte van het gras’, slaat de dichteres het advies van ‘de raadgevers’ in de wind. Zij zeggen dat ze op vakantie moet, ‘meer nemen dan geven.’ De dichteres wil niet vluchten en zegt tegen zichzelf: ‘Wend je tot het robuuste gras, groen/tussen dorre plaggen. Niets beleven. Zijn.’ Maar daar, ter hoogte van het gras, wordt ze alsnog geconfronteerd met haar geschonden moederschap: ‘Bankroet van een moederschap./Je kan haar niet eens toedekken, daar, in haar bed/van grond. Je houdt niet op met terugdenken/ en foto’s kijken. Deur dicht. Licht uit.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe het allesverzengende verdriet van het verlies onverwacht uitkristalliseert in een wonderschoon beeld laat het gedicht ‘Smaragdhagedis’ zien. De vrouw gaat al het nieuwe leven, ‘de ongepaste groei’, in de tuin meedogenloos te lijf met de tuinschaar en terwijl ze snoeit, wordt ze geconfronteerd met de smaragdhagedis, ‘soeverein en alleen’, die je als beeld voor haar verloren dochter, of het verdriet zelf, zou kunnen zien:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Met de nieuwe tuinschaar gaat ze de ongepaste
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           groei te lijf, snoeit bloesem en verse takken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           meedogenloos terug. Zomer, wat denken ze wel,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           weg ermee. Meterslange lianen rukt ze
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           uit de hibiscus; de oranje kelken trillen,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de stam blijft onthutst en uitgekleed staan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het afval draagt ze hijgend weg, armenvol
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           smijt ze achter de rots. Als ze het niet meer 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           verwacht is hij plotseling daar, de smaragdhagedis,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           soeverein en alleen. Hij negeert het verwelkende loof,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           slaat geen acht op het stervende hout. Stil
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ligt hij in zichzelf op de gloeiende steen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De laatste afdeling heet ‘Buutvrij’. Bij verstoppertje is dat de plek waar je voor even veilig bent, terwijl de rest om je heen gepakt wordt. Dit beeld past bij de oudere vrouw, die leeftijdsgenoten om zich heen ziek ziet worden en sterven, terwijl ze zelf nog steeds leeft.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ondertussen is ze nog steeds rouwende: ‘Gemis sluipt als lood in de spieren, duisternis/kruipt door de bloedbaan.’ Nog steeds droomt ze over haar kind en vraagt zich af: ‘Hoe naar de uitgang?’ 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In ‘De schapentrog’ kijkt de dichteres van een afstand naar de mensen om haar heen die geveld worden door ziektes. Aan de andere kant ziet ze ook mensen die zich veilig wanen en alles ontkennen. Van een afstand kijkt ze toe: ‘De toeschouwer bijt op haar potlood, doet een stapje terug. Afstand. Maar klein.’ Ook zij zit in de laatste fase van haar leven en is misschien nog buutvrij, maar voor hoe lang nog?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als het drummende kleinkind in ‘Voor de stilte’ aan zijn oma vraagt of zij ook de hele dag liedjes in haar hoofd heeft, beaamt ze dat, maar zij beseft ook de eindigheid ervan: ‘Buiten/ de tijd verstomt alle muziek. Het is de hel./Dat gaat ze niet vertellen aan de trommelaar.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel sluit af met een afscheidsgroet, waarin de dichteres de lezer bedankt die tot zover met haar is meegegaan, ‘hijgend in hittegolven, naar adem happend’. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Waar ze in haar openingsgedicht aangaf dat de rouwende dichters het gemis kneden tot het op de bladzijde past, komt ze nu tot de conclusie dat zij het weliswaar denkt, maar: ‘hier staat slechts tekst, een schema/dat u vullen zal. Of niet. Het zij zo.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarmee raakt ze de essentie van poëzie: de dichter roept een wereld op van taal en beelden. De open plekken daartussen vult de lezer met zijn eigen gedachten en daardoor is het onmogelijk dat het gemis op de bladzijde past. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Berichten van het front’ stijgt op van het slagveld van woorden en bereikt de ijle hoogtes van de ziel, de donkere kamers van het hart, zoals ook muziek dat kan:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Hoe dan ook is hier mijn afscheidsgroet: wantrouw/de woorden. Luister goed. En koester de muziek.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Enquist.jpg" length="103415" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:49 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/vanuit-het-slagveld-van-woorden-raakt-het-gemis-de-lezer</guid>
      <g-custom:tags type="string">Berichten van het front,Anna Enquist,Enquist</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Enquist.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Enquist.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Verbinding en respect in een wonderlijke ontmoeting</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/verbinding-en-respect-in-een-wonderlijke-ontmoeting</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Verbinding en respect in een wonderlijke ontmoeting
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van ‘Ik vond geen spoken in Achtmaal’ van Dean Bowen
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘Het is onmogelijk jezelf in een dode geschiedenis in te schrijven. Ik wantrouw het mannelijke in mij &amp;amp; oktober nestelt zich in mijn borstkas. Ik werd aangeplant voor tijdelijke voeding in de bodem van De Oude Buisse Heide maar weet deze wortels niet bestand tegen exotisme.’ Zo begint de stadsdichter van Rotterdam zijn kleine bundel ‘Ik vond geen spoken in Achtmaal’, die hij schreef op het landgoed de Oude Buisse Heide, op zoek naar de geest van Henriette Roland Holst. Daarmee zet hij op poëtische wijze de toon, van een bundel die een wonderlijke ontmoeting beschrijft tussen de twee dichters.
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is hem kennelijk niet te doen om daadwerkelijk de geschiedenis van deze socialistische dichteres uit het begin van de twintigste eeuw in te duiken en hij weet bij voorbaat al dat hij op deze plek niet geworteld zal zijn. Het is geraffineerd hoe hij hier alle hoge verwachtingen die de lezer zou kunnen koesteren van de bijzondere ontmoeting tussen de moderne, stadse dichter en de overleden, welgestelde, van het platteland afkomstige dichteres, vakkundig om zeep helpt. Wat overblijft is een ongekende vrijheid, want zonder verwachtingen kan het nog alle kanten opgaan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet alleen wat betreft zijn verhouding tot de dichteres zet hij de toon, ook in stilistisch opzicht. De eerste keer dat ik de bundel las, voelde ik wat weerstand tegen de ongecontroleerde zinsbouw en het merkwaardige gebruik van het &amp;amp;-teken, de tweede keer had ik de wonderlijke ervaring dat ik de poëzie in mijn hoofd begon te ‘horen’, heel logisch eigenlijk, want Bowen is een performer, een man van ‘spoken word’. Dan krijgt ook het opsommingsteken een andere betekenis. Normaalgesproken wordt het gebruikt tussen twee zelfstandige naamwoorden die aan elkaar gekoppeld worden, maar hij gebruikt het tussen zinnen, waardoor in eerste instantie een zekere vervreemding ontstaat, maar na verloop van tijd krijgen de zinnen een bepaald ritme, een beat, zou ik het haast noemen. Bij ‘mij &amp;amp; oktober’ denk ik onwillekeurig ‘mei &amp;amp; oktober’, zozeer ben ik gewend aan het koppelen van twee gelijkwaardige zelfstandige naamwoorden. Door die associatie komt er een wonderlijke laag bij, want ‘mei’ is de maand van de lente, het nieuwe leven, oktober die van het najaar, het begin van het sterven, waardoor ook de relatie tussen moderne dichter en overleden dichteres in een bijzonder daglicht wordt geplaatst. Verderop zegt hij ook ‘ik hoop op lente/voor de bloei’. Mijn associatie gaat nog verder, namelijk naar ‘Mei’ van Gorter, een tijdgenoot van Roland Holst, een klassieker uit de Nederlandse literatuur. Ook die associatie is betekenisvol, omdat hij verderop zegt ‘ik bouw mijzelf op een breuklijn’, met andere woorden, hij zoekt weliswaar de verbinding, maar realiseert zich dat zijn ‘mij’ een andere is dan die van haar en dat tussen die twee altijd een breuk zal zijn, omdat deze tijd niet strookt met die van haar. Hij komt uit een andere wereld. Gorters ‘Mei’ begint met de gevleugelde regel ‘Een nieuwe lente en een nieuw geluid’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Die breuklijn is in de hele bundel voelbaar, want zijn overrompelende poëzie vol breuken, rafels, en opeenstapeling van klank en beeld is totaal anders dan de klassieke sonnetten van haar. Haast elke poging tot toenadering mislukt. Zo vinden we een brief van Dean aan Henriette, waarvan alle tekst, inclusief ondertekening is doorgestreept, behalve haar naam. De dichter probeert zich weg te cijferen voor haar, benadert haar respectvol, maar schept geen valse verwachtingen: ‘ik heb een zwaar hart uit mijzelf gesneden/om het aan je voeten te leggen’. Hij doet een offer, want ‘Er is iets traags buiten het bereik van het stadse crescendo. Er zijn machines nodig om mij hier te brengen &amp;amp; en weer vandaan te krijgen. Ik bezit geen van deze machines &amp;amp; voel mij klemgezet. Er ontbreekt een ziel. Er ontbreekt theater. Een koninkrijk voor het klein verzet. De arme man.’ Steeds opnieuw botst hij tegen haar wereld op: ‘Ik heb op iedere hoek haar naam gefluisterd, maar ik vond geen spoken in Achtmaal.’ Speelt de dichter hier ook met ‘spoken’ in de Engelse betekenis van ‘gesproken’, want Roland Holst spreekt inderdaad niet meer, het gesproken woord is op haar landgoed en ook in haar poëzie nergens te vinden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hij bekent dat hij zich niet grondig heeft verdiept in haar leven en in haar poëzie, maar wat hij wel heeft ontdekt is dat zij misschien toch raakvlakken hebben: ‘Ik schrijf wezenlijk anders dan jij deed, maar het gevoel bekruipt me dat ook jij wellicht slachtoffer geweest bent van een vergelijkbaar onbegrip. Wat te doen, als de receptie van je werk gepaard gaat met een fundamentele misvatting van de intentie die het werk ondersteunt.’ Deze zin komt uit de doorgestreepte brief van Dean aan Henriette. Juist in deze brief lijkt hij haar dicht op de huid te zitten. Veelbetekenend is het dat de brief vervolgens is doorgestreept.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is een bladzijde in de bundel waarop alleen de woorden ‘Ik Verwyt je niks’ staat. Ook hier klinkt door dat hij haar respecteert, maar dat zij elkaar nooit heel dicht zullen naderen. Het staat er niet, maar je denkt na deze uitspraak meteen ‘... maar...’. Bijzonder vind ik ook hier de spelling. Het lijkt of hij haar in de ouderwetse spelling probeert te naderen, door van de gewone ‘ij’ een ‘y’ te maken, maar waarom gebruikt hij de hoofdletter? Hierdoor denk ik onwillekeurig aan een andere tijdgenoot van Roland Holst, namelijk Albert Verwey. Ik kan mij niet onttrekken aan de indruk dat Bowen hier toch de spoken uit haar wereld probeert op te roepen: Gorter, Verwey, Roland Holst zelf. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Na deze bladzijde komt een poëtische explosie, waarvan ik de eerste twee strofen citeer: 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ik stem jij vers terzinen woelt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           poëzie tot niets accentrijk nood
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           spreek waar de tijd of medestem
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           die kader noemt als exponent
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           gebreken niet afwijking zijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           moment gezien wie zoeken naar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een frisse norm en aangezien
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           zichzelf daarmee goed heersen duidt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           royaal ik jou het woordgeslacht
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           door iedereen verschuiven kan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ontdek wie revolutie geest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           alleen naar voren dienstbaar is
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           want politiek werd echter zwaar
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           de studie van het Kapital
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           opwek de ziel op eerst’n mei
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           vertaal zij socialistisch zijn
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier komt de taal in een wervelwind terecht, woorden verschuiven en er ontstaat een ware revolutie in de taal, waardoor de betekenis wel erg lastig te achterhalen is. Ook hier wordt ‘mei’ genoemd, maar dan de eerste mei, namelijk de dag van de arbeid. Hoe mooi is het ‘ik stem jij vers terzinen woelt’ als samensmelting van Bowen en Roland Holst, want hij is de stem en zij schreef ‘verzen’ en ‘terzinen’; ‘woelt’ is waarschijnlijk weer Bowen die alles overhoophaalt. Hij laat zien hoe zij vertegenwoordigster was, ‘exponent’, van de socialistische beweging, maar vervolgens verwordt deze beweging tot bekende kreten en symbolen. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan het slot keert hij terug tot naar ‘waar we eerder waren’ en probeert weer te beseffen waarom hij daar kwam: ‘er is een bijeenkomst in het bos/littekens als bewijs/ontrafel ze tot kronkelpaden’. Zie hier de bundel waar Dean Bowen en Henriette Roland Holst voor even samenkwamen in een, laat ik het ‘ontsporing’ noemen. Hij heeft zich voor haar ingehouden: ‘ik herinner haar aan/een afgewende mannelijkheid’, want ook al aan het begin wantrouwde hij ‘het mannelijke in mij’. Heel even lijkt het of er toch nog wat rondspookt: ‘er is iets wat bromt/&amp;amp; er is iets wat opdoemt.’ Misschien kan het bundeltje leiden tot herlezing van Roland Holst: ‘Henriette wordt herontdekt.’ Tenslotte wandelt de ik weg uit de bundel, terwijl hij zich verwondert. Het is een bundeltje dat zich leent om steeds weer even te pakken en er nieuwe schatten in te vinden, het bevat een wonderlijke, wat willekeurige ontmoeting tussen twee totaal verschillende dichters, die daardoor juist ‘verbinding’ en ‘respect’ oproept, en dat zijn zeker geen spoken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+dean+bowen.jpg" length="91821" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:48 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/verbinding-en-respect-in-een-wonderlijke-ontmoeting</guid>
      <g-custom:tags type="string">Dean Bowen,Bowen,Ik vond geen spoken in Achtmaal</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+dean+bowen.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+dean+bowen.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Dat je overblijft met je eigen kijken</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/dat-je-overblijft-met-je-eigen-kijken</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘Dat je overblijft met je eigen kijken’
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van ‘Veldwerk’ van Bernke Klein Zandvoort
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      
           Veldwerk is onderzoek doen naar iets in zijn natuurlijke omgeving. Dat ‘iets’ kan van alles zijn: een stukje natuur, de structuur van een gebied, maar ook het gedrag van mensen. Als je de bundel ‘Veldwerk’ van Bernke Klein Zandvoort nog ongeopend in je handen hebt, dan wordt je nieuwsgierigheid meteen gewekt, alsof je als lezer zelf van het ene moment op het andere een veldwerker bent geworden. Wat zie je? Een stukje glas, een steen, een uitgebloeid gras, iets wat lijkt op een kiem van een of ander gewas, maagdelijk wit, een kapot stuk van een plastic zak met een knoop erin, maar de waarneming is niet betrouwbaar, want eigenlijk zou je het moeten voelen om zeker te weten of het wel plastic is en niet een of ander textiel. De afgebeelde voorwerpen hebben allemaal iets mysterieus, waarbij je je afvraagt of je het wel goed ziet of herkent. Daardoor krijgt de observatie iets intiems: je voelt je aangetrokken tot het onbekende dat lijkt op iets wat je kent. Bij veldwerk worden vaak de verzamelde monsters nader onderzocht en de gegevens uitgewerkt. Je kunt al wel constateren dat de omslag van de dichtbundel niet de natuurlijke omgeving is van deze kleine vondsten. Wat doet dat vermoeden over de inhoud van de bundel? Treffen we daar een laboratorium aan?
          &#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      
           Bij binnenkomst kom je allereerst twee motto’s tegen. De eerste is van Clarice Lispector: ‘Ik heb iets gezien. Echt iets. Het was tien uur ’s avonds en de taxi reed in volle vaart over het Prazja Tiradentes. Toen zag ik een straat die ik nooit meer zal vergeten. Ik ga die niet beschrijven: het is mijn straat. Het enige wat ik kan zeggen is dat hij leeg was en dat het tien uur ’s avonds was. Verder niets. Maar ik was ontloken.’ Het tweede is van Hongzhi Zhengjue: ‘Not knowing is most intimate’. In beide motto’s staan de waarneming en het effect daarvan centraal. In het eerste fragment ziet de ik de eigen straat alsof deze voor het eerst wordt gezien, terwijl deze toch herkend wordt. Het effect is dat deze ik was ‘ontloken’. De ik is ontvankelijk, opent zich voor het onbekende of juist bekende. In het tweede citaat staat dat het niet weten juist het meest intiem is. In beide gevallen is er sprake van een paradox: intiem zijn veronderstelt een vorm van bij elkaar zijn of ‘eigen’ zijn, wat staat tegenover het niet weten, het onbekende. Beide citaten sluiten naadloos aan bij de ervaring die de lezer net heeft gehad bij het bekijken van de omslag: een combinatie van vervreemding en intimiteit.
          &#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      
           Niet eerder werd ik zo geroerd door een inhoudsopgave. Die van deze bundel bestaat niet uit een rijtje titels onder elkaar met daarachter een paginanummer, maar uit losse woorden, verspreid over twee bladzijden met daaronder een nummer, bij nader inzien het paginanummer. De losse woorden verwijzen naar stukjes ongeordende werkelijkheid, van kleine wonderlijke voorwerpen, lichaamsdelen, mensen, naar abstracte begrippen: oorschelp, kabel, seizoenen, bloed, oprispingen, enz. Het ziet er inderdaad naar uit dat je in een laboratorium bent beland, waar de vondsten zojuist, nog ongeordend, maar wel genummerd door elkaar liggen, klaar voor nader onderzoek. De auteur prikkelt de lezer tot het uiterste om op onderzoek uit te gaan.
          &#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      
           In het eerste gedicht zit de ik op een gedenkbankje in een park en luistert naar vliegtuigen, waardoor de lucht dichtgetrokken wordt en de ik geïsoleerd lijkt in het geluid. Daarna staat:
          &#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      
           ‘astronomen, hoorde ik laatst, luisteren meer dan ze kijken/in een ster woont de geluidsopname van een leven dat niet meer bestaat’. Astronomen zijn ook veldwerkers, die de ruimte onderzoeken en daarbij kennelijk vooral goed hun oren gebruiken. In de volgende strofe verschuift de aandacht naar de ik als dichter: ‘soms ben ik bang dat metaforen de werkelijkheid verdunnen/banger ben ik dat er niets anders bestaat/dan dezelfde dingen uitgedrukt in elkaar’. Als je als dichter de werkelijkheid probeert te vangen, dan gebruik je vaak metaforen, maar daarmee vang je slechts een stukje van die werkelijkheid, waardoor die dunner wordt. In de tweede en derde regel lijkt de angst voor het tekortschieten van de taal verwoord: als er niets anders meer is dan dezelfde dingen uitgedrukt in elkaar, dan heb je niet genoeg woorden om de werkelijkheid te beschrijven. Dat is ook de ervaring die je hebt als je de voorwerpen op de omslag probeert te beschrijven: wat zie je nu eigenlijk? Je grijpt terug naar namen en woorden die je kent, om het onbekende te beschrijven. De volgende strofe geeft weer wat wij doen om antwoorden te vinden: ‘om antwoorden te vinden plaatsen we grote oorschelpen/naar de ruimte breken we stenen open graven graven op/slaan de aarde als een deken weg/noemen dat ont-dekking’. Dat de auteur geenszins woorden tekortkomt om te beschrijven hoe wij voortdurend onderzoeken, blijkt wel uit deze wonderschone strofe vol prachtige metaforen. Het beeld van een respectievelijk een grote oorschelp om alles op te vangen, het openbreken van stenen, het opgraven van graven, het wegslaan van de aarde als een deken, en dat vervolgens op morfologisch niveau van de taal ‘ont-dekking’ noemen, dat laat niets anders zien dan een groot vakmanschap van Bernke Klein Zandvoort. Dit eerste gedicht eindigt met: 
          &#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      
           ik denk omdat we zelf in alle vroegte
          &#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      
           onder de bewegende platen
          &#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      
           van ons schedeldak raakten ingesloten
          &#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      
           heeft er weleens iemand door het hoofd van een baby naar het heelal gekeken?
          &#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      
           Het is zeker niet eenvoudig wat de auteur de lezer hier voorlegt, maar die was voorbereid op stevig veldwerk. De inhoud geeft zich niet zo gauw gewonnen. Maar hoe treffend wordt hier het beeld van de mens als veldwerker geschetst: al vlak na zijn geboorte opgesloten in zijn eigen hoofd, waarvan de platen eerst nog konden bewegen. Hij moet het doen met deze gevangenschap in zichzelf. De slotvraag is ontroerend: de schedel van de baby is nog niet helemaal gesloten. Wat zegt het als wij door die nog halfgeopende schedel naar het heelal kijken? De baby staat aan het begin van een leven vol ontdekkingen en kijkt onbevangen naar de grote ruimte om zich heen. De enorme ruimte die gecreëerd wordt door het noemen van een babyhoofd en het heelal roept een zee van ruimte voor vragen op en vooral verwondering.
          &#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      
           Vervreemdend zijn de titels van de gedichten die onderaan de pagina naast het paginanummer staan, verbonden door een liggend streepje, alsof de vondsten gelabeld zijn met kleine kaartjes aan een koordje. Steeds ondersteunt de opmaak de betekenis, want als een gedicht begint met ‘op mijn hurken/inzoom op een plant’, begint dit gedicht pas onder het midden van de pagina, waardoor het gedicht ook gehurkt lijkt. Dat de dichter voortdurend tegen zijn beperkingen aanloopt, blijkt uit pareltjes van zinnen als ‘stop ik dingen in woorden, te kleine tassen’. Dat het voor de lezer ook niet te doen is om deze ongeordende werkelijkheid te bevatten, blijkt uit: ‘onze hersenen rust gunnen, zoals komma’s/dobberend op de pagina, midden in een zin/een moment van donkerte invoegen/om de lezer tijd te geven/het voorgaande naar beelden te vertalen//doen we met onze ogen dan niets anders/dan het bijeenknipperen van een stromende werkelijkheid?’. Hoe mooi dat – terwijl de auteur zelden komma’s gebruikt – in deze zin juist wel middenin een komma heeft toegevoegd, als concessie aan de lezer. 
          &#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      
           Het is hard werken, omdat elk woord, elke letter betekenis kan geven, maar als je je overgeeft aan dit onderzoek, dan kom je schitterende vondsten tegen, gedachten waar de wereld van op zijn kop gaat staan, zoals: ‘ik las dat denken eigenlijk je familie is, hun stemmen/hebben net zo lang de zinnen aan je voorgedaan/tot je ze hardop begon na te praten en er iemand naar je voorhoofd wees/dat je ze óók kon zeggen door je lippen op elkaar te houden/en de woorden voor te stellen onder het gehemelte van je hoofd’. Soms bestaat een gedicht slechts uit een regel, waar je eindeloos over kunt blijven mijmeren: ‘een woord uitspreken is een omhelzing van het benoemde met je mond’. Soms loopt de typografie van een gedicht over, zoals bij het gedicht ‘de ander’, waarbij de regel ‘seconden duurden jaren’ zo uitgerekt is over de pagina, dat de ‘jaren’ op de andere pagina is terechtgekomen. Op die andere pagina staat dan ook alleen dat ene woord, afgezien van de titel en het bladzijdenummer onderaan de pagina. Daardoor wordt een enorme ruimte geschapen die de betekenis van ‘jaren’ ondersteunt.
          &#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      
           Het is zonde als ik meer verklap. Elke lezer kan zijn eigen veldonderzoek doen in deze prachtige bundel en zal schatten vinden. Welk gereedschap neem je mee? Alleen jezelf en een portie verwondering zijn genoeg om hiertussen te dwalen en je merkt al gauw dat het onderzoek je niet loslaat. Je duikt er steeds opnieuw in en zelfs in het gedicht dat je letter voor letter hebt gespeld, ontdek je nieuwe gedachten en beelden. Veldwerk laat je niet los, nodigt steeds opnieuw uit voor nader onderzoek van de wereld om ons heen en in onszelf. 
          &#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Cover+veldwerk.jpg" length="49573" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:44 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/dat-je-overblijft-met-je-eigen-kijken</guid>
      <g-custom:tags type="string">Veldwerk,Klein Zandvoort,Bernke Klein Zandvoort</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Cover+veldwerk.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Cover+veldwerk.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Hoe dat wat er niet is, gestalte krijgt</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/hoe-dat-wat-er-niet-is-gestalte-krijgt</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe dat wat er niet is, gestalte krijgt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van ‘Zonder palet’ van Wiel Kusters
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Het is wonderlijk hoe dat wat er niet is, toch prominent aanwezig kan zijn. De bundel ‘Zonder palet’ van Wiel Kusters laat dat eigenlijk al meteen in de titel van de bundel zien. Zodra je als dichter benoemt dat er geen palet is, speelt het palet juist een belangrijke rol. Natuurlijk verschuift er iets, want je weet dat de dichter het zonder palet moet doen tijdens het schrijven, maar op dat moment is er al een vergelijking getrokken tussen de dichter en de schilder, en die vergelijking blijft rondzoemen in het hoofd van de lezer. Als de dichter geen palet heeft met kleuren, heeft hij misschien wel iets anders, namelijk een verzameling letters en klanken waarmee hij in staat is een beeld op te roepen. Die verzameling letters krijgt een extra dimensie als je ziet dat de gedichten in deze bundel op beginletter zijn geordend, net als kleuren gerangschikt zijn in een kleurencirkel. Er is, behalve het palet, vast nog veel meer wat de dichter moet ontberen, maar zodra hij het noemt, zal het er zijn. Dat is de kracht van het woord en van de verbeelding.
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Na de titel komt het motto, een zin uit het werk van Nabokov: ‘It was the world that was absent-minded and it was Pnin whose business it was to set it straight.’ Pnin is de hoofdpersoon uit Nabokovs gelijknamige roman. Hij verkeert in een sociaal isolement, evenwel zonder dat te betreuren. Hij heeft vertrouwen in zijn eigen gezonde verstand en daarmee is de in het motto geciteerde zin veelzeggend: het is de wereld die er met het hoofd niet bij is en het is juist Pnins zaak om dit recht te zetten. Wat zegt dit over de dichtbundel? ‘Absent-minded’ is ook een vorm van absentie, maar dan de toestand waarin het hoofd, het denken, afwezig is. Leeft de dichter (en daarmee bedoel ik niet eens per se de auteur in persoon) wellicht als Pnin in afzondering, draait de wereld buiten hem blind door en is het de taak van de dichter om de wereld weer zicht te geven? ‘Blind’ is geen goede vertaling van ‘absent-minded’, maar ‘verstrooid’ voldoet ook niet helemaal. Poëzie is wel bij uitstek het middel om het ‘er niet bij zijn met het hoofd’ op te heffen, want zij scherpt de geest en geeft verlichting.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is al zoveel om over na te denken en de poëzie is nog niet eens begonnen. Het openingsgedicht is gericht ‘Aan... onbekend’:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zolang je mij alleen in stilte leest,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           schenk jij je adem niet aan wie ik ben
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           geweest, zodat alleen mijn schrift geneest
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           van het stomme duister waar ik niet aan wen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het voelt alsof mijn oren zijn verstopt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en ik moet zien mijn hart te horen – of 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het in mijn zinnen nog wel degelijk klopt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Papier vergaat, je ogen worden dof,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dus denk misschien nog even aan mijn stem.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Je kunt me horen als een ander ik,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar denkt misschien: in ‘jij’ ontsnap ik hem.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is niet zo dat ik daarvan dan schrik,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           veeleer dat ik mijn woorden weeg en wik,
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           want dit gedicht wil alles zijn, géén klem.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier speelt de dichter een mooi spel met aan- en afwezigheid, want op het moment van schrijven is het gedicht nog niet bij de lezer beland en als de lezer het gedicht leest, is de dichter alweer vertrokken. Een gesprek tussen twee mensen, waarin zij elkaar adem schenken, is er niet. Wat blijft, is het schrift, en het oog van de lezer, al hoeft de jij in dit gedicht niet per se de lezer te zijn. De jij en de ik lijken elkaar voor even te raken, maar in hoeverre is de ik uit het schrift nog de ik die hij was toen hij het gedicht schreef? Voor de ik is de jij afwezig, en voor de jij de ik, en daarom is het slechts een schrale troost dat alleen het schrift geneest van het stomme duister waar de ik niet aan went, want de ik zelf zal geen verlichting krijgen. Het duister kan willekeurig worden ingevuld. Het kan de eenzaamheid zijn, of het ‘in het duister tasten’ in velerlei opzicht. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ondertussen probeert de ik zijn hart te horen en te bepalen of het nog wel klopt in de zinnen. Hier is ‘klopt’ mooi dubbelzinnig, omdat een dichter meester is van de taal en de zinnen wil laten kloppen, maar het is ook het hart dat hij wil laten kloppen in de zinnen. Zo zit de ik de jij heel dicht op de huid en begrijpt het ook als de jij de ik zal horen als een andere ik, of aan hem zal ontsnappen. De ik wil namelijk alles zijn, behalve een klem. De jij heeft de vrijheid en de ik neemt – als het niet anders is – genoegen met de taak van het wikken en wegen van de taal. Als je ‘jij’ leest als ‘de lezer’, dan wordt de lezer in dit openingsgedicht uitgenodigd het hart tussen de zinnen te horen kloppen, de verbinding met de zielenroerselen van de ik te zoeken, maar wel in alle vrijheid. Een warm welkom, want tegelijkertijd voelt het alsof de dichter ook aftast waar de lezer is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ik en de jij komen in de bundel in veel verschillende gedaanten terug. Het verlangen naar de ander is vaak schrijnend aanwezig, zoals in ‘Boom’: ‘Waar ben je, ik kan hier toch niet blijven,/alsof jij in vergetelheden huist?/Soms schrik ik wakker van mijn eigen stem,/waarna ik je uit alle macht wil schrijven,/terwijl jouw naam mij door de takken ruist.//De boom die jij vergat – soms ben ik hem.’ Kennelijk is de ik alleen, zonder de jij, en vraagt zich af hoe hij hier kan blijven, zonder de jij, alsof hij de jij zou vergeten. Hij wil de jij schrijven. Schrijven is een vorm van niet vergeten. Hoe mooi is de constructie ‘terwijl jouw naam mij door de takken ruist’. Het ‘mij’ klinkt haast, zoals in het Duits ‘mir’ zo mooi gebruikt kan worden, bijvoorbeeld in ‘mir schwindelt’. De jij overkomt de ik als het ware, waarbij de ik zichzelf voorstelt als een boom. Dit gedicht staat wellicht in de symbolistische traditie waarin het ruisen van de bladeren herinneringen of raadsels in zich draagt. Het vergeten verschuift hier heel subtiel van de ik naar de jij, want in de slotzin is het de jij die de ik soms vergat. Die slotzin is overigens op een wonderlijke wijze dubbelzinnig, want zolang ‘jouw naam’ de ik door de takken ruist, denkt de ik aan de jij en is deze jij op dat moment dus niet vergeten, maar als de ik inderdaad de boom is die de jij soms vergat, dan kan het vergeten hier ook de betekenis hebben van ‘overslaan’: ‘jouw naam’ slaat dan in het ruisen wellicht af en toe de boom van de ik over, waardoor het ruisen van de naam voor de ik wegvalt en de ik dus ook de jij voor even vergeten is. Ik zou dit gedicht haast mystiek willen noemen, zoals de ik de jij probeert te naderen en de ik en de jij soms zo langs elkaar heen schuiven dat het lijkt of ze samenvallen, al blijf je voelen dat het niet zo is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er zijn ook gedichten die vat proberen te krijgen op de vergankelijkheid, zoals in ‘Emblema’: de trage gang van de slakken is relatief, want voor de ik stuiven zij over het blad. ‘In elke wedstrijd ligt de dood op kop,/of je nu kruipt of rent, hij wacht op jou’. En: ‘De wereld kan jou missen, jij haar niet.’ De dichter spreekt soms in duizelingwekkende raadsels: ‘Kijk dus niet achter je, daar rust je lot,/ver antwoord dat voorafging aan geen vraag. Vlak voor je vind je wat je liggen liet.’ Over zulke regels kun je uren mijmeren. Het verleden ligt inderdaad vast, zoals een antwoord op een vraag, maar de vraag is in dit geval niet gesteld en het antwoord zou dan ook voorafgegaan zijn aan de vraag, want het verleden is al voorbij. Als je vooruitkijkt, vind je vlak voor je wat je liggen liet. Hoe mooi, want daarmee kun je verder. Je kunt niet ongedaan maken wat je liggen liet, maar je kunt het wel nu oppakken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel bevat opvallend veel sonnetten. Al heeft de dichter geen palet, hij heeft de keuze uit verschillende versvormen, en juist in het ‘klankdicht’ onderscheidt zich de dichter van de schilder, in ‘klankkleur’. Soms doen de sonnetten mij denken aan Nijhoff, zoals ‘Volrijm’. De regels ‘Een mugje, een vliegje, wat zal het zijn/geweest dat daar plots danste in een straal-/tje zon, van licht zo’n neergelaten lijn/waarin ik soms, vasthoudend, stijg en daal.’ brengen mij bij Nijhoffs regels: ‘de bij, het kind, de vlinder en de vlieg,/die in het licht van puur geluk verblonken.’ Maar het aanhoudende denken en spelen met de taal, het wikken en wegen, doen mij ook denken aan de poëzie van Huygens, die uit dezelfde tijd komt als het mooie zelfportret van Samuel van Hoogstraten op de omslag van de bundel. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verleden, of het nu teruggaat tot Huygens, of de kindertijd van de dichter, is weliswaar voorbij, maar nog in alle hevigheid aanwezig in de woorden. Sterker nog, de dichter is in staat het verleden op te roepen en het te mengen met het nu, waardoor twee tijdlagen over elkaar heen schuiven. Heel mooi gebeurt dat in het gedicht ‘Onzekere tijden’. De ik wandelde met zijn vader rond een toren, ‘vrij ver van huis én ongewoon nabij’. Ook in de ruimte is die tegenstelling kennelijk mogelijk: ver weg en toch dichtbij, net als lang geleden en toch nu. Bovendien: ‘Zijn stilstaan zal ik altijd blijven horen - /toen ik iets vroeg en hij daarop niets zei.’ Steeds opnieuw voel je dat datgene wat er niet is, wordt opgeroepen in woorden, waardoor alles mogelijk wordt in tijd en ruimte, de poëzie allesbehalve ‘beklemmend’ is, maar juist bevrijdend: ‘Wij keken samen neer op de rivier./Zó vreemd werd alles, dat ik het verbood: geboorte die ik hier weer met hem vier, al zijn wij straks in alle jaren dood.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En zo gebeurt het ook in ‘Moeder’: ‘Ze is vanmorgen naar haar zoon verdwaald, plots verschenen in een labyrint van glas,/ze kwam als door een venster in geen muur.’ Voor de dichter zijn er geen grenzen in tijd en ruimte.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is heel veel te vinden in deze bundel. Als ik het alfabet in beschouwing neem, heb ik met bovenstaande nog niet eens de a besproken, en als ik bij de z zou belanden, kon ik weer teruggaan naar de a, omdat ik daar zoveel had laten liggen. Het mag duidelijk dat de dichter zonder palet is, maar er is een rijkdom aan woorden en ‘dubbelzinnen’ waarmee werelden worden opgeroepen waarin je uren kunt ronddwalen, reikhalzend naar de betekenis, die vervliegt als je haar net dacht te raken. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/zonder+palet.jpg" length="25508" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:43 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/hoe-dat-wat-er-niet-is-gestalte-krijgt</guid>
      <g-custom:tags type="string">Zonder palet,Wiel Kusters,Kusters</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/zonder+palet.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/zonder+palet.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Wat zou ik dan geloven?</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wat-zou-ik-dan-geloven</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat zou ik dan geloven?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van ‘Geloof me niet als ik vertel over de oorlog’ van Asmaa Azaizeh
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Als je poëzie leest, bevind je je in een landschap waar alles mogelijk is binnen de letters, de woorden, de zinnen en witregels die je krijgt aangeboden. Nog meer dan bij het lezen van verhalen, zoek je je houvast bij tekens die complexe betekenissen en sferen oproepen, omdat ze lang niet altijd verwijzen naar de werkelijkheid. Woorden hebben behalve een betekenis ook een klank, die meestal een belangrijke rol speelt in de woordkeuze van de dichter. Tijdens het lezen ontstaat er een unieke chemie tussen klank, rust, betekenis en raadsels, die kenmerkend zijn voor een bepaalde dichter. Wellicht hoort zelfs de lezer in dit rijtje thuis, omdat deze degene is die met de aangeboden stenen een bouwwerk tot stand brengt, die toch zeker ook afhankelijk is van de kennis en associaties van deze lezer. Dat betekent dat elk gedicht met elke nieuwe lezer een unieke ‘chemie’ aangaat. 
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe zit dat eigenlijk bij vertaalde poëzie? Daar is de chemie problematisch, omdat er een vertaler tussen zit. Als je als lezer op zoek gaat naar de essentie van een vertaald gedicht, mis je allereerst de klanken, de letters, de tekens van het oorspronkelijke gedicht. Wat ben je dan nog aan het lezen? In feite de chemie die tussen de vertaler en het oorspronkelijke gedicht is ontstaan. Je bent een in nieuwe woorden gevatte lezing van een gedicht aan het lezen. Zie het als het kijken door een gebrandschilderd raam: de vage contouren van de figuur erachter zijn nog zichtbaar, maar je ziet vooral het raam. Als het raam mooi is, is het een genot om naar het raam zelf te kijken en vervolgens alleen naar die mysterieuze figuur erachter te raden. Ik las ‘Geloof me niet als ik vertel over de oorlog’ van Asmaa Azaizeh, vertaald uit het Arabisch door Nisrine Mbarki en ik blijf wat vertwijfeld voor het raam staan, niet zeker van zijn schoonheid. Hoe komt dat?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel begint met de volgende regels van het gedicht ‘Psycho’ (verwijzing naar de gelijknamige film van Hitchcock): ‘Pas op, denk niet dat dit nu over mij gaat/het is maar een verzinsel en geen cent waard/een ondergrondse tunnel ben ik/de ladders van taal erheen zijn door vette muizen aangeknaagd/ze spinnen als gezaagde planken’. Een ‘ik’ of ‘mij’ in poëzie is altijd problematisch. Je mag deze niet gelijkstellen aan de dichter. Dat maakt de eerste regel nog problematischer en daardoor misschien ook wel humoristisch. Aan wie is deze boodschap gericht: aan een lezer die nog wel denkt dat ‘ik’ de dichter zelf is? Of is dit voor deze ‘ik’ vanzelfsprekend, en moeten we dus vooral niet denken dat dit gedicht zelfs niet over deze andere ‘ik’ gaat? Of verwijst ‘dit’ helemaal niet naar het gedicht, maar naar iets anders, wellicht naar de titel, ‘Psycho’? In deze film heeft de hoofdpersoon zelf niet door dat hij moorden pleegt, denkt dat zijn moeder dat heeft gedaan, omdat hij zelf in een psychose zit. Wat dat betreft is de toon meteen gezet: het perspectief is volkomen onbetrouwbaar, voor zover je in poëzie al echt kunt spreken van een perspectief. Het belooft weinig goeds, want verderop staat ‘poëzie giechelt in de tunnel/haar ogen puilen uit haar blauwe schedel zoals bij een schaap in een slachthuis’. De tweede regel van dit citaat is ook zo lang dat hij letterlijk ‘uitpuilt’ uit het gedicht. Het is een rauw begin van de bundel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat volgt zijn talloze, overvolle gedichten, die uitpuilen van de beeldspraak, die niet altijd meer te herleiden is. Dat hoeft ook niet, maar het hoofd van de lezer raakt verstopt, de beelden stromen niet meer, maar blijven al over elkaar heen buitelend ergens halverwege steken. Neem: ‘Mijn hart groeit als een granaatappelboom in de put/telkens als een tak breekt klim ik langs een andere omhoog naar je toe/mijn geheel breekt en ik word een nest/de vogels kijken in het water en zien het lachende gezicht van een Bosnische,/ik kijk erin en zie je gezicht.’ Als je probeert de beeldspraak te herleiden, gaat het hopeloos mis. Wat zegt het over je hart als het groeit als een granaatappelboom in de put? Als een tak (een onderdeel van het hart dus) breekt, klimt de ‘ik’ omhoog naar de ‘je’ toe, maar in hoeverre staat het hart dan los van de ik? Het kan natuurlijk dat de ik probeert in het hart te klimmen naar de ‘je’ toe, om bij de gevoelens voor de ‘je’ te komen, maar dan breekt ‘mijn geheel’: de hele granaatappelboom, dus het hart, of de hele ik? Vervolgens wordt de ik een nest. In die gebroken granaatappelboom, of in de put? De vogels kijken in het water en zien het lachende gezicht van een Bosnische. Bevindt die zich ook in de put, of is die Bosnische dezelfde als de ik? Ook de laatste regel is dan lastig: kijkt de ik naar het eigen gezicht of naar dat van een ander? Als je dan als lezer nog steeds die onbetrouwbare ik van het openingsgedicht in je achterhoofd hebt, begint hier het zweet toch wel op je voorhoofd te staan, want dit was nog maar een relatief kleine strofe in een overvol gedicht dat meer dan twee bladzijdes lang is en waarin nog veel meer beelden staan dan alleen die van de granaatappelboom.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is weinig om aan vast te houden. Soms denk je een strohalm te vinden, zoals in ‘Ik ben geen wonder/ik kan niet op water lopen en ik kan mezelf niet genezen/van de kwalen van je liefde/maar ik leerde het water van mijn hart in asfalt veranderen/telkens als ik aan je dacht/ik leerde mezelf ontsnappen aan de lava die vloeide uit de bergen van je angst/en ik leerde niet te sterven’. In zo’n stukje zou je als lezer de ik een beetje kunnen leren kennen: kennelijk is die ik een gewoon mens. Het is wel sympathiek dat deze ik zichzelf niet kan genezen van de kwalen van de liefde, dus nog steeds kan liefhebben, maar de ik heeft het water van het hart in asfalt leren veranderen. Daar kun je je wel wat bij voorstellen: de liefde die in het hart stroomt, is van asfalt geworden, hard en tot stilstand gekomen, wellicht door de oorlog? Maar welke oorlog dan precies? ‘Lava’ is gevaarlijk heet. Die lava vloeide uit de bergen van je angst. De ik leerde ontsnappen aan die lava, wilde dus niet meegaan in die angst van de ander. En dan: ‘ik leerde niet te sterven’. Die zin is dubbelzinnig: de ik leerde niet ‘te sterven’, of de ik leerde ‘niet te sterven’? In het eerste geval lijkt het alsof de ik dat eigenlijk wel had moeten leren, en is sterven dus eigenlijk wenselijk. In het tweede geval heeft de ik geleerd om niet te sterven, om te overleven dus. Die tweede lezing ligt in een bundel over oorlog misschien voor de hand, ware het niet dat we ook niet moeten geloven wat de ik over de oorlog vertelt, volgens de titel. Er wringt iets. Soms kan ik mij niet aan de indruk onttrekken dat de vertaler de taal niet helemaal machtig is en dat de vertaling extra problemen oproept, die er in het oorspronkelijke gedicht niet waren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe langer hoe meer raak je als lezer overspoeld door lange zinnen vol beelden, die steeds meer vragen oproepen, en er komt een moment dat je murw bent en niet eens meer probeert om de beelden te begrijpen, omdat het gewoonweg niet te doen is. Bij het slotgedicht denk je ineens het antwoord te vinden. Het heet ‘metafoor’. Krijgt de lezer dan eindelijk antwoord op de vraag wat hij met al deze beeldspraak aan moet? Eerst moet hij zich nog door heel wat ‘onzinnen’ heen worstelen, want wat moet hij denken van ‘onze bedelende steden zullen teleurgesteld neervallen/als een geslacht lammetje/ons verkrachten met bezemstelen/de bossen staan op zichzelf’? Kan een geslacht lammetje nog iemand verkrachten met een bezemsteel? Het is volkomen absurd en ik vraag me af hoe dit alles in het Arabisch heeft geklonken. Kan het zijn dat de ziel van deze gedichten in de klank zat? Het is echt mogelijk om lezers met klinkende onzin te overtuigen. Die poëzie bestaat echt. Deze gedichten zijn echter – in vertaling – niet bijzonder van klank. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En dan staat er: ‘toen ik het medelijden van de lezer voor mijn hart probeerde te winnen/liet ik hem indrogen als een kalebas en ik loog/ik liet hem fluiten als de blaadjes van het Oude Testament en ik loog/ik veranderde hem in kokend asfalt en ik loog’... zo gaat het nog even door. De lezer wordt dus flink bedrogen door de ik. Inderdaad word je nogal opgefokt van deze poëzie, omdat zij alle kanten op schiet, je nergens houvast vindt en zelden iets moois. Je wordt vanzelf een beetje asfalt, het komt niet meer binnen. Dat je bedrogen zou worden, had je kunnen weten vanaf de eerste bladzijde. Sterker nog, vanaf de titel. Even verder staat: ‘toen ik mijn afspraken bij de psycholoog inruilde voor gratis gedichten/om te overleven//ik vulde ze met ideeën van hen die mij voorgingen/de leugens bloeiden machtig als pluimen in het bos//sorry/ben ik weer te ver gegaan?’ Dan komen we toch weer bij de psychotische ik uit het openingsgedicht. Er wordt ons een rad voor ogen gedraaid. Waarom? Is dit wellicht wat oorlog met de mens doet? Alle oorlogsbeelden zijn bizar, doelloos, zijn niet te verantwoorden. De mens wordt heen en weer geslingerd tussen leugens en walging, tot hij asfalt wordt, de liefde niet meer voelt stromen, zelf een leugenaar wordt. Is dat wat deze bundel laat voelen?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel sluit af met: ‘hoe dan ook/het probleem is niet dat dichters leugenaars zijn/de tragedie is dat zij blind worden geloofd/..../..../als bloedbaden.’ Ben ik er met open ogen ingetuind? Heb ik vergeefs geprobeerd de ik te geloven, een glimp op te vangen van deze ik? Maar wat wordt er nu precies met bloedbaden vergeleken? Zijn de dichters als bloedbaden? Of is de tragedie (dat zij worden geloofd) als bloedbaden? Ook hier kan het probleem in de vertaling liggen. Ik blijf in onzekerheid, maar vooral toch ook een beetje met lege handen, achter: wat heb ik nu precies gelezen? Deze gedichten overtuigen mij niet, maar misschien was dat juist de bedoeling, want ik moest ze ook niet geloven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+azaizeh.jpg" length="15830" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:40 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wat-zou-ik-dan-geloven</guid>
      <g-custom:tags type="string">Azaizeh,Asmaa Azaizeh,Geloof me niet als ik vertel over de oorlog</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+azaizeh.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+azaizeh.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Ik verloor mezelf in het leven en betrad een boek zonder titel</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-verloor-mezelf-in-het-leven-en-betrad-een-boek-zonder-titel</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik verloor mezelf in het leven en betrad een boek zonder titel’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van ‘Je zult me vinden in elk woord dat ik schrijf’ van Lamia Makaddam
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Is poëzie inderdaad zo eenvoudig dat ‘jij’ in elk woord dat ‘ik’ schrijft, deze ‘ik’ zal vinden? Misschien wel in de bundel ‘Je zult me vinden in elk woord dat ik schrijf’ van Lamia Makaddam, vertaald door Abdelkader Benali. De lezer wordt in elk geval door de titel van de bundel alvast uitgenodigd deze ‘ik’ te gaan zoeken.
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In deze zoektocht kom je er al vrij snel achter dat poëzie toch vooral een scheppingsdaad is en dat de dichter in elk gedicht een nieuwe ‘ik’ kan scheppen, waardoor gaandeweg de bundel de ‘ik’ tussen de regels door glipt en aan het eind nog net zo onvindbaar is als toen de bundel nog gesloten was, terwijl er ondertussen een spoor van vernielingen en schoonheid is achtergelaten in het hart. In ‘Made by Eva’ is er een ik, die een man nodig had en er dus een maakte. De eerste Eva uit de geschiedenis werd wellicht geschapen uit de rib van een man. In dit gedicht is het Eva’s beurt om een man te scheppen. Dat blijkt nog niet zo eenvoudig: ‘Waarom wist ik niet, misschien omdat ik de mens niet kende,/en niet op de hoogte was van zijn binnenste, maar het lukte me niet/de lichaamsdelen op de juiste plek te krijgen’. Halverwege het gedicht zou je je kunnen afvragen of de ‘ik’ niet door een stille woede of wraak gedreven wordt, want ‘Ik rolde zijn penis om zijn nek,/zijn hart ter grootte van een dorperwt [sic] legde ik op het puntje van zijn neus./ Sommige organen plaatste ik buiten zijn lichaam./ Rammelend liep hij rond.’ Dat de penis om de nek gerold kan worden, impliceert dat deze buitenproportioneel is van omvang en daarmee de man wellicht zelfs zou kunnen wurgen. Dat zijn hart zo klein is als een erwt en op de neus geplaatst wordt, kan ook van alles betekenen. Er zijn veel uitdrukkingen met ‘neus’. Je kunt je neus voor iets ophalen, iemand bij de neus nemen, een lange neus trekken naar iemand. Als dat de plek is waar het hart zich bevindt, is het niet best. Daarbij plaatst de ‘ik’ ook nog wat organen buiten zijn lichaam. Uiteindelijk wordt de man foeilelijk en zijn de mensen bang voor hem. Welke ‘ik’ heeft de lezer in dit gedicht gevonden? Het is nog niet zo eenvoudig hier antwoord op te geven. De ‘ik’ had een man nodig, maakt er een, maar het scheppingsproces loopt wat uit de hand. De vraag is of de ‘ik’ zomaar, of uit woede, gekwetstheid, wraak of nog een andere emoties, de man zo misvormt en wat dat dan vervolgens zegt over deze ik. Het laat haar onmacht zien, maar tegelijkertijd haar macht, en zo blijft de ‘ik’ ongrijpbaar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het gedicht ‘Aan het einde moet er iets kapot’ staat een kleine variant op de titel van de bundel: ‘Je zult me vinden in elk woord dat je schrijft’. Wie is deze ‘je’? Ook die kun je als lezer naar believen invullen. Het lijkt erop dat ‘je’ de geliefde van de ‘ik’ is en dat de ‘ik’ een eindeloze reikwijdte heeft gekregen, want ‘Je zult me vinden in elk woord dat je schrijft,/in elke vrouw die je liefhebt,/alle bomen waar je huis op uitkijkt,/de plekken waar je nog gaat wonen.’ De ‘ik’ zal voor ‘je’ zingen en ook ‘van je weg en naar je toe reizen’. Hier klinkt een dubbel verlangen door van willen volgen en willen vluchten, waardoor opnieuw de ‘ik’ niet te vangen is en misschien zelfs breekt als je deze gevonden hebt, want ‘wanneer mijn vleugels breken/ wees dan niet verdrietig./ Iets moet immers breken aan het einde.’ Als je de ‘ik’ al gevonden hebt, dan ligt deze met gebroken vleugels in je handen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De reikwijdte van ‘ik’ gaat nog veel verder in ‘Ik herinner en vergeet, ik hou van je en huil’: ‘Na een tijdje kom ik terug in de gedaante van een hemellichaam/dat niet meer verder draait, of een zee die niet meer stormt/en dan valt deze huid van me af en slepen mieren hem naar hun geheime bewaarplaatsen.’ Is ‘ik’ op deze manier nog wel te vinden? In eerste instantie lijkt het erop dat ‘ik’ vooralsnog alleen zichzelf vindt, in ontbinding: ‘Na een tijdje/als ik helemaal vergeten ben dat ik in deze tijd leefde/zal ik mijn hand op mijn gezicht leggen/raak ik mijn ogen en hals aan/en zal het mij herinneren/zonder onderbreking,/wanneer mijn armen ontbonden zijn/en de vos jongen werpt op mijn graf,/de woorden gestorven zijn en hun botten/verspreid zijn door de valleien.’ Het is de liefde die ‘ik’ zo heen en weer slingert tussen uitersten, die ‘ik’ zelfs buiten de tijd, buiten de taal en buiten zichzelf laat treden: ‘en ik zal van je blijven houden/en ik zal vergeten/en ik zal onthouden/en ik betreed en verlaat de tijden/en ik betreed en verlaat de taal/en ik betreed en verlaat mezelf.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De liefde vermag meer dan dat, ‘De liefde maakt van de vrouw een man en van de man een vrouw’, in weer een ander gedicht, en ‘Op deze twee knieën heb ik twee kinderen opgevoed:/liefde en geluk.’ En ‘ik’ wist vanaf het begin ‘dat deze twee kinderen/mijn graf zouden graven/met hun zachte handen./Ze leggen de ribben naast elkaar/en het hart op de juiste plek/en dat had ik niet verwacht.’ Zo slingert de lezer met ‘ik’ mee in de liefde, die ons graf graaft, maar wel met zachte handen, en ook ons hart op de goede plek legt. Dat is boven alle verwachting. Het is de liefde die in ‘De tuin’ wordt verbeeld als: ‘De roos die in de/winter bloeit in plaats van in de zomer, verspreidt een geur van dode lichamen,/straalt van vreugde en vreet onze longen aan.’ Maar in ‘Het is liefde’ staat: ‘Maar het is liefde./Elke keer als ik hem een lichaamsdeel geef/schiet dat wortel in een ander lichaamsdeel.’ Als je ‘ik’ in de liefde wilt vinden, dan tref je de bloei aan, maar ook het graf, want ‘ik’ lijkt in diverse gedichten ook door ‘hem’ geschonden, zoals in ‘Het lijk’: ‘Zijn lichaamsdelen zijn nog intact./Zijn schone borst ruikt naar mij./Zijn nagels zijn geknipt/zodat jullie mijn huid niet hoeven te ruiken./Ik brak in zijn ogen de glans van verlangen/en uit zijn mond distilleerde ik een fluistering./En als ik meer had kunnen doen had ik meer gedaan:/dan zou ik hem terugsturen, in stukken./Begraaf hem goed, zodat hij niet nog een keer van jullie vlucht.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Die gekwetstheid kom je vaker tegen, ook in ‘Ik weet niet hoe ik mijn hoofd moet buigen’: ‘Als mijn nek in jouw hand zou breken,/ dan wil hij in een fluit veranderen/waar jij liedjes en herinneringen in kan laten klinken.’ Als ‘ik’ in een ander gedicht het huis schoonmaakt, durft ‘ik’ de lege bedden niet aan te raken, ‘omdat er kleine, kwetsbare/bloemetjes op zweven./Hun takjes steken onder de lakens uit als bloemknoppen.’ Deze duisternis brengt kennelijk de poëzie voort: ‘En als het gemis in je hart woont,/dan weet je dat tenminste iets het vult./Schrijf vanuit die duisternis/die het leven minder wreed maakt.’ Toch laat die wreedheid ook de lezer niet los. In ‘Profetie’ staat: ‘Op een dag zal mijn geliefde mij doden./Vind je mijn lichaam niet/zoek dan in zijn gedichten.’ Er is dus ook een geliefde die schrijft, en wel zo dat hij daarmee de ‘ik’ zal doden. Is dat wat poëzie vermag?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Ik’ is strijdlustig en niet zomaar te vangen: ‘Ik kan niet tegen kooien./Om ze gehoorzaam te betreden/moet je over de uitzonderlijke kwaliteiten/van leeuwentemmers beschikken.’ Misschien is dit ook het lot van de lezer die nog steeds op zoek is naar ‘ik’: ‘Het geluid van kettingen moet harder zijn/dan de schreeuw in mij./Het stampen van je voeten moet luider zijn/dan het stof in mijn binnenste.’ De lezer heeft allang de illusie niet meer dat hij de ‘ik’ zal vinden, laat staan in een kooi zou kunnen vangen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Steeds opnieuw schept de dichter een ‘ik’ en een ‘jij’ en steeds opnieuw worden werelden opgeroepen: ‘De hele wereld strekt zich uit/richting alle tijden/als een tent gemaakt van jouw pure huid.’ Je voelt hoe het klopt dat relaties tussen mensen zo groots uit kunnen pakken, maar steeds opnieuw is daar ook de dreiging, die zeker niet alleen vanuit de ‘jij’ komt, ook vanuit ‘ik’: ‘De pilaren zijn gemaakt van jouw botten/en de plunderende honden/zijn gemaakt van mijn verlangens.’ En ineens is daar het kind ‘Miriam’ dat ter wereld kwam ‘na twee schoppen van een geamputeerd been,/dat in het vuur werd gegooid.’ Het meisje wilde niet huilen, hoe ze haar ook schudden, het was gestorven en ze groeven haar graf: ‘Op dat moment sprong Miriam op de schouder van een ster,/stil als een mummie./Om met haar te kunnen praten slaan we onze handen/en onze hoofden tegen de muren’. Toch brengt het dode kind iets moois: ‘Een zachte, kleine hand streelt over het gezicht/en maakt ons zijn, dat van nature wreed is,/zacht,/een kwetsbaar voetje dat de eerste stap zet/en valt, alsof het tegen die haar met open armen opwacht/wil zeggen: ‘Kijk, ik kom nooit aan.’ ’. Verderop in het gedicht wordt duidelijk dat de verbeelding het leven van het kind overneemt, omdat je het denkbeeldige leven zo kunt invullen als je zou willen: ‘Miriam is geboren uit het dichtersbloed van chrysanten./Ze zal zeventig jaar leven/en dan gedood worden door een dief/in een van de nauwe straatjes van Rome, beroofd van haar ring.’ De dichter in deze bundel is schepper van leven en dood.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op zoek naar ‘ik’ leidt Makaddam de lezer langs prachtige regels, zoals: ‘Ik was gewend om naar beneden te kijken/zodat ik kan zien hoe het lichaam zich aan de aarde hecht.’, en: ‘ik kroop op mijn hart want dat lot is weggelegd voor/wie fouten maakt.’ Zo is het, zo kan het voelen als je fouten maakt: het schuurt langs het hart. Ook gebruikt zij vaak het beeld van bomen, die wellicht staan voor het leven, met alles erop en eraan, als takken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het een na laatste gedicht laat zien hoe ‘ik’ de wereld om zich heen schept, waarin ‘ik’ de liefde achter zich op tafel laat en achter de gedichten aan rent, zichzelf verliest in het leven en een boek betreedt zonder titel. Hoe we ook zullen zoeken naar ‘ik’, deze zal ons ontglippen, elk gedicht opnieuw, omdat ‘ik’ gemaakt is uit taal, uit zuivere poëzie.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het onkruid in onze borst
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De boom waarin ik de wind dacht te horen waaien
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           hakte ik omver.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Voor de maan die me liet weten dat het nacht was
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           sloot ik mijn ogen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik liet de liefde achter op tafel en rende achter de gedichten aan.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik verloor mezelf in het leven en betrad een boek zonder titel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Sinds vanochtend zit ik in een tuin die ik met de hand heb getekend
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           en spreek ik een man toe die ik gemaakt heb uit tuinafval.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik vertelde hem over het leven dat na de dood begint
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           over het dode onkruid dat wij in onze borst dragen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           niet omdat het van goud is, maar omdat wat uit de boom valt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           onze doden zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En de takken die breken, dat is onze tijd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Makaddam.jpg" length="12882" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:39 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ik-verloor-mezelf-in-het-leven-en-betrad-een-boek-zonder-titel</guid>
      <g-custom:tags type="string">Lamia Makaddam,Makaddam</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Makaddam.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Makaddam.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Opgang door een leven vol insijpeling en rotting</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/opgang-door-een-leven-vol-insijpeling-en-rotting</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;font&gt;&#xD;
      
           Opgang door een leven vol insijpeling en rotting
          &#xD;
    &lt;/font&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;font&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/font&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;font&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Bespreking van ‘De opgang’ van Stefan Hertmans
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/font&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;font&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/font&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Wat houdt de nieuwe roman van Stefan Hertmans, ‘De opgang’, bij elkaar, behalve de prachtige omslag waarop een raam met open luiken staat afgebeeld, enigszins verscholen achter een blauweregen? Zowel zon als schaduw maken deel uit van de afbeelding, en wie gedacht had dat hij wel even door het raam naar binnen kon kijken om iets op te vangen van wat zich binnenskamers afspeelt, komt bedrogen uit, omdat niet alleen het hekwerk van het balkon, de brede raamlijsten en het fragiele gordijn het zicht naar binnen belemmeren, maar ook het perspectief waarvoor gekozen is, want je kijkt wat van onderen op tegen het raam. Evenzo vergaat het de lezer die op zoek is naar de kern van dit complexe werk, maar geloof mij, ook al is het maar de vraag of de lezer kan doordringen tot die kern, de zoektocht is het meer dan waard.
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘De opgang’ houdt het midden tussen geschiedenis en verbeelding. Aanleiding voor het schrijven van de roman was dat Hertmans in het werk ‘Zoon van een foute Vlaming’ van de historicus Adriaan Verhulst zijn eigen naam tegenkwam als nieuwe bewoner van het huis in een straatje genaamd Drongenhof, een deel van het Gentse Patershol. Pas op dat moment drong tot hem door dat hij twintig jaar had gewoond in het voormalige huis van een Vlaamse SS’er, namelijk Willem Verhulst, vader van bovengenoemde historicus. In ‘De opgang’ reconstrueert hij de geschiedenis van het huis, maar vooral ook de geschiedenis van Willem, zijn tweede vrouw Mientje en hun drie kinderen. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Willem Verhulst is een wat grillige persoon, aan één oog blind, die als kind regelmatig overhoopligt met zijn Franstalige leeftijdsgenoten. Hij groeit uit tot een wat anarchistische figuur, die zich steeds weer door nieuwe ideeën laat beïnvloeden, romantisch-christelijke, communistische, maar uiteindelijk toch die van de nazi’s die Vlaanderen als onderdeel van het grote Germaanse rijk zien. Verhulst wordt hoofd van de Gentse Radiodistributie, is lid van de Vlaamse Waffen-SS en is uiteindelijk verantwoordelijk voor het maken van lijsten van verzetslieden, werkweigeraars, ondergedoken Joden en politieke tegenstanders. Zijn tweede vrouw Mientje daarentegen is een diepgelovige vrouw die niets moet weten van de collaboratie van haar man. Thuis moet zijn uniform uit, ze slaat het gipsen beeld van Hitler stuk en protesteert openlijk tegen alles wat met zijn ideologieën te maken heeft. Uiteindelijk blijkt het huis het middelpunt geweest te zijn van een aangrijpend huwelijksdrama.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toch is de roman veel meer dan alleen deze geschiedenis, al had ik aanvankelijk wat moeite met de term ‘roman’, die toch wel degelijk op de voorkant staat. De auteur zelf speelt namelijk een belangrijke rol in het boek als verteller. Normaalgesproken is het niet de bedoeling dat je auteur en verteller door elkaar haalt, maar bij deze roman kun je ze onmogelijk los zien, omdat de verteller samenvalt met degene die in 1979 het huis in het Drongershof heeft gekocht en daarmee dus ook zelf deel uitmaakt van de geschiedenis die hij aan het vertellen is. Hij blijft als verteller niet op de achtergrond, maar is als onderzoeker prominent aanwezig. Een van de verhaallijnen is zelfs die van hem waarin hij samen met notaris De Potter het huis doorloopt zonder op dat moment te beseffen dat dit het huis is geweest van een Vlaamse SS’er. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Paradoxaal genoeg is het juist deze verhaallijn die ervoor zorgt dat het boek toch een ‘roman’ is te noemen, omdat deze ‘opgang’ (met De Potter loopt hij van beneden naar boven door het huis, met uitzondering van de zolderverdieping die hij alleen moet betreden) voor een symbolische, diepere lading zorgt. Hertmans verwijst in zijn motto van het eerste deel niet voor niets naar Dante. Het lijkt erop dat de verteller samen met De Potter de kamers van de hel bewandelt, richting het hoger gelegen paradijs, al is het nog maar de vraag of hij dit paradijs ooit zal bereiken. Daarbij is niet alleen de geschiedenis die zich hier heeft afgespeeld, een hel, maar ook de erbarmelijke staat van het huis zelf: ‘We liepen over het nauwe, zonloze koertje naar het achterhuis, dat zich aan de linkerkant bevond. Dat kale bouwsel was er het ergst aan toe. De ramen waren ondoorzichtig door het stof, de muren leken doorweekt, het platte dak stond op instorten. De bitumen dakbanen, door de notaris terre-papier genoemd, een Gents-Franse verbastering van ‘geteerd papier’, waren zo lek als een zeef, de zoldering was aangetast door insijpeling en verrotting, enkele balken waren gebroken en staken door het gips, dat nog vermengd was, zoals men dat vroeger deed, met strengen paardenhaar.’ 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De mankementen krijgen vooral een symbolische lading doordat de verhaallijnen ingenieus in elkaar geweven zijn, want tijdens de ‘opgang’ met De Potter heeft de verteller weliswaar zelf nog geen vermoeden van het gruwelijke verleden dat zich hier heeft afgespeeld, maar deze verhaallijn wordt steeds onderbroken door de geschiedenis van Willem Verhulst en zijn gezin, waardoor de lezer de ruimte heel anders ervaart dan de nog nietsvermoedende verteller. Het langzaam doordringen van het nazisme in het huis voelt als ‘insijpeling’ en ‘verrotting’, zoals het huwelijk dat net als het platte dak op instorten staat en zo lek is als een zeef. Dit laatste niet alleen door het nazisme, maar ook door Willems relatie met zijn minnares Griet.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet alleen de mankementen krijgen een symbolische lading, ook de prachtige blauweregen, die niet alleen op de omslag prijkt, maar ook in het verhaal steeds opnieuw terugkomt. Mientje heeft de plant ooit in de grond gezet, haast als teken van hoop. Een blauweregen is enorm krachtig, een heuse woekeraar, en daarmee in deze roman symbool voor Mientjes kracht, die ondanks alles, aan de liefde blijft vasthouden. Dat deze plant giftig is, moeten we dan misschien maar zien als een noodzakelijk tegengif tegen alles wat deze liefde probeert aan te tasten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is nog een andere verhaallijn en dat is die van de reflecterende onderzoeker, die commentaar levert op het eigen onderzoek, vragen stelt bij verschillende bronnen, maar ook reflecteert op wie nu eigenlijk Willem Verhulst was. Het is mooi dat er geen pasklaar antwoord komt. Verhulst komt in allerlei facetten naar voren. Natuurlijk kun je je afvragen of dat niet iets te veel eer is voor een forse collaborateur. Toch vind ik dat juist de kracht van de roman. Hoezeer wij met elkaar ook de collaboratie afkeuren, het is de kunst om de mens die zich er schuldig aan heeft gemaakt, toch als mens te blijven zien, om niet aan de verleiding toe te geven mens te laten samenvallen met zijn daden. Hertmans dwingt de lezer in de opgang door het huis, waarin de geschiedenis rottend en misselijkmakend naar binnen sijpelt, maar laat juist door de krachtige Mientje zien hoe je die twee moet loskoppelen, want het is wonderbaarlijk hoe zij het voor elkaar krijgt de mens in hem lief te hebben en het monster steevast af te keuren, terwijl ze zelf ondanks alle twijfels en het verdriet overeind blijft. Ook daarmee stijgt het boek uit boven een willekeurige geschiedenis. Het laat zien dat het mogelijk is, zelfs binnen de muren van een huis. Dat het niet eenvoudig is, laten de barsten en de rotting zien. Overigens laat niet alleen Mientje deze strijd zien, maar ook de kinderen. Zij balanceren voortdurend tussen afkeuring en poging tot begrip. Niet in de laatste plaats is het ook de onderzoeker zelf die zijn plaats zoekt, woonachtig geweest in een pand waarin zoveel onheil is geschied. Ook hij probeert voortdurend een houding aan te nemen tegenover Verhulst, maar wordt heen en weer geslingerd door tegengestelde krachten. Als wij de zolderverdieping al als paradijs zouden zien, dan is het er een waarin geen duidelijke antwoorden zijn. De mens blijkt meer dan een verzameling feiten en blijkt in wezen ongrijpbaar. Een schrale troost is het te zien hoe Verhulst uiteindelijk wel in de gevangenis voor zijn daden moet boeten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet alleen in deze ingenieuze constructie van verschillende verhaallijnen laat Hertmans zijn vakmanschap zien, want daarnaast is hij een taalvirtuoos. Hij wisselt diverse taalregisters af, afhankelijk van de verschillende verhaallijnen en personages: Vlaams, dialect, Duits, maar ook afwisselend ‘officiële’ taal en een wat huiselijker variant. Hij baseert zich op dagboekfragmenten van Mientje, maar ook op gesprekken met nabestaanden en diverse andere bronnen. Wat voor mij afdoet aan de romanwerkelijkheid, zijn de afbeeldingen die in het boek staan: foto’s van personen, maar ook van voorwerpen. Hierdoor verliezen de voorwerpen aan symbolische kracht, omdat ze niets aan de verbeelding van de lezer overlaten. Die verbeelding is wat mij betreft nu juist nodig om het boek als roman te ervaren, al zullen er ongetwijfeld ook lezers zijn bij wie de voorwerpen juist tot de verbeelding spreken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kracht van ‘De opgang’ zit in een combinatie van het ingenieuze weefsel van de verhaallijnen, de virtuoze stijl en de betekenisvolle details die de menselijke en monsterlijke misère laten zien van een leven dat aangetast is door lekkages en rotting. De roman is
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           na ‘Oorlog en terpentijn’ en ‘De bekeerlinge’ de derde in de reeks van ‘literaire reconstructies van een geschiedenis’, die Hertmans inmiddels heeft gepubliceerd. Hij toont zich meester in dit bijzondere genre, dat hij in zijn eigenzinnigheid – al schrijvend – zelf voor een belangrijk deel heeft vormgegeven. Ik ben benieuwd of er nog meer gaan volgen, maar met dit vakmanschap zijn ook andere literaire vormen bij hem in goede handen. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+De+opgang.jpg" length="88903" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:38 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/opgang-door-een-leven-vol-insijpeling-en-rotting</guid>
      <g-custom:tags type="string">Hertmans,opgang,Stefan Hertmans,De opgang</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+De+opgang.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+De+opgang.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>In de ban van de droomvrouw</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/in-de-ban-van-de-droomvrouw</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          In de ban van de droomvrouw
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van ‘De bekeerlinge’ van Stefan Hertmans
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
           Net als in zijn roman ‘Oorlog en terpentijn’ reconstrueert Hertmans in zijn ‘De bekeerlinge’ uit allerlei verschillende documenten het leven van een bestaande persoon. In deze roman is dat de voorname christelijke jonkvrouw Hamoutal uit de elfde eeuw, die haar leven riskeerde uit liefde voor een joodse jongen. Hertmans baseert zich op informatie over een pogrom en een verborgen schat van een klein dorp in de Provence, en op een aantal opzienbarende joodse documenten die aan het einde van de negentiende eeuw worden gevonden in een synagoge in Caïro. Hertmans gaat achter Hamoutal aan en volgt de adembenemende tocht die zij met haar geliefde aflegt, terwijl alles en iedereen hun ontsnapping wil tegenhouden. Toch dringt zich de vraag op of hij niet nog meer dan deze historische figuur, de vrouw van zijn verbeelding volgt, waardoor het verhaal tevens een zoektocht wordt naar de vrouw van zijn dromen.
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het boek is opgedragen aan ‘een vrouw die een huis kuste’. Ergens in het verhaal kust Hamoutal het huis waar zij met haar geliefde gaat wonen: ‘Toen ze voor de gammele achtergevel stonden, was Hamoutal zo aangedaan en opgelucht dat ze eindelijk weer een eigen thuis zou hebben, dat ze in een opwelling haar lippen op de muur drukte. Haar man had haar verbaasd aangestaard en haar toen in zijn armen genomen. Je hebt een huis gekust, zei hij lachend.’ Het laat zien hoezeer deze vrouw een onderkomen verlangde na de uitputtende vlucht, die eigenlijk nooit ophield. Deze opdracht schrijnt vooral als je weet dat de vrouw nadat zij eindelijk dacht een huis gevonden te hebben, toch weer moet vluchten. Uit de formulering van het motto blijkt ook nog iets anders, namelijk de betrokkenheid van de auteur bij het leven en het wezen van deze vrouw. Door de keuze voor ‘een vrouw die een huis kuste’ schept hij tegelijkertijd afstand en intimiteit, want hij weet immers precies om welke vrouw het gaat en alleen haar geliefde was getuige van deze handeling, maar hij dringt zich hier tussen de geliefde en Hamoutal. De vraag is ook of ergens uit de geschriften is gebleken dat Hamoutal de muur kuste, of dat dit de fantasie is van de auteur. Dat laatste is waarschijnlijker. Dan krijgt de opdracht nog een extra betekenis: het boek is opgedragen aan de vrouw van zijn verbeelding.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het motto is van Thomas Mann: ‘De vorm van de tijdloosheid is het hier en nu’. Het begrip tijd is van groot belang in deze roman waar voortdurend gewisseld wordt van het nu naar de middeleeuwen. Het verhaal van deze vrouw is aan de ene kant heel sterk verbonden met de historische figuur die in de elfde eeuw heeft geleefd, maar is aan de andere kant voor het grootste deel ontsproten aan de verbeelding van de auteur die leeft in het hier en nu. In het hier en nu is er geen tijd. Daarmee is ook het verhaal, als afkomstig uit de verbeelding, in zekere zin tijdloos geworden. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hamoutal is geboren als Vigdis Adelaïs, in Rouen. Haar vader is een bekeerde Noorman en haar moeder is afkomstig uit een gegoede familie uit Arras, een verre verwant van de graven van Vlaanderen. Als zij in de buurt van de synagoge de joodse jongen David Todros ziet, is zij op slag verliefd. David is door zijn vader, de opperrabijn van Norbonne naar Rouen gestuurd om te studeren. In die tijd is het ingewikkeld om met elkaar af te spreken, zonder anderen erbij, en al helemaal als christenmeisje met een joodse jongen. Als uiteindelijk de situatie onhoudbaar wordt, stelt David voor samen te vluchten naar Norbonne. ‘Het risico dat dit meisje neemt is volslagen onverantwoord in die dagen,’ schrijft Hertmans, haast vaderlijk. Er klinkt behalve bezorgdheid ook bewondering door in zijn woorden. Deze vrouw spreekt hem tot de verbeelding. Historisch gezien heeft hij meer dan gelijk: in de tijd van de kruistochten is haar keuze bijna onvoorstelbaar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het verhaal lopen de verschillende tijdlijnen door elkaar. Ze wisselen elkaar niet alleen af, maar ze raken elkaar ook af en toe, zoals helemaal in het begin van de roman waarbij gesuggereerd wordt dat de schrijver, die zich bevindt in het dorpje waar David en Hamoutal uiteindelijk onderdak vinden, Mons Jovis (de berg van Jupiter), beide vluchtelingen ziet naderen: ‘Van bij het raam waar ik uitkijk over de vallei zie ik in de verte twee mensen naderen. Ik denk dat ze van de hoogten van Saint-Hubert komen, vanwaar je zowel de top van de Mont Ventoux als de vallei van Monieux kan zien; daarna moeten ze een tijd door het schrale eikenbos op de hoogvlakte lopen, waar de wolven zwerven.’ Het is alsof de schrijver hier zijn eigen verhaal in kijkt, want hij bevindt zich in het nu en de twee vluchtelingen zijn David en Hamoutal die in de elfde eeuw het kleine dorp naderen, zij hoogzwanger: ‘Ik stel de verrekijker bij en merk nu ook dat ze hoogzwanger is. De man draagt een ruime boezeroen en hij heeft een primitief soort hoed op zijn hoofd. Soms helpt hij de vrouw over iets heen te stappen door haar bij de elleboog te nemen.’ Hij wil de twee welkom heten in het dorp, hij wil ze onderdak bieden. Dat doet hij dan ook, niet in zijn huis, maar in zijn roman. Op een andere plek staat: ‘Zo komt het dorp, als een zwerver uit oude tijden, de eenentwintigste eeuw binnen. Er is haast niets veranderd: op vroege najaarsochtenden trekken nog steeds de herders met hun warm walmende kudden door de hoofdstraat.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Soms daal je als lezer helemaal af in de middeleeuwen en volg je zelfs gesprekken die Hamoutal voert met haar tijdgenoten. Op andere plekken neemt de auteur je mee in zijn gissingen: ‘De synagoge en het huis van David Todros moeten dicht bij elkaar hebben gelegen – hoogstens tweehonderd meter van de plek waar het oude huis staat waar ik dit schrijf.’ Hij is dan zichtbaar voor de lezer het verhaal aan het reconstrueren en geeft argumenten voor zijn vermoedens. Dat zorgt ervoor dat je regelmatig uit het verhaal getrokken wordt en gedwongen wordt in te zien dat het slechts een reconstructie is, op basis van beperkt feitenmateriaal.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ergens gaat het daar wat mij betreft ook wringen. Hoe prachtig de reconstructie ook is, hoe boeiend de geschiedenis is naverteld, met alle sfeerbepalingen en historische feiten eromheen, mij bekruipt als lezer ook af en toe een gevoel van ongemak en soms zelfs plaatsvervangende schaamte. De auteur permitteert zich namelijk vrijuit zijn fantasie te gebruiken waar het intimiteiten betreft. Dat was al zichtbaar in het motto, maar het is op veel meer plaatsen aanwezig. Op het moment dat hij David en Hamoutal met elkaar laat vrijen in de schoonheid van de natuur en hij al haar gevoelens beschrijft, zonder het verhaal te onderbreken, bekruipt mij een gevoel van onbehagen: is dit gepast? Elke schrijver mag wat mij betreft vrijuit fantaseren over dit soort intimiteiten, maar mag dat ook als het een vrouw betreft die werkelijk heeft bestaan en die daar niets meer over zeggen kan? Het is alsof hij zijn eigen fantasie op haar projecteert, alsof het de vrouw van zijn dromen betreft, letterlijk omdat hij regelmatig aan het dagdromen is. Juist omdat hij op andere plekken voortdurend het verhaal onderbreekt en als schrijver het verhaal reconstrueert op basis van de feiten, is deze ‘ik’ op zulke intieme momenten, waarbij hij zich helemaal terugtrekt, gek genoeg extra sterk aanwezig, als een soort voyeur en eigenlijk zelfs regisseur van de liefdesscène. Misschien meent Hertmans dat dit nodig is om het verhaal te verlevendigen, maar wat mij betreft had hij misschien juist op zulke momenten de illusie moeten doorbreken of wat meer moeten gissen, in plaats van onbeschaamd helemaal opgaan in het lichaam van deze mysterieuze vrouw uit het verleden. Zij was immers de vrouw van David Todros op dat moment en van niemand anders. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘De bekeerlinge’ is een prachtige reconstructie op basis van historische feiten, in de goede handen van een auteur die meester is in het tot leven brengen van het verleden. Achter het idee van een realistische reconstructie gaat echter de romanticus schuil, die ook zelf vlucht uit het hier en nu, naar een ver verleden, naar zijn droomvrouw. Wellicht had de roman aan kracht gewonnen als hij afstand had bewaard tot het ontblote lichaam van Hamoutal, net als van de vele andere raadselen in dit wonderschone verhaal.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+de+bekeerlinge.png" length="84735" type="image/png" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:36 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/in-de-ban-van-de-droomvrouw</guid>
      <g-custom:tags type="string">Hertmans,Stefan Hertmans,Bekeerlinge,De bekeerlinge</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+de+bekeerlinge.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+de+bekeerlinge.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Doorgrond en ken mijn hart</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/doorgrond-en-ken-mijn-hart</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Doorgrond en ken mijn hart
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;font&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Bespreking van 'Mijn lieve gunsteling' van Marieke Lucas Rijneveld
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/font&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De nieuwe roman van Marieke Lucas Rijneveld, ‘Mijn lieve gunsteling’ begint na de opdracht ‘voor jou’ met het motto: ‘Ken me dan maar, weet wie ik ben en doe maar.’ Dit komt uit de bewerking (en niet uit de vertaling zoals onterecht in de verantwoording staat) van psalm 139 van Anton Korteweg. In deze psalm van David wordt de eenwording en de wens tot eenwording bezongen: ‘Gij kent mijn zitten en mijn opstaan, gij verstaat van verre mijn gedachten, gij onderzoekt mijn gaan en mijn liggen.’ Voor de ‘ik’ uit de psalm is het haast niet te bevatten: ‘Gij omgeeft mij van achteren en van voren en Gij legt uw hand op mij, het begrijpen is mij te wonderbaar, te verheven, ik kan er niet bij.’ Aan het slot van de psalm gaat deze verwondering over in een wens: ‘Doorgrond mij, o God, en ken mijn hart, toets mij en ken mijn gedachten; zie, of bij mij een heilloze weg is, en leid mij op de eeuwige weg.’ Hoe misleidend en verraderlijk ‘kennen’ kan zijn laat ‘Mijn lieve gunsteling’, de nieuwe roman van Marieke Lucas Rijneveld, in verschillende lagen zien.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Rijneveld kiest voor de slotwoorden uit Kortewegs bewerking van de psalm, waarin de wens wordt uitgesproken om gekend te worden door de ander. Vooral in het ‘en doe maar’ is duidelijk dat het hier om een bewerking gaat, want dat klinkt nogal nonchalant en haast gelaten, in vergelijking met het slot van de oorspronkelijke psalm. Dit bewerkte slot sluit dan ook naadloos aan bij de problematiek van Rijnevelds roman. Vanaf de eerste bladzijde beland je in het hoofd van de veearts die zijn ‘praaldier’, zijn ‘lieve gunsteling’, zijn ‘diefachtige’, zijn ‘Putto’ toespreekt. Deze gunsteling is het veertienjarige meisje dat samen met haar broer en vader op boerderij De Hulst woont in het dorpje The Village. Zij lijkt het alter ego van Jas, de hoofdpersoon uit Rijnevelds vorige roman, ‘De avond is ongemak’. Ook dit meisje heeft een broer verloren en vanaf dat moment heeft ook haar moeder de boerderij verlaten. De negenenveertigjarige veearts komt regelmatig langs om de zieke dieren te behandelen, maar houdt vooral het kleine meisje in de gaten, voor wie hij meer dan een gewone belangstelling heeft. De opdracht van het boek is: ‘Voor jou’. Als je persoonlijke voornaamwoorden gebruikt in plaats van namen impliceert dat dat het duidelijk is om wie het gaat. Het schept intimiteit en het suggereert dat de ander gekend wordt. Hier begint de misleiding al, want je krijgt als lezer hierdoor het gevoel dat je ofwel een voyeur bent bij de intimiteit van de ander, ofwel dat het boek ook voor jou is, als lezer.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Vanaf het begin zit je echter in het hoofd van de veearts en je voelt meteen dat het toespreken van zijn lieve gunsteling over alle grenzen gaat en dat er geen manier is om uit het hoofd van deze bruut te komen, dan het boek weg te leggen. Juist dat wegleggen doe je niet, omdat je meegesleurd wordt in de poëtische, overrompelende stijl waarin de veearts ‘jou’ toespreekt. Je bent aan hem overgeleverd en pas aan het slot begrijp je hoe onmogelijk het is om ook als lezer aan hem te ontkomen. Het perspectief is hier problematisch, want je verplaatst je als lezer automatisch in de ik-persoon, de veearts dus, maar tegelijkertijd word je aangesproken door hem als zijn lieve gunsteling: de eenwording ten top.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het is de moeite waard om Kortewegs hele bewerking van de psalm erbij te pakken, om te zien hoe mooi ook de rest aansluit bij het boek. Zo staat er in het tweede deel van zijn versie: ‘Enfin, gebonden zijn, gekend, in iemand zijn, erg is het, maar niet is nog erger misschien.’ Hoewel je in het hoofd van de veearts zit en al spoedig merkt dat hij een onbetrouwbare verteller is, krijg je toch de indruk dat het meisje hem steeds weer opzoekt, hoe ‘erg’ het soms ook is. Waarom zij dat doet, kan misschien inderdaad verklaard worden uit Kortewegs woorden ‘maar niet (gekend zijn) is nog erger misschien’. Het meisje heeft een onstilbare behoefte aan liefde en gekend worden. Ze heeft haar broer verloren, is door haar moeder verlaten, maar wordt ook door haar vader en overgebleven broer niet echt begrepen. Ze wordt aan haar lot overgelaten, niemand legt haar wat uit, waardoor ze overgeleverd is aan haar eigen tomeloze fantasie. Door de traumatische gebeurtenissen is het meisje bang voor elke vorm van afscheid die ze tegenkomt. De veearts heeft aandacht voor haar, hoe erg ook, en heeft haar juist door deze verlatingsangst in een ijzeren greep. Niets is erger voor haar dan verlaten worden. Omdat de veearts alles achteraf vertelt, lijkt het alsof hij wel inziet hoe hij haar heeft misleid en misbruik van haar heeft gemaakt, juist door haar voortdurend te zeggen dat hij de enige is die haar kent en haar begrijpt. Daarmee houdt hij haar gevangen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            ‘Mijn lieve gunsteling’ kruipt op meesterlijke wijze onder je huid, prikkelt je nieuwsgierigheid, je ongeloof, je ontzetting en laat je wankelen op het randje van je geweten: waar eindigt de liefde, waar begint het kwaad? Door voor het problematische perspectief te kiezen laat Rijneveld zien hoe onkenbaar de ander is en niet alleen de ander, maar de hele werkelijkheid. Je voelt hoe onbetrouwbaar de veearts is en je weet dus hoezeer zijn beeld van het meisje en de hele situatie vertroebeld kan zijn. Alles wat je waarneemt, is gefilterd door de ogen van de veearts. Pedofilie wordt door de samenleving in de volle breedte afgekeurd. Dit is misschien wel het grootste kwaad dat je je kunt voorstellen. Juist door in de huid te kruipen van deze persoon laat Rijneveld voelen hoe complex de situatie is, hoe onduidelijk het is waar het kwaad precies zit. De veearts is er zelf van overtuigd dat hij echt houdt van het meisje en hij ziet ook in dat zijn liefde te volwassen is voor haar. Ook blijkt hij zelf nog een veertienjarige, op zoek naar erkenning en liefde. Op het moment dat je hem als het zuivere kwaad ziet, kom je eigenlijk aan de kant van de vader en de broer te staan die hem het liefst aan hun riek willen rijgen en het meisje beschuldigen van het uitlokken van hem. Pas als het je lukt om in dat kwaad zijn liefde te zien, voel je pas hoe ziekmakend deze liefde is voor het meisje. Als hij zo duidelijk kwaad was geweest, had zij hem geweerd, maar hij is kwetsbaar en lief en daarom is het voor haar ondoenlijk om hem te verlaten. Juist zijn liefde doet haar kwaad, omdat zij misleidt. Hij wil door haar gekend worden, maar projecteert die behoefte op haar: hij is de enige die haar wezenlijk kent, zegt hij. Die projectie is levensgevaarlijk.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Projectie zie je ook in de moeder terug. Aanvankelijk lijkt het erop dat Rijneveld zich vergist heeft met de term ‘verlatene’ voor de moeder, een ‘slip of the pen’. Deze naam wordt gebruikt naast ‘de verlorene’, zoals de overleden broer steeds wordt genoemd. Op bladzijde 169 staat: ‘ik wist hier pas dat de verlorene en de verlatene niet dezelfde persoon waren, dat je iemand was kwijtgeraakt aan de dood en iemand aan het leven, het ene was hartverscheurend en het andere maakte je godsgruwelijk weerloos...’. Grammaticaal gezien is hier iets vreemds aan de hand, want de moeder heeft haar dochter verlaten en is dus zelf niet de verlatene, maar de ‘verlatende’, namelijk degene die de ander verlaat. Waarom kiest Rijneveld dan toch voor ‘verlatene’ als aanduiding van de moeder? Het zou goed kunnen zijn dat ook dit een vorm van projectie is. Verderop in het boek wordt gesuggereerd dat de moeder misschien in Stavanger is en dan maakt het meisje zich er zorgen over dat ze daar zo alleen is, want de moeder is door haar overleden kind natuurlijk ook ‘verlaten’. Door de moeder de ‘verlatene’ te noemen, wordt nog duidelijker hoe misleidend het is om te denken de ander te kennen. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            De grootste verpersoonlijking van het kwaad is misschien wel Hitler, die op dezelfde dag geboren is als het meisje. Daardoor heeft ze het gevoel dat ze met hem verbonden is. Ze is bang dat het kwaad ook in haar zit en daarom heeft ze regelmatig gesprekken met hem. Daarnaast heeft ze het gevoel dat zij een van de vliegtuigen was die de Twin Towers hebben doorboord. Dit beeld van het kwaad dat zich in de ander boort, is veelzeggend, vooral als het een onschuldig meisje is dat zich nu ineens als het kwaad ontpopt. De veearts noemt haar ook ‘een diefachtige’, die goed was ‘in andermans hart stelen, je deed het altijd zo secuur dat diegene er pas veel later achter zou komen en dan was het te laat, dan was je al in iemand gekropen.’ Ook hier zie je hoe dit in feite precies is wat de veearts juist met het meisje doet. Ook hier is sprake van projectie, dan wel eenwording van de onschuld met het kwaad.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In het hele boek verwijst Rijneveld voortdurend naar andere teksten: liedjes, films, series, maar ook grote schrijvers uit de jeugd- en wereldliteratuur, zoals Roald Dahl, Rilke, Reve en Proust. Dat de veearts zich in het meisje verliest en haar onmogelijk echt kan kennen, blijkt ook wel uit de vele citaten die het veertienjarige meisje onmogelijk allemaal zou kunnen kennen, tenzij ze inderdaad een soort ‘Mathilda’ van Roald Dahl is, die de hele bibliotheek leeg las. Rijneveld kiest op bladzijde 232 vast niet voor niets voor Proust met zijn ‘Op zoek naar de verloren tijd’, want die titel past natuurlijk prachtig bij de zoektocht naar wat er in het verleden is gebeurd. De veearts wilde Proust lezen, omdat ‘sommigen beweerden dat Proust je leven zou verrijken’, maar ‘de taal was hardvochtig, ze was ongrijpbaar, ze was de maskerade voor wat er echt hoorde te staan en daardoor viel ik vaak wanhopig in slaap in de wetenschap dat er nog zes delen van deze cyclus waren, ja, Proust maakte me radeloos.’ Uiteindelijk citeert hij, zoals hij zegt ‘de meest hoopvolle zin’ uit dit werk, wat een tamelijk willekeurige uitspraak is van het ook al niet erg belangrijke personage Legrandin uit het werk van Proust. Als de veearts in deel vijf was beland, had hij zichzelf kunnen herkennen in de hoofdpersoon die het meisje Albertine gevangenhoudt in een greep van jaloezie en verlangen naar het bezitten van haar, maar zo ver is hij kennelijk nooit gekomen. Het zesde deel heet nota bene ‘de voortvluchtige’, zoals ook de lieve gunsteling van de veearts regelmatig genoemd wordt. Dat kan haast geen toeval zijn. In hoeverre kent Rijneveld haar klassiekers? Als er een schrijver is uit de wereldliteratuur die de onkenbaarheid van de ander tot in de details blootlegt, is het Proust. De veearts wil echter geen Proust, maar wil alleen ‘zijn lieve gunsteling lezen’, wat bijna als een literaire verwerping van deze veelgeprezen Proust gelezen kan worden, die nog eens bevestigd wordt doordat de veearts zijn zaad uitstort in het werk van Proust. Daarmee bevlekt hij de onkenbaarheid van de ander. Hij beweert immers ook voortdurend dat hij het meisje als geen ander kent.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Twee jaar geleden bij het Literatuurfestival in Zutphen, vroegen mijn leerlingen na het interview met Rijneveld in hoeverre haar eerste roman ‘De avond is ongemak’ echt was gebeurd. Rijneveld begon over Diewertje Blok en wat andere onschuldige details uit het boek, maar ging voorbij aan de gruwelijke experimenten die in het boek beschreven waren, waar de leerlingen waarschijnlijk op doelden. Ik herinner me het ondeugende lachje toen ze vertelde dat er in de plaats waar ze vandaan kwam, een veearts was, die trots dacht dat hij het was die als veearts in het boek voorkwam en dat zij als auteur hem maar in de waan had gelaten, omdat hij er zo blij mee leek. Zou de veearts ook nu weer een vreugdesprongetje maken of zou hij zich in deze veearts niet meer herkennen?
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ook als je geen veearts bent, knaagt dit boek aan je geweten. Het is zo eenvoudig om over het kwaad te spreken, totdat je zelf prooi en praaldier bent. Dan voel je hoe onmogelijk het is om de vinger op het kwaad te leggen, om het kwaad te kennen en te kunnen ontmantelen, om ervan los te komen en het te bestrijden, hoe je geïnfecteerd bent met een ziekmakende liefde. Veelzeggend is in dit opzicht dat in psalm 139 de ‘ik’ behalve de eenwording en de wens tot eenwording met God bezingt, ook God oproept de kwaden te straffen, die God haten. Deze brute veroordeling voelt wat ongemakkelijk in deze verder zo prachtige psalm, maar deze past wel goed bij wat de samenleving doorgaans met pedofielen doet. Rijneveld laat met ‘Mijn lieve gunsteling’ zien hoe de literatuur ons beeld van de werkelijkheid, van goed en kwaad, van liefde en van de ander, kan laten wankelen, zodat we steeds opnieuw wakker geschud worden en ons niet laten verleiden te snel conclusies te trekken.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Cover+mijn+lieve+gunsteling.png" length="67087" type="image/png" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:35 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/doorgrond-en-ken-mijn-hart</guid>
      <g-custom:tags type="string">Lucas Rijneveld,Marieke Lucas Rijneveld,Rijneveld,Mijn lieve gunsteling</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Cover+mijn+lieve+gunsteling.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/Cover+mijn+lieve+gunsteling.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De mens in de tijd</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-mens-in-de-tijd</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          De mens in de tijd
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Het spel met de tijd in ‘Alle mensen zijn sterfelijk’ van Simone de Beauvoir 
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Door een literair spel met de tijd onderzoekt Simone de Beauvoir de sterfelijkheid van de mens. De ambitieuze actrice Régine ontmoet de onsterfelijke Fosca en hoopt door haar relatie met hem ook onsterfelijk te worden. Een groot deel van het boek beslaat het lange leven van Fosca, waarbij de lezer ondertussen ook de geschiedenis van Europa krijgt voorgeschoteld. Juist door dit spel met de tijd is het mogelijk om te laten zien wat de waarde is van de sterfelijkheid van de mens.
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De mysterieuze en ook wat eenzame gang door de eeuwen van Fosca doet mij denken aan die van een ander beroemd personage, namelijk Orlando van Virginia Woolf. Het is opmerkelijk dat ook Woolf het spel met de tijd speelt om een belangrijk verschijnsel van het menszijn te doorgronden, namelijk het manvrouwzijn. Een omgekeerd proces lijkt gaande in het omvangrijke werk van Proust, ‘A la recherche du temps perdu’. Daar neemt de tijd binnen een mensenleven juist mythische proporties aan door de kracht van de verbeelding. Alle drie de auteurs werpen een bijzonder licht op het menszijn door deze op uitzonderlijke wijze in de tijd te plaatsen. De tijd die ons gegeven is, is kennelijk essentieel voor ons wezen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Régine heeft een betekenisvolle naam. Haar naam kan verwijzen naar het Latijnse ‘regina’, dat ‘koningin’ betekent, maar ook naar het Germaanse ‘regin’, dat ‘raad’ of ‘raadgever’ betekent. Régine is bijzonder ambitieus, zij wil de beste actrice zijn en wil ook dat iedereen zich haar zal blijven herinneren. Ze is erg jaloers op collega-actrices en duldt eigenlijk geen andere sterren naast zich. Zij wil zogezegd de koningin zijn onder de stervelingen. De Beauvoir houdt ons met dit personage een spiegel voor en daarin geeft Régine de lezer een wijze raad. Door haar worsteling met de sterfelijkheid en haar ontmoeting met de onsterfelijke Fosca zien wij de kracht van ons tijdelijke bestaan. Op metaforisch niveau is zij voor ons dus een wijze raadgever.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Haar uitgangspositie is duidelijk: zij wil als actrice eigenlijk het liefst onsterfelijk zijn en voelt zich aangetrokken tot de mysterieuze man Fosca, die zich van niets en niemand wat lijkt aan te trekken en de hele dag buiten in een stoel ligt. Als blijkt dat hij niet kan sterven, is ze verschrikkelijk jaloers. Ze hoopt dat ze door een relatie met hem voor elkaar kan krijgen dat zij ook een beetje onsterfelijk wordt, omdat hij zich haar zal blijven herinneren. Fosca weerspreekt dat. Hij zal zich haar niet beter herinneren dan anderen, zegt hij. Régine kan dat niet uitstaan, en probeert steeds opnieuw zijn aandacht te trekken en bijzonder voor hem te zijn. Deze wens is voor de lezer begrijpelijk, al verliest ze daarmee ook wat sympathie. Dat zij graag wil dat ze ertoe doet, dat zij belangrijk is, dat zij gezien wordt, is goed voor te stellen, maar zij schiet duidelijk door in dit verlangen. De ander doet er niet meer toe. Zij wil alleen haar eigen roem.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Belangrijk in het boek is de tegenspeler Fosca. die beweert dat het een vloek is om onsterfelijk te zijn. Régine gelooft dat niet en zegt dat hij er zelf een vloek van maakt. Fosca geeft aan dat zij nooit zal begrijpen hoe hij ertegen gestreden heeft. Régine dringt aan dat hij haar zijn geschiedenis vertelt. Uiteindelijk doet hij dat. Wat dan volgt, is een lange geschiedenis in meerdere delen, af en toe onderbroken door een korte dialoog tussen Régine en Fosca. Het lot van Fosca wordt pas duidelijk door de levens van anderen die hij voorbij ziet trekken. Zijn onsterfelijkheid heeft hem weliswaar mogelijkheden geboden, omdat willekeurig welk gevaar geen vat op hem had (oorlogen, ziektes, ouderdom), maar uiteindelijk is hij gruwelijk eenzaam, omdat hij geen diepe verbondenheid met de sterfelijken om hem heen kan bereiken. Dat lijkt op het eerste gezicht onbegrijpelijk, want waarom zou hij zich niet met anderen kunnen verbinden? In feite is de hele situatie een gedachte-experiment. Stel je voor dat je een relatie hebt met iemand die onsterfelijk is. Jij zou je leven misschien wel willen geven voor hem, maar omgekeerd zal dat nooit kunnen. Wat betekent dat voor de relatie? Er komen diverse vrouwen voor in het leven van Fosca, maar ze vinden het allemaal een onverdraaglijke gedachte dat hij hen weer zal vergeten. Het werpt de vraag op wat erger is: vergeten worden door iemand die eindeloos blijft leven, of vergeten worden omdat iemand sterft? Fosca ziet zijn vrienden strijden voor allerlei idealen en er zelfs hun leven voor geven. Hij zal nooit zijn leven kunnen geven. Welke consequenties heeft dat? Naarmate de geschiedenis vordert, ga je steeds beter begrijpen wat de vloek is waar Fosca op zinspeelt en begin je ook steeds meer de kracht van de sterfelijkheid te voelen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Elke dag doet ertoe, in tegenstelling tot een leven dat eindeloos duurt. Fosca verlangt er, gek genoeg, naar om te leven. Hij voelt zich dood, wat wezenlijk anders is dan sterfelijk. Hij herinnert zich dat gevoel ook nog van heel lang geleden, toen hij nog niet van het levenselixer had gedronken. De Beauvoir laat de twee – sterfelijkheid en onsterfelijkheid – elkaar steeds opnieuw bijna raken, in soms heel schrijnende en ontroerende situaties. Van beide kanten voel je het verlangen om met de ander verbonden te zijn. Het zet je als lezer aan het denken over het lot van de mens en het leert je de dag te plukken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het is niet verwonderlijk dat zowel in het werk van De Beauvoir, als dat van Proust en Woolf, regelmatig een torenklok aan de horizon opdoemt. Bij Proust zijn ze onderdeel van de verbeelding en het verlangen naar vroeger, bij Woolf synchroniseren voor heel even alle stukjes waaruit de mens bestaat op het moment dat de torenklok slaat en bij De Beauvoir laten de klokken de voortschrijdende tijd voelen. Vooral in de slotzin is de klokslag veelzeggend.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Beauvoir.jpg" length="97356" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:34 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-mens-in-de-tijd</guid>
      <g-custom:tags type="string">De Beauvoir,Alle mensen zijn sterfelijk,Beauvoir,Simone de Beauvoir</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Beauvoir.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Beauvoir.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Kopje onder in de spiegel, kopje onder in de tijd</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/kopje-onder-in-de-spiegel-kopje-onder-in-de-tijd</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Kopje onder in de spiegel, kopje onder in de tijd
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;font&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Bespreking van ‘Hoe harder ik loop, hoe kleiner ik ben’ van Kjersti Annesdatter Skomsvold
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/font&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;font&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/font&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Het debuut van Kjersti Annesdatter Skomsvold is een klein verhaal met een groot thema. De bejaarde Matthea Martinsen gaat het liefst alle mensen uit de weg. Voordat zij haar huis uitgaat, loert ze door het kleine gaatje in de deur om te zien of er iemand aankomt. Als de kust veilig is, gaat ze pas naar buiten, alleen voor een noodzakelijke boodschap. Behalve aan een sociale fobie lijkt ze ook te lijden aan een vorm van autisme, waardoor regelmatig tragikomische en soms haast absurdistische situaties ontstaan. Onder de ogenschijnlijke eenvoud van het verhaal, ligt een diep lijden, dat uitstijgt boven alleen maar het leven van deze bejaarde vrouw. Het is een spiegel voor ons eigen verlangen naar een betekenisvol bestaan en de angst om vergeten te worden.
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De diepere laag komt naar voren in alle betekenisvolle details. Al op de eerste bladzijde lees je dat Matthea graag oorwarmers breit. Het lijkt een onbenullige bezigheid, maar je kunt de oorwarmers zien als afscherming, niet alleen tegen de kou, maar tegen de hele buitenwereld. Verderop in het verhaal blijkt zelfs dat ze een heel jasje heeft van oorwarmers, dat ze helaas kwijtraakt bij een buurtbingo, waardoor zij letterlijk blootstaat aan haar omgeving. Behalve een liefde voor oorwarmers, heeft ze ook een fascinatie voor tanden. Zelf is ze er al veel kwijt, maar ze heeft ooit een zakje tanden gestolen. Ze kan niet van zichzelf afbijten, heeft eigenlijk geen wapens waarmee ze haar omgeving te lijf kan. Wel neemt ze zich voor om met de ander in gesprek te gaan. Zo wil ze de kassamedewerker vragen of hij voor haar het jampotje open wil maken, maar als het erop aankomt, loopt ze toch weg zonder het te vragen. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat ze bang is voor andere mensen betekent niet dat ze niet om de ander geeft. Ze houdt van Epsilon en haar grootste wens is dat hij met pensioen gaat. Hun eerste ontmoeting wordt ontroerend beschreven in een humoristische scène waarin Epsilon haar, nadat ze door de bliksem is getroffen en haar wenkbrauwen is kwijtgeraakt, met allerlei statistische gegevens ervan probeert te overtuigen dat de kans erg klein is dat ze nogmaals door de bliksem wordt getroffen. Hij zegt dat hij haar wel mooi vindt, zo zonder wenkbrauwen, alsof ze meer ‘open’ is. Zij zegt hem dan dat ze zijn flaporen ook wel mooi vindt, waarop hij weer zegt dat een nadeel is dat ze wel snel koud worden, wat weer mooi aansluit bij de oorwarmers die ze breit. Tussen de regels door voel je die kwetsbare openheid tegenover Epsilon. Uiteindelijk maakt hij haar door het tekenen van allerlei cirkels duidelijk dat hij een verhouding heeft met een ander. Haar liefde voor hem en het verdriet blijken uit haar systematische ontkenning ervan. Het is bijna onmogelijk om Matthea Martinsen niet in je hart te sluiten, door haar ontroerende gedachtekronkels en bijzondere observaties.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De tijd heeft in het verhaal ook een diepere laag. Op weg naar de supermarkt komt ze de zonderlinge figuur Åge B. tegen, die haar om de tijd vraagt. Het is de tijd die je gedurende het hele verhaal hoort tikken, want wanneer zal Matthea sterven, wanneer is haar tijd gekomen? Ook lopen verschillende tijdlagen door elkaar heen. Soms lijkt het of Epsilon nog gewoon bij haar is, maar gaandeweg het verhaal krijg je toch het vermoeden dat hij er niet meer is. Ze geeft Åge uiteindelijk het horloge van Epsilon. Een mooie sleutelzin is: ‘Vroeger las ik de overlijdensadvertenties alleen maar om me te verkneukelen over al die lui die ik overleefd had, maar nu denk ik dat het niet uitmaakt want we leven allemaal sowieso maar een ogenblik.’ Zoals zij naar de overlijdensadvertenties kijkt, voelt de lezer dat hij naar Matthea’s onbeduidende leven kijkt, tot hij zich realiseert dat die onbeduidendheid misschien niet alleen voor Matthea’s leven geldt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook het herinneringskistje dat Matthea wil ingraven zegt iets over de tijd. Zij wil graag dat mensen zich haar herinneren. Ze weet niet zo goed wat ze erin moet stoppen. Epsilon had het ooit voor haar gemaakt toen hij nog van haar hield. Ondertussen wil ze graag sterven, ze wil dat de ambulances die ze hoort, voor haar komen, en is ze tegelijkertijd bang voor de dood. Ze voelt steeds aan haar lijf en vraagt zich af waaraan ze zal doodgaan. Ook hier komen de statistieken van Epsilon weer in haar op. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zo bouwt Skomsvold voor de lezer geraffineerd een spiegel. In Matthea’s huis hangt een spiegel waarin ze maar een klein stukje van haar hoofd kan zien. Ook de omslag met het halve hoofd en de titel zijn in dit opzicht veelzeggend. Het lijkt alsof Matthea voortdurend kopje onder gaat in het leven. Misschien ziet de lezer in Matthea niet helemaal zichzelf weerspiegeld, maar dan in elk geval een stukje, zijn eigen vergankelijkheid. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Skomsvold.jpg" length="52891" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:31 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/kopje-onder-in-de-spiegel-kopje-onder-in-de-tijd</guid>
      <g-custom:tags type="string">Skomsvold,Kjersti Annesdatter Skomsvold,Hoe harder ik loop hoe kleiner ik ben</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Skomsvold.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Skomsvold.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Medeplichtig en ontheemd</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/medeplichtig-en-ontheemd</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Medeplichtig en ontheemd
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Bespreking van 'Pastorale' van Stephan Enter
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Een enkele keer krijgt een auteur het voor elkaar dat je je als lezer een personage voelt in het boek dat je eigenlijk aan het lezen bent. Niet op de manier dat je samenvalt met de hoofdpersoon, want dat gebeurt tijdens het lezen natuurlijk wel vaker, maar dat je zelf, naast de personages, ook rondwandelt in het boek. Deze ervaring valt je ten deel als je ‘Pastorale’ van Stefan Enter leest.
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Op de eerste bladzijde waan je je in hetzelfde klaslokaal als Oscar, zit je misschien een paar banken achter hem. ‘Zijn aandacht zwenkte – via de formules op het krijtbord, de reikende vinger van een jongen links vooraan – en kwam tot stilstand bij de uit zonlicht gegoten vensterbank naast hem, waar een bromvlieg zich woedend stukvloog op het raam.’ Je maakt deel uit van de lome sfeer die in het lokaal hangt en ziet van dichtbij hoe Oscar uit het raam kijkt. Dat dit anders is dan je inleven in een hoofdpersonage, merk je als je een hoofdstuk later in de trein zit bij Louise, de zus van Oscar, die als eerstejaarsstudent op weg is naar haar ouderlijk huis. Je bent getuige. ‘Ze kwam omhoog, duwde het schuifraampje open. En meteen zoog het lege compartiment zich vol met geraas en de droge, warme geuren van het land. Ze liet zich terugvallen, veegde een paar voor haar ogen hangende haren opzij en wachtte het moment af: zo dadelijk zou zich, niet langer dan tien, twaalf tellen, in een flauwe bocht het vergezicht tonen dat haar de afgelopen twee jaar vaker had getroffen wanneer ze bijna thuis was.’ Je ziet haar zitten bij het raampje, voelt haast zelf hoe de trein schommelt, terwijl dat niet eens geschreven staat. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Oscar krijgt van zijn docent de opdracht het huiswerk te brengen naar zijn Molukse klasgenoot Jonkie Matupessy, die net een ongeluk heeft gehad en thuis moet zitten. Je voelt als lezer bijna de opluchting dat Oscar het moet doen en niet jijzelf, want jij had ook uitgekozen kunnen worden. Jonkie heeft geen vrienden in de klas op deze reformatorische school in Brevendal. De Molukse gemeenschap in dit dorp wordt gezien als een agressief en oorlogszuchtig volk. De broer van Jonkie zou een treinkaper zijn, volgens een van Oscars klasgenoten. Oscar zit er dan ook niet op te wachten dat hij het werk bij hem thuis moet brengen, in een wijk die zelden door de Nederlanders wordt betreden. 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            In plaats van Jonkie zelf treft Oscar zijn zus Dona aan. Hij is diep onder de indruk van haar en van de sfeer in huis.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Ondertussen is Louise beland in het vervallen landhuis waar zij haar jeugd heeft doorgebracht met haar broertje Oscar, haar vader, die zich dagenlang in zijn studeerkamer afzondert en moeder, die heel betrokken is bij de kerkgemeenschap in Brevendal. Louise twijfelt aan haar studie, heeft al haar geld erdoorheen gejaagd, rookt, drinkt en heeft een relatie met een veel oudere man. Ze zoekt naar een manier om haar moeder op de hoogte te brengen van haar geldproblemen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Langzaam maar zeker word je medebewoner van Brevendal, maak je kennis met de kerkgemeenschap, die veel goede doelen steunt, maar de Molukse gemeenschap in het eigen dorp links laat liggen. Je waart rond in en om het oude landhuis, ziet in de wonderlijke gesprekken met de ouderling hoe Louise verwijderd is geraakt van het geloof van haar moeder, ziet hoe harteloos de Nederlandse regering de Molukse gemeenschap heeft laten vallen, hoe Jonkies vader nog altijd hoopt dat hij naar zijn geboorteland kan terugkeren, hoe gastvrij hij is en trots dat Oscar hun gezin bezoekt. Je voelt de spanning tussen de twee culturen en je begint je plaatsvervangend te schamen en voor je het weet, ga je op zoek naar je eigen wortels, je eigen kijk op dit alles, je raakt betrokken en medeplichtig. ‘ ‘Kijk’, zei hij. ‘Een Ambonees op een kerktoren. En dan heb ik ook nog naar korfbal staan kijken. Daar heeft in heel Indonesië niemand van gehoord. Hollandser kan ik niet meer worden.’ Oscar knikte. Er zat iets in Jonkies stem dat nieuw was, een soort weemoed.’ 
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Uiteindelijk komt er een moment dat je de laatste bladzijde hebt gelezen en dan blijf je ontheemd achter en voelt heimwee, naar het verhaal, waarin je zojuist nog rondliep en naar alles wat je zelf verloren hebt. Het verhaal komt los van Brevendal en raakt een diepere laag in de lezer. Het is een ervaring die je niet wilt missen.
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+pastorale.jpg" length="129825" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:30 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/medeplichtig-en-ontheemd</guid>
      <g-custom:tags type="string">Pastorale,Enter,Stephan Enter</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+pastorale.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+pastorale.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Op zoek naar wat verloren is</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/op-zoek-naar-wat-verloren-is</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op zoek naar wat verloren is
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van ‘De herinnerde soldaat’ van Anjet Daanje in het licht van ‘A la recherche du temps perdu’ van Marcel Proust
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Een aantal weken terug heb ik mijzelf de tijd en rust gegund om te beginnen aan het omvangrijke ‘A la recherche du temps perdu’ van Marcel Proust, in vertaling. Ik lees elke dag ongeveer vijftig bladzijdes, zodat er daarnaast nog ruimte is voor wat anders. En waar veel mensen bang voor zijn als ze boeken naast elkaar lezen, gebeurt bij mij ook: de boeken gaan een wonderlijke verbinding met elkaar aan. In plaats van mij ertegen te verzetten, onderga ik deze synthese en probeer haar te vangen in een aantal essays. De vorige was mijn bespreking van Kollaards ‘Uit het leven van een hond’. Zonder nu alle boeken die ik naast Proust oppak, te willen koppelen aan deze grote modernist, kan ik de verleiding niet weerstaan hier ‘De herinnerde soldaat’ van Anjet Daanje, een prachtig relaas over een getraumatiseerde soldaat uit de Eerste Wereldoorlog, te bespreken in het licht van ‘A la recherche...’, voor zover ik daarmee gevorderd ben.
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In ‘De herinnerde soldaat’ ligt het perspectief bij Noen, een soldaat die tijdens de Eerste Wereldoorlog vlak achter de Belgische frontlinie wordt gevonden en in een gesticht ondergebracht, omdat hij niet meer weet wie hij is. Vier jaar na de oorlog plaatst de directeur een advertentie in de krant, in de hoop dat er familie zal reageren. Tussen de vrouwen die zich melden, bevindt zich Julienne, die hem inderdaad herkent als Amand Coppens, haar echtgenoot, die samen met haar twee kinderen heeft en een fotozaak in Kortrijk. Zij neemt hem, onder protest van de arts, want zijn geheugenverlies is behoorlijk ernstig, mee naar huis en daar wandelt Armand onzeker rond in een wereld waarvan hij zich niets meer herinnert. Daar beginnen voor hem de gruwelijke nachtmerries over de oorlog. Julienne helpt hem de nachten door, terwijl zij regelmatig door hem wordt aangevallen in zijn slaap. Terwijl ze in het begin onwennig om elkaar heen draaien, raken zij langzamerhand steeds meer aan elkaar vertrouwd. Zijn gevoelens voor haar wisselen van wantrouwen, walging en haat naar vertedering, voorzichtige en later hartstochtelijke begeerte en weer terug, met alle tussenliggende nuances. Samen herschrijven en bouwen ze een gemeenschappelijke geschiedenis, waarin ze kwetsbaar en afhankelijk van elkaar zijn. Waarheid en leugen raken hopeloos verstrikt, ondergedompeld in angst en hoop.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nu kan ik talloze parallellen noemen tussen het werk van Proust en Daanje, omdat het toeval wil dat beide boeken zich deels in dezelfde tijd afspelen. Zo kan het zijn dat ik Proust even neerleg op het moment dat zijn hoofdpersoon vanuit een rijtuig zijn omgeving observeert, en vervolgens Daanjes roman weer oppak als er net een vergelijkbaar rijtuig voor het huis van haar hoofdpersoon verschijnt, waardoor in mijn hoofd een historisch landschap verschijnt, waarin twee totaal verschillende levens zich ongeveer gelijktijdig afspelen. Ook het hele postgebeuren uit die tijd speelt in beide werken een belangrijke rol: waar de jonge Marcel zijn complete gevoelsleven in brieven uitstort aan zijn vriendinnetje Gilberte, zijn bij Daanje de korte boodschappen van en naar het front vaak onduidelijk en laten zo lang op zich wachten dat de werkelijkheid de inhoud van de brief pijnlijk inhaalt. Ook het onrustige, soms koortsachtige wachten op de post wordt in beide boeken mooi verwoord. Daarnaast zou ik een heel boekwerk kunnen schrijven over het verschil tussen de standen, die in die periode nog steeds een belangrijke invloed had op hoe mensen met elkaar omgingen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Toch zijn het niet deze historische feitelijkheden die mij zo frapperen tijdens het lezen, al vind ik ook die zeker interessant. De grootste verwantschap tussen beide werken zit voor mij in de diepere laag en die verwantschap zorgt voor een verbinding die veel verder gaat dan alleen tussen twee literaire werken. Zij zorgt ervoor dat er een waarheid aan het licht komt die uitstijgt boven de verschillende individuen, personages, schrijvers, lezers. Zijn wij namelijk niet allemaal op zoek naar wie wij zijn en ondervinden wij niet allemaal tegelijkertijd de verwoestende en scheppende kracht van onze geest, niet alleen waar het de observatie en beleving van gebeurtenissen betreft, maar ook onze herinneringen?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Proust heeft zijn omvangrijke werk niet voor niets genoemd naar deze zoektocht. Voortdurend laat hij in steeds andere verwoordingen en nieuwe situaties zien hoe subjectief en tijdgebonden onze observaties zijn, hoezeer we er ook vat op proberen te krijgen. In het tweede deel, ‘In de schaduw van meisjes in bloei’, constateert de verteller zelfs dat de ‘ik’ de ander voor het grootste deel zelf schept, door in gedachten eindeloos over die ander te mijmeren, zelfs denkbeeldige gesprekken met hem te voeren, waardoor het zomaar kan zijn dat hij bij een werkelijke ontmoeting met die ander, de persoon in kwestie niet eens herkent, omdat deze in de gedachten van de ‘ik’ zulke andere vormen had aangenomen. Op dat moment blijkt het voor de verteller een hele klus om van beide personen weer één te maken. Bij Daanje zie je iets vergelijkbaars gebeuren. Je zit als lezer opgesloten in het hoofd van Amand en ervaart hoe hij voortdurend verandert onder de blik van Julienne en hoe tegelijkertijd ook Julienne verandert onder zijn eigen blik: ‘En ze staart hem aan, met stomheid geslagen door zijn brutaliteit, hij sluit de deur achter zich en loopt op haar af, en ze verroert zich niet, water druppelt van haar lichaam in de tobbe, hij zegt niets, zij zegt niets, en haar blik wordt onzeker vragend, alsof ze bang is voor hem, en hij vertelt dat ze adembenemend mooi is, en dat is ze ook, maar ze heeft niet het lichaam dat hij zich herinnert, ze is gedrongen, molliger, haar borsten zijn ronder en groter, haar heupen breder, haar billen en dijen zwaarder, haar benen korter, misschien had hij een van de vrouwenlichamen voor ogen die hij uit de kunstboeken van het gesticht heeft nagetekend, het is alsof hij de afgelopen weken een ander heeft liefgehad en alsof hij die zeer begeerde geliefde nu met deze onbekende, naakte vrouw bedriegt. Als zij zijn teleurstelling maar niet opmerkt, hij herhaalt bezwerend dat ze mooi is en hij raakt met zijn vingertoppen haar natte huid aan, ze huivert...’ 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Proust en Daanje brengen ieder hun eigen gefragmenteerde en voortdurend veranderende werkelijkheid aan het licht in een stijl die wezenlijk van elkaar verschilt en toch in beide werken fors bijdraagt aan de beleving ervan. Proust doet dat in gecompliceerde, samengestelde zinnen, waarbij observaties en gedachten voortdurend onderbroken worden door tussenzinnen en bijzinnen die weer een ander licht op de zaak werpen. Het is telkens opnieuw een puzzel voor de lezer, die hij kan oplossen door zich te concentreren op de hoofdzin om daar vervolgens de bij- en tussenzinnen in door te laten dringen. Daanje gebruikt ook lange zinnen, maar vrijwel uitsluitend aan elkaar gekoppeld door het nevenschikkende voegwoord ‘en’, waardoor een haast eindeloze stroom observaties en gedachten in gang gezet wordt, die gelijkwaardig aan elkaar zijn. Dat is een belangrijk verschil, dat des te meer interessant is, omdat het hier twee wezenlijk van elkaar verschillende personages betreft: de één is een alter ego van de auteur zelf, die terugblikt en voortdurend alles naar waarde probeert te schatten, vanuit zijn enorme intellectuele bagage, wikt en weegt, waardoor de hiërarchie in de zinsbouw echt betekenisvol is; de ander is een veteraan die zijn geheugen kwijt is, bij wie alles ongefilterd en dus ook ‘gelijkwaardig’ binnenkomt, omdat er geen geheugen is waar alle binnenkomende informatie aan getoetst kan worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Probeer tussen het lezen door de draad van het gewone leven maar weer eens op te pakken, zonder met een andere blik naar de mensen om je heen en naar jezelf te kijken. Je raakt stukje bij beetje je houvast kwijt en voelt je bij tijd en wijle net zo ontredderd, maar ook net zo ontroerd als de personages van Proust en Daanje. ‘A la recherche...’ is een enorm werk, waarmee ik pas net begonnen ben. Toch is ook ‘De herinnerde soldaat’ een lang en slepend verhaal dat past bij het leven zelf, dat voor het grootste deel bestaat uit alledaagse handelingen die steeds van kleur veranderen door de lichtval, de nachtmerrie die net achter de rug is, de blik van de ander met wie je de ruimte deelt en alle andere variabelen waaraan je als mens onderhevig bent. En aan het eind blijf je verbijsterd achter. Is dit dezelfde persoon als die je op de eerste bladzijde hebt leren kennen? Wat is er, haast ongemerkt, met hem en met jou in de tussentijd gebeurd dat je zo ver bent afgedreven?  Je leest, maar wordt ondertussen aangetast, door elkaar geschud, gevormd, verrijkt. Dat is wat de hogere kunst vermag. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+De+herinnerde+soldaat.jpg" length="64913" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:29 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/op-zoek-naar-wat-verloren-is</guid>
      <g-custom:tags type="string">De herinnerde soldaat,Daanje,Anjet Daanje</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+De+herinnerde+soldaat.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+De+herinnerde+soldaat.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Ontwaken met een kloppend hart</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/ontwaken-met-een-kloppend-hart</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            Ontwaken met een kloppend hart 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Over Proust en over Uit het leven van een hond van Sander Kollaard
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Net was ik begonnen aan het lezen van Proust, A la recherche du temps perdu, in een prachtige vertaling van Thérèse Cornips en Anneke Brassinga, en was het besef tot mij doorgedrongen dat ik hier wel een lange tijd zoet mee zou zijn, toen ik een berichtje zag langskomen van iemand die het wat teleurstellend vond dat de Librisprijs was gegaan naar ‘Uit het leven van een hond’ van Sander Kollaard. Deze lezer was blij dat hij geen recensie over het boek hoefde te schrijven, want het ging eigenlijk nergens over en hij had geen idee wat hij gemist zou hebben als hij het niet had gelezen. Er was geen enkele opwinding of ambitie in het boek te vinden, volgens hem. Ongemerkt had hij toch een oordeel gegeven over het boek en juist deze geringschatting bracht mij ertoe Proust even te onderbreken en dit heel wat minder omvangrijke werk ter hand te nemen, omdat ik zojuist bij A la recherche... weer had ondervonden dat literatuur op haar mooist is als zij ogenschijnlijk nergens over gaat en ik vooral zelf wilde ontdekken wat er in dit boekje te prijzen valt.
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           En zo kwam ik tot mijn grote verwondering op de eerste paar bladzijdes terecht in een langdurig proces van ontwaken. De eerste drie woorden ‘Het hart klopt’ zijn zelfs een restant uit een gesprek van de vorige dag dat in het hoofd van de ontwakende is blijven hangen en je maakt van dichtbij mee wat er in de verschillende laagjes van het bewustzijn van Henk van Doorn gebeurt, die langzaam wakker wordt. Mijn verwondering betrof niet zozeer dit proces van ontwaken zelf, maar het bizarre toeval dat ik net bij Proust ademloos een vergelijkbaar proces van ontwaken met de hoofdpersoon aldaar had meegemaakt, bladzijdes lang, diep onder de indruk, omdat dit ontwaken weliswaar elke dag bij iedereen plaatsvindt, maar dat Proust toch verbluffend knap dit ingewikkelde gebeuren heeft gevangen, waarbij bewustzijn en sluimer elkaar minutieus afwisselen, waardoor de beleving van tijd en plaats in enkele ogenblikken subtiel verschuift van herinneringen aan allerlei plekken en gebeurtenissen uit het verleden naar een steeds duidelijkere bewustwording van de omgeving en de dag in het heden. Hoe groot is de kans dat je op één dag twee boeken leest, die op deze manier in je handen ‘ontwaken’? 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Los van dit toeval was ik ook getroffen door de verbondenheid die kennelijk tussen mensen bestaat, over de eeuwen heen, want Proust schreef deze ervaring ruim een eeuw eerder dan Kollaard. Beide schrijvers brengen tijdens dit ontwaken heel subtiel het karakter van de hoofdpersoon tot leven: overigens twee totaal verschillende karakters, gebonden aan hun eigen tijd wat betreft kleinigheden, maar - onbewust natuurlijk, want de kans is vrij groot dat Kollaard Proust nooit gelezen heeft - met elkaar verbonden in hun essentie, namelijk hun existentie. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Eigenlijk was mij op de eerste bladzijde al volkomen duidelijk waarom dit boek van Kollaard in de prijzen is gevallen en de bladzijdes daarna bevestigden steeds opnieuw mijn vermoeden: het boek raakt de essentie van het leven, met de bijbehorende levens- en doodsangst. Een goede schrijver heeft daarvoor geen spannende gebeurtenissen of spectaculaire personages nodig. Datzelfde zag ik bij de boeken van de Noorse auteur Jon Fosse, waarin nog veel minder gebeurt. Bij Kollaard beleven we één dag uit het leven van Henk van Doorn met zijn zieke hond Schurk, maar beland je ook via kleine associaties in herinneringen, o.a. aan het gestrande huwelijk met Lydia en de dood van zijn oudste broer, en via grote angsten of juist hoop zelfs in de toekomst, waaruit je dan wel weer teruggefloten wordt, want zo ver is het nog niet.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe gelukkig word ik ook van de metafoor van het hart, dat steeds weer terugkomt in het boek: het hart dat leven door ons lichaam pompt, maar ook het hart dat liefde kan geven en ontvangen, en tenslotte het hart dat kan falen, net als bij Schurk, waardoor je ineens niet meer zo zeker bent van je leven. Niet alleen het hart, maar ook die ene dag, van ontwaken tot slapen, staat symbool voor het leven van geboorte tot sterven. Er zijn verschillende religies die onderschrijven dat de slaap een vorm van sterven is. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Waar de ironie van Proust bij mij een subtiele glimlach om de lippen tovert, doet die van Kollaard mij zelfs regelmatig hardop lachen. Dat heeft soms ook met de verschuiving van perspectief te maken, want ineens zie je Henk van bovenaf op de bank slapen met zijn net iets te dikke buik, een straaltje kwijl uit zijn mond. Het is maar goed dat hij dat zelf niet kan zien! Daardoor neem je automatisch wat meer afstand van Henk, ook als het perspectief allang weer bij hem ligt en dan zie je ineens -  hoe kan het anders, want uiteindelijk gaat het bij grote literatuur, hoe weinig bladzijdes zij ook omvat, om de catharsis! -  ook stukjes van jezelf, want laten we eerlijk zijn, zo bijzonder zijn wij zelf toch ook niet, en toch... en toch, we kunnen, zo goed en zo kwaad als het kan, best wat van ons bescheiden leven maken.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat zou ik nu gemist hebben als ik dit in de prijzen gevallen boekje niet gelezen had? Een grote glimlach van oor tot oor, de hand op mijn borst om mijzelf ervan te vergewissen dat mijn hart nog wel klopt, moed, om op te staan en mijn eigen leven weer eens vanuit een ander perspectief te bekijken, doorzettingsvermogen om verder te ontdekken wat Proust mij de komende duizenden bladzijdes nog te vertellen heeft, want het lezen zelf is genieten, van ontwaken tot slaap, van hoofdletter tot punt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Uit+het+leven+van+een+hond.jpg" length="44688" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:26 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/ontwaken-met-een-kloppend-hart</guid>
      <g-custom:tags type="string">Kollaard,Sander Kollaard,Uit het leven van een hond</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Uit+het+leven+van+een+hond.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Uit+het+leven+van+een+hond.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>In het licht van de liefde</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/zeer-helder-licht</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het licht van de liefde
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van Zeer helder licht van Wessel te Gussinklo
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;div&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;br/&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/div&gt;&#xD;
                          &lt;div&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              
                       Hoe een mens los wil breken uit zichzelf, zich vervolgens uiteen voelt vallen in verlangen naar die ene ander, van wie er maar een is, met wie hij wil samenvallen, en dan toch niet kan ontkomen aan zichzelf.... zo kom je als lezer ook maar moeilijk los van Zeer helder licht van Wessel te Gussinklo.
                      &#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/div&gt;&#xD;
                          &lt;div&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;br/&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/div&gt;&#xD;
                          &lt;div&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              
                       De ik-persoon weet niets anders te doen dan heen en weer te lopen, in beweging te blijven, om zichzelf ervan te weerhouden te gaan schoppen, alles kapot te slaan, of vluchten, want dan kan hij wel door blijven gaan met vluchten. Dan zal er nooit een einde aan komen. Het heen en weer lopen roept spanning op bij de lezer, die zich na een aantal bladzijdes toch wel begint af te vragen waarom de ik-persoon zo wanhopig en rusteloos is. Je wordt meegenomen door een gedachtestroom waar geen einde aan lijkt te komen en ondertussen maak je kennis met een man die net de dertig is gepasseerd en niets bereikt heeft, geen studie, geen baan, geen gezin. Hij bracht, tot een jaar geleden, zijn tijd vooral door met drinken en schrijven in cafés, afgewisseld met korte bezoekjes aan de hoeren en af en toe gebruik van drugs. Daar kwam een einde aan toen hij zich realiseerde dat hij een boek wilde schrijven, een echt boek, een goed boek. Elke dag moest hij schrijven, want ‘als ik eenmaal stopte, al was het maar een dag, zou sijpelend door alle kieren van mijzelf de verlamming, de totale ontmoediging toeslaan. En hoe dan weer kracht vinden, weer op gang komen om dit boek dat mijn laatste kans was – en hoe klein die kans – te schrijven.’ Als hij dit niet zou doen, zou hij een zonderlinge oude man worden, ‘mager en gebogen in rafelige, vieze kleren en tandeloos rondscharrelend bij vuilnisbakken of zomaar en zinloos wat zittend op een bankje in het plantsoen; zomaar wat zittend, een zonderling die daarna weer wat verder ging.’ 
                      &#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/div&gt;&#xD;
                          &lt;div&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;br/&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/div&gt;&#xD;
                          &lt;div&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              
                       Wat brengt hem dan zo van zijn stuk dat hij niet anders kan dan nerveus heen en weer lopen om niet stil te hoeven staan? Welnu, die middag had hij ‘haar’, Hanna, zien lopen in de drukke winkelstraat, alsof zijn blik een schijnwerper was, of ‘nee, iets als een laserstraal’. Hanna is een jong meisje van nog net geen twintig, op wie hij hopeloos verliefd was geworden. Het meisje had geen groter contrast kunnen vormen dan met hem: ze komt uit ‘keurig’ nest – al valt verderop nog wel wat te betwijfelen hoe keurig dat daadwerkelijk is - vader een zakenman, moeder een Poolse en dan nog een jonger broertje. Ze woont in een kast van een huis. Als spoedig blijkt dat ze met handen en voeten gebonden is. Zodra ze even van huis gaat, schrijft ze briefjes aan haar moeder om te zeggen waar ze is. Haar vader blijkt een ware despoot en beide ouders houden haar continu in de gaten. Ze hebben ook al meteen hun oordeel klaar over de ik-persoon, die in hun ogen een crimineel is, en dan ook nog veel te oud voor hun prachtige dochter. Daarnaast heeft ze ook nog een ‘etterig’ broertje dat er alles aan doet om thuis de boel op te stoken, steeds aan zijn ouders te verraden dat de ik-persoon weer met zijn gammele autootje buiten op Hanna staat te wachten. Wat er dan voor een hel losbreekt, wens je geen enkele aanstaande schoonzoon toe.
                      &#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/div&gt;&#xD;
                          &lt;div&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;br/&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/div&gt;&#xD;
                          &lt;div&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              
                       Voor de ‘ik’ staat echter het leven stil, zo verliefd is hij op haar. Zo’n liefde maak je maar een of twee keer in je leven mee. Dit is de vrouw met wie hij wil samenvallen, ‘niet instrumenteel mocht mijn aanraking zijn; niet om te prikkelen, niet alleen om op te winden; om haar ging het, om haarzelf, en ja seks, ook seks, maar omdat zij het was; met haar, om haar, zij als enige.’
                      &#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/div&gt;&#xD;
                          &lt;div&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;br/&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/div&gt;&#xD;
                          &lt;div&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              
                       Als lezer laat je je meeslepen door deze allesomvattende liefde: ‘Opgaan samen met haar in die golf van licht, van helderheid die bijna onlichamelijk zou zijn en die wij samen waren, daarin verdwijnen.’ Als ‘verlichte’ lezer geef je hem groot gelijk: net als bij Kobus en Agnietje van Justus van Effen uit 1733 kan de echte liefde toch elke maatschappelijke kloof overbruggen? Overal is immers wel een oplossing voor te bedenken. Gaandeweg het verhaal beland je bijna in een absurdistisch toneelstuk, waarbij de gesprekken steeds in dezelfde patronen vervallen: ‘Lieverdje’, zei ik, ‘over een paar weken word je twintig, je bent een volwassen vrouw, je moet zelf over je leven kunnen beslissen.’ Steeds reageert Hanna met ‘Nee, lief, dat kan niet, dat gaat echt niet. Dan zouden ze heel boos worden en mijn moeder...’ 
                      &#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/div&gt;&#xD;
                          &lt;div&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              
                       Gaat er nog wat van komen, lukt het hem om haar naar het zolderkamertje te loodsen van zijn enige vriend, Berend, om met haar de liefde te kunnen bedrijven? Als lezer ga je je ook steeds meer verbazen over je eigen gevoel van spanning: ook jij raakt geobsedeerd door dat verlangen, terwijl je tegelijkertijd voelt hoe bespottelijk het is.
                      &#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/div&gt;&#xD;
                          &lt;div&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;br/&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/div&gt;&#xD;
                          &lt;div&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              
                       Ergens zegt de hoofdpersoon dat hij niet zo wil zijn als de ‘tevredenen, de voldanen’, met hun vaste baan en gezin. Tegelijkertijd wil Hanna een echte burgerman van hem maken. Als schrijver wil hij niet schrijven over personages uit één stuk, die altijd zichzelf zijn en blijven, zoals anders schrijvers doen. Hij bemint de mensen ‘met de rafels en de scheuren’, die voortdurend veranderen van vorm. Als lezer bemin je met hem mee, tot ergens de twijfel gaat toeslaan. Hoezeer is deze man zelf eigenlijk in staat van vorm te veranderen, aan zichzelf te ontkomen, en hoe vast ligt Hanna eigenlijk? De hoop op een goede afloop, zoals bij het verlichte Kobus en Agnietje, begint wat te tanen en de vrees voor een naturalistisch slot wordt steeds groter. Ligt de mens in wezen niet vast? Is hij niet bepaald door erfelijkheid, milieu en tijd, in dit geval vooral door het milieu, net als bij George en (ook!) Hanna uit Een avontuur van Marcellus Emants? 
                      &#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/div&gt;&#xD;
                          &lt;div&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;br/&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/div&gt;&#xD;
                          &lt;div&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              
                       ‘Zeer helder licht’ valt wat mij betreft, in zijn eigen unieke variant natuurlijk, binnen de categorie boeken die eigenlijk ‘nergens’ over gaan, maar daardoor juist over alles wat ertoe doet. Het roept wezenlijke vragen op: in hoeverre zijn wij in staat de ander lief te hebben, en wat is liefhebben überhaupt? In hoeverre moet je je in de liefde aanpassen aan de ander, zonder jezelf kwijt te raken? Te Gussinklo werpt die vragen niet alleen thematisch op, maar ook in de stijl door de subtiele herhaling van zinnen en zinsgedeelten, waarin de hoofdpersoon en ook Hanna zichzelf lijken vast te draaien, beurtelings naar elkaar toe en van elkaar af.
                      &#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/div&gt;&#xD;
                          &lt;div&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;br/&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/div&gt;&#xD;
                          &lt;div&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              
                       Zo werpt Te Gussinklo opnieuw een zeer helder licht op de liefde, die onkenbaar en ongrijpbaar blijft voor allen die eraan overgeleverd zijn. 
                      &#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/div&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;div&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/div&gt;&#xD;
                        &lt;div&gt;&#xD;
                        &lt;/div&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;div&gt;&#xD;
                      &lt;/div&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;div&gt;&#xD;
                    &lt;/div&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;div&gt;&#xD;
                  &lt;/div&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;div&gt;&#xD;
                &lt;/div&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;div&gt;&#xD;
              &lt;/div&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;div&gt;&#xD;
            &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;div&gt;&#xD;
        &lt;/div&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Zeer+helder+licht.jpg" length="51726" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:25 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/zeer-helder-licht</guid>
      <g-custom:tags type="string">Te Gussinklo,Gussinklo,Wessel te Gussinklo,Zeer helder licht</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Zeer+helder+licht.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Zeer+helder+licht.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Geen beter medicijn tegen de gruwelen van deze wereld</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/geen-beter-medicijn-tegen-de-gruwelen-van-deze-wereld</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Geen beter medicijn tegen de gruwelen van deze wereld’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van ‘Hele verhalen voor een halve soldaat’ van Benny Lindelauf
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Hoe de kracht van de verbeelding ingezet kan worden om de absurditeit en gruwelen van de oorlog te tonen, laat Benny Lindelauf zien in zijn nieuwe ‘Hele verhalen voor een halve soldaat’ met beeldschone illustraties van Ludwig Volbeda. De schoonheid van dit werk verraadt zich al door de prachtige omslag in een dagboekachtig formaat, de afbeelding van de geopende grenspaal in een grijsblauw mistig niemandsland, omlijst door zinnenstrelende, gekleurde postzegels op een okerkleurige achtergrond. Alles aan dit prachtige boekje verleidt de lezer om het te pakken, erin te bladeren en niet meer op te houden erin te lezen.
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is een wacht, die jonge soldaten opvangt bij de grenspaal. Achter de grenspaal is de oorlog. Hij bepaalt wie erdoor mag. Alleen de jongens die een geschikte gift bij zich hebben voor de Vrede, worden toegelaten. De jongen die zich op de eerste bladzijde aandient, is klein van stuk: ‘Als de soldaten nog jonger worden, dacht de wacht, hoef ik de slagboom niet eens meer op te halen. Dan lopen ze er zo onderdoor.’ Vanaf deze allereerste bladzijde wordt de oorlog neergezet als een bizar verschijnsel dat zich achter een grenspaal zou bevinden, maar tegelijkertijd levensecht: de soldaten zijn jonge jongens, veel te jong om hun leven op te offeren. Hoe angstaanjagend de wacht ook is, met zijn kromzwaard en strenge blik, zijn eis is aandoenlijk. De gift voor de Vrede mag niet zomaar wat zijn. De jongen haalt van alles uit zijn knapzak: een mandoline, een sjaal van vette geitenwol, een stapel liefdesbrieven. Tenslotte biedt hij zijn gemzenleren laarzen met rood kwastje aan, maar de wacht weigert alles. Hij had de jongen meteen herkend. Het ging precies zoals het was voorspeld. Hij verlegt zijn kromzwaard, de punt van het lemmet vangt het laatste licht van de dag, en hij zegt tegen de jongen: ‘Geef dan maar je oren.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De toon van de oorlog is gezet. De lezer wordt niet gespaard. Hij krijgt hoe dan ook gruwelen voorgeschoteld. Wat had hij anders verwacht van een boek over de oorlog? Er zijn zes broers, met allemaal bijzondere namen ‘Oudstebroer’, ‘Tweede Oudstebroer,’ en zo verder tot Jongstebroer’. Oudstebroer krijgt als eerste de brief dat hij naar de oorlog moet. Die is bijna afgelopen, want nog even en dan is het al Vrede, maar hij kan nog net even meehelpen. De oudere broers spreken over de oorlog als over ‘vakantie’, om Jongstebroer te sparen. Oudstebroer geeft zijn mandoline aan Jongstebroer, voordat hij ‘op vakantie’ gaat. Als de wacht hem vraagt om een gift, heeft hij niets anders dan een verhaal. De wacht eist dat het een verhaal is waardoor hij zijn honger weer zal terugkrijgen. Oudstebroer vindt dat prima, maar heeft ook een voorwaarde. Die fluistert hij in het oor van de wacht en voor de lezer blijft deze voorlopig nog een raadsel. Hij vertelt het verhaal van de pasteien van Baldoun, over Antoine die een uitgestorven dorpje weer tot leven brengt met zijn overheerlijke pasteien. Gruwelijkheden worden niet geschuwd. Hetzelfde geldt voor het verhaal van Tweede Oudstebroer, ‘Duizend vadem’ over een spookachtig meer waar ooit een vrouw verdronken is, die kinderen steelt. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tussendoor krijgt de lezer steeds een stukje mee van de ontmoeting tussen de broers en de wacht en merkt hoe de wacht op zijn post ook aan het lijden is, in de eindeloze zandvlakte, waardoor alles naar gruis smaakt en de korrels branden in zijn ogen. Elke broer fluistert een voorwaarde in het oor van de wacht en begint met het volgende verhaal. De verhalen zijn stuk voor stuk juweeltjes van de verbeelding, over een kindheilige van Oussidin, die de oorlog kan afwenden, over een man met een bruid van zand, een mysterieuze marionettenspeler, een witte wolf en nog meer moois. In alle verhalen verliezen kinderen hun ouders of andersom, worden mensen aan gruwelijkheden blootgesteld en speelt de verbeelding een belangrijke rol. Waarom die gruwelen zo belangrijk zijn in een verhaal over de oorlog, zegt de vader van Zetta Schmetterling in een van de verhalen: ‘Er is geen beter medicijn tegen de gruwelen van deze wereld, dan de gruwelen uit het rijk der verbeelding.’ Dat hij de naam ‘Schmetterling’ (‘vlinder’) draagt, is veelzeggend.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De verhalen worden onderbroken door prachtige illustraties die ook tot de verbeelding spreken, zoals de glas-in-loodvensters van een oude abdij, prachtige potten in een schemerig licht, uitgestrekte vlaktes met hier en daar wat stenen, een winterlandschap tussen de bomen, alles even verleidelijk. Ben je de verhalen aan het lezen, dan verlang je naar de prachtige afbeeldingen, bekijk je de prachtige afbeeldingen, dan kun je niet wachten tot het verhaal weer verder gaat.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De verhalen hebben niet alleen een wonderlijke inhoud, maar ze zijn ook fantastisch geschreven. Je komt zinnen tegen die je een leven lang wilt bewaren. Zo zijn de geitenhoeders in het eerste verhaal zuinig van natuur, vooral op hun taal, want het was ‘ronduit gevaarlijk om woorden op de vlakte te gebruiken. De wind raasde ermee vandoor, buitelde ze binnenstebuiten of achterstevoren totdat geen letter meer op de juiste plek stond. Dan kon het gebeuren dat je een vriend tegenkwam en hem hartelijk begroette, maar tegen de tijd dat de woorden bij hem aankwamen, hoorde die vriend dat je hem wilde doden en al zijn geld wilde stelen.’ Hier wordt in een prachtig beeld en passant de miscommunicatie aan de orde gesteld, die vaak aan de basis van ruzies en oorlogen ligt. Deze manier van vertellen maakt dat het boek voor alle leeftijden even aantrekkelijk is. De sprookjesachtige verhalen hebben vast een enorme aantrekkingskracht op kinderen, maar de filosofische gedachten daarachter trekken ook de oudere lezer.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Aan het eind voel je hoe aanstekelijk de verhalen zijn, hoe besmettelijk de verbeelding is, in de positieve zin van het woord. Je wordt meegetrokken naar het slot, krijgt steeds meer zicht op het hartveroverende plan van de Oudstebroers en wilt weten wat het lot zal zijn van Jongstebroer. Als het uit is, wil je terug naar het front, onder de paal door naar het front van de verbeelding, omdat daar het antwoord ligt op de vraag waarom de oorlog zo bizar is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+heleverhalenvooreenhalvesoldaat.jpg" length="37578" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:22 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/geen-beter-medicijn-tegen-de-gruwelen-van-deze-wereld</guid>
      <g-custom:tags type="string">Benny Lindelauf,Lindelauf,Hele verhalen voor een halve soldaat</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+heleverhalenvooreenhalvesoldaat.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+heleverhalenvooreenhalvesoldaat.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een offer te groot voor mensenhanden</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-offer-te-groot-voor-mensenhanden</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een offer, te groot voor mensenhanden
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;div&gt;&#xD;
          &lt;br/&gt;&#xD;
        &lt;/div&gt;&#xD;
        &lt;div&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;i&gt;&#xD;
              
               Bespreking ‘Zie: liefde’ van David Grossman
              &#xD;
            &lt;/i&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/div&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;div&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;i&gt;&#xD;
          &lt;/i&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/div&gt;&#xD;
      &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            &lt;br/&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            
              Hoe krijgt een mens vat op verschrikkingen die zijn voorstellingsvermogen te boven gaan? Een bizarre en indrukwekkende poging is ‘Zie: liefde’ van David Grossman. Als veertien jaar na de Tweede Wereldoorlog de opa van de negenjarige Momik, Ansjel Wassermann, van wie iedereen dacht dat hij door ‘het nazibeest’ was gedood, ineens bevend en stamelend voor de deur staat, wil Momik weten wat dit nazibeest is. Hij wil hem vangen in de kelder en temmen, zodat zijn familie eindelijk ongestoord verder kan leven, want over wat ‘Daar’ gebeurd is, spreekt niemand, maar ondertussen hoort hij zijn ouders in hun slaap schreeuwen. Momik kan er alleen maar naar gissen.
             &#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            &lt;br/&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            
              Voor Momik is opa Ansjel de sleutel naar ‘Daar’. Hij verstaat en begrijpt niet wat opa allemaal brabbelt, maar hij observeert hem onophoudelijk: ‘Hij had heel sterk het gevoel dat zijn opa zo meteen helemaal open zou gaan, dat hij over zijn hele lengte precies in tweeën zou splijten, net als een boontje, en dat er dan een kuiken-opaatje naar buiten zou springen, een klein, lachend, goedhartig opaatje dat van kinderen hield. Dat gebeurde niet, maar plotseling voelde Momik zich op een vreemde manier verdrietig en bedroefd; hij stond op, liep naar zijn opa toe en omhelsde hem stevig, en hij voelde hoe warm hij was, als een kacheltje gewoon. Toen hield opa op met in zichzelf praten, een halve minuut lang zweeg hij en waren zijn handen en zijn gezicht stil. Het leek of hij luisterde naar allerlei dingen binnen in hem, maar zoals bekend mocht hij niet te veel tijd met zwijgen verdoen.’
             &#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            
              Momik loopt opa achterna en begint systematisch met ijzeren geduld opa’s gemummel in Hebreeuwse letters in zijn schrift te noteren. Na een paar dagen valt hem op dat opa geen onzin kletst, maar echt een verhaal aan het vertellen is. Hij is er inmiddels ook achter gekomen dat zijn opa vroeger kinderverhalen schreef over ‘De kinderen van het Hart’. Hoe langer hoe meer hij naar zijn opa kijkt, die op een oude profeet, Jesaja of Mozes lijkt, hoe zekerder hij is over wat hij wil worden. Een genie, maar vooral ook een schrijver. Hij hoort hoe zijn opa tijdens zijn gebrabbel wijst naar ene ‘Herneigel’, alsof die ook daadwerkelijk in de ruimte bij hen staat. Hoe langer hoe meer ziet Momik hoe zijn opa in zijn eigen verhaal opgesloten zit.
             &#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            
              Ondertussen heeft hij van Bella, van de kruidenierszaak, gehoord dat het nazibeest uit elk beest kan voortkomen. Daarom heeft hij in de kelder allemaal dieren verzameld, zodat hij een nazibeest kan fokken, die hij vervolgens kan africhten, zodat hij de mensen niet meer langer zal kwellen. Momik is steeds opnieuw als de dood om de kelder in te gaan, waar de door hem ernstig verwaarloosde dieren hem steeds angstaanjagender voorkomen. Hij wil zichzelf harden, zodat hij op alles is voorbereid, want ‘Wie van Daar kwam was onkwetsbaar’.
             &#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            &lt;br/&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            
              Het tweede deel van het boek gaat over ‘Bruno’, de schrijver Bruno Schulz. In het nawoord vertelt Grossman dat ooit iemand over zijn werk zei dat het geïnspireerd was door het werk van de schrijver Bruno Schulz, terwijl Grossman op dat moment nog nooit van die schrijver had gehoord. Hij ging het boek ‘De kaneelwinkels’ van hem lezen en was er diep van onder de indruk. In Schulz’ werk heeft het verhaal nauwelijks een plot. Personages nemen mythische proporties aan. Zo verschrompelt een vader plotseling en verandert in een kakkerlak. In de epiloog las Grossman hoe Schulz aan zijn einde was gekomen. Hij was als jood een beschermeling van een SS’er. Diezelfde SS’er had een beschermeling van een andere SS’er doodgeschoten en daarom werd Schulz als wraak ook doodgeschoten. Door deze bizarre dood wilde Grossman Bruno Schulz in zijn boek opnemen, als literaire wraak. Na publicatie van ‘Zie: liefde’ werd, tot grote vreugde van Grossman, ook het werk van Schulz herdrukt. In dit tweede deel verandert Bruno in een zalm. Grossman legt uit dat hij de levensloop van een zalm symbolisch vindt voor de jood: de zalm die in een bepaalde beek geboren is, verliest nooit zijn instinct en zwemt naar zee. Zo zijn ook de joden eeuwig op reis. Die reis, daar gaat het om. De reis, dat is het leven. Grossman wilde geen boek schrijven over de Shoah, maar over het leven. Massamoord kan volgens hem alleen plaatsvinden ‘als het leven gezien wordt als iets monolitisch, niet als iets unieks, iets individueels.’
             &#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            &lt;br/&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            
              In het derde deel, ‘Wassermann’, krijgt de lezer uiteindelijk het verhaal van opa Wassermann te horen, vanuit de verbeelding van Momik, het alter ego van David Grossman. ‘Herneigel’ is in dit deel de SS’er Herr Neigel geworden. Wassermann is met zijn vrouw en dochtertje in het concentratiekamp beland en Momik kijkt vanaf de zijlijn toe en wordt ook door zijn opa af en toe aangesproken. Terwijl zijn vrouw en dochtertje vermoord zijn door Neigel, is hij zelf op wonderbaarlijke wijze niet dood te krijgen. Hij wordt bij de SS’er gebracht, die het zelf ook nog even, maar vergeefs, probeert. Neigel komt erachter dat Wassermann de schrijver is van de verhalen die hij als kind met heel veel plezier las. Hij sluit daarom een overeenkomst met Wassermann, die zelf niets liever wil dan sterven: als Wassermann hem elke avond een verhaal vertelt, zal Neigel hem na elk verhaal opnieuw proberen te doden. Er ontstaat een bizarre relatie tussen de twee. Het is adembenemend hoe Wassermann Neigel probeert om te buigen, te laten voelen dat joden geen ‘eenheid’ vormen, maar stuk voor stuk unieke mensen zijn.
             &#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            &lt;br/&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            
              Het omvangrijke werk sluit af met ‘de complete encyclopedie van het leven van Kazik’. Het wordt als volgt ingeleid: ‘Op de volgende bladzijden treft de lezer een poging aan – de eerste in zijn soort – om een encyclopedie samen te stellen die de voornaamste gebeurtenissen omvat uit het leven van één mens.’ Via allerlei trefwoorden met omschrijving en verwijzingen naar andere trefwoorden, tuimelt de lezer uiteindelijk het boek uit en blijft verbijsterd achter.
             &#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            &lt;br/&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            
              Het grootse van dit werk zit niet alleen in de overtuiging, die tot in de details voelbaar is, dat elk uniek mensenleven ertoe doet, dat er om één mens te doden, bloed aan je handen kleeft van een heel mensenleven. Het zit ook in de overtuiging dat, als het erop aankomt, de mens ieder ander mens in de ogen zou kunnen kijken, ook als hij ervan overtuigd is dat die ander zijn grootste vijand is, namelijk degene die zijn dierbaren heeft gedood. In dat grootste offer, dat eigenlijk niet te bevatten is, misschien zelfs te groot is voor mensenhanden, in dit offer dat opa Wassermann brengt aan Neigel, wordt de essentie van een mensenleven voelbaar, tot in de kleinste cellen van je lijf.
             &#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            &lt;br/&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;div&gt;&#xD;
        &lt;/div&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+zie+liefde.jpg" length="68309" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:18 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-offer-te-groot-voor-mensenhanden</guid>
      <g-custom:tags type="string">David Grossman,Grossman,Zie: liefde</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+zie+liefde.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+zie+liefde.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Zoals je kijkt in een gebroken spiegel</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/zoals-je-kijkt-in-een-gebroken-spiegel</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zoals je kijkt in een gebroken spiegel
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Manja Croiset, ‘Mijn leven achter onzichtbare tralies’
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Een klein meisje klimt wankel een duin op, achter haar vader aan, die bovenop de top staat en, van haar afgewend, uitkijkt, zijn hand boven zijn ogen. Het is een ontroerend beeld waarop, als je goed kijkt, in het zand onder de kleine voetjes de titel van de bundel met lyrisch proza van Manja Croiset is te vinden: ‘mijn leven achter onzichtbare tralies’. Het kind worstelt zich dapper naar boven op veel te kleine voetjes, op weg naar de liefde en veiligheid van de ouder. De liefde van de ouder is er wel, maar de ouder staat met het gezicht afgewend van het kind, vangt de signalen niet op, kijkt uit over de rest van de wereld. 
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit is ook het beeld dat je als lezer krijgt door de fragmenten waaruit de bundel bestaat. Croiset waarschuwt: ‘Vanzelfsprekend is de waarneming van de in dit boekje beschreven gebeurtenissen subjectief.’ Natuurlijk, want ook op de foto van de cover zijn geen tralies te zien tussen het kind en de vader, maar het kind, eenmaal volwassen geworden, ervaart het leven als achter tralies. De ondertitel luidt: ‘herinneringen aan en uit mijn kindertijd; nieuwe grammaticale vorm onverwerkt verleden tijd’. Die woorden zijn veelzeggend. Wat de lezer te wachten staat, zijn herinneringen. Mooi is de woordspeling ‘onverwerkt verleden tijd’, een variant op bijvoorbeeld de voltooid en onvoltooid verleden tijd, zoals die in de grammatica bestaan. De toon is gezet, want uit de herinneringen zal blijken dat het verleden misschien wel voltooid is, maar nog lang niet verwerkt. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De nieuwe grammaticale vorm blijkt meerduidig, want de fragmenten zijn ook qua stijl in een nieuwe vorm gegoten. Nergens komt interpunctie voor, zinnen beginnen vaak, maar niet altijd op een volgende regel. Volledige zinnen worden afgewisseld met telegramstijl. Het gaat, zoals het met herinneringen gaat: ze komen in flarden, roepen andere op, maar vaak te snel om ze in alle volledigheid weer te geven. In het ‘Ten geleide’ geeft Croiset aan dat de scheidslijn tussen het nu en toen soms wegvalt. Je kunt een herinnering ophalen, maar je kunt ook in de herinnering afdalen, waardoor je je weer precies zo voelt als toen. Herinneringen komen ook niet in chronologische volgorde en ze mengen zich met associaties. Behalve de onverwerkt verleden tijd is er ook ‘donker tegenwoordige tijd’. De geur van kaarsen brengt haar weer terug naar vroeger. Ze voelt haar ogen branden ‘van de/ open haard daar is niets/nostalgisch aan gewoon/eigentijdse ellende’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het motto,‘het is beter jong te sterven dan lang te lijden’, zegt genoeg over hoe de auteur het leven ervaart. Het duurt te lang, het is een lijdensweg. Bij het eerste fragment waarbij een klein meisje op een tafeltje voor de vensterbank klimt en bijna het raam uit valt, haar moeder haar nog net bij haar enkel grijpt, wordt de betekenis van het motto wel heel wrang: had het kleine meisje uit het raam moeten vallen om te ontkomen aan al het lijden dat nog op haar pad zou komen? De lezer was gewaarschuwd. In het laatste hoofdstukje wringt de geschiedenis. Je leest het verhaal van de moeder. In de oorlog zou zij het bericht hebben gekregen dat ze zich moest laten steriliseren. Dan zou zij haar ster af mogen doen. De Duitsers zouden tegen haar hebben gezegd: ‘Je hebt toch al een kind’. Ook hier schrijnt weer de betekenis van het motto: anders zou Manja nooit geboren zijn! Onder dit fragment staat een kanttekening. Haar 90-jarige moeder weerspreekt het en komt met een andere versie. De dochter vertrouwt echter haar eigen geheugen meer dan dat van haar moeder. Hier zie je mooi dat herinneringen subjectief zijn en verhalen die worden doorverteld en vervolgens herinnerd, al helemaal niet meer goed te verifiëren zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het tweede fragment wordt en passant een groot trauma blootgelegd. Het kleine meisje kruipt op de spiegel die haar moeder bij het schoonmaken even op de grond had gelegd. De spiegel breekt. Later weet ze dat de spiegel van haar vergaste grootmoeder is. Ze is het kind van een moeder die in de oorlog haar hele familie heeft verloren. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is veel onbegrip. Het meisje is vaak bang: voor de ‘grote kindervriend’, een vieze man die soms langs kwam, voor het ziekenhuis, voor de telefoon, voor snoepjes die ze van vreemden krijgt aangeboden en voor het water en de zwemles. Haar angsten worden lang niet altijd begrepen, soms wordt er om gelachen, en dan probeert ze haar angsten te verbergen, want meestal is haar schaamtegevoel nog groter dan de angst. Veel wordt doodgezwegen, er wordt zelden iets uitgelegd, waardoor de angst alleen maar groeit.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Tussen de regels door is er ook liefde van en voor haar ouders te voelen: ‘pappa’s personeel verafgoodde en vreesde hem/dat geldt ook voor zijn dochtertje/een zorgzame tiran’. En voor haar moeder: ‘als ik huilend van de kou uit school thuis kwam/nam mamma mijn handen onder haar oksels/en warmde ze zo/niet alleen warmte maar ook troostrijk/toch een moeder’. Opvallend is hier dat in het eerste fragment ‘zijn dochtertje’ staat en in het tweede ‘ik’. Het laat zien hoe het kind maar zelden samenvalt met zichzelf, omdat het zo weinig gezien wordt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het boek geeft in fragmenten een goed beeld van de naoorlogse periode: ‘zittend in de vensterbank/uitkijkend over het Leidseplein/was de wereld groot genoeg’. Vanuit datzelfde raam kon je ook de gevangenis zien waar haar vader in de oorlog had gezeten. Dat verhaal werd vaak verteld en ze was trots op haar vader, maar van haar grootouders had ze geen enkele foto en er was niets gebeurd, haar moeder had – zo leek het – niets meegemaakt. Er werd met geen woord over gesproken. Zelf voelt het meisje zich naamloos: ‘het stille kindje/gaat naar de lagere school/en komt thuis met haar/eerste rapport/de vader zegt met enige/verbazing in zijn stem/o dít kind kan ook leren.’ Ook verderop blijkt dat ze zich onzichtbaar voelde. Als zij haar zusje pijn had gedaan, werd het zusje getroost, maar zijzelf kreeg niet eens straf, was ergens weggekropen en niemand keek naar haar om.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet alles is voor de lezer even goed te volgen. Er worden regelmatig namen genoemd en de lezer moet dan maar raden dat het om zusjes gaat, vriendinnetjes, leraren van de school, enz. Daardoor is er geen twijfel mogelijk dat het hier om werkelijke, persoonlijke anekdotes en herinneringen gaat en geen fictieve. Waar voor de schrijfster tijdens het schrijven waarschijnlijke complete werelden worden opgeroepen, blijven het voor de lezer fragmenten, omdat die er niet bij was en het met de regels uit de bundel moet doen, al is het heel waarschijnlijk dat voor Croisets tijdgenoten ook echt de wereld van vroeger opengaat bij zoveel concrete details: o ja, zo ging dat toen. Er worden o.a. uitstapjes naar Zandvoort, naar Artis beschreven. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er is een afdeling ‘kinderjaren’, ‘Manja en klinieken’ en ‘Een ander hoofdstukje’. Tussen de delen is de scheidslijn dun, want ook bij ‘Manja en klinieken’ komen nog herinneringen aan haar vroegste jeugd voor. Het is schrijnend te lezen hoe zij werd opgenomen in een kliniek in Zeist, hoe haar vader haar daar aflevert. In een naschrift onder het fragment vertelt ze hoe ze later van hem hoorde hoe hij de auto, toen hij haar had afgeleverd, aan de kant van de weg had gezet en daar was gaan huilen. Dat heeft ze toen nooit geweten. Ze heeft altijd het gevoel gehad dat ze daar zo is weggezet, alleen met haar verdriet en angsten. Haar zusje werd getroost omdat ze voor haar examen was gezakt, wat indirect ook Manja werd verweten, omdat zij het gezin ontwricht zou hebben, maar Manja werd opgesloten. Hier waren de tralies overigens niet zo onzichtbaar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het boek eindigt met ‘hoe kon ik recht hebben/op angst en verdriet/na wat mijn ouders hadden doorstaan/en hoe de familie aan zijn einde was gekomen/zwak was ik en slecht/hoe vaak heb ik mijn moeder bits horen zeggen/ik ben geen Jodin ik ben Nederlands’. Het boek laat in vorm en inhoud schrijnend zien hoe een mensenkind vanaf de geboorte gevangen kan zijn, als de moeder tijdens het dragen van het kind nog in rouw is ondergedompeld en geen woorden heeft om het verdriet te delen. Het kind wordt slechts gespiegeld in een gebroken spiegel, waardoor het leven alleen nog maar uit vlijmscherpe stukjes bestaat, waaraan het kind zich voortdurend snijdt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Mijn+leven+achter+onzichtbare+tralies.jpg" length="58660" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:16 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/zoals-je-kijkt-in-een-gebroken-spiegel</guid>
      <g-custom:tags type="string">Mijn leven achter onzichtbare tralies,Manja Croiset,Croiset</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Mijn+leven+achter+onzichtbare+tralies.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Mijn+leven+achter+onzichtbare+tralies.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een kusje op de spiegel</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-kusje-op-de-spiegel</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;div&gt;&#xD;
        &lt;/div&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      
           ‘Een kusje op de spiegel’
          &#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          &lt;br/&gt;&#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;i&gt;&#xD;
          
             Bespreking van ‘Wie is die vrouw in de spiegel; (still without a face); een hart van koraal; bloemlezing of rouwkrans’ van Manja Croiset
            &#xD;
        &lt;/i&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoe een oorlog kan woeden in een mensenleven klinkt eindeloos door in de bundel ‘Wie is die vrouw in de spiegel’ van Manja Croiset. De titel is betekenisvol, want wie is inderdaad deze vrouw? De bundel kan gelezen worden als een zoektocht naar het antwoord op deze vraag. Croiset is de dochter van twee Shoah-overlevenden. Als je negen maanden in de buik gedragen wordt van een vrouw die om haar dierbaren rouwt, kan het bijna niet anders dan dat je in tranen wordt geboren.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een van de pareltjes uit de bundel is het gedicht ‘Regressie’, waarin een kindje een lichtvlekje wil pakken. Hoe een kind altijd zal blijven proberen het licht te vinden, is exemplarisch voor de ‘ik’ in deze bundel. Steeds opnieuw breekt zij de straal van het licht door zich in dit leven te bewegen en steeds opnieuw probeert zij het licht weer te pakken. Het beeld laat de eenzaamheid voelen van dit verlangen naar licht. Het kind is opgesloten in zijn eigen spel. Waar komt het licht vandaan en hoe komt het dat zij zelf steeds de lichtstraal breekt? De tweede regel is eenvoudig, maar essentieel: ‘ze wil zichzelf’. De zin loopt verder in de volgende regel, maar eerst sta je even stil bij deze constatering: ‘ze wil zichzelf’. Zo klein als ze is, is ze al op zoek naar zichzelf. Het leven is immers een vorm van ‘jezelf willen’. De zin loopt verder in ‘een kusje op de spiegel geven’. Uiteindelijk is dat de essentie van het leven: zich verzoenen met zichzelf. Daar gaat het mis, want zij ‘schrikt van het hoofd/dat groter wordt’. Ook daar is de zin weer voor even afgebroken, waardoor je als lezer voelt dat het voor het kind angstig is om te groeien, groter te worden, totdat in de slotregel duidelijk wordt, dat het om het groter worden in de spiegel gaat. Dat is het mooie van poëzie, dat de eerste lezing nog altijd meedoet in de uiteindelijke betekenis, ook al wordt deze door een volgende lezing opgevolgd. Overigens is in het ‘kusje op de spiegel’ de kilte voelbaar van het spiegelglas: het verlangen naar het contact met de ander, of met jezelf en de onmogelijkheid die ander of jezelf daadwerkelijk te bereiken. Je wordt alleen weerkaatst.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           REGRESSIE
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het kindje wil een lichtvlekje 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           pakken
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als ze zich voorover buigt 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           breekt ze de straal en weg
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           is het 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ze doet een stapje opzij en
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           daar is het weer
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           het spelletje herhaalt zich eindeloos 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ze wil zichzelf
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           een kusje op de spiegel geven
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           maar schrikt van het hoofd
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           dat groter wordt
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           als de mondjes elkaar raken 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           ‘Regressie’ betekent het terugkeren naar een eerdere fase in de ontwikkeling. Het kan zijn dat dit gedicht een vorm is van regressie, omdat het gedicht teruggaat naar het kind. De regressie kan ook in het gedicht zelf zitten: het kindje is eigenlijk een volwassene, die zich weer voelt als het kind, maar in de spiegel schrikt van het oudere gezicht: wie is die vrouw?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Verderop in de bundel is de ‘ik’ aan het dolen in de nacht. Dat beeld komt vaker terug: het waken in de nacht als anderen slapen. In de ochtend trekt de ‘ik’ zich juist terug voor licht en geluid. Al snel wordt duidelijk dat de ‘ik’ een gehavend mens is, een mens die als kind al gebroken was en steeds opnieuw teleurgesteld wordt in de mensen om haar heen, waardoor ze opgesloten zit. ‘Wat heeft mijn luiken zo op slot gedaan,’ vraagt ze zich af, terwijl ze eigenlijk niet meer hoeft te weten hoe het komt, ‘als ik ze maar wel openen kon’. Keer op keer stuit ze op onbegrip. Zelfs als zij in het felle zonlicht zit, ‘een grote hoed beschermt/
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           me tegen de te felle zon,’ is het duister vanzelfsprekend nabij: ‘ik schrik niet eens van de slang/ die vlakbij het struikgewas in schiet’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De bundel beschrijft ook de lichamelijke gebreken, soms vol zwarte humor, zoals in het gedicht ‘Curieus’, waarin de ‘ik’ een nieuwe vogel in de tuin ontdekt. Het wijsje dat zij hoort, kent ze al jaren ‘van een tinnitussoort rechts in mijn achterhoofd’. Ze verwondert zich erover dat ze het nooit buiten zichzelf heeft gehoord. Ook in dit gedicht voel je de beklemming van het opgeslotene. Waar vogels doorgaans onze ziel kunnen bevrijden en ons kunnen laten genieten van de schoonheid, lijkt het hier of het wijsje van de vogel een reflectie is van iets in het hoofd van de ‘ik’, alsof er geen wereld is buiten deze opsluiting en zelfs het geluid dat zij van buiten meent te horen, een weerkaatsing is van de gebroken klank in haarzelf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat de ‘ik’ in haar hoofd is opgesloten blijkt ook uit ‘Het archief’: foto’s, cd’s, films, alles bevindt zich in het hoofd van de ‘ik’, alsof het hele leven gecomprimeerd is in haar verbeelding. Er is niets dan alleen het hoofd van de ‘ik’, dat zich kan uitdijen tot een heelal in de verbeelding. Ook letterlijk, want in de bundel treffen we ook ‘buiten onder de sterrenhemel’ de Grote Beer en de Cassiopeia. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er zijn gedichten over de moeder en de vader, waaruit blijkt hoe complex hun relatie was. De stervende moeder in de armen van de ‘ik’ als een angstig kind: ‘even vanzelfsprekend ging ik terug/ samen waren we in een tijd/van voor mijn geboorte’. Hoe het beschadigde kind haar moeder probeert bij te staan en zelfs teruggaat naar de tijd toen ze nog niet geboren was. Het ‘nest’ waar ze uitkomt, was niet altijd aangenaam warm: ‘maar ik vrees dat mijn/stal nodig moest worden/ uitgemest’, en ‘waar het warm is/stinkt het’. Aan het eind van de bundel staat een afbeelding van een bloedkoraal, ‘symbool voor mijn ouders’: ‘stekelig van buiten/als een cactus/zacht van binnen.’ De ‘ik’ is ‘altijd ziek, ook binnen geluk’: ‘ondertussen gaan/mijn gedachten "gewoon"/ naar gaskamers en suïcide’. En toch: ‘er klinkt lieflijke muziek/ door het huis/graag zou ik dansen’. Het verlangen, net als dat van het kleine kind naar het licht, blijft voelbaar.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De eenzaamheid is voelbaar in het verlangen naar en de herinneringen aan intimiteit: ‘intimiteiten schuilen in/kleine dingen/ik zit naast iemand in de auto/de zon staat laag/hij grijpt naar zijn bril/zonder een woord te wisselen/ doe ik het dashboardkastje open/ pak zijn zonnebril/we ruilen’. Hoe weinig geborgen ‘thuis’ kan zijn, klinkt uit: ‘eenzaam verloren en verlaten angstig in elkaar gedoken maar.... thuis’. De hulpverlening lijkt er in deze bundel alleen op gericht om alles af te doen met ‘een pil’, terwijl het enige waarnaar de ‘ik’ hunkert, een omarming is. In de strijd tegen de pil en de verslaving eraan, is er niemand die de ‘ik’ vasthoudt. De ‘ik’ is ‘een dolende ziel/in een ogenschijnlijk/bewegingloos lichaam/vastgenageld’. Zij voelt zich een zwerver, ook al bevindt zij zich nog steeds thuis. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een laatste gedicht gaat over de nacht, die haar geheimen kent, de maan die zelfs niet meer meekijkt. Er is geen knipoog te bespeuren. Het laat zien hoe een mens kan vallen in de nacht en hoe sterk het verlangen naar het licht ook is, zelfs het gedimde maanlicht niet ziet. Er valt niets te relativeren met een knipoog. De eenzaamheid is een zwarte gevangenis geworden. De bundel sluit af met een citaat van de Indische dichter Rabindranath Tagore: ‘Mijn laatste groet is voor hen, die mij in mijn onvolmaaktheid kenden en mij liefhadden.’ Is er een antwoord op de vraag wie die vrouw in de spiegel is? Wie de bundel leest, kan een klein beetje ervaren wie deze vrouw is en hoopt dat er ooit nog een ander zal zijn die wil weten wie zij is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/wie+is+die+vrouw+in+de+spiegel+cover.jpg" length="36462" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:13 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-kusje-op-de-spiegel</guid>
      <g-custom:tags type="string">Wie is die vrouw in de spiegel,Manja Croiset,Croiset</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/wie+is+die+vrouw+in+de+spiegel+cover.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/wie+is+die+vrouw+in+de+spiegel+cover.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Van de koele meren des doods en het naturalisme</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/van-de-koele-meren-des-doods-en-het-naturalisme</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          ‘Van de koele meren des doods’ en het naturalisme
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Hoe Frederik van Eeden verder gaat dan het naturalisme 
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Diede Kaak, 27 november 2020 (vwo 5 Baudartius College)
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          “Maar doodgaan scheen haar altijd nog veel beter, nog veel begeerlijker. Dat zou rust zijn, als die beloofd wordt aan de getrouwen in den psalm, dat zou zijn zachtjens gevoerd worden langs stille wateren, langs groote, koele meren, dat zou troosten zijn, zooals een moeder troost.” (P. 251) Met krachtige beschrijvingen vertelt Frederik van Eeden over het leven van Hedwig in Van de koele meren des doods. Van Eeden is een van de belangrijkste Nederlandse naturalistische auteurs. Van de koele meren des doods heeft dan ook kenmerken van het naturalisme, maar valt niet helemaal binnen de lijntjes. In hoeverre past het boek Van de koele meren des doods bij het naturalisme? 
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het naturalisme was van 1850 tot 1900 een tegengeluid voor de romantiek, men wilde realistische mensen en het echte leven beschrijven. Een kenmerk van het naturalisme dat we kunnen terugvinden in Van de koele meren des doods is het determinisme. De dood loopt als een rode draad door het boek, het wordt beschreven als een noodlot dat troost biedt en vroeg voor Hedwig zal komen. Deze fatalistische opvattingen zijn onderdeel van het determinisme. Volgens het determinisme heb je geen invloed op je lot en wordt het bepaald door iemands ras, sociale klasse en tijdperk waarin die leeft. In het boek is Hedwig geobsedeerd door de dood, elke ervaring die zij had met de dood zag zij positief en als iets moois, een plek van troost: “Zij voelde een eindelooze verwondering, wat er nu dan toch anders was geworden, en toen de trekken van het dooden-gelaat invielen en zich ontspanden, zoodat deze niet meer moeheid en strijd, maar groote rust en tevredenheid schenen te beteekenen, toen kwam er verlangen en iets als afgunst in Hedwigs hart.” (P. 152) Dit waren Hedwigs gedachten nadat Johans zus doodging. Tussen de regels door kan de lezer Hedwigs noodlot aanvoelen, vooral in het begin van het boek. Dit wordt in de eerste instantie bepaald door haar nerveuze karakter. De fijngevoeligheid die ze heeft geërfd van haar moeder is al vroeg duidelijk. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Verder is de dood van haar moeder, het dronkenschap van haar vader en alle ellende die het milieu haar verder brengt bepalend. Ook speelt de saaiheid die ze zo veracht, die haar sociale klasse met zich mee brengt, een rol. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nog een aspect van het naturalisme is een nerveuze hoofdpersoon. Hedwig past hier perfect tussen, zoals door Van Eeden beschreven als “fijnbewerktuigd”. Muziek is daarbij ook vaak belangrijk, over muziek zegt de verteller: “dat zij Hedwig ontroerde als de openbaring van wat zij levenslang gezocht had.” (P. 136) Ontnuchtering is daarnaast ook veel te zien in naturalistische werken, ook bij dit boek. Hedwig heeft hoge verlangens, wil graag alles romantiseren en perfect hebben en ze vindt het saaie verschrikkelijk. Het is echter onmogelijk om alles perfect te krijgen, dus bij de meeste naturalistische boeken zijn er twee uitwegen: de dood of ermee leren leven. Hedwig kiest uiteindelijk voor het laatste. Verder zijn seksualiteit en maatschappijkritiek kenmerken van het naturalisme. Seksualiteit is een belangrijk onderdeel in Hedwigs leven, ze is haast geobsedeerd hiermee. Het is echter afstandelijk beschreven. Maatschappijkritiek is terug te vinden in de beschrijvingen van de normale burger, die worden negatief afgeschilderd. Hedwig heeft dan ook relaties met mensen die hierbuiten staan, zoals Ritsaart, Joob en zuster Paula. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Van de koele meren des doods neemt op het einde echter een ander wending, dit einde past totaal niet binnen de perken van het naturalisme. Nadat Hedwigs dochtertje Charlotte doodging, raakt ze in een psychose en verslaafd aan valium. In Parijs wordt ze opgenomen en dankzij zuster Paula komt Hedwig er weer bovenop. Hedwig overwint haar noodlot. Dit gaat recht tegen het determinisme van het begin van het boek in. Ze vindt de koele meren met behulp van God uiteindelijk niet in de dood, maar in het leven. Ze verandert haar lot, leert het mooie te zien in het dagelijks leven en gaat op de boerderij bij de familie Harmsen in het huishouden helpen. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kortom, Van de koele meren des doods heeft kenmerken van het naturalisme, maar mist het naturalistische einde. Doordat het einde van een boek zo belangrijk is, vooral als het om determinisme gaat, kan het boek niet volledig aan het naturalisme worden toegeschreven. Desondanks zijn de bijzonder mooie beschrijvingen van Hedwigs naargeestigheid extra krachtig door de tegenstelling met dit hoopvolle einde. Frederik van Eeden schrijft Van de koele meren des doods met alle pracht van het naturalisme, en laat het spreken door deze stroming uiteindelijk los te laten. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Literatuurlijst:
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - Algemeen letterkundig lexicon · dbnl. (2012). DBNL. https://www.dbnl.org/tekst/ dela012alge01_01/dela012alge01_01_02538.php 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - Anbeek, T. (1979). Ton Anbeek, ‘Kenmerken van de Nederlandse naturalistische roman’ · dbnl. DBNL. https://www.dbnl.org/tekst/anbe001kenm01_01/ anbe001kenm01_01_0001.php 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - Drayer, E. (2003, 22 november). Elma Drayer herleest “Van de koele meren des Doods”. Trouw. https://www.trouw.nl/nieuws/elma-drayer-herleest-van-de-koele- meren-des-doods~b69ebc80/?referrer=https%3A%2F%2Fwww.google.nl%2F 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - Eeden, F. (1900). Van de koele meren des doods. W. Versluys. https://www.dbnl.org/ tekst/eede003vank01_01/colofon.php 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - Lezen voor de lijst. (z.d.). Van de koele meren des doods - Lezen voor de lijst. Geraadpleegd op 27 november 2020, van https://www.lezenvoordelijst.nl/ docenten-15-18/niveau-5/van-de-koele-meren-des-doods/ 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - Literatuur als wetenschap | Literatuurgeschiedenis. (z.d.). Literatuurgeschiedenis. Geraadpleegd op 27 november 2020, van https://www.literatuurgeschiedenis.org/19e- eeuw/literatuur-als-wetenschap 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - Naturalisme (literatuur). (2020, 31 augustus). In Wikipedia. https:// nl.wikipedia.org/wiki/Naturalisme_(literatuur)#Nederlandse_auteurs 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Van+de+koele+meren.jpg" length="96676" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:05 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/van-de-koele-meren-des-doods-en-het-naturalisme</guid>
      <g-custom:tags type="string">Van Eeden,Kaak,essays,Diede Kaak,essays leerlingen,essays van leerlingen,Van de koele meren des doods,Frederik van Eeden,Diede</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Van+de+koele+meren.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Van+de+koele+meren.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Wat nu is, is altijd geweest, en wat worden zal, is er reeds</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/wat-nu-is-is-altijd-geweest-en-wat-worden-zal-is-er-reeds</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          “Wat nu is, is altijd geweest, en wat worden zal, is er reeds.”
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van 'De kleine Johannes' door L.v. G. (vwo 5 Baudartius College)
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Frederik van Eeden staat in de Nederlandse literatuur bekend als een van de meest veelzijdige schrijvers die ons land heeft gekend. Van oorsprong psychiater en huisarts, ontwikkelde hij zich tot schrijver. Zijn kennis van de psychiatrie heeft hij toegepast in zijn roman Van de koele meren des doods. In De kleine Johannes geeft Van Eeden blijk van een grote voorliefde voor natuur en een wereld zonder materialisme. Heeft hij in het boek meerdere literaire stromingen uit de negentiende eeuw, zoals het realisme, de romantiek en naturalisme, door laten schemeren?
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Johannes is een jongetje dat op een dag een libelle ontmoet genaamd Windekind. Hij neemt Johannes mee naar een prachtige fantasiewereld, waar Johannes onder andere Wistik ontmoet, een kabouter die op zoek is naar een boekje met alle antwoorden. Later in zijn leven ontmoet Johannes Robinetta, op wie hij verliefd wordt. De vader van Robinetta stuurt hem weg omdat ze niet dezelfde opvattingen over God hebben. Hij komt op een gegeven moment Pluizer tegen, die hem kennis laat maken met dokter Cijfer en De Dood. Johannes zal met hen op zoek gaan naar de zin van het leven.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De romantiek ontstond als een gevolg van de verlichting omdat men ontevreden met de werkelijkheid was. In de romantiek werd vooral een subjectieve ervaring als uitgangspunt genomen. Intuïtie, emotie, spontaniteit en verbeelding stonden hier centraal.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De kleine Johannes laat zien hoe een klein, onwetend jongetje afreist naar een fantasiewereld waar alles surrealistisch is. Het jongetje wil de werkelijkheid ontvluchten door zich te voegen bij een groep niet-menselijke wezens. In het verhaal komen abstracte begrippen voor die worden voorgesteld als personen, dit is typisch voor een allegorisch sprookje. "‘Het is vandaag mijn verjaardag,' zei Windekind, ‘Ik ben hier in de omtrek geboren, uit de eerste stralen der maan en de laatste der zon. Men zegt wel dat de zon vrouwelijk is. Dat is niet waar. Hij is mijn vader.’" Dit citaat laat zien dat de zon menselijke eigenschappen heeft, er is dus een grote verbeeldingskracht gebruikt wat kenmerkend is voor de romantiek.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Typerend voor de romantiek was de zoektocht naar geluk, dit is een voorbeeld van idealisme. In het verhaal overhandigt Oberon, de koning van de elfen, Johannes een sleutel. Dit is de sleutel tot de poort van het geluk. Het doel van Johannes is om dit ultieme geluk te ontvangen. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het realisme staat haaks op de geïdealiseerde romantiek. In tegenstelling tot de romantiek geeft het realisme een volledig objectief en realistisch beeld weer dat meestal berust op een ware gebeurtenis. Johannes ontmoet de kabouter Wistik die hem vertelt over een boekje. Dit boekje bevat de hoogste wijsheid. Johannes voelt uit nieuwsgierigheid de behoefte om de kabouter te helpen. Dit is een voorbeeld van realisme aangezien Johannes de wereld wil verklaren door middel van de hoogst mogelijke begaafdheid. Hij wil laten zien hoe het leven in elkaar zit op een dus realistische wijze. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het kenmerk in het realisme van het vasthouden aan de werkelijkheid komt in De kleine Johannes niet voor. Aangezien het boek een allegorisch sprookje is, is er sprake van de meest bovennatuurlijke elementen. Het scenario is fantasierijk door pratende insecten en vliegende elfen. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hoewel het naturalisme een onderdeel van het realisme is, is er een groot onderscheid tussen de twee. Het realisme schildert de gebeurtenis zo veel mogelijk naar waarheid af, waar het naturalisme daarnaast ook de omstandigheden verklaart. Hier wordt gebruik gemaakt van determinisme, de omstandigheden worden teweeggebracht door invloeden van buitenaf. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een belangrijk kenmerk van het naturalisme is dat het verhaal geloofwaardigheid meebrengt. De plaatsen die zijn beschreven zijn bestaand en de gebeurtenissen zijn werkelijk. Dit alles komt niet voor in De kleine Johannes. De beschreven locaties en hun excentrieke sfeer zijn fictief en de gebeurtenissen zijn van een bovennatuurlijk niveau. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarnaast is een wereld waarin God geen rol speelt en het ontbreken van symbolische elementen uitgesloten in De kleine Johannes. “God is een groote petroleumlamp, waardoor duizenden verdwalen en verongelukken.” Hoewel Johannes niet overtuigd is van Gods functie op aarde, geeft het boek op meerdere gelegenheden weer dat God achter een gebeurtenis zit en zo een rol speelt. Gelet op symbolische elementen is dit absoluut tegenstrijdig aan het naturalisme. De abstracte begrippen veranderen in personages en ondenkbare figuren treden toe tot deze fantasiewereld. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al met al komt naar voren dat De kleine Johannes bestaat uit meerdere literaire stromingen en zo dus een goed voorbeeld is voor een boek uit het eind van de negentiende eeuw. Frederik van Eeden maakt zowel gebruik van romantiek als realisme. Zoals hierboven besproken komen geen aspecten van het naturalisme voor in het boek. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            Bronnenlijst: 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           •	Frederik van Eeden: De kleine Johannes -. (z.d.). Literatuurlijn. Geraadpleegd op 26 november 2020, van http://literatuurlijn.nl/rond-1900/frederik-van-eeden-de-kleine-johannes/
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           •	Koops, E. (2020, 15 mei). Romantiek (ca.1790-1850) – Kenmerken van de stroming. Historiek. https://historiek.net/romantiek-kenmerken-reactie/82638/
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           •	Naturalisme - Wikikids. (2020, 18 augustus). Wikikids. https://wikikids.nl/Naturalisme
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           •	Romantiek in Nederland | Literatuurgeschiedenis. (z.d.). Literatuurgeschiedenis. Geraadpleegd op 25 november 2020, van https://www.literatuurgeschiedenis.org/19e-eeuw/romantiek-nederland
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           •	Simons, L. (z.d.). Verslagen en mededelingen van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde 1899 · dbnl. DBNL. Geraadpleegd op 26 november 2020, van https://www.dbnl.org/tekst/_ver025189901_01/_ver025189901_01_0024.php
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           •	Terug naar de realiteit | Literatuurgeschiedenis. (z.d.). Literatuurgeschiedenis. Geraadpleegd op 26 november 2020, van https://www.literatuurgeschiedenis.org/19e-eeuw/terug-naar-de-realiteit
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           •	van Eeden, F., &amp;amp; Veth, J. (1892). De kleine Johannes. Mouton.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+De+kleine+Johannes.jpg" length="27078" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:03 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/wat-nu-is-is-altijd-geweest-en-wat-worden-zal-is-er-reeds</guid>
      <g-custom:tags type="string">Kleine Johannes,Van Eeden,essays,Eeden,essays leerlingen,essays van leerlingen,Frederik van Eeden,De kleine Johannes</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+De+kleine+Johannes.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+De+kleine+Johannes.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Max Havelaar, romantiek of realisme?</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/max-havelaar-romantisch-of-realistisch</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Max Havelaar, romantiek of realisme?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Joey Frinking (vwo 5 Baudartius College)
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Max Havelaar is een zeer belangrijk boek geweest in de Nederlandse koloniale geschiedenis. Dit boek vertelt over de koloniale omstandigheden in Nederlands-Indië, een thema waar weinig of geen schrijvers zich voor het publiceren van dit boek in 1860 aan durfden te wagen. Multatuli, het pseudoniem van Eduard Douwes Dekker, de schrijver van Max Havelaar, kon dan ook met eigen ogen aanschouwen wat er in Nederlands-Indië gebeurde. Hij was namelijk assistent-resident in dat land, iemand die de regent assisteert met besluitvorming en controle, en heeft zelf kunnen zien wat voor onderdrukking er plaatsvond. Max Havelaar zorgde voor een grotere gewaarwording van het Nederlandse gezag in Nederlands-Indië en heeft mettertijd veel kunnen veranderen in het land. De ongebruikelijke structuur en de doelstelling van het boek maken het niet makkelijk om het in te delen bij een literaire stroming. Bepaalde aspecten lijken te wijzen naar de romantiek, maar andere weer naar het realisme. Bij welke stroming hoort Max Havelaar?
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een groot argument voor dat Max Havelaar bij de romantiek hoort, is dat het boek gedreven wordt door een sterk idealistische boodschap. Het doel van het boek is de problemen die in Nederlands-Indië aan de gang waren aan de kaak te stellen. Omdat Multatuli zelf wist wat er daar aan de hand was, wilde hij laten zien wat die misstanden inhielden. Max Havelaar fungeert hier als een alter ego van Multatuli in dit opzicht: “zuinigheid viel Havelaar moeielyk. Hy voor zichzelf kon zich tot het strikt-noodige bepalen. Ja, zonder de minste inspanning kon hy binnen de grens daarvan blyven, doch waar anderen hulp behoefden, was hem 't helpen, het geven, een ware hartstocht.” (Dekker, E, D, 1860) Uit deze woorden van Havelaar spreekt een grote wens om goed te willen doen. Er is hier een sterke drang naar verbetering. Door dit machtsmisbruik te laten zien wil hij de mensen aansporen om erover na te denken en om deze omstandigheden te verbeteren. Deze wens om de wereld te verbeteren is een kenmerk van de romantiek. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Er zijn echter vraagtekens te stellen bij deze bewering. De schrijver is zeer idealistisch, maar hij beschrijft ook nauwgezet de waarheid. Hij vertelt niet echt uitvoerig hoe de karakters zich voelen en gebruikt nooit enkel fantasie. Dit doet hij om zijn idealistische bedoelingen goed over te laten komen, door onderzoek en ervaring te tonen. Dit idealistische realisme is goed te zien in het verhaal van Saïdjah en Adinda, te lezen in hoofdstuk zeventien. In dit verhaal worden Saïdjah en Adinda gevolgd, kinderen van Indische arbeiders met weinig bezittingen. Ze zijn erg afhankelijk van hun buffels, die het land bewerken. Deze worden echter keer op keer afgenomen door het hoofd van de omgeving. Uiteindelijk maakt dit hen zó arm, dat Saïdjah’s vader vlucht, waarvoor hij in de gevangenis belandt. Dan besluit Saïdjah om een lange tijd te vertrekken om geld te verdienen, om bij terugkomst met Adinda te trouwen. Hij vraagt haar om de dagen af te tellen. Als Saïdjah weer terugkomt, is Adinda nergens te zien. Later komt hij erachter dat zij en haar familie is gedood in een opstand. Wat Multatuli daarna schrijft, sluit aan op dat idealistische realisme: “Ik weet niet of Saïdjah Adinda liefhad. Niet of hy naar Batavia ging. Niet of hy in de Lampongs werd vermoord met nederlandsche bajonetten…Dit alles weet ik niet! Maar ik weet meer dan dat alles. Ik weet en kan bewyzen dat er veel Adinda's waren en veel Saïdjah's, en dat, wat verdichtsel is in 't byzonder, waarheid wordt in 't algemeen.” (Dekker, E, D, 1860) Ook al is dit verhaal misschien niet waar, soortgelijke verhalen bestaan wel. Dit is dus een mengvorm van de romantiek en het realisme.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een ander argument vóór de romantiek is het feit dat het verhaal zich ver van Nederland afspeelt, wat een teken kan zijn van vluchten voor het hier en nu, wat een kenmerk is van de romantiek. Dit is echter een foutieve aanname. Multatuli vlucht namelijk ten eerste niet van het nu, want het speelt zich af in de (toenmalige) tegenwoordige tijd. Ook vlucht hij niet van het hier, want hij spreekt hoofdzakelijk uit ervaring. Multatuli was assistent-resident van Indonesië en dus vertelt hij over zijn eigen ervaringen. Voor hem is dit geen vlucht, het is praktisch een beschrijving van zijn eigen leven. Wie verder kijkt, ziet tot hoever de gelijkenissen met de realiteit wel niet zijn doorgevoerd. Verander de naam ‘Max Havelaar’ in het boek door ‘Multatuli’ en het is op veel vlakken geen fictie meer te noemen. Net als Max Havelaar is Multatuli aangesteld als assistent-resident en na te klagen over de slechte omstandigheden waaronder de plaatselijke bevolking leed, werd hij uit zijn functie gezet, waarna hij zeer arm werd. Ook probeerde Multatuli met het boek een functie als resident te krijgen. Toen hem iets minder goeds werd beloofd door koning Willem III, wees hij dit af met een brief aan hem gericht. Dit alles gebeurt ook in Max Havelaar met de hoofdpersoon. Het boek is dus meer waargebeurd en minder een vlucht dan je aanvankelijk misschien zou verwachten. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een ander feit is dat hoewel Multatuli natuurlijk een pseudoniem is, wat gezien kan worden als vlucht, er ook andere redenen zijn waarom je een pseudoniem kan nemen. Dit hoeft niet puur romantisch te zijn. Tot slot spreekt Multatuli zelf in het boek op het einde, wat de realiteit alleen nog maar verder laat toenemen. Al met al kan gezegd worden dat in plaats van te vluchten van het hier en nu, Multatuli het hier en nu juist trotseert.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Max Havelaar kan ingedeeld worden bij zowel de romantiek als het realisme. De argumenten voor de romantiek en die voor het realisme zijn allebei erg sterk aanwezig. Ten eerste wordt het boek geleid door idealisme, maar dit idealisme is wel gegrond in de realiteit, in uitgebreid onderzoek. Ten tweede lijkt Multatuli te vluchten van het hier en nu door het verhaal in Nederlands-Indië te laten plaatsvinden, maar de gebeurtenissen in het verhaal zijn vooral op zijn eigen ervaringen gebaseerd. Deze redenen zorgen ervoor dat Max Havelaar een mengvorm van de romantiek en het realisme is.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronnen
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dekker, E, D. (1860). Max Havelaar of de koffiveilingen der Nederlandsche Handelmaatschappy. (ed. Annemarie Kets) Assen/Maastricht, Nederland: dbnl
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Max+Havelaar.jpg" length="8133" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:37:00 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/max-havelaar-romantisch-of-realistisch</guid>
      <g-custom:tags type="string">Multatuli,Joey Frinking,essays,essays leerlingen,essays van leerlingen,Max Havelaar,Frinking</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Max+Havelaar.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Max+Havelaar.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Een bijzonder historisch verhaal in een romantisch jasje</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/een-bijzonder-historisch-verhaal-in-een-romantisch-jasje</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Een bijzonder historisch verhaal in een romantisch jasje
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            De overwintering der Hollanders op Nova Zembla
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            N.F.M.W.  (leerling vwo 5 Baudartius College)
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Een van de grootste werken van Hendrik Tollens is ‘De overwintering der Hollanders op Nova Zembla’. Hij schreef dit naar aanleiding van een competitie. Er werd een gouden erepenning uitgeloofd voor het beste dichterlijke tafereel van de overwintering der Hollanders op Nova Zembla door de Hollandsche Maatschappij. Een spannend verhaal in dichtvorm dat een belangrijke gebeurtenis uit de Nederlandse historie vertelt. Tot het begin van de twintigste eeuw werd het verhaal verplicht gelezen door generaties scholieren. 
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De schrijver genaamd Hendrik Tollens (Rotterdam 1780 - Rijswijk 1856) wordt regelmatig beschreven als de eerste dichter des vaderlands. Hij maakte vertalingen en schreef herderszangen en strijdliederen. In de loop van de tijd leerde hij de dichtkunst steeds beter kennen. Vooral zijn huiselijke gedichten hebben hem roem gebracht. Zijn stijl was soms eenvoudig, maar had toch invloed van de Romantiek. In hoeverre past dit verhaal van Tollens bij de romantische stroming uit de achttiende en de negentiende eeuw?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de Romantiek werd de historische roman populair. Bij deze romans is de verhaalstof gebaseerd op een historische gebeurtenis. ‘De overwintering der Hollanders op Nova Zembla’ was een van de eerste historische romans, een voorloper van die stijl. Het verhaal volgt niet de precieze lijn van een historische roman en hoe ze dit verder in de tijd beschreven. Een verschil is bijvoorbeeld dat het in dichtvorm geschreven is. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het verhaal is gebaseerd op een historische gebeurtenis, namelijk de overwintering op Nova Zembla. Deze vond plaats tussen 1596-1597. Schepelingen onder leiding van Willem Barends kwamen vast te zitten in het ijs aan de kust van Nova Zembla. Tollens maakt in zijn dichtversie van het verhaal wel wat historische fouten, hij boetseerde enkele details naar de voorkeuren van die tijd. Hij vertelt het verhaal in chronologische volgorde, daarom zou de roman ook geassocieerd kunnen worden met een reisverslag. Het reisverslag was ook een erg populaire literatuurvorm in de Romantiek. In dit opzicht past ‘De overwintering der Hollanders op Nova Zembla’ zowel wat betreft stijl als wat betreft onderwerpkeuze goed bij de romantische stroming uit de negentiende eeuw.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Daarnaast is een romantisch kenmerk uit het boek dat de emoties in bepaalde passages erg gedetailleerd beschreven worden. Het boek laat zo bepaalde gevoelens duidelijk zien en sterk naar voren komen. Tollens deed dit veel in zijn werken, dus ook bij dit verhaal dat deels is gebaseerd op een oud logboek van Barends. Zo bouwde Tollens het verhaal om naar de wensen van die tijd. Bijvoorbeeld passage 303-306 bevat deze tekst: “Maar, nauw was de eerste nacht in ’t nieuw verblijf gesleten,/Naauw kwam de trage dag, zijn tijd al meer vergeten,/Met loomer schreden aan, of bij den eersten blik,/Stolt hun het bloed om ’t hart van onverwachten schrik.” In dit stuk tekst wordt de angst en schrik van de mannen beschreven toen ze werden ‘aangevallen’ door ijsberen. Hij geeft de emoties die vrijkwamen bij deze situatie erg mooi weer met zijn woordkeus. Door alles erg gedetailleerd te beschrijven, loopt de spanning bij de lezer op. Er wordt meegevoeld met de personages. Omdat de gevoelens van personen erg belangrijk waren in de Romantiek is dit een typisch kenmerk voor deze stroming. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bovendien is een kenmerk van het boek dat het accent op het nationale verleden wordt gelegd. In de Romantiek groeide de interesse in de geschiedenis van eigen natie en ontstond er steeds meer gevoel van nationale nostalgie. Dit is in ‘De overwintering der Hollanders op Nova Zembla’ zeker aan de hand. Het boek is immers geschreven naar wens van de Hollandse Maatschappij die graag een dichterlijk tafereel over de overwintering van de Hollanders op Nova Zembla wilde. Het was zelfs zo gewild dat er een gouden erepenning werd uitgeloofd voor het beste boek. Hieruit blijkt dus de behoefte aan en interesse voor literatuur over de nationale geschiedenis.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook is het nationalisme erg goed terug te vinden in het boek. Tollens hemelt de Nederlanden uit die tijd in meerdere passages op. Hij schrijft erg positief en waarderend over ‘het vaderland’. De bemanningsleden verlangen ontzettend naar hun vaderland, dat komt naar voren in verschillende passages. Bijvoorbeeld regels 680-684: “Zij zien in ’t rond … zij gillen ’t uit! … zij zien de zoomen!Zij zien een mast, een schip, dat zeilreê ligt aan ’t strand;/Zij zien een vlag … o God! de vlag van ’t vaderland! … /De blijdschap schokt hen, overstelpt hen! roer en spanen/Besterven in hun vuist; hun oog schiet vol van tranen!” Tollens beschrijft hier hoe verschrikkelijk dankbaar de mannen zijn om hun vaderland weer te zien. Het is een tikje dramatisch beschreven, maar hierdoor komt juist het nationalisme naar boven en dat is zo kenmerkend voor de Romantiek. De liefde voor het eigen vaderland en de eigen historie is weer belangrijk en in dit boek is dat heel duidelijk.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Niet alleen dit zijn kenmerken van de Romantiek in het boek, maar ook de beschrijving van de natuur en de omgeving in het boek is een kenmerk van de Romantiek.  Het bewonderen en genieten van de natuur neemt in de Romantiek toe als tegenhanger van de Industriële Revolutie. Men verlangde naar de onaangetaste natuur en landschappen uit de periode voor de Industriële  Revolutie. De wilde natuur en onbekende omgeving van Nova Zembla waren hier uiteraard een mooi voorbeeld van. Dit was hoogst waarschijnlijk ook de reden dat Tollens details over de natuur en omgeving erg uitgebreid beschreef. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als laatst is een vorm van Weltschmerz een kenmerk uit de Romantiek in de literatuur. Hierbij ervaren personages gevoelens van onrust. Dit komt doordat de realiteit (het ‘nu’) niet overeenstemt met het ideaal (het ‘vroegere’ of ‘toekomstige’). Dit gevoel geeft een personage het gevoel van voortdurende afschuw en andere nare gevoelens. De bemanning die vastzit op Nova Zembla ervaart enige vorm van Weltschmerz. Ze denken voor eeuwig vast te zitten op het eiland Nova Zembla en zijn daar bang voor. Ze ervaren voortdurend nare en negatieve gevoelens. Uiteindelijk komt er een oplossing, maar dat wist de bemanning natuurlijk eerst nog niet. Weltschmerz als kenmerk van de Romantiek komt vooral tot uiting in de angst van de bemanning.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Kortom, het boek De overwintering der Hollanders op Nova Zembla van H. Tollens is een boek van die tijd. Er zijn meerdere Romantische kenmerken in het boek terug te vinden, van gedetailleerde beschrijvingen van de gevoelens van de personages tot de historische inhoud.  Ook het accent op het nationale verleden en sterke nationalisme zijn kenmerken van de Romantiek, net als de beschrijvingen van de natuur en het lijden van de bemanning. Het is een typisch romantisch, maar ook een tijdloos verhaal. De ramp die de bemanning overkwam is niet alleen een belangrijke gebeurtenis voor de Nederlanders, het feit dat ze uiteindelijk terugkomen in hun vaderland maakt het ook een verhaal van hoop. En dat is iets wat lezers in alle tijden kan boeien. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bronvermelding
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - Baudartius College. (z.d.). Literatuurboek V5 (1e editie, Vol. 1e). Geraadpleegd op 26 november 2020
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - Boekverslag Nederlands De overwintering der Hollanders op Nova Zembla door H. Tollens. (2006, 7 augustus). Geraadpleegd op 26 november 2020, van https://www.scholieren.com/verslag/boekverslag-nederlands-de-overwintering-der-hollanders-op-nova-zembla-door-h-tollens-60350 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - bol.com. (2018, 14 december). Bol.com | Lalito Klassiek - De overwintering der Hollanders op Nova Zembla, Hendrik Tollens |... Geraadpleegd op 26 november 2020, van https://www.bol.com/nl/p/lalito-klassiek-overwintering-der-hollanders-op-nova-zembla/9200000101472878/ 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - Hendrik Tollens | Literatuurgeschiedenis. (z.d.). Geraadpleegd op 25 november 2020, van https://www.literatuurgeschiedenis.org/schrijvers/hendrik-tollens
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - Koops, E. (2020, 15 mei). Romantiek (ca.1790-1850) – Kenmerken van de stroming. Geraadpleegd op 25 november 2020, van https://historiek.net/romantiek-kenmerken-reactie/82638/
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - Samenvatting Nederlands Literatuur in de romantiek. (2003, 26 maart). Geraadpleegd op 26 november 2020, van https://www.scholieren.com/verslag/samenvatting-nederlands-literatuur-in-de-romantiek
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - Tollens, H. (1981). De overwintering der Hollanders op Nova Zembla (G.W. Huygens editie, Vol. Derde druk). Geraadpleegd van https://www.dbnl.org/tekst/toll003gwhu01_01/toll003gwhu01_01_0002.php
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - Wikipedia-bijdragers. (2020a, 5 juli). Overwintering op Nova Zembla. Geraadpleegd op 26 november 2020, van https://nl.wikipedia.org/wiki/Overwintering_op_Nova_Zembla
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - Wikipedia-bijdragers. (2020b, 25 september). Romantiek (literatuur). Geraadpleegd op 26 november 2020, van https://nl.wikipedia.org/wiki/Romantiek_(literatuur)
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - Wikipedia-bijdragers. (2020c, 12 november). Historische roman. Geraadpleegd op 26 november 2020, van https://nl.wikipedia.org/wiki/Historische_roman
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           - ZoekBoekverslag.nl: H. Tollens: De Overwintering Der Hollanders Op Nova Zembla. (2007, 10 januari). Geraadpleegd op 26 november 2020, van http://www.zoekboekverslag.nl/boekverslag_incach.php?gid=42769 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/kaart+nova+zembla.png" length="1523085" type="image/png" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:36:58 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/een-bijzonder-historisch-verhaal-in-een-romantisch-jasje</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,Tollens,Overwintering,Hendrik Tollens,Nova Zembla,essays leerlingen,essays van leerlingen,De overwintering der Hollanders op Nova Zembla</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/kaart+nova+zembla.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/kaart+nova+zembla.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De verandering van trouw zijn</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-verandering-van-trouw-zijn</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          De verandering van trouw zijn
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Vincent Zoomers (mavo 3 Baudartius College)
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Trouw is in ons leven zeer belangrijk. Trouw speelt een grote rol in het boek Karel ende Elegast. In het boek wordt Karel wakker gemaakt door een vage rare stem, die zegt dat hij moet gaan stelen. Karel dacht  eerst dat hij had gedroomd, daarna dat de duivel hem had toegesproken. Maar toen de derde keer kwam wist hij het zeker! De engel sprak hem toe namens god. Karel gaat uit stelen, omdat hij uiteraard trouw is aan god. Dit verhaal is al eeuwen oud. Dus in hoeverre is trouw zijn veranderd vergeleken met vroeger?
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In 'Karel ende Elegast' is Karel trouw aan god. Karel doet alles, wat god maar wil. Dat kan je heel goed terug zien in dit verhaal.  Karel bidt naar god als hij bijvoorbeeld gaat vechten. De tegenstanders van Karel bidden niet om god, met hen loopt het ook niet bepaald goed af. Ook nu geloven en blijven mensen trouw aan god. Door een geloof of religie moeten mensen zich aan regels houden. Bijvoorbeeld geen alcohol drinken, of niet vloeken in hun dorpen. In het christendom mag je niet zomaar gods naam gebruiken, je moet je ouders eren, je mag niet stelen of liegen. In de Islam heb je regels dat je 5 keer per dag moet bidden met je gezicht naar Mekka, je moet geld geven aan de armen en in de Ramadam mag je niets eten of drinken als het nog licht is buiten. In de middeleeuwen was iedereen katholiek in Nederland, nu zijn er veel meer geloven en religies, terwijl veel mensen ook niet geloven. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ten tweede, mensen zijn in deze tijd ook wel trouw aan hun werkgever. Ze doen wat de werkgever hen opdraagt, misschien ook wel grotendeels omdat de mensen die werken er betaald voor krijgen. Terwijl er ook nog vrijwilligerswerk bestaat. Die mensen werken weer omdat ze het leuk vinden, en iets voor anderen over hebben. Mensen die bijvoorbeeld werken in de zorg zijn trouw aan de mensen die zij vaak moeten behandelen of helpen. Maar als je wordt ontslagen, ben je niet meer zo trouw aan je werkgever. Dan ga je ander werk zoeken en werken bij misschien wel de concurrent. Dat wordt niet perse opgevat als iets slechts.  In dit boek gaat trouw redelijk ver, want Elegast is verbannen door de koning omdat hij ooit iets heeft gestolen. Toch blijft Elegast trouw aan de koning, want hij zou nooit bij de koning uit stelen gaan. Ook wil Elegast de koning redden, als hij hoort dat Eggerik een aanslag wil plegen op de koning. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ten derde, zijn mensen trouw aan hun vrouw, man, kinderen, ect. Kortom mensen zijn trouw aan hun familie maar ook aan hun vrienden. Dat komt niet echt bepaald voor in dit boek. De vrouw van Eggerik is zelfs woest op haar man en wordt aan het eind van het verhaal zogezegd aan Elegast ‘gegeven’. In deze tijd zijn mensen nog steeds erg trouw aan elkaar. Er komen dan wel meer scheidingen voor vergeleken met vroeger, maar mensen proberen wel trouw aan elkaar te blijven in het huwelijk verder. Daarnaast zijn vrienden ook erg trouw aan elkaar. Tegenwoordig kan je heel makkelijk bedrogen of opgelicht worden, daar zijn bijna alle mensen niet over te spreken. Er ontstaan hier en daar wel eens ruzies daardoor.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al met al is trouw van alle tijden. Niet in dezelfde vorm, maar het is er nog zeker. En het is niet veel veranderd vergeleken met vroeger. In 'Karel ende Elegast' speelt trouw aan god zijn een hele grote rol. Nu zijn mensen nog steeds trouw aan god, maar lang niet meer iedereen. En trouw aan je werkgever in deze tijd gaat minder ver dan vroeger, aan een leenheer bijvoorbeeld. Terwijl trouw zijn aan je echtgenoot of familie een grote rol speelt in het dagelijks leven, is dat niet zo in dit boek. Trouw zijn vind je dus in veel vormen terug.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/afbeelding2+Karel+ende+Elegast.jpg" length="58287" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Mon, 01 Feb 2021 09:36:56 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-verandering-van-trouw-zijn</guid>
      <g-custom:tags type="string">essays,essays leerlingen,essays van leerlingen,Karel ende Elegast,Vincent Zoomers</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/afbeelding2+Karel+ende+Elegast.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/afbeelding2+Karel+ende+Elegast.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>In de gang der gedachten</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/in-de-gang-der-gedachten3e66c465</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
            
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;font&gt;&#xD;
      
           In de gang der gedachten
          &#xD;
    &lt;/font&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;font&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Recensie van Jon Fosse Melancholie I en II
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/font&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;font&gt;&#xD;
        &lt;br/&gt;&#xD;
      &lt;/font&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Het is een uitdaging te beschrijven wat er in het hoofd van de lezer gebeurt als hij ‘Melancholie I’ en ‘Melancholie II’ van Jon Fosse leest, verondersteld dat er in het hoofd van elke lezer hetzelfde zou gebeuren, wat natuurlijk onmogelijk waar kan zijn. Eenvoudig vertellen waar deze boeken over gaan, de lezer buiten beschouwing latend, is ook geen optie, want de feitelijke gebeurtenissen in beide romans zijn in één zin samen te vatten en volstrekt ondergeschikt aan wat er tijdens het lezen met jezelf gebeurt. Fosse maakt zogezegd maximaal gebruik van het hoofd van de lezer. Dan rest mij op deze plek niets anders dan verslag te doen van wat er in mijn hoofd gebeurde tijdens het lezen. Ik hoop dat er meer lezers zullen volgen die hun eigen ervaring zullen delen, zodat duidelijk zal worden wat Fosse daadwerkelijk teweegbrengt.
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al op de eerste bladzijde van beide romans word ik geconfronteerd met een ongewone herhaling. Bij Melancholie I ligt de ‘ik’, de schilder Lars Hertervig (1830-1902) in zijn mooie, paars fluwelen pak, op bed en hij geeft bij herhaling aan dat hij Hans Gude niet onder ogen wil komen, omdat hij bang is dat Hans Gude zal zeggen dat hij niet kan schilderen. ‘Ik wil Hans Gude niet horen zeggen dat hij het schilderij waar ik mee bezig ben niet goed vindt. Ik wil gewoon op bed blijven liggen. Vandaag kan ik Hans Gude niet onder ogen komen. Want stel dat Hans Gude het schilderij waar ik mee bezig ben niet mooi vindt, maar pijnlijk slecht, vindt dat ik helemaal niet kan schilderen, stel dat Hans Gude zijn dunne vingers door zijn baard laat gaan en mij recht aankijkt met toegeknepen ogen en zegt dat ik niet kan schilderen, dat ik niets te zoeken heb op de kunstacademie in Düsseldorf, op geen enkele kunstacademie trouwens, stel dat Hans Gude zegt dat ik nooit kunstschilder zal worden.’ In ‘Melancholie II’ loopt de oude Oline, de zus van Lars Hertervig, stapje voor stapje, de steile berghelling omhoog, met in haar ene hand een stok en in haar andere een snoer met vis. Bij elke stap geeft ze aan hoe haar voeten zeer doen en probeert ze zichzelf moed in te spreken. ‘Nog een klein eindje, ja, dan mag ze even uitrusten, denkt Oline. Maar ze moet nog even volhouden. En zodra ze blijft staan doen haar voeten minder zeer. En hoe langer ze blijft staan, hoe minder zeer haar voeten doen. Nog even nu, dan mag ze uitrusten, voordat ze het laatste stukje moet afleggen, denkt Oline.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De herhaling is weerbarstig, roept weerstand op, aversie soms. Ja, ja, ja, nu weet ik het wel! Uit respect voor de auteur lees ik verder. Waarom doet hij dit? Waarom draait hij in de zinnen steeds opnieuw om de kern, het niet onder ogen willen komen van Gude, of de pijn in de voeten van Oline? Na een paar bladzijdes ga ik het voelen. Ik kom in een cadans die vrijwel synchroon loopt met mijn eigen gedachten, die zich ook in cirkels draaien om datgene wat op dat moment van belang is. Ik herinner mij de cadans van het beklimmen van bergen, stapje voor stapje omhoog, die ik ook zelf ooit heb beleefd. Ik herinner mij momenten waarop ik, net als Lars, zelf naar erkenning zocht en bang was die niet te vinden bij mijn collega’s. Na een paar bladzijdes voel ik ook de kleine verschuivingen die ik ongemerkt heb ondergaan. Aan de angst om Gude onder ogen te komen, is een nieuwe sectie toegevoegd, namelijk de mooie Helene die net nog in zijn kamer stond en die haar haren losmaakte voor hem en voor het raam stond. Deze sectie mengt zich met die van de angst om Gude onder ogen te komen. Ze draaien samen rondjes, tot zich enkele zinnen verder weer een nieuw element aandient. Bij Oline is het de angst dat ze het secreet (het eenvoudige wc-hokje dat zich in haar tuin bevindt) niet zal halen om haar behoefte te doen. In het secreet hangt aan de deur het schilderijtje van haar broer Lars, dat op een gegeven moment ook mee gaat doen in de stroom van herhalingen, evenals haar schoonzus, die kennelijk halverwege de helling woont, en roept dat ze moet binnenkomen omdat haar andere broer Sivert haar wil spreken voordat hij zal sterven. In Olines herinneringen kom ik los van haar bijna banale gedachten over de vis en het secreet, die een groot deel van het boek overheersen. Ik raak in de ban van de bijzondere band met haar broer, voel hoe ze hem steeds opnieuw in essentie probeerde te bereiken, in de ontroerende dialogen, die al net zo in herhaling vallen. Ik voel in haar pogingen het menselijk tekort tot op het bot. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Na verloop van tijd kom ik erachter dat ik bij Melancholie I in de maalstroom van gedachten van een geesteszieke schilder ben terechtgekomen, bij Melancholie II in die van een oude vrouw die opgaat in herinneringen aan een ver verleden, die zich op de voorgrond plaatsen en de gebeurtenissen uit het heden naar de achtergrond verdringen en zelfs laten verdwijnen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier ga ik voelen hoezeer ik er zelf toe doe als lezer. Het is het aloude principe van de dramatische ironie. Ik weet dat Oline eerst de vis naar haar eigen huis wil brengen en naar het secreet wil om haar behoefte te doen, alvorens op bezoek te gaan bij haar broer Sivert. Omdat ik meegenomen word door haar cyclische gedachten, merk ik ook dat zij zo in beslag genomen wordt door de vis en het secreet dat zij het bezoek aan Sivert helemaal vergeten is. Ik krijg het benauwd, want ik voel dat die Sivert niet lang meer te leven heeft. Gaat zij hem nog wel spreken? Zijn vrouw Signe was namelijk behoorlijk dwingend aan het roepen naar Oline. Ik zit in een lastig parket: ik zit vast in haar gedachten, maar tegelijkertijd ben ik zelf als lezer Sivert niet vergeten. Er komt een afstand tussen Oline en mijzelf en die gaat wringen. En ik voel hoe het leven tussen mijn vingers door glipt, terwijl ik mij concentreer op triviale zaken, hoe mijn broer kan sterven terwijl ik met veel pijn en moeite een po op tafel zet, om mijn behoefte te doen, zodat ik niet helemaal naar het secreet hoef te lopen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hetzelfde gebeurt bij Lars Hertervig. Hij is helemaal in de ban van zijn mooie Helene, maar ik begrijp uit zijn gedachten dat zijn huisbaas Winckelmann, de oom van Helene, hem uit huis wil zetten, en hoe sterk hij er ook van overtuigd is dat Helene op hem wacht en Winckelmann Helene voor zichzelf wil houden en ‘vieze dingen’ met haar wil doen, kan ik mij niet aan de indruk onttrekken dat Lars alles niet meer zo scherp ziet. Hij praat tegen Helene als ze er niet is, wat blijkt uit de reacties van zijn omgeving. Ook bij Lars ga ik de afstand voelen. Ik draai in kringetjes om hem heen, zit soms in zijn hoofd, en zie hem dan weer van een afstand. Ik voel hoe ik mij laat beheersen door mijn eigen angsten en mijn grip op de werkelijkheid verlies. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als in het laatste deel van ‘Melancholie I’ het perspectief verschuift naar de schrijver Vidme, ga ik voelen hoe universeel deze ervaring van eindeloze herhalingen is. Zij is niet voorbehouden aan een geesteszieke schilder of dementerende vrouw. Wij zijn allen onderhevig aan een eindeloze gang van gedachten die nauwelijks stopgezet kan worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nu ik beide boeken uit heb, heb ik heimwee naar de cadans, en moet ineens denken aan het Canto Ostinato van Simeon ten Holt, waar ik ook bij tijd en wijle naar kan verlangen. Ik voel een lichte aarzeling de lezer op te dringen met mijn eigen associatie met deze muziek, want wie ben ik? Maar toch. Het Canto Ostinato is een niet vaststaand muziekstuk dat opgebouwd is in secties, waarvan de uitvoerenden zelf mogen bepalen hoe lang ze aangehouden worden. Binnen die secties wordt eindeloos herhaald. Bij de overgang van de ene sectie naar de volgende ervaar je minieme verschuivingen. Het is exact hoe ik deze twee romans heb ondergaan. Ik las daarna dat zijn werk ook vergeleken werd met de composities van Philip Glass, een minimalist net als Simeon ten Holt. De lezer put uit zijn eigen ervaringen en associaties.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De essentie van deze werken is voor mij dat ik mij bewust word van mijn eigen gedachtenpatronen, hoe mijn eigen gedachten in beslag worden genomen door kleine bezigheden die mijn aandacht opeisen, angsten die zich mengen met de bezigheden, herinneringen die worden opgeroepen door diezelfde bezigheden. Fosse boort de diepere laag in de mens aan en legt die bloot, laat niet alleen zien, maar ook intens voelen, hoe wij als eenzame eilandjes tussen andere mensen drijven, verlangend naar wezenlijk contact met de ander, bang om onszelf te verliezen in waanzin of vergetelheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+melancholie+2.jpg" length="67320" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 31 Jan 2021 18:41:37 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/in-de-gang-der-gedachten3e66c465</guid>
      <g-custom:tags type="string" />
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+melancholie+2.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+melancholie+2.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>In aanschouwing van de eeuwigheid</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/in-aanschouwing-van-de-eeuwigheid</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          In aanschouwing van de eeuwigheid
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van het laatste deel, ‘De tijd hervonden’, van ‘Op zoek naar de verloren tijd’ van Marcel Proust
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
           Vanaf het eerste deel van de cyclus ‘Op zoek naar de verloren tijd’ heeft de hoofdpersoon Marcel het plan opgevat om schrijver te worden, zoals zijn grote voorbeeld Bergotte. Zijn ouders moeten even aan het idee wennen, maar denken dat hij daar door zijn gevoeligheid ook wel geschikt voor is. Vooral zijn grootmoeder heeft hoge verwachtingen van hem. Hij stelt het schrijven echter voortdurend uit en er komt nauwelijks iets uit zijn pen. Hij wijt het ook aan zijn luiheid, maar gaandeweg de verschillende delen, raakt het schrijverschap steeds meer op de achtergrond. Als zijn grootmoeder is overleden, heeft hij spijt dat hij haar zo teleurgesteld heeft. Heel af en toe duikt het weer op en dan vraag je je als lezer verwonderd af of deze Marcel uiteindelijk ook echt de grote schrijver Marcel Proust gaat worden, vooral omdat je dan al behoorlijk wat stevige delen achter de rug hebt en het met het schrijverschap dus best goed lijkt te zitten. In het laatste deel wordt duidelijk hoe het zit met deze grote droom van Marcel. 
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Net op het moment dat hij na jaren van retraite in een kliniek vanwege zijn slechte gezondheid, weer terug is in Parijs, en daar in het Guermantes-hôtel zich even ophoudt in een kleine salon-boekenkamer, wachtend tot het muziekstuk in de aangrenzende kamer is uitgespeeld, en daar met een boek in zijn handen erin berust dat hij geen groot schrijver meer zal worden, hoort hij een lepel kletteren op een bord. Dit geluid roept, net als in deel een bij het beroemde madelaine-cakeje, herinneringen op en vervolgens een toestand van bezinning. Van het ene moment op het andere realiseert hij zich dat de essentie van het leven niet zit in de gebeurtenissen die in de werkelijkheid plaatsvinden, maar in de verbeelding, zoals hij zojuist tot drie keer toe heeft ervaren door het geluid van de lepel op het bord. Ineens begrijpt hij waarom het hem al die jaren niet is gelukt te schrijven: hij probeerde steeds de werkelijkheid te beschrijven en schoot daarin altijd tekort, omdat hij met het beschrijven van die werkelijkheid steeds de essentie miste, die hij wel voelde, maar niet kon beschrijven. Door het bewust beleven van zijn herinneringen realiseert hij zich dat de essentie in de verbeelding ligt en niet in die werkelijkheid. Op dat moment begint het ook bij de lezer te dagen: om dit duidelijk te maken heeft Proust dit hele boekwerk geschreven, laagje op laagje, om te laten zien hoe de mensen, de natuur, de voorwerpen, de omgeving, de sfeer steeds opnieuw door zijn vingers glippen, maar hoe hij deze allemaal tegelijkertijd in zijn verbeelding en herinnering koestert.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze kleine momenten van inzicht die zich op terloopse momenten aan hem voordoen, zijn de belangrijkste: ‘Waren dus wat het tot drie, vier keer toe in mij herleefde wezen zo-even ervaren had misschien wel degelijk aan de tijd onttrokken fragmenten van bestaan, de aanschouwing, hoewel van de eeuwigheid, was vluchtig. En toch, het genoegen dat het mij, bij zeldzame tussenpozen, verschaft had in mijn leven, was, zo voelde ik, het enige vruchtbare en echte.’ 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een ander moment van bezinning vindt plaats als hij een stuk leest van een collega-schrijver die kennelijk bij dezelfde personen aan tafel heeft gezeten als hijzelf, onder vergelijkbare omstandigheden. Die schrijver beschrijft wat er aan tafel allemaal te zien en te beleven valt en dan realiseert de ik zich dat hijzelf op een totaal andere manier deelneemt aan dit soort bijeenkomsten. Hij ziet niets van wat zijn collega-schrijver aan oppervlakkigheden aan tafel ziet, maar heeft de ervaring alsof hij afdaalt in zichzelf en wellicht in zijn verbeelding een soort diepere verbinding tussen mensen en omgeving beleeft, waardoor hij vaak ook wat afwezig overkomt bij de aanwezigen: ‘Want, gedreven door het instinct dat in hem zat, verzuimde de schrijver geregeld, lang voordat hij dacht er ooit een te worden, te kijken naar vele dingen die een ander opmerkt, zodat men hem van verstrooidheid en hij zichzelf van incapaciteit om te luisteren en te zien beschuldigde; al die tijd gaf hij zijn ogen en oren opdracht voorgoed te onthouden wat anderen pueriele kleinigheden leken, de stembuiging waarmee een zin was gezegd, en de gezichtsuitdrukking en het schoudergebaar, op een zeker moment, jaren geleden, van een bepaalde persoon over wie hij misschien verder niets weet, en dat alles doordat hij zo’n stembuiging al eens gehoord had, of voelde dat hij die nogmaals zou kunnen horen, dat het iets herhaalbaars, iets bestendigs was; het is in de toekomstige schrijver zijn gevoel voor het algemene dat vanzelf kiest wat algemeen is en deel kan gaan uitmaken van het oeuvre.’ Ook hier heeft hij dus de ervaring dat de essentie niet in de werkelijke waarneming zit, maar in de innerlijke beleving ervan. Voor die beleving is het voor een schrijver goed zich te isoleren. Toch geeft de ik aan dat hij zelfs in gezelschap in staat is om voor dit isolement te kiezen. Dan trekt hij zich terug in zichzelf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit inzicht komt op verschillende momenten terug in het laatste deel van de cylcus: ‘dat ik al in Combray met aandacht voor mijn geestesoog het beeld vastlegde van iets dat me dwong het te bekijken, een wolk, een driehoek, een klokkentoren, een bloem, een kiezelsteen, met het gevoel dat achter die tekenen misschien iets heel anders school dat ik moest proberen te ontdekken, een gedachte die ze weergaven op de manier van die hiëroglyfen waar je van denken zou dat ze alleen stoffelijke dingen voorstellen. Weliswaar was zo’n ontcijfering moeilijk, maar alleen dat bood enige af te lezen waarheid. Want de waarheden die open en bloot, rechtstreeks door het verstand in de wereld van het volle licht worden begrepen, hebben iets minder dieps, iets minder noodzakelijks, dan die onzes ondanks het leven ons heeft meegedeeld in een impressie, stoffelijk, want via onze zintuigen binnengekomen, maar waarvan wij de geest kunnen ontdekken.’ Zo heeft hij het idee dat het stoffelijke omgezet moest worden in een geestelijk equivalent: ‘Welnu, deze weg die mij de enige toescheen, wat was het anders dan een kunstwerk maken?’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dat hij zo’n omvangrijk werk heeft moeten schrijven, heeft hier ook mee te maken, want ‘meer dan de schilder heeft de schrijver, om tot omvang en consistentie, tot algemeenheid, tot literaire werkelijkheid te komen, net zoals hij veel kerken moet hebben gezien om er één te schilderen, ook vele mensen nodig voor één gevoel.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In dit alles speelt ook de slaap en de droom een belangrijke rol. Daarmee was de cyclus immers begonnen: met een uitvoerig beschreven proces van ontwaken. Die slaap komt in diverse delen weer terug, zoals ook in het vierde deel ‘Sodom en Gomorra’: ‘Weliswaar kan men beweren dat er maar één tijd is, om de futiele reden dat men door op de klok te kijken heeft vastgesteld dat wat een dag scheen maar een kwartier was. Maar op het tijdstip waarop men het vaststelt is men nu juist iemand die wakker is, gedompeld in de tijd van mensen die wakker zijn, en heeft men de andere tijd verlaten. Misschien zelfs meer dan een andere tijd: een ander leven. De geneugten die men in de slaap heeft telt men niet mee bij de geneugten ondervonden in de loop van een bestaan. (...). Het is als een verloren goed.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het laatste deel geeft de ik aan dat hij altijd al is gefascineerd door het formidabele spel dat de droom met de tijd speelt: ‘Had ik niet vaak meegemaakt hoe in één nacht, in één minuut van een nacht, ver vervlogen tijden, verbannen op enorme afstanden waarop wij van de gevoelens die wij toen ervoeren niets meer kunnen ontwaren, in volle vaart op ons afkomen, ons verblindend met hun klaarte, als waren het reusachtige vliegtuigen in plaats van bleke sterren zoals wij dachten, en ons alles wat ze voor ons hadden behelsd laten terugzien met de emotie, de schok, de helderheid van hun onmiddellijke nabijheid, om, wanneer je eenmaal ontwaakt bent, weer de afstand te nemen die ze zo wonderbaarlijkerwijs hadden overbrugd, zodat wij, ten onrechte overigens, gingen denken dat ze een van de modi waren om de verloren Tijd te hervinden?’ Op deze manier zorgt de droom dus ook voor dat heldere inzicht in de essentie van ervaringen. Dit heeft ernstige consequenties voor de ervaring van de werkelijkheid, want hij constateert bijvoorbeeld dat hij zijn grootmoeder in werkelijkheid maanden later verloren had dan hij haar feitelijk verloren had. Op het moment dat zij overlijdt, doet het hem nauwelijks iets. Het besef komt pas veel later in alle hevigheid bij hem binnen. Welk van de twee momenten is dan het moment van het werkelijke verlies? De droom komt de hoofdpersoon ook wonderlijk dichtbij, over grote afstanden, zijn grootmoeder en Albertine brengen, wat hij met willekeurig welke inspanning nooit voor elkaar zou kunnen krijgen. Zo ziet hij de droom na zijn eerste inzicht dus als een ‘tweede muze’.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Dit alles verklaart ook waarom de ik soms de blik van een geliefde kan terugvinden in de blik van een wildvreemde figuur die hij op straat tegenkomt. De blik is dan verbonden met de essentie uit de herinnering. Deze ervaring van de essentie, gecombineerd met de subjectiviteit van al deze ervaringen en momentopnamen, geven bovendien een genuanceerde kijk op de oorlog, waaraan in dit laatste deel veel aandacht wordt besteed. Alle opvattingen veranderen in de loop van de tijd en in de vijand zie je soms behalve wreedheid ook de tederheid terug. Hij vergelijkt het met de persoon van M. de Charlus, die gedurende de hele cyclus al zo onwaarschijnlijk veel gezichten heeft gekregen en ook in dit slotdeel weer zo’n gruwelijke kant laat zien. De essentie zit veel dieper dan het goed en kwaad dat aan de oppervlakte te onderscheiden is, doordat er zoveel kanten zijn. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Eenmaal tot dit diepe inzicht gekomen, weet de ik welk kunstwerk hij nu moet gaan maken, en dat brengt een grote angst voor de dood met zich mee, die juist na de dood van Albertine helemaal op de achtergrond was geraakt. Hij is bang dat het hem door zijn gezondheid niet meer zal lukken om dit levenswerk tot een goed einde te brengen. Als hij na zijn lange verblijf in de kliniek zijn oude kennissen weer ziet, blijken zij sterk verouderd. Hij herkent ze bijna niet meer terug en realiseert zich dan met een schok dat hijzelf in de tussentijd ook zo oud is geworden: ‘ik ontdekte deze destructieve werking van de Tijd juist op het moment waarop ik een poging wilde gaan wagen om extra-temporele werkelijkheden te verduidelijken, ze binnen het domein van het intellect te brengen in een kunstwerk.’ Hij merkt ook dat de verhoudingen tussen de verschillende mensen ingrijpend veranderd zijn, doordat mensen vergeten. Mensen die elkaar nooit de hand schudden, doen dat nu ineens wel, omdat zij vergeten zijn dat de ander tot een andere familie behoort. De personen lopen haast als droomgestalten om hem heen: ‘Al gold het een gewone kennis, een materieel object zelfs, wanneer ik die na een aantal jaren in de geest weer voor me zag, merkte ik dat het leven er steeds allerlei draden omheen was blijven weven die ze van lieverlee omkleedden met dat mooie niet na te bootsen velours der jaren, van het soort dat in oude parken een gewone waterbuis hult in een foedraal van smaragd.’ Zelfs met de dood blijkt in het gezelschap iets merkwaardigs aan de hand, omdat de dood van sommige mensen ook niet wordt onthouden door de ander, waardoor de dood in diverse gesprekken luchtig naar voren komt als een eigenschap, vergelijkbaar met ‘geridderd’ zijn of iets dergelijks.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Gedurende de hele cyclus wordt de lezer er door voetnoten op geattendeerd dat Proust verschillende versies heeft geschreven. Dat heeft ertoe geleid dat hij soms een fragment heeft ingelast, waarin hij een personage laat overlijden, zonder dat hij dat in het grote geheel heeft aangepast. Het komt dus voor dat de door de hoofdpersoon bewonderde schrijver Bergotte sterft en enkele bladzijden daarna weer levend rondloopt. In het begin stoorde ik mij daar behoorlijk aan, omdat het hier toch onzorgvuldigheden van de auteur betreft, al had ik ook begrip voor de reusachtige klus die het schrijven van zo’n omvangrijke cyclus moet zijn geweest. In het laatste deel komen deze onzorgvuldigheden in een heel ander daglicht te staan. Proust maakt duidelijk dat sterven niet per se op een feitelijk moment plaatsvindt. In essentie duurt het sterven van iemand heel lang, misschien zelfs tot nadat de laatste persoon die zich de overledene kan herinneren, is gestorven. Als de mens en de wereld een aaneenschakeling zijn van momentopnamen waarin herinneringen net zo werkelijk zijn, omdat zij ‘nu’ beleefd worden, is het dus ook niet meer zo vreemd als personages overlijden en daarna weer levend zijn. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Op het laatst ziet de ik de mensen als lopend op steeds hogere stelten, door de tijd die verstreken is: ‘Als mij die [kracht] lang genoeg gelaten werd om mijn oeuvre te volbrengen, zou ik dan ook zeker ten eerste de mensen erin beschrijven, zelfs al zouden zij daardoor op monsterlijke wezens gaan lijken, als wezens die een zo aanzienlijke plaats innemen, naast de zo beperkte die hun in de ruimte is voorbehouden, een plaats juist ongemeten verlengd – aangezien zij tegelijk, als giganten ondergedompeld in de jaren, perioden raken, door hen zo ver uiteengelegen beleefd, waar zich zoveel dagen tussen zijn komen voegen – in de Tijd.’ 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ergens ziet de ik in dat als hij het boek zal schrijven, dat het boek niet over hem zal gaan, maar over de lezer. De lezer zal zichzelf erin lezen, vermoedt hij. Dat klopt. De lezer komt, net zo goed als Marcel, tot inzicht en kijkt verwonderd naar de verloren tijd, met dat verschil dat de lezer na de laatste bladzijde – vervuld met heimwee – weer kan beginnen in het eerste deel.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+De+tijd+hervonden.png" length="114125" type="image/png" />
      <pubDate>Sun, 31 Jan 2021 18:41:28 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/in-aanschouwing-van-de-eeuwigheid</guid>
      <g-custom:tags type="string" />
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+De+tijd+hervonden.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+De+tijd+hervonden.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>De mens als voortvluchtige in een wankel bestaan</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/de-mens-als-voortvluchtige-in-een-wankel-bestaan</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;span&gt;&#xD;
                      &lt;span&gt;&#xD;
                        &lt;span&gt;&#xD;
                          &lt;span&gt;&#xD;
                            &lt;span&gt;&#xD;
                              &lt;span&gt;&#xD;
                                &lt;span&gt;&#xD;
                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                  &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                    &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                      &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                        &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                          &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                            &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                              &lt;span&gt;&#xD;
                                                                                                &lt;br/&gt;&#xD;
                                                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                                &lt;/span&gt;&#xD;
                                              &lt;/span&gt;&#xD;
                                            &lt;/span&gt;&#xD;
                                          &lt;/span&gt;&#xD;
                                        &lt;/span&gt;&#xD;
                                      &lt;/span&gt;&#xD;
                                    &lt;/span&gt;&#xD;
                                  &lt;/span&gt;&#xD;
                                &lt;/span&gt;&#xD;
                              &lt;/span&gt;&#xD;
                            &lt;/span&gt;&#xD;
                          &lt;/span&gt;&#xD;
                        &lt;/span&gt;&#xD;
                      &lt;/span&gt;&#xD;
                    &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De mens als voortvluchtige in een wankel bestaan
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van deel 6, ‘De voortvluchtige’ van ‘Op zoek naar de verloren tijd’ van Marcel Proust
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          De essentie van Prousts ‘Op zoek naar de verloren tijd’ openbaart zich pas in alle hevigheid als je alle delen leest, maar in alle delen apart vind je kleine schatten, soms dezelfde, maar van een andere kant belicht, waar je een leven lang over na kunt denken. Misschien is ‘De voortvluchtige’ tot nu toe mijn favoriet, omdat de ongrijpbaarheid van de mens in dit deel zo wonderlijk samenvalt met het verlies van een dierbare.
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Albertine is vertrokken. Marcel zit heel even in haar stoel, maar dan volgt een ontroerend stuk dat haarfijn beschrijft hoe een vreselijke boodschap de tijd neemt om in volle omvang tot ons door te dringen: ‘Ik kon dan ook niet blijven zitten, ik stond op; en zo, iedere minuut, was er iemand van die talloze, nederige ikken waaruit wij bestaan die nog geen weet had van Albertines vertrek en wie het moest worden aangezegd; er moest – wat bitterder was dan als het vreemden waren geweest en zij niet mijn sensibiliteit hadden overgenomen om te lijden – aankondiging worden gedaan van het vreselijke dat er was gebeurd aan al die wezens, al die ikken die het nog niet wisten; ieder van hen moest op zijn beurt voor het eerst die woorden horen: ‘Albertine heeft om haar koffers gevraagd’ – die doodkistachtige reiskoffers die ik in Balbec had zien inladen naast die van mijn moeder -, ‘Albertine is vertrokken.’ Ieder diende ik mijn verdriet mee te delen, het verdriet, dat allerminst een pessimistische gevolgtrekking uit een geheel van rampzalige omstandigheden is, maar de intermitterende en onwillekeurige herbeleving van een specifieke, van buiten gekomen impressie, die wij niet hebben gekozen. Er waren enkelen van die ikken die ik al vrij lang niet had gezien. Bijvoorbeeld (ik had er niet aan gedacht dat het de dag van de kapper was) de ik die ik was wanneer ik mijn haar liet knippen. Ik was die ik vergeten, zijn aantreden maakte een huilbui los zoals, op een begrafenis, dat van een oude bediende in ruste die degene die overleden is heeft herkend.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ik moest meteen denken aan een ander ontroerend fragment uit een werk van een andere, modernistische auteur, namelijk Virginia Woolf in haar ‘Orlando’. Ook in dat werk beschrijft zij met enige regelmaat het verschijnsel dat een mens uit verschillende ikken bestaat. Er is een prachtig fragment waarin zij het beeld van een de klok gebruikt, die op een bepaald moment slaat en dat al die verschillende ikken ineens met elkaar synchroniseren, waardoor verleden, heden en toekomst even samenvallen. In bovenstaand fragment van Proust lijkt sprake van het omgekeerde proces: de ik valt uiteen in verschillende ikken. Hoe herkenbaar is het dat op zulke momenten de alledaagse werkelijkheid, zoals een afspraak met de kapper, ons hevig kan ontroeren, omdat je ineens beseft dat je de vorige keer, toen je geknipt was, gewoon nog bij Albertine was en dat je daar straks in de kappersstoel zult zitten als een ik zonder Albertine.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als Albertine weg is, is Marcel bang dat ‘Zij dat onbekende ten uitvoer zou leggen dat mij vroeger zo vaak van streek had gebracht terwijl ik toch het geluk had te bezitten, te liefkozen wat er de buitenkant van was, dat zachte, ondoorgrondelijke, voor mij gewonnen gezicht. Het was het onbekende dat de kern van mijn liefde uitmaakte.’ Hier laat hij zo mooi zien hoe de kern van de mens het onbekende is dat hij koestert. Als je daarbij betrekt hoe vaak hij beschrijft dat ook het lichaam zich steeds weer anders aan ons voordoet, wordt duidelijk hoezeer de mens in het algemeen een ‘voortvluchtige’ is, ongrijpbaar voor de ander, maar ook voor onszelf.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Het fragment hierboven waarbij de boodschap dat Albertine vertrokken is, tot alle ikken moet doordringen, wordt prachtig gespiegeld in een fragment verderop als Albertine verongelukt blijkt en het voor Marcel onmogelijk blijkt haar te laten sterven in zijn hoofd: ‘Wilde het door Albertines dood uit zijn met mijn kwellingen, dan had de schok haar niet alleen in de Touraine moeten doden, maar ook in mijzelf. Daar was zij nooit zo levend geweest. Om in ons hoofd post te vatten moet iemand nolens volens de vorm aannemen, zich in het kader inpassen, van de tijd; doordat hij zich alleen in een opeenvolging van ogenblikken aan ons vertoont, kan hij ons van zichzelf nooit meer dan één aspect tegelijk laten zien, kan hij van zichzelf maar één fotografie aan ons kwijt. Een zeer zwak punt ongetwijfeld van een mens, om louter uit een verzameling momenten te bestaan; ook een zeer sterk punt; hij is afhankelijk van ons geheugen, en de herinnering aan een moment is niet op de hoogte van wat er sedertdien is gebeurd; zo’n door het geheugen geregistreerd moment duurt voort, leeft nog, en daarmee de mens die zich erin aftekende. En daarbij wordt door die verbrokkeling de gestorvene niet alleen in leven gehouden, maar verveelvoudigd. Om troost te vinden had ik niet één, maar talloze Albertines moeten vergeten. Als ik erin slaagde het verdriet te dragen dat ik de ene had verloren, moest ik van voren af aan met een andere beginnen, met honderd andere.’ Hier blijkt dat niet alleen de ik uit ontelbare momenten bestaat, maar ook de ander, in het hoofd van de ik. Misschien vind ik dit wel een van de meest troostrijke stukjes literatuur waar het een verlies van de ander betreft: de ander die in ons zal blijven voortleven, het besef dat het nooit zal lukken om die ander uit onze herinnering te weren, omdat er zoveel momenten zijn geweest. Verderop beschrijft hij haar als een kleine huisgod: ‘Verdeeld in kleine huisgoden bewoonde zij lange tijd de kaarsvlam, de deurklink, de rugleuning van een stoel, en andere, onstoffelijkere regionen, zoals een slapeloze nacht of de ontreddering die ik voelde bij het eerste bezoek van een vrouw die mij was bevallen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De voortdurende beweging van alles en iedereen houdt niet op, want zelfs de herinnering is geen vaststaand verschijnsel in ‘De voortvluchtige’. Proust beschrijft de herinnering als een landgoed dat je van verschillende kanten kunt benaderen: ‘Ik had er al meer aan gedacht, maar ik was niet van dezelfde kant bij de herinnering beland. Want, ook al zijn onze herinneringen dan van ons, ze zijn het op de manier van die landgoederen die verborgen poortjes hebben waar wijzelf vaak niet van weten en die iemand uit de buurt voor ons openmaakt, zodat wij van een kant althans waar het ons niet eerder was gebeurd blijken thuis te komen.’ Omdat de herinnering zo’n wezenlijk onderdeel is van ons bestaan, maakt dit beeld van Proust zo krachtig dat je eigen bewustzijn erdoor verrijkt wordt. Je beseft ineens dat het klopt dat je niet altijd op dezelfde manier in een herinnering beland, dat het soms komt door een geur, soms door een beeld of een geluid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Proust beschrijft hoe zijn verlangen zo sterk is dat het geloof baart: ‘Mijn verbeelding zocht haar in de hemel, van de avonden waarop wij er nog samen naar hadden gekeken; hoog voorbij die maneschijn waar zij van hield probeerde ik mijn tederheid naar haar toe te heffen, op dat het haar erover troosten zou niet meer te leven, en die liefde voor een zo ver weg geraakt wezen was als een religie, mijn gedachten stegen als gebeden naar haar op.’ Daarna beseft hij hoe hij haar eeuwigheid wenst, terwijl die onmogelijk is, omdat – als zij zou voortleven – nooit meer dezelfde zou zijn als die hij zich herinnert.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Marcel probeert zijn liefde voor Albertine te vergeten, maar vergelijkt die poging met een reiziger die langs dezelfde weg terugkeert naar het punt vanwaar hij is vertrokken, om de aanvankelijke neutraliteit te bereiken. Hij beseft dat het traject in omgekeerde volgorde niet hetzelfde is: ‘Ze hebben met elkaar gemeen dat ze niet rechtstreeks zijn, want het vergeten schrijdt evenmin als de liefde gelijkmatig voort. Maar ze gaan niet per se langs dezelfde wegen. En die ik op de terugweg volgde had, al vlak bij het punt van aankomst, vier etappen die ik mij in het bijzonder herinner, vermoedelijk doordat ik er dingen op waarnam die geen deel van mijn liefde voor Albertine uitmaakten, of althans er alleen mee in verband stonden voor zoverre dat wat ons zielenleven al van tevoren in zich had, bij een grote liefde wordt betrokken, hetzij door die te voeden, hetzij door die te bestrijden, hetzij door er, voor ons analyserend verstand, contrast en vergelijking mee te vormen.’ 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Zoals Proust beschrijft hoe de mens en de wereld voortdurend in talloze fragmenten uiteenvallen, vormen zijn fragmenten een eindeloze reeks schatten die samen een spiegel vormen waarin de lezer zichzelf en de wereld in stukjes weerspiegeld ziet. Hoe voortvluchtig de lezer ook mag zijn, hij wordt hoe dan ook geraakt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+de+voortvluchtige.png" length="92691" type="image/png" />
      <pubDate>Sun, 31 Jan 2021 18:41:16 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/de-mens-als-voortvluchtige-in-een-wankel-bestaan</guid>
      <g-custom:tags type="string" />
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+de+voortvluchtige.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+de+voortvluchtige.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>In de gang der gedachten</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/in-de-gang-der-gedachten</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In de gang der gedachten
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Recensie van Jon Fosse Melancholie I en II
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Het is een uitdaging te beschrijven wat er in het hoofd van de lezer gebeurt als hij ‘Melancholie I’ en ‘Melancholie II’ van Jon Fosse leest, verondersteld dat er in het hoofd van elke lezer hetzelfde zou gebeuren, wat natuurlijk onmogelijk waar kan zijn. Eenvoudig vertellen waar deze boeken over gaan, de lezer buiten beschouwing latend, is ook geen optie, want de feitelijke gebeurtenissen in beide romans zijn in één zin samen te vatten en volstrekt ondergeschikt aan wat er tijdens het lezen met jezelf gebeurt. Fosse maakt zogezegd maximaal gebruik van het hoofd van de lezer. Dan rest mij op deze plek niets anders dan verslag te doen van wat er in mijn hoofd gebeurde tijdens het lezen. Ik hoop dat er meer lezers zullen volgen die hun eigen ervaring zullen delen, zodat duidelijk zal worden wat Fosse daadwerkelijk teweegbrengt.
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al op de eerste bladzijde van beide romans word ik geconfronteerd met een ongewone herhaling. Bij Melancholie I ligt de ‘ik’, de schilder Lars Hertervig (1830-1902) in zijn mooie, paars fluwelen pak, op bed en hij geeft bij herhaling aan dat hij Hans Gude niet onder ogen wil komen, omdat hij bang is dat Hans Gude zal zeggen dat hij niet kan schilderen. ‘Ik wil Hans Gude niet horen zeggen dat hij het schilderij waar ik mee bezig ben niet goed vindt. Ik wil gewoon op bed blijven liggen. Vandaag kan ik Hans Gude niet onder ogen komen. Want stel dat Hans Gude het schilderij waar ik mee bezig ben niet mooi vindt, maar pijnlijk slecht, vindt dat ik helemaal niet kan schilderen, stel dat Hans Gude zijn dunne vingers door zijn baard laat gaan en mij recht aankijkt met toegeknepen ogen en zegt dat ik niet kan schilderen, dat ik niets te zoeken heb op de kunstacademie in Düsseldorf, op geen enkele kunstacademie trouwens, stel dat Hans Gude zegt dat ik nooit kunstschilder zal worden.’ In ‘Melancholie II’ loopt de oude Oline, de zus van Lars Hertervig, stapje voor stapje, de steile berghelling omhoog, met in haar ene hand een stok en in haar andere een snoer met vis. Bij elke stap geeft ze aan hoe haar voeten zeer doen en probeert ze zichzelf moed in te spreken. ‘Nog een klein eindje, ja, dan mag ze even uitrusten, denkt Oline. Maar ze moet nog even volhouden. En zodra ze blijft staan doen haar voeten minder zeer. En hoe langer ze blijft staan, hoe minder zeer haar voeten doen. Nog even nu, dan mag ze uitrusten, voordat ze het laatste stukje moet afleggen, denkt Oline.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De herhaling is weerbarstig, roept weerstand op, aversie soms. Ja, ja, ja, nu weet ik het wel! Uit respect voor de auteur lees ik verder. Waarom doet hij dit? Waarom draait hij in de zinnen steeds opnieuw om de kern, het niet onder ogen willen komen van Gude, of de pijn in de voeten van Oline? Na een paar bladzijdes ga ik het voelen. Ik kom in een cadans die vrijwel synchroon loopt met mijn eigen gedachten, die zich ook in cirkels draaien om datgene wat op dat moment van belang is. Ik herinner mij de cadans van het beklimmen van bergen, stapje voor stapje omhoog, die ik ook zelf ooit heb beleefd. Ik herinner mij momenten waarop ik, net als Lars, zelf naar erkenning zocht en bang was die niet te vinden bij mijn collega’s. Na een paar bladzijdes voel ik ook de kleine verschuivingen die ik ongemerkt heb ondergaan. Aan de angst om Gude onder ogen te komen, is een nieuwe sectie toegevoegd, namelijk de mooie Helene die net nog in zijn kamer stond en die haar haren losmaakte voor hem en voor het raam stond. Deze sectie mengt zich met die van de angst om Gude onder ogen te komen. Ze draaien samen rondjes, tot zich enkele zinnen verder weer een nieuw element aandient. Bij Oline is het de angst dat ze het secreet (het eenvoudige wc-hokje dat zich in haar tuin bevindt) niet zal halen om haar behoefte te doen. In het secreet hangt aan de deur het schilderijtje van haar broer Lars, dat op een gegeven moment ook mee gaat doen in de stroom van herhalingen, evenals haar schoonzus, die kennelijk halverwege de helling woont, en roept dat ze moet binnenkomen omdat haar andere broer Sivert haar wil spreken voordat hij zal sterven. In Olines herinneringen kom ik los van haar bijna banale gedachten over de vis en het secreet, die een groot deel van het boek overheersen. Ik raak in de ban van de bijzondere band met haar broer, voel hoe ze hem steeds opnieuw in essentie probeerde te bereiken, in de ontroerende dialogen, die al net zo in herhaling vallen. Ik voel in haar pogingen het menselijk tekort tot op het bot. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Na verloop van tijd kom ik erachter dat ik bij Melancholie I in de maalstroom van gedachten van een geesteszieke schilder ben terechtgekomen, bij Melancholie II in die van een oude vrouw die opgaat in herinneringen aan een ver verleden, die zich op de voorgrond plaatsen en de gebeurtenissen uit het heden naar de achtergrond verdringen en zelfs laten verdwijnen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier ga ik voelen hoezeer ik er zelf toe doe als lezer. Het is het aloude principe van de dramatische ironie. Ik weet dat Oline eerst de vis naar haar eigen huis wil brengen en naar het secreet wil om haar behoefte te doen, alvorens op bezoek te gaan bij haar broer Sivert. Omdat ik meegenomen word door haar cyclische gedachten, merk ik ook dat zij zo in beslag genomen wordt door de vis en het secreet dat zij het bezoek aan Sivert helemaal vergeten is. Ik krijg het benauwd, want ik voel dat die Sivert niet lang meer te leven heeft. Gaat zij hem nog wel spreken? Zijn vrouw Signe was namelijk behoorlijk dwingend aan het roepen naar Oline. Ik zit in een lastig parket: ik zit vast in haar gedachten, maar tegelijkertijd ben ik zelf als lezer Sivert niet vergeten. Er komt een afstand tussen Oline en mijzelf en die gaat wringen. En ik voel hoe het leven tussen mijn vingers door glipt, terwijl ik mij concentreer op triviale zaken, hoe mijn broer kan sterven terwijl ik met veel pijn en moeite een po op tafel zet, om mijn behoefte te doen, zodat ik niet helemaal naar het secreet hoef te lopen.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hetzelfde gebeurt bij Lars Hertervig. Hij is helemaal in de ban van zijn mooie Helene, maar ik begrijp uit zijn gedachten dat zijn huisbaas Winckelmann, de oom van Helene, hem uit huis wil zetten, en hoe sterk hij er ook van overtuigd is dat Helene op hem wacht en Winckelmann Helene voor zichzelf wil houden en ‘vieze dingen’ met haar wil doen, kan ik mij niet aan de indruk onttrekken dat Lars alles niet meer zo scherp ziet. Hij praat tegen Helene als ze er niet is, wat blijkt uit de reacties van zijn omgeving. Ook bij Lars ga ik de afstand voelen. Ik draai in kringetjes om hem heen, zit soms in zijn hoofd, en zie hem dan weer van een afstand. Ik voel hoe ik mij laat beheersen door mijn eigen angsten en mijn grip op de werkelijkheid verlies. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als in het laatste deel van ‘Melancholie I’ het perspectief verschuift naar de schrijver Vidme, ga ik voelen hoe universeel deze ervaring van eindeloze herhalingen is. Zij is niet voorbehouden aan een geesteszieke schilder of dementerende vrouw. Wij zijn allen onderhevig aan een eindeloze gang van gedachten die nauwelijks stopgezet kan worden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Nu ik beide boeken uit heb, heb ik heimwee naar de cadans, en moet ineens denken aan het Canto Ostinato van Simeon ten Holt, waar ik ook bij tijd en wijle naar kan verlangen. Ik voel een lichte aarzeling de lezer op te dringen met mijn eigen associatie met deze muziek, want wie ben ik? Maar toch. Het Canto Ostinato is een niet vaststaand muziekstuk dat opgebouwd is in secties, waarvan de uitvoerenden zelf mogen bepalen hoe lang ze aangehouden worden. Binnen die secties wordt eindeloos herhaald. Bij de overgang van de ene sectie naar de volgende ervaar je minieme verschuivingen. Het is exact hoe ik deze twee romans heb ondergaan. Ik las daarna dat zijn werk ook vergeleken werd met de composities van Philip Glass, een minimalist net als Simeon ten Holt. De lezer put uit zijn eigen ervaringen en associaties.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De essentie van deze werken is voor mij dat ik mij bewust word van mijn eigen gedachtenpatronen, hoe mijn eigen gedachten in beslag worden genomen door kleine bezigheden die mijn aandacht opeisen, angsten die zich mengen met de bezigheden, herinneringen die worden opgeroepen door diezelfde bezigheden. Fosse boort de diepere laag in de mens aan en legt die bloot, laat niet alleen zien, maar ook intens voelen, hoe wij als eenzame eilandjes tussen andere mensen drijven, verlangend naar wezenlijk contact met de ander, bang om onszelf te verliezen in waanzin of vergetelheid.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Melancholie+1.jpg" length="77868" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 31 Jan 2021 18:41:12 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/in-de-gang-der-gedachten</guid>
      <g-custom:tags type="string" />
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Melancholie+1.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Melancholie+1.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Gevangen in jaloezie</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/gevangen-in-jaloezie</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Gevangen in jaloezie
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van deel 5 van ‘Op zoek naar de verloren tijd’, ‘De gevangene’ van Marcel Proust
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Steeds opnieuw verbaast het mij hoe Proust de lezer spiegelt, terwijl hij ogenschijnlijk het relaas van Marcel vertelt. Het heeft er alle schijn van dat hij in het vijfde deel van ‘Op zoek naar de verloren tijd’ zijn geliefde, Albertine, van wie hij eigenlijk niet meer houdt, gevangenhoudt in zijn appartement, alleen maar uit jaloezie, omdat hij de gedachte niet verdragen kan dat zij een ander zou ontmoeten met wie zij ervaringen opdoet waaraan hij zelf geen deelheeft. Ondertussen vraag je je af in hoeverre het wel alleen Albertine is die in gevangenschap leeft.
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Al gauw merk je hoezeer jaloezie Marcel in haar greep heeft. Hij weet het zelf ook, maar hij kan zich er niet uit losmaken. De relatie tussen hem en Albertine is bijzonder gecompliceerd. Toen hij haar voor het eerst in Balbec zag (beschreven in deel 3 ‘In de schaduw van meisjes in bloei’), was zij niet eens een op zichzelf staand individu, zij maakte deel uit van een groepje jonge meisjes door wie Marcel betoverd was. Als het groepje zich voortbewoog over het strand of de boulevard raakten de hoofden, de gezichten, de armen, de handen hem als een geheel. Als hij eenmaal op zijn kamer intens verlangde naar hen weer te zien, wist hij niet eens meer welk haar en welke ogen bij welk meisje hoorden. Uiteindelijk maakte Albertine zich los uit het groepje en ontstond een relatie tussen hen beiden, waarbij Marcel eigenlijk alleen intens met haar leeft in zijn verbeelding. Hoe hij in zijn verbeelding haar lichaam beschrijft, de kus, de woorden die zij spreekt, de bewegingen die zij maakt, staat ver af van de werkelijkheid die hem vaak teleurstelt. Hij vindt haar eigenlijk helemaal niet zo mooi, maar hij wilde haar toch bezitten. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Ook in ‘De gevangene’ blijkt steeds opnieuw dat hij eigenlijk helemaal niet van haar houdt, maar hij kan haar niet loslaten. Zijn moeder vindt Albertine helemaal geen goede partij voor hem en zij probeert hem op alle mogelijke manieren duidelijk te maken dat het voor het meisje ook niet fijn is als hij haar zo aan het lijntje houdt, want dat is wel wat hij doet. Hij zegt regelmatig tegen haar dat hij waarschijnlijk niet met haar wil trouwen, maar zodra zij even weggaat, roept hij haar weer terug, niet eens omdat hij haar bij zich wil hebben, want hij vindt haar lelijk ‘in haar humeurigheid’ en ook de gesprekken met haar mist hij niet echt, maar hoe langer hoe meer krijgt hij het vermoeden dat Albertine eigenlijk op meisjes valt en waar hij eerst bang was dat Albertine misschien een andere man interessant zou kunnen vinden, is hij nu als de dood dat zij geheime relaties onderhoudt met andere meisjes. Hij dwarsboomt haar aan alle kanten als ze uit wil gaan, zodat zij niemand meer kan ontmoeten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Omdat Marcel zo opgaat in zijn verbeelding, en ook zelf bladzijden lang twijfelt, is het voor de lezer niet meer helemaal duidelijk wat nu de werkelijke situatie is. Langzamerhand wordt duidelijk dat Marcel zelf de gevangene is. Hij komt niet meer los van zijn jaloezie, zijn wantrouwen en zijn angst dat zij hem zal verlaten. In het volgende fragment beschrijft hij de beklemming als onderdeel van zijn koortsachtige slaap, de slaap die in alle delen van zijn werk weer terugkomt: ‘Ik viel weer in slaap, maar ondanks mijn zekerheid dat zij mij niet zou verlaten, in een lichte slaap, van een lichtheid die alleen verband hield met haar. Want de geluiden  die met werkzaamheden op de binnenplaats te maken moesten hebben, ook al kon ik ze vaag horen in mijn slaap, daar bleef ik rustig onder, terwijl de lichtste trilling die uit haar kamer afkomstig was, of als ze de deur uitging, of geluidloos, zo zacht drukte ze op de bel, terugkeerde, mij deed sidderen, door mijn hele lichaam voer, mijn hart aan het bonzen bracht, ofschoon ik het in een diepe sluimering had gehoord, net zoals mijn grootmoeder in de laatste dagen die voorafgingen aan haar dood, toen zij lag weggezonken in een door niets te verstoren onbeweeglijkheid, die de artsen coma noemden, een ogenblik lang, zo is mij verteld, als een blad begon te beven wanneer zij de drie belletjes hoorde waarmee ik gewend was Françoise te laten komen, en die, zelfs al werden ze in die week gedempt om de stilte van de sterfkamer niet te verstoren, niemand, zo verzekerde Françoise, kon verwarren, door een manier die ik had en zelf niet kende, om op de knop te drukken, met het schellen van iemand anders. Lag ook ik dan op sterven? Was het de nadering van de dood?’ Ziek is hij ervan. Doodziek. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Als lezer voel je de beklemming. Je wilt roepen: laat haar dan los! Dat is voor jullie beiden een verlossing! Wat weerhoudt hem ervan? ‘Albertines aanwezigheid drukte op mij, ik keek naar haar, zo zachtmoedig en gemelijk, en ik besefte dat het een ramp was dat wij niet met elkaar hadden gebroken.’ En wat doet hij? Hij neemt haar mee, gaat met haar uit, maar in het uitgaan is hij alleen maar doodsbenauwd dat zij door schilderijen te zien wordt herinnerd aan mooie vrouwen met wie zij eigenlijk een relatie zou willen hebben, dat zij zou verlangen naar een bal, waar zij plezier zou kunnen hebben. Met andere woorden: hij zit zo volledig klem in zichzelf, dat het zelfs de lezer de adem beneemt. Albertine is de enige die hem verlichting kan geven met een luchtige kus voor het slapengaan en haar lieve woorden: ‘ ‘Ik zou je vragen’, zei ze met een kus, ‘om bij jou te mogen blijven. Waar zou ik gelukkiger kunnen zijn?’ ’ Maar die verlichting komt niet omdat hij haar niet gelooft vanwege de wisselvalligheid van haar gevoelens. De vraag is van wie de gevoelens nu daadwerkelijk wisselvallig zijn.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het bestuderen van dit beklemmende schouwspel, gebeurt er ook iets met de lezer: wat is er waar van wat wij tegen elkaar zeggen? Hoe goed ken ik de ander eigenlijk? In hoeverre ben ik zelf een gevangene van mijn eigen beeld van iemand en van wellicht mijn vooroordelen? De vragen brengen de lezer op een hoger plan, want zelfs de idee ‘gevangenschap’ wordt ruimer dan zij ooit geweest is en tegelijkertijd benauwender, want de gevangenis is zo klein als ons eigen hoofd.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+de+gevangene.png" length="97163" type="image/png" />
      <pubDate>Sun, 31 Jan 2021 18:41:05 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/gevangen-in-jaloezie</guid>
      <g-custom:tags type="string" />
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+de+gevangene.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+de+gevangene.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Het voertuig dat de gulden maat der aarde bepaalt...</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-voertuig-dat-de-gulden-maat-der-aarde-bepaalt</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
           Het voertuig dat de gulden maat der aarde bepaalt...
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van een fragment uit deel 4 van ‘Op zoek naar de verloren tijd van Proust’, ‘Sodom en Gomorra’ 
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Nu we – wellicht noodgedwongen – steeds meer het vliegtuig mijden, is het een mooi moment om even stil te staan bij de invloed die een willekeurig door ons gekozen voertuig, heeft, op hoe wij de wereld waarnemen. Marcel Proust heeft daar een eeuw geleden iets moois over geschreven in het vierde deel van zijn ‘A la recherche...’. Niet over het vliegtuig, maar over de automobiel die op dat moment zijn intrede deed.
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Een rode draad door dit omvangrijke werk van Proust is de onkenbaarheid van de wereld om ons heen. Personages veranderen niet alleen door de tijd, maar ook door ons perspectief en door onze gemoedstoestand. Niet anders is dat bij het topografische beeld dat wij van onze omgeving hebben. ‘Wij vertrokken, een eindweegs geëscorteerd door de met hun bloemen toegesnelde huisjes. Het gezicht van de dorpen leek ons geheel veranderd, zo weinig speelt in het topografisch beeld dat je je er stuk voor stuk van vormt, het besef van ruimte de voornaamste rol. Dat van de tijd, zeiden wij al, legt ze verder van elkaar af. Dat doet het ook niet als enige. Sommige plekken die je altijd op zichzelf ziet lijken je zonder overeenkomst met de rest, haast buitenwerelds, zoals die mensen die je hebt gekend in perioden los van je bestaan, in de dienst, in je kindertijd, en die nergens bij aansluiten.’ Vervolgens beschrijft hij hoe Mme Villeparisis vroeger, als hij in Balbec verbleef, hem graag meenam naar Beaumont, een plek op een hoogte waarvandaan je alleen zee en bos zag. Het rijtuig deed er heel lang over, omdat de weg voortdurend steeg. De ik had geen idee waar Beaumont zich bevond, alleen dat het iets heel aparts was en zich ergens ver en erg hoog bevond. Hij had de weg naar Beaumont nooit genomen om ergens anders heen te gaan, dus hij had geen idee van de omgeving. Daardoor lag het voor zijn gevoel ‘op een ander plan, genoot een speciaal privilege van exterritorialiteit.’ 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Maar dan gaat hij met Albertine voor het eerst met een automobiel (‘die zich aan geen enkel mysterie stoort’) via Incarville en vervolgens een afdaling van een zijhelling naar Parville, en wordt dan de zee gewaar vanaf een pleintje. Hij vraagt de chauffeur naar de naam van het oord en weet al voordat hij antwoord krijgt dat het Beaumont is. Ineens realiseert hij zich dat Beaumont, dat bijzondere mysterie uit zijn herinnering, dus al die tijd langs het spoortje lag dat hij elke keer neemt als hij naar Parville gaat. Er worden ineens verbindingen in zijn hoofd gelegd en zo ‘verloor Beaumont zijn mysterie en nam in de streek zijn plaats in, wat mij met schrik deed bedenken dat Madame Bovary en La Sanseverina mij misschien eendere wezens als andere hadden toegeleken als ik hen elders had ontmoet dan in de beslotenheid van een roman.’ Op deze manier verandert dus de beleving van plekken doordat je een andere route neemt. De spoorlijn ligt vast, maar de auto kan andere wegen nemen, waardoor de afstand en ook het landschap anders beleefd wordt.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           In het volgende fragment beschrijft Proust hoe de auto zich door het landschap voortbeweegt, ondertussen de inzittenden met elkaar verbindt, en de indruk wekt dat je zelf het landschap ontdekt, als met een kompas. Op meerdere plekken in zijn werk besteedt hij bijzondere aandacht aan namen, van personen, maar ook van plaatsen. Namen roepen een sfeer, een wereld op, door de klank en de letters. In dit fragment constateert hij dat met de auto het landschap zich in delen blootgeeft, in tegenstelling tot de naam van de plaatsen, die de plek als een geheel oproept: ‘Nee, de automobiel voerde ons niet aldus op toverachtige wijze een stad binnen die wij eerst zagen in het door haar naam samengevatte geheel, met de illusies van de toeschouwer in de zaal. Hij liet ons de coulisse van straten ingaan, verdeed zijn tijd met navraag doen bij een ingezetene. Maar, als compensatie voor een zo familiaar vorderen, krijgt met het eigen tasten en zoeken van de chauffeur die onzeker is over zijn route en terugkeert op zijn schreden, het heen en weer springen van de perspectief die een kasteel laat stuivertje-wisselen met een heuvel, een kerk en de zee, terwijl men dichter in zijn buurt komt, al schuilt het vergeefs onder zijn eeuwenoud loof, de steeds nauwere cirkels door de automobiel beschreven rondom een gehypnotiseerde stad die naar alle kanten week om te ontsnappen, en waar hij ten slotte recht op afschiet, steil omlaag, het dal in, waar zij ter aarde ligt, zodat de automobiel ons van die locatie, van dat unieke punt waaraan hij het mysterie van de exprestreinen lijkt te hebben ontnomen, de indruk geeft dat wij het zelf ontdekken, het als met een kompas bepalen, dat hij ons helpt om met liefdevollere explorateurshand, met fijnere precisie de werkelijke geometrie te voelen, de gulden ‘maat der aarde’.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           We kunnen Proust lezen als uitnodiging om ons over te geven aan een andere vorm van landschapsbeleving. De landschapsbeleving met de fiets of te voet kan minstens zo vernieuwend en verrassend zijn als die met het vliegtuig, of met de automobiel, met als prettige bijkomstigheid dat we er in verschillende opzichten langer van kunnen genieten.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+sodom.jpg" length="15132" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 31 Jan 2021 18:41:03 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-voertuig-dat-de-gulden-maat-der-aarde-bepaalt</guid>
      <g-custom:tags type="string" />
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+sodom.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+sodom.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Besloten in een handdruk</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/besloten-in-een-handdruk</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
           
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Besloten in een handdruk
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Over de rijkdom van het handen schudden naar aanleiding van ‘In de schaduw van meisjes in bloei’ van Marcel Proust
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Nu ons een vanzelfsprekende gewoonte in het sociale verkeer, namelijk het handen schudden, dringend wordt afgeraden, is het wellicht een mooi moment om even stil te staan bij de rijkdom van deze gewoonte. Marcel Proust heeft in ‘A l’ombre des jeunes filles en fleurs’ (In de schaduw van meisjes in bloei), het tweede deel van zijn ‘A la recherche du temps perdu’, een prachtige verhandeling geschreven over wat er allemaal in deze handdruk te vinden is. 
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Bij Proust rol je haast onvoorbereid zo’n verhandeling in, want ineens is daar het moment dat de ik-persoon het ‘fretspel’ gaat doen met een aantal jonge meisjes met wie hij heeft kennisgemaakt, terwijl hij net nog langere tijd stil stond bij zijn ervaring van de verschillende stembuigingen van de meisjes, die voor hem steeds een nieuw licht werpen op de persoonlijkheid van de dames. Tijdens het fretspel bevinden zij zich in een klein bosje boven de kust. Het spel bestaat eruit dat een van de spelers (de ‘fret’) moet ontdekken wie van de tegenspelers de ring in zijn hand heeft. Hij moet dus proberen de ring te onderscheppen. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Alvorens Proust overgaat tot het beschrijven van het spel, staat hij even stil bij de verschillende handen van de meisjes. Hij verlangt ernaar de handen van Albertine aan te raken. Toch geeft hij aan dat haar handen niet per se de mooiste zijn die hij ooit heeft gezien. Die van een van de andere meisjes, Andrée, zijn bijvoorbeeld veel dunner en fijner van vorm, en leiden een eigen leven: ‘een leven dat weliswaar aan het gezag van het meisje gehoorzaamde, maar zich onafhankelijk afspeelde: ze gingen dikwijls voor haar uit liggen als nobele windhonden, rekten zich loom, leken in gepeins verzonken maar strekten plots een kootje, reden waarom Elstir studies van haar handen had gemaakt.’ De handen van Albertine zijn molliger: ‘gaven bij een handdruk eerst heel even mee en boden dan weerstand, wat een heel speciale sensatie gaf. Bij het drukken van Albertines hand ervoer je een sensuele zachtheid die als het ware in harmonie was met haar roze, naar lichtpaars neigende huidskleur. Het was alsof die druk je tot diep in het wezen en de zinnen van het meisje liet binnendringen, net als de klankkleur van haar lach, die even schaamteloos was als het koeren van duiven of een bepaald soort kreten. Ze was zo’n vrouw die je met zoveel plezier de hand drukt dat je de beschaving dankbaar bent dat het ‘shake hands’ tussen jongemannen en meisjes die elkaar aanspreken daardoor tot een toegestane handeling is gemaakt.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Hier brengt hij de sensatie die hij ervaart, in verband met de regels van de beschaving. Ineens realiseert hij zich dat het net zo goed had kunnen zijn dat de willekeurige beleefdheidsregels deze handdruk hadden vervangen door een ander gebaar, waardoor hij dan iedere dag Albertines ongrijpbare handen had moeten bekijken ‘met net zoveel zin om hun aanraking te leren kennen als ik er nu naar snakte om de geur en smaak van haar wangen te proeven.’ Dat diezelfde regels van de beschaving ertoe kunnen leiden dat het vanwege gezondheidsredenen niet verstandig is elkaar de hand te schudden, had Proust, laat staan zijn personage, toen niet kunnen vermoeden.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           De ik-persoon mijmert nog een poos verder hoe graag hij in het spel de buurman van Albertine wil zijn, want ‘hoeveel tot dusver uit verlegenheid verzwegen bekentenissen en liefdesverklaringen had ik niet kunnen toevertrouwen aan een handdruk! En hoe gemakkelijk had zij van haar kant door een tegendruk kunnen laten merken dat ze erop inging! Wat een gevoelsband tussen ons, wat een kans op genot! In de paar minuten die ik naast haar zou doorbrengen kon mijn liefde meer vooruitgang boeken dan sinds ik haar had leren kennen.’
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Uiteindelijk houdt hij het niet meer uit, beseft dat het spel vast al bijna afgelopen is, en laat zich de ring afpakken, zodat hij als fret in de kring van de spelers mag staan en dan nauwlettend de buurman van Albertine in de gaten houdt, zodat hij hem de ring kan afnemen en diens plaats innemen. Ondertussen vermaken de meisjes zich om zijn onnozelheid: hoe is het mogelijk dat hij de ring nog niet weet te onderscheppen? De ‘ik’ wacht zijn kans af en op het moment dat de ring bij de buurman van Albertine is, slaat hij toe, en neemt zijn plaats in. 
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Wat blijkt? Hij is veel te verlegen om volop te kunnen genieten van zijn nieuwe plaats: ‘Een paar minuten eerder benijdde ik die jongeman als ik zijn handen over het touw zag glijden en elk ogenblik die van Albertine aanraken. Nu ik aan de beurt kwam bleek ik te verlegen om contact te zoeken en te opgewonden om het te ondergaan en was ik alleen nog maar in staat het harde, pijnlijke bonzen van mijn hart te voelen.’ Even later voelt hij de lichte druk van Albertines hand tegen de zijne, ‘een streling van haar vinger die onder mijn vinger gleed’, en heel even verkeert hij in de veronderstelling dat zij het spelletje gebruikt om hem te laten weten dat ze hem heel graag mag, maar helaas tuimelt hij direct van het toppunt van zijn vreugde als hij haar woedend hoort sissen dat ze al de hele tijd die ring aan hem probeert door te geven. Hij duizelt van verdriet, laat het touw los, moet zijn plek weer afstaan, en is het mikpunt van de spotlust van de meisjes.
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      
           Deze uitgebreide beschrijving van de overrompelende sensatie die de lichte aanraking van elkaars handen kan oproepen, kan de lezer, oktober 2020, in lichte weemoed achterlaten: wat moeten wij niet allemaal ontberen, nu onze onderlinge afstand minimaal anderhalve meter beslaat?
          &#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;br/&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+In+de+schaduw+van+meisjes+in+bloei.jpg" length="126262" type="image/jpeg" />
      <pubDate>Sun, 31 Jan 2021 18:41:01 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/besloten-in-een-handdruk</guid>
      <g-custom:tags type="string" />
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+In+de+schaduw+van+meisjes+in+bloei.jpg">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+In+de+schaduw+van+meisjes+in+bloei.jpg">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Achter elke naam een web van herinneringen</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/achter-elke-naam-een-web-van-herinneringen</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    
          Achter elke naam een web van herinneringen
         &#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;i&gt;&#xD;
        
            Bespreking van deel 2, ‘De kant van Guermantes’ van ‘Op zoek naar de verloren tijd’ van Marcel Proust 
           &#xD;
      &lt;/i&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;span&gt;&#xD;
            &lt;span&gt;&#xD;
              &lt;span&gt;&#xD;
                &lt;span&gt;&#xD;
                  &lt;span&gt;&#xD;
                    &lt;div&gt;&#xD;
                      &lt;br/&gt;&#xD;
                    &lt;/div&gt;&#xD;
                    &lt;div&gt;&#xD;
                      
                   In het eerste deel van Prousts ‘Op zoek naar de verloren tijd’ (‘De kant van Swann) beschrijft hij hoe er vanuit zijn woonplaats Combray gezien, twee kanten zijn, de kant van het landgoed van Guermantes, en de kant van Méséglise. Proust geeft in zijn werk vaak aan hoe namen bij hem complete werelden oproepen. Bij deze twee namen is dat helemaal zo, het zijn de twee werelden die grenzen aan zijn vroegste jeugd. Over de naam Guermantes zegt hij: ‘Soms, in de verborgenheid van haar naam, verandert de fee van gedaante, al naar de levende verbeelding die haar voedt; zo was de atmosfeer waarin Mme de Guermantes in mij leefde, na jarenlang alleen de gloed van een toverlantaarn en een kerkraam te zijn geweest, haar kleuren gaan doven toen geheel andere dromen haar doordrenkten met het schuimend nat van snelstromende beken.’ In het tweede deel, ‘De kant van Guermantes’ blijkt dat Mme de Guermantes haar intrek heeft genomen in haar hotel in Parijs, waar ook de familie van Marcel gaat wonen.
                  &#xD;
                    &lt;/div&gt;&#xD;
                    &lt;div&gt;&#xD;
                      &lt;br/&gt;&#xD;
                    &lt;/div&gt;&#xD;
                    &lt;div&gt;&#xD;
                      
                   Net als voor de hoofdpersoon duurt het ook voor de lezer even voordat de naam Guermantes samenvalt met deze nieuwe omgeving: ‘Maar nu zag ik haar dikwijls, achter haar ramen, op de binnenplaats, op straat; en dat het mij niet lukte de naam Guermantes in haar te integreren, mijzelf te laten denken dat zij Mme de Guermantes was, dat kon ik tenminste wijten aan het onvermogen van mijn brein om een daad die ik ervan verlangde tot het einde toe te volvoeren (...)’ Marcel raakt hoe langer hoe meer van haar onder de indruk. Elke dag wil hij een glimp van haar opvangen. Hij probeert haar blik te vangen, maar durft haar eigenlijk nauwelijks aan te kijken. Zo volgen talrijke uitvoerige beschrijvingen van haar uiterlijk, steeds weer anders, waardoor zij haast mythische vormen aanneemt: ‘Waarom datzelfde gevoel van verwarring, dezelfde voorgewende onverschilligheid, hetzelfde verstrooide wegkijken als de vorige dag bij het verschijnen, in een dwarsstraat, onder een marineblauwe baret, van een snavelachtige neus en profil naast een rode wang afgesloten door een priemend oog, als een Egyptische godheid? Een keer was het niet alleen een vrouw met een vogelsnavel die ik zag, maar als het ware de vogel zelf: de japon en zelfs de baret van Mme de Guermantes waren van bont, zodat je geen stof zag en ze van nature met bont leek bedekt, als sommige gieren wier dik en zacht, effen rossig gevederte iets heeft van een haarvacht. Uit dit natuurlijke veren kleed boog het kleine hoofd zijn vogelsnavel naar buiten en de vlak op de huid liggende ogen waren priemend en blauw.’ Marcel heeft steeds het gevoel dat hij haar ergert, omdat hij haar steeds achtervolgt en aanstaart. Als zij hem soms glimlachend toeknikt, heeft hij het gevoel alsof zij speciaal voor hem een tekening maakt die een meesterwerk is, met een opdracht erbij. 
                  &#xD;
                    &lt;/div&gt;&#xD;
                    &lt;div&gt;&#xD;
                      &lt;br/&gt;&#xD;
                    &lt;/div&gt;&#xD;
                    &lt;div&gt;&#xD;
                      
                   Tijdens een opera werpt de hertogin hem terloops een blik toe die zich in hem vastzet: ‘en toen, op het moment dat zich vermoedelijk krachtens de wetten der refractie in de onverstoorbare stroming van haar twee blauwe ogen de vage vorm aftekende van het van enig individueel bestaan verstoken protozoön dat ik was, zag ik er een schijnsel in oplichten: de hertogin, van godin vrouw geworden en opeens, zo scheen mij, duizendmaal mooier, hief de witgehandschoende hand die zij op de rand van de loge liet rusten naar mij op, wuifde ten teken van vriendschap (...).’ Deze herinnering bewaart hij als een ‘ster’, die voor hem ‘het eerste beeld, het enige echte, het enige naar het leven geschetste, dat werkelijk Mme de Guermantes was; gedurende de paar uren dat ik het geluk had om het me te herinneren zonder dat ik in staat was me erop te concentreren, moet het wel heel betoverend zijn geweest, dat beeld, aangezien daarop steeds weer, vrijelijk, zonder haast, zonder vermoeienis, zonder enige dwang of spanning, mijn liefdesfantasieën terugkwamen (...).’
                  &#xD;
                    &lt;/div&gt;&#xD;
                    &lt;div&gt;&#xD;
                      
                   Wat daarna gebeurt, is wat in heel Prousts werk met alle beelden en herinneringen gebeurt: ze veranderen; elke nieuwe ontmoeting laat een nieuw verschil zien met het vorige beeld, waardoor de herinnering aan deze dame een aaneenschakeling van momenten wordt die voortdurend in beweging is.
                  &#xD;
                    &lt;/div&gt;&#xD;
                    &lt;div&gt;&#xD;
                      &lt;br/&gt;&#xD;
                    &lt;/div&gt;&#xD;
                    &lt;div&gt;&#xD;
                      
                   Zijn vriend Saint-Loupe is de neef van Mme Guermantes en Marcel reist speciaal deze neef achterna naar Balbec, in de hoop dat Saint-Loup hem aan de hertogin wil voorstellen. Dat hierdoor terloops een aaneenschakeling van gebeurtenissen (gekoppeld aan zijn liefde voor Albertine) in gang wordt gezet, blijkt later van grote betekenis. De opzet van Marcel lukt. Ook al begrijpt Saint-Loup niet waarom Marcel zoveel belang aan zijn tante hecht, hij stelt hem wel aan haar voor, waardoor vanaf dat moment een innige vriendschap ontstaat tussen Oriane en Marcel. In deze vriendschap krijgen wij de hertogin van diverse kanten te zien en te horen en net als je denkt dat je haar wezen kent en haar manier van doen, komt er weer een nieuwe ontmoeting overheen die het beeld laat veranderen. Omdat het personage van de hertogin in elk deel weer terugkomt, wordt er laagje op laagje geboetseerd, waarbij sommige laagjes ook weer uit herinneringen bestaan, die inmiddels ook herinneringen van de lezer zijn geworden aan een vorig deel. Dat maakt dat de ervaring van Marcel soms samenvalt met de ervaring van de lezer zelf.
                  &#xD;
                    &lt;/div&gt;&#xD;
                    &lt;div&gt;&#xD;
                      &lt;br/&gt;&#xD;
                    &lt;/div&gt;&#xD;
                    &lt;div&gt;&#xD;
                      
                   Hoe namen een diepe indruk maken op Marcel, is niet alleen te zien bij Mme Guermantes, maar ook bij Albertine in het zesde deel ‘De voortvluchtige’ als zij er niet meer is: ‘zij leefde vrijwel alleen in mij in de vorm van haar naam, die zich, op enkele schaarse rustpauzen na bij het ontwaken, in mijn hersens ging griffen en er niet meer mee ophield. Als ik hardop had gedacht, zou ik hem onophoudelijk hebben herhaald en mijn gekakel zou zo monotoon en zo beperkt zijn geweest als wanneer ik in een vogel was veranderd, in een vogel zoals die uit de fabel, wiens kreet een eindeloos roepen van de naam was van degene die hij als man had bemind. Men zegt hem in gedachten, en doordat men hem niet uitspreekt is het of men hem in zichzelf opschrijft, of hij zijn spoor in de hersens achterlaat en of die ten slotte helemaal vol raken, zoals een muur waarop iemand doelloos heeft staan krassen, met de duizendmaal opnieuw geschreven naam van degene die men bemint.’ Hieruit blijkt dat de naam ook deel uitmaakt van de liefde voor verschillende personen, alsof in de klanken alle verschillende facetten van de persoonlijkheid resoneren. Overigens hebben zelfs plaatsnamen zo’n betoverend effect op de hoofdpersoon en daardoor ook op de lezer.
                  &#xD;
                    &lt;/div&gt;&#xD;
                    &lt;div&gt;&#xD;
                      &lt;br/&gt;&#xD;
                    &lt;/div&gt;&#xD;
                    &lt;div&gt;&#xD;
                      
                   Zoals Proust in het eerste deel ‘De kant van Swann’ een hele wereld aan ontmoetingen, personages en omgevingen opbouwt rond Charles Swann, doet hij dat in het tweede deel bij Mme Guermantes. Heel subtiel wordt een web aan verbindingen gesponnen, waaraan steeds meer nieuwe ontmoetingen blijven kleven, waardoor laagje op laagje ontstaat, zoals in een echt mensenleven. Later blijkt dat juist door dit langzame verstrijken van de tijd zichtbaar wordt hoe de mens langzaam een wereld aan herinneringen in zijn hoofd opbouwt.
                  &#xD;
                    &lt;/div&gt;&#xD;
                    &lt;div&gt;&#xD;
                      &lt;br/&gt;&#xD;
                    &lt;/div&gt;&#xD;
                    &lt;div&gt;&#xD;
                      &lt;br/&gt;&#xD;
                    &lt;/div&gt;&#xD;
                    &lt;div&gt;&#xD;
                      &lt;br/&gt;&#xD;
                    &lt;/div&gt;&#xD;
                    &lt;div&gt;&#xD;
                    &lt;/div&gt;&#xD;
                  &lt;/span&gt;&#xD;
                  &lt;div&gt;&#xD;
                  &lt;/div&gt;&#xD;
                &lt;/span&gt;&#xD;
                &lt;div&gt;&#xD;
                &lt;/div&gt;&#xD;
              &lt;/span&gt;&#xD;
              &lt;div&gt;&#xD;
              &lt;/div&gt;&#xD;
            &lt;/span&gt;&#xD;
            &lt;div&gt;&#xD;
            &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;/span&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;div&gt;&#xD;
        &lt;/div&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Guermantes.png" length="95797" type="image/png" />
      <pubDate>Sun, 31 Jan 2021 18:40:58 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/achter-elke-naam-een-web-van-herinneringen</guid>
      <g-custom:tags type="string" />
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Guermantes.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/cover+Guermantes.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
    <item>
      <title>Het verlangen naar de kus van de moeder voor het slapen gaan</title>
      <link>https://www.dietskegeerlings.nl/het-verlangen-naar-de-kus-van-de-moeder-voor-het-slapen-gaan</link>
      <description />
      <content:encoded>&lt;h3&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        
            Het verlangen naar de kus van de moeder voor het slapen gaan
           &#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;i&gt;&#xD;
      
           Over hoe Proust een wereld schept binnen het verlangen
          &#xD;
    &lt;/i&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
&lt;/h3&gt;&#xD;
&lt;div data-rss-type="text"&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;span&gt;&#xD;
    &lt;span&gt;&#xD;
      &lt;span&gt;&#xD;
        &lt;span&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            
              Op het moment dat ik mij had voorgenomen ‘A la recherche du temps perdu’ van Marcel Proust te gaan lezen, in de wetenschap dat ik daar waarschijnlijk maanden zoet mee zou zijn en dat ik mijn hersenen flink op de proef zou stellen, had ik nooit kunnen bevroeden dat ik al na een paar bladzijdes in zijn zoektocht naar het verleden, die nog maar net begonnen was, een stukje van mijzelf zou hervinden, en wel in de passage, waarin hij bladzijden lang beschrijft hoe hij als klein kind een diepgeworteld verlangen voelde naar de kus van zijn moeder voor het slapengaan. 
              &#xD;
            &lt;br/&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            &lt;br/&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            
              Natuurlijk is lezen niet alleen maar kennisnemen van de grote wereld buiten onszelf, maar ook het spiegelen van onszelf in de nieuwe wereld die we voorgeschoteld krijgen in het boek. Wat is het nu precies dat ontroert tijdens het lezen? Is het de herkenning? Het verlangen is weliswaar een universeel verschijnsel, maar ik had het niet verwacht dat het mij zo diep zou raken. In deel 3, ‘De kant van Guermantes’ doet Proust hierover zelf ook een uitspraak: ‘Mensen uit voorbije tijden lijken oneindig ver van ons af te staan. Wij verstouten ons niet bedoelingen bij hen te veronderstellen die dieper gaan dan dat waar zij zich strikt genomen over uitspreken; wij kijken ervan op bij een held van Homerus een gevoel tegen te komen ongeveer gelijk aan gevoelens die wij zelf ondergaan.’ Hiermee beschrijft hij precies mijn eigen ervaring tijdens het lezen van zijn werk, alsof je terloops door het raam bij iemand naar binnenkijkt, die zelf terloops door het raam bij iemand naar binnenkijkt. 
             &#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            &lt;br/&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            
              Welnu, ik werd dus diep geraakt door het intense verlangen van het kind naar de goedenachtkus van zijn moeder, allereerst doordat ik het verlangen zelf herkende. Al lang voor het slapengaan komt de ik-persoon in een droevige stemming, omdat hij weet dat hij weer een nacht zal moeten doorbrengen, waarin hij niet in de directe nabijheid van zijn moeder zal zijn: ‘Mijn enige troost, als ik naar boven naar mijn slaapkamer ging, was dat mama mij een kus zou komen geven als ik in bed lag.’ Proust beschrijft minutieus hoe de ruimte om hem heen langzaamaan verandert, het licht, de stoffen, de meubels, alles in teken van dat nadere afscheid van zijn moeder. 
             &#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            &lt;br/&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            
              Daar blijft het echter niet bij: ‘Maar dat goedenachtzeggen duurde zo kort, zij ging zo vlug weer naar beneden, dat het moment waarop ik haar naar boven hoorde komen en er daarna door de gang met de openslaande deuren het zachte ruisen kwam van haar blauwe mousselinen tuinjurk, waar koordjes van gevlochten stro aan hingen, een smartelijk moment voor me was.’ Met andere woorden, het verlangen naar de kus wordt haast ondraaglijk door het vooruitzicht dat het moment weer zo snel voorbij zal zijn. Dan sijpelt langzaam het besef bij de lezer binnen dat hetgeen hij leest veel verder strekt dan alleen dat specifieke verlangen, en dat er oneindig veel verlangens bestaan naar momenten, die weer voorbij zullen gaan. Dit besef wordt bevestigd door beschrijvingen, verderop in het verhaal, ook in de volgende delen, van nog veel meer andere verlangens: de schrijver Bergotte te zien, in contact te komen met het meisje Gilberte, een glimp op de vangen van mevrouw Swann, de uitvoering van ‘Phèdre’ te zien, enz. 
             &#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            &lt;br/&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            
              De verteller is op zoek naar de verloren tijd en wat blijkt? Die verloren tijd bestaat voor een groot deel uit verlangen naar wat nog zou kunnen plaatsvinden. Dit is een van de parels die ik vond in dit prachtige werk: een voortdurende hang naar dat wat verloren is of nog niet heeft plaatsgevonden. Wat raakt, is de manier waarop de verteller laat zien hoe breed en hoe diep dat verlangen is, zozeer dat er een wereld ontstaat in dat gat, in de leegte van het ‘niet meer zijn’ of ‘er nog niet zijn’. De ik-persoon is zich diep bewust van de kortstondigheid van het moment waar hij naar verlangt en doet het volgende: ‘Ik was dan ook van plan om in de eetkamer al van tevoren, als de maaltijd was begonnen en ik het ogenblik voelde naderen, van die kus die zo kort en vluchtig zou zijn alles te maken wat ik er in mijn eentje van maken kon, alvast het plekje op de wang te kiezen dat ik zou kussen, mijn gedachten erop voor te bereiden, zodat ik dankzij die mentale aanloop tot een kus de hele minuut die mama mij zou gunnen kon wijden aan het voelen van haar wang tegen mijn lippen, zal een schilder die maar korte poseerzittingen kan krijgen zijn palet prepareert en al van tevoren uit zijn geheugen en aan de hand van zijn aantekeningen alles heeft gedaan waarvoor hij het desnoods zonder de aanwezigheid van zijn model kon stellen.’ De ik-persoon neemt dus als het ware plaats in dat verlangen en ‘schept’ invulling. Alles bevindt zich in zijn hoofd, maar alles is gericht, geconcentreerd op het moment dat gaat komen.
             &#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            &lt;br/&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            
              Het wonderlijke is dat het moment zelf niet of nauwelijks beschreven is, waardoor steeds duidelijker wordt dat het verlangen centraal staat en niet de vervulling ervan. In het geval van de kus is het zelfs wat schrijnend, want de betreffende avond is er bezoek aan tafel, waardoor de ik-persoon alleen naar zijn bed moet en zijn moeder bij de gast zal blijven. Zelfs boven op zijn kamer probeert hij zijn moeder door een briefje nog naar boven te krijgen, maar als ook dat niet werkt, zit er voor hem niets anders op dan wakker blijven tot zijn moeder gaat slapen. Zijn moeder is streng, want zij wil hem in zijn gevoeligheid niet te veel tegemoetkomen. Als zij hem ’s nachts huilend op de trap vindt, stuurt ze hem weg. Zijn vader neemt het onverwachts voor hem op en zegt tegen zijn vrouw dat ze voor deze nacht maar bij haar zoon op de kamer moet slapen, omdat hij zoveel verdriet heeft. Zijn moeder geeft onder protest toe, maar gek genoeg is de kleine jongen daar helemaal niet gelukkig mee, alsof er een wet is overtreden, waardoor hij alleen nog maar verdrietiger wordt. 
             &#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            &lt;br/&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            
              Dat ‘niet bereiken’ terwijl alles erop gericht is het te bereiken, raakt keer op keer. Het blijft niet bij de kus van de moeder. Ook als hij verliefd wordt op Gilberte en Albertine, is dat verlangen eindeloos en vult hij bladzijden lang dat verlangen in met beelden, gedachten en gevoelens. Dat hij daarmee een wereld op zichzelf schept, beseft hij zelf ook, want op het moment dat de geliefde persoon hem nadert, herkent hij haar niet meer, zozeer heeft hij in zijn verlangen een eigen invulling van haar in zijn hoofd geschapen. Oog in oog met haar, moet hij zijn fantasie bijstellen, blijkt zij een vlekje bij haar oog te hebben, heeft haar huid een andere kleur. De beelden glijden over elkaar heen en op het moment dat hij eindelijk het meisje mag kussen, is hij in uiterste verwarring, omdat het moment in niets lijkt op de intens beleefde voorstelling ervan in zijn hoofd. 
             &#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            &lt;br/&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            
              Hetzelfde gebeurt als hij in deel 2 ‘In de schaduw van meisjes in bloei’ de ‘Phèdre’ van Racine, uitgevoerd door La Berma mag bijwonen. Hij heeft het stuk van tevoren eindeloos veel hardop gelezen, in allerlei verschillende intonaties, een intense beleving in vergelijking met zijn ervaring tijdens het optreden zelf: ‘Hoewel ik mijn ogen, mijn oren, mijn geest op La Berma richtte om geen greintje te missen van wat mijn bewondering kon opwekken, lukte het me niet ook maar iets daarvan op te vangen.... Om meer inzicht te krijgen, om te zien of ik kon ontdekken wat er mooi aan was, had ik het liefst iedere stembuiging van de kunstenares, iedere gezichtsuitdrukking willen stilzetten of bevriezen. Maar door al mijn mentale behendigheid in te zetten en vóór het begin van elke versregel mijn aandacht paraat en toegespitst te houden, probeerde ik op zijn minst geen enkel onderdeel van de duur van ieder woord, van ieder gebaar, aan loze voorbereidingen te verspillen, en zodoende dankzij een intense concentratie even diep in de woorden en gebaren door te dringen als ik tijdens een urenlange tekstanalyse had kunnen doen. Maar wat duurde het kort! Nauwelijks had mijn oor een klank opgevangen of er kwam een andere voor in de plaats.’ 
             &#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            &lt;br/&gt;&#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
          &lt;div&gt;&#xD;
            
              Proust laat hier zien dat het verlangen zoveel rijker is, dieper, intenser, dan de invulling ervan. In alle toonaarden komt dit besef terug, in alle variaties. Dat raakt, omdat het de kracht laat zien van de geest, die zegeviert boven de werkelijkheid, de waan van de dag. Het is haast een overwinning op de tijd, die verloren werd geacht. Dat vind ik troostrijk voor wie zich ziek voelt van verlangen. Het is de kunst van het verdiepen, van zingeving: levenskunst. 
             &#xD;
          &lt;/div&gt;&#xD;
        &lt;/span&gt;&#xD;
        &lt;div&gt;&#xD;
        &lt;/div&gt;&#xD;
        &lt;div&gt;&#xD;
        &lt;/div&gt;&#xD;
      &lt;/span&gt;&#xD;
      &lt;div&gt;&#xD;
      &lt;/div&gt;&#xD;
    &lt;/span&gt;&#xD;
    &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;/div&gt;&#xD;
  &lt;/span&gt;&#xD;
  &lt;div&gt;&#xD;
    &lt;br/&gt;&#xD;
  &lt;/div&gt;&#xD;
&lt;/div&gt;</content:encoded>
      <enclosure url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/proust.png" length="1053808" type="image/png" />
      <pubDate>Sun, 31 Jan 2021 18:40:53 GMT</pubDate>
      <author>dietskegeerlings@gmail.com</author>
      <guid>https://www.dietskegeerlings.nl/het-verlangen-naar-de-kus-van-de-moeder-voor-het-slapen-gaan</guid>
      <g-custom:tags type="string">Proust,De kant van Swann</g-custom:tags>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/proust.png">
        <media:description>thumbnail</media:description>
      </media:content>
      <media:content medium="image" url="https://irp-cdn.multiscreensite.com/7a65f813/dms3rep/multi/proust.png">
        <media:description>main image</media:description>
      </media:content>
    </item>
  </channel>
</rss>
